Verslag begrotingsvergadering 12-11-20
Tekst van het document
Amendement L: programmamanagement Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • in raadsinformatiebrief 52-20 van 9 juli 2020 staat dat de belangrijkste vraag wat het verband is tussen de inzet en investeringen van de gemeente en de behaalde resultaten in de evaluatie niet is beantwoord; • alleen melding wordt gemaakt van de constatering door het college dat de programma’s hebben geleid tot extra focus en dat het programmamanagement nieuwe acties heeft gestimuleerd; • het college ervoor kiest om die programma’s te stoppen waar de doelstellingen zijn bereikt en door te gaan met die programma’s die nog lang niet zo ver zijn; • in de geactualiseerde begroting 2021 vanuit het programmamanagement weer de nodige miljoenen worden gevraagd; • het college op schriftelijke vragen heeft geantwoord niet in staat te zijn aan te geven welke reguliere budgetten ook door het programmamanagement zijn gebruikt. overwegende dat: • de uitgaven door het programmanagement voor de gemeenteraad een black-box zijn, omdat pas achteraf verantwoording wordt afgelegd over de bestedingen; • in de praktijk door het college keuzes zijn gemaakt, waarbij fracties de vraag hebben gesteld of dit nu wel de bedoeling was; Notulen raadsvergadering 12 november 2020
35
• het aan de centrumondernemers als belangrijkste partij is om klanten naar het centrum te trekken en hen te binden; • de gemeente al miljoenen in het centrum van de kern Waalwijk (mislukt De Els project, promenade, parkeerterreinen, parkeertarieven, toegangswegen, stadhuis, museumplus) heeft geïnvesteerd; • duurzaamheid veel breder is dan in het programma is/wordt opgepakt; • in deze financieel onzekere tijden het verstandig is om zuinig te zijn op de financiële middelen en algemene reserve; besluit: te stoppen met het programmamanagement en de bedragen die daarvoor in de geactualiseerde Begroting 2021 staan, niet vrij te geven. De voorzitter: Het amendement is ingediend door de fractie van de ChristenUnie en wordt gesteund door Lijst IJpelaar, Partij van de Arbeid en SGP. Het woord is aan de heer Klerx. De heer Klerx: Dank u wel, voorzitter. Ik proef veel voorzichtigheid, terughoudendheid in het investeren in deze coronatijd, maar ik wil de heer Van Groos een vraag stellen. Volgens mij is het juist de ChristenUnie die met het huidige kabinet flink veel investeringen voorstelt om ons land economisch vooruit te helpen, omdat we dat nodig hebben in deze uitzonderlijke crisis.
Is het dan niet goed om ook als gemeente, die kan investeren nota bene omdat ze de incidentele middelen heeft, te investeren en het voorbeeld van de landelijke ChristenUnie te volgen? De heer Van Groos: Leuk dat meneer Klerx de landelijke politiek erbij haalt. Dat is in zijn richting natuurlijk altijd lastig, want hij is van een lokale partij. Daar valt hij dus niet op aan te vallen. Als het gaat om investeren, mijnheer Klerx, zou onze fractie liever willen investeren in mensen in plaats van in stenen. Liever investeren in zorg voor elkaar dan in het verkopen van de laatste stukjes grond die voor onze jeugd en de mensen na ons beschikbaar zou moeten blijven. Wij zouden daar dus hele andere accenten willen zetten. Het gaat ons er niet om dat we niet willen investeren, want dat willen we best, maar dan ook op basis van een goede financiële stand van zaken. Ook daar hebben wij onze twijfels over. De heer Klerx: Ik vind het jammer dat u dan alleen komt met investeringen eraf halen en allemaal dingen die we niet moeten doen. Ik hoor u ook zeggen dat u graag in de mens investeert, in de zorg. Dan had ik graag juist voorstellen gezien die me ervan zouden overtuigen dat we juist in de mens zouden moeten investeren. We hebben pogingen gedaan, daar komen we later op terug, om op andere fronten te investeren. Wij vinden de mens net zo belangrijk als u, maar daar gaat het niet om.
Ik had gewoon graag gezien dat u voorstellen had gedaan op dat punt. Want met goede voorstellen en een goede onderbouwing hadden we daar, zoals u zelf ook aangeeft, ruimte voor willen maken met zijn allen. De heer Van Groos: Ik heb bijna twee jaar geprobeerd om met goede voorstellen allerlei dingen voor elkaar te krijgen. Het is me nooit gelukt. Daarnaast pas ik ervoor de ambities van de coalitie te verwezenlijken. Dat is nu mijn strategie geweest. We krijgen toch niets voor elkaar. Dan kan ik maar beter mijn pijlen richten op de zaken waar de coalitie mee gekomen is en waarin ik zeer teleurgesteld in ben, zowel inhoudelijk als procesmatig. De heer Klerx: Helder, dan verschillen we daarin van mening. Dat betreur ik ontzettend. De heer Tiemstra: Mijnheer Klerx, ik volg dit debat en heb de vrees dat er vanuit een gelegenheidsopstelling naar gelegenheidsargumenten gezocht wordt. Twee dingen: we Notulen raadsvergadering 12 november 2020
36
hebben het zojuist gehad over de ombudscommissie. Ik hoorde u zeggen met een triest gezicht dat we keuzes moeten maken, dat het moeilijk is en dat het pijn gaat doen. Ik hoor u nu tegen de heer Van Groos zeggen dat we moeten investeren, dat we vooruit moeten, dat we gelukkig de middelen hebben. U nodigt hem uit om met goede voorstellen te komen. Dan kijk ik even naar het voorstel van de heer Ottens, door ons van harte gesteund, om niet meteen die ombudscommissie op te heffen. Daar zou ik graag op basis van uw eigen argumenten nog een keer de lans voor breken. Ook heb ik geluisterd naar het betoog van de heer Van Groos en hij heeft redelijk kernachtig de suggestie aangereikt om eens naar de programmamanager sociaal domein te kijken. Kijk eens wat we daarmee kunnen doen, wat we daaruit zullen halen. Dat is een voorstel. Stel dat hij dat zou indienen in de vorm van een motie of amendement, hoe zou u daar dan naar kijken? Overigens mag u ook op die eerste suggestie reageren, daar heb ik geen bezwaar tegen. De heer Klerx: Dan gaan we het weer over de inhoud en de kwaliteit van de ombudscommissie hebben en dat vind ik eigenlijk ontzettend jammer, want ik heb net geprobeerd te zeggen dat het me daar niet om gaat.
Dit gaat erom dat wij denken dat we best wel op dezelfde kwaliteiten door kunnen als we aansluiten bij de Nationale Ombudsman en dat we daarom deze financiële argumenten voldoende vinden. Om op uw tweede vraag te antwoorden: ik heb zelf ook al wel eens overwogen of een programmamanager sociaal domein een goede aanvulling zou zijn. Ik ben zeer benieuwd en wellicht kan de desbetreffende portefeuillehouder daar meer over vertellen. Wij hebben er in ieder geval voor gekozen daar geen extra voorstel voor te doen, maar als die er nu nog komt en het college, dat er net iets meer van af weet, is enthousiast, juich ik het van harte toe. Ik denk dat het sociaal domein een ontzettend lastig dossier is, met flinke uitdagingen, waarbij ik wel wil zeggen dat programmatisch werken een manier van werken is. Daarom is het voorstel ook om te stoppen met economie en veiligheid: omdat dat in de lijn ligt. Als het sociaal domein verspreid over de hele organisatie ligt, zou het wellicht gesplitst kunnen worden in participatie. Als het sociaal domein wel breder is, zou dat best een manier kunnen zijn. Daar kan het college ons hopelijk een goed advies over geven. Zelf sta ik zeker open voor de suggestie. Mevrouw Klerks: Ik heb een vraag aan de heer Van Groos en een soort van ondersteuning. Ik vind het in uw verhaal lastig dat het glas halfleeg is.
Ik probeer er een glas-halfvolbenadering op te plakken. U heeft een amendement over het evenementenbeleid en ik snap uw uitgangspunt. Het geld dat gereserveerd wordt, is voor een voorstel dat nog niet geaccordeerd is voor de raad. Ook is het maar zeer de vraag of we dat geld überhaupt volgend jaar kunnen uitgeven. Dat is mijn ondersteuning. Ik ben heel erg benieuwd of de wethouder inderdaad wat verder kan ingaan op de vraag waarom er specifiek voor wordt gekozen om dit budget er wel in te houden. Het is immers niet goedgekeurd en misschien ook wel helemaal niet nodig. Mijn vraag gaat over het amendement over de parkeertarieven. Volgens mij komt er binnenkort een nieuw voorstel voor parkeren en zitten daar ook de parkeertarieven in. Ik kan nu niet helemaal vinden waar de tarieven op gebaseerd zijn. Ik snap het uitgangspunt dat we hier iets mee moeten. Dat moeten we ook zeer zeker, maar waarom nu en waarom niet wachten op het voorstel dat komt. Dat is vraag 1, en vraag 2 is waar deze tarieven op gebaseerd zijn. De heer Van Groos: Er wordt gezegd dat de evaluatie komt. Er is nog niets gezegd over tarieven. We hebben gezien dat in de begroting bedragen zijn geraamd en dat het bedrag wordt opgevoerd in de loop der jaren, terwijl in de beantwoording staat dat het in één keer gebeurt. Dat is dus al niet consequent. Die duidelijkheid wordt niet gegeven.
Wij stellen vanavond de tarieven vast en niet in januari of februari. Wat is dan de juiste Notulen raadsvergadering 12 november 2020
37
ingangsdatum? Wij willen dit jaar niet verloren laten gaan. Het tekort van de zogezegde nultarieven is ruim € 400.000. Uit de beantwoording van onze schriftelijke vragen blijkt dat er achter de slagboom ruim 1,2 miljoen autobezitters komen en buiten de slagbomen, dus op de andere parkeerterreinen en op de straat ruim 400.000. Als je dan één tarief invoert, wat wij voorstellen, kom je met 30 cent ruim aan het tekort. Dan moet je misschien ook nog rekening houden met het feit dat mensen misschien geen vol uur parkeren, maar minder dus dat je waarschijnlijk wat minder krijgt. Daar is het tarief van 30 cent op gebaseerd. Mevrouw Klerks: Oké, dank u wel. Het uitgangspunt dat we hier iets mee moeten en dat het misschien beter is om het in één keer te doen, onderschrijf ik. Wat ik lastig vind, is dat u alleen maar kijkt naar meer opbrengsten, terwijl we ook zouden kunnen kijken naar minder kosten voor het parkeren. Ik hoop eigenlijk dat dat straks in de evaluatie zal zitten waar het college mee komt. Ik wacht nog even op de beantwoording van de wethouder hieromtrent, omdat ik daar nog even zoekende in ben. De heer Van Groos: Als het lukt om de kosten terug te brengen, want daar is een deel van de problematiek door ontstaan, zouden we de tarieven voor 2022 omlaag kunnen brengen met het bedrag waar de korting is gerealiseerd. Dat lijkt mij een mooi gebaar vlak voor de verkiezingen.
De voorzitter: Ik vermoed dat dit onderwerp zo dadelijk in tweede instantie nog wel even terugkomt. Vragen aan de heer Van Groos verder? Niet het geval? Dan ga ik naar de bijdrage van de VVD en daarna naar die van LokaalBelang. Mevrouw Klerks: Voorzitter. Vorig jaar sprak ik over een saaie begroting. Een saai jaar. Voortaan zal ik wat voorzichtiger zijn met mijn uitspraken, want dit was niet helemaal de bedoeling. Een structureel sluitende meerjarenbegroting ligt ons voor, maar wel met een begrotingstekort in de komende twee jaar. Deze financiële uitgangspositie heeft ons gedwongen om dit jaar niet alleen vooruit te kijken, maar vooral ook heel kritisch terug te kijken. En wat opvalt is dat we, zonder dat het écht op heel veel plekken pijn doet, best wel wat mogelijkheden vinden om bezuinigingen door te voeren. Bezuinigingen die we wellicht ook vorig jaar al hadden kunnen doen. Het leert ons dat we kritisch moeten blijven kijken naar ons beleid en de organisatie; niet achteroverleunen en geld opknoeien omdat het er is. Maar er zijn meer redenen om kritisch te zijn. We krijgen flink meer geld vanuit de algemene uitkering: 3,3 miljoen meer dan vorig jaar. Maar dit geld wordt al direct in de begroting opgemaakt. Dus ergens wordt al 3,3 miljoen extra in gestoken. En toch heeft het college moeite om de begroting sluitend te krijgen.
Waarom anders al een half miljoen van de winst uit de windmolens inboeken? Het college heeft forse ambities. Zoals mijn docent economie op de middelbare school mij ook geleerd heeft: als overheid moet je anticyclisch investeren. Dus tot zover gaat het goed. Maar als die ambities al zo duidelijk zijn, waarom dan ook niet direct opnemen in de begroting? We zitten met verschillende open eindjes in een begroting die krap aan sluitend is. Natuurlijk hebben we incidentele middelen om deze ambities waar te maken. Maar hoe weten we zeker dat we die juist investeren? Voor de ambities binnenstad en mobiliteit komen later nog raadsvoorstellen. En hoewel er bedragen worden genoemd in de tekst rond de begroting zien wij graag eerst goede plannen en dan geld. We moeten immers niet vergeten dat we in een bijzondere situatie zitten. Er is een mondiale crisis aan de gang. En dat vinden we niet terug in de begroting. En natuurlijk vindt de VDD de gedachte van de begroting als een foto fantastisch. Toch even Notulen raadsvergadering 12 november 2020
38
een visie op hoe het volgens de VVD de komende maanden zou moeten gaan. We kunnen niet voorspellen hoeveel de gemeente haar inwoners en ondernemers moet gaan ondersteunen. We weten niet hoeveel geld we daarvoor vrij moeten maken. De ambities van het college die nog niet uitgewerkt zijn, kunnen hier zeker aan bijdragen. Maar ze kosten ook veel geld. En als VVD zullen we ervoor waken dat we niet ál ons geld uitgeven, voordat we weten hoeveel we moeten reserveren voor noodzakelijke ondersteuning. Dus college, volgens ons is timing key volgend jaar. Maar het is niet alleen kommer en kwel. We zijn als VVD ook heel trots. In deze tijd moet je daarbij ook trots zijn op de kleine dingen. Zo ben ik nog wekelijks blij met mijn gratis PMD-zakken, speelt RKC nog steeds eredivisie en zijn ze nog steeds niet failliet en luistert het college best wel goed naar ons als we brieven schrijven over onzinnige bordjes. En naast deze kleine successen, zijn er ook grotere zaken waar we blij mee mogen zijn. Als we reëel kijken, staat Waalwijk er goed voor. Hier gaan geen zwembaden en geen wijkcentra dicht. Dat komt natuurlijk voor een deel door de hoge incidentele inkomsten die we hebben. Door de hoge inkomsten die we genereren door de uitbreidende industrie. Blokkendozen of niet: ze houden wel onze voorzieningen en onze subsidies in stand.
Ze zorgen ervoor dat we mkb’ers straks kunnen helpen wanneer het nodig is. Het is onze reddingsboei in een zee vol watertrappelende gemeenten bij wie het water haast de bovenkant van de neusgaten heeft bereikt. Als VVD zijn we er blij mee dat de vaste lasten niet fors omhooggaan. We hebben de laatste jaren geen verhoging van de ozb boven inflatie. Ook dit jaar niet. Wat we in Waalwijk doen, doen we voor een goede prijs. We zijn een prima marktmeester die vraag en aanbod op een zo efficiënt en goedkoop mogelijke wijze aan elkaar bindt. En we zijn trots op ons warme, sociaalliberale gezicht, want écht zware bezuinigingen in het sociaal domein doen we niet. En op de échte zorg bezuinigen we al helemaal niet. Hebben we dan helemaal geen dingen die we anders willen? Jazeker wel! We hebben nog nagedacht over een bitterballen-tijdens-de-vergadering-amendement, maar we zijn uitgekomen op de volgende wensen: 1. We hebben als coalitie in ons addendum beloofd om het participatietraject van de windmolens te respecteren. En dat traject is nog niet af. En dus kun je ook niet met goed fatsoen al winst uit windmolens inboeken. Daarvoor gaan wij een amendement indienen. 2. We willen graag dat het college zorgvuldig is in de uitwerking van bepaalde bezuinigingen. Sommige zijn ingeboekt zonder dat de andere partij weet dat we ze gaan korten, andere zijn van kleine bedragen.
Ik noem een brandstoftank die € 10.000 oplevert, maar die ook een investering vraagt van € 52.000. Dat laatste is niet meegenomen. Dus, college, wees zorgvuldig in de uitwerking en zorg ervoor dat de begroting sluitend blijft. In dit kader zijn wij gisteren ook geschrokken van de brief van het Tavenu. Hoe kun je het eens zijn over een korting van € 132.000 en dan, naar schijnt, enkelzijdig bijna verdubbelen? Als gemeente moeten we betrouwbaar zijn. We horen hierop graag een toelichting van de wethouder. 3. En tot slot vragen we om een toezegging van de wethouder. We gaan met deze begroting investeren in Den Bolder. Zij zijn goed uit het evaluatierapport gekomen en doen dus zaken goed. De verbouwing moet ervoor zorgen dat zij zich nog beter kunnen profileren als WIJ-dienstencentrum. Het korten op de subsidie lijkt dan ook vreemd en we kunnen de brief die Den Bolder heeft gestuurd goed voorstellen. We hebben echter ook gezien dat de subsidie voor Den Bolder erg veel verschilt van die voor andere WIJ-dienstencentra. We verzoeken de wethouder daarom om met Den Bolder in gesprek te gaan en kennis met hen te delen over hoe andere WIJ-dienstencentra wél met minder subsidie toekunnen. Dan staat de korting op de subsidie niet meer centraal, en een goede invulling van dit bruisende centrum in Waspik wel.
Notulen raadsvergadering 12 november 2020
39
Wat is dan de conclusie? Ik denk dat eenieder van ons trots mag zijn wanneer zij over onze gemeente vertellen. Als VVD blijven we optimistisch naar de toekomst kijken, blijven we de handen uit de mouwen steken en blijven we vertrouwen hebben dat we onze gemeente hier doorheen gaan krijgen, waarbij we alle belangrijke zaken voor onze inwoners overeind kunnen houden. Het belangrijkste is immers niet wat er binnen deze raadszaal gebeurt, maar wat onze inwoners ervan merken. Ik hoop dat zij tevreden zijn met het gegeven dat er met deze begroting relatief weinig aan de negatieve kant verandert, en er een hoop nieuwe ambities en mogelijkheden in de toekomst liggen.
Amendement M: opbrengst exploitatie windmolens De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • in de begroting vanaf 2024 een structurele netto-opbrengst van de exploitatie van deze windmolens van € 500.000 is ingeboekt, die benut is als algemeen dekkingsmiddel; • de raad nog geen besluit heeft genomen over de kadernota Grootschalige opwek duurzame energie; • raadsbehandeling van deze kadernota op verzoek van het college is uitgesteld omdat voor het verwerken van de vele reacties, opgehaald bij het participatieproces, meer tijd nodig is; • in de begroting staat dat de raad de uitkomsten van het participatietraject respecteert; • in het addendum van de coalitie staat dat zij de uitkomsten van het participatietraject respecteert. overwegende dat: • in het addendum van de coalitie is opgenomen dat er afrondende besluitvorming gewenst is, en dat dit ook de doelstelling blijft; • het traject van grootschalige opwek duurzame energie een lange doorlooptijd kent en zorgvuldig moet worden gedaan; • dat een goede volgorde van zaken bijdraagt aan het signaal richting de samenleving en dat het voorsorteren op winsten uit de exploitatie een verkeerd signaal kan zijn; • het traject van realisering van windmolens nog veel onzekerheden kent en – mocht de raad begin 2021 akkoord geven – er geen garantie is dat in 2023 de windmolens er staan; besluit: 1.
In de meerjarenbegroting 2021-2024 de opbrengst van de exploitatie van windmolens van € 500.000 vanaf het begrotingsjaar 2024 niet als structureel dekkingsmiddel op te nemen. 2. In het samenvattend financieel beeld op pagina 9 van de actualisatie van de begroting 2021 het totaalbedrag over het begrotingsjaar 2024 van € 1.957 miljoen bij te stellen naar € 1.457 miljoen. De voorzitter: Het amendement is ingediend door de fractie van de VVD. De heer Ottens: Mag ik daar een vraag over stellen? De voorzitter: Ja, dat mag, maar voor corona kreeg ik het amendement ook meteen. Dan was die door de andere fracties ondertekend. Mijn vraag is nu dus alleen of er partijen zijn die al hebben gezegd hem te medeondertekenen.
Notulen raadsvergadering 12 november 2020
40
De heer Ottens: Het is een toelichtende vraag over het amendement, omdat het erg lijkt op het amendement van de SGP. Qua strekking kan ik het helemaal volgen. Maar kan mevrouw Klerks mij uitleggen waar precies het verschil zit tussen uw amendement en dat van de SGP? Mevrouw Klerks: Ja, ik snap die vraag erg goed. We hebben een goed overleg gehad met de SGP over of we tot één amendement konden komen, want ons dictum is exact hetzelfde. Maar we verschillen wat in de overwegingen en constateringen en wat we daarin belangrijk vinden. De SGP gaat wat verder in het feit dat er maar één businesscase is, dat de sociale wind nog niet duidelijk is, net als de onderhandeling met Eneco. Wij willen heel selectief zeggen dat het participatietraject voor ons het belangrijkste is. Daarin verschillen we iets in de visie hierop. Ik wil heel graag dat het standpunt van de VVD duidelijk is, namelijk dat het ons vooral gaat om het participatietraject. Wie weet wat er in de toekomst nog gebeurt, maar voor nu hebben we daarom twee amendementen moeten indienen. De voorzitter: Nogmaals de vraag of er naast de VVD anderen zijn die dit amendement ondersteunen. De heer Van Zelst: Voorzitter, ik heb een soortgelijke vraag aan mevrouw Klerks.
Ik heb net even zitten tellen hoeveel mensen er meegingen met ons amendement en het zou natuurlijk teleurstellend zijn als er zo twee amendementen naast elkaar liggen die het allebei niet gaan halen. Ik denk dat we moeten zorgen dat we elkaar gaan vinden, maar ik heb daar toch wel een paar opmerkingen over. Het gaat natuurlijk om het eindresultaat maar een businesscase, zoals ik het noem, moet ook voor de VVD enorm belangrijk zijn. Dat zou een punt zijn waarvan u kunt zeggen dat u meedoet. Sociale wind lijkt me ook een goed idee, want het gaat over die bestemming die onder de vorige bullet staat: wat gaan we ermee doen? Ik denk dat het belangrijke punten zijn die erin komen. Ook als het gaat over winst vind ik het belangrijk dat de relatie tussen Haven 8 en de rest van het zoekgebied duidelijk wordt, opdat we zo niet ineens een ontwikkeling op Haven 8 krijgen die anders is en niet past bij de rest van het zoekgebied. Daarom heb ik die opmerking gemaakt. Ik weet niet of u zegt: “Voor we een rondje gaan maken en alles kwijt zijn, moeten we misschien met elkaar in overleg”. Mevrouw Klerks: Ik stel voor dat we straks in overleg doen, want wat u zegt over sociale wind is niet hoe wij het zien. We moeten dus even goed overleggen om tot elkaar te komen. We hebben immers wel dezelfde doelstellingen. De voorzitter: Ik zie een schorsing aankomen.
Mevrouw Klerks: Dat kan gewoon straks na alle eerste termijnen. Mevrouw Pouw: Ik heb een vraag. U vraagt in uw bijdrage om een toezegging van de wethouder om in gesprek te gaan met Den Bolder. Ik zie dat u graag wilt dat er kennis wordt gedeeld over hoe anderen het doen met minder subsidie. Ik heb in een brief van het bestuur van Den Bolder gelezen dat het niet echt is dat ze niet weten hoe ze met minder subsidie zouden moeten omgaan, maar volgens mij is het probleem dat ze huidige medewerkers moeten ontslaan. Ik denk dat het probleem daar ook bij ligt, dat ze daar moeite mee hebben. Mevrouw Klerks: Dat is niet hoe ik de brief van Den Bolder heb geïnterpreteerd. Ik heb begrepen dat zij vinden dat het functioneel beheer noodzakelijk is voor het uitvoeren van de taken die zij nu hebben. Blijkbaar doen andere WIJ-dienstencentra dat anders. Er wordt inderdaad ook wel een opmerking gemaakt over of het netjes is om iemand te ontslaan in deze tijd. Als iets te duur is, ben ik er an sich niet op tegen; dat is marktwerking. Het gaat Notulen raadsvergadering 12 november 2020
41
mij erom dat we ervoor zorgen dat de kwaliteit van het WIJ-dienstencentrum goed is en dat we ervoor zorgen dat alle WIJ-dienstencentra de kennis hebben om het goed te kunnen doen. Daarvoor zal echt wel een korting op subsidie mogelijk zijn, maar dat moet nooit centraal staan als je samenwerkt met een partij. Mevrouw Pouw: Ik zou ook de wethouder graag vragen in gesprek te gaan, dus daar kan ik u wel in vinden. De voorzitter: Ik zou zeggen, doe het beide. De heer Klerx: Ik heb nog een vraag voor de VVD, ook over Den Bolder. Aan de ene kant bent u een beetje op zoek naar het antwoord op de vraag of het nu wel handig is die subsidiekortingen nu door te voeren. U zei met een half woord al dat we die investering nu gaan doen. Wij zijn daar best kritisch op. Als we kijken naar die investeringsplannen, betwijfelen we of dat, juist in deze tijd, wel het juiste signaal is. Zeker als we ook zien dat het college het eigenlijk met minder geld moet doen, zouden wij toch de portefeuillehouder willen oproepen eens kritisch te bekijken of dit allemaal volgens die plannen wel echt mogelijk is. Als u enerzijds zegt dat het allemaal minder moet, maar u anderzijds wilt investeren … Ik vraag me af hoe u daarover denkt. Mevrouw Klerks: Zoals ik erover denk is er een evaluatierapport waaruit blijkt dat er gebouwelijke aanpassingen nodig zijn.
ik heb ook wat meer gezien over de gebouwelijke aanpassingen en ik heb de hoop dat die ertoe leiden dat Den Bolder wat meer kan doen om inkomsten te genereren, zodat ze wat minder subsidie nodig hebben. Ik denk dat een deel van de gebouwelijke aanpassingen positief is in de ontwikkeling van het WIJ-dienstencentrum. Daarom staan we daar niet zo afwijzend tegenover. Ik denk wel dat de vragen die u stelt terecht zijn en dat die door de wethouder beantwoord zouden moeten worden. Mevrouw Pouw: Ik heb een vraag aan de heer Klerx. Ik heb namelijk ook gezien dat het WIJ-dienstencentrum eigenlijk staat of valt met hoe de gebouwen ingericht zijn en of het aantrekkelijk is om daar naar binnen te gaan. Daar heeft Den Bolder geprobeerd op te anticiperen. Heeft u een andere indruk? De heer Klerx: Zeker, maar ik kan nu gewoon naar binnen bij Den Bolder. Ik snap dat er wellicht wat interne veranderingen moeten plaatsvinden om het nog efficiënter, beter, mooier of toegankelijker in te richten, maar ik vraag me werkelijk af of daar zo veel investeringen voor nodig zijn als nu geschetst wordt. We hebben een beeld gekregen van het bestuur van Den Bolder van wat er allemaal mogelijk is. Dan vragen wij ons af of die investeringen nu te billijken is in het gebouw, ook gelet op het feit dat het volgens ons eigenlijk met structureel minder geld. Volgens mij doet dat veel meer pijn.
Dan hebben we het over het verschil waar ik het net met de heer Van Groos over heb gehad tussen gebouwen en mensen dat door ons onder de loep wordt genomen. Mevrouw Pouw: Den Bolder heeft onderzoek laten uitvoeren. Ze hebben precies gedaan wat aanbevolen werd. Ze hebben vier doelgroepen gesproken en daar is duidelijk uit gekomen dat de doelgroep het gebouw nu niet aantrekkelijk vindt. Daarmee is het niet gezegd dat er geen mensen komen als ze een bijeenkomst organiseren, simpelweg omdat het gebouw niet aantrekkelijk is. Het staat of valt met de investering die wij doen en ze hebben al twee keer afgeschaald, dus ik denk dat dat al heel veel gekeken is, ook vanuit Den Bolder, hoe er niet al te veel geld uit kan worden gegeven. De heer Klerx: Daar zijn we hartstikke blij mee en ik zeg ook niet dat het totaal niet mogelijk is om te gaan investeren. Dat hoort u mij niet zeggen. Ik zeg alleen dat wij het Notulen raadsvergadering 12 november 2020
42
heel kritisch zullen volgen en wij zijn benieuwd naar de reactie van de wethouder waar we het zojuist over hebben gehad. Dat is de opmerking die ik wilde maken. De heer Van Groos: Ik heb een andere vraag aan mevrouw Klerks. Hoe vindt u het dat onze inwoners met een aanzienlijke lastenverzwaring van de woonlasten, meer dan 7%, worden geconfronteerd terwijl miljoenen door eenmalige grondverkoop zijn ontvangen en dat het erop lijkt dat die verdiensten zo snel mogelijk moeten worden uitgegeven? Verstaat u dat ook onder het halfvolle glas? Mevrouw Klerks: Het eerste deel van uw vraag is het feitelijke glas. Wat vind ik ervan dat de lasten met 7% zijn verhoogd? Het liefst had ik het op nul gehad maar dat is niet hoe de begroting in elkaar steekt op dit moment. Ik zie wel dat we ten opzichte van buurgemeenten nog steeds lage woonlasten hebben, dus in dat kader kan ik mij de afweging die is gemaakt, voorstellen. Wat ik ervan vind dat de incidentele middelen er zo snel mogelijk doorheen gejaagd moeten worden? Ik denk niet dat dat zo is. Ik denk dat we nog heel veel in de algemene reserve en de grondreserve hebben. U zult het vast nog beter weten dan ik en dat er nog heel veel komen gaat. Daarvoor worden nog ambities gesteld die nog uitgewerkt moeten worden. Volgens mij gaat dat zorgvuldig. Het staat nog niet in de begroting omdat het nog niet rond is.
Er wordt daadwerkelijk door het college bekeken hoe we dat kunnen doen. Dus nee, daar ben ik het niet mee eens. Mevrouw Schuijffel: Ik heb een vraag aan de heer Klerx. We hadden het bij de vorige spreker over de afweging tussen investeren in mensen en investeren in stenen. Dit voorbeeld komt nu naar voren. Zo’n WIJ-dienstencentrum wil je door zo’n verbouwing beter laten functioneren richting inwoners van Waspik. Volgens mij is dat een heel belangrijke functie in zo’n dorp. Dat is typisch een investering die je zou doen in mensen, in inwoners, om zeg maar die duurzame samenleving te bewerkstelligen. Ik constateer dat u er een beetje tegen bent dat uit te voeren, dat u daar heel kritisch op bent. Maar in de vorige sessie werd er gezegd dat er vooral veel geïnvesteerd wordt in stenen en weinig in mensen. Hoe kijkt u daar nu tegenaan? De voorzitter: Mijnheer Klerx, u bent nog niet eens geweest en dan nu dit al. Kom maar! De heer Klerx: Als we het zo uitleggen, dat het investeren in de stenen van Den Bolder eigenlijk investeren in mensen is, dan kan ik zeggen dat we alle voorgestelde investeringen doen voor onze inwoners, ondernemers en andere betrokkenen in de gemeente Waalwijk. Als we het zo uitleggen, noemen we geen een investering om de stenen mooier te maken. Dan doen we al die investeringen om de mensen vooruit te helpen.
De ene keer doen we dat heel specifiek op de mens en de andere keer doen we dat specifiek via het investeren in een gebouw. Dat ben ik helemaal met u eens, maar volgens mij zijn we dan niet op dezelfde lijn bezig. Mevrouw Schuijffel: Ik zal dan dadelijk in mijn betoog nog een voorbeeld geven. De voorzitter: U bent bijna aan de beurt. U bent beide als laatste aan de beurt. Dat zal het waarschijnlijk zijn. Mevrouw Pouw: Ik heb nog een vraag aan de heer Klerx. Vindt u werkelijk dat er geen verschil is tussen een investering in Den Bolder en in de gebouwen in het centrum? Ik denk dat er een verschil in zit omdat een investering in Den Bolder rechtstreeks voortkomt vanuit een plicht die wij hebben vanuit de Wmo. In het centrum is dat niet. De heer Klerx: Ik moet nu weer bevestigen dat ik helemaal niet tegen de investering ben. Ik heb alleen gezegd dat we kritisch zullen kijken of het nodig is en hoeveel er dan nodig Notulen raadsvergadering 12 november 2020
43
is. Want ik ben het helemaal met u eens dat het hartstikke belangrijk is. Den Bolder doet heel goed werk, maar we zullen het kritisch blijven volgen. Dat is het enige dat ik heb willen zeggen, zeker gelet op de discussie dat de subsidie aan de mensenkant naar beneden gaat, maar dan val ik in de herhaling. De heer Van Groos: Ik ben benieuwd of de heer Klerx dan ook al net zo kritisch heeft gekeken naar alle plannen voor het centrum die op ons afkomen, of moet hij dat nog doen? De heer Klerx: Wij kijken naar alle plannen heel kritisch. De voorzitter: Mag ik de conclusie trekken dat we de vragen richting mevrouw Klerks nu allemaal gehad hebben en dat ik naar de heer Klerx van de fractie van LokaalBelang ga? Daarna is D66 aan de beurt en blijft het CDA over dus die weten ook wanneer ze aan de beurt zijn. Het woord is aan de heer Klerx. De heer Klerx: Voorzitter, beste raadsleden en overige aanwezigen via de livestream. Het voelt best bijzonder om het op dit moment een algemene beschouwing te geven over onze gemeente, vooral gelet op het financiële plaatje van het jaar 2021 en verder. Want eerlijk is eerlijk, we leven in een uitzonderlijke tijd: een gezondheidscrisis die voortduurt en de sociaalmaatschappelijke en economische gevolgen daarvan worden steeds beter zichtbaar. Maar we zijn er nog lang niet.
Toch gaan we het vandaag proberen en LokaalBelang vindt het belangrijk om - ondanks de financiële uitdagingen en bijbehorende ombuigingen - juist ook vooruit te kijken. In het voorjaar was ons financiële perspectief allesbehalve rooskleurig. Een miljoenentekort werd gepresenteerd en desalniettemin had het college óók nog stevige ambities. Gelukkig! In het addendum van op het coalitieakkoord hebben we als coalitie nog meer koers willen meegeven aan die ambitie. Maar eerst hadden we een financiële uitdaging aan te pakken. LokaalBelang is voor het overgrote deel tevreden met alle ombuigingen die het college voorstelt. Op twee punten niet. Op het punt publicaties weekbladen hebben we naar aanleiding van de antwoorden op onze vragen begrepen dat de titel van de ombuiging verkeerd is. Er wordt sowieso niet gestopt met de bekendmakingen. Gelukkig maar. Wij vinden echter dat er sowieso niet bespaard moet worden op communicatie richting onze inwoners. In deze tijd en gezien het belang van participatie, betrokkenheid en vertrouwen kan er eigenlijk niet voldoende gecommuniceerd worden. Daarom is het wat ons betreft de € 10.000 meer dan waard om te blijven communiceren.
Daarnaast willen we het informeel samenzijn na alle raadsbijeenkomsten continueren, deze kostenbesparing van € 3.500 weegt niet op tegen de voordelen om na te praten als raad, college, ambtenaren, pers, inwoners en anderen betrokkenen. De onderlinge verhouding komt juist ten goede aan de besluitvorming binnen onze gemeente. Daarom dienen wij twee amendementen in. Dan het sociaal domein. Voor LokaalBelang is het belangrijk dat zo veel mogelijk van de tekorten in de Wmo en de jeugdzorg binnen dit domein zijn opgevangen zonder dat we echt de kwaliteit van onze producten en diensten hebben moeten verminderen. Dat was voor ons een heel belangrijk uitgangspunt. Wel vragen wij ons bijvoorbeeld af waarom we weinig meer horen over een dementievriendelijke gemeente? We zijn daar ooit mee gestart, maar hopelijk kan de portefeuillehouder ons vertellen waarom dat een beetje van het toneel is verdwenen. De financiële uitdagingen blijven echter bestaan. Hoe moeilijk dit ook leek een half jaar geleden, het is redelijk gelukt, met een klein beetje extra hulp van het Rijk met € 750.000 extra van 2022. De eerste bevindingen die zijn gedeeld vanuit het onderzoek Follow The Money laten nog maar eens zien dat we er echt nog niet zijn. We gaan ervan uit dat het college alles op alles zet om de onderste steen boven te krijgen en de raad daarvan ook op de hoogte zal brengen als zij meer weten.
Wij zijn vol verwachting van de informatieavond over het sociaal domein, die wat ons betreft al eerder had kunnen Notulen raadsvergadering 12 november 2020
44
plaatsvinden. Maar helaas. Die ons op korte termijn beloofd is. Weet het college al wanneer dit gepland staat? We kunnen echt niet wachten. Vanaf 2023 en in 2024 starten we met een budgetplafond voor de hulp bij huishouden. Het echte probleem ligt bij de Rijksoverheid. Die moet iets veranderen, maar laat dit een signaal zijn richting onze partners. Ook zij zullen veel kritischer moeten kijken naar welke inwoners welke zorg nodig hebben. Dit plafond gaat er hopelijk bij helpen. Dan nog even kort over de ombudscommissie. Wij zouden echter wel graag na circa twee jaar evalueren wat de aansluiting bij de Nationale Ombudsman voor gevolgen heeft gehad. Hopelijk kunt u ons ook een breder inzicht geven dan wat er nu in het jaarverslag staat. In het jaarverslag wordt bijvoorbeeld de aanbeveling gedaan om te kijken naar wat er wordt gedaan aan interne klachtenbehandeling. Wordt er bijvoorbeeld veel gebruik gemaakt van mediation? Hopelijk kan het college ons nu al bevestigen dat klachten heel vaak intern worden opgelost en dat we er heel vaak met mediation uit kunnen komen met onze inwoners. Daarnaast vinden wij het belangrijk om ook de ambities te verstevigen. Uit het addendum blijkt al dat wij vier strategische zaken belangrijk vinden voor onze gemeente: mobiliteit, duurzaamheid, binnenstad en wonen. Ik wil op alle vier de punten kort ingaan. Mobiliteit.
De bereikbaarheid van Waalwijk is voor de automobilist prima en het grotere transport op de weg uitstekend. Ook met de GOL wordt dit alleen maar beter. Via het water hebben we onlangs natuurlijk een impulsinvestering goedgekeurd en we hopen dat er snel kan worden gestart met de insteekhaven. Maar dan het openbaar vervoer en de andere ontwikkelingen zoals, in de begroting genoemd, mobility as a service. Daar zullen we echt voor moeten blijven ontwikkelen. Als Waalwijk een aantrekkelijke gemeente wil blijven of zelfs nog wil verbeteren, moeten we gemakkelijk van en naar de gemeente toe kunnen gaan en ons ook in onze gemeente goed kunnen verplaatsen. We hebben flinke ambities en daar zijn we blij om. We juichen het zelfs toe en zouden hier graag een versnelling op willen proberen te realiseren. Een werk- of ontwikkelbudget zou dan een interessante kunnen zijn. Duurzaamheid. Onze ambities zijn torenhoog en we onderschrijven ze van harte. Met het programma duurzaamheid maken we al flinke stappen. De lijnen zijn uitgedacht, de eerste aanzet is gegeven. Nu moeten we door. Versnellen om de energietransitie mogelijk te maken. Stimuleren van allerlei initiatieven, klein en groot. Heel veel inwoners vinden het klimaat ontzettend belangrijk, maar als we zelf hinder ondervinden of zelf moeten investeren, zien we toch enige terughoudendheid.
Laten we hierbij dus echt gaan voor Samen Duurzaam Vooruit. Het goede voorbeeld geven en helpen/stimuleren waar mogelijk. En zelfs kijken of we kunnen versnellen. Er is namelijk heel veel werk aan de winkel. Binnenstad. LokaalBelang is erg blij met de ontwikkelingen zoals we die de laatste tijd te horen hebben gekregen. De concrete uitwerking laat wat ons betreft nog wel op zich wachten, maar het begint nu gelukkig ook te komen, juist door de plannen die we recentelijk hebben kunnen lezen in de media. We hoorden plannen over de verhuizing van de bibliotheek en het opknappen van de Hema-locatie, hebben kunnen lezen over de ontwikkelplannen rondom de Els-West en de Mr van Coothstraat. Daarnaast zijn we begonnen aan de bouw van het nieuwe schoenenmuseum en zien we de eerste transformaties van oude winkelpanden tot woonlocaties realiteit worden aan de randen van het centrum. Het programmamanagement draagt enorm bij aan de ontwikkeling van de binnenstad en we lezen dat we ook serieuze investeringen worden verwacht de komende jaren. Om ook hier nog een versnelling te realiseren willen we het ontwikkelbudget verhogen. Uit de evaluatie blijkt dat het snel beschikbaar hebben van een beperkt aantal middelen van een enorme Notulen raadsvergadering 12 november 2020
45
meerwaarde is om snel in te kunnen spelen die zich plotseling voordoen en ook om die vooruitgang te versnellen. Investeringen in bijvoorbeeld de stadstuin hadden we liever in het reguliere besluitvormingsproces ter goedkeuring gegeven als raad. Die zijn nu uit de 1 miljoen gedekt. Daarvoor zien we juist de raad een belangrijke rol hebben. Het gaat ons dus niet om de grote investering, maar vooral om het ontwikkelbudget. Daarvan vinden wij dat verantwoording achteraf wel heel belangrijk is, om dit in de P&C-cyclus terug te zien. Ten tweede zouden we een verkenning willen onderzoeken naar verplaatsings- en transformatiesubsidie, om enerzijds winkeliers te stimuleren te verhuizen naar het kernwinkelgebied en anderzijds leegstaande panden te sneller te transformeren naar woonlocaties. Daarvoor bieden we bij een motie aan. Wonen. LokaalBelang is duidelijk omtrent de stevige ambities over wonen. We willen een substantiële groei van het inwonersaantal bereiken. We moeten echter oppassen dat we niet vergrijzen. Om Waalwijk aantrekkelijk te houden of nog meer te worden voor bijvoorbeeld jongeren moeten we een meer diverse woonmilieus creëren.
LokaalBelang ziet kansen om in het centrum en de Winterdijkzone (het gebied aan de noordzijde van het centrum en zuidelijk van de Taxandriaweg en voornamelijk tussen de oude brandweerkazerne en de gedempte haven maar laten we ook vooral breder kijken naar de hele Winterdijk) tot een stedelijk leef- en woonklimaat te komen met een heel duidelijk accent op het groen en het historische. Op deze manier willen we een leefbare stad realiseren (wonen in het groen, dichtbij voorzieningen, maar wel stedelijk) om uiteindelijk de binnenstad van Waalwijk te versterken en als gemeente aantrekkelijker te worden voor onder meer jongeren, bijvoorbeeld door op bepaalde plekken hogere woonaccenten toe te voegen rekening houdend met de karakteristieken en zichtbepalende elementen van onze gemeente. Daarom dienen we samen met het CDA een motie om te komen tot een totaalvisie voor het centrum en de Winterdijkzone. Tot slot willen we op al deze vier strategische punten, mobiliteit, binnenstad, duurzaamheid en wonen, een versnelling realiseren. Het huidige programmamanagement heeft bewezen dat het beschikbaar hebben van een relatief klein werkbudget al een positief resultaat oplevert. LokaalBelang wil graag een extra impuls geven op deze vier thema’s.
Dat betekent dat ons voorstel is om het ontwikkelbudget van de programma’s duurzaamheid en binnenstad de komende twee jaar per programma met € 100.000 te verhogen en voor de thema’s mobiliteit en wonen een werk/ontwikkelbudget beschikbaar te stellen van € 100.000, ook voor de komende twee jaar per thema. Daarvoor dienen we een amendement in. We zullen moeten blijven investeren, juist in deze tijd van crisis. Tot zover. Amendement N: ombuigingen publiceren bekendmakingen Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • in de Actualisering Begroting 2021 een aantal ombuigingen zijn opgenomen, onder andere: o O.040 | Niet meer publiceren bekendmakingen in huis- aan huisbladen. overwegende dat: • uit de antwoorden van het college inzake het niet meer publiceren bekendmakingen in huis- aan huisbladen blijkt dat de bekendmakingen weldegelijk gepubliceerd zullen blijven worden; Notulen raadsvergadering 12 november 2020
46
• communicatie met onze inwoners en overige betrokkenen enorm waardevol is voor onder andere de kwaliteit van de besluitvorming binnen de gemeente Waalwijk, de participatie van inwoners en het vertrouwen in de politiek en de overheid; • de besparing op de uitgaven aan publicaties in de huis- aan huisbladen van € 10.000 niet opweegt tegenover de meerwaarde van voldoende communicatiemiddelen; besluit: het dictum van het besluit als volgt aan te passen: 2. De Actualisering van de begroting 2021 van de gemeente Waalwijk vast te stellen en de daarbij behorende meerjarenramingen voor de jaren 2022, 2023 en 2024 voor kennisgeving aan te nemen, behoudens de ombuiging O.040 Niet meer publiceren bekendmakingen in huis- aan huisbladen: O.040 Minder publiceren in huis- aan huisbladen groot € 10.000 per jaar; 3. Het tekort 2021 van € 1.612.000 dekken uit de algemene reserve; De voorzitter: Het amendement is ingediend door de fractie van LokaalBelang en wordt ondersteund door VVD, Lijst Pouw, CDA, PvdA, D66, GroenLinksaf en SGP. Amendement O: ombuiging informeel samenzijn Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat: • in de Actualisering Begroting 2021 een aantal ombuigingen zijn opgenomen, onder andere: o O.001 | Verlagen personeelskosten door beperken informeel samenzijn raadsleden (alleen na B-raad).
overwegende dat: • het informeel samenzijn na alle raadsbijeenkomsten enorm waardevol is voor de onderlinge verhoudingen tussen raadsleden, collegeleden, ambtenaren, vertegenwoordigers van de pers, inwoners en andere belanghebbenden; • een goede onderlinge verstandhouding de kwaliteit van het besluitvormingsproces binnen de gemeente Waalwijk ten goede komt; • de bezuiniging van 3.500 euro niet opweegt ten opzichte van de meerwaarde van de informele samenkomsten na alle raadsbijeenkomsten; besluit: het dictum van het besluit als volgt aan te passen: 2. De Actualisering van de begroting 2021 van de gemeente Waalwijk vast te stellen en de daarbij behorende meerjarenramingen voor de jaren 2022, 2023 en 2024 voor kennisgeving aan te nemen, behoudens de ombuiging O.001 Verlagen personeelskosten door beperken informeel samenzijn raadsleden (alleen na B-raad) groot 3.500 euro per jaar; 3. Het tekort 2021 van € 1.605.500 dekken uit de algemene reserve; De voorzitter: Het amendement is ingediend door de fractie van LokaalBelang. Amendement P: extra ontwikkelbudget voor vier strategische thema’s Ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: constaterende dat:
Notulen raadsvergadering 12 november 2020
47
• in de Actualisering Begroting 2021 in de komende vier jaar voor ruim 3,9 miljoen euro in totaal aan ambities en activiteiten zijn opgenomen; • hierin voor de twee resterende programma’s Binnenstad en Duurzaamheid voor de komende vier jaar per jaar per programma € 75.000 ontwikkelbudget is opgenomen; • voor de ambities op het gebied van Wonen en Mobiliteit geen werk- en/of ontwikkelbudget beschikbaar is in de Begroting 2021 en/of de Actualisering Begroting 2021; overwegende dat: • voor de gemeente Waalwijk vier strategische thema’s enorm belangrijk zijn voor de ontwikkeling van onze gemeente, te weten Binnenstad, Wonen, Mobiliteit en Duurzaamheid; • de komende twee jaar een versnelling op deze vier thema’s zeer wenselijk is, omdat hiermee Waalwijk een meer toekomstbestendige en aantrekkelijkere gemeente wordt; • de afgelopen jaren het programmamanagement heeft bewezen dat het direct beschikbaar hebben van ontwikkelbudget een zeer effectieve manier is voor het realiseren van die gewenste versnelling, onder andere door het direct beschikbaar hebben van middelen voor onder andere communicatie, administratieve ondersteuning en externe adviezen/onderzoeken; • de gemeenteraad bereid is extra incidentele middelen beschikbaar te stellen op deze vier thema’s om enerzijds een versnelling te realiseren en anderzijds kansen direct aan te kunnen pakken als die zich in een soms snel
bewegende wereld soms plotseling voordoen; • de gemeenteraad de versnelling en verantwoording op deze vier thema’s graag specifiek terug wil zien in de reguliere Planning & Control cyclus; besluit: het dictum van het besluit als volgt uit te breiden: 9. Het Ontwikkelbudget programmamanagement met € 100.000 per jaar per programma te verhogen voor de jaren 2021 en 2022 en dit te dekken uit de Algemene Reserve; 10. Een Ontwikkel/werkbudget voor de thema’s Wonen en Mobiliteit in te stellen van € 100.000 per thema per jaar voor de jaren 2021 en 2022 en dit te dekken uit de Algemene Reserve. De voorzitter: Het amendement is ingediend door de fractie van LokaalBelang.
Motie 3: verkenning stimuleringsmaatregelen binnenstad De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • in de centrumvisie, welke door de raad in 2017 is vastgesteld, onder andere wordt ingezet op verbreding van het functieaanbod (met nadruk op het toevoegen van ontmoetingsfuncties) en het versterken van het bestaande aanbod door compacter maken van het kernwinkelgebied via een transformatie van de randen van het centrum; • in de Begroting 2021 wordt vermeld dat: o binnen het Programma Binnenstad een bedrag is gereserveerd om de beoordeling van een concrete principeaanvraag vrij te stellen van de gebruikelijke leges; o in samenwerking met Stichting Centrummanagement Waalwijk in 2019 gestart is met het begeleiden van geïnteresseerde vastgoedeigenaren en in 2021 vanuit het Programma Binnenstad via de één loketfunctie vastgoedeigenaren met transformatievragen worden begeleid;
Notulen raadsvergadering 12 november 2020
48
• maatregelen om (verdere) planvorming te versnellen als gemeente of om de transformatie zelf (gedeeltelijk) mee te financieren en zo moeilijke locaties in beweging krijgen niet bestaan in onze gemeente; • andere gemeenten (zoals Hardenberg, Venray en Assen) de afgelopen jaren hetzelfde hebben geconstateerd en hiervoor een regeling hebben vastgesteld op basis van Planvormingssubsidie, Verplaatsingssubsidie en Transformatiesubsidie; overwegende dat: • de in 2019 vanuit het programma opgezette regeling op basis waarvan een aantal transformatieverzoeken vrij van leges kunnen worden getoetst in het eerste stadium van planontwikkeling vrij summier is; • het ombouwen van winkel- of kantoorpanden niet altijd eenvoudig is en ook de verplaatsing van (achtergebleven) winkels naar het (compactere) kernwinkelgebied nog moeizaam op gang komt en wij graag een nog hogere versnelling zouden zien; • de coronamaatregelen van het afgelopen jaar forse impact hebben gehad op (grote delen van) de detailhandel en de horeca waardoor veel belangrijke centrumfuncties nog verder onder druk zijn komen te staan; • hierdoor de noodzaak om voorzieningen opnieuw te concentreren en achtergebleven vastgoed te transformeren alleen maar groter wordt; • transformatie en concentratie een samenspel is tussen gemeente en marktpartijen; • een gemaximeerde cofinanciering van maximaal € 25.000 en nooit meer dan
bijvoorbeeld 30-50% op basis van Transformatie/Planvormingssubsidie en Verplaatsingssubsidie de transformatie en concentratie van de Waalwijkse binnenstad zou versnellen; • door zowel verplaatsing (winkelier) als planvorming/transformatie te financieren (vastgoedeigenaar) voorkomen wordt dat een regeling zorgt voor scheve ogen bij de betrokken partijen; • het aanvullend instellen van een subsidieregeling voor individuele panden en ondernemingen het instrumentarium van onze gemeente zou completeren tot een integraal en evenwichtig stimuleringspakket om concentratie en transformatie van de binnenstad te versnellen; draagt het college op: • een verkenning te doen naar extra stimuleringsmaatregelen ten behoeve van de transformatie en concentratie van de binnenstad van Waalwijk; • de raad voor de zomer van 2021 hierover te informeren en zo mogelijk met een voorstel te komen richting de raad, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: De motie is ingediend door de fractie van LokaalBelang en medeondertekend door GroenLinksaf en CDA.
Motie 4: concretisering ambtelijke ambities stedelijk leven en wonen in het centrum en de Winterdijkzone De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • in de Begroting 2021 en de Actualisering Begroting 2021 geen concrete ambities of activiteiten zijn opgenomen op het gebied van stedelijke vernieuwing; • de gemeenteraad de ambitie heeft om binnen afzienbare tijd een substantiële groei van het inwonertal te realiseren; Notulen raadsvergadering 12 november 2020
49
• de gemeente Waalwijk vergrijst, omdat onze jongeren massaal vertrekken naar de grote steden in de omgeving om vaak niet meer terug te komen; overwegende dat: • jongeren een duidelijke voorkeur voor een stedelijk leef- en woonmilieu hebben; • ook voor ouderen en mensen met een beperking een stedelijk woonmilieu interessant is, omdat voorzieningen op loopafstand zijn, er veel kans is op sociale contacten en gelijkvloers wonen; • Waalwijk slim kan concurreren met echte grote steden, namelijk wel de voordelen van de stad (voorzieningen, leef- woonmilieu, bereikbaarheid), maar niet de lasten (onbetaalbaar, weinig groen, anonimiteit); • het toevoegen van een stedelijk leef- en woonmilieu voor Waalwijk nodig is omdat: 1. het de diversiteit aan leef- en woonmilieus vergroot; 2. Waalwijk voor de leefbaarheid en het voorzieningenniveau zich het niet kan permitteren dat (theoretisch opgeleide) jongeren massaal onze gemeente verlaten; 3. verdichting en hoogbouw (op Waalwijkse schaal) nodig is door de schaarste in ruimte en om voldoende ruimte te hebben voor andere functies, zoals vergroening, klimaatadaptatie en bedrijvigheid; 4.
verstedelijking in het centrumgebied goed aansluit bij andere ambities zoals de centrumvisie, het programma Binnenstad (transformatie winkelen naar wonen) en het programma Duurzaamheid (Duurzamer stedelijk gebied); • het divers maken van de leef- en woonmilieus in Waalwijk zich meer richt op stedenbouwkundige aspecten en de vraag voor welke doelgroep bouw je woningen, dan op ons voorzieningenniveau; • twee doelgroepen in het bijzonder moeten worden uitgelicht, namelijk: 1. jongeren: met als doel hen te behouden of (terug) aan te trekken; 2. ouderen: met als doel doorstroming op onze woningmarkt te realiseren; • het centrum en de Winterdijkzone (gebied aan de noordzijde van het centrum en zuidelijk van de Taxandriaweg, voornamelijk tussen de oude brandweerkazerne en de gedempte haven) een groot potentieel heeft om tot een stedelijk leef- en woonklimaat te komen; • de gemeente een verantwoordelijkheid heeft voor een goede visie ten behoeve van projectontwikkelaars, zodat we niet alleen doen wat de markt wil, maar ook uitdragen wat de gemeente vindt in het publieke belang en in hoeverre we bereid zijn om te investeren in de openbare ruimte.
draagt het college op: • meer ambities op het gebied van stedelijke vernieuwing te concretiseren; • een totaalvisie te ontwikkelen voor het centrum en de Winterdijkzone om een leefbare stad te realiseren (wonen in het groen, dichtbij voorzieningen, maar wel stedelijk) om uiteindelijk de binnenstad van Waalwijk te versterken en als gemeente aantrekkelijker te worden voor onder meer jongeren; • in de verdere ontwikkeling van het centrum en de Winterdijkzone ruimte te bieden voor een sterke impuls voor woningbouw, waarbij het mogelijk wordt enkele accenten door hoge woongebouwen te realiseren, rekening houdend met de karakteristieke en zichtbepalende elementen; • de raad in het eerste kwartaal van 2021 hierover een voorstel te doen, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: De motie is ingediend door de fractie van LokaalBelang en medeondertekend door het CDA.
Notulen raadsvergadering 12 november 2020
50
De heer Tiemstra: Het zijn nogal wat voorstellen uit de koker van LokaalBelang. Het heeft mij een beetje verbaasd, want het zijn zaken die best doordenking vragen. Ik nam er kennis van bij het eten van een boterham. Eerder kon ik ze niet zien dus ik kon ook niets overleggen en afstemmen, dat vond ik even wat minder. De moties gaan over het stimuleren van de binnenstad, verstedelijking, noem maar op. Als ik in mijn gedachte naar de gemeente Waalwijk kijk, verdeeld over de verschillende kernen, zie ik een gemeente die niet alleen een stedelijke kern heeft, maar toch ook een vrij grote landelijke omgeving. Daar wil ik graag zuinig op zijn en ik zou ook graag zien dat de jongeren ook daar worden gestimuleerd om huisvesting te vinden. Dat zou ik dus niet alleen tot de stedelijke kern willen beperken. Tweede vraag. We hebben nog niet zo lang geleden de woonvisie behandeld. Waarom is het toen niet ingebracht? Nog een derde vraag, misschien een beetje aan de rand van dit onderwerp. Als we jongeren in Waalwijk willen houden, moeten we dan niet eens nadenken over een mbo-school in Waalwijk? Hoe kijkt LokaalBelang daartegenaan? Ten vierde. Bijna alle voorstellen waar u mee komt, lijken mij bijna onderwerpen voor nieuwe coalitieonderhandelingen. Als je kijkt hoe ver dit gaat.
Wij worden er nu mee geconfronteerd en ik zou er best graag serieus over willen nadenken, maar niet als ik deze één of twee uur voor de vergadering onder mijn neus krijg. Deze had ik graag eerder gezien. Zou u willen reageren op al mijn vragen? De heer Klerx: Dank u wel, mijnheer Tiemstra, voor de vragen. Op die laatste vraag: ik had het zeker liever eerder bij u willen hebben. Wij hebben in onze fractie zeer uitgebreid gesproken over de laatste aanscherpingen en de flinke plannen die we hebben. Dat vergde flink veel voorbereiding. Ik had gewild dat ik daar deze week meer tijd aan had kunnen besteden, maar helaas heeft mijn werk dat niet toegelaten. Het is dus een puur persoonlijke uitdaging, waarvoor mijn excuses. Dan de andere vier vragen. Landelijke omgeving. Daar hebben we zeker veel mooie plekken van in onze gemeente. Daar hebben we al veel ontwikkelingen. Ik vind bijvoorbeeld ook de wijk Landgoed Driessen een hartstikke mooie ontwikkeling die veel meer in het poldergebied is, maar ik merk wel dat jongeren een andere wens hebben. Dan kunnen we dat landelijke gebied wel aantrekkelijker maken, maar jongeren, en dat blijkt echt uit onderzoek, hebben veel meer voorkeur voor het stedelijke gebied. Dat zien we ook, want we zien die jongeren wegtrekken.
Daarom zeggen we dat we nu op een beperkte plek dat woonmilieu moeten realiseren, zodat we ook die jongeren aantrekken, zodat ze later door kunnen stromen juist naar die plekken waar we ze allemaal graag zien landen in onze gemeente. Dan de vraag waarom we dit niet inbrachten bij de woonvisie. Ik denk dat dit niet alleen gaat over onze woonplannen als gemeente in het geheel, maar heel specifiek ook een totaalvisie is op een bepaald gebied. Dan heb ik het over het centrum, die Winterdijkzone, waar zeker een belangrijke focus is op wonen maar ook op groen en op het complementair te zijn aan onze doelstellingen in het centrum. Dit vraagt dus wel om een totaalvisie in onze ogen en is daarom veel geschikter in de algemene beschouwingen, bij de begrotingsbehandeling, dan bij de woonvisie. U kunt ons volledig aan uw zijde vinden als het gaat om de mbo-school. Dat zouden wij van harte toejuichen. We hopen dat het college daar ook positief over is. Ik denk van wel, maar we weten ook hoe moeilijk het is om hier te zeggen dat we wel even een mbo-school zullen beginnen. Daar zijn wij als overheid helaas niet als eerste voor aan zet, en ook zeker niet als laatste.
Notulen raadsvergadering 12 november 2020
51
De heer Bögemann: Een korte vraag voor de heer Klerx. U gaf aan bij het budgetplafond voor de Wmo, dat het een mooie mogelijkheid is om meer inzicht te krijgen in wat nu precies het probleem is. Volgens mij is een budgetplafond vooral bedoeld voor “wie het eerst komt, die het eerst maalt”. Ben je te laat, dan kom je op de wachtlijst. Ik vraag me dus af hoe u denkt daar nieuwe inzichten in te krijgen. De heer Klerx: Ik heb het in ieder geval anders bedoeld. Het onderzoek van bijvoorbeeld Follow the Money zou ons meer inzichten moeten krijgen. Wij hopen dat het budgetplafond een signaal is richting onze partners, dat ook zij kritischer moeten zijn op welke zorg bij welke inwoners terecht kan komen. Ik ben het volledig met u eens dat dit geen manier is om inzichten te geven in waar het aan schort. Ik denk dat het probleem helaas veel dieper zit. Mevrouw IJpelaar: Mijnheer Klerx, ik hoorde u net de vraag stellen over de dementievriendelijke gemeente die van de radar is verdwenen. Nu weet ik niet of u goed naar mijn betoog hebt geluisterd, maar juist op dit punt heb ik gezegd dat ik blij ben dat de wethouder het dementiebeleid heel goed in beeld heeft. Ik vraag me af hoe u erbij komt dat het van de radar is verdwenen. De heer Klerx: Dan bent u misschien beter op de hoogte dan wij. Ik hoop het van ganser harte.
Als het niet van de radar is verdwenen, zijn we daar hartstikke blij mee. Als u het vertrouwen hebt, durf ik te zeggen dat we dat vertrouwen ook hebben en dat ik hoop dat het college dat verhaal bevestigt. Daar ga ik vanuit. Mevrouw IJpelaar: Het college heeft het al bevestigd, want die heeft het in de vragen ook uitgelegd. De heer Klerx: Dan hebben we die wellicht gemist, excuus. Mevrouw Schuijffel: Ik heb het idee dat ik nu voor mijn beurt ga. Ik heb twee vragen aan de heer Klerx die in elkaars verlengde liggen. Bent u echt van mening dat ons centrum een alternatief kan zijn voor jongeren die op zoek zijn naar een stedelijke omgeving om te wonen, terwijl wij hier Den Bosch, Breda en Tilburg in de buurt hebben liggen? En kunt u zich ook voorstellen dat de braindrain ook te maken heeft met werkgelegenheid voor theoretisch opgeleiden en met de slechte verbinding die jongeren ervaren in de periode dat ze nog studeren, waardoor ze eigenlijk voor die tijd hier al wegtrekken? De heer Klerx: Om de eerste vraag te beantwoorden: ik denk juist dat we als Waalwijk wel de voordelen hebben, of in ieder geval kunnen concurreren met de grotere steden die u net noemt, omdat we hopelijk hetzelfde soort milieu kunnen creëren. Dat is de ambitie die wij hebben en de wens die we uitspreken. Een voordeel waardoor we kunnen concurreren, is juist dat we het betaalbaar en beschikbaar kunnen maken.