CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raadsvergadering 11 september 2025

Raadsvergadering 11 september 2025, gemeente Waalwijk28.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Voorzitter, voorafgaande aan deze vergadering hebben we een constructief gesprek gehad met de wethouder. Ik ben niet uit om hier een debat op detailniveau te gaan voeren, maar het is wel van belang dat vragen over dit dossier worden beantwoord. Dit staat wat ons betreft los van het voorstel om dit krediet vast te stellen. Het proces dat ik voor ogen heb, is niet om deze wethouder over het verleden af te rekenen, maar om samen met de wethouder te kijken welke lessen voor de toekomst getrokken kunnen worden om dit soort situaties in het vervolg te voorkomen. De wethouder heeft in het gesprek toegezegd dat hij alle vragen van de raad wil beantwoorden. Aangezien ook andere raadsleden wellicht vragen hebben, heb ik een beroep gedaan op de ondersteuning van de griffier. Ik stel voor dat we de vragen via de griffier bundelen en deze als een document voorleggen aan het college. Voor de publieke verantwoording zou ik me kunnen voorstellen dat het college met een raadsinformatiebrief komt waarin alle vragen worden beantwoord. Voorzitter, wij zijn met inachtneming van deze afspraak voor het voorstel om het krediet beschikbaar te stellen. Dit was het. De voorzitter: Dank u wel, meneer Kocken. Dan ga ik naar de SGP, meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: Mevrouw de voorzitter, beste mensen.

De raad krijgt vanavond het voorstel om een krediet beschikbaar te stellen van 1,6 miljoen ten behoeve van herstel en vervanging van de kademuren bij Jachthaven Scharloo te Waspik. Daarmee ligt vanavond een verzoek rond een dossier met een enigszins beladen historie voor ons. De memo mochten wij kort voor deze vergadering ontvangen vanuit het college, en zo staat het erboven, van wethouder Spierings. De memo geeft keurig aan hoe de historie in elkaar steekt. Een groot aantal raadsleden heeft dit dossier destijds actief beleefd, hieraan zijn of haar bijdrage geleverd destijds. Werkelijk nieuwe informatie bevat deze memo dan ook niet. In ieder geval hebben wij hier wel actieve herinneringen aan. Zo staat me nog bij dat in 2016 de hinderlijke aanwezigheid van kabels een blokkade vormde voor het doorzetten van de plannen om de Waalwijkse jachthaven en die locatie te verplaatsen. Het ging toen om een bedrag van circa 1,2 miljoen. Hadden we toen geweten van de thans

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

20

voorliggende problematiek, is het nog maar de vraag hoe we toen in de wedstrijd hadden gestaan. Nu gaat het over een tegenvaller van een 1,6 miljoen. Terug naar de memo, waaruit ik een paar zaken op de kade wil trekken. Allereerst de staat van onderhoud. Hieromtrent zijn vragen ontstaan. De memo geeft aan dat er in de taxatie wel is ingegaan op de staat van onderhoud et cetera van verschillende andere onderdelen van de jachthaven. Denk aan bestrating, bebouwing, steigers. Op bladzij 15 lezen we hierover het volgende. Object omschrijving. Jachthaven met parkeerterrein boterloods, 228 ligplaatsen, verdeeld over vijf steigers met ondergrond verdere aanhorigheden. Kade is voorzien van bestrating. Bouwkundige staat, goed. Staat van onderhoud buiten, goed. Staat van onderhoud binnen, goed. Opmerkingen onderhoud, geen opmerkingen ten aanzien van onderhoud, pand is in prima staat. Er zijn geen onderhoudskosten te verwachten die het normale niveau overstijgen. Dat gaf een veilig gevoel. Daar zat ook een mooie foto bij. Typisch een foto van hoe een jachthaven er in de winter uitziet. Triester kan haast niet. Het kan niet zijn dat een raadslid maar uit deze foto moet opmaken dat er straks een tegenvaller van 1,6 miljoen aan zit te komen. Dat had ons door wie dan ook best verteld mogen worden. Tenminste, dat vinden wij. Wanneer we de memo nog eens goed lezen, wordt het er niet beter op.

In het kort. In 2020 maken huurders melding van de slechte staat van de kade. Er wordt begonnen vanuit de gemeente met een beheerplan dat eind 2023 wordt opgeleverd. In 2025, maand negen, ligt nu de kredietaanvraag vanuit het college voor. Dat er iets moet gebeuren, zonneklaar. De vraag is alleen, hebben we een betaler, of is het de gemeente en mag de raad daar dan een klap op geven? Ik heb sterk het idee dat we een kat in de zak hebben gekocht en daar hebben we een beetje een kater van. Wat wij werkelijk missen in de nota, is een stukje bestuurlijke reflectie vanuit het college. Hoe heeft dit zo kunnen gebeuren? Waarom heeft het zolang geduurd voor de raad is aangesloten? Hoe gaan we de pijn verdelen? Of moeten we die een 1,6 miljoen maar slikken en zien of we misschien nog ergens iets kunnen weghalen? Waarom zijn we niet meteen in actie gekomen? Dan hadden we misschien voor iets meer dan de helft van dat bedrag de zaak kunnen oplossen. Er zijn nog meer vragen te stellen en ik heb met belangstelling geluisterd naar het betoog van de heer Kocken. Daarvoor leent, ben ik met u eens, de agenda van vanavond zich niet. Alle opmerkingen die vanavond reeds zijn gemaakt en nog worden gemaakt, zie ook de onderhandse vraag in aanloop naar de bespreking van vanavond, geven wel aan dat hier een aantal zaken goed mis is gegaan of dreigt te gaan.

Dat maakt dit dossier op zijn minst interpellabel, wat onze fractie betreft. We overwegen dan de komende raadsvergadering inhoudelijk hier een vervolg aan te geven. Steun aan dit voorstel is afhankelijk van het verloop debat van vanavond. Een schot voor de boeg kunnen wij wel vast aangeven dat wij de noodzaak van de werken inzien, maar niet kunnen instemmen met een krediet van 1,6 miljoen, zonder dat wij bij benadering weten hoe de pijn verdeeld gaat worden. Ook dat had de afgelopen jaren onderzocht kunnen en moeten worden. Tot zover, voorzitter, in eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, meneer Tiemstra. Geef ik nu het woord aan het CDA. De heer Spohr: Voorzitter, na de gespreksavond zijn we met veel vragen blijven zitten. We begrijpen bijvoorbeeld niet dat het college vindt dat met de dit voorstel aan een wettelijke en contractuele verplichting tot onderhoud gevolg wordt gegeven. De CDAfractie ziet juist een gemeente die gedurende vijf jaar geen onderhoud heeft gepleegd en

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

21

nu in allerijl in actie komt, omdat er kennelijk iets over het hoofd is gezien. Dat is dus gedurende vijf jaar contractuele wanprestatie. In het rapport Nebest uit 2020 staat immers letterlijk dat de vervanging van de westelijke damwand niet kan worden uitgesteld. Verbazingwekkend is het dus dat er in 2025 nog geen herstel heeft plaatsgevonden. Ten tweede begrijpen wij niet dat de gemeente pas na vijf jaar actie heeft genomen op een zo substantieel veiligheidsrisico als instortingsgevaar. Dat moet zijn, geen actie genomen. Dat betekent dus dat de gemeente gedurende vijf jaar mensen heeft blootgesteld aan dit risico. Ondanks dat er bij de westelijke damwand delen zijn afgezet, was er immers ook nog het risico op verzakking van bestrating. Ten derde begrijpen wij niet dat de gebreken, maar zeker de ernstige gebreken aan de kademuur, niet zijn vastgesteld bij de aankoop van de haven. Het kan wat de CDA-fractie betreft niet zo zijn dat de geconstateerde ernstige gebreken niet zijn geconstateerd door een taxateur in verwante aankoop. De gebreken zijn immers aan het licht gekomen bij nota bene een visuele inspectie in 2020. Dat betekent toch dat iedereen dit in 2019 had kunnen zien bij de aankoop? Voorzitter, de gemeente heeft ernstig zitten slapen. Wie nu nog gelooft in de mogelijkheden op een verhaal bij een partij, is een taxateur die gelooft in sprookjes.

Ten slotte rijst de vraag of ook bij andere gebouwen en terreinen van de gemeente dergelijke gebreken over het hoofd zijn gezien bij de aankoop of door gebrek aan adequaat onderhoud. Voorzitter, de CDA-fractie begrijpt dat deze portefeuillehouder niet als wethouder betrokken is geweest bij de aankoop van de jachthaven en het is dus goed dat de wethouder daarom actie neemt. Die actie dient dus ook zo snel mogelijk te worden genomen. Wel vinden wij dat deze wethouder erg lang heeft gewacht met het nemen van de actie, gelet op het risico van instortingsgevaar. Voorzitter, de CDA-fractie is van mening dat de gemeente snel lering dient te trekken uit dit dossier. We gaan ervan uit dat zich niet nogmaals zo'n situatie zal voordoen en we vragen de portefeuillehouder of hij kan toezeggen dat er bij aankoop van onroerend goed, onroerend goed in de brede zin, voortaan standaard degelijk onderzoek, noem het de due diligence, noem het technisch financieel, zal worden gedaan alvorens tot aankoop daarvan te besluiten. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, meneer Spohr. Mevrouw IJpelaar. Mevrouw IJpelaar: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, we moeten erkennen dat we dit dossier met ons allen te lang hebben laten liggen. Tegelijkertijd blijft het college verantwoordelijk voor beleid en uitvoering. Raadsleden weten niet alles.

We nemen besluiten op basis van stukken en gesprekken met belanghebbenden. Uiteindelijk zijn wij verantwoordelijk voor ons besluit. Fouten mogen niet bij ambtenaren worden gelegd. Zij voeren uit binnen de kaders die door raad en college zijn vastgesteld. De politieke verantwoordelijkheid ligt bij bestuurders. Een wethouder kan niet volstaan met: dat was voor mijn tijd. Wie vandaag verantwoordelijkheid draagt, staat ook voor eerdere besluiten die nog doorwerken. De memo die we ontvingen, bevestigt dit beeld. Al in 2019 waren er signalen over de slechte staat van de kade, maar die zijn niet meegenomen in de besluitvorming. Pas in 2025 kwam er een echt beslismoment naar de raad. Dat laat zien dat dit dossier te lang is blijven liggen. Wanneer een besluit, waarvoor ik gestemd heb, niet goed uitpakt, steek

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

22

ik de hand in mijn eigen boezem, wat ik nu ook doe. Dat hoort bij verantwoordelijkheid nemen. Doet het college dat ook? Daarom sta ik achter de motie die ChristenUnie, SGP en ik hebben ingediend die dit onderstreept. Tot slot, het tij komt en het tij gaat. Je moet met de stroom meebewegen. Voor zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Alle aangemelde bijdragen zijn geweest. U kunt met elkaar hierover in gesprek, als u daar behoefte aan hebt. Ik zie meneer Van der Pluijm opstaan. Meneer Bokšan ook. Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Namens Lokaal Belang wil ik reageren op de dingen die gezegd zijn. We kunnen ons vinden wat betreft de motie en de uitspraken zojuist dat het te lang heeft geduurd. Als het college sneller actie had ondernomen, dan had het waarschijnlijk veel minder geld gekost. We kunnen instemmen met het onderzoek naar het verhalen, al denken we dat dat een lastige kwestie gaat worden. Ook dat is al vanavond een paar keer verwoord. We kunnen echt niet instemmen met de motie. Veel van de zaken die in het dictum staan zijn al toegezegd bij de gespreksavond door de wethouder. De eerste beantwoording, nog niet perfect, dat heeft de heer Kocken al verwoord, heeft hij gedaan in een notitie. Het is makkelijk om achteraf de koe in de kont te kijken en nu te oordelen dat we toen niet goed besloten hebben.

We waren er als gehele raad toen bij, heeft mevrouw IJpelaar net ook al gezegd, en er is niemand die toen vragen heeft gesteld over de taxatie, dat die niet volledig was. De wethouder heeft toen al aangegeven destijds dat het een vluchtige taxatie betrof. We moesten toen snel beslissen. We waren met zijn allen blij dat we een oplossing hadden voor de watersportvereniging. In dat kader en in dat licht is toen die aankoop gedaan. Die behelsde meer dan alleen de haven, die behelsde opstallen en gronden. In dat opzicht zeggen we als Lokaal Belang, de wethouder gaat ermee anders aan de slag en dat is voor ons voldoende. De voorzitter: Dank u wel. Is er iemand die op de heer Van der Pluijm wil reageren? Meneer Tiemstra, ga uw gang. De heer Tiemstra: Dank u wel, voorzitter. Meneer Van der Pluijm, dank voor uw reactie. U geeft aan in te gaan op wat de verschillende sprekers vanuit de oppositiefracties hebben ingebracht. Over het voorstel zelf hoor ik u minder. Ik zal niet zeggen helemaal niet. U zegt op een gegeven moment, we waren er zelf bij. Dat klopt voor een groot gedeelte. Als wij een taxatierapport krijgen, ik heb daar een paar zinnen uit voorgelezen, staat van dit goed, staat van dat goed, staat van dat goed en krijg verder een foto van een steiger, je ziet wat water, je ziet wat bootjes in de winter, daar kunnen we niet uit opmaken dat de kademuur slecht is.

Ik werp het van mij dat de raad op een gegeven moment heeft zitten slapen. Als wij vanuit het college, als wij vanuit de gemeente een taxatierapport krijgen, daar staat in, goed. Nu zijn we vijf jaar verder, wat we daar ook van vinden, maar het valt nu tegen. Dan gaat het me te ver om te zeggen, wij hebben als raad zitten slapen. Ja, we zijn als raad verantwoordelijk. We zullen nu iets moeten doen, maar daar mogen we wel iets van vinden. Het is makkelijk om te zeggen, wij hebben zitten slapen. Ik niet. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

23

De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Ik heb de notulen erop nageslagen, maar er is geen enkele partij geweest die überhaupt maar één kritische vraag heeft gesteld over de taxatie. Het was juist de wethouder die zei, jongens, let op dit is een vluchtige taxatie. In dat opzicht moet u ook zien dat raadsleden destijds niet hebben doorgevraagd, laat staan kritische vragen hebben gesteld. We waren het er als raad destijds mee eens en hebben daarin het voorstel van de wethouder gevolgd. De voorzitter: Meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: Dank u, mevrouw de voorzitter. Ik snap dat u het voorstel van de wethouder gevolgd hebt. Als de wethouder op een gegeven moment zegt, let op, jongens, het is een vluchtige taxatie, dan kan ik hem prijzen om zijn eerlijkheid. Dan ontslaat het hem niet van de verplichting om te zeggen van, het is vluchtig. Er zitten nog wat risico's aan, raad, ik kom bij u terug. Ik weet niet of wij er dan specifiek naar moeten vragen als het taxatierapport alleen maar goed, goed, goed vermeldt. Dan heeft het college zelf, heeft de gemeente zelf de verantwoordelijkheid om te zeggen van, ik ga daar toch nog eens eventjes na op wat kritische punten. Dan worden we nu niet verrast. Het feit dat u nu in de raad zegt van, daar hadden jullie nog een keer naar moeten vragen, dan blijven we aan het vragen. Het college heeft ook zijn verantwoording.

De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het eens met wat de heer Tiemstra stelt. Blijft dat we die kritische vragen ook toen hadden kunnen stellen en dat hebben we niet gedaan. De voorzitter: Laten we niet gaan herhalen. Ik zie dat meneer Van Zelst op deze discussie nog wil ingaan. Dank u wel. Ga uw gang, meneer Van Zelst. De heer Van Zelst: Voorzitter, dank u wel. Even een kleine aanvulling op mijn collega. Het taxatierapport is niet over gesproken toen. Dat taxatierapport was helder, alles was goed. Wat mij het meeste stoort, is dat we nu in de memo een foto te zien krijgen uit het taxatierapport waaruit we op moeten maken dat de kademuren wijken. Dat is een foto uit dat toenmalige taxatierapport. Daar had toen vanuit ambtelijke organisatie, college, de aandacht op gevestigd moet worden. Moet je niet nu mee komen. Je kunt van een raadslid op basis van die foto's niet verwachten dat die de kademuur kan beoordelen. Dat kan blijkbaar wel, blijkens de memo. Dat er toen niks over gezegd is over dat taxatierapport, dat heeft meneer Tiemstra goed onder woorden gebracht, maar die verschillen die nu geconstateerd worden en toen, die zijn daar niet uitgekomen. Kijk, als zo'n kademuur in gaat storten, dan wordt het aanmodderen waar we het daarstraks over hadden. Dat zijn we nu aan het doen. Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Zelst. De heer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Voorzitter, dank u wel. Dank voor deze nieuwe insteek. Ik weet niet of de heer Van Zelst destijds taxatierapport eens in ging kijken. Ik niet. Wat ik wel uit de notulen haal, is dat de wethouder destijds expliciet zegt, het was een korte visuele inspectie, waarbij er dus ook risico's aan verbonden zijn geweest. De voorzitter: Meneer Spohr, u wilt hierop bijdragen? Ga uw gang.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

24

De heer Spohr: Het is een mooi bruggetje naar mijn opmerkingen, voorzitter, zoals ik net in de bijdrage heb gezegd. Het bureau dat nadien de inspectie heeft gedaan, heeft op basis van een visuele inspectie meteen al gezegd, die kade is een zeer slechte staat. Als het taxatiebureau ook op basis van een visuele inspectie zegt dat het een goede kade was, dan is er iets fout gegaan. Ik denk dus dat er wel degelijk iets te verwijten valt aan het taxatiebureau, maar wellicht ook, en dat noem ik nu de gemeente, ik had het niet over de raad, omdat ik mag aannemen dat daar gekeken is namens de gemeente dat daar een taxateur is geweest. Ik mag ook aannemen dat er in de haven zelf gebruikers zijn geweest waar bekend was dat die kade in slechte staat was. Iets is er in dat begin wel degelijk fout gegaan. Op het moment dat een bureau opschrijft dat op basis van een visuele taxatie, de kade blijkt in zeer slechte staat te zijn, en zelfs waarschuwt voor veiligheidsrisico's, dan hebben wij als gemeente iets niet goed gedaan. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het niet geheel eens met de heer Spohr, want die uitgebreide taxatie vond pas plaats in de zomer van 2020, na aankoop. Waar u aan refereert, is het taxatierapport van daarvoor, dat een zeer beperkte inspectie is geweest en vooral visueel is geweest.

De heer Van Groos heeft dat destijds goed verwoord. De huurders van die jachthaven, want dat was op commerciële basis, moesten juist het veld ruimen om plaats te maken voor de Waalwijkse watersportvereniging. Ik kan me goed voorstellen dat die geen belang hadden bij het waarschuwen van wie dan ook dat er mogelijk, mits het hun bekend was, en dat is nog maar de vraag, om door de gemeente te waarschuwen voor een miskoop. De voorzitter: Laten we proberen niet te gaan herhalen. De heer Spohr: Volgens mij zijn we met elkaar in debat, voorzitter. De voorzitter: U mag zeker met elkaar in debat. Ga uw gang, meneer Spohr. De heer Spohr: Dank u wel, voorzitter. Ik heb er maar één opmerking aan toe te voegen. Ten aanzien van de wisselende gebruikers, dat snap ik. Op het moment dat je nieuw komt, dan kun je inderdaad niet bekend zijn met de omstandigheden daar. U gaat mij niet vertellen dat er binnen één jaar een kade van heel goed naar heel slecht kan gaan. Die kade is in 2019 ook slecht geweest. Dat vind ik het beroerde van dat taxatierapport. Ik kan me dan ook niet voorstellen, nogmaals, als op basis van visuele inspectie dit is geconstateerd, dat niet meer mensen dit hebben gezien of hebben kunnen zien. Daarom vind ik dit verwijtbaar destijds bij de aankoop van de haven. De voorzitter: Dank u wel.

Meneer Van der Pluijm, wilt u hier nog op reageren? De heer Van der Pluijm: Ik kan me vinden in de woorden van de heer Spohr. Ik denk dat hij het juist heeft. De voorzitter: Dank u wel. Iemand op deze discussie bij te leggen? Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik zal me nu beperken tot deze discussie, want ik heb nog andere dingen voor meneer Van der Pluijm. De ChristenUnie is de enige fractie die tegen de aankoop heeft gestemd. Daar hadden we andere redenen voor. We hebben ons niet echt verdiept in het taxatierapport.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

25

Wat ik nog veel belangrijker vind, want de heer Van der Pluijm wijst naar het taxatierapport, dat daarover in het raadsvoorstel helemaal niets staat. Eigenlijk moet je aan een raadsvoorstel genoeg hebben. Als er in het raadsvoorstel had gestaan, het is een vluchtig onderzoek geweest en we weten dat er allerlei kosten voor onderhoud aan zitten te komen, de fracties die voor hebben gestemd balen nu misschien dat ze 1,6 miljoen moeten betalen, ik baal dat ik tegen het voorstel heb gestemd en dat we nu zien wat voor kat in de zak we hebben gekocht. Als het college daar opener over was geweest, dan was het misschien niet gebeurd. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Voorzitter, dank u wel. De laatste zin van de heer Van Groos is, ik denk dat het college niet wist dat het een kat in de zak was. De wethouder heeft toen betoogd, het staat niet in het raadsvoorstel, maar heeft duidelijk in de geheime informatiebijeenkomst al aangegeven dat de taxatie wat beperkt was. Ik denk daarmee dat ook het college zich destijds niet bewust was van de staat van onderhoud. Misschien was die helemaal niet bekend. De voorzitter: Voldoende? Dank u wel. Meneer Bokšan. De heer Bokšan: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde een soortgelijke reactie geven als de heer Van der Pluijm en mevrouw IJpelaar. Ik denk dat we als raad de hand in eigen boezem horen te steken.

De heer Van der Pluijm heeft daar volgens mij rake woorden gezegd en mevrouw IJpelaar ook. Ik wil het niet gaan hebben over 2019, maar over de gespreksavond. Ik heb nog wat vragen voor Samen Waalwijk. Ik vind dat er terecht kritische vragen worden gesteld op dit moment. Dat hadden we inderdaad in 2019 ook moeten doen, vind ik gedeeltelijk. Wat ik ook zie, is dat er een memo nu ligt waarin een feitenrelaas wordt gegeven, waarin wij informatie krijgen over wat er in het verleden is gebeurd, hoe dat is aangepakt en zelfs een vooruitblik naar de toekomst over gedeeltelijk wat er is geleerd en wat opgepakt moet worden om problemen elders te voorkomen. Ik hoorde de SGP al inbrengen dat zij dit onderwerp interpellabel vinden en ik hoorde Samen Waalwijk aangeven dat zij, als ze de memo lazen, het vragen opriep, maar vervolgens hoor ik dan niet wat voor vragen het opriep. Ik ben benieuwd wat de heer Kocken in dit geval van Samen Waalwijk nog meer wil zien in een onderzoek in een nog meer uitwerking van dit onderwerp dan wat er al in de memo staat, voorzitter. Volgens mij zijn we met een memo al redelijk goed geïnformeerd en heeft de wethouder al toegezegd dat hij daar nog verder naar wil kijken. De voorzitter: Meneer Kocken. De heer Kocken: Dank u wel, voorzitter. Laat ik het zo zeggen, ik heb dit dossier grondig bekeken en nagenoeg alle informatie.

Ik heb niet alle informatie gekregen. Ik zag vandaag bij de beantwoording van mijn laatste serie vragen waar ik heb gevraagd om de opdracht die verleend is aan de taxateur, want die miste ik in het taxatierapport, of die alsnog boven water kon komen, omdat ik het idee had dat in het taxatierapport die opdrachtverlening aan de taxateur op een andere manier ingekleurd is. De opdracht is nergens te vinden in dit huis en dat is raar. Alle post die binnenkomt, wordt gedigitaliseerd. Dat is een van de vragen die ik straks heb die ik niet te berde wil brengen, omdat ik de organisatie de kans wil geven en de wethouder op een ordentelijke manier vragen te beantwoorden.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

26

In de memo die gekomen is, waar dit chronologisch overzicht – ik had dat zelf al, want ik heb dit in een gesprek met de wethouder al helemaal doorgelopen, zonder dat die memo er al was – daar zitten nieuwe feiten in. Er is een tweede taxatie gemaakt. Hoe is de uitkomst van die tweede taxatie? Waarom is die vanavond niet op tafel gelegd? Dat zijn dus vragen die ik nog zou willen stellen, die dit onderwerp op zichzelf niet raken, omdat ik vind dat wij een onderhoudsverplichting hebben naar de jachthaven. Dat krediet zijn we verplicht om dat vanavond vast te stellen, dat kunnen we niet blokkeren. Het enige is dat ik op zoek ben naar lessen voor de toekomst. Niet om af te rekenen, maar juist om verbeteringen te krijgen bij dit soort majeure projecten, dat we weten in de toekomst, langs welke route moeten we lopen, welke knoppen heeft de raad en op welke momenten worden de raad en het college op een ordentelijke manier geïnformeerd? Dat is mijn doel. Mijn doel is niet om hier te gaan zitten miememouzen over allerlei details. Ik heb het dossier helemaal doorgenomen. Ik heb ook de memo van vandaag gezien. Ik heb het er met de wethouder over gehad. Die staat open om alle vragen die we nog hebben over het verleden allemaal te gaan beantwoorden. Ik doe een oproep aan de fracties, doe dit, want de wethouder is van goede intentie om ons goed te serven op alle punten.

Op basis van die informatie kun je altijd nog als je wilt een interpellatiedebat houden van de vragen die beantwoord zijn en de resultaten daarvan. Ik opteer, ik had forse kritiek bij de gespreksavond en die waren niet onterecht en ik heb nog een heleboel vragen, maar in het taxatierapport zie ik rare dingen staan, ik zie de datum waarop de taxatie is verricht op datum x en de opdrachtverlening die staat op een week naderhand. Hoe kan dat? Waarom is de taxatie uitgepakt en de opdracht staat in het taxatierapport op vijf dagen later? Dat is merkwaardig. Al dat soort vragen ga ik hier niet stellen, want daar kan de wethouder geen antwoord op geven. Ik denk wel dat het goed is dat we met zijn allen, voor zover we dat willen en kunnen, vragen stellen die straks beantwoord kunnen worden. Dan hebben we het ergens over. Nu zitten we alleen maar te debatteren vanuit het onderbuikgevoel dat we bij dit dossier hebben. Ik heb veel liever dat we discussiëren over de feiten. De voorzitter: De heer Bokšan. De heer Bokšan: Dank u wel, voorzitter. Op dat punt ben ik het helemaal eens met de heer Kocken. De vraag die hij heeft, heb ik wellicht ook. Die vragen kunnen gesteld worden, die moeten gesteld worden, denk ik. Volgens mij heeft de wethouder dat toegezegd.

Ik ben benieuwd waar die motie voor nodig is, omdat de heer Van der Pluijm aangaf, volgens mij heeft de wethouder de meeste van de informatieverzoeken die in de motie staan, al toegezegd, waar we het overigens als VVD volmondig mee eens zijn. Volgens mij moet dat benadrukt worden. Ik merk wel, voorzitter, in het debat net van alle bijdragen, van een aantal partijen merkte ik een pessimistische toon, terwijl de wethouder een reflecterende houding heeft gehad in de gespreksavond en heeft gezegd, we gaan het oplossen, we gaan problemen aanpakken elders en we gaan het oplossen zodat het in de toekomst niet nog een keer gebeurt. Deze wethouder heeft dit dossier op zijn bureau gekregen toen hij net begon en is er gelijk mee aan de slag geweest. Volgens mij verdient die inzet respect en moeten wij vooral als raad nu gaan kijken hoe we ervoor gaan zorgen dat inderdaad die vragen die er zijn op tafel komen, zodat we dit in de toekomst kunnen voorkomen. De voorzitter: Voldoende zie ik, meneer Kocken. Meneer Spohr, wilt u hierop reageren?

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

27

De heer Kocken: Voorzitter, de heer Bokšan bevestigt hetgeen wat ik net gezegd heb, dus dat is prima. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Spohr. De heer Spohr: Even een vraag aan de heer Kocken, voorzitter. We hebben veel vragen over het verleden en hoe dingen gelopen zijn. Laat ik het zo zeggen, we kunnen in ieder geval concluderen dat het rondom de aankoop niet echt goed gelopen is, dat de taxateur daar waarschijnlijk mis heeft gezeten. Wellicht dat er iets valt te vertellen over de opdrachtverlening, de inhoud. Lijkt mij wat belangrijker dan de timing, want dat heeft voor de hele schade helemaal geen zin. Dat is mijn mening. Wat ik wel belangrijk vind, bij alle vragen die ik u hoor stellen over het verleden, hoor ik geen een vraag die wij in onze bijdragen wel hebben gesteld, hoe gaan we het naar de toekomst oplossen? Een beetje naar wat de wethouder heeft gezegd, en dat waarderen wij wel in de aanpak van de wethouder, je kunt er alles van vinden over de tijd waarop het dan nu bekend wordt, maar er is in ieder geval toegezegd dat er actie genomen wordt. Dat vinden wij op dit moment erg belangrijk, omdat we niet willen dat wij bij geen enkele aankoop van onroerend goed nog een keer te maken krijgen met een gebrek aan informatie of dat we op een slordige manier een derde hebben ingeschakeld en die derde doet niks of die doet iets verkeerd.

Het gaat ons met name op dit moment over de toekomst en niet over kleine stukken informatie die uit het verleden wellicht nog moet worden opgediept. De voorzitter: Meneer Kocken. De heer Kocken: Voorzitter, eens met de heer Spohr dat we moeten kijken naar de toekomst. Mijn slotvraag die ik zou willen stellen straks aan de wethouder is van, als u dit allemaal hebt beantwoord, hebt u hiervan geleerd en welke lessen trekt u voor de toekomst en hoe kunnen we als raad beter geserved worden bij dit soort dossiers? Daar gaat in feite de essentie van de motie ook over van, hoe kunnen we de raad beter in positie brengen? Die uitspraak van de raad, ik worstel daar veel meer mee, met andere dossiers ook, op welke momenten heb je als raadslid nog aan de knoppen te draaien of zijn we te laat? Dat is de essentie van de motie die voorligt, daarom ondersteun ik hem ook, dat de raad veel beter en vroegtijdiger geïnformeerd moet worden. Niet alleen bij dit dossier, maar in principe altijd. Die motie vind ik veel meer algemene strekking hebben dan specifiek op dit dossier.

Ja, ik ben het eens dat we hier lessen uit moeten trekken voor de toekomst, maar ik zou dat pas willen doen nadat al die vragen gesteld zijn, er antwoorden op komen, hebben we een goede scan van hetgeen wat er is en dan kun je een veel betere afweging maken, wat hebben we ervan geleerd en welke actiepunten zetten we uit naar de toekomst toe? De voorzitter: Ik zie dat het voldoende is. Meneer Tiemstra, u wilde ook reageren op deze discussie volgens mij. Klopt dat. De heer Tiemstra: Correct, voorzitter. Ik zal het niet te lang maken. In onze bijdrage hebben we aangegeven dat wij dit dossier interpellabel vinden. Dat hebben we gedaan met de stand van zaken van de kennis van vanochtend, vanmiddag. Toen hadden we uw bijdrage nog niet gehoord. We hadden ook niet gehoord van al uw vormen van overleg met de wethouder. Ik hoor van verschillende kanten van openheid, van bereidheid.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

28

We zijn niet op oorlogspad. Ik geloof met u dat de wethouder bereid is zo veel mogelijk openheid van zaken te geven. Ik vind het een goed voorstel. Ik zou zeggen, meneer Kocken, neemt u het initiatief. Begin met een brief. Laten we zeggen dat die binnen nu en veertien dagen door iedereen die mee wil doen is aangevuld. Richt die aan het college. Van onze kant werken wij daaraan mee en schorten een eventueel voornemen tot interpellatie in ieder geval op tot de vragen zijn beantwoord en daarna zien we weer. De voorzitter: Prima. Dank. Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Ik heb nog een vraag aan de heer Van der Pluijm naar aanleiding van zijn reactie op de motie, die er kort gezegd op neerkwam dat hij de constatering en overweging kan volgen, maar dat hij de uitkomst van de motie overbodig vindt, omdat de wethouder al allerlei toezeggingen heeft gedaan. Tegen de heer Bokšan zou ik willen zeggen, het is niet een motie van afkeuring of van wantrouwen, wat gezien de gang van zaken best had gekund. Ik wil de heer Van der Pluijm, die zegt dat het overbodig is, ik kan hem tegemoetkomen door onderdeel 2 en 3 te schrappen, want dat is toegezegd. Onderdeel 1 niet en dat gaat ook veel breder.

De laatste tijd gaat het alleen maar over voorbeelden waarbij het college in de richting van de raad niet transparant is geweest en we niet zijn geïnformeerd, over allerlei zaken. Als we dan in de beantwoording vandaag lezen voor het eerst dat het college erkent, we hadden eerder moeten informeren, dan vind ik dat rijkelijk laat. Ik heb geen excuses gehoord. Ik hoop het zo meteen te horen. Ik vind dat rijkelijk laat. Als er dan in staat dat er meerdere keren in het college is gesproken over dit dossier, ingebracht door de huidige wethouder, en dat er geen enkel collegelid heeft gezegd, moeten we de raad niet informeren, dat is voor ons aanleiding geweest om de motie in te dienen zoals die hier nu voorligt. Als u zegt dat dat overbodig is, dan zet ik daar een groot vraagteken achter, gezien de praktijk vandaag de dag. Vindt de fractie van Lokaal Belang dat het college transparant is over allerlei zaken en ons tijdig informeert? Ik noem de renovatie van het hockeyveld gekoppeld aan de atletiekbaan, ik noem de Bachlaan en de Mozartlaan, waar de wethouder in gesprek was, waar we vervolgens niks van horen. De beantwoording van vragen over waarom de evenementen in het centrum niet doorgaan. Ik kan een heel rijtje opnoemen. Ik vind dat jammer. Er wordt ons verweten als raad dat we veel vragen stellen, maar ik denk dat we veel te weinig vragen stellen.

Graag een reactie van de woordvoerder van Lokaal Belang, voorzitter. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Dank voor deze vragen om mee te denken en reflecteren op het dictum. Ik wilde toch punt 1 van het dictum iets smaller houden dan in de uitweiding van de heer Van Groos zojuist. Het gaat over de gemeenteraad tijdiger en vollediger te informeren in relatie tot het budgetrecht. Daarin ben ik het helemaal eens met wat de heer Van Groos stelt. Er zijn zaken aan het licht gekomen in de taxatie in de zomer van 2020. In de memo zie ik nog een terugkoppeling in 2023, in de kadernota 2024 wordt nog iets besproken. Dan ben ik het helemaal eens met de heer Van Groos dat het wel raar is dat we nu pas bijna einde 2025 over deze zaken spreken. Ik deel daarin niet de mening dat dit een breed beeld vertegenwoordigt van wat het college niet goed doet. Daarin wil ik niet meegaan. Punt 2 van het dictum, en dat geldt ook voor punt 1, is dat we mogen verwachten van het college dat dit evident is dat dit gebeurt. Punt 3 is nu juist het punt waar we als Lokaal Belang wel in mee kunnen gaan.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

29

Natuurlijk willen we graag laten onderzoeken wat er te verhalen is, maar dat heeft de wethouder al toegezegd. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dank aan de heer Van der Pluijm voor zijn reactie. Hij eindigt met, wij mogen dat verwachten van het college. De informatieplicht die het college heeft, schrijft dat voor, dus mogen we dat verwachten. Het gebeurt niet. Laten we dat als raad over onze kant gaan, of zeggen we één keer, zoals dat bij dit dossier is gegaan en er zijn meerdere dossiers wat mij betreft waar u niet op in bent gegaan, dat mag, het moet wel anders. De voorzitter: Meneer Van der Pluijm. De heer Van der Pluijm: Dank u wel, voorzitter. Een terecht punt. Dat mogen wij verwachten en dat is in dit dossier niet goed gebeurd. Ik ben daarin benieuwd naar de reactie van de wethouder. De vraag blijft of we daar dan deze motie voor nodig hebben, of dat de lessen weer geleerd zijn en dat men scherp staat en dat het college het beter doet. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Ik dank de heer Van der Pluijm voor zijn reactie, voorzitter, en ik ben net als hij benieuwd naar de reactie van de wethouder. Laten we maar stoppen. De voorzitter: Dank u wel. Beraadslaging hierbij geëindigd in eerste termijn? Ik zie de wethouder al opstaan namens het college. Wethouder Spierings.

Beantwoording college Wethouder Spierings: Dank u wel, voorzitter. Laat ik met het volgende beginnen, beste raad. Er is niemand, maar dan ook niemand van deze ambtelijke organisatie of vanuit het college of vanuit deze raad die 's morgens opstaat en denkt, ik zal er eens een potje van maken. Niemand doet dat. Waar gewerkt wordt, vallen spaanders. Daar wil ik het niet mee afdoen. Als we dat dan constateren op een latere termijn en we hier debatteren met elkaar over het verleden waar veel mensen niet aan mee kunnen doen en dat vanuit documenten moeten halen die wel of niet compleet zijn of die wel of niet kloppen, vind ik het belangrijk om met beide handen het voorstel dat de heer Kocken gedaan heeft te omarmen, want het is niet om te jij-bakken. Ligt het aan de raad of ligt het aan die of aan die of aan die? Dingen gebeuren nu eenmaal. Dat is niet goed. Daar moeten we van leren, daar moeten we boete voor doen bij wijze spreken. Uit het onderzoek dat ik aanbied met de vragen die u allemaal nog kunt stellen, is voor mij één ding belangrijk, dat we ervan leren en dat we die dingen leren en proberen te voorkomen in de toekomst. Een fout maken is niet zo erg, als je er maar van leert, want dan haal je dat positieve er nog uit en daar kun je dus in principe in de toekomst dingen mee voorkomen. We zijn allemaal mensen. Er wordt overal gewerkt.

Waarom het zo lang geduurd heeft, daar kunnen we het over hebben. We kunnen zeggen van, het is corona geweest, vind ik altijd maar dooddoeners. Je wordt er wel mee geconfronteerd. Je bent met mensen die wisselen van baan. Dat hoef ik u allemaal niet te vertellen. Dat kan allemaal voorkomen. Dat is niet goed en dat is niet fijn en dat weten wij, dat realiseren we ons. Boven alles, en het college voelt zich daar volledig verantwoordelijk voor, ik in mijn persoon in deze portefeuille zeer zeker, en ik neem de volledige verantwoording, al is het in 2016 begonnen, maakt niet uit, ik probeer

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

30

de problemen op te lossen. Er wordt gevraagd of ik excuses maak. Die hoeft u niet te vragen. Die krijgt u van mij uit mijn hart. Niet alleen naar de raad of naar het college, maar zeker naar de vereniging. Die heeft daar last van. Ik dank de vereniging erg voor het geduld dat ze laten zien. De 27ste bestaan ze veertig jaar. Daar word ik voor uitgenodigd. Daar moet ik nog excuses maken naar het oude bestuur, want in het verleden hebben we daar toezeggingen gedaan die we niet waar hebben kunnen maken. In het openbaar geef ik daar mijn excuses voor. Als we met de raad af kunnen spreken dat we dit in ieder geval door kunnen laten gaan en dat we met elkaar achteraf gaan kijken om leer daaruit te trekken, dan vind ik dat helemaal prima. Wat de motie betreft, die kan ik alleen maar omarmen, alhoewel er al zaken van zijn die we al aan het doen zijn. Punt 1 heeft meneer Groos helemaal gelijk in en het college kan zich daar volledig in vinden. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik zie meneer Van Groos opstaan, dat hij een vraag wil stellen aan de wethouder. Zijn er anderen? Meneer Van Groos, ga uw gang. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Dank aan de portefeuillehouder voor zijn reactie en met name excuses. Geaccepteerd. Iedereen maakt fouten en daar moeten we van leren. Fouten moet je herkennen, denk ik.

Ik heb nog een stukje verantwoording gevraagd aan deze wethouder. Dat is, wat is er nu de afgelopen tweeëneenhalf jaar belangrijker geweest dan de veiligheid van de haven en het informeren van de raad? We horen vaak als raad, dat wilden we wel doen, maar er was capaciteitstekort. Daarop heb ik gezegd vanavond, dan moet je de juiste prioriteiten stellen. Wat waren dan dingen die belangrijker waren dan dit dossier en het informeren van de raad? Dat is de vraag die ik heb. Waarom krijgen we dan een antwoord als, de kosten worden deels doorberekend? Hebben wij regels afgesproken welke kosten wel of niet worden doorberekend, hoe ze worden doorberekend? Volgens mij ligt dat nergens in een of ander document vast. Als dat wel zo is, dan bied ik u mijn excuses aan voor het feit dat ik daarvan niet op de hoogte ben. Wie bepaalt nu wat deels is? Wat is deels? De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Groos. Wethouder Spierings. Wethouder Spierings: Dank, voorzitter. Als u mij toestaat, dan zou dat een van de vervolgvragen kunnen zijn, meneer Van Groos, die we meenemen. Het is vaak in taal waar je dingen wel of niet in begrijpt. Ik weet me te herinneren in gesprekken met de jachthaven en misschien dat het daar vandaan komt, dat we hebben gezegd van, wij nemen de verantwoording voor die kade en de huur wordt dan verhoogd. Ze willen ook zelf werkzaam zijn.

Dat we materialen leveren, maar dat ze zelf de uren doen en dat daar het woordje deels vandaan komt. Ik zeg al, dat weet ik niet zeker. Dat gaan we zeker onderzoeken, om daar een goed antwoord op te krijgen. Ik vermoed dat het daar vandaan komt. De voorzitter: Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, ik dank de wethouder voor het beantwoorden van mijn tweede vraag. Dan nu nog de eerste vraag. De vraag was, wat was er belangrijker, want het capaciteitstekort werd genoemd, dan de veiligheid bij de haven en het informeren van de raad? De voorzitter: Wethouder. Wethouder Spierings: Dank u wel, voorzitter. Er was niks belangrijker. Dit heeft veel importantie gehad, heeft ook veel aandacht van mij gehad. Ik ben meerdere malen in de

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

31

haven geweest, zeker op het gebied van veiligheid, om me er zelf van te verwittigen dat we daar geen brokken gaan maken, hebben we samen gedaan met onze havenmeester. Dat we iedere keer de lapmiddelen die we konden doen, lappen. Uiteindelijk zit daar een einde aan. Vandaar dat we vanavond hier staan. Er is niks belangrijker. Ik heb in die twee jaar veel contact gehad met de jachthaven. We hebben daar verschillende scenario's met elkaar besproken die weer teruggenomen moesten worden naar de vereniging om daar te overleggen van, wat vinden wij hiervan, wat kunnen we hiermee? Daar zit allemaal helaas tijd. Ik ben 24/7 bezig met het werk. Verenigingsleven en net u als raad is het deeltijd. Dan moet je wachten op antwoord. Dan komt er een antwoord terug van, zo willen we het niet, kunnen we het op een andere manier? Die scenario's, er zijn er vier of vijf besproken, van verkoop van de haven tot de vereniging de kans geven om aan te schaffen. Dat kost tijd om met elkaar uit te zoeken. Het had korter gekund. Ik ga het niet als excuus gebruiken. Het had sneller, effectiever moeten zijn. Daar moeten we leer uit trekken, om daar kordaat mee om te gaan. Het is aan mij toe te rekenen dat ik hier niet adequaat de informatie heb voorzien naar de raad en niet naar mijn collega's in het college, omdat ik denk van, ik ben goed bezig en we gaan ervoor. De voorzitter: Meneer Van Groos.

De heer Van Groos: Voorzitter, dank aan de wethouder voor zijn reactie en ik vraag om op een geschikt moment te schorsen, zodat ik kan overleggen met de mede-indieners van de motie en nog wellicht met andere partijen. De voorzitter: Dank u wel. Dan heb ik nog meneer Lodenstijn die wil inspreken. De heer Lodenstijn: Dank u wel, voorzitter. Eén dingetje. De wethouder omarmt de motie, zegt hij. Hij omarmt ook dictum 1, de gemeenteraad tijdiger en vollediger te informeren over zaken die raken aan taken en bevoegdheden van de raad, zoals het budgetrecht. Dan wilt u daarmee zeggen dat het in het verleden op sommige onderwerpen niet altijd goed is gegaan. Hoe gaat u dat dan nu beter doen in de toekomst? Want dit heeft geen betrekking op dit agendapunt, maar in zijn algemeenheid. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Spierings: Punt 1, wat daar beschreven staat, is volgens mij ons werk en daar gaan weleens wat dingen fout. Daarvoor willen we onszelf reflecteren om te kijken, hoe kunnen we dit in de toekomst voorkomen, op welke dossiers dan ook? Dus daarom zeg ik al, fouten maken, vallen, het zit hem niet in het vallen en de fouten maken, het zit hem in het opstaan en wat je dan gaat doen. Daar gaan we met elkaar over in gesprek. De voorzitter: De heer Lodenstijn. De heer Lodenstijn: Dank u wel, voorzitter.

Dan wens ik u daar veel sterkte bij en ik hoop daar verbetering dan van te zien in de toekomst. De voorzitter: Dank u wel. Voldoende voor nu? Dank u wel, wethouder. Dan gaan we naar een eventuele tweede termijn. Heeft iemand daar behoefte aan? Schorsen? Hoelang hebt u nodig? Een paar minuten. Zullen we tot 21.55 uur schorsen? De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

32

De voorzitter: We vervolgen deze vergadering. Ik kijk naar Lokaal Belang, kunnen wij de vergadering vervolgen, of hebt u nog langer nodig? Meneer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, de schorsing duurde maar drie minuten, in plaats van de toegekende zes. Wil ik toch vermeld hebben. Ik kan u zeggen dat met de excuses en de toezegging van de wethouder, of dat hij de motie omarmt, en de reactie met name vanuit Lokaal Belang, het niet nodig wordt gevonden om de motie in stemming te brengen. Dit is genoeg geweest voor avond. De voorzitter: De motie is van tafel. Dank u wel. Prima. Kunnen wij doorgaan met de stemming? Wel een tweede termijn nog? Ik vroeg net tweede termijn en toen vroeg ik dat en daarna zei meneer Van Groos, schorsen. Als u nu nog een tweede termijn wil, dan kan dat. Meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: Dank u wel, voorzitter. Ik zat waarschijnlijk geboeid naar het betoog van de heer Van Groos te luisteren, daarvan was ik afgeleid. Tweede termijn. Niet zozeer inhoud, die hebben we gehad, maar wel proces. Ik ben onder de indruk van de wijze waarop wethouder Spierings zojuist excuses heeft aangeboden aan alle betrokken partijen, volledige medewerking heeft toegezegd aan het verstrekken van alle informatievragen naar de raad. Compliment waard. Het is iets wat we niet zo vaak meemaken in deze raad, dat een wethouder zo ruimhartig meegaat in de wensen van de raad.

Ik wilde daar toch in tweede termijn nog een enkel woord aan wijden. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, meneer Tiemstra. Er is kritiek en er zijn complimenten. Mooi is dat. Dan gaat nu het raadsvoorstel klaargezet worden voor stemming. Is er iemand die een stemverklaring wil afleggen nog? Nee. Dan gaat u stemmen over het voteren van een krediet van 1,6 miljoen voor de Jachthaven Scharloo te Waspik. Ga uw gang. De raad stemt digitaal over het raadsvoorstel. Met unanieme stemmen voor wordt het raadsvoorstel aangenomen. De voorzitter: Dan gaat de motie niet in stemming gebracht worden. 12. De bouw van 10 appartementen op de locatie Burgemeester Verwielstraat 3 te Waalwijk De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt 12. Dat gaat over de bouw van tien appartementen op de locatie Burgemeester Verwielstraat nummer 3 te Waalwijk. Er is afgesproken door u bij de vaststelling van de agenda om daar de motie die als motie vreemd was ingediend bij te betrekken. Ik neem aan dat u in uw bijdrage deze motie daarbij betrekt. Er is een spreektijd van Samen Waalwijk aangevraagd voor vijf minuten. In algemene zin is spreektijd tweeënhalve minuut. Het gaat erover dat er een plan is om tien appartementen te bouwen aan de Burgemeester Verwielstraat 3.

Dit plan past niet binnen de huidige bestemming, maar omdat de aanvraag voor het ingaan van de Omgevingswet is ingediend, wordt het behandeld onder de oude regels. Ik wil als eerste dan de partij het woord geven die de motie wilde indienen. Dat is Lokaal Belang. Meneer Pulles, ga uw gang. De heer Pulles: Dank u wel, voorzitter. De motie die ik ga indienen, gaat over de verkeersveiligheid in de noordelijke Burgemeester Verwielstraat. Dat is niet zomaar een straat, het is mijn straat. Mijn dochter fietst er dagelijks, ik rijd er zelf meerdere keren per dag. Wie er komt, ziet, dit is een onoverzichtelijk stuk weg met aan beide kanten geparkeerde auto's, een blinde uitrit bij de supermarkt, geen vrijliggende fietspaden en

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

33

een toenemende verkeersdruk door op te leveren woonplan op de hoek van de Kasteellaan en de Burgemeester Verwielstraat, de plannen op het ETZ-terrein en binnenkort de nieuwe appartementen op nummer 3. Laat ik helder zijn, ik ben voor die woningbouw. Die plannen verdienen steun en het doet de wijk goed. Daarom heb ik eerder geprobeerd om deze motie als bijlage bij het raadsvoorstel in te dienen, maar bij de eerste afstemming bleek dat de samenhang onvoldoende werd gezien. Er stond, twijfel over de mogelijke vertraging. Koste wat het kost wil ik dat voorkomen. Nu ligt er toch weer een motie vreemd. De motie is terug waar die begon, bij het raadsvoorstel. Als we nu niet uitkijken, lopen we straks achter de feiten aan. We vragen het college om het signaal vanuit de wijk serieus te nemen en te onderzoeken of er op korte termijn een duidelijke maatregel mogelijk is, bijvoorbeeld het instellen van een parkeerverbod op de fietssuggestiestroken. Die stroken heten in de volksmond niet voor niets al fietsillusiestroken, want fietsen kun je hier nauwelijks op een doorgaand fietspad. We vragen niet om een uitvoeringsplan en niet om vertraging van de woningbouw, we vragen om gezond verstand en om zichtbaar bestuur. Veiligheid moet je niet achteraf repareren, dat moet je aan de voorkant meenemen. Dank u wel.

Motie: Verkeersveiligheid noordelijke Verwielstraat De raad, in vergadering bijeen op 11-9-2025, gehoord de beraadslaging, Constaterende dat: -

-

de bouw van 10 appartementen plaatsvindt aan een druk verkeerspunt in de noordelijke Burgemeester Verwielstraat, direct naast een supermarkt met een blinde uitrit; deze straat nog eens extra belast gaat worden met een recent gerealiseerde grootschalig nieuwbouwproject op de kruising Kasteellaan en Burgemeester Verwielstraat en op termijn extra verkeersdruk zal ondervinden van de grootschalige woningbouw op het nabijgelegen ETZ-terrein; in het noordelijke deel van de Burgemeester Verwielstraat aan beide zijden van de weg wordt geparkeerd, zonder vrijliggende fietspaden.

Overwegende dat: -

de locatie zich bevindt op een knelpunt tussen doorgaand verkeer en bestemmingsverkeer, waar verkeersonveiligheid al langer onderwerp van gesprek is onder bewoners; dit gebied op dit moment niet op korte termijn is opgenomen in het Integraal Uitvoeringsplan (IUP) voor infrastructuur; het combineren van toekomstige infrastructurele maatregelen met nieuwbouwontwikkelingen (‘werk met werk maken’) kansen biedt om doelmatiger te investeren in verkeersveiligheid.

Verzoekt het college: 1. het signaal serieus te nemen dat de verkeerssituatie in het noordelijke deel van de Burgemeester Verwielstraat als onveilig wordt ervaren, met name door dubbelzijdig parkeren, een blinde uitrit bij de supermarkt, en de afwezigheid van vrijliggende fietspaden; 2. te onderzoeken of op korte termijn parkeerbeperkende maatregelen genomen kunnen worden, zoals een parkeerverbod op de fietssuggestiestroken, ter bevordering van de verkeersveiligheid; Notulen raadsvergadering 11 september 2025

34

3. de raad hierover te informeren vóór 1 maart 2026, met daarin een terugkoppeling van mogelijke maatregelen op korte termijn en eventuele structurele oplossingsrichtingen voor de langere termijn. en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel, meneer Pulles. Mag ik inventariseren wie op voorhand deze motie steunt? Ik zie alleen D66. Dan is het verder een bespreekpunt voor Samen Waalwijk en de SGP. Dan wil ik nu het woord geven aan Samen Waalwijk. Meneer Frodyma. De heer Frodyma: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, wie bouwt, breekt soms eerst af. Vandaag kijken we niet alleen naar stenen en cement, maar naar vertrouwen en transparantie. Die blijken bij het voorliggende project nogal broos. Voorzitter, het college vraagt de gemeenteraad om medewerking te verlenen aan de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor de bouw van tien appartementen aan de Verwielstraat 3 in Waalwijk en de bouw hiervan aan te wijzen als categorie van de gevallen waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen wordt gevraagd. Voorzitter, in het voortraject van dit raadsvoorstel is Samen Waalwijk op basis van de aangeleverde gegevens van het college dit project als uitermate wenselijk beoordeeld. Voor de gehele omgeving en omwonenden. We hadden dan ook in eerste instantie geen enkele moeite om akkoord te gaan met dit bouwplan.

Voorzitter, onze mening hierover veranderde echter toen wij in de kleine directe groep navraag deden naar de zeer beperkte en slechts vier van de directe buren die geïnformeerd werden over de voorgenomen ontwikkeling hiervan, terwijl er veel meer directe buren en omwonenden zijn die hiervan uitgesloten zijn. Voorzitter, Samen Waalwijk wil dan ook een aantal zorgen naar voren brengen die uit ons onderzoek en de informatie die wij hebben verkregen bij de directe buren, delen met u, welke belangrijk zijn om mee te wegen naar de besluitvorming hierover vanavond. Allereerst valt op dat onzes inziens best wel belangrijke informatie niet is gedeeld met de gemeenteraad. In maart 2025 schijnt er namelijk door de gemeente een brief te zijn ontvangen van een advocatenkantoor namens HTV Vastgoed B.V., de eigenaar van het naastgelegen pand aan de Grotestraat 74 in Waalwijk. Deze brief, die gericht is aan de initiatiefnemer en waar het college een kopie van heeft ontvangen, bevat belangrijke juridische en inhoudelijke bezwaren tegen dit bouwproject. In deze brief wordt onder andere gesteld dat de bouwplannen in strijd zijn met het Bouwbesluit 2017 en dat er specifieke kunstgrepen worden toegepast om regels te omzeilen. Zo schijnt het plan te zijn om de appartementen eerst te verhuren, zodat de strengere eisen van het Bouwbesluit kunnen worden ontweken om ze vervolgens alsnog te verkopen.

Afspraken zouden zijn gemaakt met de gemeente om belangrijke bouwtechnische voorzieningen, zoals geluiddempers op de ventilatoren, niet te hoeven aanbrengen, wat strijdig is met de bouwregelgeving. De initiatiefnemer is niet bereid gebleken om tot een constructieve oplossing van het HVT vastgoed hierover te komen, waardoor deze eigenaar zich genoodzaakt ziet om bij mogelijke vergunningverlening door de gemeente Waalwijk bezwaar aan te tekenen via de Raad van State. Voorzitter, wat ons verontrust, is dat deze brief en de daarin geuite ernstige punten niet zijn meegenomen in het raadsvoorstel en de raad hierover dus geen wetenschap over heeft kunnen verkrijgen. Ook de uitgebreide nieuwe informatie, die na enig aandringen ons gisterenmiddag heeft bereikt, spreekt boekdelen. Voorzitter, wat Samen Waalwijk betreft, is dit raadsvoorstel dan ook niet rijp om hierop een akkoord te kunnen geven, omdat de gemeenteraad niet alle benodigde informatie heeft gekregen, het draagvlak Notulen raadsvergadering 11 september 2025

35

van de direct omwonenden ontbreekt en het participatietraject niet breed en adequaat is gevoerd. Samen Waalwijk wil dan ook dit voorstel terugverwijzen naar het college van burgemeesters en wethouders. Voorzitter, ik sluit dan deze bijdrage af met de woorden van, participatie is geen formaliteit, maar het hart van onze democratie. Tot zover onze bijdrage hierover. De voorzitter: Dank u wel, meneer Frodyma. Dan wil ik als laatste het woord geven aan SGP, meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: Voorzitter, dank u wel. Wat betreft dit onderwerp lijkt de discussie niet zozeer meer te gaan vanavond over het bouwen, maar meer, wat doen we met de auto's, waar laten we de auto's, wat doen we met het verkeer? Als we het onderwerp vanavond, bouwen van tien appartementen op locatie Burgemeester Verwielstraat, dus ik snap dat de focus sterk wordt gelegd, zeker, meneer Pulles, omdat u aangeeft, het is uw eigen straat, dat u zegt van, ik vraag daar aandacht voor. Als we op een gegeven moment zeggen, we ruimen daar de auto's op, dan is onze vraag van, waar blijven die auto’s dan? Waar parkeren de mensen dan? Als we de cirkel iets breder trekken, dan zien we dat er aan de Kasteellaan best een behoorlijk pand is gerealiseerd. We zien dat er plannen aan de Gedempte Haven zijn die flink wat parkeerbehoefte vragen.

Vraag die bij ons dan leeft, is op een gegeven moment van, waar blijven die auto's, waar worden die auto’s opgeladen? Moeten we deze discussie niet iets breder trekken en niet alleen op een gegeven moment vragen stellen van, waar laten we de auto's, maar ook, wat betekenen al die plannen voor de verkeersdoorstroming? Ik meen dat zeker rond de Gedempte Haven nog niet alle vragen beantwoord zijn. Dan zou ik zeggen, trek de motie iets breder en vraag het college naar een meer integrale aanpak en kijk niet alleen specifiek naar dit kleine stukje straat. U kunt wel zeggen van, opgeruimd staat netjes, weg met die auto’s, we parkeren daar niet. Dat lost volgens mij geen enkel probleem op. Dat is wat ik in eerste termijn had willen zeggen, voorzitter. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, meneer Tiemstra. Dit waren de aangemelde bijdragen en de motie. U kunt met elkaar in gesprek hierover. Meneer Bokšan, meneer Pulles. Meneer Pulles eerst. Ga uw gang. Meneer Van Groos. De heer Pulles: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de vraag van de heer Tiemstra. Mijn antwoord daarop is, waar laat je die auto's, daar zou de vraag op neer kunnen komen, waar laat je de auto's dan als je bij dat specifieke stuk straat gaat verbieden? Ik zou daar twee dingen op willen zeggen.

Eén is, is het al dan niet kwijt kunnen van je auto een voorwaarde om iets gevaarlijk of ongevaarlijk te laten zijn? Het andere is, ik woon dus aan die straat. Tegenover mijn huis zit een klein straatje, de Johan Blauwstraat, ik zie op drukke momenten in de straat dat veel parkeerders hun auto langs de kant zetten, op foute plekken zetten, terwijl daar een grote parkeerhaven is waar veel auto's kunnen staan, maar die is leeg. Niemand zet hem daar neer, want dat dat is dan een metertje te ver lopen van je eigen voordeur. Ik denk dat je bij een grotere wordende stad waarin inbreiding een opgave is, je er niet omheen kunt dat je misschien weleens een keer een stukje verder moet lopen voor je auto. De voorzitter: Dank u wel.

Notulen raadsvergadering 11 september 2025

36

De heer Pulles: Excuus. Volgens mij stelde meneer Tiemstra nog een vraag. Waarom alleen deze straat dan? Die straat is op dit moment een unieke optelsom geworden. Ik ben niet blind voor andere verkeerssituaties in Waalwijk. Ik wil daar echt naar kijken. Ik zie nu dat dat er wel een hoop gebeurt in die wijk. De druk op die straat gaat groter worden. Dat is de reden dat ik nu denk van, vooruitzien is regeren, lijkt mij. De voorzitter: Meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: Dank u wel, voorzitter. Die snap ik, dat regeren vooruitzien is. Ik heb daarom de verschillende andere bouwontwikkelingen in de directe omgeving genoemd, Gedempte Haven, Kasteellaan. Klopt dat dat best wat betekent voor de Verwielstraat. Ik snap nogmaals dat u uw eigen straat prioriteit geeft. Juist het gedeelte, het eromheen, het parkeren, ik denk dat de gemeente daar een verantwoordelijkheid in heeft om daarin de juiste faciliteiten te scheppen. Als er op een gegeven moment auto's staan geparkeerd op plekken waar ze niet mogen staan, dan hebben we daar handhaving voor. Ik denk wel dat we op een gegeven moment reëel moeten zijn, veel woningen, en dan heb ik het niet alleen over deze tien appartementen, maar meer bouwontwikkelingen meteen in de omgeving, betekenen veel auto's. Dat weten we. Dan kunt u wel zeggen, we hebben parkeernormen. Aan de andere kant, er komen meer auto’s bij.

Die mensen moeten de auto's ergens laten en ze moeten ze ergens laden. Ik vind het nogmaals iets te makkelijk om te zeggen van, dan doen we ze maar niet in de Verwielstraat, ondanks dat het dan in uw directe nabijheid is. De voorzitter: Nu ga ik u corrigeren. Het is de derde keer dat u het zegt. Ik vind niet dat hier een persoonlijk belang speelt. Meneer woont echt een eind verderop en ieder raadslid woont en werkt hier in de omgeving. De insinuatie die u nu voor de derde keer maakt, daar onderbreek ik u nu even. De heer Tiemstra: Ik zou het ook nooit meer dan drie keer gezegd hebben, voorzitter, echt niet. De voorzitter: Ik heb het echt geteld. Dank u wel. De heer Tiemstra: Daar zijn we het over eens. De voorzitter: Dat vind ik dus echt drie keer te veel. Dank u wel. De heer Tiemstra: Ik dank u. Nogmaals, eventjes terug naar waar we zaten. Ik denk niet dat we dat dan alleen moeten zeggen van, we halen op dat punt de auto's weg. Ik denk dat het probleem breder aangepakt moet worden. De voorzitter: Meneer Pulles. De heer Pulles: Bedankt aan de heer Tiemstra voor deze zienswijze. Ik heb het raadsvoorstel als aanleiding gezien als laatste druppel die een emmer doet overlopen. Ik dacht, nu is het tijd om hierop te gaan schakelen.

Niet om mijn eigen straat leefbaar te houden, maar om de wijk waarin ik wel woon, maar samen met mij veel mensen in Besoijen, zo leefbaar mogelijk te houden. De voorzitter: Dank u wel. Nu legt u hem zelf ook nog voor. Meneer Tiemstra. De heer Tiemstra: De druppel en de emmer. Ik denk dat de tien appartementen, dat dat meer druppelsgewijs gaat. Ik denk dat de Kasteellaan en zeker de Gedempte Haven, dat dat echt met flinke scheuten water in de emmer gaat. Volgens mij hebben we in deze

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16027510/2