CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Debat & Besluit (B) 171220

Raadsvergadering (A) 11 februari 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen verslagen31.374 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

NOTULEN van de openbare vergadering van de raad der gemeente Waalwijk, gehouden op 17 december 2020 Voorzitter:

de heer A.M.P. Kleijngeld, burgemeester

Griffier: Plv. griffier:

de heer G.H. Kocken mevrouw J.W.M. Louer

Aanwezig zijn de leden:

de heer J.M. van Baardwijk de heer B.C. Bögemann Mevrouw F.I.H.M. de Bruijn de heer J.G. van Dinther de heer R.H.M. Frodyma de heer J. van Groos de heer A.A. van Hamond mevrouw E.Y. IJpelaar-Alias de heer D. Klapwijk mevrouw I.C. Klerks de heer T.A.B. Klerx de heer C.M.A. Kuijten de heer W.C.P.B. Lodenstijn de heer J.H.M. van den Meerendonk de heer L. Ottens mevrouw A.L. Pouw mevrouw C.G.W.M.C. Schuijffel de heer G.M.J. Slaats de heer T.F.J.H. Spierings de heer R.J.M. Spohr de heer R.A.A. Tiemstra de heer J.M.M. van Tuyl de heer J.M.C. de Vaan de heer M. van der Weijden

Afwezig:

de heer R.A.H.M. van Bavel mevrouw E.A. de Jongste-Van Heijst mevrouw A.J.A.M. van den Udenhout de heer H.J. van Zelst

Tevens aanwezig:

de heer R. Bakker, wethouder de heer H.A.W.M. Daandels, wethouder de heer M.J.C. van den Hoven, wethouder mevrouw R. Odabasi-Seker, wethouder

Notulen:

mevrouw I.C. Wendt-Kok (Notuleerservice Nederland)

1.

Opening

De vergadering wordt geopend om 19.30 uur.

De voorzitter: Goedenavond. Welkom bij de digitale raadsvergadering van de gemeente Waalwijk. Ik ga eerst eens kijken of u er allemaal bent in verband met het vergaderquorum. Er zijn 24 raadsleden online aanwezig. Ik open de vergadering op de gebruikelijke wijze. Laten wij ons vanuit onze eigen visie of geloofsovertuiging bij het begin van deze raadsvergadering bezinnen op onze gemeenschappelijke opdracht en verantwoordelijkheid om deze gemeente te besturen. Welkom aan u allen. De presentielijst is getekend. Ik heb afmeldingen ontvangen van de heer Van Zelst. 2.

Mededelingen

De voorzitter: Deze vergadering wordt via een livestream uitgezonden. U kunt de timer voor de duur van uw pitch niet zien, maar ik houd de tijd in de gaten. Laten we zeggen dat ik na twee minuten en na vier minuten een seintje geef. Dat geldt natuurlijk ook voor het college. Wilt u reageren op een pitch of op de portefeuillehouder, kunt u een digitaal handje opsteken. U kunt het weer laten zakken als u klaar bent, want anders blijf ik die dingen hier continu zien en dan vergissen we ons. In geval van hoofdelijke stemming zal nr. 22, de heer Van den Meerendonk als eerste zijn stem uitbrengen. 3.

Vaststelling agenda

De voorzitter: Bij een paar agendapunten heb ik verzoeken tot verlenging van de pitchtijd. Het CDA vraagt om maximaal vijf minuten bij de cultuurnota. Mevrouw Pouw vraagt maximaal vijf minuten bij het agendapunt over de APV. We hebben een motie vreemd aan de orde van LokaalBelang, GroenLinksaf, D66, SGP en PvdA over de bestuurdersbrief 70/20 van 30 september jl. Het onderwerp is het evaluatierapport Toegang zorg en ondersteuning. Daarbij begrijp ik dat GroenLinksaf de motie indient. Ik stel voor die motie aan het eind van het debatgedeelte te behandelen. Zoals u ook op het RIS hebt kunnen lezen, wordt u voorgesteld ook een raadsvoorstel aan de agenda toe te voegen, namelijk het Voorbereidingsbesluit gemengd gebied. Wethouder Daandels zou ik willen vragen zo dadelijk een toelichting daarop te geven. Ik stel voor dit raadsvoorstel te behandelen na agendapunt 14. Als u niet eerder in de gelegenheid bent geweest om dit voorstel te lezen, probeer hier dan tijdens de vergadering toch een momentje voor te zoeken. Ik stel voor om de agenda met deze wijzigingen vast te stellen. Bent u daarmee akkoord? Ik zie een handje van de heer Tiemstra en van de heer Van Groos. Het woord is aan de heer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter.

Doordat een debat in deze digitale vergadering niet goed mogelijk is, stellen wij voor alleen de hamerstukken en de raadsvoorstellen met een fatale beslistermijn vanavond te behandelen. Dat betreft het Najaarsbericht en de belastingverordeningen. De rest zouden wij dan graag doorschuiven naar een volgende vergadering. De heer Tiemstra: Ik volg de heer Van Groos in zijn vraag. Daarnaast wil ik vier dingen zeggen over het door het college toegevoegde agendapunt. Ten eerste heb ik het gelezen, maar kan ik op dit moment niet overzien wat het betekent. Ten tweede overvalt het ons, wat is er aan de hand? Dat hopen we straks van wethouder Daandels te horen. Drie: Notulen raadsvergadering 17 december 2020

2

over het bestemmingsplan loopt op dit moment nog een zaak bij de Raad van State. Is het dan op dit moment verstandig zo’n beweging te maken? En vier: ik denk dat het netjes is, ook tegenover degenen die de motie vreemd aan de orde hebben opgesteld, dat we dit agendapunt na de motie vreemd behandelen. Tenslotte is deze op het allerlaatste moment ingebracht, dus ik zou op die manier graag een wijziging in de volgorde willen aanbrengen. De voorzitter: Oké. U stelt dus voor om agendapunt 14 en de motie vreemd om te wisselen. Daarnaast hebt u een viertal opmerkingen over het nieuwe agendapunt, waarbij men zo de kans krijgt erop te reageren. Het woord is aan de heer Ottens. De heer Ottens: Dank u wel, voorzitter. Wat betreft het eerste gedeelte sluit ik mij aan bij de heer Van Groos: alleen de voorstellen met een fatale einddatum behandelen. Daarbij kun je je ook afvragen of er een harde einddatum zit aan de motie vreemd. Die zit hem wel in de opdracht, dus wat dat betreft zou ik daar dan een uitzondering voor willen maken, om ook het college niet met een onmogelijke einddatum te confronteren door de motie vooruit te schuiven. De voorzitter: Oké, de heer Ottens wil ook de motie vreemd voor laten gaan. Ik vraag om reacties zodat we het een en ander kunnen oplossen.

Eerst vraag ik wethouder Daandels even te reageren op hetgeen de heer Tiemstra zei en tegelijkertijd dat te berde brengt wat hij wilde zeggen. De heer Daandels: Dank u wel, voorzitter. Er is een extra agendapunt toegevoegd. De raad heeft op 7 juni 2018 het bestemmingsplan gemengd gebied vastgesteld als een conserverend bestemmingsplan met een flexibele plansystematiek. Het was conserverend, omdat de regeling bedoeld was om bestaande hoofdmassa’s ruimtelijk in ontwikkeling te brengen. We constateren dat het geldende bestemmingsplan op dit moment de bouw van hoofdmassa’s ook op plaatsen waar dat niet was voorzien, toelaat. We hebben dat onlangs ontdekt. Het was een omissie in het bestaande bestemmingsplan. Het is gebruikelijk dat je dat met een voorbereidingsbesluit doet. Dat is geen overval, al kan de heer Tiemstra het wel als zodanig voelen. Het is inderdaad laat op de agenda gezet en dat is gebruikelijk bij een voorbereidingsbesluit, omdat wij nieuwe ontwikkelingen willen tegengaan en mensen niet speculatief de gelegenheid geven om hierop in te spelen, alvorens het plan is aangepast. De heer Tiemstra vraagt naar het huidige bestemmingsplan. Dat ligt er voor een beroepsprocedure. Het voorliggende voorbereidingsbesluit heeft geen betrekking op onderdelen in het aanhangig gemaakte beroepsschrift en de beroepszaak die op dit moment loopt.

We kunnen op dit moment gewoon een voorbereidingsbesluit nemen. Het college is dan ook voornemens om de raad voor te stellen dit te doen, omdat wij zien dat in het huidige bestemmingsplan te veel ontwikkelingsmogelijkheden ontstaan, waar dat op dit moment nog niet aanwezig is. Wij treden niet in bestaande rechten. Daar wil ik het even bij laten. De voorzitter: Oké, dank u wel. Ik zou de heer Tiemstra graag het woord geven, zodat hij hierop kan reageren, maar als ik dat doe, zitten we vanzelf al bij de behandeling van het agendapunt. We wachten dus even af of het agendapunt dadelijk ter sprake komt. Zo ja, dan kunt u daar verder op in gaan. Ik kijk naar de agendavoorstellen. Het meest verregaande voorstel is dat van de heer Van Groos, namelijk dat we alles behalve de hamerstukken doorschuiven naar een later moment. Daarbij stel ik me, overigens niet alleen vanuit het college maar ook vanuit de raad, voor hoe dat dan moet doen. In januari hebben we al een zware agenda. Ik weet dat deze lockdown tot 17 januari duurt. Ik kan ook niet in de toekomst kijken. DebatteNotulen raadsvergadering 17 december 2020

3

ren gaat inderdaad fysiek beter, maar besluitvorming is ook iets waarvoor wij met ons allen op deze stoelen zitten. Mijn vraag is wie er voor is om deze agenda zo vast te stellen, oftewel geen punten door te schuiven naar een vervolgoverleg. Dan kom ik dadelijk even terug op het punt van de heer Ottens om de motie vreemd door te schuiven. Wanneer u op het voorstel de heer Van Groos ja of nee hebt gezegd, is het punt van de heer Ottens ook meteen helder. Mijn vraag is of u het eens bent met de heer Van Groos of dat u vanavond wilt vergaderen conform de agenda. Ik loop de fractievoorzitters langs om daar op die manier een beeld van te krijgen. De heer Klerx: Wat LokaalBelang betreft handelen we gewoon de agenda af. We hebben op deze manier, zoals het is voorgesteld door de Griffie, de mogelijkheid om de interactie aan te gaan. Dat doen we dus met handjes opsteken, juist ook nadat er bijdragen zijn geleverd. Dat is wennen, want het is de eerste keer, maar wij proberen dat graag. We vinden het belangrijk dat we als raad een goed voorbeeld geven en dat we juist ook in deze tijd debat én besluitvorming digitaal doen plaatsvinden. Daar zijn mogelijkheden voor in de wet, juist voor de coronacrisis is daar ruimte voor gemaakt. We zijn het met u eens dat het fysiek waarschijnlijk beter gaat, maar we proberen het toch graag. De heer Spierings: Voor de VVD mag het ook gewoon doorgaan.

De heer Slaats: Voor GroenLinksaf mag het ook gewoon doorgaan. De heer Spohr: Het CDA is voor het voortzetten van deze agenda. Mevrouw Schuijffel: Ik heb het al eerder laten weten, D66 is er eigenlijk geen voorstander van al deze punten nu te behandelen, omdat debat volgens ons ook niet echt mogelijk is. Ik ga dus mee met het voorstel van de heer Van Groos. Mevrouw IJpelaar: Lijst IJpelaar gaat mee met het voorstel van de heer Van Groos. De heer Tiemstra: Ik had al eerder aangegeven dat de SGP meegaat met het voorstel van de heer Van Groos. De heer Ottens: Voor de PvdA geldt hetzelfde, wij gaan mee met de heer Van Groos. Mevrouw Pouw: Lijst Pouw gaat mee met het voorstel van de heer Van Groos. Er zit ook een voorstel in dat direct invloed heeft op het leven van een van onze inwoners. Ik vind dat deze inwoner gewoon het beste van ons mag verwachten. Je kunt wel met elkaar praten op deze manier, maar een echt debat voeren, gaat veel beter als je in de raadszaal bent. De voorzitter: Als ik ervan uit ga dat de fractievoorzitters voor hun hele fracties spreken, heb ik een meerderheid voor het doorgaan van deze vergadering. Die conclusie wil ik trekken, tenzij er raadsleden zijn, niet zijnde fractievoorzitters, die zeggen dat ze er anders tegenaan kijken dan hun fractievoorzitter. Dat is niet het geval. Het tweede puntje is daarmee opgelost.

Het punt van het omwisselen van twee onderwerpen blijft nu nog aan de orde, dat was een punt van de heer Ottens. Ik stel voor om dat gewoon te doen en om snel naar de inhoudelijke agenda te gaan. Is iemand het daarmee oneens? Dan wissel ik die agendapunten even om, ik teken het aan. Dan hebben we de agenda vastgesteld, ware het niet dat de heer Van Groos nog wil reageren.

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

4

De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Het besluit is genomen en veel meer zal de raad niet doen, want dit agendapunt toont wel aan dat debat niet mogelijk is. Het is een uitwisselingen van meningen en dat is geen debat. Maar ik zal het ermee moeten doen, dus ik lever mijn bijdrage vanavond. De agenda wordt met bovenstaande wijzigingen en aanvulling vastgesteld. 4.

Vragenronde

De heer Van Groos: Voorzitter. Zoals te verwachten was, gaan de plannen voor het winnen van gas tot 2026 in Waalwijk gewoon door. Daarom was het in onze ogen veel beter geweest om bepaalde garanties te vragen, bijvoorbeeld dat dit vanwege de transitie van gas naar een andere brandstof de laatste vergunning zou zijn. In reactie op de uitspraak die de portefeuillehouder door het Brabants Dagblad liet optekenen dat de uitspraak van de Raad van State voor inwoners een verkeerd signaal is. Als het winnen en gebruiken van gas zo slecht is, waarom wordt er dan zo weinig tempo gemaakt om Waalwijk aardgasvrij te maken? Met welke buurt of wijk denkt het college te beginnen en wat is er voor nodig? Is het college al eens in gesprek gegaan met de bedrijven die veel gas gebruiken? Als Waalwijk bij de volgende vergunningsaanvraag sterker wil staan, helpt het als de gemeente volledig gasloos is. Wil de portefeuillehouder dit signaal alsnog afgeven? Beantwoording college Wethouder Odabasi: Voorzitter. Ik wil dat signaal graag afgeven. Het bezwaar bij de Raad van State hebben wij, zoals u weet, met meerdere gemeenten, waterschappen en andere partijen gedaan. Dat hebben we in één procedure gestopt, waaraan verschillende uitgangspunten zijn meegegeven. Dat heeft echter niet geholpen. Voor de overgang naar gasloos zijn we nu volop bezig met plannen.

Begin volgend jaar komt ook de warmtetransitievisie uw kant op, evenals plannen voor het verduurzamen van het woningbestand. Aan de andere kant geeft het Rijk ook aan dat we daarvoor de tijd kunnen nemen tot 2050, want dan moeten we pas van het gas af. Wij proberen daar zo voortvarend mogelijk op aan te sluiten en stappen te zetten. De heer Van Groos: Dank u voor de reactie. Ik blijf het inconsequent vinden om als Waalwijk te roepen dat we niet willen dat gas uit onze bodem wordt gehaald, terwijl we zelf toch nog steeds volop gas blijven gebruiken en dat dat tot 2050 zou mogen. Wethouder Odabasi: Het is niet alleen het collegestandpunt. Volgens mij was het een raadsbreed standpunt om het maximale te doen om de gaswinningplannen tegen te houden. In die lijn hebben we geacteerd. Daar blijven we bij. Het is in mijn beleving nog steeds een verkeerd signaal dat je met nieuwe putten aan de slag gaat, terwijl je aan de andere kant wilt afbouwen. Daar sta ik nog steeds achter.

Hamerstukken De voorzitter: Door een technische storing was er geen geluid bij de livestream van de A-raadsvergadering van 3 december. Op grond van de Gemeentewet zijn de vergaderingen van de raad openbaar. Dat betekent dat de raad geen besluiten heeft kunnen nemen op 3 december. Dat doen we dus nu. Ik heb het toen geïnventariseerd. De raadsvoorstellen onder punt 5 en 6 van toen waren voor alle fracties een A-punt. Daarnaast hebben we ook nog de lijst van ingekomen stukken en vastgestelde verslagen. Nu heb ik nog agendapunt 5, sloop pand Winterdijk 30A, agendapunt 6, verordening vertrouwenscommissie en benoemingsprocedure burgemeester en agendapunt 7, de naar aanleiding van de bijeenkomst in plaats van besluit A op 3 december aangepaste lijst van ingekomen Notulen raadsvergadering 17 december 2020

5

stukken. Die bestond uit het Debat Besluit 15 oktober, de e-input van 29 oktober, het Eforum van 4 november en het E-besluit van 4 november. Ik stel voor dat nu vast te stellen. Dat moet ik volgens de officiële procedure doen. 5.

(R9.2-20) Sloop pand Winterdijk 30a (vm AZG-scoutinggebouw)

Zonder beraadslaging gaat de gemeenteraad akkoord met het voorstel. 6.

(R9.8-20) Verordening Vertrouwenscommissie benoemingsprocedure burgemeester

Zonder beraadslaging gaat de gemeenteraad akkoord met het voorstel. 7.

N.a.v. bijeenkomst i.p.v. Besluit (A) op 3 december aangepaste lijst van ingekomen stukken

Zonder beraadslaging stelt de gemeenteraad de lijst van ingekomen stukken vast. 8.

Vaststellen verslagen

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de gemeenteraad de verslagen vast.

Debat 9.

(R9.6-20) cultuurnota gemeente Waalwijk 2021-2024

De heer Klerx: Voorzitter. Na het nieuws van de afgelopen maandag over de aangescherpte maatregelen, voelt het onwerkelijk om het over zaken te hebben die we in de cultuurnota ambiëren en van plan zijn. Alle onderzoeken wijzen juist uit dat cultuur mensen kan verbinden. Dat het onze inwoners helpt om zichzelf te ontwikkelen. Het helpt ons daarmee om als gemeente aantrekkelijker te zijn. Met de uitwerking van de cultuurnota is de fractie van LokaalBelang dan ook heel blij. We zien wel mogelijkheden om op een aantal punten wat aanscherping aan te brengen. Deze hebben we onder woorden gebracht in de motie die we samen met de fractie van D66 zullen indienen. De motie gaat over het versterken van de culturele samenwerking. Het programma ‘meer muziek in de klas’ wordt specifiek benoemd in de nota. Dat juichen we sterk toe. Cultuureducatie is goed voor de ontwikkeling van onze inwoners. Laten we vroeg beginnen. Laten we starten met drie scholen, maar, als het animo groter blijkt na inventarisatie bij het onderwijs, gaan we ervan uit dat de portefeuillehouder bij de raad zal terugkomen om te kijken hoe we het kunnen uitbreiden. In dezelfde lijn nog een ander onderdeel. Is meer muziek in de klas lokaal? Wij vragen het college de samenwerking te initiëren tussen alle relevante culturele partijen, het onderwijs en bovenal het verenigingsleven.

Als cement van de samenleving vormen verenigingen een fundament voor het verbinden van onze inwoners. Met het lokaal sportakkoord had u de ambitie om tot een aantal toekomstbestendige clubs te komen. Laten we dit ook hierbij nastreven en laten we de zichtbaarheid en levensvatbaarheid van de culturele verenigingen vergroten. Is de portefeuillehouder bereid om ook een lokaal cultureel akkoord te initiëren? Op die manier versterken we ook de eigen spelers van ons prachtige podium en decor. De investeringen, zoals ze zijn beschreven in de cultuurnota, zijn het dan dubbel en dwars waard wat ons betreft. Laten we hopen dat daarmee ook het culturele profiel van onze gemeente verbeterd wordt. Want dat gaat het college meten. Notulen raadsvergadering 17 december 2020

6

Daar zijn we benieuwd naar, maar wij volgen ook graag de ontwikkelingen op de andere twee speerpunten van de visie. Wij verzoeken het college de effectmeting uit te breiden en ook de mate van verbinding en zelfontplooiing van onze inwoners in kaart te brengen. Dat hoeven wat ons betreft geen uitgebreide monitors te zijn, misschien helpt het al om hiervoor ons inwonerspanel of reeds beschikbare data in te zetten. Daarnaast verzoeken wij het college om in het uitvoeringsprogramma, welke wij hopelijk ter informatie ook zullen ontvangen, specifiek aandacht te hebben voor het stimuleren van jong creatief talent, zoals via de Kunstbende, en voor inwoners die nu nog afstand bewaren door bijvoorbeeld armoede, laaggeletterdheid, verschillende achtergronden of geestelijke en/of lichamelijke beperkingen. De Kunstbende is een regionale, landelijke wedstrijd die jongeren op vroege leeftijd stimuleert hun eigen talenten te ontdekken en ontwikkelen door een netwerk te vormen tussen middelbaar onderwijs, culturele partijen en regionale podia. Als we specifiek op die doelgroepen inzetten, kan cultuur nog meer bijdragen aan een inclusieve samenleving. De motie is ingediend samen met D66, dat had ik al gezegd. Ik zou het normaal fysiek aan u geven maar nu doe ik het uiteraard digitaal. Tot zover.

MOTIE 1, Versterken culturele samenwerking De raad van de gemeente Waalwijk in vergadering bijeen d.d. 17 december 2020 De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: de visie in de cultuurnota focust op ‘cultuur verbindt mensen, verhoogt de aantrekkelijkheid van de stad en draagt bij aan de zelfontplooiing van inwoners’; vooral door corona, landelijk grote zorg is binnen de culturele – en creatieve sector over haar toekomstperspectief en daarmee de sociale cohesie; de effectmeting van de cultuurnota zich richt op ‘aantrekkelijkheid cultureel profiel’ en niet op de beoogde verbinding van mensen en daarmee de sociale cohesie; in het hoofdstuk financiën staat dat we gaan onderzoeken of het mogelijk is dat één of meerdere bedrijven het project ‘Muziek in de Klas’ wil adopteren en gaan overleggen met het Kunstencentrum of het project ‘Muziek in de Klas’ daar ondergebracht kan worden; de stichting Meer Muziek in de Klas ook oproept tot een lokaal muziekakkoord om de samenwerking tussen onderwijs, muziekverenigingen, regionale overheden, bedrijven, serviceclubs, podia, et cetera te bekrachtigen; de Kunstbende een netwerkorganisatie is die jong creatief talent ontdekt, ontwikkelt en exposeert en met hun regionale en landelijke wedstrijd jongeren op vroege leeftijd stimuleert eigen talenten te ontdekken en te ontwikkelen; overwegende dat: de cultuurnota de stad aantrekkelijker

gaat maken voor inwoners en toeristen door deze geschikt te maken als podium en decor; de gemeente Waalwijk straks een geweldig podium en decor heeft, maar het risico loopt om geen levensvatbare verenigingen te hebben die daar de optredens verzorgen; verenigingen als cement van de samenleving een fundament zijn voor het verbinden van onze inwoners; de verbinding van mensen ook moet bijdragen aan een inclusieve samenleving; daarmee concreet aandacht voor inwoners moet zijn die nu nog een grote afstand ervaren bij deelname aan culturele activiteiten; Notulen raadsvergadering 17 december 2020

7

-

-

het Kunstencentrum Waalwijk zich op dit moment vooral richt op cultuuronderwijs, maar de verbinding van onze inwoners (in verenigingsleven, in de wijken, op culturele evenementen) nog meer zou kunnen stimuleren; meer Muziek in de Klas een belangrijke motor kan zijn voor een vervolg buiten de klas en daarmee ook kan bijdragen aan de verbinding van onze inwoners; nog niet is onderzocht bij hoeveel scholen draagvlak aanwezig is om muziek weer structureel terug te laten keren in de klas en of ze daarvoor ‘Muziek in de Klas’ als een goed ondersteunend programma zien; met het programma Méér Muziek in de Klas Lokaal wordt ingezet op duurzame verankering van cultuureducatie in de regio door alle partijen die hiervoor nodig zijn aan elkaar te verbinden en te laten samenwerken (denk hierbij ook aan de middelbare scholen, de Kunstbende en andere culturele partners); de doelstelling op verbinding en zelfontplooiing van onze inwoners onderbelicht is en ook niet gemeten wordt; in de cultuurnota soms hele concrete (nieuwe) uitvoeringsplannen worden uitgelicht, maar dat het volledige uitvoeringsprogramma later volgt;

draagt het college op: een samenwerking tussen Kunstencentrum Waalwijk, (basis en middelbaar) onderwijs, verenigingen en andere culturele organisaties te initiëren waarbij gezamenlijk én complementair (opleider en verbinder) aan de doelstellingen ‘persoonlijke ontwikkeling en sociale cohesie’ wordt gewerkt, dit kan bijvoorbeeld door het initiëren van een lokaal cultuurakkoord; verenigingen niet alleen in te zetten voor optredens op het Waalwijks podium zoals in de cultuurnota beschreven, maar ze ook te betrekken bij o.a. scholingsprogramma’s zoals ‘Muziek in de Klas’ en de reeds bestaande programma’s en daarmee hun zichtbaarheid en levensvatbaarheid te vergroten; zeker te starten met ‘Muziek in de Klas’ voor drie deelnemende scholen maar daarnaast terug te komen naar de raad wanneer uit een aanvullende inventarisatie blijkt dat het animo bij het onderwijs groter is; de effectmeting niet alleen te beperken tot het cultureel profiel van de gemeente Waalwijk maar ook de andere doelstelling binnen de cultuurnota zelf te meten, namelijk de mate van verbinding en zelfontplooiing van onze inwoners; in het uitvoeringsprogramma specifiek aandacht te hebben om: 1. jong creatief talent blijvend te stimuleren via het concept van de Kunstbende en daar waar mogelijk samenwerking te initiëren met middelbaar onderwijs en andere culturele instellingen; 2.

de afstand tot cultuur te verkleinen voor inwoners die hierin nu nog een afstand ervaren (bijvoorbeeld door armoede, laaggeletterdheid, verschillende achtergronden of geestelijke en/of lichamelijke beperking), waardoor cultuur nog nadrukkelijker gaat bijdragen aan een inclusieve samenleving, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: De motie is ondertekend door de fracties van LokaalBelang en D66. Zijn er nog andere partijen die de motie nu al mede ondersteunen naast LokaalBelang en D66? Dat is niet het geval. Dan geef ik het woord aan mevrouw IJpelaar. Mevrouw IJpelaar: Dank u wel, voorzitter. Ik zie af van een pitch. De motie is vrij laat binnengekomen, dus ik moet er nog naar kijken. Mevrouw Klerks: Voorzitter. Ik was met u aan het chatten, omdat ik me afvroeg of wij geen vragen mogen stellen of mogen debatteren na een inbreng. Ik heb namelijk een vraag aan de heer Klerx.

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

8

De voorzitter: Natuurlijk mag dat. Dat gaan we herstellen. Kom maar op met uw betoog, en dan haal ik dadelijk de heer Klerx nog even terug. Mevrouw Klerks: Dank u wel, dan zal ik eerst mijn bijdrage doen. De VVD vindt cultuur erg belangrijk. Het uitdragen van onze Nederlandse cultuur zorgt voor eenheid in de samenleving en we onderschrijven dat culturele ontwikkeling erg belangrijk is. We zien echter ook dat cultuur iets is wat echt van de samenleving is, dus met ruime mogelijkheden om culturele instellingen voor inwoners en ondernemers. Er dient dus een balans te zijn tussen datgeen de overheid ondersteunt aan cultuur en datgeen de samenleving zelf aan cultuur creëert. In onze gemeente was lang niet duidelijk wat we met de cultuur deden of hoe we dit kunnen verbeteren. Voor de VVD heeft de cultuurnota veel inzicht hierin gegeven. De cultuurnota is prachtig vormgegeven. Er is gedegen onderzoek gedaan en er zijn ruim voldoende stakeholders besproken. Het valt ons wel op dat veel van de elementen die in de cultuurnota zitten, in onze ogen horen bij andere deelonderwerpen. Hoort muziekonderwijs niet gewoon bij onderwijs? Hoort het activeren van inwoners in onze samenleving niet gewoon bij het sociaal domein? We vinden het mooi om te lezen dat kunst en cultuur meer tentoongesteld gaan worden door deze cultuurnota. De stad als podium? Dat vinden we mooi.

Maar we twijfelen of een wandeling aan de bedrijven in onze stad echt een bijdrage levert aan culturele ontwikkeling. De bedrijfssafari? Geen idee. Het onderdeel ‘de stad als proeflokaal’ spreekt ons daarom minder aan. Voor de VVD toont deze cultuurnota met name aan wat we al goed doen in de gemeente. De cultuurnota zegt het immers zelf: de culturele basisinfrastructuur is op orde, maar hiermee is Waalwijk nog geen cultureel aantrekkelijke stad. Dat laatste hoeft van ons ook niet. Waalwijk hoeft niet bekend te staan als dé culturele stad. We zijn immers in nog veel meer andere dingen goed, dingen die voor ons een grote toegevoegde waarde hebben. Laten we blijven zorgen voor andere zaken, zoals een duurzame groene omgeving. In de nota zitten voor ons sommige zaken die echt te ver gezocht zijn. Wanneer daar in de toekomst geld voor wordt gevraagd, bij de Kadernota 2022, zullen wij daar zeer kritisch op zijn. Maar voor nu is deze nota prima. Ik ga door naar de vraag die ik had voor de heer Klerx. U hoort in mijn betoog al dat wij vinden dat cultuur ook echt iets is van de samenleving, wat we als gemeente vooral moeten ondersteunen. Ik hoor de heer Klerx zeggen dat zijn motie vooral gaat om het versterken van de samenwerking, maar ik lees dat wij als gemeente een samenwerking moeten gaan initiëren. Daarom vraag ik mij af wat hij verwacht.

Wat doen de culturele instellingen zelf en waar zit precies de rol van de gemeente? In de motie vind ik die heel sterk aangezet. De heer Klerx: Dank u voor de vraag, mevrouw Klerks. Wij vragen het college een samenwerking te initiëren, daar gaat uw vraag expliciet om. Want ja, cultuur is van de samenleving, maar ik denk dat we juist als gemeente wel een aanjagende rol kunnen hebben. Dat hebben we bijvoorbeeld gezien bij het lokale Sportakkoord waar we, onder andere door rijksgelden, een extra stimulans hebben kunnen geven. Daarbij hebben we die samenwerking kunnen initiëren en partijen bij elkaar kunnen brengen. Ik denk dat de gemeente in de toekomst steeds vaker de regierol gaat pakken, de faciliterende rol, waarbij wordt aangejaagd, maar de partijen het uiteindelijk wel zelf moeten gaan doen. De partijen moeten zelf misschien ook hun ambities formuleren en hun doelstellingen in de samenwerking benadrukken. Maar de gemeente kan daar, zeker nu, een hele belangrijke aanjagende rol in spelen wat ons betreft. Daarom vragen wij zo’n samenwerking te initiëren.

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

9

Mevrouw Klerks: Ik hoor de heer Klerx een paar dingen door elkaar zeggen, namelijk een aanjagende rol, een faciliterende rol, een regierol en een initiërende rol. Ik vraag me bij deze motie dan toch af wat het nu precies moet zijn. In de uitspraak van het versterken van die samenwerking kan ik me wel vinden, maar het is zo veel door elkaar heen en uit het betoog van de heer Klerx blijkt zo’n sterke ambitie dat we daar misschien wel € 300.000 voor vrij moeten maken. Daarom zou ik graag wat specifieker willen weten wat hij precies wil dat de gemeente gaat doen. De heer Klerx: Ik zou het van harte toejuichen als u € 300.000 voor cultuur wilt vrijmaken. Dan bent u wat mij betreft een pleitbezorger van cultuur en daar kunnen wij alleen maar erg blij mee zijn. Ik noemde een aantal rollen die de gemeente in de toekomst kan spelen. Wellicht heeft u mij verkeerd begrepen of heb ik mijzelf verkeerd uitgedrukt, maar met deze motie roepen wij op om een samenwerking te initiëren. Dat is niets anders dan partijen uitnodigen en bij elkaar brengen om te kijken of er gezamenlijkheden zijn en samen doelstellingen bepaald kunnen worden. Daar kan de gemeente dus een louter aanjagende, initiërende rol in spelen. Mevrouw Schuijffel: Ik wil hetzelfde zeggen als de heer Klerx, dus dat laat ik even. De heer Ottens: Voorzitter.

Zoals gebruikelijk bij de laatste vergadering voor de jaarwisseling heb ik het stukje kerstkrans al op. Dank daarvoor, ook al was het digitaal. Dan naar de cultuurnota. Voor de PvdA kan deze cultuurnota kort samengevat worden in drie termen: grote woorden, weinig daden en geen indicatoren. Het is een tekentafelstuk waar duidelijk wezenlijke partijen in het culturele veld niet bij zijn betrokken. Want waar blijft het grootste podium voor jongeren, het Tavenu? En bijvoorbeeld een belangrijke partij als De Mads? Of het GMHK en het Huis van Waalwijk? Waar is überhaupt de diversiteit in deze cultuurnota te vinden? De PvdA vindt dit hap-snap-beleid: van alles wat. De voorgestelde acties lijken op het eerste oog sympathiek, maar door de versnippering en te weinig geld zullen deze geen zoden aan de dijk zetten. Ik haal enkele voorbeelden aan. Muziek in de klas. Dat zou moeten leiden tot nieuwe aanwas voor de muziekverenigingen. De PvdA voorspelt dat dit onbegonnen werk is als de muziekverenigingen zelf geen omslag maken. Harmonieën en muziekverenigingen hadden in het verleden genoeg aanwas voor jongeren, omdat er verder simpelweg niets anders voor hen te doen was. Maar de tijden zijn veranderd. Jongeren passen zich niet aan aan de muziekverenigingen, maar muziekverenigingen zouden juist moeten inspelen op de interesses van jongeren.

Daarnaast is muziek in de klas een moetje, terwijl het er juist om gaat dat je spelenderwijs kennismaakt met een breed palet aan kunsten. Ik herinner me nog dat ik op blokfluitles moest van mijn moeder, en nota bene ook nog eens na schooltijd. Na de derde les lag de blokfluit al in de bosjes. Los van muziek in de klas hebben we nog een aantal bedenkingen bij deze nota. Om te beginnen met de stad als podium. Waarom kiezen we voor een monofunctioneel en onderhand oudbakken decor – de stad aankleden in het thema van schoen en leer? Dat heeft weinig met cultuur te maken, maar is volgens ons reclame voor het schoenenmuseum. Het is alsof je de parelvissers en Theo Maassen laat optreden met dezelfde achtergrond. Als je dit dan toch wilt doen, breng je deze kosten gewoon ten laste van het museum. Op zich kunnen wij ons nog wel iets voorstellen bij het brengen van kunst in de wijken, maar ook hier is het weer een hap-snap-benadering. Het is leuk om een fietsenproject uit een andere stad aan te halen om de sociale verbondenheid te versterken, maar het heeft weinig te maken met cultuur als je daar niet meer mee doet. Bovendien missen wij -- ik gaf het al aan -- de diversiteit in deze nota, zowel wat betreft kunstuitingen als de doelgroep.

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

10

Kan het anders? Wat de PvdA betreft wel. We haalden al aan dat een brede infrastructuur in de eerste plaats ondersteuning verdient. Dat is de basis om te werken aan de doelstellingen van het cultuurbeleid. Van daaruit moet je het doelgroepgericht aanvliegen. Van spelenderwijs kennismaken met allerlei kunstvormen, aansluiting zoeken bij de diversiteit en de jongerenculturen, ervoor zorgen dat makers een structurele plek krijgen in de stad en de traditionele verenigingen uitdagen uit hun comfortzone te komen. Als ze dat niet doen, is het jammer, maar dat betekent op den duur het einde. Is dat erg? Nee, want de cultuur is continu in beweging. Ik vind het oprecht jammer dat de PvdA, normaliter een hartstochtelijk bepleiter van cultuur, deze nota niet kan steunen. Tot zover. De voorzitter: Dank, wil iemand reageren op de woorden van de heer Ottens? Het woord is aan mevrouw Pouw. Mevrouw Pouw: Ik wil de heer Ottens graag bedanken voor zijn punt ten aanzien van de diversiteit in de cultuur. Dat is namelijk ook wat ik miste in de nota. Ik heb gezegd dat ik echt een doelgroep miste, maar ik heb van de week geleerd dat we in Waalwijk 170 nationaliteiten hebben. Dat zie ik in de nota helemaal niet terug. Ik denk dat deze nota een mooi middel kan zijn om deze nationaliteiten via cultuur meer met elkaar te verbinden. Verder zie ik van mijn bijdrage af. Bedankt, mijnheer Ottens.

Mevrouw Schuijffel: Voorzitter. Ik heb een nog positiever verhaal dan de heer Ottens. ‘Iedereen voor cultuur en cultuur voor iedereen’ staat op de voorkant van de Waalwijkse cultuurnota. Wat ons betreft is dat een mooie titel en hij past ook bij de manier waarop wij kijken naar kunst en cultuur. Een maand of wat geleden luisterde ik naar een podcast van Hizir Cengiz. Dat is een getalenteerd schrijver van begin 20, opgegroeid in de Schilderswijk in Den Haag. De titel van deze podcast luidde ‘waarom jongeren niet alleen trapveldjes, maar ook kunst nodig hebben’. Deze podcast maakt klip-en-klaar dat de waarde van kunst en cultuur niet alleen maar in euro’s is uit te drukken. De intrinsieke waarde van kunst en cultuur ontstijgt dat wat we kunnen uitdrukken in return on investment, om maar eens iets te noemen. Kunst en cultuur activeren en spreken ook het creatieve brein aan. Hizir vraagt zich af wat het voor kinderen in een buurt als de Schilderswijk betekenen als ze inderdaad opgroeien met cultuur. Hij stelt dat de kinderen er hun hele leven iets aan hebben als ze kennismaken met kunst en cultuur. Je biedt ze een schatkist vol ervaringen en referenties waaruit ze iets kunnen pakken als ze het nodig hebben.

Zijn conclusie is dat wie met een kunstenaarsmindset leeft er eerder voor zal kiezen iets nieuws te proberen, opnieuw te beginnen, zich aan te passen, een ander pad in te slaan dan anderen, uit zijn comfortzone te stappen, niet op te geven, te zwoegen, niet voor het snelle geld te kiezen en creatief te reageren op tegenslagen. Duidelijker en mooier kunnen wij het niet zeggen. D66 vindt dat onze gemeente de plekken waar creativiteit wordt onderwezen en gestimuleerd moet koesteren en, indien nodig, steunen en stimuleren. Door meer kunst en cultuur aan de openbare ruimte toe te voegen, al dan niet door de gemeente zelf, worden alle inwoners en toeristen geprikkeld en tot denken aangezet, ook zij voor wie dat niet zo vanzelfsprekend is. Wij kijken uit naar die optredens van onze musicalgroepen, onze dansgezelschappen en onze zangkoren in al onze dorpskernen. En wat worden we blij van al die gedichten die overal in de gemeente opduiken. Ik word ook al heel erg blij van de leestips van Kluun, over humor van de letteren in onze bibliotheek, of als ik naar een tentoonstelling van het Huis van Waalwijk ga. Dat geldt ook voor de beeldende kunst in het GMHK en alle objecten langs het Halve Zolenpad. Wat ons betreft mag dat nog meer worden. De heer Ottens gaf aan dat hij dit niet terugzag in de cultuurnota.

Wellicht zijn de namen niet genoemd, maar de inhoud die ik hier noem, staat wel degelijk in de nota.

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

11

Jullie begrijpen dat wij hier blij mee zijn. Er is met veel passie en inzet gewerkt door de betrokken ambtenaren. Bedankt daarvoor. De stad als podium en de stad als proeflokaal geven wat ons betreft allerlei mogelijkheden om invulling te geven aan zowel de aantrekkelijkheid als ook de intrinsieke creatieve kracht van cultuur om te innoveren en te experimenteren in het sociaal domein, in de wijken en in het onderwijs. Om op dat laatste nog even in te gaan: het ontwikkelen van interesses en talenten gebeurt op jonge leeftijd. Onbekend maakt onbemind. Initiatieven die daaraan bijdragen, juist samen met die laagdrempelige verenigingen, geven wat ons betreft een meerwaarde. Mooie ambities verdienen wel de juiste investeringen. De financiering van de voorgestelde acties is voor 2021 beperkt en voor de jaren daarna zelfs nog erg onzeker. Er komt een onderzoek naar sponsoring, subsidiëring door fondsen en financiering vanuit het onderwijs.

Is dat een realistische opgave? Sowieso, maar zeker in de huidige tijd? Wat doen we als de sponsoring door de coronacrisis niet of slechts beperkt gerealiseerd wordt? En wat doen we als blijkt dat de gemeente Waalwijk, eveneens door de coronacrisis, een van de vele aanvragers bij de cultuurfondsen blijkt te zijn? Geloven we in de kracht van kunst en cultuur en zijn we bereid echt te investeren? Wij zijn niet alleen benieuwd hoe de portefeuillehouder hier tegenaan kijkt, maar ook naar hoe onze collega’s in de raad dat doen. Tot zover. Mevrouw De Bruijn: Voorzitter, raadsleden en toehoorders van de livestream. In de eerste plaats wil het CDA-fractie het college complimenten geven met het aanreiken van deze cultuurnota. De CDA-fractie is bijzonder verheugd dat er nu eindelijk een startdocument ligt. We hebben er uiteindelijk expliciet om gevraagd. De reden daarvoor is dat cultuur noodzakelijk is voor de vorming voor de identiteit en ontplooiing van mensen en voor de ontwikkeling van onze creativiteit. Daarnaast willen wij natuurlijk graag een inzicht krijgen in de huidige stand van zaken en de ambities ten aanzien van de cultuur in Waalwijk. Nu over de inhoud. Als onderzoekfactoren geeft u aan dat de binnenstad door de binding met culturele, culinaire en groene voorzieningen aantrekkelijker wordt en dat de sociale cohesie wordt versterkt.

Hierbij rijst natuurlijk onmiddellijk de vraag of dat alleen geldt voor de binnenstad. Waar blijven wij dan met onze dierbare kernen zoals Sprang-Capelle en Waspik? In deze kernen zijn al veel gezamenlijke initiatieven door de inwoners gestart, die veel inwoners in deze stadsdelen verbonden heeft. Wij denken aan alle activiteiten die in de gemeente Waalwijk op dit moment door initiatieven van inwoners opgestart zijn en verder worden ontwikkeld, zoals het organiseren van concerten, die ook voor mensen met een krappe portemonnee toegankelijk zijn gemaakt. Een project met alle scholen in Waalwijk, waarbij kinderen in groep 7 en 8 kennis maken met de bouwen beeldhouwkunst. Daarnaast lopen er onderhandelingen om dans- en zanguitvoeringen voor leerlingen uit groep 5 en 6 te gaan geven. Op dit moment worden er samen met het Kunstencentrum initiatieven onderzocht en gesprekken gevoerd om jongeren hun reeds opgedane muzikale ervaring via een uitvoering aan de inwoners ten gehore te brengen en op deze manier te ervaren dat mensen eveneens van hun uitvoering kunnen genieten. Dat bouwt op. Mogelijk activeert het ook de toehoorders, vrienden van hen of senioren, hun instrumenten weer op te pakken of in groepsverband weer iets te gaan bespelen. Naast de reeds aanwezige culturele activiteiten vinden we geen overzicht of onderbouwde cijfers in deze cultuurnota.

We vragen de portefeuillehouder nog even of deze volgens de beschrijving van de nota in de visie wel als geslaagd te beschouwen zijn, of dat we ze nog een keer te horen krijgen in de nota. Kan de wethouder aangeven wanneer de ambitie, die wordt verwoord in deze nota, als geslaagd wordt ervaren? Wij denken aan het meetbaar maken van resultaten. Laat organisaties jaarlijks het leden- of bezoekersaantal in kaart brengen bij de nieuwe aanvraag van subsidie. Stel hen voor bijvoorbeeld een

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

12

minimale groei van 5% inzichtelijk te maken in het nieuwe jaar. Hoe staat u hier tegenover? Wij begrijpen dat dit een eerste opzet is van de cultuurnota en we ergens moeten starten. Toch willen we kenbaar maken dat in Waalwijk al veel culturele activiteiten plaatsvinden. Door meer intensieve participatie vanuit de gemeente, gezamenlijk met de inwoners, denken wij dat de cultuurnota meer bekendheid kan krijgen. Deze kunnen we met de inwoners gaan bespreken. Ga in de wijken avonden beleggen met de jeugd, inwoners, en bestaande organisaties. Onderling worden er zeker gerichte creatieve ideeën ingebracht en op hun vragen kunnen ze gerichte adviezen krijgen. Dat werkt. Op dit moment speelt corona natuurlijk een rol, maar ik ben ervan overtuigd dat COVID19 in 2021 overwonnen wordt. De inspreker van vorige week gaf duidelijk aan dat men vaak moeite heeft met het vinden van de juiste weg om verbinding te leggen en het niet zo makkelijk is om samen te gaan werken met het onderwijs of opleidingsinstituten. In gesprek met het Kunstencentrum komt ook naar voren dat jeugd vaker dan voorheen wisselt van activiteiten en korte tijd onderwijs neemt.

Portefeuillehouder, hoe denkt u te kunnen bewerkstelligen dat wij beter met elkaar tot afstemming kunnen komen? Welke rol neemt u op u om verbindingen te leggen tussen jeugd, onderwijs, opleidingsinstituten en organisaties? In de nota lezen we dat we impulsen van buitenaf willen zoeken en aantrekken. Een prima initiatief, maar laten we ook vasthouden aan dat wat al goed is en kijken hoe we dat kunnen versterken. Waar je tekort komt, kun je altijd je kennis van buitenaf zoeken. Wij vinden het wel bijzonder goed om het thema schoen en leder als thema te gebruiken. Dat zit toch in ons DNA? We moeten weer eens trots worden op ons DNA. De portefeuillehouder zegt dat het college met deze nota de raad op de hoogte brengt van het kunstzinnige en culturele aanbod in deze gemeente. De fractie van het CDA stelt voor om over twee jaar van het college informatie te verkrijgen over ondernomen acties, nieuwe ontwikkelingen en de stand van de financiële uitgaven. Graag een toezegging van de wethouder in dit kader. Ik ga eindigen. Het lijkt wel een opsomming van vragen aan de wethouder, maar bij dezen herhalen wij nogmaals: wij zijn blij met deze cultuurnota. In het kader van onze functie als raadsleden en volksvertegenwoordigers willen we een realistische weergave en meetbare acties.

Ik weet het: Waalwijk wordt weer een bloeiende en uitdagende stad, waar de creatieve en culturele ontwikkelingen hoogtij vieren. Dit daagt veel Nederlanders uit, en zij zullen het een must vinden om het in Waalwijk te komen ervaren en dan meteen een dagje te shoppen. Daar moeten we nog iets aan doen. Dank u. De heer Bögemann: Geachte voorzitter en raad. Dat Homo Ludens van Johan Huizinga na 82 jaar nog steeds actueel is, bewijst het feit dat het na het Achterhuis van Anne Frank het meest vertaalde boek van Nederland is. Ik zal u vanavond niet het hele uittreksel van het boek voordragen, maar in het kort komt het op het volgende neer: volgens de schrijver zijn we allemaal ‘homo ludens’, de spelende mens, en komt alles wat wij cultuur noemen voort uit spel. Als de mogelijkheid om te spelen onder druk komt te staan, is onze cultuur in het geding. Zonder cultuur is er geen gezonde maatschappij. Met de nota laat de gemeente zien serieus werk te willen maken van het borgen van de manier waarop wij willen omgaan met de cultuur en een gezonde maatschappij voor onze inwoners willen creëren. De ambities vormgeven in de stad als podium en de stad als proeflokaal laten zien dat er constructief en innovatief gewerkt gaat worden aan het handen en voeten geven aan de gestelde visie.

De cultuurnota is een goed begin en wij zijn blij dat hij er is, maar er zijn zeker ook nog een aantal aandachtspunten.

Notulen raadsvergadering 17 december 2020

13

In antwoord op een aantal vragen die hierover gesteld zijn, wordt duidelijk aangegeven dat de nota is opgesteld voor alle kernen. Waarom krijgen wij dan toch het gevoel dat er vooral gefocust wordt op Waalwijk? In het document wordt er welgeteld twee keer verwezen naar de twee andere kernen. Wat ons betreft een gemiste kans. De cultuurtafel bestaat op dit moment uit een aantal vaste deelnemers. Het zou mooi zijn als ervoor gezorgd kan worden dat deze tafel op de momenten dat het nodig is, uitgebreid kan worden met een andere partij. Hiervoor zou wat ons betreft het initiatief niet alleen bij de vaste deelnemers van de tafel moeten liggen. Met andere woorden: zorg ervoor dat dit een laagdrempelig orgaan is, dat voor iedere culturele groep binnen de gemeente bereikbaar is. Wat ons betreft gaat de tekst over verbinden in de visie niet alleen over de inwoners, maar ook over de verschillende culturele verenigingen onderling. De nota heeft ook als doel om de jongeren binnen de gemeente te houden door een aantrekkelijke en nieuwe cultuurstroom te creëren. Graag horen wij van de wethouder wat hiermee precies bedoeld wordt. Op dit moment is er nog geen definitief uitvoeringsprogramma. In de antwoorden die wij op onze vragen hierover kregen, maken wij op dat het nog niet helemaal duidelijk is hoe het programma opgezet gaat worden.

Welke gevolgen heeft het voor de evaluatie van het programma, en op welke manier wordt de raad hierbij betrokken? Verder rest het ons om aan te geven, wellicht ten overvloede, dat wij het belangrijk vinden dat cultuur binnen de gemeente voor iedereen is, dus ook voor de mensen die hier misschien maar even zijn, die minder goed ter been zijn of bij de hand genomen moeten worden. De heer Van Groos: Voorzitter. Waarom is het niet mogelijk om een beleidsnota te schrijven die uitgaat van de bestaande budgetten? Wat moeten we als raad met een ambitieus document, waarover het professionele veld volop heeft mogen meepraten, terwijl de financiële consequenties nog niet bekend zijn? De ChristenUnie is niet van plan een cheque te ondertekenen, waarvoor later de dekking nog moet worden geregeld. Dankzij onze vragen weten we dat we moeten denken aan iets meer dan een kwart miljoen over vier jaar. Het klinkt wel mooi dat elk kind een instrument zou moeten leren bespelen, maar afgezien van wat dat kost, is het de vraag of de overheid hiermee niet een verantwoordelijkheid van de ouders overneemt. Wij zien dat de overheid op steeds meer terreinen de verantwoordelijkheid van ouders overneemt en soms zelf afneemt. Als ouders graag willen dat hun kind een muziekinstrument leert bespelen, maar dat niet kunnen betalen, hebben we daarvoor het armoedebeleid.

Maar een door de gemeente betaalde wervingscampagne van het door ons gesubsidieerde Kunstencentrum gaat ons echt te ver, ook omdat we de indruk hebben dat de amateurverenigingen hiermee op achterstand worden gezet. Bovendien zijn zingen en dansen ook vormend voor kinderen. Ons derde punt: de doelstellingen en de beoogde resultaten zijn wel duidelijk omschreven maar niet SMART geformuleerd. De prestatie-indicatoren ontbreken. Wanneer is het beleid succesvol? Ook andere fracties hebben daar aandacht voor gevraagd. De nota zelf komt niet verder dan ‘meer betrokken’, ‘positiever’, ‘actiever’, ‘de stad aantrekkelijker maken’, ‘meer toeristen’ en het formuleren van de output als ‘elke gesubsidieerde organisatie zou minstens één keer per jaar een optreden in de openbare ruimte moeten geven’. Maar nergens staat wat de outcome zou moeten zijn. Onze conclusie is: eindelijk een nota, maar onvoldoende geld en geen prestatie-indicatoren. Dat is dus een nota van niks. Beantwoording college Wethouder Van den Hoven: Voorzitter. Ik ga proberen om zo goed en kwaad als het kan kort stil te staan bij alle opmerkingen die ik gehoord heb. Ik begin vooraan. We zijn begonnen bij LokaalBelang over de vraag of het nu wel de juiste toonzetting van de moNotulen raadsvergadering 17 december 2020

14

tie is. Daar is ook over gediscussieerd in de raad, gaat die niet iets te ver? Op zich heb ik geen moeite met de toonzetting van de motie, maar ik voel ook wel een uitdaging, want dat initiëren gaat al best wel ver. Je kunt ook zeggen dat we gaan verkennen wat we kunnen. In de eerste aanleg kan ik me wel vinden in de strekking van de motie, hoewel ik nog steeds vind dat wij mensen niet kunnen gaan dwingen naar verenigingen over te stappen. Dat is dus wel een uitdaging, maar nogmaals, ik wil het met het college best proberen om het goed onder de aandacht te brengen, waarbij ik de samenwerking tussen onze grootste partner, het Kunstencentrum, en de verenigingen daar waar mogelijk ook verder wil optimaliseren. Maar het blijft natuurlijk ook een keus van de volwassenen om wel of niet bij een vereniging aan te sluiten, naast dat ze bij het Kunstencentrum actief zijn. Nogmaals, wij kunnen niemand dwingen dus dat blijft een beetje lastig. Het is dus wel erg ambitieus, de motie, maar ik wil namens het college toch heel graag proberen het te laten slagen. Dan de VVD, die partij heeft geen vragen gesteld maar wel gezegd dat we een betere samenwerking moeten initiëren voor de samenleving. Wij moeten dat als gemeente niet volledig naar ons toe trekken. Daar zit ook het spanningsveld tussen initiëren en verkennen, dat er bodem is voor die samenwerking.

Maar nogmaals, ik wil die opdracht graag namens het college meenemen. Garanties kan ik vooraf niet geven, want nogmaals, wij kunnen niemand dwingen. Dan heb ik nog iets over gehoord over dat wij het schoen- en leerfenomeen verkopen als cultuur en dat zou dan niet passend zijn. Ik denk eerlijk gezegd dat Waalwijk dit gewoon in zijn DNA heeft en dat we trots moeten zijn dat we dat hebben en dat we dat ook in de Cultuurnota tot uiting mogen brengen. Ik denk daar dus duidelijk heel anders over. Wij hebben een goede basis en focussen in deze Cultuurnota op twee punten: de aantrekkelijke stad en de ondernemende pioniersstad. Dat zijn denk ik twee ambities die ook nog realistisch zijn. We realiseren ons ook dat wij te maken hebben met een beperkt budget. Dan wil ik toch even ingaan op wat de heer Van Groos aangaf, over een ongedekte cheque. Nou, mijnheer Van Groos, het volledige budget is bestaand geld. We hebben juist gemeend geen enkele euro meer te kunnen vragen aan de raad voor deze nota op dit moment, omdat wij ook begrijpen dat er hele andere prioriteiten liggen. De heer Klerx zei ook al dat het heel lastig is om in deze tijd over de Cultuurnota te praten. Tegelijkertijd kan hij ook juist in deze tijd wel helpen om mensen te verbinden. Inwoners kunnen er dus ook positieve elementen uithalen. Dan de sponsoring, dat was ook nog een punt dat aan werd gehaald.

Is dat realistisch? In deze tijd ben ik het iedereen eens die zegt dat dit moeilijk wordt. Deze tijd is gewoon bijzonder. Het is een unieke gebeurtenis die ons overkomt, dus die sponsoring zal ook wellicht op korte termijn heel lastig zijn. Dat realiseer ik me ook heel goed. Vandaar ook dat wij heel voorzichtig zijn met die middelen en deze ook niet structureel willen doortrekken. Wij willen daar ook de uitdaging met betrekking tot de gelden op de langere termijnen die we hebben op die manier, dus met subsidies en andere vormen van sponsoring, de tijd gunnen. Dat is in deze tijd denk ik alleen maar goed. Wanneer is een ambitie geslaagd? Wij hebben die ambities benoemd. We hebben de resultaten in de nota benoemd -- daar vroeg mevrouw De Bruijn naar als ik het goed heb - en die hebben wij letterlijk in de nota opgeschreven. Als wij een grotere tevredenheid en trots bij de inwoners – dus meer bezoekers, hogere inkomsten voor de horeca, aantrekkelijk vestigingsklimaat, ze staan allemaal genoemd in de nota – of dat soort zaken voor de stad als podium wordt behaald, hebben wij daar een goed gevoel over als het gaat om die ambitie. Het is ook zo dat wij de ambities uitspreken. Alles moet nog in een uitvoeringsnota worden vormgegeven. Wij gaan dadelijk dus ook naar een uitvoeringsnota en daar zult u in meegenomen worden.

Daar zullen wij ook de indicatoren benoemen, die voor sommigen werden opgemerkt. Die staan er nog niet in, dat klopt. Dit is de visie Notulen raadsvergadering 17 december 2020

15

en daar gaan wij mee aan de slag en in de uitvoeringsnota zullen wij dit soort zaken nader benoemen. Mevrouw De Bruijn vroeg ook of er na twee jaar een terugkoppeling naar de raad kan komen wat betreft de acties, de resultaten en de financiering. Dat lijkt me een hele logische. Uiteraard wil ik dat toezeggen. Ik heb er zelf ook baat bij als ik de raad op gezette tijden informeer, dus wat dat betreft is dat voor het college geen enkel probleem om te doen. Dan heb ik de vraag over de cultuurtafel voorbij zien komen. Kan die uitgebreid worden? Natuurlijk kan die uitgebreid worden, wat mij betreft is dat prima. Ik wil er ook aan toevoegen dat deze wat mij betreft ook laagdrempelig moet zijn, als hij dat al nog niet is. Ik denk ook dat het belangrijk is dat iedereen die zich geroepen voelt daar op kan aansluiten. Daar kwam ook weer de vraag waarom het zo veel om de binnenstad van Waalwijk draaide. Dat is echt niet de bedoeling en als wij daar dan te weinig de kernen expliciet benoemd hebben, is dat wel de bedoeling geweest. Wij hebben bij bijna elke actie, ook in de wijken, de mogelijkheid het bijvoorbeeld in een wijk in Waspik uit te voeren. Het is dus absoluut niet zo dat wij het enkel over de binnenstad van de kern Waalwijk hebben.

Het zal in de praktijk wel een paar keer voorkomen dat het centrum van Waalwijk vanwege zijn aantrekkingskracht voor toerisme wellicht een kunstbeeld meer zal krijgen dan een andere kern, maar dat zijn denk ik allemaal zaken die binnen de marge liggen en die niet bepalend zijn voor het vergeten van de kernen. Dat is in ieder geval absoluut niet de bedoeling van deze nota, dus dat wil ik bij deze ook gezegd hebben. Ik heb geprobeerd om in eerste instantie zo veel mogelijk antwoorden te geven. De heer Klerx: Ik wilde toch even reageren op de portefeuillehouder. Allereerst ben ik blij dat hij enthousiast is en ook kansen ziet om met de motie aan de slag te gaan, maar hij stelt wel de vraag of het niet te ambitieus is. Ook komt de term ‘initiëren van de samenwerking’ weer naar voren. Ik heb de definitie van ‘initiëren’ er even bij gezocht om daar toch wat helderheid in te brengen. Het betekent inleiden, invoeren, op gang brengen, voor het eerst opzetten. Dat is volgens mij precies wat we willen doen. Dat doen we op heel veel terreinen, samenwerkingen initiëren we als gemeente regelmatig. We deden dit recent nog bij het Sportakkoord, juist om 40 toekomstbestendige clubs te realiseren in onze gemeente. Kunnen we dan verplichten dat al onze 200 clubs meedoen? Nee, dat kunnen we niet. Maar willen we iets op gang brengen, een beweging creëren? Ja, dat willen we volgens mij.

Dat doen we bij de BIZ. Kunnen we ondernemers verplichten voor te stemmen? Nee, natuurlijk niet, die BIZ is niet voor niets geklapt de eerste keer. Gaan we het een tweede keer proberen? Ja, volgens mij wel. Volgens mij zijn we dan aan het initiëren, dingen op gang aan het brengen. Dat is wat we willen doen. We willen vooruit, we willen iets voor elkaar krijgen. Ik zou toch graag zien dat we die ambitie omarmen en dat vraag ik aan de portefeuillehouder. Ik hoop dat u uw best gaat doen. U kunt het niet beloven, maar ik kan u toch niet gaan verzoeken om te kijken of u een onderzoekje wilt doen naar of er mogelijk een samenwerking komt? Ik wil u gewoon vragen die samenwerking op te gaan proberen te zetten, hem te initiëren dus. Wethouder Van den Hoven: Ik denk dat de heer Klerx heel erg de nadruk legt op de voorzichtigheid die ik heb geprobeerd over te brengen. Volgens mij heb ik al gezegd dat we de motie willen overnemen, dus er is geen enkel vuiltje aan de lucht voor de heer Klerx. Ik wil alleen direct een kleine winstwaarschuwing afgeven: dat initiëren klinkt wel heel leuk, maar er wordt vaak heel veel verwacht van alleen de gemeente. Dát heb ik geprobeerd te benadrukken: als wij iets op gang proberen te brengen, is mijn hoop dat dat inderdaad opgevolgd wordt door allerlei verenigingen, maar qua verwachting ben ik een beetje voorzichtiger.

Dat wil ik benadrukken, opdat er straks niet een heel teleurstellend resultaat terugkomt. Ik wil het alleen gezegd hebben. Nogmaals, die motie wil ik Notulen raadsvergadering 17 december 2020

16

overnemen, dat is geen enkel probleem, maar ik heb er persoonlijk een nuance aangebracht, niets meer en niets minder. De voorzitter: Kunnen we het daarbij laten? Ik kijk even naar de heer Klerx. Dat is zo, dus ik ga naar de heer Ottens. De heer Ottens: Dank u wel, voorzitter. Op zich laat dit agendapunt wel zien dat het heel lastig is om een debat met elkaar te voeren. Ik zal er niet al te diep op in gaan, maar de wethouder ging even in op het punt dat ik aanhaalde, dat de stad monofunctioneel wordt aangekleed als een podium met een onderhand oudbakken decor. Uiteraard geeft de wethouder aan dat hij het daar niet mee eens is, maar zoals zo vaak gaat hij niet inhoudelijk in op datgeen ik gezegd heb. Dus waarom het monofunctionele decor, terwijl we juist een diversiteit aan culturen nastreven? Daar graag een inhoudelijke onderbouwing over, dat hij voor het schoenenmuseum is en wij hier iets minder enthousiast over zijn, weten we. Wethouder Van den Hoven: Ik verschil van mening met de heer Ottens en dat mag in dit land. Ik beschouw schoen en leer niet als monocultureel. Dat kan de heer Ottens wel vinden, maar ik vind dat niet. Ik denk dat daar veel meer aspecten in zitten dan alleen maar wat meneer Ottens mogelijkerwijs ziet. Dat is jammer, maar dan verschillen wij van mening.

De heer Ottens: Ik hoor wederom geen enkele inhoudelijke onderbouwing van de wethouder, dus ik laat het hier maar bij. De heer Van Groos: In reactie op één van mijn drie punten heeft de wethouder aangegeven dat hij nu geen geld vraagt en dat hem dat op dit moment ook niet geschikt lijkt. Dat hij nu geen geld vraagt, heb ik hem ook niet verweten, maar er worden wel allerlei plannen gepresenteerd en het geld daarvoor moet later nog gevonden worden. Hoeveel dat dan is, weten we wel ongeveer, maar dit is dus een nota waar uiteindelijk toch meer geld wordt gevraagd. Niet meteen, maar die vraag komt vanzelf. Wethouder Van den Hoven: Ik ben het daar niet helemaal mee eens, mijnheer Van Groos. Wij hebben deze nota op dit moment bewust met de bestaande middelen opgezet. Als zaken een succes zijn, goed lopen en zouden moeten doorgaan, komen we eerst terug bij de raad. Dan bent u zelf in de positie. Ondertussen hebben wij ook, en dat heb ik net geprobeerd uit te leggen, in de nota opgeschreven dat wij voornemens zijn daar ook vormen van subsidie, fondsenwerving en sponsoring bij te gaan zoeken. Daarbij heb ik ook aangegeven dat het op dit moment een lastige periode is. Dat is met heel veel zaken, maar je moet ergens beginnen. Daarom denk ik dat we daar, gezien de tijd die we nu hebben en het geld dat we nu wel beschikbaar hebben, een goed begin mee kunnen maken.

Het lijkt mij dus alleszins verantwoord, maar ik ben het met u eens dat het niet zo is dat wij nu structureel tot in lengte van jaren alles afgedekt hebben. Maar dat is op dit moment ook niet de opzet. Nogmaals, wij komen terug bij de raad als zaken een succes blijken en mocht blijken dat er aanvullende middelen nodig zijn, dan bent u in de positie om daar ja of nee tegen te zeggen. De heer Van Groos: Ik dank de wethouder voor zijn reactie, maar ik ben het niet met hem eens. Mevrouw De Bruijn: Ik wil toch nog even reageren op wat de wethouder zei over initieren. Ik ben zelf ervaren. Als je afstemt met de inwoners en je laat de inwoners de Cultuurnota lezen, haal dan de jeugd erbij, die we de afgelopen tijd door Covid niet betrokken hebben bij deze opstelling. Ik denk dat daar, als mensen voelen wat de bedoeling is

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9599048/1