CConstaterende datwassenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 6 juli 2021 (concept)

Raadsvergadering Wassenaar 21 september 2021, gemeente wassenaarBij agendapunt: Notulen44.563 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

De voorzitter: De wethouder. Wethouder Zweerts de Jong: Dat klopt. Ik heb aangegeven dat alle wetgeving in het Sociaal Domein erop gericht is dat wij altijd verplicht zijn om zorg te bieden. Dus of we nou een heel hoog tekort, een overschot of whatever hebben, wij moeten aan iedereen zorg leveren. Wat dat betreft, kunnen wij de financiële tekortkomingen nooit afwentelen op iemand die onder de armoedegrens leeft. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Noort. De heer Van Noort: Dank u wel voorzitter. U zegt 'we doen wat we moeten doen', maar wij constateren dat er toch nog steeds armoede onder onze Wassenaarse burgers is. Eigenlijk zou je die motie zo moeten omvormen dat er staat dat we dat gewoon te lijf gaan, dat we er gewoon voor gaan zorgen dat er geen mensen meer onder de armoedegrens leven. Dat is een hele andere benadering, maar in feite staat dat er al en zo is het ook bedoeld. Als u het afraadt zegt u eigenlijk 'we gaan er eigenlijk niets aan doen'. De voorzitter: De wethouder. Wethouder Zweerts de Jong: Ik zeg niet dat ik er niets aan kan doen want ik ben er heel druk mee bezig. In het programma 'Iedereen doet mee Wassenaar 2030' staat dat eigenlijk niemand in Wassenaar arm mag zijn. Ik denk dat wij in ieder geval alles moeten doen wat in onze macht ligt om de mensen te bereiken, om de mensen die geholpen kunnen worden ook te helpen.

Vandaar dat wij een breed spectrum hebben om de mensen die in een negatieve spiraal zitten omhoog te brengen en te zorgen dat zij voldoende middelen hebben om goed en gelukkig te kunnen leven in Wassenaar. De voorzitter: De heer Hendrickx. De heer Hendrickx: Dank u wel voorzitter. Er doet zich hier natuurlijk een principieel probleem voor en wij weten zelf nog niet helemaal hoe wij daarmee moeten omgaan. De wethouder sprak over een openeinderegeling en dat betekent dat je de kosten daarvan niet volledig onder controle of volledig niet onder controle hebt, dat gebeurt afhankelijk van de ontwikkelingen in de samenleving en in wezen zitten we met de jeugdzorg nu met dat probleem. Hoe kijkt de wethouder er tegenaan wanneer dit een structureel tekort voor de gemeente oplevert? Ik neem hierbij heel even geen enkele positie in over of dat wel of niet terecht is, wat betreft het sociale aspect wil ik even niets aan de orde hebben, maar wat betreft het financiële aspect, hoe moet deze gemeente omgaan met een structureel tekort wanneer dit zich laat aanzien? De voorzitter: De wethouder. Wethouder Zweerts de Jong: Ik heb net aangegeven dat we het afgelopen halfjaar natuurlijk heel ruim over de jeugdzorg hebben gesproken. We hebben uitgebreide kostenbesparende maatregelen 26

getroffen om er inderdaad grip en regie op te krijgen. Ik heb daar vorige week in de commissie Sociaal Domein nog uitgebreid met de commissie over gesproken; dat wij juist de regie daarop willen nemen en dat staat ook in de informatiebrief. Ik spreek tweemaal per week met mijn team over alle maatregelen die genomen worden en wij hebben naar aanleiding van uw opdracht om daar de regie op te nemen echt al heel veel stappen gezet. Het gaat er in deze motie van de PvdA om dat mensen met een kleine beurs die in de armoede zitten niet de dupe mogen zijn van deze overschrijdingen op de Jeugdwet. Dat is eigenlijk de kern van die motie en wij geven aan dat ik daar in de uitvoering van de wetgeving geen onderscheid in mag maken. Wij hebben een heel breed spectrum in de welzijnssfeer op het gebied van armoede en minima. De voorzitter: Oké, gaat u verder. Wethouder Zweerts de Jong: Ik ga door met inclusiviteit. U hebt mij bij de behandeling van de vorige begroting ook al gevraagd om een Inclusieagenda te maken en het VN-verdrag Gehandicapten uit te voeren. Wij doen ontzettend veel, dat staat ook in de informatiebrief van 20 april jl., op het gebied van inclusiviteit. We hebben alleen aangegeven dat we op dit moment geen aparte opgave Inclusiviteit kunnen hebben omdat we daar geen specifieke capaciteit voor hebben.

Vandaar dat ik u heb laten weten dat we dit meenemen naar de nieuwe organisatie. Inmiddels neemt iemand dat mee in de gehele nieuwe opzet van de organisatie dat we hoe dan ook altijd uitgaan van inclusiviteit, van buiten naar binnen, voor ons inwoners, voor onze mensen. Mijnheer Weyn zei al het erg belangrijk te vinden dat inclusiviteit en je veilig voelen op de werkvloer te allen tijde geborgd moet zijn. We hebben zelfs een opdracht van de fractie Mulder uitgevoerd. Het is niet echt een gaybrapad geworden, maar ik vind hem wel heel erg mooi geworden, rondom die vuurtoren die nog niet geschilderd is, maar die wel een heel mooi gaybrapad heeft gekregen, eigenlijk nog mooier dan een gaybrapad. Zelfs dat hebben wij kunnen uitvoeren op het gebied van inclusiviteit, we hebben daar erg veel op kunnen doen. Als u zegt dat u daar een aparte agenda voor wilt dan wil ik daar bij de begroting op terugkomen en dan moet ik een voorstel doen over hoeveel dat extra kost. We hebben dat eerder onderzocht, dus ik heb daar al een bedrag voor, maar ik zal dat in de begroting nader aangeven en dan kunt u alsnog de keuze maken of u dat wilt. De voorzitter: De heer Van Noort. De heer Van Noort: Ik versta u zo dat u zegt 'als je die motie nu nog even aanhoudt, dan komen we er bij de begroting op terug'.

Ik weet niet of dat juist is, maar ik wijs er wel op… Wethouder Zweerts de Jong: Als u dat wenst, wil ik in de begroting uitwerken om een agenda te maken. Dan nemen we daar een bedrag voor op en dan hebt u bij de begroting de keuze om dat bedrag wel of niet ter beschikking te stellen. De heer Van Noort: Dat is helder, maar het is natuurlijk wel zo dat u volgens het VN-verdrag Gehandicapten al vanaf 2016 verplicht bent om dat te hebben. Ik vraag hier al vier jaar om en we zijn al acht jaar te laat. Wethouder Zweerts de Jong: Ik zeg niet dat ik het niet uitvoer. De heer Van Noort: Nee, ik was… De voorzitter: Oké. De wethouder geeft in ieder geval aan ermee aan de gang te willen en ze zegt toe de uitwerking bij de begroting te doen, zodat u kunt afwegen of dit op dat moment voldoende is of dat het om bijsturing bij de begroting vraagt. Ik denk dat het aan u is om af te wegen of u de motie wel of niet in stemming wilt brengen. Wat is uw oordeel als de motie over inclusie vanavond op deze manier komt voor te liggen? Wethouder Zweerts de Jong: Ik moet hem nu ontraden vanwege gebrek aan capaciteit en conform wat we al in de raadsinformatiebrief hebben aangegeven. De voorzitter Helder. Er komen nog allerlei vragen los. De heer Weyn. De heer Weyn: Dank u voorzitter.

Ik ben een beetje verward want de vraag in de motie is om de richtlijnen in het VN-verdrag Gehandicapten daadwerkelijk uit te voeren. Ik begrijp dat daar geen keuze in is en dat de wethouder zegt dat ze dat al doet. Ik begrijp eigenlijk niet wat aanhouden zou opleveren, u kunt hooguit zeggen dat hij overbodig is, maar het voegt niets toe, tenzij u zegt dat u die richtlijnen niet gaat uitvoeren. Ik ben een beetje verward, u zegt: we doen het al. 27

De voorzitter: Misschien is het goed om nu toch helder aan te geven wat u doet en waar de hickup zit want er zijn meerdere vragen gekomen en kennelijk is uw uitleg niet duidelijk. Wethouder Zweerts de Jong: Wij hebben in de informatiebrief die naar uw raad is gestuurd naar aanleiding van de vorige opdracht die ook de PvdA heeft gegeven geschreven dat wij op dit moment geen specifieke aparte Inclusieagenda maken omdat wij vinden dat die kortdurend is en wij liever duurzame inclusiviteit in de organisatie borgen. Ik heb aangegeven dat ik, zoals de heer Van Noort graag wil, een aparte agenda wil maken, maar daar heb ik op dit moment de capaciteit niet voor. Ik wil u wel een voorstel doen om het toch te kunnen uitvoeren en daarmee wil ik bij de begroting terugkomen, dat heb ik nu toegezegd. Zoals de motie nu is moet ik hem ontraden, maar ik kan u wel adviseren om hem aan te houden en dan kan ik hem bij de begroting uitwerken. De voorzitter: De heer Zoutendijk. De heer Zoutendijk: Ja, de wethouder ziet iets in die motie staan wat er niet staat. Er staat gewoon: houdt u aan de richtlijnen. Begrijp ik dat u die motie ontraadt? De voorzitter: De wethouder. Wethouder Zweerts de Jong: Ik houd me aan de richtlijnen in het VN-verdrag, wij proberen alles wat daarin staat zo goed mogelijk uit te voeren.

Dan gaat u mij nog een keer opdragen om hem nog een keer uit te voeren en dan moet ik zeggen dat ik het al doe. Ik heb twee smaken, oordeel raad of ontraden en dat heb ik u net uitgelegd, vandaar dat we dat zo moeten doen. Het klinkt heel stom, wij voeren uit wat we kunnen uitvoeren, wij doen dat heel ruim en we kijken ook heel erg ruim naar inclusiviteit. Ik voer hem al uit. De heer Zoutendijk: U geeft nu een andere motivering, dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Gout. Mevrouw Gout: Ja dank u voorzitter. Ik ben ook in verwarring. In deze motie staat helder 'draagt het college op de richtlijnen van het VN-verdrag Gehandicapten daadwerkelijk uit te voeren' en ik kan me daarom niet anders voorstellen dan dat zoiets oordeel raad is, wat je werkelijk moet doen. Er zit een tweede onderwerp in, namelijk de Inclusieagenda, en dan ga ik ook even naar mijnheer Van Noort als het mag voorzitter. De wethouder geeft eigenlijk aan dat ze zeker over die Inclusieagenda wil nadenken en dat ze die in de begroting wil meenemen, dus eigenlijk hebben we hier misschien zelfs twee moties in een. Dank u. De voorzitter: De wethouder.

Wethouder Zweerts de Jong: Als u dat zo wilt zien, suggereer ik graag dat mijnheer Van Noort de motie aanhoudt, dat wij, net zoals mijn collega net aangaf, er bij de begrotingsbehandeling mee terugkomen en dat we u dan een voorstel doen over het maken van een aparte Inclusieagenda. De voorzitter: De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Ja, het is een beetje hoe de motie wordt gelezen. Als je de motie zo ziet, snap ik waarom hij formeel wordt ontraden, dat is eigenlijk vrij logisch daar hoeven we helemaal niet moeilijk over te doen. Als we het een sympathiek gebaar vinden, kunnen we alsnog voor stemmen en zeggen 'de wethouder doet het al, fantastisch ga daarmee door'. Ik wil naar aanleiding van deze toezegging twee dingen vragen. Richtlijnen uitvoeren geeft altijd een behoorlijke mate van beleidsvrijheid, het zijn immers richtlijnen en ik wil wel weten wat de minimum- en maximumvarianten zijn als er bedragen worden opgenomen, zodat we ook eerlijk kunnen afwegen hoe de kosten zich tot de baten verhouden. Verder hoeft de wethouder haar tweede toezegging van mij niet te doen. Ik vind een aparte Inclusieagenda eerlijk gezegd juist een beetje afbreuk doen aan het woord. Het mainstreamen van inclusie in je beleid is volgens mij het enige goede antwoord van de wethouder en die toezegging kan ze wat mij betreft, intrekken, dat is voor mij niet nodig. De voorzitter: De wethouder.

Wethouder Zweerts de Jong: Ik denk dat het aan de raad is, wij geven alleen aan wat wij van die motie vinden. U gaat straks de motie in stemming brengen en dan kunt u het nogmaals aangeven, 28

maar dan zou u daar misschien een kleine verduidelijking in kunnen aangeven van wat u wilt dat ik extra doe buiten wat ik al doe op het gebied van het VN-verdrag. Dat zou ik dan als verduidelijking willen hebben. De voorzitter: Toch even voor de helderheid van de toezeggingen. Welke toezegging hebt u nu gedaan? Dan kunnen de indieners van de motie namelijk afwegen wat zij verder met de motie doen. Wethouder Zweerts de Jong: Ik heb toegezegd dat, als mijnheer Van Noort dat wenst en als de raad dat wenst, ik in de begroting wil aangeven welk bedrag wij nodig hebben voor het maken van een aparte Inclusieagenda. Dat heb ik toegezegd. De voorzitter: Dus u hebt nu toegezegd dat u bij de begroting met voorstellen komt over wat de inspanningen en de financiën zijn voor het maken van een Inclusieagenda. Helder, dan schrijven we dat op als een toezegging, die staat gewoon, dat is nu toegezegd. We gaan nu naar de heer Van Noort. De heer Van Noort. De heer Van Noort: Ik dank de wethouder voor de toezegging. Ik heb met mijn medeondertekenaar afgesproken dat wij de motie aanhouden, dus vandaag niet in stemming brengen. De voorzitter: Dan wordt de motie niet in stemming gebracht, ik dank u wel. Wethouder Zweerts de Jong: Er was een korte opmerking van de heer Zoutendijk over de budgetplafonds.

Die discussie hebben we natuurlijk uitgebreid gevoerd bij de kostenbesparende maatregelen Jeugdzorg, dus hierbij wil ik het laten voorzitter. De voorzitter: Ik dank u wel. Dan gaan we over naar de wethouder die gaat over onderwijs, duurzaamheid en zo en participatie. Aan u mijnheer Bloemendaal. Wethouder Bloemendaal: Dank u voorzitter voor 'en zo' want ik wil de Wmo maar eens als eerste en zo bij de kop pakken. Ik dank de leden voor hun opmerkingen en vragen rond mijn portefeuille, waarbij naast Wmo en onderwijs in het bijzonder IHP en duurzaamheid de brokken zijn die vanavond door u behandeld zijn. Ten aanzien van de Wmo. U hebt in de kadernota gelezen dat wij een geschatte besparing inboeken en dat komt omdat het college zich nu oriënteert op maatregelen die in kostenbesparende zin zouden moeten werken. Als u de openbare bronnen hebt gevolgd, de VNG heeft richting gegeven en ideeën aan de hand gedaan waarlangs gemeenten dat zouden kunnen doen en een enkele gemeente is daar al mee begonnen. Wij nemen die suggesties op het ogenblik aan, we bekijken die in samenhang en komen na het reces met een plan bij u terug ter behandeling in de cyclus van september 2021 met hopelijk besluitvorming in de raad van september. Dat ten aanzien van de Wmo.

Ten aanzien van het onderwerp Onderwijs en IHP dank ik de heer Mulder voor zijn scherpe opmerkzaamheid, de Nutsschool verdient alle plaats in ons leven, maar niet daar in de tekst en bij de verwerking naar de begroting zullen de investeringen 1 en 2 en met name 2, die op de SKOW, de beide katholieke scholen, slaat daarvoor in de plaats komen, daar gaat dit in feite ook over. Uw opmerking is begrepen en wordt verwerkt. Ten aanzien van de opmerking van Lokaal Wassenaar! Ja, het gaat over aanzienlijke investeringen en niets is minder waar mijnheer Weyn, we hebben in 2019 enorme stappen met het IHP gezet door planmatig uit te rekenen en door te rekenen wat ons als verantwoordelijke op de schouders rust om die prognoses ten aanzien van verbouw, nieuwbouw en restauratie van schoolgebouwen te maken. U vraagt hoe we de beheersbaarheid daarvan willen regelen. Ik kan u zeggen, in aansluiting op de vraag van mevrouw Bellekom eerder in de commissie, dat de berekeningen in het IHP op de BENG-norm zijn gebaseerd op het prijspeil 2020, dus dat we veel dichter bij de werkelijkheid zitten dan aanvankelijk werd gedacht en misschien ook uit de briefing van de schooldirecteur hier naar voren is gekomen. Dat ten aanzien van de IHP-productie. De voorzitter: Oké, daar is nog een vraag over van de heer Weyn. De heer Weyn. De heer Weyn: Ja dank u voorzitter.

Ik begrijp wat de wethouder zegt, het is inderdaad zo dat het IHP en de BENG leidend zijn, maar mijn vraag was waarmee we iets kunnen doen om ervoor te zorgen dat het, heel plat gezegd, niet overdone is. Is het gewoon een invuloefening waar iets uitkomt? Er is al gezegd dat de BENG of de krapte in de markt kostenverhogend werkt, maar hebben we enige mogelijkheid, als er een schoolgebouw uit komt, dat het iets minder kan, want € 15 miljoen is een behoorlijk bedrag, of is het dit gewoon en kunnen we daar weinig aan doen? Dat is natuurlijk ook een antwoord. 29

De voorzitter: Wethouder Bloemendaal. Wethouder Bloemendaal: Dank u voorzitter. Dan begrijp ik uw obstructie. Nee natuurlijk leiden die sommen tot richtbedragen en bij het aanbesteden en het doen realiseren van een gebouw kijken we natuurlijk met name naar de doelmatigheid om zo verstandig mogelijk te bouwen. Dat past binnen het budget en het liefst natuurlijk ruim daarbinnen als dat zou kunnen. Dan ten aanzien van duurzaamheid. Het college is blij met de sympathie die uit uw bijdragen ten aanzien van het traject van de RES naar voren komt, motie 9 van het CDA en motie 14 van D66 slaan daarop. Het geeft maar aan dat we de afgelopen jaren stappen op dit dossier hebben gezet en dat uw betrokkenheid daarbij gegroeid is, dat stemt ons natuurlijk tot grote vreugde. Ten aanzien van de amendementen en moties. Het amendement van Lokaal Wassenaar! Ja, de heer Boon heeft volkomen gelijk, in ruimtelijkeordeningland moet je de goede volgorde der dingen aanhouden. Het college kan zich volledig vinden in het tekstuele voorstel dat u gedaan hebt en geeft het amendement daarmee oordeel raad. De voorzitter: Oordeel raad op het amendement Kadernota Onderwijslocaties. Wethouder Bloemendaal: Dat is amendement B voorzitter, excuus. De voorzitter: De raad kijkt wat verbaasd. De griffie is zo aardig geweest om een lijst met nummers te maken, maar die heeft de raad niet.

Vandaar mijn vraag of u gewoon de titels van de moties en amendementen gebruikt, dan hebben we het allemaal over hetzelfde. Wethouder Bloemendaal: Het is geenszins mijn plan om uw raad in verwarring te brengen. De voorzitter: Dank u wel, maar mevrouw Gout heeft nog een vraag. Mevrouw Gout: Ja, even naar aanleiding van de twee moties, die van het CDA en die van ons, die de wethouder zo snel behandelde. Gegeven zijn positieve toon neem ik aan dat hij oordeel raad geeft. De voorzitter: Daar ga ik ook vanuit, maar daar komt hij volgens mij nu terecht. Wethouder Bloemendaal: Ja, na mijn amendement B durf ik wel naar motie 9 en motie 14 te gaan voorzitter, daar was ik net aangekomen en die nummering zal ik dan ook niet aanhouden, maar het gaat om de CDA-motie over de RES. Dat leidt ook tot oordeel raad. De invulling daarvan is dat de centrale overheid financiering ter beschikking stelt zoals we ook in de commissie gewisseld hebben, maar het college neemt uw idee over om een soort voorfinanciering te plegen zodat, mocht de centrale overheid op 31 december a.s. om 23.59 uur met dat bedrag komen, we voor die tijd opvang in de begroting hebben gepleegd langs de lijnen van uw idee en daarmee is het dus ook oordeel raad. Dan de laatste motie, een motie van D66. De voorzitter: Op dit punt nog een vraag van de heer Weyn. De heer Weyn: Ja dank u voorzitter.

Misschien een vraag die eerder bij de indiener van de motie hoort. Er staat 'de benodigde capaciteit voor de uitvoering RES beschikbaar te stellen voor 2021 en daarna', betekent dit dat het daarmee is bedoeld als een structurele last? Dan zou ik het niet ten laste van de reserve Grote projecten brengen, maar dan zou het structureel moeten worden opgenomen. Dus de vraag is of dit echt incidenteel, voor de korte termijn, is of echt langdurig, permanent. De voorzitter: De heer Everard. De heer Everard: Ja voorzitter, het nadeel van het indienen van de moties in de eerste termijn is dat je er niet goed het gesprek over kunt voeren. Je zit in een kabinetsformatie, je weet niet hoelang dat duurt en het is de bedoeling dat we het in de periode van nu totdat dit geregeld is in ieder geval goed gaan regelen, dat we aan de slag gaan en dat we die mooie RES'en die we op papier hebben ook echt gaan uitvoeren. Dat is de bedoeling van deze motie, hij is echt bedoeld zoals de wethouder het zegt. Het is niet meer dan een soort voorfinanciering, maar ik weet niet hoelang het moet duren. De voorzitter: Helder, opgelost. Dan de andere motie van D66 die nog voorligt. De wethouder.

30

Wethouder Bloemendaal: Dank u voorzitter. Ja de duurzaamheidsinitiatieven zoals in de motie staat bestendigen en structureel maken heeft in die zin de steun van het college. Het college vraagt alleen aan de indiener waar de financiering ter zake gevonden zou kunnen mogen moeten worden. De voorzitter: Mevrouw Gout. Mevrouw Gout: Dank u wel voorzitter. Ik kijk ook even naar de heer Weyn gegeven wat hij net zei. Dat is weer afhankelijk van het tijdsbeslag, is het een indicatie voor bijvoorbeeld de komende tien jaar, dan zou je het onder grote projecten willen laten vallen of is het structureel en dan onder de algemene reserve. Ik denk dat het verstandig is om het onder de algemene reserve te plaatsen, ik zie een goedkeurend knikje, dus dat is ons voorstel. Wethouder Bloemendaal: Mag ik antwoorden? De voorzitter: Jazeker, dat mag u. Wethouder Bloemendaal: Dank u. Dank u zeer mevrouw voor uw heldere antwoord, dat neem ik mee naar het college voor de beantwoording in tweede termijn. Voorzitter, daarmee ben ik klaar. De voorzitter: Oké, u geeft oordeel raad, dat is uw appreciatie, maar daarmee is de motie nog niet aangepast en volgens mij is het wel goed dat we de aanpassing op de motie voor de tweede termijn hebben, dan brengen we straks ook een motie in stemming waarvan we ook over dertig jaar nog weten wat we bedoelden. Mevrouw Gout: Dank u wel voorzitter.

De voorzitter: De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Los van de financiële vraag van de heer Weyn waarmee wij ook zaten, het zijn natuurlijk beide uitgaven die structureel en niet uit te reserve moeten worden gedekt, vraag ik me af wat hij inhoudelijk van plan is. Hij heeft nu een eenmalige subsidie van € 20.000,00 staan, wat gaat hij dan extra doen als het structureel wordt want volgens mij is hij nog niet begonnen. Hetzelfde geldt voor de RES, dat oogt ook een beetje een openeindeachtig. Wat stelt hij zich daarbij voor en wat gaat hij er inhoudelijk mee doen? De voorzitter: Wethouder. Wethouder Bloemendaal: Ik dank de heer Van Doeveren voor zijn vraag. Ja, ten aanzien van de RES, dat is verre van incidenteel. Als u de openbare bronnen en onze behandeling gevolgd hebt, is de RES een langdurig project en de centrale overheid zal ook langs die lijnen gaan bijlopen, maar omdat we daar nog geen helderheid over hebben, vangen we dat in eerste instantie op en dan zal er in de toekomst inderdaad naar structureel geld gezocht moeten worden. De voorzitter: De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Nee, dat is net iets te gemakkelijk, ik ken de heer Bloemendaal als iemand die volledig kan antwoorden. Dan ga ik maar door naar de tweede motie.

Het college vraagt eenmalig € 20.000,00, dan vraagt iemand van een andere partij om dat structureel te maken en dan vraag ik wat u ermee gaat doen als het structureel wordt. Wat is dan de meerwaarde daarvan, wat ga je doen als we dat geld structureel beschikbaar stellen? Het is een oprecht inhoudelijke vraag wat u gaat doen. De voorzitter: De wethouder. Wethouder Bloemendaal Ja, ik ga u ook inhoudelijk antwoord geven. Het is nu zo dat uit de inwoners initiatieven naar voren zijn gekomen die we de afgelopen jaren zeer incidenteel gesteund hebben, die willen we niet laten doodbloeden en het idee is om die in 2022 te laten voortgaan en dus financieel te steunen waar dat nodig is. Ik ga hier geen subsidietoewijzing plegen want u hebt ook gelezen dat we daar nog aanvullende regelgeving voor moeten maken. Er zijn initiatieven die het college ondersteund heeft en die verdienen voortgang, dat is de gedachte daarachter. De voorzitter: De heer Zoutendijk en daarna de heer Weyn. De heer Zoutendijk.

31

De heer Zoutendijk: Dank u wel voorzitter. Moet ik nou begrijpen dat u structureel wilt voorfinancieren? De voorzitter: De wethouder. Wethouder Bloemendaal: Nee, we zijn nu bij de motie. De RES is voorfinancieren en de motie vraagt om eigen inbreng uit de eigen begroting. De voorzitter: Helder. Dan is er ook een vraag van de Weyn. De heer Weyn: Ja dank u voorzitter. Eigenlijk hetzelfde, we hebben net gezegd dat die motie wordt aangepast omdat het voor een bepaalde periode was, dan hebben we het toch over motie duurzaamheidsubsidie? Ja. Dus de indiener van de motie zegt dat het voor een bepaalde periode is, dan is het dus niet structureel en komt het uit de algemene reserve, hij knikt 'ja'. Als ik de wethouder hoor dan hebben we het over structurele subsidie en dan zou de motie blijven zoals hij is, dan gaat het gewoon ten laste van de normale begroting. Het is mij niet helemaal duidelijk waar we nu over praten, over structureel met een aanpassing van deze duurzaamheidssubsidie, dan zijn de vragen van de heer Van Doeveren relevant, of zijn het, wat we ook van de heer Everard horen, tijdelijke maatregelen en wachten we tot er iets meer definitiefs uit Den Haag komt. Graag een toelichting. Wethouder Bloemendaal: Voorzitter, er is wellicht onbedoeld verwarring ontstaan over het REStraject enerzijds en motie 14 van D66 anderzijds.

De motie van het CDA ziet op het uitvoeren van de RES en de borging daarvan vanaf 1 januari aansluitend, dus geen vertraging ten aanzien van de Regionale Energiestrategie Rotterdam-Den Haag, een van de dertig regio's waarin wij participeren. De motie van D66 ziet op een lokale setting, namelijk het steunen van duurzaamheidinitiatieven van inwoners binnen onze gemeente waarvan ze zegt 'dat gaat u één jaar doen, maar wij stellen voor om dat structureel te maken'. Dat spreekt het college aan, maar daarbij was de vraag 'hoe denkt u dat te financieren?'. Naar aanleiding van uw advies zei mevrouw Gout 'uit de algemene reserve', maar ik begrijp dat u dat advies met haar wilt heroverwegen. De voorzitter: U hebt uw advies aangegeven en het is aan de partijen zelf om daar nu iets mee te doen, daarom hebben we ook een tweede termijn, we hoeven dat allemaal niet in te vullen. Het is volgens mij helder. Mevrouw Gout, u gaat daarmee straks voor de tweede termijn aan de gang. Mijn conclusie is in ieder geval dat we straks moeten schorsen omdat er in ieder geval twee moties zijn die worden aangepast, namelijk de motie over de elektrische shuttlebussen en de motie over de duurzaamheidsubsidies. Ik hecht er zeer aan dat we concrete teksten krijgen en overigens vraag ik dat ook aan de VVD, dan doen we dat in dezelfde rits mee.

Dat gaat over de strandvisie, waar het product bij de voorjaarsnota geleverd moet worden. Dan kunnen we straks de correcte teksten van de moties in stemming brengen. Oké, volgens mij hebt u alle punten en de vragen die er waren behandeld. We gaan over naar de wethouder van Bouwen en wonen, de heer Wassenaar. Wethouder Wassenaar: Ja dank u wel voorzitter. In verband met de tijd zal ik de beantwoording zo kort mogelijk houden. Verschillende raadsleden spraken over wonen. De heer Van Doeveren sprak over de woonwensen van Dian, het college herkent en erkent de woonbehoefte van Dian, maar het is natuurlijk ook zo, zoals de heer Mulder ook zei, dat we hebben gekozen voor de groene grachten en het behoud daarvan en dat impliceert dat we niet in volle vrijheid kunnen gaan voor woningen voor de politieagent en de verpleegster, hoezeer we dat ook zouden willen. We moeten het doen binnen de locaties die we kennen. Het college heeft rond de scenariostudies voor de drie genoemde locaties gezegd daar een verdiepingsslag in te willen maken wat betreft woningtypologie, juist in verband met de wensen van Dian. Ik vraag de heer Van Doeveren te overwegen om eerst de scenariostudies en dat verdiepingsonderzoek rond die woningtypologie in ogenschouw te nemen, zodat we alle gegevens op tafel hebben. Dan kan worden beoordeeld of die motie nog nodig is.

Ik vraag de heer Van Doeveren om te overwegen om die motie aan te houden omdat we dan met die studies alle argumenten op tafel hebben. Daarnaast roep ik in herinnering dat we, om aan die woonwensen te voldoen, natuurlijk ook binnen de woonvisie hebben afgesproken dat we de doorstromingseffecten zo veel mogelijk willen bevorderen en een van die effecten is toch om te proberen de oudere Wassenaar uit de eengezinswoning te krijgen. Dat zijn echt niet allemaal bar dure woningen en met de huidige financieringsmogelijkheden zijn er best mogelijkheden. Ja, dan moet je iets meer appartementen bouwen, zeker in het centrumgebied zoals in de structuurvisie en in de woonvisie staat. Dat zijn van die elementen die daarin meespelen. Het is een sympathieke motie, maar ik vraag om hem even aan te houden. De voorzitter: Een handbeweging van de heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren. 32

De heer Van Doeveren: Ja, allereerst wat betreft bouwen in het groen. Deze motie gaat alleen over de huidige gemeentelijke locaties. Het is goed dat wethouder het bevestigt, maar daar zit geen verschil van inzicht tussen ons. Wethouder Wassenaar: Dat is helder, daar ben ik het mee eens. De heer Van Doeveren: Oké, fijn dat u dat nog een keer zelf zegt. De voorzitter: De afspraak is dat we via de voorzitter spreken. De heer Van Doeveren is nu aan het woord en of u uw microfoon wilt uitzetten. Dank u wel. De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Dank u wel voorzitter. De wethouder en ik zijn het op dat punt eens en dat staat ook niet in de motie. Ik geef ook niet precies aan hoeveel woningen het moeten zijn, maar ik vind eigenlijk wel dat het signaal nu moet meelopen, vooraf eigenlijk, zodat we straks bij de uitwerking niet te horen krijgen: we hebben er nog niet naar gekeken. Ik neig ernaar om hem wel in stemming te laten brengen. Ook om de heer Hendrickx erbij te houden, ga ik hem citeren, hij heeft een keer gezegd 'als je wilt bouwen voor gezinnen en jongeren, dan moet je gewoon die woningen bouwen waar zij behoefte aan hebben' en daar ben ik het wel mee eens, maar nu zegt de wethouder toch weer, en daar stoor ik me wel aan, 'we gaan eerst bouwen voor ouderen en als die ouderen zijn gehuisvest dan is er weer plek voor jongeren', terwijl het op en op zou moeten gaan.

Het antwoord lijkt te suggereren dat de ene groep voor de andere groep gaat en dat is precies wat ik niet wil, daarom heb ik deze motie. De wethouder zegt dat de motie sympathiek is, maar tegelijkertijd zegt hij iets anders dan ik en ik neig ernaar om hem gewoon in te dienen. De voorzitter: De wethouder. Wethouder Wassenaar: Voorzitter, ik erken dat je veel woningen moet bouwen als je ten volle aan dat soort vragen naar woningen wilt voldoen en ik heb gesignaleerd, en daar zijn we het over eens, dat dit niet kan omdat we ons groen om legitieme redenen willen beschermen. Dat neemt echter niet weg dat er wel de mogelijkheid is om op die locaties beperkt te bouwen, maar het probleem is dat we in onderzoek hebben of dat zich verhoudt tot de andere belangen. In die zin is de motie sympathiek, maar directief en die zegt 'doe dat maar', terwijl het college in dat verdiepend onderzoek in beeld wil hebben hoe dit zich verhoudt tot die andere behoeftes. Vandaar mijn pleidooi om de motie even aan te houden als dat kan, dan kunnen we daar bij de discussie rond de scenario's nader over spreken. De voorzitter: Helder. Ik zet wat vaker een punt, die zinnen daarachter zijn allemaal niet nodig. Ik zie nog een interruptie van de heer Hendrickx en mevrouw Gout. De heer Hendrickx.

De heer Hendrickx: Ja voorzitter, er staan tot 2030 ongeveer 30.000 woningen gepland waarvan conform planning ruim 400 op het ANWB-terrein komen en dat betekent dat we 600 nieuw te bouwen woningen in het echte Wassenaar overhouden die in mijn ogen nooit gebouwd zullen worden. Drie of vier jaar geleden hebben we de laatste ambtswoning verkocht, die stond op de Prinses Marielaan. Hoe wil de heer Van Doeveren regelen dat er woningen beschikbaar komen voor specifieke mensen die zich kwalificeren voor wonen in Wassenaar vanwege… De voorzitter: Mijnheer Hendrickx, dat is een vraag aan de heer Van Doeveren. We zitten nu in de eerste termijn van de zijde van het college. De heer Hendrickx: Ziet de wethouder mogelijkheden om voor specifieke mensen met een specifieke kwalificatie en met specifieke regels woningen in Wassenaar ter beschikking te krijgen? Ik kom op het punt dat dit praktisch onmogelijk is en dan moet je ook heel reëel naar een motie kijken, wat moet je hiermee? Het kan niet, het is wettelijk onmogelijk, maar ik wil het oordeel van de wethouder wel horen. Dank u wel. De voorzitter: Dat is aan de wethouder. Ik merk overigens wel op dat het de familie De Lange gelukt is om een woning te kopen, met dank aan de goede baan van mijn vrouw. Het is aan de wethouder.

Wethouder Wassenaar: Ja voorzitter nogmaals, juist om een gewogen en goed oordeel te kunnen geven, willen wij de scenariostudies afwachten waarin we ook op dat onderdeel ingaan. Het is hoe dan ook beperkt ten opzichte van de vraag en we moeten het ook in de doorstroming zoeken. Ik

33

heb verder mijn punt helder gemaakt en ik laat het graag aan de heer Van Doeveren over die motie. De voorzitter: Mevrouw Gout heeft ook nog een interruptie. Mevrouw Gout: Dank u voorzitter. Vooral een specifieke vraag aan de heer Van Doeveren. De voorzitter: Dat is een debat met de heer Van Doeveren, daar hebben we een tweede termijn voor, het is nu de eerste termijn. Toch nog even voor de administratie. U geeft het advies om de motie aan te houden en ik vind het altijd wel handig om te weten wat het oordeel van het college is als die motie wel in stemming wordt gebracht want dan weet de raad namelijk wat het oordeel is. Zoals uw collega eerder vanavond al uitlegde, zijn er twee smaken. Wethouder, ik vraag u om het advies over de motie als die toch in stemming zou worden gebracht. Wethouder Wassenaar: Oordeel raad. De voorzitter: Dan is de motie oordeel raad. Oké prima, gaat u verder Wethouder Wassenaar: Dan het havengebied voorzitter. De heer Van Doeveren en de heer Weyn spraken daarover en de heer Weyn diende daar ook een motie over in. We hebben helaas nog niet tot uitvoering van die motie uit de zomer van 2020 kunnen komen vanwege de capaciteit en de transitiewerkzaamheden waar wij in zitten.

In tegenstelling tot wat de motie suggereert, wordt het havengebied wel degelijk in de kadernota benoemd, namelijk op pagina 7, vanuit de gedachte dat wij die opdracht gewoon meenemen naar de begroting voor 2022. Los van het feit dat een wijziging van de kadernota met een amendement zou moeten komen, is het in dit geval ook niet nodig, maar het college acht deze motie oordeel raad en we zien hem dan als een onderstreping van het belang en een duiding van de urgentie die de raad hieraan toekent. De voorzitter: De motie van Lokaal Wassenaar! en de VVD, Herontwikkeling haven, krijgt oordeel raad. Dank u wel. Wethouder Wassenaar: Ja. Bij wonen sprak de heer Everard ook over verregaande maatregelen in relatie tot de beheersbaarheid van het bouwen en de toewijzing van woningen en over zelfbewoningsplicht. We hebben bij de vaststelling van de woonvisie expliciet aangegeven dat we dat per locatie zullen uitwerken. Dus dat is zeker denkbaar, dat wil ik nog wel even naar voren brengen en dat gebeurt uiteraard in overleg met collega Bloemendaal. De voorzitter: Een interruptie van de heer Zoutendijk. De heer Zoutendijk. De heer Zoutendijk: U noemde het zelfbewoningsplicht, prima. Is ook het verbieden van het opkopen van woningen door beleggers een instrument dat u overweegt? De voorzitter: De wethouder.

Wethouder Wassenaar: Voorzitter, ik heb de feitelijke inhoud van alle voorgestelde maatregelen binnen de woonvisie op dit moment niet exact in beeld, maar daar zitten verregaande maatregelen in en volgens mij was dit er ook een, maar daar is natuurlijk wel een aparte verordening voor nodig en als die er nog niet inzit, kan die altijd nog bij de evaluatie overwogen worden. We hebben bij de woonvisie aangegeven dat we bij de uitvoering van locaties veel nieuwe maatregelen in overweging willen nemen. De voorzitter: De heer Zoutendijk. De heer Zoutendijk: Dank u wel voorzitter. Ik weet ook niet wat er precies in staat, maar ik vind het wel een belangrijk instrument en als het er niet in staat moet dit niet pas worden overwogen bij een evaluatie, maar moet dit misschien wel eerder worden toegevoegd aan het instrumentarium voor zover dit er nog niet in zit. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: De wethouder. Wethouder Wassenaar: Ik hoorde net dat het antispeculatiebeding in de woonvisie zit, daar sluit het toch op aan. Binnen dat antispeculatiebeding kun je bepaalde modi zoeken zodat het op uw ideeën aansluit, maar goed daar gaan we nog over praten. Het betreft overigens in belangrijke mate de portefeuille van de heer Bloemendaal, dus wij zullen daar nader contact over hebben. 34

Verder sprak de heer Everard over de locatie Rijksstraatweg, ik neem aan dat hij doelt op de locatie die wij als locatie Griffioen kennen. Ik heb er echt hard aan getrokken om dat uit de modder te krijgen en daar hebben we in de commissie ook over gesproken. Ja, daar zijn we toch weer tegen problemen met de provincie aangelopen. Ik wijs de heer Everard erop dat op de LTA het voorontwerpbestemmingsplan voor dit gebied voor de cyclus van december 2021 is voorzien. Dus ja, hij wordt wat dat betreft op zijn wenken bediend lijkt mij en dat mag ook wel na zo veel tijd. De heer Mulder en de heer Weyn spraken over het groen en Lokaal Wassenaar! heeft daar ook een motie over ingediend, ondertekend door mevrouw Bellekom. Ja, de motie betreft een sympathieke suggestie om structureel € 25.000,00 ter beschikking te stellen voor wijken om daar zelf invulling aan te geven in het openbaar gebied. Er is geen dekking voor die € 25.000,00 structureel aangegeven en als ik die motie zo mag lezen dat het college de opdracht krijgt om bij de begroting voor 2022 met de beste intenties een goede poging te doen om tot resultaat te komen, om die motie zo in te vullen dan zeg ik oordeel raad. Als Lokaal Wassenaar! daar anders over denkt dan hoor ik dat graag, maar dit lijkt mij een constructieve oplossing. De heer Mulder sprak ook nog over het groenonderhoud.

De voorzitter: Ik kijk naar de heer Weyn en ik zag nog een interruptie van de heer Van Doeveren. De heer Weyn. De heer Weyn: Ja dank voorzitter. Ik denk dat we kunnen leven met de interpretatie van de wethouder en we denken dat de kosten een stukje terug te halen zijn doordat je natuurlijk ook capaciteit bij de ambtenaren bespaart, maar dat is niet de primaire doelstelling, het is om mensen er beter bij te betrekken. Als de wethouder zegt dat in de begroting op te nemen, zijn wij daar tevreden mee en anders komen we terug met een amendement. Wethouder Wassenaar: Helder mijnheer Weyn, dank u. De voorzitter: De heer Van Doeveren De heer Van Doeveren: Ja, een erg sympathieke motie. Het gaat om een relatief klein bedrag en onze vraag is of het dan meeloopt in de bestaande programmering voor bijvoorbeeld wijkverenigingen of dat er echt een nieuw programma moet worden opgetuigd. Dat is een vraag aan de wethouder en dan toch een vraag aan de heer Weyn als een van de financieel specialisten in deze raad, dat ga ik toch in de eerste termijn doen. Ik vraag hem toch om zijn motie aan te passen, hij vraagt collega's om met moties te komen die helemaal gedekt zijn en hij komt zelf met een motie waarin hij zegt 'wethouder, regel het maar'.

Het is op zich een aardige toezegging van de wethouder, maar ik zou het zuiverder vinden als moties van een dekking zijn voorzien, dan weet je als raadslid namelijk waar je 'ja' tegen zegt en dan heb je geen verrassingen bij de begroting. Als we het aan mevrouw Gout vragen, dan vraag ik het ook aan de heer Weyn. De voorzitter: Uw punt is helder. De heer Weyn. De heer Weyn: Ja dank u voorzitter. Ik heb het overigens niet bij de andere projecten gezien, dat dit bij structurele voorstellen wordt gevraagd. Ik heb wel aangegeven dat de meicirculaire naar ons idee ruimte biedt voor extra dingen en ik denk dat dit ook een antwoord op de vraag is. U zegt 'besef dat bijvoorbeeld de strandvisie incidenteel is', dat gaat dan ten laste van de algemene reserve en we hebben nog een discussie over de duurzaamheidssubsidie. Als die inderdaad permanent is, dan hebben we dezelfde vraag. In principe ben ik het met uw antwoord eens, maar ik zie dat er ruimte is in de meicirculaire om dit soort dingen te doen en ik denk ook dat een stukje van dat bedrag terug te halen is omdat je een aantal zaken gewoon aan de buurt geeft. Ik kan leven met uw suggestie om er geen apart programma van te maken, maar het te incorporeren in al bestaande initiatieven. Het gaat om het idee meer aan de buurt te geven, dat zij meer kunnen doen, dat geeft een stukje eigenaarschap.

De voorzitter: Ik ben toch nog wel even aan het zoeken want deze motie draagt nu gewoon op om structureel € 25.000,00 per jaar vrij te maken en als u dat aanneemt, moet dat verwerkt worden in de begroting. U geeft aan dat u in principe zegt dat u die ruimte gaat creëren en daarmee krijgt de motie oordeel raad, dan kunnen we de motie gewoon letterlijk lezen zoals het er staat. Oké, als dat de conclusie is dan hoeft hij niet geïnterpreteerd te worden, dan lezen we hem gewoon letterlijk, dat vind ik namelijk net zo makkelijk. Ik houd er ook van dat moties eenduidig te duiden zijn. U geeft ook aan dat u daarmee kunt leven en dat u met voorstellen komt om dit structureel in de begroting te regelen.

35

Wethouder Wassenaar: Zeker voorzitter, het sluit ook aan op het huidige initiatief voor het invullen van groentjes, bijvoorbeeld de boomspiegel. Wij geven daar invulling aan binnen het krediet dat beschikbaar is, ik zie dit als een uitbreiding en een herschikking van geld binnen het programma. Als dat om de een of andere reden die ik nu niet voorzie problemen oplevert, dan hoort u dat bij de begroting en dan kunnen we altijd nog over een ophoging praten, maar ik ga nu uit van de afspraak € 25.000,00 binnen bestaand krediet. De heer Mulder sprak ook over het groen in relatie tot het onderhoudsniveau. Als hij het heeft over het doorgroeiende onkruid op de weg, dan hebben we het inderdaad over wegbeheer en dat is onderhoudsniveau C. Het onderhoud van het publieke groen zit al in een hoger onderhoudsniveau, namelijk het niveau B. Als u daar niveau A van wilt maken, moet er veel meer geld op tafel komen, maar daar hebben we goede afspraken over gemaakt. Als u het nu wat te ruig vindt, kan ik u melden dat de jaarlijkse knipbeurt van overhangend groen door onze mensen van het groenbeheer inmiddels is ingezet. Het duurt even voordat ze overal zijn geweest, maar dat gebeurt wel. Dus ja, daar is een programma voor en ik denk dat het wat dat betreft helemaal goed komt.

Ik wil van de gelegenheid gebruikmaken om de private groenbeheerders in privétuinen op te roepen om daar ook eens naar te kijken. Ik weet niet meer precies wie daar tijdens de commissie over sprak, o dat was de heer Menken, die zei dat daar toch ook iets aan gedaan moet worden. Bij dezen de oproep aan de eigenaren van de privétuinen. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Ik dank u wel. Er resteren nog vier minuten voor het college en dat gaat de burgemeester lukken. Ik vraag de heer Boon om het voorzitterschap even over te nemen want ik heb in ieder geval nog een motie liggen en nog twee opmerkingen. De vicevoorzitter: Dat zal ik dan doen. Dan geef ik u het woord om de moties en opmerkingen nog even aan te stippen. Portefeuillehouder De Lange: Dank u wel voorzitter, even een punt van grotere ernst. Ik weet niet hoe het u vergaat, maar het raakt mij wel, gedurende deze vergaderingen kregen we allerlei pushberichten op onze telefoons, vandaag is Peter R. de Vries in Amsterdam neergeschoten en volgens mij ligt hij nu zwaargewond in het ziekenhuis. Er is inmiddels gelukkig een verdachte opgepakt en ik hoop ook dat dit de echte verdachte is en dat we de dader heel snel te pakken hebben.

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik heb in mijn persoonlijk werkend leven heel bewust de moord op Pim Fortuyn meegemaakt, ik was in die tijd werkzaam bij het Openbaar Ministerie, dus dit raakt mij en zeker als je betrokken bent bij veiligheid raakt het ons denk ik allemaal dat een bekend persoon die toch al heel lang bezig is met het op de kaart zetten van veiligheid in dit land dit vanavond treft. Ik kenmerk Nederland, en Wassenaar gelukkig ook, nog altijd als een veilige omgeving waar dit soort dingen niet gebeuren, maar helaas moeten we constateren dat dit vanavond wel het geval was. Ik wilde dat in deze vergadering toch niet onbenoemd laten in de actualiteit en ik wens de familie van Peter R. de Vries en alle vrienden en kennissen heel veel sterkte hiermee. Ik hoop echt dat het politieonderzoek snel iets oplevert want wij staan voor onze rechtsstaat. De brug is wat klein naar ondermijning. Dank voor de opmerkingen die zijn gemaakt over de aanpak van ondermijning, ik voel dat ook als een brede steun waarmee ik de komende periode graag met de organisatie verder aan de gang ga.

Mevrouw Gout vroeg specifieke aandacht voor criminele uitbuiting en ik wil zeker onderschrijven dat de uitwassen van criminele uitbuiting, mensen die in de knel komen omdat men misbruikt wordt door criminele activiteiten… en dat gebeurt helaas al heel erg jong, jongeren die als muilezel worden gebruikt door hun bankpasjes af te geven om daarmee vervolgens een hogere status te krijgen. Die kant willen we niet op en ik wil daar binnen de ondermijningsaanpak heel nadrukkelijk aandacht voor vragen. Verder dank voor de brede steun want dit is wel een stuk nieuw beleid dat in deze kadernota geborgd is. De heer Everard en de heer Zoutendijk vroegen aandacht voor de internationals, ze zijn benieuwd naar de startnotitie over de internationals. Die is toegezegd in het derde kwartaal en die komt na het reces. De heer Everard vroeg ook nadrukkelijk aandacht voor de effecten op de huizenprijzen. Ik wil dat ook nader onderzocht hebben want ik wil die vraag, die al een tijd in Wassenaar leeft, ook beantwoord zien. Dit thema valt mij überhaupt op, als een op de vijf inwoners van Wassenaar behoort tot de internationale gemeenschap weten we daar natuurlijk heel weinig van en er zijn twee zaken.

Daar moeten we meer informatie en kennis over vergaren en het gesprek met deze mensen aangaan, maar ook kijken naar de effecten, de plussen en de minnen, zoals eerder is aangegeven en in de startnotitie geven we ook aan hoe we dat gaan doen en hoe we dat vorm en inhoud gaan geven. Dan kom ik bij de motie van de VVD over de betere dienstverlening en meer keuzevrijheid. Dat is een oproep om met een voorstel te komen en dat is ook voor de organisatie en de nieuwe organisatie, daarom geef ik er een reactie op. Voor dit college staat zeker voorop te komen tot optimale dienstverlening en goede communicatie met onze inwoners en ondernemers, dat zijn we zeer met u eens. We proberen dat zo goed mogelijk te doen in de reguliere producten, maar wij merken wel, en dat heeft gewoon met de capaciteit te maken, dat aanvragen bij tijd en 36

wijle in de knel komen omdat we simpelweg heel veel aanvragen krijgen. We hebben vanavond ook al geconstateerd dat Wassenaar een aantrekkelijke plek is, er zijn veel mensen met initiatieven, er komen mensen met ideeën en soms moeten we tegen mensen zeggen: dat kan wel, maar we kunnen daar pas over een halfjaar echt een antwoord op formuleren. Daarom is het een goed idee om te kijken hoe je in de vorm van een soort fast lane bepaalde service en diensten naar voren kunt halen, waarbij de capaciteit uiteindelijk gewoon een financieel verhaal is. Dat zie je nu al bij een aantal ruimtelijkeordeningsproducten waar anterieure overeenkomsten worden gesloten waardoor extra capaciteit kan worden ingehuurd. Dat model willen we verder uitwerken en kijken voor welke diensten dat allemaal mag gelden. Laat overigens wel een ding vooropstaan, wij zijn natuurlijk een overheid voor iedereen en iedereen moet bij ons terechtkunnen, maar die fast lane bestaat al voor een deel, bijvoorbeeld bij spoedpaspoorten. Als je ineens over twee dagen weg moet, is er ook een mogelijkheid om een spoedpaspoort aan te vragen.

Wij kijken ook naar deze opgave, niet vanuit het idee 'als je iets meer betaalt dan krijg je service en dat zal de rest verdrukken', daar moeten we altijd een goede balans in vinden, maar het college is zeker bereid om met nadere voorstellen te komen om te onderzoeken hoe we uiteindelijk op een aantal terreinen versnelling kunnen krijgen en dat past ook heel erg in het nieuwe organisatiedenken, bij opgaves concreet schakelen met onze inwoners zoals we dat voor de nieuwe organisatie ook voor ogen hebben en daarmee geef ik de motie oordeel raad. De vicevoorzitter: De heer Van Doeveren heeft een interruptie. Het woord is aan de heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Dank. Ik wil alleen even reageren op het oordeel van de burgemeester. Ik lees de motie ook zoals hij hem leest en dat is akkoord. Ik vind ook dat de basisdienstverlening op orde moet zijn, maar er zijn signalen dat mensen liever iets meer betalen als ze sneller worden geholpen en ze niet een halfjaar moet wachten. Als we dat naast elkaar zouden kunnen organiseren zonder afbreuk te doen aan de basiskwaliteit, dan heel graag. De vicevoorzitter: Ik weet niet of dit nog aanleiding geeft voor een reactie, maar dat denk ik niet. Dan geef ik u het woord weer. De voorzitter: Ik dank u wel.

Dan kunnen we nu de eerste termijn aan de zijde van het college afsluiten en voordat we naar de tweede termijn gaan, constateer ik in ieder geval dat drie moties, namelijk die van de VVD over de strandvisie, die van Lokaal Wassenaar! en het CDA over elektrische shuttlebussen en die van D66 over duurzaamheidsubsidies, het debat hebben opgeleverd waarin de partijen hebben aangegeven de motie aan te willen passen. Het lijkt me goed om de vergadering nu te schorsen om dat in overleg met de griffie mogelijk te maken, zodat de aangepaste teksten straks op iBabs zichtbaar zijn. Ik kijk even, hoeveel tijd is daarvoor nodig, twintig minuten, een kwartier? Twintig minuten. Het voordeel daarvan is dat u die twintig minuten kunt benutten om op 1,5 meter afstand te overleggen. Ik denk dat het college na de aangepaste moties vrij snel door kan naar de beantwoording in tweede termijn en daarna kunnen we vrij snel door naar de stemming. We halen deze schorsing ook wel wat naar voren. U weet wat er verder voorligt. Twee moties komen niet in stemming en dan blijven er nog steeds veertien moties en drie amendementen over. Hebt u er nog behoefte aan dat ik nog een keer de oordelen van het college herhaal of hebt u die allemaal meegeschreven? Dat is allemaal gebeurd, dank u wel. Hartstikke goed. Ik schors de vergadering voor twintig minuten en gaan we om 21.30 uur verder.

Schorsing De voorzitter: Dames en heren als u allemaal weer wilt gaan zitten, dank u wel, dan heropen ik de vergadering. Er zijn inmiddels drie moties aangepast en ook op iBabs aangepast. Dat is ten eerste de motie van de VVD over de strandvisie en uitwerking Minecraft. Daarin is 'draagt het college op voor de Najaarsnota 2021' komen te staan en dat is de huidige tekst van de motie die voorligt. Dan de motie van Lokaal Wassenaar! en het CDA over de elektrische shuttlebussen. Daar is het verzoek aan het college ' Om de mogelijkheid voor elektrische shuttlebussen voor de recreatieve locaties en het gebruik van elektrische kleinschalige transportvoertuigen voor interne bevoorrading van bedrijven vanaf een goed bereikbare hub in het lopende verkeersonderzoek mee te nemen', dus daar is nu een koppeling aan het verkeersonderzoek. Dan de laatste, de motie van D66, waarin het gaat over de structurele duurzaamheidssubsidies. Daaraan is in een keurig handschrift een extra overweging toegevoegd 'de kosten hiervoor te laten lopen via de reguliere exploitatie, de meicirculaire biedt hiervoor ruimte'. Dat zijn de aangepaste moties. Ik neem aan dat er aan de zijde van het college… Ja de heer Everard, u hebt er een vraag over.

37

De heer Everard: Ja voorzitter ik heb in mijn motie over de RES één cijfertje veranderd. Daarin stond per ongeluk 2021, maar dat moet 2022 zijn en die heb ik inmiddels aangeleverd. Verder ben ik nog een klein beetje bezig om op het laatste moment toch nog de motie over de hondenbelasting enigszins aangepast te krijgen, zodat daar vandaag een meerderheid voor is, dat zou natuurlijk wel heel fijn zijn. Ik denk dat die straks naar u toe komt. De voorzitter: Oké. In de motie over de RES wordt de wijziging dat het 2022 wordt, dat wordt nu aangepast. Hebt u de goede motie erbij griffier? Oké, die wordt nu ook verwerkt, hartstikke goed. Dan zijn we qua administratie bij en gaan we over naar de tweede termijn aan de zijde van de raad en ik geef graag het woord aan de heer Hendrickx. Volgens mij hebben we een uitgebreide eerste termijn gehad en zou het een compacte tweede termijn kunnen zijn. De heer Hendrickx: Voorzitter, u haalt mij de woorden uit de mond. Ik heb geen behoefte om gebruik te maken van de tweede termijn, dank u wel. Voor donker thuis. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Dank u wel voorzitter. Bij een debat als vandaag maak ik daar meestal wel gebruik van. In de eerste plaats om de ambtelijke ondersteuning ook namens ons hartelijk te danken voor het geleverde werk en de goede stukken en natuurlijk ook de antwoorden van het college.

Een aantal punten is goed verduidelijkt en het is een hele fijne gedachte dat we straks een opgeknapte Paauw hebben en een kroonbenoemde burgemeester en ambtenaren die binnenkort weer voor de gemeente Wassenaar werken, dat is volgens mij de beste garantie voor zelfstandigheid, en dat we de ambities die we hebben waarmaken. Ik vind dat dit ook wel een beetje de meerwaarde van dit debat is. Er is ontzettend veel in gang gezet, De Paauw en het ANWB-gebouw, de Warenar loopt nog en Avalex komt heel snel. We hebben het over het strand, de sporthal en de gymzaal gehad, ik heb in ieder geval meegenomen dat de gymzaal en het centrum op tijd afkomen, maar een aantal andere projecten niet, terwijl de besluitvorming daarvan al loopt. Daar kunnen door corona soms goede redenen voor zijn, soms is er zelfs een schilder zoek, maar ik vraag toch de maximale urgentie om alsjeblieft de dingen die we hebben opgeschreven af te maken. De besluitvorming is er, dus het ligt nu echt aan de uitvoering en we hebben straks die eigen organisatie om dat met elkaar waar te maken. Ik ben ook blij met de antwoorden op de vragen over de haven. We kunnen niet alles doen, maar ik vraag al drie jaar, naast meer geld voor het strand, om ook verder te gaan met de havenplannen, veel mensen worden daar blij van.

Dat is een belangrijk stuk dat we deze periode zo ver mogelijk moeten ontwikkelen en anders nog in de volgende periode, dan is dat gewoon weer verder ter bespreking na de verkiezingen als de sporthal, de gymzaal, De Paauw, het ANWB-gebouw et cetera, alle grote prioriteiten uit het coalitieakkoord, daadwerkelijk zijn gerealiseerd. Ik ben zelf niet ingegaan op verkeer omdat het verkeersonderzoek nog wordt gepresenteerd, maar ik wil er wel een paar dingen over kwijt. Allereerst dat wij altijd voor de aanpak van sluipverkeer hebben betoogd en sluipverkeer bestaat voor ons vooral uit mensen van buiten Wassenaar die door Wassenaar rijden zonder hier een bestemming te hebben. Dat is iets anders dan Wassenaarders die gebruikmaken van het wegennet om naar school te gaan, boodschappen in het dorp te doen, naar de sportclub te rijden of die 's ochtends drie dingen tegelijk moeten doen waardoor ze hoe dan ook de auto nodig hebben. Ik wil de bevestiging van de wethouder dat zij dat zo ziet. Het gaat om een integrale benadering met bereikbaarheid. We hebben het over de leefbaarheid, maar ook bereikbaarheid is voor ons een kernwaarde, we moeten het dorp in en uit kunnen en ons kunnen verplaatsen.

Hartstikke mooi als mensen vrijwillig op andere vervoermiddelen overstappen, ik probeer dat zelf binnen Wassenaar ook zo veel mogelijk te doen, maar wij zitten niet in de sfeer om automobilisten echt te gaan pesten met allerlei maatregelen en zeker niet als het Wassenaarders zijn die gewoon gebruikmaken van het Wassenaarse wegennet. Dat is helemaal geen straf, dat is gewoon onderdeel van je eigen leefomgeving en daar hoeven wij als politiek ook niet heel veel van te vinden. We hebben het ook over woningbouw gehad en ik zie uit naar de locaties die nog worden ontwikkeld, dat zijn ook de laatste grote locaties die we in Wassenaar hebben en het is ook goed dat we daar integraal naar hebben gekeken zoals we al een paar jaar betogen. Ik zie mijn motie iets minder directief, ik schrijf niet voor hoeveel eengezinswoningen er moeten komen, ik zeg alleen dat het een belangrijke prioriteit is om mee te nemen, ook omdat ik vind dat dit in het debat altijd wat onderbelicht raakt. Ik zeg niet wie waar moet gaan wonen, maar ik weet dat de mensen vanzelf volgen als je voor een bepaalde behoefte bouwt. De voorzitter: Mevrouw Gout heeft daar een vraag over, mevrouw Gout. Mevrouw Gout: Ja dank u voorzitter. Dat wilde ik net vragen, maar dat mocht niet in de procedure waarin we zaten daarom stel ik deze vraag in de tweede termijn. Een vraag aan de heer Van 38

Doeveren om precies te begrijpen wat hij zegt. 'Draagt het college op' enzovoort en dan staat er de behoefte 'mee te wegen door onder andere de bouw van voldoende grondgebonden eengezinswoningen'. Dat wordt natuurlijk altijd meegewogen, maar misschien wordt hier iets anders bedoeld dan ik lees. De voorzitter: De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Nee, zo is het bedoeld. Ik ben nu drie jaar voorzitter van de commissie Fysieke leefomgeving en we hebben het eigenlijk bijna nooit over eengezinswoningen. We hebben het altijd over appartementen en dat soort zaken, dus als die moeten worden meegewogen… Ik vind het antwoord van de wethouder semi-overtuigend, maar mevrouw Gout leest het goed en ik heb de aanleiding net geschetst. De voorzitter: De heer Zoutendijk. De heer Zoutendijk: Dank u wel voorzitter, toch nog even. Gezinnen en eengezinswoningen snap ik heel goed, maar er staat ook 'jonge Wassenaarders' en ik kan me ook voorstellen dat alleenstaande jonge Wassenaarders misschien juist wel behoefte hebben aan een appartement. Hoe ziet de heer Van Doeveren dat. De heer Van Doeveren: Dat zou uiteraard kunnen. Ik ken allebei de doelgroepen.

Als je bij de Wassenaarse horeca langskomt, hoor je beide geluiden, maar die appartementen komen er hoe dan ook wel, daar maak ik me eerlijk gezegd niet zo heel veel zorgen over, die zitten in bijna elk plan, inclusief natuurlijk het ANWB-gebouw dat al 400 appartementen zijn. De voorzitter: De heer Paulides en daarna de heer Hendrickx. De heer Paulides: Ja dank voorzitter. Ik wil even reageren op de opmerking van de VVD dat ze echt niet van plan zijn om automobilisten te pesten, maar dat ze wel het sluipverkeer willen aanpakken. Ik wil eigenlijk wel horen waarom er dan het plan is om van de Rijksstraatweg tweemaal één baan te maken. Ik heb het al eerder gezegd, het verkeer is net een waterbed, als je het aan de ene kant naar beneden drukt, komt het aan de andere kant omhoog. Ik denk dat dit niet werkt voor de bereikbaarheid van Wassenaar en dat het ook het interne verkeer bemoeilijkt. Ik hoor daar graag nog iets over. Niet de automobilisten pesten maar wel denken dat de Rijksstraatweg een oplossing is. U weet dat de RijnlandRoute gedurende drie jaar een ontlasting zou geven en dat het verkeersaanbod in Wassenaar daarna weer zou stijgen. Ik vind het een beetje een vreemde opmerking, misschien kunt u daar nog iets over zeggen De voorzitter: De heer Van Doeveren. De heer Van Doeveren: Allereerst is het voor mij ook een stukje strategie.

We praten al dertig jaar over ondertunneling en we hebben in alle debatten gezegd dat dit altijd onze eerste voorkeur is. Feit is ook dat we de afgelopen dertig jaar weinig zijn opgeschoten in die discussie, dus ik vind het een hele slimme manier van de wethouder om het probleem opnieuw te agenderen en ik merk wel dat er meer respons op komt omdat mensen schrikken of blij zijn, maar er ligt in ieder geval een idee om over te praten. Wat u zegt over sluipverkeer, het is natuurlijk wel sluipverkeer. We hebben gewoon een snelweg door een monumentaal dorp en die 60.000 auto's stoppen niet in Wassenaar. Dus als de RijnlandRoute echt zou leiden tot forse vermindering en omleiding van al dat sluipverkeer dan valt er denk ik best naar te kijken want het is voor mij ook sluipverkeer, die mensen hebben geen bestemming in Wassenaar. Het zou voor Wassenaar een verbetering moeten zijn, maar dit is nog hele verre toekomstmuziek en laten we in ieder geval afspreken dat we een nieuwe discussie hebben als de verkeersdruk voor Wassenaar wel toeneemt, maar zover is het nog lang niet. Het is natuurlijk wel gewoon sluipverkeer dat hier passeert en hier niets te zoeken heeft. De voorzitter: De heer Paulides. De heer Paulides: Ja dank voorzitter. U zegt dat we er al dertig jaar mee bezig zijn, maar u hebt nu echt de doelstelling laten varen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=47080aaa-8971-42c4-a44d-8cc90b55c5db