Begroting 2024 -2027
Tekst van het document
Binnen RES-verband wordt er samen met de regiopartners hard en serieus gewerkt aan de gemeenteoverstijgende afstemming rondom de energiethema's opwekking, opslag en distributie en wordt de regionale voortgang gemonitord. Lokale inspanningen De klimaattafel is in onderwerpen verbreed en biedt een groep deelnemers een platform om gezamenlijk te werken aan initiatieven. In 2024 blijft de gemeente de Klimaattafel faciliteren door het organiseren van de bijeenkomsten en het ondersteunen van initiatieven. De klimaattafel zal in 2024 inzetten op groei in nog niet bereikte buurten.
58
Verduurzaming erfgoed, maatschappelijk vastgoed en bedrijven. Er komt een verduurzamingsplan erfgoed dat specifiek ingaat op de problematiek van verduurzaming van monumenten en beschermd dorpsgezicht in Wassenaar. Het plan zal eigenaren van monumenten en gebouwen binnen beschermd dorpsgebied een concreet handelingsperspectief bieden. Voor bedrijven en maatschappelijk vastgoed (o.a. scholen) komt er specifiek advies en ondersteuning. Revitalisering Dorpskern De algemene doelstelling van het plan revitalisering dorpskern in een toekomstbestendige en aantrekkelijke dorpskern met een sterk vestigingsklimaat, dat past in ons huidige tijdsbeeld. Specifieke doelstellingen zijn realisatie van de herinrichting van het centrum, tegengaan leegstand, realisatie flankerend beleid, en realisatie van een mix van functies die de dorpskern vitaal houden. De gemeente wil dat alle maatschappelijke en economische functies voor iedereen toegankelijk zijn en dat werkgelegenheid wordt behouden of vergroot. Het gaat om wonen, werken, winkelen en ontspannen in een levendige, groene en klimaat-adaptief ingerichte dorspkern. Leegstand wordt voorkomend door een publiekprivate samenwerking tussen gemeente en private of maatschappelijke partijen. De gemeente wil doelstellingen in samenhang en in samenwerking realiseren en ze moeten daarom voor alle partijen realiseerbaar zijn.
Prinsenweg De Prinsenweg is een belangrijke verkeersader voor de noord-zuid verbinding. Vervangen van de riolering en watertransportleiding zijn binnenkort noodzakelijk. Ook is de wegconstructie van zodanig niveau, dat deze op niet al te lange termijn vervangen dient te worden. De voorbereiding is al in 2022 gestart en zal zeker doorlopen tot 2024. Na de goedkeuring van het wegencategoriseringsplan en bewonersparticipatie wordt de aanbesteding ingezet. De uitvoering staat gepland voor het 3e kwartaal 2024 met uitloop naar het 3e/4e kwartaal 2025. Wassenaarse Slag De rijbaan van De Wassenaarse Slag moet voorzien worden van nieuw asfalt. In het gebied is ook Dunea actief met het o.a. herstellen en uitbreiden van het waterbekkens. Naast afstemming met deze partij en de betrokken ondernemers in dit gebied zal er aanvullend flora- en faunaonderzoek uitgevoerd moeten worden door een extern Adviesbureau. Dat is nodig om een vergunning te krijgen voor de uitvoering van het project. De planning is dat in het 2e kwartaal 2024 de voorbereidingen zijn afgerond. Vervolgens wordt het rapport aangeboden aan de omgevingsdienst Haaglanden (ODH). De verwachting is dat de ODH in het 3e kwartaal 2024 de vergunning verstrekt zodat het werk in november 2024 uitgevoerd kan gaan worden. Dit is een jaar later dan oorspronkelijk gepland.
Projecten noordrand Groene Zone In 2023 wordt de visie voor de Groene Zone opgesteld en daarna volgt het plan voor de daadwerkelijke inrichting. Hierbij gaat het om de aanleg van recreatieve voorzieningen, de ontwikkeling van natuur, het aanpassen van watersystemen, behoud van de landbouw, mogelijke bedrijfsverplaatsingen, etc. Voor de realisatie worden verschillende programma's opgezet, waar initiatieven samen komen. De provincie, het RVB, het waterschap en Dunea geven aan, mee te willen doen in bij deze programma's en daarin (ook) te willen investeren. In de loop van 2023 en 2024 wordt duidelijk hoe de inrichting van de Groene Zone er uit komt te zien en welke partijen daar een rol bij hebben. Voorstel is nu alvast voorzieningen te treffen en deze vrij te 59
geven nadat concrete plannen van aanpak zijn opgesteld. Voor zover nu is te overzien is, bedragen de totale investeringen in de Groene Zone ca. € 5.500.000,-, waarvan ca. € 1.500.000,- van de gemeente Wassenaar. De watermaatregelen en de aanleg van circa 100 ha natuur ten noorden van de tankgracht zijn hierin nog niet meegenomen. Deze kosten komen overigens voor het grootste deel bij provincie, waterschap, Dunea en RVB te liggen. Rijksdorp In Rijksdorp zal nieuwe elementen verharding aangebracht gaan worden. Tijdens de ontwerpfase is er met de bewoners geparticipeerd. Vanwege de netverzwaring die door Liander wordt geïnitieerd zijn de uitvoeringswerkzaamheden uitgesteld en laten we deze samen vallen met de werkzaamheden van Liander. Liander gaat in het 2e kwartaal van 2024 het net verzwaren. Aansluitend zal de gemeente nieuwe elementenverharding aanbrengen (standaard steen straatbaksteen dikformaat roodbruin). Geplande werkzaamheden zullen dan medio 2025 zijn afgerond. Hofcampweg-Burmanlaan Hiervan is vervanging van de elementenverharding noodzakelijk. Het betreft Burmanlaan en een deel van de Hofcampweg. In de Hofcampweg wordt ook een parallelriool aangebracht. Het project zal in de eerste helft van 2024 voorbereid worden en de uitvoering zal plaatsvinden in het 4e kwartaal van 2024 met een doorloop naar 2025.
Twee rolstoeltoegankelijke openbare wc's (Versterking Dorpskern en Meijendel) Na de verwachte realisatie van een openbare rolstoeltoegankelijke zelfreinigende wc-unit bij het strand in 2023, is de wens om in 2024 nog twee van deze units te realiseren in Wassenaar.
Effectindicatoren
Tabel 5.1 - Effectindicatoren P5 Natuur, Klimaat en Mobiliteit
Effectindicator
Totaal kg huishoudelijk restafval per inwoner
Peilwaarde (peiljaar)
214,4 kg (2022)
Streefwaarde Streefwaarde Streefwaarde Streefwaarde Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
200 kg
190 kg
180 kg
170 kg
60
Wat gaat het kosten ?
Investeringen Tabel 5.2 - Investeringen P5 Natuur, Klimaat en Mobiliteit
Programma 5
Reeds beschikbaar gesteld Beschikbaar krediet of te begrote stellen investering krediet
2024
Meerjarenbeeld
2026
2027
Totaal
Dorpskern (N.B. opbrengsten nog PM)
2.740.000
3.800.000
-
-
-
6.540.000
Herstel kades Havenkanaal
4.097.000
-
-
-
-
4.097.000
-
5.300.000
-
-
-
5.300.000
Nieuwe Gemeentewerf
2025
1.500.000
Aankoop grond nieuwe gemeentewerf
1.500.000
Wassenaarse Slag Aanv maatregelen doortrekken Ruigelaan (Groene Zone) Actualiseren vervangingsinvesteringen Water
1.700.000
-
-
-
-
1.700.000
50.000
-
-
-
-
50.000
-
25.000
-
-
-
25.000
Bruggen
935.000
105.000
125.000
135.000
15.000
1.315.000
Waterbouwkundige Kunstwerken
30.000
35.000
35.000
35.000
-
135.000
Ecologische verbindingszone
64.999
-
-
-
-
-
171.500
521.500
521.500
321.500
Landschaps Ontwikkelings Plan
80.000
-
-
-
-
80.000
Verk.agenda Zuid.ontsluit
25.000
-
-
-
-
25.000
Vervanging containers
29.800
-
-
-
-
29.800
Openbare verlichting kabelnet
450.000
-
-
-
-
450.000
Rolstoeltoegankelijke WC units
107.000
220.000
-
-
-
327.000
Doseerlichten sluipverkeer
50.000
450.000
-
-
-
500.000
Snelheidsmeters en snelheidsdisplays
42.000
-
-
-
-
42.000
Verbeteren fietsveiligheid
100.000
-
-
-
-
100.000
-
500.000
-
-
-
500.000
275.000
-
-
-
-
275.000
750.000
1.500.000
1.500.000
1.500.000
-
5.250.000
Vervanging verkeerslichtinstallaties
140.000
-
-
-
-
140.000
Wegen
1.335.000
-
300.000
900.000
350.000
2.885.000
Rijksdorp wegen
1.500.000
Investering wegen Prinsenweg Inr. Storm van 's Gravezande- en Schouwweg
1.390.000
810.000
-
-
-
2.200.000
200.000
-
-
-
-
200.000
Wegen Herenweg / Hoflaan
-
200.000
-
-
-
200.000
Wegen Wassenaar Zuid voetpaden
-
310.000
-
-
-
310.000
Wegen Jonkerlaan
-
200.000
-
-
-
200.000
Wegen Wittenburgerlaan
-
190.000
-
-
-
190.000
Wegen Eikenlaan
-
140.000
-
-
-
140.000
Wegen Van der Wervestraat
-
60.000
-
-
-
171.300
286.000
433.000
88.600
37.000
16.262.099
15.802.500
Groene zone - uitvoeringsmaatregelen
Venstertijden vrachtverkeer Verkeersmaatregelen verbeteren leefomgeving verlagen max snelheid naar 30KM
Tractie Totaal
64.999 1.536.000
1.500.000
60.000 1.015.900
2.914.500 3.180.100 723.500 38.882.699
61
Programma
Tabel 5.3 - Baten en lasten P5 Natuur, Klimaat en Mobiliteit Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Baten
10.997
12.439
12.224
12.570
12.222
12.582
Lasten
-17.890
-19.509
-19.221
-19.661
-20.197
-20.159
Saldo van baten en lasten
-6.893
-7.069
-6.997
-7.091
-7.975
-7.577
Onttrekking reserves
785
494
126
22
97
0
Toevoeging reserves
0
-354
0
0
0
0
( "-"= nadeel / "+"= voordeel ) bedragen x € 1.000
Mutaties reserves Geraamde resultaat
785
139
126
22
97
0
-6.107
-6.930
-6.872
-7.069
-7.878
-7.577
Toelichting begroot 2024 Realisatie programma Groene Zone (hogere lasten € 230.000 t/m 2026) Dit jaar wordt de visie voor de Groene Zone opgesteld, daarna volgt de inrichting. Daarbij gaat het om de aanleg van recreatieve voorzieningen, de ontwikkeling van natuur, het aanpassen van watersystemen, transitie van de landbouw, mogelijke bedrijfsverplaatsingen, etc. Ook zijn er diverse particuliere initiatieven in het gebied, die in verband gebracht moeten worden met de visie en vragen om begeleiding. Voor de Groene Zone worden verschillende programma's opgezet, waar initiatieven (overheid en burgers) samenkomen. De provincie, het Rijksvastgoedbedrijf (RVB), het Hoogheemraadschap Rijnland en Dunea geven aan te willen aanhaken bij deze programma's, aangezien zij langs die weg ook hun doelen kunnen realiseren. Ten behoeve van deze programma's is het nodig dat de huidige bezetting voor de Groene Zone beschikbaar blijft. Post kleine verkeersmaatregelen (hogere lasten € 50.000) De post kleine verkeersmaatregelen dient om tijdig en concreet te kunnen reageren met aanpassingen op klachten, meldingen en incidenten. Dit wordt door Wassenaarse inwoners en ondernemers zeer gewaardeerd en is essentieel, omdat het bij grote verkeersdossiers lang duurt om tot realisaties te komen.
Capaciteit Verkeer (hogere lasten € 50.000) Op het gebied van verkeer liggen er veel beleidsvraagstukken die structureel extra beleidscapaciteit vragen. Nachtregister en druktemonitor (hogere lasten € 25.000) Wassenaar accepteert dat recreatie en horeca bij ons groene profiel en onze functie in de regio horen. Onze eigen inwoners genieten er ook van en daarnaast zijn recreatie en horeca pijlers onder onze lokale economie. Maar we willen er wel grip op houden. Een nachtregister en een druktemonitor voorzien beleid, handhaving en inwonersparticipatie. Ze zijn bijvoorbeeld belangrijk om te kunnen volgen of maatregelen voor recreatiespreiding werken.
62
Beheervisie Openbare Ruimte/nieuwe beheerplannen (hogere lasten € 250.000) Onlangs is de Beheervisie Openbare Ruimte 2024-2028 vastgesteld. De volgende stap is nu het opstellen van het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2024-2028 en de daaraan gekoppelde uitvoeringsplannen. Hierbij is rekening gehouden met een kostentoename op basis van berekeningen van Planterra. Hierbij is ook gerekend op het meer inzetten van gelden uit beschikbare onderhoudsvoorzieningen. Bijdrage Avalex (hogere baten € 255.000/ hogere lasten € 255.000) Op basis van de Begroting 2024 van Avalex is de bijdrage van Wassenaar ten opzichte van 2023 € 255.000 hoger. Deze hogere lasten worden geheel gedekt door een stijging van de afvalstoffenheffing. Bijdrage Omgevingsdienst Haaglanden (hogere lasten € 37.000) De begroting 2024 van de ODH laat een hogere deelnemersbijdrage voor Wassenaar zien, waarbij rekening is gehouden met gemaakte werkafspraken op het gebied van toezicht en handhaving. Strandplan voor de Wassenaarse Slag (hogere lasten € 50.000) In samenwerking met de ondernemers aan het strand en andere belanghebbenden stellen wij een plan op voor een duurzame toekomst van het strand. Lokale Energiestrategie (hogere lasten € 126.000) Dit is dekking van uitgaven voor de energietransitie. Deze lasten worden gedekt vanuit de Reserve volkshuisvesting en duurzaamheid.
63
Beleidsindicatoren
Tabel 6.1 - Beleidsindicatoren per programma
Progr. Nr. Naam Indicator
1
6. Verwijzingen Halt
1
8. Winkeldiefstallen
1
9. Geweldsmisdrijven
1
10. Diefstallen uit woning Vernielingen en
1
11. beschadigingen (in de openbare ruimte)
2
17. Absoluut verzuim
2
18. Relatief verzuim Vroegtijdig schoolverlaters
2
19. zonder startkwalificatie (vsv-ers)
2
20. Niet-sporters
Cijfer
Vergelijkingscijfer
Wassenaar
Nederland
(jaartal)
(jaartal)
10 (2022)
8 (2022)
CBS
0,6 (2022)
2,3 (2022)
CBS
4,1 (2022)
4,6 (2022)
CBS
2,2 (2022)
1,4 (2022)
CBS
5 (2022)
6 (2022)
DUO
1,3 (2022)
2,7 (2022)
DUO
17 (2022)
24 (2022)
DUO
1% (2022)
2% (2022)
CBS
44,2% (2022)
46,4% (2022)
LISA
663,6 (2022)
825,3 (2022)
% 12 t/m 21 jarigen
CBS
1,3% (2021)
1,6% (2021)
% kinderen tot 18 jaar
CBS
4% (2022)
6% (2022)
CBS
69% (2022)
72,2% (2022)
CBS
1% (2022)
2% (2022)
CBS
252,7 (2021)
400,3 (2021)
CBS
7,7 (2022)
12,3 (2022)
Eenheid
Bron
Aantal per 1.000
Bureau
jongeren
Halt
Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 leerlingen Aantal per 1.000 leerlingen % deelnemers aan het VO en MBO onderwijs % Aantal per 1.000
2
21. Banen
inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar
Jongeren met een delict
2
22.
2
23. Kinderen in uitkeringsgezin
voor de rechter
% van de werkzame beroepsbevolking 2
24. Netto arbeidsparticipatie
ten opzichte van de totale beroepsbevolking
2
26. Werkloze jongeren
% 16 t/m 22 jarigen
2
27.
Personen met een
Aantal per 10.000
bijstandsuitkering
inwoners
2
28. Lopende re-
Aantal per 1.000
64
integratievoorzieningen
inwoners % van alle jongeren tot
2
29. Jongeren met jeugdhulp
2
30.
2
31.
2
32.
3
1. Formatie
Fte per 1.000 inwoners
3
2. Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
3
3. Apparaatskosten
Jongeren met jeugdbescherming
18 jaar % van alle jongeren tot 18 jaar
Jongeren met
% van alle jongeren
jeugdreclassering
van 12 tot 23 jaar
Cliënten met een maatwerk-
Aantal per 10.000
arrangement WMO
inwoners
Kosten per inwoner
CBS
8,7% (2022)
10,7% (2022)
CBS
0,6% (2022)
1% (2022)
CBS
0,3% (2022)
0,3% (2022)
CBS
450 (2021)
659 (2021)
Eigen gegevens Eigen gegevens Eigen gegevens
7,3 (2022)
6,1 (2022)
399 (2022)
Kosten als % van totale 3
4. Externe inhuur
loonsom +
Eigen
totale kosten inhuur
gegevens
13,1% (2022)
externen 3
5. Overhead
4
35. Gemiddelde WOZ waarde
4
36. Nieuw gebouwde woningen
4
37. Demografische druk
4
38.
4
39.
5
14. Functiemenging
Gemeentelijke woonlasten (eenpersoonshuishouden) Gemeentelijke woonlasten (meerpersoonshuishouden)
% van totale lasten Duizend euro
Eigen gegevens
14,2% (2022)
CBS
731 (2023)
369 (2023)
CBS
1,6 (2022)
9,3 (2022)
%
CBS
95,1% (2022)
70,3% (2022)
In Euro’s
COELO
1323 (2022)
823 (2022)
In Euro’s
COELO
1561 (2022)
905 (2022)
%
LISA
15% (2022)
29% (2022)
LISA
162,7 (2022)
174 (2022)
Kg/inwoner
CBS
219 (2021)
169 (2021)
%
RWS
5,6% (2021)
33,2% (2021)
Aantal per 1.000 woningen
Aantal per 1.000 5
16. Vestigingen (van bedrijven)
inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar
Omvang huishoudelijk
5
33.
5
34. Hernieuwbare elektriciteit
restafval
65
Recapitulatie
Tabel 6.2 - Recapitulatie alle programma's (samenvattend overzicht) Programma's
Begroting
bedragen x € 1.000,-
Begroting
2024
Begroting
2025
Begroting
2026
2027
"-"=nadeel/"+"= voordeel )
baten
lasten
saldo
baten
lasten
saldo
baten
lasten
saldo
baten
lasten
saldo
P1 Veiligheid en Handhaving
102
-4.204
-4.103
102
-4.129
-4.028
102
-4.129
-4.028
102
-4.129
-4.028
11.652
-38.934
-27.281
11.636
-39.593
-27.957
11.573
-39.634
-28.061
10.901
-38.863
-27.962
P3 Bestuur en middelen
633
-4.171
-3.538
657
-4.083
-3.426
657
-4.083
-3.426
657
-4.083
-3.426
P4 Fysieke leefomgeving
1.879
-6.176
-4.296
1.879
-5.345
-3.466
1.804
-4.767
-2.963
1.804
-4.767
-2.963
P5 Natuur, klimaat en Mobiliteit
9.716
-19.221
-9.505
10.062
-19.661
-9.599
9.714
-20.197
-10.483
10.074
-20.159
-10.085
Totaal programma's
23.982
-72.705
-48.723
24.336
-72.811
-48.475
23.850
-72.810
-48.960
23.538
-72.001
-48.463
Algemene dekkingsmiddelen
58.669
-535
58.134
59.575
-535
59.041
56.024
-535
55.490
55.752
-260
55.492
Overhead
3.320
-15.055
-11.735
3.311
-14.404
-11.093
3.292
-14.206
-10.914
3.373
-14.454
-11.080
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
P2 Mens en Maatschappij
Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Geraamde resultaat
0
-26
-26
0
-26
-26
0
-26
-26
0
-26
-26
85.971
-88.320
-2.349
87.222
-87.776
-554
83.166
-87.577
-4.411
82.664
-86.741
-4.077
2.382
0
2.382
922
0
922
97
0
97
0
0
0
88.353
-88.320
32
88.144
-87.776
368
83.263
-87.577
-4.314
82.664
-86.741
-4.077
* De Algemene dekkingsmiddelen (taakveld 0.61, 0.62, 0.64, 0.7 en taakveld 0.8 exclusief het bedrag voor onvoorzien), de overhead (taakveld 0.4), de heffing vennootschapsbelasting (taakveld 0.9) en het bedrag voor onvoorzien (taakveld 0.8 alleen bedrag onvoorzien) zijn in deze tabel apart zichtbaar gemaakt en met regels onder het totaal van programma's opgenomen. De bedragen van deze taakvelden horen bij programma 0 en zijn in deze tabel anders dan in de overige tabellen in deze begroting in mindering gebracht op de bedragen in te tabelregel van programma 0.
66
Paragraaf Lokale heffingen 1.1 Inleiding In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de door de gemeente Wassenaar geheven belastingen, bestemmingsheffingen en rechten. Onder de belastingen vallen o.a. de onroerendezaakbelastingen, de toeristenbelasting en de hondenbelasting. Onder de bestemmingsheffingen vallen o.a. de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De rechten omvatten een grote groep belastbare feiten. De belangrijkste hiervan zijn de marktgelden, de begrafenisrechten en de leges inzake omgevingsvergunningen, reisdocumenten en burgerlijke stand. Voor zowel de bestemmingsheffingen als de rechten geldt dat de tarieven maximaal kostendekkend mogen zijn en dat de opbrengst gebruikt wordt ter dekking van de gemaakte kosten. 1.2 Beleid lokale heffingen Onder het motto “de gebruiker betaalt” is het uitgangspunt dat heffingen zoveel mogelijk kostendekkend zijn. Voor afval was in 2023 de kostendekkendheid 95,6% en is het tarief voor het eerst gedifferentieerd naar laagbouw en gelaagde bouw. In 2024 wordt deze differentiatie gehandhaafd en blijft de verwachte kostendekkendheid gehandhaafd op 95,6%. De baten van belastingen en rechten zijn voor 2024 aangepast met het door het CPB geraamde inflatiepercentage van 3,2% (consumentenprijsindex). Met deze verhoging wordt de algemene prijsontwikkeling gevolgd.
Dit is noodzakelijk om de inkomsten van de gemeente op dit onderdeel op peil te houden en structurele onevenwichtigheid te voorkomen. 1.3 Overzicht geraamde baten belastingen en rechten Onderstaand overzicht vermeldt de geraamde opbrengsten voor 2023 en 2024 voor wat betreft de diverse belastingen en rechten.
67
Tabel 7.1 - Opbrengst uit belastingen Opbrengst belastingen
bedragen x € 1.000 raming
raming
mutatie t.o.v.
2023
2024
2023
OZB woningen
8.493
8.764
271
OZB niet woningen (E+G)
3.155
3.256
101
Hondenbelasting
194
200
6
Toeristenbelasting
2.430
2.508
78
Baatbelasting
11
11
0
Precario op met name uitstallingen
129
133
4
Ondernemersheffing
91
91
0
BIZ-bijdrage Maaldrift
25
26
1
BIZ-bijdrage pandeigenaren centrum
46
46
0 0
Afvalstoffenheffing
5.380
5.716
336
Riool- en waterzorgheffing
2.759
2.847
0
Marktrechten
32
34
2
Begrafenisrechten
52
54
2
Leges Wabo-vergunningen
1.402
1.790
388
Overige leges en rechten
425
425
0
sub totaal opbrengst
24.624
25.863
1.239
af: kwijtscheldingen
-295
-370
-75
24.329
25.493
1.164
netto opbrengst
1.4 Belastingen Onroerendezaakbelastingen (OZB) De aanslag OZB wordt voor het belastingjaar 2024 gebaseerd op OZB-tarieven voor 2024 en de WOZ-waarde naar waardepeildatum per 1 januari 2023. De uitgangspunten voor de geraamde netto OZB-opbrengst 2024 zijn: •
Indexering geraamde OZB-opbrengst met 3,2%
Bij de berekening van de OZB-tarieven voor 2024 wordt rekening gehouden met de meest recente gegevens omtrent de verwachte waardeontwikkeling. De voorlopige waardeontwikkeling gaat uit van een waardedaling van 4,2% voor woningen en een waardestijging van1,4% voor niet-woningen. Hondenbelasting, toeristenbelasting en precariobelasting De opbrengsten voor toeristenbelasting, hondenbelasting en precariobelasting zijn met het inflatiepercentage van 3,2% verhoogd.
68
Tabel 7.2 - Tarieven hondenbelasting en toeristenbelasting 2021
2022
2023
2024
eerste hond
88,08
89,28
92,04
95,04
tweede hond
132,36
134,16
138,36
142,80
elke volgende hond
174,60
177,00
182,52
188,40
per overnachting (camping)
1,33
1,35
1,65
1.70
per overnachting (hotel/pension)
3,34
3,39
4,15
4,28
Hondenbelasting
Toeristenbelasting
1.5 Heffingen en rechten In de paragraaf lokale heffingen is het verplicht om een overzicht van baten en lasten op te nemen voor de heffingen waarbij sprake is van het verhalen van kosten. In dit hoofdstuk worden de diverse heffingen kort behandeld en wordt per heffing via een vast format inzicht gegeven in de kosten die aan de heffing worden toegerekend. De gehanteerde tariefstelling, geraamde baten en eventuele achterliggende beleidskeuzes worden ook per heffing aangeven. De overhead die aan een heffing wordt toegerekend wordt via onderstaande formule berekend: Opslag taakveld = overhead x ((aantal aan heffing toegerekende uren)/(totaal aantal verdeelde uren exclusief uren taakveld overhead)) 1.5.1
Riool- en waterzorgheffing
Wateroverlast en verdroging vragen steeds meer maatregelen in de publieke ruimte. Om meer recht te doen aan de bredere invulling van de gemeentelijke watertaken heeft de VNG de naam rioolheffing gewijzigd in rioolen waterzorgheffing. Van de maatregelen in de publieke ruimte heeft iedereen profijt. De gemeente is wettelijk verplicht om haar zorgplichten voor afval-, hemel- en grondwater na te komen. Hoe gemeenten op korte en lange termijn invulling geven aan de gemeentelijke zorgplichten is vastgelegd in het verbreed gemeentelijk rioleringsplan (vGRP). Dit is een verplicht plan op grond van de Wet milieubeheer. In 2017 is dit plan vastgesteld door de raad. Het uitgangspunt is dat de kosten voortkomend uit de zorgplicht voor 100% worden gedekt uit de rioolheffing. De verwachting is dat eind 2023 het nieuwe Integraal Waterketenplan (IWKp) wordt vastgesteld.
69
Tabel 7.3 - Berekening kostendekkingspercentage riool- en waterzorgheffing Berekening kostendekkendheid rioolheffing Kosten taakveld(en) incl. omslagrente
2.354.000
Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen
-21.000
Netto kosten taakveld(en)
2.333.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
368.000
BTW
175.000
Totaal toerekenbare kosten
543.000
Totale kosten
2.876.000
Totale opbrengsten
2.847.000
Kostendekkendheid
99,0%
Tarieven riool- en waterzorgheffing en beleidskeuzes De riool- en waterzorgheffing wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Als heffingsmaatstaf geldt het waterverbruik waarmee wordt beoogd zoveel mogelijk recht te doen aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. De gegevens omtrent het waterverbruik worden geleverd door Dunea. De kostendekkendheid komt uit op 99,0 %. Op basis van het werkelijke waterverbruik over de afgelopen jaren worden de tarieven voor 2024 met 3,2% verhoogd. Tabel 7.4 - Tarieven riool- en waterzorgheffing tarief 2023
tarief 2024
vastrecht t/m 80 m3
131,02
135,24
per m3 boven 80 m3
1,64
1,69
vastrecht t/m 120 m3
196,47
202.80
per m3 boven 120 m3
1,64
1,69
per m3 boven 1.000 m3
0,72
0,74
Huishouden
Bedrijf
70
1.5.2. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven om de kosten van het ophalen en verwerken van huishoudelijke afvalstoffen te verhalen. Tabel 7.5 - Berekening kostendekkingspercentage afvalstoffenheffing Berekening kostendekkendheid afvalstoffenheffing Kosten taakveld(en) incl. omslagrente
4.536.000
Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen Netto kosten taakveld(en)
4.877.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
200.000
BTW
901.000
Totaal toerekenbare kosten
1.101.000
Totale kosten
5.978.000
Totale opbrengsten
5.761.000
Kostendekkendheid
95,6%
Tarieven en beleidskeuzes De afvalstoffenheffing is gedifferentieerd naar de grootte van een huishouden in de vorm van een eenpersoonshuishouden en een meerpersoonshuishouden. Daarnaast is per 2023 een extra differentiatie toegevoegd, te weten laagbouw en gelaagde bouw. Voor een extra groene of grijze container geldt een aanvullend tarief. Voor de tariefberekening worden de totale verhaalbare kosten verdeeld over het aantal containers (gewogen eenheden). Dit leidt er onder andere toe dat het tarief voor een extra grijze container gelijk is aan het tarief voor een meerpersoonshuishouden. Om afvalscheiding te bevorderen en het gebruik van een GFT-container niet te ontmoedigen geldt een verlaagd tarief van € 50,- voor een extra groene container. Met deze wijze van tariefstelling wordt beoogd zoveel mogelijk recht te doen aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. De kostendekkendheid komt uit op 95,6 %, waarbij de tarieven met het gehanteerde inflatiepercentage van 3,2% zijn gestegen. Tabel 7.6 - Tarieven afvalstoffenheffing tarief 2023
tarief 2024
Eenpersoonshuishouden (gelaagde bouw)
341,28
352,20
Meerpersoonshuishouden (gelaagde bouw)
491,40
507,12
Eenpersoonshuishouden (laagbouw)
348,11
359,28
Meerpersoonshuishouden (laagbouw)
501,23
517,32
Huishouden
71
1.5.3
Begraafplaatsrechten
Begraafplaatsrechten worden geheven voor het gebruik van de begraafplaats en het gebruik van de diensten die daarbij worden verleend. De gerealiseerde opbrengst is al een aantal jaar relatief stabiel en is hoofdzakelijk afhankelijk van het aantal begrafenissen.
Tabel 7.7 - Berekening kostendekkingspercentage begraafplaatsrechten Berekening kostendekkendheid begraafplaatsrechten Kosten taakveld(en) incl. omslagrente Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen
122.000 0
Netto kosten taakveld(en)
122.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
59.000
BTW
5.000
Totaal toerekenbare kosten Totale kosten Totale opbrengsten
64.000 186.000 54.000
Kostendekkendheid
29,0%
Tarieven begraafplaatsrecht Uitgangspunt voor de tarieven is in het algemeen 100% kostendekkendheid. Gelet op het relatief geringe aantal begrafenissen en de structurele onderhoudslasten is dit voor deze taak niet te realiseren zonder (grote) tariefsverhogingen en/of teruggang in het onderhoud. De tarieven voor 2024 zijn met het inflatiepercentage (3,2%) verhoogd. 1.5.4
Marktgelden
Marktgelden worden geheven voor het gebruiken van openbare grond c.q. het innemen van een standplaats op het marktterrein, gedurende de tijd dat het markt is. De opbrengst is afhankelijk van de daadwerkelijke bezetting van de weekmarkt.
72
Tabel 7.8 - Berekening kostendekkingspercentage marktgelden Berekening kostendekkendheid marktgelden Kosten taakveld(en) incl. omslagrente Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen
31.000 0
Netto kosten taakveld(en)
31.000
Toe te rekenen kosten: Overhead
23.000
BTW
1.000
Totaal toerekenbare kosten
24.000
Totale kosten
55.000
Totale opbrengsten
34.000
Kostendekkendheid
61,8%
Tarieven marktgelden Het marktgeld bedraagt een tarief voor iedere strekkende meter grond, waarvoor een standplaats wordt ingenomen, gemeten in de lengterichting. Voor iedere strekkende meter grond waarvoor achterruimte wordt ingenomen geldt een apart tarief. Voor 2024 zijn de tarieven met het inflatiepercentage (3,2%) verhoogd. Tabel 7.9 - Tarieven marktgelden tarief 2023
tarief 2024
per strekkende meter, per dag
4,15
4,28
per strekkende meter, per kwartaal
41,40
42,72
per strekkende meter, per dag
1,66
1,71
per strekkende meter, per kwartaal
16,56
17,09
Standplaats
Achterruimte
1.5.5
Leges
Leges worden geheven voor het door de gemeente verlenen van diensten zoals opgenomen in de tarieventabel behorende bij de Legesverordening. Deze tarieventabel bestaat uit drie titels: Algemene dienstverlening, dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet en dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn (specifiek voor ondernemers). Binnen de drie titels zijn de leges onderverdeeld in hoofdstukken waarbinnen de samenhangende tarieven zijn geclusterd. De opbrengsten zijn in de begroting niet op hoofdstukniveau opgenomen, maar zijn op taakveld gegroepeerd. Van een aantal diensten wordt namelijk dusdanig weinig gebruik gemaakt dat het apart opnemen van een raming geen meerwaarde heeft.
73
Tabel 7.10 - Berekening kostendekkingspercentage leges naar titel Berekening kostendekkendheid Leges Algemene dienstverlening Kosten
baten
kostendek.
Burgerlijke stand
129.000
109.000
84%
Reisdocumenten
344.000
284.000
83%
Rijbewijzen
63.000
58.000
92%
109.000
78.000
72%
64.000
64.000
100%
712.000
593.000
83%
Secretarieleges Verstrekkingen uit basisregistratie personen Bestuursstukken Vastgoedinformatie Overige publiekszaken Gemeentearchief Totaal secretarieleges Bijzondere wetten -
Huisvestingswet Leegstandswet Gemeentegarantie Kansspelen Kabels en leidingen Verkeer en vervoer (ontheffing APV) Diversen
Totaal Bijzondere wetten
Totaal leges Algemene dienstverlening
Berekening kostendekkendheid Leges vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning Omgevingsvergunning (als gevolg van de
kosten
baten
kostendek.
nnb
nnb
< 100%
invoeringswet, nu nog niet bekend)
Berekening kostendekkendheid Leges vallend onder Europese dienstenrichtlijn kosten
baten
kostendek.
Horeca Organiseren van evenementen of markten Prostitutiebedrijven Kamperen Marktstandplaatsen Winkeltijdenwet Ventvergunning, standplaatsvergunning Totaal APV-vergunningen
10.000
6.000
60%
Totaal leges vallend onder Europese dienstenrichtlijn
10.000
6.000
60%
APV-vergunningen
74
Tarieven, kostendekkendheid en kruissubsidiëring leges De tarieven voor de diverse leges worden jaarlijks in principe met het inflatiepercentage verhoogd, waarbij wordt uitgegaan van de reeds bestaande verdeling in de tarieven. Voor tarieven waarvoor een maximumbedrag geldt wordt uitgegaan van het maximaal toegestane bedrag. Om de digitale dienstverlening te stimuleren wordt voor het verstrekken van gegevens uit de basisregistratie personen (titel 1) een lager tarief gerekend als de aanvraag volledig digitaal plaatsvindt. Op basis van de berekening van de kostendekkendheid is alleen binnen titel 1 (Algemene dienstverlening) sprake van kruissubsidiëring. De leges voor huwelijken zijn op begrotingsbasis meer dan kostendekkend. Dit is toegestaan zolang de kostendekkendheid van het totaal van de binnen deze titel geheven leges niet meer dan 100% kostendekkend is. Afhankelijk van het soort en aantal aanvragen omgevingsvergunning kunnen de legesopbrengsten fluctueren. Eventuele meer- of minderopbrengsten worden glad getrokken via de bestemmingsreserve egalisatie omgevingsvergunningen. 1.6 Vergelijking gemeentelijke woonlasten met andere gemeenten Onder de gemeentelijke woonlasten verstaan we het gemiddelde bedrag dat een huishouden in een bepaalde gemeente betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing.
Om een beeld te krijgen van de gemeentelijke woonlasten van de burgers van de gemeente Wassenaar is een vergelijking gemaakt met die van regionale gemeenten aangevuld met die van de gemeente Bloemendaal. De vergelijking is gebaseerd op het jaar 2023. De bron van onderstaande gegevens betreft de COELO Atlas van de lokale lasten 2023. In tabel 7.11 zijn de lasten 2023 voor eigenaren van woningen van de omliggende gemeenten weergegeven. In de woonlasten zijn de afvalstoffenheffing, riool- en waterzorgheffing en de OZB meegenomen. Bij de OZB is door COELO uitgegaan van een gemiddelde landelijke WOZ-waarde. De woonlasten in tabel 7.11 wijken daarom iets af van die in tabel 7.12.
Tabel 7.11 Lasten voor eigenaren van woningen in 2023 (afvalstoffenheffing, riool- en waterzorgheffing & OZB) Gemeentelijke woonlasten 2023
Eenpersoonshuishouden
Meerpersoonshuishouden
Ranglijst COELO 2023
€ 860,00
€ 927,00
162
Oegstgeest
€ 1.234,00
€ 1.410,00
347
Voorschoten
€ 1.340,00
€ 1.430,00
348
Wassenaar
€ 1.352,00
€ 1.573,00
350
Bloemendaal
€ 1.734,00
€ 1.874,00
352
Leidschendam-Voorburg
75
In onderstaande staatjes wordt het OZB-tarief per gemeente gehanteerd. Hierbij wordt uitgegaan van een fictieve WOZ-waarde van € 350.000. Dit leidt er toe dat gemeenten met een hoge gemiddelde WOZ-waarde, zoals Wassenaar, per definitie hoge gemeentelijke woonlasten hebben. In de staatjes hierna daarom iets meer specificering op het gebied van riool- en waterzorgheffing, afvalstoffenheffing en gemeentelijke woonlasten bij een woning met een WOZ-waarde van € 350.000. NB: het betreft een vergelijking van cijfers over 2023, aangezien gegevens over het jaar 2024 nog niet beschikbaar zijn.
Tabel 7.12 - OZB tarieven en gemeentelijke woonlasten per gemeente OZB 2023 WOZ -
Wassenaar
Bloemendaal
Leidschendam
waarde € 350.000
Voorschoten
Voorburg
OZB woning Gemeentelijke
Oegstgeest
€ 334
€ 361
€ 250
€ 378
€ 429
Wassenaar
Bloemendaal
Leidschendam
Oegstgeest
Voorschoten
woonlasten 2023
Voorburg
woning met WOZ waarde € 350.000 Eenpersoonshuishouden
€ 806
€ 851
€ 784
€ 842
€ 1.053
Meerpersoonshuishouden
€ 1.092
€ 991
€ 851
€ 1.018
€ 944
Ontwikkeling woonlasten Door de totale woonlasten voor meerpersoonshuishoudens in jaar t te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1 (zoals gepubliceerd door het Coelo) en dit uit te drukken in een percentage kan de ontwikkeling van de woonlasten ten opzichte van het landelijk gemiddelde worden geschetst. Tabel 7.13 - Woonlasten Wassenaar t.o.v. landelijk gemiddelde Woonlasten gemeente Wassenaar Totale woonlasten gezin Wassenaar in jaar t Woonlasten gemiddeld gezin in t-1 (cijfers Coelo) Woonlasten jaar t t.o.v. landelijk gemiddelde jaar t-1
2022
2023
2024
€ 1.393
€ 1.561
€ 1.623
€ 813
€ 904
€ 944
171,3%
172,6%
171,9%
Bron: COELO – Atlas van de lokale lasten
Bovenstaande vergelijking laat zien dat de woonlasten in Wassenaar hoger liggen dan het landelijk gemiddelde. De voornaamste oorzaak hiervan is de hoge gemiddelde WOZ-waarde van de Wassenaarse woningen.
76
In de tabel hieronder de ontwikkeling van de woonlasten in Wassenaar bij een WOZ-waarde van € 350.000 Tabel 7.14 Woonlastenoverzicht Wassenaar 2023 en 2024 Woonlasten
Eenpersoonshuishouden
Meerpersoonshuishouden
Stijgings-
Stijgings-
2023
2024 percentage
2023
2024
percentage
1. OZB woningen *
€ 333,55
€ 344,22
3,2%
€ 333,55
€ 344,22
3,2%
2. Afvalstoffenheffing
€ 341,28
€ 352,20
3,2%
€ 491,40
€ 507,12
3,2%
3. Rioolheffing:
€ 131,02
€ 135.24
3,2%
€ 267,00
€ 275,52
3,2%
Totaal
€ 805,85
€ 831,66
3,2% € 1.091,95 € 1.126,86
3,2%
*Op basis van een fictieve WOZ-waarde van € 350.000 1.7 Kwijtscheldingsbeleid In de raadsvergadering van 7 april 2015 is de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Wassenaar 2015 vastgesteld. Kwijtschelding is in Wassenaar mogelijk voor de onroerende-zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de hondenbelasting (alleen eerste hond). Voor de overige heffingen is geen kwijtschelding mogelijk. De kwijtscheldingsnorm in Wassenaar is bepaald op de maximaal door het Rijk toegestane 100% van de bijstandsnorm. Dat wil zeggen dat iemand met een inkomen op bijstandsniveau bijna altijd in aanmerking komt voor kwijtschelding, tenzij er sprake is van vermogen (spaargeld of eigen woning). Ook voor ZZP’ers is het mogelijk om onder dezelfde voorwaarden als privépersonen voor kwijtschelding in aanmerking te komen. De kwijtschelding wordt uitgevoerd door de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR). De bedragen aan kwijtschelding voor afvalstoffenheffing en rioolheffing worden als kosten meegenomen bij het bepalen van de tarieven. Over het jaar 2024 worden naar verwachting de volgende bedragen aan kwijtschelding verleend: OZB
€ 4.000
Afvalstoffenheffing
€ 272.000
Rioolheffing
€ 100.000
Hondenbelasting
€ 6.000
1.8 Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland De volledige heffing en invordering, inclusief de waardering in het kader van de Wet WOZ, is overgedragen aan Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR). Voor de gemeente Wassenaar geldt dit voor de onroerendezaakbelastingen, baatbelasting, riool- en waterzorgheffing, afvalstoffenheffing, hondenbelasting, toeristenbelasting, precariobelasting, ondernemersheffing en de BIZ (Bedrijven investeringszone)-bijdragen.
77
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt inzicht gegeven in de omvang, de dekking en de beheersing van de risico’s waarmee de gemeente kan worden geconfronteerd. Wat is het weerstandsvermogen? Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit (de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten die zich onverwachts kunnen voordoen en die van substantiële aard zijn, te dekken) en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio weerstandsvermogen en afgezet tegen de algemeen geldende weerstandsnorm. Beleid Risicomanagement en Weerstandsvermogen In 2023 is de nota “Risicomanagement en Weerstandsvermogen” geactualiseerd en aan de raad van Wassenaar voorgelegd. Deze nota formuleert de kaders voor risicomanagement. Centraal in deze nota staat dat van een gemeente verwacht wordt dat zij voorbereid en weerbaar is op eventuele risico's. Mocht een risico zich, ondanks de genomen maatregelen toch voordoen, dat moet de gemeente in staat zijn om de financiële gevolgen op te vangen. Risico’s Risico’s zijn mogelijke gebeurtenissen die een nadelige invloed hebben op het bereiken van de beleidsdoelstellingen.
Belangrijk is om mogelijke gebeurtenissen met een negatief gevolg voor de organisatie te onderkennen en er passende beheersmaatregelen op te nemen. Op basis van een inventarisatie is het huidige risicoprofiel geactualiseerd. In onderstaande tabel worden de risico's en de kans op voordoen weergegeven. Tabel 8.1 De belangrijkste risico’s (x € 1.000) Risico
Beschrijving risico en gevolgen
Maatregel
Jeugdzorg Open einde regeling
De jeugdzorg is een open einde regeling, waardoor overschrijding van de budgetten door groei van de doelgroep, stijging van de zorgkosten en de toenemende vraag naar complexe zorg dreigt. Daarnaast zijn de effecten van Corona op de ontwikkeling en welzijn van jeugdigen nog niet volledig in beeld.
Continuïteit Jeugdzorg plus Open einde regeling
Landelijk is ingezet om de jeugdzorgplus voorzieningen af te bouwen. Hierdoor kunnen
In 2021 is door de raad voor jeugdzorg besloten tot het verlengen en uitbreiden van het bestaande actieplan jeugd. In 2022 zijn de budgetten structureel met €1,9 miljoen opgehoogd om de deze meer toekomstbesteding te maken. Door te investeren in innovatie, preventie en het versterken van de toegang beoogt de gemeente om de kosten voor jeugdzorg verder te beheersen. Regionaal wordt in Haaglanden in samenwerking met de jeugdzorgplus-instellingen
Bedrag impact
Bedrag x kans
1.000
Kans op voordoen 70%
334,5
35%
117
78
700
Wmo Open einde regeling
Beroep op uitkeringen inkomensvoorzieningen gemeenten (BUIG) Open einde regeling
Invoering Omgevingswet
jeugdzorgplusinstellingen in financiële problemen komen, waardoor de continuïteit van zorg in het geding komt. In Regio Haaglanden is sprake van twee jeugdzorgplusinstellingen die in de problemen zijn en waaraan de gemeente Wassenaar financiële steun verleend. Er zijn nog geen concrete afspraken gemaakt over hoogte en duur van de financiële steun en onduidelijk is of er nog Rijksmiddelen kunnen worden verwacht. De Wmo is een open einde regeling waarbij het aantal cliënten als gevolg van het invoeren van het abonnementstarief vanaf 2019 en door vergrijzing stijgt. Het gaat dan met name om cliënten die gebruik maken van huishoudelijke ondersteuning.
De economische ontwikkelingen zijn doorlopend in beweging en daardoor kan het beroep op de uitkeringsregelingen snel toe-nemen. Ook bestaat het risico dat de gemeente niet in aanmerking komt voor de Vangnetregeling omdat niet aan alle voorwaarden wordt voldaan. Het maximale risico is voor 2024 gemaximeerd op 10% budgetoverschrijding. Niet iedereen kan voldoende ondersteund worden en participeren in de samenleving. De invoering van de Omgevingswet brengt niet alleen extra kosten met zich mee, maar naar verwachting ook minder legesinkomsten. Daarnaast zorgt het voor organisatorische veranderingen. De invoering raakt vele gemeentelijk onderdelen, zoals ICT (technologie), gemeentelijke processen (kwaliteit), inkomsten (leges en heffingen), milieuregelgeving en (burger)participatie. Het
gewerkt aan een continuïteitsplan. Dit plan moet uitsluitsel geven aan wat ervoor nodig is de jeugdzorgplusinstellingen af te bouwen onder de voorwaarde van continuïteit van zorg. Welke financiële steun dit zal vragen van de gemeenten is mede afhankelijk van financiële steun vanuit het Rijk. Jeugdzorgregio Haaglanden is hierover in gesprek met de VNG en het ministerie.
In 2021 heeft de raad besloten tot het doorvoeren van kostenbesparende maatregelen om daarmee de groei van kosten voor de Wmo te stoppen. Er wordt geïnvesteerd in preventieve maatregelen. Echter, het risico op hogere lasten blijft bestaan, mede als gevolg van de vergrijzing en de toenemende vraag naar zorg. Met ingang van 2017 wordt het maximale eigen risico niet meer geheel geraamd in de begroting, maar deze wordt reëel geraamd. Er wordt extra ingezet op uitstroombeleid met een arbeidsmarkt-offensief, jeugdwerkgelegenheidsplan en reguliere participatiemiddelen, waardoor aan de voorwaarde van de vangnetuitkering wordt voldaan. Verder zijn er werkprocessen geïmplementeerd.
750
70%
525
250
70%
175
De invoering van de Omgevingswet per 1 januari aanstaande wordt/ is goed voorbereid om te zorgen dat de gemeentelijke organisatie gaat werken conform de nieuwe Omgevingswet. Desondanks is de verwachting dat er onderwerpen zijn die in de praktijk anders gaan lopen dan vooraf voorzien. Op dit moment is geen aanleiding om voorstellen aan de gemeenteraad voor te
500
50%
250
79
Gemeentefonds
Gemeenschappelijke regelingen
risico bestaat dat processen na invoering in eerste instantie minder soepel verlopen.
leggen om bij te sturen op het invoeringstraject.
In de startnota van het coalitieakkoord van het kabinet Rutte IV is besloten tot twee belangrijke wijzigingen op het Gemeentefonds. Ten eerste is besloten dat de fondsen vanaf 2026 niet langer automatisch via de normeringssystematiek worden geïndexeerd. Daarmee vervalt de koppeling met de rijksuitgaven. Ten tweede is er besloten dat tot 2025 het accres op basis van de bestaande normeringssystematiek berekend wordt. Daarnaast is de opschorting van de omstreden opschalings-korting van tafel. Deze maatregelen leiden ertoe dat er voor 2026 een (aanmerkelijk) neerwaartse bijstelling van de algemene uitkering uit het gemeentefonds heeft plaatsgevonden. Inmiddels is het kabinet Rutte IV demissionair en is onduidelijk of een nieuw kabinet de plannen onverminderd voortzet of dat er mogelijk reparaties gaan plaatsvinden. Elke deelnemer aan een Gemeenschappelijke Regeling is in principe voor zijn aandeel verantwoordelijk voor mogelijke tekorten binnen de betreffende GR. Doordat elke deelnemer voor zijn aandeel verantwoordelijk is voor de mogelijke tekorten binnen de betreffende gemeenschappelijke regeling loopt de gemeente risico tot het bedrag van zijn aandeel.
De gemeente Wassenaar volgt de ontwikkelingen op het gebied van het gemeentefonds op de voet en ondersteunt de VNG resolutie ‘Naar een rechtvaardig, duurzaam en solide meerjarig financieel perspectief’, die op de vorige ledenvergadering is aangenomen. Ook volgt de gemeente het advies van de VNG voor het opstellen van de gemeentelijke programmabegrotingen 2024-2027.
450
90%
405
Op grond van de Wet Gemeenschappelijke regelingen dienen de begroting, het jaarverslag en de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling te voldoen aan krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels. Via het bestuur van de gemeenschappelijke regeling kan de gemeente aandacht vragen voor financiële tekorten en hierop sturen. De raad wordt jaarlijks in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen over de ontwerpbegrotingen van de gemeenschappelijke
3.284
10%
328,4
80
regelingen. Garantstellingen
De gemeente loopt als een garantieverstrekker een risico als een garantienemer niet aan zijn of haar betalingsverplichtin-gen kan voldoen en de geldverstrekker een beroep doet op de door de gemeente afgegeven garantie. De gemeente heeft een garantie afgegeven aan Avalex, zodat zij zich konden inkopen als aandeelhouder in HVC.
Bij de afgifte van garanties door de gemeente wordt er gekeken naar de kredietwaardigheid van de partijen. Daarnaast wordt jaarlijks bijgehouden of de garantienemer zijn leningen aflost en welk deel van de garantie daarna nog open staat.
858
10%
85,8
Overige risico's
287,4
Totaal
2.873,6
Ratio Weerstandsvermogen Die ratio geeft de verhouding weer tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten is in onderstaand figuur weergegeven.
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
=
€
50.060.000
€
2.873.600
= 17,4
De berekende ratio van 17,4 valt in categorie A en staat voor een uitstekend weerstandsvermogen. Hierbij wordt de normeringssystematiek voor weerstandsvermogen gehanteerd, die ontwikkeld is door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de universiteit Twente. Hieruit is de volgende waarderingstabel ratio weerstandsvermogen opgesteld. Tabel 8.2 Kwalificatie ratio weerstandsvermogen Waarderingscijfer
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A
2,0 < x
Uitstekend
B
1,4 < x < 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 < x< 1,4
Voldoende
D
0,8 < x < 1,0
Matig
E
0,6 < x < 0,8
Onvoldoende
F
x < 0,6
Ruim onvoldoende
De raad heeft besloten om minimaal een ratio van 2,0 te hanteren. De in deze begroting gepresenteerde ratio valt hier ruim boven.
81
Kengetallen Per 2015 is het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) gewijzigd. In de begroting en jaarrekening dient een zestal kengetallen opgenomen te worden. De kengetallen maken het de leden van provinciale staten en de gemeenteraad gemakkelijker om inzicht te krijgen in de financiële positie van hun provincie of gemeente. Eerst wordt de samenvatting van de kengetallen weergegeven gevolgd door een toelichting. Tabel 8.3 Overzicht kengetallen gemeente Wassenaar Begroting 2024
Kengetallen: 1a. Netto schuldquote
Indicatoren Wassenaar (%)
Normen VNG (%)
2022
2023
2024
Vol-
Verslag
Begr.
Begr.
doende
23
25
18
1b. Netto schuldquote
<100
26
31
23
66
66
65
>50
-0,85
2,63
0,04
>0,6
4. Grondexploitatie
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
5. Belastingcapaciteit
172
173
172
gecorrigeerd voor
Matig
Onvoldoende
>100 / <130
<130
verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatie ruimte
<50 / >30 <0,6 / >0
<30 0
Geen norm <100
>100 / <120
>120
1. Netto schuldquote De netto-schuldquote vergelijkt de leningen van de gemeente (met aftrek van de geldelijke bezittingen) met de totale baten van begroting en jaarverslag. Hiermee geeft deze indicator inzicht in de mate waarin de begroting 'vastligt' voor rente en aflossing. De bovenstaande tabel presenteert hiernaast ook de schuldquote gecorrigeerd voor de leningen die de gemeente heeft uitstaan (deze middelen vloeien immers op termijn terug, bijv. SVNstartersleningen en ambtenarenhypotheken). Op beide indicatoren scoort de gemeente Wassenaar met een waarde onder nul, dat betekent dar er per saldo geen sprake van een schuld is maar van bezit, hetgeen uiteraard meer dan 'voldoende' scoort en als zeer positief wordt beoordeeld. 2. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de gemeentelijke bezittingen (balanstotaal) is gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). Wassenaar scoort met 65% volgens de VNG-normen meer dan 'voldoende'. 3. Structurele exploitatieruimte De indicator 'structurele exploitatieruimte' geeft aan hoe de structurele vrije ruimte (structurele baten minus structurele lasten) zich verhoudt tot de totale begrotingsbaten. Dit laat zien in hoeverre de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. De Wassenaarse begrotingsruimte schommelt rondom 0.
82
4. Grondexploitatie Het financiële kengetal 'grondexploitatie' geeft aan hoe groot de investeringen in grondposities (boekwaarde) zijn ten opzichte van de jaarlijkse baten. Omdat Wassenaar geen grondexploitaties kent is deze indicator niet relevant. 5. Belastingcapaciteit De indicator 'belastingcapaciteit' drukt uit hoe de woonlasten (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing) zich verhouden tot het gewogen landelijk gemiddelde. Hoge woonlasten ten opzichte van het landelijk gemiddelde drukken uit in hoeverre de gemeente al de eigen inkomsten aanspreekt en dus ook beperkt is in het verkrijgen van extra inkomsten. Woonlasten onder het landelijk gemiddelde waardeert VNG als 'voldoende', woonlasten tussen het landelijk gemiddelde en 120% hiervan als 'matig' en woonlasten hoger dan 120% als 'onvoldoende'. De woonlasten in Wassenaar liggen hoger dan het landelijk gemiddelde. De reden hiervoor ligt in de hoge gemiddelde WOZ-waarde van de Wassenaarse woningen. Conclusie voor de financiële positie De ontwikkeling van de kengetallen geeft aan dat Wassenaar een uitstekende vermogenspositie heeft, en geen risico loopt op (niet ingenomen) grondposities. Daar tegenover wordt geconcludeerd dat de lastendruk landelijk vergeleken hoog is en de structurele exploitatieruimte rondom 0 schommelt.
83
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen In de openbare ruimte van onze gemeente vinden allerlei activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Onze kapitaalgoederen faciliteren deze activiteiten. Te denken valt aan wegen, bruggen, lantarenpalen, bomen, speelplaatsen, watergangen, sportvelden, het rioolstelsel en gemeentelijke gebouwen. De gemeente heeft de taak deze kapitaalgoederen te onderhouden. De kwaliteit en het onderhoud van deze kapitaalgoederen is bepalend voor de (jaarlijkse) lasten. Beleidskader Bij het in stand houden van de kapitaalgoederen maken we een onderscheid tussen jaarlijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. De budgetten voor jaarlijks onderhoud zijn per jaar op een gelijkblijvend niveau opgenomen binnen de exploitatiebegroting van het programma. Deze paragraaf richt zich op het groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. Groot onderhoud vindt plaats om de levensduur van een kapitaalgoed te verlengen. Om het groot onderhoud zonder fluctuaties te bekostigen treffen we voorzieningen. Jaarlijks wordt een evenredig bedrag gestort in de voorzieningen vanuit de exploitatie. De uitgaven voor groot onderhoud in een bepaald jaar onttrekken we uit de voorzieningen. Als kapitaalgoederen aan het eind van de levensduur zijn, vindt een vervangingsinvestering plaats.
De kosten van de vervangingsinvesteringen worden geactiveerd en afgeschreven met ingang van het jaar na realisatie op basis van de levensduur van het nieuwe kapitaalgoed. De afschrijvingstermijnen voor de diverse soorten kapitaalgoederen zijn vastgesteld op basis van de 3e wijziging van de Financiële verordening Wassenaar 2018. De openbare ruimte van Wassenaar ontwikkelt zich de komende jaren verder naar een steeds groenere, duurzame, inclusieve en klimaatbestendige leefomgeving. Deze ontwikkeling wordt vormgeven terwijl er ook gebouwd en onderhouden moet worden. Het huidige beleidskader voor beheer is vastgelegd in de structuurvisie uit 2017. Er waren daarnaast diverse beheerplannen die aan vernieuwing toe zijn. In deze plannen is nog weinig aandacht voor actuele beleidsdoelstellingen op het gebied van klimaat, duurzaamheid, gezondheid, leefbaarheid en inclusie. Er was daarom behoefte aan een visie, die voor de komende jaren het kader vormt voor het beheer van openbare ruimte. Om deze reden is voor de komende jaren de Beheervisie Openbare Ruimte 2024-2028 opgesteld. De Beheervisie Openbare Ruimte 2024-2028 vormt het uitgangspunt bij de totstandkoming van nieuwe beleidsen beheerplannen, waaronder de uitwerking van een integraal beheerplan voor de openbare ruimte.
In het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2024-2028 (IBOR-plan) zullen de ambities uit deze beheervisie worden vertaald naar een plan voor de verschillende soorten beheerobjecten om de ambities te realiseren. Dit zal dan vervolgens verder vertaald worden in diverse uitvoeringsplannen voor beheer en onderhoud. Het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2024-2028 (IBOR-plan) legt de verbinding tussen de beleidskeuzes voor de openbare ruimte en de uitvoeringsplannen voor beheer- en onderhoud. Het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2024-2028 (IBOR-plan) en de op basis daarvan opgestelde uitvoeringsplannen zullen naar verwachting in het eerste kwartaal 2024 worden opgeleverd en komen dan in de plaats van de bestaande beheerplannen 2021-2023.
84
Voor riolering zal nog dit jaar het nieuwe Integraal Waterketenplan (IWKP) 2024-2028 ter vaststelling aan de Raad worden aangeboden. Voor vastgoed is het Beheerplan Vastgoed 2021-2024 nog van toepassing.
Overzicht beheerareaal Hieronder volgt een overzicht van het totale areaal aan kapitaalgoederen openbare ruimte en de van toepassing zijnde beheerplannen: Tabel 9.1 - Overzicht beheerareaal Beheerplan
Areaal-gegevens
Kwaliteits-
Toelichting
niveau Wegen
Circa 1.43 km²
B
Update
Het uitgangspunt is om de functionaliteit en veiligheid te waarborgen.
2021-2023 Bruggen
75 stuks
B
Het uitgangspunt is het waarborgen van
Update
de functionaliteit en de veiligheid te
2021-2023
garanderen.
Wegmeubilair Update
Circa 5.200
B
verkeersborden
van verkeersborden, hekwerken,
2021-2023 Openbare verlichting
Het waarborgen van de functionaliteit fietsvoorzieningen en palen.
6.716 lichtmasten
B
Het beheer van de openbare verlichting
Update
is erop gericht om de bedrijfszekerheid
2021-2023
te waarborgen en het areaal veilig en duurzaam in stand te houden.
Verkeersregel-
11 stuks
B
Het areaal is op orde en geheel voorzien
Installaties
van ledverlichting. De uitgangspunten
Update
zijn het waarborgen van de
2021-2023
bedrijfszekerheid en een duurzame instandhouding.
Groen & bomen
Groen:
Update
179 ha
B
Het openbaar groen en bomen zijn een beeldbepalend onderdeel van de
2021 - 2023
leefomgeving. Het uitgangspunt is het Bomen:
duurzaam, veilig en in samenwerking
25.850 stuks
met inwoners in stand houden van het openbaar groen. Inwoners hebben hierin een belangrijke bijdrage.
Speelvoorzieningen
230 speeltoestellen
B
Een aantrekkelijke speelomgeving voor
Update
kinderen en jongeren is het
2021 – 2023
uitgangspunt. Om dit te bereiken wordt bij het herinrichten van speelplekken ingezet op centrale en uitdagende
85
Beheerplan
Areaal-gegevens
Kwaliteits-
Toelichting
niveau speelplekken in een wijk en spelen met natuurlijke materialen. Voor jongeren wordt gekeken naar het uitdagend maken van sportfaciliteiten en aantrekkelijke chillplekken. Oppervlakte water Update 2021-2023
Beschoeiingen 25,8 km'
-
Kademuren
Er wordt ingezet op het in stand houden van de waterbouwkundige kunstwerken
1.051 m'
en het op diepte houden van de watergangen.
Integraal
Riool: circa 165 km'
-
waterketenplan 2019-2023
Voor de riolering is het uitgangspunt om een goed functionerend en duurzaam
Gemalen 141 stuks
rioolstelsel in stand te houden.
(riolering) Voertuigen
46 objecten
sober
Nvt
De voertuigen zijn er ter ondersteuning van het uitvoeren van de gemeentelijke taken. Zo worden de voertuigen onder andere ingezet voor het in stand houden van de leefomgeving, toezicht en facilitaire zaken. Het waarborgen van de continuïteit van de bedrijfsvoering en het waar mogelijk verduurzamen van het wagenpark zijn de uitgangspunten voor het onderhoud en vervanging van voertuigen. Om de duurzaamheid te bevorderen zullen de voertuigen zoveel mogelijk worden vervangen door elektrische voertuigen
Vastgoed
Maatschappelijk &
2021-2024
commercieel 18
2021-2024 opgesteld. Hierin is een
Sport &
indeling gemaakt naar een kern- en
bewegen
strategische portefeuille.
4 Eigen
Basis
In 2020 is een beheerplan vastgoed
Voor de kernportefeuille, objecten waar geen verandering in gebruik en functie is
huisvesting
voorzien, is het uitgangspunt om deze
3
sober en doelmatig in stand te houden.
Woningen
Het gaat hier om 21 objecten waar
12
maatschappelijke functies worden
Bijzondere objecten
gehuisvest en 30 objecten ter bevordering van de kwaliteit van de
86
Beheerplan
Areaal-gegevens
Kwaliteits-
Toelichting
niveau 31
leefomgeving. De kwaliteit van de kernportefeuille is de afgelopen jaren stabiel. De 13 woningen in de strategische portefeuille worden regulier in stand gehouden tot dat deze worden afgestoten. Vanaf 2021 wordt een actief verkoopbeleid gevoerd.
*deze cijfers zijn gebaseerd op nog niet geactualiseerde data. Budgettair kader In de volgende drie tabellen zijn de budgetten voor het in stand houden en vervangen van de kapitaalgoederen inzichtelijk gemaakt. Dit zowel in relatie tot de gemeentelijke exploitatiebegroting, de onderliggende voorziening als voor wat betreft de geprognosticeerde investeringsuitgaven.
87
Exploitatie Hieronder zijn de begrote exploitatiebudgetten per kapitaalgoed voor de komende vier jaar in beeld gebracht. Tabel 9.2 - Exploitatiegegevens kapitaalgoederen (bedragen x € 1.000) Kapitaalgoed
2024
2025
2026
2027
Specificatie werkzaamheden
Wegen
1.707
1.886
1.955
2.032
Herstelwerkzaamheden asfalt, bestrating, markeringen en inspecties
Civieltechnische
124
204
334
336
kunstwerken Openbare verlichting
Reinigingen, schilderen, herstelwerkzaamheden en inspecties
587
587
587
587
Verhelpen storingen, reparaties, reinigen en schilderen
Verkeersregelinstallatie
222
294
294
294
s Wegmeubilair Riolering
Verhelpen storingen, reparaties, reinigen en schilderen
118
125
125
125
Reinigen, herstellen en vervanging
1.548
1.517
1.517
1.521
Reparaties, verhelpen storingen, reiniging en inspecties
Oppervlaktewater
397
439
440
441
Maaien en krozen, baggeren, reparaties beschoeiingen
Groen en bomen
2.071
2.071
2.071
2.071
Onderhoud, herstellen en vervangen van beplanting en bomen, maaien gras, verwijderen onkruid en zwerfvuil
Speelvoorzieningen
103
103
103
103
Veiligheidscontroles, reparaties en onderhoud
Voertuigen
274
339
371
384
Belastingen, verzekeringen, brandstof en onderhoud
Vastgoed
2.827
2.888
3.109
3.109
Dagelijks onderhoud, elektra, water
(inclusief dotatie voorziening en kapitaallasten, exclusief interne uren) De begrote stijging van de uitgaven in 2025 en volgende jaren is voornamelijk het gevolg van stijgende kapitaallasten als gevolg van geplande realisaties van voorgenomen investeringen.
88
Voorzieningen Hieronder zijn de geraamde onttrekkingen per voorziening kapitaalgoed voor de komende jaren weergegeven. Tabel 9.3 - Onttrekkingen voorzieningen kapitaalgoederen (bedragen x € 1.000) Kapitaalgoed
2024
2025
2026
2027
Specificatie werkzaamheden
Wegen
1.163
1.163
1.163
1.163
Vervangen toplaag asfalt en groot onderhoud elementenverhardingen
Civieltechnische
71
71
71
71
Groot onderhoud aan bruggen
136
136
136
136
Groot onderhoud en vervanging
kunstwerken Openbare verlichting
van de openbare verlichting Verkeersregelinstallaties
65
65
65
65
Groot onderhoud en vervanging van verkeersregelinstallaties en pollers
Riolering
2.821
3.355
0
1.054
Groot onderhoud en vervanging van riolering en gemalen
Oppervlaktewater
175
65
175
65
Baggeren watergangen
Speelvoorzieningen
34
34
34
34
Groot onderhoud en vervanging van speeltoestellen en ondergronden
Vastgoed
1.502
654
1.133
624
Groot onderhoud van gebouwen
Investeringen Hieronder zijn de geplande investeringsuitgaven per kapitaalgoed voor de komende jaren in beeld gebracht. Tabel 9.4 - Geplande investeringsuitgaven kapitaalgoederen (bedragen x € 1.000) Kapitaalgoed
2024
2025
2026
2027
Specificatie werkzaamheden
Wegen
1.910
300
900
650
Vervangen van asfalt en elementenverhardingen
Civieltechnische
105
125
135
135
Vervanging van bruggen
950
0
0
0
Doseerlichten tegengaan sluipverkeer
Oppervlaktewater
60
35
35
35
Vervanging beschoeiingen
Voertuigen
286
433
89
37
Vervanging van auto’s en vrachtwagens
kunstwerken Verkeersregelingsinstallaties
89
Paragraaf Financiering Inleiding Financiering / Treasury betreft de wijze waarop de gemeente leningen aantrekt en eventueel overtollig geld (tijdelijk) uitzet. Naast de wettelijke kaders opereert de gemeente Wassenaar binnen de kaders van het door de raad vastgestelde Treasurystatuut. Beleidskader 2024 - 2027 Voor de komende jaren wordt een afnemend financieringsoverschot verwacht. Deze afname wordt veroorzaakt door een ambitieus investeringsprogramma. De komende jaren zal er op worden gestuurd dat het financieringsoverschot positief blijft. Indien nodig zullen investeringen daartoe worden getemporiseerd, maar er is tevens de verwachting dat verkoop van vastgoed en positieve rekeningresultaten dit jaar en komende jaren een positief effect zullen hebben op het financieringsoverschot. Financieringspositie 2024 Begin 2024 bestaat de beleggings- en financieringsportefeuille van € 18,7 miljoen naar verwachting uit: Tabel 10.1 - Verwachte beleggingsportefeuille per 1 januari 2024 Uitgezette c.q. opgenomen geldmiddelen Looptijd
(bedragen x € 1.000) Bedrag
Gemiddeld
1 januari
rente
Expiratie
2023 percentage BNG rekening courant
143
0,0
Langlopende leningen u/g
4.834
div.
Schatkistbankieren rekening courant
13.760
2,5
dag.opvr. dag.opvr.
Ontwikkeling liquiditeit In de berekening van de korte termijn liquiditeitsprognose worden de lange termijn-/kapitaalmarkt uitzettingen en financieringen buiten beschouwing gelaten. De beleggings- en financieringsportefeuille van begin 2024 heeft naar verwachting een overschot aan kort geld van € 18,7 miljoen. In de loop van 2024 zal dit afnemen tot € 12,5 miljoen. De liquiditeiten worden met name ingezet om investeringsuitgaven te kunnen doen. Prognosebalans in relatie tot te verwachten opbrengsten De prognosebalans op de volgende pagina is opgesteld in de veronderstelling dat van de uit eerdere besluitvorming openstaande (investerings)kredieten bijna alle plannen gerealiseerd worden de komende jaren. Bij de nieuw geplande investeringen wordt uitgegaan van planningsoptimisme. Niet alle investeringen zullen conform planning worden uitgevoerd en gezien het beleidskader zullen investeringen worden getemporiseerd indien het verloop van het financieringsoverschot daar om vraagt. Een prognosebalans toont daarnaast een ietwat pessimistisch beeld, aangezien er geen ruimte is om rekening te houden met niet begrote opbrengsten verkoop vastgoed, terwijl die wel te verwachten zijn bij bijvoorbeeld de ontwikkeling van de gemeentewerf, en te verwachten positieve rekeningresultaten.