Agendabundel
Tekst van het document
Dit is wettelijk verplicht op het moment dat een bestemmingsplan gewijzigd wordt vastgesteld ten opzichte van de ontwerpfase. Deze ‘hogere overheden’ hebben vervolgens de mogelijkheid om de onderdelen van het bestemmingsplan waar de wijzigingen betrekking op hebben niet in werking te doen laten treden. Gelet op de aard van de aanpassingen en het recente overleg met de provincie, ligt het niet in de lijn der verwachting dat er reactieve aanwijzingen zullen volgen. Na de hiervoor genoemde fase zal de publicatie volgen. Een eventuele reactieve aanwijzing over de gewijzigde vaststelling moet in de publicatie worden opgenomen. Besluit uw raad tot vaststelling, dan zal wederom sprake zijn van een inzagetermijn van 6 weken. Tegen de vaststelling van de beide 7
bestemmingsplannen kan binnen deze termijn beroep worden ingesteld bij de Raad van State. Een vastgesteld beeldkwaliteitsplan is een wijziging van de welstandsnota. Daartegen staat geen beroep open. Indien er geen beroep bij de Raad van State wordt ingesteld, dan treedt het besluit de dag na afloop van de beroepstermijn in werking en is dan meteen ook onherroepelijk. Wordt er wel beroep ingesteld tegen het besluit, dan volgt pas onherroepelijkheid nadat de Raad van State uitspraak heeft gedaan. Inwonersparticipatie Deze ontwikkeling is tot stand gekomen in samenwerking met onder meer Plaatselijk Belang St.Jacobiparochie en Dorpsbelang Dronryp. Zowel Dorpsbelang Dronryp als Plaatselijk Belang St.Jacobiparochie hebben daarnaast de eigen inwoners in het najaar van 2020 op de hoogte gebracht over de aanstaande ontwikkelingen. Dit is positief ontvangen. Voor de herontwikkeling in St.-Jacobiparochie met een groeninvulling is een werkgroep gevormd, bestaande uit inwoners van St.-Jacobiparochie, Plaatselijk Belang en de gemeente. Deze zal (binnen vastgestelde kaders) een voorstel voor de groeninvulling maken, die gepresenteerd zal worden aan de inwoners van St.-Jacobiparochie. Op basis van de reacties van de inwoners zal worden besloten hoe deze invulling eruit zal komen te zien.
Communicatie De termijn van inzage van de vastgestelde bestemmingsplannen en het beeldkwaliteitsplan voor Dronryp zal worden gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad. Ook zullen Plaatselijk Belang St.Jacobiparochie en Dorpsbelang Dronryp over de actuele stand van zaken worden geïnformeerd. Financiën Zie argument 3.1. Juridisch kader Wet ruimtelijke ordening, Besluit ruimtelijke ordening, Algemene wet bestuursrecht. Bijlagen - Bijlage 1. Bestemmingsplan ‘St.-Jacobiparochie - Rondom de Geert Veenhuizenstraat’; - Bijlage 2. Bestemmingsplan ‘Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III’, met als bijlage 1 van de toelichting het beeldkwaliteitsplan; - Bijlage 3. Raadsbesluit van 22 oktober 2020, Herontwikkeling St.-Jacobiparochie - Ontwikkeling locatie Puoldyk Dronryp (corsanummer 20.204103). Burgemeester en wethouders van Waadhoeke , burgemeester
, secretaris 8
NR.: D2022-01-036133 De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke van 15 februari 2022;
BESLUIT 1. Het bestemmingsplan ‘St.-Jacobiparochie – Rondom de Geert Veenhuizenstraat’ met kenmerk NL.IMRO.1949.BPStjGVeenhstr-VAS1 ongewijzigd vast te stellen; 2. In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen en zowel het bestemmingsplan ‘Dronryp – Fûgellân Puoldyk, fase III’ met kenmerk NL.IMRO.1949.BPDrpFugellanfase3-VAS1 als het bijbehorende en in het bestemmingsplan opgenomen beeldkwaliteitsplan gewijzigd vast te stellen; 3. Voor de beide bestemmingsplannen geen exploitatieplan vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}} Dit document is digitaal ondertekend. 9
, voorzitter
, griffier
1 Adviesnota Raad actualisatie supermarktbeleid binnenstadsvisie D2022-01-030767 is digitaal ondertekend.pdf
AAN DE RAAD
Datum opgesteld
24 januari 2022
Datum agendering
3 maart
Onderwerp
Actualisatie supermarktbeleid en binnenstadsvisie C. de Pee
Portefeuillehouder
Behandelend ambtenaar E-mailadres
P van der Ploeg p.vanderploeg@waadhoek e.nl
Telefoonnummer
Samenvatting Op 21 januari 2020 stuurden wij u een memo als reactie op uw motie ‘vreemd aan de orde van de dag’ van 20 december 2018 waarin u het college opriep om het detailhandelsbeleid / supermarktbeleid te evalueren. Deze motie kwam op een moment dat we nog in een juridisch geschil zaten met Retailplan BV over de vestiging van een Aldi-supermarkt op het Vlietstra terrein (Harlingerweg 49 te Franeker). In de betreffende memo namen wij u mee in de uitspraak van de Raad van State d.d. 25 september 2019 dat het gemeentelijk vestigingsbeleid van supermarkten niet in strijd is met de Europese Dienstenrichtlijn (één van de overwegingen uit uw motie was dat het beleid moest voldoen aan de richtlijnen). Daarnaast gaven wij in de memo aan dat wij op dat moment geen reden zagen om het supermarktbeleid te herzien, het beleid dat er kortgezegd op neerkomt dat er alleen vestiging van een supermarkt in of nabij het centrum van de stad mogelijk is. We zijn inmiddels twee jaar verder na de laatste memo. In deze twee jaar heeft de omgeving niet stil gezeten. Wij realiseren ons als college ook hoe vasthoudend de markt op dit thema is. Retailplan is vasthoudend en het afgelopen jaar zijn we bijvoorbeeld meerdere malen benaderd door marktpartijen. Ook nu zijn er weer partijen die ideeën hebben rond dit onderwerp.
De conclusie is dat het binnen het huidige beleid lastig is om een hedendaagse supermarkt te vestigen.
Vraag is zelfs of je dat wel moet willen binnen de fijnmazige structuur van het historische centrum. Deze ontwikkelingen, maar ook breder als het gaat om ontwikkelingen in en rond het centrum (routes, leegstand, wonen, parkeren), maken dat het college voldoende aanleiding ziet om een actualisatie van ons huidige supermarktbeleid en binnenstadsvisie voor te stellen. Voorstel 1. Het supermarktbeleid te actualiseren en de binnenstadsvisie voor de stad Franeker te actualiseren 2. Hiervoor een extra krediet van € 30.000 beschikbaar te stellen ten laste van de Algemene reserve
2
|
Inleiding Op 21 januari 2020 stuurden wij u een memo als reactie op uw motie ‘vreemd aan de orde van de dag’ van 20 december 2018 waarin u het college opriep om het detailhandelsbeleid / supermarktbeleid te evalueren. Deze motie kwam op een moment dat we nog in een juridisch geschil zaten met Retailplan BV over de vestiging van een Aldi-supermarkt op het Vlietstra terrein (Harlingerweg 49 te Franeker). In de betreffende memo namen wij u mee in de uitspraak van de Raad van State d.d. 25 september 2019 dat het gemeentelijk vestigingsbeleid van supermarkten niet in strijd is met de Europese Dienstenrichtlijn (één van de overwegingen uit uw motie was dat het beleid moest voldoen aan de richtlijnen). Daarnaast gaven wij in de memo aan dat wij op dat moment geen reden zagen om het supermarktbeleid te herzien, het beleid dat er kortgezegd op neerkomt dat er alleen vestiging van een supermarkt in of nabij het centrum van de stad mogelijk is. De argumenten waren toen: - Er ligt een duidelijke uitspaak van de rechter waarin staat dat het gemeentelijke vestigingsbeleid voldoet aan de Europese Dienstenrichtlijn - Het vestigingsbeleid voor supermarkten is destijds tot stand gekomen in nauwe samenspraak met de ondernemersvereniging en vanuit hen zijn er geen signalen gekomen om het beleid te evalueren.
- In het besluit van 5 april 2017 heeft het college van Franekeradeel zich op het standpunt gesteld dat in het gemeentelijke vestigingsbeleid voor supermarkten is bepaald dat nieuwvestiging van supermarkten uitsluitend gewenst is in of in de directe nabijheid van de Franeker binnenstad. De aanwezigheid van een supermarkt heeft een positief effect op het aantal bezoekers van nabijgelegen winkels. Dit zorgt voor een aantrekkelijke binnenstad en hiermee wordt leegstand voorkomen. We zijn inmiddels twee jaar verder na de laatste memo. In deze twee jaar heeft de omgeving niet stil gezeten. Wij realiseren ons als college ook hoe vasthoudend de markt op dit thema is. Retailplan is vasthoudend en het afgelopen jaar zijn we bijvoorbeeld meerdere malen benaderd door marktpartijen. Ook nu zijn er weer een partijen die ideeën hebben rond dit onderwerp. De conclusie is dat het binnen het huidige beleid lastig is om een hedendaagse supermarkt te vestigen. Vraag is zelfs of je dat wel moet willen binnen de fijnmazige structuur van het historische centrum. Deze ontwikkelingen, maar ook breder als het gaat om ontwikkelingen in en rond het centrum (routes, leegstand, wonen, parkeren), maken dat het college voldoende aanleiding ziet om een actualisatie van ons huidige supermarktbeleid en binnenstadsvisie voor te stellen.
Beoogd (meetbaar) effect Actueel supermarktbeleid en een actuele visie op het functioneren van de binnenstad van Franeker (binnenstadsvisie).
3
|
Motivering Argumenten 1.1 Er zijn meerdere ontwikkelingen die aanleiding geven om het supermarkenbeleid en de binnenstadsvisie te actualiseren Hieronder puntsgewijs een aantal recente ontwikkelingen die van invloed zijn op het gemeentelijk beleid op het gebied van detailhandel en het functioneren van de binnenstad: - Er blijven plannen van initiatiefnemers komen om de vestiging van een supermarkt buiten de binnenstad mogelijk te maken; - Schaalvergroting door concurrentie in de supermarktbranche; om concurrerend te kunnen zijn moet een supermarkt minimaal beschikken over 1200m2 of meer winkelvloeroppervlak en moet daarbij een divers scala aan producten en diensten kunnen bieden, inclusief het hierbij benodigde aantal parkeerplaatsen; - Steeds meer mensen doen online boodschappen, door de coronacrisis is deze ontwikkeling van steeds meer online boodschappen doen versneld doorgezet; - In de coronacrisis is tijdens de horeca-sluiting en reisbeperkingen meer uitgegeven aan dagelijkse boodschappen (minder buitenshuis eten - meer en uitgebreider thuis eten). Daarnaast werden er meer aankopen gedaan in de nabije woonomgeving (thuiswerken, zo min mogelijk reizen). Vooral supermarkten profiteerden hiervan; - Inspelen op toekomstige ontwikkelingen zoals de kansen die het planetarium als werelderfgoed biedt. Meer mensen zullen de stad bezoeken.
Deze mensen willen overnachten, de horeca bezoeken en gebruik maken het winkelaanbod. Hier liggen kansen voor de plaatselijke ondernemers. Het benutten van deze kansen draagt bij aan de vergroting van de aantrekkingskracht, de beleving en de toekomstbestendigheid van de binnenstad van Franeker Dat betekent ook dat het tijd wordt om op een andere manier naar je stad te kijken. Dit vraagt om een binnenstadsvisie die hierbij aansluit, die er voor zorgt dat de binnenstad vitaal blijft. - Vanuit het binnenstadmanagement zijn er signalen over de gewenste looproute van het parkeerterrein LIDL/Albert Heijn naar het centrum, de gewenste ruimtelijke structuur van de Binnenstad en toename van de vraag naar wonen in de Binnenstad; - Toename van niet winkel-/werkfuncties in de vorm van wonen waarbij beperkingen worden ervaren vanuit het geldende beleid / bestemmingsplan; - Leeftijd van het huidige beleid; het supermarktenbeleid is ouder dan 10 jaar, de binnenstadsvisie is bijna 10 jaar oud. 1.2 Er ligt een duidelijk relatie tussen het supermarktenbeleid en de binnenstadsvisie Supermarkten spelen een rol in het toekomstige bezoekmotief (combinatiebezoek) van de binnenstad. Het belang om daarbij een passende ruimtelijk-functionele structuur te creëren is groot. Dit betekent dus ook dat er een relatie ligt tussen het supermarktbeleid en de binnenstadsvisie.
Dit kan dan ook niet los van elkaar bekeken worden. Ook voor de hierboven genoemde ontwikkelingen, zoals de toename van online shoppen en de (blijvende) invloed van corona op het online shoppen, geldt dat deze van invloed zijn op de in de binnenstadsvisie voorgestelde structuur voor het winkelgebied in Franeker. Daarnaast is er vanuit het Binnenstadsmanagement aangegeven dat er aanleiding is om de looproute van het parkeerterrein Leeuwarderweg met supermarkten Albert Heijn en Lidl, via de Schoolsteeg naar het centrum, aan te passen.
4
|
Gezien het feit dat er aan deze route bijna geen winkels liggen en ook niet zullen komen, is het beter om de Dijkstraat te gebruiken als looproute naar het centrum. In de Dijkstraat zijn wel allemaal winkels gevestigd. Bovendien gaan we in de Dijkstraat bezig met een upgrade van het oostelijke gedeelte van de straat. Daarnaast gaan we investeren in een extra gratis parkeerterrein aan zuidzijde van Franeker. De fysiek ruimtelijke structuur is echter niet op ingericht om de mensen via de Dijkstraat naar het centrum te laten lopen. Ook speelt toenemende vraag naar wonen in de binnenstad een rol. Welke gevolgen heeft dit voor de voorgestelde winkelstructuur? Wat betekent dit voor het parkeren en hoe gaan we daar mee om? Ook hier vragen wij ons af wat het effect is van deze recente ontwikkelingen voor de stad en of ons beleid nog wel aansluit bij de vraag van de ondernemers en inwoners. 1.3 Het is belangrijk dat wij als gemeente hierin de regierol hebben Het is belangrijk dat wij als gemeente hierin de regierol hebben en houden. Dit, omdat een supermarktontwikkeling in de huidige winkelmarkt (en ook in de hele voorzieningensector) vaak één van de weinige structuurbepalende ontwikkelingen is waar een gemeente op kan sturen.
Zo kunnen wij als gemeente borgen dat door middel van het bieden van een passende ruimtelijk-functionele structuur geen afbreuk wordt gedaan aan het voorzieningenniveau in de binnenstad van Franeker. 2.1 In de begroting 2022 is geen rekening gehouden met deze (extra) kosten Binnen programma 4 Economie is voor het jaar 2022 geen (extra) budget beschikbaar gesteld voor het laten opstellen van supermarktbeleid en binnenstadsmanagement. Reden waarom we voorstellen om het extra krediet ten laste van de Algemene reserve te brengen. Kanttekeningen 1.1 Nvt Analyse Vanuit bovengeschetste ontwikkelingen hebben wij ons als college de volgende vragen gesteld: ‘Doen we de inwoners van Franker en directe omgeving met ons beleid niet te kort’, ‘Wat is het effect van deze recente ontwikkelingen in de supermarkt sector voor de stad’, ‘Is het combinatiebezoek supermarkt/binnenstad anno 2021 nog zo belangrijk als in het beleid is opgenomen?’ Maar vooral ook ‘Is er binnen de huidige supermarktstructuur überhaupt (dus nog los van een discussie over de locatie) ruimte om een uitbreiding van extra meters winkeloppervlak te onderbouwen?’ Volgens het college begint het met de beantwoording van deze laatste vraag. Dat is de aanleiding geweest om een verkennend onderzoek (als bijlage bijgevoegd) te laten uitvoeren naar marktruimte voor supermarkten in Franeker.
Verkennend onderzoek DTNP De uitkomsten van dit onderzoek zijn eind november 2021 aan het college gepresenteerd. Er is een indicatieve berekening van de marktruimte gedaan die laat zien dat de supermarktsector in Franeker momenteel rond het landelijk gemiddelde functioneert en dat de sector voor Friese begrippen verre van onder druk staat in Franeker.
5
|
Conclusie hiervan is dat er, nog mogelijkheden zijn voor een optimalisatie van de supermarktstructuur (deels) binnen de bestaande meters (hier opheffen / daar toevoegen) in combinatie met (beperkte) toevoeging van extra supermarktmeters. Dit gegeven wordt betrokken bij het nu voorgestelde vervolgonderzoek. Alternatieven Met dit voorstel wordt een beroep gedaan op de algemene reserve. Een alternatief is om een integrale afweging te maken bij de Kadernota 2023-2026 en vervolgens definitieve besluitvorming bij de begrotingsbehandeling in november dit jaar. Dit is de gebruikelijke wijze. Aan de andere kant kunt u er zo vlak voor de verkiezingen ook voor kiezen dit mee te nemen bij de coalitieonderhandelingen. Vervolg Supermarkten zijn en blijven belangrijke publiekstrekkers voor centrumgebieden, ook voor de binnenstad van Franeker. Tegelijkertijd moet ook geconstateerd worden dat door de huidige stedenbouwkundige en historische structuur van de binnenstad van Franeker, de situatie anders is dan in een gemiddeld centrum. Dit vraagt derhalve om een integrale afweging, waarbij zowel aandacht is voor de functie van supermarkten voor de binnenstad, als het functioneren van supermarkten en de regionale aantrekkingskracht van Franeker.
Daarbij moet gekeken worden hoe de supermarktstructuur in Franeker geoptimaliseerd kan worden en op welke locatie(s) supermarktontwikkelingen de grootste toegevoegde waarde hebben. Voor het onderzoek naar de actualisatie van de binnenstadsvisie zal gebruik gemaakt worden van de lokaal aanwezig kennis. Hierbij zal met name worden gekeken of de in de binnenstadsvisie voorgestelde structuur nog aansluit bij de huidige vraag, gezien de genoemde ontwikkelingen. Voor een uitgebreide beschrijving van de aanpak wordt verwezen naar bijlage 2. Het onderzoek kent een doorlooptijd van circa 5 maanden. Inzet is om in september 2022 de raad via een kernteam te informeren waarna in oktober/november 2022 besluitvorming plaats kan vinden over het geactualiseerde beleid. De bedoeling is om de uitkomsten aan uw raad voor te leggen in twee rapporten. In het eerste rapport zal de nadruk gelegd worden op de optimalisatie van de supermarktstructuur. In het tweede rapport zal de actualisatie van de binnenstadsvisie aan u worden voorgelegd. Inwonersparticipatie In het proces worden bezoekersonderzoeken uitgevoerd en worden stakeholders betrokken. Communicatie De supermarkteigenaren in Franeker en het binnenstadsmanagement zijn op de hoogte gesteld van de mogelijke actualisatie van het supermarktenbeleid en de binnenstadsvisie. Financiën De kosten worden ingeschat op € 30.000.
Binnen programma 4 Economie is voor het jaar 2022 geen (extra) budget beschikbaar gesteld voor het actualiseren van het supermarktbeleid en voor het actualiseren van de binnenstadsvisie. Voorgesteld worden om deze te dekken uit de Algemene reserve.
6
|
De stand van de Algemene reserve is na de 3e begrotingswijziging 2022 (is laatst vastgestelde) nog € 15.943.264 en gelet op de vastgestelde minimumgrens van € 15 miljoen voldoende om deze kosten te dekken. Juridisch kader N.v.t. Bijlagen Bijlage 1: Analyse marktruimte supermarkten Franeker Bijlage 2: Projectvoorstel Actualisatie binnenstadsvisie en supermarktstructuur Franeker
Burgemeester en wethouders van Waadhoeke
, burgemeester
, secretaris
7
|
NR.: D2022-01-030767
De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke;
BESLUIT
Het supermarktbeleid te actualiseren en de binnenstadsvisie voor de stad Franeker te actualiseren en hiervoor een extra krediet van € 30.000 beschikbaar te stellen ten laste van de Algemene reserve.
Aldus vastgesteld in de openbare Raadsvergadering van 3 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}}
Dit document is digitaal ondertekend.
8
|
, voorzitter
, griffier
1 Aangepast raadsbesluit UP Waddengebied 3 D2022-02-011443 amendement overgenomen is digitaal ondertekend.pdf
AAN DE RAAD
Datum opgesteld
8 februari 2022
Datum agendering Onderwerp
3 maart 2022 Concept uitvoeringsprogramma 20212026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050 C.M. de Pee
Portefeuillehouder
Behandelend ambtenaar E-mailadres Telefoonnummer
W Bosma w.bosma@waadhoeke.nl
Samenvatting In de raadsvergadering van 24 september 2020 is de Agenda voor het Waddengebied behandeld. Er is besloten om de uitgangspunten van de agenda voor het Waddengebied 2050, te onderschrijven zienswijzen in te dienen naar aanleiding van amendementen van het CDA en Gemeentebelangen, en de intentieverklaring te laten ondertekenen. De door eenieder ingediende wensen, bedenkingen en zienswijzen zijn bij de definitieve Agenda behandeld en deels in het nu voorliggende voorlopig vastgestelde Uitvoeringsprogramma 2021-2026 ook verder uitgewerkt (zie bijlage 1). Op 21 januari 2021 is de reactie op de ingediende zienswijzen (amendementen raad) via een informatienota aan uw raad kenbaar gemaakt. In de bijgevoegde informatie werd ook al melding gemaakt van het uitvoeringsprogramma als volgende stap in het proces. Op 14 december 2021 zijn de gemeenteraden over het uitvoeringsprogramma geïnformeerd tijdens een digitale bijeenkomst (een Webinar). De uitnodigingen zijn rechtstreeks verzonden aan de bestuurssecretariaten en griffies. Via de Vereniging van Waddenzeegemeenten wordt het voorlopig vastgestelde uitvoeringsprogramma 2021-2016 van de Agenda voor het Waddengebied informerend voorgelegd.
Voorstel 1. de zienswijze van het bestuur van de Vereniging van Waddenzeegemeenten te onderschrijven; 2. op dit moment geen wensen of bedenkingen in te brengen tegen het voorlopig vastgestelde Uitvoeringsprogramma 2021-2026 maar wel aan te geven dat eventuele deelname aan nieuwe projecten of acties afhankelijk zal zijn van de aanwezigheid van mensen en middelen en bestuurlijke prioriteit.
2
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
Inleiding Via de Vereniging van Waddenzeegemeenten (VWG) ontvingen wij het voorlopig vastgestelde Uitvoeringsprogramma 2021-2026 (Uitvoeringsprogramma) van de Agenda voor het Waddengebied 2050 met als doel dit voor te leggen aan uw raad voor wensen en bedenkingen. In de VWG is afgesproken om als vastewalgemeenten een vergelijkbaar advies aan te bieden. Aan alle partners is gevraagd om voor 1 maart 2022 eventuele wensen en bedenkingen bij het ministerie van I&W kenbaar te maken. Vanwege vergaderingsschema van uw raad hebben wij aangegeven aan te sturen op behandeling in de raadsvergadering van 3 maart. De behandeling van de stukken heeft op diverse momenten plaatsgevonden in het bestuur van de Vereniging van Waddenzeegemeenten, het Omgevingsberaad Waddengebied (OBW) en het Bestuurlijk Overleg Waddengebied (BOW). De agenda voor het Waddengebied 2050 heeft een ruim voortraject gekend en is in de raadsvergadering van 24 september 2020 behandeld. Uw raad heeft besloten zich te conformeren aan de uitgangspunten van de agenda voor het Waddengebied 2050, zienswijzen in te dienen naar aanleiding van amendementen van het CDA en Gemeentebelangen, en de intentieverklaring te laten ondertekenen.
De ingediende wensen, bedenkingen en zienswijzen zijn bij de definitieve Agenda behandeld en deels in het nu voorliggende voorlopig vastgestelde Uitvoeringsprogramma 2021-2026 ook verder uitgewerkt (bijlage 1). Op 21 januari 2021 is de reactie op de ingediende zienswijzen (amendementen raad) via een informatienota aan uw raad kenbaar gemaakt. In de bijgevoegde informatie werd ook al melding gemaakt van het uitvoeringsprogramma als volgende stap in het proces. Op 14 december 2021 zijn de gemeenteraden van de betrokken gemeenten over het uitvoeringsprogramma geïnformeerd tijdens een digitale bijeenkomst (een Webinar). De uitnodigingen zijn rechtstreeks verzonden aan de bestuurssecretariaten en griffies. Agenda voor het Waddengebied 2050 Tijdens de Toogdag Wadden op 3 februari 2021 hebben ruim 50 partijen de instemmingsverklaring behorende bij de Agenda ondertekend. Met de ondertekening geven de partijen aan de doelen en ambities van de Agenda te onderschrijven en mee te willen doen aan een verdere uitwerking en doorwerking in de eigen visies en plannen. De partijen dragen vanuit eigen kracht en mogelijkheden bij aan de uitvoering van de agenda en de doorwerking daarvan in het eigen beleid. Hiermee wordt uiting gegeven aan het zelfbindend karakter van de Agenda.
Uitvoeringsprogramma Waddengebied 2021-2026 Het Uitvoeringsprogramma bevat een bundeling van initiatieven die (mede) bijdragen aan het behalen van de doelstellingen voor de Waddenzee en het Waddengebied en waar partijen in de periode 20212026 mee aan de slag willen. De initiatieven zijn in samenwerking met alle partners opgesteld en zijn aanvullend op het bestaande beleid en beheer. Opzet Uitvoeringsprogramma Waddengebied 2021-2026 3
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
Het Uitvoeringsprogramma is opgezet aan de hand van 11 deelprogramma's. Per deelprogramma wordt inzichtelijk gemaakt hoe vanuit het desbetreffende deelprogramma wordt bijgedragen aan het realiseren van de hoofddoelstellingen voor de Waddenzee en het Waddengebied. (Hoofddoelstelling Waddenzee: "een duurzame bescherming en ontwikkeling van de Waddenzee als natuurgebied en het behoud van het unieke open landschap". Doelstelling Waddengebied: "veilig, vitaal en veerkrachtig in 2050".) De uitvoeringsstrategieën zijn per deelprogramma vertaald in zogeheten veranderdoelen (ER-doelen) en SMART doelen. Vervolgens is gekeken welke nieuwe dan wel lopende initiatieven bijdragen aan het behalen van deze doelen. De doelen zijn neergelegd in een separaat Doelendocument. Dit Doelendocument is als bijlage toegevoegd aan het voorlopig vastgestelde Uitvoeringsprogramma. Het Uitvoeringsprogramma, met daarin de initiatieven voor de periode 2021-2026, is daarop gebaseerd. De onderwerpen of dilemma's waar partijen verder over in gesprek gaan zijn eveneens opgenomen in het Uitvoeringsprogramma. Doelendocument Het Doelendocument diende als achtergrond om tot een zo consistent mogelijk Uitvoeringsprogramma te komen. Het Doelendocument beschrijft de ambitie die de partijen wensen waar te maken, maar nog niet overal de manier waarop.
Het Doelendocument maakt zichtbaar waar doelen met elkaar kunnen schuren en waar de verschillende partijen het gesprek nog verder over voeren. Waar zich dat voordoet is expliciet in het Uitvoeringsprogramma aangegeven. Het is de bedoeling om deze dilemma's voor de definitieve vaststelling (medio 2022) zoveel mogelijk op te lossen. Initiatieven In hoofdstuk 4 van het Uitvoeringsprogramma wordt per initiatief beschreven wat het doel is, op welke wijze het initiatief bijdraagt aan het behalen van de doelen, wie verantwoordelijk is, wat de planning is, wat de kosten zijn en wat qua inzet nodig is om het desbetreffende initiatief uit te voeren. Dit is nog niet voor alle initiatieven volledig uitgewerkt, omdat er op onderdelen nog discussie is, bijvoorbeeld over de financiering. Er is voor gekozen om wel alle initiatieven op te nemen in het Uitvoeringsprogramma omdat hiermee inzicht wordt gegeven welke initiatieven de partijen de lopende periode 2022-2026 (willen) oppakken. Het is de bedoeling om bij de definitieve vaststelling van het Uitvoeringsprogramma de financiering van de initiatieven rond te hebben. Beoogd (meetbaar) effect Het informeren van uw raad over het voorlopig vastgestelde uitvoeringsprogramma en het traject om te komen tot vaststelling daarvan. Motivering Argumenten. 1.1 Zienswijze bestuur Vereniging van Waddenzeegemeenten, overwegend positief.
Het advies van het Omgevingsberaad is met het Uitvoeringsprogramma en de initiatieven waar de gemeenten trekker voor zijn, in het bestuur van de Vereniging van Waddenzeegemeenten op 8 4
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
december 2021 besproken. Het bestuur staat positief ten opzichte van het Uitvoeringsprogramma, met inachtneming van het advies van het Omgevingsberaad, en is bereid om de initiatieven 13: "Programma toerisme en recreatie langs de kust" en 14: " Integrale maritieme ontwikkeling havenplaatsen" in samenwerking met de betrokken gemeenten uit te voeren. Het bestuur heeft een kanttekening geplaatst bij initiatief nummer 11: "Mogelijkheid energietransitie Waddengebied". De gemeenten zijn in de omschrijving niet betrokken. Het bestuur stelt voor om dit initiatief anders op te zetten, zodanig dat recht wordt gedaan aan de rol van de gemeenten in de Omgevingswet. 1.2 Het uitvoeringsprogramma is al meermaals toegelicht Door de behandeling van het uitvoeringsprogramma in de Vereniging van Waddenzeegemeenten en de voorlichting tijdens het Webinar voor raadsleden en collegeleden van 14 december 2021, is er al meermaals aandacht gegeven aan het uitvoeringsprogramma. 1.3 Het uitvoeringsprogramma sluit aan bij de doelen van de agenda Partijen hebben besloten de uitgangspunten van de agenda voor het Waddengebied 2050 te onderschrijven. 2.1 Deelname wordt per project bekeken Of projecten uit de uitvoeringsagenda relevant zijn voor de gemeente Waadhoeke en welke inbreng van de gemeente nodig is, wordt per project bekeken en afgewogen.
Voor sommige projecten is het vanzelfsprekend dat we daaraan deelnemen, zoals ‘recreatie en toerisme langs de kust’ en de dijkversterkingsoperatie KLM. De inbreng verschilt per project. Kanttekeningen 2.1 Deelname is niet verplicht Niet alle projecten en acties uit de uitvoeringsagenda zijn voor de gemeentelijke overheden even belangrijk of interessant. Vandaar ook dat eventuele deelname per project zal worden bekeken. Analyse De gemeente Waadhoeke heeft zich verbonden aan de uitgangspunten van de Agenda Waddengebied 2050. Voor wat betreft de uitvoeringsagenda kan worden aangegeven dat per actie of project wordt bekeken of we daaraan deel kunnen of willen nemen. Zo maken we voor ‘recreatie en toerisme langs de kust” al deel uit van de samenwerking. Relevante cijfers N.v.t. Samenleving Met de agenda en het uitvoeringsprogramma trachten overheden thema’s die spelen in het kustgebied integraal aan te pakken. Ontwikkelingen en trends
5
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
Het kustgebied krijgt een steeds prominentere plek in visies en beleid van diverse overheden. Dat heeft deels te maken met het bijzondere karakter van het gebied als natuurgebied danwel het landschappelijke en cultuurhistorische waardevolle karakter ervan. Het gebied speelt ook een belangrijke rol in het kader van de economie (pootaardappelteelt) en heeft met de Waddenzeedijk een cruciale functie voor de veiligheid. Het bijzondere karakter van het gebied en de uitdagingen waar de overheden en alle relevante partijen voor staan, zijn uitvoerig beschreven in de agenda. Alternatieven Na vele jaren deels langs elkaar heen te hebben gewerkt zijn alle partijen ervan overtuigd dat samenwerken een grote meerwaarde heeft voor het bereiken van goede resultaten. De agenda voor het Waddengebied en het uitvoeringsprogramma zijn op dit moment dé instrumenten om tot doelbereiking te komen. Vervolg Het genomen besluit van het Bestuurlijk Overleg Waddengebied (BOW) op 8 december 2021 betreft de voorlopige vaststelling van de voorliggende versie van het Uitvoeringsprogramma voor bespreking met de achterbannen. Hiermee wordt invulling gegeven aan het verzoek van de gemeenten om voldoende tijd in te plannen in het traject om te komen tot het Uitvoeringsprogramma.
In het voorjaar van 2022 wordt het Uitvoeringsprogramma aangepast naar aanleiding van de ingebrachte wensen en bedenkingen en wordt advies van het Omgevingsberaad gevraagd. Het streven is om in het BOW van juni/juli 2022 het definitieve Uitvoeringsprogramma vast te stellen, dit na bespreking in het Omgevingsberaad Waddengebied in mei/juni 2022. Inwonersparticipatie De communicatie rond de agenda en de delen van het uitvoeringsprogramma waar de gemeente Waadhoeke aan deelneemt moeten duidelijkheid geven aan inwoners. Voor een deel gebeurt dit centraal. Verder verwijzen wij u naar de informatie onder het kopje ‘communicatie’. Communicatie In het Uitvoeringsprogramma is een apart hoofdstuk (8) opgenomen dat ingaat op de communicatie. Daarnaast zal voor de uitvoeringsinitiatieven die bij de gemeenten liggen specifiek aandacht komen voor communicatie in de nog op te stellen programmaplannen. Verder worden alle betrokken organisaties periodiek geïnformeerd via rapportages over de voortgang van het totale Uitvoeringsprogramma. Financiën Voor het uitvoeren van het gehele Uitvoeringsprogramma van de Agenda voor het Waddengebied wordt geen bijdrage gevraagd van de gemeenten.
Voor het opzetten van de programma's van de initiatieven "Programma toerisme en recreatie langs de Waddenkust" en "Integrale maritieme ontwikkeling havenplaatsen" is budget nodig van de betrokken gemeenten en de totale kosten worden gedeeld door de gemeenten gezamenlijk.
6
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
Voor het Programma toerisme en recreatie wordt een bijdrage gevraagd van € 8.000 en voor de Integrale ontwikkeling havenplaatsen is dit € 14.000. Aan het programma toerisme en recreatie wordt al deelgenomen. De ontwikkeling havenplaatsen is voor ons niet relevant. Juridisch kader Agenda Waddengebied 2050. Naar aanleiding van de besluitvorming rond de agenda is nog het volgende van belang: Belangrijkste aangescherpte uitwerkingen die hebben plaatsgevonden op verzoek van gemeentelijke inbreng, na ondertekening van de instemmingsverklaring Agenda voor het Waddengebied. 1. Landbouw De landbouw is met meerdere vertegenwoordigers betrokken bij de uitwerking van het Uitvoeringsprogramma, zowel bij de inhoudelijke formuleringen voor de landbouw zelf, als bij de andere sectoren. Een essentiële toevoeging is het uitvoeringsinitiatief nummer 18: "Ontwikkeling zoetwaterstrategie voor de landbouw in het Waddengebied", dat door de landbouw wordt getrokken en afgestemd met uitvoeringsinitiatief nummer 9: "Integrale aanpak kustzone", dat door de waddenprovincies wordt getrokken. De bedenkingen die leefden bij de landbouw hebben ook geleid tot een nieuw uitvoeringsinitiatief nummer 25: "Toetsing en toepassing impactanalyse", dat samen met de economische sectoren, waaronder ook de landbouw, is vormgegeven. De methodiek is vastgesteld en wordt dit voorjaar op twee pilots uitgeprobeerd. 2.
Recreatie, toerisme en cultuur De kustgemeenten hebben gevraagd om een extra initiatief om recreatie, toerisme en cultuur op een hoger plan te tillen. Hiertoe is een extra uitvoeringsinitiatief nummer 13: "Programma toerisme en recreatie langs de kust" opgenomen.
7
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
Bijlagen Bijlage 1: Concept Uitvoeringsprogramma Waddengebied 2021-2026 versie 2 december 2021 Bijlage 2: Concept werkdocument Doelendocument - versie 30 november 2021 Bijlage 3: Advies OBW aan BOW van 8 december 2021 Burgemeester en wethouders van Waadhoeke
, burgemeester
, secretaris
8
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
NR.: D2022-02-011443 De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke van 15 februari 2022;
BESLUIT 1. De zienswijze van het bestuur van de Vereniging van Waddenzeegemeenten, waarin het advies van het Omgevingsberaad is opgenomen, te onderschrijven met in achtneming van de aanvullingen genoemd in de zienswijze van Waadhoeke zoals beschreven bij beslispunt 2; 2. Zienswijze Waadhoeke: A. i.h.k.v. de klimaatadaptie onderzoek te doen naar het realiseren van nieuwe kwelders en het versterken van bestaande kwelders d.m.v. hergebruik van het vrijkomende baggerslib in de Waddenzee (Bijlage 1 “Concept Uitvoeringsprogramma Waddengebied (pag. 19)”. Deze maatregel past uitstekend in de onderdelen; a. de natuurlijke dynamiek vergroten, b. slimmer omgaan met sediment (slib), c. het optimaliseren van vaargeul onderhoud. ( ter onderbouwing: alleen het vaargeul onderhoud naar Ameland en Schiermonnikoog vergt jaarlijks al ca. 60 miljoen euro waarbij het vrijkomende baggerslib nu elders terug gestort moet worden in de Waddenzee. Hergebruik zal dit baggerprobleem mogelijk verminderen en tegelijkertijd de natuurdoelen versterken. Op deze manier wordt gemeenschapsgeld verantwoord besteed). B. Aandacht te vragen voor het natuurtoerisme als onderdeel van de economische versterking van de Waddenkust (o.a. het realiseren van vogelkijkpunten). Natuurtoerisme ontbreekt tot nu toe volledig in de diverse stukken . C.
Een goede afstemming en samenwerking te zoeken met het project Koehool – Lauwersmeer en dit project te beschouwen als onderdeel van de Gebiedsagenda.
9
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
3. Dat de deelname aan projecten binnen het Uitvoeringsprogramma 2021-2026 niet enkel afhankelijk is van de aanwezigheid van mensen, middelen en bestuurlijke prioriteit, maar ook of voornemens passen binnen de gemeentelijke beleidskaders op het gebied van landbouw, bodem, waterkwaliteit, natuur, energiewinning en toerisme.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}}
, voorzitter
, griffier
Dit document is digitaal ondertekend.
10
| Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de vastgestelde Agenda voor het Waddengebied 2050
1 Amendement aanvulling op rv 1 en 2 agendapunt 13 concept uitvoeringsprogramma waddengebied 2021-2026 aangenomen.pdf
1 Adviesnota Raad aangepast na amendement Partiële herziening beheersverordening buitengebied Menameradiel.pdf
AAN DE RAAD
Datum opgesteld
27 januari 2022
Datum agendering
3 maart 2022
Onderwerp
Vaststelling partiële herziening beheersverordening buitengebied Menameradiel t.b.v. beleidsregel Gardenierslandschap Marsum - Wier J. Dijkstra
Portefeuillehouder
Behandelend ambtenaar E-mailadres Telefoonnummer
J Hogendorp j.hogendorp@waadhoeke. nl
Voorstel Een partiële herziening van de beheersverordening Menameradiel vast te stellen waardoor de beleidsregel Gardenierslandschap tussen Marsum en Wier in werking treedt.
Inleiding Het buitengebied van de gemeente Waadhoeke behoort vrijwel geheel tot het noordelijke kleigebied waar de agrarische functie vanouds overheerst. Dit zou zomaar saai kunnen klinken, maar dat is het absoluut niet want er zijn talloze sporen van een rijke geschiedenis. Het benutten van de kwelderwallen, het opwerpen van terpen, het aanleggen van dijken, het verkavelen van de grond en het ontwikkelen van een groen boeren erf zijn voorbeelden van die sporen. Door de jaren heen kregen de bewoners steeds meer grip op het landschap. Dit is een proces geweest van eeuwen. Het resultaat daarvan noemen we erfgoed of cultuurhistorie en zijn we door de jaren heen steeds meer gaan waarderen. In dit specifieke gebied dat strekt van Wier tot aan Marsum zien we veel onderscheidende kenmerken. Het bijzondere van dit landschap is dat het een kleine verkaveling kende met veelal opgaande randbeplanting. Dit had te maken met het grondgebruik voor aardappelteelt en tuinbouw. Bij uitstek de zone op de kwelderwal was daarvoor geschikt en de afzetmarkt was nabij. Die afzetmarkt was niet alleen te vinden in de dorpen maar had ook Leeuwarden als grote klant. De akkers werden begrensd door sloten met in veel gevallen ook randbeplanting. Dit diende onder andere voor beschutting van de gewassen.
Door de beplanting die in de rest van het buitengebied niet gebruikelijk was werd dit gebied ook wel ‘de lytse wâlden’ genoemd. Vanaf de periode na de 2de wereldoorlog tot heden is de verandering van het landschap in een stroomversnelling geraakt met als resultaat een grootschaliger landschap, waarbij veel kenmerken van de voorgaande eeuwen verloren zijn gegaan. Voor de boeren is dit een zoektocht geweest naar een goed functionerend boerenbedrijf in het bestaande landschap. Maar wat de een goed vindt, wordt door de ander betwist en zo ontstaat er spanning. De belangen kunnen verschillen. Dat is ook merkbaar in het gebied tussen Wier en Marsum. De boer ziet zich genoodzaakt zijn bedrijf te optimaliseren om de kosten laag te houden en de opbrengsten te optimaliseren. De omgeving ervaart een teloorgang van karakteristieke kenmerken. Botsing van belangen of kans om in gesprek te gaan? De gemeente Waadhoeke heeft gekozen voor het laatste. Gezien de maatschappelijke wens een vorm van bescherming te bieden zijn we het gesprek in de omgeving aangegaan. We zijn vervolgens samen met de boeren uit het gebied, dorpsbelang, provincie Fryslân en andere belanghebbenden op zoek gegaan naar een werkwijze waarin behoud en beheer van het landschap centraal staat en toch ook een afweging van belangen plaats kan vinden.
De nadruk ligt niet op de regels maar op het bieden van handvatten voor ontwikkelingen met respect voor het gebied. Toch zijn er uiteindelijk ook (spel)regels nodig. Het doel is dat er een werkbaar geheel ontstaat. De beleidsregel gardenierslandschapMarsum - Wier is hier het resultaat van, de voorliggende herziening van de beheersverordening zorgt voor een wettelijke grondslag voor de beleidsregel. Beoogd (meetbaar) effect Bescherming bieden voor cultuurhistorische en landschappelijke waarden in het gebied Marsum – Wier waarbij tegelijkertijd nog voldoende ruimte is voor ontwikkeling.
2
| Vaststelling aanvulling beheersverordening t.b.v. beleidsregel Gardeniersgebied Marsum Wier
Motivering Argumenten 1.1 Uw raad is bevoegd gezag om de herziening van de beheersverordening vast te stellen. Uw raad is als laatste aan zet in dit proces. Want hoewel de raad niet het orgaan is dat de beleidsregel vaststelt, dit is een bevoegdheid van het college van B&W, is de raad wel verantwoordelijk voor de vaststelling van de herziening op de geldende beheersverordening. Deze herziening op de beheersverordening borgt een vergunningplicht in het plangebied voor de activiteit "werk of werkzaamheden uitvoeren" (denk aan: wegen aan leggen, sloten graven of dempen, bomen planten/rooien en grond op hogen/af graven). Hoe zit dit precies? Het college van B&W is bevoegd om beleidsregels vast te stellen. Echter om deze specifieke beleidsregel te kunnen laten werken is er een vergunningplicht nodig. Deze vergunningplicht zit niet in de huidige beheersverordening Buitengebied Menameradiel. Hierdoor kan op dit moment een ieder zonder vergunning de hiervoor geschetste werkzaamheden uitvoeren, sloten dempen etc. Door de beheersverordening te herzien ontstaat een vergunningsplicht die borgt dat het gebiedsproces die is omschreven in de beleidsregel ook daadwerkelijk een wettelijke grondslag heeft en zodoende in werking kan treden. Zonder deze vergunningplicht kan het voorgestelde gebiedsproces in de beleidsregel niet in werking treden.
1.2 Het gebied verdient een regeling die de cultuurhistorische en landschappelijke waarden beschermt. De gemeente Waadhoeke heeft in 2018 besloten om de procedure voor het bestemmingsplan buitengebied Menameradiel in afwachting van de Omgevingswet en het daarbij behorende Omgevingsplan niet af te ronden. Daarmee ontbreekt echter een kader voor het beoordelen van activiteiten die ertoe zouden kunnen leiden dat de cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten van het voormalige tuinbouwgebied rond Berltsum, Bitgum, Ingelum en Marsum worden aangetast. In de huidige beheersverordening buitengebied Menameradiel zit namelijk, behoudens een aanlegvergunning bij een archeologische dubbelbestemming, geen enkele beschermende maatregel. 1.3 Dit beleid is middels ‘Nabij Besturen’ tot stand gekomen Er is in 2019 de keuze gemaakt om samen met vertegenwoordigers in het gebied tot een vorm van bescherming te komen. De manier hoe de bescherming geregeld zou worden stond niet vast, omdat we eerst een open gesprek op gang wilden brengen. Hierna is gekeken naar hoe de gewenste bescherming vorm gegeven kan worden.
Om het probleem bespreekbaar te maken is een werkgroep gecreëerd met diverse vertegenwoordigers van belanghebbende partijen in het gebied: gemeente, verschillende boeren uit het gebied, LTO Noord, Landschapsbeheer Friesland, de Provincie, dorpsbelangen en Stichting Ringsom Great Terherne. BügelHajema Adviseurs is ingeschakeld voor de onafhankelijke begeleiding. Om de waarden van het gebied vast te stellen is tijdens het participatieproces aan de deelnemers gevraagd de waardes in het gebied te omschrijven. Op basis hiervan en op basis van een landschapsbeschrijving die is gemaakt op basis van de geschiedenis van het gebied, zijn de te beschermen elementen bepaald. Ook is samen met de werkgroep gekeken naar de manier hoe de beschermende maatregelen uiteindelijk geborgd zouden moeten worden. 3
| Vaststelling aanvulling beheersverordening t.b.v. beleidsregel Gardeniersgebied Marsum Wier
Dit is uiteindelijk samengekomen in de tabel met landschappelijke waarden en met de principes die worden omschreven in de beleidsregel (Bijlage 2). Met een daarbij behorende gebiedscommissie die adviseert aan de gemeente. Bijkomend voordeel van dit hele proces is dat partijen, die tot voor kort soms lijnrecht tegenover elkaar stonden, met elkaar in gesprek zijn gekomen. Het proces heeft mede daarom langer geduurd dan vooraf gedacht. De beleidsregel is daarnaast afgelopen zomer nog voor reacties gestuurd aan de werkgroepleden en heeft afgelopen periode ter inzage gelegen voor inspraakreacties. Dit heeft niet meer geleid tot aanpassingen aan het document. De inspraaknota is te vinden in bijlage 2 van de beleidsregel. 1.4 Deze maatregel biedt flexibiliteit en maatwerk Uitgangspunt is vanaf het begin geweest om maatwerk en flexibiliteit te leveren en tegelijkertijd het landschap te beschermen en waar mogelijk ook te herstellen. In de huidige beleidsregel komt dit samen. De al bekende Nije Pleats methodiek is hiervoor als input gebruikt. In het kort komt het neer op het volgende proces: Als iemand een vergunningaanvraag of bij voorkeur een vooroverleg aanvraag doet voor een ingreep in het landschap, gaat het gebiedsproces in werking .
De volgende stappen worden vervolgens doorlopen: Stap 1: Vroegtijdig overleg tussen de initiatiefnemer en de gemeente om het voornemen van de aanvrager te bespreken. Hier wordt bekeken hoe kansrijk het initiatief is. Stap 2: Er wordt onderzocht welke landschappelijke kenmerken binnen het plan in aanmerking komen voor “te behouden”, “te respecteren” of “gewoon te behandelen”. Stap 3: De gemeente beoordeelt of de gebiedscommissie ingeschakeld wordt; als er sprake is van te behouden of te respecteren landschappelijke kenmerken dan wordt de gebiedscommissie ingeschakeld. Stap 4: De gebiedscommissie beoordeelt aan de van hand de beleidsregel en komt tot een advies. De gebiedscommissie is een onafhankelijk commissie die het initiatief van de boer of een andere initiatiefnemer bekijkt. De commissie bestaat uit minimaal 3 personen en wordt samengesteld op basis van de vraag, maar bevat altijd een onafhankelijk voorzitter en een cultuurlandschappelijke deskundige, aangevuld met bijvoorbeeld een landschapsarchitect of een deskundige vanuit het Wetterskip. De boer kan zich laten ondersteunen door een (agrarisch) adviseur, de gemeente is toehoorder. Naast kwaliteit is snelheid een belangrijk aspect; de commissie komt binnen een beperkt tijdsbestek en een beperkt aantal bijeenkomsten tot haar advies.
Bij iedere vraag zal er maatwerk geleverd moeten worden, met als doel om een oplossing te vinden die voor alle partijen bevredigend is.
Kanttekeningen N.v.t. Analyse Relevante cijfers N.v.t. Samenleving Zie argument 1.3 4
| Vaststelling aanvulling beheersverordening t.b.v. beleidsregel Gardeniersgebied Marsum Wier
Ontwikkelingen en trends De laatste jaren zien we een terugkomende discussie tussen de landbouw, het landschap en biodiversiteit. Ook bij dit project ligt de aanleiding in deze onderwerpen. Door schaalvergroting in de landbouw wordt ons buitengebied steeds eentoniger. Deze ontwikkeling heeft dorpsbewoners aan de bel doen trekken. Een andere trend die we zien is dat er steeds meer initiatieven van onderop ontstaan om hier wat aan te doen. Alternatieven N.v.t. Vervolg Om de beleidsregel een wettelijke grondslag te geven dient de raad een herziening van de beheersverordening buitengebied Menameradiel vast te stellen. Tegen een beleidsregel en vaststelling van een beheersverordening is geen bezwaar en beroepsrecht mogelijk. Zodoende zal de beleidsregel en de herziening van de beheersverordening direct na publicatie van kracht worden. Inwonersparticipatie Zie 1.3 bij argumenten. Communicatie De beleidsregel en de herziening van de beheersverordening zal gepubliceerd worden in het Gemeenteblad en digitaal inzichtelijk worden. Ook is aan de werkgroepleden gevraagd om de beleidsregel in het gebied verder onder de aandacht te brengen. Dus via dorpsbelangen en bewoners van het gebied zelf. Financiën De kosten zijn gedekt uit het regulier werkbudget voor ruimtelijke plannen. Kosten voor een onafhankelijke deelnemer aan de gebiedscommissie zullen hier vooreerst ook uit worden betaald.
Onder de Omgevingswet is ruimtelijke kwaliteit een belangrijk onderwerp. Over de organisatorisch borging hiervan bij inwerkingtreding van de wet zijn we nog in gesprek. Tegen die tijd zal gekeken worden of deze adviesrol daar ook in onder te brengen valt.
5
| Vaststelling aanvulling beheersverordening t.b.v. beleidsregel Gardeniersgebied Marsum Wier
Juridisch kader Algemene wet bestuursrecht, Wet ruimtelijke ordening Bijlagen Bijlage 1: Partiële herziening beheersverordening buitengebied Menameradiel Bijlage 2: Beleidsregel Gardenierslandschap tussen Marsum en Wier
Burgemeester en wethouders van Waadhoeke
, burgemeester
, secretaris
6
| Vaststelling aanvulling beheersverordening t.b.v. beleidsregel Gardeniersgebied Marsum Wier
NR.: D2022-01-037012 De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke 15 februari 2022 om ; BESLUIT 1. Een partiële herziening van de beheersverordening Menameradiel vast te stellen waardoor de beleidsregel Gardenierslandschap tussen Marsum en Wier in werking treedt. 2. Toetsing aan de Wet N.B. en Waterwet c.q. het bevoegd gezag voor de wet N.B. en Waterwet bij de beoordeling van de Gebiedscommissie te betrekken en in de procedure te borgen. 3. Bij de uitvoering van kavelwerken aan historische en/of kruinige percelen dit vooraf te toetsen aan 'FAMKE' (Friese archeologische monumentenkaart) en dit te borgen in de procedure voor de gebiedscommissie.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 03 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}}
, voorzitter
, griffier
Dit document is digitaal ondertekend.
7
| Vaststelling aanvulling beheersverordening t.b.v. beleidsregel Gardeniersgebied Marsum Wier
1 Amendement GB agendapunt 14 Partiële herziening beheersverordening buitengebied Mwnameradiel Marsum Wier unaniem aangenomenb.pdf
1 Amendement van GB bij agendapunt 9 Uitvoering motie extra impuls woningmarkt ingetrokken.pdf
1 Motie Businesscase Werkleerbedrijf Fryslân West 2022-2026 unaniem aangenomen.pdf
002 Vastellen agenda 1 Agenda Gemeenteraad Waadhoeke 03-03- 2022 publiceer versie D2022-02-019970
Agenda Gemeenteraad Waadhoeke Datum Tijd Locatie Voorzitter
03-03--2022 19:30 - 22:00 Gemeentehuis, Harlingerweg 18 te Franeker M.C.M. Waanders / Griffier W. Bruinsma
001 Opening 002 Vaststellen agenda 003 Mededelingen 004 Vaststellen besluitenlijsten: 004.1 Vergadering gemeenteraad 10 februari 2022 004.2 Toezeggingenlijst 10 februari 2022 005 Insprekers: 006 Vragenuur: 007 Ingekomen stukken: 007.1 Behandelvoorstel ingekomen stukken van derden 007.2 Beantwoording schriftelijke vragen en memo's 007.2.A Skriftelikje fragen FNP ferkearsfeiligheid Seisbierum-Piterbierum 008 Businesscase Werkleerbedrijf Fryslân West 2022-2026 8 009 Uitvoering motie extra impuls woningmarkt 010 Bestemmingsplan Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp 011 Bestemmingsplan 'St.-Jacobiparochie - Rondom de Geert Veenhuizenstraat' en bestemmingsplan 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III' plus bijbehorend beeldkwaliteitsplan 012 Actualisering supermarktbeleid en binnenstadsvisie 013 Concept uitvoeringsprogramma 2021-2026 van de Agenda voor het Waddengebied 2050 014 Partiële herziening beheersverordeing buitengebied Menameradiel t.b.v. beleidsregel Gardenierslandschap Marsum - Wier 015 Extra subsidie MFA d'Ald Skoalle Dronryp 016 Inventarisatie beschermingswaardige bomen en houtopstanden
017 018 019 020
Plan van aanpak huisvesting statushouders Benoeming leden adviescommissie Hûs en Hiem 2022 Moties vreemd aan de orde van de dag Sluiting
De stukken voor de vergadering kunt u vinden op www.waadhoeke.nl/gemeenteraad Via een directe link komt u dan bij een vergaderkalender waar u de stukken kunt bekijken, of de vergadering kunt volgen via de livestream.
004.1 Vergadering gemeenteraad 10 februari 2022 1 Besluitenlijst Gemeenteraad Waadhoeke 10 februari 2022
Besluitenlijst Gemeenteraad Waadhoeke Datum Tijd Locatie Voorzitter Aanwezigen
Afwezigen
10-02-2022 19:30 - 22:00 Gemeentehuis, Harlingerweg 18 te Franeker M.C.M Waanders / griffier W. Bruinsma K. Arendz, D. Bloem-Hofman, T. Cuperus, L. Ferwerda, S. Greidanus, A. Hartman, H. Hoekstra, H. Hof, G.J. Iedema-Zondervan, T.S. de Jong, D. Kamstra, Sj.S. Kuipers, A.J.T. Magré, A.M. Mast, K. J. Nammensma - Offinga, H.J. Nauta, A.M. NeudorferEberwijn, D. Osinga-Bonnema, K.J. Rodenburg, H. Stellingwerf, W. van der Veen, T.J. Vlaar - Vroonland, B. Vollema, A. Weiland, H. van der Werff, B. van Wijk, T.J. Wijnia en J.J. Zijlstra T.A. Wijkhuijs N. Haarsma-Vrieswijk, B. Tol, J. Dijkstra en C.M. de Pee
001
Opening De heer Wijkhuijs is Afwezig
002
Vaststellen agenda Besluit:
De agenda is ongewijzigd vastgesteld. 003
Mededelingen Geen mededelingen
004
Vaststellen besluitenlijsten:
004.1
Vergadering gemeenteraad 27 januari 2022 Besluit:
De besluitenlijst is vastgesteld. 004.2
Toezeggingenlijst 27 januari 2022 Besluit:
De toezeggingenlijst is vastgesteld. 005
Insprekers: Mevrouw Onbelet spreekt namens mevrouw Terpstra in over haar brief naar aanleiding van de memo van het college aan de raad over Aankoop en Verkoop grond van 18 januari 2022. De heer Jelle Jan Wissmann spreekt in bij punt 7.2 schriftelijke vragen van de FNP over Doarpskearn Pietersbierum
006
Vragenuur:
De volgende vragen zijn gesteld: Vragen Sietze Greidanus (CDA) Cgv Be Quick heeft vorig jaar diverse vragen en opmerkingen gesteld aan het college. In december 2021 kwamen daar opmerkingen over onveiligheid in sporthal De Trije bij. Die opmerkingen zijn aanleiding voor CDA Waadhoeke voor de volgende vragen; 1. Is het college het met CDA Waadhoeke eens dat de gemeente een verantwoordelijkheid heeft voor de veiligheidssituatie rond en in sporthal De Trije? - Zo nee, is die verantwoordelijkheid duidelijk in het contract met Optisport belegd bij beheerder Optisport? - Zo ja, heeft het college over mogelijke maatregelen contact gehad met de beheerder Optisport? 2. Kan de instelling van een leerwerkplek vanuit de Participatiewet voor een assistent beheerder van sporthal De Trije, gecombineerd met camerabewaking een bijdrage leveren aan het vergroten van de veiligheid in sporthal De Trije? Vragen Sietze Greidanus (CDA) Op donderdag 9 december 2021 heeft CDA Waadhoeke een motie vreemd ingediend m.b.t. de het opschorten van buslijn 71. Deze motie is unaniem aangenomen. In deze motie hebben we het college opgeroepen om; • •
Bij de provincie aan te dringen tot opschorting van het strekken van buslijn 71 tot alle aanvullende veiligheidsmaatregelen zijn gerealiseerd. Bij de provincie aan te geven dat de provincie verantwoordelijk is voor de aanleg van de veiligheidsvoorzieningen bij de provinciale weg N383 die nodig zijn als gevolg van het strekken van buslijn 71.
We hebben gehoord en gezien en dat de wethouder en de gedeputeerde gesproken hebben over het strekken van buslijn 71 en de nut en noodzaak van de oplossing (voor de onveilige situatie). Die vraag hoeven we niet meer te stellen. 1. Wat is de uitkomst van het overleg met de provincie? 2. Welke veiligheidsvoorzieningen worden er genomen om een onveilige situatie, op de provinciale weg de N383, te voorkomen? 3. Is er bij de provincie aangegeven dat ze verantwoordelijk zijn voor de gevolgen van het strekken van de buslijn? Voor het creëren van veilig bereikbare bushaltes? Vragen Teun de Jong (VVD) 1. Het Wetterskip Fryslân heeft voor het project 1Dyk, het dijkversterkingsplan Koehool- Lauwersmeer, tot 23 februari de mogelijkheid geopend tot het geven van reacties op het Voorkeursalternatief dijkversterking. In het gepubliceerde voorkeursalternatief gaat het Wetterskip op het traject Koehool tot Zwarte Haan uit van versterking van de bestaande dijk zonder aanleg van voorland. In de raadsvergadering van 9 december 2021 is er in Waadhoeke een motie aangenomen in de context van de gemeentelijke Bodemvisie, om in het kader van zowel de Pagina 2
versterking van de dijk en daarmee de veiligheid op termijn, als om mogelijke verzilting van het binnendijkse land tegen te gaan tot juist wel planmatige aanleg van voorland op genoemd traject te komen. a. Heeft het College zoals in de motie gesteld de wens van de raad aan het Wetterskip voorgelegd? b.1. Zo ja, wat was daarop de reactie van het Wetterskip? b.2. Zo nee, waarom heeft het College niet op de wens van de raad gereageerd? c. Gaat het College gebruik maken van de mogelijkheid van schriftelijke reactie op 1DYK om de wens van de raad opnieuw aan het Wetterskip voor te leggen? d.1. Zo ja, stelt het College dan een afschrift van de reactie aan de raad ter beschikking? d.2. Zo nee, waarom geeft het College geen reactie. 2. In 2023 vindt in het Nederlandse Waddengebied de drie jaarlijkse Landschapstriënnale plaats. Als kustgemeente maakt Waadhoeke ook deel uit van het doelgebied. Een van de doestellingen van dit project is het versnellen van ontwikkelingen in het landschap, dus ook van Waadhoeke. Voor de uitvoering in Noord-Nederland is de Stichting Landschapstriënnale 2023 opgericht. Eén van de ambities van de Stichting is om te komen tot een 'robuust klimaatbestendig raamwerk als oost-west verbinding langs het Werelderfgoed te ontwikkelen'. a. Participeert het College in de planontwikkeling van deze Stichting? b. Zo nee, waarom niet? c.
Zo ja, op welke wijze doet Waadhoeke hier in mee? d. Op welke wijze borgt het College dat beleid en inzet van de gemeente, zoals dat in de raad is aangenomen (bijvoorbeeld op het gebied van tegengaan van en onderzoek naar verzilting), in de planvorming en vergunningenbeleid wordt verwerkt. Hanna van der Werff (SAM) Op woensdag 9 februari j.l. stond in de Leeuwarder Courant een artikel over verduurzaming huizen: verduurzaming te duur voor ongeveer 20 procent van de huizenbezitters. Naar verwachting gaat dit probleem urgenter worden omdat de energieprijzen stijgen. SAM wil voorkomen dat er mensen in de problemen komen en hoopt op een actieve houding van de gemeente op dit gebied. SAM heeft eerder met motie en vragen aandacht gehad voor dit onderwerp maar vraagt zich af of dit al omgezet is in acties. 1. Het kabinet is gevormd, is er inmiddels een brief verstuurd naar aanleiding van de motie isolatie? Zo ja, kan de raad ook een afschrift krijgen van deze brief? 2. Zo nee, kunnen wij een datum krijgen waarop deze brief verstuurd wordt waarbij er ook een afschrift wordt gegeven aan de raad? 3. SAM heeft begrepen dat er een budget van € 560.000 beschikbaar is voor gemeente Waadhoeke om energiearmoede te bestrijden. U heeft in uw beantwoording van de vragen van 7 november toegezegd de raad op de hoogte te houden van uw bevindingen en voorstellen.
Wanneer kunnen wij deze informatie en een plan van aanpak verwachten?
Pagina 3
007
Ingekomen stukken: Besluit:
Besloten conform voorstel. 007.1
Behandelvoorstel ingekomen stukken van derden Besloten conform afdoeningsvoorstel
007.2
Beantwoording schriftelijke vragen en memo's
007.2.A
Nadere toelichting op beantwoording schriftelijke vragen Mevrouw Iedema (FNP)- vraagt een nadere toelichting op hun schriftelijke vragen over Doarpskearn Pietersbierum De heer Nauta (FNP) - wil graag mondeling antwoord op zijn ingediende schriftelijke vragen over: Wente Blessum De heer Greidanus (CDA) - krijgt mondeling antwoord op zijn schriftelijke vragen over de beoordeling wel of geen ecologisch onderzoek Toezeggingen:
Wethouder de Pee zegt naar aanleiding van de vraag van mevrouw Iedema dat ze apart in gesprek gaat met Pietersbierum. 8
Bestemmingsplan Tzummarum Kleasterwei 8, 8a en 8b Bij besluit van 6 februari 2020 heeft de raad het bestemmingsplan “Tzummarum Kleasterwei 8, 8a en 8b” vastgesteld. Dit bestemmingsplan was opgesteld om de planologische mogelijkheden op deze percelen te herstellen. Bij de herziening van het bestemmingsplan Buitengebied Franekeradeel is destijds de feitelijke situatie in het bestemmingsplan opgenomen. Onder andere omdat op het perceel geen milieuvergunning meer aanwezig was / de planologische mogelijkheden al langere tijd niet werden benut. Later bleek dat deze keuze van de gemeente Franekeradeel tot gevolg had dat er sprake was van mogelijk forse directe planschade. Er is toen voor gekozen om de planologische mogelijkheden via een bestemmingsplanprocedure deels te herstellen (vaststelling bestemmingsplan ‘Tzummarum – Kleasterwei 8, 8a en 8b’). Tegen dit besluit is beroep ingesteld. Bij uitspraak van 4 augustus 2021 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) het besluit van de raad vernietigd voor zover het betreft het perceel Kleasterwei 8B. Er zal een nieuw besluit moeten worden genomen voor nummer 8B. Dat kan zowel het besluit zijn dat er géén nieuw bestemmingsplan voor dat perceel wordt vastgesteld, als een besluit dat dit wel gebeurt.