Verslag commissie SOB 6, 7 en 13 april 2021
Tekst van het document
De voorzitter: Dank u wel, mevrouw de wethouder, Heijstee.
De heer Pfeiffer: Mag daarop gereageerd worden? De voorzitter: Ja, u mag even reageren., Meneer Pfeiffer. Ga uw gang. De heer Pfeiffer: Dank u wel, voorzitter. Dat is niet hoe ik me het herinnerde, hoe dat niet door de wethouder eerder in de procedure is behandeld. Ik zal dat nakijken en anders zal ik alsnog vragen ‘…’ De bevoegdheid van de raad zal mogen worden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ja, dank u wel, maar gaat u dat nu vragen? Of gaat u daar iets over indienen? De heer Pfeiffer: Nee, nee, nee. Ik zal het even nalopen wat er nou precies de procedure is en wiens geheugen juist is. Daar kom ik op terug. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu verder naar de punt 12. 12. RIB 2021/42 - Stand van zaken Stationsvisie en OV SAAL De voorzitter: Dat is de RIB 2021/42, de Stand van zaken van de Stationsvisie OV SAAL. En wie mag ik daarvoor het woord geven? Van de wethouders. Of tenminste, laat ik het zo zeggen, is daar een vraag over? Sorry, zijn er vragen over? Geen vragen. Mevrouw Booij: Ik heb er nog eentje opgeschoven, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Booij. Mevrouw Booij: Dank u. Ik weet niet of u mijn handje kon zien, dus ik … De voorzitter: Ja, ja, ik zeg het. Ja, ja. Mevrouw Booij: Oké, ja, ik ga het ook kort houden, want ik wil ook vanavond klaar zijn met SOB.
Ik wil graag weten of er nou al iets meer duidelijkheid is over de fietstunnel die onder het spoor door komt, want ik denk dat we daar toch allemaal wel erg op zitten te wachten. Dat is een eigenlijk mijn enige vraag, voorzitter. Als ze dat niet weten, dan wil ik graag weten op welke termijn er wel duidelijkheid is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik ga ik gauw naar mevrouw Hilders, want die heeft ook een vraag daarover. Mevrouw Hilders: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb inderdaad gevraagd of deze RIB op de agenda gezet kon worden, omdat ik het niet kort ga houden. Niet dat ik om een vierde avond verlegen zit, maar de dingen die besproken moeten worden, moeten besproken worden en zo simpel is het. Ik ga niet over de agenda. Voorzitter, in de RIB wordt gesproken over een quickscan vanuit stationsgebied. Wanneer krijgen wij het resultaat van die quickscan? Begrijp ik de RIB goed dat met een scenario bedoeld wordt wat voor, en waar er ondertunneling komt voor het langzaam verkeer? Is het de bedoeling dat we meegenomen worden met het proces en niet pas als er een definitief concept ligt? Zover over de fietstunnel en verder, voorzitter, is de CDAfractie ernstig teleurgesteld dat het tot 2024 moet duren voordat er geluidsschermen geplaatst worden langs het spoor.
Voorzitter, om te mogen bouwen in Weesperssluis, zonder dat de bewoners van Leeuwenveld bij deze besluiten doeltreffend beschermd zijn tegen de geluidsoverlast van de treinen, heeft de gemeente hoogstwaarschijnlijk een vrijstelling gekregen om tijdelijk niet hoeven voldoen aan de wettelijke eisen. Tot wanneer loopt die vrijstelling? In de vroegere plannen liepen de geluidschermen tot de spoorbrug. Nu lopen
ze tot en met het viaduct Hogeweyselaan. Wij hebben vandaag, ik heb in ieder geval vandaag de kaart opgehaald die het college aan ons gegeven heeft over de plannen van Weespersluis, geweldige kaart, heel erg hartelijk dank daarvoor, maar daar op die kaart kunnen we ook zien hoe ver het allemaal doorloopt. Die huizen die daar dan komen, die zijn helemaal niet beschermd, dus ook geen plannen om daar geluidsschermen te maken. Hoe kan dat, voorzitter? Voorzitter, er komen nog genoeg woningen daar. En de laatste vraag: kunt u, of kunnen wij als raad, iets doen om het proces van het plaatsen van geluidsschermen te versnellen? Dit was mijn inbreng. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hilders. Ga ik naar mevrouw Vermeer. Mevrouw Vermeer: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb een beetje een langzame computer, dus dat duurt altijd eventjes. Nou, mevrouw Hilders, neemt eigenlijk al veel vragen die ik ook had. Even kijken, ja. In het begin van mijn raadsperiode is, ben ik begonnen met dit onderwerp. Toen werd er gezegd de oplevering van de schermen zal eind 2022 zijn. Nu is het al uitgelopen naar eind 2024, dus dat is al twee jaar vertraging. Ik begrijp dat dit natuurlijk door de vertraging in het hele OV SAAL-project komt, maar dat zou destijds losgetrokken worden en het zou een individuele planning krijgen.
Mijn vraag is, nu dat hele project van de baan is, het hele achtsporenverhaal gaat niet door, heeft dat nog verdere invloed op deze schermen? Zodoende wonen mensen hier negen jaar zonder de betreffende geluidsschermen die nodig zijn om hier prettig te wonen. Een andere vraag is dat op 7 april in het Weespernieuws stond dat over de woningbouw aan de Nijverheidslaan, het akoestisch onderzoek op basis van onjuiste criteria was uitgevoerd. Heeft dat misschien ook effect gehad op het akoestisch onderzoek voor de woningbouw in Leeuwenveld? Ik vraag me af of dat nog samenhangt, waar het fout is gegaan en nou ja, wat de gevolgen daarvan zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Vermeer. Dan gaan we, ik zie geen andere handjes meer, mevrouw Hilders gehad, mevrouw Vermeer. Dan ga ik naar de wethouder. Ik denk een wethouder De Lange. Of niet? De heer De Lange: Zeker, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Ga uw gang. De heer De Lange: Ja, ten aanzien van de vragen van mevrouw Booij. Ik moet even denken in welk deel ik van deze vergadering terugkoppeling al een beetje had afgegeven, omdat we in deel 3 inmiddels zitten. Maar volgens mij was het in het eerste gedeelte dat ik ook al aangaf dat ik een terugkoppeling op deze RIB wilde geven, is dat de quickscan inderdaad heeft plaatsgevonden, deze RIB dateert natuurlijk van eind februari.
In de DIB staat dat we in maart 21 de quickscan afronden, maar uiteindelijk, vanuit die Quick scan zien we ook dat de positie van de spoortunnel eigenlijk wel duidelijk gaat worden en dat we daarom ook niet willen wachten met het vaststellen van de stationsvisie, waar deze quickscan een onderlegger voor is, maar dat we dat eigenlijk los willen gaan trekken. Dat we in de kadernota voor 2022, dat de ondertunneling onder het spoor ook veel actiever zal worden genoemd, om daarmee ook de urgentie, zeg maar, kracht bij te zetten, die u al, mevrouw Hilders zeker, maar u allen eigenlijk natuurlijk ook al, verschillende keren onder de aandacht heeft gebracht. Wanneer die tunnel er dan exact gaat zijn, mevrouw Booij, dat durf ik u niet te zeggen. Mevrouw Hilders, die heeft inderdaad, dat ze teleurgesteld is over de periode van de geluidsschermen. Het zijn ook lange perioden, alle partijen zitten aan tafel voor de stationsvisie, dan hebben we het over ProRail, NS, Weesp, de legendeontwikkelaar in de Weespersluis maar juist omdat het onder het spoor doorgaat moet er rekening worden gehouden met die planning, dus dat kan nog wel even duren. Maar we zijn, we hebben een aantal grote stappen voorwaarts kunnen doen, juist omdat de spoorverbreding in het kader van OV SAAL er niet doorgaat. Dat biedt voor ons als gemeente ook gewoon direct ruimte om snel, maar in die context zoals ik die
net schets, te kunnen acteren. Dus in die zin, ik kan mevrouw Booij en de rest van de commissie, ik kan u geen exacte datum geven wanneer de tunnel opengaat. Dat zal sowieso niet binnen een jaar zijn, of binnen twee jaar. Dat duurt echt wel wat langer. Maar we zijn er drukdoende mee en het zal echt in de kadernota weer naar voren komen, om daar ook weer concrete stappen in te zetten. Dan vraagt mevrouw Hilders over die quickscan, kunnen we worden meegenomen? Nou ja, uiteraard, wij zullen daar terugkoppelen in het najaar, of in ieder geval, ik geloof in Q3 of Q4 komt er een stationsvisie daarvoor, want deze quickscan ook de onderlegger voor. Daar is nog alle ruimte voor, ook voor u, om daarin mee te denken. Ik stel voor dat u binnenkort ook even met een RIB naar u komt, om u daar verder ook over te informeren over de vervolgstappen van die quickscan, hoe u ook wensen, bedenkingen wellicht daarop mee kan geven, maar het lijkt me wel belangrijk in het kader van de urgentie. Nou, dat zijn eigenlijk ook direct antwoorden op de vraag van mevrouw Hilders, wanneer kunt u het resultaat zien. Het uiteindelijke resultaat zit in de stationsvisie. Ja, dan zegt mevrouw Hilders, en ik moet zeggen dat is wel wat lastig, wellicht dat u die vraag ook even schriftelijk kan stellen. U heeft het over scenario’s. Nu zat ik even te zoeken in het stuk.
Er worden natuurlijk verschillende scenario’s opgesteld, omdat er juist heel veel ontwikkelingen bij elkaar gaan komen. Vandaar ook die quickscan van dat totale gebied. Ik zie daaruit naar voren komen. Dat zien we … De voorzitter: Mevrouw Hilders wil even interrumperen, als het mag. Mevrouw Hilders: Dank u wel, voorzitter. Jazeker. In de RIB staat onder aanpak en planning dat er uit de quickscan verschillende scenario’s naar voren gebracht worden en daar komt een voorkeursscenario uit voort. Nu moet ik eerlijk zeggen dat ik zelf wel meer belangstelling heb uit die verschillende scenario’s, dan alleen uit de voorkeursscenario, maar het kan misschien een beetje nieuwsgierigheid zijn. Als ik u nu toch mag interrumperen ga ik eventjes door. U zei net van het is wel duidelijk waar die tunnel komt. Kunt u dat dan ook gewoon zeggen? De voorzitter: Dank u wel, dan gaat de wethouder nu verder. De heer De Lange: Voorzitter, ik meen dat dat in het verlengde zou kunnen zijn van de Bloemendalerpoldersingel, maar ik heb zelf de quickscan ook nog niet gezien. Dit is de informatie die ik kreeg om ook juist u te kunnen bedienen, waarvandaan ook de vooruitblik richting de kadernota, dat we niet hoeven te wachten tot het derde of vierde kwartaal van dit jaar.
Maar daar gaat u uiteraard over worden geïnformeerd en ja, u heeft het natuurlijk alleen over de fietstunnel maar de scenario’s, de verschillende scenario’s die wij voor het totale gebied bedenken, die zijn natuurlijk, die zijn veel ruimer. Want dan kijken we ook naar de inrichting van de Leeuwenveldseweg bijvoorbeeld. Hoe gaan we om met het stationsgebied, rondom het station aan de noordzijde? Daar komen dus verschillende scenario’s uit, maar ik kan me best voorstellen dat u er ook bij geholpen ben als wij een presentatie van deze quickscan inderdaad ook aan u geven, aan de raad. En u gewoon actief meenemen in het hele proces om uiteindelijk samen met u te komen tot een voorkeursscenario waarbij u, en die nieuwsgierigheid snap ik als geen ander, dat u ook alle scenario’s gaat zien. De ondersteunde vraag die u stelde, mevrouw Hilders, van goh, kunnen wij ergens helpen om onze teleurstelling weg te nemen zodat die schermen eerder kunnen worden gebouwd. Ik zou met alle liefde zeggen ja, heel graag, maar in dit tijdsvak zitten wij nu eenmaal, en dat heeft ook echt te maken met de planning van ProRail. Ik kan u zeggen dat ProRail zit hier zeer voortvarend in, maar de doorlooptijden zijn nu eenmaal lang want er moet ruimte worden gemaakt op het spoor om er bijvoorbeeld bij te kunnen en dat moet lang van tevoren worden gepland.
Dus laten we afspreken dat als er iets komt waarbij ik zeg, nou, ik heb uw hulp nodig, hoe kom ik in de lucht? Op dit moment kan ik, zie ik niet, waar dat gaat, omdat we gewoon in deze planning zitten en daar zijn we afhankelijk van anderen. Dat is met name ProRail, zorgt voor … Nou goed,
voor 2024. Even kijken. Ja, dan heeft u het over een vrijstelling. Ik wil voorstellen om ook op die vragen even schriftelijk terug te komen, want die heb ik gewoon niet paraat. Dat mevrouw Van Galen Last, ik … De voorzitter: Vermeer. De heer De Lange: Pardon? De voorzitter: Mevrouw Vermeer. De heer De Lange: Oh, sorry. Ja, ik zie Van Galen Last staan, dat staat in het scherm, dus ik ben gelijk afgeleid. Mevrouw Vermeer. Ja, u stelt eigenlijk dezelfde vraag. Ja, het enige wat ik u kan zeggen over OV SAAL en de zorgen die u uitte, die erkennen wij natuurlijk als college. Wij hebben die zorgen ook altijd geuit. Wij waren daarom heel erg blij met de doorbraak in die zin dat OV SAAL niet ging verbreden en dat we daardoor dus snellere passen konden nemen. Wij hebben moeten schuiven, in tijd, of niet wij, maar dat externen die het project uitvoeren, ik ben blij dat we nu wel een moment op papier hebben staan, namelijk 2024 en dat kan alleen maar omdat OV SAAL zou niet ging verbreden. Daardoor kon dat door en was er duidelijkheid voor alle partijen. Ten aanzien van de vragen die u uit het Weespnieuws citeert, ja, daar heb ik geen antwoord op, dat is ook niet mijn portefeuille. Ik kan mij voorstellen, maar wethouder Vos zal vandaag vast aanwezig zijn, dat wethouder Vos daarop wil reageren of dat wij er anders schriftelijk op terugkomen. Volgens mij waren dat alle vragen, voorzitter.
Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, wethouder De Lange. Ik zie dat mevrouw Hilders toch weer even een handje opsteekt. Mevrouw Hilders: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik had nog een vraag waarom in vroegere planning geluidsschermen tot en met het kanaal liepen, en inmiddels nog maar tot Hogeweyselaan, tussen de hoge Hogeweyselaan en het kanaal, ook nog woningen komen De voorzitter: Dank u. En mevrouw Booij had ook een vraag nog, zag ik? Mevrouw Booij: Ja, voorzitter, die ligt dus in het verlengde van mijn vraag van de eerste ronde. Ik begrijp dat er nog niet bekend is wanneer er enig zicht is op de tunnel onder de spoorlijn, maar ik vind het eigenlijk een beetje te zwak, want als we nu weten dat eind 2024 de schermen komen, want ProRail die moet rekening houden met allerlei maatregelen, dan moeten ze nog veel meer rekening houden met maatregelen om een tunnel te kunnen bouwen onder het spoor. Als er nu nog geen datum door ProRail bekend is, dan zie ik dat de eerstkomende jaren zeker nog niet gebeuren, want ik neem aan dat er heel veel moet worden geregeld voordat zo’n tunnel gebouwd kan worden. Dus ik ga mijn vraag anders stellen: wanneer denkt u dat ProRail een datum gaat noemen wanneer ze de mogelijkheid bieden om een tunnel te maken? Laat ik het zo zeggen. Is dat over twee jaar, over drie jaar, of over vier jaar? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Booij.
Ga ik even terug naar wethouder De Lange. De heer De Lange: Dank u wel, voorzitter. Ja, de vraag van mevrouw Hilders, daarvan zou ik juist ook even schriftelijk op terugkomen. Dat was de vraag tot wanneer de vrijstelling loopt en ik had inderdaad niet verduidelijkt welke andere vraag, maar het was de vraag met uiteindelijk die u net herhaalt. Dus daar komen wij schriftelijk op terug. Ten aanzien van de vraag van mevrouw Booij, die snap ik heel erg goed en ook
daarvoor stel ik voor dat wij daar ook schriftelijk bij u op terugkomen. Dan heeft u dat ook zwart op wit hier zien staan. De voorzitter: Dank u wel, wethouder De Lange. Dan geef ik wethouder Vos nog even de kans om antwoord te geven op de vragen die niet door u verantwoord is, maar die hij waarschijnlijk kan beantwoorden. Wethouder Vos, gaat uw gang. De heer Vos: Hier kan ik op dit moment … Sorry, die kan ik op dit moment niet beantwoorden, voorzitter. Ook daar komen we schriftelijk even op terug. De voorzitter: Dank u wel. De heer Vos: Alstublieft. De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende punt van de agenda en dat is RIB 2021, negen... 48. Bestuurlijke reactie op de kansenkaart voor het bedrijventerrein. 13. RIB 2021/48 - Eerste bestuurlijke reactie op kansenkaart bedrijventerrein De voorzitter: Zijn daar nog vragen over? Meneer Van der Vlies, ga uw gang. De heer Van der Vlies: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik neem aan dat iemand anders hem eerlijk gezegd op de lijst heeft gezet, dus ik weet niet of iemand anders eerst daarover iets wil zeggen, anders ga ik gewoon door. Nee, ik zie geen handjes, dus dan … De voorzitter: Ik zie geen ander handje, meneer Der Vlies. De heer Van der Vlies: Oké, nou ik had twee opmerkingen daarover.
Ook in de lokale media zie ik dat het erop lijkt dat het college en de IVW niet op één lijn zitten voor wat betreft de transformatie van de bedrijventerreinen, van delen van de bedrijventerrein. Vooral bij de Nijverheidslaan zien we vrij veel weerstand van de IVW. Het lijkt erop dat het sterkste argument om daar toch woningbouw te doen is dat het nu eenmaal in het coalitieakkoord staat, maar als de omstandigheden wijzigen, als er juist behoefte is aan uitbreiding van bedrijventerreinen en alsook ProRail, zoals al eerder genoemd, daar toch wel voor gewaarschuwd, dan denk ik van is het nog verstandig om daar echt woningbouw te doen? We kunnen nog op onze schreden terugkeren en ja, de PvdA heeft altijd gezegd van we hebben daar liever geen woningen. Daarom roepen wij ook het college en de coalitie op om hier toch nog eens heel diep over na te denken. Dat nog een vraag. Er wordt ook gesproken over mogelijke nieuwe bedrijvenlocatie, in de buurt van A1. In het Weespernieuws zag ik van de week dat de IVW daar ook nog graag een bedrijventerrein, een hub, bij wil hebben. Dat zal dan allemaal moeten komen in de Bloemendalerpolder, neem ik aan. En daar is ook voor afgesproken dat er voor twee derde groenblauw zal worden. Wij vragen ons af van is het mogelijk om daar een bedrijventerrein en zo’n hub neer te zetten, te plannen, als die twee derde groenblauw moeten worden gegarandeerd.
Kan dat wel? En de tweede vraag daarover is er komt ook een schitterend, robuust, ruig, waterrijk breedland. Wat blijft er dan nog van over? Een klein randje rond een industrieterrein? Ik hoop het niet, maar graag ook wat meer duidelijkheid daarover. Dank u wel, meneer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van der Vlies. Dan ga ik even kijken of er nog iemand anders ... Nee, zo te zien niet. Dan ga ik naar de wethouder toe voor het antwoord.
Mevrouw Heijstee: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik denk dat het goed is om te zeggen dat wij volgens mij vanavond niet het plan Weesperwerf voor ons liggen, dus ik ga daar verder niet op reageren. Volgens mij vindt het debat daarover zeker nog plaats in de raad. Ik denk dat het goed is om even te duiden, want u stelt dat alsof de locatie langs de A1, er al zou liggen, of dat die er al zou zijn. Wij hebben volgens mij, en dat ligt ook vast in de conceptomgevingsvisie heel duidelijk aangegeven dat we het belangrijk vinden en dat erkent iedereen ook, dat er behoud van werkgelegenheid is in Weesp. We hebben een werkstad en willen dat ook graag behouden naar de toekomst toe, zeker ook vanuit de werkgelegenheid. Om dat te doen moet je ruimte zoeken voor de bedrijven, voor meer bedrijvigheid en is in eerste instantie gekeken van zouden we dat kunnen vinden op de bestaande bedrijven, dat is de eerste stap. Daar zou naar gekeken worden en dat is, zeg maar, de intensivering waarover wordt gesproken. Daarvan hebben de ondernemers terecht gesteld van ja, kan dat wel en hoe past dat en hoe gaat dat dan. Daar gaan we nu de komende weken met een afvaardiging van de ondernemers, over alle bedrijventerreinen mee in gesprek.
Dus er is eigenlijk een werkgroep geformeerd en daar wordt ook gekeken van hoe gaan we dat proces inrichten en dan wordt er gekeken dus naar de bestaande bedrijventerreinen om te kijken of je daar extra ruimte kan creëren voor extra bedrijvigheid. Als dat niet mogelijk is en dat noemen we dan, de heer Vos kan dat aanvullen, als collega-wethouder beter, de ladder van de verstedelijking, of duurzame verstedelijking ... De heer Vos: Stedelijke verduurzaming, voorzitter. Stedelijke verduurzaming. Ladder stedelijke verduurzaming. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Heijstee: Precies. Dus de eerste stap is vooral het kijken naar de bestaande bedrijventerreinen en als dat niet mogelijk is, is het eventueel mogelijk om naar een zoeklocatie te kijken. De term bezoeklocatie, daar hebben we al eerder discussies over gehad, maar dat is ook een zoeklocatie. Dus er zal onderzocht worden of het mogelijk is, is dus nog geen sprake van een locatie, het is wel goed om dat, denk ik, even te duiden. Ik snap wat er in de pers wordt geschreven en wij reageren daar ook volgens mij gepast op, maar volgens mij moeten we daar hierover met elkaar het gesprek voeren, over wat feitelijk juist is. Dus wij gaan aan de slag, met de IVW. Er is een werkgroep geformeerd waar ondernemers bijzitten en we gaan ook dit thema verder uitwerken met elkaar. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Heijstee.
Dan geef ik nog even het woord aan wethouder Vos voor een kleine aanvulling De heer Vos: Ik weet niet wat ik nog zou moeten aanvullen, anders dan datgene wat de wethouder Heijstee mij zojuist vroeg, even te duiden wat of het begrip precies is en dat is de ladder van stedelijke verduurzaming. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos. Dan gaan we naar het volgende agendapunt en dat is ... De heer Van der Vlies: Nee, nee, ik wil toch even reageren graag. De voorzitter: Meneer Van der Vlies ga, ga uw gang. De heer Van der Vlies: Dank u, voorzitter. Ik had specifiek gevraagd juist naar de Bloemendalerpolder en die twee derde groenblauw, is er überhaupt ruimte in de polder om daar nog wat anders te doen dan wat er nu al gepland is? Dat vraag ik mij echt af. Want in de omgevingsvisie wordt ook al geplaatst ‘…’ zoeklocatie voor woningbouw, er wordt nu weer een mogelijke zoeklocatie voor industrieterreinen genoemd en ik snap het
allemaal best, maar we hebben ook afgesproken dat twee derde groenblauw zal zijn. Is dat wel de handhaving? Dank u wel, meneer de voorzitter. De voorzitter: Ja, dank u wel, meneer Van der Vlies. Ik zie dat meneer Pfeiffer ook even iets wil vragen. Ga je gang, meneer Pfeiffer. De heer Pfeiffer: Ja, voorzitter, dat is toch meer een ordevoorstel om de vergadering een beetje in goede banen te blijven leiden, zodat we het over onderwerpen hebben die in de raadsinformatiebrieven staan, in plaats van dat we nu de hele uitbreiding van stedelijke bedrijventerrein Weesp erbij gaan halen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: U vindt dat ik mijn werk niet goed doe? Goed, oké, nog even over … De heer Pfeiffer: Nee, dat zeg ik niet, voorzitter. U deed uw werk goed, maar alleen ik vraag me af of we dit nou dit allemaal moeten doorakkeren. De voorzitter: Dat is uw vrijheid, en goede … We gaan even naar een antwoord luisteren nog op de vraag van meneer Van der Vlies. En … Mevrouw Heijstee: Ja, voorzitter, maar ik denk eigenlijk dat ik wel eens ben dat dat niet bij deze RIB over de kansenkaart thuishoort, omdat u eigenlijk het concept omgevingsvisie ligt ter visie. Daar liggen voorstellen in. Die komt ook nog in uw raad en gaat u ook het debat over voeren.
Ik heb alleen maar toegelicht zeg maar hoe die ruimtelijke component nu verwerkt is in onze concept omgevingsvisie en daar, volgens mij, moet u daar integraal het debat over voeren bij de omgevingsvisie. En is dat nu niet mijn plek om daarop te reageren. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Heijstee. Meneer Van der Vlies wil toch nog even interrumperen. Ga uw gang. De heer Van der Vlies: Ja, ik snap, het zal ook best aan de orde komen bij die omgevingsvisie, hoor. Dat snap ik. Maar het wordt wel degelijk genoemd in de bijlage bij de RIB. Daar wordt gezegd een locatie in de buurt van de A1 kan aan die eis tegemoet komen. Dat zijn niet mijn woorden, dat heb ik niet bedacht. Dat heeft u zelf bedacht, dus dan denk ik van ja dan mag ik toch ook daar de vraag over stellen van, wat betekent dat voor de afspraak die is gemaakt over de Bloemendalerpolder. Dank u wel, meneer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van der Vlies. Wilt u daar nog op antwoorden? Mevrouw Heijstee: Ja, ja, volgens bij hebben wij ook in deze bestuurlijke reactie aangegeven dat dat aspect opgenomen is in de conceptomgevingsvisie. Dat de bedrijvenverenigingen daar ook op kunnen reageren in dat proces. Dus dat daar ook het debat dan plaatsvindt over die ruimtelijke component. Dat hebben wij ook aangegeven in deze bestuurlijke reactie.
Dus dit is een procesbrief, misschien is het zo goed om even te benoemen, het is een procesbrief waarbij we aangeven op aantal thema’s dit gebeurt er. Wordt er over het mobiliteitsplan bijvoorbeeld gesproken, dat is ook een procedure. Dat vindt allemaal, dat debat erover, vindt allemaal nog plaats in uw raad. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Heijstee: Ja, excuus dat het verwarrend is, hoor. Al is dat zeker niet zou de intentie geweest, maar ik denk, nogmaals, dat het debat daar integraal bij de omgevingvisie plaats moet vinden.
14. RIB 2021/49 - Stand van zaken Amstellandlaan (gedeelte tussen de Flevolaan en Hogeweyselaan) De voorzitter: Dank u wel, wethouder Heijstee. Dan gaan we door naar de volgende raadsinformatiebrief, dat is 2021 49, de stand van zaken van de Amstellandlaan, gedeelte tussen de Flevolaan en Hogeweyselaan en ik denk dat ik daarvoor bij wethouder Vos moet zijn. De heer Vos: Dat is inderdaad mijn portefeuille, voorzitter, maar ik ga er vanuit dat mogelijk vragen vanuit de commissie gesteld zouden kunnen worden. De voorzitter: Oh ja, sorry, ja. Ik had eerst moeten vraag of er überhaupt nog vragen over zijn, ja. Ja, de heer Boon, zie ik een handje. Ja. De heer Boon: Ja, voorzitter, eigenlijk maar een hele kleine vraag, het gaat letterlijk over het scharnierpunt en natuurlijk de mogelijkheden dat er in feite zakenverkeer en eigenlijk particulier verkeer naast elkaar zijn, of rijden. Dus mijn vraag is eigenlijk: zijn er ideeën voor een soort oplossing die we eventueel zouden kunnen zien? Dat is het. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, meneer Boon. Dan ga ik naar meneer ’t Hart. De heer ‘t Hart: Ja, voorzitter, dank. Ik kan heel kort zijn, wij zijn ontzettend blij dat dat gebied nu ontwikkeld wordt. Zeker als je kijkt naar het Amstellandgebied waar al woningen staan, wat de sociale veiligheid ten goede brengt.
Dus ik zou zeggen, ga vooral heel snel door met het ontwikkelen van dat stukje Amstellandlaan. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, meneer ‘t Hart. Ik zie dat meneer Pfeiffer ook een vraag heeft. De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel, voorzitter. Niet genoemd in de omgevingsvisie, het lijkt me hier wel handig, ik zou graag nogmaals, ik heb het al eerder hier gedaan, de oproep willen houden richting college naar de inrichting van de openbare ruimte bij de Amstellaan, want dat is nog ingericht als bedrijventerrein met smalle stoepen. Terwijl als we het omvormen naar woongebied, daar echt wat op het gebied van de openbare inrichting gedaan zou moeten worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Pfeiffer. Meneer Sluyk, gaat uw gang. De heer Sluyk: Ja, dank u wel, voorzitter. Eigenlijk een korte vraag over ook. De raadsinformatiebrief dateert van 25 februari. Daar wordt al vooruitgelopen op de te nemen, te zetten stappen. Kan de wethouder kort aangeven welke stappen er al gedaan zijn, vanuit deze raadsinformatiebrief en of het schema wat daarin staat, het tijdspad wat daarin staat, of dat nog actueel is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Sluyk. Ik zie verder geen vragen. Dan ga ik naar wethouder Vos, ga uw gang. De heer Vos: Ja, ik deed mijn microfoon uit in plaats van aan, voorzitter. Excuus.
De vraag van meneer Boon zou ik als volgt willen beantwoorden. Hij zegt is oplossing in zicht. In deze RIB, kunt u met zoveel woorden lezen dat we juist geknipt hebben in het gebied om deelgebiedjes te kunnen creëren en die deelgebiedjes kunnen elk tot ontwikkeling worden gebracht. Maar om het als geheel te zien zit daar natuurlijk wel een punt tussen enerzijds het deel bedrijvigheid, dat is het zuidelijk deel van de Rijnkade, en aan de andere keer kant het deel wonen, waar we eigenlijk min of meer overeenstemming hebben bereikt met z’n allen. Daartussenin, dat scharnierpunt, dat is nou net even lastig punt hoe je daarmee omgaat en of wat je er mee zou kunnen
doen. Deze RIB geeft met zoveel woorden aan: luister goed, we zijn in dat scharnierpunt bezig met verkeersoplossingen die erg relevant zijn, die maken onderdeel uit van een woonmobiliteitsvisie en op het moment dat de mobiliteitsvisie is vastgesteld, zijn we ook in staat om veel helderder aan te geven wat we met dat scharnierpunt willen gaan doen. Dat is ook het antwoord in de richting van meneer Sluyk. U weet hoe we staan met de mobiliteit op dit vlak. Ik ga ervanuit dat wij in Q2, mogelijkerwijs Q3, terug kunnen komen met een participatie-uitkomst van de zijde van het gebied Amstellandlaan en mogelijkerwijs ook met suggesties en ideeën voor wat betreft het scharnierpunt. Ten aanzien van openbare ruimte, meneer Pfeiffer, heeft u dat al eerder aangegeven. Het is in het zicht van ons ambtelijk apparaat dat we ook op het gebied van de openbare ruimte zorgvuldig nadenken bij de ontwikkeling van dit gebied, dus daar komen we op terug. En meneer ‘t Hart gaf aan dat hij instemt met de ‘…’mogelijkheden hier ter plaatse, dat stel ik zeer op prijs. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos. Dan verlaten we even … Mevrouw Booij: Mag ik even wat vragen? De voorzitter: Ja, mevrouw Booij, dat mag.
Mevrouw Booij: Ik zou heel prettig vinden als de mensen die het woord voeren hun camera aanzetten, want het is nu net alsof je naar dus, de radio luistert en je ziet iemand niet. Dat vind ik niet zo prettig als iemand het woord voert. De voorzitter: De mensen die net aan het woord geweest zijn, zijn allemaal in beeld, mevrouw Booij. Mevrouw Booij: Nou, bij mij niet en dat is het rare. De heer …: Ik zie ook iedereen, hoor. Mevrouw Booij: Ik zie niemand. Ja, jou. En ik zie Kees Sluyk, zie ik. De voorzitter: Nee, maar alle woordvoerders waren ook echt in beeld. Mevrouw Booij: Wat raar zeg. Mevrouw Heijstee: Ik heb hetzelfde hoor, Tineke, het ligt niet aan jou. Mevrouw Booij: Raar is dat. Ik heb het anders nooit. Mevrouw Heijstee: ‘…’ als je op de livestream kijkt zie je ze wel, dus het is niet hier en nu het moment, denk ik. Mevrouw Booij: Ik dacht ‘…’. De voorzitter: Ik denk dat uw klacht gehoord is en dat de mensen die over de infrastructuur gaan van de dingen, misschien kijken of ze daar wat aan kunnen, maar ik wou nu toch wel verder gaan met de vergadering. Mevrouw Booij: Heel graag, voorzitter.
15. Terugkoppeling uit besturen, werkgroepen en vertegenwoordigingen De voorzitter: We verlaten even de raadsinformatiebrieven bij punt 15 en dan gaan we even naar de terugkoppeling uit besturen en werkgroepen en vertegenwoordigingen. Wie mag ik daarvoor als eerste het woord geven? Mevrouw Ogier, gaat uw gang. Mevrouw Ogier: Ja, excuus. Mijn microfoon deed wat langzaam. Dank u wel, voorzitter. Ik heb een paar dingen terug te koppelen. Allereerst, en het staat zo meteen ook nog even op de agenda, maar misschien komen we daar wel, worden er geen vragen gesteld. In ieder geval wil ik even op de hoogte brengen dat op 20 april er een informatiebijeenkomst is georganiseerd vanuit Amsterdam over de windlocaties, over zoekgebieden. Er worden ook nadrukkelijk Weespers bij uitgenodigd en het zal daar gaan over onder anderen de zorg over gezondheid en natuur en ook over het bestuurlijke besluitvormingsproces. Dus daar kunt u aan deelnemen. Wij hebben dit ook via de gemeentelijke kanalen informeren bij onze inwoners daarover. Daarnaast is er op 28 april een informatieavond over de RES algemeen, waar u voor uitgenodigd bent en daar kon kunt u meer inderdaad horen over het bod van de RES1.0, hoe dat eruitziet, hoe er zoeklocaties tot stand zijn gekomen. Ook om dat het om samenwerking in de regio gaat en hoe dat verder gaat.
Als laatste mededeling wilde ik doen dat wij meedoen in het kader van Operatie Steenbreek aan het NK Tegelwippen, heeft u misschien vorige week al even in de krant gezien. Daar doen ongeveer 70 gemeenten in Nederland aan mee, waaronder dus Weesp en het zou toch heel mooi zijn als wij veel tegels weten te wippen in Weesp. Daarmee kunnen we dan ook nog een prijs winnen, namelijk een gouden tegel. Dus zegt het voort. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Ogier. Meneer Sluyk heeft er een vraag over, denk ik. De heer Sluyk: Ja, ik heb wel een opmerking. Ik vind het een prachtig verhaal, maar als ik hier uit mijn raam kijk, dan heeft de gemeente Weesp toestemming gegeven om een kwart van het groen, van het gras hier aan de overkant, om te zetten in, en dan echt dichte tegels in fietsenrekken. Als ik nou kijk hoeveel fietsenrekken er gebruikt zijn, nou, dan had het hele stoepje betegeld kunnen worden, dus ik vind het prachtig woorden van de wethouder, maar laat het dan ook tot uiting komen in de besluitvorming van de gemeente Weesp. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Sluyk. Meneer Pfeiffer. De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel, voorzitter. Misschien zou meneer Sluyk kunnen vertellen waar zijn raam woont. De heer Sluyk: Oh, dat weet u niet.
Nou, ik zal u vertellen, meneer Pfeiffer, ik kijk hier uit op de Sinnigvelderstraat en naast de flat van de Sinnigvelderstraat, is een heel stuk opnieuw bestraat en een deel van het groen dus weggehaald. Dus daar kijk ik op uit. De heer Pfeiffer: Dank u wel. De voorzitter: Oké. Goed, dank u wel nogmaals, mevrouw Ogier. Dan gaan we kijken of er nog een andere terugkoppeling is van één van de wethouders. Ik zie, nee. Nou, dan blijft het hierbij. Daar gaan we door naar het volgende agendapunt.
16. Vragen naar aanleiding van Raadsinformatiebrieven De voorzitter: Dat is agendapunt vragen naar, 16, vragen naar aanleiding van de raadsinformatiebrief en dan openen we dat. Dan gaan we eerst naar de eerste, 2021 30: het CO2 reductiedoelstellingen. Zijn daar? Mevrouw Booij, ga uw gang. Mevrouw Booij: Ja, voorzitter, heel kort. Deze brief is natuurlijk al oud, die is van 12 februari. We leven nu op 13 april. Ik wil graag weten of er al gesprekken gevoerd zijn. Oh, wacht even, het is … Meneer de voorzitter, ik ben te vroeg, volgens mij. De voorzitter: Het gaat over de reductie van de CO2. Mevrouw Booij: Ja, nee, dan heb ik het wel, ja, dat heeft te maken met dus Ymere. Ja. Nee, dan heb ik het goed gedaan. Dus ik wil weten of er al gesprekken gevoerd zijn, omdat er in de brief staat dat het college er verder snel mee aan de slag gaat. Nou, we zijn nu een maand later als deze brief, dus dat zou ik graag van de wethouder willen horen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Booij. Daar gaan we naar meneer Keesman. De heer Keesman: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, wij stellen hier toch vast dat met name Ymere hier geen ambitie in lijkt te hebben, terwijl dit toch buitengewoon urgent is.
De vraag aan de wethouder is dus hoe denkt het college dat proces te versnellen? Wij begrijpen dat het ook mogelijk is, of dat het kabinet wellicht middelen uit het klimaatakkoord vrij wil maken als subsidie aan corporaties om sociale woningen te isoleren. Is het college bereid om in die zin een brief te sturen aan Den Haag? Om wellicht op die manier het proces te versnellen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Keesman. Zit ik even kijken, want ik zie ook dat mevrouw Ogier nog een handje heeft staan. Klopt dat, mevrouw Ogier? Nee? Dan ga ik … De heer Pfeiffer: Ik ga proberen een handje te doen, voorzitter, maar … Oh sorry. De voorzitter: Wat zegt u? De heer Pfeiffer: Mijn handje doet het niet, maar sorry. Het gaat ‘…’ mevrouw Hilders woord. De voorzitter: Ja, mevrouw Hilders, die heeft wel een handje. Ga uw gang. Mevrouw Hilders: Dank u wel. Ja, ik ben reuze bijdehand. Ja, voorzitter, toen ik die brief las dacht ik van Ymere is een grote woningbouwvereniging en ook heel erg groot in Amsterdam. Ons college heeft goeie contacten in Amsterdam, misschien weten zij, of kunnen zij erachter komen, hoe die afspraken tussen Ymere en Amsterdam gaan? Want dat is natuurlijk wel handig om te weten, want daarmee kunnen wij misschien ook iets eventueel forceren tussen ons en Ymere. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hilders. Dan ga ik nu naar meneer Pfeiffer.
De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, op één of andere mysterieuze wijze is mijn handje ermee opgehouden, dus ik denk ik roep nog maar even dat ik ook graag het woord wil. Ja, dank u wel, voorzitter. Ten eerste zijn wij natuurlijk benieuwd of de afspraken er reeds zijn, en ten tweede, zo nee, en dat is misschien de
vraag meer voor de tweede termijn, hoe zorg je ervoor dat Ymere dit soort afspraken wel maakt? Want het is natuurlijk ontzettend belangrijk. Ymere heeft grote delen van ons woningbezit in handen, is een belangrijke gesprekspartner en dit soort doelstellingen zijn daar cruciaal om Weesp zo snel mogelijk energieneutraal te krijgen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik kan u geruststellen, uw handje doet het weer, meneer Pfeiffer. Als iedereen even zijn handje weg wil halen, ook mevrouw Ogier alstublieft, want ik zie nog allemaal handjes staan. Dan gaan we even voor een antwoord naar … Welke wethouder kan ik hierover het woord geven? De heer Vos: Ik steek mijn handje niet op, voorzitter, maar … De voorzitter: Wethouder Vos, ga uw gang De heer Vos: Alstublieft. Mevrouw Booij vraagt of er gesprekken gestart zijn sedert het verzenden van de RIB. Ik moet daar bevestigend op antwoorden. Er zijn inderdaad gesprekken geweest en die gesprekken die hebben nog niet geleid tot resultaat, maar we zijn bezig met een oplossingsrichting. U moet zich voorstellen dat ik die oplossingsrichting niet met u wil delen voordat ik daadwerkelijk overeenstemming heb bereikt met de woningbouwvereniging. Maar ik heb het idee dat we daar uit zou moeten kunnen gaan komen. Ten aanzien van de vraag die gesteld is door mevrouw Hilders, van hoe zit het in Amsterdam met Ymere.
U moet zich voorstellen dat ons ambtelijk apparaat hetzelfde ambtelijk apparaat is als het ambtelijk apparaat van Amsterdam en dus ook inzicht is in, bij wijze van spreken, de afspraken die gemaakt zijn en u moet zich voorstellen dat wij grote hulp ondervinden bij de totstandkoming van dit soort afspraken via het ambtelijk apparaat. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos. Ik zie nu dat meneer Keesman ook een handje opgestoken heeft. Het komt nu pas in beeld. Klopt dat? De heer Vos: Die had hem al opgestoken, althans, hij had net een vraag gesteld. De heer Keesman: Sorry, voorzitter, ik lijk geen controle meer over mijn hand te hebben. Dat heeft niets te maken met mijn wil tot spreken of niet. Dank u. De heer Vos: Maar dat neemt niet weg dat ik nog wel een antwoord schuldig ben, voorzitter, aan meneer Keesman, namelijk … De voorzitter: Ga uw gang. De heer Vos: Of de gemeente bereid is om iets te sturen aan Den Haag om te kijken of wij geld zouden kunnen krijgen ter bevordering van duurzaamheidsmaatregelen. Alles wat we kunnen bereiken met het doel de duurzaamheidsmaatregelen te bevorderen, daar zullen we ons voor inzetten. Dus als dat een brief naar Den Haag zou moeten zijn, dan vinden we het niet vervelend om die brief te sturen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos.
Klopt het, mevrouw Hilders, dat u nog iets wilde vragen? Mevrouw Hilders: Ik heb ook een heel eigenmachtig handje, ik heb hem al drie keer uitgezet en hij gaat steeds weer aan. Ik begrijp er niets van
De voorzitter: Daar schieten we dan wel mee op vanavond. Goed. We gaan door naar de volgende brief. 2021 33, de leurprocedure. Zijn daar nog vragen over? Mevrouw Hilders, hij doet het. Mevrouw Hilders: Ja, dank u wel. Dit was een echt handje, die heb ik helemaal zelf ingedrukt. Ja, voorzitter, we hebben begrepen dat de kantine in Aetsveld zo’n leurprocedure ingaat. Wij denken ook van is dat nou verstandig om te gaan leuren met iets waar je zelf eigenlijk zo’n hele goeie bestemming voor weet? Waarom wordt niet ingezet op een nieuwe uitbater? Nee, die staat niet te trappelen nu, dat snap ik heel goed, want er is corona, er is een lockdown. Maar er komt ook een tijd na corona. Verder heeft de buurtkamer heel weinig ruimte in Aetsveld. Zou je dat daar niet voor kunnen gebruiken? Verder hebben we een presentatie gehad over de kansenkaart van Aetsveld en daar staat dat mensen meer mogelijkheid zoeken en nodig hebben om elkaar te ontmoeten in het centrum van Aetsveld. Waar staat nou deze ruimte in het centrum van Aetsveld? Eigenlijk is dat de enige ruimte die daar eventueel voor geschikt zou kunnen zijn voor ontmoeting. Als ze die gaan uitleuren, zo’n ruimte, zij we hem kwijt. Dat zou toch misschien eigenlijk wel heel jammer zijn. Misschien wil de wethouder hierop reageren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hilders. Dan ga ik naar wethouder Vos.
De heer Vos: Ja, voorzitter, dank u wel. De leurprocedure hebt u voor u zien liggen, die hebt u voor u gekregen in de vorm van deze RIB, om daar in de procedure het proces, zeg maar, van de manier waarop we vastgoed ter beschikking stellen, om dat duidelijk aan u te maken. Maar gaat het dus van tevoren eerst om de vraag hoe gaan we daarmee om? Waarin de bestemming gelijk is, blijft in beginsel de bestemming gehandhaafd, als daar tenminste een kandidaat voor is. Het moment dat dat niet zo is wordt gekeken welke andere bestemmingen er mogelijk zijn. Dat is procedureel hier aangegeven. Wij denken dat het een goede oplossing is tot het maatschappelijk wegzetten, als ik dat zo mag formuleren, van maatschappelijk vastgoed, en dan wordt uiteindelijk een keuze gedaan op het moment dat meer dan één kandidaat beschikbaar is voor die ruimte. Ten aanzien van het voorbeeld dat u hebt aangegeven moet u zich voorstellen dat dit een horecagelegenheid was, geen kantine, maar een horecagelegenheid, het was ook als een horecagelegenheid verhuurd, in het kader van de leurprocedure is nu een aantal kandidaten beschikbaar en daar komt binnenkort een keuze. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos. Dan gaan we naar de volgende raadsinformatiebrief, dat is 21 135: monitoring sociale woningbouw.
Daar zie ik meneer Keesman, ga uw gang De heer Keesman: Ja, voorzitter, met een echt handje, dus het lijkt erop dat de situatie stabieler is. Dank u. Ten eerste, dank voor dit overzicht, want daar hechten wij aan, om dit goed te kunnen volgen. Wij hechten eraan dat er zoveel mogelijk sociale woningbouw gerealiseerd wordt. Een paar vragen. Vreemd dat Herensingel 142 al onder reeds vastgelegde woningproductie staat. Ten tweede, kunnen we ervanuit gaan dat de sociale woningen een minimum oppervlak van 40 m² hebben, zoals vastgesteld in de doelgroepenverordening? En Weesperwerf hadden wij de gedachte dat dat 20 sociale huur en 10 sociale koop zou zijn. Graag een reactie daarop. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Keesman. Dan ga ik naar meneer Pfeiffer De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel, voorzitter. Ook mijn hand is weer onder controle, zie ik. Ik had nog even een vraag aan de wethouder ook betrekkende de 150 woningen van Weespersluis. Ik vroeg mij af, gewoon procedureel, is daar een bestemmingsplanwijziging voor nodig, of kan dit binnen het bestaande bestemmingsplan worden gerealiseerd? Dus hopelijk op relatief korte termijn, en zo ja, op welke termijn verwacht de wethouder dat hij sociale woningen in de wijk worden gebouwd? Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, meneer Pfeiffer. Mevrouw Hilders. Mevrouw Hilders: Dank u wel, voorzitter. Nou, ja, ik heb wel een beetje moeite met deze RIB. Kijk, het lijkt natuurlijk allemaal geweldig, alleen er zijn nog allerlei procedure lopende. Er worden zienswijzen ingediend, er zijn zienswijzen ingediend die nog niet beoordeeld zijn, in ieder geval hebben wij niet begrepen dat die beoordeeld zijn. Maar er staat wel reeds vastgelegde woonproductie. Dus wat is überhaupt dan de mogelijkheid van invloed van burgers met een zienswijze? Of is dat omdat het nou eenmaal zo hoort? Er zijn afspraken gemaakt met projectontwikkelaars over sociale huurwoningen, maar zijn er ook afspraken gemaakt hoelang die woningen sociale huurwoningen blijven, of is dat alleen voor de eerste keer dat ze verhuurd worden? Dat wil ik graag even vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hilders. We gaan terug naar wethouder Vos. De heer Vos: Dank u wel, voorzitter. Het venijn zit een beetje in de staart en dat zit ook in deze RIB.
Op het moment dat je leest, zoals je zou kunnen lezen hier, dat het plan aan bod gerealiseerd wordt, want dat wordt gesuggereerd hier te zeggen, te staan, dan is dat niet helemaal juist, want natuurlijk, en daar heeft mevrouw Hilders het over, natuurlijk is het zo dat op het moment dat je een zienswijzen indient of een bezwaar ergens tegen indient, of bezwaar wordt gehonoreerd, dat dan vervolgens moet zo’n plan dan worden aangepast. In die zin is het niet vastgelegd. Hier is bedoeld met de vastlegging dat daarover afspraken zijn gemaakt met de ontwikkelaar, respectievelijk woningbouwvereniging of met een gem., waarin we dit soort afspraken weergeven. Kortom, er is alle mogelijkheid. Eén van de inspraakreacties de vorige keer in de commissievergadering sloeg daar ook op, men was ook geïrriteerd en zeker ten aanzien van de Herensingel, van heb ik dan helemaal niets meer te vertellen? Natuurlijk heb je nog wel te vertellen. Natuurlijk gaat er nog gewoon de standaard, laten we zeggen, participatie overheen en dat impliceert dat gewoon de kaders gesteld worden door de gemeenteraad in het kader van Herensingel. En dat als die kaders worden vastgesteld we verdergaan. Maar er ligt wel een anterieure overeenkomst. Dat bedoelen we weer te geven daarmee. Voorzitter, ten aanzien van de Nijverheidslaan is gevraagd, 20, om 20 sociale huur en 10 sociale koop.
Ik ken dat niet uit mijn hoofd, maar ik zal het even checken en dan kom ik bij u schriftelijk op terug. Ten aanzien van de vragen die gesteld is of de 150 woningen in Weespersluis, of die binnen het bestemmingsplan vallen. Mij is bekend dat die inderdaad binnen het bestemmingsplan vallen op de locaties waar men die voornemens zou kunnen zijn ze te realiseren. Ik ga er dus vanuit dat die gewoon binnen die contouren passen, wanneer ze komen weet ik niet helemaal zeker. Dat heeft te maken met het feit dat een tranche van nou, pakweg een kleine 100 wordt verwacht onderdeel uit te maken van de eerste serie van 1750 woningen. En de tweede tranche, die daarop volgt, die kan ook liggen binnen 2750, maar die kan ook liggen boven de 2750. U weet dat er 200 woningen extra gerealiseerd zouden kunnen worden in Weespersluis. Daar moet nog een procedure over worden gevoerd en de vraag is, als die procedure gevoerd wordt, dan gaan we er mee werken als gemeente Weesp, als die procedure gevoerd wordt, of die daarin zit en dan heb ik geen zicht daarop. Maar het schema dat u kent, dat geeft aan, als ik me niet vergis, dat we in 24 of 25 met de eerste 1750 woningen ongeveer gestart zijn, of nagenoeg zijn afgerond. Dan ga ik ervanuit dat ook de eerste tranche sociale huurwoningen ter plaatse gerealiseerd ze zijn. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos.
Dan gaan we naar de volgende raadsinformatiebrief, dat is: 2021 … Mevrouw Hilders: Voorzitter, ik had een vraag gesteld aan de wethouder, waar de wethouder niet op gereageerd heeft. Mag ik hem nog een keer stellen? De voorzitter: Dat mag u, mevrouw Hilders.
Mevrouw Hilders: Dank u wel. Ik heb gevraagd aan de wethouder over de sociale huurwoningen van de projectontwikkelaars, of daar ook afspraken zijn gemaakt over de langdurige beschikbaarheid voor de sociale woningmarkt? De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hilders. Wethouder Vos. De heer Vos: Die kan ik positief beantwoorden. Met de ontwikkelaars is in de anterieure overeenkomsten, zijn afspraken gemaakt over de sociale huur, of met de sociale koop, dat kan alle twee. Op het moment dat het sociale huur is, dan zit daar, laten we zeggen, een termijn in die we met elkaar afspreken. Op het moment dat het sociale koop is, dat zit er veelal een antispeculatie’…’ in, althans dat proberen we vast te leggen in de anterieure overeenkomsten, en die anterieure overeenkomsten, laten we zeggen voor de bestaande projecten, die kent u, of die kunt u zien. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos. Dan gaan we naar de volgende RIB. 2021 38, Plan Bureau voor de Leefomgeving monitorconcert RES. Nou, daar zijn geen vragen over. Daar gaan we door naar de volgende. Dat is, nu moet ik even kijken, want er zijn allemaal bijlagen … Dan gaan we naar 2140, wijziging van de Huisvestingsverordening 2019, vrijgegeven voor inspraak. Meneer Van der Vlies, ga uw gang. De heer Van der Vlies: Ja, dank u wel, voorzitter. Een hele korte vraag.
Zijn de voorgestelde wijzigingen, maakt dat ook mogelijk dat het verboden kan worden om woningen om te bouwen voor Airbnb-activiteiten? En zo ja, als dat kan, zal daar dan ook gebruik van worden gemaakt? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van der Vlies. Ik kijk nog even. Mevrouw Hilders, ga uw gang. Mevrouw Hilders: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben de RIB uiteraard gelezen en hoe handig zou het zijn als de Huisvestingsverordening er dan bij zou zitten, in bijlagen. Dat was niet het geval en dat vinden we dan weer jammer. Dat wou ik even meegeven. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hilders. Dan ga ik naar mevrouw Booij. Mevrouw Booij: Ja, voorzitter. Gewoon eens naar mijn eigen misschien nieuwsgierigheid, maar is dit de RIB die over het splitsingsbeleid gaat? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Booij. Ik zie wethouder Vos al knikken en er zijn geen andere vragers, dus ik ga meteen naar wethouder Vos toe. Ga uw gang. De heer Vos: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik knikte op de vraag van mevrouw Booij. Het is inderdaad deze wijziging op de Huisvestingsverordening en die gaat dus over de verkamering zeg maar en de splitsing, die we via de Huisvestingsverordening proberen te beheersen en te beheren. Voorzitter, ten aanzien van het feit dat de Huisvestingsverordening zelf er niet bij zit, althans, de wijzigingsbepalingen daarin, daar heeft u een punt.
Ik zal het even terug leggen bij de ambtelijke organisatie want ik vind dat het rustig bij uw raad gelijktijdig kan worden neergelegd, want dan weet u waar het over gaat. Op de vraag van de zijde van de heer Van der Vlies, je zou inderdaad over Airbnb ook iets kunnen opnemen in die Huisvestingsverordening, bijvoorbeeld dat het een verbod is of dat het een verbod is als je dat overstijgt met een aantal dagen. Dat je zegt ik gaat het een paar dagen goed vinden, ja of nee, maar we hebben natuurlijk ook onze bestemmingsplannen, waarin met zoveel woorden aangegeven wordt waar het dan over gaat. In ons bestemmingsplan staat dat je moet gebruiken, een woning, ten behoeve van woongelegenheid. Wanneer je het beleidsmatig in gebruik geeft ten
behoeve van Airbnb, dan is het op dat moment geen woongelegenheid meer, dan handel je strijdig met het bestemmingsplan met andere woorden, er is wat ons betreft op dit moment geen noodzaak om dat zo op te nemen, dat is één, want het bestemmingsplan handelt, behandelt dat. Het tweede punt dat ik graag met u zou willen delen, dat is dat we natuurlijk binnenkort samengaan met Amsterdam, het gaat veel tijd en energie kosten om ervoor te zorgen dat we een handhavingsmiddel hebben als je Airbnb tijdelijk zou willen toestaan, dat aan vergunningen zou willen onderhevig maken. Kostbaar, ook, laten we zeggen, moet je dan computersystemen hebben ingericht. Wat ons betreft wij hebben gezegd dat is niet de juiste methode en is dat het paard achter de wagen spannen. Laten we dat niet doen. Simpelweg om die redenen die ik u heb aangegeven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Vos. Dan gaan we naar de volgende raadsinformatiebrief 2021 143, of 43, sorry. Stand van zaken Van Houten Industriepark. Dan spiek ik weer even gauw … De heer ‘t Hart: Volgens mij staat u er eentje over ‘…’. De voorzitter: U heeft gelijk, meneer ‘t Hart. Neemt u me niet kwalijk. We gaan nog even terug en dat is 0 41, uitvoering afspraken van de RES. Mevrouw Hilders heeft daar een vraag over. Mevrouw Hilders: Ja, dank u wel, voorzitter.
Ja, we zijn tevreden en blij dat het college zo voortvarend de brieven allemaal gestuurd heeft aan de omliggende gemeenten en naar de provincie. We zijn best wel een beetje verdrietig dat als reactie daarop, zowel Diemen als Amsterdam, de overkant van Weespersluis heeft aangewezen als voorkeursgebied. De vraag is nu aan het college: denkt u, of heeft u de indruk, dat het zin zou hebben om nog een motie in te brengen, een brief te sturen, dat wij teleurgesteld zijn in de reactie van de gemeente Diemen en Amsterdam hierin? De heer Pfeiffer: Interruptie, voorzitter. De voorzitter: Interruptie van de heer Pfeiffer, gaat uw gang. De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik vroeg me af hoe mevrouw Hilders aan de informatie komt dat het een reactie is van de omliggende gemeenten dat zij naar aanleiding van onze brieven daar zoeklocaties hebben neergelegd, laat ik het zo zeggen. Mevrouw Hilders: Ja, misschien is dat in een beetje het Calimero-effect, maar ik denk inderdaad dat het geen reactie erop is, alleen volgordelijk is het zo gegaan, dat wij een brief gestuurd hebben en daarna kwam … In ieder geval heeft de brief niet die indruk gemaakt die wij gehoopt hadden en dat zij er niet voor gekozen zouden hebben om dat als het zoekgebied aan te wijzen, en zeker niet nu voorkeursgebied.
De heer ‘t Hart: Voorzitter, mag een interruptie plegen? De voorzitter: Natuurlijk, meneer ‘t Hart, gaat uw gang. De heer ‘t Hart: Ik weet niet of mevrouw Hilders de reactie van de gemeente Diemen heeft gelezen in haar concept aangepast, waarin ze heel duidelijk heeft gezet dat naast de ‘…’ en bewoners, ook de gemeente Weesp, zeg maar, aangetekend heeft dat zij ernstige zorgen, zeg maar, overbrengt. De gemeente Diemen was natuurlijk al een hele tijd bezig met die plannen en ze heeft nu ook aangekondigd om een onderzoek, vooruitlopend op de besluitvorming te doen, dus ik denk eerlijk gezegd dat de gemeente Diemen, maar ik hoef
niet voor de gemeente Diemen te pleiten, maar ik denk eerlijk gezegd dat de gemeente Diemen wel degelijk rekening houdt met de wensen. Iets anders is, maar dan ga ik naar mijn eerste termijn toe, dat doe ik niet, voorzitter. Dit was even een reactie, kort. De voorzitter: Ja, dank u wel, meneer ‘t Hart. Dan ga ik naar meneer Van der Vlies. De heer Van der Vlies: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik kan me wel vinden in wat mevrouw Hilders zegt en ik had daar als extra verhaal vraag nog bij, gaat het college uit zichzelf nog actie ondernemen om met Diemen en Amsterdam in samenspraak gaan om te kijken wat of zij met de windmolens kunnen voorkomen, of laten we het nu helemaal over aan de bewoners van Weesp, die worden uitgenodigd voor allerlei overleg, of allerlei, hoe noem je dat, allerlei vergaderingen waarbij Amsterdam gaat uitleggen wat er allemaal gaat komen. Dus neemt het college initiatief, of moeten de burgers nu zelf echt de vinger aan de pols houden en hard gaan werken om te zorgen dat die windmolens er niet komen? Dank u wel, meneer de voorzitter. De voorzitter: Meneer ‘t Hart, wou even reageren, zie ik?. Even uw microfoon aan, meneer ‘t Hart. Wij horen u niet, meneer ‘t Hart. Microfoon graag. De heer ‘t Hart: Excuus, voorzitter.
Mag ik in de eerste termijn al reageren op deze RIB-brief, of moet ik nog even wachten? De voorzitter: Nou, ik dacht dat u wou reageren op de woorden van meneer Van der Vlies. De heer ‘t Hart: Nee, dat handje, ik zeg niks over het handje. De voorzitter: Dan ga ik naar meneer Sluyk De heer Sluyk: Voorzitter, ik vind het hartstikke leuk, maar ik heb geen handje opgestoken. U zag mijn handje wel, maar hij was al te laat, blijkbaar. Sorry. De voorzitter: Nou, goed, dan ga ik naar de wethouder toe voor een eerste antwoord. De heer ‘t Hart: Nee, voorzitter, ik wil toch wat zeggen in de eerste termijn. Ja, het handje gaat steeds heen weer, maar ik heb wel behoefte om in eerste termijn ook een reactie te plaatsen en ik denk inderdaad dat de voorgaande sprekers al duidelijk hebben gemaakt ze, nou ja, er wat brieven zijn gestuurd en het vervolg. Ik heb inmiddels en ik neem ook aan de andere raadsleden, een brief gekregen van een toekomstige inwoner, die al eerder heeft gereageerd en die nu op zich de gemeenteraad oproept om toch iets meer stelling te nemen, omdat hij de indruk heeft dat we weliswaar onze zorgen hebben gedeeld, maar hij vraagt zich af wat voldoende is. Wethouder Ogier zei net ook al dat er allerlei informatiebijeenkomsten zijn. Er worden ook het komend weekend wandelingen gerealiseerd.
Dus ik vroeg me wel af, dan ben ik wel ook wel benieuwd naar in hoeverre de wethouder, zeg maar, hele actieve gesprekken heeft met de gemeente Diemen en Amsterdam, maar ik vroeg me af inderdaad van of het toch niet zinvol is om toch nog eens een keertje nog een wat duidelijker signaal af te geven. De voorzitter: Dank u wel, meneer ‘t Hart. Dan zag ik dat meneer Pfeiffer nog. De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel, voorzitter. Ook dat was gewoon voor de tweede termijn van mij. Dank u wel, voorzitter, ik vind het opvallend om te zien hoe dit onderwerp toch de wat onze conservatievere krachten in deze raad kennelijk wakker maakt. Ik verzet mij wel tegen het idee dat we als gemeente Weesp ons actief
moeten gaan bemoeien tegen het gemeentebeleid van andere gemeenten. Ik snap de ideevorming daarachter, maar ik denk dat als wij procedureel een probleem hebben met hoe het gaat ‘…’, we ons vooral naar Den Haag moeten richten, want zij hebben dit zo vormgegeven, waardoor het elke gemeente voor zich is geworden. Ik juich het natuurlijk toe dat er bestuurlijk overleg is, maar het lijkt me niet wenselijk dat wij standpunten gaan innemen tegen andere gemeenten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Pfeiffer. Ga ik nu naar wethouder Ogier. Mevrouw Ogier, gaat u gang. Mevrouw Ogier: Ja, dank u wel, voorzitter. De heer Rahimi: Voorzitter, ik heb nog een handje. Voorzitter, ik heb nog … De voorzitter: Meneer Rahimi, ga uw gang. De heer Rahimi: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik kan onderschrijven wat mijn collega Pfeiffer zegt. We gaan natuurlijk niet over gemeente Amsterdam of Diemen, maar wat let ons eigenlijk dan wel via, ik bedoel, we hebben allemaal collega’s, wij van de VVD in Amsterdam en indien men, om die raadsleden die over die steden gaan door te geven wat we vinden en dat zij over hun stad, want ik onderschrijf wel wat mevrouw Hilders zegt, om via hun raden dat doen. Dus dat wil ik nog even benoemen. De voorzitter: Dank u wel, meneer Rahimi. Dan zie ik ook meneer Sluyk wil nog reageren. Ga uw gang.
De heer Sluyk: Ja, nou, ik wil nog even reageren op de heer Rahimi, of hij wil reageren. Natuurlijk gaan wij niet over of de besluiten die in andere gemeenten worden genomen, maar we gaan wel over, wij moeten wel staan voor onze bewoners en onze inwoners van Weesp. Daarmee kunnen we wel heel goed een signaal afgeven naar de andere gemeenten dat wij dit niet willen … De heer Rahimi: Interruptie, voorzitter. De voorzitter: Interruptie van meneer Rahimi. De heer Sluyk: Maar we kunnen wel, we kunnen wel voor onze inwoners gaan staan. De voorzitter: Ja, oké. De heer Rahimi: Voorzitter. Misschien heeft u het niet gehoord, meneer Sluyk, dat doen wij, dat hebben wij ook in het verleden gedaan, dat we tegen deze dingen zijn. Ik zeg alleen begrijpt u dat ik een tip geef, dat u veel meer kracht kunt uitoefenen om voor onze bewoners op te komen, als we via de partijen in die steden doet? Want dan kunt u echt tegenhouden namelijk, niet alleen met de motie vanuit ons, van dat zijn, dat bedoel ik. Dat is gewoon een tip. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu even naar mevrouw Booij. Mevrouw Booij: Dank u wel, voorzitter. Ik zou me heel graag willen aansluiten bij de woorden van De heer Sluyk. Hij haalt me de woorden uit de mond, letterlijk gezegd.
Ik vind het idee van dus meneer Rahimi ook prima, maar dat kan daarnaast dan, maar ik denk wel dat als we gezamenlijk als raad dit aanpakken, dat we veel sterker zijn dan als een paar raadsleden gaan doen. Niet omdat wij van een lokale partij zijn, want die zijn
er in Diemen en in Amsterdam ook, dus daar hebben we net zoveel invloed op als dat je dus op normale partijen … Ik sluit me heel graag aan dus bij de woorden van meneer Sluyk, we moeten hier wat aan doen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Booij. Ik zie … De heer Pfeiffer: Voorzitter. De voorzitter: ik zie het handje van meneer Pfeiffer nog steeds, dus ik ga ervanuit dat u nog iets zeggen wil. De heer Pfeiffer: Ja, dank u wel. Ja, dat komt omdat meneer Sluyk en mevrouw Booij ook reageerden op mijn betoog en wat ik probeerde te zeggen, en ik denk dat de heer Rahimi daar procedureel gewoon het juiste voorstelt, is dat wij niet de wethouder gaan afvaardigen naar een andere gemeente toe, want dat lijkt me ook helemaal niet juist en zo werkt het openbaar stuur in zoverre ook niet dat wij wethouders naar elkaar met een boodschap sturen, maar dat wij via de partijlijnen proberen het politieke proces te beïnvloeden. Als ons dat niet zint, kunnen we altijd nog ons melden bij het hogere bestuur. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan wou ik toch het woord geven aan wethouder Ogier. Oh, ik zie meneer … Uw microfoon staat niet aan, meneer ‘t Hart. De heer ‘t Hart: Ja, daar ga ik weer. Ja, voorzitter, het wordt nu wel erg bar voor. Er werd zelfs afgesproken dat de wethouder van Weesp in contact gaat met Diemen en Amsterdam.