CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage I: IHP Waddinxveen 2025-2029

Besluitvormende raadsvergadering 16 april 2025, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Integraal Huisvestingsplan (IHP) 2024-202921.091 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

2

359

Leerlingenaantal 2024

BVO schoolgebouw

Leerlingenaantal op piek prognose 2044

Normatieve ruimtebehoefte in 2044

Ruimtetekort/ overschot in 2044

1.721

13.218 m2

-5.392m2

7.387 m2

Coenecoop College

4 Het bvo van de Bethelschool is in totaliteit 1837m2. Hiervan is 152m2 uit eigen middelen gerealiseerd

BVO in gebruik kinderopvang

1.080

418 m2

5

De Koning Willem-Alexanderschool, De Regenboog en stichting Quadrant zijn gezamenlijk gehuisvest binnen het kindcentrum Groenoord. Stichting Quadrant heeft hier 300m2 in eigendom. Deze vierkante meters voor kinderopvang zijn niet meegenomen in de vierkante meters onderwijs vermeld in bovenstaande tabel. Pagina 19 van 56

5.2. Capaciteit Kinderopvang Als basis voor de berekening van de huidige en toekomstige behoefte aan kinderopvang in de gemeente Waddinxveen is de leerlingenprognose voor het PO gebruikt, dit verschilt voor kinderopvang en buitenschoolse opvang:  KDV: er is uitgegaan van 50% van het aantal kinderen in de gemeente. Immers gaat de leerlingenprognose over de kinderen in de leeftijd 4 t/m 11 jaar en 30% van de 12 jarigen, kinderopvang gaat over de kinderen in de leeftijd 0 tot 4 jaar. Vervolgens zijn de jaartallen gecorrigeerd op basis van t-4. Immers is de behoefte aan kinderopvang 4 jaar eerder dan de behoefte aan basisonderwijs.  BSO: er is uitgegaan van de leerlingenprognose van het PO. Deze hoeft voor BSO niet gecorrigeerd te worden. Immers zijn de kinderen die gebruik maken van BSO van dezelfde leeftijd als de kinderen in de basisschoolleeftijd. Voor zowel KDV als BSO is een analyse uitgevoerd op basis van het landelijke gemiddelde belangstellingspercentage en een analyse van +10% bovenop de landelijk gemiddelde belangstelling. Uit gesprekken met de kinderopvangorganisaties die werkzaam zijn binnen Waddinxveen blijkt voor deze gemeente een bovengemiddelde belangstelling. Voor KDV is een belangstellingspercentage van 54%-64% geanalyseerd. Voor BSO is dit respectievelijk 29%-39%.

De basisgeneratie (het aantal woonachtige kinderen in de gemeente) is per wijk weergegeven in de prognose. De wijken die worden gehanteerd in deze capaciteitsanalyse zijn afkomstig uit de wijkkaarten van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Op de volgende pagina is en kaart opgenomen met daarin de aanduiding van deze wijkindeling in Waddinxveen. Dit maakt het mogelijk om de geprognosticeerde tekorten en overschotten op wijkniveau weer te geven. In deze analyse is geen rekening gehouden met de eigendomssituatie en eventuele huur van onderwijs vierkante meters door kinderopvangorganisaties.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

KDV 54% belangstelling Wijknaam Wijk 01 Noordwest Wijk 02 Zuidwest Nwbw. Triangel Wijk 03 Noordoost Nwbw. Noordkade Wijk 04 Zuidoost Totaal

Kindplaatsen aanbod 2024

Kindplaatsen benodigd 2024

Balans capaciteit aanbod 2024

Kindplaatsen Balans benodigd piek capaciteit 2036 aanbod 2036

48

89

-41

99

-51

229

282

-53

271

-42

0

46

-46

50

-50

190

77

113

88

102

0

37

-37

92

-92

202

96

106

105

97

669

627

42

706

-37

Kindplaatsen benodigd piek 2036

Balans capaciteit aanbod 2036

KDV 64% belangstelling Wijknaam Wijk 01 Noordwest Wijk 02 Zuidwest Nwbw. Triangel Wijk 03 Noordoost Nwbw. Noordkade Wijk 04 Zuidoost Totaal

Balans capaciteit aanbod 2024

Kindplaatsen 2024

Kindplaatsen benodigd 2024

48

105

-57

118

-70

229

335

-106

321

-92

0

54

-54

60

-60

190

91

99

104

86

0

44

-44

110

-110

202

114

88

125

77

669

744

-75

837

-168

Pagina 20 van 56

BSO 29% belangstelling Wijknaam Wijk 01 Noordwest Wijk 02 Zuidwest Nwbw. Triangel Wijk 03 Noordoost Nwbw, Noordkade Wijk 04 Zuidoost Totaal

Kindplaatsen benodigd piek 2036

Balans capaciteit aanbod 2036

-55

103

-59

255

-120

300

-165

0

0

0

60

-60

197

84

113

90

107

0

0

0

106

-106

260

78

182

113

147

636

516

120

773

-137

Kindplaatsen 2024

Kindplaatsen benodigd 2024

44

99

135

Balans capaciteit aanbod 2024

Wijk 3

Wijk 1

BSO 39% belangstelling Wijknaam Wijk 01 Noordwest Wijk 02 Zuidwest Nwbw. Triangel Wijk 03 Noordoost Nwbw, Noordkade Wijk 04 Zuidoost Totaal

Kindplaatsen 2024

Kindplaatsen benodigd 2024

Balans capaciteit aanbod 2024

Kindplaatsen benodigd piek 2036

Balans capaciteit aanbod 2036

44

134

-90

138

-94

135

343

-208

404

-269

0

0

0

81

-81

197

113

84

121

76

0

0

0

143

-143

260

105

155

152

108

636

695

-59

1039

-403

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Wijk 4 Wijk 2

Pagina 21 van 56

Schoolnaam

Bouwjaar

Bouwk. staat

Veiligheid

Binnenmilieu

Exploitatie

Onderwijsk. functionaliteit

Quickscan Score

Deze paragraaf bespreekt de uitkomsten van de Quickscanscores. Er is op basis van de Quickscans een vervangingsopgave tussen 5-10 jaar voor de Theo Thijssenschool, Kerkstraat 13. Daarnaast is er een vervangingsopgave rond de 20 jaar voor de Bethelschool, de Rehobothschool, Kleurrijk, de Kardinaal Alfrinkschool en de locatie van Dick Bruna aan Kanaaldijk 7. Toelichting scores per onderdeel: 1. Uitstraling scoort overwegend voldoende, enkele schoolgebouwen scoren matig. Deze komen uit de bouwperiode 1960-1990 en hebben geen of een matige ingreep t.b.v. de uitstraling gehad in het verleden. 2. Bouwkundige staat scoort overwegend voldoende tot goed. Een enkele school scoort matig, hier is binnen een periode van 15 jaar een levensduurverlengende renovatie gewenst. Eén school scoort slecht, dit betreft tijdelijke huisvesting in een verouderd pand. 3. Veiligheid scoort overwegend voldoende, met uitzondering van de hierboven al benoemde tijdelijke locatie. Deze tijdelijke locatie scoort, door het gebrek aan een geldige gebruiksvergunning, wederom slecht. 4. Binnenmilieu scoort overwegend goed voor de nieuwe schoolgebouwen, hier wordt voldaan aan Frisse Scholen klasse B. De oudere schoolgebouwen scoren voldoende (Frisse Scholen Klasse C) tot matig (alleen natuurlijke ventilatie) voor het onderdeel binnenmilieu. 5.

Exploitatie scoort overwegend matig tot onvoldoende omdat wordt getoetst aan de gewenste klimaateis in 2050 (energieneutraliteit), logischerwijs zijn veel scholen nog niet energieneutraal. Helaas heeft dit ook hoge exploitatiekosten tot gevolg. Tegelijkertijd scoren de nieuwere scholen grotendeels positief. 6. Onderwijskundige functionaliteit scoort voor de oudere schoolgebouwen overwegend matig en voor de nieuwe schoolgebouwen overwegend goed. Reden hiervoor is dat oudere schoolgebouwen vaak niet aansluiten bij eigentijds onderwijs. Oudere schoolgebouwen zijn ingericht voor frontale, klassikale lesvormen en zijn weinig flexibel. In de huidige tijd is meer behoefte aan ruimte om te kunnen differentiëren in lesvormen (in aula’s of op leerpleinen) en zijn toezichtmogelijkheden nodig.

Uitstraling

5.3. Kwaliteit Onderwijs: Quickscans

Bethelschool

1970

6.0

6.0

6.0

7.0

5.5

5.5

71.5

Rehobothschool

1985

6.0

6.0

6.0

6.0

5.0

5.5

68.5

Kleurrijk

1967

5.5

5.5

6.0

5.5

5.5

5.5

66.5

CBS TOV6

2020

7.0

8.0

7.0

7.0

7.0

7.0

87.0

Koning Willem-Alexanderschool

2019

8.0

8.0

7.0

7.0

5.5

7.0

85.0

Theo Thijssenschool Kerkweg Oost 230

1926

7.0

8.0

6.0

7.0

4.0

5.5

75.5

Theo Thijssenschool Kerkstraat 13

1936

6.0

4.0

5.0

5.5

7.0

5.0

63.0

Dick Bruna Parklaan 3-7

2020

7.0

8.0

7.0

7.0

7.0

7.0

87.0

Dick Bruna Kanaaldijk 7

2010

6.0

7.0

6.0

6.0

5.5

4.0

68.0

Dick Bruna Parklaan 11

2022

6.0

8.0

6.0

7.0

6.0

6.0

80.0

Kardinaal Alfrinkschool

1987

5.5

6.0

6.0

5.5

5.5

6.0

69.5

De Regenboog

2019

8.0

8.0

7.0

7.0

6.0

7.0

86.0

Coenecoop College

2023

6.0

8.0

7.0

7.0

7.0

8.0

89.0

6

In de Quickscan is de huidige huisvesting van CBS TOV beoordeeld. De rest van dit IHP gaat uit van de toekomstige situatie van CBS TOV: De nieuwbouw aan de Zuidelijke Rondweg.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 22 van 56

5.4. Duurzaamheid Onderwijs In onderstaande tabel zijn de indicatieve energielabels opgenomen van de gebouwen waarvoor een duurzaamheidsscan is uitgevoerd. De duurzaamheidsscans zijn uitgevoerd bij de vijf scholen die ten tijde van het voorgaande IHP niet hun intrek hebben genomen in nieuwbouw. In plaats daarvan is een renovatie uitgevoerd van bestaande schoolgebouwen. De gerenoveerde gebouwen zijn onvoldoende voorbereid op de steeds strengere eisen die worden gesteld aan de energieprestatie van gebouwen. Dit is de aanleiding geweest de duurzaamheidsscans uit te voeren en integraal onderdeel te maken van dit IHP. Schoolnaam

Schoolbestuur

Bouwjaar

Renovatiejaar

Indicatief Energielabel

Bethelschool

NHS Waddinxveen

1970

2021

C

Rehobothschool

NHS Waddinxveen

1985

2022

C

LEV-WN

1967

2019

F

Stichting Klasse

1926

2018

D

De Groeiling

1987

2020

C

Kleurrijk Theo Thijssenschool Kerkweg-Oost 230 Kardinaal Alfrinkschool

zich dit in sommige wijken tot een (rekenkundig) overschot aan kindplaatsen en in sommige wijken tot een tekort. In de praktijk wordt op geen enkele locatie overschot ervaren doordat ouders bij de keuze voor kinderopvang door het algemene tekort aan kindplaatsen uitwijken naar locaties buiten de wijken waar zij woonachtig zijn.

Voor de scholen geldt, zeker voor Kleurrijk, dat het indicatieve energielabel ver afstaat van Bijna Energieneutraal (BENG) (A+++) of Energieneutraal (ENG) (A++++). De duurzaamheidsscans zijn opgenomen in bijlage VI.

5.5. Reflectie op de opgave Het in de inleiding omschreven beeld van de opgave voor de gemeente Waddinxveen is in dit hoofdstuk bevestigd (par. 1.3.). Er is slechts een beperkte vervangings/vernieuwingsopgave voor de scholen. Er ligt met name een grote opgave op het gebied van onderwijscapaciteit, dit blijkt uit de leerlingenprognose en de capaciteitsanalyse. Ook liggen er voor de recent gerenoveerde gebouwen kansen op het gebied van verduurzaming. Op het gebied van kinderopvang is, ondanks een aantal uitbreidingen van bestaande locaties en het toevoegen van nieuwe locaties een tekort te zien voor zowel kindplaatsen in een kinderdagverblijf als in buitenschoolse opvang. In totaliteit is er een tekort aan kindplaatsen, door scheefgroei tussen de vraag en het aanbod op wijkniveau vertaald

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 23 van 56

6. Scenario’s Dit hoofdstuk bespreekt de scenario’s voor de onderwijshuisvesting, gymzalen en kinderopvang. De diverse scenario’s worden onderbouwd aan de hand van de quickscanscores, de capaciteitsanalyse en overige criteria. De scenario’s en prioritering zijn tot stand gekomen in samenspraak met de schoolbesturen. Er wordt nog geen afweging gemaakt ten aanzien van nieuwbouw, (ver)nieuwbouw en renovatie. Dit vereist bij de uitvoering van het IHP per locatie een gedegen afweging middels haalbaarheidsonderzoeken.

6.2. Scenario’s Onderwijs De volgende scenario’s zijn geformuleerd:

6.2.1 Nieuwbouw en vernieuwbouw In deze paragraaf wordt de nieuwbouw, vernieuwbouw en renovatieopgave van de komende 20 jaar benoemd. 1.

Nieuwe School Stichting Klasse, De Gouwe: er is recentelijk een nieuwe school gestart in het oude gebouw van het Coenecoop College (Kanaaldijk 7). De verwachting van het schoolbestuur en de gemeente is dat deze school in potentie ca. één leerlijn zal gaan huisvesten. Voor deze nieuwe school zijn nog geen leerlingenprognoses opgesteld. Het verdere verloop van het leerlingenaantal school is nog onzeker en wordt in samenspraak tussen schoolbestuur en gemeente gemonitord. Er wordt rekening gehouden met de realisatie van een nieuwe school in de termijn 0 tot 5 jaar.

2.

Nieuwbouw Noordkade: Afhankelijk van de ontwikkelingen in Noordkade wordt een tekort voorzien. Er is gezien de prognose ruimte voor drie leerlijnen in deze nieuwbouwwijk. De schoolbesturen hebben aangegeven in overleg te treden over welke schoolbesturen hier een school zal beogen te stichten. Hierbij dient goed te worden aangesloten op de specifieke onderwijsbehoefte van de ouders en kinderen in de nieuwe wijk. Het tempo van de realisatie zal worden afgestemd op de ontwikkeling van de wijk. In Fase 1 dient er ook een school te komen. Er is in dit IHP rekening gehouden met het realiseren van twee leerlijnen binnen de periode 5-10 jaar en één leerlijn in de periode 10-15 jaar. Het tempo van de woningbouwontwikkeling gaat minder snel dan aanvankelijk in de leerlingenprognose is ingeschat. De exact uitwerking wordt overeenkomstig met de daadwerkelijke ontwikkelingen van nieuwbouw in Noordkade uitgevoerd.

3.

Theo Thijssenschool (Kerkstraat 13): er is conform de Quickscanscore een vervangingsopgave in de termijn 5-10 jaar. Het voornemen was om deze locatie af te stoten, gelet op de voorgenomen uitbreiding bij de hoofdlocatie. Nu er vertraging is ontstaan bij deze uitbreiding blijft deze locatie in gebruik.

4.

Bethelschool, Rehobothschool, Kleurrijk en Kardinaal Alfrinkschool: er is conform de Quickscanscore een vervangingsopgave (nieuwbouw of

6.1. Scholenlandschap Gemeente Waddinxveen heeft een goed gespreid en divers scholenbestand. In overleg met de schoolbesturen, en op basis van herkomstanalyses zie bijlage IV) is geconcludeerd dat Waddinxveen als één voedingsgebied fungeert. Uiteraard kiezen ouders en leerlingen overwegend voor nabij gelegen scholen, maar er is zeker ook reisbereidheid voor specifieke denominaties en onderwijsconcepten. Er wordt bij het omschrijven van de scenario’s in dit hoofdstuk daarom geen onderscheid gemaakt in deelgebieden. De huidige situatie binnen de gemeente is in deze paragraaf weergegeven op twee kaarten, voor de leesbaarheid van de kaarten is een verdeling van oost- en west aangehouden. Hieronder volgt een toelichting over hoe de kaarten en labels gelezen moeten worden:  De labels in de kaarten geven een toelichting op het betreffende schoolgebouw.  De kleur van de stip op de kaart correspondeert met het schoolbestuur.  Onder de schoolnaam staat de quickscanscore weergegeven met de kleur van de vervangingstermijn.  Het label geeft de leerlingenprognose weer.  Het label geeft de bijbehorende ruimtebehoefte, bestaande m² bvo en ruimtetekorten/-overschotten weer. Overschotten worden hierbij in het groen weergegeven en tekorten in het rood.

 De ruimtebehoefte is berekend op basis van het bruto bvo van het schoolgebouw, dit houdt in dat eventuele verhuur aan kinderopvang niet is meegenomen in deze berekening.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 24 van 56

vernieuwbouw) over ca. 20 jaar. Daarnaast is er een verduurzamingsopgave voor deze schoolgebouwen binnen de periode 0-5 jaar, zoals omschreven in par. 6.2.3.

6.

Coenecoop College: er wordt een groot tekort voorzien, startend vanaf schooljaar 2025-2026 en oplopend tot na 2043-2044. Dit geldt voor zowel onderwijsruimte als bewegingsonderwijs. Het Coenecoop College is reeds in overleg met de gemeente ter voorbereiding op deze uitbreiding. Een verdiepend onderzoek van de uitbreiding zal verder invulling geven aan deze opgave. Tevens loopt bij de gemeente een locatiestudie naar de best passende locatie voor deze uitbreiding. Er wordt rekening gehouden met de realisatie van de benodigde uitbreiding in de termijn 0 tot 5 jaar.

7.

CBS TOV: er wordt een tekort voorzien. De gemeente en het schoolbestuur verkennen de mogelijkheden tot uitbreiding, het voorzien in tijdelijke huisvesting, het in gebruik nemen van een deel van de maatschappelijke plint. Er is zekerheidshalve rekening gehouden met een bedrag voor uitbreiding in de termijn 0 tot 5 jaar.

6.2.2 Uitbreidingen In deze paragraaf worden structurele uitbreidingsbehoefte van de komende 20 jaar benoemd. 1.

2.

Bethelschool: er wordt een beperkt tekort voorzien. Gelet op de aanstaande uitbreiding van scholen in de Noordkade ligt het voor de hand om deze capaciteitsbehoefte onderdeel te maken van deze ontwikkeling. De Regenboog / Koning Willem-Alexanderschool: er wordt een beperkt tekort voorzien. Gelet op de aanstaande uitbreiding van scholen in de Noordkade ligt het voor de hand om deze capaciteitsbehoefte onderdeel te maken van deze ontwikkeling.

3.

Dick Bruna Parklaan 3-7, Parklaan 11 en Kanaaldijk 7: er is op de Parklaan 3-7 formeel sprake van een ruimtetekort , zelfs na de ingebruikname van het gebouwdeel van CBS TOV. Dit tekort kan vrijwel volledig worden opgevangen in de dislocatie van de Dick Bruna (Parklaan 11). Daarbij is Kanaaldijk 7 op termijn (circa zomer 2026) niet meer nodig voor Dick Bruna. Op de lange termijn zal ook de behoefte aan de capaciteit in Parklaan 11 gemonitord worden.

4.

Kardinaal Alfrinkschool er wordt een tekort voorzien. De gemeente is samen met het schoolbestuur reeds de voorbereidingen aan het treffen voor een uitbreiding met vier lokalen. Deze uitbrieding is onderdeel van dit IHP binnen de periode 0-5 jaar.

5.

Theo Thijssenschool (Kerkweg Oost 230): er wordt op de Kerkweg Oost 230 een groot tekort voorzien. Dit tekort kan deels worden opgevangen in de huidige andere locatie van de Theo Thijssenschool (Kerkstraat 13). Er is vertraging ontstaan in de planvorming om hier uitbreiding met ca. 8 lokalen te realiseren. Dit is bijgesteld naar 4 lokalen. Indien deze planvorming niet gerealiseerd kan worden zal de huidige dislocatie van de Theo Thijssenschool (Kerkstraat 13) in gebruik blijven.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

6.2.3 Verduurzaming Voor vijf scholen (zie par. 5.4) is een duurzaamheidsscan uitgevoerd. In deze scans zijn twee scenario’s voor verduurzaming geanalyseerd en is de financiële impact inzichtelijk gemaakt:  Scenario A: o Frisse Scholen: klasse B voor ventilatiecapaciteit. o Energieprestatie: A.  Scenario B: o Frisse Scholen: klasse B voor ventilatiecapaciteit en temperatuur. o Energieprestatie: BENG. Om de vijf betreffende scholen (zijnde Bethelschool, Rehobothschool, Kleurrijk, Theo Thijssenschool (Kerkweg-oost 230) en de Kardinaal Alfrinkschool) te laten voldoen aan de steeds strenger wordende duurzaamheidseisen, de eigen duurzaamheidsambitie van de Gemeente Waddinxveen en ter verbetering van het binnenklimaat van de scholen is de verduurzamingsopgave opgenomen binnen de periode 0-5 jaar van dit IHP.

Pagina 25 van 56

Bethelschool

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

301 1714 -29

304 1729 -44

312 1769 -84

316 1789 -104

322 1820 -135

327 1845 -160

332 1870 -185

337 1895 -210

339 1905 -220

338 1900 -215

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

251 1473 135

258 1508 100

265 1543 65

269 1563 45

275 1593 15

280 1619 -11

285 1644 -36

288 1659 -51

290 1669 -61

290 1669 -61

Rehobothschool

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

348 1950 365

379 2106 209

395 2187 128

398 2202 113

399 2207 108

395 2187 128

392 2172 143

388 2152 163

384 2132 183

381 2116 199

Kardinaal Alfrinkschool

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

401 2217 135

438 2403 -51

457 2499 -147

457 2499 -147

455 2489 -137

446 2443 -91

440 2413 -61

433 2378 -26

429 2358 -6

425 2338 14

Bouwjaar: BVO (m2)*

71,5

1970 Leerlingen: 1685 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

De Regenboog Bouwjaar: BVO (m2)*

82

68,5

69,5

2019 Leerlingen: 1608 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

1985 Leerlingen: 2315 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

1987 Leerlingen: 2352 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

Dick Bruna (Parklaan 3-7)

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

789 4167 -201

920 4828 -862

965 5055 -1089

973 5096 -1130

973 5096 -1130

956 5010 -1044

940 4930 -964

919 4824 -858

904 4749 -783

892 4688 -722

83

2020 Leerlingen: 3966 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

Dick Bruna (Kanaaldijk 7)

2026

2028

Bouwjaar: BVO (m2)*

0 0 1140

0 0 1140

68

2010 Leerlingen: 1140 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

*Dick Bruna locatie Kanaaldijk 7 is in gebruik tot 2028. Dick Bruna (Parklaan 11)

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

Bouwjaar: BVO (m2)*

0 0 1040

0 0 1040

0 0 1040

0 0 1040

0 0 1040

0 0 1040

0 0 1040

80

2022 Leerlingen: 1040 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

*Dick Bruna locatie parklaan 11 is in gebruik tot 2037.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 26 van 56

Nieuwe school Noordkade

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

113 1169 -1169

277 1995 -1995

465 2937 -2937

672 3978 -3978

708 4160 -4160

734 4294 -4294

721 4227 -4227

685 4045 -4045

648 3859 -3859

613 3682 -3682

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

120 804 364

124 824 344

129 849 319

130 854 314

131 859 309

132 864 304

133 869 299

133 869 299

133 869 299

132 864 304

Koning Willem-Alexanderschool

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

238 1408 59

240 1418 49

247 1453 14

250 1469 -2

255 1494 -27

260 1519 -52

264 1539 -72

267 1554 -87

268 1559 -92

268 1559 -92

Theo Thijssenschool (Kerkweg-oost 230)

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

384 2144 -974

404 2245 -1075

418 2315 -1145

425 2350 -1180

432 2385 -1215

435 2401 -1231

439 2421 -1251

438 2416 -1246

438 2416 -1246

435 2401 -1231

Theo Thijssenschool (Kerkstraat 13)

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

0 0 700

100

2025 Leerlingen: 0 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

Kleurrijk Bouwjaar: BVO (m2)*

67,5

85

75,5

63

1967 Leerlingen: 1168 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

2019 Leerlingen: 1467 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

1926 Leerlingen: 1170 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

1936 Leerlingen: 700 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

Coenecoop College

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

Bouwjaar: BVO (m2)*

1159 9374 -1548

1315 10441 -2615

1394 10982 -3156

1475 11536 -3710

1549 12042 -4216

1619 12521 -4695

1665 12835 -5009

1700 13075 -5249

1713 13164 -5338

1721 13218 -5392

89

2023 Leerlingen: 7826 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

83

2026 Leerlingen: 2549 Ruimtebehoefte (m2 BVO)** Normatief ruimtetekort/-overmaat:

CBS TOV Bouwjaar: BVO (m2)*

Referentie: 1575404-0061.0.1.

2026

2028

2030

2032

2034

2036

2038

2040

2042

2044

423 2328 221

494 2683 -134

517 2802 -253

521 2822 -273

521 2822 -273

512 2777 -228

504 2737 -188

492 2676 -127

484 2636 -87

477 2601 -52

Pagina 27 van 56

6.2.4 Volumeafspraken Naast de scenario’s voor nieuwbouw, vernieuwbouw, uitbreiding en verduurzaming is met de schoolbesturen gedurende het IHP traject ook gesproken over een aanvullend scenario; het maken van volumeafspraken. Bij volumeafspraken spreken schoolbesturen onderling en met de gemeente af om de huisvestingscapaciteit, en daarmee het leerlingenaantal te maximeren op een aantal leerlingen. Gelet op het uitgangspunt in de bouwstenen ‘toekomstbestendige schoolgrootte’ (zie par. 3.3.4.) zijn daarvoor de volgende volumes besproken, waarbij is gerekend met één of meerdere keren 8 klassen, eventueel zelfs met een opslag van 10%:   

225 – 250 leerlingen 450 – 500 leerlingen 675 – 750 leerlingen

Veel scholen in Waddinxveen liggen om en nabij deze volumes. Gedurende het IHP traject is door de schoolbesturen geconcludeerd dat de leerlingengroei in de gemeente Waddinxveen maakt dat de leerlingenstromen te onzeker zijn om volumeafspraken te maken. Bovendien doen volumeafspraken deels afbreuk aan de vrijheid van keuze voor het onderwijs. Desalniettemin willen de schoolbesturen de volumeafspraken bij de herijking van dit IHP wederom verkennen. Daarnaast is het waardevol om bij het realiseren van nieuwe huisvesting (bij uitbreiding en/of nieuwbouw) deze volumes in ogenschouw te nemen. Dit kan bij de uitvoering van het IHP verder worden verkend.

6.3. Scenario’s Kinderopvang Bij het realiseren van de beoogde nieuwbouwopgaven binnen Waddinxveen kan worden ingespeeld op de tekorten in kindplaatsen binnen de kinderopvangvoorzieningen in Waddinxveen. Door deze te combineren met de onderwijsopgaven binnen zowel de bestaande als de nieuwbouwwijken kan invulling worden gegeven aan de (I)KC visie zoals omschreven binnen dit IHP én de LEA.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 28 van 56

7. Financiële vertaling en CO2-reductie De in hoofdstuk 5 gepresenteerde scenario’s voor het PO en VO zijn in dit hoofdstuk voorzien van een financieel kader. Er wordt eerst ingegaan op het kwaliteitsniveau en de gehanteerde kostenkengetallen. Er is aangegeven hoe deze kwaliteit tussen gemeente en schoolbesturen is verdeeld. Vervolgens wordt het meerjaren investeringsoverzicht gepresenteerd. Ook is inzichtelijk gemaakt wat de CO2-reductie is van de beoogde IHP opgave.

 

Vergroten zichtlijnen (binnen): zorgt voor extra transparantie onderwijs. Verplaatsbare (paneel)wanden: voor interne flexibiliteit passend bij het onderwijsconcept.

7.1.2 Verduurzaming

Er is in dit IHP een onderscheid gemaakt tussen de beoogde kwaliteit bij nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding en verduurzaming.

Passend bij de ambitie (bouwstenen) en argumenten zijn twee kwaliteitsniveaus bepaald.  Scenario A: o Frisse Scholen: klasse B voor ventilatiecapaciteit en temperatuur. o Energieprestatie: A.  Scenario B: o Frisse Scholen: klasse B voor ventilatiecapaciteit en temperatuur. o Energieprestatie: BENG.

7.1.1 Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding

7.2. Verdeling Kwaliteit

Passend bij de ambitie (bouwstenen) en argumenten is onderstaande kwaliteit bepaald (zie bijlage II voor een uitgebreidere toelichting op energieprestaties en kwaliteitsniveau):  Wettelijk minimum: besluit bouwwerken leefomgeving, inclusief BENG (voorheen Bouwbesluit).  Marsh eisen: verzekeringseisen.  Energieprestatie: energieneutraal (ENG).  Herindeelbaar gebouw: flexibiliteit door niet-dragende wanden en ventilatie voor werkplekken in verkeersruimten zodat ruimtelijke- en functie wijzingen gedaan kunnen worden.  Esthetische kwaliteit: niveau midden, meer gevel- en gevelopeningen en een goed afwerkingsniveau. Er kan beter rekening gehouden worden met de stedelijke context.  Frisse scholen: kwaliteitsadvies HEVO optimale prijs-kwaliteit verhouding voor onderdelen zoals ventilatiecapaciteit, lichtinval, akoestiek en temperatuur. Dit betreft in wezen de impact op gezondheid door het gebouw (conform bijlage III).  Circulariteit: beperkte toeslag circulariteit om het schoolgebouw meer circulair te realiseren, o.a. door inzet van groenbeton.  Exploitatiegericht bouwen: toepassen van onderhoudsarme vloer- en wandafwerking en aluminium kozijnen om hoge exploitatiekosten te voorkomen.

De gemeente en de schoolbesturen hebben de intentie uitgesproken om gezamenlijk de gewenste kwaliteit te realiseren. Daarbij streven de schoolbesturen ernaar om binnen hun financiële mogelijkheden een bijdrage aan de projecten te leveren volgens de principes van Total Cost of Ownership (TCO). In het vervolgtraject Gemeente en schoolbesturen concretere afspraken wat hierin redelijk is.

7.1. IHP Kwaliteit

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Hierbij maken schoolbesturen gebruik van de vergoeding voor materiële instandhouding (mi-vergoeding) die zij ontvangen van het rijk. De aanvullende kwaliteit wordt bijvoorbeeld gefinancierd vanuit een verwacht exploitatievoordeel (op energiekosten) gedurende een deel van de levensduur van het gebouw en/of een besparing op onderhoud aan het bestaande gebouw voorafgaand aan een nieuwbouw- vernieuwbouw of verduurzamingsopgave (besparing op investeringen in de lopende MJOP). De schoolbesturen geven aan dat zij aan de voorkant voorzichtig zijn in het toezeggen van bijdragen aan Total Cost of Ownership. Daarvoor zijn de volgende argumenten benoemd:  De aanzienlijke tekorten op de vergoeding voor materiële instandhouding.  De onzekerheid over het overheidsbeleid ten aanzien van de vergoeding voor materiële instandhouding.  De hoogte van de onderhoudskosten voor ENG-gebouwen.  De beperkte eigen financiële middelen en liquiditeit.

Pagina 29 van 56

Er is in dit IHP een onderscheid gemaakt tussen TCO bij nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding en verduurzaming.

7.3. Kosten 7.3.1 Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding

7.2.1 Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding Tijdens het opstellen van het IHP hebben gemeente en schoolbesturen een afspraak gemaakt over verdeling van de kosten. In de paragraaf 7.3, is weergegeven weer welke investeringskosten tot de basiskwaliteit horen en daarmee voor rekening van gemeente komen (excl. bijkomende kosten). Hiermee zou de gemeente de basiskwaliteit voor onderwijshuisvesting gedefinieerd en gewaarborgd hebben. Het betreffen die onderdelen die essentieel zijn voor een goed schoolgebouw en daarom niet afhankelijk dienen te zijn van een bijdrage van een schoolbestuur. De schoolbesturen kunnen er voor kiezen bij te dragen aan de aanvullende kwaliteit.

Voor nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding zijn op basis van de kwaliteitsambitie en kwaliteitsverdeling investeringsbedragen per m² bruto vloeroppervlakte (bvo) bepaald. Hiervoor zijn de kostenconfiguratoren van HEVO gebruikt. Deze methodiek maakt onderscheid naar type onderwijs (PO/VO/(V)SO) en gebouwgrootte (aantal leerlingen). De ervaring leert dat het kostenkengetal van een kleine school hoger ligt dan van een grote school (schaalvoordelen en aantal bouwlagen; compact bouwen). De kostenconfigurator is een actueel rekenmodel dat rekening houdt met de verschillende wet- en regelgevingen binnen de onderwijshuisvesting en de IHP kwaliteit. Kostenconfigurator HEVO PO 1-1-2025, index 2,9% BDB Primair Onderwijs

7.2.2 Verduurzaming In de duurzaamheidsscans is een TCO berekening gemaakt. Er is een berekening gemaakt van de besparing op exploitatiekosten op basis van de volgende onderdelen:  Wijziging in energiekosten;  Wijziging in onderhoudskosten;  Posten uit het MJOP die komen vervallen. Er resteert vervolgens een ‘onrendabele top’. Deze onrendabele top is hier gepresenteerd als kosten voor de gemeente. Hetgeen door de schoolbesturen wordt terugverdiend (zie bovenstaande drie punten) is hier gepresenteerd als kosten voor het schoolbestuur. Gemeente en schoolbesturen constateren dat dit voor beide partijen om aanzienlijke bedragen gaat. In navolging op dit IHP werken gemeente en schoolbesturen de financiering verder uit. Er zal tevens worden gekeken naar mogelijke subsidies, zoals de DUMAVA subsidie.

Aantal leerlingen Uitganspunt bouwlagen Norm bvo

100 1 703

200 1 1206

Onderdeel Wettelijk minimum (BBL, incl. BENG) Marsh eisen Energieprestatie ENG Herindeelbaar gebouw Esthetische Kwaliteit Frisse Scholen kwaliteitsadvies HEVO Circulairiteit (groen beton) Kosten basiskwaliteit

€ € € € € € € €

300 2 1709

400 2 2212

3.362 35 149 184 157 315 45 4.247

Basiskwaliteit Kosten per vierkante meter € 3.198 € 2.902 € 35 € 35 € 147 € 124 € 182 € 183 € 146 € 152 € 301 € 279 € 41 € 29 € 4.050 € 3.704 Aanvullende kwaliteit Kosten per vierkante meter € 117 € 123 € 29 € 29 € 72 € 51 € 218 € 203 5% 5%

Onderdeel Exploitatiegericht bouwen Vergroten zichtlijnen Verplaatsbare panelenwanden Kosten aanvullende kwaliteit in % van totaal

€ € € €

124 29 124 278 6%

Totale kosten (incl. Regiotoeslag)

€

4.525 €

4.268 €

€ € € € € € € €

2.858 35 122 182 148 273 28 3.645

€ € € €

120 29 40 189 5%

3.907 €

3.835

Tabel: Kostenkengetal nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding voor PO.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 30 van 56

Kostenconfigurator HEVO VO 1-1-2025, index 2,9% BDB Onderdeel Voortgezet Onderwijs vmbo/havo Voortgezet onderwijs vmbo havo/vwo /vwo Uitgangspunt bouwlagen 2 3 3 Norm bvo 5000 8000 13000 Onderdeel Wettelijk minimum (BBL, incl. BENG) Marsh eisen Energieprestatie ENG Herindeelbaar gebouw Esthetische Kwaliteit Frisse Scholen kwaliteitsadvies HEVO Circulairiteit (groen beton) Kosten basiskwaliteit

€ € € € € € € €

Onderdeel Exploitatiegericht bouwen Vergroten zichtlijnen Verplaatsbare panelenwanden Kosten aanvullende kwaliteit in % van totaal

€ € € €

Totale kosten (incl. Regiotoeslag)

€

Basiskwaliteit Kosten per vierkante meter 2.689 € 2.499 € 35 € 35 € 113 € 106 € 178 € 178 € 136 € 135 € 256 € 243 € 25 € 22 € 3.433 € 3.218 €

2.466 35 107 177 132 237 21 3.173

Aanvullende kwaliteit Kosten per vierkante meter 122 € 123 € 28 € 28 € 17 € 11 € 167 € 162 € 5% 5%

120 28 6 155 5%

3.600 €

3.380 €

7.3.2 Scenario’s minimale en maximale kwaliteit In de optiek van HEVO vormt de hier genoemde basiskwaliteit in principe de minimale kwaliteit. In de praktijk zijn dit de minimale eisen die worden gesteld aan een hedendaags schoolgebouw. De gemeente heeft HEVO verzocht om een minimale en maximale variant te duiden op het gebied van kwaliteit. Dit leidt tot de volgende scenario’s  Scenario A - IHP Kwaliteit: het ambitieniveau zoals omschreven in par. 7.1.1.  Scenario B - Minimale kwaliteit: het ambitieniveau voor esthetische kwaliteit wordt aangepast naar op sober en de opslag voor circulariteit (groen beton) vervalt. Dit leidt tot een kostenbesparing van ca. 5%.  Scenario C - Maximale kwaliteit: het ambitieniveau voor circulariteit wordt aangepast naar een hoger ambitieniveau (volledig hout). Dit leidt tot een kostenverhoging van ca. 15%. De financiële consequenties van deze varianten zijn in par. 7.5 in beeld gebracht.

7.3.3 Verduurzaming Voor verduurzaming is niet gewerkt met kengetallen maar is reeds een project specifieke stichtingskostenraming opgenomen in de duurzaamheidsscans.

3.328

Tabel: Kostenkengetal nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding voor VO.

Opmerking regiotoeslag: In de praktijk ziet men dat bouwkosten per regio (kunnen) verschillen. De kostenconfigurator gaat in de basis uit van projecten gerealiseerd in regio ’s-Hertogenbosch, voor Waddinxveen is een regiotoeslag opgenomen van 5%.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 31 van 56

7.4. Financiële Uitgangspunten

kosten kunnen hoog oplopen, zeker als tijdelijke huisvesting benodigd is. Gemiddeld gezien betreft het op een totaal programma van een gemeente (dus over alle schoolgebouwen berekend) 20% van de investeringskosten uit het IHP. Het kan echter zijn dat voor het ene schoolgebouw slechts 10% nodig is en het volgende schoolgebouw 50% aan extra kosten met zich meebrengt. Dit is met name afhankelijk van de noodzaak tot tijdelijke huisvesting. Deze zijn in dit IHP geschat op 20%. Per scenario worden deze na het IHP nader gespecificeerd en onderbouwd in de haalbaarheidsonderzoeken.

Aan de financiële vertaling liggen financiële uitgangspunten ten grondslag.

7.4.1 Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding Het overzicht op de volgende pagina’s toont de investeringskosten. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1.

2.

3.

De kostenconfigurator uit 2024 is gehanteerd en is inclusief btw, prijspeil 1 januari 2024. De kostenconfigurator is geïndexeerd met 2,9% naar prijspeil 11-2025. Periodieke indexatie op basis van BDB-index als basis voor de financiële vertaling van dit IHP is noodzakelijk. Het prijsniveau is gebaseerd op de regio Waddinxveen. Risico’s ten aanzien van de bouwkosten zijn ook te vinden in de algemene prijsontwikkeling van bouwprojecten in Nederland en de regio. De kostenconfigurator gaat uit van normale marktomstandigheden voor wat betreft beschikbaarheid van materialen en inschrijvingen van aannemers bij projecten. In de investeringskosten zijn ook diverse honoraria en vaste bijkomende kosten opgenomen. Daarbij is rekening gehouden met de volgende kosten: honoraria voor ontwerpteamleden (architect, installatieadviseur, constructeur, bouwfysicus en projectmanager, niet voor interne projectleider gemeente), aansluitkosten, heffingen, verzekeringen, beperkte risicoverrekening en onvoorzien. De aanvullende kosten zijn qua gebouwvorm en complexiteit gebaseerd op de kaders van de omschreven IHP kwaliteit en een daarbij passende voorbereidings- en uitvoeringsplanning.

4.

Er is voor de ruimtebehoefte bij de doorrekening van de investeringskosten uitgegaan van het de piek per school uit de prognose van xxllnc Sociaal; de prognoses worden jaarlijks geactualiseerd. In de haalbaarheidsonderzoeken, voorafgaand aan het afgeven van een voorbereidingskrediet, wordt het leerlingenaantal nogmaals herijkt.

5.

Binnen de financiële vertaling zijn de verwachte indicatieve investeringskosten per periode van 5 jaar opgenomen (0-5 jaar, 5-10 jaar, 10-15 jaar en 15 – 20 jaar).

6.

Vooralsnog is voor de investeringskosten voor iedere vervangings- en uitbreidingsopgave uitgegaan van nieuwbouw. In de haalbaarheidsonderzoeken zal de afweging tussen nieuwbouw en (ver)nieuwbouw plaatsvinden en worden de daadwerkelijke kosten in beeld gebracht.

Kosten die locatiegebonden zijn, of anderszins niet vallen onder de bouwkosten en bijkomende kosten voor de realisatie van een schoolgebouw, zijn niet opgenomen in de kengetallen. Per scenario komen er nog diverse kosten bij, dit kan sterk verschillen. De kosten waarmee rekening moet worden gehouden zijn onder andere kosten voor tijdelijke huisvesting, grondkosten, locatiegebonden kosten, kosten voor bouwrijp maken, sloopkosten en asbestsanering, interne kosten voor gemeente/schoolbestuur bijvoorbeeld voor adviezen of projectbegeleiding, kosten voor organisatorische ondersteuning, inrichtingskosten (losse inrichting) en verhuiskosten. Ook financieringskosten zoals rentekosten, startkosten of faseringskosten zijn niet opgenomen. Deze

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 32 van 56

7.4.2 Verduurzaming Het overzicht op de volgende pagina’s toont de investeringskosten. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd. 1.

Er is een stichtingskostenberekening gemaakt inclusief BTW, prijspeil 1-1-2024. De stichtingskostenberekening is geïndexeerd met 2,9% naar prijspeil 1-12025. Periodieke indexatie op basis van BDB-index als basis voor de financiële vertaling van dit IHP is noodzakelijk. Het prijsniveau is gebaseerd op de regio Waddinxveen. Risico’s ten aanzien van de bouwkosten zijn ook te vinden in de algemene prijsontwikkeling van bouwprojecten in Nederland en de regio. De stichtingskostenberekening gaat uit van normale marktomstandigheden voor wat betreft beschikbaarheid van materialen en inschrijvingen van aannemers bij projecten.

2.

In de investeringskosten zijn ook diverse honoraria en vaste bijkomende kosten opgenomen. Daarbij is rekening gehouden met de volgende kosten: honoraria voor ontwerpteamleden (installatieadviseur, constructeur, bouwfysicus en projectmanager, niet voor interne projectleider gemeente) aansluitkosten, verzekeringen en onvoorzien.

3.

Er is geen rekening gehouden met kosten die locatie gebonden zijn, of anderszins niet vallen onder bouwkosten en bijkomende kosten voor de realisatie van de verduurzaming. Deze worden niet verwacht.

4.

Er is voor de doorrekening van de investeringskosten uitgaan van de verduurzaming van het volledige gebouw, dus het huidige BVO.

5.

Binnen de financiële vertaling zijn de verwachte investeringskosten allen opgenomen in de eerste periode van 5 jaar. Combinatie van de verduurzamingsprojecten kan mogelijk schaalvoordeel opleveren. Dit is nog niet meegenomen in de financiële vertaling en zal nader worden onderzocht in het vervolgtraject.

6.

De procesafspraken over de uitvoering van de verduurzamingsprojecten zijn niet vastgelegd in dit IHP. De afspraken die wel zijn opgenomen in dit IHP, gericht op uitbreiding en (ver)nieuwbouw kunnen door gemeente en

Referentie: 1575404-0061.0.1.

schoolbesturen als uitgangspunt worden gehanteerd en in het vervolgtraject passend worden gemaakt voor de verduurzamingsprojecten.

Pagina 33 van 56

7.5. Overzicht investeringskosten Onderwijs In het volgende overzicht worden indicatieve investeringskosten inclusief btw prijspeil 1 januari 2025 (per termijn) weergegeven.

7.5.1 Nieuwbouw, (vernieuwbouw) en uitbreiding Scenario A IHP kwaliteit 0 tot 5 jaar Tekort m2 - RMB (Piek)

Investeringskosten Gemeente (Basiskwaliteit)

Investeringskosten Schoolbestuur (Aanvullende Kwaliteit)

Totale Investeringskosten

Aant. Ll. (Piek*)

m2 - RMB (Piek)

Nieuwbouw nw. school Stichting Klasse

250

1.458

€ 4.268

€

5.902.185 €

318.101

€

6.220.286

€

1.180.437

Uitbreiding Coenecoop College

1.721

5.392

€ 3.600

€

18.508.523 €

902.997

€

19.411.520

€

3.701.705

Uitbreiding TOV

521

273

€ 4.525

€

1.159.499

€

75.805

€

1.235.304 €

€

25.570.207

€

1.296.903

€

26.867.110

€

5.114.041

€

10.626.453 €

551.165

€

11.177.617

€

2.125.291

€

10.626.453 €

551.165

€

11.177.617

€

2.125.291

€

5.902.185 €

318.101

€

6.220.286

€

1.180.437

€

5.902.185 €

318.101

€

6.220.286

€

1.180.437

Projecten

Totaal Bedrag per m2

Subtotaal

Bijkomende Kosten (+20%)

231.900

5 tot 10 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 1-2)

500

2.915

€ 3.835 Subtotaal

10 tot 15 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 3)

250

1.458

€ 4.268 Subtotaal

15 tot 20 jaar Bethelschool

338

1.900

€ 3.907

€

7.037.187 €

385.937

€

7.423.124

€

1.407.437

Rehobothschool

401

2.217

€ 3.835

€

8.081.937 €

419.188

€

8.501.124

€

1.616.387

Kleurrijk

132

864

€ 4.525

€

3.669.623 €

239.912

€

3.909.535 €

KAS

459

2.509

€ 3.835

€

9.146.405 €

474.399

€

9.620.803

€

1.829.281

Subtotaal

€

27.935.151

€

1.519.435

€

29.454.586

€

5.587.030

Totaal

€

70.033.996

€

3.685.603

€

73.719.599

€

14.006.799

733.925

*Voor de meeste scholen is de piek van de prognose aangehouden (Coenecoop, TOV, Bethel, Rehoboth en Kleurrijk ) Voor de nieuwbouw van de nieuwe school van Stichting Klasse en De Noordk ade is rek ening gehouden met de volumes passend bij een toek omstbestendige schoolgrootte.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 34 van 56

7.5.2 Nieuwbouw, (vernieuwbouw) en uitbreiding Scenario B minimale kwaliteit Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding 0 tot 5 jaar Tekort m2 - RMB (Piek)

Investeringskosten Gemeente (Basiskwaliteit)

Investeringskosten Schoolbestuur (Aanvullende Kwaliteit)

Totale Investeringskosten

Aant. Ll. (Piek*)

m2 - RMB (Piek)

Nieuwbouw nw. school Stichting Klasse

250

1.458

€ 4.081

€

5.629.752 €

318.101

€

5.947.853

€

1.125.950

Uitbreiding Coenecoop College

1.721

5.392

€ 3.439

€

17.640.481 €

902.997

€

18.543.478

€

3.528.096

Uitbreiding TOV

521

273

€ 4.323

€

1.104.341

€

75.805

€

1.180.146 €

€

24.374.574

€

1.296.903

€

25.671.477

€

4.874.915

€

10.113.082 €

551.165

€

10.664.247

€

2.022.616

€

10.113.082 €

551.165

€

10.664.247

€

2.022.616

€

5.629.752 €

318.101

€

5.947.853

€

1.125.950

€

5.629.752 €

318.101

€

5.947.853

€

1.125.950

Projecten

Totaal Bedrag per m2

Subtotaal

Bijkomende Kosten (+20%)

220.868

5 tot 10 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 1-2)

500

2.915

€ 3.658 Subtotaal

10 tot 15 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 3)

250

1.458

€ 4.081 Subtotaal

15 tot 20 jaar Bethelschool

338

1.900

€ 3.725

€

6.692.307 €

385.937

€

7.078.244

€

1.338.461

Rehobothschool

401

2.217

€ 3.658

€

7.691.493 €

419.188

€

8.110.681

€

1.538.299

Kleurrijk

132

864

€ 4.323

€

3.495.057 €

239.912

€

3.734.969 €

KAS

459

2.509

€ 3.658

€

8.704.536 €

474.399

€

9.178.935

€

1.740.907

Subtotaal

€

26.583.394

€

1.519.435

€

28.102.829

€

5.316.679

Totaal

€

66.700.803

€

3.685.603

€

70.386.406

€

13.340.161

699.011

*Voor de meeste scholen is de piek van de prognose aangehouden (Coenecoop, TOV, Bethel, Rehoboth en Kleurrijk ) Voor de nieuwbouw van de nieuwe school van Stichting Klasse en De Noordk ade is rek ening gehouden met de volumes passend bij een toek omstbestendige schoolgrootte.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 35 van 56

7.5.3 Nieuwbouw, (vernieuwbouw) en uitbreiding Scenario C maximale kwaliteit Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding 0 tot 5 jaar Tekort m2 - RMB (Piek)

Investeringskosten Gemeente (Basiskwaliteit)

Investeringskosten Schoolbestuur (Aanvullende Kwaliteit)

Totale Investeringskosten

Aant. Ll. (Piek*)

m2 - RMB (Piek)

Nieuwbouw nw. school Stichting Klasse

250

1.458

€ 4.928

€

6.864.361 €

318.101

€

7.182.462

€

1.372.872

Uitbreiding Coenecoop College

1.721

5.392

€ 4.201

€

21.747.661 €

902.997

€

22.650.658

€

4.349.532

Uitbreiding TOV

521

273

€ 5.203

€

1.344.736

€

75.805

€

1.420.541 €

€

29.956.757

€

1.296.903

€

31.253.660

€

5.991.351

€

12.446.870 €

551.165

€

12.998.035

€

2.489.374

€

12.446.870 €

551.165

€

12.998.035

€

2.489.374

€

6.864.361 €

318.101

€

7.182.462

€

1.372.872

€

6.864.361 €

318.101

€

7.182.462

€

1.372.872

Projecten

Totaal Bedrag per m2

Subtotaal

Bijkomende Kosten (+20%)

268.947

5 tot 10 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 1-2)

500

2.915

€ 4.459 Subtotaal

10 tot 15 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 3)

250

1.458

€ 4.928 Subtotaal

15 tot 20 jaar Bethelschool

338

1.900

€ 4.536

€

8.231.949 €

385.937

€

8.617.885

€

1.646.390

Rehobothschool

401

2.217

€ 4.459

€

9.466.453 €

419.188

€

9.885.641

€

1.893.291

Kleurrijk

132

864

€ 5.203

€

4.255.867 €

239.912

€

4.495.778 €

KAS

459

2.509

€ 4.459

€

10.713.275 €

474.399

€

11.187.674

€

2.142.655

Subtotaal

€

32.667.544

€

1.519.435

€

34.186.979

€

6.533.509

Totaal

€

81.935.532

€

3.685.603

€

85.621.135

€

16.387.106

851.173

*Voor de meeste scholen is de piek van de prognose aangehouden (Coenecoop, TOV, Bethel, Rehoboth en Kleurrijk ) Voor de nieuwbouw van de nieuwe school van Stichting Klasse en De Noordk ade is rek ening gehouden met de volumes passend bij een toek omstbestendige schoolgrootte.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 36 van 56

7.5.4 Verduurzaming Verduurzaming Scenario A 0 tot 5 jaar Projecten

m2 - BVO

Investeringskosten Gemeente (Onrendabele top)

Totaal Bedrag Gemeente per m2

Investeringskosten Schoolbestuur (TCO Bijdrage)

Theo Thijssenschool (Kerkweg Oost 230)

1.075

€0

€

-

Rehobothschool nr 6

1.022

€ 424

€

433.724 €

Rehobothschool nr 4

1.169

€ 607

€

710.010

Bethelschool

1.837

€ 695

€

1.276.475 €

Kleurrijk

1.168

€ 659

€

770.207 €

KAS

2.370

€ 647

€

1.532.696 €

€

4.723.110

Totaal

€ €

€

Totale Investeringskosten

306.836 €

306.836

-

433.724

€

68.429 € 114.219

€

229.467 €

778.439 1.390.694 999.674

314.360

€

1.847.055

1.033.310

€

5.756.420

Verduurzaming Scenario B 0 tot 5 jaar Investeringskosten Gemeente (Onrendabele top)

Investeringskosten Schoolbestuur (TCO Bijdrage)

Totale Investeringskosten

m2 - BVO

Totaal Bedrag Gemeente per m2

Theo Thijssenschool (Kerkweg Oost 230)

1.075

€ 481

€

517.587

€

9.261 €

526.848

Rehobothschool nr 6

1.022

€ 640

€

654.444

€

27.783 €

682.227

Rehobothschool nr 4

1.169

€ 678

€

792.845 €

179.561 €

972.405

Bethelschool

1.685

€ 991

€

1.669.038 €

-

€

1.669.038

Kleurrijk

1.168

€ 936

€

1.093.313 €

358.092

€

1.451.405

KAS

2.370

€ 946

€

2.241.419 €

174.673

€

2.416.092

€

6.968.645 €

749.369

€

7.718.015

Projecten

Totaal

Opmerking: de duurzaamheidsscans zijn gemaakt voordat het IHP is afgerond, er zitten daardoor nog beperkte verschillen in de gehanteerde bvo’s, deze dienen in de vervolgfase nog aangepast te worden.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 37 van 56

7.5.5 Aangepast Scenario College Bovenstaande scenario’s zijn voorgelegd aan het College van de gemeente Waddinxveen. Met het oog op een integrale afweging voor de gemeente Waddinxveen heeft het College besloten om een aangepast scenario te formuleren, waardoor er een besparing ontstaat. Voor kwaliteit is uitgegaan van scenario A. De volgende correcties zijn doorgevoerd in de financiële vertaling: 1.

Afschrijvingstermijn: nieuwbouw van 40 naar 50 jaar.

2.

Leerlingenprognose PO: uitgaan van bouwen voor het gemiddelde van 15 jaar (2030-2044) en het opvangen van de piek in de prognose met tijdelijke huisvesting in het basisonderwijs (indien goedkoper dan permanente huisvesting).

3.

Leerlingenprognose VO: niet uitgaan van een opslagpercentage van 6,5% in het VO. In de prognose van Pronexus is het belangstellingspercentage voor het Coenecoop College reeds opgehoogd van 24,3% naar 29,4%.

4.

Verduurzamingsopgave: de financiering van deze opgave zal worden afgewogen in de brede context van de opgave en verduurzaming van het maatschappelijk vastgoed in de gemeente.

De benodigde tijdelijke huisvesting in dit scenario wordt: 1.

CBS TOV (naast permanente uitbreiding 191m2): 2 lokalen voor 5 jaar.

Dit betreft in totaal 2 lokalen voor 5 jaar. Er is een inschatting gemaakt van de kosten van deze tijdelijke lokalen in een huursituatie (zie bijlage VII).

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 38 van 56

Nieuwbouw, vernieuwbouw en uitbreiding 0 tot 5 jaar Tekort m2 - RMB (Gemiddelde 15 jr.)

Investeringskosten Gemeente (Basiskwaliteit)

Investeringskosten Schoolbestuur (Aanvullende Kwaliteit)

Totale Investeringskosten

Aant. Ll. (Gemiddelde 15jr)

m2 - RMB (Gemiddelde 15 jr)

Nieuwbouw nw. school Stichting Klasse

250

1.458

€ 4.268

€

5.902.185 €

318.101

€

6.220.286

€

1.180.437

Uitbreiding Coenecoop College

1.616

4.674

€ 3.600

€

16.043.924 €

883.754

€

16.927.678

€

3.208.785

Uitbreiding TOV

505

190

€ 4.525

€

806.977

€

€

22.753.086

€

1.233.674

Projecten

Totaal Bedrag per m2

Subtotaal

31.819 €

Bijkomende Kosten (+20%)

838.797 €

161.395

€

23.986.760

€

4.550.617 2.125.291

5 tot 10 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 1-2)

500

Tijdelijke huisvesting TOV 2 lokalen 5 jr.

2.915

€ 3.835

€

10.626.453 €

551.165

€

11.177.617

€

108

€ 2.888

€

311.919 €

-

€

311.919

€

78.650

€

10.938.371 €

551.165

€

11.489.536

€

2.203.941

€

5.902.185 €

318.101

€

6.220.286

€

1.180.437

€

5.902.185 €

318.101

€

6.220.286

€

1.180.437

Subtotaal

10 tot 15 jaar Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 3)

250

1.458

€ 4.268 Subtotaal

15 tot 20 jaar Bethelschool

328

1.850

€ 3.907

€

6.851.405 €

375.748

€

7.227.153

€

1.370.281

Rehobothschool

392

2.172

€ 3.907

€

8.043.727 €

441.138

€

8.484.865

€

1.608.745

Kleurrijk

132

864

€ 4.525

€

3.669.623 €

239.912

€

3.909.535 €

KAS

443

2.428

€ 3.835

€

8.852.181 €

459.138

€

9.311.319

€

1.770.436

Subtotaal

€

27.416.937

€

1.515.936

€

28.932.872

€

5.483.387

Totaal

€

67.010.579

€

3.618.875

€

70.629.454

€

13.418.382

Referentie: 1575404-0061.0.1.

733.925

Pagina 39 van 56

7.5.6 Eerste inrichting De gemeente financiert de eerste inrichting van scholen bij nieuwbouw en bij uitbreiding. Dit is gebaseerd op de normbedragen uit de verordening, prijspeil 1-1-2024 (index 2,9% naar 1-1-2025). In de komende 20 jaar wordt dit voor de volgende scholen voorzien: Eerste inrichting Totale Investeringskosten

Projecten Nieuwbouw nw. school Stichting Klasse

€

313.909

Nieuwbouw Noordkade (Leerlijn 1-3)

€

838.828

Uitbreiding Coenecoop College

€

750.120

Uitbreiding TOV

€

100.610

€

2.003.468

7.5.7 Overzicht Kosten Vervolgstudies De gemeente financiert de vervolgstudies die voortvloeien uit het IHP. De bedragen zijn ingeschat op basis van ervaringsgetallen van HEVO. Het Coenecoop College heeft reeds een eigen haalbaarheidsstudie geïnitieerd, er wordt rekening gehouden met 50% van het budget voor nader onderzoek. Kosten

Projecten Uitvoeringsprogramma

€

25.000

Haalbaarheidsonderzoek nw. school St. Klasse

€

25.000

Haalbaarheidsonderzoek Coenecoop College

€

12.500

Haalbaarheidsonderzoek uitbreiding TOV

€

25.000

€

87.500

inzicht te geven in de financiële omvang van de opgave en hen te helpen bij de voorbereiding van deze opgave. Na afronding van het IHP worden voor de individuele projecten, op het moment dat deze actueel worden, haalbaarheidsonderzoeken uitgevoerd. In deze haalbaarheidsonderzoeken worden de investeringskosten opnieuw berekend. In deze fase wordt immers duidelijk voor hoeveel leerlingen en hoeveel vierkante meters daadwerkelijk gebouwd wordt, op welke locatie, in hoeveel bouwlagen etc. Ook ontstaat meer grip op de bijkomende kosten. Na het haalbaarheidsonderzoek zijn naast de kwaliteitsuitgangspunten uit het IHP ook de berekende investeringskosten taakstellend. Vervolgens kan het project daadwerkelijk starten met de definitiefase en daarna de ontwerpfase. Het kan voorkomen dat op basis van investeringskostenramingen en/of aanbestedingen gedurende de realisatie het taakstellend budget ontoereikend blijkt te zijn. In dit geval is het mogelijk om het benodigd budget te herijken en terug te gaan naar de gemeenteraad. Dit kan alleen wanneer duidelijk onderbouwd kan worden dat het taakstellend budget uit de haalbaarheidsstudie ontoereikend is om de taakstellende kwaliteitsuitgangspunten te realiseren.

7.7. CO2-reductie In 2030 is de streefwaarde 49% reductie in CO2-uitstoot ten opzichte van de uitstoot van 1990. In 2050 is de streefwaarde 95% reductie in CO2-uitstoot ten opzichte van de uitstoot van 1990. De CO2-uitstoot van Waddinxveen in 1990 is niet bekend. Waddinxveen heeft sinds het vorige IHP nieuwbouw gepleegd en renovaties uitgevoerd. Het is aannemelijk dat dit in ieder geval heeft geleid tot 49% CO2-reductie in 2030. Om de klimaatdoelstelling van 2050 te halen is het nodig om in te zetten op de maatregelen uit dit IHP: ENG (Energieneutraliteit) voor alle nieuwe huisvesting (ook bij uitbreiding) en BENG voor de gebouwen die (nog) niet van nieuwbouw zijn voorzien.

7.6. Status IHP Kosten In het IHP en in de daaropvolgende uitvoering zijn de kwaliteitsuitgangspunten taakstellend. Deze zijn in samenspraak tussen gemeente en schoolbesturen vastgesteld. De gemeente en schoolbesturen maken zich hard voor deze kwaliteitsuitgangspunten, die zijn omschreven in de visie op onderwijshuisvesting. Het IHP geeft vervolgens een doorkijk naar wat dit betekent voor de investeringskosten. Deze investeringskosten zijn gepresenteerd in de vorm van kengetallen en zijn indicatief. Het doel van het investeringskostenoverzicht is om de gemeente en de schoolbesturen

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 40 van 56

8. Vervolg IHP

Bij de uitvoering van het IHP dient rekening gehouden te worden met een aantal processtappen en uitgangspunten.

8.1. Aansluiten bij Uitvoeringsprogramma Maatschappelijke Voorzieningen Na vaststelling van het IHP starten gemeente en schoolbesturen met het opstellen van een uitvoeringsplan voor de onderwijshuisvesting die gepland staan binnen 5 jaar. Dit is een uitwerking van zowel het IHP als het uitvoeringsprogramma maatschappelijke voorzieningen. In het uitvoeringsplan wordt tenminste ingegaan op het volgende: 1.

2.

Afspraken op programmaniveau: Deze afspraken gaan over (1) het inrichten van een organisatie voor het realiseren van de onderwijshuisvesting (2) het ontwikkelen van een financiële werkwijze (met uniformiteit tussen projecten) en (3) het maken van samenwerkingsafspraken. Afspraken projectniveau: In het uitvoeringsprogramma maatschappelijke voorzieningen worden (1) voorkeurslocaties vastgelegd voor maatschappelijke vastgoed, waaronder onderwijshuisvesting. Hierin wordt ook duidelijk (2) welke functies worden gebundeld op locaties. In het uitvoeringsplan wat wordt opgesteld met de schoolbesturen wordt dit bevestigd. Daarnaast wordt (3) de planning vastgelegd voor de projecten. In de haalbaarheidsonderzoeken worden vervolgens projecten concreet en actueel gemaakt.

8.2. Opstellen haalbaarheidsonderzoeken Wanneer het uitvoeringsplan is vastgesteld kan worden gestart met de initiatieffase van projecten door haalbaarheidsonderzoeken uit te voeren. In de haalbaarheidsonderzoeken worden projecten geconcretiseerd en geactualiseerd. Dit is de fase voordat een project wordt opgestart. Optioneel kan er voor worden gekozen om de haalbaarheidsonderzoeken onderdeel te maken van het uitvoeringsplan, zodat de afspraken projectniveau (zie punt 2 van par. 7.1.) nog concreter gemaakt kunnen worden. De haalbaarheidsonderzoeken hebben o.a. als doel om:  Een keuze te maken tussen nieuwbouw, vernieuwbouw of renovatie  De definitieve leerlingenaantallen per project te bepalen. Referentie: 1575404-0061.0.1.

De totale kosten verder te specificeren (o.a. de bijkomende kosten en Total Cost of Ownership) De verbinding te leggen met doelgroepen als kinderopvang, overige maatschappelijke partners en eventueel docenten, leerlingen, ouders, bedrijven, de wijk etc.

Zoals omschreven in de bouwsteen Regie wordt na de haalbaarheidsstudie ter goedkeuring aan de Raad voorgelegd. Daarna starten de volgende fasen:  Definitiefase  Ontwerpfase  Aanbesteding en realisatie  Exploitatie- of gebruiksfase

8.3. Procesafspraken uit het IHP In dit IHP zijn een aantal procesafspraken omschreven welke in het navolgende traject nader worden besproken tussen gemeente en schoolbesturen. Het betreft onderstaande afspraken: a. Voor de gewenste kwaliteit van de schoolgebouwen leidt de visie van het creëren van een inclusieve omgeving mogelijk tot extra kwaliteitseisen die de gemeente en de schoolbesturen in het vervolgtraject van dit IHP nader willen concretiseren. b. De visie van (I)KC-vorming vraagt bij reeds bestaande situaties waar KOV en onderwijs binnen hetzelfde gebouw werkzaam zijn om maatwerk. Gezien hier over tijd verschillen zijn ontstaan in huurconstructies. Gemeente en schoolbesturen gaan in overleg om, indien nodig, bij deze situaties maatwerkoplossingen toe te passen. c. Bij de herijking van dit IHP willen de schoolbesturen het maken van volumeafspraken wederom verkennen. d. Bij de realisatie van nieuwe huisvesting (uitbreiding en/of nieuwbouw) worden de volumes uit de volumeafspraken (zie ook paragraaf 6.2.4) in ogenschouw genomen. e. De procesafspraken over de uitvoering van de verduurzamingsprojecten zijn niet vastgelegd in dit IHP. De afspraken die wel zijn opgenomen in dit IHP, gericht op uitbreiding en (ver)nieuwbouw kunnen door gemeente en schoolbesturen als uitgangspunt worden gehanteerd en in het vervolgtraject passend worden gemaakt voor de verduurzamingsprojecten.

Pagina 41 van 56

f. g.

Eventueel schaalvoordeel door combinatie van (verduurzamings)projecten wordt nader onderzocht in het vervolgtraject van dit IHP. Gemeente en schoolbesturen gaan in overleg over de financieringsvorm van de verduurzamingsprojecten.

8.4. Disclaimer Dit IHP is opgesteld onder de wet- en regelgeving zoals deze geldt op het moment van het opstellen daarvan. Echter, wet- en regelgeving is onderhavig aan voortschrijdend inzicht; zo ook de wetgeving met betrekking tot het huisvestingsstelsel voor het funderend onderwijs in Nederland. Bij (substantiële) wijzigingen van bijvoorbeeld het genoemde stelsel, de Algemene Uitkeringen van het gemeentefonds, de wijze van bepalen van normbedragen, wijzigingen ten aanzien van Bouwbesluit, energieakkoorden of enig andere substantiële ontwikkeling, kan het nodig zijn om dit IHP (op onderdelen) aan te passen aan de dan geldende realiteit en mogelijkheden.

Referentie: 1575404-0061.0.1.

Pagina 42 van 56

Bijlage I: Wettelijke en beleidskaders Dit hoofdstuk gaat in op de beleidskaders die gelden voor het IHP: de wettelijke taak van gemeente en schoolbesturen op het gebied van onderwijshuisvesting en relevante ontwikkelingen. Zorgplicht Gemeenten hebben op het gebied van onderwijshuisvesting de zogeheten zorgplicht. De onderwijswetgeving stelt dat een gemeente dient te voorzien in voldoende en adequate huisvesting voor het primair onderwijs (PO), (voortgezet) speciaal onderwijs ((V)SO) en voortgezet onderwijs (VO). De voorzieningen in de huisvesting waarvoor de gemeente verantwoordelijk is zijn vastgelegd in de wetgeving. Daarbij gaat het onder andere om (vervangende) nieuwbouw, uitbreiding en herstel van constructiefouten. Het onderhoud (binnen- en buitenkant) en de exploitatie van schoolgebouwen is de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen. Renovatie is (vooralsnog) niet wettelijk geregeld. Hetzelfde geldt voor vernieuwbouw. Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs De uitvoering van de zorgplicht wordt geregeld via een juridisch instrument, de verordening. Op grond van de Gemeentewet (artikel 149), de Wet op het primair onderwijs (artikel 102), de Wet op de expertisecentra (artikel 100) en de Wet op het voortgezet onderwijs (artikel 76) is de gemeenteraad verplicht bij verordening een regeling vast te stellen.

De verordening bevat de basis van het onderwijshuisvestingsbeleid en regelt uitgangspunten voor onder andere de voorzieningen die schoolbesturen jaarlijks kunnen aanvragen bij een gemeente, criteria voor het toetsen van deze aanvragen en procedurele afspraken. Eigendom Schoolbesturen hebben het (juridisch) eigendom van een schoolgebouw met de daarbij behorende ondergrond. Dit houdt in dat een schoolbestuur als eigenaar van een schoolgebouw en ondergrond juridisch aansprakelijk is. Wanneer een schoolbestuur geen gebruik meer maakt van het gebouw valt het gebouw om niet terug in het juridisch eigendom van de gemeente. De reden hiervoor is dat de gemeente het gebouw en de ondergrond heeft bekostigd. De gemeente heeft dus het economisch claimrecht. Schoolbesturen kunnen vanwege hun positie een gedeelte van het gebouw in medegebruik (voor andere culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden) geven aan instellingen die uit de openbare kas worden bekostigd met een ideëel doel. Verhuren Referentie: 1575404-0061.0.1.

is mogelijk als de gemeente daar, met inachtneming van de verordening, voorafgaand toestemming voor geeft. Kinderopvang Op 1 januari 2018 is de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk in werking getreden. Daarbij zijn kinderopvang en peuterspeelzalen geharmoniseerd, waardoor men tegenwoordig spreekt van peuteropvang. Voor de peuteropvang is daarbij een landelijk kwaliteitskader ingevoerd dat grotendeels gelijk is aan de kinderopvang. De GGD is aangesteld als toezichthouder op de kwaliteit voor zowel de kinderopvang als peuterspeelzalen. Daarnaast is er met de invoering van de Wet OKE voor gemeenten een verplichting gekomen om voldoende aanbod vroeg- en voorschoolse educatie (VVE) te realiseren, waarbij de financiële drempels voor ouders van doelgroepkinderen zo laag mogelijk moeten zijn. Huidig stelsel De huidige rolverdeling (waarbij gemeenten verantwoordelijk zijn voor nieuwbouw en schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor onderhoud, aanpassing en exploitatie) vertoont tekortkomingen. Het stelsel biedt beide partijen theoretisch de mogelijkheid om de eigen uitgaven te beperken. Gemeenten kunnen eigen uitgaven beperken door relatief goedkope gebouwen neer te zetten, met als gevolg hoge onderhouds- en exploitatiekosten. Schoolbesturen kunnen de eigen uitgaven beperken door weinig te investeren in onderhoud en eerder nieuwbouw aan te vragen bij de gemeente.

Daarbij komt dat een aantal zaken, zoals bekostiging als gevolg van aangescherpte eisen in het Bouwbesluit en maatschappelijk wenselijke voorzieningen waaronder op het gebied van duurzaamheid, en de voorziening renovatie/vernieuwbouw niet geregeld zijn. Wetsvoorstel stelselwijziging Op 15 december 2016 hebben de PO-raad, de VO-raad en de VNG een gezamenlijk voorstel gestuurd aan toenmalig staatssecretaris Sander Dekker om de tekortkomingen in het huidige stelsel voor onderwijshuisvesting op te lossen. Het uitgangspunt van dit voorstel is dat gemeenten en schoolbesturen een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor de (kwaliteit van de) huisvesting van scholen. Op 9 mei 2018 is het verder uitgewerkte voorstel gepubliceerd door PO-raad, VO-raad en VNG. Inmiddels is het voorstel ook formeel door de VNG goedgekeurd. Het voorstel is in 2018 formeel aan de minister aangeboden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15320554/3