Verslag Debat & Besluit (B) 171220
Tekst van het document
Notulen raadsvergadering 17 december 2020
17
en hoe wij bezig zijn met hen, wel heel veel initiatieven uit kunnen komen. Dus ik vraag er toch nog om. Wethouder Van den Hoven: Daar ben ik het helemaal mee eens, dus wij zullen in dit geval ook zeker de jeugd hierbij betrekken. Dat lijkt me evident, omdat wij niet alleen onze inwoners van middelbare leeftijd, maar ook zeker de jeugd willen enthousiasmeren om die kar te trekken. Ik ben dus blij met uw pleidooi daarvoor en ik neem het graag over, want wij nemen uiteraard heel graag de jeugd hierin mee. Mevrouw De Bruijn: Dank u wel, fijn dat u dit antwoord geeft. De heer Bögemann: Wat ik wil zeggen, sluit aan bij het laatste onderwerp waarover gesproken is. Wij hebben de wethouder gevraagd wat er precies bedoeld wordt met de vernieuwde cultuurstroom om de gemeente aantrekkelijk te houden voor de jongere inwoners. Daar heeft de wethouder nog niet op gereageerd. Wethouder Van den Hoven: Klopt, daar hebben wij niet op gereageerd, dus ik ben blij dat u het nog even aanhaalt. Het is niet zo dat wij een vernieuwende cultuurstroom op gang brengen, maar dat wij met deze nota proberen de jeugd te laten zien dat wij een aantrekkelijke stad zijn, ook op dat gebied, opdat ze niet massaal vertrekken en liever nog, dat jeugd ook in een stad als Waalwijk wil wonen. Want naast een goede arbeidsplek is er ook nog een leuke cultuuromgeving. Dat is het uitgangspunt.
De voorzitter: Mijnheer Bögemann, wilt u daar nog op reageren? De heer Bögemann: Nee, het is voldoende zo. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag nog een handje van mevrouw Schuijffel, maar die is al weg, dus ik neem aan dat haar vraag al beantwoord is. Klopt dat? Mevrouw Schuijffel: Dat klopt, de vragen die ik had, zijn inmiddels allemaal al gesteld. De voorzitter: Oké, zijn er nog vragen aan de wethouder die niet aan de orde zijn geweest en die u nog wilt stellen? Dat is niet het geval, bedankt. Heeft u behoefte aan een tweede instantie? Dat is ook niet het geval. Dan ronden we dit punt nu af. Voorzitterswissel: de heer Slaats 10. (R9.3-20) Algemene plaatselijke verordening gemeente Waalwijk 2020 (APV) De voorzitter: We zijn bij agendapunt 10 aangekomen, dat is de algemene plaatselijke verordening van de gemeente Waalwijk. De pitchtijd is vijf minuten. Het is een bespreekpunt voor de VVD, CDA, D66, SGP, Lijst IJpelaar, ChristenUnie, PvdA en Lijst Pouw. Er is een amendement van Lijst Pouw en de SGP. Ik wil mevrouw Pouw vragen als eerste haar betoog te doen, want ik ga er vanuit dat Lijst Pouw de indiener is. Mevrouw Pouw: Dank u wel, voorzitter. Omdat daklozen geen woning hebben, speelt de openbare ruimte een cruciale rol in hun leven. Ondanks het publieke aspect van de openbare ruimte, gelden er impliciete en expliciete gedragsregels.
Deze worden door daklozen vaak overtreden, omdat ze op een abnormale manier gebruikmaken van die ruimte. Daklozen, bedelaars, zwervers en andere personen die anders zijn, behoren al snel tot de ongewenste figuren van de stad. Steeds meer daklozen worden uit het straatbeeld verbannen. Dit roept vragen op over de representatieve functie van de publieke ruimte. Ook Waalwijk wil het nieuwe tijdperk in. Een tijdperk waarin armoede wordt aanNotulen raadsvergadering 17 december 2020
18
gepakt door de politie. Maatregelen, meestal genomen uit naam van de veiligheid van de bevolking, maken dat het bijna illegaal is geworden om dakloos te zijn. Armoede wordt middels een bedelverbod bestraft met een boete, en indien niet betaald, met opsluiting. Het is hierbij goed te beseffen dat vrijheidsontneming het zwaarste en meest verregaande dwangmiddel is dat een overheid kan inzetten tegen haar eigen inwoners. Uit de beantwoording van de gemeente blijkt dat het bedelverbod ingezet gaat worden als veroordeling van overlast. Maar de praktijk hangt af van verschillende factoren die elkaar beïnvloeden. Zie bijvoorbeeld de kwaliteit van de relatie tussen de bedelaar en de agenten, omwonenden en winkeliers. Waar de een spreekt over onveiligheid en verloedering, benadrukt de ander nogmaals dat de bedelaar geen vlieg kwaad doet. Ons persoonlijke beeld van daklozen speelt hierin een centrale rol. De afloop is daarom onvoorspelbaar. Soms worden daklozen gevraagd de openbare ruimte te verlaten, terwijl er geen enkele regel overtreden is. Of er een politie-interventie komt, hangt af van de herhalingsfactor van de klachten van winkeliers. Hebben vooral de commerciële partijen en veiligheidsdiensten een stem in wat we toestaan op straat? Een op veiligheid gebaseerde oplossing van een maatschappelijk probleem stelt daklozen gelijk aan delinquenten en criminelen.
Wat men daarbij vergeet, is dat het de dakloze zelf is die het grootste gevaar loopt op straat. Daarom biedt Lijst Pouw vandaag samen met de SGP een amendement in. Ook geheel in de trend is het vaststellen van de regeling beoordelingsrecht levensgedrag. Alhoewel wij uw bedoelingen hiermee op zich wel snappen, hebben wij twee bezwaren. Drie jaar geleden bleek uit het onderzoek ‘boeven vangen’ dat er sprake is van etnisch profileren door de politie, alhoewel dit geen bewuste keuze is. Ook de Belastingdienst heeft lang geprobeerd het te ontkennen, maar heeft uiteindelijk toegegeven dat ook bij de toeslagenaffaire controle op basis van etnisch profileren voorkwam. Mensen met een niet-Nederlandse nationaliteit hadden meer kans om gecontroleerd te worden, en hun aanvraag werd ook strenger gecontroleerd dan die van mensen met een Nederlandse nationaliteit. Niet alle criminaliteit leidt tot een veroordeling, maar het is wel zo dat als je meer en strenger gecontroleerd wordt, er meer kans is dat er iets ontdekt wordt. Dat vaker ontdekken draagt dan vervolgens weer bij aan het feit dat allochtonen er vaker van verdacht worden slecht levensgedrag te hebben. Zo kan discriminatie in een strafrechtvervolging zomaar leiden tot discriminatie bij de horecavergunningsverlening.
Ten tweede: in de horeca wordt gevoeld dat burgemeesters de laatste tijd het begrip ‘niet in enig opzicht’ steeds ruimer uitleggen. Daarbij mag de burgemeester onbeperkt terugkijken in de tijd. In combinatie met de steeds grotere databases van de overheid en de Wet Bibob blijkt dat het ook nog eens zeer nadelig voor ondernemers kan zijn. Door de Wet Bibob krijgt de burgemeester eerder en meer informatie over gedragingen. Feiten die uit het Bibob-onderzoek komen, kan hij gebruiken om een negatief oordeel over het levensgedrag te vellen en dus geen vergunning te verstrekken, ook al is de uitkomst van de Bibob-procedure positief. De burgemeester heeft geen enkele reden zijn nek uit te steken voor iemand: als het mis gaat, krijgt hij immers de schuld. Een focus op het tegengaan van fraude kan ertoe leiden dat er niet of nauwelijks nog gekeken wordt naar de individuele situatie. Dat is onlangs bijvoorbeeld nog gebleken bij de toeslagenaffaire. Mogelijkheden om het negatieve oordeel van de burgemeester te weerleggen, zijn er nauwelijks. Zowel de wetgevende als de rechtsprekende macht biedt burgemeesters een grote mate van beoordeling van het levensgedrag van de burger. Omdat het een bewuste keuze van de wetgever is om burgemeesters deze vrijheid te geven, toetst de rechter heel terughoudend.
Als de rechterlijke macht de burgemeester terughoudend controleert, wie controleert de burgemeester dan eigenlijk wel? Wettelijk gelden er geen beperkingen voor de feiten en gedragingen die een burgemeester bij de beoordeling van levensgedrag mag betrekken. Het is een grondbeginsel dat de rechtsstaat bij het maken en uitvoeren
Notulen raadsvergadering 17 december 2020
19
van wetten zo veel mogelijk rekening houdt met de belangen van mensen. Dat zien wij in deze bepaling onvoldoende geborgd. Daarom zullen wij er niet mee instemmen. Als laatste nog iets luchtigers: Lijst Pouw wilde van deze laatste vergadering van het jaar gebruikmaken om de portefeuillehouder een goede Kerst toe te wensen. Een presentje is daarbij op zijn plaats. Geheel in de trend van het jaar willen wij u dan ook deze kerstboom aanbieden. Misschien zegt u wel ‘och, mevrouw Pouw, zo veel moeite had u niet hoeven doen’, maar troost u, zo veel moeite was het niet. Want deze kerstballen kun je op verschillende plaatsen in Waalwijk gratis van de straat oprapen. Er liggen er genoeg. U pleit in de APV voor een verbod op het gebruik van lachgas, waarvan kenners zeggen dat de handhaving ervan niet gemakkelijk zal worden. Enerzijds omdat er geen gedoogbeleid voor bestaat zoals bij drugs, waarbij onder strikte voorwaarden de verkoop ervan in shops wordt toegestaan, tenzij je de Blokker daartoe mag rekenen. De burger moet weten dat hij betrapt kan worden, ook in het verkeer, maar een blaastest zoals bij de controle op alcohol, bestaat nog niet. Wat is nu echt de beste manier om het gebruik van lachgas terug te dringen? Weet u het? Tijdens uw vakantie kunt u daar wellicht nog eens over nadenken, als uw blik naar deze mooie boom afglijdt.
Wij zullen de boom morgen op het gemeentehuis komen afleveren. Voor het nieuwe jaar wensen wij u en alle inwoners van de gemeente Waalwijk alle goeds toe en vooral: blijven lachen. P.S. De ballonnen die naast de kerstballen op straat lagen, heb ik ook mee naar huis genomen, dus als u mij de datum van uw verjaardag nog even doorgeeft, zorg ik dat die ballonnen te zijner tijd ook nog uw kant op komen. AMENDEMENT 1: Algemeen bedelverbod De raad van de gemeente Waalwijk in vergadering bijeen d.d. 17-12-2020 Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • in de afgelopen 10 jaar het aantal daklozen in Nederland verdubbeld is; • verwacht wordt dat dit de komende jaren nog verder toe zal nemen onder andere door de • toename van mensen met problematische schulden; • het College voor de Rechten van de Mens pleit opnieuw pleit voor een integrale aanpak van dakloosheid.
‘Dat betekent onder andere dat de oorzaken van dakloosheid moeten worden aangepakt, waaronder de groeiende kosten van huisvesting, de krimpende sociale woningvoorraad, de toename van het aantal mensen in armoede en met schuldenproblematiek, en de toename van het aantal mensen dat geen toegang heeft tot (geestelijke) gezondheidszorg’, aldus het College op zijn website; • Staatssecretaris Blokhuis (VWS), minister Ollongren (BZK) en toenmalig staatssecretaris Van Ark (SZW) afgelopen zomer het plan ‘Een (t)huis, een toekomst’ naar de Kamer stuurden als reactie op de stijgende cijfers; • Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS) in het voorjaar van 2020 heeft laten weten dat preventie en het recht op huisvesting voorop moeten staan in de aanpak van dakloosheid; • Sociaal Werk Nederland en Aedes gemeenten oproepen om kwetsbare bewoners beter te ondersteunen. Rijk en gemeenten moeten hierin volgens hen hun wettelijke en financiële verantwoordelijkheid nemen; overwegende dat: • in de rapportage ‘Zicht op preventieve maatregelen om dakloosheid te voorkomen in Tilburg’ van Stichting Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen en Verslaving (IVO) te lezen staat dat een opeenstapeling van hardnekkige problemen op meerdere levensgebieden meestal de route naar dakloosheid is.
En dat persoonlijke kwetsbaarheid, psychische problemen en problematisch middelengebruik door professionals evenals Notulen raadsvergadering 17 december 2020
20
• • • • • •
•
respondenten de meest genoemde Individuele factoren zijn als belangrijke oorzaak van dakloosheid; het College onvoldoende aangetoond heeft dat een bedelverbod een oplossing kan bieden bij deze problemen; het College mede in de beantwoording de mogelijkheid tot boeteoplegging en mogelijke gijzeling voorspiegelt; mensen die boetes niet kunnen betalen te maken krijgen met aanzienlijke meerkosten, waardoor financiële problemen eerder groter dan kleiner worden; de kosten voor de gevolgen van oninbare boetes (schuldhulpverlening, justitie, politie en gemeente) enorm zijn en in geen enkele verhouding staan tot het doel van de oorspronkelijke boete; het optuigen van een administratief systeem voor 1 persoon geen recht doet aan de door het college geschetste overlast; in de publicatie ‘Gegijzeld door het systeem’ de Nationale Ombudsman stelt dat gijzeling alleen opgelegd zou moeten worden aan mensen die niet willen betalen.
Dit omdat mensen die niet kunnen betalen door een (dreigende) gijzeling door de overheid nog meer in problemen kunnen raken, doordat zij hun baan verliezen, hun uitkering stopgezet wordt, geld dat voor eten bedoeld was gebruiken om de boete te betalen, of een extra lening aangaan om de boete te betalen, en de nieuwe schuld het lastig kan maken om in aanmerking te komen voor een schuldhulpregeling; bij het inrichten en aanpassen van systemen moet er oog zijn en blijven voor de praktische consequenties voor burgers. De overheid dit perspectief niet uit het oog mag verliezen.
besluit: het dictum als volgt te wijzigen: 1. onder intrekking van de huidige Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Waalwijk 2018 (vastgesteld bij raadsbesluit van 17 december 2018 in de openbare vergadering van 13 december 2018), de Algemene plaatselijke verordening gemeente Waalwijk 2020 vast te stellen, met dien verstande dat artikel 2:65 komt te vervallen. 2. het college opdracht te geven zich te weerhouden van bedelverboden in Waalwijk alvorens geïnvesteerd te hebben in inzicht in de problematiek die in Waalwijk speelt, wat betreft aantallen daklozen (inclusief bankslapers), alsmede de oorzaken, verloop en preventie. Daarin publicaties zoals die van het IVO, ‘Een (t)thuis, een toekomst’ en ‘Herstel begint bij een huis’ van de RVS te betrekken. 3. aan de hand hiervan, in overleg met instellingen, politie, justitie en eigen handhavers te bekijken hoe boetes voor dak- en thuislozen zo veel mogelijk vermeden kunnen worden en hoe in plaats daarvan ingezet kan worden op andere concepten, zoals hulp en ondersteuning. 4. de raad voor de kaderstelling van de begroting 2022 informeren over de resultaten van het onder punt 2 en 3 gestelde. De voorzitter: Dank, het was iets over de tijd, maar bedankt voor de toevoegingen. Het amendement is door de fracties van Lijst Pouw en SGP ingediend en wordt gesteund door de fracties van Lijst IJpelaar en PvdA.
Zijn er nog vragen uit de fracties voor mevrouw Pouw? Nee, er zijn geen vragen voor u, mevrouw Pouw. Dan wil ik dus doorgaan naar de volgende pitch en die is van de VVD. Mevrouw Klerks: Dank u wel, voorzitter. De APV bestaat nog steeds uit veel pagina’s, momenteel 67. Ook met de nieuwe APV 2021 is deze niet korter geworden. De VVD wenst nog steeds hier met de fijne kam doorheen te gaan met de doelstelling de regels korter en begrijpelijker te maken. We willen bijvoorbeeld wel eens kijken of we het artikel ‘vervoer plakgereedschap’ niet anders kunnen vormgeven, of de vier pagina’s over seksinrichtingen kunnen verkorten. Volgens mij hebben we er namelijk geen. Dat zou het allemaal een stuk handzamer en duidelijker maken. De voorgestelde wijzigingen van de Notulen raadsvergadering 17 december 2020
21
APV zijn niet heel groot, maar we willen drie dingen bespreken: het carbidschieten, slecht levensgedrag en het bedelverbod. Het verbod op carbidschieten kunnen we dit jaar wel begrijpen. We hopen echter ook dat we, met de vaccins op de markt, volgend jaar weer een oud en nieuw hebben, waarbij we elkaar kunnen omhelzen en kussen en samen kunnen proosten. En natuurlijk weer vuurwerk kunnen afsteken en kunnen carbidschieten. In de APV zelf is nu niet opgenomen dat dit verbod voor slechts één jaar is. Wij willen de portefeuillehouder dus vragen of hij wil toezeggen dat dit artikel uiterlijk in november 2021 wordt heroverwogen. Daarnaast is er, op voorstel van de VNG, een nieuw artikel over slecht levensgedrag. Het is goed om wat ruimer de mogelijkheid te hebben een vergunning te weigeren. We weten immers dat criminelen ons soms te slim af zijn. Het is wel belangrijk dat deze acties niet tot problemen leiden bij goedwillende inwoners, zelfs als ze lang geleden fouten hebben gemaakt. Daarom hebben wij wat moeite met één onderdeel van de beleidsregels rondom slecht levensgedrag. Ik ga een stukje citeren. “Overigens kunnen oudere antecedenten wel degelijk meegewogen worden. Dit is onder andere het geval indien in de afgelopen vijf jaar strafbare feiten zijn gepleegd in de categorie ‘feiten die als relevante feiten worden meegewogen’.
In dat geval worden ook alle andere feiten, ouder dan vijf jaar, meegewogen”. Mijn eerdere punt over begrijpelijkheid begrijpt u nu waarschijnlijk, maar waar het me in deze om gaat, is dat er staat ‘onder andere’. Er zijn dus nog meer situaties waarin dingen die langer geleden zijn dan vijf jaar toch worden meegenomen. Het is belangrijk voor die goedwillende burger om te weten wanneer dat dan is. Daarom willen we de portefeuillehouder vragen in de definitieve beleidsregels, die onder zijn bevoegdheid vallen, te zorgen voor duidelijkheid, zodat ook de goedwillende, ondernemende, inwoner met een fout in het verleden weet waar hij of zij aan toe is. Tot slot het bedelverbod. Daar zijn we blij mee. Niet zo zeer omdat we regels willen voor een kleine groep mensen, maar wel omdat er veel onnodige bordjes waren opgehangen, terwijl wij als partij voor veel minder bordjes zijn. Het verbieden van bedelen in onze hele gemeente geeft veel rust in de regelgeving en in het straatbeeld. Die rust zou ik wensen voor veel meer dingen uit de APV. Maar goed, we moeten voor volgend jaar nog wat te wensen overhouden. Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Hartelijk dank, er zijn geen vragen voor mevrouw Klerks dus ik ga naar de volgende fractie, het CDA. De heer Spohr: Dank u wel, voorzitter. Ik doe het zonder camera als het goed is, want die gaat niet aan.
Dan ziet u in elk geval geen lelijk gezicht. De CDA-fractie heeft kennisgenomen van de APV-aanpassingen en is blij met de aanvulling van het verbod op carbidschieten. De reden moge duidelijk zijn. Maar wel alleen voor dit jaar. Dus zoals de VVD net ook vroeg, hoe dan verder in 2021? Wat betreft de andere bepaling willen wij het volgende meegeven. Het lachgasverbod vinden wij een goede zaak. Wel vragen wij ons af of met name de gebiedsafgrenzing niet tot een waterbedeffect binnen de gemeentegrenzen leidt. Graag een reactie van de portefeuillehouder. Dan het bedelverbod. Tja, dat het bestaan van een enkele bedelaar al tot een bedelverbod zou moeten leiden, vinden we lastig. Anderzijds willen we niet iets in stand houden wat we eigenlijk niet willen. Want dat zou oplossingen kunnen blokkeren. We vinden het een lastige zaak, omdat we niet graag incidentenpolitiek bedrijven, maar we denken dat het verbod uiteindelijk sneller kan leiden tot acties dan geen verbod. Daarbij zouden we een mogelijk ongewenste situatie in stand houden.
Notulen raadsvergadering 17 december 2020
22
Dan de mogelijkheid om een exploitatievergunning te weigeren in verband met slecht levensgedrag. Dit levert wat het CDA betreft het risico op dat zaken uit het verleden bij een vergunningsaanvraag lang en mogelijk disproportioneel kunnen worden nagedragen. Daarmee kunnen die zaken een vergunning blokkeren. Ik citeer: “Bij de beoordeling van deze feiten is het niet relevant of een persoon hiervoor is veroordeeld. Ook niet relevant is de hoogte van de strafbeschikking, de transactiesom of vrijheidsstraf.” En dan ten aanzien van de tijd die wordt beoordeeld: “Voor de te beoordelen feiten kijkt de gemeente Waalwijk in beginsel vijf jaar terug. Uit jurisprudentie blijkt dat de toetsing van niet in enig opzicht van slecht levensgedrag niet is verbonden aan een termijn”. De norm slecht levensgedrag kan dus een de beoordeling van iemands levenspad bepalen. Onlangs oordeelde de rechter in een dergelijke situatie in de gemeente Loon op Zand. Hij gaf daarbij aan dat door de APV geen enkele beperking werd gesteld aan de beoordeling van het levensgedrag van de vergunningsaanvrager. Het CDA heeft daarom best geaarzeld om voor het voorstel te stemmen. Maar uiteindelijk zijn wij bereid het voorstel nu het voordeel van de twijfel te geven.
Het CDA wil de beoordeling van het levensgedrag wel onder het nog te regelen horizontaal toezicht van de raad brengen, door de portefeuillehouder verantwoording te vragen over diens beoordeling van slecht levensgedrag als dat tot afwijzing van een vergunning leidt. Daar zullen wij in 2021 op terugkomen via de werkgroep horizontaal toezicht. Bij een volgende APV-behandeling zullen wij bezien of dit criterium ongewijzigd kan worden gehandhaafd in de APV. De heer Van Groos: Ik heb een vraag voor de heer wiens gezicht we niet kunnen zien. Ik heb hem allerlei kritiek horen uiten op de beleidsregel slecht levensgedrag. Vervolgens stelde hij dat hij het toch het voordeel van de twijfel wilde geven. Ik hoorde eigenlijk geen twijfel en heb geen enkel argument voor de regel gehoord. Daar ben ik dus toch wel benieuwd naar. De heer Spohr: De twijfel heeft u volgens mij wel gehoord, omdat ik heb geciteerd uit de APV, waarin ik heb willen aangeven dat de APV en ook de bijbehorende beleidsregel eigenlijk best ver gaan in de beoordeling van slecht levensgedrag. Ik heb gezegd dat ‘best ver’ subjectief is en dat de vergunningsaanvrager het hem toegedichte slechte levensgedrag lang wordt nagedragen. Ook heb ik het woord ‘disproportioneel’ genoemd, dus de twijfel is er wel degelijk. We hebben gezegd dat we voor nu willen bezien hoe het college daarmee omgaat in de desbetreffende gevallen.
Dat volgen we nauw en desgewenst zullen we daar zeker op terugkomen bij de behandeling van een volgende APV-wijziging. Als dat nodig is, kunnen we in de tussentijd natuurlijk ook het recht van initiatief gebruiken. Wat we in ieder geval willen benadrukken, is dat de werkgroep horizontaal toezicht al enige tijd bezig is om dat horizontale toezicht te formaliseren. Dat is vooralsnog niet gelukt, maar dat lijkt ons een uitgelezen kant om de beoordeling van de portefeuillehouder in dit geval ook serieus te nemen. De heer Van Groos: Misschien komt het doordat we elkaar niet kunnen zien, maar de bezwaren die de heer Spohr had en de twijfels die hij daarover had uitgesproken, waren me wel duidelijk. Mij was niet duidelijk waarom hij dan uiteindelijk toch instemt met de APV, waarin de slechte beleidsregels een plek gaan krijgen. Wat zijn de argumenten om daar toch mee in te stemmen? Die heb ik nog steeds niet gehoord. De heer Spohr: De argumenten om er uiteindelijk wel mee in te stemmen. We weten ook dat er jurisprudentie ontwikkeld wordt over slecht levensgedrag en de rechter uiteindelijk wel degelijk regels kan stellen. Ik heb een situatie aangehaald waarin de rechter uiteindelijk heeft gezegd dat de raad beperkingen zou kunnen stellen aan dit criterium.
Maar we zijn wel bereid om het college nu dat beleid zelf te laten ontwikkelen om in ieder geval niet direct de APV aan enorme beperkingen onderhevig te maken. Uiteindelijk wordt dit APV-beleid wel gebruikt voor het doel dat we allemaal nastreven, althans dat nemen wij aan, namelijk het voorkomen en bestrijden van ondermijning. Daar kunnen Notulen raadsvergadering 17 december 2020
23
we best mee leven, want uiteindelijk is dit ook een prima middel. Maar we geven wel duidelijk aan dat wij erop zullen terugkomen, als we merken dat mensen enorme nadelen ondervinden aan beslissingen. Mevrouw Pouw: U had het in uw bijdrage over het bedelverbod en dat er zonder bedelverbod een ongewenste situatie in stand gehouden zou worden. Ik ben benieuwd hoe u vindt dat een bedelverbod bijdraagt aan het gewenster maken van de situatie. De heer Spohr: We hebben best hierover getwijfeld, want we vinden uw voorstel best sympathiek. Dat heb ik u overigens ook informeel laten weten, maar uiteindelijk denken we dat je door een bedelverbod in te stellen een situatie in stand houdt, die we niet willen. Wij vinden het belangrijk dat we eerder in staat zijn om mensen die zich daarmee bezighouden te helpen. Wij denken dat een bedelverbod ertoe kan leiden dat er ook actie genomen wordt bij mensen die zich daarmee bezighouden. Dat vinden wij op dit moment belangrijker dan het recht van iedereen om te mogen bedelen, als dat geen overlast geeft. Wij vinden dat de actie om mensen te helpen achtergesteld worden door dat bedelverbod. Mevrouw Pouw: En bedoelt u met de mensen die zich daarmee bezighouden Traverse? De heer Spohr: De mensen die zich daarmee bezighouden, kunnen organisaties zijn, maar ook de gemeente.
Mevrouw Pouw: Dan snap ik nog niet wat het bedelverbod bijdraagt, want dat kan toch ook als er geen bedelverbod is? De heer Spohr: Het feit dat je het bedelverbod instelt, betekent dat je mensen die zich daarmee bezighouden direct in het vizier hebt. Het betekent ook dat je duidelijker weet welke mensen je op dat moment ondersteuning kunt gaan bieden. Wij verwachten dat het bedelverbod ertoe leidt dat organisaties buiten de gemeente om, dan wel de gemeente zelf, deze mensen direct zal oppakken en in een traject kan brengen, waardoor mensen de kans krijgen om hun leven wat meer te structureren. Dat is uiteindelijk het doel. Mevrouw Pouw: Ja, maar de gemeente zegt nu ook al te weten wie het zijn, maar we hebben nog steeds mensen die geen hulp krijgen. Ik snap uw redenering niet helemaal dat een bedelverbod hieraan zou bijdragen. Dan zou de weg naar hulpverlening nu toch al moeten openstaan? Ik heb er ook een publicatie bij gedaan en die ging over routes die naar dakloosheid leiden. Daaruit blijkt dat mensen die in deze situatie komen niet snel om hulp vragen en het ook heel moeilijk vinden om hulp te accepteren. De heer Spohr: In die zin is het een kwestie van de juiste aanvliegroute. Wij denken dat je juist door het bedelverbod wat meer triggert op een situatie die we niet willen, met name ook vanuit het sociale oogpunt.
Dat betekent dat er meer aandacht kan zijn voor mensen die in die omstandigheden verkeren. We denken dat de kans groter is dat er dan ook hulp komt. De heer Ottens: Ik wil over hetzelfde punt iets zeggen tegen de heer Spohr. U geeft aan dat je mensen door middel van het bedelverbod eerder in de gaten krijgt. Dan kunnen die mensen opgepakt worden door de instanties die daarvoor zijn. Maar vindt u het dan terecht dat er een verbod wordt opgenomen, zodat de gemeente instanties kan aanpakken? Uiteindelijk is het bedelen op zich een noodkreet, omdat je nergens meer terecht kunt of wilt. Waar het gaat om de uitwassen daarvan, de overlast, kan ik me daar op zich wel enigszins in vinden, maar we hebben in de APV een algemeen overlastartikel dat hiervoor gebruikt kan worden. Waarom kiest u niet voor dat overlastartikel – dan moet u Notulen raadsvergadering 17 december 2020
24
overigens aantonen dat er sprake is van overlast – in plaats van een algeheel bedelverbod voor twee of drie mensen in de hele gemeente Waalwijk? De heer Spohr: Ik snap uw vraag en het is volgens mij een beetje herhaling van zetten. Wij hebben het andersom bekeken. Als er reden is om het bedelverbod in te stellen, is dat dan per definitie een fout initiatief, of kun je met dat bedelverbod uiteindelijk ook tot betere resultaten komen, zoals wij dat dan zien? Daarbij geven wij aan dat het bedelverbod voor ons niet per se hoeft, dat erkennen we volledig en dat hebben wij ook gezegd. Het lijkt een beetje spijkers op laag water zoeken, omdat er relatief weinig bedelaars zijn. Maar als die er dan zijn en een meerderheid van deze raad is het daarmee eens, kunnen wij ons daar ook wel mee verenigen. Maar dan zien we in ieder geval de voordelen van zo’n verbod, namelijk dat daarmee ook duidelijker actie kan worden genomen naar die mensen die dat verbod overtreden. Die kunnen dan wat makkelijker in een hulptraject worden gebracht. En ja, ik realiseer me dat mensen dat soms niet wensen, maar we kunnen in ieder geval ons best doen om mensen wel de sociale ondersteuning te bieden. De heer Ottens: Ik begrijp de heer Spohr aan de ene kant wel.
Aan de andere kant denk ik dat je wel goed moet nadenken over het effect ervan, want het effect van een overtreding is een boete en die kan niet betaald worden. Daardoor wordt er nog meer gebedeld en daardoor krijg je nog weer een stapeling van boetes. Op enig moment is dat zo ver dat iemand voor een aantal dagen vastgezet kan worden. Dat is geen theorie, dat gebeurt in grotere steden vaker en dat gebeurt met echte overlast ook vaker. Maar vindt u dat dan de oplossing voor het falen in het hele traject daarvoor? De heer Spohr: Het moge duidelijk zijn dat het bedelverbod in Waalwijk niet tot hele grote zaken zal leiden, want we hebben met zijn allen vastgesteld dat het niet om veel personen gaat. Dus de impact is klein. Ja, het kan leiden tot een boete, en ja, soms kan dat omgekeerd uitwerken tot een prikkel voor iemand om te kijken of hij zijn leven beter op orde kan brengen met behulp van de daarvoor geschikte organisaties of personen. Ik wil dus niet zeggen dat een boete helemaal geen functie heeft. Als iemand per se niet wil, moet je je afvragen of je boete op boete zou willen opleggen, maar ik ben het niet met u eens als u zegt dat een boete helemaal niks zou doen. Mevrouw Schuijffel: Voorzitter. D66 heeft zich al vaker uitgesproken over de Waalwijkse APV.
Wat ons betreft zou een APV zich alleen moeten richten op zaken die niet al elders en/of op een ander niveau geregeld zijn. Omdat iedereen inmiddels weet hoe wij hierin zitten, gaan wij dat vandaag niet doen en bovendien heeft de VVD ons punt al gemaakt. Wat betreft het bedelverbod: wij hopen dat dit verbod in onze gemeente nadrukkelijk samengaat met adequate hulp aan mensen die het om wat voor reden dan ook nodig vinden of hebben in onze gemeente te bedelen. Daklozen en bedelaars in Nederland hebben vrijwel altijd te kampen met psychische problemen, hebben een persoonlijk drama achter de rug of hebben een verslavingsprobleem. We hebben daarnaast een vraag aan de portefeuillehouder. Het gaat over het voorstel om kleinschalige horecabedrijven, waar de openbare orde niet in het geding is, vergunningsvrij te maken. Dit zou dan gelden voor horeca als nevenactiviteit in winkels en voor horecabedrijven in een zorginstelling, een museum of een bedrijfskantine c.q. restaurant. We hebben naar aanleiding van dit voorstel gevraagd of dit, als het geldt voor een museum, dan ook geldt voor pak ‘m beet een instelling als een openbare bibliotheek. Hierop kregen wij als antwoord dat dit niet zo is. Kan de portefeuillehouder uitleggen wat het verschil is? Waarom kan een horecagelegenheid in een museum vergunningsvrij zijn en een horecavoorziening in een bibliotheek niet?
Notulen raadsvergadering 17 december 2020
25
De voorzitter: Een kort en krachtig betoog en een vraag aan de portefeuillehouder. Zijn er nog vragen in de richting van mevrouw Schuijffel? Dat is niet het geval, dan ga ik door naar de fractie van de SGP. De heer Tiemstra: Dank u wel. Voorzitter, geachte aanwezigen, luisteraars thuis. In tweeënhalve minuut kunnen we niet de hele APV van Waalwijk van commentaar voorzien. Dat hoeft ook niet. We zullen ons tot een viertal onderwerpen beperken. In de algemene plaatselijke verordening van de gemeente Waalwijk 2020 komt in enkele artikelen de weigeringsgrond van slecht levensgedrag voor. De burgemeester kan deze weigeringsgrond toepassen. Het is van belang dat de gemeente Waalwijk omschrijft wat wordt verstaan onder slecht levensgedrag. Daartoe stelt de burgemeester beleidsregels vast. In deze beleidsregels is opgenomen wat de gemeente in ieder geval onder slecht levensgedrag verstaat en welke feiten en omstandigheden er worden meegewogen om te bepalen of iemand slecht levensgedrag vertoont. We hebben een brief als bijlage gezien. De SGP heeft hier toch een wat ongemakkelijk gevoel bij. Net alsof het zo een wat subjectieve beoordeling kan, ik herhaal, kan worden wat slecht levensgedrag is en op welke wijze dit wordt gewogen. Zou het niet goed zijn als de raad hier kaders in kan stellen? Ten tweede lachgas.
Exact een jaar geleden, tijdens de vorige decembervergadering heeft de SGP-fractie aandacht gevraagd voor de problematiek rondom lachgas. We zien nu dat er actie is ondernomen, beleid is geformuleerd en dat ondersteunen wij van harte. Ten derde het bedelverbod. De gedachte dringt zich op dat dit in de Waalwijkse APV is opgenomen vanwege één bedelaar in winkelcentrum Bloemenoord. Toch zijn we blij met een bedelverbod. Het hoort echter niet in de APV te staan, een bedelverbod had in het coalitieakkoord moeten staan. In Waalwijk komen miljoenen binnen en gaan er miljoenen uit. De bedrijventerreinen floreren. Het stadscentrum kan grondig worden aangepakt, et cetera. Tegen die achtergrond zou Waalwijk zich eigenlijk moeten schamen dat er überhaupt sprake is van bedelarij in onze gemeente. Het is tekenend voor onze mate van beschaving, hoe wij met armoede omgaan. Over het oude Israël staat geschreven dat er geen bedelaars voorkwamen. Zo sterk was armerenzorg ingebed in de samenleving. Nu zal het misschien een Bijbelvast luisteraar opmerken dat Jezus wel bedelaars heeft ontmoet. We lezen dat deze niet werden weggestuurd, maar aalmoezen of genezing ontvingen. Die houding is ons tot voorbeeld. Dus geen bedelverbod, maar een verbod op de omstandigheden die tot bedelen aanzetten.
Een paragraaf hierover zou in het huidige coalitieakkoord niet hebben misstaan, maar misschien kan een volgende coalitie hier werk van maken. De SGP denkt daarin graag mee. Ten vierde en ten laatste: over het carbid hebben we het gehad. Het zal dit jaar een stille jaarwisseling worden. Geen vuurwerk, daar vinden we natuurlijk wat van al betreuren we de omstandigheden. Geen carbid, in plaats daarvan zou het misschien goed zijn om voor deze jaarwisseling op te roepen tot het luiden van de kerkklokken. In een aantal gemeenten in Nederland is deze oproep gedaan aan de kerken. In de kernen van Waspik, Waalwijk en Sprang-Capelle zijn veel monumentale kerkgebouwen. Als ik het goed heb, beschikt ook het stadhuis over klokken. Het zou goed zijn als een teken van hoop en verbondenheid om op deze manier de jaarwisseling toch in te luiden. Zo kunnen we het toch samen doen. Tot zover. De voorzitter: Hartelijk dank. Er zijn geen vragen, dus ik wil doorgaan met de fractie van Lijst IJpelaar. Mevrouw IJpelaar: Dank u wel, voorzitter. Geduld is de sleutel tot tevredenheid. Geduld moet je aanbrengen met dit voorstel voor de APV. Onbegrijpelijk voor burgers en ook wanneer je antwoorden of vragen krijgt, waar je echt niets mee kunt. Een van de vragen Notulen raadsvergadering 17 december 2020
26
van Lijst IJpelaar was om een verbod op barbecueën en grillen in het natuurgebied in te stellen. Het nietszeggende antwoord was dat de burgers hier verantwoord mee omgaan, tot tevredenheid van de boa’s en politie. Soms bekruipt mij het gevoel dat er niet goed naar mensen wordt geluisterd en dat mensen in de maling worden genomen. Ook vraag ik mij, en met mij ook anderen, af wanneer de politie eigenlijk controleert en de boa’s ervoor zorgen dat de boel niet in de fik vliegt en er geen ongelukken ontstaan zoals ernstige brandwonden. Ik gun alle culturen hun plezier in de buitenlucht, maar om met zijn allen met rondrennende kinderen rondom de kookpot met hoog vuur te verzamelen, is vragen om het bekende kalf dat eerst moet verdrinken. In de kookpot worden complete maaltijden voorbereid. Bij droogte zijn de gevolgen niet te overzien. Heeft u daar wel eens over nagedacht? Gaat men echt bij het Lido controleren? Het lijkt mij stug. Extra woorden aan dit artikel wilt u niet toevoegen, maar aan de andere kant wilt u wel dat er een verbod op bedelen komt. Met hoeveel bedelaars hebben wij in Waalwijk nou te maken? Ik ken er maar één en voor de goede orde, iedereen kent zijn naam. Het is een mens dat niemand kwaad doet en blij is met de goede dag en iets kleins. Hij steekt zijn hand er niets eens voor op.
Vorig jaar zijn wij als raad op werkbezoek geweest bij bibliotheek de Lokhal in Tilburg: een plek waar niet alleen boeken worden geleend, maar alle mensen ook welkom zijn. Waar goed voor de zwervers in de stad wordt gezorgd. Zwervers hebben een plek waar ze de nacht kunnen doorbrengen en met waardigheid een kop koffie kunnen drinken. Kortom: een plek waar mensen mogen zijn onder de mensen. Ook bijvoorbeeld in Zaandam waar de dakloze Romano landelijke bekendheid kreeg, omdat hij de kans in die stad kreeg om zijn leven dagelijks kleur te geven door gedichten voor te dragen en anderen en zichzelf blij hiermee te maken. In een prachtig en puur Nederlands, waar menig hoogopgeleide een puntje aan kan zuigen. Als iemand hem daarna wat toestopt, mag dat. Wat doen wij aan inclusie in Waalwijk? Een achterlijk bord neerzetten om iemand uit je gebied te weren en nu van ons vragen dit vast te stellen in de APV. Wel, college, ik heb nieuws voor u. Ik weiger voor dat verbod te stemmen. Shame on you om dit voor te stellen. Crime fighting in Waalwijk, prima wanneer het moet. Maar niet tegen een mens optreden dat niemand kwaad doet en allang blij is dat men hem in zijn waarde laat. Dus, de sleutel tot tevredenheid is hier verre zoek van. Daarom stel ik met mijn hele grote Lijst IJpelaar-hart voor het amendement van Lijst Pouw en de SGP.
Een amendement om de waardigheid van iedere Waalwijker te waarborgen. Tot zover. De voorzitter: Dank u voor uw bijdrage. Er zijn geen vragen dus ik wil doorgaan met de ChristenUnie. Het woord is aan de heer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Dat overheden achter de feiten aan lopen, is begrijpelijk, maar dat sommige zaken zo lang moeten duren niet. In augustus vorig jaar, 2019, vroeg de ChristenUnie al aandacht voor het gebruik van lachgas door jongeren. Eerst moeten er ongelukken gebeuren, onder andere in het verkeer, voordat er handhavend wordt opgetreden, terwijl allang bekend is wat het gas bij mensen kan aanrichten. Iets dergelijks geldt nu voor de designerdrug 3MMC, ook wel poes genoemd. 4MMC is al wel verboden en door er één stof uit te halen, is een nieuwe druk ontstaan die zeker zo verslavend en gevaarlijk is en gewoon via internet kan worden besteld. Ook hier wachten we kennelijk eerst op landelijke wetgeving, terwijl jongeren die zich vervelen in deze tijd deze levensgevaarlijke drug gebruiken. Dat brengt ons bij het volgende punt: vuurwerk en carbid. De ChristenUnie heeft begrip voor het feit dat, vanwege de druk op hulpdiensten en met name de medische zorg, het afsteken van vuurwerk en het schieten van carbid verboden zijn.
Wij vragen de portefeuillehouder echter nogmaals wat de gemeente doet voor de jongeren die in deze tijd al zoveel hebben moeten inleveren. In een aantal gemeenten, zoals onze buurgemeente Notulen raadsvergadering 17 december 2020
27
Loon op Zand worden juist in deze periode voor hen activiteiten georganiseerd, maar in Waalwijk gebeurt niets. Dat is volgens ons vragen om problemen. De ChristenUnie is van mening dat het niet goed is om in de verordening op te nemen dat de burgemeester op grond van beleidsregels over slecht levensgedrag de vergunningsaanvrager, exploitant of leidinggevende een vergunning kan weigeren. Daarmee ontstaan net zulke niet-doorzichtige zaken als met de Bibob, die zullen leiden tot onnodige bezwaren en rechtszaken. Als iemand terecht is beschuldigd van ongewenst gedrag of discriminatie, kan een vergunning worden geweigerd. Je hoeft maar in een huis te wonen met een wietkweker of door de Belastingdienst als fraudeur te worden aangemerkt en jouw leven en dat van je kinderen gaat naar de knoppen. Zou de burgemeester op grond van de nieuwe regels ook de vergunning van de andere coffeeshop willen intrekken? Immers, wij weten zeker dat wat daar via de achterdeur binnenkomt, niet legaal is. Ofschoon de ChristenUnie tegen coffeeshops is, is dit voor ons geen reden om op dit punt met de APV in te stemmen. Mocht de APV toch vanavond worden vastgesteld, dan verwachten wij dat de overgebleven coffeeshop binnenkort wordt gesloten. De voorzitter: Dank u. Er zijn geen vragen voor de heer Van Groos.
Ik ga naar de laatste fractie die hier een B-punt van heeft gemaakt, en dat is de Partij van de Arbeid. Het woord is aan de heer Ottens. De heer Ottens: Dank u wel, voorzitter. De PvdA kan instemmen met bepalingen in de APV van overtredingen die kunnen leiden tot gevaar voor zichzelf of anderen. Daarom kunnen wij instemmen met het opnemen van het verbod op lachgas. Dat ligt anders met die wijzigingen, waarmee de burgemeester een grote mate van beleidsvrijheid heeft of waarvan de burgemeester de bevoegdheid om situationeel en proportioneel te handelen. We hebben het dan over het weigeren van een exploitatievergunning als de aanvrager van slecht levensgedrag is. Het gaat hierbij namelijk niet over aantoonbare feiten, maar over aannemelijke betrokkenheid. De beleidsregels laten een grote mate van interpretatie door de burgemeester toe. Daarnaast hebben wij moeite met het verbod op bedelarij. Het betoog van mevrouw IJpelaar is mij uit het hart gegrepen. Juist in deze tijd zou er ook voor deze mensen plaats moeten zijn in de herberg van Waalwijk. Waar gaat het nu eigenlijk om? Het gaat om één bedelaar op één locatie. Ik haalde het al eerder aan: het overlastartikel in de APV is hiervoor al voldoende om te kunnen optreden. Ik zal kort toelichten waarom de PvdA het met deze twee punten niet eens is. Dat heeft te maken met deze burgemeester.
Hij heeft in de afgelopen jaren te vaak onvoldoende proportioneel en situationeel gehandeld waar het gaat om de openbare orde. Bovendien is hij tekortgeschoten in zijn actieve en passieve informatieplicht richting de raad over deze punten. Denk daarbij aan de affaire-Moons en de draai over contacten van de wethouder met een bezwaarmaker. Dat is reden voor de PvdA om niet in te stemmen met de voorgestelde wijzigingen maar om bij de nieuwe burgemeester de nieren te proeven en daarmee een fundamentele discussie aan te gaan over handhaving en de instrumenten die je daarvoor moet inzetten. Ook willen we de discussie aangaan over een korte en heldere APV over de punten waar het echt om gaat in de openbare orde en overlast. Wat dat betreft ondersteunen wij het betoog van de VVD en D66. De voorzitter: Hartelijk dank. Ik zie geen vragen voor de heer Ottens. In dat geval wil ik de portefeuillehouder vragen te reageren. Beantwoording college Burgemeester Kleijngeld: Dank u wel, voorzitter. Dat doe ik graag. Ik begin met wat kleinere opmerkingen, niet omdat ze niet belangrijk zijn, maar omdat ze unieker en speNotulen raadsvergadering 17 december 2020
28
cifieker zijn. Daarna kom ik wat uitgebreider terug op het bedelverbod, lachgas, slecht levensgedrag en carbid. Om te beginnen met de laatste opmerking van de heer Ottens: juist als u vindt dat de ene of de andere burgemeester het beleid anders interpreteert, wat zeker het geval kan zijn, zou ik u juist willen adviseren ja te zeggen tegen deze APV, opdat u met de nieuwe over een halfjaar prima vooruit kunt, mits u de juiste keus maakt. De heer Van Groos, 3MMC, even heel helder, ik ben het volledig met u eens en maak mij ook zorgen om dit soort nieuwe drugs. Er worden trucs toegepast in het circuit. We halen er een stofje uit, we doen er een stofje bij en dan heet het ineens 4MMC, 5MMC, et cetera. Tegelijkertijd is het ook een hype die heel vaak vervlakt en wanneer je er maatregelen tegen treft, is er heel snel alweer dat alternatief met dat ene stofje erbij of eraf. Dat is nu eenmaal de werkelijkheid. Het kabinet werkt eraan om hier in het algemeen in het kader van de Opiumwet een halt aan toe te roepen. Ik denk dat we daarop moeten wachten. Wanneer ik signalen krijg dat 3MMC echt concreet een punt is in Waalwijk, onderneem ik graag direct actie. Maar dat doe ik niet op basis van een landelijk signaal, hoe serieus uw opmerking ook is, terwijl ik vanuit Waalwijk die signalen niet krijg. U zei ook iets over coffeeshops.
U kunt uw hart ophalen want binnenkort, in 2021, staat het nieuwe coffeeshopbeleid op de planning. Wil je dan meer coffeeshops, wil je er even veel, wil je er minder, wil je er geen: het is aan u om daarin het beleid te bepalen. Mevrouw IJpelaar had een hartstochtelijk pleidooi over de barbecues. Ook hier speelt hetzelfde, al zijn het onvergelijkbare onderwerpen. Zowel voor 3MMC als voor het barbecueën geldt dat ik actie onderneem als ik concreet signalen heb dat het nodig is er iets tegen te doen. Dat heeft ook te maken met een afspraak die ik eerder met u allen gemaakt heb. Ik maak van die 67 pagina’s geen 167 pagina’s door alles in Waalwijk toe te passen wat er maar enigszins te bedenken valt vanuit de modelverordening. Ik haal uit de modelverordening van de VNG wat voor Waalwijk van belang is en waar wij signalen over krijgen. De signalen komen van de officier, van de politie en van de boa’s. Wij zitten midden in de samenleving. We weten veel, we kennen veel en zien veel. Dat is het uitgangspunt op basis waarvan ik wil handelen. De heer Tiemstra noemde de kerkklokken. Als u het vanavond voor elkaar krijgt om in de gemeenteraad breder steun te krijgen voor het voorstel, zullen we de klokken met oud en nieuw om 12 uur ’s nachts luiden. Dan ben ik de eerste om met u mee te gaan. Ik vind het eigenlijk helemaal niet zo’n slecht idee. Ik vind het best een goed idee.
Mevrouw Schuijffel, de bibliotheek. We hebben daarvoor speciaal nog gebeld naar het VNG-kantoor en die zeggen dan heel sec dat het er niet bij staat, maar dat het geen limitatieve opsomming is. Dat betekent dat wij, wanneer de bieb met zoiets zou komen, daar heel welwillend tegenover zouden staan, maar het komt nu eenmaal niet zo veel voor dat in de bibliotheek een horecagelegenheid aanwezig is, terwijl dat in musea meer het geval is. Dan het carbid. Een paar opmerkingen. Er wordt gezegd: het is toch maar voor één jaar? Ja, het is voor één jaar. Ik ben het met u eens, je moet niet alles verbieden. Mijnheer Ottens, kijk eens naar deze burgemeester. Vanwege de speciale omstandigheden op dit moment willen we het voor één jaar doen. Dat staat ook in de brief met de acht logo’s van de Midden-Brabantse gemeenten, maar we hebben het in de verordening zelf wel opgenomen als ware het nu voor altijd de toekomst, omdat die APV volgend jaar weer aan verandering onderhevig is. Voor hetzelfde geld haal je het er dus volgend jaar weer uit. U zult met een meer proportionele burgemeester moeten bespreken wat het wordt in december 2021.
Notulen raadsvergadering 17 december 2020
29
Dan het punt van lachgas. Een van de punten die daarbij speelt is het waterbedeffect. Zijn we daar niet bang voor? De heer Spohr vroeg daarnaar. In het algemeen: lachgas is een ding rondom strafrecht en bestuursrecht. Strafrechtelijk ligt het per 1 januari 2021 allemaal moeilijker als het gaat om het bezitten, verhandelen, commercieel exploiteren van lachgas. Daarmee hebben we het grootste probleem gehad, denk ik. Het zit dan namelijk aan de goede kant van de gevaarlijke dingen, om het zo maar te zeggen. Ik ben niet zo bang voor het waterbedeffect, maar als ik vervolgens vanuit de openbare orde een concreet punt heb, namelijk dat er rondom de kerk van St Jan de Doper of rondom het Krophollergebouw veel lachgaspatronen gevonden worden, heb ik ook een instrument nodig om het daar te verbieden. Ik zou het misschien wel in de hele gemeente willen verbieden, maar als ik dat doe, kom ik daarmee in de knoop met algemener regels. Dat mag zomaar niet, net zomin als je bijvoorbeeld een prostitutieverbod in heel Waalwijk mag doorvoeren. We hebben er een paar jaar geleden hele discussies over gehad. Je moet dan vanuit de nationale wetgeving rekening houden met het nationale kader en dat kan iets anders zeggen. Ik vind dat ik het een beetje ingewikkeld zeg, maar in ieder geval denk ik niet dat dat een punt is. Dan hebben we het slechte levensgedrag. Daar valt heel veel over te zeggen.
Ik heb geprobeerd zo goed mogelijk te luisteren naar alles dat u inbrengt. Van verdediging en ‘we snappen het wel’ tot ‘geef je nu niet te veel macht of invloed aan een burgemeester, moet je dat hem wel aan doen?’, om het positief te stellen. Die vraag is op zich prima, denk ik. Dat is ook de reden waarom ik al meer dan eens heb gezegd dat we het horizontaal toezicht eens goed moeten regelen, want ik wil daar wel afspraken met u over hebben. De gereedschapskist van de burgemeester in het algemeen neemt jaarlijks toe, en dan is het goed dat je goede afspraken maakt tussen die burgemeester als bestuursorgaan en hoe je als raad in concrete cases omgaat. Wat mij betreft regelen jullie dat. Ik ben afhankelijk van u en ik vraag al ongeveer een jaar hoe het ermee zit. Kom er eens mee, het lijkt mij goed om dat nu ook eens te regelen. Waar gaat het om? Het gaat niet om de ene of de andere burgemeester, waarbij de ene goede zin heeft en de andere slechte. Waar het om draait, is dat je wilt dat de horecavoorzieningen in Waalwijk een ordentelijk patroon hebben. Je wilt dat het goed draait, dat de waard zijn gasten kan vertrouwen en daar ook zeggenschap over heeft. Dat hij ze naar buiten kan sturen wanneer de sluitingstijd nadert. Dat het gezellig is en het meer een pubkarakter heeft dan dat het er een rotzooitje is.
Daarbij speelt nu eenmaal het levensgedrag van de persoon die daar de baas is. Die speelt daarbij een heel belangrijke rol en ik oordeel niet over het goede of slechte levensgedrag van iemand. Waar het om draait, en dat heb ik volgens mij niemand horen zeggen, is dat ik een oordeel moet vellen over het patroon rondom slecht levensgedrag. Concreet, heb ik daarbij de vrije hand? Nee, gelukkig niet, gelukkig is dat in Nederland met de Trias Politica anders geregeld. Wanneer ik ook maar één stapje te ver zet, sta ik voor de rechter en zegt die dat ik te ver ga. Ik wil daarbij het volgende voorbeeld geven. Waar hebben we het nu over? Ik verzin een voorbeeld. Ik kom iemand tegen die een horecavoorziening in een andere gemeente heeft en in Waalwijk een kroeg wil openen. In 2009 heeft hij een veroordeling voor het exploiteren van een hennepkwekerij gekregen. In 2011 is hij veroordeeld voor verboden wapenbezit. In 2017 heeft hij twee keer de sluitingstijden overtreden in de gemeente waarin hij al actief is, en in 2018 is hij de enige verdachte van het exploiteren van een hennepkwekerij, waarbij overigens geen veroordeling is gevolgd. Als ik dit rapport, deze casus, op mijn bureau krijg, wil ik die man niet in Waalwijk hebben. Dat is niet omdat ik daar moeite mee heb, maar omdat ik denk dat het niet goed zou zijn voor Waalwijk in het algemeen.
Deze casus is door een burgemeester ooit tevoorschijn gebracht. De rechter heeft er over geoordeeld, evenals de Raad van State, en die partijen hebben de burgemeester gelijk gegeven in het niet toestaan van een exploitatievergunning. Over dat soort concrete dingen gaat het.
Notulen raadsvergadering 17 december 2020
30
Ik zou nog graag iets willen zeggen over het bedelverbod, dat is ook wel het onderwerp waarbij heel veel gezegd is. Ik denk dat ik het best snel doe. De heer voorzitter: Het lijkt mij relevant om het bedelverbod te behandelen, maar vraag u wel kort en krachtig te zijn. Burgemeester Kleijngeld: Dank u wel, voorzitter. Het bedelverbod. Met name mevrouw Pouw heeft daar heel hartstochtelijk over gesproken, maar mevrouw Pouw, ik zit te bedenken hoe ik hierop moet reageren. Ik weet niet of het zinnig is om erop in te gaan, want dan wordt het een betoog van mijn kant van een uur. U gaat namelijk wel heel ver. U komt bij allochtonen en de horeca uit. U komt bij etnisch profileren uit. U heeft het over van alles en nog wat. Ik wil het even heel praktisch maken. Dat wat u in uw amendement zegt, is eigenlijk dat de gemeente een bedelaar een boete geeft, terwijl hij of zij hulp nodig heeft. Dat is de kern. Zonder waardeoordeel. Daar ben ik het volledig met u eens. Als je niks doet, zal hij die hulp nooit krijgen, want laat het nu zo zijn dat heel veel mensen die met bedelarij of zwerverij te maken hebben absoluut nooit of te nimmer geholpen willen worden, terwijl dat wel kan. U gaf dat zelf ook aan. Als ik geen bedelverbod heb, blijft de situatie zoals die nu is. U en ik op het veranderen de wereld op het Bloemenoordplein of waar in Waalwijk echt niet.
Op het moment dat ik een bedelverbod toepas, gebeurt het volgende: als de man of vrouw in kwestie niet luistert, volgt er procesverbaal. Dat kan een geldboete zijn. Als er drie of vier geldboetes zijn en ik hoor dat die niet geïnd worden -- ook ik ben niet naïef en snap dat die het niet kan betalen -- heb ik een instrument om te proberen wat meer dwangmatig hulp te geven. Dat is het enige waar mensen in bepaalde situaties mee gediend zijn. Wat betreft het hele idee van de heer Ottens, om meer in de maatschappij te doen: de maatschappij is niet dusdanig maakbaar dat dit kan. Er zijn mensen die door vele omstandigheden drugsverslaafd worden en daar dusdanig verslaafd aan zijn dat ze niet geholpen willen worden. Als je ze helpt, en het gaat met geld, stappen zij meteen naar de dealer en halen ze opnieuw drugs. Aan die situatie wil ik gewoon graag een eind maken en dat kan ik met behulp van het bedelverbod. Dat is ook de reden waarom we dit nu voorstellen en het is allemaal helemaal niet zo uniek. Slecht levensgedrag niet, bedelverbod niet: deze onderwerpen staan niet voor niets in de VNG-modelverordening. Dank voor uw kerstboom maar ik heb er al eentje, en ik verjaar op 26 oktober. Ik ontvang van u graag dan de ballonnen, en als u dan de kerstboom meelevert, mevrouw Pouw, heb ik er volgend jaar ook al eentje. De voorzitter: Dat klinkt als een afspraak.
Er is een zestal vragen binnen gekomen. Als er nog anderen zijn met vragen, steek dan uw hand op. Ik ga ze af op volgorde van binnenkomst, te beginnen met de heer Van Groos. Ga uw gang. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een opmerking en een vraag. Het eerste is dat ik constateer dat criminelen veel creatiever zijn dan overheden. Dat zouden we moeten omdraaien. We lopen niet alleen over de feiten aan, maar wachten ook nog eens tot men in Den Haag een ei heeft gelegd, dat is jammer. Ten tweede over de coffeeshops: het gaat ook over de APV. Wij gaan ervan uit dat als de burgemeester regels wil om te kunnen optreden tegen criminele activiteiten, hij dat gewoon in het geval van een coffeeshop ook gaat doen. Dat is nu net het subjectieve waarover we vanavond steeds spraken en dat blijf ik lastig vinden. Waarom zou de burgemeester op grond van deze APV niet willen optreden tegen de enige overgebleven coffeeshop? Burgemeester Kleijngeld: Mijnheer Van Groos, u geeft terecht aan dat je als overheid heel makkelijk achter inventieve criminelen aanloopt. Dat is zo. Wanneer die iets nieuws bedenken, proberen ze op die manier onder de regels uit te komen. Ik heb daarbij nu eenmaal simpelweg in deze gedecentraliseerde eenheidsstaat, de Staat der Nederlanden, Notulen raadsvergadering 17 december 2020
31
nodig. Die zit in Den Haag. De ChristenUnie is een regeringspartij. Ik wacht dus met belangstelling snelle actie af. Dan over de coffeeshops. Ik treed op tegen coffeeshops en alles wat tegen de regels is, zoals u dat van mij gewend bent. De heer Ottens vindt zelfs dat ik dat te sterk doe. Wanneer er sprake is van strafbare feiten rondom coffeeshops, welke dan ook, kunt u ervan uit gaan dat ik daar tegen optreed. Mevrouw Schuijffel: Ik kom even terug op de uitspraak van de portefeuillehouder dat horeca in bibliotheken heel weinig voorkomt en in musea veel vaker. Dat verbaast mij, want in bijna alle bibliotheken van enige omvang is inmiddels een horecagelegenheid, dus ik snap het antwoord niet en snap ook niet waarom de VNG dat zou beweren. Ik begrijp het verschil gewoon niet. Burgemeester Kleijngeld: Dat wij niet begrijpen wat de VNG zegt, kan. Dat is aan de VNG. Omdat u de vraag stelde, hebben wij ons best gedaan en met de VNG gebeld. Ik zei dat het geen limitatieve opsomming is dus je kunt de bibliotheken erbij zetten. Maar wanneer er een nieuwe bibliotheek op een nieuwe locatie in Waalwijk komt en graag een horecavoorziening wil hebben, denk ik dat deze burgemeester dat direct toestaat. Het gaat hierbij om dat wat recht is en goed loopt zonder al te moeilijke procedures te realiseren. Ik schaar daar met u ook de bibliotheek onder.
Mevrouw Schuijffel: Uiteindelijk moet je dan toch als bibliotheek weer een vraag moet stellen, en wanneer het gaat over vergunningsvrijheid, kan ik me voorstellen dat het gewoon vergunningsvrij is. Dat is gemakkelijker. Maar ik ben blij te horen dat er geen problemen zullen ontstaan als een bibliotheek zo’n vraag stelt. Dank u wel. Burgemeester Kleijngeld: Integendeel. Mevrouw Schuijffel: Goed om te horen, bedankt. De heer Tiemstra: Ik zit even met een praktisch probleem. Hoe iets te organiseren? U heeft onze vier punten zojuist genoemd. Ook ons laatste punt en het pleidooi dat wij hielden over het laten luiden van de klokken tijdens de jaarwisseling. Normaal gesproken, dus in een normaal debat, zou ik de kring rondkijken en dan was het waarschijnlijk vrij snel geregeld. De een vindt dit, de ander vindt dat, de burgemeester geeft aan het een goed idee te vinden. Ik realiseer me ook dat het een zaak is van de kerken, dus dat wellicht ook vanuit ons het initiatief genomen moet worden om de kerken te benaderen en te vragen dat te doen. Het zou ons een steun in de rug te geven als de raad op een gegeven moment het idee tegen deze achtergrond en gelet op de huidige omstandigheden met oud en nieuw zou kunnen dragen.
Ik zou daar, als er een mogelijkheid voor is, graag willen weten hoe de andere fracties daar tegenaan kijken, zonder dat we ervoor moeten schorsen of iets anders technisch moeten verzinnen. Ik denk dat dat kort kan. Dat was mijn vraag, voorzitter, of u daar een weg in zou willen zoeken. De voorzitter: Ja. Misschien kunnen we dat aan het eind van de vragenronde doen. De handen opsteken is misschien een handige manier. Burgemeester Kleijngeld: Dat is de Limburgse methode, heb ik gehoord. Die heb ik jarenlang willen toepassen, maar dat mocht dan niet. Dit kun je best wel zo doen. Wat je ook kunt doen, is dadelijk in de tweede instantie aan alle fracties vragen of het wat hun betreft een goed of slecht idee is. Dat kan in twee woorden afgedaan worden. Dan weten de heer Tiemstra, u en ik waar we aan toe zijn. Wanneer het dan in grote meerderheid ja is, gaat er morgen een brief uit naar de kerken, waaruit blijkt dat ik de actie ondersteun. De voorzitter: Dat vind ik een goed idee, zo doen we het. In tweede termijn dus. Dank u wel. Notulen raadsvergadering 17 december 2020
32
De heer Tiemstra: Uitstekend, dank u wel. Mevrouw IJpelaar: Portefeuillehouder, dank voor de duizend woorden antwoord. Waar ik eigenlijk niks aan heb. Ik heb u specifiek gevraagd aandacht te hebben voor de dakloze die we in Waalwijk hebben. U gaat eroverheen, u gaat mij vertellen dat ik een goed betoog heb gehouden over de kookpot bij het Lido. Daar ging het bij mij niet echt alleen over. U zegt ook dat u afgaat op signalen, dat u veel weet en veel hoort, maar ik denk dat wij raadsleden ook veel weten en horen. Wanneer mensen de politie vertellen dat dat op dat moment plaatsvindt, gebeurt er verder niets. Ik heb u net ook gevraagd er rekening mee te houden dat er een keer ongelukken kunnen gebeuren met die potten. Verder ga ik u, met alle respect, geen extra podium meer geven over die dakloze mijnheer. Ik heb mijn zegje als glashelder in mijn pitch gedaan en daar laat ik het verder bij. Ik wil u wel even het volgende zeggen: ‘we agree to disagree’. Burgemeester Kleijngeld: Je comprend complètement. Ik heb hier een Messengerbericht van woensdag 14.47 uur. “Geachte heer Kleijngeld, dit kleine berichtje is een noodkreet voor …, een lange magere man in het centrum van Waalwijk”, et cetera. Ik heb daarop gereageerd. Ik kan daar vanwege de privacy niet meer over zeggen. U kent hem, wij kennen hem. Wij willen hem graag helpen, maar hij moet wel willen.
Als het zo in zijn systeem zit dat wij hem niet kunnen helpen, denk ik dat we moeten bedenken hoe we daar iets aan doen. De oplossing hebt u bij de hand. Mevrouw Klerks: Dank u wel, voorzitter. Ik hoorde een vrij lang antwoord op slecht levensgedrag, maar wat ik niet hoorde, was een toezegging op mijn verzoek, namelijk ervoor zorgen dat in de definitieve beleidsregels alles helder is en dat ‘onder andere’ niet erin blijft staan. Ik ben benieuwd of de portefeuillehouder daar nog op kan reageren. Burgemeester Kleijngeld: Dat kan ik niet. Ik kan niet schrijven dus ben helemaal afhankelijk van uw woorden. Ik zou dan de tekst moeten zien. Volgens mij kloppen de beleidsregels. Het ging u volgens mij om de woordjes ‘onder andere’? Mevrouw Klerks: Ja, er wordt gesteld dat er mogelijkheden zijn dat het naar voren halen van een strafbaar feit van langer dan vijf jaar geleden ‘onder andere’ het geval kan zijn indien, et cetera. ‘Onder andere’ maakt maar één mogelijkheid, als strafbare feiten van meer dan vijf jaar geleden naar voren worden gehaald. Ik zou graag zien dat het voor iedereen die de beleidsregels leest duidelijk is wanneer er strafbare feiten van langer dan vijf jaar geleden worden meegewogen. Dat wordt nu niet duidelijk omschreven in de beleidsregels, dus mijn verzoek is of u die definitieve beleidsregels klip-en-klaar wilt omschrijven. Burgemeester Kleijngeld: Ik snap het.