Rapportage subsidies Waadhoeke DEF.pdf
Tekst van het document
Op die dag besluit het college omroep Eenhoorn € 29.890,56 aan subsidie te verstrekken voor het jaar 2022. Ook voor dit jaar biedt de begroting niet genoeg ruimte, met als gevolg dat aanvullende dekking moet worden geregeld. De adviesnota stelt in dit verband: “Radio Eenhoorn heeft voor 2022 een subsidieaanvraag gedaan van € 30.000. Afgesproken is dat zij het normbedrag zullen ontvangen. In de begroting 2022 is een budget beschikbaar van € 27.000 voor de subsidie aan radio Eenhoorn. Hierdoor moet er aanvullend budget komen van € 2.890,56 om deze subsidie te kunnen verstrekken. Voorgesteld wordt om deze aanvullende budgetaanvraag mee te nemen in de jaarlijkse indexering van subsidies. In het collegeadvies over de indexering van subsidies zal een dekking worden voorgesteld ten laste van onvoorzien met bestemming/loonen prijscompensatie” (Adviesnota, 8 februari 2022). De rekenkamer vraagt per mail naar de juridische titel van de subsidie aan de lokale omroep. Hier wordt in eerste termijn het volgende antwoord op gegeven: “De algemene subsidieverordening 2019, gemeente Waadhoeke” (Ambtelijke reactie, 24 augustus 2022). Op 24 augustus 2022 stelt de rekenkamer hier een vervolgvraag over. De ASV geeft namelijk geen duidelijke titel om juist deze activiteit te subsidiëren. Hier wordt het volgende antwoord op gegeven:
52
Subsidies
“Ik heb even overleg gehad met de juridische afdeling en afdeling Samenleving. Zij geven beide aan dat de subsidie verstrekt kan worden op basis van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening 2018 van Waadhoeke. (en niet 2019, zoals ik per ongeluk eerder vermelde)” (Ambtelijke reactie, 25 augustus 2022). Hier stelt de rekenkamer op 25 augustus 2022 de volgende vraag over: “Beste X, Kunnen jullie aangeven op welk artikel van de Awb deze subsidie is gebaseerd? Ik doel hier met name op artikel 4:23 lid 3 a, b, c of d. Met hartelijke groet, Rick Anderson” Op 29 augustus wordt hier het volgende antwoord op gegeven: “De subsidie wordt verstrekt op grond van artikel 4:23 lid 3 sub c Awb” (Ambtelijke reactie, 29 augustus 2022). Op de vraag waar de zorgplicht op gebaseerd is, wordt het volgende antwoord gegeven: “Ik ken geen juridische titel, maar in artikel 2.170b van de Mediawet staat het volgende: Artikel 2.170b 1Het college van burgemeester en wethouders zorgt voor de bekostiging van het functioneren van de lokale publieke media-instelling als de gemeenteraad een advies als bedoeld in artikel 2.61, derde lid heeft uitgebracht en daarbij positief heeft geadviseerd over de vraag of de instelling voldoet aan de eis, bedoeld in artikel 2.61, tweede lid, onderdeel c.
2De bekostiging betreft vergoeding van de kosten die rechtstreeks verband houden met het verzorgen van de lokale publieke mediadienst, voor zover die kosten niet op andere wijze zijn gedekt, op zodanige wijze dat op lokaal niveau in een toereikend media-aanbod kan worden voorzien en continuïteit van bekostiging is gewaarborgd” (Ambtelijke reactie, 24 augustus 2022). De rekenkamer heeft naar aanleiding van dit antwoord op 29 augustus 2022 de volgende vervolgvraag gesteld: “Wanneer heeft de gemeenteraad een advies uitgebracht met betrekking tot deze subsidie en positief geadviseerd over de vraag of de instelling voldoet aan de eis, bedoeld in artikel 2.61,
53
Subsidies
tweede lid, onderdeel c? Dit staat immers voorgeschreven in artikel 2.170b van de Mediawet” (Vraag rekenkamer, 29 augustus 2022). Hier wordt 8 september 2022 ambtelijk als volgt op gereageerd: “Hallo Rick, De gemeenteraad van Franekeradeel heeft in het najaar van 2017 positief geadviseerd over de aanwijzing van omroep Eenhoorn als lokale omroep. Dat weet ik, omdat ik toen zelf dat stuk in de raad gebracht heb. Ik heb alleen een aantekening gevonden in ons archiefsysteem (zie de bijlage), stukken van voor de herindeling staan er eigenlijk niet in volgens mij. Van de andere herindelingsgemeenten heb ik verder geen stukken kunnen vinden” (Ambtelijke reactie, 8 september 2022). Op basis van de aantekening die wordt aangeboden, kan echter niet worden opgemaakt wanneer de raad nu besloten heeft positief te adviseren. Bovendien rijst de vraag in hoeverre de gemeenteraad van Waadhoeke in stelling is gebracht. De rekenkamer stelt hierop de volgende vraag: “Dank dank, maar mij lijkt dit niet geheel toereikend. De raad zal destijds toch wel een voorstel hebben gekregen en expliciet een advies hierover hebben uitgebracht? Zijn hier helemaal geen stukken van te vinden? Die constatering is namelijk nogal heftig.
Verder valt op, dat de gemeenteraad van Waadhoeke hier dus geen oordeel over heeft kunnen vellen, toch? Hoor graag nog even en met hartelijke groet, Rick Anderson” (Vraag rekenkamer, 8 september 2022). Hier wordt op 8 september 2022 als volgt op gereageerd: “Ik ben er achter dat ze deze stukken hebben voorgelegd aan de nieuwe B&W en de nieuwe gemeenteraad van Waadhoeke, vlak na de herindeling. Hierbij de stukken die ik kreeg van mijn collega’s van het archief” (Ambtelijke reactie, 8 september 2022). 8 september 2022 verstrekt de gemeente aldus een aantal documenten, waaronder een raadsvoorstel, d.d. 27 december 2017, gericht aan de agendacommissie. In dit raadsvoorstel wordt voorgesteld omroep Eenhoorn aan te wijzen als lokale omroep van de gemeente Waadhoeke (Voorstel aan agendacommissie, 27 december 2017). Dit voorstel wordt gedragen door een collegebesluit, zij het dat dit collegebesluit genomen wordt na verzending van het voorstel aan de agendacommissie. Het college besluit namelijk op 9 januari 2018 om omroep
54
Subsidies
Eenhoorn als lokale omroep aan te wijzen en dit advies ter vaststelling aan de gemeenteraad voor te leggen (Adviesnota, 20 december 2017, besluit genomen op 9 januari 2018). De raad stemt op 18 januari 2018 unaniem in met dit voorstel. Tevens vraagt de rekenkamer of het budget voor deze subsidie in de begroting is opgenomen. Hier wordt in eerste instantie het volgende antwoord op gegeven: “De subsidie van radio Eenhoorn staat in de programbegroting 2022 onder programma 6 met taakveld 5.6. In de hieruit opgemaakte Activiteitenraming staat deze subsidie onder de post 6.560.001 Media; met kostencategorie 43.800. Voor het jaar 2022 is dit opgehoogd van € 27.000 naar € 29.891 (indexering 2022: zie begrotingswijziging 7.02 in 2022)” (Ambtelijke reactie, 25 augustus 2022). Op 25 augustus 2022 stelt de rekenkamer hier een vervolgvraag over. De subsidieontvanger en het specifieke bedrag aan subsidie staat namelijk niet expliciet vermeld in de programmabegroting 2022. Hier wordt op 25 augustus 2022 het volgende antwoord op gegeven: “Inderdaad, in de programmabegroting valt dit onder het taakveld 5.6 en is niet specifiek uitgesplitst in onderdelen. Dit is gedaan in de hieruit volgende Activiteitenraming. Vandaar dat het niet specifiek in de programbegroting is te vinden” (Ambtelijke reactie, 25 augustus 2022).
Op de vraag van de rekenkamer of raadsleden deze activiteitenramingen hebben ontvangen, wordt het volgende antwoord gegeven: “Als het goed is, heeft iedere fractievoorzitter van een partij een Activiteitenraming ontvangen. Dus niet iedere raadslid heeft een Activiteitenraming ontvangen, maar dit is zo afgesproken in de raad en de raadfracties. Maar ieder raadslid kan bij de afdeling Financiën hierover inlichtingen krijgen en verzoeken om alsnog een Activiteitenraming te ontvangen” (Ambtelijke reactie, 25 augustus 2022). Later wordt deze reactie als volgt aangevuld: “Goedemorgen Rick,
55
Subsidies
Jouw constatering dat de subsidie niet expliciet wordt vermeld in de programmabegroting, maar wel in de activiteitenraming is juist. In de programmabegroting zijn de budgetten getotaliseerd op programmaniveau. De budgetten vanuit de programmabegroting worden op detailniveau weergegeven in de activiteitenraming (kostensoorten / activiteiten)” (Ambtelijke reactie, 30 augustus 2022). Op de vraag om een overzicht vanaf 2018 van deze activiteiten ramingen te verstrekken, worden op 25 augustus 2022 de volgende overzichten aangeleverd:
56
Subsidies
57
Subsidies
3.4.4 Het aanvragen van een subsidie Om te bezien hoe het aanvragen van een gemeentelijke subsidie in de praktijk verloopt, is op 2 september 2022 een experiment uitgevoerd, waarbij de onderzoeker zelf een aanvraag indient bij de gemeente. Op de beginsite van de gemeente (www.waadhoeke.nl) worden enkele thema’s aangegeven, zoals Paspoort, Ondernemen, Duurzaamheid, etc. Het thema subsidie wordt hier niet vermeld. Wel wordt subsidie genoemd onder het thema Geld en Zorg. Als hierop wordt doorgeklikt, dan wordt melding gemaakt van de subsidie voor opvang regenwater en meer groen en van de subsidieregeling kleinschalige ontmoetingen (www.waadhoeke.nl/subsidie). Alle overige subsidies worden afgedekt door de volgende tekst op het scherm: Andere subsidies Gemeente Waadhoeke kent verschillende subsidieregelingen. Zo kunnen verenigingen en stichtingen bijvoorbeeld subsidie aanvragen voor projecten en activiteiten in het kader van kunst, cultuur, taal, sport en recreatie. Maar ook voor projecten en activiteiten die de fysieke leefomgeving of de sociale samenhang bevorderen. Bent u benieuwd of uw idee, project of activiteit voor subsidie in aanmerking komt? Vul dan onderstaand contactformulier in. Binnen vijf werkdagen nemen we contact met u op. Uiteraard heeft de onderzoeker het contactformulier ingevuld.
Op 2 september 2022 is het volgende formulier ingediend: Contactformulier subsidie Gegevens Naam organisatie Anderson's Business Controlling Naam contactpersoon Anderson Adres Stinzenlaan Zuid 237 Woonplaats Breukelen
58
Subsidies
Telefoonnummer 0651568802 E-mailadres rickanderson663@gmail.com Geef een korte omschrijving van de activiteit waarvoor u subsidie wilt aanvragen “In het kader van kennisverspreiding zou ik graag een bijeenkomst organiseren met als thema: public controlling in de provincie Friesland: na New Public Management”. Als op de hoofdpagina van de gemeente de zoekterm Subsidie wordt ingevoerd, verschijnt een ander scherm. Ook hier staat de subsidie voor opvang regenwater en meer groen, alsmede de subsidieregeling kleinschalige ontmoetingen vermeld. Daarnaast wordt gewezen op de duurzaamheid subsidies. Als hierop wordt doorgeklikt, wordt duidelijk dat deze laatste subsidie een landelijke subsidie betreft. Tevens is een link te vinden naar www.waadhoeke.nl/subsidie. Logischerwijs geeft deze link bij doorklikken dezelfde informatie als het scherm dat via Geld en Zorg te benaderen is. Op 5 september 2022 en op 8 september 2022 neemt de ambtelijke organisatie contact op met de onderzoeker die het contactformulier heeft ingevuld. Het blijkt nu, dat ambtelijk is ontgaan, dat het contactformulier is ingevuld met betrekking tot een subsidie. De ambtenaar die het formulier in eerste instantie behandelt, gaat van de veronderstelling uit, dat in het formulier wordt gevraagd of de ambtelijke organisatie zelf behoefte heeft aan een public controlling bijeenkomst.
De ambtenaar reageert hierop afwijzend, maar deze reactie wordt niet direct meegedeeld aan de onderzoeker die het contactformulier heeft ingediend. Het formulier, inclusief de afwijzende reactie van de ambtenaar, komt bij een leidinggevende terecht. Deze neemt vervolgens op 5 en 8 september 2022 contact op met de onderzoeker. Tijdens deze gesprekken wordt duidelijk, dat subsidies niet direct digitaal kunnen worden aangevraagd. Omdat aanvragers niet weten of hun beoogde activiteit gesubsidieerd kan worden, hanteert de gemeente het beleid dat eerst via een contactformulier contact moet worden gezocht met de organisatie. Pas daarna kan in een gesprek bepaald worden, of de beoogde activiteit in aanmerking komt voor een subsidie, zo wordt ambtelijk aangegeven. Het alternatief is, dat aanvragers eerst een heel formulier moeten invullen om vervolgens te vernemen dat voor die bepaalde activiteit helemaal geen subsidie beschikbaar is, zo geeft men tijdens deze gesprekken aan.
59
Subsidies
3.5 Welke rol speelt de gemeenteraad met betrekking tot het verstekken van subsidies? Tijdens de eerste raadsvergadering van de gemeente Waadhoeke, d.d. 2 januari 2018, wordt de algemene subsidieverordening vastgesteld door de raad. Geen van de raadsleden stelt hier vragen over en geen van de raadsleden acht een stemming nodig. De algemene subsidieverordening wordt onder agendapunt 8 opgevoerd, samen met ongeveer 30 andere verordeningen en nota’s. De gemeenteraad legt op sommige momenten een actieve houding met betrekking tot subsidies aan de dag. Zo maakt de raad op 15 november 2018 haar gevoelen kenbaar over de beoogde subsidieregeling dorpen en wijken. Hoewel de raad positief oordeelt over de regeling, wenst de raad een wijziging van artikel 10: de afwijzingsgronden. In de voorgestelde regeling bepaalt dit artikel onder meer, dat de aanvraag wordt afgewezen als de aanvrager beschikt over voldoende middelen om de activiteit of het project mogelijk te maken. Enkele fracties geven hierop het college in overweging deze afwijzingsgrond geheel te schrappen. Een andere fractie stelt daarop voor deze afwijzingsgrond als een ‘kan bepaling’ in de regeling op te nemen. Deze laatste suggestie wordt breed gedragen door de raad, waarop het college de regeling hierop aanpast (Adviesnota B&W, 27 november 2018).
De ‘kan bepaling’ wordt als volgt in de subsidieregeling verwerkt: “Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten een aanvraag af te wijzen als de aanvrager beschikt over voldoende middelen om de activiteit mogelijk te maken” (artikel 10 lid 2). Opmerkelijk is, dat deze bepaling in de gewijzigde subsidieregeling van 2020 komt te vervallen. Hierop stelt de rekenkamer de volgende vraag: Naar aanleiding van de raadsvergadering van 15 november 2018 besluit het college de subsidieregeling dorpen en wijken aan te passen. Artikel 10 lid 2, onder de afwijzingsgronden, wordt daarbij omgezet in een ‘kan’ bepaling in het geval de aanvrager beschikt over voldoende middelen (artikel 10 lid 2, subsidieregeling 2018). In de bijgestelde regeling van 2020 is deze ‘kan’ bepaling echter komen te vervallen. Wat is hier de reden voor geweest? Ambtelijk wordt hierop als volgt gereageerd: “Dat is ons niet bekend. Het lijkt er op dat het gehele tweede lid van artikel 10 is weggevallen” (Ambtelijke reactie, 23 september 2022).
60
Subsidies
Soms wordt in een adviesnota voor het college gesteld, dat de gemeenteraad geïnformeerd zal worden. Zo wordt in de adviesnota met betrekking tot de bijgestelde subsidieregeling dorpen en wijken gesteld, dat de uitkomsten van evaluatie en het besluit met een memo ter kennis gebracht worden aan de gemeenteraad (Adviesnota B&W, 15 april 2020). Deze memo wordt op 29 april daadwerkelijk aangeboden aan de raad. Een vergelijkbaar voorbeeld betreft de subsidieregeling regulier onderhoud dorpshuizen die in juli 2020 wordt aangeboden aan het college. In de adviesnota wordt gesteld, dat deze regeling op hoofdlijnen is vastgesteld door de raad. De nota maakt tevens melding van een memo voor de raad, waarin de raad in kennis wordt gesteld van de uitwerking van de regeling en tevens op de hoogte wordt gesteld van de uitkomsten van de onderzoeken (Adviesnota B&W, 15 juli 2020). Deze memo wordt daadwerkelijk op 4 augustus 2020 aangeboden aan de raad. Soms wordt de raad om een zienswijze gevraagd. Zo wordt bij de subsidieregeling amateurkunst de raad eerst om een zienswijze gevraagd, voordat de regeling wordt vastgesteld. Hoewel de raad geen expliciete zienswijze geeft, verzoekt de raad het college wel om het volledige budget te benutten voor de amateurkunst (Adviesnota B&W, 16 juli 2019). In sommige gevallen wordt in de gemeenteraad gesproken over individuele subsidies.
Zo wordt de subsidie voor het openluchtzwembad Waadhoeke geagendeerd voor de raadsvergadering van 2 juli 2020. Verschillende fracties vragen hierbij het woord. De meeste fracties steunen het voorstel en wijzen op het belang van sport en het aanbieden van sportaccommodaties, waaronder een zwembad. Wel wordt € 45.000 aan subsidie om het zwembad drie maanden open te houden, aan de forse kant geacht. Eén fractie steunt het zwembad niet vanuit milieuoverwegingen. Gewezen wordt verder op schriftelijke vragen die in een eerder stadium gesteld zijn aan het college. Op 22 oktober 2020 wordt vrij uitgebreid gesproken over de subsidie voor de Koornbeurs. Sommige fracties staan kritisch tegenover het voorstel en zijn ‘onaangenaam verrast’. In eerdere berichtgeving worden immers geen zorgen op dit punt geuit. Ook wordt gevraagd in hoeverre het college vinger aan de pols heeft gehouden en waar het college het vertrouwen in de exploitatie van de Koornbeurs op baseert. In het voorstel worden geen alternatieve scenario’s beschreven, aldus sommige raadsleden. Andere fracties stellen, dat het verstrekte inzicht eigenlijk een jaar eerder verstrekt had moeten worden. Hoewel de Koornbeurs onder de basisvoorziening valt, maken sommige fracties zich zorgen over de exploitatie van de Koornbeurs. Eerder heeft het college immers beloofd dat er financiële rust zou komen.
De raad is in ieder geval niet goed geïnformeerd en men vraagt zich af in hoeverre het college deze informatie niet veel eerder tot zijn beschikking heeft gehad, aldus andere fracties. Tijdens deze
61
Subsidies
vergadering worden vrij veel vragen aan het college gesteld, die het college beantwoordt. Tijdens deze raadsvergadering van 22 oktober 2020 wordt tevens een amendement ingediend met betrekking tot de financiële problematiek van theater de Koornbeurs. In het amendement wordt voorgesteld om de Koornbeurs een voorschot van € 53.300 te verstrekken op de subsidie 2020 om de financiële tegenvallers in de exploitatie 2019-2020 op te kunnen vangen (Amendement, 22 oktober 2020). Het oorspronkelijke raadsvoorstel gaat uit van een eenmalige toekenning van € 54.300 en een eenmalige toekenning van € 95.562 om het verwachte coronaverlies over 2020 te kunnen opvangen (Raadsvoorstel Financiële problematiek Theater de Koornbeurs, 22 oktober 2020). Het amendement wordt uiteindelijk verworpen en het oorspronkelijke raadsvoorstel wordt uiteindelijk aangenomen. De subsidie voor Young Solar Challenge 2021 wordt voor de raadsvergadering van 17 december 2020 geagendeerd. De stichting vraagt € 15.000 incidentele subsidie aan. De subsidie wordt toegelicht door een externe spreker. Hierop komen geen vragen binnen voor de externe spreker. Wel nemen vervolgens verschillende fracties het woord. De fracties steunen het raadsvoorstel en complimenteren de initiatiefnemers. Richting de wethouder wordt een vraag gesteld, die tijdens de vergadering wordt beantwoord.
Tevens wordt op 10 maart 2022 gesproken over de extra subsidie MFA d’Ald Skoalle Dronryp. De reden om dit voorstel in de raad te brengen is gelegen in het feit dat wordt voorgesteld de extra subsidie (€ 45.000) te dekken vanuit de algemene reserve. Op dit voorstel wordt door verschillende fracties ingesproken. De meeste fracties ondersteunen de extra subsidie. Sommige fracties wijzen erop, dat over het algemeen wel kritisch bezien moet worden in hoeverre externe financiering mogelijk is. Tijdens de behandeling worden geen vragen gesteld aan het college.
62
Subsidies
Hoofdstuk 4 Analyse 4.1 Inleiding In dit hoofdstuk zal bezien worden hoe het gevoerde beleid en de praktijk van subsidieverstrekking zich verhouden tot het geformuleerde normenkader. Op sommige onderdelen is daarbij nieuwe informatie toegevoegd ten opzichte van het verslag van bevindingen. Het betreft dan schriftelijke reacties en documenten die specifiek ingaan op de vragen die de rekenkamer tijdens deze analyse heeft gesteld.
4.2 Administratieve organisatie Het gegeven dat de gemeente niet in staat is om jaarlijkse overzichten te verstrekken, waarin per subsidieontvanger het subsidiebedrag wordt vermeld, verwondert. Op grond van de IV3 informatievoorschriften gemeenten, zijn gemeenten namelijk verplicht om subsidies onder een aparte subcategorie te boeken (de subcategorie 4.2 Subsidies, als onderdeel van de lastencategorie 4 Overdrachten). Tijdens het opstellen van de jaarrekening zullen deze overzichten
dan
ook
opgesteld
moeten
worden
om
te
voldoen
aan
deze
informatievoorschriften. De andere gemeente die tijdens dit onderzoek in de vergelijking is betrokken, is in staat om dergelijke overzichten binnen 24 uur op te leveren. De overzichten die de gemeente in eerste instantie verstrekt, betreffen enkel de afdeling Samenleving. Daarnaast geven deze overzichten niet het totale subsidiebedrag per ontvanger weer. De gemeente stelt in de toelichting hierop het volgende: “Als je ook de overzichten over 2019 en 2018 inclusief bedragen nodig hebt voor het onderzoek vergt dat veel werk van onze kant. Aanlevering daarvan zal dan, ook in verband met de vakanties, naar verwachting niet voor medio september kunnen plaatsvinden” (ambtelijke reactie, 14 juli 2022). De vervolgvraag van de rekenkamer, 15 juli 2022, luidt als volgt: “Wat betreft de financiële overzichten: het verwondert dat Waadhoeke deze overzichten niet heeft. Op grond van de IV3 informatievoorschriften gemeenten, zijn gemeenten namelijk verplicht om subsidies onder een aparte subcategorie te boeken (de subcategorie 4.2 Subsidies, hoort onder de lastencategorie 4 Overdrachten). Zou jij de afdeling Financiën kunnen vragen of zij een uitdraai hebben van deze lastencategorie Subsidies 4.2, per jaar? Ik kan mij niet voorstellen dat de afdeling dit niet heeft en dat dit tot medio september moet duren”.
63
Subsidies
Uiteindelijk verstrekt de gemeente op 2 augustus 2022 vanuit de afdeling Samenleving overzichten voor de jaren 2018 tot en met 2022. In juli 2022 worden vanuit de afdeling Communicatie de documenten verstrekt die betrekking hebben op de enige subsidie die vanuit de afdeling Communicatie wordt verstrekt. Op basis van deze documenten kan de rekenkamer de verstrekte subsidie zelf traceren (aangezien het hier maar één subsidie betreft). Ook wordt vanuit de afdeling Omgeving in deze periode een overzicht verstrekt, maar dat heeft enkel betrekking op 2021. Vanuit mogelijke andere afdelingen die subsidies verstrekken is geen reactie vernomen. Geconstateerd kan dus worden, dat op 17 augustus 2022 het totaalbeeld van verstrekte subsidies op jaarbasis nog niet compleet is. Een analyse van de overzichten levert nog een andere complicatie op. De overzichten die vanuit de afdeling Samenleving worden verstrekt, bevatten subsidies die ook in het overzicht 2021 van de afdeling Omgeving staan vermeld. De subsidie aan stichting Molen de Korenaar en aan stichting Molens in Menaldumadeel zijn hier voorbeelden van. Dit geldt echter niet voor alle subsidies die op het overzicht staan van de afdeling Omgeving. Ook de subsidie voor de lokale omroep die vanuit de afdeling Communicatie wordt verstrekt, staat in het overzicht van de afdeling Samenleving vermeld.
Deze constatering compliceert niet alleen, maar verwondert ook. In de mail waarin de overzichten van de afdeling Samenleving worden verstrekt, staat immers: “Bijgaand de overzichten versterkte subsidies afdeling Samenleving, inclusief bedragen” (Ambtelijke mail, 2 augustus 2022). Het blijkt nu, dat deze overzichten ook enkele subsidies bevatten die door andere afdelingen zijn verstrekt. Ambtelijk wordt aangegeven dat deze overlapping te maken heeft met het feit dat naast de afdeling Omgeving ook de afdeling Samenleving verantwoordelijk is voor een deel van de advisering en afdoening (Cultuurhistorie), maar de constatering dat de overzichten elkaar overlappen wordt hiermee niet weggenomen. Een gesprek tussen de ambtelijk contactpersoon en de rekenkamer op 8 september 2022 leidt tot het inzicht, dat de gemeente niet over een integraal overzicht van verstrekte subsidies beschikt. De gemeente hanteert het beleid, dat iedere afdeling verantwoordelijk is voor zijn eigen subsidies en dus ook voor zijn eigen subsidieadministratie. Niet iedere afdeling volgt hierin dezelfde werkwijze. Zo houdt de afdeling Samenleving een administratie bij waaruit op jaarbasis blijkt hoeveel subsidie verstrekt is aan welke subsidieontvanger. De afdeling Omgeving voert een dergelijke administratie niet. Het gevolg is dan ook, dat een integraal overzicht niet door de rekenkamer geconstrueerd kan worden.
De rekenkamer besluit hierop, om enkel met de overzichten van de afdeling Samenleving verder te gaan. Deze overzichten zijn echter dus niet volledig: sommige subsidies die door de afdeling Omgeving worden verstrekt, staan hier niet in vermeld. Bovendien is het goed
64
Subsidies
denkbaar dat ook andere afdelingen (buiten de afdelingen Samenleving, Omgeving en Communicatie) subsidies verstrekken. Van deze andere afdelingen is echter niets vernomen. 12 oktober 2022 wordt een overzicht verstrekt, maar dit overzicht betreft enkel het jaar 2022. Bovendien staan in dit overzicht tevens bijdragen (voor de raad, het college, promotie, representatie, overige personele kosten, etc.) vermeld, zodat dit overzicht de facto niet goed bruikbaar is. Een nadere analyse leert, dat de oorzaak hiervan gelegen ligt in het feit dat subsidies en bijdragen op één en dezelfde kostensoort worden geboekt (438.00). Het gevolg hiervan is, dat subsidies en bijdragen niet meer te splitsen zijn. Een tweede opvallend kenmerk van de gemeente is, dat met afzonderlijke subsidieregelingen wordt gewerkt, die ieder een eigen besluitvormingstraject kennen. In vergelijkend perspectief hanteert de andere onderzochte gemeente een methode, waarbij alle subsidieregelingen geclusterd worden en op één moment door het college worden vastgesteld. Jaarlijks wordt dit cluster dan geactualiseerd: steeds voorafgaande aan het jaar waarop de subsidieregelingen betrekking hebben. Bij Waadhoeke wordt iedere subsidieregeling afzonderlijk in de besluitvormingsroute gebracht. Dit heeft tot gevolg, dat het niet mogelijk is snel een overzicht te verkrijgen van alle geldende subsidieregelingen.
Tevens leidt dit ertoe, dat sommige subsidieregelingen met terugwerkende kracht moeten worden vastgesteld. Zo wordt de subsidieregeling peuteropvang en VVE 2022 op 11 januari 2022 vastgesteld door het college en treedt deze regeling met terugwerkende kracht per 1 januari 2022 in werking (Subsidieregeling peuteropvang en VVE, januari 2022). Dit kan een administratieve druk leggen op de aanvragers. De subsidieaanvragers moeten hun aanvraag namelijk maandelijks indienen (artikel 5 lid 2 en artikel 6 lid 5, subsidieregeling peuteropvang en VVE, juncto bijlage 3 subsidieregeling peuteropvang en VVE). Deze zelfde subsidieregeling bepaalt in dit verband in artikel 9, dat een aanvraag voor subsidie voor de kwaliteit VVE en coaching VVE uiterlijk vier weken voorafgaand aan de datum van 1 januari van het kalenderjaar kan worden ingediend, hetgeen lastig is, als de subsidieregeling pas op 11 januari 2022 door het college is vastgesteld. Het verkrijgen van een overzicht van subsidiebepalingen wordt verder gecompliceerd doordat niet altijd gebruik wordt gemaakt van een subsidieregeling als grondslag voor subsidieverstrekking. Zo wordt de grondslag voor subsidies voor peuteropvang en VVE in de periode
2019
tot
en
met
2021
gevonden
in
de
gemeentelijke
notitie
onderwijsachterstandenbeleid 2019-2022 (Adviesnota B&W, Subsidieregeling peuteropvang en VVE Waadhoeke 2022). Zelfs als men inzicht zou hebben in alle subsidieregelingen, dan rijst de vraag of men daarmee tevens een inzicht zou hebben in alle gemeentelijke subsidies. De vraag rijst in dit verband in hoeverre de gemeente zelf wel over een overzicht van alle regelingen beschikt. Zo wordt in juli 2019 richting het college aangegeven: “Inmiddels zijn vrijwel alle subsidieregelingen geharmoniseerd. Er resteert nog een enkele relatief kleine
65
Subsidies
regeling, zoals die voor EHBO verenigingen” (Adviesnota B&W, 23 juli 2019). Later, in juli 2020, wordt evenwel nog de subsidieregeling onderhoudsregeling voor dorpshuizen vormgegeven, nadat de raad in 2019 deze onderhoudsregeling op hoofdlijn harmoniseert. Met deze regeling is jaarlijkse € 102.500 gemoeid. De vraag rijst in dit verband, in hoeverre het college op de hoogte is gesteld van het gegeven dat deze laatste regeling nog vormgegeven moest worden. De grootste complicatie bij het verkrijgen van een totaalbeeld van subsidieregelingen, vormt het gegeven, dat ook op dit onderdeel de gemeente het beleid voert dat iedere afdeling verantwoordelijk is voor zijn eigen subsidieregelingen. Evenals bij de financiële overzichten blijkt, dat afdelingen dit verschillend administreren. De afdeling Samenleving levert in de zomer 2022 de subsidieregelingen op die onder de afdeling Samenleving vallen en ook de afdeling Communicatie levert de benodigde documenten op in deze periode, maar het vermoeden bestaat, dat ook vanuit andere afdelingen met subsidieregelingen wordt gewerkt. 19 juli 2022 vraagt de rekenkamer daarom, in hoeverre nu alle subsidieregelingen zijn aangeleverd. Hierop mailt de ambtelijke organisatie op 20 juli 2022 het volgende terug: “Goedemorgen Rick, Goed dat je dat aangeeft.
Wat we nu hebben aangeleverd betreft de subsidieaanvragen en besluiten van de afdeling Samenleving. Er zijn ook andere afdelingen betrokken bij subsidieaanvragen. Willen jullie alle subsidierelaties (incidenteel en structureel) in beeld hebben?” De rekenkamer reageert die zelfde dag dat inderdaad alle regelingen nodig zijn voor dit onderzoek. Na een aantal reminders, wordt op 8 september 2022 in een gesprek tussen de rekenkamer en de ambtelijk contactpersoon aangegeven, dat de gemeente niet over een integraal overzicht van subsidieregelingen beschikt. Iedere afdeling wordt geacht dit voor zichzelf bij te houden. Dit leidt in de praktijk tot verschillen. Zo houdt de afdeling Samenleving bij, welke subsidieregelingen deze afdeling gebruikt, maar de afdeling Omgeving houdt dit niet bij. Het gevolg is ook hier (net als bij de financiële overzichten), dat de rekenkamer geen integraal overzicht van actuele subsidieregelingen kan construeren.
66
Subsidies
De aangeleverde subsidieregelingen die door de afdeling Samenleving zijn aangeleverd kunnen als volgt worden gepresenteerd: Materieel Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Vaststellen subsidieregeling dorpen en wijken 2018, 27 november 2018. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Bijgestelde subsidieregeling dorpen en wijken, 21 april 2020. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Incidentele subsidies, 29 januari 2019. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Harmonisatie subsidieregelingen amateurkunst, 16 juli 2019. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Subsidieregeling AED, 13 mei 2019. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Subsidieregeling peuteropvang en VVE Waadhoeke 2022, 4 januari 2022. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Subsidieregeling EHBO, 23 juli 2019. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Subsidieregeling onderhoud dorpshuizen, 15 juli 2020. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Beleidsregel maatschappelijke – en sportactiviteiten t.b.v. bewoners AZC St. -Annaparochie, 9 april 2020. Gemeente Waadhoeke, Subsidieplafond budget dorpen en wijken 2022, 13 juli 2022. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Subsidieregeling doarre & dwaan, 27 oktober 2021. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Tijdelijke subsidieregeling faciliteren verbinding met leden en vrijwilligers, 10 juni 2021.
Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Subsidieregeling kleinschalige ontmoetingsactiviteiten in dorpen en wijken 2022, 1 maart 2022. Formeel Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Verantwoording subsidie kleine instellingen Waadhoeke, 18 december 2018. Gemeente Waadhoeke, Subsidieregeling bevoorschotting subsidie, 23 oktober 2018. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota B&W, Beleidsregels subsidie, 23 oktober 2018. Niet verstrekt op basis van een subsidieregeling Gemeente Waadhoeke, Adviesnota, Subsidie omroep Eenhoorn 2019, 11 december 2018. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota, Subsidie omroep Eenhoorn 2020, 9 december 2019. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota, Subsidie omroep Eenhoorn 2021, 16 december 2020. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota, Subsidie omroep Eenhoorn 2022, 8 februari 2022. Gemeente Waadhoeke, Adviesnota subsidieregeling kleinschalige ontmoetingsactiviteiten in dorpen en wijken 2022 II, 11 juli 2022.
67
Subsidies
De vraag rijst nu, in hoeverre alle verstrekte subsidies een grondslag kennen in één van de bovenstaande regelingen. Het gaat dan om een koppeling van verstrekte subsidies aan de subsidieregelingen. De gemeente beschikt immers niet over een integraal financieel overzicht en ook niet over een integraal overzicht van subsidieregelingen. Deze vraag kan niet beantwoord worden door de gemeente. Er bestaat geen integraal inzicht in de subsidieregelingen en ook niet in de subsidies die verstrekt zijn op basis van deze subsidieregelingen. De subsidie aan lokale omroep Eenhoorn illustreert de administratieve organisatie ten aanzien van subsidies. Op basis van de mailwisseling tussen de rekenkamer en de ambtelijke organisatie kan het volgende worden opgemaakt. “De gemeenteraad van Franekeradeel heeft in het najaar van 2017 positief geadviseerd over de aanwijzing van omroep Eenhoorn als lokale omroep. Dat weet ik, omdat ik toen zelf dat stuk in de raad gebracht heb. Ik heb alleen een aantekening gevonden in ons archiefsysteem (zie de bijlage), stukken van voor de herindeling staan er eigenlijk niet in volgens mij. Van de andere herindelingsgemeenten heb ik verder geen stukken kunnen vinden” (Ambtelijke reactie, 8 september 2022).
Later wordt door dezelfde ambtenaar het volgende gesteld: “Ik ben er achter dat ze deze stukken hebben voorgelegd aan de nieuwe B&W en de nieuwe gemeenteraad van Waadhoeke, vlak na de herindeling. Hierbij de stukken die ik kreeg van mijn collega’s van het archief” (Ambtelijke reactie, 8 september 2022). In termen van administratieve organisatie verwondert deze reactie. Op de eerste plaats verwondert het, dat de collega’s van het archief in stelling moeten worden gebracht om de benodigde stukken naar boven te krijgen. In de gemeente die in de vergelijking is betrokken, kan een dergelijke informatievraag aan de hand van een intern documentatiesysteem door de respondent zelf binnen 12 minuten worden opgeleverd. De respondent bij deze andere gemeente was niet de opsteller van het gevraagde voorstel, maar “iedere ambtenaar heeft toegang tot dit systeem, behalve dan tot de vertrouwelijke stukken uiteraard”, zo wordt gesteld in deze gemeente. Op de tweede plaats blijkt gelukkig dat de gemeente wel over een documentatiesysteem beschikt. Als namelijk via de gemeentelijke site wordt doorgeklikt op gemeenteraad, dan kan een zoekterm worden ingevuld. Als daar de term “Eenhoorn” wordt ingevuld, verschijnt gelijk de verwijzing naar de raadsvergadering van 18 januari 2018 waarin de raad Eenhoorn aanwijst als lokale omroep. Hier zijn tevens de benodigde stukken te vinden.
De gemeente beschikt dus over een centraal documentatiesysteem, maar kennelijk is dat intern
68
Subsidies
niet bij iedereen bekend en moeten medewerkers van archief worden ingeschakeld bij een dergelijke informatievraag.
4.3 Ontwikkeling subsidies Op basis van de verstrekte overzichten, kan voor de afdeling Samenleving het volgens inzicht worden gegenereerd: 2018
2019
2020
2021
2022
Dorpenvisies
73.479,97
347.580,98
529.341,32
363.670,59
233.675,73
Onderwijs
436.229,00
644.070,99
1.051.764,17
1.128.184,36
1.033.524,10
Sport
894.034,97
852.555,88
1.511.677,06
1.627.210,43
1.521.226,52
Cultuur overig, soc. cultureel werk
603.866,68
576.050,34
615.313,36
851.265,38
829.398,57
-
364.154,00
352.865,90
332.443,80
333.524,00
430.134,00
456.804,00
601.245,00
502.701,00
492.491,00
9.990,72
10.328,94
14.856,00
5.961,00
3.335,00
-
401.592,57
469.826,50
539.382,50
527.252,67
Monumenten
155.981,00
163.531,00
163.831,00
182.576,17
174.284,00
Media
22.811,74
26.000,00
26.000,00
27.000,00
29.890,56
Bibliotheek
875.149,91
949.425,00
987.885,00
1.002.574,00
1.016.490,00
Toerisme, groen, speel
7.040,00
10.710,00
3.680,00
22.765,42
33.160,00
Asiel/statushouders
169.868,00
129.635,00
150.803,16
139.569,56
179.812,00
Muziek Koornbeurs Taal Musea
Kinderopvang
61.406,30
47.296,17
73.371,16
275.566,10
155.318,90
Maatschappelijk werk
2.304.772,20
1.016.795,44
1.050.125,75
815.148,38
758.861,10
Dorps- en buurthuizen
499.488,26
513.195,25
105.330,75
98.625,75
970.303,75
Gebiedsteams, bijz. bijstand, dagbesteding, opvang Gezondheid
91.364,70
49.107,13
27.426,35
179.676,25
185.873,35
48.210,90
62.518,23
62.050,00
60.288,00
20.570,00
Corona
-
-
-
-
195.418,00
Totaal
6.683.828,35
6.621.350,92
7.797.392,48
8.154.608,69
8.694.409,25
Later in dit onderzoek (12 oktober 2022) wordt het volgende overzicht over 2022 verstrekt:
69
Subsidies
Grootboeknummers Omschrijving
Primitieve begroting 2022
Begroting na wijziging
Raad en raadscommissies
14.005
14.005
Burgemeester en wethouders
1.600
1.600
Representatie en Promotie
500
15.500
Samenwerkingen
4.600
4.600
Overige personele kosten
7.015
7.015
Financiële Instellingen
Realisatie t/m 289-2022
Restant budget
667
13.338 1.600
15.000
500 4.600
4.370
2.645
2.000
2.000
Openbare orde en veiligheid
14.530
14.530
14.530
Overige voorzieningen qua wegen
8.960
8.960
8.960
Openbare verlichting
7.092
7.092
7.092
Overige kosten onderwijs
30.386
19.775
10.873
8.902
0
67.269
67.269
0
Onderwijshuisvesting (Voortgezet onderwijs) Peuterspeelzalen
314.962
314.962
313.744
1.218
125.593
125.593
36.941
88.652
Onderwijs Achterstand Beleid (OAB)
884.207
933.099
596.594
336.505
Einstein Class
99.000
99.000
100.000
-1.000
26.667
10.136
16.531
Onderwijshuisvesting (Basisonderwijs)
Nationaal Programma Onderwijs Sport Algemeen
51.154
190.716
101.941
88.775
Sportsubsidies en overige sportaangelegenheden Buurtsportcoaches
18.564
18.564
32.590
-14.026
675.823
675.823
675.919
-96
De Trije Franeker subsidie
334.028
284.028
211.245
72.783
De Bildtse Slag Sint Annaparochie
461.445
463.409
463.409
0
Sportaccommodaties algemeen
3.126
249.091
Kaatsvelden vm Franekeradeel
3.083
3.083
3.304
-221
Sportaccommodatie Tzum
15.629
16.244
16.244
0
Voetbalvelden Achlum
6.252
6.608
6.608
0
Sportvelden vm Het Bildt
10.275
10.275
10.686
-411
249.091
Sportvelden vm Menameradiel
24.069
24.069
Overige Cultuur
91.000
91.000
Overige Cultuur
214.184
195.750
177.037
18.713
Muziekonderwijs, subsidie
372.269
381.814
320.170
61.644
De Koornbeurs subsidie
487.873
491.311
492.491
-1.180
Bevordering Bildtse/Friese taal
24.020
32.020
6.570
25.450
Overige musea
2.750
2.750
2.750
0
Museum Martena, subsidies
289.897
290.895
290.895
0
Museum Martena gebouw
16.234
16.440
16.440
0
Planetarium, subsidie
215.080
216.200
217.168
-968
70
Subsidies
Monumenten
164.976
170.879
180.187
-9.308
Subsidies Media
27.000
29.891
29.891
0
1.002.574
1.016.490
1.026.390
-9.900
2.000
2.000
Bibliotheek en Documentatiecentra Openbaar groen Speeltuinen en -plaatsen
2.000 33.160
-33.160
Speeltuinen en -plaatsen
3.922
13.922
Opvang asielzoekers (AZC)
9.150
9.150
9.150
0
Begeleiding statushouders
147.450
178.450
170.662
7.788
Kinderopvang
150.404
150.404
210.828
-60.424
77
-77
Algemeen maatschappelijk werk
13.922
Algemeen maatschappelijk werk
498.451
537.220
509.520
27.700
Sociaal cultureel werk
584.223
588.174
661.212
-73.038
Sociaal cultureel werk
75.000
Dorps- en buurthuizen Dorps- en buurthuizen
75.000 970.304
99.260
1.190.438
Coronaherstelplan
-970.304 1.190.438
1.750
-1.750
Coronaherstelplan
43.000
43.498
-498
Coronaherstelplan
137.200
124.803
12.397
Coronaherstelplan
70.000
70.000
0
136.950
136.950
136.950
0
0
0
219.000
-219.000
Bijzondere bijstand
11.920
21.920
16.923
4.997
Opvang en beschermd wonen
32.000
32.000
32.000
0
Algemeen maatschappelijk werk
387.311
387.311
280.412
106.899
Subsidie gezondheidszorg
23.181
23.181
21.605
1.576
Jeugdgezondheidszorg
31.465
33.221
Riolen en rioolgemalen
20.800
20.800
Gebiedsteam Bijzondere bijstand, Dienst SoZaWe
Riolen en rioolgemalen Huisvuil
33.221 22.852
-2.052
1.722
-1.722
63.088
39.305
102.393
102.393
Overig afval
4.500
4.500
4.500
Omgevingsbeleid - Milieu Algemeen
14.200
14.200
14.200
Omgevingsbeleid - Milieu Algemeen
20.000
20.000
20.000
Begraafplaatsen incl. militaire begraafplaats Stads- en dorpsvernieuwingsgebieden
100
100
100
700.000
68.500
68.500
15.000
15.000
Leges omgevingsvergunningen Dorpenvisies
300.000
300.000
262.656
37.344
9.188.366
10.714.051
9.299.701
1.414.350
71
Subsidies
Het bovenstaande overzicht betreft echter tevens bijdragen. De gemeente boekt namelijk bijdragen en subsidies op dezelfde kostensoort (43800), met als gevolg dat een overzicht van enkel subsidies niet meer gemaakt kan worden. Op de vraag wat het onderscheid is tussen subsidie en bijdrage, wordt geen antwoord meer gegeven. Vermoedelijk hangen bijdragen samen met vergoedingen voor de raad, het college, representatie, etc., maar zeker is dit niet. Het totaal aan subsidies, verstrekt vanuit de afdeling samenleving, ziet er dan als volgt uit.
Ontwikkeling subsidies Samenleving 10.000.000 9.000.000 8.000.000
7.000.000 6.000.000 5.000.000 4.000.000 3.000.000 2.000.000 1.000.000 0 2018
2019
2020
2021
2022
Uitgesplitst per beleidsterrein, kan dan het volgende inzicht worden gegeven:
72
Subsidies
Ontwikkeling subsidies per veld 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0
2018
2019
2020
2021
2022
4.4 Grondslag subsidies In artikel 9 van de algemene subsidieverordening wordt het volgende gesteld: Onverminderd de vorige leden kunnen burgemeester en wethouders de subsidie verder in ieder geval weigeren als in de behoefte, voor welke activiteiten subsidie wordt gevraagd, reeds is voorzien door instellingen, die jaarlijks bij begroting subsidie ontvangen en dat beleid voor de gemeente in het concrete geval uitgangspunt is voor subsidiering van bedoelde activiteiten dan wel dat de aanvraag anderszins niet past binnen het vastgestelde (subsidie)beleidskader (artikel 9 lid 3 h). Deze passage suggereert, dat naast subsidies die verstrekt worden op basis van subsidieregelingen, ook subsidies wordt verstrekt bij de begroting. De toelichting op dit artikel vermeldt in dit verband het volgende: Onderdeel h geeft het college de bevoegdheid om te bepalen of de aanvraag past binnen het vastgesteld beleidskader. Zo kan een aanvraag worden geweigerd als er voor de bedoelde activiteiten al een jaarlijkse subsidie wordt verstrekt (Toelichting artikel 9 lid 3 h). Onder dit punt wordt in de toelichting geen melding gemaakt van subsidies die via de begroting worden verstrekt.
73
Subsidies
De toelichting bij artikel 3 biedt wel duidelijkheid. Hierin wordt namelijk het volgende gesteld: “Voor zover het college geen gebruik maakt van deze bevoegdheid is het slechts in beperkte mate mogelijk om subsidies te verlenen. De hoofdregel van de Awb is namelijk dat subsidieverstrekking gebaseerd moet zijn op een wettelijk voorschrift, zoals een subsidieregeling, waarin de te subsidiëren activiteiten staan vermeld. Op grond van artikel 4:23, derde lid, van de Awb, bestaan hierop maar vier uitzonderingen: a. de spoedeisende subsidieverstrekking (tijdelijk, vooruitlopend op de vaststelling van een wettelijk voorschrift); b. de subsidieverstrekking op grond van een begrotingspost (de begroting dient de subsidie-ontvanger en het bedrag dat ten hoogste kan worden vastgesteld te vermelden); c. de incidentele subsidieverstrekking (voor uitzonderlijke gevallen, als er in beginsel slechts eenmalig subsidie zal worden toegekend); d. de Europese subsidies (is voor gemeenten nauwelijks van belang)” (Toelichting artikel 3). Een analyse van artikel 4:23 lid 3 Awb wijst uit, dat dit artikel inderdaad de mogelijkheid biedt voor deze uitzonderingen. De subsidie aan de lokale omroep zou zich lenen voor een dergelijke uitzondering. In de adviesnota’s waarin wordt voorgesteld de subsidie te verstrekken, wordt namelijk niet verwezen naar een subsidieregeling.
Wel wordt gesteld, dat in de gemeentelijke begroting structureel een bedrag is opgenomen voor deze subsidie van € 26.000 (Adviesnota, 9 december 2019). De subsidie zou dan op basis van artikel 4:23 lid 3 c verstrekt kunnen worden. Opmerkelijk is wel, dat de programmabegroting 2020 in het geheel geen melding maakt van deze subsidie, hetgeen op basis van artikel 4:23 lid 3 wel vereist is om als basis voor subsidie te dienen. Dit artikel stelt namelijk in dit verband het volgende: “Artikel 4:23 1 Een bestuursorgaan verstrekt slechts subsidie op grond van een wettelijk voorschrift dat regelt voor welke activiteiten subsidie kan worden verstrekt. 2 Indien een zodanig wettelijk voorschrift is opgenomen in een niet op een wet berustende algemene maatregel van bestuur, vervalt dat voorschrift vier jaren nadat het in werking is getreden, tenzij voor dat tijdstip een voorstel van wet bij de Staten-Generaal is ingediend waarin de subsidie wordt geregeld. 3 Het eerste lid is niet van toepassing:
74
Subsidies
a. in afwachting van de totstandkoming van een wettelijk voorschrift gedurende ten hoogste een jaar of totdat een binnen dat jaar bij de Staten-Generaal ingediend wetsvoorstel is verworpen of tot wet is verheven en in werking is getreden; b. indien de subsidie rechtstreeks op grond van een door de Raad van de Europese Unie, het Europees Parlement en de Raad gezamenlijk of de Europese Commissie vastgesteld programma wordt verstrekt; c. indien de begroting de subsidie-ontvanger en het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld, vermeldt, of d. in incidentele gevallen, mits de subsidie voor ten hoogste vier jaren wordt verstrekt” (Artikel 4:23 Awb). Lid 3c van dit artikel bepaalt, dat het bestuursorgaan (het college in dit geval) direct op grond van de Awb een structurele subsidie kan verstrekken en dus geen subsidieregeling nodig heeft. Hiervoor is echter wel vereist, dat de begroting dan de subsidie-ontvanger en het maximale subsidiebedrag vermeldt. Navraag leert, dat de gemeente dit type subsidies niet opneemt in de programmabegroting, maar in de activiteitenraming. Deze raming vormt een specificatie van de begroting. In deze activiteitenramingen wordt inderdaad de jaarlijkse subsidie aan Eenhoorn vermeld. Op basis van artikel 3 van de algemene subsidieverordening stelt het college een aantal subsidieregelingen vast.
Een complicerende factor daarbij is, dat de vier fusiegemeenten verschillende subsidieregelingen kenden. Het nieuwe college van de gemeente Waadhoeke besluit daarop in januari 2018 om de oorspronkelijke regelingen te continueren in afwachting van de harmonisatie van de diverse beleidsterreinen. Op grond van de Wet arhi kunnen de regelingen van de ‘oude’ gemeenten namelijk nog tot en met het jaar 2019 van toepassing zijn. Twee jaar na herindeling komen beleidsregels van rechtswege te vervallen (Adviesnota B&W, Beleidsregels subsidie, 23 oktober 2018, Adviesnota B&W, 23 juli 2019). Dit leidt echter tot onbegrip bij de aanvragers, aangezien soms voor een vergelijkbare activiteit verschillende subsidiebedragen worden toegekend, afhankelijk van de plaats binnen de gemeente. Het college besluit daarop een aantal regelingen te harmoniseren in afwachting van de beleidsharmonisatie. Als het beleid is geharmoniseerd en is vastgesteld, dan kan de regeling hierop worden aangepast, zo is de gedachte. Een voorbeeld hiervan is de subsidieregeling incidentele subsidie Waadhoeke 2019 (Adviesnota B&W, 29 januari 2019). Op andere terreinen lukt het wel om eerst het beleid te harmoniseren alvorens men de subsidieregeling uitwerkt. Zo stelt de raad op 25 april 2019 de startnotitie cultuur vast, waarin de route voor de harmonisatie van de subsidies voor de amateurkunst wordt weergegeven.
Vervolgens wordt op basis van deze startnotitie in juli 2019 de subsidieregeling amateurkunst vormgegeven,
75
Subsidies
onder gelijktijdige intrekking van de bestaande regelingen van de voormalige gemeenten (Adviesnota B&W, 16 juli 2019). In juli 2019 zijn vrijwel alle subsidieregeling geharmoniseerd. Er resteert nog een enkele relatief kleine regeling, zoals die voor EHBO verenigingen, zo wordt aangegeven richting het college (Adviesnota B&W, 23 juli 2019). Later blijkt echter, dat de subsidieregeling onderhoudsregeling voor dorpshuizen nog moet worden vormgegeven, nadat de raad in 2019 deze onderhoudsregeling op hoofdlijn harmoniseert. Met deze regeling is jaarlijkse € 102.500 gemoeid en deze regeling kan dan ook niet makkelijk als relatief kleine regeling bestempeld worden. Niet altijd wordt een subsidie verstrekt op basis van een subsidieregeling. Zo wordt de grondslag voor subsidieverlening voor peuteropvang en deelname aan VVE in eerste instantie gevonden in de gemeentelijke notitie onderwijsachterstandbeleid 2019-2022. Pas later wordt voor dit terrein een subsidieregeling vastgesteld (B&W nota, Subsidieregeling peuteropvang en VVE Waadhoeke 2022). Een ander voorbeeld betreft de bijdrage aan het COA in het kader van sport- en maatschappelijke activiteiten voor bewoners van het AZC. Deze bijdrage wordt niet op grond van een subsidieregeling, maar op grond van een beleidsregel verstrekt (Beleidsregel maatschappelijke – en sportactiviteiten t.b.v. bewoners AZC St.
-Annaparochie, 21 april 2020). Als grondslag voor deze beleidsregel wordt in de adviesnota het raadsbesluit van de voormalige gemeente het Bildt genoemd (Adviesnota B&W, 9 april 2020). Bij sommige subsidies is de grondslag niet direct duidelijk. Zo besluit het college op 11 december 2018 een subsidie te verstrekken aan omroep Eenhoorn voor het jaar 2019, maar niet duidelijk wordt, op welke grondslag dit gebeurt. Zo wordt niet verwezen naar een subsidieregeling (Adviesnota, 11 december 2018). Later wordt desgevraagd aangegeven, dat de grondslag voor deze subsidie gelegen is in artikel 4:23 lid 3c Awb.
4.5 Subsidiebeleid In vergelijkend perspectief valt op, dat de gemeente geen kadernota Subsidies kent. De gemeente die in de vergelijking is betrokken, heeft een dergelijke kadernota wel vastgesteld en ook andere gemeenten laten zo’n kadernota vaststellen door de raad. In zo’n kadernota Subsidies wordt aangegeven wat de gemeente beoogt met subsidieverstrekking, welke soorten subsidies de gemeente kent, hoe de controle en verantwoording plaatsvindt, hoe de effecten geëvalueerd worden, etc. De kadernota vormt doorgaans de brug tussen de algemene subsidieverordening en de individuele subsidieregelingen. In sommige voorstellen wordt melding gemaakt van de managementfilosofie van de gemeente. Daarin staat onder meer dat de gemeente meer wil samenwerken met de 76
Subsidies
stakeholders vanuit vertrouwen en minder vanuit sturen en beoordelen. Deze gedachte komt ook terug in voorstellen die betrekking hebben op subsidies. Zo wordt deze gedachte verwoord
in
het
voorstel
beoordelingsverklaring
in
om
kleine
instellingen
plaats
van
een
te
laten
controleverklaring
volstaan
met
(Adviesnota
een B&W,
Subsidieverantwoording, 18 december 2018). Het kan hier ook om grotere subsidiebedragen gaan, aangezien de omvang van de subsidieaanvrager bepalend is om gebruik te maken van deze regeling en niet zozeer de hoogte van de subsidie. De algemene subsidieverordening reserveert dit vertrouwen nog voor kleinere subsidies: “Kenmerkend voor subsidies tot € 5.000 is dat deze op basis van vertrouwen worden verleend; er wordt niet meer standaard om verantwoording gevraagd” (Algemene subsidieverordening, toelichting artikel 13). Het verstrekken op basis van vertrouwen wordt met name verwoord bij subsidieregelingen die kleinere bedragen ter beschikking stellen, zoals de subsidieregeling onderhoud dorpshuizen van augustus 2020. Deze regeling stelt in dit verband: “De regeling is gebaseerd op vertrouwen. Dit betekent dat de subsidie wordt verleend onder gelijktijdige vaststelling van het subsidiebedrag zodat er geen verantwoording door de aanvrager behoeft te worden afgelegd” (Subsidieregeling onderhoud dorpshuizen, artikel 5 lid 3). In sommige adviesnota’s wordt de bestuurscultuur opgevoerd: “Onze gemeente kent een bestuurscultuur die zich het best laat typeren als ‘nabij besturen’.
Dat wil zeggen: in de relatie tussen bestuur en burger wordt gestreefd naar korte lijnen, actief burgerschap en betrokkenheid bij de eigen leefomgeving” (Adviesnota B&W, Subsidieregeling kleinschalite ontmoetingsactiviteiten in dorpen en wijken 2022, 1 maart 2022, Adviesnota B&W, 11 juli 2022). In sommige regelingen onderscheidt de gemeente waarderingssubsidies, ontwikkelsubsidies en projectsubsidies, zoals in de subsidieregeling dorpen en wijken. De aanvraag hiervoor kan worden afgewezen, als de aanvraag gericht is op een bijdrage in de exploitatie (artikel 10, lid 1d, subsidieregeling dorpen en wijken). Een projectsubsidie wordt in artikel 1 van deze regeling als volgt gedefinieerd: “Projectsubsidie; een subsidie voor de realisatie van een leefbaarheidsproject gebaseerd op een dorps- of wijkvisie dan wel een werkplan van het dorp of de wijk” (artikel 1, lid 3, subsidieregeling dorpen en wijken). Men zou de stelling kunnen betrekken, dat een subsidie die dient voor de realisatie van een project, de facto een bijdrage levert aan de exploitatie van dat project. De vraag rijst dan, waarom een bijdrage in de exploitatie als afwijzingsgrond wordt genoemd in artikel 10. Het onderscheid tussen de diverse subsidies die de gemeente onderscheidt, is ook voor andere regelingen relevant.
Zo komen subsidieontvangers die een waarderingssubsidie ontvangen niet voor indexering van subsidie in aanmerking (artikel 2, Subsidieregeling indexering van subsidies).
77
Subsidies
Sommige regelingen zijn vrij globaal geformuleerd. Zo worden eenmalige activiteiten op het gebied van sport, cultuur en taal onder één regeling gebracht: de subsidieregeling incidentele subsidie Waadhoeke. In de gemeente die in de vergelijking is betrokken, worden hier verschillende subsidieregelingen voor vastgesteld. Als reden hiervoor wordt door deze andere gemeente aangegeven, dat verschillende regelingen de mogelijkheid bieden om te differentiëren per beleidsterrein. Zo worden op het gebied van sport andere subsidiebedragen beschikbaar gesteld en andere verdeelsleutels gehanteerd dan op het gebied van cultuur. Ook de afwijzingsgronden verschillen tussen de diverse subsidieregelingen. Sommige regelingen bieden ruimte voor verschillende interpretaties. Zo kunnen kleine instellingen een beroep doen op de regeling verantwoording subsidie kleine instellingen Waadhoeke. Volstaan kan dan worden met een beoordelingsverklaring in plaats van een controleverklaring (Regeling verantwoording subsidie kleine instellingen Waadhoeke). Dit geldt echter niet voor instellingen die vallen onder de categorie hogere financiële risico’s (artikel 2, regeling verantwoording subsidie kleine instellingen).
Hiervan is sprake als de instelling liquiditeitsproblemen of continuïteitsproblemen heeft, maar ook als sprake is van een in geld hoog verstrekte subsidie in vergelijking met andere instellingen (artikel 1, regeling verantwoording subsidie kleine instellingen). De regeling laat zich niet uit met welke andere instellingen dan wordt vergeleken en wanneer dan precies sprake is van ‘een in geld hoog verstrekte subsidie’. Daarnaast geldt de regeling niet voor instellingen waarbij sprake is van belangrijke tekortkomingen in de administratieve organisatie en interne beheersing van de instellingen. Ook hier rijst de vraag wanneer daar precies sprake van is. De praktijk wijst uit, dat zelfs binnen gemeenten zelf hier de nodige discussies over gevoerd kunnen worden (Anderson, 2021). Ook de term liquiditeitsprobleem kan verschillend worden ingevuld. In sommige regelingen zijn de termijnen vatbaar voor verschillende interpretaties. Zo wordt in de subsidieregeling peuteropvang en VVE gesteld, dat de subsidie per maand kan worden aangevraagd (Subsidieregeling peuteropvang en VVE, artikel 5 en 6). Niet duidelijk wordt of dit nu voorafgaande, tijdens of na verloop van de desbetreffende maand gedaan moet worden. Soms is de subsidieregeling redelijk gecompliceerd. De subsidieregeling indexering van subsidies onderscheidt bijvoorbeeld een loongevoelig deel en een prijsgevoelig deel.
Deze twee delen worden afzonderlijk geïndexeerd. Bovendien wordt vervolgens een correctie toegepast: de indexering wordt vermenigvuldigd met het percentage gemeentelijke subsidie van de totale baten van de begroting van de instelling (artikel 3, Subsidieregeling indexering van subsidies). Als toelichting op deze correctie wordt het volgende gesteld: “Er zijn instellingen die voor bijvoorbeeld 40% inkomsten uit entreegelden ontvangen. Het zou de ongelijkheid van de verschillende inkomstenbronnen in de hand kunnen werken” (Subsidieregeling indexering van subsidies). Dit verwondert. In samenhang met artikel 3 van deze regeling, wordt dus eerst geïndexeerd over de totale baten, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen een
78
Subsidies
looncomponent en een prijscomponent. Vervolgens wordt berekend welk percentage van de totale baten bestaat uit gemeentelijke subsidie. Tot slot wordt dan dat percentage omgeslagen over de totale indexering. Andere gemeenten hanteren in dit verband een minder gecompliceerde systematiek. Het subsidiebedrag wordt ‘gewoon’ geïndexeerd op basis van de indexeringen die in de programmabegroting worden vastgesteld. De gemeente die in de vergelijking
betrokken
is,
heeft
de
indexering
opgenomen
in
de
algemene
subsidieverordening. De bepaling op dit punt luidt: “Het college kan een subsidieplafond verlagen of indexeren. Bij indexatie wordt het door de gemeenteraad bepaalde percentage gehanteerd”. Het effect van subsidies krijgt in sommige adviesnota’s expliciet aandacht. Zo staat men bij de subsidieregeling kleinschalige ontmoetingsactiviteiten dorpen en wijken 2022 II een evaluatie voor, waarbij tevens naar de effecten wordt gekeken: “Voor beide regelingen c.q. subsidierondes I en II geldt dat de gesubsidieerde activiteiten voor 1 juli 2023 uitgevoerd dienen te worden. Na afloop van deze projectperiode wordt een uitvraag gedaan bij subsidieaanvragers om te toetsen hoe laagdrempelig de regelingen zijn geweest. Ook wordt er dan gekeken naar het maatschappelijk effect van beide regelingen. Hiervoor wordt een kwalitatieve evaluatie uitgevoerd; kwantitatieve uitspraken zijn statistisch onbetrouwbaar, omdat er geen nulmeting beschikbaar is van de hoeveelheid ontmoetingen en contactmomenten in Waadhoeke. Aan de hand van de verplichte verantwoording op de projectenkaart WatWaarWaadhoeke zal nader worden ingezoomd op het karakter van de uitgevoerde activiteiten en acties – en wat die betekend hebben voor de inwoners van onze gemeente. De leerpunten die we uit deze informele evaluatie halen, kunnen van nut zijn voor eventuele vervolgsubsidieregelingen” (Adviesnota, 11 juli 2022).
Daarbij bevreemdt de argumentatie: het ontbreken van een nulmeting vormt immers tevens bij een kwalitatief onderzoek een knelpunt.
4.6 Verdeling en plafonds In sommige subsidieregelingen wordt bepaald, dat als het totaal beschikbare budget wordt overschreden, de subsidieaanvraag wordt afgewezen. Aanvragen voor subsidie worden behandeld op volgorde van binnenkomst. Een voorbeeld hiervan is de AED subsidie. Bij deze regeling wordt een plafond voor incidentele en voor structurele activiteiten vastgesteld, terwijl de aanvraag wordt behandeld op volgorde van binnenkomst (Subsidieregeling AED, artikel 4). De subsidieregeling Doarre & Dwaan Waadhoeke 2021 biedt eveneens een illustratie van deze methode. Ook hier worden aanvragen behandeld op volgorde van binnenkomst. Als het plafond van € 50.000 is bereikt, dan wordt de aanvraag afgewezen (artikel 8, Subsidieregeling doarre & dwaan). Ook andere gemeenten passen deze verdeelmethode toe voor vergelijkbare
79
Subsidies
activiteiten. De gemeente die in de vergelijking bij dit onderzoek betrokken is, bepaalt in dit verband dat de verstrekking van subsidie plaatsvindt “tot het budget op is” (Subsidieregeling, gemeente X). De subsidieregeling kleinschalige activiteiten dorpen en wijken vormt eveneens een voorbeeld van deze systematiek: aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst (artikel 6). Ook voor activiteiten op het terrein van leefbaarheid en participatie, hanteert de gemeente een dergelijke insteek (Subsidieregeling dorpen en wijken 2018, artikel 10). Als het subsidieplafond van € 1,2 mln. is bereikt, dan kan de aanvraag worden afgewezen (artikel 10, lid 1 h). Dit ligt in lijn met de gemeente die in de vergelijking is betrokken. Ook deze gemeente bepaalt in de subsidieregeling voor vergelijkbare activiteiten, dat de subsidie wordt verstrekt tot het budget op is. Een verschil is echter, dat de subsidieregeling dorpen en wijken 2018 niet expliciet bepaalt,