Rapportage subsidies Waadhoeke DEF.pdf
Tekst van het document
26
Subsidies
Grootboeknummers Omschrijving
Primitieve begroting 2022
Begroting na wijziging
Raad en raadscommissies
14.005
14.005
Burgemeester en wethouders
1.600
1.600
Representatie en Promotie
500
15.500
Samenwerkingen
4.600
4.600
Overige personele kosten
7.015
7.015
Financiele Instellingen
Realisatie t/m 289-2022
Restant budget
667
13.338 1.600
15.000
500 4.600
4.370
2.645
2.000
2.000
Openbare orde en veiligheid
14.530
14.530
14.530
Overige voorzieningen qua wegen
8.960
8.960
8.960
Openbare verlichting
7.092
7.092
7.092
Overige kosten onderwijs
30.386
19.775
10.873
8.902
0
67.269
67.269
0
Onderwijshuisvesting (Voortgezet onderwijs) Peuterspeelzalen
314.962
314.962
313.744
1.218
125.593
125.593
36.941
88.652
Onderwijs Achterstand Beleid (OAB)
884.207
933.099
596.594
336.505
Einstein Class
99.000
99.000
100.000
-1.000
26.667
10.136
16.531
Onderwijshuisvesting (Basisonderwijs)
Nationaal Programma Onderwijs Sport Algemeen
51.154
190.716
101.941
88.775
Sportsubsidies en overige sportaangelegenheden Buurtsportcoaches
18.564
18.564
32.590
-14.026
675.823
675.823
675.919
-96
De Trije Franeker subsidie
334.028
284.028
211.245
72.783
De Bildtse Slag Sint Annaparochie
461.445
463.409
463.409
0
Sportaccommodaties algemeen
3.126
249.091
Kaatsvelden vm Franekeradeel
3.083
3.083
3.304
-221
Sportaccommodatie Tzum
15.629
16.244
16.244
0
Voetbalvelden Achlum
6.252
6.608
6.608
0
Sportvelden vm Het Bildt
10.275
10.275
10.686
-411
249.091
Sportvelden vm Menameradiel
24.069
24.069
Overige Cultuur
91.000
91.000
Overige Cultuur
214.184
195.750
177.037
18.713
Muziekonderwijs, subsidie
372.269
381.814
320.170
61.644
De Koornbeurs subsidie
487.873
491.311
492.491
-1.180
Bevordering Bildtse/Friese taal
24.020
32.020
6.570
25.450
Overige musea
2.750
2.750
2.750
0
Museum Martena, subsidies
289.897
290.895
290.895
0
Museum Martena gebouw
16.234
16.440
16.440
0
Planetarium, subsidie
215.080
216.200
217.168
-968
27
Subsidies
Monumenten
164.976
170.879
180.187
-9.308
Subsidies Media
27.000
29.891
29.891
0
1.002.574
1.016.490
1.026.390
-9.900
2.000
2.000
Bibliotheek en Documentatiecentra Openbaar groen Speeltuinen en -plaatsen
2.000 33.160
-33.160
Speeltuinen en -plaatsen
3.922
13.922
Opvang asielzoekers (AZC)
9.150
9.150
9.150
0
Begeleiding statushouders
147.450
178.450
170.662
7.788
Kinderopvang
150.404
150.404
210.828
-60.424
77
-77
Algemeen maatschappelijk werk
13.922
Algemeen maatschappelijk werk
498.451
537.220
509.520
27.700
Sociaal cultureel werk
584.223
588.174
661.212
-73.038
Sociaal cultureel werk
75.000
Dorps- en buurthuizen Dorps- en buurthuizen
75.000 970.304
99.260
1.190.438
Coronaherstelplan
-970.304 1.190.438
1.750
-1.750
Coronaherstelplan
43.000
43.498
-498
Coronaherstelplan
137.200
124.803
12.397
Coronaherstelplan
70.000
70.000
0
136.950
136.950
136.950
0
0
0
219.000
-219.000
Bijzondere bijstand
11.920
21.920
16.923
4.997
Opvang en beschermd wonen
32.000
32.000
32.000
0
Algemeen maatschappelijk werk
387.311
387.311
280.412
106.899
Subsidie gezondheidszorg
23.181
23.181
21.605
1.576
Jeugdgezondheidszorg
31.465
33.221
Riolen en rioolgemalen
20.800
20.800
Gebiedsteam Bijzondere bijstand, Dienst SoZaWe
Riolen en rioolgemalen Huisvuil
33.221 22.852
-2.052
1.722
-1.722
63.088
39.305
102.393
102.393
Overig afval
4.500
4.500
4.500
Omgevingsbeleid - Milieu Algemeen
14.200
14.200
14.200
Omgevingsbeleid - Milieu Algemeen
20.000
20.000
20.000
Begraafplaatsen incl. militaire begraafplaats Stads- en dorpsvernieuwingsgebieden
100
100
100
700.000
68.500
68.500
15.000
15.000
Leges omgevingsvergunningen Dorpenvisies
300.000
300.000
262.656
37.344
9.188.366
10.714.051
9.299.701
1.414.350
28
Subsidies
Ambtelijk wordt bij de aanlevering het volgende gesteld: “Categorie 438.00 zijn niet alleen subsidies maar eveneens bijdragen, dus dat loopt wat door elkaar” (Ambtelijke reactie, 12 oktober 2022). Aangezien de Awb de term bijdrage niet kent, vraagt de rekenkamer diezelfde dag wat het onderscheid tussen subsidie en bijdrage precies is. Hier wordt 19 oktober 2022 het volgende antwoord op gegeven: “Een subsidie is gebaseerd op de algemene subsidieverordening, meestal staat hier een verwachte prestatie tegenover. Echter zitten er tussen subsidies ook nuanceverschillen (bv vaste subsidie / subsidie afhankelijk van de omzet etc…). Een bijdrage wordt vaak verstrekt zonder dat hier een tegenprestatie tegenover staat, een bijdrage is niet gebaseerd op de algemene subsidieverordening” (Ambtelijke reactie, 19 oktober 2022). Als naar het overzicht wordt gekeken, kan geconstateerd worden dat ook budget is gereserveerd voor raad en raadscommissies, burgermeester en wethouders, promotie, representatie, etc. Dit zullen vermoedelijk geen subsidies zijn, maar bijdragen. Aangezien deze bijdragen op dezelfde categorie worden geboekt als subsidies, is een splitsing niet meer te maken, zodat het overzicht niet goed bruikbaar is. Tevens vraagt de rekenkamer of dergelijke overzichten ook voor eerdere jaren beschikbaar zijn. Hier is geen reactie op binnengekomen.
Ook de subsidieregelingen zelf zijn wat lastig inzichtelijk te krijgen. In juli 2022 worden de subsidieregelingen aangeleverd die onder de afdeling Samenleving vallen. In juli 2022 worden ook de documenten aangeleverd met betrekking tot de subsidie die onder de afdeling Communicatie vallen. De vraag rijst nu, of er geen andere subsidieregelingen zijn die onder de andere afdelingen vallen, zoals de afdeling Omgeving. 19 juli 2022 mailt de rekenkamer in dit verband het volgende: “Beste X, Zeer veel dank! Hebben we hiermee alle subsidieregelingen in beeld, denk je? Mij staat bij, dat ook nog vanuit ruimtelijk domein regelingen zouden volgen, maar dat weet ik niet meer zeker. Met hartelijke groet, Rick” Hierop mailt de ambtelijke organisatie op 20 juli 2022 als volgt: “Goedemorgen Rick, Goed dat je dat aangeeft.
29
Subsidies
Wat we nu hebben aangeleverd betreft de subsidieaanvragen en besluiten van de afdeling Samenleving. Er zijn ook andere afdelingen betrokken bij subsidieaanvragen. Willen jullie alle subsidierelaties (incidenteel en structureel) in beeld hebben?” De rekenkamer reageert die zelfde dag dat inderdaad alle regelingen nodig zijn voor dit onderzoek. Op 29 augustus 2022 mailt de rekenkamer een reminder. De rekenkamer verzoekt daarbij nogmaals om een overzicht van alle regelingen. Op 30 augustus 2022 mailt de rekenkamer het volgende naar de gemeentesecretaris. “Beste Y, Kan het zijn dat X op vakantie is? Ik krijg geen reacties meer op mijn reminders, maar krijg ook geen afwezigheidsmeldingen. Het punt is namelijk, dat ik een aantal vragen al een tijdje open heb staan en dat het onderzoek naar subsidies dreigt te stagneren (zie bijlage). De twee belangrijkste vragen zijn de volgende: Hebben jullie een overzicht vanaf 2018 van alle verstrekte subsidies? Ik heb nu alleen nog maar de subsidies die door de afdeling Samenleving zijn verstrekt. Hebben jullie een overzicht van alle subsidieregelingen? Die van de afdeling Samenleving heb ik, maar X en ik vermoeden dat ook andere afdelingen met subsidieregelingen werken. Hoor heel graag en alvast zeer veel dank voor de genomen moeite.
Met hartelijke groet, Rick Anderson Rekenkamer Waadhoeke” Via de ondersteuning van de gemeentesecretaris wordt vervolgens weer doorverwezen naar het ambtelijk aanspreekpunt voor dit onderzoek (X). Op 8 september 2022 wordt in een gesprek tussen de rekenkamer en dit aanspreekpunt duidelijk, dat weliswaar vanuit de afdeling Samenleving en de afdeling Communicatie alle subsidieregelingen zijn opgeleverd, maar dat dit niet mogelijk is voor de overige afdelingen. Er bestaat geen integraal bestand van beschikbare subsidieregelingen. 30
Subsidies
Wel worden op 25 augustus 2022 de activiteitenramingen over de jaren 2020, 2021 en 2022 verstrekt. Een activiteitenraming is een nadere specificatie van de programmabegroting. In deze ramingen wordt zeer veelvuldig melding gemaakt van geraamde subsidies. Dit wordt echter gepresenteerd op grootboeknummerniveau. De activiteitenramingen bevatten niet een overzicht waarin alle subsidies in één overzicht worden gepresenteerd. Op 17 augustus 2022 kan het volgende beeld van de afdeling Samenleving worden gegenereerd, op basis van de informatie die de ambtelijke organisatie tot dusver heeft kunnen aanleveren:
Afdeling Samenleving
2018
Dorpenvisies
2019
2020
2021
2022
347.580,98
529.341,32
363.670,59
233.675,73
10.726,00
18.113,00
8.907,00
2.825,00
-48.101,60
-43.986,00
-53.333,00
12.318,17
314.540,68
314.280,36
314.015,04
313.744,21
152.267,18
107.587,46
120.880,23
27.514,69
-10.305,50
-1.320,20
-767,25
-423,00
224.944,23
575.523,41
658.437,84
577.545,03
81.566,14
80.044,50
100.000,00
145.612,80
317.421,04
133.811,12
567.054,00
546.460,00
675.919,00
262.581,00
273.060,00
276.056,00
211.245,00
12.500,00
-
-
-
45.000,00
45.000,00
-
-
445.986,00
452.853,00
461.445,00
463.409,00
27.084,73
4.520,26
-
-
3.125,90
1.589,52
3.262,64
3.304,07
15.629,43
15.629,43
16.040,48
16.244,19
6.251,77
6.358,05
6.525,27
6.608,14
-
-
-
10.686,00
175.215,63
199.603,50
250.325,40
168.186,79
364.154,00
352.865,90
332.443,80
333.524,00
73.479,97 Overige kosten onderwijs 2.652,00 Onderwijshuisvesting basis / Winsum -42.662,49 Onderwijshuisvesting VO 314.962,00 Peuterspeelzalen 170.020,61 Leerlingenvervoer -8.743,12 Onderwijs achterstanden beleid Einstein Class Sportsubsidies Algemeen
34.397,05 59.491,17
Buurtsportcoaches -3.333,00 De Trije Franeker 260.496,00 Sporthal Tzummarum 22.094,00 Schatzenburg Menaam 45.000,00 De Bildtse Slag St. Annaparochie 445.986,80 Sportaccommodaties algemeen 39.633,31 Kaatsvelden vm Franekeradeel 3.083,34 Sportaccommodatie Tzum 15.416,68 Voelbalvelden Achlum 6.166,67 Sportvelden Het Bildt Overige cultuur 230.529,55 Muziekonderwijs -
31
Subsidies
De Koornbeurs subsidie
456.804,00
601.245,00
502.701,00
492.491,00
10.328,94
14.856,00
5.961,00
3.335,00
401.592,57
469.826,50
539.382,50
527.252,67
163.531,00
163.831,00
182.576,17
174.284,00
26.000,00
26.000,00
27.000,00
29.890,56
949.425,00
987.885,00
1.002.574,00
1.016.490,00
7.920,00
-
-
-
2.500,00
2.500,00
2.790,00
1.180,00
20.265,42
33.160,00
-
-
-
9.150,00
129.635,00
150.803,16
139.569,56
170.662,00
47.296,17
73.371,16
275.566,10
155.318,90
624.515,11
595.889,75
484.651,95
509.597,10
400.834,71
415.709,86
600.939,98
661.211,78
513.195,25
105.330,75
98.625,75
970.303,75
20.000,00 De Koornbeurs separate boeking 410.134,00 Bevordering Bildtse/Friese taal 9.990,72 Musea Monumenten 155.981,00 Subsidies Media 22.811,74 Bibliotheek en doc. Centra 875.149,91 Toeristische voorzieningen Openbaar groen 4.500,00 Speeltuinen en -plaatsen 2.540,00 Opvang asielzoekers (buiten en binnen AZC) 62.654,00 Begeleiding statushouders 107.214,00 Kinderopvang 61.406,30 Alg. maatschappelijk werk 1.911.979,20 Sociaal cultureel werk 373.337,13 Dorps- en buurthuizen 499.488,26 Corona herstelplan
195.418,00
Gebiedsteams
-
-
137.310,40
136.950,00
12.415,60
11.919,95
17.171,85
16.923,35
-4.578,47
-16.493,60
-
-
-
-
-
-
41.270,00
32.000,00
25.194,00
32.000,00
392.280,33
454.236,00
330.496,43
249.264,00
30.839,23
22.180,00
20.418,00
20.570,00
31.679,00
39.870,00
39.870,00
-
6.621.350,92
7.797.392,48
8.154.608,69
8.694.409,25
6.332.177,04
7.313.357,36
7.863.614,35
8.522.010,52
-58.407,10
-45.306,20
-72.676,25
-61.277,00
6.273.769,94
7.268.051,16
7.790.938,10
8.460.733,52
9.075,00 Bijzondere bijstand 8.744,70 Dagbesteding 52.660,00 Wmo immaterieel Opvang en beschermd wonen 20.885,00 Alg. maatschappelijk werk II 392.793,00 Subsidie gezondsheidszorg 16.364,90 Jeugdgezondheidszorg 31.846,00 Totaal 6.683.828,35 Totaal excl. dorpenvisies volgens WH excl. cred. Crediteuren volgens WH
3.288.848,95 -48.072,61
Totaal volgens WH excl dorpenvisies 3.240.776,34
32
Subsidies
Crediteuren volgens RK
-58.407,10
-45.306,20
-54.100,25
-423,00
6.273.769,94
7.268.051,16
7.790.938,10
8.460.733,52
6.332.177,04
7.313.357,36
7.845.038,35
8.461.156,52
-54.738,61 Totaal inclusies crediteuren excl. dorpsvisies 6.610.348,38 Totaal exclusief crediteuren excl. dorpsvisies 6.665.086,99
Met betrekking tot de afdeling Omgeving kan het volgende overzicht worden gegeven: OVERZICHT SUBSIDIES AFDELING OMGEVING Naam aanvrager
Omgeving 2021 Cluster
1
Stichting Trezoor
Cultuurhistorie
2
Stichting de Vrouwbuurtstermolen
Cultuurhistorie
3
Stichting Molen de Korenaar
Cultuurhistorie
4
Stichting Open Monumentendag Waadhoeke
Cultuurhistorie
5
Stichting De Fryske Mole
Cultuurhistorie
6
Stichting Molens in Menaldumadeel
Cultuurhistorie
7
Stichting tot behoud van monumenten in de gemeente Waadhoeke Stichting tot behoud van monumenten in de gemeente Waadhoeke
Cultuurhistorie
8
Cultuurhistorie
Doel
Instandhouding en verbreiding van de historische documentatie Franekeradeel. De molen in stand te houden en jong en oud in contact te brengen met de molen. Instandhouding van de molen in Sexbierum. Waadhoeke cultureel op de kaart te zetten door de openstelling van de monumenten in gemeente Waadhoeke. Het bevorderen en verzekeren van de instandhouding van de molens in Fryslân. Ontvangt een bijdrage ad € 23.131 voor de instandhouding van 7 molens Instandhouding van rijksmonumenten in Waadhoeke. Instandhouding van rijksmonumenten toren Spannum en molen nabij Winsum
Bedragen
Structureel
X
Incidentele X
2.500,00
X
3.500,00
X
X
X
7.000,00
X
23.131,00
X
122.500,00
X
11.653,00
X
33
Subsidies
9
Stichting Herstel dorpen en Bildtdijken
Cultuurhistorie
Behoud beschermd dorpsgezicht
300.000,00
10
Stichting Bestemming Noardwest nl.
Recreatie en Toerisme
45.000,00
11
Stichting Bestemming Noardwest
Recreatie en Toerisme
12
Ondernemersvereniging Sint Annaparochie Ondernemersvereniging Sint Annaparochie
Economische Zaken Recreatie & Toerisme
14
Stichting Ondernimmers Fôns St. Anne
Economische Zaken
Verantwoordelijk voor de regiomarketing in Noardwest-Fryslân Voor een externe procesbegeleider om Stichting Bestemming Noardwest te ondersteunen in het vervolgproces van de stichting. Het realiseren van LED-schermen Ontwikkeling van het promotiethema Rembrandt en Saskia Bevordering van de promotie van Sint Annaparochie e.o..
15
Stichting Young Solar Friesland
Duurzaamheid
15.000,00
X
16
De Skûle Welzijn
Duurzaamheid
70.000,00
X
17
Agrarisch Collectief Waadrâne
Duurzaamheid
45.000,00
X
18
Stichting Ster van de Elfsteden Dorpsbelang SkingenSlappeterp
Economische Zaken Recreatie & Toerisme
Jongeren enthousiast te maken voor techniek, innovatie en duurzaamheid. Inzet van energiecoaches in de gemeente Waadhoeke. Agrarisch natuurbeheer binnen de gemeente Waadhoeke. Stimuleren promotie Franeker Instandhouding van wandelpad 't Boerepaad
13
19
X X
3.968,00
X
14.950,00
X
6.250,00
X
12.000,00
X
60.000,00
X
2.500,00
X
Een nadere analyse leert, dat in het overzicht van de afdeling Omgeving subsidies staan vermeld die ook in het overzicht van de afdeling Samenleving zijn opgenomen. Dit betreft de subsidies die verstrekt zijn in het kader van cultuurhistorie, met uitzondering van de subsidie aan de stichting tot behoud van monumenten in de gemeente Waadhoeke en de subsidie aan de stichting Herstel dorpen en Bildtdijken. Het aangeleverde overzicht van de subsidies die vanuit de afdeling Omgeving worden verstrekt is daarmee niet alleen onvolledig (want heeft enkel betrekking op het jaar 2021), maar overlapt daarnaast voor een deel het overzicht van subsidies die vanuit de afdeling Samenleving worden verstrekt. In het ambtelijk wederhoor wordt hierover het volgende opgemerkt: “De overlapping heeft te maken met het feit dat naast
34
Subsidies
de afdeling Omgeving ook de afdeling Samenleving verantwoordelijk is voor een deel van de advisering en afdoening (Cultuurhistorie)” (Ambtelijk wederhoor, 15 november 2022).
3.3 Welk beleid hanteert de gemeente ten aanzien van het verstrekken van subsidies? 3.3.1 De algemene subsidieverordening Tijdens de eerste vergadering van de raad van de gemeente Waadhoeke, d.d. 2 januari 2018, worden niet alleen alle raadsleden beëdigd, maar wordt tevens een aantal verordeningen door de nieuwe raad vastgesteld. In het raadsvoorstel wordt toegelicht, dat tijdens het fusieproject veel energie gestoken is in het verzamelen en harmoniseren van beleid van de verschillende fusiegemeenten. Dit heeft geleid tot een lijst van verordeningen die door zowel de stuurgroep, als de herindelingscommissie akkoord zijn bevonden (Raadsvoorstel, geharmoniseerde verordeningen, 2 januari 2018). Eén van die verordeningen betreft de algemene subsidieverordening. In artikel 3 van deze verordening wordt bepaald, dat het college beleidsregels (subsidieregelingen) kan vaststellen. In deze regels wordt dan bepaald welke activiteiten in aanmerking kunnen komen voor subsidie. Eventueel wordt hierin ook bepaald welke doelgroepen voor subsidie in aanmerking komen, hoe de subsidie wordt berekend en hoe de subsidiebedragen worden uitbetaald (artikel 3). Het college kan subsidieplafonds vaststellen. In dat geval wordt bij subsidieregeling bepaald hoe de betrokken subsidie verdeeld wordt.
Als het plafond wordt vastgesteld voordat de begroting is vastgesteld, kan het college dit plafond verlagen (artikel 5). Een aanvraag voor een subsidie dient schriftelijk te worden ingediend (artikel 6). Daarbij zal een beschrijving van de activiteiten, alsmede de doelstellingen en de resultaten van die activiteiten vermeld moeten worden. Ook wordt een begroting en een dekkingsplan aangeleverd door de indiener (artikel 6). Als het om een subsidie gaat die per kalenderjaar wordt verstrekt, dan dient de aanvraag voor 1 september voorafgaand aan het betreffende jaar ingediend te zijn. Een aanvraag die betrekking heeft op een subsidie die per boekjaar wordt verstrekt, zal uiterlijk 12 weken voor dat boekjaar moeten zijn ingediend. Overige aanvragen dienen tussen de 8 en 12 weken voordat de aanvragen met de activiteiten wil beginnen, ingediend te zijn. Het college kan in de subsidieregelingen andere termijn voorschrijven (artikel 7). Het college kan de subsidieaanvraag weigeren als de subsidieverstrekking in strijd is met Europese bepalingen. Daarnaast kan de subsidie onder andere geweigerd worden als de activiteiten niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen. Ook 35
Subsidies
zal de subsidie noodzakelijk zijn voor het verrichten van de activiteiten. Tevens kan het college de subsidie weigeren als al in de behoefte wordt voorzien door instellingen die jaarlijks bij de begroting subsidie ontvangen, dan wel als de aanvraag anderszins niet past binnen het beleidskader (artikel 9). Voor zover dit niet in beleidsregels is bepaald, wordt bij de verleningsbeschikking vermeld op welke wijze de subsidieontvanger de besteding van de subsidie dient te verantwoorden (artikel 10). Subsidies tot € 5.000 worden door het college direct vastgesteld of verleend en binnen 12 weken nadat de activiteiten uiterlijk moet zijn verricht, ambtshalve vastgesteld. Het kan zijn dat bij de verleningsbeschikking wordt vermeld hoe verantwoording moet worden afgelegd en in dat geval wordt de subsidie binnen 12 weken na deze verantwoording vastgesteld (artikel 13). Bij subsidie vanaf € 5.000 tot € 50.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in. Deze aanvraag zal uiterlijk 1 juni van het volgende kalenderjaar ingediend moeten zijn, of uiterlijk 12 weken nadat de activiteiten zijn verricht. Het college kan bij beschikking bepalen of de subsidieontvanger een controleverklaring dient aan te leveren (artikel 14). Ook bij subsidies vanaf € 50.000 zal de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling moeten indienen (artikel 15).
De aanvraag tot vaststelling bevat voor subsidies vanaf € 50.000 in beginsel altijd een controleverklaring. Subsidies vanaf € 5.000 worden door het college vastgesteld binnen 12 weken na ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling, tenzij de subsidieregeling anders bepaalt. Een meerjarige subsidie vanaf € 5.000 wordt vastgesteld voor 1 oktober. In een subsidieregeling kunnen categorieën subsidieontvangers worden aangewezen waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder dat een aanvraag tot subsidievaststelling behoeft te worden ingediend (artikel 16). Artikel 18 bevat een hardheidsclausule. Als bijvoorbeeld een gestelde termijn voor de subsidieontvanger onevenredige gevolgen zou hebben, wegens bijzondere omstandigheid, dan kan het college andere termijnen vaststellen. Tevens kan in een subsidieregeling worden bepaald dat het college van bepalingen uit zo’n subsidieregeling kan afwijken, als het vasthouden aan die bepalingen wegens bijzondere omstandigheden tot onevenredige gevolgen voor de subsidieontvanger zou leiden. Het college heeft tevens de bevoegdheid om gemotiveerd af te wijken van de algemene subsidieverordening. Indien de hardheidsclausule wordt toegepast, dan zal dit gemotiveerd moeten worden gedaan in een besluit en hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad (artikel 18).
Artikel 9 van de algemene subsidieverordening verwijst naar een beleidskader. Desgevraagd wordt aangegeven, dat de gemeente geen beleidskader met betrekking tot het subsidiebeleid
36
Subsidies
kent: “In je meest recente mail vraag je naar beleid als bedoeld in artikel 9 van de verordening. Hier wordt in zijn algemeenheid verwezen naar het feit dat er niet sprake kan zijn van strijdigheid met beleid (niet zozeer in strijd met 1 bepaalde beleidsnotitie)” (Ambtelijke respons, 19 juli 2022). In het ambtelijk wederhoor wordt in dit verband het volgende gesteld: “Dit staat in lid 3 onder h en kan een afwijzingsgrond zijn. Anders gezegd, is er geen beleid dan kun je niet op grond van deze zinsnede afwijzen. Het beleid hoeft er dus niet volgens de ALV te zijn” (Ambtelijk wederhoor, 15 november 2022). Van de mogelijkheid om subsidieregelingen vast te stellen, maakt het college gebruik. Deze subsidieregelingen zijn soms formeel van aard en hebben dan betrekking op de procedures. Soms zijn deze subsidieregelingen materieel van aard. In dat geval worden in de regeling de activiteiten omschreven waar subsidie voor kan worden aangevraagd en worden de maximale subsidiebedragen benoemd. In het navolgende zullen eerst enkele voorbeelden van materiële subsidieregelingen worden gegeven.
3.3.2 Materiële subsidieregelingen De subsidieregeling dorpen en wijken wordt op 27 november 2018 door het college vastgesteld. Daarbij besluit het college tevens om de regeling ter informatie aan de gemeenteraad te sturen. Het plafond wordt voor de periode 2018 tot en met 2021 vastgesteld op € 1,2 mln. euro (Adviesnota B&W, subsidieregeling dorpen en wijken 2018, 19 november 2018). Voordat het college deze regeling vaststelt, wordt de raad op 15 november 2018 in de gelegenheid gesteld zijn gevoelen kenbaar te maken. Dit leidt tot een aanpassing van de regeling. Eén van de afwijzingsgronden van artikel 10, dat de subsidieaanvraag wordt afgewezen als de aanvrager over voldoende middelen beschikt om de activiteit uit te kunnen voeren, wordt door enkele fracties onwenselijk geacht. Op aangeven van een andere fractie, besluit het college om van deze afwijzingsgrond een ‘kan bepaling’ te maken (Adviesnota B&W, 27 november 2018). Een en ander impliceert wel, dat nu van geval tot geval een afweging gemaakt moet worden. Om willekeur te vermijden wordt daarom een toetsingskader opgesteld, aldus de adviesnota (Adviesnota B&W, 27 november 2018). Dit toetsingskader is niet verstrekt door de ambtelijke organisatie. In het ambtelijk wederhoor wordt in dit verband het volgende gesteld: “De vraag is of deze wel bestaat.
Doet mi niet meer zo ter sprake, nu er een nieuwe regeling geldt per 1 jan a.s.” (Ambtelijk wederhoor, 15 november 2022). Op 29 januari 2019 stelt het college de subsidieregeling incidentele subsidie Waadhoeke 2019 vast. De voormalige vier fusiegemeenten kenden nog eigen regelingen voor het verstrekken van incidentele subsidies. Het college besluit in januari 2018 om deze regelingen te continueren in afwachting van de harmonisatie van de regelingen. Deze harmonisatie vindt in 2018 plaats, opdat het college de geharmoniseerde subsidieregeling in januari 2019 kan vaststellen. Oorspronkelijk is het de bedoeling om de regelingen pas te harmoniseren als er
37
Subsidies
duidelijkheid zou zijn over de inhoud van het nieuwe cultuur-, sport en totaalbeleid. De vormgeving van dit beleid is in 2018 echter nog niet gereed. Dit leidt in de gemeente tot vragen en soms tot enig onbegrip over het hanteren van vier verschillende regelingen. De oude regelingen verstrekken soms € 455 (in de voormalige gemeente Littenseradiel), maar soms € 2.000 (in de voormalige gemeente Franekeradeel) voor vergelijkbare activiteiten. In de nieuwe regeling kan een bijdrage van maximaal € 1.000 per aanvraag worden toegekend. Voorgesteld wordt daarop de nieuwe subsidieregeling vast te stellen en aan de hand van het nieuwe beleid de regeling later te vernieuwen (Adviesnota B&W, 29 januari 2019). De subsidieregeling incidentele subsidie Waadhoeke 2019 wordt op 14 februari 2019 gepubliceerd. De regeling beslaat eenmalige activiteiten op het gebied van sport, cultuur en/of taal (artikel 2). De activiteiten mogen niet binnen het reguliere takenpakket van een instelling vallen. Tevens worden activiteiten die bedoeld zijn voor stadspromotie dan wel activiteiten die een dorpsgebonden karakter hebben uitgesloten van de regeling (artikel 2.1). 25 april 2019 stelt de raad de startnotitie cultuur vast. Hierin staat de route weergegeven voor de harmonisatie van de subsidies voor de amateurkunst.
Alvorens de subsidieregeling vast te stellen, vraagt het college op 27 juni 2019 de raad om een zienswijze. De raad geeft hierop geen zienswijze, maar verzoekt het college het volledige budget voor de amateurkunst te benutten. De subsidieregeling amateurkunst wordt op 16 juli 2019 aangeboden aan het college (Adviesnota B&W, 16 juli 2019). De regeling hanteert een plafond, maar de hoogte daarvan wordt niet benoemd in de regeling (Subsidieregeling amateurkunst, artikel 5). Ook in de adviesnota wordt dit plafond niet expliciet benoemd. De adviesnota stelt in dit verband het volgende: “De harmonisatie van de subsidiemogelijkheden voor de sectoren toneel, dans en zang blijft binnen de bestaande budgetten. Voor de sector muziek wordt een afbouw voorgesteld” (Adviesnota B&W, 16 juli 2019). In het ambtelijk wederhoor wordt in dit verband het volgende opgemerkt: “Het klopt dat het niet goed staat in de regeling, artikel 5 b. Als je de regeling leest lopen we niet bepaald een risico, omdat we precies weten hoeveel muziekverenigingen, zangverenigingen en toneelverenigingen er zijn in Waadhoeke” (Ambtelijk wederhoor, 15 november 2022). Gelijktijdig bij het vaststellen van deze subsidieregeling, worden de eerdere bestaande regelingen van de voormalige gemeenten ingetrokken (Adviesnota B&W, 16 juli 2019). Op 13 mei 2019 de subsidieregeling AED vastgesteld.
De voorgestelde regeling gaat uit van een intermediaire rol van Dorps- en Wijkbelangen. “Zij moeten dergelijke subsidies aanvragen. Het alternatief is dat allerhande derden de subsidie aanvragen. Vanwege de administratieve last die dit met zich mee zou brengen is dat te ontraden”, zo stelt het collegevoorstel (Adviesnota, 13 mei 2019). Deze regeling wordt op 7 juni 2019 gepubliceerd in het gemeenteblad. De regeling geeft aan, welke eenmalige en structurele subsidies aangevraagd kunnen worden, als het bestuur van een dorps- of wijkbelang besluit om een AED aan te
38
Subsidies
schaffen. In deze regeling wordt gesteld, dat voor de aanschaf van AED’s een totaal budget van € 16.000 beschikbaar is. Voor de aanschaf van buitenkasten is een totaal budget van € 12.500 beschikbaar. Het jaarlijks beschikbare budget voor structurele subsidie voor periodiek onderhoud is € 9.935. Indien deze budgetten overschreden worden, dan wordt de aanvraag afgewezen (artikel 4, budgetregeling AED). Omdat de begroting 2019 niet voorziet in de dekking van deze regeling, wordt de raad op 25 april 2019 voorgesteld om de notitie Waadhoeke Hartveilig en de dekking vast te stellen. De dekking van het incidentele deel ad € 28.500 wordt gevonden binnen de post Onvoorzien éénmalig en de dekking van het structurele deel ad € 9.935 wordt gevonden binnen de post Onvoorzien structureel (Raadsvoorstel, AED beleid, 25 april 2019). De raad stelt op 27 juni 2019 de gemeentelijke notitie Onderwijsachterstandenbeleid 20192022 vast. Het kader voor de subsidieverlening is in die periode opgenomen in deze gemeentelijk notitie (Adviesnota B&W, 4 januari 2022).
In het rapport van de onderwijsinspectie over de kwaliteit VVE gemeente Waadhoeke in 2020, is als verbeterpunt genoemd om een specifiek VVE subsidiekader vast te stellen, waarin duidelijk voorwaarden zijn opgenomen voor de kwaliteitseisen van de Wet Kinderopvang en het Besluit Basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, de evaluatie van het beleid en aanvullende voorwaarden voor ouderbetrokkenheid. Per 1 januari 2022 is er een nieuwe wettelijke verplichting voor de inzet van pedagogisch beleidsmedewerkers voor VVE en subsidie hiervoor is van belang om de landelijke VVE doelstellingen te behalen. Het college geeft gehoor aan deze ontwikkelingen en bevindingen door op 11 januari 2022 de subsidieregeling Peuteropvang en VVE gemeente Waadhoeke 2022 vast te stellen (Adviesnota B&W, Subsidieregeling peuteropvang en VVE Waadhoeke 2022). Deze subsidieregeling richt zich op peuteropvang en op voorschoolse educatie voor de VVE doelgroep (artikel 2, Subsidieregeling peuteropvang en VVE). De subsidieregeling hanteert daarbij geen subsidieplafond. 30 juli 2019 stelt het college de subsidieregeling EHBO vast. In de adviesnota wordt gesteld, dat vrijwel alle subsidieregelingen geharmoniseerd zijn. “Er resteert nog een enkele relatief kleine regeling, zoals die voor EHBO verenigingen” (Adviesnota B&W, 23 juli 2019).
De raad besluit op 5 september 2019 om de onderhoudsregeling voor dorps- en buurthuizen en multifunctionele centra (MFC’s) op hoofdlijn te harmoniseren. Er wordt daarbij € 68.000 beschikbaar gesteld voor het laten opstellen van een meerjarenonderhoudsplan (MOP) en een energiescan. Deze worden opgeleverd en nu bekend is, wat de oppervlaktes zijn van de gebouwen, kan uitvoering worden gegeven aan een subsidieregeling. Deze subsidieregeling regulier onderhoud dorpshuizen, MFC’s en buurthuizen 2020-2023 wordt op basis van de
39
Subsidies
adviesnota van 15 juli 2020 vastgesteld in het college (Adviesnota B&W, 15 juli 20202). Gesteld wordt in de adviesnota voor het college, dat de regeling in hoofdlijnen door de gemeenteraad is vastgesteld. Tevens wordt gesteld in de adviesnota, dat de gemeenteraad in kennis wordt gesteld van de uitwerking van de regeling die in hoofdlijnen door de raad is vastgesteld en dat de raad bovendien op de hoogte wordt gesteld van de uitkomsten van de onderzoeken. Onder de paragraaf Financiën van de adviesnota wordt gesteld, dat in de begroting 2020 een structureel budget voor de periode 2020-2023 voor de onderhoudsregeling is opgenomen van € 102.500. Daarnaast is in 2023 een budget in de begroting beschikbaar van € 50.000 voor het opnieuw laten opstellen van een MOP (Adviesnota B&W, 15 juli 2020). Het bedrag van € 102.500 per jaar wordt tevens als plafond opgevoerd in de subsidieregeling (artikel 7, Subsidieregeling onderhoudsregeling voor dorpshuizen, augustus 2020). Op 9 april 2020 wordt de beleidsregel maatschappelijke – en sportactiviteiten t.b.v. bewoners AZC St.-Annaparochie aangeboden. Eerder, op 17 december 2019, besluit het college om de bestaande bijdrageregeling te continueren en te vertalen naar een beleidsregel (Adviesnota B&W, 9 april 2020). Het gaat hier om een specifieke regeling, waarin maar één ontvanger wordt opgevoerd: het COA.
Het bedrag dat jaarlijks in het kader van deze regeling ter beschikking wordt gesteld (€ 9.150), staat tevens opgenomen in de begroting (algemene voorwaarden, artikel 1, beleidsregel, 21 april 2020). Op 14 april 2020 besluit het college de subsidieregeling dorpen en wijken bij te stellen en 0p 21 april 2020 besluit het college om de bijgestelde subsidieregeling dorpen en wijken vast te stellen (Adviesnota, 15 april 2020). De regeling heeft als doel om subsidies beschikbaar te stellen aan subsidieaanvragers die zich inzetten op het terrein van leefbaarheid en participatie (artikel 3). De regeling stelt waarderings-, ontwikkel- en projectsubsidies beschikbaar (artikel 5, 6 en 7). Voor al deze subsidies is voor de periode 2018 tot en met 2021 een gezamenlijk budget van € 1,2 miljoen beschikbaar (artikel 8). De regeling vermeldt tevens enkele afwijzingsgronden. Zo kan een aanvraag worden afgewezen als het initiatief een reguliere taak van de gemeente is of gelijk is aan initiatieven die al worden gesubsidieerd. Tevens mag geen sprake zijn van een financieel belang, zoals het realiseren van winst en zal de aanvraag niet gericht mogen zijn
2
De adviesnota die is aangeleverd aan de rekenkamer, kent een dagtekening van 15 juli 2020. Het collegebesluit zal later genomen zijn. 40
Subsidies
op een bijdrage in de exploitatie. Ook kan de aanvraag worden afgewezen als het subsidieplafond van de regeling is bereikt (artikel 10). De ‘kan bepaling’, dat het college een aanvraag kan afwijzen als de aanvrager over voldoende middelen beschikt, is in deze bijgestelde subsidieregeling vervallen. In de periode 2018 tot en met 2021 wordt het budget van de subsidieregeling dorpen en wijken grotendeels besteed. Het college besluit daarop om voor 2022 een nieuw subsidieplafond vast te stellen van € 300.000 (Subsidieplafond, 13 juli 2022). Het besluit gaat vergezeld van de volgende toelichting: “Het kan zijn dat gedurende dit jaar aanvragen voor subsidies moeten worden afgewezen, omdat het begrote budget van € 300.000 niet toereikend is. Wij verwachten dat na september de kans aanwezig is dat we het begrote bedrag bereiken. Als dit het geval is, kan het zo zijn dat we nog subsidie verstrekken, maar dan op grond van een andere regeling c.q. op grond van de ASV. Mochten we geen subsidie willen verstrekken, dan kan het verzoek op financiële gronden worden afgewezen. We hebben alsnog de mogelijkheid om het verzoek zonder inhoudelijke motivering af te wijzen.
Er zijn een aantal onzekere factoren zoals extra financieringsverzoeken van MFC’s, speeltuinen of wensen van een nieuwe raad/college willen wij het subsidieplafond voor 2022 – gelijk aan voorgaande jaren – alsnog laten vaststellen door uw college. (...) Het doel van een subsidieplafond is in de eerste plaats om een openeinderegeling te voorkomen. Dat wordt bereikt doordat artikel 4:25, tweede lid, van de Awb voorschrijft dat een aanvraag om subsidie moet worden afgewezen als het subsidieplafond is bereikt. Een inhoudelijke toets is dan verder overbodig. Het ontbreken van geld op de begroting is op zichzelf geen voldoende motivering om een aanvraag af te wijzen. Als er geen subsidieplafond is vastgesteld en op de juiste manier is bekendgemaakt, zou iedere aanvraag die voldoet aan de inhoudelijke criteria moeten worden toegewezen. Verder geeft een bekendgemaakt subsidieplafond duidelijkheid aan de eventuele aanvragers. Zij weten daardoor immers hoeveel geld er in een bepaald tijdvak beschikbaar is” (Subsidieplafond, 13 juli 2022). Omdat de huidige regeling niet wordt aangepast, wordt dit nieuwe subsidieplafond in een apart besluit genomen. In mei 2020 stelt de raad de cultuurnota 2020 vast. Omdat de gemeente een vitaal cultuurveld wenst, is een ondersteuningsregeling voor nieuwe en experimentele projecten gewenst.
Bij de behandeling van de voorjaarsnota 2020 wordt hiervoor structureel € 50.000 vrijgemaakt. In navolging hiervan wordt op 27 oktober 2021 de subsidieregeling Doarre & Dwaan aangeboden aan het college (Adviesnota B&W, 27 oktober 2021). De subsidie bedraagt ten hoogste één derde van de totale kosten met een maximum van € 10.000 (artikel 3 lid 2). Als het plafond van € 50.000 is bereikt, wordt de aanvraag geweigerd (artikel 8, Subsidieregeling doarre & dwaan Waadhoeke 2021).
41
Subsidies
Op sommige beleidsterreinen worden gelden van het Rijk via een subsidieregeling beschikbaar gesteld. Zo heeft de gemeente voor cultuur € 512.000 ontvangen. Op 3 juni 2021 stemt de raad in met een totaal pakket aan maatregelen op het gebied van cultuur. Eén van die maatregelen betreft de tijdelijke subsidieregeling faciliteren verbinding met leden en vrijwilligers. Deze regeling kent een plafond van € 30.000 en de dekking hiervoor wordt gevonden in de bestemmingsreserve corona (Adviesnota B&W, 10 juni 2021). De subsidieregeling benoemt zelf geen plafond. De coronacrisis trekt ook in Waadhoeke een grote wissel op de samenleving. Om de negatieve gevolgen van deze crisis op te vangen, heeft het Rijk een steunpakket sociaal en mentaal welzijn en leefstijl van € 200 mln. beschikbaar gesteld. Op basis van dit steunpakket wordt de subsidieregeling
kleinschalige
ontmoetingsactiviteiten
in
dorpen
en
wijken
2022
vormgegeven. Deze regeling kent een subsidieplafond van € 37.500 (Subsidieregeling kleinschalige ontmoetingsactiviteiten, artikel 6). Onder de kanttekeningen bij de adviesnota wordt gesteld dat als het subsidieplafond overschreden dreigt te worden “men terugkomt bij het college met een nieuw advies” (Adviesnota B&W, 1 maart 2022). Dit gebeurt daadwerkelijk op 11 juli 2022. De regeling is dermate succesvol, dat het financieel plafond van de regeling binnen anderhalve dag wordt bereikt. Op 11 juli 2022 besluit het college dan ook de regeling te continueren en een tweede subsidieronde in gang te zetten, waarbij in totaal € 40.000 beschikbaar wordt gesteld. Dit bedrag wordt door de raad bij het vaststellen van de bestuursrapportage, d.d. 7 juli 2022, geautoriseerd. Als dit plafond is bereikt, dan wordt de regeling gesloten: “Na vaststelling van deze regeling door het college wordt de tweede subsidieronde opengesteld. Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend van 15 augustus tot en met 15 september 2022. Mocht het subsidieplafond eerder dan 15 september worden bereikt, dan sluiten wij de regeling voor nadere aanvragen. De activiteit of actie waarvoor subsidie is verleend, dient uitgevoerd te zijn voor 1 juli 2023, maar niet eerder dan 15 augustus 2022.
Indien deelnemers aangeven tegen drempels aan te lopen, dan kunnen wij in samenspraak kijken wat mogelijk is” (Adviesnota B&W, 11 juli 2022). In de adviesnota wordt onder de paragraaf Financiën de passage uit de eerste bestuursrapportage letterlijk aangehaald. Het college stelt in dit verband een geheel nieuwe subsidieregeling vast: de subsidieregeling kleinschalige ontmoetingsactiviteiten in dorpen en wijken 2022 II.
3.3.3 Formele subsidieregelingen Sommige subsidieregelingen zijn meer procedureel van aard. Deze regelingen worden aangemerkt als formele subsidieregelingen. Ter illustratie kunnen de navolgende voorbeelden dienen. In afwijking van artikel 15 van de algemene subsidieverordening, staat het college toe, dat kleine instellingen die van de gemeente een structurele subsidie van meer dan € 50.000
42
Subsidies
ontvangen, hun jaarlijkse verantwoording laten voorzien van een beoordelingsverklaring in plaats van een controleverklaring. Het gaat hier om instellingen die een formatie hebben van maximaal 4,5 fte., een beperkt takenpakket hebben en niet vallen onder de categorie hogere financiële risico’s (Regeling verantwoording subsidie kleine instellingen Waadhoeke, december 2018). Deze regeling wordt op 18 december 2018 door het college vastgesteld. In de toelichting wordt gesteld, dat een controleverklaring vrij prijzig is en daarnaast de nodige tijd van een instelling vergt. Op basis van de huidige situatie zou het om vier instellingen gaan. Drie van de instellingen hebben aangegeven met hoge kosten geconfronteerd te worden tot soms meer dan € 12.000. De gemeente heeft advies ingewonnen bij een extern adviesbureau. Dit bureau geeft aan, dat de vier instellingen een laag risicoprofiel hebben en dat kan worden volstaan met een beperkte mate van zekerheid zoals een beoordelingsverklaring deze biedt. Wel wordt als randvoorwaarde gesteld, dat de subsidiebedragen, de uitgaven en de inkomsten en de stand van de egalisatiereserve adequaat worden toegelicht. Deze randvoorwaarde is dan ook opgenomen in de regeling, aldus de adviesnota (Adviesnota B&W, 18 december 2018).
De regeling verwoordt deze randvoorwaarde in artikel 4 (Regeling verantwoording subsidie kleine instellingen Waadhoeke, 2018). De subsidieregeling bevoorschotting subsidie bepaalt, dat de verleende subsidie in het desbetreffende jaar voor 100% wordt uitbetaald. Als de jaarlijkse subsidie lager is dan € 20.000, dan wordt het bedrag in één keer omstreeks 15 februari uitbetaald. Bij subsidies van € 20.000 of hoger, wordt een uitbetaling in vier kwartaaltermijnen voorgeschreven (artikel 2). Deze regeling wordt door het college op 23 oktober 2018 vastgesteld (Subsidieregeling bevoorschotting subsidie, 23 oktober 2018). In dezelfde vergadering van 23 oktober 2018 stelt het college de subsidieregeling indexering van subsidies vast. Subsidieontvangers die personeel in dienst hebben of kapitaalgoederen in eigendom hebben, komen in aanmerking voor indexering van subsidie (artikel 2). Het loongevoelige deel wordt geïndexeerd met de loonstijging van de desbetreffende bedrijfstak van het voorafgaande jaar aan het jaar van de subsidieverlening. Het prijsgevoelige deel wordt geïndexeerd met het consumentenprijsindexcijfer van twee jaar voorafgaande aan het jaar van de subsidieverlening (artikel 3, Subsidieregeling indexering van subsidies, 23 oktober 2018).
Op basis van de bovengenoemde subsidieregeling indexering, besluit het college op 2 april 2019 een bedrag van € 33.545 beschikbaar te stellen vanwege de indexering van een aantal sport-, cultuur en welzijnsinstellingen. Een analyse van de subsidies levert namelijk op, dat vanwege loon- en prijscompensatie € 32.347 meer subsidie is berekend dan is opgenomen in de activiteitenraming 2019 (Adviesnota, 27 maart 2019). Deze aanpassing vindt tevens plaats op 19 maart 2020. Het college besluit die dag om een aanvullend bedrag van € 38.084 beschikbaar te stellen ten laste van onvoorzien met bestemming loon- en prijscompensatie en
43
Subsidies
om de begrotingswijziging voor de totale indexering voor te leggen aan de raad (Adviesnota, 19 maart 2020). Met dit besluit worden de geraamde bedragen in de activiteitenraming 2020 weer in overeenstemming gebracht met de berekende subsidies in de beschikkingen voor 2020. Het college besluit op 4 mei 2021 tot de indexering van de subsidies voor het jaar 2021, waarbij € 80.318 beschikbaar wordt gesteld ten laste van onvoorzien (Adviesnota, 4 mei 2021). Op 15 maart 2022 besluit het college tot de indexering van de subsidies voor het jaar 2022. Hier is een bedrag van € 43.231 mee gemoeid (Adviesnota, 15 maart 2022). In alle gevallen wordt de raad een begrotingswijziging voorgelegd.
3.4 Hoe verloopt het proces van subsidieverstrekking in de praktijk? 3.4.1 Museum Martena Het Museum Martena verkrijgt in 2021 € 291.619 aan subsidie van de gemeente. Het overzicht van de afdeling Samenleving vermeldt hierover het volgende:
De activiteitenraming voor 2021 vermeldt in dit verband:
44
Subsidies
Er wordt dus in 2021 meer subsidie verstrekt dan in de oorspronkelijke raming staat opgenomen. In het ambtelijk wederhoor wordt in dit verband het volgende gesteld: “In het collegebesluit van 4 mei 2021 wordt een begrotingswijziging van alle geïndexeerde subsidies aan de raad voorgesteld. Zie ook begrotingswijziging 5.06” (Ambtelijk wederhoor, 15 november 2022). Op 23 juni 2020 dient het museum Martena een subsidieaanvraag in voor € 63.700 voor het jaar 2021 in het kader van de herinrichting van het museum (Brief museum Martena, 23 juni 2020) Brief Waadhoeke, 16 december 2020). De aanvraag heeft de vorm van een brief: geen gebruik wordt gemaakt van een formulier o.i.d. van de gemeente. De totale begroting van de herinrichting wordt geraamd op € 774.960. Op 21 augustus 2020 dient het museum Martena een subsidieaanvraag in voor de exploitatie van het Martena Musem (Brief gemeente, 5 januari 2021, Subsidieaanvraag formulier 2021, 21 augustus 2020). Als beschrijving wordt opgevoerd: het exploiteren van het museum en het onderhouden, conserveren en presenteren van de historische collectie. Het museum vraagt € 282.268 subsidie aan, exclusief indexering. Het aanvraagformulier is voorzien van een activiteitenoverzicht en een begroting.
Op basis van de begroting 2021 wordt duidelijk, dat de gemeente over de jaren 2019 en 2020 soortgelijke bedragen ter beschikking heeft gesteld (Aanvraagformulier, 21 augustus 2020). Op 1 december 2020 besluit het college om het museum een aanvullende subsidie van € 63.700 toe te kennen voor de uitvoering van het herinrichtingsplan. Het betreft hier een eenmalige subsidie. Gesteld wordt, dat de gevraagde bijdrage in de kadernota deel 2 is meegenomen die op 5 november 2020 als onderdeel van de bespreking over de programmabegroting 2021, door de gemeenteraad is aangenomen. Als grondslag wordt de algemene subsidieverordening 2018 opgevoerd (Adviesnota, museum Martena, 1 december 2020). Later wordt desgevraagd ambtelijk aangegeven, dat de subsidie verstrekt is op basis van een collegebesluit (Ambtelijke reactie, 23 september 2022). 16 december 2020 schrijft de gemeente een brief aan het museum, waarin gesteld wordt, dat besloten is om voor het jaar 2021 € 63.700 aan subsidie toe te kennen voor de herinrichting van Museum Martena. Het bedrag zal rond medio februari 2021 in zijn geheel worden uitbetaald. Als grondslag wordt de algemene subsidieverordening 2018 van de gemeente opgevoerd.
Met het oog op de verwachte duur van de herinrichting en uit efficiency overwegingen wordt het museum verzocht om de verantwoording van de € 63.700 mee te nemen in de verantwoording van de reguliere subsidie over het jaar 2022. Deze verantwoording dient uiterlijk op 31 mei 2023 binnen te zijn bij de gemeente. Er wordt in de brief niet vermeld waar deze verantwoording aan moet voldoen (Brief Waadhoeke, 16 december 2020).
45
Subsidies
Op 5 januari 2021 stuurt de gemeente een brief aan het museum, waarin het besluit wordt vermeld met betrekking tot de subsidieaanvraag voor de exploitatie. Het college besluit om het museum een subsidie te verlenen van € 289.897 op basis van de algemene subsidieverordening 2018 en op basis van de subsidieregeling indexering subsidies gemeente Waadhoeke 2018. Verwezen wordt in deze brief naar de uitvoeringsovereenkomst: “Deze subsidie wordt aan u verleend onder de ontbindende voorwaarde dat ter uitvoering van deze beschikking een uitvoeringsovereenkomst wordt gesloten tussen de gemeente en Museum Martena” (Brief Waadhoeke, 5 januari 2021). De uitvoeringsovereenkomst maakt deel uit van de beschikking en de gemeente verzoekt het museum om één exemplaar te ondertekenen en terug te sturen aan de gemeente. Binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar moet verantwoording worden afgelegd in de vorm van een jaarrekening, een jaarverslag en een beoordelingsverklaring van de accountant. Na ontvangst van deze stukken vindt een beoordeling plaats en voor 1 december 2022 wordt de subsidie definitief vastgesteld (Brief Waadhoeke, 5 januari 2021). Daarnaast wordt een begrotingsvoorbehoud gemaakt op basis van artikel 4:34 Awb. Als de raad minder geld beschikbaar stelt, dan zal de gemeente het museum tijdig informeren.
Later wordt desgevraagd ambtelijk aangegeven, dat de subsidie verstrekt is op basis van een collegebesluit (Ambtelijke reactie, 23 september 2022). Op 11 januari 2021 ondertekenen de gemeente en het museum een uitvoeringsovereenkomst 2021. Gesteld wordt, dat de gemeente bij beschikking een meerjarige subsidie aan het museum verstrekt. Op basis van artikel 4:36 Awb kunnen vervolgens afspraken worden vastgelegd in een subsidieovereenkomst, die door de gemeente uitvoeringsovereenkomst wordt genoemd. In artikel 4.1 van deze overeenkomst worden de activiteiten en verplichtingen van de subsidieontvanger benoemd. In artikel 5.1 staat vermeld, dat het hier om een meerjarige budgetsubsidie gaat, die jaarlijks als voorschot wordt uitgekeerd. Artikel 6.1 stelt, dat jaarlijks voor 15 oktober bij het college een begroting en een activiteitenplan voor het volgend jaar ingediend moet zijn. Binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar legt de subsidieontvanger verantwoording af. Deze verantwoording bestaat uit een jaarrekening van het afgelopen jaar en een activiteitenverslag. Aangezien de verleende subsidie meer bedraagt dan € 50.000 per boekjaar, moet de jaarrekening voorzien zijn van een accountantsverklaring. Dit betreft een beoordelingsverklaring (Artikel 6, uitvoeringsovereenkomst). De overeenkomst treedt in werking op 1 januari 2021 en eindigt per 31 december 2021.
De overeenkomst vermeldt het bedrag van de subsidie zelf niet. In mei 2022 wordt het jaarverslag over 2021 van de stichting museum Martena gepubliceerd. Dit jaarverslag is zowel inhoudelijk als financieel van aard. Over het jaar 2021 wordt € 9.720 aan positief resultaat gerealiseerd. In het jaarverslag wordt melding gemaakt van € 328.843 aan baten van subsidies en bijdragen. De gemeente Waadhoeke wordt als belangrijkste subsidient opgevoerd in dit verslag. In het jaarverslag wordt niet vermeld hoe hoog de
46
Subsidies
verstrekte subsidie exact is (Jaarverslag 2021, Martena, mei 2022). Vermoedelijk in deze zelfde tijd (30 mei 2022, te beoordelen op basis van de documentnaam) wordt de jaarrekening 2021 van de stichting door de accountant opgeleverd. Het betreft hier een beoordelingsverklaring, welke leidt tot een beperkte mate van zekerheid. De accountant merkt in dit verband op: “De werkzaamheden uitgevoerd in het kader van een beoordelingsopdracht zijn aanzienlijk beperkter dan die uitgevoerd in het kader van een controleopdracht verricht in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden. Derhalve brengen wij geen controleoordeel tot uitdrukking” (Jaarrekening 2021, p. 4). In deze jaarrekening wordt melding gemaakt van de subsidie van de gemeente ad € 289.897. Gesteld wordt dat de subsidie van de gemeente een structureel karakter heeft (Jaarrekening 2021, p. 30). Als overlopende passiva post wordt € 49.000 bijdrage van de gemeente vermeld in verband met de herinrichting (Jaarrekening 2021, p. 26). Tevens worden in deze jaarrekening de belangrijkste subsidievoorwaarden benoemd op basis van artikel 4.1 van de uitvoeringsovereenkomst met de gemeente. Dit betreft de volgende voorwaarden:
(Jaarrekening 2021, p. 30).
De jaarrekening 2021 en het jaarverslag 2021 worden samen op 31 mei 2022 aangeboden aan de gemeente (Brief Martena, 31 mei 2022).
3.4.2 Agrarisch Collectief Waadrâne Op basis van het overzicht dat door de afdeling Omgeving is verstrekt, wordt in 2021 € 45.000 aan subsidie verstrekt aan het Agrarisch Collectief Waadrâne. De activiteitenraming voor 2021 maakt geen melding van een subsidie aan het collectief.
47
Subsidies
Op 12 februari 2021 legt het agrarisch collectief Waadrâne een projectplan aan de gemeente voor met betrekking tot biodiversiteit (Raadsvoorstel projectplan, 23 september 2021). Op 30 augustus 2021 dient het agrarisch collectie een definitieve aanvraag in bij de gemeente voor de realisatie van het project (Subsidiebeschikking, 15 november 2021). De duur van het project beloopt drie jaar: 2021, 2022 en 2023. In totaal wordt aan de gemeente € 45.000 subsidie gevraagd: € 15.000 op jaarbasis (Voorstel Biodiversiteitsproject, augustus 2021). Een officiële aanvraag wordt niet gedaan door het collectief. Desgevraagd wordt hier de volgende toelichting op gegeven:
“Er is voor het aanvragen van een subsidie uit het
ontwikkelfonds geen specifiek aanvraagformulier beschikbaar. Het ingediende projectvoorstel is beschouwd als subsidieaanvraag. Er is geen separaat formulier waarin een aanvraag is gedaan. Wel is er door het collectief Waadrâne een verzoek gedaan via e-mail. Daarop volgden meerdere gesprekken met het collectief (en provincie) en het projectvoorstel” (Ambtelijke reactie, 20 september 2022).
48
Subsidies
Ambtelijk wordt het onderstaande voorbeeld gegeven ter nadere toelichting: “Gemeente Waadhoeke, Als Agrarisch Collectief Waadrâne zijn we al een aantal jaren bezig met akkerbeheer in de vorm van kruidenrijke randen en vogelakkers. De meeste deelnemers die meedoen in deze ANLB regeling hebben beheer in gemeente Noardeast Fryslan. Eigenlijk vinden wij dit als collectief wel jammer en zouden we ook graag beheer willen toepassen in de gemeente Waadhoeke. Hierover zijn ook alle enkele overleggen geweest. In het budget van de ANLB regeling zit geen ruimte meer voor extra beheer. Maar we zouden in samenwerking met gemeente Waadhoeke wel het beheer in de gemeente willen opstarten met bijvoorbeeld kruidenrijke akkerranden. Hiervoor is ook wel een groep belangstellenden. Wij zouden dan als collectief de coördinatie kunnen uitvoeren en ook de deelnemers kunnen begeleiden zodat de kwaliteit gewaarborgd is net zoals binnen het ANLB. Ook willen we er als collectief wel een budget voor vrij maken uit onze eigen middelen om het beheer van de grond te krijgen. Dat zou dan alleen kunnen als ook de gemeente Waadhoeke een budget hiervoor vrijmaakt. Zouden we hier op korte termijn contact over kunnen hebben. Onze gedachten gaan dan uit naar 10 ha beheer in vorm van akkerranden. De vergoeding voor deelnemers zou uit moeten komen op € 2000 per hectare. Dit is om een idee te krijgen.
Hoop dat jullie hierin mee willen denken en bijdragen Samen voor biodiversiteit! Met vriendelijke groet” (mail van het agrarisch collectief aan de gemeente Waadhoeke, 16 april 2020). Op 7 september 2021 wordt het college een voorstel voorgelegd met betrekking tot het projectplan biodiversiteit agrarisch collectief Waadrâne. Het college wordt voorgesteld om de raad voor te stellen een bijdrage van € 45.000 voor dit project beschikbaar te stellen. Deze bijdrage kan gedekt worden uit het ontwikkelfonds (bestemmingsreserve). Het college neemt dit voorstel over (Voorblad Adviesnota en adviesnota, 7 september 2021). Op 23 september 2021 wordt voor de raad een voorstel geagendeerd met betrekking tot een projectplan biodiversiteit van het agrarisch collectief Waadrâne. Dit collectief heeft de gemeente en de provincie op 12 februari 2021 een projectplan voorgelegd. Voor de uitvoering van het project wordt zowel aan de gemeente als de provincie een bijdrage gevraagd van € 45.000. De raad wordt voorgesteld deze bijdrage beschikbaar te stellen en de bijdrage te 49
Subsidies
dekken uit het ontwikkelfonds (bestemmingsreserve) (Raadsvoorstel projectplan, 23 september 2021). Betoogd wordt in het voorstel, dat voldaan wordt aan de criteria van het ontwikkelfonds. Budgettair kan de bijdrage als volgt worden ingepast: Totaal budget Ontwikkelfonds
500.000
Bijdrage Actieplan economie
150.000
Bijdrage biodiversiteitsproject Waadrâne
45.000
Nog beschikbaar
305.000
Als juridisch kader wordt naast de ANlb en de Natuurbeschermingswet, de algemene subsidieverordening 2018 opgevoerd (Raadsvoorstel projectplan, 23 september 2021). In het dossier wordt tevens een andere versie van het raadsvoorstel aangetroffen, met een corsa nummer. In deze versie wordt niet verwezen naar de algemene subsidieverordening. De algemene wet bestuursrecht wordt in het raadsvoorstel niet opgevoerd als juridische basis. De raad gaat in zijn vergadering, d.d. 23 september 2021, akkoord met het voorstel. Aangezien de subsidie wordt verstrekt uit het ontwikkelfonds, is de raad het bevoegd gezag voor het toekennen van subsidies uit dit fonds en dient dus een raadsbesluit genomen te worden, zo wordt desgevraagd toegelicht (Ambtelijke toelichting, 20 september 2022). De criteria voor dekking uit het ontwikkelfonds zijn te vinden in de kadernota 2021 (Deel II Kadernota, 20212024, p. 9), zo wordt ambtelijk aangegeven (Ambtelijke reactie, 20 september 2022). Op 15 november 2021 stuurt de gemeente de subsidiebeschikking aan het agrarisch collectief. Gesteld wordt in deze beschikking dat het projectplan is getoetst aan de algemene subsidieverordening 2018 en aan de subsidiebepalingen in de Awb.
Op basis van het projectplan is, met het raadsbesluit van 23 september 2021, besloten om een bijdrage van € 45.000 beschikbaar te stellen, zo schrijft de gemeente (Subsidiebeschikking, 15 november 2021). De bijdrage is aan te merken als een voorschot en de gemeente gaat uit van een officiële startdatum van 1 oktober 2021. Dit betekent dat het collectief binnen 12 weken nadat de activiteiten zijn verricht een aanvraag tot subsidievaststelling moet indienen. In deze aanvraag legt het collectief verantwoording af over de subsidieverlening en de verrichte activiteiten, op basis van artikel 14 lid 1b van de algemene subsidieverordening. De gemeente verzoekt om uiterlijk 23 december 2024 een dergelijke aanvraag te doen. De aanvraag dient een inhoudelijk verslag en een financieel verslag te bevatten. Geen melding wordt gemaakt van een accountantsverklaring (Subsidiebeschikking, 15 november 2021). Desgevraagd wordt hier de volgende toelichting op gegeven: “Het overleggen van een accountantsverklaring is geen verplichting in de subsidieverordening 2018 bij subsidies tot €50.000,-. De verklaring wordt daarom niet standaard opgevraagd bij een subsidie van minder dan €50.000,-. Artikel 14 van
50
Subsidies
de ASV is van toepassing. Dit artikel staat vermeld in de subsidiebeschikking” (Ambtelijke toelichting, 20 september 2022). De beschikking vermeldt geen juridische grondslag. Desgevraagd wordt het volgende gesteld: “De subsidie is op grond van art. 4:23 lid 3 sub d (in incidentele gevallen mits de subsidie voor ten hoogste vier jaren wordt verstrekt) van de Awb verstrekt. Het betreft in totaal een subsidie voor een periode van 3 jaren (€15.000,- per jaar)” (Ambtelijke toelichting, 20 september 2022).
3.4.3 Omroep Eenhoorn Op 11 december 2018 besluit het college om € 26.000 aan subsidie te verlenen aan omroep Eenhoorn voor het jaar 2019 en de raad via een begrotingswijziging voor te stellen het niet begrote deel van € 3.207 te dekken uit de post Onvoorzien met bestemming (Adviesnota, 11 december 2018). Verwezen wordt daarbij naar de zorgplicht van gemeenten: “De zorgplicht van gemeenten houdt in dat het College van Burgemeester en Wethouders zorgt voor de bekostiging van het functioneren van de lokale publieke media-instelling” (Adviesnota, 11 december 2018). In de adviesnota wordt niet aangegeven op welke juridische titel deze zorgplicht is gebaseerd. De gemeente verkrijgt de middelen voor deze subsidie van de Rijksoverheid, zo stelt de adviesnota: “Gemeenten ontvangen geld van de Rijksoverheid uit het gemeentefonds voor de lokale omroepen. Hoewel de gemeenten een zorgplicht hebben, hoeven ze niet het hele bedrag door te betalen. Gemeenten mogen rekening houden met andere inkomsten van de lokale omroepen, mits zij kunnen motiveren dat de lokale omroep – zoals wettelijk bepaald – een ‘toereikend lokaal media-aanbod’ kan verzorgen en de continuïteit in de programmering gewaarborgd blijft” (Adviesnota, 11 december 2018).
De budgettering van de € 26.000 wordt in de adviesnota als volgt vormgegeven: “Het bedrag van € 22.793 dat in de begroting 2019 staat voor subsidiëring van Omroep Eenhoorn is ontstaan door de budgetten 2017 van de voormalige gemeenten het Bildt, Franekeradeel en Menameradiel samen te voegen. Littenseradiel subsidieerde Omroep Eenhoorn niet. Daarnaast is de subsidiebijdrage de laatste jaren niet geïndexeerd. Voorgesteld wordt het budget in de begroting met € 3.207 te verhogen ten laste van de post Onvoorzien met bestemming, waarin voor Loon- en prijscompensatie 2019 een bedrag van € 1.189.500 is opgenomen. Hiervoor moet een begrotingswijziging aan de raad worden voorgelegd. Het college heeft besloten de subsidie aan lokale omroep De Eenhoorn met ingang van 2019 met € 3.207 te verhogen ten laste van de post Onvoorzien met bestemming” (Adviesnota, 11 december 2018). De subsidie ad € 26.000 aan omroep Eenhoorn wordt op 9 december 2019 door het college verleend voor het jaar 2020. Ook in dit geval wordt in de adviesnota verwezen naar de zorgplicht van gemeenten. Met betrekking tot de bekostiging wordt in de adviesnota wederom gesteld, dat gemeenten geld van het Rijk uit het gemeentefonds ontvangen. “Hoewel de gemeenten een zorgplicht hebben, hoeven ze niet het hele bedrag door te betalen”, zo stelt
51
Subsidies
de adviesnota in dit verband (Adviesnota, 9 december 2019). Volgens de adviesnota is in de gemeentelijke begroting het subsidiebedrag structureel opgenomen: “In de gemeentelijke begroting is een structureel bedrag opgenomen voor de subsidie van omroep Eenhoorn, van €26.000,-” (Adviesnota, 9 december 2019). De subsidie wordt voor 2021 gecontinueerd, getuige het collegebesluit van 16 december 2020. Op die dag besluit het college € 27.000 aan subsidie te verlenen aan omroep Eenhoorn voor het jaar 2021. De verwijzing naar de zorgplicht en het gemeentefonds zijn ook in deze adviesnota opgenomen. Met betrekking tot de bekostiging van de subsidie is een klein aanvullend bedrag nodig: “Radio Eenhoorn heeft voor 2021 een subsidieaanvraag gedaan van € 27.000. In de begroting 2021 is een budget beschikbaar van € 26.000 voor de subsidie aan radio Eenhoorn. Hierdoor moet er aanvullend budget komen van € 1.000 om deze subsidie te kunnen verstrekken. Voorgesteld wordt om deze aanvullende budgetaanvraag mee te nemen in de jaarlijkse indexering van subsidies. In het collegeadvies over de indexering van subsidies zal een dekking worden voorgesteld ten laste van onvoorzien met bestemming/loon- en prijscompensatie” (Adviesnota, 16 december 2020). De subsidie over 2022 wordt op 8 februari 2022 door het college verstrekt.