CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 GEWIJZIGD Jaarstukken 2023

Gemeenteraad 4 juli 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Jaarstukken 202332.736 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Bedrijfsvoering (risico € 740.000) De risico's in de bedrijfsvoering gaan over afwezigheid van personeel wegens ziekte of anderszins, het vertrek van personeel en noodzakelijke (tijdelijke en duurdere) vervanging, het disfunctioneren van personeel (frictiekosten) en ICT. Het risico voor het werven van kwalitatief goed personeel is toegenomen. Dit is niet specifiek voor onze gemeente, maar is een landelijk fenomeen. ICT-problemen kunnen computeruitval tot gevolg hebben. Hierdoor kan mogelijk de dienstverlening niet gegarandeerd worden en onze medewerkers niet (optimaal) werken. Onder de bedrijfsvoeringsrisico's vallen ook de fiscale risico's. Fiscale wetgeving is bij lagere overheden complex en soms voor meerdere uitleg vatbaar. Wij tekenden in juni 2023 een nieuw convenant Horizontaal Toezicht met de Belastingdienst. In dat kader spannen wij ons continue in om in control te zijn en blijven. 64

4. Financieel (risico € 1.101.000) De risico's bij dit onderdeel hebben betrekking op economische ontwikkelingen, de grondexploitaties, verbonden partijen, open-einde regelingen, grote projecten en overige financiële risico's. a. Economische ontwikkelingen (risico € 504.000) Ons risicobeleid wat betreft de economische ontwikkelingen is gericht op verminderen. Op basis van actuele informatie hebben wij de budgetten afgelopen tijd bijgesteld. Dit geldt voor loon- en prijsontwikkeling, maar ook voor te ontvangen bouwleges. Daarnaast zijn hier risico's ingeschat van het zandwinningscontract, het risico op faillissement van partners in grondzaken, lagere OZB als gevolg van leegstand en toenames van bezwaren en hogere kwijtscheldingen van gemeentelijke belastingen. De BSR geeft aan dat het aantal waardebezwaren door no-cure no-pay bureaus fors toeneemt. Door staatssecretaris zijn maatregelen aangekondigd in de sfeer van wijziging in de wetgeving. Als gevolg van economische instabiliteit ontstaan door de inval van Rusland in de Oekraine zijn grondstoffen schaarser en zijn de energiekosten fors gestegen. Ook in de afgesloten CAO heeft een substantiele salarisverhoging plaatsgevonden ter compensatie van de gestegen prijzen. b. Grondexploitatie (risico € 125.000) In het kader van de grondexploitaties zijn wij op grond van de voorschriften verplicht de verliezen te nemen.

Hiervoor dienen wij een voorziening te vormen. Hiervan is geen sprake meer. Mogelijke andere risico's worden binnen de grondexploitatie opgevangen. Bovendien calculeren wij een te verwachten winst op de grondexploitaties (zie de paragraaf ’Grondbeleid‘). Gelet op de hoogte van de boekwaarden van projecten (niet zijnde grondexploitaties) en de economische omstandigheden lopen wij bij projecten een risico. De meeste van deze kosten kunnen wij echter verhalen op ontwikkelaars, waardoor er een risico voor de gemeente resteert. Ook leveren langere doorlooptijden en verlagingen van grondprijzen ook risico's op. c. Verbonden partijen (risico € 89.000) Hierbij gaat het om gemeenschappelijke regelingen en gesubsidieerde instellingen. Wij zijn, samen met de overige deelnemende gemeenten, financieel aansprakelijk voor eventuele tekorten. Bovendien kan het zijn dat wij bij een faillissement van een partij alsnog het werk door andere partijen uit moeten laten voeren. Terwijl de bijdragen hiervoor al aan de verbonden partijen zijn betaald. Doordat er steeds meer risicobewustzijn bij de verbonden partijen is en zij maatregelen namen in het kader van risicomanagement, blijft er voor de gemeente een lager restrisico over. Bij de risicobeoordeling van de verbonden partijen vormen de respectievelijke jaarrekeningen over 2023 de basis. Hiertoe zijn o.a.

de resultaten, gemeentelijke bijdragen, vermogensposities, weerstandsratio’s en benoemde risico’s van de verbonden partijen onder de loep genomen. Ook is getoetst, daar waar mogelijk, of afgesproken streefwaardes voor het benodigd eigen vermogen behaald zijn. Daar waar risico’s resteren voor deelnemende gemeente is tegen het aandeel wat de gemeente West Maas en Waal loopt het basis risicobedrag berekend. Vervolgens is een kans bepaald, in de meeste gevallen van 1 * in de vier jaar, dat het risico zich voor zou kunnen doen. In onderstaande tabel treft u de uiteindelijke restrisico’s aan die meegenomen worden in de berekening van de weerstandsratio. Verbonden partij

risico verbonden partij

aandeel WMW

restrisico 31-12-2023

kans

Avri

€0

€0

BSR

€0

€0

GGD (tekort weerstandsvermogen)

€ 734.000

3,01%

25%

€ 5.524

MARN

€0

€0

ODR

€0

€0

Regio Rivierenland

€0

€0

€ 37.500.000

14,20%

1%

€ 53.250

€ 812.000

3,59%

25%

€ 7.292

Werkzaak

€ 1.300.000

7,14%

25%

€ 23.205

Totaal restrisico verbonden partijen

€ 40.346.000

UBR (borgstelling, aanname raadsbesluit 1%) VRGZ (tekort weerstandsvermogen)

€ 89.271 65

d. Open-einde regelingen (risico € 329.000) De regelingen waar wij in onze gemeente mee te maken hebben zijn: het leerlingenvervoer, de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Participatiewet, de bijzondere bijstand en de Jeugdwet. In de begroting hebben wij hier reële budgetten voor opgenomen, maar bijvoorbeeld een extra leerling kan in het kader van het leerlingenvervoer de kosten zo maar met € 25.000 doen stijgen. Ook kan één specialistische hulpverleningstraject in de Jeugdzorg een fors beslag leggen op het budget. e. Grote projecten Er zijn geen grote projecten waarbij we specifieke risico’s lopen. f. Overige financiële risico's (risico € 277.000) De belangrijkste overige risico's betreffen vooral de Algemene uitkering uit het Gemeentefonds, het renterisico, mogelijke bodemsaneringen, oninbaarheid van vorderingen, garanties en borgstellingen. Ook wordt hier de financiële gevolgen van arbeidsongeschiktheid of overlijden van bestuurders geraamd, waarvoor wij eigen risicodrager zijn. TOP-RISICO´S (>=25% en >= € 100.000) Bedrag Nr. Risico

Bedrijfsvoering Afwezigheid personeel wegens ziekte of anderszins 23 (zwangerschaps- en bevallingsverlof, zorgverlof)

Risicotype

Programma

(x € 1.000)

Netto financieel Kans gevolg weerstandsvermogen

Deels Burger, bestuur beïnvloedbaar en veiligheid

500 50%

250

Kwalitatief goed personeel., niet vervulbare vacatures

Deels Bedrijfsvoering beïnvloedbaar

300 75%

225

Belastingaangiften (onvolledige, niet tijdige of 28 onjuiste opgave en aangifte belastingdienst - BTW, loonbelastingen)

Intern Burger, bestuur beïnvloedbaar en veiligheid

200 50%

100

Uitval (de)centrale IT voorzieningen

Intern Burger, bestuur beïnvloedbaar en veiligheid

400 25%

100

25

42

Totaal Bedrijfsvoering

1.400

Financieel-economische ontwikkelingen Extern Lagere legesopbrengsten Wonen, werken 45 deelsomgevingsvergunningen en recreëren beïnvloedbaar Extern - niet27 Loon- en prijsontwikkelingen Bedrijfsvoering beïnvloedbaar Totaal Financieel-economische ontwikkelingen Financieel - grondexploitatie Langere doorlooptijden 88 projecten Totaal Financieel grondexploitatie Financieel - open einde regelingen Participatiewet inclusief 83 bijzondere bijstand

Extern - niet- Wonen, werken beïnvloedbaar en recreëren

Deels Maatschappelijke beïnvloedbaar zaken

675

150 50%

75

500 75%

375

650

450

200 50%

100

200

100

400 25%

100

66

Deels Maatschappelijke beïnvloedbaar zaken

85 Jeugdwet

300 60%

180

700

280

125 50%

62

200 50%

100

325

162

3.275

1.667

Totaal Financieel - open einde regelingen Financieel - overige financiële risico's 63 Renterisico Bodemsanering openbare ruimte Totaal Financieel - overige financiële risico's 69

Extern - nietBedrijfsvoering beïnvloedbaar Extern - niet- Fysieke beïnvloedbaar leefomgeving

Totaal toprisico's WEERSTANDSVERMOGEN

Op basis van het risicoprofiel en de inventarisatie van de weerstandscapaciteit kunnen wij ons weerstandsvermogen bepalen. Hierbij houden wij rekening met de incidentele en structurele onderdelen. De structurele risico’s en weerstandscapaciteit rekenen wij voor 4 jaar mee, de incidentele uiteraard voor 1 jaar. Het weerstandsvermogen drukken wij uit in een verhoudingsgetal.

Voor 2023 ziet de weerstandsratio er als volgt uit: 18.927 Ratio weerstandsvermogen =

=

2,5

7.492 De ratio weerstandsvermogen is als volgt te beoordelen: Ratio

Betekenis

> 2,0 Uitstekend 1,4 - 2,0 Ruim voldoende 1,0 - 1,4 Voldoende 0,8 - 1,0 Matig 0,6 - 0,8 Onvoldoende < 0,6 Ruim onvoldoende

Uit het bovenstaande blijkt dat de ratio van 2,5 in de jaarrekening ruim voldoende is. Dit betekent dat onze gemeente ruim voldoende weerstandscapaciteit heeft om de risico's af te dekken. FINANCIËLE KENGETALLEN Bij het beoordelen van de financiële kengetallen hanteert de provincie normwaarden. In onderstaande tabel staan de normwaarden zoals de provincie ze hanteert. De waarden zijn ingedeeld in de categorieën A, B en C. Categorie A is het minst risicovol en categorie C het meest.

Provinciale normen voor de kengetallen

Categorie A

Categorie B

Categorie C

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen

geen norm

geen norm

geen norm

geen norm

geen norm

geen norm

67

Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit

>50% Begr en MJR >0% <20% <95%

20-50% Begr of MJR >0% 20-35% 95-105%

<20% Begr en MJR <0% >35% >105%

Rekening 2022

Begroting 2023

Rekening 2023

55%

56%

47%

25%

56%

21%

29% 13% -1% 97%

19% 1% 0% 105%

30% 2% -1% 95%

Voor onze gemeente zijn de volgende kengetallen actueel

Financiële kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit

Verklaring kengetallen: De netto schuldquote geeft het risico voor de gemeente weer als derden niet aan hun verplichtingen voldoen. Denk bijvoorbeeld aan een stichting MFA- of Kulturhus of sportvereniging die geld hebben geleend bij de gemeente. Hoe lager hoe beter. De netto schuldquote (gecorrigeerd) geeft aan of wij in staat zijn de schulden terug te betalen waarvoor wij volledig zelf aan de lat staan. Hoe lager, hoe beter. Solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarin de gemeente in staat is aan haar totale financiële verplichtingen te voldoen. Dit wordt berekend op basis van het eigen vermogen en de bezittingen van de gemeente. Hoe hoger de ratio, hoe groter de weerbaarheid. Structurele exploitatieruimte geeft aan of gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te kunnen vangen dan wel, of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Hoe hoger hoe beter. Grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (boekwaarde) is ten opzichte van de totale baten. Hoe lager hoe beter. Belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of ruimte is voor nieuw beleid. Hoe lager hoe beter. RISICO'S Voor dit jaarverslag actualiseerden wij de risico-inventarisatie. Het ontstaan van nieuwe risico's is altijd mogelijk, ook kunnen risico's in omvang wijzigen.

Tenslotte kunnen risico's oplossen. CONCLUSIE Onze risico's worden steeds omvangrijker. Inwoners en ondernemers, al dan niet verenigd in belangenorganisaties, worden mondiger en stellen eerder de overheid aansprakelijk voor schade. De gewijzigde economische omstandigheden hebben de afgelopen jaren een behoorlijke impact op de omvang van onze risico's. Ook in 2023 blijven risico's aanwezig. Ook wijzigingen in rijksbeleid kunnen er toe bijdragen dat risico's op gemeenten worden afgewenteld. Met de ontwikkelingen in Oekraïne, de stijging van de energie-, rente-, salaris- en grondstoffenkosten en de toenemende inflatie is in deze paragraaf nog geen rekening gehouden. Met deze waarschuwingen moet in de beschouwing van de ratio rekening worden gehouden.

68

Onze totale weerstandscapaciteit is voldoende om de risico's af te dekken. Met de kanttekening dat onze structurele risico's fors hoger zijn dan de structurele weerstandscapaciteit. Het overschot op de incidentele weerstandscapaciteit is toereikend om gedurende 6 jaar het structurele tekort af te dekken. De weerstandsratio is positief en komt uit op een score van 2,5. Dit betekent dat wij ruim voldoende in staat zijn mogelijke financiële tegenvallers op te vangen en daarmee voldoen aan de gestelde kaders.

69

PARAGRAAF ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN ALGEMEEN Inleiding De paragraaf kapitaalgoederen geeft inzicht in het onderhoud van onze gemeentelijke kapitaalgoederen. Kapitaalgoederen zijn het bezit van de gemeente. Deze investeringen heeft de gemeente in het verleden gedaan en vergen daarna regelmatig onderhoud. Voorbeelden zijn wegen, bruggen, riolering, gebouwen en groen. Het onderhouden van kapitaalgoederen is van belang voor aspecten als bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid. Maar ook om haar functies te kunnen blijven vervullen natuurlijk. Doelstelling van deze paragraaf is u te informeren over de hoofdlijnen van het beleid rondom de kapitaalgoederen. De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat de volgende kapitaalgoederen: a. wegen; b. riolering; c. water; d. groen; e. gebouwen. Van bovengenoemde kapitaalgoederen geeft de paragraaf per onderdeel inzicht in: a. het beleidskader; b. de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; c. de vertaling van de financiële consequenties in de begroting.

Gemeentelijke kaders Beleidsstuk c.q. beheerplan

Jaar

Planperiode

Waterplan Groenbeleidsplan Bomenbeleidsplan Openbare verlichting 2019 Kwaliteitsimpuls groen Gladheidsbestrijding uitvoeringsprogramma Beheerplan gemeentelijke gebouwen 2022-2025 Beheer- en Onderhoudsrapportage Verhardingen 2022-2026 Beleidsplan Water en Riolering 2023-2027

2005 2011 2015 2018 2018 2018 2021 2022 2022

2005-2025

2019-2023

2022-2025 2022-2026 2023-2027

WEGEN Algemeen Ons gemeentelijk beleid is gericht op efficiënt en effectief onderhoud aan de wegen. Daarnaast willen we ons wegennet inrichten volgens de Basiskenmerken Wegontwerp volgens het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP). Financiën In 2023 realiseerden we met betrekking tot de wegen de volgende baten en lasten: Werkelijk Raming Werkelijk Exploitatiebudgetten wegen en bruggen 2022 2023 2023 kostensoort Dagelijks onderhoud € 462.580 € 434.838 € 416.057 Salarislasten € 289.002 € 414.695 € 369.984 Dotatie aan voorziening € 811.286 € 828.497 € 828.497 Afschrijvingslast € 100.060 € 137.167 € 137.167 Overige kosten € 61.467 € 61.684 € 67.220 Diverse baten -€ 72.361 -€ 22.390 -€ 31.951 totale exploitatiebudget wegen en bruggen

€ 1.652.033

€ 1.854.491

€ 1.786.973 70

Voor het onderhoud aan de wegen en civiele kunstwerken gebruiken we voorzieningen om de kosten te egaliseren. Het verloop van de voorziening ziet er zo uit.

Ontwikkeling bijhorende voorzieningen

Stand 1-1-2023

mutaties 2023

Voorziening wegen Voorziening civiele kunstwerken

€ 1.529.574 € 85.699

-€ 617.887 -€ 435

Stand 31-12-2023 € 911.687 € 85.264

Risico's Het afgelopen is de stand van de voorziening wegen afgenomen. Dit komt doordat er veel onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd, maar ook door prijsstijgingen. Op dit moment zijn er nog voldoende middelen beschikbaar voor de planperiode (t/m 2026). Op termijn kan dit een stijging van de jaarlijkse dotatie in de voorziening betekenen. Wij blijven dit monitoren. Daarnaast zien we dat de kwaliteit van nieuwe verhardingsmaterialen de laatste decennia is afgenomen. Met name bij de beton en asfaltproducten. Hierdoor is de verwachting dat er vaker onderhoud nodig is. ONDERHOUD WATERGANGEN Algemeen De gemeente heeft de plicht beheer en onderhoud uit te voeren aan B- en C-watergangen en vijvers op en aan eigen terrein. Financiën In 2023 realiseerden we met betrekking tot de watergangen de volgende baten en lasten:

Exploitatiebudgetten watergangen

Werkelijk 2022

Raming 2023

Werkelijk 2023

kostensoort Dagelijks onderhoud Salarislasten

€ 42.352 € 11.869

€ 42.321 €0

€ 41.660 € 12.846

totale exploitatiebudget watergangen

€ 54.220

€ 42.321

€ 54.505

Risico's Volgens ons beleid "beheer en onderhoud watergangen" blijft het vrijgekomen slootmaaisel op de kant liggen. Dit veroorzaakt ophoging van de bermen. Het regenwater kan hierdoor slecht naar de sloot stromen en blijft aan de kant van de verharding en in de berm staan. Dit veroorzaakt schade aan de wegen en de bermen. Voor de versterking van de biodiversiteit is het belangrijk om het maaisel van de bermen en de watergangen af te voeren. OPENBARE VERLICHTING Algemeen Wij maken gebruik van een beheersysteem openbare verlichting in Geovisia. Er is een meerjarenplanning voor het onderhoud aan gekoppeld. De dagelijkse storingen staan geregistreerd in Meldesk via meldingen vanuit bewoners. Financiën In 2023 realiseerden we met betrekking tot de verlichting de volgende baten en lasten:

71

Exploitatiebudgetten openbare verlichting

Werkelijk 2022

Raming 2023

Werkelijk 2023

kostensoort Dagelijks onderhoud Elektriciteit Salarislasten Afschrijvingslast Overige kosten Diverse baten

€ 51.058 € 145.285 € 26.791 € 49.941 € 7.213 -€ 6.584

€ 64.087 € 259.482 € 25.374 € 28.158 € 13.658 -€ 3.362

€ 66.892 € 230.239 € 32.567 € 28.158 € 8.211 -€ 3.606

totale exploitatiebudget openbare verlichting

€ 273.704

€ 387.397

€ 362.462

Led-verlichting In 2014 zijn we gestart met de ombouw van traditionele naar led-armaturen. Tot en met 2023 zijn er ca. 2.038 led-armaturen geplaatst/ vervangen. Dit komt neer op circa 66% van het gehele areaal. Dit loopt volgens planning om in 2030 alle armaturen te vervangen. Onderhoud In december 2018 is het beleid- en onderhoudsplan geactualiseerd en vastgesteld voor de periode 2019 t/m 2023 met een doorkijk van 10 jaar. Dit beleid- en onderhoudsplan wordt in 2024 geactualiseerd. Begin 2024 heeft de aanbesteding plaatsgevonden van het onderhoudscontract. RIOLERING EN WATER Algemeen Op grond van de 'Waterwet" en de 'Wet Milieubeheer' heeft de gemeente 3 zorgplichten: 1. Inzameling en transport van afvalwater; 2. Inzameling en verwerking van overtollig hemelwater; 3. Inzameling en verwerking van overtollig grondwater.

Voor deze zorgplicht voeren wij de volgende hoofdactiviteiten uit: - Zorg dragen voor het dagelijks beheer van het rioolstelsel; - Onderzoek naar en monitoren van het functioneren van het rioolstelsel ter toetsing aan de doelen van Gemeentelijk RioleringsPlan; - Onderhoud, reparatie, renovatie en vervanging van het gemeentelijke rioolstelsel; - Uitvoeren van de maatregelen uit het Waterplan; - Onderzoek naar het functioneren van de waterstelsels en -voorzieningen en monitoren van grondwaterstanden; - Onderhoud, herstel en renovatie van watervoorzieningen, zoals drainagestelsels, retentievijvers en wadi’s; - Plan- en beleidsvorming op het gebied van water, klimaat en riolering; - Op orde hebben en houden van de rioolbeheergegevens en de watergegevens. Beleid In de raadsvergadering van 13 oktober 2022 is het beleidsplan Water en Riolering (bWR) vastgesteld. De looptijd van dit plan is van 2023 t/m 2027. Basisgegevens In onze gemeente is sprake van een omvangrijk riolerings- en waterstelsel: Kenmerk Hoofdriool gemengd (vrijverval) Hoofdriool regenwater (vrijverval) Hoofdriool vuilwater (vrijverval) Kolken Inspectieputten Hoofdrioolgemalen Randvoorzieningen (bergbezinkbassins/-leidingen) Lamellenfilters

ZorgHoeveelheid plicht (*) A H A H A/H A A H

77 21 39 6900 2970 23 12 2

Eenheid km km km stuks stuks stuks stuks stuks 72

Overstorten (gemengd stelsel, inclusief de 12 randvoorz.) A 49 Pompputten (drukrioolstelsel) A 590 Persleidingen en drukriolering A 112 IBA´s A 13 Wadi's / retentievijvers H 23 Peilbuizen G 40 Drainage G 23 Duikerleidingen (overkluizingen) H 18 (*) zorgplichten: A=Afvalwater, H=Hemelwater, G=Grondwater

stuks stuks km stuks stuks stuks km km

Financiën De financiën voor riolering en water zijn opgebouwd uit 3 pijlers: 1. Exploitatie (beheer en onderhoud riool/water-stelsel); 2. Investeringen (rioolvervangingen, projecten waterplan); 3. Voorziening Riolering. Alle kosten worden volledig gedekt uit de inkomsten van de rioolheffing. Wij mogen de rioolheffing alleen gebruiken voor deze drie pijlers. In artikel 228a van de gemeentewet staat dat wij belasting kunnen heffen voor het bestrijden van kosten die verbonden zijn aan: a. de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater; en b. de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Financiën In 2023 realiseerden we met betrekking tot de riolering de volgende lasten:

Exploitatiebudgetten riolering

Werkelijk 2022

Raming 2023

Werkelijk 2023

Kostensoort Afschrijvingslast Beheer en onderhoud Hemel- en grondwaterplicht Overhead

€ 853.351 € 581.864 € 19.804 € 387.856

€ 855.333 € 541.154 € 115.445 € 379.966

€ 893.579 € 468.621 € 63.014 € 363.428

Extracomptabel toe te rekenen kosten Rente Overhead BTW

€ 169.947 € 261.178 € 296.991

€ 170.000 € 254.777 € 322.376

€ 170.000 € 251.840 € 298.853

totale exploitatiebudget riolering

€ 2.570.991

€ 2.639.051

€ 2.509.335

Voorziening De voorziening riolering gebruiken we om de jaarlijkse fluctuaties in de exploitatie van de riolering op te vangen.

Ontwikkeling voorziening riolering Voorziening riolering

Stand 1-1-2023 € 859.539

mutaties 2023 € 143.518

Stand 31-12-2023 € 1.003.057

Risico's De kwaliteit van het vrijvervalrioolstelsel is over het algemeen goed. De belangrijkste reden is dat het stelsel niet oud is. Onze oudste riolen zijn ruim 50 jaar oud, de gemiddelde levensduur van riolen is 70 73

jaar. Maar de vele inprikpunten van de drukrioolstelsels op het vrijvervalstelsel kunnen de levensduur van het vrijvervalstelsel negatief beïnvloeden. Dit monitoren we met inspecties en nader onderzoek. Klimaatveranderingen kunnen onder andere leiden tot overmatige neerslag en extreme hitte. De risico’s die hierdoor ontstaan kunnen we deels voorkomen door maatregelen te treffen. We zullen dit ook deels moeten accepteren en leren omgaan de risico's. GROEN Algemeen Openbaar groen is van groot belang voor de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving. Groen zorgt voor verkoeling, maakt de dorpen klimaatbestendiger en is van belang voor de biodiversiteit. Bomen zijn beeldbepalende elementen die belangrijk zijn voor de oriëntatie, leefbaarheid en karakteristiek in de dorpen en het buitengebied. In het stedelijk gebied zijn bomen een belangrijk element om hittestress tegen te gaan. In het Bomenbeleidsplan zijn beleidsthema's uitgewerkt om het bomenbestand op een duurzame en veilige manier in stand te houden en te ontwikkelen. Financiën In 2023 realiseerden we met betrekking tot het groenonderhoud de volgende baten en lasten:

Exploitatiebudgetten groen kostensoort Dagelijks onderhoud Salarislasten Afschrijvingslast Overige kosten Diverse baten totale exploitatiebudget groen

Werkelijk 2022

Raming 2023

Werkelijk 2023

€ 639.424 € 576.151 € 47.777 € 4.714 -€ 56.915

€ 695.063 € 568.434 € 14.051 € 2.681 -€ 29.268

€ 680.429 € 744.763 € 14.052 € 2.516 -€ 11.315

€ 1.211.151

€ 1.250.961

€ 1.430.445

Risico's Essentaksterfte Ongeveer 43% van de bomen in het buitengebied bestaat uit essen. De essentaksterfte heeft in de gemeente veel essen aangetast. Door de droge en warme zomers is de essentaksterfte stabiel gebleven. De verwachting is dat de kosten voor het onderhoud de komende jaren niet hoger worden. Het extra budget voor de beheersing van de essentaksterfte is naar 2024 doorgeschoven. GEBOUWEN Algemeen Wij hebben in onze gemeente accommodaties voor sport, kunst en cultuur, welzijn en de huisvesting van ons gemeentelijke apparaat. Iedere vier jaar beoordelen wij de staat van onderhoud van de gemeentelijke gebouwen en stellen op basis hiervan een meerjarenonderhoudsprogramma op. Het daadwerkelijke onderhoud voeren wij pas uit na een actuele inspectie. Bij deze inspectie beoordelen wij of de geplande werkzaamheden echt noodzakelijk zijn of nog uitgesteld kunnen worden. In het beheerplan is rekening gehouden met de geldende wet- en regelgeving en de mogelijkheid om bij het uitvoeren van onderhoud de gebouwen te verduurzamen. Het huidige beheerplan voor de gemeentelijke gebouwen beslaat de periode 2022-2025. Financiën In 2023 realiseerden we met betrekking tot het onderhoud aan gebouwen de volgende baten en lasten:

74

Exploitatiebudgetten gebouwen

Werkelijk 2022

Raming 2023

Werkelijk 2023

kostensoort Dagelijks onderhoud Gas/Water & Electra Salarislasten Dotatie aan voorziening Afschrijvingslast Overige kosten Huurinkomsten & overige baten

€ 223.523 € 122.849 € 154.730 € 238.437 € 226.602 € 138.174 -€ 324.188

€ 326.906 € 236.008 € 132.916 € 272.206 € 286.231 € 98.450 -€ 171.426

€ 290.678 € 222.419 € 135.339 € 278.717 € 286.234 € 82.171 -€ 212.932

totale exploitatiebudget gebouwen

€ 780.128

€ 1.181.291

€ 1.082.626

Voor het onderhoud aan de gebouwen gebruiken we een voorziening om de kosten te egaliseren. Het verloop van de voorziening ziet er zo uit.

Ontwikkeling voorziening gebouwen

Stand 1-1-2023

Voorziening gebouwen

€ 1.760.045

mutaties 2023 € 245.991

Stand 31-12-2023 € 2.006.036

Risico’s Afhankelijk van de werkelijke onderhoudstoestand wordt gekeken welke onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd. De raming van de budgetten is gebaseerd op het prijspeil bij het opstellen van het onderhoudsplan gecorrigeerd met de index die door de gemeente wordt toegepast. De ervaring leert dat de gemeentelijke index en de index van de marktpartijen van elkaar afwijken. CONCLUSIE Onderhoudsplannen Voor het onderhoud aan onze kapitaalgoederen werken we zo vaak mogelijk met meerjarige onderhoudsplannen. De onderhoudsplannen voor de gemeentelijke gebouwen, riolering en wegen zijn actueel. Periodiek kijken we naar het bijstellen van deze plannen. Onderhoudsvoorzieningen Om de kosten gelijkmatig over de jaren te verdelen werken we met onderhoudsvoorzieningen. Dit is het geval bij: onderhoud gebouwen, wegen, riolering en civiele kunstwerken. Jaarlijks wordt gecontroleerd of de onderhoudsvoorzieningen toereikend zijn om het toekomstige onderhoud uit te kunnen voeren (zoals opgenomen in de onderhoudsplannen).

75

PARAGRAAF FINANCIERING ALGEMEEN Inleiding Het doel van deze paragraaf is om u te informeren over het treasurybeleid en de beheersing van financiële risico’s. Treasury is het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Dit dienen wij te doen binnen de kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Het doel van deze wet is onder andere om op een verantwoorde en professionele wijze de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie (financieringsactiviteiten) van de gemeente te regelen. Gemeentelijke kaders Onze kaders zijn vastgelegd in de, op grond van artikel 212 Gemeentewet, vastgestelde ’Financiële verordening gemeente West Maas en Waal‘ (Rb. 23 maart 2017). Het gaat om kaders voor het uitvoeren van de financieringsfunctie zoals doelstellingen, richtlijnen en limieten die voor ons college gelden. In het door ons op 10 januari 2012 vastgestelde Treasurystatuut is de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het bevat met name protocollen voor de dagelijkse uitvoering. De onderwerpen die hierbij aan de orde komen zijn het kasbeheer, het risicobeheer, de financiering en de administratieve organisatie.

Hoofddoelstelling beleid Inzicht hebben in de lange termijn ontwikkeling van de financiële positie van de gemeente. Het aangaan en verstrekken van geldleningen alsmede het verstrekken van garanties is alleen toegestaan voor de uitoefening van de publieke taak. Hierbij mogen geen overmatige risico’s worden gelopen. Het gebruik van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm is bedoeld als normstellend. Algemene ontwikkelingen / rentevisie De treasuryactiviteiten staan bloot aan zowel interne als externe ontwikkelingen. De interne ontwikkelingen bestaan uit het oppakken van nieuwe activiteiten, investeringsplannen en reorganisatieprocessen. De belangrijkste externe ontwikkelingen zijn (internationale) economische indicatoren en de invloed hiervan op de geld- en kapitaalmarkt, alsmede wijzigingen in wet- en regelgeving. Het voorspellen van de renteontwikkeling is een lastige en bijna onmogelijke opgaaf, zeker op de lange termijn. Niettemin kan het waardevol zijn om de drijvende factoren achter de rente in kaart te brengen, zodat een beeld ontstaat van de risico’s en onzekerheden omtrent het verloop van de rente in de toekomst. Hierbij zijn echter legio scenario’s denkbaar. RISICOMANAGEMENT Risicomanagement is het identificeren en kwantificeren van risico's en het vaststellen van beheersmaatregelen.

Hiermee worden activiteiten bedoeld waarmee de kans van optreden of de gevolgen van risico's worden beïnvloed. De risico’s die binnen onze gemeente worden gelopen bij de uitvoering van de treasurytaak bestaan voornamelijk uit renterisico's. Om die risico's te beperken en te beheersen geldt er een kasgeldlimiet en is er een renterisiconorm ontwikkeld. Daarnaast verdient vooral het kredietrisico aandacht. Dit is het risico dat wij lopen wanneer geldleningen worden verstrekt aan rechtspersonen die in voorkomende gevallen in financiële problemen zouden kunnen komen. In het treasurystatuut zijn algemene uitgangspunten opgenomen om dit risico te beperken. Met betrekking tot risicobeheer hanteren wij, ingevolge het treasurystatuut, de volgende algemene uitgangspunten: 1. De gemeente mag leningen of garanties uit hoofde van de ’publieke taak’ uitsluitend verstrekken aan door de gemeenteraad goedgekeurde derde partijen. 2. De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie, indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. 3. Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.

76

LENINGPORTEFEUILLE EN FINANCIERINGSBEHOEFTE Lening portefeuille In 2023 is 1 nieuwe geldlening afgesloten, groot € 3.000.000. Het rentepercentage bedraagt 2,990%. De lening wordt in 10 jaar lineair afgelost. De ontwikkeling van de huidige lening portefeuille ziet er als volgt uit: Omschrijving Aanwezige leningen Schuldrestant per 1 januari Nieuw aangetrokken leningen Aflossingen Schuldrestant per 31 december Nadere info Gewogen gemidddelde rentepercentage Bijhorende rentelasten

jaar 2023

jaar 2024

jaar 2025

jaar 2026

€ 26.820.887 € 3.000.000 € 3.216.179 € 26.604.708

€ 26.604.708

€ 23.377.448

€ 20.138.630

€ 3.227.260 € 23.377.448

€ 3.238.818 € 20.138.630

€ 3.000.875 € 17.137.755

0,99% € 264.822

1,22% € 323.474

1,23% € 288.677

1,26% € 253.382

Per 31 december 2023 heeft de gemeente 14 langlopende geldleningen opgenomen (o.g.) met een totale schuldrestant van € 26,6 miljoen. In 2017 en ook in 2021 is een lening aangetrokken bij de NWB Bank. Alle overige leningen zijn opgenomen bij de BNG Bank. De rentetypische looptijd van acht leningen is 10 jaar. Vier leningen hebben een rentetypische looptijd van 20 jaar en twee leningen hebben een rentetypische looptijd van 50 jaar. Over 2023 bedraagt de totale rentelast € 264.822. Financieringsbehoefte Periodiek stellen we de liquiditeitenplanning bij. Hieruit blijkt wat de financieringsbehoefte is. In de behoefte wordt voorzien door benutting van de ruimte binnen het rekening-courantkrediet van € 3,7 miljoen. Voor het meerdere wordt overgegaan tot het aantrekken van een nieuwe lening. In het onderstaand overzicht wordt de financieringsbehoefte per begin en eind boekjaar van 2023 weergegeven.

RENTERESULTAAT De financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) te gebruiken. In juli 2016 is door de Commissie BBV de Rentenotitie 2017 uitgebracht. Op grond van de aanbevelingen in deze notitie wordt vanaf 2017 over het eigen vermogen en de voorzieningen geen rentevergoeding berekend. Onze gemeente trekt niet voor iedere financiering een aparte lening aan, maar financiert het geheel van investeringen (integrale financiering). Tegenover de totaliteit van de boekwaarden van alle investeringen 77

staan de totaal beschikbare financieringsmiddelen. Door middel van de omslagrente worden de kapitaallasten (rente en afschrijving) van investeringen toegerekend aan taakvelden en maken deze lasten vervolgens deel uit van de betreffende programma's. De omslagrente hoeft niet de huidige marktcondities te weerspiegelen. Om te voorkomen dat het rente-omslagpercentage jaarlijks moet worden bijgesteld, wordt vaak voor een langere periode een percentage vastgesteld. Dit leidt ertoe dat de rente die aan de programma's en taakvelden wordt toegerekend vast en dus stabiel is. Als het rente-omslagpercentage gaat afwijken van de werkelijke vermogenskostenvoet (werkelijke rentelasten), ontstaat een renteresultaat (voor 2023 +€ 12.000). Wanneer dit renteresultaat (te) hoog wordt, is dat een signaal om het rente-omslagpercentage te herzien. In feite worden dan de programma's en taakvelden te hoog belast. Met ingang van 2018 zijn wij verplicht met de rentelasten en het bij de begroting gecalculeerde omslagrentepercentage binnen vastgestelde normen te blijven. Indien de afwijking tussen de werkelijke rentelasten en de voorgecalculeerde rentelasten meer dan 25% is dient binnen de renteberekening een correctie plaats te vinden. Bij de rekening 2023 is een percentage van 0,25% berekend. In de begroting 2023 was een percentage van 0,1% berekend. Het renteschema ziet er als volgt uit:

BEHEERSING RISICO'S Renterisicobeheer Renterisicobeheer is het bewust beperken van de negatieve invloed van toekomstige rentewijzigingen op het resultaat van de organisatie en op de waarde van rentedragende activa en passiva. Ook het minimaliseren van de rentekosten en het optimaliseren van de rentebaten behoren tot dit onderwerp. Om de renterisico’s te beperken geldt er een kasgeldlimiet en een renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft de maximaal toegestane omvang van de kortlopende schuld aan. De kasgeldlimiet is ingevoerd om de gemeente te behoeden voor het risico dat de rentelasten opeens fors stijgen, omdat de rente voor kortlopende leningen sterk kan fluctueren. Voor het begrotingsjaar 2023 bedroeg de kasgeldlimiet van onze gemeente € 4.063.959, zijnde 8,5% van het begrotingstotaal ad € 47.811.282. Gedurende 2023 werd de kasgeldlimiet niet overschreden. Dat is maximaal twee opeenvolgende kwartalen toegestaan.

78

Realisatie kasgeldlimiet per kwartaal Vlottende schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld Totaal vlottende schuld

1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

gemiddeld jaar 2023

€ 1.000.000 € 2.531.246 € 143.283 €0 € 3.674.529

€ 2.000.000 € 914.530 € 126.905 €0 € 3.041.435

€0 € 1.374.856 € 76.905 €0 € 1.451.761

€0 € 1.450.209 € 76.905 €0 € 1.527.114

€ 750.000 € 1.567.710 € 106.000 €0 € 2.423.710

€0 € 4.011 € 7.746 €0 € 11.757

€0 € 3.729 € 4.703 €0 € 8.432

€0 € 3.441 € 4.943 €0 € 8.384

€0 € 3.167 € 4.876 €0 € 8.043

€0 € 3.587 € 5.567 €0 € 9.154

Netto vlottende schuld

€ 3.662.772

€ 3.033.003

€ 1.443.377

€ 1.519.071

€ 2.414.556

Toegestane kasgeldlimiet

€ 4.063.959

€ 4.063.959

€ 4.063.959

€ 4.063.959

€ 4.063.959

€ 401.187

€ 1.030.956

€ 2.620.582

€ 2.544.888

€ 1.649.403

Vlottende middelen Uitgeleende gelden < 1 jaar Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar Totaal vlottende middelen

Ruimte binnen toegestane kasgeldlimiet

Renterisiconorm Het begrip renterisiconorm is ingevoerd om zoveel mogelijk spreiding in de looptijden van leningen aan te brengen, en zodoende het renterisico bij herfinanciering van de vaste schuld te beheersen. Deze norm bedraagt 20% van het begrotingstotaal, met een minimum van 2,5 miljoen euro. De berekening van de huidige renterisiconorm in meerjarenperspectief is opgenomen in het volgend overzicht.

Renterisico op vaste schulden

jaar 2023

jaar 2024

jaar 2025

jaar 2026

Renterisico Renteherzieningen Aflossingen Totaal renterisico

€0 € 3.216.179 € 3.216.179

€0 € 3.227.260 € 3.227.260

€0 € 3.238.818 € 3.238.818

€0 € 3.000.875 € 3.000.875

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal vast percentage van begrotingstotaal Renterisiconorm

€ 47.811.282 20% € 9.562.256

€ 47.811.282 20% € 9.562.256

€ 47.811.282 20% € 9.562.256

€ 47.811.282 20% € 9.562.256

Ruimte binnen toegestane renterisiconorm

€ 6.346.077

€ 6.334.996

€ 6.323.438

€ 6.561.381

Kredietrisicobeheer Dit is het risico dat wij lopen wanneer geldleningen worden verstrekt aan rechtspersonen die in voorkomende gevallen in financiële problemen zouden kunnen komen. In het treasurystatuut is vastgelegd dat de gemeente alleen overtollige middelen mag uitlenen aan betrouwbare bedrijven met minimaal een zogeheten AAA-rating (looptijd langer dan 3 maanden) c.q. AArating (looptijd tot 3 maanden), aan ondernemingen waarvoor een solvabiliteitsratio van 0% geldt of aan de centrale overheid. Bij het verstrekken van leningen uit hoofde van de publieke taak worden zekerheden of garanties geëist.

79

Schuldrestant aan het begin van het jaar Actuele leningen (u/g) Geldlening aan St. Kulturhus Boven-Leeuwen Geldlening aan st. MFA Dreumel (lening 1) Geldlening aan st. MFA Dreumel (lening 2) Geldlening aan st. Sport & Recreatie (lening 1) Geldlening aan st. Sport & Recreatie (lening 2) Geldlening aan dorpshuis de Hucht in Alphen Geldlening Yasemin Maaltijdservice Geldlening Jasmin Group Totaal actuele leningen Nadere info Gewogen gemiddeld rentepercentage

jaar 2023

jaar 2024

jaar 2025

jaar 2026

€ 2.764.701 € 3.598.619 € 314.400 € 1.371.697 € 1.834.717 € 1.277.451 € 333.500 €0 € 11.495.085

2.682.592 3.505.852 306.295 1.341.950 1.796.520 1.253.809 40.000 500.000 € 11.427.018

2.598.840 3.411.230 298.028 1.311.607 1.757.560 1.229.695 0 0 € 10.606.961

2.513.413 3.314.716 289.596 1.280.658 1.717.821 1.205.098 0 0 € 10.321.302

2,23%

2,13%

2,00%

2,00%

Zie voor een toelichting op de verstrekte geldleningen de toelichting op de balans zoals opgenomen in de jaarrekening. Aandelen De gemeente is in het bezit van 18.693 gewone aandelen Vitens. De nominale waarde hiervan is € 1 per aandeel. Als aandeelhouder komen alleen publiekrechtelijke (direct of indirect) rechtspersonen in aanmerking. Door de beperkte verhandelbaarheid is het moeilijk een marktwaarde te noemen. Overigens onderschrijven wij het belang dat de drinkwatervoorziening in publieke handen blijft. Op grond van het treasurystatuut vindt aankoop en verkoop van aandelen uitsluitend plaats in het kader van de uitoefening van de publieke taak. Schatkistbankieren Wij zijn verplicht om onze overtollige middelen in de Rijksschatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag bedroeg tot en met juni 2021 0,75% van het begrotingstotaal. Vanaf juli 2021 is het drempelbedrag verhoogt naar 2,0% van het begrotingstotaal, waarbij het minimale drempelbedrag € 1 miljoen bedraagt. Intern liquiditeitsbeheer Liquiditeitsrisico is het risico dat wij op de korte termijn niet genoeg geld in kas hebben om aan onze verplichtingen te voldoen. Om deze reden stellen wij liquiditeitsplanningen en een liquiditeitsbegroting op.

Hierbij zien wij er op toe dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat wij de verplichtingen tijdig kunnen nakomen. Wij beperken onze interne liquiditeitsrisico’s door onze treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot 1 jaar), alsmede een meerjarige liquiditeitenplanning met een looptijd van minimaal 4 jaar. Bij deze laatste dient enige terughoudendheid in acht te worden genomen. Een goede planning, zeker op de langere termijn, is gelet op de onzekere factoren die een rol spelen zoals vertragingen in de investeringsplanning en de informatievoorziening niet eenvoudig. Meerjarenramingen zijn veelal onbetrouwbaar, zowel qua volume als tijdpad. Wanneer op basis daarvan op voorhand leningen dienen te worden afgesloten, gaan wij onbedoeld renterisico’s lopen. Met name bij de op termijn voorziene grote(re) investeringen vormen het politieke, procedurele en de uiteindelijke omvang van de financieringsbehoefte dermate onzekere factoren dat dit een ongewenste risicovergroting zou vormen. Voor het liquiditeitenbeheer is, met ingang van 15 november 2018, met de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten een Financieringsovereenkomst voor een (Rekening-courant) Krediet- en Depotarrangement (tijdelijk overtollige middelen beleggen) afgesloten.

De Financieringsovereenkomst geldt voor onbepaalde tijd en kan schriftelijk geheel of gedeeltelijk worden opgezegd. De kredietlimiet bedraagt € 3.700.000. Over het gebruikte deel van de rekening-courant moet de 1-maands Euribor + 0,15% worden betaald. Gedurende het jaar 2023 was de 1-maands Euribor gemiddeld 3,245%. Per saldo 3,395% te betalen. Daarnaast moet over het ongebruikte deel van de rekening-courant 0,04% bereidstellingsprovisie worden betaald.

80

PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING ALGEMEEN De paragraaf bedrijfsvoering geeft ten minste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering (BBV, artikel 14). Inleiding Deze paragraaf bestaat uit de middelenfuncties ter ondersteuning van de uitvoering van de programma's (primaire proces) en bevat de onderdelen Personeel & Organisatie, Planning & Control, Informatievoorziening & Automatisering, Communicatie, Klant Contact Centrum en Facilitaire zaken. De bedrijfsvoering is ondersteunend aan, en medebepalend voor, de kwaliteit van het primaire proces en de realisatie van de beoogde maatschappelijke effecten. De interne organisatie staat volledig ten dienste aan het primaire proces. Dit betekent dat de kwaliteit en omvang van de gemeentelijke organisatie, maar ook faciliteiten als bijvoorbeeld huisvesting en automatisering indirect van grote invloed zijn op het behalen van de gewenste effecten. In deze paragraaf staan de behaalde resultaten op de verschillende onderdelen van de bedrijfsvoering. Gemeentelijke kaders Beleidsstuk

Jaar

Bestuurs- en managementconcept (BMC, vastgesteld door het college) Inkoop- en aanbestedingsbeleid Programmaplan organisatieontwikkeling 2018-2022 Archiefverordening Continuïteitsplan I&A 2020 Controleplan en Normenkader 2022 Intormatiebeveiligingsbeleid

2009 2016 2018 2018 2020 2022 2023

PERSONEEL EN ORGANISATIE Organisatieontwikkeling Ons doel is om de organisatie toekomstbestendig te maken. We streven naar een efficiënte en effectieve organisatie met sterke bestuurskracht, waarbij we dienstverlening in de breedste zin van het woord centraal stellen. Samen met de West Maas en Waalse samenleving willen we de leefbaarheid in onze gemeente behouden en versterken. In 2023 is het “Programmaplan Organisatieontwikkeling 2023-2026: SAMEN VERDER” opgesteld. Dit plan is het vervolg op het “Programmaplan Organisatieontwikkeling 2018-2022”. We varen nog steeds koers richting Visie Leefbaarheid 2030, waarbij we voor ogen hebben: • 8 goed leefbare dorpen • Samenwerking (tussen de dorpen onderling en met andere gemeenten) • Een regiegemeente (beleid staat centraal, uitvoerende taken kunnen in aanmerking komen om uitbesteed te worden) In 2017 heeft het managementteam bepaald aan welke eisen onze organisatie moet voldoen om de doelen te bereiken. Namelijk: • Een bestuur krachtige organisatie zijn en blijven • Goede dienstverlening bieden • Onze inwoners ondersteunen bij regie op hun leefomgeving Die uitgangspunten zijn eveneens ongewijzigd. In het programmaplan organisatieontwikkeling is vastgelegd wat we doen om de organisatie, die we voor ogen hebben, te blijven of te worden. De wereld staat niet stil. En daarom is organisatieontwikkeling ook nooit “af”.

Technologie ontwikkelt, nieuwe wetgeving, wensen van de omgeving veranderen, maar ook onverwachte gebeurtenissen komen op ons af waarop we moeten anticiperen en die van invloed zijn op de planning van de activiteiten van onze organisatie.

81

Met het Programmaplan Organisatieontwikkeling voor de jaren 2023-2026 verbeteren we de efficiency en effectiviteit van onze organisatie verder. Zodat we onze inwoners nog beter van dienst kunnen zijn. We zien de gemeente als partner van inwoners, ondernemers en organisaties om de leefbaarheid van onze gemeente te behouden en te verbeteren. Dit doen we nog steeds aan de hand van de eerder gekozen programmalijnen: 1. Een passend model 2. De basis op orde 3. De ambtenaar @anno nu 4. Samen, Verantwoordelijk en Professioneel Deze programmalijnen staan tot en met 2026 centraal. Ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. We hebben alle vier nodig om onze organisatieontwikkeling vorm te geven. Door voortdurend terug te komen op het waarom van de ontwikkeling, blijven we gemotiveerd en kunnen we extra kwaliteit leveren. Het programmaplan is onze leidraad om de koers van de organisatieontwikkeling vast te houden. In het kader van de organisatieontwikkeling heeft de volgende activiteit plaatsgevonden: • Integraal werken: Om de onderlinge samenhang te versterken is op 19 januari 2023 de ‘Dag van de organisatie’ georganiseerd. Tijdens deze dag stond de samenwerking in al haar facetten centraal waarbij het voltallige personeel in een thematische bijeenkomst op een onderhoudende manier met elkaar werd verbonden.

Tijdens de ‘Dag van de organisatie’ heeft ook de aftrap van het werkbelevingsonderzoek centraal gestaan Verdere ontwikkelingen op het gebied van Personeel en Organisatie: • Uitbestede taken: Vanaf 2021 zijn een aantal bedrijfsvoeringstaken overgedragen aan De Connectie. Gedurende 2022 is de samenwerking met De Connectie tegen het licht gehouden en werd duidelijk dat de samenwerking met De Connectie verandert: per 1 februari 2023 is de dienstverlening op het gebied van P&O, Personeelsadministratie en Financieel beheer, teruggekomen naar West Maas en Waal. Uit de evaluatie is gebleken dat de uitbesteding niet gebracht heeft wat de gemeente ervan verwacht had. De betreffende medewerkers zijn vanaf 1 februari 2023 weer in dienst bij de gemeente West Maas en Waal. De taken Verzekeringenbeheer en Inkoop& Aanbesteding zijn medio 2023 ook weer in huis gehaald. Het gedeelte e-HRM, gekoppeld aan de Salarisadministratie wordt uitgevoerd door De Connectie. De wens is om dit los te koppelen van De Connectie. Hier wordt een voorstel voor ingediend. Naast de uitbestede taken die hierboven zijn beschreven stopt De Connectie met de ondersteuning op ICT-beheer zodra we via een Europese aanbesteding een nieuwe ICT-dienstverlener hebben gecontracteerd. Samen met de nieuwe ICT-dienstverlener en De Connectie wordt er een plan voor ontvlechting gemaakt.

• Doorontwikkeling Dienstverlening en klantprocessen Klant Contact Centrum (KCC) Het plan van aanpak Verbetering Dienstverlening en Klantprocessen vormt de leidraad voor de verdere doorontwikkeling van het Klant Contact Centrum. In 2023 is gestart met de stapsgewijze doorvoering van de concrete aanbevelingen uit het plan. Deze gefaseerde aanpak zorgt ervoor dat de dienstverlening aan onze inwoners stap voor stap verbeterd wordt. De stapsgewijze aanpak voor verbetering heeft in 2023 geleidt tot de volgende resultaten: - Project SIM-KCS (Klant Contact Service). De SIM-KCS applicatie is in 2023 geïmplementeerd en in gebruik genomen. Deze applicatie bevat de omgeving van de Kennisbank en het proces van afhandeling telefoonnotities van inwoners. De Kennisbank wordt opgebouwd uit de belangrijke informatie vanuit de vak afdelingen. Er wordt ook gebruik gemaakt van het zogenaamde Prikbord in de applicatie. Hierop staan actuele meldingen zoals wegafsluitingen. Al deze informatie wordt vervolgens als kennisbron gebruikt bij het beantwoorden van vragen van de inwoners, bedrijven en organisaties. De applicatie SIM-KCS biedt naast de Kennisbank ook de mogelijkheid om de afhandeling en beantwoording van telefonische vragen die bij het KCC binnenkomen te monitoren. Het betreft hier vragen die voor de vak afdelingen bestemd zijn.

Er wordt door het KCC actief gestuurd op tijdige beantwoording en afhandeling van de telefonische vragen.

82

-

-

-

Klantprocessen. Door het team zijn klantprocessen in kaart gebracht en in overzichtelijke processchema’s geplaatst. Met behulp van de processchema’s worden verbeterpunten in kaart gebracht en opgepakt. Dit is een voortdurend proces. Voor de begraafplaatsadministratie is nieuwe software in gebruik genomen. Dit komt de uitvoerbaarheid en nauwkeurigheid van het gevoelige proces ten goede. De implementatie van de callcenter applicatie Anywhere 365 laat door technische redenen nog even op zich wachten. Deze applicatie draagt bij aan een verbeterde telefonische dienstverlening. Met ingang van 2024 is het mogelijk om op digitale wijze het rijbewijs aan te vragen en te verlengen

Paspoortpiek: De komende 4 jaar ontstaat er een piek in aanvragen van paspoorten en identiteitsbewijzen. De reden hiervoor is de verlenging van de geldigheid van paspoorten en ID-bewijzen van 5 naar 10 jaar. Vanaf 2024 verlopen de eerste documenten met een 10-jarige geldigheid. Dit brengt vanaf nu een sterke stijging van verlengingen van paspoorten en ID-bewijzen met zich mee. Een actieplan over hoe we deze ‘hausse’ aan aanvragen het hoofd kunnen bieden is in de maak.

Personeelsbeleid • HR-beleidskaders: De HR Beleidskaders 2021-2022 vormen de kaders en geven richting aan de HR-activiteiten. Een aantal activiteiten hiervan is nog niet afgerond. Dit gebeurt in 2023 en 2024. In 2024 worden de HRbeleidskaders opnieuw opgesteld. Hiervoor vormen de ontwikkelingen vanuit de organisatie en de samenleving een belangrijke bron. • Medewerker tevredenheidsonderzoek (MTO): Begin 2023 is gestart met het werkbelevingsonderzoek. De nulmeting laat zien dat 70% van de deelnemers goed in het vel zit, plezier heeft in het werk en zich thuis voelt in de organisatie. Als vervolg op de nulmeting zijn verdiepende vragen gesteld op thema’s die naar voren kwamen als belangrijk en aandacht vragen. De teammanagers hebben deze thema’s besproken met hun teams en besproken hoe we samen kunnen verbeteren op de besproken thema’s. Vervolgens is deze opbrengst besproken in het MT. De actiepunten die hieruit naar voren kwamen zijn meegenomen in het Programmaplan Organisatieontwikkeling 2023-2026. • Implementatie e-HRM systeem: De implementatie van het nieuw e-HRM systeem is gestart in 2023. Deelnemende organisaties zijn De Connectie, de gemeente Arnhem, Rheden en Renkum (als eigenaar van De Connectie zijnde) en de gemeente West Maas en Waal. De omgevingen zijn deels samengevoegd en de basisfunctionaliteiten zijn ingericht.

De inrichting van het e-HRM systeem gebeurt op basis van uniformiteit. Het uitgangspunt van uniformiteit gaat echter zo ver dat er voor West Maas en Waal op meerdere onderdelen een onwenselijk en onwerkbare situatie ontstaat. De wens is uitgesproken om West Maas en Waal te ontvlechten uit het project en te kiezen voor een eigen inrichting ven e-HRM. Het gedeelte van de salarisadministratie is onlosmakelijk verbonden aan het e-HRM systeem. Het salarissysteem wordt gevoed door de e-HRM omgeving. Bij de ontvlechting van het e-HRM systeem wordt dan ook de ontvlechting van de salarisadministratie meegenomen. In 2024 ontvangt uw raad hiervoor een voorstel. • HR-21 De Ondernemingsraad heeft akkoord gegeven op de invoering van het functiewaarderingssysteem HR21. Dit betekende voor de projectgroep HR-21 groen licht om te starten met de activiteiten. In september 2023 heeft het betrokken externe bureau in het MT uiteengezet welke activiteiten de implementatie van HR-21 vraagt en welke verantwoordelijkheden hierbij horen. Deze input vormt de leidraad voor de stapsgewijze implementatie van HR-21. De implementatie van het nieuwe functiewaarderingssysteem vraagt om zorgvuldigheid en afstemming. Communicatie met de medewerkers vormt een belangrijk onderdeel van dit traject. Volgens planning is de implementatie van HR-21 op 1-1-2025 afgerond.

• Werving en selectiebeleid: De arbeidsmarkt staat onder druk. Om geschikte kandidaten uit de krappe arbeidsmarkt markt aan te trekken is er een actief wervingsbeleid: De vacatures die we uitzetten hebben een nieuw format en nieuwe vacatureteksten. We maken gebruik van wervingsfilms, we zijn actief op LinkedIn en andere Social media. Het aanbrengen van een nieuwe collega wordt beloond, etc. Door deze acties sluiten we beter aan op de manier waarop kandidaten tegenwoordig naar banen zoeken. 83

Ondanks deze acties blijft het in deze arbeidsmarkt lastig om de juiste mensen te vinden en wordt je soms genoodzaakt om capaciteit in te huren. Voor werving en selectie van nieuw personeel is in Q1 2024 nieuw beleid opgesteld en wordt voorgelegd aan de Ondernemingsraad. Overzicht aantal medewerkers in dienst en uitdienst getreden in 2023*:

Aantal medewerkers:

In dienst getreden: 22

Uit dienst getreden: 11

*bron Youforce. Exclusief Wethouders en stagiaires. Het aantal medewerkers indienst getreden is als gevolg van de gedeeltelijke uittreding bij de Connectie aanzienlijk hoger. • Onboarding: Het instroomproces waarbij nieuwe medewerkers kennis maken met de organisatie wordt in de eerste helft van 2024 opgesteld. Dit zogenaamde onboarding programma is onder deel van het binden en boeien van medewerkers. Ziekteverzuim. Onze streefwaarde is een maximaal ziekteverzuimpercentage van 4,0%. We hebben beleid en ondernemen de nodige activiteiten om het ziekteverzuim laag te houden. We maken gebruik van de adviezen van de Arboarts voor een optimale re-integratie en de inzet van interventies. Ziekteverzuimpercentage in 2023 bedraagt 4,92% (bron: registratiesysteem TIM) In 2023 zien we een daling van het ziekteverzuimpercentage ten opzochte van 2022. Langdurig verzuim (niet gerelateerd aan werk) is een belangrijk onderdeel van het verzuimpercentage. Hier is aandacht voor. Het landelijk gemiddelde ziekteverzuimpercentage voor gemeenten bedraagt in 2023 6,3%*. Voor gemeenten <20.000 inwoners is dit 5,9%**. * cijfers tot en met medio 2023, bron: AenO fonds Gemeenten. ** bron: AenO fonds Gemeenten In de hierna opgenomen tabel wordt inzicht gegeven in de bereikte- en komende jaren te bereiken resultaten: Tabel: Ontwikkeling ziekteverzuim Ziekteverzuimpercentage

2021

2022

2023

2024

2025

2026

6,6

6,78

4,92

4,5

4,0

4,0

Ontwikkelingen Verzuimmamanagement: De implementatie van de verzuimmodlule in 2023 geeft een verbeterde monitoring en betrekt de leidingegevende actief bij het verzuim en reïntegratieproces. Het contact met de Bedrijfspoli is intensiever. Er vindt periodieke overleg plaats in het SMT overleg (Sociaal Medisch Team overleg) tussen enerzijds de bedrijfsarts, coach Arbeid en Gezondheid van de Bedrijfspioli en het MT en P&O van de gemeente anderzijds. De Coach Arbeid en Gezondheid van de Bedrijfspoli wordt intensiever ingezet ter preventie van uitval. Financiën De kosten van het personeel zijn verdeeld op basis van de loonsom. We hebben afgesproken dat wij niet sturen op formatie maar op de loonsom. Deze loonsom stijgt met niet te beïnvloeden externe factoren zoals CAO-stijgingen, wijzigingen in sociale premies of als gevolg van overdracht van taken door het Rijk. Er is een spanningsveld tussen de beschikbare loonsom en de ambities die op de organisatie afkomen. Risico's Eigen risicodragerschap WGA, WGA-flex en ZW: 84

Onze gemeente is sinds 2010 eigenrisicodrager voor de WGA (Wet Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsongeschikten), de WGA-flex en de Ziektewet. Dat wil zeggen dat, in geval van instroom in de WGA, de uitkeringslasten en re-integratiekosten gedurende maximaal 10 jaar voor rekening van de gemeente komen. Een goed ziekteverzuimbeleid beperkt de risico´s. We blijven alert op de mogelijke instroom. Sinds de invoering van de WIA (wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen) is er één (ex)medewerker van onze gemeente ingestroomd in deze uitkering. Gezien het aantal langdurig zieken neemt de kans op instroom toe. INFORMATIEVOORZIENING EN AUTOMATISERING Beleid: • I&A plan 2020: Uit het vigerende I&A plan 2020 is in het kader van de inrichting van de Werkplek 2020 de uitrol afgerond van de zgn. docking stations. Dit was de laatste stap van de opgenomen activiteiten in het I&A plan 2020. De uitrol van smartphones en laptops is in de beheerfase. Het nieuwe Informatiebeleid plan wordt opgesteld in samenhang met het ICT-Verbeterplan, de doorontwikkeling van Informatiebeheer en de opzet van het Informatiehuis (data gedreven werken) • Informatieveiligheid: In Q4 is het beleidsplan Informatieveiligheid opgesteld -en vastgesteld. Het opgesteld beleidsplan bevat de kaders, uitgangspunten en managementafspraken waarmee de informatieveiligheid van de organisatie wordt vormgegeven.

Ontwikkelingen: • Implementatie ICT-Verbeterplan: In 2023 is gestart met de Europese aanbesteding voor een nieuwe ICT-dienstverlener. Leidraad bij de aanbesteding is het ICT-verbeterplan. Via de aanbestedingsprocedure komt de keuze tot een nieuwe ICT-dienstverlener die de nieuwe ICT-infrastructuur inricht en beheert met goede prestaties, stabiliteit en veiligheid. Gericht op de toekomst met de dataopslag en verwerking in de Cloud. Het aanbestedingstraject is in samenwerking met een extern bureau voorbereid en ingevuld. Het aanbestedingstraject ligt op koers om de onderstaande planning te behalen: - Publicatie aanbesteding op Tendernet: januari 2024 - Periode van inschrijvingen: april-mei 2024 - Beoordeling van inschrijvingen: mei 2024 - Voorlopige gunning: juni 2024 - Definitieve gunning: juli 2024 - Start implementatiefase: augustus -september 2024 Ten behoeve van de implementatie wordt i.s.m. de nieuwe ICT-dienstverlener een implementatieplan opgesteld. De Connectie blijft tot het moment van overname het ICT-beheer ondersteunen. • Informatieveiligheid: In 2023 is een bewustwordingstraining binnen de organisatie uitgerold. Het doel is bewustwording van de risico’s op het gebied van informatieveiligheid en het op een veilige manier omgaan met (persoons)gegevens en informatie. In Q4 is het Beleidsplan Informatieveiligheid opgesteld en vastgesteld.

Het beleidsplan bevat algemene kaders, uitgangspunten en managementafspraken waarmee de informatieveiligheid wordt vormgegeven en geborgd. De BIO (Baseline Informatiebeveiliging) vormt het uitgangspunt bij de inrichting en uitvoering van de informatieveiligheid activiteiten. Beheersmaatregelen worden gedefinieerd, geïmplementeerd, getoetst en bijgesteld waar nodig. De implementatie van de BIO beheermaatregelen vindt plaats gedurende het jaar 2024. • Informatiebeheer: Wet Openbare Overheid: De Wet Open Overheid (WOO) is in 2022 inwerking getreden. Dit vraagt om een wijziging in ons Informatiebeheer.

85

Toekomstbestendig Informatiebeheer Wij zijn gestart met de uitvoering van het plan van aanpak ‘Toekomstbestendig Informatiebeheer’: Ons informatiebeheer is voor verbetering vatbaar. Dit heeft geleid tot een nieuwe beschouwing van wat er nodig is om informatiebeheer op de rit te krijgen. Er is een plan van aanpak om tot ‘Toekomstbestendig Informatiebeheer’ te komen. Onderdeel hiervan is de doorontwikkeling van het team DIV. De uitvoering van het plan van aanpak Toekomstbestendig Informatiebeheer loopt door t/m 2025. Waarom is de uitvoering van het plan van aanpak Toekomstbestendig Informatiebeheer nodig: o We voldoen op een aantal onderdelen nog niet aan het vereiste en gewenste niveau o Voldoen aan -en mee kunnen doen met landelijke ontwikkelingen: o Wet -en regelgeving, o.a.: ▪ Omgevingswet ▪ Wet Open Overheid (WOO) ▪ Wet Digitale Overheid ▪ Archiefwet o Bestuurlijk o.a.: ▪ Gezamenlijke gemeentelijke uitvoering (onderdeel Digitale Agenda 2020) o Technologie o De samenhang tussen informatiebeheer en informatiebeveiliging Project MS365/Samenwerkende platforms (Teams/SharePoint/JOIN): Uitvoering project MS365/Samenwerkende platforms is in samenhang met de uitvoering van het plan van aanpak 'Toekomstbestendig Informatiebeheer' - Uitfasering netwerkschijven. Planning 2024.

- Opzetten werkbare indeling en werkwijze: Planning: 2024 • Informatiehuis (data gedreven werken) Er is behoefte binnen de organisatie om meer data gedreven te werken. Ter voorbereiding van het opzetten en inrichten van data gedreven werken is er een kort verkennend onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden van data gedreven werken voor de gemeente West Maas en Waal. Met de uitkomst van dit verkennend onderzoek wordt de volgende stap richting data gedreven werken gezet. Data gedreven werken vraagt om een gestructureerde en uniforme aanpak en een cultuur van openheid en transparantie rondom gegevens. De opzet en inrichting van data gedreven werken gebeurt in samenhang met het ICTverbeterplan en de doorontwikkeling van Toekomstbestendig Informatiebeheer. Risico’s ICT: Tot aan het moment van de implementatie van de nieuwe ICT-infrastructuur blijft er risico bestaan op uitval van de bestaande verouderde ICT-infrastructuur. De huidige situatie wordt op continu basis gecheckt. Waar nodig worden er tijdelijke maatregelen genomen. We blijven met leveranciers in gesprek om dit risico beheersbaar te houden. Archief: In de grote archiefruimte is schimmel geconstateerd. We werken de diverse scenario’s uit en komen met een voorstel hoe we deze situatie het beste kunnen oplossen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14174908/3