Jaarstukken 2021
Tekst van het document
We zorgen voor een betere verbinding tussen zorg en veiligheid (3) Voor de samenwerking met het Sociaal Team en Wadwijzer is er een werkwijze opgesteld. Het is daardoor duidelijk wie betrokken zijn bij ingewikkelde casuïstiek en welke taken iedereen heeft. Hierdoor konden we betere zorg leveren aan bijvoorbeeld personen met verward gedrag. Ook is de samenwerking met de politie verder uitgewerkt voor de Persoons Gerichte Aanpak (PGA). Hierdoor hebben we beter zicht gekregen op personen waar zorgen over waren en konden we al eerder zorg betrekken en keuzes beter afwegen. We versterken onze samenwerking met partijen als politie en Omgevingsdienst voor het opsporen en bestraffen van ondermijnende criminaliteit (4) We hebben integrale controles uitgevoerd. Hierbij werkten gemeente, politie, omgevingsdienst, Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) en Haags Economisch Interventie Team (HEIT) samen. We bespraken signalen van ondermijnende criminaliteit. En voerden maandelijks gezamenlijk een controle uit om ondermijnende criminaliteit op te sporen en uiteindelijk te bestraffen. Beleidsindicatoren De beleidsindicatoren zijn de absolute cijfers die worden gepubliceerd op Datapolitie.nl/Statline (CBS) en de Halt website gedeeld door het cijfer (aantal inwoners gedeeld door 1.000). Openbare orde en veiligheid
Indicator per 1000 inwoners
Verwijzingen Halt Winkeldiefstallen Geweldmisdrijven Diefstallen uit woningen Vernielingen
Waddinxveen 2020 0,48 0,92 3,17 1,94 3,34
Waddinxveen 2021 0,46 0,62 2,72 1,25 2,85
Nederland 2020 0,77 1,97 4,82 1,80 4,82
Nederland 2021 0,56 1,77 4,34 1,35 4,10
41
Verbonden Partijen Regio Midden-Holland "Midden-Holland is uniek door de centrale ligging: de regio midden in de Randstad. Midden-Holland is stad en platteland, natuur en cultuurhistorie, Randstad en ruimte, vakmanschap en high-tech, handel en industrie. Midden-Holland biedt ruimte. Aan wonen, ondernemen en genieten. Voor iedereen. En zien we uitdagingen of kansen? Dan zetten we samen onze schouders eronder en maken we het mogelijk. Dat doen we al eeuwenlang en dit blijven we doen." Dat is de kernboodschap van het met de regiogemeenten (Bodegraven-Reeuwijk, Krimpenerwaard, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas) opgestelde positioneringsdocument Regio Midden-Holland. Dit document wordt ingezet bij lobby-activiteiten, om zo bij te dragen aan de realisatie van de belangrijkste opgaven van de regio. Deze opgaven zijn verdeeld over 3 kernthema’s: groeigebied, bereikbaarheid en economische vitaliteit. Veiligheidsregio Hollands-Midden De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is opgericht om samen met alle betrokken partijen het handelen bij rampen en crises in de regio te versterken. Hierdoor worden burgers beter beschermd tegen de risico’s van rampen en crises. De VRHM richt zich vooral op het verbeteren van een veilige samenleving. In 2021 heeft met name de coronacrisis het werk van VRHM bepaald. Dat was in 2020 ook al zo.
De samenwerking in de VRHM met de verschillende diensten (brandweer, politie, GHOR en bevolkingszorg) en met alle gemeenten heeft in 2021 een grote rol gespeeld. Met elkaar is er hard gewerkt aan de bestrijding van het coronavirus en de uitvoering van alle landelijke maatregelen. Via vele regionale overleggen tussen de diensten, gemeenten, ambtenaren en alle burgemeesters is gewerkt aan een goede basis die in de toekomst verder uitgebouwd kan worden. Mede door de coronacrisis hebben niet alle geplande werkzaamheden in 2021 plaats kunnen vinden. Er wordt uiteraard wel gekeken naar een passende oplossing om dit geplande werk alsnog uit te kunnen voeren. Steeds meer werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd en fysiek plaats vinden.
Wat heeft het gekost? Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
-5.477
-5.619
-5.387
Baten
515
554
621
-4.962
-5.065
-4.766
Saldo baten en lasten Stortingen
0
0
0
Onttrekkingen
0
52
52
-4.962
-5.013
-4.715
Resultaat
Bedragen *€ 1.000
42
Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
6. Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Inleiding Het onderdeel algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien heeft betrekking op onderwerpen die niet onder andere programma’s kunnen worden opgenomen.
1 Lokale heffingen De lokale heffingen betreffen de onroerendezaakbelastingen en de toeristenbelasting. Deze heffingen worden hier opgenomen omdat de besteding niet gebonden is aan één van de andere programma’s. Voor een toelichting op deze heffingen verwijzen we naar de in deze jaarstukken opgenomen Paragraaf 1 Lokale heffingen.
Verbonden Partijen De volgende verbonden partij heeft in 2021 een bijdrage geleverd aan dit onderdeel van de jaarstukken. Belastingsamenwerking Gouwe Rijnland De Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) verzorgt de gemeentelijke belastingen voor onze gemeente. Daarnaast bepaalt de BSGR de hoogte van de WOZ-waarde (WOZ staat voor wet Waardering Onroerende Zaken) voor alle onroerende zaken in onze gemeente. De BSGR heeft een aansluiting op de Landelijke Voorziening WOZ. Deze aansluiting is met de status “goed” beoordeeld, waarmee Waddinxveen voldoet aan de voorwaarden om aangesloten te zijn op deze Voorziening. De voorwaarden zijn de kwaliteit van de aangeleverde data en dat het aanleveren van gegevens of voor het onttrekken van gegevens uitsluitend mogelijk is vanuit een beveiligde verbinding met een bekend certificaat vanuit een bekende geautoriseerde omgeving. Beleidsindicatoren Indicator
Jaar
Gemiddelde WOZ waarde
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden
Eenheid
W'veen
Midden-H.
Zuid-H.
2021 * 1.000 euro
€ 282
€ 298
€ 283
2021 euro
€ 833
€ 866
€ 725
Gemeentelijke woonlasten 2021 euro meerpersoonshuishouden
€ 863
€ 932
€ 814
Wat heeft het gekost? Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
-409
-409
-390
Baten
7.908
8.061
8.356
Saldo baten en lasten
7.499
7.652
7.966
Stortingen
0
0
0
Onttrekkingen
0
0
0
7.499
7.652
7.966
Resultaat
Bedragen *€ 1.000
43
2 Algemene uitkering In dit onderdeel van de jaarstukken zijn de werkelijke cijfers gebaseerd op de Decembercirculaire 2021. De begrotingscijfers na wijziging zijn gebaseerd op de Septembercirculaire 2021.
Wat heeft het gekost? Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
0
0
0
Baten
41.914
46.024
46.313
Saldo baten en lasten
41.914
46.024
46.313
Stortingen
0
-517
-517
Onttrekkingen
0
369
369
41.914
45.876
46.165
Resultaat
Bedragen *€ 1.000
3 Treasury, aandelen en dividend In dit onderdeel van de jaarstukken is het saldo van het renteresultaat op treasury en het dividend op aandelen inzichtelijk gemaakt. We bezitten aandelen in de onderstaande verbonden partijen.
Verbonden Partijen De volgende verbonden partijen hebben in 2021 een bijdrage geleverd aan dit onderdeel van de jaarstukken. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) N.V. De BNG Bank is de bank van en voor overheden en voor instellingen met een maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger, hetgeen in het belang is van onze gemeente. De nettowinst van BNG Bank over 2021 bedraagt € 236 miljoen (2020: € 221 miljoen). Over 2021 is voorgesteld om een dividend uit te keren van € 127 miljoen, een pay-out van 60%. Dit is conform het beleid van de bank tot 2021. Het dividend bedraagt € 2,28 per aandeel van nominaal € 2,50 (2020: € 1,81 per aandeel). Het dividend voor de gemeente Waddinxveen bedraagt € 40.636 bij 17.823 aandelen. Oasen N.V. Oasen N.V. is een drinkwaterbedrijf met een maatschappelijke taak. Door sterk in te zetten op verbetering en innovatie, wil het bedrijf een sprong op kwalitatief gebied maken. Nog beter drinkwater, een nog beter transportsysteem en nog betere klantinteractie. Vanuit de overtuiging dat dit goed haalbaar is: Beter is Mogelijk (2016 – 2020). Dat wordt gedaan door de verantwoordelijkheid en het vakmanschap van hun medewerkers centraal te stellen, te benutten en te stimuleren. Met zijn allen vormen ze een autoriteit op het gebied van drinkwater.
Samen met anderen ontwikkelen ze die kennis verder en bouwen ze collectief aan een betere maatschappij. Schoon drinkwater is in het belang van onze inwoners. De nettowinst van Oasen over 2020 bedraagt circa € 4,5 miljoen (2019: circa € 3,7 miljoen). Over 2020 is in 2021 geen dividend uitgekeerd. Het resultaat 2020 is, conform het advies van de RvC, volledig toegevoegd aan de overige reserves van Oasen. Cyclus N.V. Cyclus is een gespecialiseerd bedrijf op het gebied van het beheer van de openbare ruimte en afvalbeheer. Cyclus zamelt het huishoudelijk afval in van gemeenten in de regio’s Midden-Holland en Rijnstreek en heeft een aantal afvalbrengstations waar inwoners van de betreffende gemeenten afval in kunnen leveren. Zij willen dit realiseren op een deskundige, efficiënte en duurzame wijze en tegen maatschappelijk verantwoorde kosten. Wij zijn een van de aandeelhouders. De nettowinst van Cyclus over 2020 bedraagt € 0,3 miljoen (2019: € 0,4 miljoen). Over 2020 is in 2021 geen dividend uitgekeerd.
44
Streekarchief Midden-Holland (SAMH) Het Streekarchief Midden-Holland is een historisch documentatiecentrum. Het bewaart de archieven van de gemeentebesturen, de ambtelijke instellingen van de deelnemende gemeenten, maar ook van particuliere instellingen en bedrijven, zoals kerkgenootschappen, scholen, verenigingen en fabrieken.
Wat heeft het gekost? Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
-1.969
-1.966
-1.889
Baten
1.960
2.186
2.111
Saldo baten en lasten
-8
220
222
Stortingen
0
0
0
Onttrekkingen
0
0
0
Resultaat
-8
220
222
Bedragen *€ 1.000
4 Overige algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien In dit onderdeel van de jaarstukken zijn overige baten en lasten verwerkt.
Wat heeft het gekost? Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
-1.408
-895
-429
Baten
0
0
305
-1.408
-895
-124
Stortingen
0
-228
-228
Onttrekkingen
0
156
156
-1.408
-966
-196
Saldo baten en lasten
Resultaat
Bedragen *€ 1.000 De totale bruto kosten voor overhead zien er in 2021 als volgt uit: Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
-9.153
-9.650
-9.758
Baten
0
0
247
Saldo baten en lasten
-9.153
-9.650
-9.511
Stortingen
0
0
0
Onttrekkingen
0
0
0
-9.153
-9.650
-9.511
Resultaat
Bedragen *€ 1.000
45
Investeringen, grondbedrijf en groot onderhoud Van de totale kosten van overhead is in 2021 toegerekend aan investeringen, groot onderhoud en grondbedrijf; Begroting 2021 voor wijziging -61
Investeringen
Rekening 2021
na wijziging -61
-296
Groot onderhoud
-295
-295
0
Grondbedrijf
-259
-259
-463
Totaal
-615
-615
-759
Bedragen *€ 1.000
Producten met een kostendekkende heffing Van de totale kosten van overhead is in 2021 toegerekend aan kostendekkende heffingen: Begroting 2021 voor wijziging
Rekening 2021
na wijziging
Rioolheffing
-284
-312
-312
Afvalstoffenheffing Begraafplaatsen Totaal
-201 -93 -578
-196 -93 -601
-196 -93 -601
Bedragen *€ 1.000 De totale netto kosten voor overhead zien er in 2021 als volgt uit. Dit zijn de totale bruto kosten overhead verminderd met de toerekening aan investeringen, groot onderhoud en grondbedrijf: Rekening 2021
Begroting 2021 voor w ijziging Lasten
na w ijziging
-8.538
-9.035
-8.999
-8.538
-9.035
-8.752
-8.538
-9.035
-8.752
Baten
247
Saldo baten en lasten Stortingen Onttrekkingen Resultaat
Bedragen *€ 1.000 Beleidsindicatoren Indicator
Jaar
Eenheid
W'veen Trend meerjarig
Formatie
2021
fte per 1.000 inw oners
6,4
2022:6,9
Bezetting
2021
fte per 1.000 inw oners
5,9
2022: 6,9
Apparaatskosten Externe Inhuur
2021 2021
kosten per inw oner € 642 % van totale kosten personeel 11,42%
2022: € 622 2022: 11,7%
Overhead
2021
% van totale lasten
2022: 9,3%
8,6%
46
7
Wet Vennootschapsbelasting (Vpb)
In dit onderdeel van de jaarstukken is de sinds 2016 wettelijk verplichte Vpb voor overheden verwerkt. De Vpblast wordt verwacht vanuit de grondbedrijfsfunctie. Deze vpb last is verantwoord in paragraaf 7 “Grondbeleid”. Voor de rest van de algemene dienst is er geen sprake van Vpb-druk. Om een toekomstbestendig beheer op de Vpb-geldstroom te realiseren, hebben we het grondslagendocument (activiteiten) vastgelegd in een beheersysteem dat voldoet aan alle controlevereisten van de Belastingdienst. Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
0
-10
-27
Baten
0
0
0
Saldo baten en lasten
0
-10
-27
Stortingen
0
0
0
Onttrekkingen
0
0
0
Resultaat
0
-10
-27
Bedragen *€ 1.000
Wat heeft het gekost? (TOTAAL) Program m a
Begroting 2021
Rekening 2021
voor w ijziging
na w ijziging
Lasten
-12.938
-12.929
-12.493
Baten
51.782
56.270
57.331
Saldo baten en lasten
38.844
43.341
44.838
Stortingen
0
-744
-744
Onttrekkingen
0
525
525
38.844
43.122
44.619
Resultaat
Bedragen *€ 1.000
47
Paragrafen
Paragraaf 1 Lokale heffingen Inleiding In het Europees Handvest voor Lokale autonomie, waaraan ook Nederland zich heeft gebonden, is bepaald, dat lokale overheden ten minste voor een deel van hun inkomsten dienen te beschikken over een eigen belastinggebied. Dit belastinggebied wordt gevormd door heffingen die een belangrijk onderdeel vormen van de algemene dekkingsmiddelen van de gemeente (onroerendezaakbelasting, toeristenbelasting en hondenbelasting) en heffingen die een belangrijk onderdeel vormen van de specifieke dekkingsmiddelen van de gemeente (afvalstoffenheffing, rioolheffing en leges). De “Paragraaf lokale heffingen” bevat de beleidsverantwoording voor de lokale heffingen en een overzicht in hoofdlijnen van de diverse belastingen en heffingen, een toelichting op de opbouw van heffingen die maximaal kostendekkend mogen zijn, een duiding van de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.
Beleidskaders In het kader van het beleid voor lokale heffingen zijn onder andere de volgende onderwerpen van belang: • druk van de lokale belastingen en heffingen; • kostendekkendheid; • kwijtscheldingsbeleid.
Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen In dit onderdeel wordt de ontwikkeling van de opbrengsten van de onroerende-zaakbelastingen, de toeristenbelasting, de precariobelasting, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de begraafrechten nader toegelicht. Daarnaast wordt gekeken naar de kostendekkendheid van de heffingen en leges waarop dit van toepassing is, dit als gevolg van de vernieuwing van het BBV. Precariob elasting Precariob elasting op ondergrondse kabels en leidingen In 2016 heeft Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties besloten de precariobelasting voor nutsnetwerken af te schaffen en hiervoor een voorstel aan de Tweede Kamer te doen. Het wetsvoorstel tot afschaffing van de precariobelasting is op 21 maart 2017 aangenomen door de Eerste Kamer. Het kabinet heeft de precariobelasting op nutsbedrijven per 1 juli 2017 afgeschaft. Gemeenten krijgen de tijd om met de heffing van deze vorm van belasting te stoppen. Voor gemeenten die op 10 februari 2016 een verordening met tarief hadden vastgesteld voor precariobelasting op kabels en leidingen geldt een overgangstermijn tot 1 januari 2022, zodat gemeenten daarin de effecten van de inkomstenderving kunnen opvangen. De gemeente Waddinxveen voldoet hieraan.
Onder de overgangsregeling – die verkort is van 10 naar 5 jaar - kan een gemeente maximaal heffen naar het tarief zoals dat gold op 10 februari 2016, de datum waarop het wetsvoorstel voor afschaffing van de precariobelasting is aangekondigd. De gemeente Waddinxveen zal deze precariobelasting in volledige vorm blijven heffen tot en met het begrotingsjaar 2021. Met ingang van 2017 wordt van de opbrengst jaarlijks cumulatief 10% gestort in een Reserve afbouw precariobelasting. Dus 2017 10% oplopend naar 50% in 2021. Deze reservering valt in de periode 2022 – 2026 cumulatief dalend met 10% vrij, dus 2022 50% aflopend naar 10% in 2026. Hiermee wordt toch een overgangstermijn van 10 jaar gerealiseerd in de begroting. In 2021 is een bedrag van € 281.530 gestort in de Reserve afbouw precariobelasting. Onroerendezaakbelastingen en toeristenb elasting In 2021 zijn de tarieven onroerende zaakbelastingen woningen en niet-woningen verhoogd met een inflatiecorrectie van 1,5%. Het tarief toeristenbelasting 2021 is met 26% verhoogd. Het volgende overzicht geeft inzicht in de ontwikkeling van de opbrengsten onroerendezaakbelastingen:
48
Woningen eigenaren Niet woningen gebruikers Niet woningen eigenaren Totaal
Begroting 2021 voor wijziging na wijziging 3.977 4.138 1.564 1.564 2.340 2.340 7.881 8.042
Rekening 2021 4.144 1.705 2.477 8.326
Bedragen x € 1.000 De aanslagen OZB zijn gecombineerd met de WOZ-beschikkingen. De waarde van de WOZ-beschikking is de grondslag voor de aanslag OZB. In 2021 heeft de gemeente Waddinxveen 440 (2020: 529) bezwaarschriften ontvangen tegen de WOZ-beschikkingen van 411 (2020: 482) woningen en 29 (2020: 47) niet-woningen. Deze bezwaarschriften hebben geleid tot het verlagen van de waarde van 188 (2020: 214) woningen en 9 (2020: 12) bedrijven. Tegen 4 (2020: 6) uitspraken hebben de betreffende belanghebbenden beroep ingesteld. De geraamde opbrengst toeristenbelasting was in het begrotingsjaar 2021 € 18.500. De werkelijke opbrengst is uitgekomen op € 29.000. Het verschil vindt zijn oorzaak in een hogere opbrengst toeristenbelasting 2020 dan verwacht werd bij het samenstellen van de jaarrekening 2020.
Heffingen die onderdeel vormen van de specifieke dekkingsmiddelen De gemeente Waddinxveen heeft als uitgangspunt dat de tarieven voor de gemeentelijke dienstverlening honderd procent kostendekkend dienen te zijn (o.a. afvalstoffenheffing, rioolheffing, begraafrechten en leges). Als deze tarieven al kostendekkend zijn, worden de tarieven niet automatisch gecorrigeerd voor inflatie. Dit zou immers leiden tot meer dan honderd procent kostendekking. Dit is op grond van de Gemeentewet niet toegestaan. In het tarief van de afvalstoffenheffing en rioolheffing is rekening gehouden met de compensabele BTW op de kosten van derden. Om schoksgewijze tariefsaanpassing over de jaren te voorkomen zijn voor de heffingen die onderdeel uitmaken van de specifieke dekkingsmiddelen egalisatievoorzieningen in het leven geroepen. Dit betreft de afvalstoffenheffing, rioolheffing en begraafrechten. Overhead wordt door de vernieuwing van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) met ingang van 2017 niet meer doorbelast naar externe producten, maar mag voor de heffingen nog wel buiten de boekhouding om als last worden meegerekend bij de berekening van de kostendekkendheid. Afvalstoffenheffing
Opbrengst afvalstoffenheffing
Begroting 2021 voor wijziging na wijziging 3.766 4.245
Rekening 2021 4.290
Bedragen x € 1.000 Berekening van kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing 3.508 -217 200 3.491
Realisatie 3.252 -288 512 3.476
196 558
196 618
Totale kosten afvalverwerking
4.245
4.290
afvalstoffenheffing Dekking Algemene dienst Totale opbrengst afvalverwerking
4.245 4.245
4.290 4.290
Dekkingspercentage
100%
100%
Kosten afvalverwerking inclusief omslagrente inkomsten afvalverwerking exclusief heffingen Storting egalisatievoorziening Netto kosten afvalverwerking Toe te rekenen kosten afvalverwerking: Overhead Compensabele BTW
Begroting
49
Voor 2021 is de mutatie in de Voorziening egalisatie afvalstoffenheffing een storting van € 512.000. Het saldo van de Voorziening egalisatie afvalstoffenheffing bedraagt per 31 december 2021 € 598.000. Rioolheffing
Opbrengst rioolheffing
Begroting 2021 voor wijziging na wijziging 2.375 2.544
Rekening 2021 2.684
Bedragen x € 1.000 De berekening van de kostendekkendheid van de rioolheffing ziet er voor 2021 als volgt uit: Berekening van kostendekkendheid van de rioolheffing Begroting 2.641
Kosten rioleringstaak exclusief heffingen Inkomsten rioleringstaak exclusief heffingen
Realisatie 2.433
-2
-3
2.639
2.430
Overhead
312
312
BTW
193
193
Totale kosten rioleringstaak
3.144
2.935
Rioolheffing
2.544
2.684
600
251
Totale opbrengst rioolstaak
3.144
2.935
Dekkingspercentage
100%
100%
Netto kosten rioleringstaak Toe te rekenen kosten rioleringstaak:
Onttrekking aan de egalisatievoorziening tarieven rioolrechten
Bedragen x € 1.000 Voor 2021 is de mutatie in de Voorziening egalisatie tarieven rioolrechten een onttrekking van € 251.000 (begroot € 600.000 onttrekking). Het saldo van de Voorziening egalisatie tarieven rioolrechten bedraagt per 31 december 2021 € 2.129.000. Begraafrechten
Opbrengst begraafrechten
Begroting 2021 voor wijziging na wijziging 300 327
Rekening 2021 370
Bedragen x € 1.000
50
De berekening van de kostendekkendheid van de begraafrechten ziet er voor 2021 als volgt uit: Berekening van kostendekkendheid van de begraafrechten Begroting
Realisatie
225
225
-
53
225
278
92
92
-
-
317
370
Opbrensten begraafplaats
300
370
Ontrekking egalisatievoorziening begraafplaatsen
17
-
317
370
100%
100%
Kosten begraafplaats inclusief omslagrente Storting egalisatievoorziening begraafplaatsen Netto kosten begraafplaats Toe te rekenen kosten begraafplaats: Overhead BTW Totale kosten begraafplaats
Totale opbrengst begraafplaats Dekkingspercentage Bedragen x € 1.000
Voor 2021 is de mutatie in de Voorziening egalisatie begraafplaatsen een storting van € 53.000 (begroot onttrekking van € 17.000). Het saldo van de Egalisatiereserve begraafplaatsen bedraagt per 31 december 2021 € 348.000.
Kostendekkendheid leges De kostendekkendheid van de leges is als volgt: Kostendekkendheid van leges Titel I: BEGROTING Hoofdstuk Huwelijk Persoonsdocumenten Verstrekkingen en Nasporingen Huisvesting Handel en (APV-)vergunningen Telecommunicatie Verkeer en vervoer Rioolaansluiting Totaal
Lasten 17.175 290.715 20.225 225 4.342 15.206 2.100 1.204 351.192
Baten 16.030 257.662 14.723 176 2.201 17.972 1.170 309.934
Kostendekking % 93,33% 88,63% 72,80% 78,22% 50,69% 118,19% 0,00% 97,18% 88,25%
Kostendekkendheid van leges Titel I: REALISATIE Hoofdstuk Huwelijk Persoonsdocumenten Verstrekkingen en Nasporingen Huisvesting Handel en (APV-)vergunningen Telecommunicatie Verkeer en vervoer Rioolaansluiting Totaal
Lasten 21.450 310.608 18.644 0 4.187 41.166 17.007 1.387 414.449
Baten 19.667 290.826 16.015 0 6.917 74.456 4.366 2.761 415.008
Kostendekking % 91,69% 93,63% 85,90% 0,00% 165,20% 180,87% 25,67% 199,06% 100,13%
51
Kostendekkendheid van leges Titel II: BEGROTING Hoofdstuk Omgevingsvergunning Totaal
Lasten 850.000 850.000
Baten 850.000 850.000
Kostendekking % 100,00% 100,00%
Kostendekkendheid van leges Titel II: REALISATIE Hoofdstuk Omgevingsvergunning Totaal
Lasten 2.127.000 2.127.000
Baten 2.127.000 2.127.000
Kostendekking % 100,00% 100,00%
Kwijtscheldingsbeleid In de begroting 2021 is bij de afvalstoffenheffing € 159.000 geraamd voor het verlenen van kwijtschelding. De werkelijke lasten bedragen € 154.000.
Lokale lastendruk Onderstaande tabellen geven inzicht in de belastingdruk in 2021 in de gemeente Waddinxveen t.o.v. de andere gemeenten in de regio: Gemeente
Gemiddelde taxatiewaarde
Tarief OZB woningen eigenaren
Waddinxveen Bodegraven - Reeuwijk Gouda Zuidplas
282.000 352.000 245.000 317.000
0,1129% 0,1225% 0,1045% 0,1060%
Gemiddelde
299.000
0,1115%
Tarief Tarief afvalstoffen- rioolheffing heffing 353 195 316 316 314 500 302 210 321
305
Totale belastingdruk bij regiogemeenten in 2021: Gemeente Waddinxveen Bodegraven – Reeuwijk Gouda Zuidplas Gemiddelde
Gemiddelde taxatiewaarde 882 1.121 1.083 859 986
Waarde 225.000 817 966 1.062 761 902
Waarde 250.000 846 996 1.088 787 929
Waarde 300.000 902 1.058 1.140 840 985
Bron: Coelo Atlas van de lokale lasten 2021 Voor de gemeente Waddinxveen geldt dat de totale belastingdruk lager is dan in Bodegraven-Reeuwijk en Gouda en lager dan het regiogemiddelde.
52
-
Paragraaf 2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding De Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2017 bevat de kaders voor het risicomanagement. Er moet worden gezorgd dat het optreden van risico’s zo weinig mogelijk effect heeft op de uitvoering van het bestaande beleid. Daarbij beoordeelt de gemeente het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente mogelijke risico’s op kan vangen zonder dat de continuïteit van beleid of bedrijfsvoering in gevaar komt. Risicomanagement is een dynamisch proces. Gedurende het jaar worden de risico’s en beheersmaatregelen geactualiseerd. Hierover wordt gerapporteerd in de jaarstukken en in de programmabegroting. Risico’s met financiële effecten nemen we mee bij de bepaling van het weerstandsvermogen. Deze risico-inventarisatie heeft ook plaatsgevonden tijdens het opstellen van de rekening. De resultaten zijn opgenomen in deze paragraaf. Volgens het beleid zijn risico’s van het grondbedrijf niet in deze paragraaf opgenomen wegens de geheel eigen methodiek. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 7 Grondbeleid. Wel is het weerstandsvermogen van het grondbedrijf gecorrigeerd op de beschikbare weerstandscapaciteit van de algemene dienst, zodat het beschikbare weerstandsvermogen, opgenomen in deze paragraaf, een totaalbeeld geeft. Deze paragraaf is als volgt opgebouwd.
Allereerst rapporteren we over de risico-inventarisatie. Op basis hiervan wordt de benodigde weerstandscapaciteit berekend. Daarnaast hebben we de beschikbare weerstandscapaciteit in kaart gebracht. Op basis van de benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit wordt het weerstandsvermogen berekend. Tenslotte worden de kengetallen over de financiële positie van de gemeente weergegeven.
Risico-inventarisatie Het risicoprofiel omvat nu 48 risico’s. Hieronder staan de financiële risico´s met een gewogen risico vanaf € 100.000. Daarbij hebben we ook – conform de nota – de beheersmaatregel weergegeven. Er zijn 5 risico’s met een gewogen risico vanaf € 100.000. De bij dit risico genoemde investeringsbedragen betreffen – conform de afgesproken systematiek - de kalenderjaren 2022 en 2023. Het ‘gewogen risicob edrag’ geeft de vermenigvuldiging van kans en financieel gevolg weer. Dit is het b edrag waar in de b erekening van de b enodigde weerstandscapaciteit rekening mee wordt gehouden. Positie
1
2
Risico
Kans (in %)
Financieel gevolg (in €)
Gewogen risicobedrag
Programma risico
Hogere uitgaven dan geraamd voor het sociale domein
21%
3.950.000
829.000
Participatie in samenhang
490.000
Algemeen (Treasury)
280.000
Algemeen (Treasury)
Beheersmaatregelen Bestuurlijke invloed verbonden partijen Heldere contractafspraken met uitvoerders Interne beheer op uitgaven sociale domein Zo nodig beleidskader en/of regelingen aanpassen Deelneming van € 4.900.000 via 10% 4.900.000 Commandiet Triangel B.V. in C.V. Triangel. Beheersmaatregel: Invloed via Deelneming Triangel GEM beheer BV. Resultaten vanuit gemeente nauwlettend gevolgd.
3
Stijgende kosten door minder legesinkomsten en aanhoudende werkzaamheden door Wet Kwaliteitsborging voor het Bouwen.
70%
400.000
53
Beheersmaatregel: Door de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen waarschijnlijk blijvende administratieve werkzaamheden waar geen leges (meer) tegenover staan. Hier zal in de loop van 2022 meer duidelijkheid over komen. Ontwikkelingen vanuit gemeente worden nauwlettend gevolgd. 4
Mogelijk beroep op gemeentegaranties bij de ingebrekestelling terugbetaling € 15 miljoen (geldleningen) door C.V. Triangel aan BNG.
4%
8.000.000
320.000
Algemeen (Treasury)
150.000
Algemeen (Treasury)
Beheersmaatregel: 50% contragarantie BPD. Invloed via Deelneming Triangel GEM beheer BV. Resultaten vanuit gemeente nauwlettend gevolgd. 5
Schending van de AVG; zoals datalekken, een onjuiste grondslag, onzorgvuldigheden of het niet naleven van het recht van betrokkene.
30%
500.000
Beheersmaatregel: Privacybeleidskader en verwerkingsregister opgesteld. Er zijn verwerkersovereenkomsten afgesloten. Protocollen opgesteld voor bijvoorbeeld een datalek. Cyberverzekering afgesloten. De 5 risico´s vanaf € 100.000 bepalen gezamenlijk voor bijna driekwart het gewogen risico van alle risico’s totaal. Er is een aantal onderwerpen waarvoor (nog) geen financieel gevolg bij de risico-inventarisatie is meegenomen, maar die wel van belang zijn om als risico te herkennen. 1.
2.
Er is nog een aantal beleidsvoornemens op het gebied van circulaire economie en biodiversiteit waarbij nog geen wettelijk kader beschikbaar is en/of ondersteunende rijksmiddelen zijn toegekend. Wel heeft Waddinxveen in 2015 ambitieuze doelen geformuleerd op deze onderwerpen, waarbij met de kennis van vandaag actualisatie van dat beleid verklaarbaar en noodzakelijk is. Omdat er voor wat betreft het wettelijk kader en rijksmiddelen nog geen duidelijkheid is, zijn de financiële risico’s ten opzichte van het geformuleerde beleid niet opgenomen in de tabel. Er is er dus nog geen financieel risico meegenomen in deze risico-inventarisatie. In het kader van de uitvoering van de duurzaamheidsvisie gaat het in 2021 om duurzame woningen en de opwek van duurzame energie. De gemeenteraad heeft op 23 juni 2021 2021 de Regionale Energie Strategie 1.0 vastgesteld. Lokaal hebben we in samenwerking met partners en inwoners de Transitievisie Warmte Waddinxveen opgesteld. Deze is door de gemeenteraad op 13 oktober 2021 vastgesteld. Beide hebben een grote ruimtelijke én maatschappelijke impact. Het is thans nog niet duidelijk of er financiële risico’s zijn – en zo ja- welke omvang deze hebben.
In de Paragraaf verbonden partijen worden ook de risico’s voor de verbonden partijen weergegeven. Deze analyse leidt niet tot de opneming van gewogen risico-bedragen van meer dan € 100.000 in de risico-inventarisatie.
Benodigde weerstandscapaciteit Financieel gevolg De ontwikkeling van het aantal risico’s en het totaal aan maximaal financieel gevolg is als volgt.
Aantal geïnventariseerde risico’s Maximaal financieel gevolg alle risico’s
Jaarrekening 2020
Begroting 2022-2025
Jaarrekening 2021
50
48
48
€ 24.736.000
€ 27.586.000
€ 20.478.000
54
Risicosimulatie Natuurlijk zullen de risico´s zich niet allemaal tegelijk voordoen. Van alle risico´s is de kans bepaald dat het risico zich zal voordoen. Volgens een statistische berekening kan vervolgens bepaald worden welk bedrag nodig is om de risico´s af te dekken. Met een zekerheid van 90% kunnen de risico's worden afgedekt met een bedrag van € 3.831.000 (benodigde weerstandscapaciteit). Dit was bij inventarisatie voor de begroting € 3.941.000.
Jaarrekening 2020 Benodigde weerstandscapaciteit
Begroting 2022-2025
Jaarrekening 2021
€ 3.941.000
€ 3.831.000
€ 3.864.000
Beschikbare weerstandscapaciteit Incidentele en structurele weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit kan worden onderscheiden in incidentele weerstandscapaciteit (vermogen om eenmalige financiële gevolgen van risico’s op te vangen) en structurele weerstandscapaciteit (vermogen om structureel de financiële gevolgen van risico’s op te vangen). We gebruiken in eerste instantie de incidentele weerstandscapaciteit om zowel incidentele als structurele tegenvallers te dekken. Indien zich gedurende een jaar structurele tegenvallers voordoen, zonder dat daar meevallers tegenover staan, dan worden deze eerst incidenteel afgedekt vanuit de incidentele weerstandscapaciteit. Vervolgens wordt hiervoor bij de samenstelling van de eerstvolgende begroting structurele dekking gezocht binnen de structurele begrotingsruimte. Indien dit niet lukt dan kan de structurele weerstandscapaciteit ingezet worden als dekkingsmiddel. Incidentele weerstandscapaciteit De beschikbare incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit het geheel aan incidentele middelen van de algemene dienst vermeerderd met het saldo in de incidentele weerstandscapaciteit van het grondbedrijf. Dit wordt hieronder weergegeven. Met ingang van de 1e Burap 2020 wordt er bij de bepaling van de hoogte van de algemene bedrijfsreserve rekening houden met toekomstige beslagen tot en met het einde van de begrotingsperiode.
De beschikbare incidentele weerstandscapaciteit is als volgt: Jaarrekening 2021 Algemene bedrijfsreserve algemene dienst, saldo 31-12-2021
€ 20.844.000
Begrote mutaties 2022-2025 (t/m raad 22-3-2022) Vrije algemene bedrijfsreserve algemene dienst
€ -1.743.000 € 19.101.000
Elementen incidentele weerstandscapaciteit
Jaarrekening 2020
Begroting 2022-2025
Jaarrekening 2021
Vrije algemene bedrijfsreserve algemene dienst
€ 17.441.000
€ 18.412.000
€ 19.101.000
€ 262.000
-
-
-
-
-
€ 10.000
€ 10.000
€ 10.000
€ 17.713.000
€ 18.422.000
€ 19.111.000
Saldo weerstandscapaciteit Grondbedrijf, zie Par. 7 Grondbeleid
€ -2.688.000
€ -3.663.000
€ -1.007.000
Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit
€ 15.025.000
€ 14.759.000
€ 18.104.000
Algemene bedrijfsreserve Zwembad Post onvoorzien (met ingang van 2020 € 1) Stille reserve Totale incidentele dienst
weerstandscapaciteit algemene
In de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen is opgenomen dat ook stille reserves in de beschikbare weerstandscapaciteit wordt meegenomen. De mogelijke stille reserves zijn onderzocht. De stille reserves betreffen het positieve verschil tussen de directe verkoopwaarde (actuele waarde) en de boekwaarde (waardering). Het kan hierbij gaan
55
om materiële bezittingen en/of financiële bezittingen (deelnemingen). Van een stille reserve in materiële bezittingen kan pas worden uitgegaan als de bijbehorende activa niet duurzaam aan de bedrijfsuitoefening zijn verbonden en dat de activa vrij verhandelbaar zijn. Voor de gemeente doet dat zich alleen voor bij onroerende zaken die in eigendom zijn van de gemeente en niet meer benodigd zijn voor de bedrijfsuitoefening. Er is 1 kleine stille reserve. Een aantal gebouwen is in het kader van het IHP niet meer voor onderwijs in gebruik en toegevoegd aan de voorraad ‘(strategisch) vastgoed’. Mogelijk zijn hier stille reserves. Maar gezien de hoge mate van onzekerheid van toekomstig gebruik en bijbehorende waarde, zijn deze niet in de weerstandscapaciteit opgenomen. Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit van onze gemeente wordt toegelicht in de paragraaf Kengetallen.
Benodigde versus beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, wordt een relatie gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en daarbij benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening maakt het mogelijk om een ratio voor het weerstandsvermogen te bepalen. Om de ratio van het weerstandsvermogen te beoordelen wordt gebruik gemaakt van normen die ontwikkeld zijn in samenwerking met de Universiteit Twente en bij meerdere gemeenten worden toegepast. ratio Betekenis
>2.0 uitstekend
Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen Ratio betekenis
1.4-2.0 ruim voldoende
1.0-1.4 Voldoende
Jaarrekening 2020
0.8-1.0 matig
Begroting 2022-2025
0.6-0.8 onvoldoende
<0.6 ruim onvoldoende
Jaarrekening 2021
€ 15.025.000
€ 14.759.000
€ 18.104.000
€ 3.864.000
€ 3.941.000
€ 3.831.000
3.9
3.7
4.7
Uitstekend
uitstekend
Uitstekend
Kengetallen financiële positie De kengetallen moeten worden opgenomen in deze paragraaf om de raad in onderlinge samenhang eenvoudig inzicht te verschaffen in de financiële positie van de gemeente en daarmee een bijdrage te leveren aan de (verdere) invulling van de kaderstellende en controlerende rollen van de raad. Ze moeten inzichtelijker maken over hoeveel (financiële) ruimte een gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Door de Provincie ZuidHolland zijn normen gedefinieerd, die in het vervolg als referentie worden gebruikt. De kleuren van de verschillende ratio’s per kengetal zijn groen, oranje (volgens website geel) en rood (volgens website oranje). Bij de toelichting op de kengetallen worden de ratio’s per kengetal verklaard. Het verloop van de kengetallen kan als volgt worden samengevat: JR 2020
B 2021
JR 2021
Netto schuldquote
76%
83%
55%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen
75%
82%
54%
Solvabiliteitsratio
34%
31%
41%
Grondexploitatieratio
37%
19%
22%
Structurele exploitatieruimte
1,1%
1%
0,3%
Belastingcapaciteit
111%
107%
107%
Kengetallen
56
Toelichting: Netto schuldquote Kengetal dat een indicatie geeft van de hoogte van de schuld. Daarmee kan een oordeel worden gevormd over de mate waarin de baten, exclusief reservemutaties, van de gemeente toereikend zijn om de schuldverplichtingen te voldoen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Het percentage komt tot stand door de aangetrokken gelden minus de uitgezette gelden te delen door de jaarinkomsten. Volgens de website ‘staatvan.zuid-holland.nl’ is de kleur bij een ratio van < 90% groen, bij 90% - 130% oranje (volgens website geel) en bij > 130% rood (volgens website oranje). De netto schuldquote is in 2021 sterk verbeterd. De schuldquote is de verhouding tussen schulden en het totaal van de baten. De schuldquote verbetert door hogere baten. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Bij dit kengetal worden de doorgeleende gelden van de financiële activa gecorrigeerd op de netto schuldquote. Verder is de toelichting op de netto schuldquote van toepassing, inclusief referentiewaarden. Solvab iliteitsratio Kengetal dat weergeeft in hoeverre het totaal van de activa is gefinancierd vanuit het eigen vermogen. De ratio wordt berekend door het eigen Vermogen (de reserves) te delen door het balanstotaal.
Volgens de website “staatvan.zuidholland.nl” is de kleur bij een ratio van > 50% groen, bij 20% - 50% oranje (volgens website geel) en bij < 20% rood (volgens website oranje). De solvabiliteit is in 2021 toegenomen. Grondexploitatieratio Kengetal dat een indicatie geeft van de hoogte van de voorraad bouwgrond en de stand van het onderhanden werk bouwgrondexploitatie. De balanswaarde hiervan minus de voorzieningen voor negatieve grondexploitaties wordt gedeeld door de jaarinkomsten om tot deze ratio te komen. De hoogte van dit kengetal geeft aan wat het terugverdienrisico is op de grondexploitaties ten opzichte van de totale inkomsten van de gemeente. Volgens de website ‘staatvan.zuid-holland.nl’ is de kleur bij een ratio van < 20% groen, bij 20% - 35% oranje (volgens website geel) en bij > 35% rood (volgens website oranje). Volgens de eerdergenoemde website is de bandbreedte van deze ratio bij de diverse gemeenten groot. Of een gemeente een beheers- of een ontwikkelgemeente is heeft een grote invloed op deze ratio. Ten opzichte van de jaarrekening 2021 is deze ratio gedaald en daarmee verbeterd. Ook deze ratio verbetert, net als de schuldquote door hogere baten. Structurele exploitatieruimte Het financiële kengetal structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting/jaarrekening is, afgezet tegen de inkomsten.
Dit kengetal brengt de structurele weerstandscapaciteit of robuustheid van de meerjarenbegroting tot uitdrukking. De structurele exploitatieruimte heeft een positieve invloed op de solvabiliteit als hiermee het eigen vermogen wordt versterkt. Volgens de website ‘staatvan.zuid-holland.nl’ is de kleur bij een ratio van > 0% groen, 0% oranje (volgens website geel) en bij < 0% rood (volgens website oranje). De score is positief (groen) en afgenomen ten opzichte van jaarrekening 2021. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk (jaar t) in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde (jaar t-1). Volgens de website ‘staatvan.zuid-holland.nl’ is de kleur bij een ratio van < 95% groen, bij 95% 105% oranje (volgens website geel) en bij > 105% rood (volgens website oranje). De tarieven zijn bij de gemeente Waddinxveen hoger dan gemiddeld in Nederland. Financiële kengetallen begroting 2022 – 2025 in samenhang De gemeente Waddinxveen is een ontwikkelgemeente. Dit betekent dat de financiële begroting jaarlijks sterk kan wisselen. Dit is van invloed op het verloop van de Netto schuldquote, de Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, de Solvabiliteit en de Grondexploitatieratio, die hierdoor een grillig karakter kunnen vertonen. Door hogere baten, verbeteren de schuldquote en de grondexploitatieratio.
De hogere baten worden onder meer veroorzaakt door hogere opbrengsten uit grondverkoop.
57
Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding In de openbare ruimte van onze gemeente vinden allerlei activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Onze kapitaalgoederen faciliteren deze activiteiten. Te denken valt aan wegen, bruggen, lantarenpalen, bomen, speelplaatsen, watergangen, sportvelden, het rioolstelsel en gemeentelijke gebouwen. De gemeente heeft de taak deze kapitaalgoederen te onderhouden. De kwaliteit en het onderhoud van deze kapitaalgoederen is bepalend voor de (jaarlijkse) lasten. De raad heeft op basis van de Visie Beheer Openbare Ruimte het beheerniveau en de daaraan gekoppelde financiële gevolgen vastgesteld voor alle kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Om het beoogde beheerniveau te waarborgen stellen we voor de verschillende kapitaalgoederen beheerplannen op. De beheerniveaus, zoals vastgelegd in de Visie Beheer Openbare Ruimte, zijn als volgt onderverdeeld: Centra
Hoofdwegen
Woonwijken
Bedrijven
Buitengebied
Jaarlijks onderhoud
A
B
B
B
C
Groot onderhoud
A
B
B
B
C
Vervangingsinvesteringen
A
B
B
B
C
Deze beheerniveaus kunnen als volgt worden toegelicht: Code
Kwaliteit
Technische staat
Verzorging
A
Hoog
Weinig op aan te merken
Schoon
B
Basis
Lichte schade, een en ander op aan te merken
Matig schoon, niet storend
C
Laag
Duidelijke schade, veel op aan te merken
Vuil, storend
Bij het in stand houden van de kapitaalgoederen maken we een onderscheid tussen jaarlijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. De budgetten voor jaarlijks onderhoud zijn per jaar op een gelijkblijvend niveau opgenomen binnen de exploitatiebegroting van het programma. Deze paragraaf richt zich op het groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. Groot onderhoud vindt cyclisch plaats. Om het groot onderhoud zonder fluctuaties te bekostigen treffen we voorzieningen. Jaarlijks wordt een evenredig bedrag gestort in de voorzieningen vanuit de exploitatie. De uitgaven voor groot onderhoud in een bepaald jaar onttrekken we uit de voorzieningen. Als kapitaalgoederen aan het eind van de levensduur zijn, vindt een vervangingsinvestering plaats. De kosten van de vervangingsinvesteringen worden geactiveerd en afgeschreven met ingang van het jaar na realisatie op basis van de levensduur van het nieuwe kapitaalgoed.
Onderhoud kapitaalgoederen Binnen de kapitaalgoederen zijn onze beheerdisciplines onderverdeeld in wegen, groen, riolering en gebouwen. Om de kapitaalgoederen te beheren en onderhouden stellen we beheerplannen op. Programma 4 Leefbaar Dorp gaat ook in op het beheer van de openbare ruimte. De disciplines wegen en groen hebben we verwerkt in het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2021-2024. In het Gemeentelijk Waterplan 2021-2025 wordt ingegaan op de discipline riolering. Voor de discipline gebouwen hanteren we het Meerjarenonderhoudsplan gemeentelijk vastgoed 2020-2023 als basis. Wegen Onder de beheerdiscipline wegen vallen de disciplines wegen, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting en verkeersregelinstallaties. We beheren en onderhouden deze disciplines op basis van het beleid uit de Visie Beheer Openbare Ruimte, slappe bodem, mobiliteit, parkeren en de Duurzaamheidvisie. Daarnaast hanteren we de richtlijnen van onze Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR) en de richtlijnen die worden opgesteld door het CROW, zoals de richtlijnen van Duurzaam Veilig. Ook het politiekeurmerk Veilig Wonen is een richtlijn die we voor openbare verlichting hanteren. In 2021 hebben we naast de integrale projecten ook groot onderhoud gepleegd aan onze asfaltwegen.
58
Groen Onder de beheerdiscipline groen vallen de disciplines openbaar groen, stedelijk water, spelen en buitensport. We beheren en onderhouden deze disciplines op basis van het beleid uit de Visie Beheer Openbare Ruimte, Groenstructuur en groenbeleid, Speelruimteplan, Gemeentelijk Waterplan en de Duurzaamheidvisie. Daarnaast hanteren we de richtlijnen van de LIOR en de richtlijnen uit het Handboek Bomen 2018 van het Norminstituut Bomen. Ook hanteren we voor onze speeltoestellen de eisen van het Warenbesluit Attractie- en speeltoestellen. Voor spelen geldt dat veiligheid leidend is en niet de beeldkwaliteit. Voor buitensport geldt een minimale cultuurtechnische en sporttechnische kwaliteit met betrekking tot de buitensportvelden. In 2021 hebben we naast de integrale projecten ook uitvoeringsactiviteiten uit het Uitvoeringsplan Groen 2021-2024 gerealiseerd. Het gaat om de deelprojecten Groene Lijnen in het Stedelijk Landschap, Nationale Boomfeestdag en Opfleurplekken. Daarnaast hebben we verschillende watergangen gebaggerd, waardoor deze weer voldoende bergingscapaciteit hebben.
59
Riolering Voor het beheer en onderhoud van de riolering sturen we op twee aspecten, namelijk de technische staat en de afvoercapaciteit. Beheer op basis van een verschillende beheerniveaus is dan ook niet aan de orde. We beheren en onderhouden de riolering op basis van het beleid uit het Gemeentelijk Waterplan (GWP) en de Duurzaamheidsvisie. In het GWP wordt voor de periode 2021-2025 ingegaan op manier waarop we invulling geven aan onze zorgplichten voor afval, hemel- en grondwater. In dit plan is tevens beschreven hoe we ons rioolstelsel in stand houden. Daarnaast hanteren we de richtlijnen van de LIOR. In 2021 hebben we naast de integrale projecten ook de aanleg van een hemelwaterriool op Coenecoop voorbereid en hebben we geïnvesteerd in onze pompen.
60
Gemeentelijke gebouwen Voor het beheer en onderhoud van onze gebouwen hanteren we het Meerjarenonderhoudsplan gemeentelijk vastgoed 2020-2023. Hiervoor zijn de gebouwen geïnspecteerd en de gegevens ingevoerd in het onderhoudsprogramma, waarbij het beheerniveau ‘sober en doelmatig’ uit de NEN2767 is aangehouden. Door de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma Maatschappelijk Vastgoed zijn in 2024 en 2025 renovaties gepland voor de sportzalen Groenswaard en De Duikelaar. Wij anticiperen op deze geplande renovaties door beschikbare middelen spaarzaam en alleen indien noodzakelijk in te zetten, waardoor enige achterstand in het onderhoud kan ontstaan. Dit heeft geen gevolgen voor het aan te houden beheerniveau.
61
Paragraaf 4 Financiering Inleiding Bij de opstelling van de paragraaf Financiering is rekening gehouden met het rentebeleid op basis van de Notities Grondexploitaties 2016 en Rente 2017 van de commissie BBV. Het hierbij behorende rentebeleid voor de gemeente Waddinxveen is vastgelegd in de Financiële verordening gemeente Waddinxveen 2017 die op 5 juli 2017 door de raad is vastgesteld. Met ingang van 2017 komt in de gemeente Waddinxveen, met één uitzondering, alleen nog maar het saldo rentelasten dat samenhangt met het vreemd vermogen tot uitdrukking in de exploitatie.
Renteomslag 2021 De renteomslag kan voor het jaar 2021 als volgt worden samengevat: Rentelasten kort- en langlopende geldleningen Rentebaten kort- en langlopende vorderingen Saldo rentelasten en baten Doorberekende rente aan grondexploitatie Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury
Begroting 2021 -1.930 -1.930 600 -1.330 -1.330 1.539 209
Jaarrekening 2021 -1.854 0 -1.854 481 -1.373 -1.373 1.539 166
Bedragen x € 1.000 Doorb erekende rente aan grondexploitatie Bij de grondaankopen Bouwfonds Property Development (BPD) in het kader van het actief grondbeleid gemeentelijke grondexploitatie Triangel is er sprake van ‘projectfinanciering’ door een langlopende geldlening van BPD voor hetzelfde bedrag. Hiervoor wordt met ingang van 2021 een rentepercentage gehanteerd van 1,5%. Deze rentelast wordt doorberekend aan de gemeentelijke grondexploitatie Triangel. Bij de overige langlopende geldleningen is er sprake van ‘integrale financiering’. Bij deze vorm van financiering worden alle activa van de gemeente beschouwd bij het aantrekken van een langlopende geldlening. Het in de grondexploitaties actief grondbeleid te hanteren rentepercentage wordt bij ‘integrale financiering’ bepaald uit het gewogen gemiddelde rentepercentage van de bestaande leningenportefeuille van de gemeente, naar verhouding vreemd vermogen/totaal vermogen. Hierbij blijven de eerdergenoemde langlopende geldlening BPD en de uitgestelde betalingsregeling Centrum dus buiten beschouwing. De rente aan een grondexploitatie actief grondbeleid wordt toegerekend over de boekwaarde van de actieve grondexploitaties per 1 januari van het betreffende boekjaar, waarbij rente tijdens het boekjaar met ingang van de begroting 2017 – 2020 is komen te vervallen.
Er wordt gekozen voor een stabiel rentepercentage in de meerjarenprognose actief grondbeleid. Bij een afwijking van 0,5% van dit rentepercentage moet volgens de Notitie Grondexploitaties 2016 het percentage worden bijgesteld. Rente over eigen vermogen Met ingang van 2017 komt in de gemeente Waddinxveen, met één uitzondering, alleen nog maar het saldo rentelasten dat samenhangt met het vreemd vermogen tot uitdrukking in de exploitatie. Er wordt bij het belegde eigen vermogen, op basis van de Nota kostenverhaal 2017, alleen rente toegevoegd aan de Reserve bovenwijkse voorzieningen. De besluitvormende raad heeft op 13 december 2017 ingestemd met deze afwijking van de Financiële verordening gemeente Waddinxveen 2017.
62
Doorb erekende rente aan taakvelden De aan de taakvelden (programma’s en overzicht Overhead), als onderdeel van de kapitaallasten (Staat van vaste activa) toe te rekenen rente is met ingang van 2017 de sluitpost van de renteomslag. Indien de werkelijke rentelasten in Euro’s die over een jaar aan taakvelden hadden moeten worden doorbelast afwijken van de rentelasten in Euro’s die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend, dan kan de gemeente besluiten tot correctie.
Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde, prudente en professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden. De Wet fido heeft een gezonde financiering van openbare lichamen, waaronder gemeenten, als centrale bedrijfseconomische doelstelling. Mede naar aanleiding van de kredietcrisis zijn begin 2009 de eisen verscherpt en is de Ruddo (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) aangepast, waarbij voor de renterisiconorm en de kasgeldlimiet nieuwe normeringen zijn bepaald. Naast het beheersen van de financieringsrisico’s kent de Wet fido ook een macro-budgettaire doelstelling. Dit betreft de beheersing van de grenswaarde van het zogenoemde EMU-tekort van 3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP).
Wet Houdbare overheidsfinanciën De Wet Houdbare overheidsfinanciën (Hof) is op 15 december 2013 van kracht geworden. De wet Hof regelt in essentie twee zaken die voortvloeien uit Europese verplichtingen. De eerste is dat het nationale systeem van begrotingsvoorbereiding en de toepassing van vaste uitgavenkaders wettelijk worden vastgelegd. Ten tweede worden lagere overheden gebonden aan een maximaal begrotingstekort (macronorm) op kasbasis. Wordt de macronorm toch overschreden, dan volgen sancties of boetes. Er blijft te allen tijde ruimte voor bestuurlijk overleg op basis van gelijkwaardigheid. Volgens het bestuursakkoord dat is afgesloten met VNG, IPO en de Unie van waterschappen mogen de lagere overheden een tekort hebben van 0,5%.
Verloop financieringstekort/overschot In de onderliggende investerings- en financieringsstaat wordt het verloop van het financieringsoverschot in 2021 inzichtelijk gemaakt en de mutaties hierin: Investerings- en financieringsstaat (x € 1.000)
1-1-2021
Mutaties
31-12-2021
Activa Boekw aarde vaste activa Boekw aarde grondexploitaties Totaal activa
102.626 34.208 136.834
9.103 - 14.168 - 5.065
111.729 20.040 131.769
Passiva Algemene Reserves Bestemmingsreserves Voorzieningen Langlopende geldleningen (boekw aarden) Totaal passiva Financieringssaldo
22.692 27.512 10.928 84.269 145.401 8.567
477 10.160 -1.512 -7.288 1.837 6.902
23.169 37.672 9.416 76.981 147.238 15.469
Risicobeheer Voor het risicobeheer worden als risico’s onderscheiden het renterisico van de korte termijnfinanciering, het renterisico voor de lange termijnfinanciering en het kredietrisico voor uitgezette gelden. In de Wet fido zijn voor het beperken en beheersen van de genoemde risico’s concrete normen opgenomen, te weten de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Deze worden in het vervolg verder uitgewerkt. Kasgeldlimiet Een belangrijk uitgangspunt van de Wet fido is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten. Daarom is voor het bepalen van de liquiditeitspositie – dit is de mate waarin op korte termijn (ten hoogste 12 maanden) aan de opeisbare verplichtingen kan worden voldaan – de zogenaamde kasgeldlimiet van belang. Dit is het bedrag dat maximaal als kasgeld mag worden opgenomen. Voor 2021 ziet het verloop van de kasgeldlimiet er als volgt uit: Kasgeldlimiet Omvang begroting per 1 januari 2021 (=grondslag)
Bedragen per kwartaal Kw. 1 Kw. 2 104.156 104.156
Kw. 3 104.156
Kw. 4 104.156
63
Kasgeldlimiet
Bedragen per kwartaal Kw. 1 Kw. 2
(1) Toegestane kasgeldlimiet - in procenten van de grondslag - in bedrag (2) Omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
Kw. 3
Kw. 4
8,5 % 8.853
8,5 % 8.853
8,5 % 8.853
8,5 % 8.853
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
(3) Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar
14 257 15.984
10 337 20.747
18 257 24.696
10 255 18.137
Toets kasgeldlimiet (4) Totaal netto vlottende schuld (2) – (3) Toegestane kasgeldlimiet (1) Ruimte (+) / Overschrijding (-); (1) – (4)
-16.255 8.853 25.108
-21.094 8.853 29.947
-24.971 8.853 33.824
-18.402 8.853 27.255
Bedragen x € 1.000 Renterisiconorm De renterisiconorm is van belang om de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente op de rentelasten van de gemeente te beperken. Met de renterisiconorm stelt de Wet fido een limiet aan dat deel van de vaste schuld waarover het rentepercentage in een zeker jaar moet worden aangepast aan de dan geldende markttarieven. Dergelijke aanpassingen doen zich voor bij herfinanciering en renteherziening. De jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen voor gemeenten mogen volgens deze norm niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. De renterisiconorm is een nuttig instrument bij het beheersen van renterisico’s. Dit betekent niet dat deze norm alle risico’s van de organisatie bestrijkt. Bijvoorbeeld de renterisico’s op nieuw af te sluiten leningen voor zover deze niet worden aangegaan om andere leningen af te lossen, maken geen deel uit van de berekening van de renterisiconorm. Renterisiconorm en renterisico’s vaste schuld (bedragen x
Begroot
Werkelijk
€ 1.000) 1
Renteherziening op vaste schuld o/g
0
0
2
Te betalen aflossingen
5.677
7.601
3
Renterisico op vaste schuld (1+2)
5.677
7.601
104.156
118.753
Renterisiconorm 4a
Begrotingstotaal (lasten) jaar 2021
4b
Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage
4
Renterisiconorm (minimumbedrag)
20%
20%
20.831
23.750
15.154
16.149
Toets renterisiconorm 5a
Ruimte onder renterisiconorm (indien 4>3)
5b
Overschrijding renterisiconorm (indien 3>4)
Bedragen x € 1.000
64
Paragraaf 5 Bedrijfsvoering Inleiding De Gemeente Waddinxveen speelt dagelijks in op vragen en ontwikkelingen van het dorp en levert dagelijkse producten en diensten voor het dorp. Bedrijfsvoering zorgt dat deze taken zo goed mogelijk kunnen worden uitgevoerd.
Meer zicht en grip op onze werkzaamheden Vanaf 2021 werken we met een planning voor de hele organisatie, de z.g. ‘concernplanning’. Deze helpt ons om beter aan de voorkant te bepalen welke onderwerpen aandacht en voorrang moeten krijgen.
We werken aan een organisatie die klaar is voor de toekomst In 2019 zijn we gestart met een organisatieontwikkelingstraject “Toekomstbestendige organisatie”. Onze omgeving verandert immers steeds sneller en is onvoorspelbaar, onzeker en ingewikkeld. Om hier goed mee om te gaan, denken en werken we als één organisatie. Bij elke ontwikkeling kiezen we de juiste vorm van sturen. Zo kunnen we publieke waarde blijven toevoegen. We hadden hiervoor fysieke bijeenkomsten met medewerkers gepland. Door strengere coronamaatregelen kon maar een klein deel doorgaan. In 2022 pakken we dit weer op.
We zorgen dat onze medewerkers klaar zijn voor de toekomst We hebben onderzocht hoe het stond met het welbevinden van onze medewerkers. De meeste van onze medewerkers werkten immers al bijna een jaar thuis. Uit het onderzoek en uit gesprekken met medewerkers bleek dat er sprake was van (te) hoge werkdruk. We zetten in op bewezen maatregelen om de werkdruk weer onder controle te krijgen. Zo moedigen we zelfleiderschap bij medewerkers aan en stoppen energie in leiderschapsontwikkeling.
We werken nog meer digitaal en slimmer We hebben het uitvoeren en bewaren van zaken verbeterd en een nieuw zaaksysteem gekocht. Na de invoering daarvan kunnen aanvragers de eigen zaken online bekijken. We hebben ons verder voorbereid op de invoering van de Wet open overheid. En we kunnen kaarten laten zien op onze website en zo ook allerlei openbare gegevens delen.
Wij vinden de bescherming van persoonsgegevens en de veiligheid van alle informatie belangrijk Hoe houden we de b escherming van persoonsgegevens vast We controleren regelmatig of de maatregelen nog voldoende zijn. En passen processen aan als dat nodig is. We hebben bij verschillende doelgroepen het belang van privacy onder de aandacht gebracht door onlinebijeenkomsten. We hebben voorbereidingen getroffen om actief openbaar te delen welke persoonsgegevens we verwerken en waarom. Hoe houden we alle informatie veilig We hebben ons beleid bijgewerkt en maatregelen getroffen voor de grootste risico’s. We beschermen ons netwerk tegen dreigingen en controleren op vreemde gegevens en gebeurtenissen. We hebben voorbereidingen getroffen om beter te regelen wie toegang krijgt tot welke informatie. Tot slot hebben we onze maatregelen uitgelegd aan de verschillende toezichthouders. Hoe voorkomen we dat persoonsgegevens komen waar ze niet horen Wij krijgen ook allerlei kwaadaardige mails om gegevens te stelen of misbruiken. Deze mails hebben niet tot vervelende gebeurtenissen geleid. Ze werden door technologie tegengehouden. Of ze werden als kwaadaardig herkend dankzij de aandacht die we hieraan hebben besteed. Als persoonsgegevens kwamen waar ze niet horen, hebben we dat volgens afspraken afgehandeld.
En als dat nodig was hebben we dat met de Autoriteit Persoonsgegevens en betrokken personen besproken.
Jaarverslag Ondernemingsraad gemeente Waddinxveen 2021 De OR wordt vroegtijdig betrokken bij relevante ontwikkelingen in de organisatie. De inbreng van de OR wordt na afstemming in de voorstellen verwerkt en dat leidt tot een snelle en beterr besluitvorming. In de week van 8 juni heeft de verkiezing voor nieuwe OR leden plaatsgevonden en zijn 7 (waarvan 4 nieuwe) leden benoemd.
65
In 2021 hebben 7 overlegvergaderingen plaatsgevonden met de WOR-bestuurder (gemeentesecretaris). De b elangrijkste onderwerpen waar de OR over heeft geadviseerd of mee heeft ingestemd zijn: • Aanvullende RI&E-module in verband met het Coronavirus en aangepast Plan van Aanpak. • Agressiebeleid • Concept “Visie op werken in de toekomst: zo werkt Twan!” • Aanpassing in personeelshandboek bij studiecategoriën De onderwerpen die ter informatie zijn b esproken: • RI&E en de Plannen van aanpak voor de verschillende gemeentelijke locaties • Aanvulling rechtspositionele procedure medewerker Klantcontact bij Publieksplein • Corona-maatregelen en thuiswerkvergoeding; • Uitslag enquête welbevinden Overige onderwerpen die aan de orde zijn gekomen: • Uitlenen laptops en overige kantoorfaciliteiten ivm thuiswerken • Problemen bij het inloggen i.c.m. bereikbaarheid Servicedesk • Kaderbrief 2022-2025 Tot slot heeft op basis van artikel 24 van de Wet op de Ondernemingsraden overleg plaatsgevonden met de WORbestuurder en de burgemeester over de algemene gang van zaken in de “onderneming”. In dit overleg is onder andere gesproken over de groei van de gemeente, het nieuwe college en de gevolgen van de Corona-maatregelen voor de organisatie.
Vertrouwenspersoon In 2021 heeft de externe vertrouwenspersoon 3 signalen over ongewenst gedrag ontvangen. Een van de interne vertrouwenspersonen heeft 2 signalen over ongewenst gedrag ontvangen Deze signalen zijn op een passende manier behandeld.