Agendabundel
Tekst van het document
In de jaren 2022 tot en met 2026 neemt het aantal niet gesubsidieerde medewerkers met 13 fte af (van 128 fte naar 115 fte). De 13 fte is een saldo van 22 fte kostenbesparing en een toename van 9 fte niet gesubsidieerde medewerkers die aan de formatie moeten worden toegevoegd. Deze toevoeging is nodig omdat in de periode 14 gesubsidieerde medewerkers met een staf- of kaderfunctie met pensioen gaan.
8 / 12
INT
De N.V. spant zich in om, ondanks de verdere afname van het aantal Wsw-medewerkers, toch op de zogenoemde nuloptie uit te komen. Er is dus feitelijk sprake van een dubbele opgave. Enerzijds het terugbrengen van de kosten en anderzijds het opvangen van de effecten van het dalend aantal Wsw-medewerkers. • Transitiekosten Empatec N.V. heeft aangegeven dat er gedurende vier jaar (2022 tot en met 2025) een budget van € 500.000 per jaar beschikbaar moet zijn voor de dekking van mogelijke transitiekosten. In totaliteit daarmee € 2.000.000. De begrote bedragen voor de transitiekosten worden uitsluitend aangewend om eventuele boventalligheid van ongesubsidieerd personeel op te lossen voor zover dat niet via natuurlijk verloop kan worden opgevangen. Het voorstel is om de transitiekosten vanuit het oogpunt van gezamenlijkheid en commitment 50/50 te verdelen over Empatec N.V. en de GR Fryslân-West. De 50% die ten laste komt van de GR Fryslân-West (€ 250.000 euro per jaar in de eerste 4 jaar van het Werkleerbedrijf) wordt opgenomen in de begroting van de GR. De kosten worden gedekt door een extra gemeentelijke bijdrage naar rato van het aantal arbeidsjaren Wsw (oftewel SE). Het effect per SE is rond de € 325 gemiddeld over de jaren 2022-2025.
Binnen de vastgestelde (meerjaren-) begroting 2022 van de GR Fryslân-West is volgens de informatie uit de Businesscase ruimte beschikbaar om de reservering voor 2022 te realiseren. Inclusief reservering blijft de bijdrage per SE ook in de meerjarenraming van de GR Fryslân-West binnen het kader van € 3.000 per SE. Overigens wordt de gemeentelijke meerjarenraming pas bijgesteld na vaststelling van de meerjarenraming van de GR Fryslân-West. Ter illustratie is de mogelijke stapsgewijze daling van € 3.000 naar € 41 per SE in onderstaande tabel weergegeven. Gem. bijdrage per SE Gem. bijdrage in transitie-kosten per SE Totaal
2021 € 3.000 N.v.t.
2022 € 2.599 € 325
2023 € 2.208 € 325
2024 € 1.753 € 325
2025 € 953 €325
2026 € 41 €0
€ 3.000
€ 2.884
€ 2.533
€ 2.078
€ 1.278
€ 41
Tabel: effect Businesscase op ontwikkeling gemeentelijke bijdrage loonkosten en transitiekosten per SE (uitsluitend indien de meerjarenraming GR Fryslân-West e.e.a. conform vaststelt).Voor Waadhoeke zou dit, indien de omstandigheden exact zo zijn als in de Businesscase wordt aangenomen, betekenen dat de gemeentelijke bijdrage vanaf 2022 gaat dalen. De gemeentelijke bijdrage van Waadhoeke is dan volgens de Businesscase vanaf 2026 ruim € 400.000 lager dan wat thans in de gemeentelijke meerjarenraming is opgenomen.
• Effect evenredig deel eigen gemeenten Alle deelnemende gemeenten committeren zich aan het evenredig deel voor reintegratiedienstverlening. Daarnaast is er de optie om aanvullende diensten door het Werkleerbedrijf te laten uitvoeren binnen het bovenevenredig deel of het pluspakket. Inherent aan het ingroeipad is dat het trajectvolume (aantal inwoners dat een re-integratietraject kan volgen bij het Werkleerbedrijf) in 2022 nagenoeg overeenkomt met het volume van 2021 en vervolgens meestijgt met het evenredig deel.
9 / 12
INT
Jaar Evenredig deel
2022 € 600.965
2023 € 640.277
2024 € 679.588
2025 € 718.900
2026 € 718.900
Tabel: ingroei evenredig deel Waadhoeke
Het budget voor re-integratie van de doelgroep Perspectiefrijk is opgenomen in de begroting van de Dienst NWF. De inkoop van trajecten binnen het re-integratiebudget is onderverdeeld naar trajecten bij Pastiel (Werkleerbedrijf) en trajecten bij overige (lokale) lokale aanbieders. Binnen dit budget zal een verschuiving moeten plaatsvinden naar het Werkleerbedrijf. Verondersteld wordt dat het portfolio van het Werkleerbedrijf ook de dienstverlening kan bieden die momenteel bij -een klein aantal- aanbieders is ondergebracht. In dat geval is het ingroeipad naar het evenredig deel voor de gemeente budgettair neutraal te realiseren. PARTICIPATIE, JURIDISCH & COMMUNICATIE Participatie De Adviesraden Sociaal Domein hebben inmiddels hun adviezen uitgebracht. Tevens zijn het advies van de OR, de reactie van de WOR-bestuurder en de brieven van de vakbond FNV aan leden Empatec en de brief van de vakbond FNV aan gemeente SWF als bijlagen toegevoegd. Beleid- en regelgeving Wet gemeenschappelijke regeling Gemeentewet Participatiewet Wet Sociale Werkvoorziening Wet markt en overheid en aanbestedingsbeleid Aanbestedingswet 2012 (hierin geïmplementeerd de Richtlijn 2014/24/EU), de Gids Proportionaliteit, het inkoop- en aanbestedingsbeleid gemeente Waadhoeke Communicatie Er is een centraal communicatieplan. Alle gemeenten zijn hierin vertegenwoordigd, evenals Empatec.
Centrale regie is belegd bij het regieteam communicatie, zijnde de voorzitter van de GR, de directeur van Empatec N.V. en de gemeentesecretaris van een van de deelnemende gemeenten. Bijlagen 1. Businesscase versie 22-11-21 2. Bijlagenbundel Businesscase versie 22-11-21 3. Aanvullende notitie Rotshuizen Geense januari 2022 4. Adviezen Adviesraad Sociaal Domein NWF 5. Advies Adviesraad Sociaal Domein De Fryske Marren 6. Reactienota aan de gezamenlijke adviesraden 7. Advies OR 8. Besluit WOR-bestuurder op advies OR 9. Brief vakbond FNV aan leden Empatec 10. Brief vakbond FNV aan gemeente SWF 11. Historische schets traject Businesscase Werkleerbedrijf
10 / 12
INT
Burgemeester en wethouders van Waadhoeke
, burgemeester
, secretaris
11 / 12
INT
NR.: CONCEPT De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke van 8 februari 2022
BESLUIT 1. De Businesscase Werkleerbedrijf Fryslân-West 2022-2026 vast te stellen. 2. De governance van de Gemeenschappelijke Regeling Fryslân-West aan te passen conform optie 1, en optie 4c (het opheffen van Empaselect B.V. en Empathiek B.V.) te onderzoeken binnen het implementatieplan. 3. De financiële implicaties, zijnde het evenredig deel en het pluspakket voor de reintegratieactiviteiten te verwerken in de gemeentelijke begroting. 4. Het college de opdracht te verstrekken om: de GR Fryslân-West te verzoeken de N.V. Empatec in samenwerking met de gemeenten een implementatieplan te laten opstellen en aan te bieden aan de GR Fryslân-West, waarna de GR Fryslân-West de colleges verzoekt deze ter vaststelling aan de gemeenteraad voor te leggen.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}} Dit document is digitaal ondertekend.
12 / 12
, voorzitter
, griffier
1 Adviesnota Raad Uitvoering motie extra impuls Woningmarkt D2022-02-014378 is digitaal ondertekend.pdf
AAN DE RAAD
Datum opgesteld
10 februari 2022
Datum agendering Onderwerp
3 maart 2022 Uitvoering motie extra impuls woningmarkt N. Haarsma
Portefeuillehouder
Behandelend ambtenaar E-mailadres Telefoonnummer
R Snuif r.snuif@waadhoeke.nl
Samenvatting Tijdens de raadsvergadering van 8 juli 2021 heeft de raad de motie Extra impuls woningmarkt aangenomen. De raad geeft in deze motie aan zorgen te hebben over de starters op de woningmarkt in Waadhoeke en vraagt het college middels vier vragen antwoord te geven op het startersvraagstuk en de druk op de woningmarkt in Waadhoeke. Om een aantal vragen te kunnen beantwoorden is het onderzoeksbureau KAW ingeschakeld. Dit heeft geleid tot de notitie “Kansen voor starters in Waadhoeke; instrumenten voor de woningmarkt”. De notitie is tijdens de raadsbrede interactieve voorlichting op dinsdag 14 december 2021 gepresenteerd en besproken. Daarbij waren ook een lokaal/regionaal acterende makelaar en een vertegenwoordiger van de in onze gemeente actieve woningcorporaties aanwezig. Vanuit de motie, de memo van ons college van 30 november 2021, de rapportage van KAW en de bijeenkomst van 14 december 2021 kunnen ruwweg twee sporen worden onderscheiden: • het ontwikkelen van instrumenten waarmee de positie van starters op de woningmarkt wordt verbeterd; • een versnelling van de woningbouw waarbij voor alle doelgroepen (en via doorstroming dus ook voor starters) meer ontspanning op de woningmarkt ontstaat. In dit advies worden een aantal relatief eenvoudige en bij de woningmarkt van Waadhoeke passende voorstellen gedaan.
Ook wordt een voorstel gedaan voor de gevraagde extra financiële ondersteuning voor tijdelijke externe projectleiding die kan ondersteunen met het realiseren van woonplannen.
Voorstel 1. Het vaststellen van de definitie van een starter op de woningmarkt in Waadhoeke. 2. Het nader uitwerken van de navolgende instrumenten: a) starterslening b) op basis van maatwerkbenadering bij nieuwbouwprojecten mogelijkheden voor starters inbrengen. c) (incidenteel) verkoop van corporatiebezit aan starters 3. Het doen van onderzoek naar het geschikt maken van leegstaand/vrijkomend gemeentelijk vastgoed op huurbasis ten behoeve van diverse aandachtsgroepen in combinatie met starters. 4. Een extra krediet van € 510.000 beschikbaar te stellen voor tijdelijke formatie op het gebied van wonen en ruimtelijke ordening. 5. Dit extra krediet ten laste van de Algemene Reserve te brengen. 6. Dit bedrag te reserveren in een nieuw in te stellen bestemmingsreserve Impuls woningmarkt.
2
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
Inleiding Tijdens de raadsvergadering van 8 juli 2021 heeft de raad de motie Extra impuls woningmarkt aangenomen. De raad geeft in deze motie aan zorgen te hebben over de starters op de woningmarkt in Waadhoeke en vraagt het college middels vier vragen antwoord te geven op het startersvraagstuk en de druk op de woningmarkt in Waadhoeke (zie bijlage 1). Om een aantal vragen te kunnen beantwoorden is het onderzoeksbureau KAW ingeschakeld. Dit heeft geleid tot de notitie “Kansen voor starters in Waadhoeke; instrumenten voor de woningmarkt” (zie bijlagen 2 en 3). De notitie is tijdens de raadsbrede interactieve voorlichting op dinsdag 14 december 2021 gepresenteerd en besproken. Daarbij waren ook een lokaal/regionaal acterende makelaar en een vertegenwoordiger van de in onze gemeente actieve woningcorporaties aanwezig. Vanuit de motie, de memo van ons college van 30 november 2021, de rapportage van KAW en de bijeenkomst van 14 december 2021 kunnen ruwweg twee sporen worden onderscheiden: • het ontwikkelen van instrumenten waarmee de positie van starters op de woningmarkt wordt verbeterd; • een versnelling van de woningbouw waarbij voor alle doelgroepen (en via doorstroming dus ook voor starters) meer ontspanning op de woningmarkt ontstaat. In dit advies worden een aantal relatief eenvoudige en bij de woningmarkt van Waadhoeke passende voorstellen gedaan.
Ook wordt een voorstel gedaan voor de gevraagde extra financiële ondersteuning voor tijdelijke externe projectleiding die kan ondersteunen met het realiseren van woonplannen. Beoogd (meetbaar) effect Met de voorliggende voorstellen wordt invulling gegeven aan de door de raad aangenomen motie om voor jongeren in Waadhoeke meer mogelijkheden te bieden voor huisvesting in onze gemeente alsmede een versnelling van de woningbouw voor alle doelgroepen (ouderen, starters en gezinnen). Motivering 1.1 Het is noodzakelijk om te bepalen wie tot deze doelgroep behoort (en wie niet). Om starters op de woningmarkt te kunnen helpen, moet wel worden vastgesteld wie tot deze doelgroep behoort en wie niet. In de notitie van KAW is een definitie van een starter opgenomen, die landelijk gangbaar is. Die definitie luidt: Een starter wordt gezien als iemand die voor het eerst een eigen woning gaat kopen of huren, van maximaal 35 jaar oud en met een inkomen tot modaal (€ 37.000 per jaar in 2021). Hierbij is het van belang dat de starter (van origine) een inwoner van de gemeente Waadhoeke is, die vanuit een sterke sociale betrokkenheid en lokale binding met zijn huidige verblijfsplaats huisvesting zoekt in (de directe omgeving van) zijn eigen dorp of wijk binnen de gemeente Waadhoeke.
Met het vaststellen van bovenstaande definitie wordt ook duidelijk wie eventueel in aanmerking kunnen komen voor de nog nader uit te werken instrumenten ten behoeve van de starters in Waadhoeke. Bij de nader uit te werken instrumenten zal dit zo exact mogelijke worden gedefinieerd.
3
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
2. Met deze instrumenten kan een directe bijdrage worden geleverd aan het huisvestingvraagstuk voor starters in Waadhoeke 2a) Dit instrument verruimt de financiële mogelijkheid van een starter Eén van de duidelijk geadviseerde instrumenten is de starterslening. Middels een starterslening wordt extra leenruimte geboden. Hierdoor kunnen starters een huis kopen dat financieel (nog) net buiten hun bereik ligt. De gedachte hierachter is dat koopstarters meestal werkende jongeren zijn, die in inkomen nog vooruit zullen gaan. Dit instrument is zowel in te zetten voor bestaande bouw en nieuwbouw. Bij de uitwerking zullen de bouwstenen (zoals onder andere lokale binding, maximale koopsom en maximaal leenbedrag) uit de rapportage van KAW (zie hiervoor pagina 19) als leidraad worden gebruikt en zullen de financiële consequenties nauwgezet in beeld worden gebracht. De raad besluit uiteindelijk over de exacte regeling. 2b) Op basis van maatwerk kan bij nieuwbouwprojecten ruimte worden geboden voor betaalbare huuren koopwoningen In het kader van maatwerk zullen wij ons maximaal inspannen om in nieuwe plannen betaalbare huuren koopwoningen te realiseren. Bijv. type rug aan rug of 4 onder 1 kap zoals recent in Boksum. Hiermee geven wij invulling aan het door KAW in de notitie aangedragen instrument van een percentageregeling.
2c) Corporaties kunnen bij verkoop sociale koopwoningen voorrang verlenen aan starters Woningcorporaties verkopen zo nu en dan om diverse redenen gedeelten van hun huurwoningen. Het is voor de corporaties mogelijk om bepaalde doelgroepen hierbij voorrang te geven. In het kader van de prestatieafspraken die de gemeente jaarlijks met de corporaties en huurdersverenigingen maakt, kan overleg met betrokken partijen hierover worden gevoerd. Bezien kan worden of afspraken gemaakt kunnen worden over verkoop aan deze specifieke doelgroep (starters). Overigens zal dit, gelet op de druk op de woningmarkt die ook in de huursector merkbaar is, om kleine aantallen gaan. Voor bovenstaande instrumenten geldt dat deze, vanuit de geschetste definitie van een starter, nog nader uitgewerkt moeten worden, zodat met de instrumenten ook daadwerkelijk het gewenste effect bereikt wordt. Deze uitwerking is in het derde kwartaal van 2022 gereed. 3.1 Hierdoor kan op relatief korte termijn wooneenheden op huurbasis voor aandachtsgroepen worden gerealiseerd. De woonvraag voor niet alleen de starters maar ook andere aandachtsgroepen (zoals statushouders,
arbeidsmigranten, sociaal urgenten en dreigend daklozen, medisch urgenten en rolstoelafhankelijken, uitstroom intramurale situaties) is een complexe opgave. Mede door de huidige druk op de woningmarkt.
Leegstaand/vrijkomend gemeentelijk vastgoed kan in sommige gevallen geschikt worden gemaakt voor bewoning door het realiseren van wooneenheden binnen het bestaande pand. Aangezien de gemeente eigenaar is van deze objecten, is de gemeente ook regisseur van de toekomstige invulling hiervan.
4
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
Het realiseren van wooneenheden in deze objecten kan, gezien het feit dat het hier huurwooneenheden betreft, flexibel worden ingezet voor de diverse aandachtsgroepen in combinatie met starters. Ook indirect zal dit effect hebben voor de starters op de woningmarkt, omdat door extra aanbod voor aandachtsgroepen, een minder groot beroep wordt gedaan op de reguliere woningvoorraad. Mede gezien de demografische prognoses is het flexibel kunnen inzetten van deze gebouwen een kans om tijdelijk extra aanbod van woningen te realiseren. Daarbij kan in dit onderzoek ook worden meegenomen of deze locaties zich lenen voor tijdelijke extra woonunits (flexwonen). 4.1 Zowel invoering en uitvoering van de voorgestelde maatregelen voor starters als een versnelling van de woningbouw vraagt extra ambtelijk inzet op het vakgebied wonen Beide in de inleiding geschetste sporen vragen tijdelijk ambtelijke inzet. De beschikbare ambtelijke capaciteit op het gebied van wonen is nu al volledige bezet met alle lopende beleidsvraagstukken, het maken van prestatieafspraken, de vele initiatieven en lopende projecten rondom het (brede) thema wonen en woningmarkt. De kentering op de woningmarkt (waarbij zowel dorpen als ontwikkelende partijen aankloppen bij de gemeente, maar ook de gemeente zelf graag de regie wil nemen) is niet in de huidige formatie voorzien.
Datzelfde geldt voor het actief oppakken van de in dit raadsvoorstel voorgestelde acties en de gewenste versnelling van de woningbouw. Op dit moment zien we dat door de beperkte bezetting (in het oorspronkelijke formatieplan dat ten grondslag ligt aan Waadhoeke is 1 fte op het gebied van Wonen opgenomen) zowel complexe als eenvoudige vragen, maar ook de beleidsvragen als projectmatige taken op hetzelfde bureau belanden. Tijdelijke formatie biedt ruimte om hierin meer te differentiëren, de voorgestelde instrumenten in 2022 in te voeren en uit te voeren, meer projecten tegelijkertijd op te pakken maar vooral meer regie te voeren op het grote aantal ontwikkelingen. Concreet betekent dit meer mensen om meer projecten in dorpen en wijken op te kunnen pakken, te begeleiden en tot uitvoer te kunnen brengen. 4.2 Voldoende capaciteit op het gebied van ruimtelijke ordening is essentieel Zoals eerder aangegeven betekent meer capaciteit dat wij meerdere projecten tegelijkertijd op kunnen pakken. Het leidt níet tot een versnelling van bijv. de ruimtelijke procedures of de snelheid waarmee onderzoeks- en stedenbouwkundige bureaus opereren (ook daar zien we dat de werkdruk hoog is wat ten koste gaat van de snelheid). De ruimtelijke procedures vormen een belangrijk onderdeel van de woningbouwontwikkeling en zijn arbeidsintensief.
Daarnaast beschikt een aantal van de collega’s die deze procedures begeleiden ook over de vaardigheden om projecten te begeleiden. Om bij meer ervaren collega’s hiervoor meer ruimte te creëren, maar ook om meer procedures tegelijkertijd te kunnen begeleiden wordt ingezet op meer operationele capaciteit (junior) op het gebied van ruimtelijke ordening. 4.3 Er is de afgelopen jaren het nodige in gang gezet De afgelopen maanden zijn door uw raad de nodige beslissingen genomen rondom woningbouwontwikkeling. Zowel de start van een ontwikkeling door het beschikbaar stellen van
5
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
krediet (via Stads en Dorpsvernieuwing of vooruitlopend op een grondexploitatie) of het vaststellen van bestemmingsplannen waardoor een project richting de uitvoering gaat. Ook is door het anders inzetten van vacatureruimte (rest FTE’s) dekking gevonden voor extra stedenbouwkundige capaciteit waardoor iets meer ruimte ontstaat rond woningbouwontwikkeling, advisering bij bouwplannen en vraagstukken rond het brede thema ruimtelijke kwaliteit. Verder is eind 2021 een beroep gedaan op de provinciale regeling Flexpool waarmee een (bescheiden) inzet van tijdelijke professionals mogelijk is. Bedoeling is om ons hiermee bij de woningbouwontwikkeling aan de zuidwestkant van Sint Annaparochie maximaal te laten ontzorgen zodat de voorbereidingsfase medio 2022 kan worden afgerond. Kanttekeningen 1.1 De toegenomen vraag op de woningmarkt is tijdelijk De demografische prognoses laten zien dat Waadhoeke aan het ontgroenen en vergrijzen is. Desondanks is de huidige vraag naar huisvesting door diverse oorzaken hoog te noemen. Ook bij de jongeren. Het is een logische gedachte om de huidige marktvraag van jongeren zo goed mogelijk te bedienen. Het is echter de vraag of het simpel weg bijbouwen van grote aantallen nieuwe woningen op termijn de beste oplossing is. Gezien de demografische prognoses ligt bouwen voor leegstand op de loer.
Dit vraagt om strategische beleidskeuzes, maar ook om actuele provinciale prognoses, om zowel aan de huidige marktvraag te kunnen voldoen als de toekomstige marktvraag in ogenschouw te houden. Met het voorliggende advies wordt met beide aspecten rekening gehouden, waarbij het startersvraagstuk in Waadhoeke in het bijzonder en woningbouw in het algemeen, op korte termijn een impuls krijgt. 1.2 Een versnelling op de woningmarkt vraagt inzet van veel disciplines In dit voorstel wordt dekking gevraagd voor formatie op het gebied van Wonen en Ruimtelijke Ordening. Bij woningbouwontwikkeling zijn echter veel meer disciplines betrokken. Denk daarbij onder andere aan volkshuisvesting, stedenbouw, ruimtelijke ordening, milieu, grondzaken, civiele techniek en vergunningverlening. Tijdelijke projectleiding is dan maar een deel van de oplossing. In alle gevallen wordt een fors beroep gedaan op de ambtelijke capaciteit. In de onderzoeksfase ligt de nadruk op wonen, stedenbouw, ruimtelijke ordening en grondzaken (en hebben veel disciplines een adviesrol). In de voorbereidingsfase ligt het zwaartepunt op ruimtelijke ordening (en hebben veel disciplines een adviesrol). In de realisatiefase ligt het zwaartepunt bij de afdeling BOR maar zien we bijv. ook een piek in het aantal vergunningaanvragen bij de afdeling V&VTH. In dit voorstel ligt de nadruk op de voorbereidingsfase en realisatiefase.
Bij de afdeling BOR wordt momenteel verkend of door een herschikking van budgetten en door meer zelf te doen formatieve uitbreiding kan plaatsvinden. Binnen V&VTH kan worden geanticipeerd op deze ontwikkeling door de (te verwachten) extra legesinkomsten vooruitlopend op de inning hiervan in te zetten voor het aantrekken van personeel.
6
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
1.3 De afhankelijkheid van de beschikbaarheid van personeel is groot In dit voorstel wordt dekking gevraagd voor formatie op het gebied van Wonen en Ruimtelijke Ordening. De afgelopen periode is gebleken dat het lastig is om vacatures in te vullen. O.a. op vakgebieden als verkeer en vervoer, rioolbeheer en vergunningverlening. Ook bij adviesbureaus ligt de werkdruk hoog. Inzet van bureaus vraagt, naast de inzet van extra financiële middelen, bovendien nog altijd een stevige inzet van de eigen medewerkers. Met de huidige formatie kan deze inzet nu niet geboden worden. Vanuit die ervaring is de vraag of geschikt personeel op de arbeidsmarkt is te vinden. 1.4 Niet alle geschetste instrumenten keren terug of worden nader onderzocht In de inleiding is aangegeven dat er een aantal relatief eenvoudige en bij de woningmarkt van Waadhoeke passende voorstellen worden gedaan. Deze zijn gebaseerd op het advies van KAW maar ook op het beeld dat door de aanwezige lokale makelaar en de vertegenwoordiger van de corporaties is geschetst. Vanuit die discussie is de nadruk gelegd op maatregelen die relatief eenvoudig en vlot kunnen worden ingevoerd en tegelijkertijd voldoende effect sorteren.
De keuze om bijvoorbeeld een starterlening in te voeren (die op alle fronten positief scoort) en deze voor zowel bestaande als nieuwbouw te hanteren maakt dat andere financiële instrumenten (zoals erfpacht dat alleen zou kunnen gelden voor gemeentelijke nieuwbouwkavels) minder interessant is. Ook het vastleggen van doelgroepen of het vaststellen van een doelgroepenverordening lijkt op dit moment te vergaand. Bij transacties blijkt dat nog steeds zo’n 80% wordt verkocht aan belangstellenden uit de directe omgeving van een woning. Analyse De motie van de raad van 8 juli 2021, de notitie “Kansen voor starters in Waadhoeke” en de raadsbrede interactieve voorlichting op 14 december 2021 laten zien, welke vraagstukken er leven op de woningmarkt in Waadhoeke. Op basis van deze analyse is het voorliggende advies tot stand gekomen. Alternatieven Met dit voorstel wordt een beroep gedaan op de algemene reserve. Een alternatief is om een integrale afweging te maken bij de Kadernota 2023-2026 en vervolgens definitieve besluitvorming bij de begrotingsbehandeling in november dit jaar. Dit is de gebruikelijke wijze. Aan de andere kant kunt u er zo vlak voor de verkiezingen ook voor kiezen dit mee te nemen bij de coalitieonderhandelingen. De huidige marktsituatie is nu echter dusdanig dat het lastig is om snel beschikbare capaciteit te vinden. Ook adviesbureaus hebben een hoge werkdruk.
Definitieve besluitvorming in november betekent een aanzienlijk tijdsverlies. Uw raad heeft eerder aangegeven om juist een versnelling te willen op dit onderwerp. Door het besluit reeds nu te nemen, kan sneller worden gestart met de uitvoering. Op deze wijze kan de nieuwe raad ook eerder de resultaten tegemoet zien. Vervolg Na instemming door uw raad kan gestart worden met de werving en selectie, zullen de instrumenten nader worden uitgewerkt en onderzocht worden welke leegstaand/vrijkomend gemeentelijk vastgoed geschikt te maken zijn om wooneenheden in te realiseren. Inwonersparticipatie Bij uitvoering van het realiseren van wooneenheden binnen leegstaand/vrijkomend gemeentelijk vastgoed alsmede bij nieuwbouwplannen worden de inwoners, zoals gebruikelijk, op de hoogte gesteld en betrokken bij het proces.
7
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
Communicatie Wanneer we kijken naar het aantal projecten en het grote aantal woningen dat in de pijplijn zit (de verwachting is dat in 2022 gestart kan worden met de bouw van meer dan 100 woningen in bijv. Dronryp, Franeker, Sexbierum, Menaam en Winsum) dan zien we dat de inzet van de afgelopen jaren zijn vruchten af werpt. Ook zien we dat locaties (waarvan de ontwikkeling eerder stagneerde) door de aantrekkende woningmarkt nu wel tot ontwikkeling zijn gekomen. Naast het meer zaken tegelijkertijd kunnen oppakken door tijdelijke formatieve inzet is er ook winst te behalen als het gaat om extra inzet op communicatie rond het onderwerp ‘Wonen in Waadhoeke’. Momenteel wordt verkend hoe we dit op een eenvoudige en toegankelijke manier kunnen doen passend binnen de afgesproken kaders. Verder wordt voorgesteld om ook de raad (bijv. 2 x per jaar) te informeren over de diverse projecten op het gebied van woningbouw. Bij voorkeur in een meer besloten sessie zodat ook complexere dossiers op een goede manier kunnen worden belicht. Financiën Voor een periode van 3 jaar een bedrag van € 510.000,- beschikbaar te stellen voor tijdelijke formatie op het gebied van wonen en op het gebied van ruimtelijk ordening. Binnen bestaande budgetten is hier geen dekking voor. Voorgesteld worden om deze kosten te dekken uit de Algemene reserve.
De stand van de Algemene reserve is na de 3e begrotingswijziging 2022 (is laatst vastgestelde) nog € 15.943.264 en gelet op de vastgestelde minimumgrens van € 15 miljoen voldoende om deze kosten te dekken. Juridisch kader Woningwet Bijlagen Bijlage 1. Motie Extra impuls Woningmarkt Bijlage 2. Memo motie extra impuls Woningmarkt Bijlage 3. Notitie Kansen voor starters in Waadhoeke Instrumenten voor de woningmarkt (KAW 2 november 2021) Burgemeester en wethouders van Waadhoeke , burgemeester
, secretaris
8
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
NR.: D2022-02-014378 De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke van 15 februari 2022;
BESLUIT 1. Het vaststellen van de definitie van een starter op de woningmarkt in Waadhoeke. 2. Het nader uitwerken van de navolgende instrumenten: a) starterslening b) op basis van maatwerkbenadering bij nieuwbouwprojecten mogelijkheden voor starters inbrengen. c) (incidenteel) verkoop van corporatiebezit aan starters 3. Het doen van onderzoek naar het geschikt maken van leegstaand/vrijkomend gemeentelijk vastgoed op huurbasis ten behoeve van diverse aandachtsgroepen in combinatie met starters. 4. Een extra krediet van € 510.000 beschikbaar te stellen voor tijdelijke formatie op het gebied van wonen en ruimtelijke ordening. 5. Dit extra krediet ten laste van de Algemene Reserve te brengen. 6. Dit bedrag te reserveren in een nieuw in te stellen bestemmingsreserve Impuls woningmarkt.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}} Dit document is digitaal ondertekend.
9
| Uitvoering motie extra impuls woningmarkt
, voorzitter
, griffier
1 Adviesnota Raad Bestemmingsplan Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp D2022-01-030205 is digitaal ondertekend.pdf
AAN DE RAAD
Datum opgesteld Datum agendering Onderwerp Portefeuillehouder
15 februari 2022 3 maart 2022 Bestemmingsplan Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp J. Dijkstra
Beh. ambtenaar E-mailadres Telefoonnummer
J Mulder j.mulder@waadhoeke.nl 0517 – 380 380
Samenvatting Aan de Ljouwertertrekwei 38 in Dronryp bevindt zich een groot voormalig bedrijfsperceel. De bedrijfsactiviteiten ter plaatse zijn inmiddels beëindigd en er ligt een initiatief voor het combineren van de bestaande woonfunctie met een aantal (dag)recreatieve voorzieningen op het terrein. Het gaat hier concreet om kleinschalige recreatieve activiteiten, in de vorm van een kleinschalig kampeerterrein en een theetuin / rustpunt. Ondergeschikt hieraan is het de bedoeling om ook de productie en verkoop van ijs- en chocolade-producten en daarmee gelijk te stellen producten toe te staan, plus het ter plaatse samenstellen van picknick- en borrelmanden (met ten hoogste licht-alcoholische producten erin) en deze uitsluitend voor afhaal beschikbaar te stellen. Alle activiteiten die binnen zullen plaatsvinden krijgen in principe binnen de bestaande bebouwing een plek. Omdat dit initiatief niet passend is in het ter plaatse geldende bestemmingsplan ‘Dronryp 2018’ is een bestemmingsplan opgesteld. Deze heeft afgelopen najaar voor de duur van zes weken als ontwerp ter inzage gelegen. Hierop zijn geen zienswijzen ingekomen. Wel is een aanvullend gesprek geweest tussen de initiatiefnemer en een omwonende en is daarin afgesproken om het bestemmingsplan op een aantal onderdelen aan te passen.
Dit, plus twee ambtshalve aanpassingen, is reden om uw raad voor te stellen om dit bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen ten opzichte van de ontwerpfase. Voorstel 1. In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen en het bestemmingsplan ‘Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp’ met IMRO codering NL.IMRO.1949.BPDrpLjouwerttw38-VAS1 gewijzigd vast te stellen; 2. Voor dit bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen.
Inleiding Aan de Ljouwertertrekwei 38 in Dronryp bevindt zich een groot voormalig bedrijfsperceel. De bedrijfsactiviteiten ter plaatse zijn inmiddels beëindigd en er ligt een initiatief voor het combineren van de bestaande woonfunctie met een aantal (dag)recreatieve voorzieningen op het terrein. Het gaat hier concreet om kleinschalige recreatieve activiteiten, in de vorm van een kleinschalig kampeerterrein en een theetuin / rustpunt. Ondergeschikt hieraan is het de bedoeling om ook de productie en verkoop van ijs- en chocoladeproducten en daarmee gelijk te stellen producten toe te staan, plus het ter plaatse samenstellen van picknick- en borrelmanden (met ten hoogste licht-alcoholische producten erin) en deze uitsluitend voor afhaal beschikbaar te stellen. Alle activiteiten die binnen zullen plaatsvinden krijgen in principe binnen de bestaande bebouwing een plek. Omdat dit initiatief niet passend is in het ter plaatse geldende bestemmingsplan ‘Dronryp 2018’ is een bestemmingsplan opgesteld. Deze heeft afgelopen najaar voor de duur van zes weken als ontwerp ter inzage gelegen. Hierop zijn geen zienswijzen ingekomen. Wel is een aanvullend gesprek geweest tussen de initiatiefnemer en een omwonende en is daarin afgesproken om het bestemmingsplan op een aantal onderdelen aan te passen.
Dit, plus twee ambtshalve aanpassingen, is reden om uw raad voor te stellen om dit bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen ten opzichte van de ontwerpfase. De voorgestelde wijzigingen zijn opgenomen in de eerste bijlage van dit raadsvoorstel. Het voorgestelde (gewijzigd) vast te stellen bestemmingsplan treft u aan als tweede bijlage. Beoogd (meetbaar) effect Na gewijzigde vaststelling van dit bestemmingsplan is het mogelijk om op dit perceel de gewenste activiteiten te ontplooien. Motivering Argumenten 1.1 Het plan is in goed overleg met de omgeving tot stand gekomen De initiatiefnemer heeft, vóórdat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gegaan, met alle directe buren contact gehad over de plannen. Zij zijn allen op de hoogte. Met één van zijn nabije buren is in het kader van de ontwerpprocedure aanvullend overleg geweest. Dit heeft geleid tot het voorstel voor een aantal aanpassingen aan het plan. De aanpassingen hebben vooral betrekking op het toegestane kampeerterrein. In het ontwerpbestemmingsplan was geregeld dat er onder meer een minicamping wordt toegestaan. Hierin is de opzet gevolgd die in de hele gemeente wordt gebruikt voor het toestaan van kleinschalig kamperen en die is toegesneden op het provinciaal ruimtelijk beleid dat is opgenomen in de ‘Verordening Romte Fryslân 2014’.
Op basis van deze regeling is het mogelijk om maximaal 15 kampeermiddelen te mogen plaatsen. Dit kunnen tenten zijn, maar bijvoorbeeld ook campers en caravans. Dat laatste vindt de betreffende omwonende bezwaarlijk qua impact. In het gesprek tussen initiatiefnemer en omwonende bleek dat de initiatiefnemer de bedoeling heeft om het kampeerterrein uitsluitend in gebruik te nemen voor tenten/als trekkersveld en níet voor campers, caravans et cetera. Daarom is ervoor gekozen om dit expliciet te regelen in dit bestemmingsplan. Voorts is het kampeerterrein, conform het erfinrichtingsplan dat als bijlage 1 bij de toelichting van het
2
bestemmingsplan is opgenomen, strakker begrensd op de verbeelding van het bestemmingsplan. Tenslotte is het hiervoor genoemde erfinrichtingsplan ietwat aangepast voor wat betreft de inpassing van het kampeerterrein en de inrichting van het tussen het kampeerterrein en kanaal gelegen veldje. Daar komt mogelijk een natuurlijke speelvoorziening voor bezoekers. De hiervoor genoemde aanpassingen vormen aanleiding om het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen ten opzichte van de ontwerpfase. De voorgestelde aanpassingen hebben de goedkeuring van zowel de initiatiefnemer als de omwonende. 1.2 Omdat de locatie in het buitengebied ligt is het van belang om duidelijk te regelen dat er op het perceel maximaal één woning is toegestaan In het ontwerpbestemmingsplan was weliswaar geregeld dat er één woning is toegestaan op het perceel, maar deze regeling zou wellicht tot juridische onduidelijkheid, discussie of verschil van interpretatie kunnen leiden. Daarom wordt deze gewijzigde vaststelling ook gebruikt om nog extra nadruk te leggen op het maximaal toegestane aantal van één woning op dit perceel. Voor woonpercelen in het buitengebied is dat in de basis de geldende beleidslijn van provincie en gemeente. Voorts viel nog op dat er ook een zogenoemde afwijkingsregeling in het ontwerpbestemmingsplan zat om meer woningen toe te kunnen staan.
Dit is een standaardregeling die in het bestemmingsplan ‘Dronryp 2018’ zit. Deze regeling is voor dit bestemmingsplan geschrapt. Enerzijds omdat de initiatiefnemer niet voornemens is om van een dergelijke regeling gebruik te maken. Anderzijds omdat deze locatie in het buitengebied ligt. Mocht er ooit al sprake zijn van een herontwikkeling naar wonen, dan zal dat altijd gepaard moeten gaan met een op kwaliteit gericht (inrichtings)plan en een bijbehorende wijziging van het bestemmingsplan. Dit resultaat kan niet worden bereikt met een dergelijke afwijkingsregeling. Het hiervoor genoemde betreft de twee voorgestelde ambtshalve aanpassingen. 1.3 Er is sprake van een kwalitatieve verbetering van het terrein De huidige bebouwing op het erf wordt in de nieuwe ontwikkeling in principe in stand gehouden. Alle activiteiten die binnen zullen plaatsvinden krijgen binnen de bestaande bouwmogelijkheden een plek. Het oostelijke deel van het plangebied blijft vrij van bebouwing en wordt onder andere gebruikt voor de kleinschalige kampeerplekken voor tenten. Verder wordt een goede inpassing van het terrein juridisch geborgd, waarbij de aandachtspunten het aanzicht vanaf de straatzijde (Ljouwertertrekwei) op de loodsen zijn en het open houden van het oostelijke gedeelte van het terrein (zie bijlage 1 bij de toelichting van het bestemmingplan).
Tenslotte wordt vanuit functioneel oogpunt de milieusituatie aanmerkelijk verbeterd. De mogelijkheid voor vestiging van een middelzwaar bedrijf wordt ‘wegbestemd’, om een woonfunctie in combinatie met kleinschalige recreatieve voorzieningen mogelijk te maken, die uitstekend past op het perceel en in de omgeving. 2.1. Een exploitatieplan is niet noodzakelijk De kosten voor de realisatie van dit initiatief komen volledig voor rekening van de initiatiefnemer. Dit geldt ook voor de kosten van het bestemmingsplan, de daarbij behorende onderzoeken en eventuele planschade. Uw raad hoeft dan ook geen exploitatieplan vast te stellen.
3
Kanttekeningen Er zijn geen kanttekeningen. Analyse Uit hoofdstuk 3 van de toelichting blijkt dat de nieuwe functies niet in strijd zijn met het Rijks- en provinciaal beleid. Verder sluit het planvoornemen goed aan bij de gemeentelijke ambities op het gebied van recreatie en toerisme, zoals is opgenomen in de ‘Nota recreatie en toerisme gemeente Waadhoeke (Beleef Waadhoeke!)’ uit 2020. De kleinschalige recreatieve activiteiten zoals de theetuin, de kampeerplekken en de ambachtelijke chocolade- en ijsbereiding op deze locatie aan het water en langs een fiets-/wandelpad dragen bij aan een waardevol toerisme en meer toeristische bestedingen in de gemeente Waadhoeke. Voor een uitgebreide motivering hiervan wordt kortheidshalve verwezen naar hoofdstuk 3 van de toelichting van het bestemmingsplan zoals deze is opgenomen als tweede bijlage bij dit raadsvoorstel. Alternatieven Dit is niet relevant, omdat er sprake is van een particulier initiatief. Vervolg Indien uw raad besluit om het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen, dan zal dit na een termijn van een aantal weken worden gepubliceerd in het digitale gemeenteblad van Waadhoeke. Na het raadsbesluit en voorafgaand aan het publiceren krijgen Gedeputeerde Staten van Fryslân en het Ministerie voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening eerst de gelegenheid om een zogenoemde reactieve aanwijzing te geven.
Dit is wettelijk verplicht op het moment dat een bestemmingsplan gewijzigd wordt vastgesteld ten opzichte van de ontwerpfase. Deze ‘hogere overheden’ hebben vervolgens de mogelijkheid om de onderdelen van het bestemmingsplan waar de wijzigingen betrekking op hebben niet in werking te doen laten treden. Gelet op de aard van de aanpassingen en het feit dat zowel de provincie als het Ministerie in de ontwerpfase geen zienswijzen hebben gegeven, ligt het niet in de lijn der verwachting dat er reactieve aanwijzingen zullen volgen. Na de hiervoor genoemde fase zal de publicatie volgen. Een eventuele reactieve aanwijzing over de gewijzigde vaststelling moet in de publicatie worden opgenomen. Na het publiceren volgt een beroepstermijn van 6 weken voor het gewijzigd vastgestelde bestemmingsplan. Indien er geen beroep bij de Raad van State wordt ingesteld, dan treedt het bestemmingsplan de dag na afloop van de beroepstermijn in werking en is dan ook meteen onherroepelijk. Wordt er wel beroep ingesteld tegen het bestemmingsplan, dan volgt pas onherroepelijkheid nadat de Raad van State uitspraak heeft gedaan. Inwonersparticipatie Voorafgaand aan de totstandkoming van het bestemmingsplan heeft een zorgvuldig overlegtraject plaatsgevonden. De initiatiefnemer heeft voorafgaand aan de procedure met alle directe buren contact gehad over de plannen.
Zij zijn allen op de hoogte en waren overwegend positief gestemd over het voornemen.
4
In het kader van de ter visie legging van het ontwerpbestemmingsplan is samen met de initiatiefnemer overleg geweest met één van de omwonenden die enige bezwaren had tegen de aard en de omvang van het kampeerterrein. Naar aanleiding van dit overleg wordt voorgesteld het kampeerterrein qua situering en omvang vast te leggen en het gebruik daarvan te beperken tot uitsluitend een kampeerterrein voor tenten. Dit gebruik is in overeenstemming met hetgeen de initiatiefnemer ook voor ogen heeft. Deze aanpassing heeft als consequentie dat de regels en verbeelding worden aangepast. Ook wordt naar aanleiding van het overleg voorgesteld de inrichtingstekening die is opgenomen in bijlage 1 en figuur 4 van de toelichting op een aantal onderdelen aan te passen. Communicatie De termijn van inzage van het gewijzigd vastgestelde bestemmingsplan zal worden gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad van Waadhoeke. Daarnaast worden de initiatiefnemer en de omwonende waarmee is gesproken apart op de hoogte gebracht. Financiën Er zijn geen gemeentelijke kosten gemoeid met dit initiatief. Zie daarvoor ook argument 2.1. Juridisch kader Wet ruimtelijke ordening, Besluit ruimtelijke ordening, Algemene wet bestuursrecht.
Bijlagen Bijlage 1: Voorgestelde wijzigingen bestemmingsplan ‘Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp’; Bijlage 2: Het gewijzigd vast te stellen bestemmingsplan ‘Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp’. Burgemeester en wethouders van Waadhoeke
, burgemeester
, secretaris
5
NR.: D2022-01-030205 De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke van 15 februari 2022;
BESLUIT 1. In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen en het bestemmingsplan ‘Ljouwertertrekwei 38 te Dronryp’ met IMRO codering NL.IMRO.1949.BPDrpLjouwerttw38-VAS1 gewijzigd vast te stellen; 2. Voor dit bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 maart 2022,
{{Signer2}}
{{Signer1}} Dit document is digitaal ondertekend.
6
, voorzitter
, griffier
1 Adviesnota Raad Bestemmingsplan 'St.-Jacobiparochie - Rondom de Geert Veenhuizenstraat' en bestemmingsplan 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III' plus bijbehorend beeldkwaliteitsplan D2022-01-036133 is digitaal ondertekend.pdf
AAN DE RAAD
Datum opgesteld Datum agendering Onderwerp
Portefeuillehouder
15 februari 2022 3 maart 2022 Bestemmingsplan 'St.Jacobiparochie - Rondom de Geert Veenhuizenstraat' en bestemmingsplan 'Dronryp Fûgellân Puoldyk, fase III' plus bijbehorend beeldkwaliteitsplan N. Haarsma
Beh. ambtenaar E-mailadres Telefoonnummer
J Mulder j.mulder@waadhoeke.nl 0517 – 380 380
Samenvatting In St.-Jacobiparochie zijn de 14 woningen aan de Geert Veenhuizenstraat 10 tot en met 36 verouderd en worden zeer binnenkort gesloopt. Op deze locatie worden 10 nieuwe woningen mogelijk gemaakt, waarvan 3 twee-onder-een-kapwoningen in de sociale huursector en 4 particuliere vrijstaande en/of twee-onder-een-kapwoningen. Het gebied ten zuiden van deze ontwikkeling en direct ten oosten van de Dr. Oortwijn Botjeslaan heeft de bestemming 'Woongebied'. De beoogde ontwikkeling van de woningen in dit gebied vindt geen doorgang. Daarom worden met dit bestemmingsplan in totaal 32 woningen “wegbestemd”. In een groot deel van het plangebied zal de bestemming 'Groen' terugkeren, voor een passende groeninvulling van het gebied. Dit idee is tot stand gekomen in samenspraak met Plaatselijk Belang St.-Jacobiparochie. In overleg met één van de eigenaren van deze gronden is afgesproken om ter compensatie in totaal 31 nieuwe woningen te kunnen ontwikkelen in Dronryp, met het project 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III'. Voor beide ontwikkelingen is het opstellen van nieuwe bestemmingsplannen noodzakelijk. Daarnaast is voor de locatie in Dronryp ook een zogenoemd beeldkwaliteitsplan gemaakt.
Dit om voor deze dorpsuitbreiding een specifiekere beeldkwaliteit te kunnen beogen dan de huidige welstandsnota nu ter plaatse mogelijk maakt en het gebied goed te laten aansluiten bij de reeds aanwezige woningen aan de Puoldyk. Feitelijk betekent dit een gebiedsgerichte wijziging van de welstandsnota.
Afgelopen najaar hebben de hiervoor gemaakte ontwerpbestemmingsplannen en het ontwerp beeldkwaliteitsplan ter inzage gelegen. Het bestemmingsplan voor de Geert Veenhuizenstraat en directe omgeving te St.-Jacobiparochie kan ongewijzigd worden vastgesteld. Voor 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III' geldt dat wordt geadviseerd om het bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan gewijzigd vast te stellen. Voorstel 1. Het bestemmingsplan ‘St.-Jacobiparochie – Rondom de Geert Veenhuizenstraat’ met kenmerk NL.IMRO.1949.BPStjGVeenhstr-VAS1 ongewijzigd vast te stellen; 2. In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen en zowel het bestemmingsplan ‘Dronryp – Fûgellân Puoldyk, fase III’ met kenmerk NL.IMRO.1949.BPDrpFugellanfase3-VAS1 als het bijbehorende en in het bestemmingsplan opgenomen beeldkwaliteitsplan gewijzigd vast te stellen; 3. Voor de beide bestemmingsplannen geen exploitatieplan vast te stellen.
2
Inleiding In St.-Jacobiparochie zijn de 14 woningen aan de Geert Veenhuizenstraat 10 tot en met 36 verouderd en worden zeer binnenkort gesloopt. Op deze locatie worden 10 nieuwe woningen mogelijk gemaakt, waarvan 3 twee-onder-een-kapwoningen in de sociale huursector en 4 particuliere vrijstaande en/of twee-onder-een-kapwoningen. Het gebied ten zuiden van deze ontwikkeling en direct ten oosten van de Dr. Oortwijn Botjeslaan heeft de bestemming 'Woongebied'. De beoogde ontwikkeling van de woningen in dit gebied vindt geen doorgang. Daarom worden met dit bestemmingsplan in totaal 32 woningen “wegbestemd”. In een groot deel van het plangebied zal de bestemming 'Groen' terugkeren, voor een passende groeninvulling van het gebied. Dit idee is tot stand gekomen in samenspraak met Plaatselijk Belang St.-Jacobiparochie. In overleg met één van de eigenaren van deze gronden is afgesproken om ter compensatie in totaal 31 nieuwe woningen te kunnen ontwikkelen in Dronryp, met het project 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III'. Voor beide ontwikkelingen is het opstellen van nieuwe bestemmingsplannen noodzakelijk. Daarnaast is voor de locatie in Dronryp ook een zogenoemd beeldkwaliteitsplan gemaakt.
Dit om voor deze dorpsuitbreiding een specifiekere beeldkwaliteit te kunnen beogen dan de huidige welstandsnota nu ter plaatse mogelijk maakt en het gebied goed te laten aansluiten bij de reeds aanwezige woningen aan de Puoldyk. Feitelijk betekent dit een gebiedsgerichte wijziging van de welstandsnota. Afgelopen najaar hebben de hiervoor gemaakte ontwerpbestemmingsplannen en het ontwerp beeldkwaliteitsplan ter inzage gelegen. Het bestemmingsplan voor de Geert Veenhuizenstraat en directe omgeving te St.-Jacobiparochie kan ongewijzigd worden vastgesteld. Voor 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III' geldt dat wordt geadviseerd om het bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan gewijzigd vast te stellen. In bijlage 1 treft u het bestemmingsplan aan voor de Geert Veenhuizenstraat en directe omgeving te St.-Jacobiparochie. In bijlage 2 is het bestemmingsplan voor 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III' opgenomen, met in de eerste bijlage van de toelichting het opgenomen beeldkwaliteitsplan. Beoogd (meetbaar) effect Met deze ontwikkeling in St.-Jacobiparochie en Dronryp wordt invulling gegeven aan het gemeentelijk beleid en de wensen van de inwoners en andere betrokken partijen op gebied van volkshuisvesting en leefbaarheid in de dorpen.
Motivering Argumenten 1.1 Tijdens de ontwerpfase is geen zienswijze ontvangen over het ontwerpbestemmingsplan ‘St.Jacobiparochie – Rondom de Geert Veenhuizenstraat’ en is er ook anderszins geen aanleiding tot aanpassingen aan het plan Het ontwerpbestemmingsplan heeft het afgelopen najaar (tot eind december 2021) voor de duur van zes weken ter inzage gelegen. Binnen deze termijn zijn géén zienswijzen ontvangen en is ook verder geen sprake geweest van aanvullende vragen en opmerkingen door belanghebbenden of ambtshalve constateringen. Gelet hierop kan worden besloten om het bestemmingsplan ‘St.-Jacobiparochie – Rondom de Geert Veenhuizenstraat’ ongewijzigd vast te stellen. 3
2.1 Tijdens de ontwerpfase is één zienswijze ontvangen over het ontwerpbestemmingsplan 'Dronryp Fûgellân Puoldyk, fase III', die aanleiding geeft tot een aanpassing in de toelichting van het bestemmingsplan Gelijktijdig met het plan voor St.-Jacobiparochie heeft ook het ontwerpbestemmingsplan voor Dronryp ter inzage gelegen, samen met het bijbehorende beeldkwaliteitsplan. Tijdens de ontwerpfase is één zienswijze ontvangen van provincie Fryslân. Deze heeft op het volgende betrekking. In de overlegreactie over het conceptbestemmingsplan (zie de zevende bijlage van het bijgevoegde bestemmingsplan dat als bijlage 2 bij dit voorstel is opgenomen) heeft de provincie onder meer aangegeven dat in het kader van het aanwezige weidevogelkansgebied de natuurwaarden afgewogen moeten worden ten opzichte van deze ruimtelijke ingreep. Om dit goed te kunnen doen werd geadviseerd om ambtelijk in overleg te treden met de provinciale dienst op het gebied van weidevogels, om tot een afgestemde motivering te komen. Dit advies is opgevolgd. De hieruit voortkomende motivering is vervolgens opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan. Helaas is er bij de provincie sprake geweest van een interne miscommunicatie. De provinciale afdeling Omgevingszaken verkeerde in de veronderstelling dat de hiervoor genoemde afstemming niet heeft plaatsgevonden en vond de betreffende afweging bovendien juridisch te summier.
Dit is aanleiding geweest om deze zienswijze te geven en daarin (wederom) te stellen dat de natuurwaarden beter afgewogen moeten worden ten opzichte van deze ruimtelijke ingreep. Naar aanleiding van de ingekomen zienswijze heeft nader overleg plaatsgevonden met de provinciale afdeling Omgevingszaken. In dit overleg heeft de provincie nogmaals aangegeven dat er aan hun kant sprake is geweest van een interne miscommunicatie. Toch zal de zienswijze níet worden ingetrokken, ondanks de eerdere afstemming over de motivering met de provinciale dienst op het gebied van weidevogels. Dit komt voort uit de juridische uitleg over de benadering van de regels weidevogelcompensatie in de Verordening Romte, maar ook de onlangs vastgestelde provinciale Nota Weidevogels heeft hiermee te maken. Op 24 november 2021 heeft Provinciale Staten van Fryslân de Nota Weidevogels 2021-2030 vastgesteld. Hierbij is een motie aangenomen over de evaluatie van het huidige weidevogelcompensatiebeleid uit de Verordening Romte. Uit die motie blijkt dat Provinciale Staten grote nadruk legt op het belang en behoud van weidevogelkansgebieden. Het hiervoor genoemde geeft duidelijk het belang aan van het goed afwegen van natuurwaarden ten opzichte van ruimtelijke ingrepen, zodra sprake is van een beoogd ruimtelijk plan in weidevogelkansgebied.
Gelet op het hiervoor genoemde kan in dit bestemmingsplan alsnog extra nadruk worden gelegd op een zo gedegen mogelijke en juridisch juiste afweging van natuurwaarden ten opzichte van de beoogde ingreep met woningbouw. Dit op een manier die zo dicht mogelijk in de buurt komt van de regeling in de Verordening Romte en de bedoeling van de motie die onlangs bij de nieuwe Nota weidevogels is aangenomen. De tekst die hier op ingaat is opgenomen in paragraaf 3.2 van de toelichting van het in bijlage 2 opgenomen bestemmingsplan en heeft de goedkeuring van de provinciale afdeling Omgevingszaken. Op de hiervoor genoemde wijze is zorgvuldig omgegaan met de ingekomen zienswijze van de provincie en is deze inhoudelijk op passende wijze verwerkt in het voorliggende bestemmingsplan.
4
2.2 Er is sprake van een voorgestelde ambtshalve wijziging van de verbeelding (kaart) van het bestemmingsplan 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III' Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is het wenselijk dat er voldoende ruimte en openheid in het straatbeeld ontstaat tussen de woningen aan beide kanten van de straten. Vanuit een klimaat adaptieve en ruimtelijke kwaliteitsgedachte is gekozen voor een niet te breed straatprofiel, om op deze manier niet meer te verharden dan noodzakelijk is en tevens de uitstraling van een rustige woonwijk te krijgen. In het ontwerpbestemmingsplan was voor de twee noordoost-zuidwest georiënteerde woonstraten een minimale afstand tussen de bouwvlakken opgenomen van 17 meter, met in het midden de straat. Daarnaast is er sprake van een flexibele rooilijn. Dit betekent dat niet strak in de bouwvlakgrens gebouwd hoeft te worden en daardoor gekozen kan worden voor een diepere voortuin. Hierdoor kan wat meer afstand dan 17 meter ontstaan ten opzichte van de huizen aan de overkant van de straat. Op basis van de eerste schetsen en ideeën die sinds de ontwerpfase de revue zijn gepasseerd, is de indruk ontstaan dat er geen of weinig gebruik zal worden gemaakt van deze flexibele rooilijn. Toekomstige ontwikkelaars/bewoners lijken over het algemeen te kiezen voor de realisatie van een woning op minimale afstand van de weg, aan de uiterste rand van het bouwvlak.
In dat geval is de afstand tussen de bouwvlakken van 17 meter wat aan de krappe kant. Vandaar dat het vanuit stedenbouwkundig oogpunt wenselijk is om het bestemmingsplan op dit onderdeel gewijzigd vast te stellen en de bouwvlakken langs de twee noordoost-zuidwest georiënteerde woonstraten een meter verder van de weg af te leggen. Op deze manier wordt een minimale afstand van 19 meter tussen de tegenover elkaar liggende bouwvlakken gerealiseerd, met in het midden de straat. Hierdoor ontstaat meer lucht en ruimte in het straatbeeld. Voor ontwikkelaars/bewoners blijft de mogelijkheid overigens bestaan om alsnog ervoor te kiezen om de woning wat verder van de straat af te positioneren. Het bestemmingsplan blijft de mogelijkheid van een flexibele rooilijn bieden. Het beeldkwaliteitsplan behoeft verder geen aanpassing op dit punt. De aangepaste verbeelding treft u aan helemaal aan het eind van het bestemmingsplan dat in de tweede bijlage bij dit voorstel is opgenomen. 2.3 Er is sprake van een voorgestelde ambtshalve wijziging van het beeldkwaliteitsplan voor Dronryp Fûgellân In het ontwerp-beeldkwaliteitsplan stond reeds dat hoekwoningen qua aanzicht extra aandacht vragen. Dit zou ook moeten gelden voor de erfafscheidingen op de hoekkavels, zodra ze duidelijk zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte. Het beeldkwaliteitsplan is hier nog op aangepast.
Op pagina 15 en het direct daarachter gevoegde welstandskader is hier meer aandacht aan besteed en wordt het belang van de ruimtelijke kwaliteit duidelijk benoemd (het beeldkwaliteitsplan van in totaal 17 pagina’s is opgenomen als bijlage 1 van de toelichting van het bestemmingsplan, dat als tweede bijlage bij dit advies is gevoegd). Zo zijn er tips opgenomen en is in het welstandskader duidelijker benoemd wat er mogelijk is aan erfafscheidingen op de vanaf de openbare ruimte zichtbare hoekkavels. Indien uw raad besluit om het voorliggende beeldkwaliteitsplan (gewijzigd) vast te stellen, dan zal het beeldkwaliteitsplan vervolgens het geldende welstandskader gaan worden voor deze ontwikkeling. Daarmee is het vaststellen van het beeldkwaliteitsplan feitelijk een gebiedsgerichte wijziging van de 5
welstandsnota en tegelijkertijd onlosmakelijk verbonden met het voorliggende nieuwe bestemmingsplan. Ook wordt voorgesteld het welstandskader uit dit beeldkwaliteitsplan betrekking te laten hebben op de reeds bestaande aansluitende woningbouw aan de Puoldyk 53 tot en met 65. Omdat de inspiratie voor en opzet van deze bestaande woningen in feite wordt doorgezet naar het nieuwe plangebied, is het logisch om het welstandskader vanuit dit beeldkwaliteitsplan ook van toepassing te verklaren op deze reeds bestaande woningen. Hierdoor ontstaat een eensluidend welstandskader dat recht doet aan de wijze waarop deze woonkavels in het recente verleden zijn ontwikkeld qua opzet, stijl en materiaalgebruik. Deze woningen worden hiermee voorzien van een ruimer welstandskader dan op basis van de huidige welstandsnota het geval is. Er zal dan ook geen sprake zijn van een nadeliger situatie. 2.4 Er is sprake van twee tekstuele aanpassingen in de toelichting van het bestemmingsplan 'Dronryp Fûgellân Puoldyk, fase III' In het ontwerpbestemmingsplan is per ongeluk Fûgellân verkeerd gespeld (Fûgellan in plaats van Fûgellân). Dit is tekstueel hersteld. Daarnaast is in paragraaf 4.7 van de toelichting (Archeologie en cultuurhistorie) kort toegelicht waarom in dit bestemmingsplan geen archeologische dubbelbestemming is opgenomen, terwijl dit voor de rest van Dronryp wel geldt.
Bij de totstandkoming van dit bestemmingsplan is archeologisch onderzoek gedaan. Uit dit onderzoek blijkt dat zich géén archeologische indicatoren voordoen. Dit is reden dat niet opnieuw een archeologische dubbelbestemming hoeft te worden opgenomen in dit bestemmingsplan. 3.1 Exploitatieplannen zijn niet noodzakelijk Voor de ontwikkelingen in Dronryp en St.-Jacobiparochie zijn de financiën reeds geborgd met uw raadsbesluit van 22 oktober 2020 (zie bijlage 3). Daarnaast is een anterieure overeenkomst met de ontwikkelaar gesloten. Hierin is onder meer opgenomen dat eventuele planschade in Dronryp voor rekening komt van de ontwikkelaar. In St.-Jacobiparochie zal geen sprake zijn van een mogelijk planschaderisico, omdat de planologische situatie daar aanzienlijk verbetert (groen in plaats van eventuele woningbouw). Kanttekeningen 2.1. Het planologisch toevoegen van 31 woningen in Dronryp lijkt veel De ontwikkeling in Dronryp leidt tot een toevoeging voor het dorp met 31 koopwoningen. De Woonvisie geeft aan dat Dronryp één van de dorpen is met meer potentie dan gemiddeld. Zowel de ontwikkelaar als Dorpsbelang Dronryp voorzien een goede afzetmarkt voor deze koopwoningen. Om er zorg voor te dragen dat de ontwikkeling op een ruimtelijk gewenste wijze tot stand komt, is in beginsel een gefaseerde realisatie beoogd met ontwikkeling van het plan in twee fasen.
Eerst het westelijke deel van het plangebied, aansluitend op de Skries, met de ontwikkeling van 18 woningen. Na uitgave van het merendeel van deze kavels zou het oostelijke deel van het plangebied moeten volgen, met realisatie van de resterende 13 woningen. Dit blijft ook zo staan in de toelichting van het bestemmingsplan. Nu echter bekend is dat alle kavels (al dan niet onder voorbehoud van vaststelling van dit bestemmingsplan) verkocht zijn, zal de beoogde fasering in de praktijk niet nodig zijn.
6
Analyse De demografische ontwikkelingen laten zien dat zowel het aantal personen als het aantal huishoudens in Noordwest Friesland op termijn dalende is. Derhalve zal bij ontwikkellocaties voor woningbouw goed worden nagedacht over de gewenste stedenbouwkundige invulling, evenals over de hoeveelheid woningen die worden gebouwd. Bouwen voor leegstand is geen optie. Uiteraard worden locaties op hun merites beoordeeld naar aard en schaal. Met andere woorden: maatwerk en kwaliteit op maat. De beide locaties zijn in dit licht bezien. Het woningmarktonderzoek Noordwest Friesland 2019 laat zien dat de woningbehoefte in St.Jacobiparochie op termijn negatief is. De destijds in het bestemmingsplan vastgelegde aanzienlijke toevoeging aan woningen staat haaks op de huidige vraag. De grootste uitdaging in dit dorp ligt in het verbeteren van de bestaande woningvoorraad. Het is daarom dat de gemeente aan de woningcorporatie Wonen Noordwest Friesland heeft gevraagd om in St.-Jacobiparochie bij te dragen/mee te investeren in de sociale huurwoningvoorraad. De woningcorporatie heeft aangegeven hier welwillend tegenover te staan. Hiertoe biedt de locatie aan de Geert Veenhuizenstraat ruimtelijke invullingskansen. Daarnaast wordt hier ook nog ruimte geboden aan een viertal particuliere woningen.
Dit is passend in het trendbeeld van St.-Jacobiparochie waar de nadruk ligt op verbetering van de bestaande woningvoorraad en toch ook beperkt nieuwbouw kan worden toegevoegd. Voor Dronryp geeft het woningmarktonderzoek aan dat hier een vraagbehoefte is van 20 tot 30 woningen en de verwachting is dat nieuwere prognoses gunstiger zullen zijn, gelet op de ligging en het voorzieningenniveau van het dorp. De beoogde ontwikkellocatie Puoldyk Fûgellân, fase III biedt ruimte voor in totaal 31 woningen. Variërend tussen twee-onder-één-kapwoningen en vrijstaande woningen. De vrijstaande woningen worden als vrije kavels / projectmatige bouw aangeboden. Alternatieven Gelet op het zorgvuldig doorlopen voortraject zijn er in redelijkheid geen alternatieven. Vervolg Indien uw raad besluit om deze bestemmingsplannen vast te stellen, dan zal dit binnen enkele weken worden gepubliceerd in het digitale gemeenteblad van Waadhoeke, samen met de vaststelling van het beeldkwaliteitsplan. Na het raadsbesluit en voorafgaand aan het publiceren van de gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan krijgen Gedeputeerde Staten van Fryslân en het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening eerst de gelegenheid om een zogenoemde reactieve aanwijzing te geven voor het bestemmingsplan 'Dronryp - Fûgellân Puoldyk, fase III’.