CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-030 1 Bijlage Definitief regionaal uitvoeringsprogramma ODR 2024

Gemeenteraad 29 februari 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Ingekomen stukken19.668 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

• Verminderen van CO2 uitstoot door woningen (focuspunt 4) • Minder asbestverontreiniging (focuspunt 5) • Huisvesting internationale werknemers (focuspunt 6)

26

Tijdens de uitvoering van onze reguliere werkzaamheden focussen we ons extra op deze punten. Hieronder lichten we dat kort toe:

Om een beter beeld te krijgen van illegale sloopwerkzaamheden willen wij op de volgende aspecten meer controles uitvoeren:

• Verminderen van CO2 uitstoot door woningen Toezicht bouw zal zich dit jaar extra richten op het aspect duurzaamheid. En dan met name op nieuwbouw categorie 2 en hoger, vanaf een bouwsom van €250.000,-Tijdens de bouw zullen wij een extra controle uitvoeren op de toegepaste materialen en andere BENG uitgangspunten uit het ontwerp. Ook is gebleken dat bij het berekenen van de energieprestatie vaak extra bouwkundige maatregelen nodig zijn om bij nieuwbouw onder de grenswaarde te blijven. Hierdoor zal er steeds meer gebruik worden gemaakt van warmtepompen en airco’s. Daarom zullen wij ter voorkoming van geluidsklachten tijdens de bouw extra aandacht hiervoor hebben.

• niet geaccepteerde sloopmeldingen, waarvoor geen nieuwe sloopmelding wordt ingediend • geaccepteerde sloopmeldingen zonder asbest van gebouwen van voor 1994

Daarnaast willen wij scherper toezicht houden op de verleende vergunningen voor het verduurzamen van monumenten, waarbij wij willen voorkomen dat monumenten worden aangetast. Wij gaan ons richten op notoire overtreders. Hiervoor willen wij met toepassing van het Landelijke handhaving Strategie omgevingsrecht steviger inzetten op handhaving. Dit betekent dat we bij ernstige overtredingen werkzaamheden stilleggen en een last onder dwangsom opleggen. Zo nodig treden wij strafrechtelijk op door een proces-verbaal op te leggen.

Zodoende worden op deze aspecten met een lage prioriteit alsnog een controle uitgevoerd, waarvoor doorgaans op basis van het VTH-beleid een administratieve controle wordt uitgevoerd.

De komende jaren zetten we steviger in op handhaving op het moment dat ernstige overtredingen worden geconstateerd zoals illegale sloopwerkzaamheden van bouwwerken van voor 1994 of het illegaal opmengen en/of illegaal verplaatsen van sterk met asbest verontreinigde grond. Hiervoor hanteren we de Landelijke handhaving Strategie omgevingsrecht (LHSO). Dit betekent dat we bij ernstige overtredingen werkzaamheden stilleggen en een last onder dwangsom opleggen. Zo nodig treden wij strafrechtelijk op door een proces-verbaal op te leggen.

• Minder asbestverontreiniging Bij toezicht gaan wij ons meer richten op de notoire overtreders, het in beeld krijgen van illegale sloopwerkzaamheden, de sanering van verborgen asbest en het voorkomen van opmenging of verspreiding van asbest in de bodem bij (totaal)sloop. Dit doen we informatie gestuurd en risicogericht. Daarnaast krijgen de klachten en meldingen op basis van het VTH-beleid met betrekking tot asbest een hoge prioriteit en daarmee blijven wij ons inzetten in de aanpak van het illegaal verwijderen van asbest.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

27

• Huisvesting internationale werknemers De huisvesting van deze internationale werknemers is een gezamenlijke opgave van gemeente, werkgevers, huisvesters en uitzenders. Namens de gemeente voert ODR VTHwerkzaamheden waarmee wordt bijgedragen aan verantwoorde huisvesting. ODR spant zich ook in om illegale huisvesting in beeld te krijgen en aan te pakken. Daarmee heeft ODR een signalerende rol richting gemeenten en eventueel andere partijen zoals de veiligheidsregio, politie en justitie. Om internationale werknemers beter te beschermen is vanaf 1 juli 2023 de Wet goed verhuurderschap van kracht. Deze wet geeft gemeenten meer mogelijkheden om ongewenst verhuurgedrag, zoals woondiscriminatie, intimidatie, onredelijke servicekosten en een te hoge borg tegen te gaan. Iedere gemeente moet vanaf 1 januari 2024 een meldpunt hebben voor klachten over ongewenst verhuurgedrag. Hiermee kan ODR samen met de gemeente een beter beeld krijgen onder welke omstandigheden de werknemers worden gehuisvest en op welke locaties de huisvesting plaatsvindt. Ook zijn er locaties waarvoor een omgevingsvergunning is verleend. Voor ons gaat het hier over het algemeen om een omgevingsvergunning voor de activiteit handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening. Voor deze locaties in relatie tot internationale werknemers zullen wij dit jaar een controle uitvoeren.

Op basis van het VTH-beleid worden deze omgevingsvergunningen doorgaans administratief afgehandeld. De gemeente stelt voor de vergunde locaties ook extra eisen ten aanzien van de huisvesting. Particulieren kunnen op basis van een SNF-Keurmerk bij de gemeente aantonen dat de huisvestingslocatie voldoet aan de gestelde norm. ODR controleert of hier daadwerkelijk aan wordt voldaan. Bij ernstige overtredingen treedt ODR handhavend op. Om te zorgen voor een veilige en gezonde huisvesting van internationale werknemers binnen het werkgebied van ODR en om onze doelstellingen te behalen wil ODR samen met haar partners dit onderwerp als project voor de gehele regio uitvoeren.

 Hoe borgen we dit? Bij het houden van toezicht, werken we aan de hand van de vaste toezichts- en beoordelingskaders en de gewenste diepgang daarbij, conform toezichtsprotocollen. Dit stelt ons beter in staat om de kwaliteit en uniformering van toezicht te waarborgen. Ook vinden er regelmatig evaluatiemomenten plaatsvinden om dit te toetsen.  Hoeveel tijd verwachten we daar voor nodig te hebben? In onderstaande tabel is aangegeven hoeveel tijd we in 2024 per producten en per gemeente verwachten te besteden aan het uitvoeren van deze taak. Standaardproducten (werkplan)

Bur

Cul

Mdr

Nbe

Tiel

Wbe

WMW

Zltb

Totaal

Omgevingsvergunning (bouwdeel) zonder bouwkosten

34

28

86

20

0

58

60

36

322

Omgevingsvergunning (bouwdeel) tot 10.000,-

89

153

81

55

0

149

102

106

735

Omgevingsvergunning (bouwdeel) 10.000,- tot 25.000,-

75

100

63

44

0

163

38

69

550

Omgevingsvergunning (bouwdeel) 25.000,- tot 50.000,-

44

56

63

63

0

88

88

113

513

Omgevingsvergunning (bouwdeel) 50.000,- tot 75.000,-

44

6

6

44

0

56

31

38

225

Omgevingsvergunning (bouwdeel) 75.000,- tot 100.000,-

41

0

10

21

0

51

31

41

195

Omgevingsvergunning (bouwdeel) 100.000,- tot 250.000,-

110

61

74

110

0

270

110

123

858

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 0 tot 25.000,-

20

33

18

13

0

38

18

23

160

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 25.000,- tot 50.000,-

8

8

11

8

0

15

15

15

79

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 50.000,- tot 200.000,-

22

6

11

22

0

39

22

22

143

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 200.000,- tot 2.500.000,-

60

60

50

50

0

100

50

80

450

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit van meer dan 2.500.000,-

0

14

14

14

0

14

14

28

96

Toezicht omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit zonder bouwkosten

72

60

172

44

0

120

120

72

660

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 0 tot 25.000,-

132

208

120

84

0

248

124

148

1064

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 25.000,- tot 50.000,-

32

36

44

40

0

60

56

72

340

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 50.000,- tot 200.000,-

108

30

36

96

0

174

84

102

630

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit 200.000,- tot 2.500.000,-

192

192

184

168

0

328

160

256

1480

Toezicht omgevingsvergunning bouwactiviteit van meer dan 2.500.000,Bouwtoezicht meldingen (gebruik en sloop)

40

40

24

0

24

40

56

232

255

489

468

850

914

438

510

4416

Bouwtoezicht bestaande bouw

71

29

67

81

10

181

109

124

670

Bouwtoezicht juridische procedures

457

242

369

259

11

644

253

479

2712

Bouwtoezicht na risicosignalen

17

6

17

17

0

44

28

28

154

Bouwtoezicht inrichtingseisen drank- en horeca

0

0

0

16

0

20

0

16

52

Monumenten

80

68

8

12

0

168

28

24

388

Toezicht bouw advies extern

10

10

0

10

52

55

16

7

159

Toezicht bouw advies intern

36

10

49

26

16

85

16

59

296

Klachten en meldingen bouw/RO

510

113

405

180

15

248

255

330

2055

2763

1821

2483

1985

954

4349

2305

2972

19632

Totaal

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

8 493

28

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) regionaal uitvoeringsprogramma 2024

29

6

Taken binnen de keten milieu Binnen de keten milieu worden de volgende taken uitgevoerd:

• Omgevingsvergunning milieu • Toezicht milieu Vanuit de teams Juridische Zaken, Advies en Bodem wordt een vakinhoudelijke bijdrage geleverd aan de uitvoering van deze taken. Voor en invulling van deze taken wordt verwezen naar hoofdstuk 7. In dit hoofdstuk beschrijven we per taak welke werkzaamheden we in 2024 gaan uitvoeren. De werkzaamheden voortkomend uit de focuspunten zijn hierin ook opgenomen.

6.1 Milieuvergunningverlening Binnen het werkgebied van ODR wordt een groot aantal milieubelastende activiteiten uitgevoerd door bedrijven (inrichtingen). ODR heeft namens haar gemeenten de taak een bijdrage te leveren aan het behoud van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dit doet ODR onder andere door vooraf te toetsen of bepaalde milieubelastende activiteiten mogen worden uitgevoerd en zo ja onder welke voorwaarden. Soms is hiervoor een vergunning vereist. Meestal kan dat door vooraf een milieumelding in te dienen. Binnen het ODR gebied zijn ca. 300 vergunningplichtige bedrijven en 7000 meldingsplichtige bedrijven actief.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

 Wat doen we? Wij beoordelen aanvragen en meldingen die zien op milieubelastende activiteiten. De werkzaamheden voor omgevingsvergunning bouw omvatten: • • • • • • • • • •

Vooroverleg/omgevingstafel (milieudeel) Ontheffing APV Behandelen aanvragen vergunning plichtige milieubelastende activiteiten Intrekken milieubelastende activiteiten(milieudeel) Beoordelen meldingen milieubelastende activiteiten (milieudeel Activiteitenbesluit) Opstellen maatwerkvoorschriften/ beoordelen gelijkwaardigheid Wettelijke adviseren van derden (milieudeel) Adviseren m.b.t. milieubelastende activiteit (milieudeel) intern Adviseren m.b.t. milieubelastende activiteit (milieudeel) extern Actualiseren voorschriften vergunning plichtige milieubelastende activiteiten(milieudeel)

 Hoe doen we dat? Bij het uitvoeren van onze taak richten we ons op het voorkomen van risico’s voor de leefomgeving. Het is belangrijk dat de initiatiefnemer begrijpt waarom bepaalde regels belangrijk zijn en welke belangen daarmee beschermd worden. Dat vergroot het omgevingsbewustzijn en de bereidheid om hier meer rekening mee te houden. Daarom hebben we veel aandacht voor communicatie, participatie en samenwerking. Dit vergroot de bekendheid met regels, acceptatie van regels en verantwoordelijkheid voor naleving van regels. We geven de voorkeur aan persoonlijk contact, treden graag in overleg en beoordelen aanvragen vanuit ‘ja, mits’.

30

Bij de inhoudelijke beoordeling van aanvragen en meldingen richten we ons vooral op de meest risicovolle aspecten. Aspecten die weinig risico veroorzaken beoordelen we slechts op hoofdlijnen. Het bundelen van digitale informatie vormt hierbij een uitgangspunt. Bij de analyse van deze digitale informatie, kunnen potentiële risico’s beter gesignaleerd worden waardoor een interventie sneller en efficiënter kan plaatsvinden. De genoemde digitale informatie zal o.a. beschikbaar worden gesteld is kaartlagen per (en eventueel gekoppeld) thema.

Ook worden alle meldingen en aanvragen integraal getoetst. Dit betekent dat er niet alleen een milieutoetst wordt uitgevoerd maar dat er ook altijd een bestemmingsplantoets en een bouwtoets. Hiermee voorkomen we dat er valse verwachtingen worden gewekt door toestemming te verlenen terwijl er strijdigheid is met het bestemmingsplan of er ook nog een bouwvergunning aangevraagd of bouwmelding ingediend moet worden. Deze integrale benadering sluit al aan bij de werkwijze onder de Omgevingswet. Ons VTH-beleid bevat de activiteiten en aspecten die vanwege het hoge risico bij Omgevingsvergunning bouw de grootste prioriteit hebben. Te weten:

• • • • •

Calamiteiten met acuut gevaar Afval Bodem (Externe) veiligheid Lucht(kwaliteit)

Als je je aandacht meer richt op het één, is er minder tijd voor het ander. Het VTH-beleid bevat ook gemiddelde en laag geprioriteerde activiteiten en aspecten. Lage prioriteiten beoordelen we op basis van onze kennis en ervaring slechts op hoofdlijn. Bij gemiddelde prioriteit toetsen we alleen de meest relevante aspecten inhoudelijk (zoals die voor veiligheid en gezondheid).  Omgevingswet Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking treedt. Dit betekent dat 2024 een overgangsjaar zal zijn. Aanvragen die voor 1 januari 2024 zijn ingediend onder de Wabo dienen immers nog steeds volgens de Wabo afgedaan te worden wanneer die activiteit ook onder de Omgevingswet vergunningplichtig is. Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

Wanneer de Omgevingswet in werking treedt heeft dit invloed op de werkzaamheden binnen het team vergunningen milieu. Deze veranderingen hebben vooral betrekking op verandering van procedures en toetsingskaders. Medewerkers worden momenteel opgeleid om vanaf 1-1-2024 met de Omgevingswet te kunnen werken. Systemen en processen van ODR zijn of worden hier op aangepast. Ondanks al deze voorbereidingen zal het voor een belangrijk deel ‘leren door te doen’ worden. Bij de invoering van de Omgevingswet is het mogelijk voor de gemeente om leges te heffen op vergunningaanvragen. Zoals het zich nu laat aanzien zullen de meeste gemeenten dit ook gaan doen. Mogelijk gevolg hiervan is dat bedrijven voor 1 januari 2024 nog snel een vergunningaanvraag indienen. Dit zou kunnen leiden tot een piek van extra aanvragen die begin 2024 afgehandeld moet worden. Het is echter onzeker of hiervan sprake zal zijn en zo ja dan zou het later in het jaar leiden tot minder aanvragen dus hiermee is geen rekening gehouden.  Actuele vergunningen Door verandering in wetgeving of door nieuwe technieken kan het gebeuren dat een verleende vergunning niet meer actueel is. In dat geval is actualisatie van de bestaande vergunning gewenst. We streven er naar dat 90% van de verleende vergunningen actueel is. Een aantal jaren terug was dit nog 70%.

De afgelopen jaren hebben we hier een inhaalslag gemaakt waardoor het aantal actuele vergunningen elk jaar met 5% á 6% is toegenomen. Eind 2023 verwachten we op ruim 80% actuele vergunningen te zitten. Doelstelling is om in 2024 minimaal 90% van de verleende vergunningen actueel te hebben.  Stikstof ODR heeft voor de regio een eigen stikstofkaart ontwikkeld. Deze wordt bijgehouden en verder doorontwikkeld. Hiermee wordt duidelijk welke bedrijven een cruciale rol spelen bij de aanpak van de stikstofproblematiek. Deze bedrijven komen (na overleg) mogelijk in aanmerking voor het intrekken, wijzigen of actualiseren van de omgevingsvergunning. Mogelijk leidt dat dus tot een verhoging van het aantal vergunningprocedures in 2024. Overigens kan het hier gaan om zowel agrarische als industriële bedrijven. Binnen ODR is een vernieuwde projectgroep stikstof actief.

31

Het team vergunningverlening is hier de trekker van. Als ODR willen we het werk zodanig organiseren en oppakken dat we voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van stikstof. Ook willen we goede afspraken met de provincie hierover maken. Mogelijk kan het oprichten van een stikstofloket waar gemeenten, bedrijven en inwoners terecht kunnen met vragen met stikstof in relatie tot ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving daar een bijdrage aan leveren.  Focuspunten 2024 Voor Omgevingsvergunning milieu zijn voor 2024 een tweetal focuspunten van belang: • Zeer Zorgwekkende Stoffen verminderen (focuspunt 1) • Beter zicht op milieubelastende activiteiten (focuspunt 2)

• Beter zicht op milieubelastende activiteiten (focuspunt 2) Ook in 2024 ligt de focus op het in beeld brengen van, bij ODR, onbekende milieubelastende activiteiten. Hiervoor wordt nauw samengewerkt met milieutoezicht. Met name op het onderdeel ruimtelijk milieutoezicht waarbij bedrijventerreinen en andere gebieden of branches worden onderzocht op de aanwezigheid van onbekende activiteiten. Dit leidt er toe dat we een steeds vollediger en actueler beeld krijgen van welke milieubelastende activiteiten zich waar voordoen en dat we bedrijven kunnen informeren over de milieuregels waaraan zij moeten voldoen. Als gevolg hiervan zie we het werkaanbod voor het team vergunningen milieu elk jaar met 5% á 10% toenemen. Gezien de plannen voor ruimtelijk milieutoezicht in 2024 verwachten we ook in 2024 een dergelijke toename van het aantal meldingen en/of vergunningen

Tijdens de uitvoering van onze reguliere werkzaamheden focussen we ons extra op deze punten. Hieronder lichten we dat kort toe: • Zeer Zorgwekkende Stoffen (focuspunt 1) In 2024 is het verminderen van ZZS een focuspunt bij milieuvergunningen. Doel is een gezonde leefomgeving door emissies van ZZS naar de leefomgeving zoveel mogelijk te vermijden en als dat niet lukt te verminderen. Hiervoor gaan we binnen het hoofdproces milieuvergunningen de volgende activiteiten uitvoeren: • We actualiseren waar mogelijk en nodig vergunningen op de emissie van ZZS of leggen maatwerkvoorschriften op. • We besteden meer aandacht aan de mogelijke aanwezigheid en emissie van ZZS. Zo vragen we eerder en vaker productinformatiebladen op en beoordelen deze op de aanwezigheid van ZZS. • We geven informatie en voorlichting aan bedrijven om hen bewust te maken van het gebruik van ZZS en hen te helpen bij het vermijden of minimaliseren daarvan. • We werken samen met de teams toezicht milieu, advisering en bodem aan het inventariseren van bedrijven die ZZS gebruiken of in het verleden hebben gebruikt en met de emissies daarvan.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

 Hoe borgen we dat? We streven er naar de kwaliteit van onze producten continue te verbeteren. Dit geldt ook voor de taken die horen bij Omgevingsvergunning milieu. Dat doen we onder andere door: • Een collegiale toets te laten uitvoeren op alle voorschriften • Een juridische toets te laten uitvoeren op de considerans door een jurist van het team Juridische ondersteuning • Een handhaafbaarheidstoets te laten uitvoeren door een milieutoezichthouder • Een gezamenlijke opleveringscontrole uit te voeren samen met een milieutoezichthouder zodat er sprake is van een warme overdracht van vergunningverlening naar toezicht.

32

 Hoeveel tijd verwachten we daar voor nodig te hebben? In onderstaande tabel is aangegeven hoeveel tijd we in 2024 per producten en per gemeente verwachten te besteden aan het uitvoeren van deze taak. Standaardproducten (werkplan)

Bur

Cul

Mdr

Nbe

Tiel

Wbe

WMW

Zltb

Totaal

Vooroverleg/omgevingstafel (milieudeel)

172

98

172

37

37

221

172

245

1152

Omgevingsvergunning (milieudeel) regulier

175

100

175

50

50

250

175

250

1225

Omgevingsvergunning (milieudeel) uitgebreid

160

80

160

0

0

160

160

240

960

Intrekken omgevingsvergunning (milieudeel)

135

0

147

61

25

110

86

74

637

Melding milieubelastende activiteit

702

351

702

702

949

1794

585

676

6461 1022

Maatw erk voorschriften

37

37

91

37

256

256

146

164

Ontheffing

119

0

0

13

0

56

31

6

225

Vergunningverlening milieu advies extern

127

137

205

146

224

283

111

101

1333

Vergunningverlening milieu advies intern Totaal

111

36

124

98

117

241

104

68

897

1736

838

1775

1143

1657

3370

1569

1824

13911

6.2 Toezicht milieu Binnen het werkgebied van ODR wordt een groot aantal milieubelastende activiteiten uitgevoerd. ODR heeft namens haar gemeenten de taak een bijdrage te leveren aan het behoud van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dit doet ODR onder andere door toezicht te houden op deze milieubelastende activiteiten.  Wat doen we? De werkzaamheden voor toezicht milieu omvatten: • • • • • • •

Milieutoezicht administratief Diepgaand administratief toezicht Themacontrole Activiteitencontrole regulier en risicovol bedrijf Hercontrole Milieutoezicht t.b.v. juridische procedures Milieutoezicht advies extern

• • • •

Milieutoezicht advies intern Externe advisering milieu Interne adviseren milieu Klachten en meldingen milieu

 Hoe doen we dat? Bij de programmering van het milieutoezicht hanteert ODR het 3E model. Dit model helpt ons om Efficiënter, Effectiever en met meer Energie het milieutoezicht op de volgende 71 onderdelen risicogericht uit te voeren: 1. Toezicht op bedrijven met een hoog milieurisico (risicovolle bedrijven) 2. Toezicht op bedrijven met een gemiddeld milieurisico (Branchetoezicht) 3. Toezicht op overige/onbekende milieubelastende activiteiten (Ruimtelijk milieutoezicht) 4. Energietoezicht 5. Toezicht groen & ecologie 6. Toezicht indirecte lozingen 7. Ketentoezicht In onderstaande paragraven wordt het milieutoezicht in 2024 uitgewerkt. Hierbij worden de indeling en uitgangspunten van het 3E model gehanteerd.  Risico indeling bedrijven Bij het milieutoezicht op bedrijven wordt onderscheid gemaakt tussen bedrijven met een hoog, gemiddeld of laag milieurisico. Milieurisico Hoog

Wijze van toezicht Programmatisch Minimaal 1 x per 3 jaar

Gemiddeld

Welke bedrijven Alle risicovolle bedrijven inclusief gemeentelijk complexe bedrijven (Type C en sommige type B) Type B (meldingsplichtig)

Laag

Type A (niet meldingsplichtig)

Piepsysteem (of eventueel vanuit energietoezicht of ruimtelijk milieutoezicht)

Branche-, thema- of activiteitgericht

[1] Voorheen waren dit 8 onderdelen maar medio 2023 is er een apart bodemteam gestart en is het bodemtoezicht daar onder gebracht. Bodemtoezicht is nu ondergebracht bij paragraaf 0 (bodemtaken)

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

33

Hoewel met de komst van de Omgevingswet het begrip inrichting en daarmee de type indeling A,B en C verdwijnen wordt deze type indeling in 2024 nog wel gehanteerd. In 2024 wordt onderzocht of vanaf 2025 een andere risico indeling nodig / wenselijk is.  Onvoorziene werkzaamheden In dit uitvoeringsprogramma is voor milieutoezicht geen ruimte gereserveerd voor onvoorziene werkzaamheden zoals gerichte milieucontroles naar aanleiding van een signaal of melding of bijvoorbeeld een nieuwe vergunning of melding. Uit ervaring weten we dat er over het algemeen voldoende mogelijkheden zijn om deze onvoorziene werkzaamheden binnen het bestaande programma op te vangen. Bijvoorbeeld door te schuiven binnen het programma of door de uitvoering hiervan te combineren met andere werkzaamheden. Op basis van het ingeschatte milieurisico wordt bij deze onvoorziene werkzaamheden wel altijd bekeken of directe actie vereist is dan wel dat de actie kan worden meegenomen in het programma van het jaar daarop.

• Alle risicovolle bedrijven rouleren minimaal één keer per 4 jaar; • Alle niet risicovolle bedrijven rouleren altijd na een Activiteitencontrole regulier. Dus een Activiteitencontrole regulier en daarna een themacontrole of klacht door dezelfde toezichthouder mag wel.  Toezicht op bedrijven met een hoog risico Een aantal bedrijven binnen het ODR gebied waarvoor de gemeente bevoegd gezag is heeft vanwege de aard en omvang van de uitgevoerde activiteiten een hoog milieurisico. Deze bedrijven hebben het label risicovol. Bij risicovolle bedrijven wordt het milieutoezicht programmatisch uitgevoerd. Momenteel houdt ODR milieutoezicht op 444 risicovolle bedrijven waarvan 147 agrarisch. De lijst met risicovolle bedrijven is een dynamische lijst die actief beheerd wordt. In 2024 wordt ca. 6000 uur besteed aan het toezicht op risicovolle bedrijven. Dit is inclusief:

 Informatie gestuurd werken / risicoanalyses Binnen het toezicht gaan we steeds meer informatie gestuurd werken. Het verzamelen, verrijken en analyseren van data over risico’s vormt dan ook een steeds belangrijker onderdeel van het toezicht. Om hier invulling aan te geven wordt een data-analist ingezet. Deze kan voor het team milieutoezicht de informatie verzamelen, verrijken en analyseren ten behoeve van het milieutoezicht. Dit past tevens in de ontwikkeling van ODR naar meer informatie gestuurd werken zoals verwoord in het concernplan. In 2024 is 660 uur beschikbaar voor het uitvoeren van risico analyses ten behoeve van toezicht waarvan ongeveer de helft voor milieutoezicht.

 Rouleren van toezichthouders Het is wenselijk, en vanuit de kwaliteitsoogpunt ook noodzakelijk, om regelmatig van toezichthouder bij een bedrijf te wisselen. Op deze manier worden mogelijke blinde vlekken voorkomen en wordt voorkomen dat er een te nauwe band ontstaat tussen toezichthouder en bedrijf. ODR hanteert hierbij het volgende beleid:

• 370 uur voor 20 diepgaand administratieve controles (EPRTR en Melden en Registreren) • 100 uur voor projectleiding programma gemeentelijk complexe handhaving • 350 uur ten behoeve van milieumetingen uitgevoerd door ODRA Maar exclusief 340 uur extra werkzaamheden ten behoeve van aandachtsbedrijven (collectieve opdracht excessen complexe bedrijven) Hieronder wordt op hoofdlijnen beschreven wat we in 2024 gaan doen bij het toezicht op risicovolle bedrijven. • Activiteitencontrole risicovol bedrijf Bij alle risicovolle bedrijven wordt (m.u.v. vuurwerkbedrijven) een activiteitencontrole risicovol bedrijf uitgevoerd. De frequentie varieert van minimaal 1 keer per 3 jaar tot maximaal 2 keer per jaar 2. Dit is afhankelijk van de hoogte van het totale milieurisico van het bedrijf.

[2] Bij aandachtsbedrijven volstaat 2 keer per jaar vaak niet. In die gevallen wordt het budget excessen complexe bedrijven hiervoor aangesproken. Wanneer de problematiek bij een bedrijf langer duurt wordt dit via een maatwerkopdracht geregeld.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

34

• Gelders programma gemeentelijk complexe handhaving Gemeentelijk complexe bedrijven zijn de meest vervuilende risicovolle bedrijven binnen onze regio. Binnen ons werkgebied zijn dit 35 bedrijven. Het toezicht op deze bedrijven wordt vanaf 2024 uitgevoerd aan de hand van het Gelders programma gemeentelijk complexe handhaving. Binnen dit programma is een intensiever controleregime afgesproken dan voorgaande jaren door ODR werd gehanteerd. Bedrijven worden aan de hand van een toezichtplan elk jaar minimaal één keer of vaker gecontroleerd en de controles zijn ook uitgebreider en diepgaander op bepaalde risicoaspecten. Daarnaast zijn er extra projecturen nodig voor dit programma en is afgesproken dat er een aantal milieumetingen worden uitgevoerd. Dit leidt voor het toezicht op risicovolle bedrijven in 2024 tot een uitzetting van ca. 800 uur ten opzichte van 2023.

 Milieutoezicht op bedrijven met gemiddeld milieurisico Naast de risicovolle bedrijven zijn er binnen het ODR werkgebied nog een groot aantal bedrijven die activiteiten uitvoeren met een gemiddeld milieurisico. Hierbij gaat het om niet risicovolle type B bedrijven. Vanwege hun milieurisico’s zijn deze bedrijven meldingsplichtig. Bij deze bedrijven wordt het toezicht zo veel mogelijk branche- en themagericht uitgevoerd vanuit de gedachte dat de bedrijven binnen een branche of thema ongeveer dezelfde milieubelastende activiteiten uitvoeren en daarmee ook hetzelfde risico voor het milieu vormen. Een brancheaanpak is niet alleen efficiënter en effectiever maar draagt ook bij aan het bereiken van een gelijk speelveld binnen de branche. In het inrichtingenbestand van ODR zijn ca. 6900 bedrijven opgenomen met een gemiddeld milieurisico.

• Vuurwerk verkooppunten Op grond van de vastgestelde criteria zijn ook de vuurwerk verkooppunten risicovol. Wanneer we kijken naar de uitkomst van de risicoscore zouden deze bedrijven bijna allemaal 1 x per 3 jaar gecontroleerd moeten worden. Vanuit maatschappelijk oogpunt is dat niet gewenst. Vandaar dat er voor gekozen is de vuurwerk verkooppunten toch jaarlijks twee keer te controleren maar met een minder uitgebreide themacontrole. In 2024 zullen we steekproefsgewijs een dag voor de verkoop onaangekondigd gaan controleren omdat we signalen hebben dat op dat moment de opslag vaal niet voldoet.

In 2024 wordt ca. 7100 uur besteed aan het milieutoezicht op bedrijven met een gemiddeld milieurisico. Hieronder wordt beschreven welke branches en thema’s in 2023 worden opgepakt. Ongeveer 75 % van dit budget wordt besteed aan het branchegericht controleren met een uniforme checklist. Veelal zal het hier reguliere activiteitencontroles betreffen. De resterende 25 % van het budget wordt besteed aan de brancheaanpak met brancheplan of aan een thematische aanpak.

• Diepgaand administratieve controles Bij een aantal bedrijven is het nodig, aanvullend diepgaand administratief onderzoek uit te voeren. Dit betreft de afvalbedrijven en de bedrijven die jaarlijks een integraal Pollutant Release and Transfer Register (PRTR)-verslag moeten opmaken. Bij de afvalbedrijven wordt 1 x 3 jaar een controle Melden & Registreren uitgevoerd waarbij de afvalboekhouding diepgaand wordt gecontroleerd (ca. 8 per jaar). Doel daarvan is om na te gaan of op een juiste wijze met afvalstoffen wordt omgegaan. Daarnaast wordt jaarlijks bij 12 bedrijven het PRTR-verslag beoordeeld op tijdige indiening, volledigheid, consistentie en geloofwaardigheid.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

Voor 2024 wordt er een brancheaanpak ontwikkeld en uitgevoerd voor: • • •

Bouwmarkten Glastuinbouw Automotive

Voor alle andere branches of sub branches wordt een uniforme checklist gemaakt gebaseerd op de regels uit het BAL en de bruidsschat. Daarbij wordt rekening gehouden met de milieurisico’s en de prioritering van het VTH-beleid waarbij de thema’s met de hoogste score met de meeste diepgang wordt gecontroleerd.

35

 Ruimtelijk milieutoezicht (onbekende activiteiten) Het ruimtelijk milieutoezicht richt zich op het in beeld krijgen van deze onbekende milieubelastende activiteiten. Daarbij vindt ook altijd een toets plaats op mogelijke strijdigheid met het bestemmingsplan. Als er een strijdigheid met het bestemmingsplan of er is onduidelijkheid, dan wordt deze doorgezet naar toezicht bouw. In 2024 wordt ca. 1340 uur besteed aan ruimtelijk milieutoezicht. • Versnelde werkwijze Binnen ruimtelijk milieutoezicht gaan we een nieuwe werkwijze ontwikkelen en uitproberen waarmee een zaak direct ter plaatse door de toezichthouder afgehandeld kan. Doel daarvan is om het bedrijf direct te kunnen informeren en om de administratieve last voor de toezichthouder te reduceren. Wanneer deze nieuwe werkwijze slaagt kan deze mogelijk ook bij andere onderdelen ingezet worden. • Bedrijven met ontbrekende laatste controledatum In 2023 is gericht onderzoek uitgevoerd naar bedrijven met een gemiddeld milieurisico met ontbrekende laatste controledatum. Deze bedrijven staan als Type B geregistreerd in het inrichtingenbestand maar er lijkt geen laatste controledatum bekend. In 2023 is een aantal van deze bedrijven opgepakt via ruimtelijke milieutoezicht. In 2024 gaan we daar mee door.

• Bedrijventerreinen Ook in 2024 worden bedrijventerreinen gescand waarbij in eerste instantie prioriteit wordt gelegd bij bedrijventerreinen die op basis van een uitgevoerde quick-scan de meeste ‘blinde vlekken’ vertonen met de potentieel grootste milieubelasting. Blinde vlekken zijn locaties waar volgens andere informatiebronnen zoals het KvK-bestand mogelijk milieubelastende activiteiten worden uitgevoerd die niet voorkomen in ons inrichtingenbestand. In overleg met de betreffende gemeente kan mogelijk een andere prioritering worden aangehouden. Wanneer bijvoorbeeld blijkt dat een bedrijventerrein op de planning staat om gerevitaliseerd te worden kan met ruimtelijke milieutoezicht een bijdrage worden geleverd aan het maken van een nulmeting.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

• Actiedag(en) campings In 2024 worden in overleg en samenwerking met andere handhavingspartners actiedagen gehouden op campings. Daarbij wordt gekeken naar milieubelastende activiteiten maar daar wordt ook gekeken o andere thema’s zoals huisvesting van buitenlandse werknemers (focuspunt 6). Bij deze actiedagen worden naast alle toezichthouders van ODR zo mogelijk ook handhavingspartners betrokken zoals gemeente, waterschap, provincie en politie. Deze actiedagen dragen ook bij aan de kennisuitwisseling tussen toezichthouders.  Energietoezicht Om verdere klimaatverandering tegen te gaan is het belangrijk dat ook de bedrijven binnen het werkgebied van ODR maatregelen nemen om energie te besparen. Bedrijven die per jaar meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m3 aardgas verbruiken zijn verplicht alle energiebesparende maatregelen te nemen met een terugverdientijd van 5 jaar of minder. Daarnaast geldt vanaf 1 juli 2019 voor deze bedrijven een informatieplicht. In het VTH-beleid heeft het thema energie een gemiddelde prioriteit gekregen. In 2024 wordt in totaal ca. 2600 uur besteed aan energietoezicht. Hiervan wordt ca. 900 uur rechtsreeks gefinancierd vanuit de gemeentelijke opdracht.

De overige uren worden gefinancierd uit een tweetal subsidies, te weten: • 260 voor handhaving Label C kantoorpanden • 1500 uur SPUK-subsidie eveneens van de rijksoverheid Voor de SPUK-subsidie was het een vereiste dat de controles worden uitgevoerd door een medewerker in dienst van ODR. In 2023 zijn hiervoor een aantal nieuwe medewerkers aangenomen. Deze medewerkers hebben in 2024 nog verdere opleiding nodig. Voor het opleiden en inwerken van deze nieuwe medewerkers wordt binnen de SPUK subsidie 220 uur gereserveerd. Dit betekent dat voor het feitelijke energietoezicht in 2024 ongeveer 2380 uur beschikbaar is.

36

• Label C kantoorpanden Vanaf 1 januari 2023 moet ieder kantoorgebouw groter dan 100 m2 minimaal energielabel C hebben. Voldoet een gebouw daar niet aan dan mag het vanaf die datum niet meer als kantoor gebruikt worden. Het toezicht hierop is in 2023 projectmatig opgepakt. Er zijn hiervoor ongeveer 700 brieven verstuurd. We hebben ongeveer 150 reacties op deze brieven ontvangen en verwerkt. Er is verder een begin gemaakt met het nabellen van de adressen waar we geen reactie van hebben ontvangen. In 2024 gaan we hiermee verder en gaan we ook handhavend optreden wanneer een kantoorgebouw nog geen energielabel C heeft. Hiervoor is 260 uur nodig. • Werkgebonden personenmobiliteit Vanaf 2025 moet ODR controleren of bedrijven voldoen aan de rapportageplicht werkgebonden personenmobiliteit. Ter voorbereiding hierop moeten in 2024 een aantal activiteiten worden uitgevoerd zoals het in kaart brengen van rapportage plichtige bedrijven. Hiervoor is in 2024 100 uur nodig. • Stookinstallaties Vanwege de energiezuinigheid en minder luchtverontreiniging is het belangrijk dat stookinstallaties regelmatig worden onderhouden. De wat grotere stookinstallaties (groter dan 100 kWh) moeten ook regelmatig gekeurd worden. Deze keuringen moeten worden geregistreerd. In 2024 gaan we 200 administratieve controles zullen uitvoeren op stookinstallaties.

 Toezicht groen & ecologie Om Flora & Fauna te behouden voor de toekomst en ongewenste vernieling/verstoring van de natuur tegen te gaan wordt er door ODR toezicht gehouden op groen & ecologie. Het toezicht op groen & ecologie wordt niet programmatisch uitgevoerd maar vindt plaats naar aanleiding van meldingen of vergunningen voor bijvoorbeeld het kappen van bomen, slopen van gebouwen of inrichten van het landschap. Daarnaast wordt er advies gegeven of assistentie verleend bij andere groen & ecologie gerelateerde vraagstukken zowel intern als extern. In 2024 wordt in totaal 1050 uur besteed aan het toezicht op groen & ecologie. Naast het reguliere toezicht groen & ecologie wordt er jaarlijks ook een bijdrage gevraagd bij het afhandelen van klachten en her controles. Deze uren zijn alleen niet hier opgenomen maar bij de onderdelen klachten en her controles. Aanvullend hierop zijn er in 2024 ook een aantal maatwerkopdrachten groen & ecologie en ook inzet van de groene Boa’s is maatwerk. • Toezicht groen & ecologie in 2024 Het toezicht op groen & ecologie zal ook in 2024 weer een heel scala aan verschillende toezichtactiviteiten met zich mee brengen die vooraf meestal niet te plannen zijn zoals:

• Toezicht op de vergunningvoorschriften t.a.v. natuur (broedgeval, herplantplicht e.d.) • Toezicht op het eisenpakket voor landschappelijke inrichting (van campings). • Toezicht op ecologische werkprotocol t.a.v. kwetsbare periode en beschermde soorten. • Intern advies over weidevogelbeschermingsgebied (monitoring van weidevogels) • Locatieonderzoek natuur (cameraval, vleermuisonderzoek). • Beoordelen nood kap van zieke/gevaarlijke bomen. • Toezicht op/advies bij spuitvrije zones en bestemmingsplannen (laan)bomenteelt. • Toezicht op stookvergunningen/ontheffingen (fysieke controles) • Pilot soortenbescherming namens de Provincie • Aandachtspunten toezicht groen & ecologie 2024 De laatste jaren zien we een sterke toename van de komst van invasieve plantensoorten als de duizendknoop. Ook in 2024 zullen we hier binnen het toezicht groen & ecologie extra aandacht aan geven. Doel daarvan is tijdige opsporing en aanpak door groenbeheerders.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

37

 Toezicht indirecte lozingen Voor het doelmatig waterbeheer is het belangrijk dat indirecte lozingen voldoen aan de eisen gesteld in de milieuwetgeving. Daarom houdt ODR in opdracht van gemeenten toezicht op indirecte lozingen. Met de inwerkingtreding van de Waterwet eind 2009 zijn de gemeenten volledig bevoegd geworden voor toezicht en handhaving op het lozen van bedrijfsafvalwater op de gemeentelijke riolering. De waterschappen zijn wel bevoegd om toezicht te houden, maar hebben geen handhavende bevoegdheid. Zij hebben natuurlijk wel een direct belang bij het goed blijven functioneren van de rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi’s). Ook gemeenten hebben een duidelijk belang bij het juist en doelmatig gebruik van het riool. Problemen met het riool kosten de gemeente veel ergernis en geld. In 2023 is het toezicht op indirecte lozingen geïntensiveerd en verbeterd. In 2024 gaan we daar mee door en reserveren we 700 uur voor het toezicht op indirecte lozingen. • Werkwijze toezicht indirecte lozingen Het toezicht op indirecte lozingen is onderdeel van het reguliere milieutoezicht. Zowel bij het toezicht op risicovolle bedrijven, bij het branchetoezicht als bij het ruimtelijk milieutoezicht wordt beoordeeld of, en zo ja met welke diepgang, het thema indirecte lozingen moet worden meegenomen.

Een aantal risicovolle bedrijven scoren vanwege hun activiteiten hoog op het thema indirecte lozingen of veroorzaken problemen die het doelmatig afvalwaterbeheer belemmeren. Bij deze bedrijven wordt aanvullend op het reguliere toezicht een specifieke controle op indirecte lozingen uitgevoerd. Daarbij worden de aanwezige afvalwatervoorzieningen diepgaand gecontroleerd. Eventueel wordt in samenwerking met het waterschap afvalwater bemonsterd om de kwaliteit daarvan te bepalen. • Samenwerking en afstemming Voor een goede uitvoering van het toezicht op indirecte lozingen is afstemming en samenwerking met het waterschap van groot belang. Daarom wordt het toezicht op indirecte lozingen zoveel mogelijk samen met het waterschap opgepakt.

Verder gaan we op dit thema de samenwerking met ODRN en ODRA verder versterken. We bieden aan om controles op indirecte lozers uit te voeren en kunnen op aanvraag ook ondersteuning bieden bij calamiteiten en incidenten. De uren die we daarvoor inzetten maken uiteraard geen onderdeel uit van dit programma maar komen voor rekening va de desbetreffende dienst.  Ketentoezicht milieu Met ketentoezicht willen we risico ‘s op grote milieuschade, milieucriminaliteit en ondermijning in de (afval)stoffenketens voorkomen, terugdringen en aanpakken door deze integraal in beeld te brengen. ODR, specifieker gezegd Team Ketentoezicht Gelderse Omgevingsdiensten, organisatorisch belegd bij ODR, voert namens en met alle zeven Gelderse omgevingsdiensten (GO) het ketentoezicht in Gelderland uit, als zogenoemde stelseltaak. De aanpak van de risicoketens gebeurt planmatig en gefaseerd. Dit doen we middels risico- en informatie gestuurde (keten) analyses en Diepgaand Administratief Toezicht (DAT). De analyses geven een gestructureerd en integraal beeld van de problematiek en geven richting aan vervolginterventies. Als de analyses of DAT’s daar aanleiding toe geven, worden interventies gestart bij risicoactoren.

Bij de ketenaanpak houden we rekening met het Omgevingsrisicobeeld Oost Nederland, met de prioritaire thema’s zoals die zijn benoemd in de Strategische Milieukamer (SMK) en het Dreigingsbeeld Milieucriminaliteit 2021, en met de specifieke regionale situatie. Hierbij wordt – via het delen van informatie en het gezamenlijk maken van risicoanalyses – samengewerkt met de zeven Gelderse Omgevingsdiensten, de twee Overijsselse Omgevingsdiensten en met de externe handhavingspartners. Afgesproken is dat elke omgevingsdienst, naast het aandeel voor de stelselwerkzaamheden van Team Ketentoezicht, 1.2 FTE (ca. 1620 uur) levert voor de ondersteuning bij, en de opvolging van acties die voortkomen uit, ketenanalyses. Van deze 1620 uur wordt 852 uur ingevuld door het team Ketentoezicht 3. De andere 768 uur wordt geleverd door het team milieutoezicht. Daarbij wordt meegedacht over en meegewerkt aan de ketenanalyses die door het team ketentoezicht worden uitgevoerd en wordt ketentoezicht uitgevoerd bij bedrijven die uit deze ketenonderzoeken naar voren komen als risicoactor.

[3] Op basis van specifieke afspraken met ODR, deze uren worden direct in rekening gebracht bij ODR gemeenten en maken geen onderdeel uit van de stelseltaak Ketentoezicht.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

38

 Hercontroles, handhaving en advies Wanneer uit de informatie verzameld tijdens het toezicht blijkt dat er sprake is van een overtreding wordt met behulp van de landelijke handhavingsstrategie omgevingsrecht (LHSO) beoordeeld welke sanctie passend is. In de meeste gevallen is dat een bestuurlijke waarschuwing waarbij de overtreder een termijn wordt gegund om te overtreding ongedaan te maken. Na afloop van deze termijn wordt een hercontrole uitgevoerd. Wanneer sprake is van een ernstige overtreding met mogelijk acute milieuschade kan er ook voor gekozen worden direct handhavend op te treden door een last onder dwangsom op te leggen en/of door strafrechtelijk optreden te bevorderen. Vanaf het moment dat er een voornemen last onder dwangsom moet worden gemaakt wordt de zaak overgenomen door het team juridische zaken en is er sprake van een juridische procedure. De uren voor deze juridische procedure maken geen onderdeel uit van dit programma. De hier opgenomen uren zijn nodig om bijvoorbeeld een dwangsomcontrole uit te voeren ten behoeve van een juridische procedure. In een enkel geval is een intern of extern advies nodig om tot een oordeel te komen of sprake is van een overtreding. Het aantal hercontroles is een inschatting gebaseerd op het aantal gerealiseerde en nog verwachte hercontroles in 2022.

 Afhandelen klachten en meldingen milieu Wanneer er een milieuklacht of melding ongewoon voorval binnenkomt bij ODR dan wordt deze doorgezet naar één van de toezichthouders van het team milieutoezicht. Dit betreft overlastmeldingen over bijvoorbeeld geur of geluid maar het kunnen ook meldingen zijn van ongewone voorvallen bij bedrijven zoals een lekkages met bodembedreigende stoffen. Soms ontvangen we meerdere klachten of meldingen over één bedrijf. Deze worden afzonderlijk geregistreerd. Er is op basis van de jaarprognose 2022 een inschatting gemaakt van de benodigde uren voor het afhandelen van klachten en meldingen in 2023.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

 Focuspunten Voor toezicht milieu zijn voor 2024 een drietal focuspunten van belang:

• Zeer Zorgwekkende Stoffen verminderen (focuspunt 1) • Beter zicht op milieubelastende activiteiten (focuspunt 2) • Verminderen van CO2 uitstoot door bedrijven (focuspunt 3) Tijdens de uitvoering van onze reguliere werkzaamheden focussen we ons extra op deze punten. Middels ruimtelijk milieutoezicht geven we invulling aan Focuspunt 2. Met energietoezicht werken we gericht aan het verminderen van CO2 uitstoot door bedrijven. Maar ook in het reguliere milieutoezicht is er aandacht voor energiebesparing bij, en verduurzaming van, bedrijven (focuspunt 3). Hieronder lichten we toe hoe we binnen toezicht milieu invulling geven aan focuspunt 1. • Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) (focuspunt 1) Binnen de groep risicovolle bedrijven zijn bedrijven aanwezig die (potentieel) zeer zorgwekkende stoffen gebruiken en mogelijk ook emitteren. Tijdens het toezicht wordt hier nadrukkelijk op gelet. Dit is een vast onderdeel van de uitgebreide activiteitencontrole. Ook in 2024 zullen we dit doen en daar waar nodig wordt in overleg met het team vergunningverlening onderzocht of actualisatie van de vergunning of maatwerk nodig is. In 2022 is een analyse uitgevoerd op het inrichtingenbestand om bedrijven die mogelijk ZZS gebruiken en emitteren in beeld te brengen. Ook is daarbij in beeld gebracht voor welke stofgroepen deze bedrijven ‘verdacht’ zijn.

Daarmee levert deze analyse een eerste globale beeld van mogelijke risicolocaties en de prioriteit die daaraan gegeven kan worden. De uitkomsten van deze analyse vormen de basis voor een thema aanpak ZZS. Doel daarbij is om van zoveel mogelijk verdachte locaties in beeld te brengen of daadwerkelijk ZZS worden geëmitteerd en om bedrijven bewust te maken van het bestaan van ZZS en de gevaren daarvan. Daarbij werken we samen met andere teams binnen ODR zoals vergunningverlening en bodemspecialisten en met andere organisaties zoals het RIVM en andere (Gelderse) omgevingsdiensten. In 2023 zijn we hiermee gestart.

39

In 2024 voeren we de volgende activiteiten uit: • We werken samen met het team omgevingsvergunning milieu, advisering en bodem aan het inventariseren van bedrijven die ZZS gebruiken of in het verleden hebben gebruikt en met de emissies daarvan. • We houden toezicht op het tijdig indienen van vermijdings- en reductieprogramma’s voor bepaalde milieubelastende activiteiten en zien er op toe dat bedrijven tijdig de juiste vermijdende of reducerende maatregelen treffen. • Om een beter beeld te krijgen van ZZS in de afvalketen zetten we ketentoezicht in. • We gaan vaker metingen uitvoeren om de emissiegrenswaarden van ZZS te controleren. • Bij (gedeeltelijke) bedrijfsbeëindiging bij bedrijven die ZZS hebben gebruikt verlangen we altijd een eindsituatieonderzoek van de bodem. • We geven informatie en voorlichting aan bedrijven om hen bewust te maken van het gebruik van ZZS en hen te helpen bij het vermijden of minimaliseren daarvan.  Hoe borgen we dit? Bij het houden van toezicht milieu maken we veelal gebruik van digitale checklisten per branche of thema. Bij grotere bedrijven werken we aan de hand van een toezichtsplan. Op alle producten die we leveren wordt het vier ogen principe gehanteerd middels een collegiale toets. Dit stelt ons in staat om de kwaliteit en uniformering van toezicht te waarborgen.

 Hoeveel tijd verwachten we daar voor nodig te hebben? In onderstaande tabel is aangegeven hoeveel tijd we in 2024 per onderdeel en per gemeente verwachten te besteden aan het uitvoeren van deze taak. Onderdeel toezicht milieu

Cul

Mdr

Nbe

Tiel

Wbe

WMW

Zltb

Totaal

700

259

833

1054

890

1176

1007

736

6654

Gemiddeld risicobedrijven

940

426

944

706

708

1731

555

1068

7076

Ruimtelijk milieutoezicht

261

315

147

147

147

408

147

147

1719

Energietoezicht

126

137

84

67

116

172

46

158

903

Toezicht Groen & Ecologie

176

263

57

175

14

169

93

104

1050

Toezicht indirecte lozingen

80

47

73

73

80

145

66

143

704

Hercontroles

380

188

324

288

468

648

320

384

3000

Milieutoezicht Jur.Proc.

83

33

74

17

41

50

41

149

487

Milieutoezicht advies (intern + extern)

107

16

124

10

26

62

26

42

413

Klachten en meldingen milieu

205

173

546

84

231

315

142

368

2063

3057

1856

3205

2619

2720

4875

2441

3297

24069

Totaal

Per onderdeel van het milieutoezicht worden verschillende producten geleverd. In onderstaande tabel is aangegeven hoeveel tijd we in 2024 per product en per gemeente verwachten te besteden aan het uitvoeren van deze taak. Standaardproducten (werkplan)

Bur

Cul

Mdr

Nbe

Tiel

Wbe

WMW

Zltb

Totaal

Milieutoezicht administratief

95

43

95

72

72

173

56

108

Diepgaand administratief toezicht

37

37

37

37

37

37

37

37

296

Themacontrole

287

322

168

259

98

357

161

224

1876

Activiteitencontrole regulier

1208

819

1050

840

903

2090

683

1292

8883

Activiteitencontrole risicovol bedrijf

656

225

788

1013

844

1144

975

694

6338

Hercontrole

380

188

324

288

468

648

320

384

3000

Milieutoezicht juridische procedures

83

33

74

17

41

50

41

149

487

Milieutoezicht advies extern

72

10

81

7

16

42

16

29

273

Milieutoezicht advies intern

36

7

42

3

10

20

10

13

140

Klachten en meldingen milieu

205

173

546

84

231

315

142

368

2063

3057

1856

3205

2619

2720

4875

2441

3297

24069

Totaal

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

Bur

Hoog risicobedrijven

713

40

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) regionaal uitvoeringsprogramma 2024

41

Keten overstijgende en ondersteunende taken

7

Vanuit de teams Juridische advisering, Advies en Bodem wordt een vakinhoudelijke bijdrage geleverd aan de uitvoering van taken binnen zowel de keten bouwen als milieu. Daarnaast worden binnen deze teams niet VTH-taken uitgevoerd zoals RO-advisering op het gebied van geluid, lucht en/of bodem. In dit hoofdstuk beschrijven we per team welke werkzaamheden in 2024 naar verwachting worden uitgevoerd. De werkzaamheden voortkomend uit de focuspunten zijn hierin ook opgenomen.

7.1 Team juridische advisering Handhaving is het onmisbare sluitstuk van het werkproces VTH. Bij de handhavingstaken moet worden gedacht aan het voorbereiden en opleggen van bestuursrechtelijke sancties, maar ook aan overleg met overtreders om hen te bewegen zelf maatregelen te treffen zodat het niet tot handhaving hoeft te komen.  Wat doen we? De medewerkers van het team juridische zaken houden zich bezig met juridische handhaving, bezwaar en beroepszaken, Woo-verzoeken en juridische advisering. De werkzaamheden voor juridische advisering omvatten: • • • • • •

Behandelen handhavingsverzoek, handhavingsvoornemen Opleggen Last onder dwangsom, Last onder bestuursdwang Bestuursdwang uitvoeren, Invordering Beëindigen handhaving Opleggen Voorlopige voorziening Behandelen bezwaar, beroep en hoger beroep

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

• • • • •

(Pre)mediation/overleg Ingebrekestelling Behandelen Woo-verzoek Juridisch advies extern Juridisch advies intern

Wij zien al een aantal jaar een enorme stijging van het aantal handhavingsverzoeken, bezwaar en beroepszaken en Woo verzoeken. In combinatie met de krapte op de arbeidsmarkt is het continue een uitdaging om al het werk uitgevoerd te krijgen. Het team juridische zaken werkt voornamelijk vraag-gestuurd.  Hoe doe we dat? Informeel herstel staat bij ons voorop. De LHSO biedt daartoe de ruimte omdat het uitgaat van het principe zo licht mogelijk te starten met interveniëren en pas zwaardere interventies inzetten als naleving uitblijft. Daarom gaan we na constatering van een overtreding zoveel mogelijk eerst het gesprek aan met betrokkene. In dit gesprek informeren wij betrokkene over de regels, de bedoeling achter deze regels en de overtreding die is geconstateerd. Als er ruimte toe is, wordt (zoveel mogelijk al in de toezichtfase) samen bekeken of de situatie kan worden opgelost door bijvoorbeeld legalisatie of informeel herstel. In dat geval wordt een afspraak gemaakt over de termijn waarbinnen de oplossing wordt gerealiseerd.

42

Er is minder ruimte voor informeel overleg als er een handhavingsverzoek is ingediend door een belanghebbende derde. Er geldt dan in beginsel een korte wettelijke termijn van acht weken voor ons handhavend optreden. Dit ter bescherming van de derde die kennelijk nadelige gevolgen ervaart van de overtreding. Als de overtreder binnen deze termijn van acht weken proactief meewerkt aan tijdig herstel van de situatie, kan het opleggen van een sanctie alsnog achterwege blijven. Anders zijn we genoodzaakt tot het opleggen van een formele sanctie.

 Focuspunten Alle 6 focuspunten zullen, in meer of mindere mate, uiteindelijk ook van invloed zijn op onze werkzaamheden. De focuspunten minder asbestverontreiniging (5) en huisvesting internationale werknemers (6) hebben een hoge prioritering binnen het team juridische zaken. Dit zijn zaken die door de toezichthouders worden doorgezet naar de handhavingsjuristen of deze worden op projectmatige basis opgepakt. Ook kan het zijn dat deze zaken door middel van een handhavingsverzoek bij de juristen terecht komen.

Bij overtredingen met acuut gevaar of andere spoedeisende belangen, wordt ook direct handhavend opgetreden. Dat is bijvoorbeeld vaak het geval wanneer de overtreding boven in de interventiematrix wordt gepositioneerd of dat er naast het bestuursrecht ook strafrecht wordt toegepast. Er is dan geen ruimte om een informele oplossing te zoeken.

In najaar 2023 zijn wij gestart met de handhaving van permanente bewoning een 50-tal recreatievilla’s. Het projectbureau Ariadne van de Provincie Gelderland ondersteunt ons daarbij. In 2024 zal dit project doorlopen.

In 2023 zijn we bij de behandeling van bezwaarzaken meer gaan inzetten op informeel overleg met bezwaarmaker en belanghebbenden om zo de formele juridische procedure te voorkomen. Wij zien dat hierdoor een toename is ontstaan van het aantal ingetrokken bezwaarschriften. In 2024 gaan we hier verder op inzetten. De toename van Woo-verzoeken en dan vooral omvangrijke Woo-verzoeken is een zorgelijke ontwikkeling. Er zal moeten worden ingezet op meer administratieve ondersteuning bij het verzamelen van alle gegevens en het anonimiseren van die gegevens.  Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging in de bouw (Wkb) Het is op dit moment nog onduidelijk of de invoering van de Omgevingswet en de Wkb voor meer of minder juridische procedures gaat zorgen. De verwachting is wel dat de gemiddelde tijdsbesteding per zaak in de eerste maanden van 2024 zal toenemen. De juristen zullen moeten wennen aan nieuwe wet- en regelgeving en de toepassing daarvan.

Voor de dijkverzwaringsprojecten in ons Rivierengebied zullen wij ook in 2024 de nodige juridische procedures moeten voeren. Hiervoor wordt een projectteam ODRbreed opgericht.  Hoeveel tijd verwachten we daar voor nodig te hebben? In onderstaande tabel is aangegeven hoeveel tijd we in 2024 per product en per gemeente verwachten te besteden aan het uitvoeren van deze taak. Standaardproducten (werkplan)

Cul

Mdr

Nbe

Tiel

Wbe

WMW

Zltb

Totaal

551

114

589

209

38

380

190

209

2280

Handhavingsvoornemen

600

191

954

409

218

845

545

763

4524

Last onder dwangsom

574

405

574

473

0

608

574

675

3881

Last onder bestuursdwang

88

0

66

44

0

66

44

44

352

Bestuursdwang uitvoeren

0

0

0

0

0

55

0

0

55

Invordering

81

41

0

61

0

81

41

61

365

Beëindigen handhaving

125

100

130

85

65

180

65

185

935

Voorlopige voorziening

60

30

75

30

0

135

60

30

420

Bezwaar

1345

734

1060

1141

41

1752

693

1223

7987

Beroep

1060

318

0

371

0

1484

636

689

4558

Hoger beroep

0

95

0

143

0

190

143

95

665

(Pre)mediation/overleg

42

0

0

0

0

42

0

0

84

Ingebrekstelling

0

0

0

5

0

0

0

0

5

Woo-verzoek

160

53

107

53

18

355

178

142

1065

Juridisch advies extern

47

16

16

11

0

47

0

21

158

Juridisch advies intern

42

47

42

47

5

142

79

37

441

4774

2143

3611

3081

385

6361

3246

4173

27774

Totaal

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

Bur

Handhavingsverzoek

43

7.2 Team bodem Een schone bodem en schoon grondwater zijn nodig voor onze welvaart en ons welzijn. ODR draagt daar aan bij door in opdracht van onze deelnemers een aantal bodemtaken uit te voeren.  Wat doen we? We leveren een bijdrage aan bestemmingsplanprocedures, RO projecten, VTH-taken en juridische procedures. In 2024 zal de reguliere bodemadvisering zich toespitsen op de volgende werkzaamheden: • Verstrekken bodeminformatie • Meldingen op grond van het Bal (Besluit activiteiten leefomgeving) • Interne advisering VTH taken. Dit betreft de advisering aan collega’s van vergunningverlening, toezicht en handhaving over aanvragen omgevingsvergunning, toezicht en juridische procedures waar het aspect bodem een rol speelt. Het gaat hierbij om zowel de keten bouw als de keten milieu. • Externe advisering enkelvoudig (advisering aan gemeenten (RO, civiel, beheer), adviesbureaus en andere externen waar de adviesvraag uitsluitend het aspect bodem betreft) • Externe advisering meervoudig. Hier gaat het om integrale advisering bestemmingsplanadvisering waar team Advies een bijdrage vraagt van team Bodem. • Maat- en meerwerkopdrachten op het gebied van bodem, of waar het aspecten bodem onderdeel van uitmaakt. • Advisering op het gebied van explosieven maakt ook onderdeel uit van onze producten op het gebied van bodemadvisering.

In 2024 zal het bodemtoezicht ook weer een heel scala aan verschillende toezichtactiviteiten met zich mee brengen die vooraf meestal niet te plannen zijn zoals: • • • • • • • • • • • • •

Toezicht op (tijdelijke) opslag van grond en bouwstoffen Toezicht op het (uitneembaar) toepassen van grond en bouwstoffen Toezicht op grootschalige werken zoals de aanleg van een weg Toezicht op de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen Toezicht bij tanksaneringen Toezicht op bodemlozingen Toezicht op voorzieningen en maatregelen (Isoleren, Beheersen en Controleren) Bodemtoezicht naar aanleiding van klachten of signalen van mogelijke bodemverontreiniging (onderdeel van 3.10 Afhandelen klachten en meldingen) Toezicht op het saneren van verontreinigingen; nieuwe en (onder de Omgevingswet) ook bestaande gevallen Vrije veld toezicht Toezicht bij loonwerkers , gezamenlijke controles met milieutoezicht daar waar noodzakelijk Toezicht bij wegenonderhoud Mobiele puinbrekers

Naast het reguliere werk liggen er ook een aantal langjarige maat- en meerwerkopdrachten voor het team Bodem. Ook wordt jaarlijks een bijdrage gevraagd van bodemtoezicht bij ketenprojecten (project VROND). Zowel bij het ketenonderzoek als bij het uitvoeren van ketentoezicht. Deze uren zijn opgenomen in hoofdstuk 8, producten op uurbasis en lumpsum.  Hoe doen we dat? De adviseurs zorgen er voor dat er in plannen voor de fysieke leefomgeving op een verantwoorde manier rekening wordt gehouden met het aspect bodem. De toezichthouders zien vervolgens toe op de naleving van de bodem wet- en regelgeving. Uitgangspunt hierbij is het voorkomen van nieuwe verontreiniging en aantastingen.

Omgevingsdienst Rivierenland (ODR) Regionaal uitvoeringsprogramma 2024

44

De beoordeling van bodemmeldingen en het toezicht daarop wordt risicogericht uitgevoerd. We hanteren hierbij een risicomodel waarbij op grond van een aantal indicatoren wordt bepaald met welke diepgang wordt getoetst en toezicht wordt gehouden.

Daarnaast zijn er ook ontwikkelingen van invloed op de getallen die we nu nauwelijks kunnen voorspellen: voorbeelden zijn saneringen van asbest bij vervanging van asbest daken, nieuwe zeer zorgwekkende stoffen (zoals PFAS), aantal drugsdumpingen, toename van aantal bodemenergiesystemen. We blijven dit monitoren en komen op termijn wellicht met voorstellen tot aanpassing van kengetallen.

 Nieuwe taken Omgevingswet Met de Omgevingswet worden een aantal bodemtaken overgedragen van de provincie naar de gemeente. Deze zullen door ODR uitgevoerd worden. Doel is om deze taken zo snel mogelijk goed te borgen binnen ons takenpakket. De overdracht van bevoegdheden en taken van provincie naar gemeenten heeft impact op verschillende vlakken: • Overdracht van dossiers en bodeminformatie over locaties van de provincie naar de gemeenten: Inmiddels is ODR overgestapt op het bodeminformatiesysteem Squit Ibis. De data van ODR en de Provincie zijn overgezet in één bodeminformatiesysteem. In het kader van het project “bodemdata op orde” wordt de kwaliteit van de bodemdata in het bodeminformatiesysteem verbeterd. • Per gemeenten is in kaart gebracht welke verontreinigingsgevallen straks onder gemeentelijk bevoegd gezag vallen. Locaties met gebruiksbeperkingen na het saneren (omdat is gesaneerd door een isolatielaag aan te brengen) brengen we in beeld. Met name betreft dit voormalige stortplaatsen. Twijfelgevallen (bv gevallen met mogelijk humane risico’s, die volgens overgangsrecht onder het bevoegd gezag van de provincie moeten blijven) bespreken we met de Provincie. • Tot slot zijn de nieuwe uitvoeringstaken op het gebied van bodem die in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) staan, geanalyseerd.

Zo hebben we een inzicht gekregen in de omvang van de taken die nieuw zijn onder de Omgevingswet. Hierbij zijn we voor de aantallen uitgegaan van de ervaringscijfers bij de provincie en omgevingsdiensten. De kentallen zijn gebaseerd op ons huidige productenboek en het uitvoeringsniveau, dat wij verantwoord achten op grond van de huidige praktijk. Dit is een indicatieve inschatting omdat de nieuwe taken niet één op één te vergelijken zijn met de taken die de provincie nu uitvoert. Ze zijn namelijk gebaseerd op een geheel nieuw stelsel en instrumentarium.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13781954/1