IN066 Bijlage Reactienota Provincie.pdf
Tekst van het document
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
7.3 Aanpassingen aan de Lijst van verboden grondwaterbedreigende activiteiten De definitieve lijst van verboden grondwaterbedreigende activiteiten in waterwingebieden en grondwaterbeschermingsgebieden in actualisatieplan 8 hebben Provinciale Staten vastgesteld nadat we het ontwerp-actualisatieplan 9 voor de drinkwaterreserveringsgebieden ter visie hebben gelegd. Bij een aantal categorieën in de agrarische sector is toegevoegd dat het verbod alleen geldt in een waterwingebied. Dit is het gebied direct rond de pompputten. Het gaat om: • • • •
exploiteren van een veehouderij; telen van gewassen in de open lucht; exploiteren van een agrarisch loonwerkbedrijf; het voor derden of voor verhuur onderhouden en repareren van werktuigen voor agrarische activiteiten (ofwel exploiteren van een landbouwmechanisatiebedrijf); • exploiteren van een bedrijf voor mestbehandeling.
Deze aanpassing in actualisatieplan 8 leidt ook tot een aanpassing in actualisatieplan 9 voor de drinkwaterreserveringsgebieden. Door deze aanpassing worden deze activiteiten in drinkwaterreserveringsgebieden niet vergunning- of meldingsplichtig op basis van Omgevingsverordening Gelderland. Andere regelgeving voor deze activiteiten blijft wel gelden, zoals de Omgevingswet en de Meststoffenwet.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 39 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
7.4 Het toepassen van grond of baggerspecie waarvan de kwaliteit de achtergrondwaarde overschrijdt als bedoeld in het Besluit bodemkwaliteit Het Besluit bodemkwaliteit is het algemene beleidskader voor het toepassen van grond of baggerspecie op of in de bodem en in het oppervlaktewater. De gemeente respectievelijk de waterbeheerder is daarvoor bevoegd gezag. Het Besluit bodemkwaliteit regelt het gebruik van grond en baggerspecie met lichte tot matige verontreiniging, met een zogenaamde verhoogde achtergrondwaarde. Deze grond en baggerspecie mag alleen worden gebruikt in gebieden met dezelfde of slechtere grondkwaliteit en moet voldoen aan de kwaliteitseisen voor de functie van het gebied. Voor bestaande winningen zijn in de provinciale omgevingsverordening extra regels opgenomen om de grondwaterkwaliteit te beschermen. Zo mag bijvoorbeeld alleen grond tot maximaal kwaliteitsklasse wonen worden toegepast.
In het eerdere voorstel zijn deze extra regels ook opgenomen voor kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden om de grondwaterkwaliteit te beschermen. De reserveringsgebieden zijn echter veel groter dan de grondwaterbeschermingsgebieden. Hierdoor geven de regels veel beperkingen voor infrastructurele werkzaamheden met grondverzet, bijvoorbeeld de woningbouw. Ook denken we dat het risico voor de grondwaterkwaliteit bij het toepassen van grond op of in de bodem met een mindere kwaliteit dan de kwaliteit wonen klein is. Daarom hebben we de regels aangepast voor kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden.
De grootste risico’s voor het grondwater zijn bij de toepassing van grond of baggerspecie in oppervlaktewater en bij grootschalige toepassingen. Bijvoorbeeld bij het verondiepen van zandwinplassen en de aanleg van wegen. Daarom zijn de regels in de omgevingsverordening zo aangepast dat alleen voor toepassing van grond of baggerspecie in oppervlaktewater en bij grootschalige toepassingen van meer dan 5.000 m3 in kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden eisen zijn opgenomen over de kwaliteit. In die gevallen mag geen grond of baggerspecie worden gebruikt van mindere kwaliteit dan kwaliteitsklasse ‘wonen’ of ‘licht verontreinigd’. .
Andere regels laten we in deze gebieden vervallen. Als er in de toekomst een drinkwaterwinning komt in een reserveringsgebied, worden de regels strenger.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 40 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
7.5 Het gebruiken van overige organische meststoffen In het eerdere voorstel mochten in kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden al ‘reguliere’ meststoffen worden gebruikt zonder melding: dierlijke meststoffen zoals drijfmest en stalmest, compost, anorganische meststoffen, kalkmeststoffen of dierlijke uitwerpselen. Voor deze meststoffen is in de mestwetgeving een definitie opgenomen. Het is daarmee duidelijk welke stoffen er worden bedoeld. In kringloop- of biologische landbouw worden echter ook ‘overige organische meststoffen’ gebruikt. Overige organische meststoffen zijn organische meststoffen die geen dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost zijn, bijvoorbeeld restproducten uit de suikerbietenindustrie. Onder de ter visie gelegde regels was het niet toegestaan om deze meststoffen op of in de bodem te brengen. Om het gebruik van deze meststoffen mogelijk te maken, hebben we de regels aangepast.
Voor overige organische meststoffen is in de mestwetgeving geen nader onderscheid gemaakt in type stoffen. Het is daarom niet van te voren aan te geven welke stoffen de grondwaterkwaliteit niet negatief beïnvloeden en dus in een drinkwaterreserveringsgebied gebruikt mogen worden. Medio 2022 treedt de Verordening (EU) 2019/1009 ‘EUbemestingsproducten’ in werking en kunnen er organische bodemverbeteraars op de markt komen. De EUVerordening maakt echter geen onderscheid in soorten organische bodemverbeteraars. Alleen voor een beperkt aantal zware metalen en pathogenen gelden grenswaarden. Wij willen daarom inzicht houden in de toegepaste meststoffen en alleen stoffen toelaten die niet de grondwaterkwaliteit verslechteren. Het op of in de bodem van overige organische meststoffen is niet langer absoluut verboden, maar er gaat wel een meldingsplicht en een algemene regel gelden dat er geen nadelige gevolgen voor de kwaliteit van het grondwater mogen zijn. Bij de melding moet de initiatiefnemer aantonen dat de meststoffen die gebruikt gaan worden de grondwaterkwaliteit niet negatief beïnvloeden. De provincie toetst dit. Bij een te groot risico accepteert de provincie de melding niet, omdat die niet overeenkomt met de geldende regels. De meststoffen mogen dan niet gebruikt worden in het kwetsbare drinkwaterreserveringsgebied.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 41 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
7.6 Het roeren van de bodem en het buiten gebruik stellen van een boorgat De regels die in het ontwerp-actualisatieplan waren opgenomen, zorgen ervoor dat de doorlatendheid van de bodem niet groter wordt door grondwerkzaamheden, zoals graafwerkzaamheden of boringen. Dit is belangrijk omdat hierdoor eventuele grondwaterverontreinigingen niet sneller naar het grondwater kunnen stromen. Ook wordt voorkomen dat een boring het grondwater verontreinigt door het gebruik van verontreinigd spoel- of werkwater en dat er geen grondwaterstromen met verschillende chemische samenstelling gaan mengen die gescheiden zijn door een kleilaag. Omdat de drinkwaterreserveringsgebieden veel groter zijn dan de huidige beschermingszones, zullen naar verwachting veel meldingen gedaan moeten worden waarbij vooraf aangetoond moet worden dat de werkzaamheden worden uitgevoerd op een manier die mogelijke negatieve effecten voorkomt. Er is al een stelsel van regels (o.a. boorprotocol) dat zorgt voor het voorkomen van negatieve effecten bij boren. Voor extra zekerheid hebben we nu algemene regels opgenomen.
Om de administratieve lasten te verlagen, hebben we de regels als volgt aangepast: 1. De regels gelden niet voor ontgrondingsactiviteiten. Hiervoor is in veel gevallen al een vergunning nodig waarin wij of de gemeente voorschriften kunnen opnemen om het grondwater te beschermen. 2. We wijzigen de diepte waaronder een melding nodig is en algemene regels gelden (voor boren en grondwerkzaamheden) van 3 meter naar 10 meter onder maaiveld. Boringen en funderingen kunnen zonder melding tot 10 meter diep worden uitgevoerd. Deze wijziging betekent dat voor de meeste graafwerkzaamheden geen melding nodig zal zijn, omdat ze ondieper zijn. Wel zijn de generieke landelijke regels van toepassing.
Voor het onttrekken van grondwater hebben de waterschappen en de provincie regels opgesteld. Deze regels gaan daar niet over. De regels voor het onttrekken van grondwater blijven gelden.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 42 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
7.7 Het op of in de bodem brengen van afstromend water De algemene regel is dat de kwaliteit van het afstromend water geen nadelige gevolgen heeft voor de kwaliteit van het grondwater. Hoe groot de risico’s voor het grondwater zijn hangt onder andere af van waar het water vandaan komt. Van drukke wegen is het risico groter dan van een straat in een woonwijk.
Uit de zienswijzen blijkt dat het voor initiatiefnemers niet altijd duidelijk is welke activiteiten ze moeten melden en welke maatregelen ze moeten nemen. De regels voor kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden zijn nu zo aangepast dat we de meest risicovolle situaties specifiek aangeven en alleen deze hoeven te worden gemeld. Dit betekent dat de volgende nieuwe activiteiten, waarbij sprake is van afstromend water op of in de bodem, bij de provincie moeten worden gemeld: • • • •
zonnepark groter dan 1 hectare provinciale en rijkswegen parkeerplaatsen met meer dan 100 voertuigen bedrijventerreinen met milieubelastende activiteiten die op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving vergunningsplichtig of meldingsplichtig zijn. Andere situaties van afstromend water (op of in de bodem) hoeven alleen te worden gemeld in grondwaterbeschermingsgebieden van bestaande winningen.
Bij de melding in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) krijgt de initiatiefnemer te zien welke maatregelen hij kan nemen zodat het afstromend water de kwaliteit van het grondwater niet verslechtert. Andere maatregelen zijn in overleg met de provincie ook mogelijk. In kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden kan een monitoringsplan van de bodem- en de grondwaterkwaliteit dat met ons is afgestemd een goede maatregel zijn. Mocht uit de monitoring blijken dat toch onacceptabele verontreinigingen in de bodem en het grondwater terecht komen, kan het zijn dat achteraf toch maatregelen nodig zijn. Het is echter niet altijd makkelijk om achteraf maatregelen te nemen, bijvoorbeeld voor de materiaalkeuze van zonneparken. Het is daarom belangrijk om van tevoren de risico’s op verontreiniging te minimaliseren.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 43 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
7.8 Geen aanpassingen Er zijn geen aanpassingen ten opzichte van het eerdere voorstel voor: • het uitbreiden van een begraafplaats of terrein voor het verstrooien van as als bedoeld in de Wet op de lijkbezorging of een dierenbegraafplaats; • het aanleggen van een systeem voor individuele behandeling van afvalwater (IBA).
Deze activiteiten moeten worden gemeld en verontreiniging van het grondwater moet worden voorkomen.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 44 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
8. Aanpassingen regels minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden In de 3 minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden Tielerwaard, Betuwe-West-Buren en Gelderse Vallei mag de beschermende kleilaag niet doorboord worden. De minimale diepte van de beschermende kleilaag is NAP 35 meter.
Om de administratieve lasten te verlagen hebben we de diepte waaronder een melding nodig is en algemene regels gelden (voor boren en grondwerkzaamheden) aangepast van 3 meter naar 30 meter onder maaiveld. Ook worden ontgrondingsactiviteiten van de nieuwe regels uitgezonderd. De bestaande regels voor melding- en/of vergunningsplicht voor het onttrekken van water uit het grondwater blijven wel van kracht.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 45 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
9. Energietransitie in relatie tot de drinkwaterreserveringsgebieden
woensdag 25 mei 2022
Pagina 46 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
9.1 Windenergie en zonneparken Windenergie en zonneparken zijn mogelijk in een drinkwaterreserveringsgebied. Wel gelden in drinkwaterreserveringsgebieden een aantal regels om het grondwater te beschermen. Om de administratieve last te beperken, hebben we de dieptegrens, waarboven een melding moet worden gedaan bij een boring, gewijzigd van 3 meter naar 10 meter onder maaiveld in kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden en naar 30 meter onder maaiveld in minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden. Omdat de regels beperkt zijn, denken wij dat dit geen nadelige invloed heeft op het halen van de doelstellingen voor de energietransitie.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 47 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
9.2 Verbod bodemenergiesystemen in kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden We hebben 8 drinkwaterreserveringsgebieden aangemerkt als kwetsbaar drinkwaterreserveringsgebied omdat er geen diepe beschermende kleilaag is. Bodemenergiesystemen zijn daarom niet toegestaan. We begrijpen dat dit de mogelijkheden voor de energietransitie beperkt. Op dit moment houden we hier aan vast. Ondergronds zijn er wel andere (geïsoleerde) oplossingen voor seizoensmatige warmteopslag zoals een ecovat (pit-storage). Wij wijzen erop dat in de warmtetransitie ook bovengrondse mogelijkheden zijn zoals lucht-water warmtepompen en het benutten van restwarmtebronnen en full-electric oplossingen. Verder is er aan de randen van de reserveringsgebieden ook de mogelijkheid om met langere leidingen de bronnen buiten het gebied te plaatsen. Zeker voor geothermie kan dit perspectief bieden.
In de drie minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden is boven de diepe beschermende kleilaag wel bodemenergie mogelijk, omdat het grondwater onder de diepe kleilaag, dat wij voor drinkwater reserveren, door de kleilaag goed beschermd is.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 48 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
9.3 Verbod geothermie in drinkwaterreserveringsgebieden Geothermie is niet toegestaan in drinkwaterreserveringsgebieden. In het kader van de adaptieve strategie zouden we in de toekomst kunnen overwegen om de grenzen van het drinkwaterreserveringsgebied aan te passen. Dit doen we alleen bij een zeer zwaarwegend maatschappelijk belang van een andere ontwikkeling, zoals een concreet initiatief voor geothermie.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 49 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
9.4 Risico bodemenergie en geothermie voor grondwater Bodemenergiesystemen en geothermie (aardwarmte > -500 meter) vormen een risico voor het grondwater. Daarom gaan provincies uit van scheiding van de functies drinkwater, bodemenergie en geothermie. (N.B. In de drie minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden is boven de beschermende diepe kleilaag wel bodemenergie mogelijk, zie paragraaf 9.2). Het Rijk verleent vergunningen voor de Mijnbouwwet en daarmee ook voor geothermie. Zij gaat daarbij ook uit van scheiding van de functies drinkwater en geothermie. In de Kennisimpuls Waterkwaliteit werken Rijk, provincies, waterschappen, drinkwaterbedrijven en kennisinstituten aan meer inzicht in de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater en de factoren die deze kwaliteit beïnvloeden. In het project grondwater binnen de Kennisimpuls Waterkwaliteit zijn de risico’s van bodemenergie en geothermie beschreven. Hieronder geven we een korte samenvatting. Voor meer informatie zie www.kennisimpulswaterkwaliteit.nl.
Gesloten bodemenergiesystemen De risico’s van gesloten systemen hebben vooral te maken met het boren en afdichten van de boorgaten en lekkage van circulatievloeistof met vaak onbekende toevoegingen. Boren en afdichten mag alleen gedaan worden door bedrijven die gecertificeerd zijn en daar een erkenning voor hebben. Zij moeten zich houden aan protocollen voor boren en de aanleg van de installatie. Uit onderzoek van de Inspectie Leefomgeving en Transport blijkt dat boorbedrijven bij de aanleg onvoldoende rekening houden met de eisen en dat er bedrijven zijn die niet over de verplichte erkenning beschikken voor de aanleg. Bij onzorgvuldige aanleg kunnen er kortsluitstromen ontstaan tussen watervoerende pakketten, waardoor verontreinigingen zich gemakkelijk in de bodem kunnen verspreiden. Deze risico’s voor de bodem en de grondwaterkwaliteit zijn moeilijk ongedaan te maken.
Open bodemenergiesystemen Net als bij gesloten systemen kunnen er risico’s ontstaan als boren en afdichten niet volgens de vereiste certificering wordt gedaan door daartoe erkende bedrijven. De risico’s voor de bodem en het grondwater zijn vergelijkbaar met die bij de gesloten bodemenergiesystemen. Een specifiek risico bij open bodemenergiesystemen kan ontstaan wanneer er filters in verschillende watervoerende pakketten worden geplaatst. Het effect daarvan is vergelijkbaar met het risico dat ontstaat bij het niet goed afdichten van boorgaten. Verontreinigingen kunnen zich gemakkelijker in de bodem verspreiden. Als filters zich gedeeltelijk in zouter grondwater bevinden, dan kan zoet grondwater ter hoogte van het overige filtertraject verzilten. Veranderingen in de grondwaterkwaliteit bij temperaturen tot 25 °C zijn naar verwachting klein. Het effect van vermenging van grondwater door open bodemenergiesystemen schatten onderzoekers groter in dan de temperatuureffecten. Minder schoon ondiep grondwater wordt vermengd met dieper grondwater of er kan verzilting optreden (afhankelijk van de lokale situatie).
Geothermie Geothermie is een vorm van open bodemenergiesysteem dat wordt aangelegd op grote diepte, van 500 tot circa 5.000 meter. Het is een sector in ontwikkeling. De bekende calamiteiten traden op bij oudere systemen. Met systemen die aangelegd worden op basis van de nieuwe industriestandaard is nog geen ervaring. De belangrijkste risico’s voor het grondwater zijn lekkage en/of morsen op de bodem van zout grondwater uit de diepe bodemlagen, lekkage uit de put van diep zout grondwater naar het ondiepere schone grondwater en warmte-uitstraling. Door warmte-uitstraling van het hete water in de putten warmt het grondwater buiten de putten ook op. Dit opgewarmde water stroomt vervolgens verder van de putten vandaan. Standaard zijn temperatuurverhogingen tot 25 graden toegestaan bij ondiepe open bodemenergiesystemen. Deze hebben weinig effect op de grondwaterkwaliteit. Bij woensdag 25 mei 2022
Pagina 50 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
geothermie is sprake van hogere temperaturen dan 25 graden. Die hebben wel effect op chemie en microbiologie. Hier is nog weinig praktijkonderzoek naar gedaan.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 51 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
9.5 Afstemming met bodemenergie en geothermie In de afgelopen jaren hebben we contact gehad met de landelijke koepelorganisaties voor bodemenergie en geothermie. Ook hadden we contact met de gemeenten over de transitievisie warmte, die zij voor eind 2021 op moesten stellen. In deze gesprekken werd duidelijk dat het op dit moment vaak nog onduidelijk is waar precies ingezet zal (moeten) worden op bodemenergie en geothermie.
In februari 2022 hebben we de gepubliceerde transitievisies warmte van de gemeenten die in een drinkwaterreserveringsgebied liggen doorgenomen. Deze leveren geen nieuwe concrete informatie op over waar gebieden of initiatieven voor bodemenergie of geothermie zijn voorzien. We hebben in 2021 een opdracht uit laten voeren om de resultaten uit het landelijke SCAN-onderzoek naar de mogelijkheden voor geothermie verder te interpreteren. De resultaten zijn begin april 2022 opgeleverd. Binnen de provincie zijn er in verschillende gebieden mogelijkheden om geothermie te gebruiken. De gebieden met meer kansen liggen grotendeels buiten de drinkwaterreserveringsgebieden. Dit lijkt dus niet tot tegengestelde belangen te leiden. Beide onderzoeken leiden op dit moment niet tot aanpassing van het actualisatieplan 9 of de begrenzing van de drinkwaterreserveringsgebieden. Wel geven enkele aanpassingen van de grenzen van de drinkwaterreserveringsbieden naar aanleiding van de zienswijzen meer ruimte voor bodemenergie.
Het is nodig om nu de drinkwaterreserveringsgebieden aan te wijzen, zodat het grondwater goed beschermd blijft. Bij het besluit over de aanwijzing van drinkwaterreserveringsgebieden hoort een adaptieve strategie. In onze adaptieve strategie volgen we in de komende jaren de ontwikkelingen in het kader van de transitievisies warmte rond vraag en aanbod van warmte en het gewenste gebruik van bodemenergie en geothermie. Bij concrete initiatieven voor bodemenergie en geothermie kijken we dan in hoeverre het mogelijk en nodig is om aanpassingen te doen in ons beleid voor de drinkwaterreserveringsgebieden of de grenzen van de drinkwaterreserveringsgebieden.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 52 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
10. Zorgplicht, schade door milieuregels en schaduwwerking
woensdag 25 mei 2022
Pagina 53 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
10.1 Zorgplicht Onder de Omgevingswet geldt een algemene zorgplicht. Daarnaast kan voor bepaalde activiteiten een specifieke zorgplicht opgenomen worden in de omgevingsverordening. Binnen de drinkwaterreserveringsgebieden geldt een specifieke zorgplicht. Iedereen die een grondwaterbedreigende activiteit verricht die nadelige gevolgen kan hebben voor de kwaliteit van het grondwater, is verplicht om er alles aan te doen om die gevolgen te voorkomen. Als die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, moeten de gevolgen zoveel mogelijk worden beperkt of ongedaan gemaakt. Het kan ook zijn dat een activiteit niet mag worden verricht als nadelige gevolgen voor het grondwater onvoldoende kunnen worden beperkt.
In de specifieke regels voor activiteiten binnen drinkwaterreserveringsgebieden zijn enkele (grondwaterbedreigende) activiteiten binnen deze gebieden op voorhand verboden. Ook gelden voor bepaalde activiteiten specifieke voorwaarden om de activiteit te mogen uitvoeren. Zo kunnen extra maatregelen of voorzieningen nodig zijn en kan er sprake zijn van een vergunningplicht of meldingsplicht. De zorgplicht geldt echter altijd en voor alle activiteiten, ook als er geen specifieke regels zijn gesteld.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 54 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
10.2 Schade door milieuregels (nadeelcompensatie) Als gevolg van de nieuwe regels binnen de drinkwaterreserveringsgebieden zien wij op voorhand geen beperkingen die partijen onevenredig zwaar zouden kunnen treffen. Onder de nieuwe regels kunnen alle bestaande activiteiten doorgaan, waarbij ook nog uitbreidingen mogelijk zijn. Daarbij is wel van belang dat de risico’s voor de kwaliteit van het grondwater niet toenemen bij uitbreiding. Als dat niet is uitgesloten kan weliswaar een vergunningplicht of meldingsplicht gelden, net als voor bepaalde nieuwe activiteiten, maar dat betekent niet automatisch dat forse investeringen nodig zijn.
Onder de nieuwe regels zijn naast nieuwe mijnbouwwerken (waaronder geothermie) slechts 2 nieuwe activiteiten absoluut verboden in de drinkwaterreserveringsgebieden. In de kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden zijn nieuwe bodemenergiesystemen verboden en in de minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden is het verboden om nieuwe diepe boringen te plaatsen in en door beschermende bodemlagen. Voor zowel bodemenergiesystemen als diepe boringen zijn er alternatieven, waardoor niet op voorhand kan worden geconcludeerd dat zulke verboden per definitie onevenredig zijn.
Voor bepaalde activiteiten gaat een vergunningplicht of meldingsplicht gelden en (daarmee) ook extra regels om de kwaliteit van het grondwater te beschermen. Dat kan betekenen dat er beperkingen gelden bij de uitvoering van zo’n activiteit, maar dat betekent niet dat zo’n activiteit per definitie onuitvoerbaar wordt of dat sprake is van een onevenredig nadeel. Zoals eerder vermeld zien wij hierbij op voorhand geen beperkingen die partijen onevenredig zwaar kunnen treffen.
Daarnaast bieden de algemene regels van de verordening een bepaalde afwegingsruimte (zie paragraaf 6.3) om onvoorziene en onredelijke nadelen voor specifieke gevallen te voorkomen. Maar een eventuele afwijking van de regels moet altijd worden afgewogen ten opzichte van het drinkwaterbelang, en dat is een zwaarwegend belang.
Daarom valt op voorhand ook niet geheel uit te sluiten dat iemand onevenredig wordt getroffen. Als er vanwege de regels maatregelen of voorzieningen moeten worden genomen (ter bescherming van het grondwater) kan dat extra kosten met zich meebrengen. En afhankelijk van de individuele situatie (de normale bedrijfsvoering) zou dat een bovenmatige investering kunnen betekenen. Voor dergelijke bijzondere gevallen bestaat er een landelijke wettelijke regeling met betrekking tot nadeelcompensatie op grond van de Omgevingswet (afdeling 15.1) en de Algemene wet bestuursrecht (titel 4.5). De benadeelde kan daarvoor een verzoek indienen. Zo’n verzoek bevat een omschrijving van de gebeurtenis die schade veroorzaakt en een opgave van de aard van de schade, het bedrag en een specificatie daarvan. Gedeputeerde Staten kunnen een adviescommissie instellen om hen te adviseren over het verzoek. Voor die gevallen waarin een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar wordt getroffen (door de kosten die moeten worden gemaakt of de schade die wordt geleden) kan op deze manier worden voorzien in een gedeeltelijke vergoeding van de kosten of schade.
Voor een geslaagd beroep op nadeelcompensatie is wel nodig dat waardevermindering of inkomensschade wordt aangetoond die het normaal maatschappelijk risico overstijgt. En dat zal bij een schade van enkele duizenden euro’s niet zonder meer het geval zijn. Daarbij moet het gaan om schade aan de bestaande bedrijfsvoering door direct geldende beperkingen. Misgelopen inkomsten uit niet aangevangen bedrijfsvoering komen niet voor vergoeding in aanmerking (volgens vaste jurisprudentie). Daarmee leidt de aanwijzing van een drinkwaterreserveringsgebied als zodanig dus niet tot schade, behalve voor zover dit concrete beperkingen met zich brengt op grond van de regels. woensdag 25 mei 2022
Pagina 55 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
10.3 Zorgen over schaduwwerking Veel agrariërs vrezen schaduwwerking door het aanwijzen van de drinkwaterreserveringsgebieden. Los van de regels die in de drinkwaterreserveringsgebieden gaan gelden, zijn zij bang voor strengere regels als ze in de toekomst in een grondwaterbeschermingsgebied zouden komen te liggen. Door onzekerheid over de duur van de reservering blijft dit voor hen boven de markt hangen en twijfelen zij over het doen van investeringen. Zij vrezen voor waardedaling van hun grond en bedrijf en daardoor voor daling van hun kredietwaardigheid bij banken. Het gaat hier om zogenaamde schaduwschade: schade die intreedt door de vrees voor daadwerkelijke beperkingen. Zoals hiervoor (onder 10.2) aangegeven voorzien wij op voorhand geen onevenredig nadeel als gevolg van de nieuwe regels. En als dat voor een individueel geval onverhoopt toch het geval blijkt te zijn, voorziet de landelijke wettelijke regeling met betrekking tot nadeelcompensatie eventueel in een gedeeltelijke schadevergoeding. Daarbij geldt wel dat pas aanspraak op nadeelcompensatie bestaat als de beperking zich daadwerkelijk voordoet. Er wordt (naar huidig recht) geen vergoeding toegekend vanwege de dreiging van beperkingen.
Vaststelling van de drinkwaterreserveringsgebieden betekent ook niet automatisch dat in de nabije toekomst sprake zal zijn van een drinkwaterwinning ter plaatste. En daarmee dus ook niet dat beschermingsregels van een toekomstig grondwaterbeschermingsgebied of een toekomstige grondwateronttrekking voor de drinkwaterwinning voor schade gaan zorgen. Voor die gevallen waar uiteindelijk wel echt een drinkwaterwinning wordt gerealiseerd en waar wel een grondwaterbeschermingsgebied wordt vastgesteld, zijn op dat moment de wettelijke schadevergoedingsregelingen van toepassing. Dat gaat enerzijds om de in de vorige paragraaf omschreven nadeelcompensatie op grond van afdeling 15.1 van de Omgevingswet voor beperkingen op grond van de regels in een grondwaterbeschermingsgebied. En anderzijds om de schadevergoedingsregeling bij gedoogplichten op grond van afdeling 15.2 van de Omgevingswet voor de schade die het gevolg is van de grondwateronttrekking (voor de drinkwaterwinning). Daar kan dan in de toekomst een beroep op worden gedaan.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 56 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
10.4 Vrees voor strengere regels gewasbeschermingsmiddelen later in grondwaterbeschermingsgebied In de drinkwaterreserveringsgebieden komen geen extra regels voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Dat geldt zowel voor de kwetsbare als de minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden. Alleen de landelijke regels gelden.
Veel agrariërs zijn bang voor strengere regels als ze in de toekomst in een grondwaterbeschermingsgebied zouden komen te liggen. Ze noemen vooral de strengere regels voor gewasbeschermingsmiddelen. Voor de kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden geldt, dat als te zijner tijd een concrete drinkwaterlocatie is gevonden er een grondwaterbeschermingsgebied wordt aangewezen. Hier gelden dan de landelijke regels voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in grondwaterbeschermingsgebieden. Dit betekent dat sommige gewasbeschermingsmiddelen niet meer gebruikt mogen worden. Het is geen vaste lijst; het Rijk kan deze aanpassen als daar aanleiding voor is. Bijvoorbeeld als een middel toch schadelijker is dan eerst gedacht.
Voor de minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden Tielerwaard, Betuwe-West-Buren en Gelderse Vallei geldt dat hier waarschijnlijk geen grondwaterbeschermingsgebied komt, maar een boringsvrije zone. Daar komen dan geen aanvullende regels voor gewasbeschermingsmiddelen zoals in grondwaterbeschermingsgebieden.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 57 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11. Risico op effecten
woensdag 25 mei 2022
Pagina 58 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11.1 Bodemdaling Met de aanwijzing als drinkwaterreserveringsgebied treden nog geen door de drinkwaterwinning veroorzaakte effecten op de bodem op, omdat er nog geen grondwater wordt onttrokken.
De bodem in Nederland beweegt als gevolg van het droogpompen van polders, het winnen van grondstoffen, aanleg van (ondergrondse) infrastructuur en natuurlijke processen zoals veenoxidatie en klimaatverandering. Op www.bodemdalingskaart.nl zijn de gegevens over bodemdaling in Nederland te vinden en is te zien dat op veel plaatsen altijd al een natuurlijke of door mensen veroorzaakte bodemdaling plaats kan vinden. Schade aan bodem en gebouwen komt meestal door verschillen in bodemdaling over korte afstand. Als de bodem in een gebied als geheel daalt, is er meestal geen schade. Los van grondwateronttrekking kan bodemdaling ook optreden of in het verleden opgetreden zijn door bijvoorbeeld lagere grondwaterpeilen en lage grondwaterstanden en/of rivierwaterstanden in tijden van droogte. Ook de zettingsgevoeligheid van de ondergrond en het gebruik van de bovengrond spelen een rol. Door deze complexe bodemprocessen is het niet mogelijk om op voorhand te bepalen of bodemdaling optreedt en zo ja, welke bodemdaling door een (toekomstige) winning komt en welke al zonder die winning optreedt.
Uit het MER blijkt dat bij diepe winningen onder een dikke beschermende kleilaag de grondwaterstand aan het maaiveld nauwelijks daalt (zoals bij de minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden Tielerwaard, BetuweWest-Buren en Gelderse Vallei). Daarom verwachten we dat toekomstige grondwateronttrekking in deze gebieden niet leidt tot schade als gevolg van bodemdaling door het onttrekken voor de drinkwaterwinning.
In de Regionale studies grondwater en het plan-MER is de kans op bodemdaling door toekomstige grondwateronttrekking op hoofdlijnen in beeld gebracht. Bij het zoeken naar de beste locatie van een drinkwaterwinning binnen het drinkwaterreserveringsgebied in het vervolgproces onderzoekt Vitens meer in detail de mogelijke bodemdaling en de risico's daarvan voor bebouwing en infrastructuur. Het doel is om de uiteindelijke winlocatie zo goed mogelijk in te passen in de omgeving. Daarbij kijken we ook welke mogelijkheden er zijn om de effecten op het watersysteem te verkleinen (mitigatie). Als mogelijke schade niet is uit te sluiten, dan verbinden we voorschriften aan de vergunning van Vitens om het risico te verkleinen en om de werkelijke effecten te meten. Mocht er toch schade door de drinkwateronttrekking optreden, dan kan op grond van de Omgevingswet (artikel 15.16) een verzoek om onderzoek naar schadevergoeding (door Vitens) bij ons ingediend worden.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 59 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11.2 Effecten op gewassen Met de aanwijzing als drinkwaterreserveringsgebied treden nog geen effecten op de gewassen op, omdat er nog geen grondwater wordt onttrokken.
De gewasopbrengst is afhankelijk van de juiste beschikbaarheid van bodemvocht. De ideale bodemvochttoestand voor optimale gewasopbrengsten is afhankelijk van veel factoren zoals voldoende maar geen overtollige neerslag, een passend waterbeheer van het oppervlaktewater en een goed bodembeheer. Door klimaatverandering is er in toenemende mate vaker te veel of te weinig neerslag en treden er langere aaneengesloten perioden van droogte op.
In de bovengenoemde perioden van droogte zijn er nu al droogtegevoelige situaties. Zo zijn zandgronden met diepe grondwaterstanden droogtegevoelig. Zware kleigronden zijn slecht doorlatend voor water en kunnen aan de bovenkant erg uitdrogen. Een hoog waterpeil in de sloot helpt dan niet, want transport van water door de bodem gaat dan heel langzaam. Alleen beregening kan dan nog helpen. In een extreme droogte zoals in 2018 zakken in het zandgebied de grondwaterstanden zeer ver uit door de droogte. Ook minder droogtegevoelige gronden krijgen dan last. In het Rivierengebied en de Liemers komen daar de lage rivierstanden nog bij. Aan deze door het weer veroorzaakte situatie doet een drinkwaterwinning weinig toe of af.
Als later een drinkwaterwinning wordt gestart, kan lokaal de grondwaterstand dalen afhankelijk van de diepte van de toekomstige winning. Afhankelijk van de droogtegevoeligheid van de lokale bodemtypen kan dit leiden tot negatieve effecten (droogteschade) én positieve effecten (vermindering natschade) op gewassen. Het doel is om de uiteindelijke winlocatie zo goed mogelijk in te passen in de omgeving. Daarbij kijken we ook welke mogelijkheden er zijn om de effecten op het watersysteem te verkleinen (mitigatie). Als mogelijke schade niet is uit te sluiten, dan verbinden we voorschriften aan de watervergunning voor Vitens voor het onttrekken van grondwater om de schade aan landbouw te voorkomen of te verminderen. Ook moet Vitens meten hoeveel de grondwaterstand werkelijk daalt. Mocht er door de onttrekking toch schade optreden, dan kan op grond van de Omgevingswet (artikel 15.16) een verzoek om onderzoek naar schadevergoeding (door Vitens) bij ons ingediend worden.
In het MER hebben we alleen gekeken naar het aantal hectares landbouwgrond met droogtegevoelige bodemtypen, omdat een Milieueffectrapport zich richt op milieueffecten (dus de daling van de stand van het grondwater). We gebruikten de berekende hectares om de bouwstenen binnen Gelderland onderling te vergelijken. Als de winning er komt, wordt de grondwaterstandsdaling opnieuw en nauwkeuriger berekend op basis van de uiteindelijke winlocatie en bijbehorende omgeving. Bij de laanboomsector (en de fruitteelt) speelt niet zozeer de grondwaterstand, maar de beschikbaarheid van water een rol. De daling van de grondwaterstand als gevolg van eventuele toekomstige drinkwaterwinning heeft maar beperkt invloed op de beschikbaarheid van water. Beregening uit grondwater blijft mogelijk en ook zijn andere oplossingen mogelijk. Zie ook paragraaf 7.6, hoofdstuk 8 en paragraaf 11.3 van deze reactienota.
Het effect op de gewasopbrengst als gevolg van een toekomstige winning is niet exact bepaald, omdat er nog te veel ontwerpaspecten onbepaald zijn. In het MER is alleen getoetst hoe de effecten op landbouw zich verhouden tot de effecten in bouwstenen elders in Gelderland op basis van een standaard winning. Binnen de bouwstenen is berekend hoeveel droogtegevoelige bodemtypen voorkomen binnen de lijn met 5 cm grondwaterstandsdaling en woensdag 25 mei 2022
Pagina 60 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
hoeveel hectare binnen de lijn met 20 cm grondwaterstandsdaling. Hierbij hebben we maatregelen die de effecten verzachten (mitigatie) nog niet meegenomen. Met mitigatie en met optimalisatie kan de grondwaterstandsdaling minder worden. Bij de project-m.e.r van een toekomstige winning wordt meer in detail onderzocht hoe groot de grondwaterstandsdaling en het effect op de landbouwgronden kan worden en welke mitigatie daarbij mogelijk is.
Voor minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden verwachten we geen grote grondwaterstandsdaling in de laag boven de kleilaag. De daling zal naar verwachting hooguit 1 tot enkele centimeters zijn, afhankelijk van de spreiding van de putten. De effecten hiervan op de landbouw zijn zeer klein tot verwaarloosbaar.
In het vervolgproces om de mogelijkheden te onderzoeken om de relatief grote drinkwaterreserveringsgebieden te verkleinen en concrete winlocaties te zoeken, kijken we naar alle functies in een gebied in relatie tot de inpasbaarheid van een toekomstige winning. Daar horen ook de agrarische ondernemers bij.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 61 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11.3 Waterbeschikbaarheid Het boren voor het aanleggen van nieuwe beregeningsputten (of andere grondwateronttrekkingen) is mogelijk met een melding. Voor de minder kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden Tielerwaard, Betuwe-West-Buren en Gelderse Vallei geldt wel dat niet in en door de diepe beschermende kleilaag geboord mag worden. Boven de diepe kleilaag mag wel een nieuwe beregeningsput of grondwateronttrekking aangelegd worden. Bestaande diepe beregeningsputten kunnen blijven. In de kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden zijn nieuwe beregeningsputten tot alle diepten mogelijk (met melding), omdat hier geen diepe beschermende kleilaag is. Die hoeft dus ook niet te worden beschermd.
Los van de regels voor het boren in de drinkwaterreserveringsgebieden, hadden de waterschappen en provincie al regels voor een grondwateronttrekking. Die regels voor grondwateronttrekking blijven gelden. Daarvoor kan een melding of vergunning van het waterschap nodig zijn. Voor grondwateronttrekkingen voor industriële toepassingen van meer dan 150.000 m3 per jaar is een vergunning van de provincie nodig. Voor het onttrekken van oppervlaktewater is toestemming nodig van het waterschap. Het waterschap kan in tijden van watertekort ook een beregeningsverbod uit oppervlaktewater instellen.
Met de aanwijzing van de drinkwaterreserveringsgebieden stellen we geen regels voor de hoeveelheid grondwater die onttrokken mag worden. In die zin leidt dit besluit dus niet tot beperkingen in de waterbeschikbaarheid vanuit grondwater voor andere doelen.
We zien wel dat door de klimaatverandering er steeds meer grondwater wordt onttrokken. Niet alleen voor drinkwater, maar ook voor bijvoorbeeld beregening. In onze Omgevingsvisie Gaan voor Gelderland en ons Regionaal Waterprogramma geven we aan dat een duurzaam watersysteem en een goed voorraadbeheer van gronden oppervlaktewater essentieel is. In de komende jaren gaan we daarmee aan de slag samen met de waterschappen. Aan de ene kant willen we water vasthouden, zodat droge perioden beter kunnen worden overbrugd. Aan de andere kant moeten we ook kijken in welke mate het watersysteem wordt overvraagd. Daar waar het watergebruik niet past bij een duurzaam en klimaatbestendig gebruik, gaan we mogelijk aanvullende kaders stellen, wellicht ook (regionale) plafonds voor grondwateronttrekking. Hiervoor is het nodig om alle grondwateronttrekkingen goed te registreren, zodat we inzicht krijgen in de juiste ‘grondwaterbalans’.
Partijen die behoefte hebben aan water kunnen ook zelf maatregelen nemen die bijdragen aan minder watergebruik in perioden van schaarste, zoals buffers aanleggen, het vochtvasthoudend vermogen van de bodem verbeteren en overschakelen op gewassen die minder water nodig hebben. Dat geldt ook voor de gebieden buiten de drinkwaterreserveringsgebieden.
Met name de fruitteelt gebruikt vaak diepe beregeningsputten omdat ze in de zomer ijzerarm water willen hebben. Met name voor de koeling van de vruchten tegen hittestress tijdens zeer warme dagen hebben zij ijzervrij water nodig. Voor beregening, irrigatie en bescherming tegen nachtvorst in het voorjaar is niet per se ijzervrij water nodig. Telers kunnen ook ondieper grondwater onttrekken en het ijzer uit het water halen met een ontijzeringsinstallatie. Mogelijk is daarnaast opslag van ontijzerd water nodig. Daarnaast is ook het oppervlaktewater minder ijzerrijk en kan dit wanneer er voldoende wateraanvoer is worden benut. Er bestaan ook voorbeelden van hemelwateropslag. Ook dat is niet ijzerrijk. woensdag 25 mei 2022
Pagina 62 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
De fruitteelt- en laanboomsector in het rivierengebied vragen in hun zienswijzen om een integrale benadering van het vraagstuk rond waterbeschikbaarheid voor alle functies, ook gezien de klimaatverandering. Wij pakken deze suggestie op en gaan hierover in gesprek.
In een deel van de drinkwaterreserveringsgebieden is wateraanvoer mogelijk, met name in het rivierengebied. Deze wateraanvoer staat in de toekomst in beperkte mate onder druk door klimaatverandering. Toch zijn de effecten van een toekomstige winning aan maaiveld hier geringer dan in de andere drinkwaterreserveringsgebieden.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 63 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11.4 Effect waterwinning op wateraanvoer en waterbeschikbaarheid in het westelijk rivierengebied In het rivierengebied is er voor gekozen om in het westelijk gedeelte van het gebied de drinkwaterreserveringsgebieden zoet grondwater aan te wijzen. Er is gekozen voor diepe winningen zodat de effecten aan maaiveld klein zijn. En daarmee het effect op de waterbeschikbaarheid via grondwater ook. Wateraanvoer uit de grote rivieren wordt gebruikt voor peilhandhaving, doorspoeling en beregening. Peilen in watergangen dalen door wegzijging en beregening. Dit moet dan tijdig worden aangevuld. De uitdaging is om het water op het juiste moment met de juiste hoeveelheid en kwaliteit bij gebruikers te krijgen.
In het MER hebben wij onderzocht wat in de zomerperiode het effect is van een nieuwe winning op de wateraanvoer vanuit de rivier naar het binnendijkse gebied (inlaat) en de infiltratie van binnendijks oppervlaktewater naar het grondwater. Voor de inschatting van het effect op waterbeschikbaarheid via wateraanvoer zijn berekeningen gemaakt met een grondwatermodel. We hebben de berekeningen gedaan voor de Tielerwaard. De situatie in drinkwaterreserveringsgebied Betuwe-West-Buren is vergelijkbaar.
De situatie van het jaar 2018 is doorgerekend met en zonder nieuwe diepe winning. Wij hebben daarbij berekend wat de effecten zijn van een waterwinning in de Tielerwaard, met een omvang van 8 miljoen m3 per jaar onder de beschermende kleilaag. In de zomerperiode van drie maanden is de onttrekking dan 2 miljoen m3. Ongeveer 25% van het onttrokken grondwater komt via de bodem uit het oppervlaktewater, in de zomerperiode is dit dus 0,5 miljoen m3. De andere 75% komt uit het diepe grondwater. In een normale droge zomer is deze 0,5 miljoen m3 3,5% van de 14 miljoen m3 oppervlakwater dat wordt ingelaten vanuit de grote rivieren. In een zeer droog jaar is het 2,8% van de inlaat van 18 miljoen m3. Van het ingelaten water komt dus maar een beperkt deel ten goede aan een (nieuwe) drinkwaterwinning van 8 miljoen m3 in de Tielerwaard. De diepe grondwaterwinning in de Tielerwaard heeft dus een klein effect op het totale gebruik van het aanvoerwater uit de grote rivieren. Het effect is klein, maar niet onbelangrijk. Bij de keuze van de locatie van de winning moet dit aspect zeker een plek krijgen in het keuzeproces.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 64 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11.5 Waterkwaliteit In de drinkwaterreserveringsgebieden leggen we geen aanvullende regels op voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en reguliere meststoffen.
Aan de andere kant stelt het Rijksinstituut voor Milieu vast dat de waterkwaliteit in Gelderland nog steeds onder druk staat, zowel binnen als buiten de drinkwaterreserveringsgebieden (zie Staat Drinkwaterbronnen | RIVM). In drinkwaterwinningen worden namelijk stoffen gevonden die het ongezuiverde water vervuilen. Een deel van deze stoffen komt uit de landbouw. Ook huishoudens en industrie gebruiken stoffen die onder andere via de rioolwaterzuivering en de lucht in het milieu komen. In onze Omgevingsvisie Gaaf Gelderland en ons Regionale Waterprogramma geven we aan dat we komende tijd werken aan een duurzaam en klimaatbestendig bodem- en watersysteem. Om in 2027 de KRW-doelen (Kaderrichtlijn Water) te halen, kan het zijn dat aanvullende kaders nodig zijn voor de belasting van het watersysteem met diffuse verontreinigingen. Dat staat echter los van dit besluit tot aanwijzing van drinkwaterreserveringsgebieden. Partijen kunnen hier alvast rekening mee houden door zelf maatregelen te nemen waardoor het watersysteem minder wordt belast.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 65 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
11.6 Natuur Met de aanwijzing als drinkwaterreserveringsgebied treden nog geen effecten op natuur op, omdat er nog geen grondwater wordt onttrokken.
Op grond van de Regionale studies grondwater zijn de gebieden waar een toekomstige drinkwaterwinning een negatief effect op grondwaterafhankelijke natuur en kwelafhankelijke natuur in Natura 2000-gebieden kan hebben afgevallen als mogelijk drinkwaterreserveringsgebied. We kunnen een drinkwaterwinning daar waarschijnlijk geen vergunning geven op grond van de Wet natuurbescherming, omdat er negatieve effecten kunnen zijn op Natura 2000 en omdat er alternatieven, namelijk andere gebieden zonder effecten op Natura 2000-gebieden, beschikbaar zijn. Deze gebieden zijn daarom niet meegenomen in de 71 mogelijke reserveringsgebieden die in het MER zijn onderzocht.
De Voortoets Natuur (bijlage 4 van het MER) maakt duidelijk dat natuurschade aan niet Natura 2000-gebieden voor de 71 mogelijke gebieden niet overal helemaal valt uit te sluiten. Het gaat hierbij om lichte nadelige effecten op gevoelige natuur, die te voorkomen zijn door een zorgvuldige inpassing van de drinkwaterwinning. Dit kan gebeuren in een latere project-m.e.r.. De Commissie m.e.r. vindt dit voldoende waarborg om te verzekeren dat nadelige effecten voorkomen kunnen worden. In latere project-Milieueffectrapporten moeten ook eventuele gevoelige natuurgebieden buiten de provinciegrens, inclusief Duitsland, in beeld worden gebracht.
woensdag 25 mei 2022
Pagina 66 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
12. Zienswijzen Gebied: Winssen-Slijk-Ewijk Reactienummer:
1
Indiener:
Gemeente Neder-Betuwe
Samenvatting De gemeente Neder-Betuwe ondersteunt de doelstelling om altijd te kunnen voorzien in voldoende drinkwater. Maar het aangewezen gebied binnen de gemeente Neder-Betuwe is volgens de gemeente heel groot en heeft door de regels in de verordening mogelijk forse consequenties voor diverse activiteiten. Dit vindt de gemeente niet acceptabel. De gemeente verzoekt om bij de vaststelling van de verordening rekening te houden met een aantal ontwikkelingen in de gemeente Neder-Betuwe en het reserveringsgebied hierop aan te passen. 1. De gemeente stelt op dit moment kaders en randvoorwaarden vast voor de ontwikkeling van de kern Dodewaard in westelijke richting voor toekomstige woningbouw. Dit gebied, evenals de gehele kern Dodewaard, valt binnen het reserveringsgebied. Dat betekent dat bij nieuw te realiseren woningen, maar ook bij de bestaande woningen in de kern Dodewaard en het gehucht Wely, geen bodemenergiesystemen mogelijk zijn. Gezien het belang van de energietransitie houdt de gemeente die mogelijkheid graag open. 2. Daarnaast is de gemeente reeds vergevorderd met de (planologische voorbereiding voor een) uitbreiding van het bedrijventerrein Bonegraaf, ten oosten van het bestaande bedrijventerrein. Aangezien bedrijventerreinen buiten het reserveringsgebied worden gehouden, verzoekt de gemeente ook met deze ontwikkeling rekening te houden. 3.
De gemeente is met de gemeente Overbetuwe en marktpartijen bezig met de ontwikkeling van het windpark Midden-Betuwe, ter uitvoering van de Regionale energiestrategie Fruitdelta Rivierenland 1.0. Het vaststellen van de verordening en een grondwaterreserveringsgebied mag een dergelijke ontwikkeling niet in de weg staan. 4. De gemeente vraagt daarom om de gehele kern Dodewaard, inclusief de uitbreiding in westelijke richting, en ook de uitbreiding van het bedrijventerrein Bonegraaf en het windpark Midden-Betuwe buiten het voorgestelde drinkwaterreservingsgebied te houden. Ter compensatie ziet de gemeente ook mogelijkheden om het reserveringsgebied uit te breiden in westelijke richting. In dit komgebied/ weidevogelgebied zijn juist geen ontwikkelingen voorzien. De gemeente stelt daarom voor om bij nader onderzoek naar waterwingebieden, dit deel van gemeente daarin te betrekken. 5. De gemeente zet zich al jaren, samen met de sector, in om het laanboomcluster van Europa te worden en te blijven. In het buitengebied van de gemeente zijn veel laanboomtelers gevestigd. De gemeente interpreteert de regels uit de concept verordening zo dat bestaande laanboomteeltbedrijven niet in hun (bestaande) bedrijfsvoering worden gehinderd en ontvangt daarvan graag een bevestiging. 6. Voor uitbreiding van bedrijfsactiviteiten ligt dit (mogelijk) anders.
Een laanboomteler die binnen het beoogde grondwaterreserveringsgebied wil uitbreiden, zal bepaalde activiteiten niet (meer) kunnen uitoefenen. Dit vindt de gemeente, gelet op de hiervoor genoemde ontwikkeling van de laanboomsector in de gemeente, niet gewenst. Gemeente ziet dan ook graag dat deze bedrijven in het buitengebied kunnen uitbreiden en dat de verordening daar ruimte voor blijft bieden. 7. In de onlangs vastgestelde Regionale Energie Strategie FruitDelta Rivierenland 1.0, zet de gemeente samen met de regio vooral in op het toepassen van zonne-energie en windenergie. Hoewel voor de grootschalige toepassing van geothermie of aquathermie nog veel onderzoek nodig is, is er op dat terrein ook een hoge ambitie. Door het voorliggende ontwerpbesluit worden die mogelijkheden binnen het drinkwaterreserveringsgebied echter uitgesloten. Graag hoort de gemeente of er voor de toekomst toch woensdag 25 mei 2022
Pagina 67 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
mogelijkheden op die terreinen van duurzame energie kunnen blijven bestaan. Antwoord 1. Het gebied Winssen-Slijk-Ewijk is aangemerkt als een kwetsbaar drinkwaterreserveringsgebied omdat er geen diepe beschermende kleilaag is. Bodemenergiesystemen zijn daarom niet toegestaan. Dit komt overeen met de interprovinciale lijn om de functies bodemenergie en drinkwater ruimtelijk te scheiden. Op dit moment houdt de provincie hier aan vast. Zie verder paragraaf 9.2 en 9.4 van de reactienota. De provincie begrijpt dat dit de ondergrondse mogelijkheden voor de energietransitie beperkt. Er zijn ook bovengrondse alternatieven mogelijk om de warmtetransitie te realiseren. 2. Bij de begrenzing van de drinkwaterreserveringsgebieden hebben we waar mogelijk rekening gehouden met andere functies, zoals bestaand stedelijk gebied, bedrijventerreinen en kansen voor geothermie. Daarbij is van belang dat er voldoende ruimte overblijft om op project-m.e.r.-niveau de beste plek voor een concrete drinkwaterwinning te kunnen vinden. Randvoorwaarde is ook dat de beoogde hoeveelheid drinkwater nog steeds kan worden gewonnen en dat deze goed beschermd blijft. Daarom was het niet altijd mogelijk om (stedelijk gebied en) bedrijventerreinen buiten het drinkwaterreserveringsgebied te houden. Zie ook paragraaf 5.3 van de reactienota.
Overigens kunnen bedrijventerreinen en drinkwaterreserveringsgebieden samen gaan. Soms is wel een melding of vergunning nodig voor (bedrijfs)activiteiten met een risico voor het grondwater. Zie hoofdstuk 7 van de reactienota. Omdat het bij de uitbreiding van het bedrijventerrein Bonegraaf gaat om een vastgesteld plan en de geplande locatie door de beperkte omvang en ligging de zoekruimte voor een toekomstige winning niet aantast, komen we tegemoet aan het verzoek van de gemeente en halen we dit stuk uit het drinkwaterreserveringsgebied. 3. Zie paragraaf 9.1. van de reactienota over windenergie en zonnepanelen. 4. Behalve de uitbreiding van bedrijventerrein Bonegraaf vindt de provincie het niet wenselijk om de gevraagde delen uit het drinkwaterreserveringsgebied te halen. Dit zou de zoekruimte om de meest geschikte plek voor een concrete drinkwaterwinning te vinden te veel beperken. • Voor de warmtetransitie zijn ook alternatieven mogelijk naast bodemenergiesystemen. • Windenergie is mogelijk in een drinkwaterreserveringsgebied als aan de algemene regels voor werkzaamheden in de bodem wordt voldaan. Om de administratieve last te beperken hebben we de dieptegrens waarboven een melding moet worden gedaan bij werkzaamheden in de grond zoals boren, aangepast van 3 meter naar 10 m, zie paragraaf 7.6 van de reactienota.
• Het is nu niet mogelijk om ter compensatie een extra gebied toe te voegen aan het drinkwaterreserveringsgebied, omdat dit extra gebied niet ter visie heeft gelegen. Los daarvan helpt het voorgestelde compensatiegebied niet wezenlijk om een oevergrondwaterwinning vlak bij de rivier beter te beschermen. 5. Bestaande bedrijven kunnen blijven. Het kan wel zo zijn bedrijven nieuwe activiteiten gaan uitvoeren, waarvoor regels gelden. Zie verder punt 6. 6. Met de aanpassing van Actualisatieplan 8 Omgevingsverordening staat de activiteit 'telen van gewassen in de open lucht' alleen nog op de 'lijst van verboden grondwaterbedreigende activiteiten' voor wat betreft de waterwingebieden direct om de bestaande drinkwaterwinningen. De laanboomteelt valt onder deze categorie. De vergunningplicht voor uitbreiding van deze categorie in drinkwaterreserveringsgebieden is daarmee vervallen. De verordening biedt dus ruimte voor uitbreiding. 7. Geothermie is niet toegestaan in drinkwaterreserveringsgebieden. Aquathermie is mogelijk in drinkwaterreserveringsgebieden. Maar vaak is aan aquathermie opslag van warmte en koude in de bodem verbonden dat wel is verboden. In het kader van de adaptieve strategie zou in de toekomst, bij een zeer zwaarwegend maatschappelijk belang van een andere ontwikkeling, zoals bijvoorbeeld woensdag 25 mei 2022
Pagina 68 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
een concreet initiatief voor geothermie, overwogen kunnen worden de begrenzing van het drinkwaterreserveringsgebied aan te passen om die ontwikkeling mogelijk te maken. Wijzigingen Wij passen de begrenzing van het drinkwaterreserveringsgebied aan en halen de uitbreiding van het bedrijventerrein Bonegraaf er uit. Daarnaast hebben we een aantal beschermingsregels gewijzigd, zie hoofdstuk 7 en 8 van deze reactienota.
Gebied: Velp-Doesburg Reactienummer:
2
Indiener:
Fungiwerken
Samenvatting 1. Indiener onderschrijft de gedegen aanpak van de verordening. De analyse en onderbouwing van het beschermingsbeleid ontbreekt echter. Deze tekortkoming moet worden weggenomen – is het niet in een aanpassing van dit Ontwerp dan wel via de adaptieve strategie. 2. Indiener is in het kwetsbare drinkwaterreserveringsgebied Velp-Doesburg actief met de ontwikkeling van een initiatief op het gebied van circulaire paddenstoelenteelt in combinatie met teelt van andere gewassen (vertical farming). Dit is één van de activiteiten die in de Lijst van verboden bodembedreigende activiteiten van de Verordening is opgenomen. Ook andere initiatieven in de landbouwtransitie vallen onder de activiteiten die op de Lijst staan als verboden bodembedreigende activiteiten. In de Lijst van grondwaterbedreigende activiteiten is geen onderscheid gemaakt in grootte van landbouwbedrijven. Het betreft bovendien voor het merendeel activiteiten waarvoor in nationale regelgeving geen vergunningplicht geldt -en soms zelfs geen meldingsplicht maar alleen een informatieplicht. De provincie geeft geen toelichting welke nadelige gevolgen voor het grondwater de activiteiten bij naleving van de algemene regels van het BAL zouden kunnen hebben zodat (aanvullende) vergunningvoorschriften nodig zijn.
Ook is het niet duidelijk welke omstandigheden in de kwaliteit van het grondwater of de aard van de activiteit de reden zouden zijn om een vergunning te weigeren. Hierdoor weet de initiatiefnemer bij de locatiekeuze niet met welke aanvullende maatregelen rekening gehouden moet worden. Dit geeft een buitenproportionele belemmering en last van een vergunningprocedure met open einde bij nieuwe duurzame landbouwinitiatieven. 3. Duurzame landbouwinitiatieven werken zoveel mogelijk met lokale kringlopen; hierbij past het gebruik van organische meststoffen. Het op of in de bodem brengen van overige organische meststoffen in kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden wordt verboden. Dierlijke meststoffen, compost, anorganische meststoffen, kalkmeststoffen of dierlijke uitwerpselen zijn wel toegestaan. Indiener vraagt waarop deze tweedeling in meststoffen gestoeld is. De categorieën meststoffen die verboden worden in kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden worden juist gebruikt in kringlooplandbouw. Na medio 2022 zullen organische bodemverbeteraars onder de Verordening (EU) 2019/1009 ‘EU-bemestingsproducten’ op de markt komen. Bestanddelen en gehaltes verontreinigingen van deze organische bodemverbeteraars zijn gereguleerd.
Er kan bovendien niet in het algemeen worden gesteld dat overige organische meststoffen en bodemverbeteraars, die provincie onterecht in dezelfde hoek drukt als zuiveringsslib en slachtafval, een groter risico voor het grondwater zouden vormen dan willekeurige combinaties van (generiek) dierlijke mest, kunstmest en compost. 4. Initiatieven op het vlak van duurzame landbouw liggen vaak vlakbij stedelijke agglomeraties of grotere kernen. Bijna alle voorgestelde kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden liggen in of tegen stedelijke gebieden aan. Het beschermingsbeleid in de voorgestelde kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden werpt geen belemmeringen op voor bestaande gangbare landbouw waarvan de problematische effecten voor de leefomgeving bekend zijn. Het werpt wel belemmeringen op voor initiatieven die gericht zijn op introductie van kringlooplandbouw binnen het bestaande agrarische areaal en agrarische gebouwen. Indiener vindt dit woensdag 25 mei 2022
Pagina 69 van 489
Reactienota Actualisatieplan Omgevingsverordening ASV 2022
In behandeling PS
strijdig met de oogmerken van de provinciale Omgevingsverordening zoals verwoord in artikelen 1.2 en 1.3. Antwoord 1. Voor de onderbouwing van het beschermingsbeleid verwijzen wij naar Hoofdstuk 6 van deze reactienota. De regelgeving is gebaseerd op de regelgeving in Actualisatieplan 8. Hierin zijn de regels voor grondwaterbescherming aangepast aan de Omgevingswet. De regels in een minder kwetsbaar drinkwaterreserveringsgebied zijn hetzelfde als in een boringsvrije zone. Voor kwetsbare drinkwaterreserveringsgebieden is onderzocht in hoeverre regels soepeler kunnen zijn dan het beschermingsbeleid voor de huidige drinkwaterwinningen. Dit kan met maatwerk door middel van een Omgevingsvergunning voor een aantal activiteiten die nu verboden zijn in een grondwaterbeschermingsgebied. Ook gaan voor een aantal activiteiten geen algemene regels gelden die wel gelden in grondwaterbeschermingsgebieden van bestaande winningen. Dit zijn activiteiten waarvan de risico’s vooral bestaan uit calamiteiten. Zoals bij het vervoeren en hebben van meststoffen. Deze zijn zichtbaar en kunnen tijdig opgeruimd worden zodat het risico voor een toekomstige drinkwaterwinning gering is. Naar aanleiding van de zienswijzen op dit Actualisatieplan hebben we een aantal regels aangepast. 2. Zie paragraaf 6.2 en 7.3 van de reactienota. 3.