(nieuw) Bijlage Nota van zienswijzen Programma grootschalige opwek_V2
Tekst van het document
blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. Het kan in het geval van ervaren hinder zijn dat een ontwikkelgebied kleiner wordt, of geheel afvalt. Slagschaduw mag niet meer bedragen dan 20 minuten per jaar. Daar wordt rekening mee gehouden. (4) Bepaalde zaken in het PlanMER, waaronder ecologie, moeten dieper en breder onderzocht worden in het vervolgonderzoek. Als een locatie aangewezen wordt voor windturbines zal nader ecologisch onderzoek moeten plaatsvinden naar o.a. migratieroutes. Als inderdaad een migratieroute aanwezig is, zal hier bij de opstelling zodanig rekening mee moeten worden gehouden dat deze niet verandert, danwel dat er een (mitigerende) maatregel/ inrichting plaatsvindt waardoor migratie plaats kan blijven vinden. (5) In de PlanMER is natuur reeds onderzocht. Nadere onderzoeken volgen bij de keuze voor een voorkeurslocatie en bij planvorming. Voor wind betekent dat dan een (vrijwillige) Project mer. (6) De (rode) lichtpuntjes kunnen 's nachts worden uitgeschakeld en gaan in dat geval alleen aan als er
vliegverkeer (helikopters) nadert. (7) In de tendervoorwaarden en omgevingsvergunning zullen eisen opgenomen worden waaraan na beëindiging van de exploitatieperiode voldaan moet worden voor de sloop en afvoer van de windturbines. De voorwaarden voor het demonteren en afvoeren van de turbineonderdelen zullen moeten voldoen aan de dan geldende regels. Deze kunnen dus strenger zijn dan de nu geldende regels. (8) Windturbines worden uitgerust met ijsdetectie. Wanneer ijsafzetting plaatsvindt, stopt de windturbine en draait deze indien gewenst naar een vooraf ingestelde stand (bijv. parallel aan de weg zodat de afstand tot de weg zo groot mogelijk is). De windturbines worden vervolgens pas weer in bedrijf genomen wanneer visueel is vastgesteld dat er geen ijs meer op de bladen aanwezig is. (9) Zonnevelden kunnen beter ingepast worden in het landschap dan windturbines en zijn dus veel minder zichtbaar. Dat wil niet zeggen dat ze nooit zichtbaar zijn, dat is afhankelijk van de plek, hoogte en waar een persoon zich bevindt.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 20
Indiener constateert het volgende: (1) Een gebrek aan samenwerking met aanpalende gemeenten en provincie en wil met deze zienswijze opkomen voor dunbevolkte gebieden die mogelijk als alternatief worden gekozen vanwege een gebrek aan ingediende zienswijze. (2) Indiener ziet zonneweides en windmolens als laatste redmiddel wanneer aantoonbaar geen mogelijkheden zijn binnen de bebouwde omgeving. (3) Indiener roept op in gesprek te gaan met de provincie Noord-Brabant en tot een door alle gemeenten gedragen plan te komen zodat de opgave niet versnipperd wordt.
(1) De buurgemeenten Boxtel, SintMichielsgestel en Den Bosch zijn betrokken bij het vormgeven van de zoekgebieden. Dit is namelijk gedaan met regionale samenwerking binnen de Regionale Energie Strategie. Gemeente Heusden ligt in een andere regio. Overigens is het zoeken en vormgeven van zoekgebieden een gemeentelijke aangelegenheid, evenals het onderzoeken daarvan. Pas wanneer vervolgstappen worden gezet, zoals het verder onderzoeken van een zoekgebied voor een project (ontwikkeling in een gebied), worden belanghebbenden intensief betrokken. (2) In het PlanMER en het Programma is uitgegaan van grootschalige opwek met windturbines en zonnevelden. Dat is in lijn met het Nationaal Programma Regionale Energie Strategie. (3) In de Regionale Energie Strategie is de regionale opwekdoelstelling opgenomen. Hierin staat ook wat de opgave per gemeente is. Gemeenten hebben onderling contact en werken samen om de regionale doelstelling te halen. Ook de provincie neemt in de regio deel om in gezamenlijkheid de opgave te realiseren.
Ja, toevoeging dat zon op dak van de opgave zon en/of wind op land wordt afgetrokken.
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt benoemd dat wordt ingezet op zon op dak.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 21
Indiener kaart de volgende effecten aan voor de bewoners van de kern Cromvoirt Westelijk: (1) Effecten van laagfrequent geluid: duizenden mensen in Nederland hebben te maken met geluidsoverlast door windmolens. Ze lijden aan slapeloosheid en hebben als gevolg daarvan allerlei gezondheidsklachten. (2) Slagschaduw. (3) Knipperende lichten. Indiener verzoekt te zoeken naar alternatieven.
(1) Er is onderzoek gedaan in het Ja PlanMER naar het effect van geluid op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale normen voor geluid zijn er niet, althans niet in Vught. Geluidsoverlast is op hoofdlijnen onderzocht, maar tijdens de projectfase moet geluidsimpact op de omgeving nog beter en uitgebreid worden onderzocht. Bovenstaande heeft ook betrekking op de buurgemeenten. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. Het kan in dat geval ook zijn dat een ontwikkelgebied kleiner wordt, of geheel afvalt. (2) Er is onderzoek gedaan in het PlanMER naar het effect van slagschaduw op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale normen voor slagschaduw zijn er niet, althans niet in Vught. Dit wordt verder onderzocht in vervolgonderzoeken bij
Ja, vervolgonderzoek geluid.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 22
Indiener uit grote bezorgdheid over de immens grote windmolens, vanwege: (1) Geluidsoverlast en lichtvervuiling: recente berichten van huisartsen in Groningen en Den Bosch over grote groepen mensen die ziek worden van de overlast. Er lopen onderzoeken naar effect van geluid, trillingen, afstoot van plasticdeeltjes. Indiener vindt het vreemd dat dit niet onderzocht is. (2) Verstoring van het ecosysteem: veranderen van dierlijke migratiepaden of aantastig lokale flora. Gevaar voor vogels en andere dieren (effect van aanleg weg gevangenis is al merkbaar door reeën op de Gementweg). (3) Worden we nog beschermd door helikopters in verband met de gevangenis met windmolens in die
ontwikkeling. Of er wel of geen hinder voor omwonenden is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. Het kan in het geval van ervaren hinder zijn dat een ontwikkelgebied kleiner wordt, of geheel afvalt. Slagschaduw mag niet meer bedragen dan 20 minuten per jaar. Daar wordt rekening mee gehouden. (3) De (rode) lichtpuntjes kunnen 's nachts worden uitgeschakeld en gaan in dat geval alleen aan als er vliegverkeer (helikopters) nadert. (1) Er is onderzoek gedaan in het Ja, geluid wordt meegenomen PlanMER naar het effect van geluid in vervolgonderzoek. op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale normen voor geluid zijn er niet, althans niet in Vught. Geluidsoverlast is op hoofdlijnen onderzocht, maar tijdens de projectfase moet geluidsimpact op de omgeving nog beter en uitgebreid worden onderzocht. Bovenstaande heeft ook betrekking op de buurgemeenten. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat geluid nader wordt onderzocht, dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
omgeving? Verzoekt te zoeken naar alternatieve oplossingen.
en studies wordt gewerkt. Het kan in dat geval ook zijn dat een ontwikkelgebied kleiner wordt, of geheel afvalt. Trillingen die door de windturbine in de bodem worden veroorzaakt zijn niet meetbaar op afstanden groter dan enkele meters van de windturbine. Effecten van (bodem)trillingen op honderden meters afstand zijn uitgesloten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat windturbinegeluid kan leiden tot hinder bij omwonenden. Deze hinder treedt over het algemeen op bij hogere geluidniveaus van de windturbines. Ook blijkt dat weerstand (emotionele spanning en angst voor overlast) tegen de ontwikkeling van turbines het gevoel van hinder door de windturbines kan vergroten. Er bestaat echter geen wetenschappelijk bewijs voor een directe relatie tussen het ervaren van hinder als gevolg van windturbines en de effecten op de gezondheid. Het is niet uitgesloten dat in de toekomst bij de projectfase uitgebreid onderzoek wordt gedaan naar geluidstrillingen. Desondanks blijft geluidservaring subjectief. De ene persoon heeft er veel last van,
een ander helemaal niet. Ervaring van geluid kan (in deze tijd) niet volledig objectief worden gemeten. In het PlanMER zijn de gezondheidseffecten meegenomen door de onderzoekers. Ook in de (vervolg)projectfase wordt dit gedaan. We blijven dus wel in iedere fase de gezondheidseffecten checken. In de coating van windturbines kunnen stoffen zitten die schadelijk zijn voor het milieu als ze loslaten. Het RIVM heeft in 2023 een verkennend onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van chemische stoffen (waaronder microplastics). Naar schatting komen er per jaar per turbine tussen de 3,1 gram tot 14 kilogram microplastics vrij. Het hangt er onder andere van af of technieken worden gebruikt die slijtage kunnen beperken. Omdat niet bekend is welke turbines er komen weten we ook nog niet of deze technieken worden gebruikt op de bladen van de windturbines. (2) Bepaalde zaken in het PlanMER, waaronder ecologie, moeten dieper en breder onderzocht worden in het vervolgonderzoek. Als een locatie aangewezen wordt voor
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 23
Indiener uit ernstige zorg over de windturbines, vanwege: (1) Afbreuk aan pittoreske omgeving en lieflijk dorpje. (2) Windturbines zijn niet effectief genoeg: elke 20 jaar zijn er kosten/CO2 uitstoot van het maken, transporteren, bouwen, onderhouden, afbreken, afvoeren en verschepen van turbinebladen naar Nieuw-Zeeland. (3) Verzoekt te zoeken naar alternatieven zoals zonne-energie op strategisch minder opvallende locaties.
windturbines zal nader ecologisch onderzoek moeten plaatsvinden naar o.a. migratieroutes. Als inderdaad een migratieroute aanwezig is, zal hier bij de opstelling zodanig rekening mee moeten worden gehouden dat deze niet verandert, danwel dat er een (mitigerende) maatregel/ inrichting plaatsvindt waardoor migratie plaats kan blijven vinden. (3) Er is overleg en afstemming met de EBI, alsook met Defensie. De EBI geeft aan dat de komst van windturbines geen enkele invloed zal hebben op de EBI. De piloten die deze vluchten uitvoeren zijn zeer ervaren en hebben ervaring met het vliegen onder alle omstandigheden. (1) In hoeverre inpassing in het landschap wordt ervaren, kan per individu verschillen. Een gerenommeerd bureau op het gebied van inpassing in het landschap heeft o.a. hier onderzoek naar gedaan. (2) Windturbines zijn net als andere technieken een tijdelijke energieopwekker in de transtie naar steeds betere energiebronnen en draagt bij aan reductie van CO₂uitstoot. Hetzelfde kan gesteld worden voor olie en gas installaties,
Nee. Genoemde aspecten betreffen wenselijkheid.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 24
Indiener uit diepe bezorgdheid over het plaatsen van grote windturbines vanwege: (1) Negatieve impact op de natuur: trek/weidevogels en vleermuizen. Ondanks risico vermindering door technologieën blijft dit een zorg. De gemaakte opmerking dat de vogels er onderdoor zullen vliegen omdat ze zo hoog zijn lijkt me niet direct juist. (2) Gezondheidseffecten: er lopen nu meerdere wetenschappelijke onderzoeken naar effecten van geluid, trillingen en afstoot van plasticdeeltjes. (3) Beperkte levensduur en afvalbeheer: vooralsnog worden de bladen gedemonteerd en begraven. (4) Invloed op gemeenschapsleven: cruciaal dat er meer consultatie met lokale bewoners plaatsvindt om onze zorgen te horen en mee te wegen. Mocht het verhaal kloppen dat de windmolens uiteindelijk terecht komen
exploitatie en delving van aardmineralen. (3) Zonnevelden kunnen beter ingepast worden in het landschap dan windturbines en zijn daardoor veel minder zichtbaar. Dat wil niet zeggen dat ze nooit zichtbaar zijn, dat is afhankelijk van de plek, hoogte en waar een persoon zich bevindt. (1) Bepaalde zaken in het PlanMER, waaronder ecologie, moeten dieper en breder onderzocht worden in het vervolgonderzoek. De realisatie van windturbines kan leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen. In het kader van de PlanMER is een eerste analyse gemaakt aangaande de gevolgen van de plaatsing van windturbines en zonnepanelen binnen de gemeente Vught. Bij een concreet initiatief is nader ecologisch onderzoek naar de gevolgen van de beoogde ontwikkeling noodzakelijk. (2) De gemeente vindt gezondheidsaspecten belangrijk. Op dit moment wordt gebruik gemaakt van de normen die door het RIVM zijn opgesteld, waar het gaat om bijvoorbeeld geluid en slagschaduw. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van bestaande onderzoeken die
Ja. Geluid wordt in vervolgonderzoek diepgaander onderzocht.
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat geluid nader wordt onderzocht, dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
in een coöperatie van onder andere dorpsgenoten, dan zal ook dat een scheiding binnen de inwoners tot gevolg kunnen hebben. (5) Verzoekt te zoeken naar alternatieven zoals zonne-energie op strategisch minder opvallende locaties.
bewezen zijn, alsook arresten vanuit de rechtsgang die normbepalend zijn. Trillingen die door de windturbine in de bodem worden veroorzaakt zijn niet meetbaar op afstanden groter dan enkele meters van de windturbine. Effecten van (bodem)trillingen op honderden meters afstand zijn uitgesloten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat windturbinegeluid kan leiden tot hinder bij omwonenden. Deze hinder treedt over het algemeen op bij hogere geluidniveaus van de windturbines. Ook blijkt dat weerstand (emotionele spanning en angst voor overlast) tegen de ontwikkeling van turbines het gevoel van hinder door de windturbines kan vergroten. Er bestaat echter geen wetenschappelijk bewijs voor een directe relatie tussen het ervaren van hinder als gevolg van windturbines en de effecten op de gezondheid. Het is niet uitgesloten dat in de toekomst bij de projectfase uitgebreid onderzoek wordt gedaan naar geluidstrillingen. Desondanks blijft geluidservaring subjectief. De ene persoon heeft er veel last van, een ander helemaal niet. Ervaring
van geluid kan (in deze tijd) niet volledig objectief worden gemeten. In het PlanMER zijn de gezondheidseffecten meegenomen door de onderzoekers. Ook in de (vervolg)projectfase wordt dit gedaan. We blijven dus wel in iedere fase de gezondheidseffecten checken. De foerageerhoogte van genoemde dieren zijn onderzocht en standaard. Als de turbines een bepaalde minimale hoogte hebben (en onderzijde rotorbladen) zullen veel soorten niet in aanraking komen de turbine. We zijn het dus niet eens met uw stelling. In de coating van windturbines kunnen stoffen zitten die schadelijk zijn voor het milieu als ze loslaten. Het RIVM heeft in 2023 een verkennend onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van chemische stoffen (waaronder microplastics). Naar schatting komen er per jaar per turbine tussen de 3,1 gram tot 14 kilogram microplastics vrij. Het hangt er onder andere van af of technieken worden gebruikt die slijtage kunnen beperken. Omdat niet bekend is welke turbines er komen weten we ook nog niet of deze technieken gebruikt op de
bladen van windturbines. (3) In de tendervoorwaarden en omgevingsvergunning zullen eisen voor de sloop en afvoer van de windturbines worden opgenomen waaraan na beëindiging van de exploitatieperiode voldaan moet worden. De voorwaarden voor het demonteren en afvoeren van de turbineonderdelen zullen moeten voldoen aan de dan geldende regels. Deze kunnen dus strenger zijn dan de nu geldende regels. (4) In 2021 zijn er verschillende fysieke en digitale participatiemomenten geweest om de zoekgebieden door te nemen met inwoners en belanghebbenden. In de projectfase worden (vertegenwoordigers van) burgers betrokken om mee te denken en te helpen bij de uitvoering. Ook wordt gestreefd om inwoners samen met bedrijven en maatschappelijk middenveld eigenaar te maken in het kader van lokaal eigendom. We streven naar 100% lokaal eigendom. (5) Zonnevelden kunnen beter ingepast worden in het landschap dan windturbines en zijn dus veel minder zichtbaar. Dat wil niet zeggen dat ze nooit zichtbaar zijn, dat is
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 25
Indiener uit zeer grote bezorgdheid over het plaatsen van immens grote windmolens, vanwege: (1) Invloed op gemeenschapsleven: gemeente informeert bewoners onvoldoende. Cruciaal dat er opnieuw en meer consultatie moet plaatsvinden om stemmen en zorgen werkelijk mee te wegen. (2) Negatieve impact op natuur: Zoals trek/weide vogels, vleermuizen en zeldzame vogels. Teleurstelling over de kaalslag op de natuur en afbreuk aan wandelplezier en dat is juist de reden dat de indiener hier is komen wonen. (3) Gezondheid: er lopen diverse wetenschappelijke onderzoeken en verzoekt deze af te wachten alvorens een besluit te nemen. Zorgen over impact plasticdeeltjes op de biologische groentetuin en op de kinderen in het dorp. Gevalletje a la PFAS! (4) Economische schade: een koophuis is een pensioenpotje en zulke hoge molens hebben daar zeker invloed op. Verder is indiener bang dat er veel gemeenschapsgeld verloren gaat met uiteindelijk geen resultaat (N65) en er geen ruimte is op het stroomnet. (5) Veiligheidsrisico's: ongelukken
afhankelijk van de plek, hoogte en waar een persoon zich bevindt. (1) De gemeente heeft gaande het traject op verschillende kanalen, structureel gecommuniceerd. Bij het opstellen van de zoekgebieden in 2021, in regionaal verband, heeft burgerparticipatie plaatsgevonden. (2) De realisatie van windturbines kan leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen. In het kader van de PlanMER is een eerste analyse gemaakt aangaande de gevolgen van de plaatsing van windturbines en zonnepanelen binnen de gemeente Vught. Bij een concreet initiatief is nader ecologisch onderzoek naar de gevolgen van de beoogde ontwikkeling noodzakelijk. (3) Wij zien graag wetenschappelijke rapporten tegemoet die ook gepeerreviewd zijn. Tot die tijd houden wij aan wat er door de Rijksoverheid als norm wordt aangereikt. We zullen uw verzoek dan vooralsnog niet honoreren. (4) Bij een concreet project is planschade voor het mogelijke verlies aan woningwaarde een standaard onderdeel dat door de overheid wordt vastgelegd met een ontwikkelende partij (ook wanneer
Ja. Ecologie wordt bij vervolgstappen nader onderzocht.
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat ecologie nader wordt onderzocht, dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
gebeuren. Er is risico op ijsafzetting die kan afbreken of een helicopter ongeluk (Bommelerwaard in HS-mast). Verzoekt een zorgvuldige afweging te maken na voldoende met de Cromvoirtse gemeenschap te hebben gesproken.
deze lokaal is). Ten aanzien van de ruimte op het energienet kunnen we indiener gerust stellen: de gemiddelde looptijd van een windproject duurt 7 jaar. Tegen 2030 is er weer ruimte op het energienet als het al niet eerder op het eigen netvlak al wordt opgelost met slimme afstemming tussen vraag en aanbod. Dat zal lokaal worden georganiseerd binnen de brede Vughtse gemeenschap. (5) Windturbines worden uitgerust worden met ijsdetectie. Wanneer ijsafzetting plaatsvindt, stopt de windturbine en draait deze indien gewenst naar een vooraf ingestelde stand (bijv. parallel aan de weg zodat de afstand tot de weg zo groot mogelijk is). De windturbines worden vervolgens pas weer in bedrijf genomen wanneer visueel is vastgesteld dat er geen ijs meer op de bladen aanwezig is. Er is overleg en afstemming met de EBI, alsook met Defensie. De EBI geeft aan dat de komst van windturbines geen enkele invloed zal hebben op de EBI. De piloten die deze vluchten uitvoeren zijn zeer ervaren en hebben ervaring met het vliegen onder alle omstandigheden.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 26
Indiener brengt enkele bedenkingen en suggesties naar voren: (1) Gezondheidseffecten van windmolens: - Geluidsoverlast (slaapstoornissen, stress en vermoeidheid). - Slagschaduw (irritatie en in zeldzame gevallen epileptische aanvallen). - Visuele impact (psychologsiche stress en gevoel van leefkwaliteit aantasten). - Sociale stress (als gevolg van verandering in gemeenschapsdynamiek, zorgen over woningwaarden). Noodzaak voor onderzoek en monitoring van gezondheidseffecten. (2) Visuele impact en landschapsbehoud:
In 2021 zijn er verschillende fysieke en digitale participatiemomenten geweest om de zoekgebieden door te nemen met inwoners en belanghebbenden. In de projectfase worden (vertegenwoordigers van) burgers betrokken om mee te denken en te helpen bij de uitvoering. Ook wordt gestreefd om inwoners samen met bedrijven en maatschappelijk middenveld eigenaar te maken in het kader van lokaal eigendom. We streven naar 100% lokaal eigendom. (1) Ja - Er is onderzoek gedaan in het PlanMER naar het effect van geluid op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale normen voor geluid zijn er niet, althans niet in Vught. Geluidsoverlast is op hoofdlijnen onderzocht, maar tijdens de projectfase moet geluidsimpact op de omgeving nog beter en uitgebreid worden onderzocht. Bovenstaande heeft ook betrekking op de buurgemeenten. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat ecologie nader wordt onderzocht, alsook geluid. Dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
- Turbines kunnen het traditionele aangezicht veranderen. - Turbines kunnen het natuurlijke en culturele erfgoed van de omgeving overschaduwen. - Turbines inpassen met respect voor bestaande landschap. - Andere locaties onderzoeken waar de visuele impact minder ingrijpend is, zoals al geïndustrialiseerde plekken. - Voorstel kleinere minder opvallende opties overwegen die beter kunnen harmoniseren met de lokale omgeving. (3) Geluidsoverlast: Zorgen over constante geluidniveaus op dagelijks leven en welzijn omwonenden. Kunnen lijden tot slaapstoornissen en verhoogde stressniveaus. Er moet een grondige "geluidsimpactstudie" plaatsvinden die rekening houdt met variabele factoren zoals windrichting en snelheid. Het is cruciaal dat de bevindingen van een dergelijke studie openbaar en makkelijk toegankelijk zijn. (4) Effect op de biodiversiteit: - Plaatsen turbines kunnen potenteel schadelijk zijn voor de biodiversiteit, vooral in ecologisch gevoelige gebieden zoals de Gement. Is het habitat van verschillende beschermde soorten. Trekvogels, vleermuizen die op dezelfde hoogte vliegen als de turbinebladen van
dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. Het kan in dat geval ook zijn dat een ontwikkelgebied kleiner wordt, of geheel afvalt. - Zoals al aangegeven in het Programma en PlanMER kunnen windturbines teruggeschakeld worden naar 0 uur. Bij een blootstellingsduur van maximaal 20 minuten slagschaduw per jaar, is slagschaduw zodanig beperkt dat de kans op het ontstaan van hinder tot een minimum beperkt is. - Impact op het landschap is meegenomen in het PlanMER onderzoek en het is bekend in hoeverre zonneparken en/of windturbines impact hebben op het landschap. Dat is ook meegenomen in de afweging en het advies waar ontwikkeld kan worden voor de opgave tot 2030. In hoeverre horizonvervuiling wordt ervaren is een politieke aangelegenheid en verschilt per individu. Dat windturbines horizonvervuiling zijn, is een mening en politiek geladen. Windmolens met een tiphoogte van 255 meter, zullen op veel plekken zichtbaar zijn, maar niet in heel Vught. Dat is afhankelijk van de
de voorgestelde Haliade X-modellen. - Nu is de focus op weidevogels, verder onderzoek nodig voor alle relevante diergroepen in een MER onderzoek. (5) Invloed op de woningwaarde: - Turbines dichtbij woningen hebben een (bewezen) negatief effect op de woningwaarde in de nabijgelegen gebieden. - Hoe gaat de gemeente de economische nadelen voor huiseigenaren aanpakken? - Gemeente moet economische nadelen serieus nemen en de gevolgen van wonigwaardevermindering compenseren. (6) Haalbaarheid doelstelling opwek 2030 en 2050: - Door grote tubines te plaatsen lijkt de doelstelling van 2030 niet haalbaar door de beperkingen van Enexis. Enexis kan geen nieuwe grootschalige windprojecten aansluiten in de regio tot 2035. - Het is mogelijk dat de plannen voor 2030 en 2050 in die tijd verouderd en achterhaald zijn. Nu al investeren in windmolenprojecten is hierdoor mogelijk inefficient. Indiener pleit voor heroverweging huidige aanpak en verkennen van alternatieven. (7) Betrokkenheid en communicatie: - Essentieel dat betrokken
zichtlijnen op het punt waar iemand staat. - De relatie tussen hinder en gezondheidseffecten is nog niet duidelijk en daarom vinden de ministeries van EZK en I&W het noodzakelijk dat er meer onderzoek nodig is. Het RIVM heeft in 2022 de mogelijkheden verkend voor (vervolg)onderzoek naar gezondheidseffecten van windturbines in Nederland. Het RIVM heeft inmiddels aangekondigd dat ze onderzoek gaat doen naar de relatie tussen windturbinegeluid en hinder en slaapverstoring. Ook de beleving van bewoners en andere factoren zijn een onderdeel van dit project. De resultaten worden in 2026 verwacht. Zie: Onderzoek naar de blootstelling-responsrelatie windturbinegeluid en hinder en slaapverstoring | RIVM (2) Impact op het landschap is meegenomen in het PlanMER onderzoek en het is bekend in hoeverre zonneparken en/of windturbines impact hebben op het landschap. Dat is ook meegenomen in de afweging en het advies waar ontwikkeld kan worden voor de opgave tot 2030. In hoeverre horizonvervuiling wordt ervaren is
gemeenschappen actief worden betrokken. - Communicatie lijkt een monoloog waarin plannen al vastliggen, leidt tot gevoelens van veronachtzaming. - Zoeken naar minder invasieve oplossingen zoals zonne-energie, die op strategisch minder zichtbare locaties kunnen worden geplaatst en mogelijk minder weerstand oproepen.
een politieke aangelegenheid en verschilt per individu. Dat windturbines horizonvervuiling zijn, is een mening en politiek geladen. Windmolens met een tiphoogte van 255 meter, zullen op veel plekken zichtbaar zijn, maar niet in heel Vught. Dat is afhankelijk van de zichtlijnen op het punt waar iemand staat. In hoeverre inpassing in het landschap wordt ervaren, kan per individu verschillen. Een gerenommeerd bureau op het gebied van inpassing in het landschap heeft o.a. hier onderzoek naar gedaan. Zonnevelden kunnen beter ingepast worden in het landschap dan windturbines en zijn dus veel minder zichtbaar. Dat wil niet zeggen dat ze nooit zichtbaar zijn, dat is afhankelijk van de plek, hoogte en waar een persoon zich bevindt. (3) Zie antwoord bij punt (1). (4) Bepaalde zaken in het PlanMER, waaronder ecologie, moeten dieper en breder onderzocht worden in het vervolgonderzoek. De realisatie van windturbines kan leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels
en vleermuizen. In het kader van de PlanMER is een eerste analyse gemaakt aangaande de gevolgen van de plaatsing van windturbines en zonnepanelen binnen de gemeente Vught. Bij een concreet initiatief is nader ecologisch onderzoek naar de gevolgen van de beoogde ontwikkeling noodzakelijk. (5) Waardevermindering van woningen (nadeelcompensatie) maakt geen onderdeel uit van een PlanMER. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. In de Omgevingswet is hier een regeling voor opgenomen, de mogelijkheden hiervoor worden onderzocht en aan het gemeentelijk bestuur voorgelegd. (6) De gemeente is bekend met de beperkingen bij Enexis, in het Programma wordt hier rekening mee gehouden. In het Programma wordt niet gekeken naar 2050, alleen tot 2030. (7) In 2021 zijn er verschillende fysieke en digitale participatiemomenten geweest om de zoekgebieden door te nemen met
inwoners en belanghebbenden. In de projectfase worden (vertegenwoordigers van) burgers betrokken om mee te denken en te helpen bij de uitvoering. Ook wordt gestreefd om inwoners samen met bedrijven en maatschappelijk middenveld eigenaar te maken in het kader van lokaal eigendom. We streven naar 100% lokaal eigendom.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 27
Indiener heeft grote zorgen bij het realiseren van windtubines dichtbij Cromvoirt: (1) Visuele impact: windturbines zijn groot en domineren landschap, visueel onaantrekkelijk. Hecht waarde aan behoud uizicht. (2) Woningwaarde: zorg over de sterke vermindering van waarde onroerend goed dichtbij windturbines. (3) Slagschaduw: is hier bang voor en wordt als zeer hinderlijk ervaren i.v.m. frustraties, depressies en woongenot van de omgeving. (4) Geluid: laagfrequent geluid,
Zonnevelden kunnen beter ingepast worden in het landschap dan windturbines en zijn dus veel minder zichtbaar. Dat wil niet zeggen dat ze nooit zichtbaar zijn, dat is afhankelijk van de plek, hoogte en waar een persoon zich bevindt. (1) Impact op het landschap is meegenomen in het PlanMER onderzoek en het is bekend in hoeverre zonneparken en/of windturbines impact hebben op het landschap. Dat is ook meegenomen in de afweging en het advies waar ontwikkeld kan worden voor de opgave tot 2030. In hoeverre horizonvervuiling wordt ervaren is een politieke aangelegenheid en verschilt per individu. Dat windturbines horizonvervuiling zijn, is een mening en politiek geladen. Windmolens met een tiphoogte van
Ja.
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat geluid nader wordt onderzocht, dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
gezondheidseffecten niet te overzien door weinig kennis. Wel bekend dat windtubines effect hebben op hartvaatstelsel, stofwisseling en mentale gezondheid. Op lange termijn directe negatieve verbinding op gezondheid en verstoorde slaap. Gezondheid is het allerbelangrijkst en daarom geen windturbines aan de rand van Cromvoirt. (5) Natuur: negatieve impact op trek/weide vogels en vleermuizen.
255 meter, zullen op veel plekken zichtbaar zijn, maar niet in heel Vught. Dat is afhankelijk van de zichtlijnen op het punt waar iemand staat. In hoeverre inpassing in het landschap wordt ervaren, kan per individu verschillen. Een gerenommeerd bureau op het gebied van inpassing in het landschap heeft o.a. hier onderzoek naar gedaan. (2) Waardevermindering van woningen (nadeelcompensatie) maakt geen onderdeel uit van een PlanMER. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. In de Omgevingswet is hier een regeling voor opgenomen, de mogelijkheden hiervoor worden onderzocht en aan het gemeentelijk bestuur voorgelegd. (3) Er is onderzoek gedaan in het PlanMER naar het effect van slagschaduw op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale
normen voor slagschaduw zijn er niet, althans niet in Vught. Dit wordt verder onderzocht in vervolgonderzoeken bij ontwikkeling. Of er wel of geen hinder voor omwonenden is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. Het kan in het geval van ervaren hinder zijn dat een ontwikkelgebied kleiner wordt, of geheel afvalt. Slagschaduw mag niet meer bedragen dan 20 minuten per jaar. Daar wordt rekening mee gehouden. (4) De gemeente vindt gezondheidsaspecten belangrijk. Op dit moment wordt gebruik gemaakt van de normen die door het RIVM zijn opgesteld, waar het gaat om bijvoorbeeld geluid en slagschaduw. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van bestaande onderzoeken die bewezen zijn, alsook arresten vanuit de rechtsgang die normbepalend zijn. Trillingen die door de windturbine in de bodem worden veroorzaakt zijn niet meetbaar op afstanden groter dan enkele meters van de windturbine. Effecten van (bodem)trillingen op honderden meters afstand zijn uitgesloten. Uit
wetenschappelijk onderzoek blijkt dat windturbinegeluid kan leiden tot hinder bij omwonenden. Deze hinder treedt over het algemeen op bij hogere geluidniveaus van de windturbines. Ook blijkt dat weerstand (emotionele spanning en angst voor overlast) tegen de ontwikkeling van turbines het gevoel van hinder door de windturbines kan vergroten. Er bestaat echter geen wetenschappelijk bewijs voor een directe relatie tussen het ervaren van hinder als gevolg van windturbines en de effecten op de gezondheid. Het is niet uitgesloten dat in de toekomst bij de projectfase uitgebreid onderzoek wordt gedaan naar geluidstrillingen. Desondanks blijft geluidservaring subjectief. De ene persoon heeft er veel last van, een ander helemaal niet. Ervaring van geluid kan (in deze tijd) niet volledig objectief worden gemeten. In het PlanMER zijn de gezondheidseffecten meegenomen door de onderzoekers. Ook in de (vervolg)projectfase wordt dit gedaan. We blijven dus wel in iedere fase de gezondheidseffecten checken. (5) De realisatie van windturbines
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 28
Indiener vindt het realiseren van (grote) windtubines een zeer slecht idee in Vught, omdat: (1) Windluw gebied: Vught ligt in het meest wind-luwe gebied van Nederland, dus moeten de turbines nog hoger om rendement te behalen. (2) Stillegging turbines: als er klachten komen over geluid, trilling of andere overlast moeten de de turbines (tijdelijk) stilgezet worden. Waardoor rendement te laag is en alsnog alternatieven moeten komen. (3) Niet met de meute mee: de opgave zelf oplossen met eigen idee en niet snel oplossen met mega molens. (4) Zichtbaarheid turbines: grote turbines van maximaal 255 meter hoog kun je al zien vanaf Eindhoven, Utrecht of Nijmegen. Door de hoogte maar ook de lampjes. (5) Spijt turbines: als men spijt krijgt
kan leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen. In het kader van de PlanMER is een eerste analyse gemaakt aangaande de gevolgen van de plaatsing van windturbines en zonnepanelen binnen de gemeente Vught. Bij een concreet initiatief is nader ecologisch onderzoek naar de gevolgen van de beoogde ontwikkeling noodzakelijk. (1)https://www.rvo.nl/sites/default/f iles/2018/12/Windsnelheid%20per %20gemeente%20SDE%20decemb er%202018.pdf geeft aan dat dit gebied nog steeds een goede businesscase kan opleveren. (2) De stilstand is dermate laag (in relatie tot de gemiddelde draaiuren) dat de businesscase van een dergelijk windproject daar nauwelijks schade van ondervindt. Bovendien ligt het ook aan het rendement dat gewenst is door ontwikkelende partijen. Hiertoe is een project in lokale handen preferabel omdat hierover nog betere afspraken gemaakt kunnen worden. Dit hangt af van toekomstige partijen als er een concreet project komt. (3) In het PlanMER en het Programma is uitgegaan van
Nee. Het betreft hier bij sommige aspecten wenselijkheid. Andere genoemde aspecten zijn onderzocht, of worden nader onderzocht, zoals ecologie.
haal je ze niet zomaar weg als gemeente i.v.m. investeringen etc. Waarom niet wachten op technologische verbeteringen en nu al vooruitkijken naar 2050 doelstellingen. (6) Zon op dak: er wordt nog gerekend met oude waardes om rendement te berekenen voor zon op dak. (7) Warmte vraag: waarom de focus op elektrische vraag terwijl de warmtevraag uit 80% bestaat? (8) Zon op openbare plekken: is hier al over nagedacht om op andere daken zoals sportclubs, of op geluidswallen voor de trein etc.? (9) Kosten kabels energie infra: impact natuur en landschap en kosten voor kabels naar schakelstation. (10) Waarom niet lokaal: waarom wordt de energieopbrengst niet lokaal gebruikt maar op het landelijke net? Waarom niet lokaal opwekken en lokaal gebruiken door opslag? Ook geen netcongestie hierdoor. (11) Weide- en trekvogels: dat gaat niet goed samen met turbines, al helemaal niet met het onlangs ondertekende Weidevolgelsconvenant. (12) Gezondheid en anders gevolgen: door gezondheidsklachten (lichaamlijk en psychisch) kan de waarde van de onroerende zaken omlaag gaan. Of mensen vertrekken uit het dorp en
grootschalige opwek met windturbines en zonnevelden. Dat is in lijn met het Nationaal Programma Regionale Energie Strategie. (4) Dat windturbines horizonvervuiling zijn, is een mening en politiek geladen. Windmolens met een tiphoogte van 255 meter, zullen op veel plekken zichtbaar zijn, maar niet in heel Vught. Dat is afhankelijk van de zichtlijnen op het punt waar iemand staat. Het is zeer onwaarschijnlijk dat de turbines zichtbaar zijn vanuit deze genoemde plaatsen. (5) In het PlanMER en het Programma is uitgegaan van grootschalige opwek met windturbines en zonnevelden. Dat is in lijn met het Nationaal Programma Regionale Energie Strategie. In het Programma wordt niet gekeken naar 2050, alleen tot 2030. (6) Er wordt gerekend met beschikbaar dakoppervlak dat ook effectief ingezet kan worden waarbij energie op woonhuizen als compenstie voor de energievraag bij warmte wordt gezien. In de Regionale Energie Strategie geldt dat vanaf 15 KWp het vermogen voor grootschalig enigzins mee gaat tellen. Welk type paneel er gekozen
uiteindelijk de beschikbare voorzieningen nog verder achteruit gaan. Verzoek: heroverweging alternatieve duurzame energiebronnen.
wordt is vrij. Afhankelijk van het percentage initiatiefnemers dat zich daadwerklijk gaat aansluiten voor 2030 zal dit vermogen van de uiteindelijk opgave worden afgetrokken, niet andersom. Zon op dak is op dit moment niet voldoende om de opgave grootschalig op te vangen. (7) Terecht punt: De warmtevraag kan een gigantische extra hoeveelheid grootschalige energie met zich mee brengen. Dit is tot 2030 nog niet meegenomen. In de warmte transitie worden wijkplannen uitgwerkt die in beeld brengen wat de warmtevraag (en oplossing) per wijk gaat zijn. De nieuwe Wet collectieve warmte (2025) geeft hierin de kaders aan. (8) Over de alternatieve plekken die worden genoemd is nagedacht. Er is een onderzoek bezig met MKB Vught naar potentie van grote (bedrijfs)daken om daarmee zonneenergie op te wekken. (9) Voor de aanleg van een park is altijd een vergunning benodigd. Deze aspecten worden hierin meegenomen. (10) Het is de bedoeling om de energieopbrengst lokaal te gebruiken. Ook in combinatie met
opslag. Een aansluiting op het net is (vooralsnog) verplicht. Afhankelijk van de lokale behoefte en de opbrengst is rechtstreekse afname eventueel mogelijk. Bij grootschalige energieopwekking sluit de opgewekte hoeveelheid energie meestal niet aan bij de lokale vraag. Daarom is het efficiënter om bij grootschalige opwek aan het net te leveren. Per locatie kan onderzocht worden of een deel van de opwek lokaal aan het net wordt geleverd en afgenomen. (11) De realisatie van windturbines kan leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen. In het kader van de PlanMER is een eerste analyse gemaakt aangaande de gevolgen van de plaatsing van windturbines en zonnepanelen binnen de gemeente Vught. Bij een concreet initiatief is nader ecologisch onderzoek naar de gevolgen van de beoogde ontwikkeling noodzakelijk. Het kan zijn dat uit vervolgonderzoek blijkt dat turbines (deels) niet samengaan met het Weidevogelconvenant. In dat geval vervalt (deels) het betreffende zoekgebied.
(12) De gemeente vindt gezondheidsaspecten belangrijk. Op dit moment wordt gebruik gemaakt van de normen die door het RIVM zijn opgesteld, waar het gaat om bijvoorbeeld geluid en slagschaduw. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van bestaande onderzoeken die bewezen zijn, alsook arresten vanuit de rechtsgang die normbepalend zijn. In het PlanMER zijn de gezondheidseffecten meegenomen door de onderzoekers. Ook in de (vervolg)projectfase wordt dit gedaan. We blijven dus wel in iedere fase de gezondheidseffecten checken. Waardevermindering van woningen (nadeelcompensatie) maakt geen onderdeel uit van een PlanMER. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. In de Omgevingswet is hier een regeling voor opgenomen, de mogelijkheden hiervoor worden onderzocht en aan het gemeentelijk bestuur voorgelegd.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 29
Indieners hebben voornamelijk zorgen over effect van zoekgebied wind 1: (1) Doelredenering voor wind projecten op een niet geschikte locatie. Vraag aan de gemeenteraad om actief nieuwe initiatieven voor duurzame opwekking te laten onderzoeken. (2) Grootschalige energieopwekking is een industriele activiteit die niet past in voorgestelde zoekgebieden 1 en 2. (3) Momenteel ligt er een ontwerpbesluit windturbines ter behandeling op nationaal niveau. Dit besluit heeft een sterk effect op de geluid-, afstand- en slagschaduwnormen die in de MER worden getoetst. Verzoek is om een update van deze MER te laten uitvoeren op basis van deze criteria en deze niet pas te toetsen bij een concreet project van een commerciële partij. (4) Natuur: - Landgoed de Hooge Bank: ligt in zoekgebied 1. Stiltegebied, waardoor grote diversiteit aan fauna is ontstaan. - Het Drongelens Kanaal maakt deel uit van Natura 2000 gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek. Het kanaalgebied is aangewezen ter bescherming van de habitatrichtlijnsoorten Pimpernelblauwtje en Donker pimpernelblauwtje. Bouwen in of bij
1) In Regionaal Energiestrategie verband zijn de zoekgebieden opgesteld en daarna lokaal door de gemeenteraad vastgesteld. 2) Dit is een mening. 3) Het is waarschijnlijk dat er nieuwe (afstands)normen komen, alsook geluidsnormen. Op het moment dat die zijn vastgesteld en de projectfase loopt, zullen de geldende normen op dat moment meegenomen moeten worden. Daarnaast wordt nu gerekend met scenario's van de huidige en conceptnormen die in de toekomst waarschijnlijk worden vastgesteld. Vanwege de aannemelijkheid dat de nieuwe norm 550 meter wordt, wordt in het raadsadvies voor de keuze van vervolgonderzoek van locaties hier al rekening mee gehouden. De gemeenteraad heeft tijdens haar keuzes over zoekgebieden dus beschikking over het beeld van de zoekgebieden, met toekomstige normen. 4) De realisatie van windturbines kan leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen. In het kader van de PlanMER is een eerste analyse gemaakt aangaande de gevolgen van de plaatsing van windturbines
Ja. Ecologie wordt nader onderzocht bij vervolgstappen.
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat ecologie nader wordt onderzocht, alsook geluid. Dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
deze locatie vereist toetsing aan de regels van Hoofdstuk 2 van de Wet natuurbescherming en Hoofdstuk 3 van de Wnb, dat gaat over soortenbescherming. - Volgens de nationale windmolenrisicokaart van de Vogelbescherming voor vogels geeft het plangebied een ‘relatief hoog risico’ voor schade aan beschermde vogelpopulaties en kleurt het gebied rood voor broedvogels, wintervogels, ganzen en zwanen. - Voor beschermde zoogdieren moet o.m. een natuurtoets conform het vleermuisprotocol worden uitgevoerd. - Ter bescherming van vlinders, vogels en vleermuizen moeten windmolens hier voorzieningen krijgen waardoor ze stilstaan als er kans is op botsingen. Een veel mindere opbrengst moet dan voor lief worden genomen. - Tenslotte zal het stikstofeffect op dit Natura2000-gebied van met name de bouw van windmolens berekend moeten worden. Bij alle toetsen moet gekeken worden naar de cumulatieve effecten van andere plannen en projecten, zoals andere windmolens en woningen in de buurt, op Heusdens grondgebied. De PlanMER is slechts uitgevoerd op de gemeentegrens van Vught, terwijl de gevolgen hiervan
en zonnepanelen binnen de gemeente Vught. Bij een concreet initiatief is nader ecologisch onderzoek naar de gevolgen van de beoogde ontwikkeling noodzakelijk.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 30
gemeentegrens-overstijgend zijn. - De gronden langs het kanaal hebben de bestemming Bos en (deels) ecologische verbindingszone. Aanlegwerken zijn hier verboden. - Het agrarisch gebied in het noordelijk deel van ‘Wind 1’ heeft de bestemming Agrarisch met landschapswaarden/ cultuurhistorisch waardevol gebied. Hier is behoud, herstellen/of duurzame ontwikkeling van het open landschappelijke karakter, van ecologische en landschappelijke waarden en bescherming en instandhouding van het cultuurhistorisch waardevolle gebied verplicht.En is ook vastgelegd in het beeldkwaliteitsplan dat opgesteld is voor de ontwikkeling van Landgoed de Hooge Bank. Hoger dan 15m mag hier niet gebouwd worden. Indiener heeft ernstige bezorgdheid over realiseren van (immense) windtubines, hier enkele bezwaren en zorgen: (1) Invloed gezondheid: zorgen over locatie dichtbij Cromvoirt voor zichzelf en kinderen. Constant zoemen of zwiepen, vooral tijdens nachturen. Nieuwsberichten huisarten zieke mensen baart zorgen. Heeft de gemeente voldoende bewijs dat het geen overlast geeft en binnen de
(1) De gemeente vindt gezondheidsaspecten belangrijk. Op dit moment wordt gebruik gemaakt van de normen die door het RIVM zijn opgesteld, waar het gaat om bijvoorbeeld geluid en slagschaduw. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van bestaande onderzoeken die bewezen zijn, alsook arresten vanuit de rechtsgang die normbepalend zijn.
Ja, toevoeging dat grootschalig zon op dak van de opgave zon en/of wind op land wordt afgetrokken. Ook wordt vervolgonderzoek gedaan op geluid.
Bij ontwikkeling in een zoekgebied, wordt nader onderzoek gedaan met normen die op dat moment zijn vastgesteld en gelden. Het is waarschijnlijk dat de conceptnormen die er nu zijn, vanuit de Rijksoverheid, vanaf halverwege 2025 gaan gelden. Hiermee wordt al
acceptabele grenzen blijft? Inwoner haalt artikel RIVM aan over relatie tussen geluidsniveau van windturbine en hinder. (2) Invloed woningwaarde: Impact van plannen op waarde en verkoopbaarheid woning (TNO 8% waardeverlies straal van 1 kilometer tussen windturbine en woning). (3) Investeerders en grondeigenaren verdienen fors en inwoners niet: verwachten dat gemeente eerst opkomt voor inwoners en geen schade/hinder ondervinden zonder royale compensatie. (4) Haalbaarheid: - Hanteren van oude normen van afstand woning-turbine, met de nieuwe normen groot deel opties niet meer haalbaar. - Er zijn twee windturbines ingetekend bij de golfbaan. Net veel geinvesteerd en golf is een stiltesport. Ook geen overeenstemming met golfbaan. - Als daar geen turbines komen is er veel versnippering, het clusteren van turbines is gewenst i.v.m. o.a. kosten delen infra. (5) Impact op eco-toerisme: de golfbaan staat ook bekend om zijn mooi landschap en ligt dichtbij Natura2000 gebieden. Mooie plek voor toerisme. Windturbines hebben een negatieve
Trillingen die door de windturbine in de bodem worden veroorzaakt zijn niet meetbaar op afstanden groter dan enkele meters van de windturbine. Effecten van (bodem)trillingen op honderden meters afstand zijn uitgesloten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat windturbinegeluid kan leiden tot hinder bij omwonenden. Deze hinder treedt over het algemeen op bij hogere geluidniveaus van de windturbines. Ook blijkt dat weerstand (emotionele spanning en angst voor overlast) tegen de ontwikkeling van turbines het gevoel van hinder door de windturbines kan vergroten. Er bestaat echter geen wetenschappelijk bewijs voor een directe relatie tussen het ervaren van hinder als gevolg van windturbines en de effecten op de gezondheid. Het is niet uitgesloten dat in de toekomst bij de projectfase uitgebreid onderzoek wordt gedaan naar geluidstrillingen. Desondanks blijft geluidservaring subjectief. De ene persoon heeft er veel last van, een ander helemaal niet. Ervaring van geluid kan (in deze tijd) niet volledig objectief worden gemeten. In het PlanMER zijn de
rekening gehouden. Ze zijn in het PlanMER verwerkt en het Programma is erop aangepast waar dit van toepassing is. In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat geluid nader wordt onderzocht, dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma. In paragraaf 1.1 van het Programma wordt benoemd dat wordt ingezet op grootschalig zon op dak.
invloed op toerisme. (6) Tekort aan woningen: er zijn ruimtelijke beperking en belemmeringen die gepaard gaan met turbines en de ontwikkeling van nieuwe woningen (in een markt waar woningen nodig zijn). (7) Wijze van communicatie: geen rechtstreekse communicatie met inwoners waar de turbines dichtbij de woning staan ingetekend. Ook is er geen eenduidige informatie over de hoeveelheid turbines en locaties, dit verandert iedere keer. Ook weinig tijd tussen inloopbijeenkomst en deadline zienswijze. Inwoners willen meer betrokken en geïnformeerd worden. Belangen inwoners op de eerste plek, opbrengsten terug laten vloeien naar inwoners en inwoners die overlast ervaren compenseren. (8) Op zoek naar minder invasieve alternatieven zoals zon op dak.
gezondheidseffecten meegenomen door de onderzoekers. Ook in de (vervolg)projectfase wordt dit gedaan. We blijven dus wel in iedere fase de gezondheidseffecten checken. (2) Waardevermindering van woningen (nadeelcompensatie) maakt geen onderdeel uit van een PlanMER. Op dit moment heeft de gemeente geen bewijs dat er geen overlast gaat zijn bij nabijgelegen woningen. Of dat wel of niet zo is, moet blijken uit vervolgstudies waarin met modellen en studies wordt gewerkt. In de Omgevingswet is hier een regeling voor opgenomen, de mogelijkheden hiervoor worden onderzocht en aan het gemeentelijk bestuur voorgelegd. (3) Als er windturbines worden gebouwd, worden omwonenden financieel gecompenseerd. Dat zal wel binnen bepaalde kaders zijn, o.a. afstand tot de windturbine. Overigens is het de bedoeling in het kader van lokaal eigendom dat de gehele gemeenschap profiteert van de winst van een zonne- of windpark. (4) - Het is waarschijnlijk dat er nieuwe (afstands)normen komen, alsook
geluidsnormen. Op het moment dat die zijn vastgesteld en de projectfase loopt, zullen de geldende normen op dat moment meegenomen moeten worden. Daarnaast wordt nu gerekend met scenario's van de huidige en conceptnormen die in de toekomst waarschijnlijk worden vastgesteld. Vanwege de aannemelijkheid dat de nieuwe norm 550 meter wordt, wordt in het raadsadvies voor de keuze van vervolgonderzoek van locaties hier al rekening mee gehouden. De gemeenteraad heeft tijdens haar keuzes over zoekgebieden dus beschikking over het beeld van de zoekgebieden, met toekomstige normen. - In de zoekgebieden die zijn gemarkeerd wordt gekeken naar de techische mogelijkheden. Dit zegt nog niks over de uiteindelijke locatie waar een eventueel project wordt gerealiseerd. Uw opmerking gaat hierbij niet op. Initiatieven worden vanuit de lokale gemeenschap breed (lokaalbedrijfsleven, inwoners energie-cooperaties en de overheid) verwacht. - De wens vanuit de provincie is om geen solitaire windturbines te realiseren en dus de turbines te
clusteren. Samenwerking met buurtgemeenten is gewenst om een cluster te creëren dichtbij de gemeentegrens. Er zijn nog geen concrete initiatieven hiertoe. Bij de keuze voor dit zoekgebeid zal dit wel voor de hand liggen in goed overleg met de buurgemeente. (5) De recreatie in Vught richt zich nu vooral op dagjesmensen voor wellness, de IJzeren Man en de golfbaan. De effecten van de komst van windturbines zullen op deze activiteiten beperkt van invloed zijn. Als er een concreet plan komt zal dit volgens het Programma onderdeel moeten zijn van het totaalpakket van de ontwikkeling (immers nemen we naast energie ook recreatie, transitie landbouw en natuur mee). (6) De komst van deze energieopwekkers is afgestemd met de groeigebieden voor woningbouw voor Vught de komende jaren (beleidsmatig). Uw zienswijze heeft daarom geen betrekking op voorliggende Programma. (7) De zoekgebieden en locaties die zijn aangegeven op de visualisaties, zijn enkel technische mogelijkheden voor turbines en zonnevelden. Pas in de projectfase worden de directe omwonenden geïnformeerd en
betrokken. In de projectfase worden (vertegenwoordigers van) burgers betrokken om mee te denken en te helpen bij de uitvoering. Ook wordt gestreefd om inwoners samen met bedrijven en maatschappelijk middenveld eigenaar te maken in het kader van lokaal eigendom. We streven naar 100% lokaal eigendom. Tijdens het PlanMER onderzoek en het opstellen van het Programma is er geen onderscheid gemaakt en ook geen aandacht besteed aan financiële compensatie van omwonenden. Bij vervolgstappen kan hier rekening mee worden gehouden en eventueel onderscheid in worden gemaakt. Als er windturbines worden gebouwd, worden omwonenden financieel gecompenseerd. Dat zal wel binnen bepaalde kaders zijn, o.a. de afstand tot de windturbine. Overigens is het de bedoeling in het kader van lokaal eigendom dat de gehele gemeenschap profiteert van de winst van een zonne- of windpark. (8) We zetten in op zon op dak, wat er op dak kan worden opgewekt wordt afgehaald van de opgave zon of wind op land.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 31
Indiener heeft voornamelijke zorgen over: (1) Te makkelijk voorbij gegaan aan belang golfbaan (voornamelijk belang gemeente hosten grote internationale golf evenementen). (2) Geluidsverstoring op de stille baan. (3) Horizonvervuiling (zowel wind als zonnevelden) - oneveredige schade aan het unieke karakter van de golfbaan. Het verzoek: is derhalve om aan de hand van deze zienswijze het concept aan te passen, zodanig dat tegemoet gekomen wordt aan de wensen van cliënte door een eventueel zoekgebied voor wind en zon op grote afstand van golfbaan Bernardus te projecteren. De uitkomst dient te zijn dat golfbaan Bernardus op generlei wijze de negatieve gevolgen ervaart van de plaatsing van een winturbine en/of zonneveld.
(1) In hoeverre inpassing in het landschap wordt ervaren, kan per individu verschillen. Een gerenommeerd bureau op het gebied van inpassing in het landschap heeft o.a. hier onderzoek naar gedaan. (2) Er is onderzoek gedaan in het PlanMER naar het effect van geluid op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale normen voor geluid zijn er niet, althans niet in Vught. Geluidsoverlast is op hoofdlijnen onderzocht, maar tijdens de projectfase moet geluidsimpact op de omgeving nog beter en uitgebreid worden onderzocht. (3) Impact op het landschap is meegenomen in het PlanMER onderzoek en het is bekend in hoeverre zonneparken en/of windturbines impact hebben op het landschap. Dat is ook meegenomen in de afweging en het advies waar ontwikkeld kan worden voor de opgave tot 2030. In hoeverre horizonvervuiling wordt ervaren is een politieke aangelegenheid en verschilt per individu.
Ja
In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat ecologie nader wordt onderzocht, alsook geluid. Dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma.
Algemeen, over onderwerpen geen specifiek onderdeel betreffend
ZW PGOV 32
Indiener heeft zorgen en bezwaren: (1) Windturbines zijn snelle oplossingen, zon op dak in combinatie met waterstof en kernenergie zijn de oplossing voor NL. (2) Er wordt geen rekening gehouden met de nieuwe afstandsnormen (350 meter - minstens 510 meter). (3) In het algemeen houden de voorliggende varianten van ongekende schaal turbines onvoldoende rekening met de belangen van omwonende. (4) Blootstelling geluid en slagschaduw kunnen leiden tot ernstige slaapstoornissen, stress, hoofdpijn en hart- en vaatziekten. (5) De normen voor geluid zijn niet voldoende. Het gaat vooral om laag frequent geluid en infra geluid. (6) Dichtbij weidevogelgebied en Natura2000 is zeer ongewenst.
(1) In het PlanMER en het Programma is uitgegaan van grootschalige opwek met windturbines en zonnevelden. Dat is in lijn met het Nationaal Programma Regionale Energie Strategie. (2) Het is waarschijnlijk dat er nieuwe (afstands)normen komen, alsook geluidsnormen. Op het moment dat die zijn vastgesteld en de projectfase loopt, zullen deze normen meegenomen moeten worden. Daarnaast wordt nu gerekend met scenario's van de huidige en conceptnormen die in de toekomst waarschijnlijk worden vastgesteld. Vanwege de aannemelijkheid dat de nieuwe norm 550 meter wordt, wordt hier in het raadsadvies voor de keuze voor vervolgonderzoek van locaties al rekening mee gehouden. De gemeenteraad heeft tijdens haar keuzes over zoekgebieden dus beschikking over het beeld van de zoekgebieden, met toekomstige normen. (3) In 2021 zijn er verschillende fysieke en digitale participatiemomenten geweest om de zoekgebieden door te nemen met inwoners en belanghebbenden. In de projectfase worden
Ja, toevoeging dat grootschalig zon op dak van de opgave zon en/of wind op land wordt afgetrokken. Ook wordt vervolgonderzoek gedaan op geluid.
Bij ontwikkeling in een zoekgebied, wordt nader onderzoek gedaan met normen die op dat moment zijn vastgesteld en gelden. Het is waarschijnlijk dat de conceptnormen die er nu zijn, vanuit de Rijksoverheid, vanaf halverwege 2025 gaan gelden. Hiermee wordt al rekening gehouden. Ze zijn in het PlanMER verwerkt en het Programma is erop aangepast waar dit van toepassing is. In paragraaf 1.1 van het Programma wordt in de laatste alinea benoemd dat geluid en ecologie nader worden onderzocht, dit is ook benoemd in het raadsvoorstel over het Programma. In paragraaf 1.1 van het Programma wordt benoemd dat wordt ingezet op grootschalig zon op dak.
(vertegenwoordigers van) burgers betrokken om mee te denken en te helpen bij de uitvoering. Ook wordt gestreefd om inwoners samen met bedrijven en maatschappelijk middenveld eigenaar te maken in het kader van lokaal eigendom. We streven naar 100% lokaal eigendom. (4) Trillingen die door de windturbine in de bodem worden veroorzaakt zijn niet meetbaar op afstanden groter dan enkele meters van de windturbine. Effecten van (bodem)trillingen op honderden meters afstand zijn uitgesloten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat windturbinegeluid kan leiden tot hinder bij omwonenden. Deze hinder treedt over het algemeen op bij hogere geluidniveaus van de windturbines. Ook blijkt dat weerstand (emotionele spanning en angst voor overlast) tegen de ontwikkeling van turbines het gevoel van hinder door de windturbines kan vergroten. Er bestaat echter geen wetenschappelijk bewijs voor een directe relatie tussen het ervaren van hinder als gevolg van windturbines en de effecten op de gezondheid. Het is niet uitgesloten dat in de toekomst bij de projectfase uitgebreid onderzoek wordt gedaan
naar geluidstrillingen. Desondanks blijft geluidservaring subjectief. De ene persoon heeft er veel last van, een ander helemaal niet. Ervaring van geluid kan (in deze tijd) niet volledig objectief worden gemeten. In het PlanMER zijn de gezondheidseffecten meegenomen door de onderzoekers. Ook in de (vervolg)projectfase wordt dit gedaan. We blijven dus wel in iedere fase de gezondheidseffecten checken. Zoals al aangegeven in het Programma en PlanMER kunnen windturbines teruggeschakeld worden naar 0 uur. Bij een blootstellingsduur van maximaal 20 minuten slagschaduw per jaar, is slagschaduw zodanig beperkt dat de kans op het ontstaan van hinder tot een minimum beperkt is. (5) Er is onderzoek gedaan in het PlanMER naar het effect van geluid op de omgeving, op basis van op dit moment geldende wet- en regelgeving, normen en andere formele richtlijnen. Lokale normen voor geluid zijn er niet, althans niet in Vught. Geluidsoverlast is op hoofdlijnen onderzocht, maar tijdens de projectfase moet