Verslag kaderstellend debat 140722
Tekst van het document
Als je het zou hebben over de vraag wat voor stad Waalwijk zou willen zijn, dan denk ik dat zelfs inwoners zich daarin gaan herkennen. Ik heb het antwoord niet, maar iets meer richting cultuur of samenleving, dus de sociale kant en niet alleen de zorgkant van het sociaal domein, maar juist die brede kant. Zo’n strategische visie is met name hierop gericht en op de grotere maatschappelijke partners om aan dezelfde dingen te werken. Mevrouw Klerks: Ik kan me inderdaad voorstellen dat het voor onze ambtenaren handig is om een soort kader te hebben, waarbinnen zij kunnen werken. Maar volgens mij zou het voorstel dan van die kant moeten komen en niet vanuit de politiek. Ik zie de politieke noodzaak gewoon niet. Ik kan me wel voorstellen dat ambtenaren het willen, maar dat kunnen ze toch gewoon zelf regelen? Dat hoeven wij toch niet te doen? Het is ook niet onze plek, volgens mij. Ik denk dat we er niet uitkomen, maar misschien willen anderen er nog op reageren. De heer Timon Klerx: Ik ben ook wel benieuwd wat de heer Van Groos ervan had gevonden als in het overdrachtsdocument had gestaan dat we een strategische visie moeten gaan ontwikkelen. Ik denk dat de raad juist is voor de kaderstelling. Dit is de wens die we uitspreken en de opdracht die we geven. De heer Van Groos: Ik zal niets zeggen over de zeer positieve toon van de heer Klerx over het voorstel.
Ik kom in tweede termijn nog terug op de toon. Wat ons betreft is een strategische visie aan het eind van een bestuursperiode als opmaat voor het nieuwe coalitieakkoord veel logischer dan aan het begin van een bestuursperiode. Ik snap de behoefte wel, omdat het college en wellicht de organisatie, voor een deel afscheid lijken te hebben genomen van de huidige strategische visie. De vraag is of dat zo netjes is als je een strategische visie hebt vastgesteld die na overleg met heel veel partners tot stand is gekomen. Als ik de heer Klerx zo hoor, is het meer dat men een visie nodig heeft om te weten hoe ze Waalwijk verder moeten brengen in de vaart der volkeren met grootste plannen, terwijl wij juist meer behoefte hebben aan een visie voor de inwoners van Waalwijk en voor de sociale problemen die er zijn. Wij zullen waarschijnlijk de motie over een strategische visie niet steunen. Het tweede is het circulariteitscentrum. Ons valt op dat er wel weer incidentele middelen zijn geregeld, maar geen structurele. Het plan is heel aardig: we kopen het op en geven alle instellingen een plek. De dekking voor de opkoop is geregeld in de grondexploitatie, maar over de structurele lasten die te maken hebben met het huisvesten van al die organisaties die zelf heel moeilijk aan hun inkomsten komen en dus moeilijk de huur Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
53
kunnen betalen, hoor ik u nog niet. Dat kost uiteindelijk veel meer dan het aankopen van de gebouwen van Baanbrekers. Wat zijn uw ideeën daarover? U kunt heel groots en weids denken, dus wellicht komt hier ook een antwoord op. Daar ben ik nieuwsgierig naar. De heer Timon Klerx: Ik zei net al dat ik het woord ‘toon’ niet helemaal goed gebruikte. Ik vond het moeilijk om het juiste woord te kiezen. Zaag me in tweede termijn niet helemaal doormidden over dit woordje, want ik heb al uitgelegd wat ik ermee bedoelde. Het ging meer om de insteek. Juist aan het punt dat de heer Van Groos aanhaalt over de inwoners zouden wij graag willen werken. We delen namelijk de zorg. Een jaar geleden hebben we al eens aandacht gevraagd voor het feit dat we geen stand van zaken meer kregen over de strategische visie. Ik vrees dat de aanname klopt dat we een andere koers zijn gaan varen. We horen vaak over ‘ondernemende pioniersstad’, ik heb intern ook al eens het ‘verhaal van Waalwijk’ gehoord. Dat roept bij ons de noodzaak op om als raad erbij betrokken te zijn en een nieuwe visie vast te stellen. Daarom deze oproep. We zouden juist naar het stuk van de inwoners en de sociale kant willen kijken. Als we daar specifieker over moeten zijn of als we er iets aan moeten toevoegen, nodig ik u uit om daar iets aan te doen.
Dat zouden we graag doen, als ik even voor mijn beurt spreek, want ik heb niet overlegd met de mede-indieners. Het laatste punt was de dekking. Stichtingen die nu al allerlei gebouwen betrekken, betalen ook huur. Een deel van de exploitatie zal dus gewoon door huuropbrengsten worden betaald. Of dat voldoende is om de volledige kosten van het gebouw Twiddus te betalen, dat weet ik niet. Daarom vragen we om een verkenning om te zien of het mogelijk is. Als het betekent dat er in de exploitatie onwijs veel geld bij moet, dan moeten we daar een besluit over nemen of het ons dat waard is. Ik denk dat ze deels zelf betalen door de huur die ze nu ook kwijt zijn. Het andere deel zal na de verkenning blijken. De heer Van Groos: Dank aan de heer Klerx voor de antwoorden. Ik heb twee reacties daarop. Bij ‘ondernemende pioniersstad’ denken wij nog niet direct aan het bestrijden van de grote maatschappelijke en sociale problemen die er zijn, maar meer aan economische ontwikkeling. Dat is nu net de toon die wij niet zoeken. Ten tweede reageert de heer Klerx op het feit dat instellingen nu ook huur betalen en dus een deel van de structurele lasten kunnen opbrengen, maar wij rekenen over het algemeen kostendekkende huren. Onze inschatting is dat al die organisaties dat niet kunnen betalen.
We kunnen zeggen dat de gemeente het voor een deel regelt, maar dan is het nog de vraag in hoeverre dat is toegestaan en bovendien is het de vraag wat ons dat gaat kosten. U denkt daar wat lichtvoetig over. Wij hebben er een wat zwaarder hoofd in. De heer Timon Klerx: Dat punt over Ondernemende Pioniersstad delen we. Dat is een hele mooie visie voor ondernemers. Daar spraken we over en we zeiden dat het sociale deel nog ontbreekt. Vandaar onze oproep. En wij vragen om een verkenning om in kaart te brengen of het beeld dat wij hebben realistisch is en wat het zou moeten kosten. Als u zegt dat we er niet aan moeten beginnen omdat het onmogelijk is, dan zitten we verschillend in de wedstrijd. Wij zouden het graag onderzocht willen zien. De heer Van Groos: Ik snap wat de heer Klerx zegt, maar de eerste stap is aankopen en daar hebben wij ook onze twijfels over. De heer Tiemstra: Ik heb een paar vragen aan de heer Klerx, die allemaal over de strategische visie gaan. Voor een heel eind ga ik mee in de vragen van mevrouw Klerks. Een paar vragen blijven nog over. Ik zie iets gebeuren. Ik denk dat LokaalBelang het goed voor elkaar heeft. Als er in de coalitie iets bereikt moet worden, waarover de VVD niet bijzonder enthousiast is, dan zijn GroenLinksaf en D66 graag bereid om aan te vullen, zodat het toch binnengehaald wordt.
Als er ooit een keer een voorstel ligt dat voor Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
54
GroenLinksaf of D66 minder welgevallig is, maar de VVD zou aanhaken, dan hebt u ook voldoende stemmen om het door de raad te krijgen. Mijn eerste vraag is: was dat de strategische visie van LokaalBelang om tot deze coalitie te komen? De heer Timon Klerx: Ik heb een punt van orde. Ik vind deze vraag heel suggestief en ik zou er niet op willen reageren. Ik vind dit beneden de maat. De heer Tiemstra: Volgens mij is het een normale vraag, mijnheer Klerx. Ik snap het niet. De voorzitter: Mijnheer Tiemstra, het gaat over het bereiken van een meerderheid, maar daar hoeven we het niet over te hebben. Beperkt u zich tot de inhoud. De heer Tiemstra: Dit is toch ook een stukje strategische visie? Misschien is het partijpolitiek. De voorzitter: De strategische visie die u bedoelt is iets anders dan waar het nu op gaat. De heer Tiemstra: Goed, of de heer Klerx antwoordt of niet, ik heb de vraag gesteld en ik trek hem niet terug. Als u de vraag niet beantwoordt, is dat voor mij ook een antwoord. Ik ga naar de volgende. De heer … Voorzitter, ik heb een punt van orde. Ik vind dit niet netjes. De voorzitter: We hadden het over samenwerken, over samen en over de toon in de raadsvergadering. Volgens mij is de opdracht om vragen te stellen over de inhoud. Wilt u het daarbij laten? De heer Tiemstra: Zeker, maar het is een kaderstellend debat. Het was een politieke vraag.
Het was misschien een scherpe vraag, het was niet op de man en het was wel degelijk een politieke, scherpe vraag. Ik maak er bezwaar tegen dat er vanuit de raad om orde wordt gevraagd als ik zo’n vraag op inhoud stel. Daar heb ik moeite mee. De voorzitter: Maar uw vraag gaat niet zozeer over de inhoud. U verbindt de strategische visie aan de wijze waarop een politieke meerderheid wordt verkregen. Als u nog vragen wilt stellen over de strategische visie, gaat uw gang. De heer Tiemstra: Ik heb geen vragen meer. De heer Spohr: Ik heb net ook met mevrouw Klerks even gesproken over de jeugdzorg en Wmo. De heer Klerx had het over het verkorten van de wachtlijst, maar daarna hield het op. Ik dacht: nu komt er wat, maar er kwam helemaal niets. Hoe wilt u dat bereiken en wat gaat u doen? De heer Timon Klerx: U vraagt mij om de vraag te beantwoorden die ik aan het college heb gesteld. Het idee dat wij in ieder geval hadden – mevrouw Klerks had ook al zoiets geantwoord – is dat we het vooral sneller willen doen op het moment dat het sneller kan. Dat is misschien geen oplossing voor de langere termijn, maar wel om op korte termijn de wachtlijsten terug te dringen. Dat kan door te zeggen: kunnen we in onze aanvragen even kijken op welke situaties we snel kunnen handelen, zonder dat keukentafelgesprek, zodat we de wachtlijsten terugdringen.
We realiseren ons wel dat het daarmee soms een duurder plaatje wordt. Dat is een moeilijke afweging, maar in onze ogen moet je iets doen om de wachtlijst te verkorten, want dit is echt onacceptabel. Die handelwijze die ik nu suggereer is absoluut geen handelwijze die we de komende jaren kunnen doen. Het is echt een incidentele ingreep. Vandaar ook de vraag aan het college om daar nu op te handelen, want we hebben wel een aantal maatregelen getroffen voor de langere termijn, maar daarmee is het probleem van nu niet opgelost. Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
55
De heer Spohr: Ik vroeg het niet voor niets. Het staat inderdaad haaks op het kostenbeleid. Het kan namelijk veel meer gaan kosten. Het staat echter ook haaks op het versoberingsbeleid van Team WijZ. U wilt Team WijZ minder laten doen. Hoe die versobering plaatsvindt, staat niet precies beschreven, maar het woord wordt wel een aantal keren genoemd. Vervolgens gaat u de wachtlijsten verkorten. Voor ons is het onduidelijk hoe LokaalBelang dat gaat realiseren. Dat staat nog los van het feit of wachtlijsten verkorten zo gemakkelijk is als u op enkele landelijke zorgwetten moet terugvallen. Denk maar aan de ggz, waar dat buitengewoon lastig is. Wij vinden het een wat gemakkelijke opmerking op dit moment van de kadernota. Ik snap dat u de vraag graag bij het college neerlegt, maar het staat nu wel zo in het document. Wij vinden het wel erg gemakkelijk. De heer Timon Klerx: Het is helemaal niet gemakkelijk. We hebben ergens keuzes moeten maken. We hebben inderdaad gezegd dat we Team WijZ vragen te versoberen en scherpe keuzes te maken, maar we hebben nergens gezegd dat dat gemakkelijk zal zijn. We hebben er heel indringende gesprekken over gevoerd om te bepalen of dit werkelijk de richting is die we willen. Aan de ene kant willen we de juiste zorg snel … het is ontzettend ingewikkeld. Je moet ergens iets doen om de kosten te beheersen.
Ik ben het heel erg met u eens dat het vreselijk ingewikkeld is en makkelijk opgeschreven. We gaan het zien. Ik weet het ook even niet. De heer Spohr: Misschien is de vergelijking wat ongemakkelijk, maar het zit voor mij een beetje in de sfeer van een toezegging van 1.200 woningen, terwijl we nog niet weten hoe die woningen gerealiseerd worden. U gaat nu de wachtlijsten verkorten, maar u realiseert zich dat het buitengewoon lastig is. Ik daag u uit om het te doen en het CDA zal het volgen. De heer Ottens: Als LokaalBelang een motie over grondaankopen ten behoeve van toekomstige woningbouw had ingediend, denk ik dat wij daar heel ver in zouden meegaan, dus als je Zanddonk heel langzaam transformeert. Wij hebben dezelfde zorgen over het circulariteitscentrum als de heer Van Groos: mooi dat je daar het gebouw van Twiddus voor aankoopt, maar hoe doe je dat met de exploitatie? Er gaat eigenlijk nog een vraag aan vooraf -- U gaf een beetje een inkijkje – namelijk of er wel draagvlak is onder de organisaties die u allemaal in één centrum wilt samenvoegen. Volgens mij zou die verkenning eerst moeten plaatsvinden, want er zijn organisaties met een heel specifieke identiteit, waarvan ik me kan voorstellen dat ze op een eigen, anonieme, locatie willen werken, misschien niet eens vanwege de organisatie, maar vanwege de doelgroepen die zij bedienen.
Ten aanzien van het verzoek om een strategische visie ben ik blij dat LokaalBelang het erg toespitst op de maatschappelijke ontwikkelingen en zich richt op de vraag wat voor gemeente wij voor onze inwoners willen zijn. Ik verbaas mij echter een beetje over het tijdstip van indienen. U wilt namelijk een aantal maatregelen nemen, waarvan we nog niet weten hoe ze uitwerken. De verandering bij Team WijZ zie ik niet zozeer als een versobering, maar meer als mean and lean dienstverlening. Prima. Het is voor mij een beetje omgekeerd. We nemen een aantal maatregelen en we willen kijken naar de koers. Ik zou de opmerking van de ChristenUnie in overweging willen geven: doe dat een jaar voor de verkiezingen, dan heeft iedere partij een koers waarin ze haar eigen accenten kan leggen. Daar wil ik graag een reactie op. De heer Timon Klerx: Ik heb uitgebreid gesproken met de voedselbank. Die staat hier welwillend tegenover. Ook andere partijen zijn al vaker over dergelijke ideeën gepolst en die staan er positief tegenover om de mogelijkheden te verkennen. De term ‘circulariteitscentrum’ hebben we de afgelopen periode pas bedacht, omdat we het als een kans zien waar we iets mee willen doen. Dat is juist omdat we het geen Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
56
‘armoedeboulevard’ willen noemen, maar echt iets om de circulariteit een stimulans te geven. Dan het punt wanneer je een strategische visie opstelt. Elk moment is moeilijk. In het laatste jaar voor de verkiezingen was het ook lastig om grote politieke uitspraken te doen. Ik denk dat we een jaar geleden ook geen strategische visie hadden willen vaststellen, want dan houd je je kaarten op de borst voor de verkiezingen. Het is altijd een moeilijk moment, dus ik begrijp wel wat mevrouw Klerks zei. Het blijft immers een politieke omgeving. Ik zag dat meerdere gemeentes, zoals Tilburg en Amsterdam, dit deden en ik vond het wel een goed idee. Volgens mij is Waalwijk er ook wel weer aan toe. Het is niet op een bepaald tijdstip gepland, voor of na de verkiezingen, omdat het iets van ons allen moet zijn. De heer Ottens: Op een op de horizon kan niemand tegen zijn, maar over het moment waarop je dat doet en de weg ernaartoe verschillen wij van mening. Uiteindelijk is dat de vertaling die je kunt maken in je verkiezingsprogramma. Daarin geef je aan hoe je daar wilt komen. We hebben net verkiezingen gehad, u heeft een coalitie gevormd. Daarmee zijn al veel maatregelen afgesproken. Met veel van die maatregelen kunnen we het eens zijn. Wij vinden een strategische visie een beetje mosterd na de maaltijd.
De heer Timon Klerx: Wij zouden juist verder willen kijken dan naar de maatregelen in het coalitieakkoord. We hebben heel veel afspraken gemaakt voor de komende vier jaar. Voor de langere termijn willen we graag een strategische visie. De voorzitter: U gaat herhalen. Dit punt heeft u al gemaakt. Mevrouw IJpelaar, last but not least. Het is tijd voor uw bijdrage. Mevrouw IJpelaar: Voorzitter, ik zie dat iedereen al druk bezig is met de gedachte dat ze gaan eten. Er is zelfs al een collega naar buiten gelopen. Ik ga mijn betoog nu niet houden. Ik wil het na de pauze doen. De voorzitter: Als dat uw voorstel is, wil ik dat graag voorleggen aan de raad. Er is één raadslid om medische redenen even naar buiten gegaan. Dat heeft ze met ons overlegd en we zijn daarmee akkoord gegaan. Ik zie dat de heer Lodenstijn wil reageren op het voorstel. De heer Lodenstijn: Als mevrouw IJpelaar pas na de schorsing haar bijdrage doet, kan het college haar vragen niet meenemen in de beantwoording. De voorzitter: Ja, dat zou wel jammer zijn. Wat zullen we doen? Eerst eten en dan de bijdrage of toch nu maar even? Mevrouw IJpelaar: Ik hoor van de heer Lodenstijn dat het college het dan niet kan meenemen. Ik vind het tijdstip gewoon niet goed. Het is te laat voor iedereen om te gaan eten. De voorzitter: Ik heb straks het voorstel gedaan om 19.30 uur te schorsen.
Daar heb ik geen tegenstand op gehoord, behalve één raadslid. Toen hebben we besloten om om 19.30 uur te gaan eten. Dat is nog vijf minuten. Als u uw bijdrage doet, kunnen we over 10 tot 15 minuten eten. Alleen mevrouw Klerks is vertrokken, maar er zitten nog diverse collega’s van de VVD. Ik vraag wel aandacht voor het betoog van mevrouw IJpelaar. Mevrouw IJpelaar: Voorzitter. Vanavond gaan we de kaderstelling uit het coalitieakkoord vaststellen. Volgens twee hoogleraren, Elzinga en Boogaard, kan het begrip ‘kaderstelling’ echter het beste in de prullenbak verdwijnen, want de volksvertegenwoordigende rol van raadsleden moet centraal staan in het werk van Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
57
raadsleden. Het is belangrijk te beseffen dat de gemeenteraad over alles gaat, want uitvoering is óók politiek. Verhalen uit buurten, wijken en dorpen zouden in de gemeenteraad weer vertaald moeten worden tot lokale politieke standpunten. ‘Open de mailbox, vraag een inwoner naar zijn ervaringen en maak er politiek van’, luidt de oproep van Boogaard en Elzinga. Lijst IJpelaar begrijpt dit als geen ander. Wij maken politiek met voorbeelden en signalen uit de samenleving. Niet iedereen stelt dat op prijs, maar degenen waar het om gaat wel. Neem nou een omgeving waar bewoners overlast ondervinden van een verward persoon. Wanneer Lijst IJpelaar om een luisterend oor en helpende hand gevraagd wordt, zeggen we niet: ‘Daar gaan wij niet over’. Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor taken in het sociaal domein. Lijst IJpelaar gaat naar de mensen toe en zorgt vervolgens dat het komt waar het hoort te zijn om een overlast gevende persoon en zijn omgeving te helpen. Dit is ook politiek. Dit gezegd hebbende focust Lijst IJpelaar zich op drie onderwerpen voor deze eerste kaderstelling van deze raadsperiode. Moties of amendementen heb ik niet, maar Lijst IJpelaar dient deze wel samen in met verschillende partijen of wij stemmen mee met verschillende partijen.
Hebben wij dan zelf geen wensen? Jawel, maar een kleine fractie zoals wij, kiest voor parels, want we kunnen niet de hele wereld op onze schouders nemen. Gezamenlijk met anderen kunnen we ook het belang van onze Waalwijkse inwoners dienen. De afgelopen tijd gaan wij, in onze beleving, van crisis naar crisis: stikstof, corona en het opnieuw opleven daarvan, boerenprotesten en de verschrikkelijk gevolgen van de oorlog in Oekraïne. Iedereen merkt het in de supermarkt, aan de benzinepomp, in bouwmarkten of aan de energierekening: de prijzen rijzen de pan uit. Steeds meer mensen moeten elk dubbeltje omdraaien of aankloppen bij de voedselbank. De armoede neemt toe. Met gevolg veel stress, echtscheidingen, korte lontjes, zwervers, mensen met psychische problemen die overlast geven in hun omgeving. En het laatste is juist het ezelsbruggetje naar ons eerste onderwerp, waar wij al jaren aandacht voor vragen en ons zorgen over maken: de aanpak en zorg van verwarde personen. Voorzitter. Conform de nieuwe Wet Verplichte ggz is er heel wat veranderd ten opzichte van voorheen, maar er is ook sprake van een groot grijs gebied. Er is nu sprake van een zorgmachtiging en een crisismaatregel. Echter, de praktijk is weerbarstiger. Vaak komt iemand bij de ggz terecht en komt dan weer heel vlug op straat of in de wijk. Gezien vanuit het behandeltraject van de patiënt is dat goed.
Dit behandelplan staat echter wel eens haaks op de gevoelens en veiligheid van de woonomgeving. Vraag aan de portefeuille houder: wat gaat en kunt u doen om te voorkomen dat de veiligheid van beide partijen niet in het geding komt? En bent u het ook met ons eens dat wij in Waalwijk eigenlijk terug moeten naar een plaatselijk opvangplek, waardoor men de eerste tijd eerst tot rust komt in de eigen omgeving? Want naar Tilburg gaan voor deze opvang is voor de meesten een brug te ver en door de situatie en stress waarin men belandt, worden de psychische problemen juist groter, blijkt in de praktijk. Ons volgende onderwerp is participatie en inclusie. U start een publiekscampagne om duidelijk te maken dat straatintimidatie en andere vormen van discriminatie onacceptabel zijn. Een goed plan. Wanneer kunnen wij die campagne verwachten en wat behelst die campagne? Ook staat u stil bij het feit dat volgend jaar 150 jaar geleden een einde kwam aan de slavernij, bijvoorbeeld tijdens Keti Koti op 1 juli 2023. Wij vinden dit zo vaag. Over welke Keti Koti heeft u het? Ik zou zeggen, leer eerst uw geschiedenis kennen, want hoe meer je ervan weet hoe vrijer je bent. Keti Koti is een Surinaams feest op 1 juli. Men schijnt te vergeten dat slavernij niet alleen in Suriname heeft plaatsgevonden. De afschaffing van de slavernij vond ook plaats op de Nederlandse Antillen.
Dus is 1 juli 2023 ook belangrijk voor de Caribische gemeenschap en ook voor allen die met het slavernijverleden te Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
58
maken hebben gehad. Noem dus naast Keti Koti, ook 1 juli 2023, de dag van de Abulashon: emancipatiedag. Tot nu toe heeft in onze ogen alleen burgemeester Femke Halsema dit begrepen. Zij benoemde deze al in haar toespraak van 1 juli jongstleden. Kunt u ervoor zorgen dat deze fout in de tekst van uw akkoord wordt hersteld, zonder dat ik met een amendement hoeft te komen? Graag hoor ik die toezegging. Ik sluit af met een bekend Afrikaans spreekwoord: ‘If you want to go fast, go alone. If you want to go far, go together’. Vrij vertaald: ‘Alleen ga je sneller, samen kom je verder’. Voor zover mijn eerste termijn. De vergadering wordt geschorst van 19.30 uur tot 20.30 uur. De voorzitter: Ik heropen de vergadering. Voordat we verder gaan, wil ik even vaststellen of er nog fundamenteel gewijzigde moties zijn. Ik heb één gewijzigde motie gezien, klopt dat? De heer Van Zelst: Van een aantal moties gaat bij ons het dictum veranderen. Bij de moties over de snelheidscontrole en de bestaanszekerheid gaat er iets uit de overwegingen. In de laatste motie die wij hebben ingediend, over de agrarische sector, zijn we nog bezig met de wijziging van het vierde punt van het dictum. Die wordt dadelijk in de tweede termijn ingediend, die staat op het RIS. Het vierde punt van het dictum wordt aangepast. De voorzitter: Laten we afspreken dat we zo even elke motie op het scherm gaan hebben.
De heer Van Zelst: Bij bestaanszekerheid gaat er iets uit de overwegingen en bij de snelheidscontrole gaat er iets uit het dictum. De voorzitter: Is die verandering zo groot dat de wethouder dat moet weten, of komt u daar straks op terug? De heer Van Zelst: Het derde punt van het dictum gaat eruit bij de snelheidscontrole en het vierde punt van de overwegingen bij de bestaanszekerheid gaat eruit. De heer Timon Klerx: Het is een beetje ingewikkeld. We hebben kort de tijd gehad en we zouden graag wat langer overleggen, dus ik sluit niet uit dat we dadelijk nog schorsing nodig hebben. Wij zijn voornemens de motie van circulair Zanddonk te splitsen, waar om gevraagd is. Dus dan hebben we het over het dictum dat we uit elkaar hadden. De aankoop van gronden en gebouwen van Baanbrekers en de toekomstvisie op Zanddonk is een motie en dan blijft er nog een kleine motie over die vraagt om een verkenning te doen naar een circulariteitscentrum. Motie 18a: Toekomst industrieterrein Zanddonk De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: - Baanbrekers een groot deel van de huidige grond en gebouwen wil verkopen; - met de verhuizing van het Schoenenkwartier de locatie van het oude museum leeg komt te staan; - meerdere locaties op industrieterrein Zanddonk leeg staan of een tijdelijke functie hebben;
Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
59
overwegende dat: - het industrieterrein Zanddonk reeds naast een woonwijk ligt en in potentie een potentiële inbreidingslocatie is om op de lange termijn nieuwe woningen te ontwikkelen; - de gronden van Baanbrekers een strategische waarde hebben in relatie tot een mogelijke transformatie van het industrieterrein naar een woongebied; verzoekt het college: voor 1 juli 2023: 1. een voorstel uit te werken om alle grond die Baanbrekers wil verkopen te kopen en dit te dekken uit de Grondexploitatie; 2. een plan van aanpak uit te werken voor de transformatie van industrieterrein Zanddonk naar woongebied in combinatie met de huidige in het gebied actieve Detailhandel, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: De motie is ingediend door LokaalBelang en wordt gesteund door GroenLinksaf. De heer Van Zelst: Ik kan u de tekst even voorlezen van het vierde punt van het dictum van de motie die wij in de tweede termijn zullen indienen. Het vierde punt van het dictum wordt als volgt. “In samenwerking met partners in de gebiedsgerichte aanpak alles in het werk te stellen om te komen tot een eerlijk verdienmodel voor de agrarische sector, met oog voor mens en natuur.” Ik zal hem zo even op de mail zetten naar de griffier. De heer Frank den Braven: Wij hebben het dictum van normatief naar richtinggevend aangepast, zoals gevraagd. De voorzitter: Goed, het zijn er nogal wat.
Twintig moties, dus we gaan snel van start. 8.
Reactie college op de pitches van de fracties in eerste termijn
Wethouder Bakker: Voorzitter, goedenavond dames en heren. Ik ga eerst even reageren op de moties die aan mij toe te dichten zijn en de eerste is die met de mooie naam ‘groene leges’. Op zich is het een goed idee om na te denken over het doorvoeren van duurzaamheidsstimulerende maatregelen bij particuliere woningen. De titel ‘groene leges’ vind ik wat lastig, omdat het onmogelijk is om korting te geven op leges. Dit staat in het voorstel, maar het mag niet. Het voorbeeld dat ik zelf heb opgezocht, is de gemeente Tilburg die onder dezelfde noemer een subsidieregeling heeft, waarbij de leges voor een deel achteraf worden gesubsidieerd, als er bepaalde duurzaamheidsmaatregelen in zitten. Ik kan me dus voorstellen dat ik in de geest van deze motie ga kijken welke mogelijkheden er zijn, maar het dictum van de motie bevat een paar termen waar ik wat problemen mee heb. Dat is onder meer dat wij dit via belastingverordeningen moeten regelen, terwijl ik denk dat dit een subsidieregeling zou moeten worden. Ik heb van de organisatie doorgekregen dat eind 2022 met zo’n onderzoek voor de deur te vroeg zou zijn, dus ik zou het voor 2023 willen meenemen. Verder snappen wij als college de geest van deze motie. Nog als toevoeging: we willen er ook voor waken dat het geen stapeling van subsidies wordt. Ik heb als voorbeeld net even de eerste Tesla genoemd.
Als je als ondernemer zo’n ding kocht, kreeg je er zo’n beetje geld bij. Dat waren vier subsidieregelingen die gestapeld werden gegeven. Je wilt natuurlijk voorkomen dat we zo veel subsidieregelingen hebben dat er uiteindelijk aan verdiend kan worden. Dat zal niet zo snel gebeuren, maar we willen het wel zorgvuldig bekijken. Wanneer wij een regeling instellen, zijn er natuurlijk altijd gelijk mensen die gaan bekijken hoe ze die regeling zo efficiënt mogelijk kunnen gebruiken, om het even positief te zeggen. Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
60
Wat dat betreft zou ik de motie wel willen omarmen, met de bemerkingen die ik zojuist heb gemaakt, dus dat het wat meer richting subsidie zou kunnen gaan. Onderzoeken is natuurlijk altijd goed en dat is de opdracht van deze motie. Dus liever de motie niet als zodanig, maar de geest overnemen zoals ik hem heb gemeld. Dan de motie rondom de GOL, of de snelfietsroute. Ik denk eerlijk gezegd niet dat de snelfietsroute echt het probleem is. Wat het probleem is in de ogen van een aantal mensen, is hetgeen wat onder de snelfietsroute ligt, namelijk de dijk, waar het om gaat. Die dijk moet geopend worden. Dat is in het provinciaal inpassingsplan de compenserende maatregel voor de cultuurhistorie. Als je die dijk niet opent, kun je niet hetgeen doen wat wij als Waalwijk het belangrijkste achten, namelijk het aanleggen van op- en afritten in de Baardwijkse Overlaat. Daar is het namelijk een compenserende maatregel voor. Daar zijn we inmiddels een jaar of vier mee aan het tobben met allerlei procedures bij de Raad van State. Al die bezwaren, die overigens voor het allergrootste gedeelte in een tussenuitspraak door de Raad van State terzijde zijn gelegd, hebben ertoe geleid dat we nu vier jaar verder zijn en inmiddels in een heel ander tijdsgewricht terecht gekomen zijn, waarbij we enorme kostenstijgingen zien. Het laatste dat ik wil, is dat we verdere vertraging kijken.
Ik zou daarom absoluut ontraden om ook maar iets te zeggen over uitstel of misschien zelfs wel afstel van die compenserende maatregelen, omdat dan simpelweg het PIP in gevaar brengt en daarmee ook het voor ons zo belangrijke onderdeel, de op- en afritten op Waalwijk-Oost. Afgezien van het feit dat die spoordijk in een andere gemeente ligt, de gemeente Heusden, is het de vraag ook of wij ons daar vanuit deze raad sterk voor zouden moeten maken en ons ermee moeten bemoeien. Dus die motie zou ik u willen ontraden. Dan ga ik naar een aantal opmerkingen die ik heb gekregen vanuit de algemene beschouwingen. De ChristenUnie spreekt ons aan op het Programma Maatschappelijke Activering en vraagt zich af wanneer wij met iedereen hebben gesproken. Wij hebben ongeveer 555 mensen in beeld die in Waalwijk in de bijstand zitten. Wij hebben nog niet met iedereen gesproken, maar ons doel is om met de gehele groep gesproken te hebben in 2025. Sinds 1 maart van dit jaar is dat Programma Maatschappelijke Activering ook een structureel project. We hebben nog geprobeerd bij de coalitieonderhandelingen € 50.000 structureel in te zetten en het daarmee wat te bespoedigen. Dat voorstel heeft het niet gehaald dus dat gaat wat langzamer lopen, want dan kun je minder capaciteit inzetten.
Maar goed, het is mogelijk dat de heroverwegingen die we eventueel gaan doen in het kader van de meicirculaire richting de begroting daar nog iets zouden kunnen laten zien. Dan is er een vraag gekomen over het financieel beleid, die houdt daar wel een klein beetje verband mee. Er wordt gezegd dat er best wel wat incidenteel is gefinancierd in de financiële paragraaf van het coalitieprogramma, terwijl dat eigenlijk ook structureel gezien zou kunnen worden. Daar geldt eigenlijk hetzelfde voor. Wij zijn ons bewust van die gewijzigde financiële situatie. Wij zien wel kansen, ook risico’s. Wij willen ook niet al te opportunistisch handelen nu direct, nu dit soort informatie is gekomen. U kent de winstwaarschuwing en het onderschrift dat we erbij hebben gezet. Het zou kunnen dat we met eventuele aanvullende voorstellen komen en daarin zou ook die keuze van incidentele middelen structureel opnemen mogelijk zijn bij grotere financiële begrotingen. Dat is een van de dingen die we moeten gaan bekijken. Dan hebben we vanuit de VVD een soortgelijke vraag. Daar gaat het er ook over dat we het onverstandig vinden om allerlei wensen aan het coalitieakkoord toe te voegen. U zegt zelf ook dat we bij de financiële doorkijk altijd nog kunnen kijken of we wensen die zijn blijven liggen of wijzigingen van incidentele naar structurele financiering opnemen. Dat gaat dan richting de begroting.
Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
61
Dan heb ik nog een vraag gekregen over de participatie en inclusie van Lijst IJpelaar. Wanneer start de publiekscampagne die duidelijk zou moeten maken dat straatintimidatie en discriminatie iets onacceptabels is? Dat is nog niet bekend, maar om een goede campagne neer te zetten, moeten we uiteraard van tevoren uitzoeken op welke manier wij dat het beste kunnen doen. Ik ben er zelf bij betrokken en mevrouw IJpelaar mag ervan uitgaan dat ik er met veel energie naar uitkijk om die projecten in te zetten. Dat is wat ik uit de algemene beschouwingen en twee moties heb gehaald. Wethouder Odabasi: Voorzitter. Helaas was de tijd iets te kort om hier goed voorbereid te staan, dus ik ga mijn best doen zo veel mogelijk vragen goed te beantwoorden. Ik wil beginnen met de moties. De eerste is van Samen Waalwijk en gaat over het gratis zwemabonnement. Op zich vind ik het een prima motie. De strekking begrijpen we ook helemaal en zoals u weet investeren we als gemeente heel erg in sport en beweging bij kinderen. Zo zetten we in op goede gymaccommodaties in het onderwijs. Dit zou een prima motie zijn om uit te voeren, maar we lopen tegen één ding aan. We zitten met name in die uitvoering, omdat we als gemeente geen abonnementsstructuur kennen bij onze zwembaden. We werken met strippenkaarten en vanuit de gebruikers is er ook geen vraag naar abonnementen.
Die strippenkaarten maken het mogelijk dat we zelf de openingstijden kunnen bepalen, afhankelijk van het weer en de personele capaciteit. Zo kunnen we flexibeler omgaan met de openingstijden. Als we abonnementen zouden invoeren, zou je bijvoorbeeld Zidewinde in Sprang-Capelle vaker moeten openstellen, want je kunt niet het ene zwembad wel openstellen en het andere zwembad niet als je abonnementen aanbiedt. Daarnaast heb je ook te maken met de werking van de Wet markt en overheid waarbij je door het bieden van een gratis abonnement aan alle kinderen de gaat concurreren met particuliere zwembaden. Het is ook nog de vraag wat je dan doet met zwembaden in de regio doet, in Drunen en omliggende gemeenten. Ik zou u heel graag tegemoet komen in uw vraag. We zijn volop bezig met het uitvoeringskader van het nieuwe jeugdbeleid. Sport en bewegen is een heel belangrijk item daarin. Ik zou u willen toezeggen dat we dit meenemen en gaan bekijken wat de mogelijkheden zijn, dus vanuit welke mogelijkheden wij het stimuleren van zwemmen onder basisschoolkinderen voor elkaar kunnen krijgen. Na dat onderzoek geven we u daar een terugkoppeling op. Ik zeg dus op dit moment nee tegen het amendement, omdat we daar de conclusies niet van kunnen overzien, maar ik ga wel bekijken hoe we zwemmen kunnen stimuleren. Over de motie van de SGP kan ik heel kort zijn.
We zijn op dit moment bezig met het vormgeven van het lokale bestaanszekerheidsbeleid. Het armoedebeleid gaat volgend jaar vervangen worden. Er moet een nieuwe beleidsnotitie komen en ik neem deze term heel graag over, omdat je daarmee ook een wat bredere kijk hebt op het armoedebeleid en afstapt van het stigmatiserende woord ‘armoede’. Wat het college betreft nemen we die motie dus over. Dan de motie van Samen Waalwijk over het GMHK. Daar hebben we het heel vaak over gehad in deze zaal. U gaf aan dat de aanvraag al bij ons zou moeten liggen. Die ligt er niet, heb ik vandaag gehoord. Ik wil u toezeggen dat wij het gesprek met hen ga voeren. Wij zien ook dat GMHK een waardevol initiatief is binnen onze gemeente. Laat ze de aanvraag indienen, laten we het gesprek met elkaar aangaan en laten we kijken wat daar uit gaat komen. Laten we naar een oplossing zoeken met elkaar. Ook daarin zal ik u informeren over de resultaten wanneer het gebeurd is. Wij zitten dus nu echt nog in de afwachtende modus tot zij met een aanvraag komen. Die hebben wij nog niet ontvangen. Dan heb ik de algemene reacties over de algemene beschouwingen. Over het sociaal domein zijn wat opmerkingen gemaakt en ik ga niet alle vragen een voor een beantwoorden. Ik heb namelijk, zoals ik zei, niet de tijd gehad om alles op een rijtje te zetten.
Zoals u weet, zijn we met de transformatie van het sociaal domein bezig, waarin Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
62
we ook meer van curatieve zorg naar preventieve zorg willen. Wij hebben niet bezuinigd op zorg. Landelijk zijn er wel wat bezuinigingsplannen, maar in Waalwijk absoluut niet. Sterker nog, wij gaan extra investeren om die preventieve aanpak voor elkaar te krijgen, zodat we geleidelijk over kunnen naar een systeem waarin we de curatieve zorg kunnen verminderen. Want zonder investering kun je geen verandering teweegbrengen in een bestaand systeem. Ik hoorde iets over de wachtlijsten. Gelukkig zien we een daling in de wachtlijsten de afgelopen periode. Bij jeugd is het al fors gedaald tot ik meen vijftig cliënten. Bij Wmo zijn de aantallen nog wat hoger, maar als we het niveau aanhouden zoals het nu is met de dalingen en de hoeveelheid aanvragen die er binnenkomt -- bij jeugd zien we ook heel erg de toegevoegde waarde van de praktijkondersteuners jeugdggz bij de huisartsen, daar zien we al de resultaten van -- dan lijkt het erop dat we tegen het einde van het jaar geen wachtlijsten meer zullen hebben. Daar streven we dus naar, maar dit is een heikel punt voor ons allemaal en ik zal u op de hoogte houden van alle ontwikkelingen de komende periode. Er was nog een opmerking gemaakt over ggz-problematiek, gecombineerd met huisvesting.
Wij zijn vanuit de regio en ook lokaal bezig met een woon-zorgvisie, waarbij we die twee componenten aan elkaar willen verbinden en kijken wat we daarin voor elkaar kunnen krijgen. We zijn nog steeds bezig met de verkenning van de mogelijkheid om Skaeve Huze in Waalwijk te realiseren. We zijn weer een stap verder daarin, dus dat loopt. Daarnaast zijn we aan het bekijken wat we nog meer kunnen doen in de verbinding met zorg en veiligheid. Wij gaan waarschijnlijk ook meedoen met een pilot in de regio, dus ook daarin worden er stappen gezet. Helaas hebben we, zoals alle andere gemeenten in het land steeds vaker te maken met ggz-problematiek, omdat de zorginstellingen zich steeds meer terugtrekken en steeds meer de taken naar ons toekomen, maar ik denk dat we het goede aan het doen zijn en in de komende periode, met de transformatieopdracht, met het nieuwe Wmo-beleidsplan dat eraan gaat komen en met de woonzorgvisie die eraan gaat komen, denk ik dat we genoeg momenten hebben om hierover door te praten. Mevrouw IJpelaar had een vraag over het bestaansrecht en de rol van de bewindvoerders. Inwoners met een laag inkomen krijgen via de bijzondere bijstand de kosten van de eigen bijdrage van de bewindvoerder terug. In maart vorig jaar is een convenant tussen de Langstraatgemeenten, Baanbrekers en de bewindvoerders gesloten, met als doel de samenwerking te verbeteren.
Daarnaast maakt de gemeente Waalwijk gebruik van de Wet gemeentelijk adviesrecht bewindvoering, waardoor het mogelijk is invloed te hebben op de geleverde kwaliteit van de bewindvoerder. Dus ook daarin proberen we de juiste stappen te zetten. Dan was er nog een vraag over het Tavenu en de inzet van jongerenwerk. Volgens mij hebben we in de afgelopen periode goede stappen gezet met het Tavenu. We hebben hele goede gesprekken met elkaar en volgende week zitten we ook weer bij elkaar om te bekijken of we wel goed bezig zijn voor het jongerenwerk. Wat het college betreft is Tavenu de organisatie die vooral moet excelleren in het jongerenwerk. Zoals u ook aangaf, zijn zij onze jongerenwerkorganisatie en wij hebben nooit anders beweerd. Daarom zijn we nu goede afspraken aan het maken over de uitvoering van het jongerenwerk. Ik heb er alle vertrouwen in dat het goed gaat komen. Over evenementen moeten we de discussie een keer in de raad met elkaar voeren, want het probleem dat het college daarmee had, is de vraag of je het budget voor jongerenwerk moet inzetten voor evenementen. De jongerenwerkers mede-organiseren de evenementen en sommige evenementen lenen zich daarvoor, maar de vraag is of dat voor alle evenementen geldt en of het Tavenu onze evenementenorganisatie is. Dat gesprek moeten we nog verder met elkaar voeren. Wij hebben daarover afspraken gemaakt met Tavenu.
We hebben gezegd dat sociaal ondernemerschap een optie is voor hen en dat ze dat volledig kunnen doen, maar we dat vanuit het jongerenwerk niet willen subsidiëren. Daar zijn we heel duidelijk in geweest en we hebben er goede afspraken over gemaakt. In de uitwerking Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
63
moet nog blijken hoe het vorm gaat krijgen, maar eigenlijk wil ik ook in de komende periode en de gesprekken met het Tavenu gaan normaliseren, want we steken er heel veel ambtelijke uren in. We willen weer naar een gewone subsidierelatie waarbij wij de opdrachtgever zijn en zij de uitvoerder. Ik wil het eigenlijk ook weer uit de politieke sfeer halen. De ChristenUnie vraagt of wij bekend zijn met het LSA. Ja, wij zijn daarmee bekend en in de afgelopen twee jaar is er veel gebruik gemaakt van de kennis van LSA, bijvoorbeeld over de toepassing van coronamaatregelen in buurthuizen. Deze kennis is de afgelopen jaren ook door de gemeente bij LSA opgehaald en gedeeld met de vijf wijkdienstencentra en de buurthuizen. Dus ook daar gaan we mee aan de slag. 5,7% van de Waalwijkse jongeren loopt een hoog risico om in de drugscriminaliteit te belanden. In eerste instantie wordt er al veelvuldig aandacht besteed aan middelengebruik en verslavingszorg in het preventieve veld. We hebben verschillende partners die daarmee aan de slag zijn gegaan, bijvoorbeeld Halt voor jongeren. We hebben het drugsbeleid ook heel prominent opgenomen in de LEA, de Lokale Educatieve Agenda, opdat we er ook met het onderwijs over kunnen praten. Bij het jongerenwerk ligt er ook nog een opdracht voor, dus het is absoluut een thema dat de aandacht krijgt die het verdient.
In reactie op de heer Van Groos, van wie ik elke vergadering het verwijt krijg dat we niet weten wat de oorzaak is van de stijgende jeugdhulp, terwijl ik denk dat ik daar wel antwoorden op heb gegeven en me niet alleen verschuil achter de landelijke problematiek, geef ik aan dat we eerste een analyse gaan maken, voordat de programmamanager aan de slag gaat: we hebben 10.000 jongeren in onze gemeente; hoe ziet die groep eruit? Wat is er precies aan de hand? Welke groepen verdienen extra aandacht? Die analyse willen we hier neerleggen, zodat u ‘bewijzen’ heeft van wat er precies aan de hand is en we op basis daarvan onze plannen en programma’s gaan maken voor de jeugd. Misschien kunnen we dan stoppen met pleisters plakken en gaan we veel programmatischer te werk op basis van de problemen die er liggen. Dat zijn in ieder geval de plannen voor de komende twee jaar, vanaf het moment dat we de programmamanager hebben. In die tussentijd zitten we natuurlijk niet stil. We hebben goede contacten met het onderwijs, met het jongerenwerk en alle andere organisaties om te proberen de vraag naar jeugdhulp te verminderen. Dan heb ik het niet alleen over financieel, maar absoluut ook over dat jongeren zich goed in hun vel moeten voelen. Het college handelt dus niet alleen financieel gedreven, maar absoluut ook op inhoud en met oog voor de problematiek van de jeugd.
Dan kom ik bij het mbo-aanbod. De vragen waren volgens mij ook schriftelijk gesteld door de SGP. Gevraagd werd of we het niet erg vinden dat Oosterhout ons voor is. Moet je dat erg vinden? Misschien wel, misschien niet. Wij zijn er ook over in gesprek en dat is ook belangrijk. We hebben goede contacten met het mbo. De Overlaat, onze school, heeft al eerder goede contacten met het mbo gehad over het inrichten van een logistiek plein. Die opleidingen werken al samen. We hebben nu afspraken om de komende jaren op drie thema’s met het mbo te bekijken wat we daarvoor in Waalwijk kunnen organiseren. Dat zijn horeca, logistiek en zorg. Die drie thema’s hebben we benoemd en daar gaan we ook mee aan de slag. We hebben enige vertraging opgelopen, omdat de aanmeldingen voor de horeca zijn tegengevallen. We gaan nu dus kijken hoe we daar een boost aan kunnen geven en het toch nog kunnen organiseren. Heb ik alles gehad? Vast niet, mijn excuses als dat niet zo is, maar dan hoor ik het graag. De heer Lodenstijn: Ik wil nog even terugkomen op het antwoord van de wethouder op de motie van de SGP over bestaanszekerheid. U wilt die term overnemen in plaats van armoedebeleid, maar bent u het met mij eens dat armoede wezenlijk iets anders is dan bestaanszekerheid? Dat gaat namelijk veel verder, want dan ga je mensen voorzien van een bepaald inkomen.
Armoedebeleid wil zeggen dat we mensen uit de schulden helpen Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
64
en ze weer op de rails zetten. U zegt dat men in Den Haag ook af wil van de Participatiewet en van armoedebeleid naar bestaanszekerheid. Daar komt men echter weer op terug, omdat men vindt dat bestaanszekerheid een te veelomvattend begrip is. Ik zou erg voorzichtig zijn met de toezegging het woord bestaanszekerheid over te nemen in plaats van armoedebeleid, want het impliceert gewoon veel meer dan alleen maar armoedebeleid. Wethouder Odabasi: Daar zijn we ons terdege van bewust. Daarom heb ik het niet gehad over het bestaanszekerheidsbeleid, maar over lokaal bestaanszekerheidsbeleid. Dan koppel je hem los van landelijk beleid en bepaal je zelf het beleid dat je lokaal wilt voeren. Het is inderdaad iets anders dan armoedebeleid. Het landelijk bestaanszekerheidsbeleid omvat ook de Participatiewet. Dat is ook bijzondere bijstand en dat soort zaken en dat hebben wij los ervan georganiseerd. Waar het ons om gaat, is dat je veel systematischer naar armoedeproblematiek kijkt, dat je minder stigmatiserend en meer vanuit de basis kijkt naar wat er daadwerkelijk aan de hand is. Aan welke knoppen kun je draaien om mensen duurzaam weer in hun kracht te zetten en hun hun leven laten opbouwen.
Het beleid dat we gaan vormen, gaat ook weer aan u voorgelegd worden en daar heeft u ook weer een stem in, dus ik denk niet dat we daarin meer toezeggen dan het huidige armoedebeleid, maar wel systematischer dus in een breder perspectief vanuit het gezin. De heer Lodenstijn: Ik denk dat de intentie van de motie van de SGP meer inhoudt dan alleen maar het overnemen van de term, dus zou u willen adviseren de motie niet over te nemen. LokaalBelang zal in ieder geval tegenstemmen. Wethouder Odabasi: Dan formuleer ik het anders. De term ‘lokaal bestaanszekerheidsbeleid’ hebben we al overgenomen. Die gebruiken we al intern en die wordt ook in de regio gebruikt. Ik kan dus ook zeggen dat het overbodig is want, dat is op dit moment de term voor het armoedebeleid. De definitie daarvan bepalen wij lokaal, dus ik kijk naar de opdracht en de intenties. Op het moment dat het beleid geformuleerd is, ligt dat voor en dan kunt u er op dat moment iets van vinden. De heer Lodenstijn: Dank voor het antwoord, ik zal het terugkoppelen. De heer Tiemstra: Dank u, wethouder, voor het overnemen van de motie. Mijnheer Lodenstijn, tijdens de schorsing en het diner heb ik een paar woorden gewisseld met de heer Klerx en die gaf aan dat met name de vierde constatering of overweging een zwaar punt voor uw fractie was. We hebben de motie doorgelezen en de koppen bij elkaar gestoken.
Conclusie was dat LokaalBelang achter de motie staat als we die constatering eruit halen. Heb ik het goed dat dat nu anders is? De heer Lodenstijn: Dat zegt u exact goed. De heer Klerx kwam terug van het overleg met u. We hebben het in de fractie besproken en hadden toch nog enkele vragen en opmerkingen. Die heb ik net aan de wethouder gesteld, dus ik moet even kijken wat mijn fractie ervan vindt. De heer Tiemstra: Hoe kijkt de wethouder er tegenaan? Wethouder Odabasi: Volgens mij heb ik net gezegd dat we intern de term lokale bestaanszekerheid al gebruiken en met dat beleid aan het werk zijn. Die definitie is een lokale definitie, dus u krijgt straks nog de mogelijkheid er iets van te vinden. De voorzitter: Het vierde punt van de constateringen was het toch, wat eruit gehaald werd? De heer Tiemstra: Ja, of de overwegingen. Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
65
De voorzitter: Ik heb net gehoord dat het vierde punt van de overwegingen eruit gehaald wordt en niet het vierde punt van de constateringen. De heer Tiemstra: We zullen de vergadering niet ophouden, voor het moment is het voldoende. De heer Van Groos: Ik zou tegen de heer Lodenstijn willen zeggen dat armoedebeleid toch iets anders is dan schuldhulpverlening. Dat zijn twee verschillende takken van sport. Ik zou de wethouder willen bedanken voor de beantwoording en het volgende meegeven. Ik ben blij te horen dat er een analyse gaat plaatsvinden van wat er aan de hand is met de jongeren in Waalwijk, met name dat deel dat gebruik maakt van de jeugdzorg. In Waalwijk werken we al een tijdje data gedreven, in ieder geval is daar iemand mee bezig. Ik neem aan dat dat bij de analyse wordt ingezet en om te onderstrepen hoe belangrijk dat is en goed te kijken naar wat er aan de hand is, wil ik u één voorbeeld meegeven dat ik deze week hoorde. Er was een gemeente dat zag dat het aantal Wmo-aanvragen toenam en de conclusie was in eerste instantie dat het door de vergrijzing komt. De gemeente had al bijna maatregelen ingezet, totdat uit een analyse bleek dat de aanvragers niet 70 of 80 waren, maar 50 jaar.
Het bleek te gaan om mensen met een verstandelijke beperking, die heel lang door hun ouders zijn verzorgd, maar dat nu niet meer kunnen waardoor ze bij de gemeente aankloppen om Wmo-voorzieningen te treffen. Dat vraagt dus om een hele andere insteek dan je in eerste instantie denkt. Vandaar ook de discussie die ik heb gevoerd met mevrouw Klerks. Als je preventief wilt gaan werken, moet je echt goed weten wat de oorzaken zijn. Ik ben dus heel benieuwd naar de analyse. Wethouder Odabasi: We hebben de data voor het Wmo-beleid goed in zicht, dus we kunnen redelijk volgen wat er aan de hand is en wat de trends en ontwikkelingen zijn. Voor jeugdbeleid is dat op dit moment nog wat lastig, omdat we nog niet de systemen en de regio op elkaar kunnen laten aansluiten. Daardoor lopen we iets achter de feiten aan. We hebben echter hoge verwachtingen van het nieuwe inkoopbeleid, waarbij we bepaalde keuzes gaan maken. Er gaat de komende jaren veel gebeuren in het sociaal domein en ik hoop u daar actief in te betrekken en erover te informeren in de komende periode. De heer Van Groos: We worden graag geïnformeerd, maar van het nieuwe inkoopbeleid hebben wij nog niet zulke hoge verwachtingen. De heer Ottens: Ook namens ons dank voor de beantwoording van de vragen. Over de motie zwemabonnementen snap ik dat de wethouder dat gaat onderzoeken.
Wij zouden ook niet willen dat er een heel bureaucratisch systeem wordt opgehangen om een experiment uit te voeren. Ik wil de wethouder er wel op wijzen dat de zwembaden al verschillende tarieven hebben. Wat dat betreft moet het mogelijk zijn te spelen met die tarieven. Bovendien gaf u aan dat er geen abonnementen zijn. Die zijn er wel bij de zwembaden. Dus ik denk dat het college daar nog even goed naar moet kijken. De gevolgen van de Wet markt en overheid moeten inderdaad goed onderzocht worden, maar daarom hebben wij het gekoppeld aan het algemene belang, namelijk het bevorderen van positieve gezondheid. Vanuit dat algemene belang kun je heel veel bezwaren tegengaan. Het verbaast ons dat er nog geen subsidieaanvraag van het GMHK ligt, want ze hebben dat twee weken geleden nadrukkelijk bij ons aangegeven. Wellicht ligt het ergens nog op een plank. De wethouder heeft aangegeven het te onderzoeken, dus die motie houden wij ook aan.
Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
66
De meest wezenlijke opmerking ging over Tavenu, waarin de wethouder aangaf dat evenementen mogen horen tot het sociaal ondernemerschap. Onze opmerking daarover ging veel verder. Die was namelijk: wil je een aantrekkelijke stad zijn, dan moet er ook een aantrekkelijke jongerencultuur zijn. Dat hebben we losgekoppeld van Tavenu. Het enige dat we hebben gezegd, is dat we met het Tavenu het grootste jongerenpodium in de hele regio hebben. Onze vraag was dus of u niet ook aanpalend aan de cultuurnota specifiek een nota voor jongerencultuur kunt uitwerken, het liefst met de jongeren zelf. Wethouder Odabasi: Ik heb begrepen dat bij de behandeling van de evenementenvisie en de cultuurnota al is toegezegd dat er een uitvoeringsprogramma komt voor de evenementenvisie. In de evenementenvisie en cultuurnota is inderdaad geen aparte paragraaf voor jongeren opgenomen, maar in de uitvoeringsnota zouden ze dat wel doen. Ik heb begrepen dat daar nog een toezegging voor staat, dus dat zullen we ook doen. Die toezegging blijft in stand. De heer Ottens: Heeft u enig idee wanneer die toezegging uitgevoerd gaat worden? Wethouder Odabasi: Dat is de portefeuille van mijn collega en ik heb daar nog geen datum bij. Dat weet ik niet. De heer Ottens: Als u daarop terug wilt komen, is het prima. Wethouder Schuijffel: Voorzitter.
Ik wil beginnen met aangeven dat ik als boerenkleindochter hart heb voor boeren, maar ik toch even inga op de moties die door de SGP zijn neergelegd over dit onderwerp. Dat is lastig. De provincie is hier feitelijk het bevoegd bezag, niet de gemeente. Wij willen wel de zorg van de boeren serieus nemen. Binnenkort zal er een besluit worden genomen om tot een voorverkenning voor een gebiedsgerichte aanpak voor de Westelijke Langstraat te komen. Dat is feitelijk ook wat de boeren gevraagd hebben. Die voorverkenning richt zich met name op het gebied rondom het Natura 2000-gebied Westelijke Langstraat. Dan gaat het om een globale inventarisatie van de opgaves en ook de betrokken partners, de stakeholders. Naast de huidige gebiedspartners – dus de provincie, de gemeente, het waterschap en Staatsbosbeheer -- kunnen ook die andere stakeholders aanschuiven. Het lijkt ons heel logisch als daar ook bij de ZLTO en AVN bij zitten. Wat wij in ieder geval willen meenemen in de gesprekken met de stuurgroep die daarover gaat, is de vraag welke tijd we nodig hebben om tot een goede afweging te komen. Wij kunnen ons nog best wel voorstellen dat op een gegeven moment de datum van 1 januari 2024 heel lastig haalbaar blijkt te zijn. Dan zullen we wel kijken of we daar wat ruimte in kunnen creëren. Al met al raden wij deze motie dus af.
Wij nemen wel inhoudelijk de zorgen van de boeren over en proberen er een goede invulling aan te geven, ook om er heel duidelijk voor te zorgen dat ze betrokken worden bij alle gesprekken. De volgende motie gaat over duurzame recreatie. Dat gaat feitelijk over een aanbod van het bedrijf Hide&B uit Culemborg. Het is niet de taak van de gemeente om dat op te pakken. Wij kunnen ons best wel voorstellen dat het een aantrekkelijk iets voor een boerenbedrijf, dus wij kunnen ons voorstellen dat bijvoorbeeld de ZLTO ermee in gesprek gaat. Als zij iets van de gemeente nodig hebben, horen wij heel graag wat wij voor hen kunnen doen in dezen. Ik denk echter wel dat we de lijnen goed moeten houden. De SGP en de ChristenUnie hebben een motie over biodiversiteit ingediend. Het is sowieso een heel sympathieke motie. Het contract met de Rotondespecialist loopt nog even, dus het is op dit moment nog niet opportuun om ermee in gesprek te gaan. Ik kan me voorstellen dat we dat gaan doen als er een nieuw contract moet komen. Dan bespreken we ook de invulling. Het kan ook zijn dat we te zijner tijd te maken krijgen met meerkosten, want wanneer je de kwaliteit verhoogt, gaat dat vaak gepaard met extra Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
67
kosten. Mocht het nodig zijn, komen we er te zijner tijd weer mee terug, dat is de toezegging die ik wil doen. Dan de motie over de borging van de groennorm bij de ruimtelijke ontwikkelingen. Ik vroeg me heel even af of ik nu de laatste versie heb. Bij punt 2 van het dictum is ‘norm’ vervangen door ‘richtlijn’, begrijp ik. Er is nog meer veranderd. Feitelijk gebeurt dit al, we toetsen bij de ontwikkelingen steeds al aan de richtlijnen groenbeleidsvisie. We streven ook echt naar die inspanningsverplichting om die 10% te halen. Het zou heel goed zijn, en dat willen we ook graag doen, om te volgen of we die 10%-norm halen. Als dat niet zo is, is het op een gegeven moment dan ook nodig dat we er iets aan gaan doen? Dan komen we er graag op terug. Dan de energiefixer. Afgelopen maart is er een raadsinformatiebrief verschenen met daarin een plan van aanpak voor het bestrijden van energiearmoede. Dat ging niet alleen over de compensatie van energiearmoede, die € 800 en € 500 die men van het Rijk krijgt en die de gemeente moet uitbetalen. Het ging ook over wat we in praktische zin zouden willen aanpakken. Feitelijk is dat project al in gang gezet en start binnenkort – dat zal oktober of november zijn – het project Energiemaatje. We doen dat in samenwerking met Contour/DeTwern. Die organisatie werkt met vrijwilligers, die zijn ze aan het werven.
Deze vrijwilligers geven adviezen en helpen ook bij kleine energiebesparende maatregelen. Denk aan het plaatsen van Led-lampen, tochtstrips, of radiatorfolie. Ze hebben een elektrische bakfiets heb ik begrepen, heel milieuvriendelijk. Ze geven ook tips en adviezen voor energiebesparing. Het gaat ze ook heel erg om bewustwording. Ik zou zeggen dat deze motie overbodig is, want we zijn er al mee bezig. Dan de motie van Samen Waalwijk over de inclusiemaatregelen. Het college vindt de toegankelijkheid heel belangrijk. Ik hoop dat Samen Waalwijk dat de afgelopen tijd gemerkt heeft. Het is een van de speerpunten in de lokale inclusieagenda en daar wordt op dit moment een uitvoeringsplan voor geschreven dat in november in de raad komt. Ik neem dat dus ook mee. Op dit moment beoordelen we steeds of alles wat we bouwen en maken toegankelijk genoeg is. We hebben natuurlijk al heel veel gebouwen, zoals sportaccommodaties en andere gebouwen, ook dit gemeentehuis. Binnenkort komt er een voorstel naar de raad om op veertien van onze panden daadwerkelijk al die maatregelen te gaan doorvoeren, waar het gaat om toegankelijkheid. Dat is even een zijstap. Wat wel nog aan de orde is: als de Omgevingswet is ingevoerd, wordt de toegankelijkheid geregeld via een Besluit bouwwerken en leefomgeving. Misschien is het helemaal niet nodig om daar op voorhand allerlei aanvullende regels aan te stellen.
Dat is als het gaat om deze motie. Wij denken dat we dit al doen, dus het is aan u. Dan kom ik op de motie over het circulariteitscentrum. Een verkenning zou ik graag willen doen. In de regio zijn er ook al allerlei plannen in uitvoering, dus wat mij betreft gaan we die verkenning ook gewoon doen. Die motie neem ik graag over. Ik had ook nog een paar vragen gekregen. De SGP heeft een vraag gesteld over hoe het zit met de verdeling van de lusten en de lasten van de windmolens op Haven 8. Die vraag is volgens mij al een paar keer eerder gesteld en we hebben natuurlijk als kader gesteld dat 50% lokaal eigendom moet zijn. Wat ons betreft mag 100% ook. In de concrete uitvoering komen we zeker hierop terug. Dan is er ook genoeg tijd om erop in te gaan. Wat ons betreft betekent lokaal eigendom automatisch dat de opbrengst in onze eigen gemeenschap terechtkomt. Lijst IJpelaar heeft mij op de vingers getikt over mijn kennis van geschiedenis. Dat mag, want ik heb vandaag weer iets geleerd. Het is niet mogelijk om een amendement in te dienen op een coalitieakkoord, maar wat ik in ieder geval wil toezeggen, is dat ik haar suggestie ga meenemen. Wij moeten sowieso met vertegenwoordigers uit de groep in
Notulen raadsvergadering 14 juli 2022
68
gesprek over hoe we dit kunnen vormgeven. Dan is het heel goed dat we het op deze manier meenemen. Er was nog één vraag over wanneer we het zwembad en sporthal Zidewinde zouden gaan verduurzamen. Dat zijn locaties die behoren tot onze kernvoorraad. We hebben in het coalitieakkoord ook een project hiervoor opgenomen. Dat is uiteraard een langjarig project om al onze plannen te verduurzamen. Op dit moment is het Vastgoedteam bezig met de verduurzaming van zalencentrum Zidewinde, het cultureel centrum met de bibliotheek. Het team brengt nu in kaart wat er allemaal moet gebeuren. De andere objecten, dus de sporthal en het zwembad, komen uiteraard ook aan bod in dit kader, maar dat komt dan daarna. Ze komen dus vanzelf aan de beurt. Dat waren de vragen. De heer Lodenstijn: Dank u wel voor de uitgebreide beantwoording. Bij enkelen van ons is niet helemaal goed aangekomen wat u nu met alle moties doet. Of u ze ontraadt, aanhoudt, of overneemt. Dat is voor ons bij de moties van uw portefeuille niet duidelijk. Wethouder Schuijffel: Dat is mijn onervarenheid, dus daar ga ik nog even snel doorheen. De motie over het perspectief voor de agrarische sector naar aanleiding van de NPLG ontraad ik. De motie over duurzame recreatie als bijdrage perspectief agrarische sector wordt ook ontraden. De motie over biodiversiteit willen wij overnemen.