Bijlage - Toelichting De Wieken
Tekst van het document
3.4.8
Paraplubestemmingsplan Archeologie Op 19 mei 2022 heeft de gemeenteraad van Vught het beleidskader archeologie 2022 vastgesteld. Het beleidskader omvat archeologische verwachtings- en beleidskaarten en per verwachtingswaarde normen wanneer archeologisch onderzoek wordt vereist bij een bepaalde mate van bodemverstoring. Dit beleid geldt voor de gehele gemeente. Het nieuwe archeologiebeleid is vastgelegd in het bestemmingsplan 'Paraplubestemmingsplan Archeologie", vastgesteld op 6 april 2023. De toelichting op de archeologische verwachtings- en beleidskaarten, inclusief de kaarten zelf, vormt de basis voor het parapluplan. In het parapluplan worden de archeologische waarden voorzien van
blad 32 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
een dubbelbestemming. De dubbelbestemming geldt boven de (enkel)bestemming van de gronden. Dit parapluplan heeft alleen betrekking op de bescherming van archeologische waarden. Toetsing Op onderstaande afbeelding is een uitsnede van de verbeelding van het paraplubestemmingsplan Archeologie weergegeven. Het grootste deel van het plangebied is bestemd als 'Waarde - Archeologie 5'. Moleneindstraat 1, Moleneindstraat 3 en de sporthal hebben geen archeologische waarden.
Figuur 3.4: Paraplubestemmingsplan Archeologie De voor ‘Waarde-archeologie 5’ aangewezen gronden zijn bestemd voor instandhouding en bescherming van de op of in de grond aanwezige of te verwachte archeologische waarden. Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het oprichten van één bouwwerk of meerdere bouwwerken van tezamen groter dan 250 m² en met een bodemverstoring dieper dan 0,3 m onder maaiveld dient de aanvrager een rapport te overleggen waarin de blad 33 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
archeologische waarde van de gronden in voldoende mate is vastgesteld. In paragraaf 4.1 wordt ingegaan op het aspect archeologie. Hieruit blijkt dat geadviseerd wordt om het plangebied vrij te geven. Het aspect archeologie is geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling De Wieken. Conclusie De ontwikkeling is in lijn met het paraplubestemmingsplan Archeologie.
3.4.9
Economisch en recreatief beleid 2023-2032 De sector toerisme en recreatie is één van de kansrijke economische sectoren waar Vught op inzet. Vught is aantrekkelijk voor inwoners en bezoekers vanuit de regio, maar ook steeds meer voor toeristen. De ligging dicht bij ’s-Hertogenbosch en aan de Loonse en Drunense Duinen maakt dat de gemeente Vught ook voor een steeds bredere doelgroep aantrekkelijk is. Vught is een gemeente met veel natuur, erfgoed en cultuurhistorie. De recreatieve sector biedt dan ook veel kansen voor nieuw ondernemerschap en werkgelegenheid. Bovendien worden door het versterken van deze sector meer bezoekers aangetrokken die bijdragen aan de naamsbekendheid, het voorzieningenniveau en het vestigingsklimaat van Vught. Het economisch en recreatief beleid geeft aan welke ambitie de gemeente heeft en hoe hier uitvoering aan wordt gegeven. Er zijn keuzes gemaakt, keuzes die de economische ontwikkeling moeten stimuleren en er voor moeten zorgen dat de economie robuust is en bestand is tegen pieken en dalen die zich ook in de toekomst voor zullen blijven doen. Het beleidsstuk start met een korte schets van feiten, cijfers en relevante ontwikkelingen die effect hebben op de Vughtse economie. De gemeente heeft vijf thema's geformuleerd waarvoor zij actiepunten benoemd hebben die een basis-, een maatwerk of een extra niveau kennen.
De vijf thema's zijn 'dienstverlening', 'recreatie', 'winkelgebieden', 'bedrijventerreinen' en 'buitengebied'. Deze thema's worden achtereenvolgend genoemd en bestaan uit een beschrijving van de huidige situatie en uitdagingen die verwacht worden. Ten slotte zijn de acties uit dit beleidsstuk bijeen gebracht. Toetsing Het plangebied ligt op loopafstand van een winkelgebied met een lokaal verzorgingsgebied. Een doelstelling voor winkelgebieden is dat deze goed bereikbaar moeten blijven. Eén van de aantrekkingskrachten van de winkelgebieden in onze gemeente is dat er overal gratis geparkeerd kan worden. Ook de bereikbaarheid per fiets en toegankelijkheid voor voetgangers zijn belangrijk om te bewaken. Met deze ontwikkeling wordt het plangebied verkeersveilig ingericht. De Moleneindstraat en het Moleneindplein worden ingericht voor éénrichtingsverkeer. In de Lidwinastraat zijn parkeerplaatsen haaks op de rijbaan ontworpen om drukte en onoverzichtelijke situaties op de rijbaan te voorkomen. Op deze manier blijft het winkelgebied makkelijk toegankelijk en bereikbaar. Voor het plangebied zijn verder geen ambities of doelstellingen geformuleerd. Conclusie De ontwikkeling is in lijn met het Economisch en recreatief beleid 2023-2032.
blad 34 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
3.4.10
Nota Energie en Klimaat Vught 2022-2030 Naast de internationale en nationale afspraken rondom energie en klimaat, zijn er ook lokaal in Vught afspraken gemaakt. In het coalitieakkoord is opgenomen dat de gemeente een planmatige aanpak opstelt waarin concrete doelen, fasering, prioriteiten en middelentoewijzing zijn opgenomen. Dat komt samen in de ‘Nota Energie en Klimaat Vught 2022-2030’. Hiermee wordt de komende jaren integraal aan de beleidsdoelen voor 2030 en 2050 binnen het beleid voor energie en klimaat gewerkt. Daarom heeft de gemeente Vught het voornemen om met elkaar verweven thema’s rondom energie en klimaat onder één integrale nota onder te brengen voor acht jaar, tot het jaar 2030. Hierbij wordt ook een doorkijk naar 2050 gemaakt, zodat er planmatig op de lange termijn gestuurd kan worden. De nota is ervoor bedoeld om bestaand (en komend) beleid samen te voegen en daaruit integrale, logische afwegingen te maken over wat daadwerkelijk nodig is voor elk thema en de prioritering en volgordelijkheid aan te geven. Wat gedaan moet worden, wordt elk jaar opgenomen in uitvoeringsplannen van de nota. Niet alles kan tegelijkertijd vanwege tijd, budget en capaciteit. Toetsing Bij de ontwikkeling wordt rekening gehouden met biodiversiteit, klimaatadaptatie, waterbeheer en groen. Het openbaar groen in het plangebied wordt ingericht met ruimte voor waterberging.
De bestaande waardevolle kastanjebomen blijven behouden. Het plangebied heeft daarmee een groene uitstraling. De woningen en zorgwoningen worden gasloos opgeleverd. Conclusie De ontwikkeling is in lijn met de Nota Energie en Klimaat Vught 2022-2030.
3.4.11 Programma Water en Riolering 2022-2026 en Waterafvoerverordening Vught 2022 Een goede waterhuishouding is erg belangrijk. Zeker nu droogte en wateroverlast steeds vaker voorkomen, moeten waterbeheer en riolering in de gemeente goed op orde zijn. De gemeentelijke watertaken zijn vastgelegd in het 'Programma Water en Riolering 2022-2026' (PWR). De praktische regels zijn vertaald in de 'Waterafvoerverordening Vught 2022'. Met het plan en de verordening wordt ingespeeld op trends en ontwikkelingen in water en riolering. Daarnaast is de rolverdeling vastgelegd tussen de overheid en bewoners/ondernemers op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Het Programma Water en Riolering 2022-2026 beschrijft uitdagingen, wat op korte en lange termijn wordt gerealiseerd, wat gedaan wordt en hoe dit zo duurzaam mogelijk gefinancierd wordt vanuit de rioolheffing. Om een stap te zetten in de komende planperiode met betrekking tot de realisatie van bovenstaande visie zijn drie speerpunten geformuleerd: 1. Werken aan een robuust en klimaatbestendig systeem. 2. Continueren integraal werken. 3. Samenwerken met inwoners en ondernemers. De regels voor het afvoeren van afval-, hemel- en grondwater zijn opgenomen in de waterafvoerverordening.
De Waterafvoerverordening is aanvullend op de voorschriften over de riolering en de aansluiting van bouwwerken op de openbare riolering in het Bouwbesluit 2012. Met deze verordening wordt het gemeentelijk beleid uit het gemeentelijk rioleringsplan verankerd.
blad 35 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Toetsing Het bergen van water binnen ontwikkelingen is beleid vanuit de gemeente. Per vierkante meter bebouwd oppervlak moet 60 mm berging voorzien worden, bij voorkeur in de openbare ruimte. Een groen dak is vrijgesteld van deze waterafvoerverordening. Voor de openbare parkeerplaatsen wordt gedacht aan infiltratiekratten. Afkoppelen van hemelwater in wadi-achtige structuren. In paragraaf 4.8 wordt ingegaan op het aspect water. Bovendien bestaat de bodem uit zand, waarin water makkelijk kan infiltreren. Het aspect water vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig bestemmingsplan. Conclusie De ontwikkeling is in lijn met het Programma Water en Riolering 2022-2026 en de Waterafvoerverordening Vught 2022. Bij de Omgevingsvergunning moet worden aangetoond hoe aan de bergingseis van 60 mm wordt voldaan.
3.4.12
Conclusie gemeentelijk beleid Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de doelstellingen van het gemeentelijk beleid.
blad 36 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Hoofdstuk 4
Omgevingsaspecten
4.1
Archeologie en cultuurhistorie
4.1.1
Archeologie Algemeen Het is verplicht om met nieuwe bestemmingsplannen rekening te houden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Regelgeving Sinds 1 juli 2016 is de Erfgoedwet in werking getreden. De gemeente heeft een belangrijke rol voor het beschermen van archeologisch erfgoed en archeologie moet verplicht bij het ruimtelijk besluitvormingsproces worden betrokken. De Erfgoedwet werkt dan ook door in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Op 19 mei 2022 heeft de gemeenteraad het beleidskader Archeologie Vught vastgesteld. Het beleidskader wordt gevormd door diverse archeologische beleidsdocumenten waaronder de archeologische beleidskaart Vught. Het paraplubestemmingsplan Archeologie, vastgesteld op 6 april 2023, is op basis van dit beleidskader opgesteld. Toetsing Het grootste deel van het plangebied is bestemd als 'Waarde - Archeologie 5'. Er dient daarom archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden. In 2018 is een bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 2. Hieronder worden de resultaten kort samengevat. Doel van het bureauonderzoek was een antwoord te vinden op de vraag wat de gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied is.
Het inventariserend veldonderzoek (IVO-overig, verkennende fase) heeft tot doel de in het bureauonderzoek opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting aan te vullen en te toetsen door middel van boringen. Gespecificeerde archeologische verwachting bureauonderzoek De kans op het voorkomen van de resten is vanwege de voor landbouwers gemiddeld geschikte ligging op een dekzandvlakte middelhoog voor resten vanaf het Neolithicum. Omdat van archeologische resten uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum uitsluitend vuurwerkstrooiingen en gebruiksvoorwerpen worden verwacht in de nabijheid van beekdalen en het plangebied op grote afstand van een beekdal ligt is de verwachting dat deze in het plangebied aanwezig zijn laag. Resultaten inventariserend veldonderzoek Uit het booronderzoek blijkt dat het plangebied tot grote diepte (70-180 cm –mv) is verstoord. Opvallend is dat bij de boringen 1 en 4 nog een gedeeltelijk intact podzolprofiel is aangetroffen op respectievelijk 110 en 160 cm –mv, terwijl bij boring 8 vanaf 70 cm –mv intacte dekzandafzettingen zonder podzolprofiel zijn aangetroffen. Mogelijk vallen de boringen 1 en 4 samen met de bodem van een voormalige depressie waar nog een deels intact podzolprofiel bewaard is gebleven. De naar verwachting natte omstandigheden ter
blad 37 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
plaatse van een depressie maakt dit echter uit archeologisch oogpunt minder interessante locaties. Op basis van het ontbreken van een eerddek en de waargenomen bodemverstoringen en de aanwezigheid van bebouwing op een deel van de nieuwbouwlocatie, kan worden geconcludeerd dat archeologische waarden niet meer in situ worden verwacht. De gespecificeerde archeologische verwachting, zoals die is weergegeven tijdens het bureauonderzoek, is door het booronderzoek bijgesteld naar laag voor alle perioden. Advies Op grond van de resultaten van het bureau- en veldonderzoek wordt geadviseerd om het plangebied vrij te geven. Er is geprobeerd een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethode. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Mochten tijdens de geplande werkzaamheden toch archeologische waarden worden aangetroffen, geldt er conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet een meldingsplicht geldt bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed), de gemeente Vught of de provincie Noord-Brabant. Conclusie Archeologie is geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling De Wieken. Op basis van het uitgebrachte advies van het archeologisch bureau zijn er geen archeologische dubbelbestemmingen binnen het plangebied opgenomen.
4.1.2
Cultuurhistorie Algemeen Sinds 1 januari 2012 dient ieder bestemmingsplan een analyse van cultuurhistorische waarden te bevatten. Door de wijziging van het Bro moeten cultuurhistorische waarden voortaan in het proces van ruimtelijke ordening worden meegenomen. In de toelichting van het bestemmingsplan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden rekening is gehouden. De opsteller en vaststeller van het bestemmingsplan is daarmee dus verplicht de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie mee te nemen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. Bestemmingsplannen in de provincie Noord-Brabant dienen in het kader van de bescherming van waardevolle cultuurhistorische elementen te worden getoetst aan de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW). Op deze kaart staan de bepalende cultuurhistorische elementen.
blad 38 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Figuur 4.1: Uitsnede cultuurhistorische waardenkaart provincie Noord-Brabant Toetsing Cultuurhistorie in het plangebied De Wieken is een inbreidingslocatie van oorspronkelijk drie schoolgebouwen, een sporthal, een voormalig kloostergebouw en twee particuliere percelen. Dit bestemmingsplan betreft het gebied van de twee particuliere percelen, de voormalige Willibrordusschool, de sporthal en een gedeelte van de voormalige Lidwinaschool (de speelplaats) staan. Historie Willibrordusschool en Lidwinaschool In 2020 is een cultuurhistorische verkenning uitgevoerd voor de Willibrordusschool en de Lidwinaschool. Deze verkenning is als Bijlage 3 bijgevoegd. In deze verkenning is de geschiedenis van het plangebied uitgebreid beschreven. Hieronder volgt een korte samenvatting. De Willibrordusschool is oorspronkelijk ontworpen als een 5-klassige jongensschool die in esthetisch opzicht gelijk was aan de meisjesschool en het klooster. De inzegening van de jongensschool was op 12 december 1939. De broeders van O.L. Vrouw van Lourdes gaven hier les. In de jaren '50 werd de Willibrordusschool twee keer uitgebreid. In 1953-1954 kreeg de vleugel aan het Moleneindplein een verdieping met drie lokalen en werd de zolder van de vleugel aan de Willibrordusstraat ingericht als handenarbeidlokaal.
In 1957-1958 werd de vleugel aan de Willibrordusstraat verlengd en voorzien van een nieuwe hoofdentree (de oorspronkelijke hoofdentree aan het Moleneindplein werd gewijzigd). Bovendien werd de vleugel aan het Moleneindplein verlengd met een portiek annex toiletgroep, met daaraan gekoppeld een overdekte doorgang met langgerekte fietsenstalling. Sindsdien is de speelplaats aan drie zijden omsloten. Daarna is er alleen op kleine schaal inpandig verbouwd. De trap in de gang van de vleugel aan het Moleneindplein dateert uit 1973. In 1983 heeft de Technische Dienst van de gemeente Vught enkele dubbele deuren en diverse binnenwanden aangebracht in de vleugel aan de Willibrordusstraat. Sinds de ingebruikname van de nieuwe fusieschool ‘De Avonturier’ in 2018 is de voormalige jongensschool in gebruik als tijdelijke woon- en werkruimte bij leegstandbeheerder Interveste. blad 39 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
De Lidwinaschool is oorspronkelijk ontworpen als een 4-klassige meisjesschool die in esthetisch opzicht gelijk was aan de jongensschool en het klooster. De inzegening van de meisjesschool was op 6 november 1939. De zuster Franciscanessen van Oudenbosch gaven hier les. Zij betrokken een klooster dat voor eigen rekening werd gebouwd op een beschikbaar gesteld perceel naast de meisjesschool. In de jaren '50 werd de Lidwinaschool één keer uitgebreid en één keer verbouwd. In 1951-1952 werd aan de achterzijde een vleugel met drie lokalen toegevoegd. Bovendien kwam daar de nieuwe hoofdentree met hal en trap naar boven waar de zolder werd ingericht als naailokaal met grote dakkapellen. In 1957-1958 werd de zolder van de vleugel aan de Lidwinastraat in gebruik genomen als lokalen en voorzien van een reeks grote dakkapellen. Ter ontsluiting van die lokalen werd in 1962 nog een extra trap toegevoegd alsmede enkele dakkapellen. Aan de achterzijde verrees in 1968 een extra entreeportiek annex toiletgroep en langgerekte fietsenstalling evenwijdig aan het toegangspad naar de begraafplaats. Sindsdien is de speelplaats aan drie zijden omsloten. In de jaren tachtig heeft de Technische Dienst van de gemeente Vught, net als bij de Willibrordusschool, enkele bestaande binnenwanden weggehaald en enkele nieuwe toegevoegd, alsmede een uitgebouwde toiletgroep aan de straatzijde.
Sinds de ingebruikname van de nieuwe fusieschool ‘De Avonturier’ in 2018 is de voormalige meisjesschool in gebruik als tijdelijke woon- en werkruimte bij leegstandbeheerder Interveste. Waardering Bij het ontwerp van deze ontwikkeling speelt de historisch waardevolle bebouwing een sturende rol. De scholen zijn niet aangeduid als (gemeentelijk) monument. Beeldbepalend voor het exterieur van de scholen is de traditionalistische Delftse Schoolarchitectuur. Kenmerkend zijn de bakstenen gevels, de grote variatie in formaten en typen roedenvensters, alsmede de zadeldaken met gesmoorde Hollandse pannen en overstek. Opvallend is de zorgvuldige vormgeving en detaillering. Een opmerkelijke toevoeging zijn de oversized dakkapellen uit de jaren '50. De schoolgebouwen zijn structureel verbonden met een vooroorlogs stelsel van knikkende landwegen. Dat stelsel is nog herkenbaar in het wegenpatroon van de buurt. In de onderstaande tekeningen is aangegeven wat voor waardering aan de schoolgebouwen gegeven is in de cultuurhistorische verkenning (Bijlage 3). Bij de hoog gewaardeerde onderdelen staat behoud ervan voorop. Bij de positief gewaardeerde onderdelen is streven naar behoud wenselijk en voor de indifferent gewaardeerde onderdelen is behoud geen voorwaarde.
blad 40 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Figuur 4.2: Waardering Willibrordusschool verdiepingen Voorgenomen ontwikkeling De gevel van de Willibrordusschool aan het Moleneindplein is vanouds het front van het gebouw. Dit noordelijke deel heeft een karakteristieke vorm en een hoge waardering. Dit onderdeel komt in aanmerking voor bescherming. De achtervleugel is ondergeschikt. Het noordelijk deel van de voormalige Willibrordusschool, het front aan het Moleneindplein, blijft staan, zodat het uiterlijk van de buitenkant de oorspronkelijke uitstraling behouden blijft. De overige bebouwing wordt gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Op het te behouden deel is op de verbeelding de aanduiding 'karakteristiek' opgenomen.
blad 41 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Figuur 4.3: Waardering Lidwinaschool verdiepingen Het gevelbeeld rondom van het oudste gedeelte uit 1939 aan de Lidwinastraat, de zijde waaraan het gebouw van oorsprong front maakte én de hoofdentree had, heeft een hoge waardering. De gang inclusief de afwerking in het oudste gedeelte uit 1939 is het structurerende element van het gebouw. De wanden van de klaslokalen waarin het repeterende karakter van de reeks tot uitdrukking komt, hebben ook een hoge waardering. Dit gebouw wordt ten behoeve van de ontwikkeling gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Vanwege de sloop van hoog gewaardeerde onderdelen van de Lidwinaschool is sprake van een negatief effect op de cultuurhistorische waarde. Hier staat tegenover dat de meest wezenlijke waardevolle onderdelen van de scholen, het front van de Willibrordusschool, in de huidige vorm blijft bestaan. Daarmee blijft een gedeelte van het erfgoed, en vooral het verhaal dat de locatie kan vertellen over de geschiedenis, in het straatbeeld aanwezig. De toekomstige bebouwing wordt net als in de huidige en historische situatie gesitueerd aan de randen van het plangebied, zie figuur 4.4.
Figuur 4.4: Historische kaarten plangebied Cultuurhistorie in de omgeving van het plangebied Volgens de cultuurhistorische waardenkaart is één monument gelegen in de omgeving van blad 42 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
het plangebied (landhuis Vijverhof aan de Esscheweg 80). Voorgenomen ontwikkeling zal de uitstraling van dit monument niet benadelen. Verder is in de omgeving van het plangebied geen sprake van cultuurhistorisch waardevol gebied, cultuurhistorische landschappen, archeologische landschappen en/of complex van cultuurhistorisch belang. Beschermde maatregelen zijn niet noodzakelijk. Conclusie De ontwikkeling heeft een effect op de cultuurhistorische waarden van de voormalige schoolgebouwen. Dit is echter geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.
4.1.3
Conclusie De aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling De Wieken.
4.2
Bedrijven en milieuzonering Algemeen Vanuit milieuoogpunt kan een bepaalde afstand tussen een milieubelastende activiteit en een milieugevoelig object noodzakelijk zijn. Deze afstand dient dan bijvoorbeeld om ter plaatse van een kwetsbaar object, zoals woningen, een aanvaardbaar geur-, geluid- of veiligheidsniveau te realiseren. Deze afstand wordt een milieuzonering genoemd. Een milieuzonering vormt het indirecte ruimtegebruik van een milieubelastende activiteit. In de uitgave 'Bedrijven en Milieuzonering 2009' van de Vereniging Nederlandse Gemeenten zijn richtafstanden opgenomen, waarmee rekening moet worden gehouden ten opzichte van gevoelige functies. Richtafstanden en omgevingstypen In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de ruimtelijk-functionele afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en hindergevoelige functies (waaronder woningen) noodzakelijk. Door middel van de milieuwet- en regelgeving wordt (milieu)hinder in woongebieden zo veel mogelijk voorkomen. Bedrijven en instellingen zijn verplicht te voldoen aan de eisen van een AMvB, dan wel een milieuvergunning te hebben voor de exploitatie van het bedrijf, waarbij rekening gehouden dient te worden met de omliggende woonbebouwing. Er dient te worden aangetoond dat een plan met ontwikkelingen buiten de invloedssfeer van bedrijvigheid in de nabije omgeving valt.
Tevens dient te worden aangetoond dat een plan geen belemmering vormt voor de nabijgelegen functies. In de VNG-publicatie wordt de richtafstandenlijst voor milieubelastende activiteiten gehanteerd, zowel voor bedrijven, maatschappelijke instellingen, scholen als sportvoorzieningen. In de VNG-brochure worden per bedrijfssoort en per milieuaspect indicatieve afstanden gegeven (hierna: richtafstanden) tot gevoelige objecten. Deze richtafstanden kunnen in de meeste gevallen worden aangehouden tussen een bedrijf en woningen om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. De grootste afstand is bepalend. Indien aan de VNG-afstand wordt voldaan, kan gesteld worden dat hinder niet te verwachten is. De genoemde richtafstanden zijn richtinggevend, maar met een goede motivering kan en mag hiervan worden afgeweken. In de VNG-publicatie zijn richtafstanden voor de omgevings- en gebiedstypen 'rustige woonwijk/rustig buitengebied' en 'gemengd gebied' opgenomen. Een 'rustige woonwijk/rustig buitengebied' kan aangemerkt worden als een gebied zonder functiemenging en een minimale invloed van wegverkeer. Indien de aard van de omgeving dit rechtvaardigt, kan (gemotiveerd) worden uitgegaan van gemengd gebied. Dit zijn
blad 43 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
gebieden waar bewust verschillende functies (wonen en bedrijvigheid) met elkaar worden gemengd, zoals (winkel)centra. Voor deze gebieden wordt een hogere milieubelasting aanvaardbaar geacht. Hierbij is vanwege de aanwezige functiemenging of ligging nabij drukke wegen al sprake van een hogere milieubelasting. In gemengd gebied kunnen de richtafstanden met één afstandsstap worden verlaagd, zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat. Toetsing Het plangebied wordt aan de noordzijde begrensd door woonpercelen en detailhandel aan het Moleneindplein, aan de oostzijde door woonpercelen aan de Willibrordusstraat, aan de zuidzijde door maatschappelijke voorzieningen, zoals een huisartsenpraktijk en de Paulus en Sint Janskerk en aan de westzijde wordt het plangebied begrensd door een groenstrook, woonpercelen, dienstverlening en detailhandel aan de Moleneindstraat. In de omgeving van het plangebied is daarom sprake van functiemenging. Het plangebied maakt deel uit van een 'gemengd gebied'. Voor de relatie tussen de nieuwe functies in het plangebied en de bestaande functies in de omgeving wordt uitgegaan van het principe van functiescheiding. Hinderveroorzakende functies in het plangebied Binnen het plangebied zijn maatschappelijke voorzieningen toegestaan, met 60 zorgwoningen en 8 appartementen.
Ter plaatse zal een modern, maar relatief kleinschalig woonzorgcomplex worden gerealiseerd die voldoet aan de huidige wensen van deze tijd. Een 'verpleeghuis' is volgende de VNG-brochure een milieuhinderlijke functie, die in milieucategorie 2 valt. Conform de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' geldt voor een dergelijke milieucategorie een afstand tot gevoelige bestemmingen van 30 meter (gebaseerd op milieucategorie 2). Aangezien het omgevingstype 'gemengd gebied' betreft, mag getoetst worden aan één categorie lager. De richtafstand tot gevoelige bestemmingen is daarmee 10 meter. Binnen dat zorgcomplex zijn ondergeschikte voorzieningen, zoals horeca, zorgondersteunende en/of maatschappelijke voorzieningen mogelijk. Dergelijke activiteiten zijn opgenomen in de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' en vallen in milieucategorie 2. Conform de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' geldt voor een dergelijke milieucategorie een afstand tot gevoelige bestemmingen van 30 meter (gebaseerd op milieucategorie 2). Aangezien het omgevingstype 'gemengd gebied' betreft, mag getoetst worden aan één categorie lager. De richtafstand tot gevoelige bestemmingen is daarmee 10 meter. De dichtstbijzijnde woning ten opzichte van het bouwvlak binnen de opgenomen maatschappelijke bestemming bedraagt ongeveer 15 meter.
De ligging van de nieuwe functies ten opzichte van de bestaande woningen voldoet ook aan de richtafstanden. Binnen het plangebied blijft het gezondheidscentrum aan de Moleneindstraat 3 behouden. Het gezondheidscentrum heeft een richtafstand van 10 meter. Aangezien het een gemengd gebied betreft, kan de richtafstand met één stap worden verminderd. De richtafstand tussen het gezondheidscentrum en de woningen in de omgeving van het plangebied en de te realiseren appartementen bedraagt 0 meter. De afstand tussen de (toekomstige) woningen en het gezondheidscentrum is daarmee voldoende groot. Hinderveroorzakende functies in de omgeving van het plangebied Ten noorden van het plangebied geldt de bestemming 'Gemengd' waarbinnen detailhandel, dienstverlening, maatschappelijke voorzieningen en wonen rechtstreeks zijn toegestaan. Horeca is enkel toegestaan binnen aangeduide locaties. Ten westen van het plangebied liggen voornamelijk woonbestemmingen en enkele percelen waar dienstverlening is toegestaan. Ten zuiden van het plangebied ligt een begraafplaats. Aan de oostkant zijn enkel woningen toegestaan. De dichstbijzijnde locatie waar horeca tot en met categorie 2 (zoals een cafetaria, snackbar, blad 44 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
afhaalcentrum) is toegestaan ligt op circa 40 meter van het plangebied en de dichtstbijzijnde locatie voor horeca tot en met categorie 3 (zoals een café, restaurant, hotel en pension) is gelegen op circa meter 95 van het plangebied. De richtafstand conform de VNG-brochure voor hotels, pensions, restaurants, cafétaria's, snackbars, ijssalons, café's en bars bedraagt 10 meter, maar omdat het hier 'gemengd gebied' betreft, is de richtafstand daarmee 0 meter. De afstand tussen de locaties waar horeca is toegestaan en het plangebied waar woningen zijn toegestaan voldoet ruimschoots aan de richtafstand van 0 meter tot gemengd gebied. Voor detailhandel geldt milieucategorie 1, ook voor de ten noorden gelegen supermarkt. Conform de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' geldt voor dergelijke bedrijven een afstand tot gevoelige bestemmingen van 10 meter, maar omdat het hier 'gemengd gebied' betreft, mag getoetst worden aan één categorie lager. De richtafstand tot gevoelige bestemmingen is daarmee 0 meter. Er wordt voldaan aan deze richtafstand. Ten zuiden ligt de begraafplaats en is een school gevestigd. Ook dienstverlenende bedrijven zijn toegestaan en is er een huisartsenpraktijk gevestigd.
Al dit soort typen functies zijn ofwel als milieucategorie 1 danwel als 2 (de school) aangewezen conform de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' en geldt er, vanwege het feit dat het hier 'gemengd gebied' betreft, een richtafstand van 10 meter voor milieucategorie 2 en 0 meter voor milieucategorie 1. De afstand tussen de school tot de nieuwe (zorg)woningen bedraagt ongeveer 20 meter en de afstand tussen de begraafplaats en de nieuwe (zorg)woningen bedraagt ongeveer 70 meter. Gezien de afstand tussen bovenstaande bedrijven en functies en de beoogde woningen, kan er geconcludeerd worden dat aan de richtafstanden gesteld in de VNG-brochure wordt voldaan. Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering is geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling De Wieken.
4.3
Bodem Algemeen De tijd dat elke vervuiling moest worden aangepakt ligt achter ons. Belangrijkste criterium hierbij is of de vervuiling zodanig is, dat er sprake is van risico's voor gezondheid of milieu. In de praktijk blijken er vrijwel nooit risico's te zijn voor de gezondheid van mensen. Milieurisico's (verspreiding en ecologie) komen wel voor, maar meestal gaat het erom dat eventuele vervuilingen afstemming vereisen met bepaalde ontwikkelingen. Op dit moment is er sprake van een omslag van saneren naar beheren en behoeven alleen de zogeheten 'ernstige vervuilingen' in meer of mindere mate aangepakt te worden. De maatregelen worden daarbij afgestemd op de functie. Regelgeving Het nationale bodembeleid is geregeld in de Wet bodembescherming (Wbb). Het doel van de Wbb is om te voorkomen dat nieuwe gevallen van bodemverontreinigingen ontstaan. Voor bestaande bodemverontreinigingen is aangegeven in welke situaties (omvang en ernst van verontreiniging) en op welke termijn sanering moet plaatsvinden. Hierbij dient de bodemkwaliteit tenminste geschikt te worden gemaakt voor de functie die erop voorzien is, waarbij verspreiding van verontreiniging zoveel mogelijk wordt voorkomen. Toetsing
blad 45 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Bodem Door Econsultancy is in 2018 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 4. De resultaten worden hieronder kort samengevat. De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig siltig, zeer fijn tot matig grof zand. De bovengrond is plaatselijk zwak humeus. De ondergrond is plaatselijk zwak gleyhoudend. De bovengrond is plaatselijk zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend en zwak kolengruishoudend. De ondergrond is ter plaatse van een enkele boring matig asfalthoudend en zwak puinhoudend. De zintuiglijk verontreinigde bovengrond is licht verontreinigd met cadmium, kobalt, kwik, lood, zink, minerale olie en PAK. Uit de analyse blijkt dat de ondergrond ter plaatse van enkele boringen sterk verontreinigd is met koper en zink. Op diverse plaatsen zijn bijmengingen met baksteen en puin in de bodem waargenomen. Puinbijmengingen dienen als asbestverdachte te worden beschouwd. In het grondwater zijn geen verontreinigingen aangetoond. Indien er werkzaamheden plaatsvinden, waarbij grond vrijkomt, kan de grond niet zonder meer worden afgevoerd of elders worden toegepast. De regels van het Besluit bodemkwaliteit zijn hierop mogelijk van toepassing. Vanwege het aantreffen van zintuiglijke en analytische verontreinigingen, is nader onderzoek noodzakelijk. Nader onderzoek Econsultancy heeft in 2019 een nader onderzoek uitgevoerd.
Dit onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 5. Uit de milieuhygiënische beoordeling is gebleken dat er geen sprake is van onaanvaardbare risico's. Echter uitgaande van de volumina van de grondverontreiniging op de onderzoekslocatie (meer dan 25 m³ sterk verontreinigde grond) kan gesteld worden, dat de geconstateerde verontreiniging geen spoedeisend geval van ernstige bodemverontreiniging betreft. Econsultancy adviseert om op basis van het onderhavige onderzoek een beschikking ernst en spoed aan te vragen voor de aanwezige verontreinigingen. Met deze melding wordt de aanwezige verontreiniging vastgelegd en wordt tevens formeel besloten dat er geen sprake is van actuele risico’s. Indien in de toekomst werkzaamheden plaatsvinden binnen de interventiewaardecontour bestaat er dan meteen de plicht om deze melden bij het bevoegd gezag en kan deze adequaat worden aangepakt. Asbest Vanwege het waarnemen van bijmengingen met baksteen en puin in de bodem (puinbijmengingen zijn asbestverdacht), is door Econsultancy in 2018 een asbestonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 6. Er zijn op het maaiveld geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Ter plaatse van één boring is één stukje asbesthoudend plaatmateriaal (chrysotiel 10-1,5%) in het bodemtraject 0,00-0,50, aangetroffen. Het indicatieve asbestgehalte ter plaatse van deze bodemlaag bedraagt 69,2 mg/kg d.s..
De ondergrond is zwak tot matig puinhoudend. Analytisch is in de bodem géén hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbest aangetoond. Ter plaatse van andere boringen is zowel zintuiglijk als analytisch géén hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbest geconstateerd. Conform de Wet bodembescherming bestaat er aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest in bodem in verband met het overschrijden van de helft van de hergebruikswaarde (50 mg/kg d.s.). Derhalve adviseert Econsultancy om ter plaatse van het asbestgat een nader onderzoek asbest in bodem uit te voeren. Ter plaatse van de overige deellocaties bestaan er (ten aanzien van asbest) geen belemmeringen voor de voorgenomen ontwikkelingen op de onderzoekslocatie. Nader onderzoek Econsultancy heeft in 2019 een nader asbestonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is blad 46 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
bijgevoegd als Bijlage 7. Uit het onderzoek blijkt dat in het opgeboorde materiaal van de zintuiglijk verontreinigde bovengrond en de zintuiglijk schone ondergrond zijn visueel (fractie >20 mm) geen hechtgebonden en niet-hechtgebonden asbestverdachte materialen waargenomen. Analytisch zijn in de bodem tevens geen verontreinigingen aan hechtgebonden en/of niet-hechtgebonden asbest aangetoond. Het verhoogde asbestgehalte in het eerder door Econsultancy uitgevoerde verkennend onderzoek asbest in bodem (rapportnummer 5480.006, d.d. 19 november 2018) is hoogstwaarschijnlijk te relateren, gelet op de analyseresultaten, aan de aanwezigheid van een enkel stukje plaatmateriaal in het grondmengmonster (zwerfasbest). Op basis van de analyseresultaten en de zintuiglijke waarnemingen blijkt dat in de zintuiglijk schone grond géén gehalten aan gewogen asbest worden aangetoond boven de interventiewaarde. Er zijn met betrekking tot de parameter asbest in de bodem, geen belemmeringen voor de voorgenomen herontwikkeling op de locatie. Conclusie Het aspect bodem geeft geen beperkingen voor de gewenste functiewijziging van het perceel.
4.4
Externe veiligheid Externe veiligheid gaat om het beperken van de kans op het effect van een ernstig ongeval voor de omgeving door: het gebruik, de opslag en productie van gevaarlijke stoffen (inrichtingen); het transport van gevaarlijke stoffen (wegen, buisleidingen, waterwegen en spoorwegen); het gebruik van luchthavens. Het externe veiligheidsbeleid stelt twee zaken centraal: 1.
de bescherming van personen bij een risicobron tegen de kans op overlijden door een ongeval met gevaarlijke stoffen een vliegtuig op of bij een luchthaven of een windturbine; 2. de bescherming van de samenleving tegen het ontwrichtende effect van een dergelijke ramp met een groot aantal slachtoffers. De wet- en regelgeving ten aanzien van externe veiligheid is vastgelegd in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb), de Structuurvisie buisleidingen, het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Basisnet. Om voldoende ruimte aan te houden tussen risicobronnen en de personen of objecten die risico lopen (kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten) moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Uitgangspunt bij het huidige externe veiligheidsbeleid is een risicobenadering op basis van risicoberekeningen, met daarbij een wettelijke norm voor het plaatsgebonden risico (een basisbeschermingsniveau voor elk individu) en een afwegingsruimte voor het bevoegd gezag om te bepalen welke risico's voor grotere groepen mensen aanvaard worden (de verantwoordingsplicht van het groepsrisico). Toetsing In 2023 is een quickscan externe veiligheid uitgevoerd. De onderzoeksmemo is als Bijlage 8 opgenomen. Hierna wordt ingegaan op de conclusies van het onderzoek.
Spoorlijn Den Bosch - Vught en spoorlijn Tilburg - Vught Het invloedsgebied van de spoorlijnen Den Bosch – Vught en Tilburg - Vught bedraagt 4000 meter (stofcategorie D4). De afstand van deze spoorlijnen tot het plangebied bedragen respectievelijk 660 meter en 1.100 meter. Het plangebied ligt daarmee binnen het blad 47 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
invloedsgebied van deze spoorlijnen. Het risicoplafond van het vervoer van gevaarlijke stoffen is vastgelegd in de Regeling basisnet. Hierin staat vermeld dat er voor een spoorlijn ter hoogte van het plangebied sprake is van een maximale PR 10-6 -contour van 0 meter. Het plaatsgebonden risico levert daarmee geen belemmeringen op voor de voorgenomen ontwikkeling. De afstand tussen het spoor en het plangebied bedraagt in beide gevallen meer dan 200 meter, nadere beschouwing van het groepsrisico is daarom niet nodig. Aangezien het plangebied wel binnen het invloedsgebied van de spoorlijn is gelegen, is verantwoording van het groepsrisico conform artikel 7 van het Bevt van toepassing voor de spoorlijnen. Rijksweg A2 Het invloedsgebied van de Rijksweg A2 bedraagt 880 meter (stofcategorie LT2). De afstand van deze weg tot het plangebied bedraagt circa 1,6 kilometer. Het plangebied ligt daarmee buiten het invloedsgebied van deze weg. Rijksweg A65 Het invloedsgebied van de Rijksweg A65 bedraagt 880 meter (stofcategorie LT2). De afstand van deze weg tot het plangebied bedraagt circa 790 meter. Het plangebied ligt daarmee binnen het invloedsgebied van deze weg. Het risicoplafond van het vervoer van gevaarlijke stoffen is vastgelegd in de Regeling basisnet. Hierin staat vermeld dat er voor de weg ter hoogte van het plangebied sprake is van een maximale PR 10-6 -contour van 0 meter.
Het plaatsgebonden risico levert daarmee geen belemmeringen op voor de voorgenomen ontwikkeling. De afstand tussen de weg en het plangebied bedraagt meer dan 200 meter, nadere beschouwing van het groepsrisico is daarom niet nodig. Aangezien het plangebied wel binnen het invloedsgebied van de weg is gelegen, is verantwoording van het groepsrisico conform artikel 7 van het Bevt van toepassing voor deze weg. Risicovolle inrichtingen Nabij het plangebied zijn geen relevante risicovolle inrichtingen aanwezig. Buisleidingen In de omgeving van het plangebied ligt een hogedruk aardgastransportleiding van Gasunie (Z-515-04). Het invloedsgebied van deze leiding reikt echter niet tot het plangebied. Het is dan ook geen relevante risicobron met betrekking tot het plangebied. Verantwoording groepsrisico Een verantwoording van het groepsrisico is verplicht ten aanzien van drie transportroutes. Aan de hand van diverse kwalitatieve aspecten wordt nadere duiding gegeven aan het risiconiveau en de optimalisatie van de veiligheidssituatie aan de hand van mogelijke maatregelen. Algemene beschouwing veiligheidssituatie Scenario's Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van drie transportroutes. Bij deze risicobron kan een plasbrand, een BLEVE (Boiling Liquid Expanding Vapour Explosion) en een toxisch scenario optreden. De gevolgen van deze scenario's zijn verschillend.
In deze paragraaf worden de scenario's verduidelijkt. Plasbrandscenario Het effect dat optreedt bij een ongeval met enkel brandbare vloeistoffen is vooral warmtestraling door een (plas)brand. Het invloedsgebied is circa 30 meter, uitgaande van een calamiteit waarbij de gehele tankinhoud vrijkomt. De omvang van het effect wordt blad 48 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
beïnvloed door de oppervlakte van de plasbrand. Gezien de afstand tot het plangebied van meer dan 30 meter, is het plasbrandscenario niet relevant met betrekking tot het plangebied. BLEVE-scenario Een koude BLEVE ontstaat wanneer de ketelwagen met brandbaar gas bezwijkt waardoor er plotseling gas kan ontsnappen, dat na ontsteking ontploft. Een warme BLEVE ontstaat door een (plas)brand in de nabijheid van een ketelwagen met bijvoorbeeld LPG. Door de hitte van de brand loopt de druk in een tankwagen hoog op, terwijl de sterkte van de metalen wand afneemt. Hierdoor kan de wand het begeven en de tank ontploffen. Gezien de grote afstand van de transportroutes tot het plangebied is het BLEVE-scenario niet relevant met betrekking tot het plangebied. Toxisch scenario Een toxisch scenario ontstaat wanneer een tank (weg- of spoorvervoer) lek raakt en toxische stoffen ontsnappen. Toxische vloeistoffen kunnen verdampen waardoor een gaswolk ontstaat die over de omgeving uit kan waaien. Bij een deel van de aanwezige personen zal letaal letsel optreden door blootstelling aan de gaswolk. Bij de toxische scenario's zit er enige tijd tussen het ontstaan van het ongeval en het optreden van letsel bij aanwezigen. Daarbij is ook de duur van de blootstelling van invloed op de ernst van het letsel.
De omvang, verplaatsingsrichting en verstrooiing van de gaswolk is mede afhankelijk van de weersgesteldheid op dat moment. Het plangebied ligt binnen het toxische invloedsgebied van de transportroutes. Hoogte van het groepsrisico Het plangebied ligt buiten de 200 meter-zone van de transportroutes. Het groepsrisico hoeft derhalve niet te worden beschouwd conform het Besluit externe veiligheid transportroutes. Bronmaatregelen De meest effectieve veiligheidsmaatregelen zijn maatregelen aan de risicobron zelf. In het kader van het Basisnet zijn diverse veiligheidsmaatregelen aan de weg en het spoor getroffen. Deze maatregelen gelden ook als uitgangspunt voor de risicoberekening. De gemeente is niet bevoegd om aanvullende bronmaatregelen te eisen (voor zover dit technisch gezien al mogelijk is). Zelfredzaamheid Zelfredzaamheid is de mate waarin personen in staat zijn zichzelf (zonder hulp van buitenaf) in geval van een calamiteit in veiligheid te brengen. Het gewenste handelingsperspectief in geval van een calamiteit (schuilen en/of vluchten) is afhankelijk van het scenario. Gerichte risicocommunicatie met bewoners (bijvoorbeeld via NL-Alert) kan ertoe bijdragen dat alarmering sneller verloopt. Hierbij dient aan te worden gegeven wat het gewenste handelingsperspectief is (schuilen of vluchten) en op welke manier hieraan invulling kan worden gegeven.
Op de website van Veiligheidsregio Brabant-Noord staan instructies over wat te doen bij een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het is aanbevelingswaardig om in instructies voor de bewoners op te hangen die betrekking hebben op het handelingsperspectief bij een incident met gevaarlijke stoffen. Deze maatregel kan door de exploitant (en eventuele samenwerking met de Veiligheidsregio) worden uitgewerkt. De Veiligheidsregio Brabant Noord heeft in een reactie geadviseerd om de initiatiefnemers c.q. de toekomstige bewoners actief te informeren over het aanwezige risico en handelingsperspectief. Deze informatie kan worden meegenomen in het besluit om blad 49 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
zich op deze locatie te vestigen. Hiermee wordt in optimale vorm invulling gegeven aan het risicobewustzijn van- en het nemen van een eigen verantwoordelijkheid door de burger. Deze informatie zorgt er ook voor dat de bewoners op het moment dat een incident plaatsvindt direct weten hoe te handelen, dit heeft een positieve invloed op de mate van zelfredzaamheid. Mogelijkheden van zelfredzaamheid bij een toxisch scenario Bij een calamiteit waarbij toxische gassen vrijkomen is zo snel mogelijk schuilen in een gebouw het voorkeurscenario. Bij een calamiteit met toxische gassen zit er enige tijd tussen het ontstaan van het ongeval en het optreden van letsel bij aanwezigen. Daarbij is ook de duur van de blootstelling van invloed op de ernst van het letsel. Snel reageren, naar binnen vluchten en ramen en deuren sluiten is bij dit scenario dus van belang. In geval van een calamiteit met toxische stoffen op de weg is het van belang dat de bebouwing bescherming biedt. Van belang daarbij is dat - in dat geval - de (eventueel aanwezige) mechanische ventilatie centraal afgesloten kan worden (via een noodschakelaar). Dit voorkomt dat bij het optreden van een incident de ramen en deuren gesloten zijn, maar toch toxische stoffen via de ventilatie (versneld) tot het gebouw toetreden. Het is een goedkope maatregel die bij een calamiteit met giftige stoffen zeer effectief kan zijn.
Onder de Omgevingswet dient een mechanisch ventilatiesysteem standaard te beschikken over een voorziening waarmee het systeem handmatig kan worden uitgeschakeld (artikel 4.124 Besluit bouwwerken leefomgeving). Interne vluchtwegen afstemmen op externe veiligheid Een calamiteit met gevaarlijke stoffen bij één van de risicobronnen zal vrijwel direct worden opgemerkt door de directe omgeving. Personen in de omgeving zijn daarbij direct gealarmeerd. Vervolgens dienen de interne vluchtwegen in het gebouw zodanig gesitueerd te zijn dat het mogelijk is aan de risicoluwe zijde te ontvluchten. Echter, bij het meest relevante scenario voor het plangebied (toxisch scenario) biedt binnen schuilen het meeste handelingsperspectief. Externe vluchtwegen In sommige gevallen kan vluchten eveneens nodig zijn, in geval van eventuele secundaire branden. De bestaande infrastructuur rond het plangebied biedt voldoende mogelijkheden om de omgeving meerzijdig (naar de risicoluwe zijde) te ontvluchten. Via de Lidwinastraat en het Moleneindplein kan men meerzijdig het plangebied ontvluchten. Beperkt zelfredzame groepen Binnen het plangebied worden woningen en zorgwoningen mogelijk gemaakt. In de zorgwoningen zullen ook beperkt of minder zelfredzame personen verblijven. Vanwege de relatief grote afstand van de risicobronnen is er meer tijd om te handelen, waardoor de zelfredzaamheid wordt vergroot.
Daarnaast is voor het enige relevante scenario (toxisch scenario) het beste handelingsperspectief schuilen. Zelfstandig de bebouwing verlaten is dan dus niet aan de orde. Bestrijdbaarheid Bij bestrijdbaarheid dient rekening gehouden te worden met de volgende aandachtspunten bij het relevante scenario: blad 50 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Toxisch scenario Bij een ongeval met toxische gassen en vloeistoffen kan de brandweer, afhankelijk van de stofintensiteit en het groeiscenario, optreden door de gaswolk neer te slaan of te verdunnen/op te nemen met water. De Veiligheidsregio heeft aparte protocollen voor het bestrijden van incidenten met gevaarlijke stoffen op de weg. Bereikbaarheid De brandweer Vught heeft een kazerne aan de Kettingweg 7-A. De locatie is goed bereikbaar voor de brandweer. Conclusie De Veiligheidsregio Brabant Noord geeft in een reactie aan in te stemmen met deze paragraaf. Het aspect externe veiligheid vormt geen beperking voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
4.5
Geluid Algemeen Geluid is één van de factoren die de beleving van de leefomgeving in belangrijke mate bepaalt. Door de toename van het verkeer en de bedrijvigheid wordt de omgeving in steeds sterkere mate belast met geluid. Dit leidt tot steeds meer klachten. In een aantal gevallen wordt de gezondheid beïnvloed door geluid. Hoge geluidsniveaus kunnen het gehoor beschadigen en ook de verstoring van de slaap kan op de lange duur slecht zijn voor de gezondheid. Door de toename van het geluid in de omgeving, wordt de behoefte aan stilte steeds meer als een noodzaak gevoeld. Regelgeving De Wet geluidhinder, de Luchtvaartwet en de Wet milieubeheer zijn in het kader van geluidhinder van belang. Bij nieuwe ontwikkelingen van geluidgevoelige bestemmingen dient de geluidssituatie in beeld gebracht te worden. De geluidsniveaus op de gevels van de nieuwe gebouwen worden getoetst aan de geluidsnormen. Het juridisch kader voor wegverkeerslawaai, spoorlawaai en industrielawaai wordt gevormd door de Wet geluidhinder. Vliegtuiglawaai wordt geregeld in de Luchtvaartwet. Er liggen geen geluidszones voor industrielawaai en vliegtuiglawaai over het plangebied, waardoor deze niet nader beschouwd worden. Toetsing Door De Roever Omgevingsadvies is in 2023 akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Dit onderzoek is als Bijlage 9 bijgevoegd. Hieronder worden de resultaten kort samengevat.
Wolfskramerweg De Wolfskramerweg heeft een maximumsnelheid van 50 km/u. In het kader van een goede
blad 51 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
ruimtelijke ordening is onderzoek gedaan naar de cumulatieve geluidbelasting van deze weg. De geluidbelasting bedraagt op zijn hoogst 42 dB ter plaatse de zuidgevel op de derde verdieping van het meest zuidelijke gebouw. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt niet overschreden. Een hogere-waardeprocedure is niet nodig. Vijverbosweg De geluidbelasting bedraagt op zijn hoogst 27 dB ter plaatse de westgevel op de derde verdieping. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt niet overschreden. Een hogere-waardeprocedure is niet nodig. Woon- en leefklimaat Naast toetsing aan de Wgh dient er ook te worden beschouwd of wordt voldaan aan de eisen voor de minimale geluidwering van de gevels en of sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat. De geluidbelasting bedraagt op zijn hoogst 58 dB ter plaatse van de noordgevel op verschillende toetspunten op de begane grond, eerste en tweede etage van het meest zuidelijke gebouw. De vereiste karakteristieke geluidwering bedraagt dan ten hoogste 58 –33 = 25 dB (standaardeis uit het bouwbesluit). De verwachting is dat de gevels voldoende gevelwering zullen hebben om een binnenniveau van 33 dB te kunnen garanderen, omdat over het algemeen nieuwbouw aan hoge eisen voor de gevelwering voldoen.
Het kan gesteld worden dat de cumulatieve geluidbelasting een aanvaardbaar woon- en verblijfsklimaat binnen in de verblijfsruimten niet in de weg staat en dat een onderzoek naar de gevelwering niet benodigd is. Voor het beoordelen van het woon- en verblijfsklimaat ter plaatse van de te realiseren gebouw wordt gebruik gemaakt van de ‘kwaliteitsindicatie geluid’van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). In onderstaande tabel is de classificering van de milieukwaliteit bij verschillende waarden van de cumulatieve geluidbelasting (in Lden) weergegeven. Tabel 1: Classificering milieukwaliteit
De geluidniveaus ter plaatse van de gewenste gebouwen variëren van 30 tot 58 dB. De milieukwaliteit wordt afhankelijk van de gevel bij het gebouw geclassificeerd als ‘Zeer Goed’ tot ‘Matig’. De verwachting is dat de gevels voldoende gevelwering zullen hebben om een binnenniveau van 33 dB te kunnen garanderen, daarom wordt het woon- en verblijfsklimaat ter plaatse van de gebouwen als acceptabel aangemerkt. Er kan gesteld worden dat de cumulatieve geluidbelasting (wegverkeer) een aanvaardbaar woon- en verblijfsklimaat niet in de weg staat. Conclusie Het aspect geluid vormt geen beperking voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.
4.6
Lucht Algemeen
blad 52 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Door de uitstoot van gassen door onder andere de industrie en het verkeer komen schadelijke stoffen in de lucht. Vooral langs drukke wegen kunnen de concentraties van verschillende stoffen zo hoog zijn dat deze de gezondheid kunnen aantasten. Om te voorkomen dat de gezondheid wordt aangetast door luchtverontreiniging dient bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen rekening gehouden te worden met de luchtkwaliteit ter plaatse. Regelgeving Het wettelijk kader voor luchtkwaliteit is beschreven in titel 5.2 van de Wet milieubeheer en de algemene maatregelen van bestuur inzake de luchtkwaliteitseisen. In de Wet milieubeheer is van bepaalde projecten getalsmatig vastgelegd dat ze "niet in betekenende mate" (NIBM) bijdragen aan de luchtverontreiniging. Met de inwerkingtreding van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) op 1 augustus 2009, zijn deze grenzen zoals deze in de Wet luchtkwaliteit waren opgenomen verruimd. Een project draagt volgens het NSL "niet in betekende mate" bij zolang de toename van de concentratie fijnstof of stikstofdioxide maximaal 3% bedraagt van de grenswaarde. In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van projecten (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging.
Deze projecten kunnen zonder toetsing aan de grenswaarden voor het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Op grond van de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) zijn (onder andere) de volgende projecten vrijgesteld van toetsing: woningbouwprojecten met minder dan 1.500 woningen met één ontsluitingsweg; projecten die leiden tot minder dan 3% verslechtering van de luchtkwaliteit (een toename van maximaal 1,2 µg/m3 NO2 of PM10) met twee ontsluitingswegen. Deze grens komt overeen met 1.401 auto's dan wel 109 vrachtwagens per weekdagetmaal. Voor kantoren geldt dat kantoren met een brutovloeroppervlak van maximaal 100.000 m2 bij 1 ontsluitingsweg en 200.000 m2 brutovloeroppervlak bij 2 ontsluitingswegen niet in betekende mate bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. In de algemene maatregel van bestuur 'Niet in betekenende mate' (Besluit NIBM) en de ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM) zijn de uitvoeringsregels vastgelegd die betrekking hebben op het begrip NIBM. Toetsing Er is sprake van een vrijgesteld project. Dit bestemmingsplan maakt in totaal maximaal 68 woningen juridisch-planologisch mogelijk. Voorgenomen ontwikkeling is dus kleiner dan 1.500 woningen. De ontwikkeling draagt 'niet in betekenende mate' bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Dit blijkt ook uit onderstaande NIBM-tool. Nader onderzoek is niet benodigd.
blad 53 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Figuur 4.5: NIBM-tool Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig bestemmingsplan.
4.7
Natuur Algemeen Natuur en groen wordt over het algemeen positief gewaardeerd. Zowel in als buiten de bebouwde kom vertoeven veel mensen in hun vrije tijd graag in de bossen en parken. De aanwezigheid van voldoende groen op een bereikbare afstand bepaalt voor een belangrijk deel de leefbaarheid van een woongebied. Ook de aanwezigheid van dieren, bijvoorbeeld vogels, in bebouwd gebied wordt over het algemeen als positief ervaren. De aanwezigheid van voedsel-, nest- en rustgebied is voor deze dieren van essentieel belang. Regelgeving In het kader van de uitvoerbaarheid van ruimtelijke plannen dient getoetst te worden aan beschermde natuurwaarden. De effecten op natuurwaarden dienen te worden beoordeeld in relatie tot bestaande wet- en regelgeving op het gebied van soortenbescherming en gebiedsbescherming. De wettelijke grondslag hiervan ligt per 1 januari 2017 in de Wet natuurbescherming (Wnb). Bij soortenbescherming van planten en dieren moet aandacht worden besteed aan de in het wild voorkomende vogels onder de vogelrichtlijn en de dier- en plantensoorten onder de habitatrichtlijn. Dier- en plantensoorten die in de bijlage van de wet genoemd worden vallen ook onder de beschermde soorten, op deze lijst mogen provincies een 'lijst met vrijstellingen' opstellen (Wnb art. 3.11). Gebiedsbescherming houdt in dat gebieden met belangrijke natuurwaarden wettelijk zijn beschermd.
Het gaat hierbij om het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur of EHS), Natura 2000-gebieden, natuurreservaten en andere in bestemmingsplannen aangeduide natuurgebieden. Toetsing
blad 54 van 76
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan De Wieken Gemeente Vught Projectnummer 0485829.100
Door Blom Ecologie is in 2022 een natuurtoets uitgevoerd. Dit rapport is als Bijlage 10 bijgevoegd. Hieronder worden de resultaten weergegeven. Gebiedsbescherming Natura 2000-gebieden Het plangebied ligt niet in een Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is 'Vlijmens Ven, Moerputten en Bossche Broek' op circa 3 km afstand ten noordoosten van het plangebied zie figuur 4.5. Dit gebied is aangewezen op basis van de Habitatrichtlijn. Op circa 4,5 km ten westen van het plangebied ligt het Natura 2000-gebied 'Loonsche en Drunense Duinen en Leemkuilen', aangewezen op basis van de Habitatrichtlijn. Voor een aantal effecten (trillingen, geluid, optische verstoring etc.) geldt dat de afstand tot de omliggende Natura 2000-gebieden per definitie te groot is om te resulteren in negatieve effecten. Een toename in stikstofdepositie kan een negatief effect hebben op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden. Om elk risico uit te sluiten is een onderzoek naar de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden uitgevoerd (Bijlage 12). Met behulp van het rekenprogramma AERIUS Calculator 2023 zijn de effecten met betrekking tot stikstofdepositie als gevolg van de voorliggende ontwikkeling in beeld gebracht. Voor deze ontwikkeling toont AERIUS voor de realisatiefase en de gebruiksfase geen bijdrage groter dan 0,00 mol/ha/jaar.