Bijlage - Begroting 2023-2026 - definitieve versie 6 oktober 2022
Tekst van het document
Doelstelling 6.4: In de afgelopen jaren is al een aantal infrastructurele maatregelen rondom scholen getroffen om de schoolomgeving veiliger te maken. In het kader van het realisatieplan verkeer wordt in overleg met de scholen onderzocht waar nog meer behoefte naar is op het gebied van verkeerseducatie of het realiseren van fysieke en infrastructurele maatregelen. Doelstelling 6.5: Wij zetten in op het verminderen van de interne autoverplaatsingen in Wassenaar en het verbeteren van de verkeersveiligheid voor de langzame verkeersdeelnemer. De gedragsverandering op dit gebied willen we bereiken door: 56
•
Publiekscampagne promotie fiets, OV en voetgangers
•
Werkgeversaanpak mobiliteitstransitie
•
Minder vrachtverkeer in Wassenaar
•
Afspraken mobiliteitsbeleid Duinrell tijdens speciale dagen
•
Publiekscampagne bezoekers Wassenaar
•
Verhoging aantal fietsparkeerplaatsen
•
Verbeteren fietsveilig gedrag
•
Verkeersveiligheid rondom scholen verbeteren
•
Realiseren duurzaam mobiliteitsbeleid gemeente intern
•
Realisatie fietsveiligheidsplan
Doelstelling 6.6: Op doorgaande fietsroutes plaatsen we laadpalen. Om hier ervaring mee op te doen willen we twee laadpalen aanschaffen die volledig autonoom op zonne-energie werken. Doelstelling 6.7: Het parkeerbeleid dat de gemeente Wassenaar kent is gedateerd. Dit leidt tot steeds meer knelpunten. We gaan daarom nieuw parkeerbeleid opstellen. Evaluatie bestaand beleid en actualiseren/herijken beleid -
Evaluatie 'Groen- en watervisie 2015-2019' en actualiseren programma
-
Evaluatie 'Bomenvisie en groene waardenkaart 2018' en actualiseren programma (opnemen in viewer monumentenkaart) o
Ecologisch netwerk op kaart (aanleiding bijenlandschap Zuid-Holland)
o
Natuurwaardenkaart Natura2000 en natuurnetwerk Nederland
o
Kansenkaart biodiversiteitsherstel: Natuur, Landbouw en Openbare ruimte (o.b.v. toolbox)
o
Landgoederenzone (Backershagen, De Paauw, Rust en Vreugd, Wittenburg)
o
Leidraad flora en fauna (in kader van Natuurbeschermingswet)
-
Evaluatie en herijken beleidsregels zelfbeheer en adoptie (in kader van beheervisie)
-
Opstellen jachtbeleid inclusief Exotenbestrijding (afstemming met provincie)
-
Actualiseren agrarische structuurvisie
Verbonden partijen / samenwerkingsverbanden Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) De ODH ondersteunt de deelnemers bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het omgevingsrecht in het algemeen en de WABO in het bijzonder, alsmede de taken op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de WABO genoemde wetten. Taken op o.a. het gebied van vergunningverlening en handhaving en bodemtaken zijn ondergebracht bij de ODH en worden niet meer zelfstandig door de gemeente uitgevoerd. Zie verder de 'Paragraaf verbonden partijen'. Avalex Inzameling van afvalstoffen is geheel in handen gelegd van de GR Avalex. Door gebruik te maken van het nieuwe verwerkingscontract is het mogelijk om het PMD afval via nascheiding uit het restafval te halen en geschikt te maken voor hergebruik recycling. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan de visie van een
57
afvalloze regio. Daarnaast zal er via communicatie vanuit de gemeente blijvende aandacht gegeven moeten worden aan het voorkomen en scheiden van het afval. Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio (MRDH) In de MRDH werken 23 gemeenten samen aan het versterken van het economisch vestigingsklimaat in de regio en het verbeteren van de bereikbaarheid van de regio. De MRHD bevordert voor de gehele regio het economisch vestigingsklimaat en dus ook de bereikbaarheid. Wassenaar ontvangt subsidies van de MRDH voor projecten op het gebied van verkeer en vervoer vanuit de BDU-gelden die de MRDH ontvangt. De Wassenaarse deelnemersbijdrage valt binnen de pijler Economisch Vestigingsklimaat. Vanuit deze pijler kan Wassenaar aanspraak maken op subsidies ten behoeve van de bevordering van het economisch vestigingsklimaat. Zie verder de 'Paragraaf verbonden partijen'.
Projecten en investeringen Lokale energiestrategie Onder verwijzing naar de bij 'Belangrijkste resultaten' opgenomen toelichtingen bij: Doelstelling 4.1: Vaststelling Lokale Energiestrategie 2.0 Doelstelling 4.2: Start Buurtuitvoeringsplannen warmtetransitie (isolatie) Doelstelling 4.3: Verhogen van de dorpsbetrokkenheid verduurzaming Doelstelling 4.4: Vaststellen RES 2.0 Financiën Doelstelling 4.1: Voor het leggen van een fundament is voor 2023 een inzet benodigd van € 250.000. Hiermee kan een basis worden gelegd voor een groot deel van de (hoofd)projecten binnen de lokale energiestrategie. Een belangrijk deel hiervan is bestemd voor communicatie. Doelstelling 4.2: Voor de uitvoering van de warmtetransitieplannen voor 2023 is € 160.000 op de begroting gebracht. Hiermee kunnen de eerste buurtclusters worden aangepakt, waarin met bewoners specifiek naar oplossingen voor hun woningen wordt gezocht. Speciale aandacht gaat hierin uit naar de vooroorlogse woningen. Doelstelling 4.3: Voor de uitvoering van de klimaattafel en de dorpsactivatie is € 60.000 begroot. Hierin is circa € 30.000 gereserveerd om specifieke initiatieven op het gebied van de CO2-reductie te kunnen ondersteunen. Doelstelling 4.4: Voor het opstellen van de RES 2.0 en de uitvoering van de doelstellingen van de RES 1.0 wordt € 50.000 begroot. Dekking: Voor de dekking wordt uitgegaan van de volgende middelen: 1.
Aanvullende middelen meicirculaire 2022 Uitvoering Klimaatakkoord € 212.000, dit wordt met de najaarsnota overgeheveld naar 2023. 2. Structurele rijksmiddelen uitvoering klimaatakkoord € 300.000. Nog onduidelijk is hoe groot de bijdrage wordt vanuit het Rijk voor 2023. Voor nu wordt uitgegaan van het verkregen bedrag in 2022.
58
3. Aanvraag aanpak 'Nationaal Isolatieprogramma': Voor het uitvoeringsprogramma warmtetransitie zal de gemeente Wassenaar een aanvraag doen voor een bijdrage vanuit de Rijksmiddelen. Gemeenten kunnen hiervoor meerjarige plannen indienen, die aansluiten bij de transitievisies warmte en bewonersinitiatieven. De exacte regeling en voorwaarden zijn nog niet bekend. Planning Doelstelling 4.1: Vaststellen Lokale Energiestrategie 2.0 in het 1e kwartaal 2023 Doelstelling 4.2: Start Buurtuitvoeringsplannen warmtetransitie (isolatie) in het 3e kwartaal 2023 Doelstelling 4.3: Verhogen van de dorpsbetrokkenheid verduurzaming in het 4e kwartaal 2023 Doelstelling 4.4: Vaststellen RES 2.0 in het 2e/3e kwartaal 2023 Risico’s De risico’s met de uitvoering voor 2023 zijn vooral gerelateerd aan de te verkrijgen middelen vanuit het Rijk. De hoogte van de structurele uitvoeringslasten moet nog worden bepaald. Ook de hoogte van de aanvraag voor het 'Nationaal Isolatieprogramma' is nog niet duidelijk.
Effectindicatoren
Tabel 5.1 - Effectindicatoren P5 Natuur, Klimaat en Mobiliteit
Effectindicator
Peilwaarde (peiljaar)
Streefwaarde Streefwaarde Streefwaarde Streefwaarde Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024
2025
2026
Totaal kg huishoudelijk
211,4 kg
190 kg
171 kg
154 kg
139 kg
restafval per inwoner
(2020)
(2021)
(2022)
(2023)
(2024)
59
Wat gaat het kosten ?
Investeringen Tabel 5.2 - Investeringen P5 Natuur, Klimaat en Mobiliteit Reeds beschikbaar gestelde lopende investeringen Vervanging Hofcampbrug
650.000
Prinsenweg
1.390.000
Havenkade
2.717.000
Reeds in het meerjarenbeeld opgenomen investeringen Omschrijving Tractie
2023
2024
0
200.000
0
2.515.000
Uitvoering Beeldkwaliteitsplan Totaal
2025
2026
0
0
2.315.000
Nog beschikbaar te stellen investeringen (meestal onderdeel van beheerplannen, kapitaallasten reeds opgenomen in de begroting) Omschrijving
2023
Rijksdorp
1.500.000
Wassenaarse Slag
1.700.000
2024
2025
2026
Hofcampweg tussen rotonde en Burmanlaan
150.000
Hofcampweg
220.000
Burmanlaan
440.000
Oostdorp
90.000
350.000
Verlagen maximum snelheid naar 30 km
750.000
1.500.000
1.500.000
1.500.000
Investeringen bruggen (beheerplan)
85.000
95.000
105.000
120.000
Snelheidsmeters en snelheidsdisplays
42.000
Doseerverkeerslichten sluipverkeer
50.000
450.000
Cyclische investering in wegen
0
600.000
600.000
600.000
Venstertijden vrachtverkeer
0
500.000
Tractie
0
0
686.600
88.600
Vervanging waterb.kunstwerken(beheerplan)
30.000
35.000
35.000
35.000
Aanv verkeersmaatregelen groene zone
50.000
0
0
0
Vervanging Hofcampbrug (aanvulling) Prinsenweg (aanvulling)
65.000
0
0
0
610.000
Havenkade (aanvulling)
1.430.000
0
0
0
Totaal
6.602.000
4.140.000
2.926.600
2.343.600
60
Programma Tabel 5.3 - Baten en lasten P5 Natuur, Klimaat en Mobiliteit Programma: P5 Natuur, klimaat en
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
( "-"= nadeel / "+"= voordeel ) bedragen x € 1.000
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Baten
9.788
10.460
11.237
11.348
11.521
11.521
Lasten
-15.461
-17.447
-17.233
-17.454
-17.655
-17.804
Saldo van baten en lasten
-5.673
-6.987
-5.996
-6.106
-6.134
-6.282
Onttrekking reserves
792
934
0
0
0
0
Toevoeging reserves
-26
0
0
0
0
0
Mutaties reserves
766
934
0
0
0
0
-4.907
-6.053
-5.996
-6.106
-6.134
-6.282
Mobiliteit
Geraamde resultaat
Verhogen onderhoudsniveau openbare ruimte (lasten € 375.000 in 2023 en vanaf 2024 € 750.000 structureel) In het Coalitie-akkoord is de ambitie neergelegd om het onderhoudsniveau van de openbare ruimte naar onderhoudsniveau A te brengen. Hiervoor is structureel jaarlijks € 750.000 beschikbaar gesteld. In 2023 is er sprake van een opbouw naar 2024, waaronder het aantrekken van medewerkers die in de loop van 2023 zullen starten, waardoor in 2023 minder budget benodigd is. Reguleren vrachtverkeer (lasten € 50.000 structureel) Voor het reguleren van vrachtverkeer is het nodig om een camerasysteem voor controle te installeren. Het is mogelijk om te kiezen voor een eenvoudiger systeem met bebording, maar de handhaving wordt in dat geval erg lastig en het maatschappelijke effect is minimaal. De voorbereiding staat nu geboekt voor 2023 en de uitvoering voor 2024. Hier is jaarlijks beheer en onderhoud aan gekoppeld. Ontwikkelen parkeerbeleid (lasten € 60.000 in 2023) Voor het ontwikkelen van het parkeerbeleid is in 2023 extra ambtelijke capaciteit nodig. Hiervoor wordt € 60.000 beschikbaar gesteld. Verhoging toeristenbelasting (baten € 1.200.000 structureel) Om de extra uitgaven als gevolg van het in het Coalitieakkoord opgenomen nieuwe beleid te kunnen dekken en om de toeristenstroom beter te reguleren zullen de tarieven voor de toeristenbelasting met ingang van 2023 worden verhoogd.
Dit levert een structurele extra opbrengst op van € 1.200.000. De hoogte van het tarief dat toeristen zullen gaan betalen, moet nog worden vastgesteld. Wij vinden het belangrijk om de ondernemers bij deze wijziging te betrekken. Zij kunnen immers als beste aangeven hoeveel toeristen worden verwacht en welk tarief en aanvullende maatregelen nodig zijn om tot deze extra opbrengst te komen. Nachtregister, druktemonitor (lasten € 39.000, waarvan € 24.000 structureel) Het invoeren van een druktemonitor en een digitaal nachtregister leveren meer inzicht op in de verblijven bij accommodaties en in de stroom van toeristen en bezoekers.
61
Onderzoek tariefdifferentiatie afval (lasten € 50.000 structureel) We gaan onderzoek doen naar de mogelijkheden tot tariefdifferentiatie om te komen tot een rechtvaardigere verdeling van de kosten. Het onderzoek betreft enerzijds de juridische (on)mogelijkheden en anderzijds de doorrekening van de kosten over de verschillende locaties. Verbeteren verkeersveiligheid (lasten € 50.000 structureel) Voor het verminderen van de interne autoverplaatsingen en het verbeteren van de verkeersveiligheid in Wassenaar worden diverse maatregelen getroffen. Laadpalen elektrische fietsen (lasten € 10.000 in 2023) Op doorgaande fietsroutes worden laadpalen geplaatst. Onttrekking reserves In 2023 zijn op dit moment in afwijking tot 2022 geen reserve-onttrekkingen voorzien.
62
Beleidsindicatoren
Tabel 6.1 - Beleidsindicatoren per programma Progr Nr.
Naam Indicator
1
6.
Verwijzingen Halt
1
8.
Winkeldiefstallen
1
9.
Geweldsmisdrijven
1
10. Diefstallen uit woning
1
11.
2
17. Absoluut verzuim
2
18. Relatief verzuim
Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte)
Vroegtijdig schoolverlaters 2
19. zonder startkwalificatie (vsv-ers)
Eenheid
Aantal per 1.000 jongeren Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 leerlingen Aantal per 1.000 leerlingen
Cijfer
Vergelijkingscijfer
Wassenaar
Nederland
(jaartal)
(jaartal)
Bureau Halt
10 (2021)
8 (2021)
CBS
0,9 (2021)
1,8 (2021)
CBS
4,5 (2021)
4,3 (2021)
CBS
2,2 (2021)
1,3 (2021)
CBS
3,5 (2021)
6,1 (2021)
DUO
1,2 (2021)
2,5 (2021)
DUO
22 (2021)
19 (2021)
Ingrado
1,6 (2021)
1,9 (2021)
44,4 % (2020)
49,3 % (2020)
674 % (2021)
80,5 % (2021)
1 % (2020)
1 % (2020)
4 % (2020)
6 % (2020)
66,3 % (2021)
70,4 % (2021)
1 % (2020)
2 % (2020)
CBS
271,4 % (2021)
431,2 % (2021)
CBS
131,5 % (2020)
202,0 % (2020)
CBS
10,6 (2021)
12,9 % (2021)
Bron
% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs Gezondheids
2
20. Niet-sporters
%
enquête (CBS, RIVM)
Aantal per 1.000 2
21. Banen
inwoners in de leeftijd 15 – 64
LISA
jaar Jongeren met een delict
2
22.
2
23. Kinderen in uitkeringsgezin
voor de rechter
% 12 t/m 21 jarigen
Verwey Jonker Instituut
% kinderen tot 18
Verwey Jonker
jaar
Instituut
% van de werkzame beroepsbevolking 2
24. Netto arbeidsparticipatie
ten opzichte van de
CBS
totale beroepsbevolking 2
26. Werkloze jongeren
% 16 t/m 22 jarigen
2
27.
Personen met een
Aantal per 10.000
bijstandsuitkering
inwoners
2
2
28.
Lopende reintegratievoorzieningen
29. Jongeren met jeugdhulp
Verwey Jonker Instituut
Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar % van alle jongeren tot 18 jaar
63
Progr Nr.
Naam Indicator
Jongeren met
2
30.
2
31. Jongeren met jeugdreclassering
2
32.
3
1.
Formatie
3
2.
Bezetting
3
3.
Apparaatskosten
jeugdbescherming
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Cijfer
Vergelijkingscijfer
Wassenaar
Nederland
(jaartal)
(jaartal)
CBS
0,5 % (2021)
1,2 % (2021)
CBS
0,4 % (2021)
0,3 % (2021)
GMSD
480 (2021)
649 (2021)
Eigen gegevens
7,23
Eigen gegevens
6,12
Eigen gegevens
505
Eigen gegevens
9,95%
% van totale lasten
Eigen gegevens
17,13%
Duizend euro
CBS
624 (2021)
290 (2021)
BAG
0,8 (2021)
8,9 (2021)
%
CBS
95,1 % (2022)
70,3 % (2022)
In Euro’s
COELO
1323 (2023)
733 (2021)
In Euro’s
COELO
1561 (2023)
904 (2022)
%
LISA
46,5 % (2021)
53,3 % (2021)
LISA
160,4 (2021)
165,1 (2021)
Kg/inwoner
CBS
216 (2017)
178 (2017)
%
RWS
4,2 % (2020)
26,9 % (2020)
Eenheid
% van alle jongeren tot 18 jaar % van alle jongeren van 12 tot 23 jaar Aantal per 10.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten per inwoner
Bron
Kosten als % van 3
4.
Externe inhuur
totale loonsom + totale kosten inhuur externen
3
5.
Overhead
4
35. Gemiddelde WOZ waarde
4
36. Nieuw gebouwde woningen
4
37. Demografische druk Gemeentelijke woonlasten
4
38.
4
39.
5
14. Functiemenging
(eenpersoonshuishouden) Gemeentelijke woonlasten (meerpersoonshuishouden)
Aantal per 1.000 woningen
Aantal per 1.000 5
16. Vestigingen (van bedrijven)
inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar
5
33. Omvang huishoudelijk restafval
5
34. Hernieuwbare elektriciteit
64
Recapitulatie
Tabel 6.2 - Recapitulatie alle programma's (samenvattend overzicht) Programma's
Begroting
bedragen x € 1.000,-
Begroting
2023
Begroting
2024
Begroting
2025
2026
"-"=nadeel/"+"= voordeel )
baten
lasten
saldo
baten
lasten
saldo
baten
lasten
saldo
baten
lasten
saldo
P1 Veiligheid en Handhaving
1.101
-4.427
-3.326
101
-3.463
-3.362
101
-3.388
-3.287
101
-3.388
-3.287
P2 Mens en Maatschappij
7.921
-33.826
-25.905
7.762
-32.942
-25.180
7.745
-33.768
-26.023
7.745
-33.953
-26.208
P3 Bestuur en middelen
442
-2.935
-2.493
655
-2.976
-2.321
680
-3.049
-2.370
680
-3.049
-2.370
P4 Fysieke leefomgeving
1.501
-3.710
-2.209
1.489
-4.661
-3.172
1.489
-3.592
-2.102
1.489
-3.584
-2.094
P5 Natuur, klimaat en Mobiliteit
8.807
-17.233
-8.426
8.918
-17.454
-8.536
9.091
-17.655
-8.563
9.091
-17.804
-8.712
Totaal programma's
19.772
-62.131
-42.359
18.925
-61.496
-42.571
19.106
-61.452
-42.346
19.106
-61.777
-42.671
Algemene dekkingsmiddelen
56.376
-506
55.870
55.766
-506
55.260
57.136
-506
56.630
54.037
-506
53.531
Overhead
3.199
-16.806
-13.607
3.035
-16.639
-13.604
3.025
-16.485
-13.460
3.006
-16.415
-13.408
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Geraamde resultaat
0
-13
-13
0
-13
-13
0
-13
-13
0
-13
-13
79.347
-79.455
-108
77.725
-78.653
-928
79.268
-78.455
812
76.149
-78.710
-2.561
500
0
500
1.000
0
1.000
0
0
0
0
0
0
79.847
-79.455
392
78.725
-78.653
72
79.268
-78.455
812
76.149
-78.710
-2.561
* De Algemene dekkingsmiddelen (taakveld 0.61, 0.62, 0.64, 0.7 en taakveld 0.8 exclusief het bedrag voor onvoorzien), de overhead (taakveld 0.4), de heffing vennootschapsbelasting (taakveld 0.9) en het bedrag voor onvoorzien (taakveld 0.8 alleen bedrag onvoorzien) zijn in deze tabel apart zichtbaar gemaakt en met regels onder het totaal van programma's opgenomen. De bedragen van deze taakvelden horen bij programma 0 en zijn in deze tabel anders dan in de overige tabellen in deze begroting in mindering gebracht op de bedragen in te tabelregel van programma 0.
65
Paragrafen
Paragraaf Lokale heffingen 1.1 Inleiding In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de door de gemeente Wassenaar geheven belastingen, bestemmingsheffingen en rechten. Onder de belastingen vallen o.a. de onroerendezaakbelastingen, de toeristenbelasting en de hondenbelasting. Onder de bestemmingsheffingen vallen o.a. de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De rechten omvatten een grote groep belastbare feiten. De belangrijkste hiervan zijn de marktgelden, de begrafenisrechten en de leges inzake omgevingsvergunningen, reisdocumenten en burgerlijke stand. Voor zowel de bestemmingsheffingen als de rechten geldt dat de tarieven maximaal kostendekkend mogen zijn en dat de opbrengst gebruikt wordt ter dekking van de gemaakte kosten. 1.2 Beleid lokale heffingen Onder het motto “de gebruiker betaalt” is het uitgangspunt dat heffingen zoveel mogelijk kostendekkend zijn. Voor afval wordt daarom in 2023 de kostendekkendheid verbeterd van 90% naar 95,6%. Tevens wordt het tarief extra gedifferentieerd naar laagbouw en gelaagde bouw. De baten van belastingen en rechten zijn voor 2023 aangepast met het door het CPB geraamde inflatiepercentage van 3,1% (consumentenprijsindex). Met deze verhoging wordt de algemene prijsontwikkeling gevolgd. Dit is noodzakelijk om de inkomsten van de gemeente op dit onderdeel op peil te houden en structurele onevenwichtigheid te voorkomen.
Aanvullend is deze collegeperiode gekozen om de Onroerende Zaakbelasting met 20% te verhogen en de opbrengst uit toeristenbelasting te verhogen naar € 2,43 mln. 1.3 Overzicht geraamde baten belastingen en rechten Onderstaand overzicht vermeldt de geraamde opbrengsten voor 2022 en 2023 voor wat betreft de diverse belastingen en rechten.
66
Tabel 7.1 - Opbrengst uit belastingen Opbrengst belastingen
bedragen x € 1.000 raming
raming mutatie t.o.v.
2022
2023
2022
OZB woningen
8.238
10.141
1.903
OZB niet woningen (E+G)
3.060
3.767
707
Hondenbelasting
188
194
6
Toeristenbelasting
1.193
2.430
1.237
Baatbelasting
11
11
0
Precario op met name uitstallingen
125
129
4
Ondernemersheffing
91
91
0
BIZ-bijdrage Maaldrift
25
25
0
BIZ-bijdrage pandeigenaren centrum
46
46
0
Afvalstoffenheffing
5.163
5.380
217
Rioolheffing
2.692
2.759
67
Marktrechten
32
32
0
Begrafenisrechten
51
52
1
Leges Wabo-vergunningen
1.260
1.402
142
Overige leges en rechten
465
425
-40
sub totaal opbrengst
22.640
26.884
4.244
af: kwijtscheldingen
-295
-295
0
22.345
26.589
4.244
netto opbrengst
1.4 Belastingen Onroerendezaakbelastingen (OZB) De aanslag OZB wordt voor het belastingjaar 2023 gebaseerd op OZB-tarieven voor 2023 en de WOZ-waarde naar waardepeildatum 1 januari 2022. De uitgangspunten voor de geraamde netto OZB-opbrengst 2023 zijn: • •
Indexering geraamde OZB-opbrengst met 3,1% Aanvullende verhoging OZB-opbrengst met 20%
Bij de berekening van de OZB-tarieven voor 2023 wordt rekening gehouden met de meest recente gegevens omtrent de verwachte waardeontwikkeling. De voorlopige waardeontwikkeling gaat uit van een waardestijging van 10,28% voor woningen en een gelijkblijvende waarde voor niet-woningen. Hondenbelasting, toeristenbelasting en precariobelasting De opbrengsten voor hondenbelasting en precariobelasting zijn met het inflatiepercentage van 3,1% verhoogd. Voor toeristen wordt het tarief voor de toeristenbelasting met ingang van 2023 verhoogd. Dit levert een structurele extra opbrengst op van € 1.200.000. De hoogte van het tarief dat toeristen zullen gaan betalen, zal in afstemming met ondernemers nog worden vastgesteld.
67
In onderstaand overzicht zijn de hierboven vermelde voorgestelde belastingtarieven 2023 opgenomen. Tabel 7.2 - Tarieven hondenbelasting en toeristenbelasting 2020
2021
2022
2023
eerste hond
86,64
88,08
89,28
92,04
tweede hond
130,32
132,36
134,16
138,36
elke volgende hond
171,84
174,60
177,00
182,52
per overnachting (camping)
1,31
1,33
1,35
n.n.b.
per overnachting (hotel/pension)
3,29
3,34
3,39
n.n.b.
Hondenbelasting
Toeristenbelasting
1.5 Heffingen en rechten In de paragraaf lokale heffingen is het verplicht om een overzicht van baten en lasten op te nemen voor de heffingen waarbij sprake is van het verhalen van kosten. In dit hoofdstuk worden de diverse heffingen kort behandeld en wordt per heffing via een vast format inzicht gegeven in de kosten die aan de heffing worden toegerekend. De gehanteerde tariefstelling, geraamde baten en eventuele achterliggende beleidskeuzes worden ook per heffing aangeven. De overhead die aan een heffing wordt toegerekend wordt via onderstaande formule berekend: Opslag taakveld = overhead x ((aantal aan heffing toegerekende uren)/(totaal aantal verdeelde uren exclusief uren taakveld overhead)) 1.5.1
Rioolheffing
De gemeente is wettelijk verplicht om haar zorgplichten voor afval-, hemel- en grondwater na te komen. Hoe gemeenten op korte en lange termijn invulling geven aan de gemeentelijke zorgplichten is vastgelegd in het verbreed gemeentelijk rioleringsplan (vGRP). Dit is een verplicht plan op grond van de Wet milieubeheer. In 2017 is dit plan vastgesteld door de raad. Het uitgangspunt is dat de kosten voortkomend uit de zorgplicht voor 100% worden gedekt uit de rioolheffing. Het huidige vGRP liep tot en met 2021 en is in 2021 geactualiseerd en verlengd tot en met 2023.
68
Tabel 7.3 - Berekening kostendekkingspercentage rioolheffing Berekening kostendekkendheid rioolheffing Kosten taakveld(en) incl. omslagrente
2.181.000
Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen
-21.000
Netto kosten taakveld(en)
2.161.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
351.000
BTW
288.000
Totaal toerekenbare kosten
639.000
Totale kosten
2.800.000
Totale opbrengsten
2.759.000
Kostendekkendheid
98,5%
Tarieven rioolheffing en beleidskeuzes Rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Als heffingsmaatstaf geldt het waterverbruik waarmee wordt beoogd zoveel mogelijk recht te doen aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. De gegevens omtrent het waterverbruik worden geleverd door Dunea. De kostendekkendheid komt uit op 98,5%. Op basis van het werkelijke waterverbruik over de afgelopen jaren worden de tarieven voor 2023 met 3,1% verhoogd. Tabel 7.4 - Tarieven rioolheffing tarief 2022
tarief 2023
vastrecht t/m 80 m3
127,08
131,02
per m3 boven 80 m3
1,59
1,64
vastrecht t/m 120 m3
190,56
196,47
per m3 boven 120 m3
1,59
1,64
per m3 boven 1.000 m3
0,70
0,72
Huishouden
Bedrijf
1.5.2. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven om de kosten van het ophalen en verwerken van huishoudelijke afvalstoffen te verhalen.
69
Tabel 7.5 - Berekening kostendekkingspercentage afvalstoffenheffing Berekening kostendekkendheid afvalstoffenheffing Kosten taakveld(en) incl. omslagrente
4.536.000
Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen Netto kosten taakveld(en)
4.536.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
244.000
BTW
849.000
Totaal toerekenbare kosten
1.093.000
Totale kosten
5.629.000
Totale opbrengsten
5.380.000
Kostendekkendheid
95,6%
Tarieven en beleidskeuzes De afvalstoffenheffing is gedifferentieerd naar de grootte van een huishouden in de vorm van een eenpersoonshuishouden en een meerpersoonshuishouden. Daarnaast wordt in 2023 een extra differentiatie toegevoegd, te weten laagbouw en gelaagde bouw. Voor een extra groene of grijze container geldt een aanvullend tarief. Voor de tariefberekening worden de totale verhaalbare kosten verdeeld over het aantal containers (gewogen eenheden). Dit leidt er onder andere toe dat het tarief voor een extra grijze container gelijk is aan het tarief voor een meerpersoonshuishouden. Om afvalscheiding te bevorderen en het gebruik van een GFT-container niet te ontmoedigen geldt vanaf 2017 een verlaagd tarief van € 50,- voor een extra groene container. Met deze wijze van tariefstelling wordt beoogd zoveel mogelijk recht te doen aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. De kostendekkendheid komt uit op 95,6%, waarbij alleen de tarieven voor laagbouw met 2% stijgen. De tarieven voor gelaagde bouw blijven gelijk aan het tarief van 2022. Tabel 7.6 - Tarieven afvalstoffenheffing tarief 2022
tarief 2023
Eenpersoonshuishouden (gelaagde bouw)
341,28
341,28
Meerpersoonshuishouden (gelaagde bouw)
491,40
493,10
Eenpersoonshuishouden (laagbouw)
341,28
348,11
Meerpersoonshuishouden (laagbouw)
491,40
501,23
Huishouden
1.5.3
Begraafplaatsrechten
Begraafplaatsrechten worden geheven voor het gebruik van de begraafplaats en het gebruik van de diensten die daarbij worden verleend. De gerealiseerde opbrengst is al een aantal jaar relatief stabiel en is hoofdzakelijk afhankelijk van het aantal begrafenissen.
70
Tabel 7.7 - Berekening kostendekkingspercentage begraafplaatsrechten Berekening kostendekkendheid begraafplaatsrechten Kosten taakveld(en) incl. omslagrente
125.000
Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen
-11.000
Netto kosten taakveld(en)
114.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
149.000
BTW
5.000
Totaal toerekenbare kosten
154.000
Totale kosten
268.000
Totale opbrengsten
52.000
Kostendekkendheid
19,4%
Tarieven begraafplaatsrecht Uitgangspunt voor de tarieven is in het algemeen 100% kostendekkendheid. Gelet op het relatief geringe aantal begrafenissen en de structurele onderhoudslasten is dit voor deze taak niet te realiseren zonder (grote) tariefsverhogingen en/of teruggang in het onderhoud. De tarieven voor 2023 zijn met het inflatiepercentage verhoogd. 1.5.4
Marktgelden
Marktgelden worden geheven voor het gebruiken van openbare grond c.q. het innemen van een standplaats op het marktterrein, gedurende de tijd dat het markt is. De opbrengst is afhankelijk van de daadwerkelijke bezetting van de weekmarkt. Tabel 7.8 - Berekening kostendekkingspercentage marktgelden Berekening kostendekkendheid marktgelden Kosten taakveld(en) incl. omslagrente Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen
29.000 0
Netto kosten taakveld(en)
29.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
25.000
BTW
1.000
Totaal toerekenbare kosten
26.000
Totale kosten
55.000
Totale opbrengsten
32.000
Kostendekkendheid
58,0%
Tarieven marktgelden Het marktgeld bedraagt een tarief voor iedere strekkende meter grond, waarvoor een standplaats wordt ingenomen, gemeten in de lengterichting. Voor iedere strekkende meter grond waarvoor achterruimte wordt ingenomen geldt een apart tarief. Voor 2023 worden de tarieven met het inflatiepercentage verhoogd. 71
Tabel 7.9 - Tarieven marktgelden tarief 2022
tarief 2023
per strekkende meter, per dag
4,02
4,15
per strekkende meter, per kwartaal
40,15
41,40
per strekkende meter, per dag
1,61
1,66
per strekkende meter, per kwartaal
16,01
16,56
Standplaats
Achterruimte
1.5.5
Leges
Leges worden geheven voor het door de gemeente verlenen van diensten zoals opgenomen in de tarieventabel behorende bij de Legesverordening. Deze tarieventabel bestaat uit drie titels: Algemene dienstverlening, dienstverlening vallend onder de fysieke leefomgeving (omgevingsvergunningen) en dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn (specifiek voor ondernemers). Binnen de drie titels zijn de leges onderverdeeld in hoofdstukken waarbinnen de samenhangende tarieven zijn geclusterd. De opbrengsten zijn in de begroting niet op hoofdstukniveau opgenomen, maar zijn op taakveld gegroepeerd. Van een aantal diensten wordt namelijk dusdanig weinig gebruik gemaakt dat het apart opnemen van een raming geen meerwaarde heeft. Tabel 7.10 - Berekening kostendekkingspercentage leges naar titel Berekening kostendekkendheid Leges Algemene dienstverlening kosten
baten
kostendek.
Burgerlijke stand
76.000
116.000
152%
Reisdocumenten
80.000
58.000
72%
Rijbewijzen
141.000
92.000
65%
87.000
81.000
94%
24.000
2.900
12%
96.000
43.000
45%
Secretarieleges Verstrekkingen uit basisregistratie personen Bestuursstukken Vastgoedinformatie Overige publiekszaken Gemeentearchief Totaal secretarieleges Huisvesting Huisvestingswet Leegstandswet Gemeentegarantie Totaal leges huisvesting APV-vergunningen Kansspelen Kabels en leidingen Verkeer en vervoer (ontheffing APV) Diversen Totaal APV-vergunningen
72
Verkeer en vervoer Totaal leges Algemene dienstverlening
44.000
18.000
40%
548.000
410.900
75%
Berekening kostendekkendheid Leges vallend onder fysieke leefomgeving (omgevingsvergunning) Omgevingsvergunning
kosten
baten
kostendek.
1.374.000
1.402.000
102%
Berekening kostendekkendheid Leges vallend onder Europese dienstenrichtlijn kosten
baten
kostendek.
Horeca Organiseren van evenementen of markten Prostitutiebedrijven Kamperen Marktstandplaatsen Winkeltijdenwet Ventvergunning, standplaatsvergunning Totaal APV-vergunningen
28.000
15.000
53%
Totaal leges vallend onder Europese dienstenrichtlijn
28.000
15.000
53%
APV-vergunningen
Tarieven, kostendekkendheid en kruissubsidiëring leges De tarieven voor de diverse leges worden jaarlijks in principe met het inflatiepercentage verhoogd, waarbij wordt uitgegaan van de reeds bestaande verdeling in de tarieven. Voor tarieven waarvoor een maximumbedrag geldt wordt uitgegaan van het maximaal toegestane bedrag. Om de digitale dienstverlening te stimuleren wordt voor het verstrekken van gegevens uit de basisregistratie personen (titel 1) een lager tarief gerekend als de aanvraag volledig digitaal plaatsvindt. Op basis van de berekening van de kostendekkendheid is alleen binnen titel 1 (Algemene dienstverlening) sprake van kruissubsidiëring. De leges voor huwelijken zijn op begrotingsbasis meer dan kostendekkend. Dit is toegestaan zolang de kostendekkendheid van het totaal van de binnen deze titel geheven leges niet meer dan 100% kostendekkend is. Afhankelijk van het soort en aantal aanvragen omgevingsvergunning kunnen de legesopbrengsten fluctueren. Eventuele meer- of minderopbrengsten worden glad getrokken via de bestemmingsreserve egalisatie omgevingsvergunningen. 1.6 Vergelijking gemeentelijke woonlasten met andere gemeenten Onder de gemeentelijke woonlasten verstaan we het gemiddelde bedrag dat een huishouden in een bepaalde gemeente betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing.
Om een beeld te krijgen van de gemeentelijke woonlasten van de burgers van de gemeente Wassenaar is een vergelijking gemaakt met die van omliggende gemeenten. De vergelijking is gebaseerd op het jaar 2022, aangezien voor 2023 geen gegevens beschikbaar zijn van andere gemeenten. De bron van onderstaande gegevens betreft de Coelo Atlas van de lokale lasten 2022. 73
Tabel 7.11 - Vergelijking gemeentelijke woonlasten 2022 gemeentelijke
Wassenaar
Bloemendaal
woonlasten 2022
Leidschendam
Oegstgeest
Voorschoten
- Voorburg
Eenpersoonshuishouden
€ 1.323
€ 1.599
€ 800
€ 1.061
€ 1.289
Meerpersoonshuishouden
€ 1.561
€ 1.736
€ 867
€ 1.244
€ 1.372
In bovenstaand staatje wordt het gemiddelde OZB-tarief per gemeente gehanteerd. Dit leidt er toe dat gemeenten met een hoge gemiddelde WOZ-waarde, zoals Wassenaar, per definitie hoge gemeentelijke woonlasten hebben. In de staatjes hierna daarom iets meer specificering op het gebied van rioolheffing, afvalstoffenheffing en gemeentelijke woonlasten bij een woning met een WOZ-waarde van € 350.000. Afvalstoffenheffing
Wassenaar
Bloemendaal
2022
Leidschendam
Oegstgeest
Voorschoten
- Voorburg
Eenpersoonshuishouden
€ 341
€ 297
€ 318
€ 297
€ 360
Meerpersoonshuishouden
€ 491
€ 435
€ 385
€437
€ 444
Wassenaar
Bloemendaal
Leidschendam
Oegstgeest
Voorschoten
Rioolheffing 2022
– Voorburg Eenpersoonshuishouden
€ 127
€ 281
€ 180
€ 180
€ 235
Meerpersoonshuishouden
€ 215
€ 281
€ 180
€ 223
€ 235
Wassenaar
Bloemendaal
Leidschendam
Oegstgeest
Voorschoten
OZB 2022 - WOZwaarde € 350.000 OZB woning
gemeentelijke
– Voorburg € 353
€ 362
€ 249
€ 358
€ 482
Wassenaar
Bloemendaal
Leidschendam
Oegstgeest
Voorschoten
woonlasten 2022 –
- Voorburg
woning met WOZwaarde € 350.000 Eenpersoonshuishouden
€ 821
€ 940
€ 747
€ 835
€ 1.077
Meerpersoonshuishouden
€ 1.059
€ 1.078
€ 814
€ 1.018
€ 1.161
Ontwikkeling woonlasten Door de totale woonlasten voor meerpersoonshuishoudens in jaar t te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1 (zoals gepubliceerd door het Coelo) en dit uit te drukken in een percentage kan de ontwikkeling van de woonlasten ten opzichte van het landelijk gemiddelde worden geschetst.
74
Tabel 7.12 - Woonlasten Wassenaar t.o.v. landelijk gemiddelde Woonlasten gemeente Wassenaar totale woonlasten gezin Wassenaar in jaar t woonlasten gemiddeld gezin in t-1 (cijfers Coelo)
2021
2022
2023
€ 1.302
€ 1.393
€ 1.561
€ 776
€ 811
€ 904
167,8%
171,8%
172,7%
woonlasten t.o.v. landelijk gemiddelde jaar ervoor (x100%)
Bovenstaande vergelijking laat zien dat de woonlasten in Wassenaar hoger liggen dan het landelijk gemiddelde. De ontwikkeling van de woonlasten ligt ten opzichte van 2022 hoger dan gemiddeld. De voornaamste oorzaak hiervan is de verhoging van de onroerende-zaakbelastingen. 1.7 Kwijtscheldingsbeleid In de raadsvergadering van 7 april 2015 is de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Wassenaar 2015 vastgesteld. Kwijtschelding is in Wassenaar mogelijk voor de onroerende-zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de hondenbelasting (alleen eerste hond). Voor de overige heffingen is geen kwijtschelding mogelijk. De kwijtscheldingsnorm in Wassenaar blijft gehandhaafd op de maximaal door het Rijk toegestane 100% van de bijstandsnorm. Dat wil zeggen dat iemand met een inkomen op bijstandsniveau bijna altijd in aanmerking komt voor kwijtschelding, tenzij er sprake is van vermogen (spaargeld of eigen woning). Ook voor ZZP’ers is het mogelijk om onder dezelfde voorwaarden als privé-personen voor kwijtschelding in aanmerking te komen. De kwijtschelding wordt uitgevoerd door de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR). De bedragen aan kwijtschelding voor afvalstoffenheffing en rioolheffing worden als kosten meegenomen bij het bepalen van de tarieven. Over het jaar 2023 worden naar verwachting de volgende bedragen aan kwijtschelding verleend: · OZB
€
3.000
· Afvalstoffenheffing
€
201.715
· Rioolheffing
€
84.000
· Hondenbelasting
€
6.000
1.8 Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland De volledige heffing en invordering, inclusief de waardering in het kader van de Wet WOZ, is overgedragen aan Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR). Voor de gemeente Wassenaar geldt dit voor de onroerendezaakbelastingen, baatbelasting, rioolheffing, afvalstoffenheffing, hondenbelasting, toeristenbelasting, precariobelasting, ondernemersheffing en de BIZ (Bedrijven investeringszone)-bijdragen.
75
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Op 2 maart 2015 is de nota 'Risicomanagement en Weerstandsvermogen' vastgesteld door de raad van Wassenaar. Deze nota formuleert de kaders voor succesvol risicomanagement. De weerstandsratio van Wassenaar is voor 2023 15,5. Volgens de breed gedeelde normering die ontwikkeld is door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de universiteit Twente kan een weerstandsratio van minimaal 2 getypeerd worden als ‘uitstekend’. Risico’s Een risico is een mogelijke gebeurtenis met een negatief gevolg voor de organisatie. Conform de nota 'Risicomanagement en Weerstandsvermogen' toont het onderstaande overzicht de tien grootste risico's met de hoogste bijdrage aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Het overzicht is aangevuld met de getroffen beheersmaatregelen. Bij de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit gaat het college uit van deze ‘top 10’. De top 10 behelst circa 90% van de totale financiële omvang van de risico’s. Om voldoende dekking te hebben voor deze kleinere risico’s, wordt daarnaast een buffer van 10% (van de benodigde weerstandscapaciteit) van de 10 grootste risico’s gehanteerd. Tabel 8.1 - De top 10 belangrijkste risico’s Risico
Gevolgen
De jeugdzorg betreft een open einde regeling. De stijging van de doelgroep, Jeugdzorg stijging van de zorgkosten en de Verantwoordelijkhe toenemende vraag naar complexe zorg zijn id Sociaal Domein de belangrijkste factoren. Ook Corona afgelopen jaren lijkt te zorgen voor toename.
Maatregelen
Voor jeugd is op 1 april 2021 door de raad besloten tot het verlengen en uitbreiden van het bestaande actieplan jeugd. Door te investeren in innovatie, preventie en het versterken van de toegang wordt getracht om op termijn de kosten voor jeugdzorg terug te dringen.
Op 12 oktober 2021 heeft de raad besloten tot het doorvoeren van Wet Binnen de Wmo is als gevolg van het kostenbesparende maatregelen om Maatschappelijk invoeren van het abonnementstarief per 1- daarmee de groei van kosten voor de e ondersteuning 1-2019 een stijging van cliënten zichtbaar. Wmo te stoppen. Er wordt geïnvesteerd (Wmo): Het gaat dan met name om cliënten die in tijdelijke maatregelen, zoals een Verantwoordelijkhe gebruik maken van huishoudelijke communicatiecampagne. Echter, id Sociaal Domein ondersteuning. vooralsnog blijft het risico op hogere lasten bestaan, mede als gevolg van de vergrijzing. Beroep op Door economische ontwikkelingen, onder Met ingang van 2017 wordt het uitkeringen andere als gevolg van Corona, wordt een maximale eigen risico niet meer geheel (open einde groter beroep gedaan op de geraamd in de begroting, maar deze regeling Wet uitkeringsregelingen. Ook bestaat het risico wordt reëel geraamd. Er wordt extra BUIG). dat de gemeente niet in aanmerking komt ingezet op uitstroombeleid met een De gemeente loopt voor de Vangnetregeling omdat niet aan arbeidsmarktoffensief, het risico dat de alle voorwaarden wordt voldaan. Het jeugdwerkgelegenheidsplan en reguliere lokale ontwikkeling maximale risico is voor 2023 gemaximeerd participatiemiddelen waardoor aan de van het op 10% budgetoverschrijding.
Niet voorwaarde van de vangnetuitkering bijstandsvolume in iedereen kan voldoende ondersteund wordt voldaan. Er zijn goede negatieve zin worden in participeren in de samenleving. werkprocessen geïmplementeerd voor afwijkt van de poortwachtersfunctie, beheer lopende landelijke uitkeringen, beëindigingen etc. 76
Risico
Gevolgen
Maatregelen
Het aantrekken en behouden van voldoende en kwalitatief goed personeel is afhankelijk van de aantrekkingskracht van Wassenaar als zelfstandige gemeente, en van het aanbod op de arbeidsmarkt.Om de bedrijfsvoering en/of de voortgang van de collegeprogramma’s niet in gevaar te brengen, is het op bepaalde posities steeds vaker noodzakelijk om in te huren. Soms levert ook dat een probleem op, omdat goede inhuurkrachten ook steeds schaarser worden. De noodzaak om in te huren wordt steeds groter, wat hogere kosten met zich meebrengt.
Om de bedrijfsvoering en/of de voortgang van de collegeprogramma’s niet in gevaar te brengen, wordt op bepaalde posities steeds vaker het besluit genomen om in te huren. Verder wordt door de gemeente gekeken naar diverse maatregelen hoe haar positie als werkgever aantrekkelijker gemaakt kan worden.
ontwikkeling waardoor de rijksbijdrage te kort schiet. Arbeidsmarkt/Ei gen organisatie Wassenaar: Voor steeds meer functies zijn moeilijk of geen geschikte kandidaten te vinden. Hogere incidentele kosten voor de opbouw van de gemeente Wassenaar met een eigen ambtenarenappara at
Taken kunnen in het gedrang komen en kennis kan verdwijnen uit Wassenaar. De financiële impact van de uitbraak van de coronapandemie voor de gemeente is Corona: De nog niet geheel duidelijk en hangt mede af coronapandemie van de wijze waarop de uitbraak van het leidt tot negatieve coronavirus in het land kan worden beheerst. Gevolgen voor de gemeente zijn gevolgen zowel tegenvallende inkomsten voor voor de eigen toeristenbelasting en precario (terrassen, organisatie, als voor burgers en gestegen uitgaven aan sociale bijstand, bedrijven. sport- en cultuurvoorzieningen en verkiezingen. De invoering van de Omgevingswet brengt niet alleen extra kosten met zich mee, Omgevingswet: maar zorgt ook voor veel organisatorische de invoering van veranderingen. Het raakt ICT de Omgevingswet (technologie), gemeentelijke processen (kwaliteit), inkomsten (leges en heffingen), zorgt voor milieuregelgeving en (burger)-participatie. financiële en Het raakt de gehele gemeente en brengt organisatorische het risico met zich mee dat processen na risico's. invoering in eerste instantie minder soepel verlopen. Gemeenschappelijke regelingen zijn verbonden partijen waar de gemeente Gemeenschappel Wassenaar een financieel en bestuurlijk ijke regelingen belang in heeft.
Verbonden partijen voeren Elke deelnemer meestal gemeentelijke taken uit en leveren aan een een bijdrage aan het realiseren van Gemeenschappelijk maatschappelijke doelen. Een financieel e Regeling is in belang houdt in dat de gemeente geld ter principe voor zijn beschikking stelt aan de verbonden partij. aandeel De gemeente loopt een financieel risico bij verantwoordelijk tekorten van gemeenschappelijke voor mogelijke regelingen. Via het bestuur van de tekorten binnen de gemeenschappelijke regeling kan de betreffende GR. gemeente aandacht vragen voor financiële tekorten en hierop sturen.
De ontwikkelingen op het gebied van corona worden gevolgd en indien nodig wordt gehandeld. Er is naar verwachting sprake van rijkscompensatie maar het is niet zeker of dit voldoende is.
De kosten m.b.t. de invoering van de Omgevingswet worden constant gemonitord en een gedegen invoering moet ervoor zorgen dat de gemeentelijke organisatie gaat werken conform de nieuwe Omgevingswet.
De Wet Gemeenschappelijke regelingen schrijft voor dat de meerjarenraming, de begroting, het jaarverslag en de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling dienen te voldoen aan krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels. De raad wordt jaarlijks in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen over de ontwerpbegrotingen van de gemeenschappelijke regelingen.
77
Risico
Gevolgen
Maatregelen
Het financiële risico dat de gemeente loopt als een garantienemer niet aan zijn of haar Garantstelling betalingsverplichtingen kan voldoen en de De gemeente loopt geldverstrekker een beroep doet op de als een door de gemeente afgegeven garantie. De garantieverstrekke gemeente heeft een garantie afgegeven r een risico aan Avalex, zodat zij zich konden inkopen als aandeelhouder in HVC Specifieke uitkeringen Er zijn steeds meer specifieke Bij een specifieke uitkering bestaat het uitkeringen die risico dat de definitief toegekende subsidie bijv. via SiSa lager uitpakt dan de voorlopige subsidie en (Single of dat de werkelijke gemaakte kosten de information, Single begrote lasten overschrijden vanwege het audit) moeten open einde karakter van de regeling. worden verantwoord in de jaarrekening.
Bij de afgifte van garanties door de gemeente wordt er gekeken naar de kredietwaardigheid van de partijen. Daarnaast wordt jaarlijks bijgehouden of de garantienemer zijn leningen aflost en welk deel van de garantie dan nog open staat.
De ontwikkelingen op de diverse regelingen wordt voortdurend gemonitord vanuit beleid en de periodieke budgetbewaking in het kader van de P&C-cyclus. Indien nodig wordt via de tussentijdse rapportages de gemeenteraad verzocht de begroting aan te passen.
Bodemsanering Gemeentewerf
De grond bij de gemeentewerf is vervuild. Dit blijkt uit onderzoek dat verricht is. Saneren van de bodem is gewenst.
Er wordt zo goed mogelijk onderzoek gedaan naar de gesteldheid van de bodem en dit wordt de komende tijd nog herhaald.
Kosten Gas en Elektra
De prijzen voor gas en elektra staan niet vast voor de gemeente. Het budget is met ingang van 2023 fors verhoogd (bijna factor 3), maar het is niet zeker of dit voldoende is.
Budget is verhoogd. Verbruik wordt gemonitord. Indien nodig kan overgegaan worden tot besparende maatregelen (kachel een graadje lager)
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit (de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken) en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio weerstandsvermogen en afgezet tegen de algemeen geldende weerstandsnorm. Die ratio geeft de verhouding weer tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten is in onderstaande figuur weergegeven. De beschikbare weerstandscapaciteit betreft het bedrag van de algemene reserve. De benodigde weerstandscapaciteit is het resultaat van het financiële effect van bovengenoemde risico's maal de kansinschatting dat het risico zich voordoet. Hier ligt dus een berekening aan ten grondslag.
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
=
€ 49.734.000 € 3.216.667
=15,5
Wassenaar (de raad) wil graag in categorie A zitten, minimaal een ratio van 2,0, wat staat voor een uitstekend weerstandsvermogen. De ratio weerstandsvermogen van de gemeente Wassenaar is met een ratio van 15,5 uitstekend.
78
Kengetallen Per 2015 is het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) gewijzigd. In de begroting en jaarrekening dient een zestal kengetallen opgenomen te worden. De kengetallen maken het de leden van provinciale staten en de gemeenteraad gemakkelijker om inzicht te krijgen in de financiële positie van hun provincie of gemeente. Eerst wordt de samenvatting van de kengetallen weergegeven gevolgd door een toelichting. Tabel 8.2 - Overzicht kengetallen gemeente Wassenaar
Begroting 2023 Kengetallen: 1a. Netto schuldquote 1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatie ruimte 4. Grondexploitatie 5. Belastingcapaciteit
Indicatoren Wassenaar (%) 2021 2022 2023 Verslag Begr. Begr. -45 -23 -25
Normen VNG (%) Voldoende
Matig
Onvoldoende
<100
>100 / <130
>130
-52
-26
-31
65
66
67
>50
>30 /<50
<30
0,87
0,78
2,63
>0,6
>0 / <0,6
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
168
172
173
Geen norm <100
>100 / <120
>120
1. Netto schuldquote De netto-schuldquote vergelijkt de leningen van de gemeente (met aftrek van de geldelijke bezittingen) met de totale baten van begroting en jaarverslag. Hiermee geeft deze indicator inzicht in de mate waarin de begroting 'vastligt' voor rente en aflossing. De bovenstaande tabel presenteert hiernaast ook de schuldquote gecorrigeerd voor de leningen die de gemeente heeft uitstaan (deze middelen vloeien immers op termijn terug, bijv. SVNstartersleningen en ambtenarenhypotheken). Op beide indicatoren scoort de gemeente Wassenaar met een waarde onder nul, dat betekent dar er per saldo geen sprake van een schuld is maar van bezit, hetgeen uiteraard meer dan 'voldoende' scoort en als zeer positief wordt beoordeeld. 2. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de gemeentelijke bezittingen (balanstotaal) is gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). Wassenaar scoort met 67% volgens de VNG-normen meer dan 'voldoende'. 3. Structurele exploitatieruimte De indicator 'structurele exploitatieruimte' geeft aan hoe de structurele vrije ruimte (structurele baten minus structurele lasten) zich verhoudt tot de totale begrotingsbaten. Dit laat zien in hoeverre de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. De Wassenaarse begrotingsruimte is - na een dalende lijn in 2022 ten opzichte van het jaarverslag 2021 - gestegen in 2023.
Dit houdt rechtstreeks verband met de voorgestelde verhoging van de OZB en de toeristenbelasting.
79
4. Grondexploitatie Het financiële kengetal 'grondexploitatie' geeft aan hoe groot de investeringen in grondposities (boekwaarde) zijn ten opzichte van de jaarlijkse baten. Omdat Wassenaar geen grondexploitaties kent is deze indicator niet relevant. 5. Belastingcapaciteit De indicator 'belastingcapaciteit' drukt uit hoe de woonlasten (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing) zich verhouden tot het gewogen landelijk gemiddelde. Hoge woonlasten ten opzichte van het landelijk gemiddelde drukken uit in hoeverre de gemeente al de eigen inkomsten aanspreekt en dus ook beperkt is in het verkrijgen van extra inkomsten. Woonlasten onder het landelijk gemiddelde waardeert VNG als 'voldoende', woonlasten tussen het landelijk gemiddelde en 120% hiervan als 'matig' en woonlasten hoger dan 120% als 'onvoldoende'. De woonlasten in Wassenaar liggen hoger dan het landelijk gemiddelde en zijn ook verder gestegen ten opzichte van het jaarverslag 2021. Conclusie voor de financiële positie De ontwikkeling van de kengetallen geeft aan dat Wassenaar een uitstekende vermogenspositie heeft, voldoende structurele exploitatieruimte heeft en geen risico loopt op (niet ingenomen) grondposities. Daar tegenover wordt geconcludeerd dat de lastendruk landelijk vergeleken hoog is.
80
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen In de openbare ruimte van onze gemeente vinden allerlei activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Onze kapitaalgoederen faciliteren deze activiteiten. Te denken valt aan wegen, bruggen, lantarenpalen, bomen, speelplaatsen, watergangen, sportvelden, het rioolstelsel en gemeentelijke gebouwen. De gemeente heeft de taak deze kapitaalgoederen te onderhouden. De kwaliteit en het onderhoud van deze kapitaalgoederen is bepalend voor de (jaarlijkse) lasten. Beleidskader Bij het in stand houden van de kapitaalgoederen maken we een onderscheid tussen jaarlijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. De budgetten voor jaarlijks onderhoud zijn per jaar op een gelijkblijvend niveau opgenomen binnen de exploitatiebegroting van het programma. Deze paragraaf richt zich op het groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. Groot onderhoud vindt plaats om de levensduur van een kapitaalgoed te verlengen. Om het groot onderhoud zonder fluctuaties te bekostigen treffen we voorzieningen. Jaarlijks wordt een evenredig bedrag gestort in de voorzieningen vanuit de exploitatie. De uitgaven voor groot onderhoud in een bepaald jaar onttrekken we uit de voorzieningen. Als kapitaalgoederen aan het eind van de levensduur zijn, vindt een vervangingsinvestering plaats.
De kosten van de vervangingsinvesteringen worden geactiveerd en afgeschreven met ingang van het jaar na realisatie op basis van de levensduur van het nieuwe kapitaalgoed. De afschrijvingstermijnen voor de diverse soorten kapitaalgoederen zijn vastgesteld op basis van de 3e wijziging van de Financiële verordening Wassenaar 2018. Het beheer en onderhoud van de meeste onderdelen gebeurt nu op basis van de update beheerplannen 20212023 die eind 2021 zijn vastgesteld. Dit zijn geen volledig nieuwe beheerplannen, maar een update van de eerdere beheerplannen 2016-2020. Ter vervanging van deze beheerplannen zal er in het eerste kwartaal van 2023 een Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR-plan) ter vaststelling aan de Raad worden aangeboden. Om dit IBOR-plan te kunnen opstellen is een inventarisatie gemaakt waar de gemeente op dit moment staat wat betreft het beheer van de openbare ruimte. Hoeveel areaal beheert de gemeente, wat is de kwaliteit, welke beheerbudgetten zijn beschikbaar en hoe verhouden deze zich tot de opgaven ? In het op te stellen IBOR-plan zal worden opgenomen de visie op beheer, de beheerstrategie en de kosten van beheer. Hierbij zal worden gekozen voor een meer integrale aanpak waarmee het beheer van de openbare ruimte in Wassenaar nog meer toekomstbestendig kan worden vormgegeven.
Hiermee wordt gekozen voor een nieuwe visie op beheer die over meer gaat dan enkel het in stand houden van de openbare ruimte. Het beheer draagt bij deze nieuwe aanpak ook bij aan maatschappelijke opgaven en transities. In het IBOR-plan zullen ambities voor de openbare ruimte worden meegenomen die verder gaan dan enkel het onderhouden ervan. Hierbij zal beheer ook een bijdrage gaan leveren aan het realiseren van gemeentebrede doelstellingen bijvoorbeeld op het vlak van klimaat, biodiversiteit en gezondheid. De ambities die in het IBOR-plan zullen worden opgenomen zullen aansluiten op de ambities die staan genoemd in het coalitieakkoord 2022-2026. Voor riolering is het Integraal Waterketenplan (IWKP) 2019-2023 van toepassing en voor vastgoed het Beheerplan Vastgoed 2021-2024.
81
De kapitaalgoederen openbare ruimte worden tot nu toe onderhouden op basis van onderhoudsniveau B (basis). In het coalitieakkoord 2022-2026 is de ambitie uitgesproken om het onderhoudsniveau deze collegeperiode te verhogen naar onderhoudsniveau A (hoog). Hiervoor is een jaarlijks bedrag van € 750.000 uitgetrokken. Dit bedrag komt bovenop de bestaande onderhoudsbudgetten. De uitwerking van deze ambitie en de gevolgen hiervan voor het beheer zal worden meegenomen in het hierboven vermelde IBOR-plan. Overzicht beheerareaal Hieronder volgt een overzicht van het totale areaal aan kapitaalgoederen openbare ruimte en de van toepassing zijnde beheerplannen: Tabel 9.1 - Overzicht beheerareaal Beheerplan Wegen
Areaal-
Kwaliteits-
gegevens
niveau
Circa 1.44 km²
B
Update
Toelichting Het uitgangspunt is om de functionaliteit en veiligheid te waarborgen.
2021-2023 Bruggen
75 stuks
B
Update
Het uitgangspunt is het waarborgen van de functionaliteit en de veiligheid te garanderen.
2021-2023 Wegmeubilair
Circa 5.200
Update
verkeersborden
B
Het waarborgen van de functionaliteit van verkeersborden, hekwerken, fietsvoorzieningen en
2021-2023
palen.
Openbare
6.716
verlichting
lichtmasten
B
Het beheer van de openbare verlichting is erop gericht om de bedrijfszekerheid te waarborgen en het areaal
Update
veilig en duurzaam in stand te houden.
2021-2023 Verkeersregel-
11 stuks
B
Het areaal is op orde en geheel voorzien van
Installaties
ledverlichting. De uitgangspunten zijn het waarborgen
Update
van de bedrijfszekerheid en een duurzame
2021-2023
instandhouding.
Groen & bomen
Groen: circa 180
Update
ha
B
onderdeel van de leefomgeving. Het uitgangspunt is het
2021 - 2023
duurzaam, veilig en in samenwerking met inwoners in Bomen: 12.925
stand houden van het openbaar groen.
stuks
Inwoners hebben hierin een belangrijke bijdrage.
Speelvoorzieningen
230 speel-
Update
toestellen
2021 – 2023
Het openbaar groen en bomen zijn een beeldbepalend
B
Een aantrekkelijke speelomgeving voor kinderen en jongeren is het uitgangspunt. Om dit te bereiken wordt bij het herinrichten van speelplekken ingezet op centrale en uitdagende speelplekken in een wijk en
82
Beheerplan
Areaal-
Kwaliteits-
gegevens
niveau
Toelichting spelen met natuurlijke materialen. Voor jongeren wordt gekeken naar het uitdagend maken van sportfaciliteiten en aantrekkelijke chillplekken.
Oppervlakte water
Beschoeiingen
-
Er wordt ingezet op het in stand houden van de
Update
25,1 km'
waterbouwkundige kunstwerken en het op diepte
2021-2023
Kademuren
houden van de watergangen.
1.051 m' Integraal
Riool: circa 165
-
waterketenplan
km'
functionerend en duurzaam rioolstelsel in stand te
2019-2023
Gemalen 141
houden.
(riolering)
stuks
Voertuigen 2019-
46 objecten
sober
2023
Voor de riolering is het uitgangspunt om een goed
De voertuigen zijn er ter ondersteuning van het uitvoeren van de gemeentelijke taken. Zo worden de voertuigen onder andere ingezet voor het in stand houden van de leefomgeving, toezicht en facilitaire zaken. Het waarborgen van de continuïteit van de bedrijfsvoering en het waar mogelijk verduurzamen van het wagenpark zijn de uitgangspunten voor het onderhoud en vervanging van voertuigen. Om de duurzaamheid te bevorderen zullen de voertuigen zoveel mogelijk worden vervangen door elektrische voertuigen
Vastgoed
Maatschappelijk
Basis
In 2020 is een beheerplan vastgoed 2021-2024
2021-2024
& commercieel
opgesteld. Hierin is een indeling gemaakt naar een
18
kern- en strategische portefeuille.
Sport & bewegen
Voor de kernportefeuille, objecten waar geen
4
verandering in gebruik en functie is voorzien, is het
Eigen
uitgangspunt om deze sober en doelmatig in stand te
huisvesting
houden. Het gaat hier om 21 objecten waar
3
maatschappelijke functies worden gehuisvest en 30
Woningen
objecten ter bevordering van de kwaliteit van de
12
leefomgeving. De kwaliteit van de kernportefeuille is de
Bijzondere
afgelopen jaren stabiel.
objecten
De 13 woningen in de strategische portefeuille worden
31
regulier in stand gehouden tot dat deze worden afgestoten. Vanaf 2021 wordt een actief verkoopbeleid gevoerd.
*deze cijfers zijn gebaseerd op nog niet geactualiseerde data.
83
Budgettair kader In de volgende drie tabellen zijn de budgetten voor het in stand houden en vervangen van de kapitaalgoederen inzichtelijk gemaakt. Dit zowel in relatie tot de gemeentelijke exploitatiebegroting, de onderliggende voorziening als voor wat betreft de geprognosticeerde investeringsuitgaven. Exploitatie Hieronder zijn de begrote exploitatiebudgetten per kapitaalgoed voor de komende vier jaar in beeld gebracht. Tabel 9.2 - Exploitatiegegevens kapitaalgoederen Kapitaalgoed
2023
2024
2025
Wegen
1.698
1.928
2.080
2026 2.150
Specificatie werkzaamheden Herstelwerkzaamheden asfalt, bestrating, markeringen en inspecties
Civieltechnische
111
136
216
218
kunstwerken Openbare verlichting
Reinigingen, schilderen, herstelwerkzaamheden en inspecties
757
787
787
787
Verhelpen storingen, reparaties, reinigen en schilderen
Verkeersregelinstallaties
339
296
369
369
Verhelpen storingen, reparaties, reinigen en schilderen
Wegmeubilair Riolering
123
130
130
130
Reinigen, herstellen en vervanging
1.581
1.564
1.533
1.533
Reparaties, verhelpen storingen, reiniging en inspecties
Oppervlaktewater
368
477
478
479
Maaien en krozen, baggeren, reparaties beschoeiingen
Groen en bomen
1.809
2.014
2.014
2.014
Onderhoud, herstellen en vervangen van beplanting en bomen, maaien gras, verwijderen onkruid en zwerfvuil
Speelvoorzieningen
234
256
256
256
Veiligheidscontroles, reparaties en onderhoud
Voertuigen
278
272
335
366
Belastingen, verzekeringen, brandstof en onderhoud
Vastgoed
2.758
2.622
2.612
2.626
Dagelijks onderhoud, elektra, water
Bedragen x € 1.000 (inclusief dotatie voorziening en kapitaallasten, exclusief interne uren)
84
Voorzieningen Hieronder zijn de geraamde onttrekkingen per voorziening kapitaalgoed voor de komende jaren weergegeven. Tabel 9.3 - Onttrekkingen voorzieningen kapitaalgoederen Kapitaalgoed
2023
2024
2025
2026
Specificatie werkzaamheden
Wegen
2.500
740
720
800
Vervangen toplaag asfalt en groot onderhoud elementenverhardingen
Civieltechnische
40
45
90
10
Groot onderhoud aan bruggen
199
312
461
226
Groot onderhoud en vervanging
kunstwerken Openbare verlichting
van de openbare verlichting Verkeersregelinstallaties
0
126
207
107
Groot onderhoud en vervanging van verkeersregelinstallaties en pollers
Riolering
1.025
469
487
637
Groot onderhoud en vervanging van riolering en gemalen
Oppervlaktewater
30
0
0
0
Speelvoorzieningen
164
183
173
186
Baggeren watergangen Groot onderhoud en vervanging van speeltoestellen en ondergronden
Vastgoed
947
1.502
654
1.133
Groot onderhoud van gebouwen
Bedragen x € 1.000 (onttrekking conform updates beheerplannen 2021-2023)
Investeringen Hieronder zijn de geplande investeringsuitgaven per kapitaalgoed voor de komende jaren in beeld gebracht. Tabel 9.4 - Geplande investeringsuitgaven kapitaalgoederen Kapitaalgoed
2023
2024
2025
2026
Specificatie werkzaamheden
Wegen
4.900
3.060
2.100
2.100
Vervangen van asfalt en elementenverhardingen
Civieltechnische
150
95
105
120
Vervanging van bruggen
50
950
0
0
Doseerlichten tegengaan sluipverkeer
Oppervlaktewater
30
35
35
35
Vervanging beschoeiingen
Voertuigen
66
300
719
89
Vervanging van auto’s en vrachtwagens
kunstwerken Verkeersregelingsinstallaties
Vastgoed: Rijnlands Lyceum
6.116
De Paauw
326
2.076
3.076
6.752
Bedragen x € 1.000
85
Paragraaf Financiering Inleiding Financiering / treasury betreft de wijze waarop de gemeente leningen aantrekt en eventueel overtollig geld (tijdelijk) uitzet. Naast de wettelijke kaders opereert de gemeente Wassenaar binnen de kaders van het door de raad vastgestelde Treasurystatuut. Beleidskader 2023 - 2026 Voor de komende jaren wordt een afnemend financieringsoverschot verwacht. Deze afname wordt veroorzaakt door een ambitieus investeringsprogramma. De komende jaren zal er op worden gestuurd dat het financieringsoverschot positief blijft. Indien nodig zullen investeringen daartoe worden getemporiseerd, maar er is tevens de verwachting dat verkoop van vastgoed en positieve rekeningresultaten dit jaar en komende jaren een positief effect zullen hebben op het financieringsoverschot. Financieringspositie 2023 Begin 2023 bestaat de beleggings- en financieringsportefeuille van € 26,8 miljoen naar verwachting uit: Tabel 10.1 - Verwachte beleggingsportefeuille per 1 januari 2023