CConstaterende datWest Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

RV2021-132 Bijlage 2 Buitengebied 2018 Regels.pdf

Gemeenteraad 21 december 2021, gemeente West BetuweBij agendapunt: 12: Voorstel tot vaststelling zienswijzennota en gewijzigde vaststelling Ontwerp Bestemmingsplan “Buitengebied Geldermalsen 2018”31.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

windturbines, met dien verstande dat maximaal 1 kraanopstelplaats per windturbine is toegestaan met een maximale oppervlakte van 1.500 m2 , uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - verkeer';

met de daarbij behorende: k. toegangswegen, -paden, onverharde paden en overig verblijfsgebied; l. parkeervoorzieningen; m. water en waterhuishoudkundige voorzieningen. 13.2

Bouwregels

13.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a.

b.

c.

het bouwen van gebouwen is niet toegestaan, met uitzondering van bestaande kooikerhuisjes en het bijgebouw behorende bij een woning ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur bijgebouw bij woning', met dien verstande dat de oppervlakte en de bouwhoogte niet meer mogen bedragen dan de bestaande oppervlakte en bouwhoogte; in afwijking van het bepaalde onder a gelden ter plaatse van de aanduidingen 'specifieke vorm van natuur - fort' en 'specifieke vorm van natuur - landschapsbeheer' de volgende regels: 1. de oppervlakte aan gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte; in afwijking van het bepaalde onder a gelden voor het bouwen van de toegestane bedrijfswoning en de daarbij behorende bijgebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur landschapsbeheer' de volgende regels: 1. de bouwhoogte van de bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 10 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 2. de inhoud van de bedrijfswoning bedraagt niet meer dan 750 m3 , dan wel niet meer dan de bestaande inhoud indien deze meer bedraagt; 3. voor het bouwen van bijgebouwen bij de bedrijfswoning geldt dat:

53

bestemmingsplan Buitengebied 2018

d.

de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 6 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3 m dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 75 m2 . in afwijking van het bepaalde onder a gelden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - kampeermiddel' de volgende regels: 1. de oppervlakte van de caravan (inclusief voortent) mag niet meer bedragen dan 42 m2 ; 2. er is ten hoogste één bijgebouw toegestaan, met dien verstande dat de oppervlakte en de bouwhoogte niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 6 m2 en 3 m.

13.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b.

de bouwhoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 6 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 3 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt.

13.2.3 Bebouwing ten behoeve van recreatielandjes ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandjes' In afwijking van het bepaalde in de subleden 13.2.1 en 13.2.2 gelden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandjes' de volgende regels: a.

b. c. 13.3

het bouwen van gebouwen is niet toegestaan, tenzij de bebouwing in Bijlage 1 Overzicht recreatielandjes is opgenomen, met dien verstande dat per perceel is uitsluitend de bebouwing is toegestaan die voor wat betreft locatie, aantal, bouwhoogte en oppervlakte is opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 1 Overzicht recreatielandjes; 1. ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - gelders natuurnetwerk geen beb per perceel is maximaal één opbergkist toegestaan, met een oppervlakte van niet meer dan 6 m² en een hoogte van niet meer dan 1,5 m; de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 1 m. Specifieke gebruiksregels

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verstaan: a.

b. c.

het gebruik van gronden ten behoeve van het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen en stacaravans voor dag en/of verblijfsrecreatieve doeleinden, met uitzondering van gronden welke op grond van het bepaalde in lid 13.1 daarvoor bestemd zijn; het aanleggen van terrassen en andere verhardingen met een grotere oppervlakte dan 16 m2 ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandjes'; het aanleggen en gebruiken van recreatielandjes, voor zover niet bestaand.

13.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a.

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werkzaamheden, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: 1. ophogen, afgraven, afschuiven, ontgronden en egaliseren; 2. het graven en dempen van sloten en andere watergangen, het vergroten of verkleinen van het doorstromingsprofiel, het aanbrengen of verwijderen van dammen en stuwen en het aanbrengen van drainage, met uitzondering van de gronden die zijn gelegen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - niet nat natuurgebied'; 3. het opruimen/verwijderen van wegen en paden; 4. het aanleggen van voet-, fiets- en ruiterpaden en dagrecreatieve voorzieningen; 5. het aanleggen of verwijderen van ondergrondse leidingen; 6. het zoeken naar delfstoffen in de vorm van seismisch onderzoek of exploratieonderzoek; 7. het bewerken van en graven, boren of roeren in de bodem dieper dan 30 cm; 8. het aanleggen van insteekhavens ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie -

54

bestemmingsplan Buitengebied 2018

recreatielandjes'; het aanleggen van picknickplaatsen, visoevers en daarmee gelijk te stellen dagrecreatieve voorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandjes'; Voor zover voor meerdere werken en/of werkzaamheden vergunningen worden gevraagd en deze in één (inrichtings)plan zijn ondergebracht, wordt dit plan in z'n geheel in de beoordeling betrokken. De onder a bedoelde vergunning is niet vereist indien het werken en/of werkzaamheden betreft, die: 1. het normale onderhoud tot doel hebben, met inbegrip van onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande beplantingen en de aanleg van nieuwe en de vervanging van bestaande kabels en leidingen binnen bestaande tracés van kabels en leidingen; 2. gelet op de in lid 13.1 genoemde doeleinden, voor deze gronden van ondergeschikte betekenis zijn; 3. reeds uitgevoerd of in uitvoering zijn op het tijdstip van het van inwerkingtreden van dit plan.

De onder a bedoelde vergunning wordt niet verleend indien ten aanzien van het werk of de werkzaamheid sprake is van onevenredige afbreuk aan de waarden en/of functies welke het plan beoogt te beschermen, dan wel hieraan door het stellen van voorwaarden niet voldoende tegemoet kan worden gekomen; Alvorens een vergunning ten aanzien van de onder a, sub 2 bedoelde werken en werkzaamheden te verlenen, winnen burgemeester en wethouders advies van de waterbeheerder in. 9.

b. c.

d.

e.

55

bestemmingsplan Buitengebied 2018

56

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 14 14.1

Recreatie - Dagrecreatie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Recreatie - Dagrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.

uilen- en dierenpark, ondergeschikte horeca categorie 1 en één bedrijfswoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - uilenpark'; kanoverhuur, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - kanoverhuur'; volkstuinen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'volkstuin';

met de daarbij behorende: d. e. f. g. h. i.

nutsvoorzieningen; toegangswegen, -paden, onverharde paden en overig verblijfsgebied; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; erven en tuinen.

14.2

Bouwregels

14.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a.

b.

c.

d.

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - uilenpark' gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte aan gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte; 3. in afwijking van het bepaalde onder 1 en 2 is ten behoeve van kleinschalige horeca een gebouw toegestaan, met dien verstande dat de oppervlakte en de bouwhoogte niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 75 m2 en 5 m; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - kanoverhuur' gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte aan gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte; 2. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan de bestaande bouwhoogte; ter plaatse van de aanduiding 'volkstuin' gelden de volgende regels: 1. binnen het aanduidingsvlak is één gemeenschappelijke gebouw toegestaan, met dien verstande dat: de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 50 m2 ; de goot- en bouwhoogte niet meer mag bedragen dan respectievelijk 3 m en 5 m; 2. per indviduele volkstuin is één gebouw of kas toegestaan, met dien verstande dat: de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 10 m2 ; de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 m; 3. de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen als bedoeld onder 1. en 2.

mag niet meer bedragen dan 10% van het aanduidingsvlak; voor het bouwen van de toegestane bedrijfswoning en de daarbij behorende bijgebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - uilenpark' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van de bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 10 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 2. de inhoud van de bedrijfswoning bedraagt niet meer dan 750 m3 , dan wel niet meer dan de bestaande inhoud indien deze meer bedraagt; 3. voor het bouwen van bijgebouwen bij de bedrijfswoning geldt dat: de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 6 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3 m dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 75 m2 .

57

bestemmingsplan Buitengebied 2018

14.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b.

de bouwhoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 6 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 3 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt.

14.3

Afwijken van de bouwregels

14.3.1

Vergroten oppervlakte

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 14.2 ten behoeve van het vergroten van de bestaande oppervlakte van gebouwen, mits: a. b. c. d.

14.4

de oppervlakte met niet meer dan 25% wordt vergroot; de vergroting of vormverandering noodzakelijk is voor de continuïteit of ontwikkeling van de toegestane activiteiten; de vergroting zich verdraagt met de ter plaatse van belang zijnde kwaliteiten (natuur, landschap en/of water) en de waardevolle landschapselementen moeten behouden blijven; er geen sprake is van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Specifieke gebruiksregels

Ter plaatse van de aanduiding 'volkstuin' wordt onder strijdig gebruik in ieder geval verstaan het gebruik van gronden en opstallen ten behoeve van verblijfsrecreatie.

58

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 15 15.1

Recreatie - Verblijfsrecreatie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Recreatie - Verblijfsrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d. e.

recreatief verblijf in de vorm van kampeermiddelen en stacaravans, met dien verstande dat per perceel gezamenlijk niet meer dan 2 kampeermiddelen of stacaravans zijn toegestaan, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'verblijfsrecreatie'; één recreatiewoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'recreatiewoning'; een pension en één bedrijfswoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'pension'; recreatielandje, met dien verstande dat overnachting is toegestaan, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandjes'; een bed and breakfast dan wel een pension tot maximaal 600 m2 , kleinschalige horeca van categorie 2 met een buitenterras tot maximaal 255 m2 , workshops, een streekwinkel tot maximaal 200 m2 , fietsenverhuur, cursuscentrum, vergaderaccomodatie, bezoekerscentrum, ondergeschikt agrarisch gebruik en één bedrijfswoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bed & breakfast';

met de daarbij behorende: f. g. h. i. j. k.

nutsvoorzieningen; toegangswegen, -paden, onverharde paden en overig verblijfsgebied; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; erven en tuinen.

15.2

Bouwregels

15.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a.

b.

c.

ter plaatse van de aanduiding 'verblijfsrecreatie' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van een stacaravan mag niet meer bedragen dan 3,5 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 2. per perceel is een bergruimte toegestaan waarvan de oppervlakte en de bouwhoogte niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 6 m2 en 2,5 m; 3. de bebouwde oppervlakte van gebouwen mag samen met de vloeroppervlakte van de kampeermiddelen per perceel niet meer bedragen dan 60 m2 ; ter plaatse van de aanduiding 'pension' gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte aan gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte vermeerderd met 10%; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte; ter plaatse van de aanduiding 'recreatiewoning' gelden de volgende regels: 1. de inhoud van een recreatiewoning mag niet meer bedragen dan 200 m3 , dan wel niet meer dan de bestaande inhoud indien deze meer bedraagt; 2. de bouwhoogte van een recreatiewoning mag niet meer bedragen dan 7 m, dan wel de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 3. de oppervlakte van bijgebouwen behorende bij de recreatiewoning mag niet meer bedragen dan 20 m2 , dan wel niet meer dan de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt; 4.

de goot- en bouwhoogte van de bijgebouwen behorende bij de recreatiewoning mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 3 m en 5 m, dan wel niet meer dan de bestaande goot- en bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 5. de afstand tussen gebouwen mag niet meer bedragen dan 15 m, dan wel niet meer dan de bestaande afstand indien deze meer bedraagt; 6. recreatiewoning en de daarbij behorende bijgebouwen mogen niet van een onderkeldering worden voorzien;

59

bestemmingsplan Buitengebied 2018

d.

e.

f.

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandjes ' gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte van gebouwen mag niet meer bedragen dan 31 m2 ; 2. de bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan 3 m; voor het bouwen van de toegestane bedrijfswoning en de daarbij behorende bijgebouwen ter plaatse van de aanduiding 'pension' en 'bed and breakfast' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van de bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 10 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 2. de inhoud van de bedrijfswoning bedraagt niet meer dan 750 m3 , dan wel niet meer dan de bestaande inhoud indien deze meer bedraagt; 3. voor het bouwen van bijgebouwen bij de bedrijfswoning geldt dat: de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 6 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3 m dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 75 m2 . ter plaatse van de aanduiding 'bed and breakfast' gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte aan gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte.

15.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b. c.

de bouwhoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 8 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 3 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; in afwijking van het bepaalde onder a en b gelden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandje' de volgende regels voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde: 1. per bouwperceel is maximaal één opbergkist toegestaan, met een oppervlakte van niet meer dan 6 m² en een bouwhoogte van niet meer dan 1,5 m; 2. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 1 m.

15.3

Specifieke gebruiksregels

15.3.1 a.

b.

Strijdig gebruik

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verstaan: 1. het gebruik van bebouwing ten behoeve van permanente bewoning; 2. het gebruiken van bijgebouwen bij een bedrijfswoning en recreatiewoning als zelfstandige woning en als afhankelijke woonruimte. In aanvulling van het bepaalde onder a. wordt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - recreatielandje' tevens onder strijdig gebruik verstaan: 1. het gebruik van gronden ten behoeve van het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen en stacaravans; 2. het aanleggen van terrassen en andere verhardingen met een oppervlakte van meer dan 16 m².

15.4

Afwijken van de gebruiksregels

15.4.1

Mantelzorgvoorzieningen

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 15.3.1 ten behoeve van de realisering van een mantelzorgvoorziening in een bijgebouw, mits: a. b. c.

de behoefte aan mantelzorg is aangetoond, dan wel de mantelzorg een ouder-kind relatie betreft waarbij de ouder 65 jaar of ouder is; de mantelzorgvoorziening is bedoeld voor de huisvesting van één huishouden; de waarden en belangen van derden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad;

60

bestemmingsplan Buitengebied 2018

d. e. f. g.

de afhankelijke woonruimte binnen de vigerende regeling inzake bijgebouwen wordt ingepast met een maximale oppervlakte van 80 m²; er geen zelfstandige woning ontstaat; na beëindiging van de mantelzorgsituatie dient de tijdelijke woonunit weer verwijderd te worden; bij de mantelzorgvoorziening geen afzonderlijke bijgebouwen worden opgericht.

61

bestemmingsplan Buitengebied 2018

62

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 16 16.1

Recreatie - Verblijfsrecreatie 2

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Recreatie - Verblijfsrecreatie 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b.

c. d. e.

recreatief verblijf in de vorm van kampeermiddelen en stacaravans, met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - camping' niet meer dan 17 stacaravans zijn toegestaan; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - betuwestrand' geldt dat: niet meer dan 765 stacaravans zijn toegestaan; niet meer dan 10 trekkershutten zijn toegestaan; recreatiewoningen niet zijn toegestaan; ondergeschikte detailhandel is toegestaan; een bedrijfswoning, met dien verstande dat: 1. het aantal bedrijfswoningen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' niet meer dan 1 mag bedragen; 2. het aantal bedrijfswoningen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2' niet meer dan 2 mag bedragen; een waterskibaan, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'water'; landschappelijke inpassing ter plaatse van de aanduiding 'groen'; gebouwen en overkappingen ten behoeve van: 1. sanitaire voorzieningen; 2. het onderhoud en het beheer;

met de daarbij behorende: f. g. h. i. j. k. l.

nutsvoorzieningen; toegangswegen, -paden, onverharde paden en overig verblijfsgebied; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; sport- en speelvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; erven en tuinen.

16.2

Bouwregels

16.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a.

b.

c.

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding -1' gelden de volgende regels: 1. de goothoogte van een stacaravan mag niet meer bedragen dan 3,5 m; 2. de bouwhoogte van een stacaravan mag niet meer bedragen dan 6 m; 3. de vloeroppervlakte van een stacaravan mag niet meer bedragen dan 70 m2 ; 4. de goothoogte van een bergplaats mag niet meer bedragen dan 2 m; 5. de bouwhoogte van een bergplaats mag niet meer bedragen dan 2,5 m; 6. het oppervlak van een bergplaats mag niet meer bedragen dan 5 m2 ; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van een stacaravan mag niet meer bedragen dan 5 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 2. per perceel is een bergruimte toegestaan waarvan de oppervlakte en de bouwhoogte niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 6 m2 en 2,5 m; 3. de bebouwde oppervlakte van gebouwen mag samen met de vloeroppervlakte van de kampeermiddelen per perceel niet meer bedragen dan 70 m2 ; voor het bouwen van sanitairgebouwen en overige gebouwen ten behoeve van opslag en beheer ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' gelden de volgende regels: 1. de totale gezamenlijke oppervlakte van sanitairgebouwen en overige gebouwen ten behoeve van

63

bestemmingsplan Buitengebied 2018

d.

e.

f.

g.

opslag en beheer mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte vermeerderd met 10% van de bestaande oppervlakte; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 4 m en 7 m; voor het bouwen van de toegestane trekkershutten ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van een trekkershut mag niet meer bedragen dan 4,5 m; 2. de vloeroppervlakte van een trekkershut mag niet meer bedragen dan 30 m2 ; voor het bouwen van sanitairgebouwen en overige gebouwen ten behoeve van opslag en beheer ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2' gelden de volgende regels: 1. de totale gezamenlijke oppervlakte van sanitairgebouwen en overige gebouwen ten behoeve van opslag en beheer mag niet meer bedragen dan 4.600 m2 ; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 4 m en 7 m; voor het bouwen van de toegestane bedrijfswoning en de daarbij behorende bijgebouwen ter plaatse van de aanduidingen 'specifieke bouwaanduiding - 1' en 'specifieke bouwaanduiding - 2' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van de bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 10 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 2. de inhoud van de bedrijfswoning bedraagt niet meer dan 750 m3 , dan wel niet meer dan de bestaande inhoud indien deze meer bedraagt; 3.

voor het bouwen van bijgebouwen bij de bedrijfswoning geldt dat: de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 6 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3 m dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 75 m2; voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van de waterskibaan ter plaatse van de aanduiding 'water' of ten behoeve van ondergeschikte detailhandel ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2' gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte aan gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte vermeerderd met 10%; 2. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte.

16.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b. c.

de bouwhoogte van palen en masten, glijbanen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van sport en spel mag niet meer bedragen dan 8 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ter plaatse van de aanduiding 'groen' mag niet meer bedragen dan 2 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m, dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt.

16.2.3

Landschappelijke inpassing

Ten behoeve van de landschappelijke inpassing zijn binnen de aanduiding ‘groen’ geen gebouwen toegestaan. 16.3

Specifieke gebruiksregels

16.3.1

Strijdig gebruik

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verstaan: a. b.

het gebruik van bebouwing ten behoeve van permanente bewoning; het gebruiken van bijgebouwen bij een bedrijfswoning en recreatiewoning als zelfstandige woning en als afhankelijke woonruimte.

64

bestemmingsplan Buitengebied 2018

16.4

Afwijken van de gebruiksregels

16.4.1

Bouw van een extra bedrijfswoning

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 16.1 ten behoeve van de realisatie van een extra bedrijfswoning ingeval reeds twee bestaande bedrijfswoningen aanwezig zijn ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie - betuwestrand', mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. b.

er wordt aangetoond dat de extra bedrijfswoning voor het beheer van de camping noodzakelijk is; er wordt voldaan aan lid 16.2.1 onder d.

65

bestemmingsplan Buitengebied 2018

66

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 17 17.1

Sport

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

sportterreinen;

met de daarbij behorende: b. c. d.

parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

17.2

Bouwregels

17.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b.

de oppervlakte van gebouwen bedraagt niet meer dan de bestaande oppervlakte; de goot- en de bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan de bestaande goot- en bouwhoogte.

17.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b.

de bouwhoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 6 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m.

17.3

Afwijken van de bouwregels

17.3.1

Vergroten oppervlakte

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 17.2 ten behoeve van het vergroten van de bestaande oppervlakte van gebouwen, mits: a. b. c. d.

de oppervlakte met niet meer dan 25% wordt vergroot.; de vergroting of vormverandering noodzakelijk is voor de continuïteit of ontwikkeling van de toegestane activiteiten; de vergroting zich verdraagt met de ter plaatse van belang zijnde kwaliteiten (natuur, landschap en/of water) en de waardevolle landschapselementen moeten behouden blijven; er geen sprake is van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

17.3.2

Vergroten goothoogte en bouwhoogte

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 17.2 sublid 17.2.1 ten behoeve van het verhogen van de goothoogte en bouwhoogte van gebouwen, met dien verstande dat: a. b. c. d.

de bestaande goothoogte en bouwhoogte met niet meer dan 25% worden vergroot; de vergroting of vormverandering noodzakelijk is voor de continuïteit of ontwikkeling van de toegestane activiteiten; de vergroting zich verdraagt met de ter plaatse van belang zijnde kwaliteiten (natuur, landschap en/of water) en de waardevolle landschapselementen moeten behouden blijven; er geen sprake is van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

67

bestemmingsplan Buitengebied 2018

68

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 18 18.1

Verkeer

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.

wegen; fiets- en voetpaden; verkooppunten voor motorbrandstoffen zonder lpg en ondergeschikte detailhandel, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg'; verkooppunten voor motorbrandstoffen met lpg en ondergeschikte detailhandel, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'verkooppunt motorbrandstoffen met lpg'; nutsvoorzieningen, ter plaatse van de aanduiding 'nutsvoorziening'; parkeervoorzieningen; bermen en beplanting; straatmeubilair; waterlopen en waterpartijen; oeververbindingen (bruggen); kunstwerken, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding en geluidwerende voorzieningen; andere voorzieningen, zoals voor elektrotechnische systemen en ecologische doeleinden.

Met uitzondering van de A2 en A15 mag van deze wegen het aantal rijstroken ten hoogste 2 bedragen. Van de A2 mag het aantal rijstroken ten hoogste 8 bedragen, waarbij de op- en afritten en vluchtstroken niet zijn meegerekend. Van de A15 mag het aantal rijstroken ten hoogste 4 bedragen, waarbij de op- en afritten en vluchtstroken niet zijn meegerekend. 18.2

Bouwregels

18.2.1

Algemeen

Op de voor 'Verkeer' bestemde gronden mogen uitsluitend gebouwen ten behoeve van verkooppunten voor motorbrandstoffen ter plaats van de aanduidingen 'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg' en 'verkooppunt motorbrandstoffen met lpg' worden gebouwd. Voor de overige functies zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. 18.2.2

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van verkooppunten voor motorbrandstoffen ter plaats van de aanduidingen 'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg' en 'verkooppunt motorbrandstoffen met lpg' gelden de volgende regels: a.

b.

de oppervlakte van gebouwen bedraagt niet meer dan 450 m², voor zover gelegen aan de A2 of de A15 en niet meer dan 120 m² voor zover gelegen aan de overige wegen, dan wel de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 5 m.

18.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a.

voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van verkooppunten voor motorbrandstoffen ter plaatse van de aanduidingen 'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg' en 'verkooppunt motorbrandstoffen met lpg' gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 6 m; 2. de bouwhoogte van luifels ten behoeve van een overkapping gelegen aan de A2 of de A15 mag niet meer bedragen dan 7 m; 3. de bouwhoogte van luifels ten behoeve van een overkapping gelegen aan de overige wegen mag niet meer bedragen dan 4,5 m.

69

bestemmingsplan Buitengebied 2018

b. c. d.

de bouwhoogte van kunstwerken mag niet meer dan 10 m bedragen; de bouwhoogte van voorzieningen ten behoeve van de geleiding van het verkeer, lichtmasten en geluidwerende voorzieningen mag niet meer dan 12 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 5 m bedragen.

70

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 19 19.1

Verkeer - Railverkeer

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer - Railverkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g.

spoorwegen; spoorwegovergangen; bermen en beplanting; waterlopen en waterpartijen; oeververbindingen (bruggen); kunstwerken, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding en geluidwerende voorzieningen; andere voorzieningen, zoals voor elektrotechnische systemen en ecologische doeleinden.

19.2

Bouwregels

19.2.1

Algemeen

Op de voor 'Verkeer - Railverkeer' bestemde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd. 19.2.2

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen geldt de volgende regel: a.

de inhoud van een gebouw mag niet meer bedragen dan 75 m3 .

19.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b. c. d.

de bouwhoogte van draagconstructies voor de bovenleiding mag niet meer bedragen dan 15 m ten opzichte van de Bovenkant Spoorstaaf; de bouwhoogte van geluidsschermen mag, vanaf de Bovenkant Spoorstaaf gemeten, niet meer dan 4 m bedragen, waar de sporen verdiept zijn gelegen, niet meer dan 4 m vanaf het maaiveld bedragen; de bouwhoogte van voorzieningen ten behoeve van de geleiding van het spoorverkeer en lichtmasten mag niet meer dan 12 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 5 m bedragen.

71

bestemmingsplan Buitengebied 2018

72

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 20 20.1

Water

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

20.2

water ten behoeve van de waterhuishouding; verkeer te water; taluds en natuurvriendelijke oevers; woonschepen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats', met dien verstande, dat per aanduiding maximaal één woonschip is toegestaan; voorzieningen, zoals kunstwerken en andere waterstaatwerken en ten behoeve van de waterafvoer en waterberging. Bouwregels

Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: a.

b. 20.3

op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd, tenzij de gronden zijn gelegen ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats'. Ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats zijn woonschepen toegestaan, met dien verstande dat: 1. de hoogte van woonschepen, gemeten vanaf de waterlijn, niet dan 4,5 m bedraagt; 2. de lengte niet meer bedraagt dan 25 m, dan wel niet meer dan de bestaande lengte; 3. de breedte niet meer bedraagt dan 6 m, dan wel niet meer dan de bestaande breedte; 4. de onderlinge afstand tussen twee woonschepen of enig uitstekend deel daarvan ten minste 5 m bedraagt; 5. per woonschip ten hoogste één berging is toegestaan, inclusief de bij het woonschip behorende berging op de gronden met de bestemming 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden', waarbij de afstand tot het woonschip maximaal 5 bedraagt, het bebouwingsoppervlak niet meer dan 50 m2 bedraagt dan wel niet meer dan het bestaande bebouwingsoppervlak en de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3,5 m; de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt dan ten hoogste 1,5 m. Afwijken van de bouwregels

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 20.2 ten behoeve van het bouwen van nieuwe steigers en/of aanmeerpalen ten behoeve van openbare dagrecreatieve voorzieningen, met dien verstande dat: a. b. c.

20.4

de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 1,5 m; een steiger een maximale omvang heeft van 20 m2 ; geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de water(bergings)capaciteit en -afvoer, doorvaarbaarheid, de mogelijkheden tot beheer en onderhoud van de watergang en vooraf advies is verkregen van de beheerder van de watergang. Specifieke gebruiksregels

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verblijfsrecreatie verstaan.

73

bestemmingsplan Buitengebied 2018

74

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 21 21.1

Wonen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

wonen, met dien verstande dat per bestemmingsvlak ten hoogste 1 woning is toegestaan, tenzij anders is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; wonen in een kleine woning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen kleine woning'; landschappelijke inpassing ter plaatse van de aanduiding 'groen'; kinderdagopvang, binnen de bestaande voormalige agrarische bedrijfsgebouwen tot een maximale oppervlakte van 500 m2 , uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'kinderdagverblijf'; bij het wonen behorende bed and breakfast;

met de daarbij behorende: f. g. h. i. j. k.

nutsvoorzieningen; toegangswegen, -paden, onverharde paden en overig verblijfsgebied; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; erven en tuinen.

21.2

Bouwregels

21.2.1

Algemeen

Op de voor 'Wonen' bestemde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd. 21.2.2

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.

ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' mogen de woningen uitsluitend aaneen worden gebouwd; de afstand tussen gebouwen mag niet meer bedragen dan 20 m dan wel niet meer dan de bestaande afstand indien deze meer bedraagt; de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 3 m, dan wel de bestaande afstand indien deze minder bedraagt; voor het bouwen van woningen geldt dat: 1. indien het bestemmingsvlak is voorzien van een bouwvlak de woningen uitsluitend zijn toegestaan binnen het bouwvlak, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen uitgesloten - woning' geen woning is toegestaan; 2. de inhoud van een woning niet meer mag bedragen dan 750 m3 of de bestaande inhoud indien deze groter is dan 750 m3 , vermeerderd met 10%, met dien verstande dat de inhoud van een woning op gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - beeldbepalende dijkbebouwing' niet meer mag bedragen dan: 500 m3 voor bestaande woningen waarvan de inhoud kleiner is dan of gelijk is aan 500 m3 ; 650 m3 voor bestaande woningen waarvan de inhoud groter is dan 500 m3 en kleiner of gelijk aan 650 m3 ; de bestaande inhoud indien deze groter is dan 650 m3 , vermeerderd met 10%; 3.

woningen worden voorzien van een kap met een dakhelling van ten minste 30° en ten hoogste 60° dan wel de bestaande dakhelling indien deze minder dan 30° of meer dan 60° bedraagt; 4. de bouwhoogte van een woning niet meer mag bedragen dan 10 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt, met dien verstande dat de bouwhoogte op gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - beeldbepalende dijkbebouwing' niet meer mag bedragen dan de bestaande bouwhoogte;

75

bestemmingsplan Buitengebied 2018

5.

e.

voor de woningen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding - nokrichting 1’ de nokrichting parallel moet zijn gericht aan de weg waaraan de woning zich bevindt; 6. voor de woningen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding - nokrichting 2’ de nokrichting loodrecht moet zijn gericht op de weg waaraan de woning zich bevindt; 7. herbouw van de woning uitsluitend is toegestaan op de bestaande locatie; voor het bouwen van bijgebouwen geldt dat: 1. de bijgebouwen achter de voorgevel van hoofdgebouwen worden gebouwd; 2. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 6 m dan wel niet meer dan de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt; 3. de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3 m dan wel niet meer dan de bestaande goothoogte indien deze meer bedraagt; 4. de gezamenlijke oppervlakte van de bijgebouwen niet meer mag bedragen dan 75 m2 , met dien verstande dat: de gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen op het perceel Oude Waag 83 niet meer bedraagt dan 200 m2 ;

21.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. b.

de bouwhoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 6 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2,5 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen voor zover gelegen voor de voorgevellijn niet meer dan 1 m mag bedragen.

21.2.4

Specifieke vorm van wonen - kleine woning

In afwijking van het bepaalde in sublid 21.2.2 en 21.2.3 gelden voor het bouwen van bebouwing ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - kleine woning' de volgende regels: a.

b.

voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte van een kleine woning bedraagt niet meer dan 35 m²; 2. de oppervlakte van bijgebouwen bedraagt niet meer dan 125 m2 ; 3. de inhoud van een kleine woning bedraagt niet meer dan 150 m3 ; 4. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan 3 m; 5. het bouwen van overige gebouwen is niet toegestaan; voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt voor de voorgevellijn niet meer dan 1 m en achter de voorgevellijn niet meer dan 2 m; 2. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt niet meer dan 2 m.

21.2.5

Landschappelijke inpassing

Ten behoeve van de landschappelijke inpassing zijn binnen de aanduiding ‘groen’ geen gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. 21.3

Afwijken van de bouwregels

21.3.1

Vergroten inhoud woning met 10%

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 ten behoeve van het vergroten van de inhoudsmaat van de woning met 10%, indien en voor zover deze woning een zodanige inhoud heeft dat deze op grond van het bepaald in lid 21.2 sublid 21.2.2 onder d sub 2 niet met 10% kan worden uitgebreid, mits er geen sprake is van een onevenredige aantasting van: a. b. c.

de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; het bebouwings- en landschapsbeeld; de verkeersveiligheid.

76

bestemmingsplan Buitengebied 2018

21.3.2

Vergroten inhoud woning door sloop van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 ten behoeve van het vergroten van de inhoud van woningen, met dien verstande dat: a. b.

alle voormalige agrarische bedrijfsgebouwen en/of kassen worden gesloopt, uitgezonderd de bij recht toegestane oppervlakte aan bijgebouwen; de vergroting van de woningen niet meer mag bedragen dan is weergegeven in de navolgende tabellen, tot een maximum van 1.200 m3 ;

Gesloopte oppervlakte bedrijfsgebouwen

voormalige

agrarische Extra uitbreiding van de woning in m3

0 - 500 m2

0,5 m3 per gesloopte m2

> 500 m2

0,35 m3 per gesloopte m2

Gesloopte oppervlakte kassen

Extra uitbreiding woning in m3

0 - 1.000 m2

0,2 m3 per gesloopte m2

> 1.000 m2

0,05 m3 per gesloopte m2

c.

de gronden niet zijn gelegen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding beeldbepalende dijkbebouwing'.

21.3.3 Vergroten inhoud woning door sloop van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - beeldbepalende dijkbebouwing' Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 ten behoeve van het vergroten van de inhoud van woningen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding beeldbepalende dijkbebouwing', met dien verstande dat: a. b.

de inhoud van de woning met niet meer dan 200 m3 mag worden vergroot; per 1 m³ vergroting van de woning ten minste 2 m² aan overtollige bedrijfsgebouwen wordt gesloopt, met dien verstande, dat de oppervlakte aan bestaande bijgebouwen niet minder dan 75 m² zal gaan bedragen.

21.3.4 Vergroten inhoud woning door middel van het aanwenden van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 ten behoeve van het vergroten van de inhoud van woningen door middel van het aanwenden van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing, met dien verstande dat: a. b. c.

de woning onderdeel uitmaakt van de bouwmassa van de betrokken bedrijfsbebouwing (inpandig vergroten); de uiterlijke verschijningsvorm van het gebouw niet wezenlijk wordt aangetast; de uitbreiding van de woning niet tot gevolg heeft dat de oppervlakte aan bestaande bijgebouwen minder dan 75 m² zal gaan bedragen.

21.3.5

Surplusregeling

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 voor vergroting van de oppervlakte van bijgebouwen, mits: a. b. c. d.

er sprake is van sloop van voormalige (agrarische) bedrijfsgebouwen; maximaal 60% van de oppervlakte van de gesloopte gebouwen wordt terug gebouwd als bijgebouw; in afwijking van lid b bij kassen maximaal 20% van het gesloopte oppervlak wordt terug gebouwd als bijgebouw; de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen na realisatie niet meer bedraagt dan 400 m².

21.3.6

Herbouw op een andere locatie

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 ten behoeve van het herbouwen van de woning op een andere locatie binnen het bestemmingsvlak, mits:

77

bestemmingsplan Buitengebied 2018

a. b. c. d. e.

f.

de woonomstandigheden aantoonbaar verbeterd kunnen worden; een betere stedenbouwkundige of planologische indeling van het desbetreffende perceel mogelijk is; dit uit het oogpunt van geluidhinder of andere milieuhinder tot een vermindering van de overlast leidt; geen sprake is van een aantasting van omliggende waarden en functies waaronder mede wordt verstaan dat omliggende agrarische bedrijven niet in hun ontwikkeling mogen worden belemmerd; de verplaatsing er niet toe leidt dat de woning binnen de geluidzones van wegen en spoorlijnen komen te liggen, tenzij de te vervangen woning reeds binnen de desbetreffende geluidzone gelegen was en de geluidbelasting op de gevel van de vervangende woning lager wordt; er geen sprake is van een onevenredige aantasting van: 1. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; 2. het bebouwings- en landschapsbeeld; 3. de verkeersveiligheid.

21.3.7

Dakhelling van minder dan 30°

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 ten behoeve van een dakhelling van minder dan 30° dan wel een platte afdekking, mits: a. b.

dit stedenbouwkundig aanvaardbaar is; mits er geen sprake is van een onevenredige aantasting van: 1. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; 2. het bebouwings- en landschapsbeeld; 3. de verkeersveiligheid.

21.3.8

Grotere bouwhoogte

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.2 sublid 21.2.2 onder d sub 5 ten behoeve van een grotere bouwhoogte van woningen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - beeldbepalende dijkbebouwing', mits: a. b. c.

maximaal 10% van de bestaande bouwhoogte wordt verhoogd; een grotere bouwhoogte stedenbouwkundig aanvaardbaar is; er geen sprake is van een onevenredige aantasting van: 1. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; 2. het bebouwings- en landschapsbeeld; 3. de verkeersveiligheid.

21.4

Specifieke gebruiksregels

21.4.1

Strijdig gebruik

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verstaan: a. b. c.

het gebruik van (een gedeelte van) woningen voor detailhandel, anders dan is toegestaan op grond van lid 21.1 en sublid 21.4.2. het gebruiken van bijgebouwen bij een woning als zelfstandige woning en als afhankelijke woonruimte; het gebruiken van de gronden op de percelen Middelweg 56a en 58 voor wonen als genoemd in lid 21.1, indien de woningen ter plaatse van de aanduiding 'groen' niet landschappelijk zijn ingepast en deze landschappelijk inpassing niet in stand wordt gehouden overeenkomstig het beplantingsplan.

21.4.2

Aan huis verbonden beroep

Voor het uitoefenen van een aan huis verbonden beroep als bedoeld in lid 21.1 gelden de volgende regels: a. b.

detailhandel is niet toegestaan, met uitzondering van een beperkte verkoop in verband met een beroepsmatige activiteit in of bij een woning; maximaal 40% van het vloeroppervlak van de woning en de daarbij behorende bijgebouwen mag worden gebruikt ten behoeve van beroepsmatige activiteiten, tot een maximum van 45 m2 .

21.4.3

Bed and breakfast

Bed and breakfast is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a.

voorzieningen voor bed & breakfast zijn uitsluitend toegestaan binnen de bestaande bebouwing;

78

bestemmingsplan Buitengebied 2018

b. c. d. e.

de exploitatie van de bed & breakfast wordt uitgeoefend door de hoofdbewoner van de woning. per woning is sprake van niet meer dan 3 bed & breakfast eenheden tot een oppervlakte van maximaal 50 m2 ; de woonfunctie van de woning blijft behouden; parkeren geschiedt op eigen terrein.

21.5

Afwijken van de gebruiksregels

21.5.1

Splitsen van de woning

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.1 ten behoeve van het splitsen van een woning in meerdere woningen, mits: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k.

de woning is aangewezen als rijksmonument in het Monumentenregister of als gemeentelijk monument in de Erfgoed verordening Geldermalsen; als de onder a bedoelde beleidsregels worden gewijzigd, wordt met die wijziging rekening gehouden; de betrokken woning een inhoud heeft van ten minste 1.000 m3 ; het aantal woningen na splitsing niet meer bedraagt dan 4; het vergroten van het aantal woningen past binnen het woningbouwprogramma; de inhoud van een woning na splitsing minimaal 300 m3 bedraagt; de uiterlijke verschijningsvorm van de woning na splitsing niet wezenlijk wordt aangetast; de totale inhoud van het hoofdgebouw niet wordt vergroot; de bestaande gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen niet wordt vergroot; gebruik wordt gemaakt van niet meer dan één aansluiting op de openbare weg, dan wel het bestaande aantal indien dit meer bedraagt; er geen sprake is van een onevenredige aantasting van: 1. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; 2. het bebouwings- en landschapsbeeld; 3. de verkeersveiligheid.

21.5.2

Theetuin

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.1 ten behoeve van een theetuin binnen het bestemmingsvlak, mits geen onevenredige hinder optreedt voor omliggende belangen en zorg wordt gedragen voor sanitaire voorzieningen binnen de toegestane bebouwing. 21.5.3

Aan huis verbonden bedrijf

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.1 en lid 21.4 sublid 21.4.2 ten behoeve van een aan huis verbonden bedrijf, mits: a. b. c. d. e. f. g.

h. i.

de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft; de bedrijfsactiviteiten niet leiden tot een toename van de bebouwing; er geen bedrijfsactiviteiten, waaronder tevens begrepen opslagactiviteiten, buiten de gebouwen plaatsvinden; de bedrijfsactiviteit geen onevenredige hinder voor de omliggende belangen en waarden oplevert; vaststaat dat de bedrijfsactiviteit een kleinschalig karakter heeft en zal behouden; diegene die de bedrijfsactiviteit in de woning of een bijgebouw in hoofdzaak uitvoert tevens een bewoner van de woning is; het niet betreft activiteiten welke een zodanige verkeersaantrekkende werking hebben, dat deze leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimten; geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd in ondergeschikte vorm een beperkte verkoop in verband met een beroepsmatige activiteit in of bij een woning; het totale vloeroppervlak van de bedrijfsactiviteit niet meer bedraagt dan 75 m2 waarbij gebruik dient te worden gemaakt van bestaande gebouwen.

In geval van sloop van bestaande gebouwen als bedoeld in lid 21.3 sublid 21.3.5 kan de omgevingsvergunning worden verleend tot de toegestane oppervlakte op basis van de verleende omgevingsvergunning op basis van deze bepalingen, met dien verstande dat het totale vloeroppervlak van de bedrijfsactiviteit niet meer bedraagt dan 200 m2 .

79

bestemmingsplan Buitengebied 2018

21.5.4

Mantelzorgvoorzieningen

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 21.4.1 ten behoeve van de realisering van een mantelzorgvoorziening in een bijgebouw, mits: a. b. c. d. e. f. g.

de behoefte aan mantelzorg is aangetoond, dan wel de mantelzorg een ouder-kind relatie betreft waarbij de ouder 65 jaar of ouder is; de mantelzorgvoorziening is bedoeld voor de huisvesting van één huishouden; de waarden en belangen van derden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad; de afhankelijke woonruimte binnen de vigerende regeling inzake bijgebouwen wordt ingepast met een maximale oppervlakte van 80 m²; er geen zelfstandige woning ontstaat; na beëindiging van de mantelzorgsituatie dient de tijdelijke woonunit weer verwijderd te worden; bij de mantelzorgvoorziening geen afzonderlijke bijgebouwen worden opgericht.

80

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 22 22.1

Leiding - Brandstofleiding

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Leiding - Brandstofleiding' aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen, tevens bestemd voor een ondergrondse leiding voor het transport van brandstof met de daarbij behorende belemmeringenstrook. 22.2

Bouwregels

Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: a. b. c. d.

op deze gronden mogen ten behoeve van de in lid 22.1 genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd; de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt ten hoogste 1,5 m; de oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt ten hoogste 5 m2 ; ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag, met inachtneming van de voor de betrokken bestemmingen geldende regels, uitsluitend worden gebouwd indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van de bestaande bouwwerken, waarbij de waterbergingscapaciteit gelijk blijft.

22.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden a.

b.

c.

Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Leiding - Brandstofleiding' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: 1. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en bomen; 2. het aanleggen van wegen of paden en het aanbregen van andere oppervlakteverhardingen; 3. het indrijven van voorwerpen in de bodem; 4. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; 5. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; 6. het permanent opslaan van goederen; Het verbod als bedoeld in sub a is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: 1. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; 3. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning. De werken of werkzaamheden als bedoeld in sub a zijn slechts toelaatbaar indien uit advies van de leidingexploitant is gebleken dat de betreffende werken en/of werkzaamheden niet strijdig zijn met de veiligheid van de leiding en van de bijbehorende belemmeringenstrook.

81

bestemmingsplan Buitengebied 2018

82

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 23 23.1

Leiding - Buisleidingenstrook

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Leiding - Buisleidingenstrook' aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen, tevens bestemd voor een buisleidingenstrook. 23.2 a. b. c.

23.3

Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mag niet worden gebouwd, anders dan ten behoeve van deze bestemming; Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd, met uitzondering van gebouwen ten behoeve van deze bestemming zoals een meet- en regelstation; Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende bepaling: 1. de bouwhoogte en oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag respectievelijk maximaal 2,5 meter en 10 m2 bedragen. Afwijken van de bouwregels

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 23.2 en toestaan dat in de andere bestemming gebouwen worden gebouwd, mits: a. b. c. d. 23.4

de veiligheid met betrekking tot de buisleidingenstrook niet wordt geschaad; een trace van de buisleidingenstrook van een minimale breedte van 70 m gevrijwaard blijft van bebouwing; het trace voor de buisleidingenstrook aaneengesloten blijft; vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de betreffende leiding. Specifieke gebruiksregels

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verstaan: a.

het zowel tijdelijk als permanent opslaan van goederen, met uitzondering van het opslaan van goederen ten behoeve van inspectie en onderhoud van de leiding.

23.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden a.

b.

Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Leiding - Buisleidingenstrook' en zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: 1. het verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van de bodem; 2. het diepploegen, diepwoelen of het uitvoeren van andere ingrepen in de bodem, waaronder ook begrepen de aanleg van leidingen, waarbij de kruidlaag volledig wordt omgeploegd, alsmede de aanleg van drainage ongeacht de diepte tenzij het gaat om vervanging van bestaande drainage; 3. het bebossen of anderszins beplanten van gronden met houtopstanden, waaronder begrepen het kweken en telen van bomen, struiken en heesters in verband met tuinbouw of als (agrarische) houtteelt; 4. het aanleggen van landschapselementen; 5. het vellen of rooien van bos, alsmede het verwijderen van landschapselementen; 6. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden en parkeergelegenheden, alsmede het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; 7. het aanbrengen van onder- en bovengrondse leidingen, constructies, installaties en apparatuur. 8. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; Het verbod als bedoeld in sub a is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: 1. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer; 2.

reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; 3. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.

83

bestemmingsplan Buitengebied 2018

c.

De werken of werkzaamheden als bedoeld in sub a zijn slechts toelaatbaar, mits: 1. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van de leiding; 2. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder.

84

bestemmingsplan Buitengebied 2018

Artikel 24

Leiding - Gas

24.1

Bestemmingsomschrijving

24.1.1

Bestemming

De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen, tevens bestemd voor een hogedrukgasleiding. 24.1.2

Voorrangsregeling

In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de bepalingen van dit artikel vóór de bepalingen die op grond van andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn. Verder geldt voor zover de op de verbeelding weergegeven dubbelbestemmingen geheel of gedeeltelijk samenvallen, dat de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' voorrang krijgt. 24.2 a. b. c.

24.3

Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen mag niet worden gebouwd, anders dan ten behoeve van deze bestemming; Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd; Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende bepaling: 1. de bouwhoogte en oppervlakte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag respectievelijk maximaal 2,5 meter en 10 m2 bedragen. Afwijken van de bouwregels

Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 24.2 en toestaan dat in de andere bestemming gebouwen worden gebouwd, mits: a. b. 24.4

de veiligheid met betrekking tot de gasleiding niet wordt geschaad en geen kwetsbare objecten worden toegelaten; vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de betreffende leiding. Specifieke gebruiksregels

Onder gebruik in strijd met deze bestemming wordt in ieder geval verstaan: a. b.

het zowel tijdelijk als permanent opslaan van goederen, met uitzondering van het opslaan van goederen ten behoeve van inspectie en onderhoud van de gastransportleiding; het wijzigen van het gebruik van de bestemming indien daardoor een kwetsbaar object wordt toegelaten.

24.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden a.

Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Leiding – Gas' en zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: 1. het verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van de bodem; 2. het diepploegen, diepwoelen of het uitvoeren van andere ingrepen in de bodem, waaronder ook begrepen de aanleg van leidingen, waarbij de kruidlaag volledig wordt omgeploegd, alsmede de aanleg van drainage ongeacht de diepte tenzij het gaat om vervanging van bestaande drainage; 3. het bebossen of anderszins beplanten van gronden met houtopstanden, waaronder begrepen het kweken en telen van bomen, struiken en heesters in verband met tuinbouw of als (agrarische) houtteelt; 4. het aanleggen van landschapselementen; 5. het vellen of rooien van bos, alsmede het verwijderen van landschapselementen; 6. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden en parkeergelegenheden, alsmede het

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.westbetuwe.nl/api/v1/meetings/349/documents/8838