Agendabundel
Tekst van het document
Bijlage 1
Toelichting Wintergarten concept
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
37
Toelichting gebruik wintergartens d.d. 24 januari 2022 Initiatiefnemer Maatschap J.J.W. Atsma en G.E. Atsma Nieuwbuurtsterweg 48 8804 RJ TZUM Beter Leven 1 ster De fam. Atsma wil met de stallen diverse marktconcepten kunnen bedienen. Afhankelijk van het marktconcept wordt er gekozen voor een lage of hogere dierbezetting. In geval van reguliere kuikens of kuikens van het middensegment is de wintergarten niet nodig. In geval van Beter Leven 1 ster scharrelkuikens is het gebruik van de wintergarten verplicht. Het voornemen is alle stallen van wintergartens te voorzien. V-Stacks In de geurberekeningen gaat we ervan uit dat de aanwezigheid van een wintergarten niet van invloed is op de geurbelasting. Het emissiepunt van de stal wordt gevormd door de plaats van de ventilatoren: de warmtewisselaar en de ventilatoren die in de eindgevel van de binnenstal zijn gesitueerd. In deze toelichting treft u een nadere onderbouwing waaruit blijkt dat de onderdruk in de stal blijft gewaarborgd waardoor de ventilatoren van de binnenstal en de warmtewisselaar (nog steeds) als emissiepunt moeten worden beschouwd. Mechanische ventilatie Luchtverversing van het dierverblijf is nodig om stalgassen, vocht, stof en warmte af te voeren en verse lucht voor de aanwezige dieren aan te voeren. Het gewenste stalklimaat wordt door middel van een klimaatcomputer geregeld (verwarming en ventilatie).
De pluimveehouder maakt gebruik van mechanische ventilatie. Ventilatoren zorgen voor onderdruk in de stal waardoor verse lucht wordt aangezogen. Regelbare openingen zorgen voor de luchtaanvoer. Wintergarten De overdekte uitloop is een additioneel verblijf aan de stal (aanbouw of inpandig) waar de dieren onder buitenomstandigheden kunnen scharrelen. Het is een surplus op de binnenstal. De dieren worden als eendagskuiken opgevangen in de binnenstal (tevens nachtverblijf) waar het voer en drinkwater zich bevinden en de verwarming. Na 3 weken krijgen de kuikens de beschikking over de overdekte uitloop. Hier kunnen ze overdag naar toe. Ze komen er niet allemaal en ook niet allemaal gelijktijdig, een groot deel blijft ook gewoon binnen; het rouleert. ’s Avonds als het schemert gaan ze als vanzelf weer naar binnen. De overdekte uitloop is een overdekte scharrelruimte die in directe verbinding met de stal staat via uitloopopeningen waar alle dieren gemakkelijk en onbeperkt toegang tot hebben. De scharrelruimte heeft veel daglicht en is op zodanige wijze beschermd tegen weersinvloeden dat deze ook bij slecht weer kan worden gebruikt (bijv. door het aanbrengen van windbreek-/ventilatiegaas of damwandprofiel met gaatjes).
Hoeve Advies
1
Voorbeeld Hieronder een voorbeeld (elders) van een binnenstal en een overdekte uitloop.
Binnenstal met voer- en drinkwaterlijnen, verwarming, daglicht en mechanische ventilatie
Inpandige overdekte uitloop (wintergarten) semi-buitenverblijf scharrelruimte
Hoeve Advies
2
Gebruik wintergarten De uitloop wordt vanaf 3 weken tot aan het afleveren op ca. 7 à 8 weken leeftijd een deel van de dag gebruikt, zo’n 4 à 5 weken per ronde. Vanaf een leeftijd van 21 dagen hebben de vleeskuikens beschikking over de overdekte uitloop. De vleeskuikens hebben minimaal 8 uur per dag de beschikking over de overdekte uitloop. Vanaf uiterlijk 10.00 uur ’s morgens hebben de vleeskuikens de beschikking over de overdekte uitloop. De overdekte uitloop wordt van de stal gescheiden door een volledige wand met uitloopopeningen. De uitloopopeningen dienen zo veel mogelijk evenredig verdeeld te zijn over de hele lengte van de stal. Alleen met temperaturen in de overdekte uitloop onder 0o Celsius en/of slechte klimatologische omstandigheden (veel wind, tocht, vocht) mag de pluimveehouder passende maatregelen nemen door het deels laten zakken van de toegangswand of het sluiten van de uitloopopeningen zodat het klimaat in het nachtverblijf optimaal blijft. In de overdekte uitloop wordt geen voer verstrekt. De voermachines bevinden zich in de binnenstal. Omdat een kip bij of net na het eten mest, valt vrijwel alle mest in het strooisel van de binnenstal en komt er amper of geen mest in de wintergarten. Emissiepunt geur De V-Stacks gebruikershandleiding geeft aan: “Bij sommige pluimveestallen is sprake van een overdekte uitloop.
Dit is een onverwarmde scharrelruimte, bijvoorbeeld een Wintergarten. Deze uitloop telt niet mee voor de berekening van de geurbelasting. De uitloopopeningen tussen stal en overdekte uitloop zijn geen relevante emissiepunten voor de geurberekening. De reden is dat bij een goed functionerend mechanisch ventilatiesysteem sprake is van constante onderdruk in de stal. De lucht komt door luchtinlaatventielen binnen en verlaat de stal via de warmtewisselaar(s), nok- en/of gevelventilatoren. Zodra de uitloopopeningen open gaan, gaan de inlaatventielen helemaal of bijna helemaal dicht. Daardoor fungeren de uitloopopeningen naar de uitloop als luchtinlaat en verlaat de lucht de stal via de nok- of gevelventilatoren. De uitloopopeningen en de uitloop daarachter zijn daarom geen relevante emissiepunten. Het is belangrijk om altijd een dimensioneringsrapport te laten overleggen waaruit blijkt dat onderdruk in de stal is gewaarborgd.”
Mechanische ventilatie De stallen worden mechanisch geventileerd op basis van algemene richtlijnen zoals vastgelegd door het Klimaatplatform. Middels een klimaatcomputer worden in- en uitgaande lucht op elkaar afgestemd, en wordt de toevoer via de inlaatventielen gereguleerd. Als de uitloopschuiven open staan worden de inlaatventielen verder geknepen om onderdruk te behouden. De luiken zijn alleen overdag gedurende ongeveer 10 uur open. Normaal gesproken staat de ventilatie overdag hoger dan het minimum. Om windinvloeden te minimaliseren wordt er windbreekgaas gemonteerd aan de buitenzijde van de wintergarten.
Hoeve Advies
3
Een klimaatcomputer ventileert de stal op basis van onderdruk. De automatische klimaatregeling/-besturing is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: • onderdruk • maximale temperatuur • minimaal zuurstofgehalte lucht (d.m.v. meten CO2-gehalte) • minimale temperatuur • aantal dieren en het gewicht van de dieren Zodra de uitloopopeningen open gaan, gaan de inlaatventielen helemaal of bijna helemaal dicht. Daardoor fungeren de uitloopopeningen naar de uitloop als luchtinlaat en verlaat de lucht de stal via de stalventilatoren.
Instelbare uitloopschuiven
Dimensionering De openingen dienen dusdanig geconstrueerd te zijn dat de dieren geen belemmeringen ondervinden bij het in- en uitlopen. In een raamwerk wordt een schuif geplaatst; de doorloophoogte moet minimaal 45 cm hoog zijn. De breedte wordt afgestemd op het aantal meters wat nodig is: per 1.000 kuikens dient 1 m doorloopopening beschikbaar te zijn. De doorloopluiken worden evenredig over de lengte verdeeld.
Stal 1 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 4 nokventilatoren en 8 ventilatoren in de eindgevel en 2 ventilatoren van een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 424.000 m3/u ofwel 11,8 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 36.000 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wintergarten wel gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 36.000 st. maar ca. 26.000 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 26.000 st. kuikens x 1 m = 26,00 meter opening. Er zijn aan één zijde van de stal 20 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,50 m breed gemonteerd: 30,00 m.
Hoeve Advies
4
Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten). De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s Bij ventilatie door de doorloopluiken 1,16 m/s De oppervlakte aan doorloopluiken is kleiner dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken hoger is.
Stal 2 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 8 nokventilatoren en 5 ventilatoren in de eindgevel en een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 314.000 m3/u ofwel 9,5 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 33.000 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wintergarten wel gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 33.000 st. maar ca. 21.000 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 21.000 st. kuikens x 1 m = 21,00 meter opening. Er zijn aan één zijde van de stal 17 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,50 m breed gemonteerd: 25,50 m. Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten).
De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s Bij ventilatie door de doorloopluiken 1,10 m/s De oppervlakte aan doorloopluiken is kleiner dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken hoger is.
Stal 3 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 10 nokventilatoren en 6 ventilatoren in de eindgevel en een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 358.000 m3/u ofwel 9,5 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 37.500 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wl wintergarten gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 37.500 st. maar ca. 20.500 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 20.500 st. kuikens x 1 m = 20,50 meter opening. Er worden dan aan één zijde van de stal 17 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,50 m breed gemonteerd: 25,50 m.
Hoeve Advies
5
Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten). De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s Bij ventilatie door de doorloopluiken 1,07 m/s De oppervlakte aan doorloopluiken is kleiner dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken hoger is.
Stal 4 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 10 ventilatoren in de eindgevel en een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 349.000 m3/u ofwel 8,2 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 42.500 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wintergarten wel gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 42.500 st. maar ca. 20.500 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 20.500 st. kuikens x 1 m = 20,50 meter opening. Er zijn aan één zijde van de stal 20 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,25 m breed gemonteerd: 25,00 m. Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten).
De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s Bij ventilatie door de doorloopluiken 1,09 m/s De oppervlakte aan doorloopluiken is kleiner dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken hoger is.
Stal 5 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 10 ventilatoren in de eindgevel en een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 349.000 m3/u ofwel 8,2 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 42.500 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wintergarten wel gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 42.500 st. maar ca. 25.500 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 25.500 st. kuikens x 1 m = 25,50 meter opening. Er zijn aan één zijde van de stal 16 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,75 m breed gemonteerd: 28,00 m. Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten).
Hoeve Advies
6
De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s Bij ventilatie door de doorloopluiken 1,21 m/s De oppervlakte aan doorloopluiken is kleiner dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken hoger is.
Stal 6 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 20 nokventilatoren en 3 ventilatoren in de eindgevel en een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 369.500 m3/u ofwel 8,7 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 42.500 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wintergarten wel gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 42.500 st. maar ca. 19.500 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 19.500 st. kuikens x 1 m = 19,50 meter opening. Er zijn aan één zijde van de stal 23 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,25 m breed gemonteerd: 28,75 m. Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten).
De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s Bij ventilatie door de doorloopluiken 0,90 m/s De oppervlakte aan doorloopluiken is iets groter dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken heel iets lager is.
Stal 7 De stal wordt mechanisch geventileerd d.m.v. 10 ventilatoren in de eindgevel en een warmtewisselaar; de max. ventilatiecapaciteit is 350.500 m3/u ofwel 8,8 m3 p.d.p.u. Voor het houden van reguliere kuikens of kuikens van het zgn. middensegment is de wintergarten niet nodig (afgesloten) en wordt alleen de binnenstal gebruikt. Als er geen scharrelvleeskuikens worden gehuisvest zijn het er max. 40.000 stuks. Als er scharrelvleeskuikens BLK* worden gehouden wordt de wintergarten wel gebruikt. De dierbezetting is dan lager; er worden dan geen 40.000 st. maar ca. 22.500 st. vleeskuikens in de stal gehuisvest. Per 1.000 vleeskuikens is 1,00 m doorloopopening naar de wintergarten nodig. Dit is 22.500 st. kuikens x 1 m = 22,50 meter opening. Er zijn aan één zijde van de stal 21 st. uitloopschuiven van 0,50 m hoog en 1,25 m breed gemonteerd: 26,25 m. Om aan te tonen dat de onderdruk in de stal is gewaarborgd wanneer de doorloopluiken open gaan is de vergelijking tussen de luchtsnelheid gemaakt wanneer de luiken dicht zijn (stal met afgesloten wintergarten) en wanneer de luiken open staan (stal met wintergarten). De instromende lucht bij standaardventilatie heeft de volgende snelheid: Bij ventilatie door de inlaatventielen 0,95 m/s
Hoeve Advies
7
Bij ventilatie door de doorloopluiken 1,14 m/s
De oppervlakte aan doorloopluiken is kleiner dan de oppervlakte aan inlaatventielen, vandaar dat de intreesnelheid bij de doorloopluiken hoger is.
Emissiepunt per stal Gezien de intreesnelheid is bij zowel het gebruik van de inlaatventielen als bij het gebruik van de doorloopluiken de onderdruk in de stal gegarandeerd, waardoor we kunnen stellen dat alle ventilatie via de ventilatoren de stal verlaat en deze (nog steeds) het emissiepunt van de stal vormen. De wintergarten zelf vormt geen relevant emissiepunt omdat de inkomende lucht van buiten via de inlaatventielen en/of doorloopluiken naar de binnenstal wordt afgezogen en daar via de ventilatoren wordt uitgeblazen. Ing. W. (Wim) Hoeve HOEVE ADVIES BV
Hoeve Advies
8
Nieuwbuurtsterweg 48, Tzum Ruimtelijke onderbouwing
Bijlage 2
Erfinrichtingsplan
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
38
Landschappelijke inpassing d.d. 10 december 2021 Inititatiefnemer Maatschap J.J.W. en G.E. Atsma Nieuwbuurtsterweg 48 8804 RJ TZUM Aanleiding T.b.v. het houden van scharrelvleeskuikens wordt aan verschillende stallen een overdekte uitloop bevestigd (wintergarten) waar ze ‘onder buitenomstandigheden’ kunnen scharrelen. Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder 3.2.1 onder h in die zin dat een bedrijfsgebouw of een overkapping wordt uitgebreid met of tot een oppervlak groter dan 1.600 m2, mits met een erfinrichtingsplan en een lichtplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het bebouwingsbeeld, de milieusituatie, de woonsituatie, de natuurlijke en landschappelijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Erfinrichtingsplan
De fam. Atsma heeft recent het erf verfraaid met nieuwe aanplant waardoor het bedrijf vanaf de zichtlijn vanaf de weg geheel ‘in het groen’ komt te staan. De nieuwe aanplant sluit aan bij de bestaande en is streekeigen.
Nieuwbuurtsterweg 48 (bron: PDOK.nl/viewer)
Hoeve Advies
1
In deze bijlage ziet u een bovenaanzicht en treft u meerdere foto’s van hoe het is aangelegd en in de bijlage een factuur waaruit u kunt opmaken welke beplanting is toegepast. We menen dat de inpassing gelet op het landschap uitermate geslaagd is voor de huidige bedrijfsvoering en daarmee ook toereikend is voor de beoogde bedrijfsvoering, aangezien het een inwendige aanpassing van het erf betreft en ‘de uitstraling naar buiten’ niet wijzigt.
Aanplant inpassing 2020 Nieuwbuurtsterweg 48 (bron: PDOK.nl/viewer)
Hoeve Advies
2
Zicht binnenzijde erf Nieuwbuurtsterweg 48 (bron: PDOK.nl/viewer)
Zicht vanaf westzijde Nieuwbuurtsterweg 48 (bron: google earth)
Ing. W. (Wim) Hoeve HOEVE ADVIES BV
Hoeve Advies
3
Nieuwbuurtsterweg 48, Tzum Ruimtelijke onderbouwing
Bijlage 3
Verlichtingsplan
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
39
Lichtplan t.a.v. overdekte uitloop (wintergartens) d.d. 10 december 2021 Initiatiefnemer Maatschap J.J.W. en G.E. Atsma Nieuwbuurtsterweg 48 8804 RJ TZUM Aanleiding T.b.v. het houden van scharrelvleeskuikens wordt aan verschillende stallen een overdekte uitloop bevestigd (wintergarten) waar ze ‘onder buitenomstandigheden’ kunnen scharrelen. Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder 3.2.1 onder h in die zin dat een bedrijfsgebouw of een overkapping wordt uitgebreid met of tot een oppervlak groter dan 1.600 m2, mits met een erfinrichtingsplan en een lichtplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het bebouwingsbeeld, de milieusituatie, de woonsituatie, de natuurlijke en landschappelijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Lichthinder Lichtuitstraling wordt voorkomen doordat de armatuur in de overdekte uitloop aan het dak is bevestigd en daardoor is afgeschermd door: • de plaatsing van de armaturen; deze hangt boven de muurplaat waardoor er geen direct zicht is op de lampen • de richting waarin de armaturen het licht uitstralen • het gebruik van perfo damwandplaat of antranciet windbreekgaas aan de open zijde • de landschapselementen zoals bomenrijen die naast de stallen staan
Verlichtingsarmaturen die door positie en vorm lichtuitstraling naar buiten voorkomen
Hoeve Advies
1
Verlichting in wintergarten De scharrelruimte wordt niet intensief verlicht; er is volop daglicht beschikbaar. De kuikens verblijven er alleen overdag en redden zich met daglicht. Er hangt wel verlichting om alles goed te kunnen zien als de stal moet worden schoongemaakt en voor eventuele controlewerkzaamheden. Maatregelen om lichthinder te voorkomen De volgende maatregelen worden genomen om lichthinder tegen te gaan: 1. Positionering lampen. Door de lampen zo op te hangen dat de zijwanden niet onnodig worden verlicht en de lichtbron niet direct zichtbaar is vanuit de omgeving, wordt lichthinder voorkomen. De verlichting hangt daardoor niet in het zicht, ook niet van grote afstand gezien. Het licht dat naar buiten straalt, is indirect licht. 2. In overleg met de stalinrichter wordt gekozen voor een armatuur met een lichtbundel op de vloer. Door de juiste behuizing voor de lamp te kiezen, kan de verlichting beter gericht worden en is er minder zicht op de lamp. Zo wordt de lichtuitstoot naar buiten beperkt. Dit kan door middel van armaturen met asymmetrische spiegels of goed gerichte afschermkappen of LED-verlichting die naar beneden schijnt en niet rondom. 3. Door de lampen horizontaal te plaatsen en niet met de dakhelling mee wordt het licht naar beneden gericht in plaats van naar opzij of zelfs deels naar boven. 4.
De armaturen worden op starre wijze bevestigd, waardoor wordt voorkomen dat er buiten de stal onregelmatige lichtschijnsels zichtbaar zijn. Zouden de armaturen aan kabels of kettingen worden opgehangen dan kunnen armaturen als de wind er vat op krijgt heen en weer slingeren. 5. In het geval van een aanbouw-wintergarten bestaat de zijwand uit een muurtje van maximaal ca. 40 cm hoog met daarboven een 2 m effectieve opening van perfoplaat of windbreekgaas (vaste opstelling) wat lichtuitstraling tegengaat. 6. In het geval van een tussenbouw-wintergarten bevindt zich de opening boven de muurplaat van de beide stallen met 1 m effectieve opening van perfoplaat of windbreekgaas (vaste opstelling) wat lichtuitstraling tegengaat. Met bovenstaande maatregelen is lichthinder voldoende te voorkomen c.q. in te perken op het moment dat de verlichting gebruikt wordt.
Voorbeeld tussenbouw
Voorbeeld aanbouw
Ing. W. (Wim) Hoeve HOEVE ADVIES BV
Hoeve Advies
2
Nieuwbuurtsterweg 48, Tzum Ruimtelijke onderbouwing
Bijlage 4 Aanvraag omgevingsvergunning bouw en milieuneutraal veranderen met afwijken bestemmingsplan
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
40
Toelichting aanvraag milieuneutraal veranderen t.b.v. aanbouw overdekte uitloop (wintergarten) d.d. 13 december 2021 Initiatiefnemer Maatschap J.J.W. Atsma en G.E. Atsma Nieuwbuurtsterweg 48 8804 RJ TZUM Vleeskuikens De fam. Atsma voert een vleeskuikenhouderij aan de Nieuwbuurtsterweg 48 in Tzum. Op het bedrijf worden in 7 stallen in totaal 274.000 st. vleeskuikens gehouden. De fam. Atsma huisvest reguliere vleeskuikens maar wil er ook kuikens van het middensegment (lagere bezetting) of scharrelvleeskuikens (met overdekte uitloop) kunnen houden. Voor sterkuikens onder het Beter Leven 1 ster predicaat van de Dierenbescherming (BLK*) is een wintergarten (overdekte uitloop) verplicht. Het is de bedoeling over de volle lengte van de stallen een wintergarten te bevestigen waar de kuikens ‘onder buitenomstandigheden’ kunnen scharrelen. In de huidige situatie worden er ten hoogste 274.000 st. vleeskuikens gehuisvest overeenkomstig de milieuvergunde situatie van 11 juli 2018 (kenmerk V-20180217). Als er vleeskuikens BLK* worden gehuisvest zullen het er ca. 155.500 st. zijn. Aspect milieu / milieuvergunning Voor het aanpassen van de bestaande stallen 1, 2 en 4 t/m 7 in de vorm van een inpandige overdekte uitloop (stal 4 en 6) dan wel in de vorm van een een aanbouw (stal 1, 2, 5 en 7) is op 10 december jl.
een aanvraag ‘milieuneutraal veranderen’ ingediend – inclusief verzoek om af te mogen wijken van het bestemmingsplan (art. 3.3.7) t.b.v. het vergroten van het staloppervlak tot meer dan 1.600 m2 omdat dit zo is voorgeschreven in het bestemmingsplan (art. 3.2.1 onder a). Deze aanvraag voldeed aan de criteria voor bouwvergunningvrij. Aspect bouw / bouwvergunning De aanbouw van wintergartens aan stal 1, 2, 5 en 7 vond plaats op het achtererfgebied, was niet hoger dan 5,00 m waarbij de dakhelling voldeed aan de minimale 15o die in het bestemmingsplan is voorgeschreven; de aanvraag van 10 december 20121 kon om die reden bouwvergunningvrij worden verleend; er was geen omgevingsvergunning nodig voor het aspect bouw. De aanbouw voor stal 3 vindt echter plaats buiten het bouwvlak en past daarom niet onder de algemene regels. Men dient daarom naast het aspect milieu ook een aanvraag voor het aspect bouw en afwijken bestemmingsplan in te dienen. Vooroverleg De volgorde van bovenstaande aanvragen (de aanvraag van 10 december 2021 voor de aanen verbouw van de stallen binnen het bouwvlak vs. de daaropvolgende aanvraag voor de aanbouw voor de stal buiten het bouwvlak) heb ik bij wijze van telefonische vooroverleg op
Hoeve Advies
1
10 dec. 2021 doorgesproken met Stephan Strikwerda, vergunningverlener Wabo, van de gemeente Waadhoeke. De fam. Atsma kan zodra de vergunning voor de verbouw van de stallen binnen het bouwvlak verleend is daarmee aan de slag; dat de instemming voor de aanbouw van stal 3 buiten het bouwvlak vanwege de uitgebreide procedure dan wat langer duurt is niet erg. Omdat er 7 stallen moeten worden aangepast vergt dit de nodige investering en tijd. Bestemmingsplan Het perceel Nieuwbuurtsterweg 48 maakt onderdeel uit van het Bestemmingsplan Buitengebied 2013 van de gemeente Franekeradeel, vastgesteld 25 juni 2015. Het perceel heeft een enkelbestemming ‘Agrarisch’ met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – bedrijfskavel gemengd agrarisch bedrijf’. De bouwregels in art. 3.2.1 geven aan dat de gezamenlijke oppervlakte van bedrijfsgebouwen voor niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering ten hoogste 1,50 ha mag zijn (3.2.1 d), dat de maximale oppervlakte per gebouw 1.600 m2 is (3.2.1 h) en dat de goot- en gebouwhoogte niet hoger mag zijn dan 5,00 m resp. 14,00 m en de dakhelling niet minder dan 15o of meer dan 60o (3.2.1 h).
De aanbouw van wintergartens leidt tot een toename van stalvloeroppervlak groter dan 1.600 m2 en een gezamenlijk oppervlak van de bedrijfsgebouwen voor niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering van meer dan 1,50 ha; bovendien wordt de wintergarten van stal 3 opgericht buiten het bouwvlak. Bij omgevingsvergunning met ruimtelijke onderbouwing om af te wijken van het bestemmingsplan wordt instemming. De stallen zijn op zorgvuldige wijze landschappelijk ingepast en er vindt geen onevenredige afbreuk plaatsvindt; het gaat bovendien om vrijwilllige leefruimtevergroting om het welzijn van de dieren te vergroten. Gezamenlijk oppervlak (art 3.2.1 onder d) De gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen en overkappingen ten behoeve van de niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering zal ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van agrarisch - bedrijfskavel gemengd agrarisch bedrijf" ten hoogste 1,50 hectare bedragen, aldus art. 3.2.1 onder d. In de beoogde situatie betreft het een beschikbaar vloeroppervlak van: Stal
Binnenstal m2
Wintergarten m2
Binnenstal m2
Type
1 2.000,0 601,2 2.601,2 Aanbouw 2 1.446,1 625,7 2.071,8 Aanbouw 3 1.647,1 341,2 1.988,3 Aanbouw 4 1.581,6 400,4 1.982,0 Inpandig 5 2.002,0 499,5 2.201,5 Aanbouw 6 1.493,3 380,6 1.873,9 Inpandig 7 1.742,1 464,5 2.206,6 Aanbouw Totaal 11.912,2 3.313,1 15.222,3 *oppervlak per dierverblijf (bron: bouwtekeningen Van Pijkeren Systeembouw) De gezamenlijke oppervlakte die voor de dieren beschikbaar is is 15.222,3 m2 en overschrijdt de voorgeschreven max. 1,50 ha.
Hoeve Advies
2
De toename van stalvloeroppervlak wordt gebruikt om het welzijn van de dieren te vergroten (het houden van de dieren in een lagere stalbezetting en het beschikbaar stellen van een overdekte uitloop om onder buitenomstandigheden te kunnen scharrelen) zonder dat de wettelijke norm hiertoe verplicht, waarbij het vergunde aantal dieren (dierplaatsen) niet toeneemt. Oppervlak per gebouw (art 3.2.1 onder a) Alle stallen zijn na het realiseren van de wintergartens groter dan 1.600 m2. De aanbouw aan stal 3 is ca. 341 m2 en kleiner dan 1.600 m2 maar in combinatie met de stal waar het scharrelverblijf bij wordt aangehaakt wordt het verblijf echter groter dan 1.600 m2. Daarom is er alsnog vrijstelling nodig. Afwijken bestemmingsplan (art. 3.3.7) Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder 3.2.1 onder h in die zin dat een bedrijfsgebouw of een overkapping wordt uitgebreid met of tot een oppervlak groter dan 1.600 m2, mits met een erfinrichtingsplan en een lichtplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het bebouwingsbeeld, de milieusituatie, de woonsituatie, de natuurlijke en landschappelijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Erfinrichtingsplan
De fam. Atsma heeft recent het erf verfraaid met nieuwe aanplant waardoor het bedrijf vanaf de zichtlijn vanaf de weg geheel ‘in het groen’ komt te staan. De nieuwe aanplant sluit aan bij de bestaande en is streekeigen. We menen dat de inpassing gelet op het landschap uitermate geslaagd is voor de huidige bedrijfsvoering en daarmee ook toereikend is voor de beoogde bedrijfsvoering, aangezien het een inwendige aanpassing van het erf betreft en ‘de uitstraling naar buiten’ niet wijzigt.
Lichtplan
Lichtuitstraling wordt voorkomen doordat de armatuur in de overdekte uitloop aan het dak is bevestigd en daardoor is afgeschermd.
Geen onevenredige afbreuk
Aan de in het afwegingskader genoemde voorwaarde van ‘geen onevenredige afbreuk’ wordt o.i. ook voldaan. Algemene gebruiksregels bestemmingsplan (art. 45 lid h) In het bestemmingsplan staat een bepaling dat de stikstofemissie niet mag toenemen, behalve als het bevoegd gezag daar instemming voor heeft verleend in de vorm van een Natuurbeschermingswetvergunning waarbinnen een toename is toegelaten, dan wel een schriftelijke bevesting dat voor de toename geen Wnb-vergunning nodig is. De verandering die fam. Atsma inbrengt leidt niet tot een toename van stikstofdepositie aangezien er niet meer dieren worden gehouden. Ook de stalsystemen wijzigen niet. Intern salderen De huidige en beoogde bedrijfsvoering voor ten hoogste 274.000 st. vleeskuikens met een emissie van 5.754,00 kg NH3 past binnen de op 25 september 2015 door provincie Fryslân
Hoeve Advies
3
verleende Wnb-vergunning (kenmerk 01246411) voor het houden van max. 280.000 st. vleeskuikens met een emissie van 5.893,00 kg NH3 en leidt niet tot een hogere of andere stikstofdepositie dan vergund (intern salderen). Beter Leven 1 ster De fam. Atsma kan met de aanbouw diverse marktconcepten bedienen. Afhankelijk van het marktconcept wordt er gekozen voor een lage of hogere dierbezetting. Voor reguliere kuikens is de wintergarten niet nodig. Voor scharrelvleeskuikens Beter Leven 1 ster is een wintergarten verplicht. Scharrelvleeskuikens Beter Leven 1 ster dienen de beschikking te hebben over een overdekte uitloop waarin ze ‘onder buitenomstandigheden’ kunnen scharrelen (wintergarten).
Illustratie huisvesting (bron: https://beterleven.dierenbescherming.nl/vleeskuiken-1ster)
De dieren worden als eendagskuiken ontvangen in de binnenstal waar zich ook het voer en drinkwater bevinden en de verwarmingsapparatuur. Na 2½ tot 3 weken krijgen de kuikens de beschikking over een overdekte uitloop waar ze overdag naar toe kunnen en ‘onder buitenomstandigheden’ kunnen scharrelen. ’s Avonds bij schemering gaan ze vanzelf weer naar binnen. Het oppervlak van de wintergarten dient minimaal 20% van het oppervlak van de binnenstal te zijn. Het aantal kuikens neemt niet toe. Voor scharrelvleeskuikens Beter Leven 1 ster geldt een maximale bezetting van 25 kg vlees per m2 stal. Voor reguliere kuikens een maximale bezetting van 42 kg vlees per m2 stal. In geval van scharrelkuikens worden er minder dieren ingezet. De diercategorie wijzigt niet omdat stalinrichting en ventilatie enz. niet aangepast hoeven te worden; de inkomende lucht wordt via de wintergarten aangezogen en verlaat de binnenstal middels de uitblaasventilator(en) van de warmtewisselaar(s) en de stalventilatoren – overeenkomstig de vergunning.
Hoeve Advies
4
Overdekte uitloop (wintergartens) voor BLK*-kuikens De aanvraag ziet op het gebruik van de stallen voor het kunnen houden van vleeskuikens voor verschillende afzetmarkten: • voor reguliere kuikens (overeenkomstig de vergunning) in een bezetting van ca. 22 tot 24 kuikens per m2; ten hoogste 274.000 stuks; voor het houden van reguliere kuikens wordt geen gebruik gemaakt van de overdekte uitloop; • voor vleeskuikens van het middensegment in een bezetting van ca. 13,5 tot 16 kuikens per m2; aantal dieren kan variëren van ca. 175.000 tot 210.000 stuks; voor het houden van dit type kuiken wordt geen gebruik gemaakt van de overdekte uitloop; • voor scharrelvleeskuikens BLK* in een bezetting van ca. 10 kuikens per m2; ten hoogste ca. 155.500 stuks; voor dit type kuikens is het gebruik van overdekte uitloop en dus de toename van stalvloeroppervlak die nu wordt gevraagd verplicht. Bedrijfsvoering De fam. Atsma wil diverse marktconcepten voor vleeskuikens kunnen bedienen. Binnen de vergunning voor 274.000 dieren wil men kunnen kiezen voor gangbare vleeskuikens, voor kuikens van het middensegment (lagere bezetting), of voor scharrelvleeskuikens BLK 1 ster (met gebruik van wintergarten). Er komen steeds meer marktconcepten waarbij de randvoorwaarden en de stalbezetting variëren. In het geval van gangbare kuikens worden er ca. 274.000 st. vleeskuikens per ronde ingezet.
Bij het middensegment zijn het er minder en bij het scharrelkuikens zullen het er (met gebruik van wintergartens) maximaal ca. 155.500 st. per ronde zijn. Het is niet uitgesloten dat zich op termijn nog andere concepten voordoen wat tot andere dieraantallen leidt; er zullen echter nooit meer dan 274.000 st. vleeskuikens worden gehouden. Milieuneutraal veranderen Omdat het aantal dieren niet toeneemt en de stalinrichting niet wijzigt kenmerkt zich de verandering als milieuneutraal veranderen. De aanbouw van de wintergarten leidt niet tot andere emissies per dier of een andere milieubelasting dan reeds vergund.
Geur
De onderlinge afstand tot omliggende woningen is voldoende en wijzigt niet. In het geval van gangbare kuikens (274.000 st.) wijzigt de geurbelasting niet. Bij de diervriendelijker concepten worden er minder kuikens ingezet en is de geuremissie lager. De geuremissie van 155.500 st. scharrelvleeskuikens is ca. 43% lager dan die van 155.500 st. reguliere kuikens. De overbelaste situatie wordt in dat geval opgeheven.
Fijnstof
Minder dieren betekent minder uitstoot. De 274.000 st. vleeskuikens blijven vergund maar als er scharrelvleeskuikens worden gehouden is de emisssie lager. De fijnstofemissie van 155.500 st. scharrelvleeskuikens is ca. 43% lager dan die van 216.500 st. reguliere kuikens.
Ammoniak
Minder dieren betekent minder uitstoot. De 216.500 st. vleeskuikens blijven vergund maar als er scharrelvleeskuikens worden gehouden is de emissie lager. De ammoniakemissie van 155.500 st. scharrelvleeskuikens is ca. 43% lager dan die van 274.000 st. reguliere kuikens.
Hoeve Advies
5
In de situatie met scharrelvleeskuikens voldoet de situatie ook aan de normstelling van het Besluit huisvesting; de max. e.w. voor de stalemissie in bestaande stallen opgericht voor 1 juli 2015 is 0,045 kg NH3 p.d.p.j.; de werkelijke emissie in het geval van 155.500 st. vleeskuikens is 0,021 kg NH3 en veel lager dan deze norm.
Geluid en verkeer
De ventilatie van de stallen wijzigt niet. Als er scharrelvleeskuikens worden gehuisvest is er een langere groeiperiode waardoor de rondeduur toeneemt. Er worden dan ca. 6 ronden i.p.v. 7,5 ronden per jaar bij reguliere kuikens gehouden. Het aantal verkeers- en vervoersbewegingen neemt daardoor af.
Energie
Doordat scharrelvleeskuikens een langere groeiperiode hebben (ca. 8 weken i.p.v. 6 weken bij reguliere kuikens) hoeven de stallen minder vaak en minder lang te worden bijverwarmd. Dat scheelt fossiele brandstof. Ing. W. (Wim) Hoeve HOEVE ADVIES BV
Hoeve Advies
6
Nieuwbuurtsterweg 48, Tzum Ruimtelijke onderbouwing
Bijlage 5
Watertoets
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
41
Digitale Watertoets Res ultaat van de check gedaan op 10-01-2022
Digitale watertoets in De watertoets helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toets en of u de belangen van het Waters chap raakt. Indien dit het geval is krijgt u teks t en uitleg over het vervolg proces .
VOOR DE ACTIVITEIT DIGITALE WATERTOETS IN DE GEMEENTE IS OP BASIS VAN DE GEGEVEN ANTWOORDEN NODIG: 1.
Normale procedure
2.
Advies aanbrengen toename verharding
3.
Advies hoofdwater
OP BASIS VAN ONDERSTAANDE LOCATIE
10-01-2022, 11:50
P agina 1 van 7
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets VRAGEN EN ANTWOORDEN UIT DE CHECK 1.
Gaat het plan uits luitend over de functiewijziging van bes taande bebouwing zonder fys ieke aanpas s ing van bebouwing en ruimte? nee
2.
Verwacht je een toename van verharding in het plan? ja
3.
Is er s prake van een toename van lozing van verontreinigd water op het oppervlaktewater? nee
4.
Wordt het oppervlaktewaterpeil in het plangebied ook gewijzigd? nee
5.
Wordt er oppervlaktewater gegraven en/of gedempt? nee
6.
Ga je tijdelijk of permanent op de ingetekende locatie grondwater onttrekken? nee
7.
Raak je de laag primaire waterkeringen? nee
8.
Raak je de laag regionale en/of lokale waterkeringen? nee
9.
Raak je de laag hoofdwateren? ja
10.
Raak je de laag rioolwaterpers leidingen? nee
11.
Raak je de laag Grondwaterbes chermings gebied? nee
10-01-2022, 11:50
P agina 2 van 7
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets 12.
Raak je de laag Kaderichtlijn water? nee
13.
Raak je de laag vrij voor de boezem? nee
14.
Raak je de laag waterzuiverings object? nee
10-01-2022, 11:50
P agina 3 van 7
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets DETAILS 1.
Normale procedure Voor je plan moet je de normale procedure met advies volgen. We verzoeken je het plan kenbaar te maken bij Wetters kip Frys lân via de knop ‘Direct aanvragen’.
Wat moet ik doen? Wij vragen je om het plan bij ons in te dienen. Dit kun je doen via de knop ‘Direct aanvragen’ in het overzicht, in te loggen en hiermee de procedure af te ronden. Uit de door jou ingevulde gegevens blijkt dat je plan grote invloed heeft op het water of de wateras pecten (zoals dijken, gemalen, s tuwen of pers leidingen) in de omgeving. Onder ‘details ’ van de s amenvatting aanvraag s taat aangegeven waar je per onderdeel rekening mee moet houden. Dit moet je verwerken in je ruimtelijk plan of bes luit. We nemen contact met je op wanneer er nog een aanvulling nodig is op dit wateradvies . Daarnaas t moet je in je plan een onderdeel opnemen over de ‘toename verharding’. Kijk bij ‘Achtergrondinformatie’ wat wij van je verwachten.
Waar moet ik op letten? Voor s ommige werkzaamheden heb je een watervergunning nodig. Bijvoorbeeld als je een s loot wilt dempen, afvalwater wilt lozen op oppervlaktewater of grondwater wilt onttrekken. Soms is het doen van een melding voldoende. Via Omgevings loket online www.omgevings loket.nl kun je nagaan of je een watervergunning nodig hebt of een melding moet doen (vergunningcheck). Je kunt hier ook meteen de vergunning aanvragen of de melding doen.
Achtergrondinformatie Watertoets De watertoets zorgt ervoor dat in alle ruimtelijke plannen aandacht wordt bes teed aan veiligheid, kwaliteit én kwantiteit van water. Als richtlijn bij het beoordelen van ruimtelijke plannen werken we met de Leidraad Watertoets . Hierin s taat voor alle wateras pecten uitgangs punten oms chreven waar je rekening mee moet houden. Ook is er informatie te vinden over de te nemen maatregelen. Je kunt de leidraad vinden via deze link: www.wetters kipfrys lan.nl/vergunningen-wetten-enregels /online-watertoets -voor-nieuwe-plannen
Toename verharding Wij willen je verzoeken om in de waterparagraaf de volgende pas s age op te nemen over het onderdeel toename verharding. Door ruimtelijke ontwikkelingen neemt de hoeveelheid verhard oppervlak toe met als gevolg een vers nelde afvoer van hemelwater. Het is nodig om deze vers nelde afvoer te compens eren om de waterberging in een gebied in s tand te houden. Dit geldt ook voor toevoegen van 10-01-2022, 11:50
P agina 4 van 7
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets oppervlakteverharding die wel pas t binnen het bes temmings plan, maar waarvan de grond al meer dan vijf jaar braak ligt en waar in het verleden niet voor gecompens eerd is . Het is niet toeges taan zonder watervergunning neers lag vers neld tot afvoer te laten komen indien daarbij meer dan 200 m2 onverharde grond in s tedelijk gebied en 1500 m2 in landelijk gebied wordt bebouwd of verhard. Er geldt een vrijs telling van de vergunnings plicht wanneer wordt voldaan aan de compens atieregels genoemd in dit wateradvies . De mees t voorkomende manier van compens eren is het graven van extra oppervlaktewater. Bij het graven van extra oppervlaktewater hanteren wij de volgende compens atienorm: Boezem 5%, dit heeft alleen betrekking op de Fries e boezem; Polder 10%, Vrij afs tromend, alternatieve maatregelen. Uiteraard is het toepas s en van alternatieve maatregelen in het plan ook mogelijk. Afhankelijk van de maatregel kunnen andere normen gelden dan hier vermeld. Z ie de ‘Leidraad watertoets ’ voor meer informatie over compens erende maatregelen of neem contact op met ons .
Indien er niet wordt gecompens eerd door extra oppervlaktewater te graven waarbij bovens taande percentages worden gehanteerd of indien er geen overeens temming plaats vindt in de watertoets procedure over alternatieve maatregelen dan dient een watervergunning bij het waters chap te worden gevraagd. Bekijk ook de ‘Leidraad Watertoets ’ voor meer informatie over maatregelen die je kunt treffen om te compens eren. Als je niet compens eert dan moet je een watervergunning aanvragen voor het s nel afvoeren van regenwater.
Klimaat Om ook in de toekoms t prettig te kunnen wonen, werken en recreëren moeten s teden en dorpen ingericht worden met het oog op de toekoms t. Z o is het mogelijk om het bebouwd gebied beter bes tand te maken tegen hevige regenbuien, periodes van droogte en hitte en de gevolgen van een mogelijke overs troming. Meer informatie hierover kun je vinden op ‘De Fries e klimaatatlas ’: www.fries eklimaatatlas .nl
Privacyverklaring Nadere informatie over de verwerking van je gegevens en je rechten vind je op https ://www.wetters kipfrys lan.nl/over-de-s ite/privacyverklaring
10-01-2022, 11:50
P agina 5 van 7
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets DETAILS 2.
Advies aanbrengen toename verharding Je gaat verharding aanbrengen.
Wat moet ik doen? We verzoeken je om het plan bij ons aan te vragen, via de blauwe knop ‘Direct aanvragen’ in het overzicht op de vorige pagina
Waar moet ik op letten? Neemt het aantal vierkante meters toe ten opzichte van de bes taande bebouwing en bedraagt deze toename meer dan 200 m2 in de bebouwde kom (s tedelijk gebied) of 1500 m2 buiten de bebouwde kom (landelijk gebied) dan geldt de vergunnings plicht. Dit geldt ook voor toevoegen van oppervlakteverharding die wel pas t binnen het bes temmings plan, maar waarvan de grond al meer dan vijf jaar braak ligt en waar in het verleden niet voor gecompens eerd is .
Achtergrondinformatie Meer informatie hierover kun je vinden in de Leidraad Watertoets (onder andere paragraaf 4.3.6) https ://www.wetters kipfrys lan.nl/documenten/vergunningen-wettenen-regels /leidraad-watertoets _2013.pdf
10-01-2022, 11:50
P agina 6 van 7
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets DETAILS 3.
Advies hoofdwater Je raakt een hoofdwater.
Wat moet ik doen? We verzoeken je om het plan bij ons aan te vragen, via de blauwe knop ‘Direct aanvragen’ in het overzicht op de vorige pagina
Waar moet ik op letten? Onze hoofdwateren hebben een belangrijke aan-, af- en doorvoerfunctie en we verzoeken je hier rekening mee te houden zie: https ://www.wetters kipfrys lan.nl/kaarten/leggerkaart. Aan weers zijden van een hoofdwatergang ligt een bes chermings zone 5 meter. De bes chermings zone is nodig voor de bereikbaarheid voor beheer en onderhoud aan de hoofdwatergang. Werkzaamheden binnen de bes chermings zone van hoofdwatergangen betreffen een vergunnings plichtige activiteit https ://www.wetters kipfrys lan.nl/vergunningen-wettenen-regels /vergunning-check-meteen-of-maak-een-afs praak.
Achtergrondinformatie Meer informatie hierover kun je vinden in de Leidraad Watertoets (onder andere paragraaf 4.3.1) https ://www.wetters kipfrys lan.nl/documenten/vergunningen-wettenen-regels /leidraad-watertoets _2013.pdf
10-01-2022, 11:50
P agina 7 van 7
https://dewatertoets.nl
1 bijlage 2 tekening
.20 E
D
.19
.18
.17
.16
.15
.14
.13
.12
.11
.10
.9
.8
.7
.6
.5
.4
.3
.2
.1
C
Voorgevel
Linker gevel
1 : 100
1 : 100
C
D
E
Achtergevel 1 : 100
A-A
.2
.3
4.415
4.510
.4 4.510
.5 4.510
.6 4.510
.7 4.510
.8 4.510
.9 4.510
.10 4.510
.12
.13
4.510
.14
4.510
4.510
.15 4.510
.16 4.510
.17 4.510
.18 4.510
.19 4.510
.20 4.415
100
100
85.300
sp
damm 2.500x 2.200
sp
100
E sp
sp
sp
sp damm 1.050x 2.200
Wintergarten 3 4.000
4.000
4.100
.11
4.510
100
E
85.500
341,2 m² Betonvloer 120mm, #Ø6-150mm
D
300
D
4.100
.1
damm 1.050x 1.780
damm 1.050x 1.780
Stal 3
20.000
19.400
1647,1 m²
4.100
.6
.7
.8
.9
.10
.11
.12
.13
.14
.15
.16
.17
.18
.19
20.000
.5
.20 stal 5
8.000
92.700
A-A
70x220
E
+3013
D
stal 4 wg 3
stal 3
20.600
1 : 100
stal 2 stal 1
bk. kantgording +2400
+2350
100.400
6.100
+368m2
zinken bakgoot
5.400
sandwich 60/93 steenwol Trapezium antraciet 85.500
Plattegrond
4.610
.4
stal 6
16.000
20.600
.3
7.940
5.030
.2
20.000
20.400
.1
C
5.150
90.400
300
C
20.000
stal 7 spanten IPE300, steekt 10mm buiten muur hoh 4.510mm
4.300
pvc hwa geïsoleerde zakgoot
E
D
C
Wintergarten 3 341,2 m²
bk. kantgording +2400
+2400 zwart windbreekgaas #25x25
Detail 1.2 wintergarten Stal 3 1647,1 m²
Wintergarten 3 341,2 m²
Peil = 0 +0
koude zeildoek wit transparant
verzinkte gaasmatten, #50x50mm, 500mm hoog
4.100 4.100
300
19.400 20.000
300
prefab betonpaneel 100, grijs geborsteld
268
45x145
ok. fundering -700
Betonvloer 120mm, #Ø6-150mm
-28
hoogte:650mm
Doorsnede A 1 : 100
stootrand 200mm hoogte:120mm
Peil = 0 +0
Omschrijving
Opdrachtgever
Datum
Plattegrond & doorsnede
Maatschap W.W. en J. Atsma Nieuwbuurtserweg 48, 8804 RJ TZUM
25-10-2021
ok. staal -470
Projectnummer
4.100 ok. fundering -700
Detail 1.2 wintergarten 1 : 20
1149 - IV0824
Tekeningnummer Project
3.1
Wijzigingsdatum
nieuwbouw wintergarten 3
08-11-2021
Hessenweg 10 7722 PK DALFSEN
Schaal
Tel. 0529 - 43 22 33 Fax. 0529 - 43 42 69
Formaat A0(1189x841)
info@bouwvanpijkeren.nl www.bouwvanpijkeren.nl
1:100
Getekend J.v.d.K.
Het auteursrecht wordt voorbehouden overeenkomstig de wet CAD tekeningen; geen handmatige wijzigingen toegestaan. Niets uit deze tekening mag overgenomen worden zonder toestemming van onze opdrachtgever en/of ons bureau.
009 Bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum 1 Dossier 2028 voorblad.pdf
Gemeenteraad Waadhoeke Dossiernummer
2028
Extern Zaak ID
2022-227441
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
24 november 2022
Agendapunt
009
Titel
Bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum
Eigenaar
Hogendorp, Jort
Portefeuillehouder
Jan Dijkstra
Bijlagen RV Adviesnota Raad Poiesz Bijlage 1: Bestemmingsplan: Poiesz -Berltsum Sportleane, It Achtepaed Bijlage 2: Berltsum - Poiesz Beeldkwaliteitsplan Geagendeerd
Vergaderdatum
Gemeenteraad Waadhoeke
24 november 2022
Toelichting De aanleiding voor dit bestemmingsplan is planvoornemen voor de verplaatsing van de Poiesz supermarkt naar It Achtepaed in Berltsum. Reden voor de verplaatsing van de supermarkt is de introductie van de nieuwe winkelformule van Poiesz. Met die formule wil de Poiesz inspelen op de veranderende vraag van de consument. Om het klantenbestand op peil te houden wil de organisatie de winkel opwaarderen. De huidige locatie aan de Hôfsleane biedt onvoldoende ruimte om een dergelijke opwaardering mogelijk te maken. Met die reden is in samenwerking met Stichting Berltsumer Belangen en gemeente Waadhoeke een nieuwe locatie aan It Achtepaed gevonden. Het geldend bestemmingsplan 'Berltsum Wier' biedt geen mogelijkheden om op de nieuwe locatie een supermarkt mogelijk te maken. Om die reden is een nieuw bestemmingsplan opgesteld waarin de verplaatsing van de supermarkt is uitgewerkt. In het bestemmingsplan is zowel de oude als nieuwe locatie voorzien van een nieuwe regeling. De oude locatie houdt de bestemming ‘Detailhandel’ met de aanduiding ‘supermarkt uitgesloten’. De nieuwe locatie krijgt de bestemming ‘Detailhandel’ met de functieaanduiding ‘supermarkt’ waarmee de vestiging van een supermarkt op die locatie mogelijk wordt gemaakt.
Voorgesteld besluit 1. Het bestemmingsplan: Poiesz -Berltsum Sportleane, It Achtepaed met IMRO codering NL.IMRO.1949.BPBerltAchtepaed1-VAS1 vast te stellen. 2. Het beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum vast te stellen. 3. Voor dit bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen.
Besluit 1. Het bestemmingsplan: Poiesz -Berltsum Sportleane, It Achtepaed met IMRO codering NL.IMRO.1949.BPBerltAchtepaed1-VAS1 vast te stellen. 2. Het beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum vast te stellen. 3. Voor dit bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen.
1 RV Adviesnota Raad Poiesz
AAN DE RAAD
Datum opgesteld
18 oktober 2022
Datum agendering
24-11-22
Onderwerp
Bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum J. Dijkstra
Portefeuillehouder
Behandelend ambtenaar E-mailadres Telefoonnummer
J. Hogendorp j.hogendorp@waadhoeke. nl 0517 380 380
Samenvatting Zie inleiding. Voorstel 1. Het bestemmingsplan: Poiesz -Berltsum Sportleane, It Achtepaed met IMRO codering NL.IMRO.1949.BPBerltAchtepaed1-VAS1 vast te stellen. 2. Het beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum vast te stellen. 3. Voor dit bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen.
Inleiding De aanleiding voor dit bestemmingsplan is planvoornemen voor de verplaatsing van de Poiesz supermarkt naar It Achtepaed in Berltsum. Reden voor de verplaatsing van de supermarkt is de introductie van de nieuwe winkelformule van Poiesz. Met die formule wil de Poiesz inspelen op de veranderende vraag van de consument. Om het klantenbestand op peil te houden wil de organisatie de winkel opwaarderen. De huidige locatie aan de Hôfsleane biedt onvoldoende ruimte om een dergelijke opwaardering mogelijk te maken. Met die reden is in samenwerking met Stichting Berltsumer Belangen en gemeente Waadhoeke een nieuwe locatie aan It Achtepaed gevonden. Het geldend bestemmingsplan 'Berltsum Wier' biedt geen mogelijkheden om op de nieuwe locatie een supermarkt mogelijk te maken. Om die reden is een nieuw bestemmingsplan opgesteld waarin de verplaatsing van de supermarkt is uitgewerkt. In het bestemmingsplan is zowel de oude als nieuwe locatie voorzien van een nieuwe regeling. De oude locatie houdt de bestemming ‘Detailhandel’ met de aanduiding ‘supermarkt uitgesloten’. De nieuwe locatie krijgt de bestemming ‘Detailhandel’ met de functieaanduiding ‘supermarkt’ waarmee de vestiging van een supermarkt op die locatie mogelijk wordt gemaakt.
Beoogd (meetbaar) effect Door vaststelling van een nieuw bestemmingsplan wordt de gewenste nieuwe plek voor een hedendaagse supermarkt planologisch mogelijk gemaakt, daarmee blijft het voorzieningenniveau voor het dorp op peil. Motivering Argumenten 1.1 Met het voorliggende bestemmingsplan wordt de gewenste ontwikkeling mogelijk gemaakt Reden voor de verplaatsing van de supermarkt is de introductie van de nieuwe winkelformule van Poiesz om in te spelen op de veranderende vraag van de consument. Om het klantenbestand op peil te houden wil de organisatie de winkel opwaarderen. De huidige locatie aan de Hôfsleane biedt onvoldoende ruimte om een dergelijke opwaardering mogelijk te maken. Met die reden is in samenwerking met Stichting Berltsumer Belangen en gemeente Waadhoeke een nieuwe locatie aan It Achtepaed gevonden. De huidige bestemmingen aan It Achtepaed / Sportleane bieden geen mogelijkheden voor het bouwen en gebruiken van de gronden voor een supermarkt. Voor het voornemen ontbreken daarmee de juiste juridisch-planologische mogelijkheden om tot realisatie van de supermarkt op deze locatie te komen. Met voorliggend bestemmingsplan worden beide strijdigheden opgeheven. In het bestemmingsplan is zowel de oude als nieuwe locatie voorzien van een nieuwe regeling.
Met de verplaatsing van de supermarkt naar It Achtepaed/Sportleane is een detailhandelsfunctie in de vorm van een supermarkt aan de Hôfsleane niet langer gewenst. De opgenomen detailhandelsbestemming sluit een nieuwe supermarkt echter niet uit. Om nieuwvestiging van een supermarkt te voorkomen is aanpassing van het bestemmingsplan daarom gewenst. De oude locatie krijgt de bestemming ‘Detailhandel’ met de aanduiding ‘supermarkt uitgesloten’. De nieuwe locatie krijgt de bestemming
2
|
‘Detailhandel’ met de functieaanduiding ‘supermarkt’ waarmee de vestiging van een supermarkt op die locatie mogelijk wordt gemaakt. 1.2 De plannen zijn door een zorgvuldig proces tot stand gekomen In belangrijke mate heeft de Stichting Berltsumer Belangen (SBB) de voorgestelde totale ontwikkeling samen met het dorp voorbereid. Deze totale ontwikkeling behelst, naast de verplaatsing van het huidige dorpshuis (het Heechhout) ook het initiatief tot het onderbrengen van het Groene Kruis in het MFA. Samen met SBB, de gemeente en supermarktketen Poiesz is eveneens de locatieontwikkeling op deze vrijkomende percelen verkend.
Na een aantal bijeenkomsten met de omwonenden wordt de nieuwvestiging van een supermarkt Poiesz 2.0 kansrijk gevonden. Daarbij zijn de reacties vanuit de omgeving zowel in de terreininrichting als bij het ontwerp van de te verplaatsen supermarktfunctie betrokken. Tot slot heeft ook Wonen Noord West Friesland de intentie uitgesproken medewerking toegezegd te verlenen aan in de verkoop van een tweetal percelen grond eigendom bestaande uit een tweetal woningen , om op deze wijze nieuwbouw van de supermarkt mogelijk te maken. De voorbereidingen voor een nieuw bestemmingsplan zijn gestart in een periode met beperkingen door Corona. Daarom is gekozen voor een aangepaste aanpak, zonder inloopbijeenkomst maar met een inspraakprocedure voor het voorontwerpbestemmingsplan. De reacties hebben geleid tot een aantal kleine aanpassingen in het plan, zo is onder andere de verkeerssituatie nog enigszins aangepast. In de ontwerpfase zijn geen zienswijzen meer ingediend. Zodoende is het plan nu gereed om te worden vastgesteld. 2.1 Voor de beoogde ontwikkeling is een beeldkwaliteitsplan gemaakt De gemeente Waadhoeke heeft op 12 december 2019 de welstandsnota vastgesteld. Het plangebied valt onder Deelgebied 8. Na-oorlogse uitbreidingen. Het welstandsbeleid in dit gebied is, voor zover bebouwing is gerealiseerd, gericht op het beheer van de bestaande situatie.
Bijzondere ontwikkelingen worden niet verwacht voor deze gebieden. In het gebied wordt een nieuwe ontwikkeling voorzien die leidt tot een verandering van de bestaande gebouwde en functionele structuur. De welstandsnota bevat geen welstandscriteria voor (her)ontwikkelingsprojecten die de bestaande ruimtelijke structuur en karakteristiek doorbreken. Deze nieuwe ontwikkeling valt daarmee buiten de reikwijdte van de welstandsnota. Het voorliggende beeldkwaliteitsplan is opgesteld om te voorzien in een passend welstandskader. Dit welstandskader kunt u vinden in bijlage 2
3
|
3.1. Het kostenverhaal is anderszins verzekerd. In het bestemmingsplan wordt een bouwplan zoals bedoeld in artikel 6.2.1 Bro (Besluit ruimtelijke ordening) mogelijk gemaakt. In dergelijke gevallen dient een grondexploitatieplan opgesteld te worden tenzij het kostenverhaal anderszins verzekerd is. Over de kosten voor de realisatie van deze ontwikkeling zijn met de ontwikkelaar afspraken gemaakt en in een ontwikkelovereenkomst vastgelegd. Uitgangspunt is, dat de totale investering volledig voor rekening en risico is van de ontwikkelaar. Dit geldt ook voor de kosten voor het bestemmingsplan, de daarbij behorende onderzoeken en eventuele planschade. Kanttekeningen N.v.t. Analyse Het planvoornemen voor de verplaatsing van de supermarkt in Berltsum is ingegeven door de vernieuwde bedrijfsfilosofie van het supermarktbedrijf in reactie op veranderende behoeften van de consument. Moderne supermarkten vragen onder andere om meer ruimte voor de klant. Meer informatie hierover is te vinden in paragraaf 2.3 van het bestemmingsplan. De ontwikkeling van de Poiesz staat verder niet op zichzelf. Deze totale ontwikkeling behelst, naast de verplaatsing van het huidige dorpshuis (het Heechhout) ook het initiatief tot het onderbrengen van het Groene Kruis in het MFC in de vm. kerk aan de Hofsleane.
Deze totale ontwikkeling zorgt voor een hernieuwde invulling van verschillende faciliteiten in het dorp Berltsum, waarmee deze faciliteiten behouden blijven voor het dorp. Alternatieven N.v.t. Vervolg Besluit uw raad om het bestemmingsplan vast te stellen, dan zal sprake zijn van een inzagetermijn van 6 weken. Tegen de vaststelling kan binnen een termijn van 6 weken beroep worden ingesteld bij de Raad van State. Parallel aan het bestemmingsplan zal het beeldkwaliteitsplan ter inzage worden gelegd. Net als bij het bestemmingsplan kan ook tegen het vaststellingsbesluit van het beeldkwaliteitsplan beroep worden ingesteld. Gebeurt dit niet dan treedt zowel het bestemmingsplan als het beeldkwaliteitsplan na deze 6 weken in werking. Inwonersparticipatie Zie kopje 1.2 bij argumenten. Communicatie De termijn van ter inzage legging van het bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad. Daarnaast doet de Poiesz zelf ook aan informatievoorziening in het dorp. Financiën
4
|
Over de kosten voor de realisatie van deze ontwikkeling zijn met de ontwikkelaar afspraken gemaakt en in een ontwikkelovereenkomst vastgelegd. Uitgangspunt is, dat de totale investering volledig voor rekening en risico is van de ontwikkelaar. Dit geldt ook voor de kosten voor het bestemmingsplan, de daarbij behorende onderzoeken en eventuele planschade. Juridisch kader Wet ruimtelijke ordening, Besluit ruimtelijke ordening, Algemene wet bestuursrecht. Bijlagen Bijlage 1: Bestemmingsplan: Poiesz - Berltsum Sportleane, It Achtepaed Bijlage 2: Beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum Burgemeester en wethouders van Waadhoeke
, burgemeester
, secretaris
5
|
NR.: D2022-10-022764 De raad van de gemeente Waadhoeke
Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke van 08-11-22 ; BESLUIT 1. Het bestemmingsplan: Poiesz -Berltsum Sportleane, It Achtepaed met IMRO codering NL.IMRO.1949.BPBerltAchtepaed1-VAS1 vast te stellen. 2. Het beeldkwaliteitsplan Poiesz Berltsum vast te stellen. 3. Voor dit bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 24-11-22 ,