Bestemmingsplan - toelichting bijlagen (2022-16089)
Tekst van het document
De bevoegde overheid, gemeente Voorst, zal de resultaten van het onderzoek toetsen en een selectiebesluit nemen aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
2
BO, protocol 4002
3
IVO, protocol 4003
4
SIKB 2018.
5
SIKB 2012.
6
www.ruimtelijkeplannen.nl
7
Archeologisch waardevolle gebieden (AWG)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
7 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
1.2
Onderzoeksdoel en vraagstellingen Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting aan de hand van bestaande bronnen over bekende of verwachte landschappelijke, historische en archeologische waarden.
Het doel van het karterend booronderzoek is het vervolgens toetsen van het opgestelde verwachtingsmodel door de intactheid van de bodemopbouw vast te stellen en de eventuele aanwezigheid van archeologische resten te inventariseren.
De volgende onderzoeksvragen zullen worden beantwoord: •
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact?
•
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig? Indien ja (dan zijn de volgende twee sub-vragen van toepassing)? o
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de archeologische waarden?
o
•
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de archeologische resten?
In hoeverre worden eventueel aanwezige archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied?
1.3
Ligging en huidige situatie plangebied Het plangebied beslaat een oppervlak van 1790 m2 en is gelegen aan de Stationsstraat 30 te Twello (afbeelding 1). Aan de noordzijde grenst het aan de Veilingstraat en aan de oostzijde aan De Hamerslag. Aan de zuidzijde grenst het aan het perceel van de Stationsstraat 26. Het plangebied is in gebruik als woning, deze is deels onderkelderd. De locatie is verder onbebouwd en bestaat uit groen met gras en grind. Op het plangebied staat een woonhuis uit 1937.8 Het plangebied ligt vlakbij het treinstation Twello en ligt in de historische kern van het gelijknamige dorp.
8
bagviewer.kadaster.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
8 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 1.: Het plangebied, rood omkaderd, op de Topografische Kaart van Nederland 1:25.000 (Bron: www.Pdok.nl).
1.4
Toekomstige situatie plangebied De huidige inrichting zal worden gewijzigd. Het woonhuis zal worden gesloopt en vervangen voor nieuwbouw. (afbeelding 2). Hier worden 2 appartementengebouwen neergezet met ondergrondse stallinggarage met berging. De diepte van de ontgraving is naar zeggen van de opdrachtgever 260 centimeter beneden maaiveld. De oppervlakte van de toekomstige bebouwing is totaal 1030 m2. De rest van het plangebied zal ingedeeld worden met parkeerplaatsen en begroeiing.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
9 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 2: Toekomstige situatie binnen het plangebied. (Bron: van Erken Calandt BNA)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
10 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
2
Bureauonderzoek
2.1
Methode Tijdens het bureauonderzoek is met behulp van bestaande bronnen een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied opgesteld. Dit is gedaan door het raadplegen van voor de archeologie relevante (schriftelijke) bronnen. Voor het bureauonderzoek zijn met name gegevens over bekende archeologische vindplaatsen in en rond het plangebied verzameld. Dit is aangevuld met historisch en fysischgeografisch onderzoek, waarbij informatie over vroeger grondgebruik is verkregen door de analyse van historische kaarten en tevens gegevens over de geologie, geomorfologie en bodem zijn bestudeerd.
2.2
Landschapsgenese Voor het bepalen of, waar en uit welke periode archeologische resten kunnen worden verwacht, zijn de volgende bronnen met betrekking tot de landschapsgenese geraadpleegd: •
Geomorfologische Kaart 1:50.000 (Afbeelding 3)
•
Digitaal hoogtemodel, Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) (Afbeelding 4)
•
Bodemkaart 1:50.000 (Afbeelding 5)
•
Relevante achtergrondliteratuur (zie literatuurlijst)
Voor de geologische beschrijving is gebruik gemaakt van de Lithostratigrafische Indeling van de Ondiepe Ondergrond.9 Zie voor een overzicht van de geologische en archeologische perioden bijlage 1.
Geo(omorfo)logie en landschap Twello ligt in het Midden-Nederlandse zandgebied in de overgangszone van de Veluwe-stuwwal in het westen en het IJsseldal in het oosten. Het landschap in dit gebied heeft zijn vorm gekregen tijdens de laatste twee ijstijden het Saalien en het Weichselien en het Holoceen.
Tijdens de voorlaatste ijstijd, het Saalien (circa 150.000 jaar geleden) drong een landijskap de noordelijke helft van Nederland binnen. Hierbij werden onder de ijskap diepe glaciale bekkens uitgesleten en langs de rand van het landijs werden hoge stuwwallen gevormd. Het huidige IJsseldal, dat ten oosten van Twello ligt, is gevormd in een glaciaal bekken, dat ter plaatse van Twello dieper dan 50 meter is uitgesleten. 10 De glacialbekkens werden al tijdens het Saalien grotendeels weer opgevuld met glaciolacustriene afzettingen, die worden gerekend tot het Laagpakket van Uitdam, dat onderdeel uitmaakt van de Formatie van Drente.
Op de Geologische Overzichtskaart van Nederland schaal 1:600.000 staat aangegeven dat de ondergrond in de omgeving van het plangebied uit fluvioperiglaciale afzettingen bestaat, die bedekt zijn met een laag dekzand.11 De fluvioperiglaciale afzettingen zijn gevormd tijdens een zeer koude periode binnen het
9
De Mulder et al. 2003 en via www.dinoloket.nl: Dinoloket, Standaarden, Lithostratigrafische Nomenclator van de Ondiepe Ondergrond.
10
Berendsen, 2005.
11
TNO Bouw en Ondergrond , 2008.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
11 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Weichselien, het Pleniglaciaal (circa 75.000 – 15.700 jaar geleden). Toen is de ondergrond periodiek permanent bevroren geweest en heeft het regen- en sneeuwsmeltwater over het oppervlak afgestroomd. Hierdoor zijn fluvioperiglaciale afzettingen gevormd en dalen uitgesleten. De fluvioperiglaciale afzettingen zijn zeer divers en bestaan uit fijn en grof zand, soms met grind, leemlagen en plantenresten en worden tot de Formatie van Boxtel gerekend.12
Het dekzand is ook in het Weichselien afgezet. In de koudste en droogste perioden van het Weichselien, met name tijdens het Laat Pleniglaciaal (circa 26.000 – 15.700 jaar geleden) en in sommige perioden van het Laat-Glaciaal (circa 15.700 – 11.755 jaar geleden) is de vegetatie vrijwel verdwenen geweest. Hierdoor heeft op grote schaal verstuiving opgetreden en is dekzand afgezet.13 Dit (vaak lemige) zand is kalkloos, fijnkorrelig (150 – 210 μm), goed afgerond, goed gesorteerd en arm aan grind en wordt tot het Laagpakket van Wierden van de Formatie van Boxtel gerekend.14 Het reliëf, dat hierbij in het landschap is ontstaan, wordt gekenmerkt door vlaktes, depressies en dekzandkopjes, afgewisseld met langgerekte ruggen.
In het Holoceen (circa 11.755 jaar geleden tot heden) is het klimaat warmer en vochtiger geworden. Het dekzand is door de toenemende vegetatie vastgelegd en de rivier de IJssel is actief geworden. De huidige IJssel ligt ruim 1 kilometer ten noordoosten van het plangebied, maar heeft in het verleden dichterbij gelegen. Er bestaat discussie over wanneer de rivier de IJssel precies actief is geworden. Recent onderzoek wijst erop dat in het noordelijk deel van de IJssel de sedimentatie rond 950 na Chr. is begonnen.15 Waarschijnlijk heeft de Rijn in deze periode verbinding gemaakt met het IJsseldal. Vermoedelijk zijn vanaf deze periode grote, relatief laaggelegen delen van het dekzandgebied door de IJssel overstroomd.
Op de Geomorfologische Kaart van Nederland (schaal 1:50.000, afbeelding 3) is het onderzoeksgebied niet gekarteerd omdat het binnen de bebouwde kom ligt.16 In de omgeving van Twello liggen een dekzandrug (2M22 en 3K14), dekzandwelvingen (3L5), een overloop/crevassegeul (2R12) en laagtes zonder randwal (3N3). Extrapolatie van omliggende eenheden maakt dat het plangebied te plaatsen is in een zone van dekzandwelvingen of dekzandruggen. Dit dekzand behoort tot de Formatie van Boxtel, en het Laagpakket van Wierden; dit slaat op een golvend landschap van betrekkelijk hoge dekzandruggen en -welvingen.
12
Berendsen 2004, 189.
13
Berendsen 2004, 113.
14
Berendsen 2004, 190.
15
Makaske e.a. 2008, 355.
16
www.archis2.archis.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
12 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 3: Het plangebied, rood omkaderd, op de Geomorfologische kaart van Nederland 1:50.000. (Bron: www.Pdok.nl).
Bodem Het plangebied valt op de bodemkaart binnen een gebied dat niet gekarteerd is.17 Het aangrenzende bodemtype bestaat uit bruine enkeerdgronden, wat waarschijnlijk ook de bodemsoort is in het plangebied. Bij archeologische onderzoeken in de nabije omgeving (zie paragraaf 2.4) bleek dat de ondergrond inderdaad bestond uit bruine enkeerdgronden. Deze hoge enkeerdgronden hebben een plaggendek dat meestal minimaal 0,5 m dik is met lemig fijn zand. Plaggendekken ontstaan door toedoen van de mens: plaggen vermengd met veemest worden op de akkers uitgespreid om de bodem vruchtbaarder te maken. 18 In de loop van de tijd is een plaggendek op de oorspronkelijke bodem ontstaan. Hoge bruine enkeerdgronden hebben een plaggendek dat dikker is dan 50 cm. Door deze kunstmatige ophoging, die vanaf de late Middeleeuwen plaatsvond, is de bodem eronder vrij goed geconserveerd.
De bouwvoor van het plaggendek (Aap-horizont) is donkergrijsbruin van kleur en circa 25-30 cm dik. Hieronder liggen oudere niveaus/lagen van het plaggendek (Aa-horizont), die meestal wat lichter van kleur zijn. Onder het plaggendek ligt de oorspronkelijke bodem, waarschijnlijk een podzolgrond, voor zover deze niet verploegd is en opgenomen in het plaggendek.
17
Stichting voor Bodemkartering, 1979.
18
Spek, 2004.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
13 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 4: Het plangebied, rood omkaderd, op de Bodemkaart van Nederland 1:50.000. (Bron: www.Pdok.nl).
AHN Op de hoogtekaart (afbeelding 5) van het plangebied en omgeving is het relatief hoog gelegen dekzandgebied (rode, oranje, gele en groene kleuren) goed te onderscheiden van de lager gelegen rivier-overstromingsvlakten (blauwe kleuren).19 Gezien de hoge ligging van het plangebied op de hoogtekaart is het aannemelijk dat de ondergrond van het plangebied uit dekzand bestaat en dat de kern van Twello op een relatief hoog gedeelte van het pleistocene landschap ligt, hierop is waarschijnlijk een esdek aangebracht. Op basis van het digitale hoogtemodel zoals weergegeven in het AHN ligt de hoogte van het maaiveld rond de 6,5 m +NAP.20
19
www.ahn.nl
20
Hoogteligging van het plangebied op het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) in m NAP (Normaal Amsterdams Peil)
geraadpleegd op www.ahn.nl © Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
14 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 5: Het plangebied, rood omkaderd, op het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN), (Bron: www.ahn.nl).
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
15 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
2.3
Historische ontwikkeling Voor de historische ontwikkeling is divers kaart- en beeldmateriaal (Afbeelding 6 t/m 10) en relevante achtergrondliteratuur geraadpleegd (zie literatuurlijst).
De naam Twello komt voor het eerst in de schriftelijke bronnen voor aan het einde van de 13e eeuw als Twentlo. De naam wordt verklaard als een samenstelling van ‘twint’ en ‘lo’, verwijzend naar een bos (lo) dat uit twee delen bestaat (twint, als in het telwoord twin-tig).21 Het landschap van Twello bestond lange tijd uit grote akkercomplexen, boerderijen langs de rand daarvan en wei- en hooilanden op de lagere gronden. Ter verbetering van de ontwatering werden beken en waterlopen gegraven, de graslanden werden oorspronkelijk omgeven door houtwallen. De verkaveling is een onregelmatige blokverkaveling (afbeelding 9). Met de ruilverkaveling in Twello is veel van de kavelbeplanting verdwenen, maar het ontginningspatroon is nog herkenbaar.22 De Stationsstraat 30 ligt in het historische centrum van Twello. Het plangebied bestond volgens de Kadastrale kaart uit 1832 uit bos. Later werd er nabij het plangebied een soort landhuis gebouwd (afbeelding 7). Over deze buitenplaats is verder niets bekend. Deze lag ten oosten van het plangebied en het lijkt erop dat er kleinschalige bebouwing langs de rand van deze buitenplaats stond (afbeelding 8) maar de zwarte vlekken kunnen ook duiden op een bomenrij aan de rand van de buitenplaats. Rond 1935 is het plangebied in gebruik als landbouwgrond of weiland (afbeelding 10).
De huidige bebouwing is op de kaarten pas vanaf 1962 te zien (Afbeelding 11), maar op de BAG-viewer van kadaster is bekend dat het huis in 1937 is gebouwd. 23 Direct ten westen van het plangebied, aan de overkant van de Stationsstraat, is wel al langer bebouwing.
Afbeelding 6: Het plangebied, rood omkaderd, op de Kadastrale kaart van 1832 (Bron: hisgis.nl).
21
22 23
Van Berkel en Samplonius 2006, 450. www.natuurkaart.nl Bagviewer.kadaster.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
16 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 7: Het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit het begin van de 19e eeuw (1865). (Bron: topotijdreis.nl).
Afbeelding 8: Het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit1866 (Bron: www.topotijdreis.nl).
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
17 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 9: Het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit 1889 (Bron: www.topotijdreis.nl).
Afbeelding 10: Het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit 1935 (Bron: www.topotijdreis.nl).
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
18 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 11: Het plangebied, zwart omkaderd, op de topografische kaart uit 1962 (Bron: www.topotijdreis.nl).
Bekende bodemverstoring Binnen het plangebied zijn voor zover bekend geen grondroeringen veroorzaakt door saneringen, bodemverontreinigingen of ondergrondse olietanks, benzinepompinstallaties en dergelijke bekend waardoor archeologische resten mogelijk verloren zijn gegaan.24 Het plangebied ligt wel in de buurt van de IJsselbrug, waar ten tijde van de Tweede Wereldoorlog heel wat gevochten is, het is mogelijk dat munitie gevonden wordt tijdens veldwerk en hier dient met voorzichtigheid mee te worden omgegaan.25
2.4
Archeologische waarden in en rondom het plangebied In deze paragraaf wordt gekeken of binnen en rond het plangebied archeologische en/of ondergrondse bouwhistorische waarden bekend zijn. Hiervoor is het Archeologisch Informatie Systeem (ARCHIS III) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geraadpleegd en in aanvulling daarop de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Voorst, Achtergrondliteratuur (zie literatuurlijst) en gegevens van amateurarcheologen.
Voor het plangebied geldt op basis van de Archeologische verwachtingskaart Noord van de gemeente Voorst voor het plangebied een hoge archeologische waarde (Afbeelding 12). Bovendien valt het voor een deel binnen een 25-meter bufferzone van een bekende archeologische vindplaats. Bekende archeologische vindplaatsen zijn vindplaatsen die vastgesteld zijn op basis van geregistreerde vondsten. 26 In dit geval gaat het om bebouwing
24
www.bodemloket.nl, http://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/
25
http://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/
26
Heeren 2010 5.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
19 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
die op de kadastrale minuut is weergegeven aan de overzijde van de Dorpsstraat. Uitgaande van het onderzoek van RAAP in 2006 op deze locatie (paragraaf 2.4.1, zaakidentificatienummer 2115399100), is het niet waarschijnlijk dat hier resten van worden aangetroffen.
Afbeelding 12: Het plangebied, rode kader, geprojecteerd op de Archeologische Verwachtingskaart Noord van de gemeente Voorst 2017, (Bron: gemeente Voorst).
2.4.1 Monumenten, waarnemingen en onderzoeksmeldingen in (de nabijheid van) het plangebied Er zijn in (de nabijheid van) het plangebied, binnen een straal van 200 m, in ARCHIS III geen gegevens bekend aangaande archeologische monumenten, wel zijn er meerdere archeologische onderzoeken in de nabijheid uitgevoerd waarvan hieronder een overzicht gegeven is.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
20 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Afbeelding 13: Overzicht van de monumenten, waarnemingen en onderzoeksmeldingen binnen een straal van 200 m van het plangebied, (Bron: Archis3).
Zaakidentificatienummer 2115399100: RAAP archeologisch adviesbureau voerde in 2006 een bureau- en booronderzoek uit op het plangebied: “De afdekkende bodemlagen in het plangebied bestaan voornamelijk uit humeus zand dat wordt gekenmerkt door een zeer heterogeen karakter. Het betreft een verstoord plaggendek. De geologische opbouw van het gebied blijkt overeen te komen met de gegevens van het bureauonderzoek. De geologische ondergrond bestaat uit matig fijn dekzand. In enkele boringen zijn in de top van het dekzand nog delen van een BC-horizont waargenomen. Archeologische indicatoren zijn zonder uitzondering afkomstig uit de bouwvoor en het verstoorde plaggendek. Op grond van het ontbreken van aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische resten wordt ten aanzien van het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen.”27
Zaakidentificatienummer 4727860100: Econsultancy BV voerde in 2019 een archeologische inspectie uit van een tracé ten zuidwesten van het plangebied.28 Hierbij zijn een aantal profielkolommen gezet. De onderzoeksresultaten: De natuurlijke bodemopbouw bestaat uit dekzandafzettingen en de onderzochte wegtracés liggen binnen een dekzandrug. De profielen laten zien dat er sprake is van een vrij dik pakket Jong Dekzand, tot in ieder geval 175 cm -mv, en deze bestaat uit leemarm en vrij goed gesorteerd, matig fijn zand. Het van nature gevormde bodemprofiel is binnen een groot deel van de onderzochte wegtracés al volledig vergraven. Alleen ter plaatse van het profiel 1, 2, 4 en 7 is een dun intact restant van de BC-horizont aangetroffen. Het betreft hier een veldpodzolbodem. Het onderzoek heeft geen in situ liggende archeologische indicatoren opgeleverd en het advies luidt: geen vervolgonderzoek laten plaatsvinden.
Zaakidentificatienummer 2407209100: Transect voerde in 2013 een bureauonderzoek en verkennend booronderzoek uit op het plangebied Veilingterrein, 130 meter ten noordoosten van de Stationsstraat 30. “Op
27
Ringenier 2006 3.
28
ten Broeke 2019 4.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
21 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
basis van interpolatie van divers kaartmateriaal en het gebruik van het AHN lijkt het plangebied op een uitloper van een omvangrijke dekzandrug te liggen, die zich ten oosten van Twello uitstrekt. Bodemkundig zijn hier waarschijnlijk hoge enkeerdgronden te verwachten. Deze landschappelijke situering is archeologisch gezien interessant, hoewel in de directe omgeving van het plangebied geen concrete aanwijzingen voor (pre)historische vindplaatsen bekend zijn. Op grond van de ouderdom van de verwachte afzettingen in het gebied kunnen theoretisch vindplaatsen uit de periode Laat Paleolithicum – Romeinse tijd. Tevens ligt het plangebied binnen een straal van 200 m nabij een historisch boerenerf. Gezien de beperkte beweegruimte in het Oost-Nederlandse zandgebied en daarmee beperkte ruimtelijke dynamiek van een boerennederzetting kunnen middeleeuwse voorgangers van dit erf in het plangebied aanwezig zijn. Dergelijke erven kunnen zelfs qua datering teruggaan tot in de Vroege Middeleeuwen. De boringen in het plangebied laten een volledig verstoorde bodemopbouw zien. De minimale verstoring in het plangebied reikt tot een diepte van 90 cm. 5 Boringen zijn alle gestaakt in puin of grind, dat zich op een diepte tussen 1,0 tot 1,5 m –Mv bevindt. Dit heeft vermoedelijk te maken met de aanleg van veilingterrein.
De vermeende afschuiving van het terrein (vermoedelijk ten behoeve van de aanleg van het veilingterrein) is onder meer gebaseerd op de aard van het ophoogpakket dat in boring 2 is aangetroffen. Daarin zijn namelijk naast humeus zand, brokken verkleurd zand aangetroffen die sterk doen denken aan de verwachte kleuren van inspoelingslagen (roodbruin). Er is naar verwachting ooit wel een bodem aanwezig geweest in het plangebied, maar deze is vermoedelijk bij de aanleg van het veilingterrein volledig verstoord.”29
Zaakidentificatienummer 4680467100: Econsultancy voerde in 2013 een archeologische inspectie uit van een tracé ten noordoosten van het plangebied. “Uit de resultaten van de archeologische inspectie blijkt dat de natuurlijke bodemopbouw bestaat uit dekzandafzettingen en dat het plangebied/onderzochte wegtraject binnen een dekzandrug ligt. De profielen laten zien dat er sprake is van een vrij dik pakket Jong Dekzand, dat leemarm is en bestaat uit vrij goed gesorteerd, matig fijn zand. Alleen bij de profielen 1 t/m 3, genomen in het meest zuidoostelijke deel van het wegtraject van de Torenweg waar het meest diep ontgravingen hebben plaatsgevonden, was het lemiger pakket Oud Dekzand zichtbaar. (…) De uitgevoerde archeologische inspectie, waarbij een veelvoud aan bodemprofielen zijn bekeken en gedocumenteerd (naast de gecontroleerde wanden), heeft geen in situ liggende archeologische indicatoren opgeleverd. Tevens zijn archeologische sporen niet waargenomen, ook geen sporen/structuren van historische bebouwing/elementen (bijvoorbeeld muurwerk) gerelateerd aan historische bewoning die nabij de kruising van de Torenweg met de Dorpsstraat heeft gestaan. Tijdens het controleren van de stort zijn wel diverse fragmenten aardewerk aangetroffen, waarvan blijkt dat het vooral gaat om fragmenten gebruiksaardewerk en enkele glasfragmenten.
Het gebruiksaardewerk bestaat uit fragmenten roodbakkend aardewerk, witbakkend aardewerk, porselein, industrieel wit aardewerk, steengoed, tegels en delen van kleipijpen. Deze hebben een datering 18e t/m 20e eeuw, met vooral het accent in de 19e en 20e eeuw. Een fragment van een wijnfles dateert van na 1870 en een stuk vensterglas dateert uit de 20e eeuw. Meest waarschijnlijk zijn deze met vermengd geraakt in de geroerde en humeuze bovengrond tijdens eerdere wegvernieuwingen dan wel andere bodemverstorende ingrepen. De fragmenten kunnen (deels) afkomstig zijn van de woonpercelen die nabij de kruising van de Torenweg met de Dorpsstraat hebben gestaan, echter het materiaal is in geroerde context aangetroffen (ligging ex situ).(…) Geconcludeerd wordt dat binnen een groot deel van het wegtraject van de Torenweg reeds diepgaande bodemverstorende ingrepen hebben plaatsgevonden die waarschijnlijk vooral te relateren zijn aan eerste rioolvernieuwingen en de aanleg van diverse andere nutsvoorzieningen (kabels en leidingen).
29
Nales 2013 19-22.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
22 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Alleen in het uiterst noordwestelijke deel van het wegtraject is de oorspronkelijke bodemopbouw nog deels intact en lijken bodemverstorende ingrepen dan ook in mindere mate te hebben plaatsgevonden. Voor het gehele wegtraject van de Torenweg zijn er echter geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van een (behoudenswaardige) archeologische vindplaats, ook niet van delen van historische bebouwing/structuren/elementen die gerelateerd kunnen worden aan historische bebouwing die nabij de kruising van de Torenweg met de Dorpsstraat heeft gestaan.” 30
Zaakidentificatienummer 2194066100: RAAP Archeologisch Adviesbureau voerde in 2008 een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek uit aan de Rijksstraatweg 119/121 ten noordoosten van het plangebied. Van dit onderzoek is geen rapport beschikbaar. 31
Zaakidentificatienummer 4721436100: RAAP Archeologisch Adviesbureau voerde in 2019 een bureauonderzoek uit voor het plangebied ‘drie mogelijke woningbouwlocaties’ ten noorden van het plangebied. Het bureauonderzoek gaat over 3 plangebieden “Voor de drie plangebieden is een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. Voor alle drie de gebieden is sprake van een verwachting voor vindplaatsen (jachtkampementen) uit de steentijd, evenals resten uit de periode van de landbouwers. Daarnaast geldt met name voor deelgebied C een verwachting voor historische erven uit de late middeleeuwen en nieuwe tijd, terwijl voor deelgebied B tevens een specifieke verwachting geldt voor archeologische resten uit de Tweede Wereldoorlog. Vanwege de aanwezigheid van een plaggendek in (grote) delen van de plangebieden zijn de archeologische resten in de top van het onderliggende dekzand naar verwachting goed beschermd tegen verstoringen en is daarom waarschijnlijk sprake van een goede conservering. In de lagergelegen zones van de plangebieden B en C is het dekzand afgedekt met een tot 40 cm dikke kleilaag. De invloed van dit kleidek op de conservering van eventuele archeologische resten in de top van het onderliggende dekzand is onbekend.
Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in de drie plangebieden (mogelijk) archeologische resten bedreigd worden bij daadwerkelijke ontwikkeling van de gebieden ten behoeve van woningbouw. Om de gespecificeerde verwachting aan te vullen en te verfijnen wordt voor nagenoeg het gehele onderzochte gebied een vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een inventariserend veldonderzoek door middel van een verkennend booronderzoek.” 32
30
ten Broeke 2019 3,4.
31
Archis.cultureelerfgoed.nl
32
Bosheuven/Keunen 2019 3.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
23 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
2.5
Gespecificeerde archeologische verwachting Op basis van bovenstaand bureauonderzoek is voor het plangebied een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. De essentie hiervan is weergegeven in tabel 1.
Op basis van de Gemeentelijke archeologische verwachtingskaart Noord van de gemeente Voorst heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting. Daarnaast ligt het binnen de 25-meter bufferzone van een bekende archeologische vindplaats.
Het plangebied ligt waarschijnlijk op een dekzandrug of -welving, de bodem bestaat uit een hoge enkeerdgrond. Deze wordt gekenmerkt door een dik plaggendek van minimaal 0,5 meter en hebben een hoge archeologische verwachting. De landschappelijke situering is archeologisch gezien interessant en op basis van de ouderdom ervan de verwachte afzettingen kunnen vindplaatsen vanaf het Laat Paleolithicum tot en met de Romeinse tijd verwacht worden. Voor de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd geldt dat er sporen van bewoning kunnen worden verwacht.
Periode
Verwachting
Verwachte kenmerken vindplaats
Diepteligging sporen
laat-
hoog
Bewoningssporen: tijdelijke
vanaf ca 0,5 m -Mv
paleolithicum –
kampementen
mesolithicum
Mobilia: vuursteen artefacten, haardkuilen
neolithicum -
hoog
Bewoningssporen: (semipermanente)
vroege
nederzettingen, sporen van
middeleeuwen
agrarisch/industrieel landgebruik,
vanaf ca 0,5 m -Mv
percelering: cultuurlaag, Mobilia: fragmenten keramiek, glas, metaal, natuursteen, bouwmaterialen late
hoog
middeleeuwen -
vanaf maaiveld tot in chorizont.
nieuwe tijd Tabel 1: Gespecificeerde archeologische verwachting.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
24 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
3
Inventariserend Veldonderzoek
3.1
Methode Op basis van het gespecificeerde verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek is aan de hand van de Leidraad Inventariserend Veldonderzoek33 een karterend booronderzoek met een boordichtheid van ten minste 20 boringen per hectare uitgevoerd. Hiermee is het onderzoek verkennend voor vuursteenvindplaatsen uit de steentijd en karterend voor nederzettingsresten uit de latere perioden. Aangezien het plangebied circa 1790 m2 groot is, zijn verspreid over het plangebied (afbeelding 14) in totaal 5 boringen gezet. Vanwege het geringe oppervlak en de terreinomstandigheden (bebouwing, verhardingen, begroeiing etc.) zijn de boringen zo gelijkmatig mogelijk over het plangebied verdeeld. De exacte boorlocaties zijn ingemeten met een RTK-GPS.
Er is geboord met een Edelmanboor met een diameter van 12 cm. De boringen zijn uitgevoerd tot minimaal 25 cm in de C-horizont. Het opgeboorde sediment is geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De boringen zijn lithologisch beschreven conform de NEN 5104 34 en bodemkundig35 geïnterpreteerd.
Afbeelding 14: Boorpuntenkaart geprojecteerd op de huidige topografische ondergrond.
33
SIKB 2006.
34
Nederlands Normalisatie-instituut 1989.
35
De Bakker en Schelling 1989.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
25 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
3.2
Beschrijving en interpretatie van de boorgegevens De laagopeenvolging aan de hand van de boorprofielen36 is als volgt: Tot gemiddeld 1,5 meter beneden maaiveld (4,6 m +NAP) is lichtgeel grijs, matig siltig zand aangetroffen, dit pakket is geïnterpreteerd als dekzand behorende tot de Formatie van Boxtel, laagpakket van Wierden, er is hier sprake van een C-horizont. Op een gemiddelde diepte van 1,0 meter beneden maaiveld (5,1 m +NAP) is een donkerbruin, geel en grijs gevlekt, matig humeus, matig siltig zand met zandbrokken aangetroffen, soms met een fragment recent baksteenpuin, dit pakket is geïnterpreteerd als een verstoord pakket. Op een gemiddelde diepte van 0,5 meter beneden maaiveld is hierop een donkerbruin grijs sterk humeus, matig siltig zand aangetroffen met fragmenten recent baksteenpuin, het betreft hier de moderne bouwvoor.
3.3
Archeologische indicatoren Bij de controle van het opgeboorde bodemmateriaal zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats. Er is geen intact bodemprofiel aangetroffen, ook de esdek is niet (meer) aanwezig, de bodem is tot diep in de C-horizont verstoord.
3.4
Archeologische interpretatie Het natuurlijke bodemtype is in het hele plangebied tot ver in de C-horizont verstoord door ploeg- of graafwerkzaamheden. Vuursteenvindplaatsen bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen, en bevinden zich in de bovengrond van de oorspronkelijke podzolgrond. Aangezien de bodem is verstoord, zijn eventueel aanwezige vuursteenvindplaatsen verloren gegaan. De hoge verwachting voor vuursteenvindplaatsen kan daarom naar laag worden bijgesteld.
Nederzettingsresten uit het neolithicum tot en met de nieuwe tijd bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen. Deze sporen kunnen tot in de C-horizont reiken en zijn mogelijk nog intact. Tijdens het booronderzoek zijn echter geen archeologische resten of indicatoren aangetroffen, die wijzen op de aanwezigheid een vindplaats uit deze periode. Daarom kan de verwachting om archeologische waarden uit de perioden neolithicum tot en met de nieuwe tijd aan te treffen voor het plangebied eveneens naar laag worden bijgesteld.
36
bijlage 2
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
26 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
4
Conclusies en aanbevelingen
4.1
Inleiding Het doel van het archeologisch bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Voor het plangebied gold op basis van het bureauonderzoek een hoge verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum en mesolithicum en nederzettingsresten uit het neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen. Voor de late middeleeuwen en de nieuwe tijd gold ook een hoge verwachting. Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen van deze verwachting.
4.2
Conclusies/ beantwoording onderzoeksvragen •
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact? Tot 1,5 meter beneden maaiveld (4,6 meter +NAP) is dekzand aangetroffen behorende tot de Formatie van Boxtel, laagpakket van Wierden. Tot gemiddeld 1,1 meter beneden maaiveld is een verstoord pakket aangetroffen. Hierin zijn sporen van recente fragmenten baksteenpuin aangetroffen. Het originele bodemprofiel is niet meer intact, ook is er geen spoor meer van een verwacht esdek aangetroffen.
•
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig? In geen van de boringen zijn indicatoren aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats, ook het originele bodemprofiel is niet meer aanwezig. De kans dat binnen het plangebied een archeologische vindplaats aanwezig is, wordt daarom klein geacht.
Op grond van de beantwoording van de bovenstaande vraag zijn de twee onderstaande onderzoeksvragen niet meer van toepassing. •
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de archeologische waarden?
•
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de archeologische resten?
•
In hoeverre worden eventueel aanwezige archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied? De verwachting is dat binnen het plangebied geen archeologische resten in situ aanwezig zijn, waardoor ook geen archeologische resten worden bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied.
De hoge archeologische verwachting uit het bureauonderzoek voor zowel vuursteenvindplaatsen uit het laatpaleolithicum en mesolithicum als voor nederzettingssporen uit het neolithicum tot en met de nieuwe tijd kan op grond van de resultaten van het veldonderzoek naar laag worden bijgesteld.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
27 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
4.3
Aanbevelingen Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied zoals omschreven in de vergunningsaanvraag geen nader archeologisch onderzoek geadviseerd.
Bovenstaande vormt een selectieadvies. Met nadruk willen wij de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat in deze fase van het vergunningsverleningstraject reeds bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek dienen vooraleerst te worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Voorst). Deze neemt een definitief selectiebesluit aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
Er is getracht een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethoden. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Synthegra wil de opdrachtgever er daarom op wijzen dat, indien tijdens de werkzaamheden een (mogelijke) archeologische vondst wordt gedaan dan geldt de wettelijke meldingsplicht, zoals omschreven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de minister. Uit praktisch oogpunt kan een dergelijke toevalsvondst bij de gemeente worden gemeld.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
28 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
Bronnen Literatuur
Bakker, H. de en J. Schelling, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland, de hogere niveaus. Staring Centrum, Wageningen.
Berendsen, H.J.A., 2004: De vorming van het land. Van Gorcum, Assen.
Berendsen, H.J.A., 2005: Landschappelijk Nederland. Van Gorcum, Assen.
Berkel, G. van, en K. Samplonius, 2006: Nederlandse plaatsnamen. Herkomst en Historie. Prisma, Utrecht.
Broeke, E.M. ten, 2019a: Archeologische inspectie Torenweg te Twello gemeente Voorst, Doetinchem.
Broeke, E.M. ten, 2019b: Archeologische inspectie Stationsstraat en Marktstraat te Twello, Doetinchem
Heeren, P., 2010: Verkenning N345 Voorst Notitie Archeologie, Provincie Gelderland.
Boshoven, E.H. ir., ir. L.J. Keunen, 2019: Drie mogelijke woningbouwlocaties te Twello, gemeente Voorst; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek, Weesp.
Mulder, E.F.J. de, M.C. Geluk, I.L. Ritsema, W.E. Westerhoff en T.E. Wong, 2003: De ondergrond van Nederland. Wolters-Noordhoff, Groningen/Houten
Nederlands Normalisatie-instituut, 1989: NEN 5104 Geotechniek - Classificatie van onverharde grondmonsters. Nederlands Normalisatie-instituut, Delft.
Ringenier, H., 2006: Plangebied Sikkeplein te Twello, gemeente Voorst; archeologisch vooronderzoek: een bureau- en inventariserend veldonderzoek, RAAP-notitie 1615, Amsterdam.
Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, 2012: Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek versie 2.0. SIKB, Gouda.
Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, 2018: Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1. SIKB, Gouda.
Stichting voor Bodemkartering, 1979: Bodemkaart van Nederland schaal 1:50.000, toelichting bij de kaartbladen 33E, Wageningen.
Internet (geraadpleegd november 2020) http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl https://zoeken.cultureelerfgoed.nl/ www.ahn.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
29 van 30
Project: Stationsstraat 30 te Twello, Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend booronderzoek, versie 01 Projectnummer: S200045
www.bodemloket.nl www.dinoloket.nl http://www.gelderland.nl/kaartenencijfers http://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/ topotijdreis.nl gahetna.nl pdok.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
30 van 30
Bijlagen:
Bijlage 1:
Overzicht van relevante geologische en archeologische tijdvakken
Overzicht geologische en archeologische tijdvakken
Ouderdom in jaren
Chronostratigrafie
MIS
Holoceen
1
11.755 12.745 13.675 14.025
LaatWeichselien (LaatGlaciaal)
15.700
Late Dryas (koud) Allerød (warm) Vroege Dryas (koud) Bølling (warm)
Lithostratigrafie Formaties: Naaldwijk (marien), Nieuwkoop (veen), Echteld (fluviatiel)
2
LaatPleniglaciaal 29.000
50.000
MiddenWeichselien (Pleniglaciaal)
MiddenPleniglaciaal VroegPleniglaciaal
3
Formatie van Kreftenheye
Formatie van Boxtel
4
75.000
VroegWeichselien (VroegGlaciaal) 115.000 130.000
370.000 410.000
5a 5c 5d
Eemien (warme periode)
5e
Saalien (ijstijd)
6
Holsteinien (warme periode)
Formatie van Beegden
5b
Eem Formatie Formatie van Drente Formatie van Urk
Elsterien (ijstijd) 475.000
Cromerien (warme periode) 850.000
Pre-Cromerien 2.600.000
Formatie van Sterksel
Formatie van Peelo
Cal. jaren v/n Chr. 1950
14
C jaren
Chronostratigrafie
Pollen zones
0
Vb2
1500
Subatlanticum koeler vochtiger
450 0 12
Vb1 Va
Vegetatie Loofbos eik en hazelaar overheersen haagbeuk veel cultuurplanten rogge, boekweit, korenbloem
Archeologische perioden Nieuwe tijd Middeleeuwen Romeinse tijd IJzertijd
800 815
2650
IVb Subboreaal koeler droger
2000
3755
IVa
5000
4900
5300
7020
8240
III
Boreaal warmer
II
Preboreaal warmer
I
8000
9000
8800 11.755
Atlanticum warm vochtig
10.150
12.745
10.800
13.675
11.800
14.025
12.000
15.700
13.000
LaatWeichselien (LaatGlaciaal)
Late Dryas
LW III
Allerød
LW II
Vroege Dryas LW I Bølling
35.000
Loofbos eik en hazelaar overheersen beuk>1% invloed landbouw (granen)
Bronstijd
Neolithicum
Loofbos eik, els en hazelaar overheersen in zuiden speelt linde een grote rol den overheerst hazelaar, eik, iep, linde, es eerst berk en later den overheersend
Mesolithicum
parklandschap dennen- en berkenbossen open parklandschap open vegetatie met kruiden en berkenbomen
MiddenWeichselien (Pleniglaciaal)
perioden met een poolwoestijn en perioden met een toendra
VroegWeichselien (VroegGlaciaal)
perioden met bos en perioden met een subarctisch open landschap
Laat-Paleolithicum
75.000
115.000 130.000
Eemien (warme periode)
Midden-Paleolithicum loofbos
Saalien (ijstijd) 300.000
Vroeg-Paleolithicum Chronostratigrafie voor Noordwest-Europa volgens Zagwijn (1974), Vandenberghe (1985) en De Mulder et al. (2003). Lithostratigrafie volgens De Mulder et al. (2003). Mariene isotoop stadium (MIS) volgens Bassinot et al. (1994). Atmosferische data volgens Stuiver et al. (1998). Zuurstofisotoop calibratie (OxCal) versie 3.9 Bronk Ramsey (2003), toegepast op het Laat-Weichselien en het Holoceen. Archeologische periode-indeling en ouderdom volgens de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB). Vegetatie bewerkt volgens Berendsen (2000). Pollenzones volgens P. Vos & P. Kiden (2005).
Bijlage 2:
Boorprofielen
S200045 Dorpsstraat 30 te Twello
Boring: S200045_1 Kop algemeen: Projectcode: S200045, Boornummer: 1, Beschrijver(s): MB, Datum: 12-11-2020, Doel boring: archeologie - kartering, Einddiepte boring in cm: 150 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 203840, Y-coördinaat in meters: 472491, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 0, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Voorst, Opdrachtgever: VOF Stationsstraat Twello, Uitvoerder: Synhegra B.V. 25 / -0.25 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 25, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 50, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont Archeologie: Aardewerk: enkel fragment, Puin onbepaald: enkel fragment 50 / -0.50 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 50, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 70, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn,
Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: recente bodemvorming 70 / -0.70 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 70, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 110, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: recent puin 110 / -1.10 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 110, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 120, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemkundige interpretatie: verstoord Archeologie: Puin onbepaald: enkel fragment Laag opmerking: Opmerking: recent puin 120 / -1.20 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 120, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: licht-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: matig humeus,
Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: verrommeld Einde boring 150 / -1.50
1 bron: S20045_boringen.geojson - 16-11-2020 12:37:24
S200045 Dorpsstraat 30 te Twello
Boring: S200045_2 Kop algemeen: Projectcode: S200045, Boornummer: 2, Beschrijver(s): MB, Datum: 12-11-2020, Doel boring: archeologie - kartering, Einddiepte boring in cm: 140 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 203861, Y-coördinaat in meters: 472483, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 0, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Voorst, Opdrachtgever: VOF Stationsstraat Twello, Uitvoerder: Synhegra B.V. 0 / 0.00 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 50, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor Archeologie: Puin onbepaald: enkel fragment 50 / -0.50 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 50, Ondergrens laag in cm: 110, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking:
verrommeld 110 / -1.10 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 110, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 140, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: verrommeld Einde boring 140 / -1.40
2 bron: S20045_boringen.geojson - 16-11-2020 12:37:24
S200045 Dorpsstraat 30 te Twello
Boring: S200045_3 Kop algemeen: Projectcode: S200045, Boornummer: 3, Beschrijver(s): MB, Datum: 12-11-2020, Doel boring: archeologie - kartering, Einddiepte boring in cm: 140 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 203849, Y-coördinaat in meters: 472475, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 0, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Voorst, Opdrachtgever: VOF Stationsstraat Twello, Uitvoerder: Synhegra B.V. 0 / 0.00 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 50, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor Archeologie: Puin onbepaald: enkel fragment 50 / -0.50 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 50, Ondergrens laag in cm: 110, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: verploegd tot in C-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag
opmerking: Opmerking: verrommeld, verworteld 110 / -1.10 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 110, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 140, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: verrommeld Einde boring 140 / -1.40
Boring: S200045_4 Kop algemeen: Projectcode: S200045, Boornummer: 4, Beschrijver(s): MB, Datum: 12-11-2020, Doel boring: archeologie - kartering, Einddiepte boring in cm: 120 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 203840, Y-coördinaat in meters: 472464, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 0, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Voorst, Opdrachtgever: VOF Stationsstraat Twello, Uitvoerder: Synhegra B.V. 0 / 0.00 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Aard bovengrens: diffuus (3-10 cm), Ondergrens laag in cm: 70, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor Archeologie: Puin onbepaald: enkel fragment 70 / -0.70 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 70, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 120, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont:
C-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor Laag opmerking: Opmerking: verrommeld Einde boring 120 / -1.20
3 bron: S20045_boringen.geojson - 16-11-2020 12:37:24
S200045 Dorpsstraat 30 te Twello
Boring: S200045_5 Kop algemeen: Projectcode: S200045, Boornummer: 5, Beschrijver(s): MB, Datum: 12-11-2020, Doel boring: archeologie - kartering, Einddiepte boring in cm: 180 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 203866, Y-coördinaat in meters: 472468, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 0, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Voorst, Opdrachtgever: VOF Stationsstraat Twello, Uitvoerder: Synhegra B.V. 0 / 0.00 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 80, Aard ondergrens: diffuus (3-10 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: bouwvoor Archeologie: Puin onbepaald: enkel fragment 80 / -0.80 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 80, Aard bovengrens: diffuus (3-10 cm), Ondergrens laag in cm: 140, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: grijs-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: matig humeus, Mediaanklasse:
matig fijn Bodem: Bodemhorizont: regelmatig geploegd/bewerkte A-horizont, Brokken en vlekken: zandbrokken, Bodemkundige interpretatie: verstoord Laag opmerking: Opmerking: verrommelde B-C 140 / -1.40 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 140, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 180, Boortype en diameter: Edelman-12 cm, Kleur: geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Lithostratigrafie: Fv Boxtel, LPv Wierden Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: verrommeld Einde boring 180 / -1.80
4 bron: S20045_boringen.geojson - 16-11-2020 12:37:24
Rapport Verkennend bodemonderzoek NEN 5740/ Verkennend bodemonderzoek asbest NEN 5707 Stationsstraat 30 Twello
Projectnummer:
20304
Datum:
12 januari 2021
Rapport Verkennend bodemonderzoek NEN 5740/ Verkennend bodemonderzoek asbest NEN 5707 Stationsstraat 30 Twello
Opdrachtgever: VOF Stationsstraat Twello De heer H. van Vemde H.W. Iordensweg 1 7391 KA Twello Projectnummer: 20304 Datum:
12 januari 2021
Status:
Definitief
Opgesteld door:
Paraaf:
Goedgekeurd door:
F. H. de Vries
ing. G. van Dijk
1 Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 20304.
Paraaf:
Inhoud 1 Inleiding .................................................................................................................................. 3 2 Inventarisatie ........................................................................................................................... 5 2.1 Historisch gebruik. ............................................................................................................... 5 2.2 Huidig gebruik ..................................................................................................................... 7 2.3 Toekomstig gebruik ............................................................................................................. 8 2.4 Geohydrologische gegevens ................................................................................................ 8 2.5. Onderzoeksstrategie ............................................................................................................ 8 3 Uitgevoerd veld- en laboratoriumonderzoek ........................................................................ 10 4 Resultaten veldonderzoek ..................................................................................................... 14 5 Resultaten laboratoriumonderzoek .......................................................................................
16 5.1 Toetsingskader ................................................................................................................... 16 5.2 Analyseresultaten ............................................................................................................... 16 6 Conclusie............................................................................................................................... 19 6.1 Toetsing van de onderzoekshypothese............................................................................... 20 6.2 Toetsing van de onderzoekshypothese............................................................................... 20 6.3 Aanbeveling ....................................................................................................................... 21 7 Zorgvuldigheid onderzoek .................................................................................................... 22
Bijlagen 1. Topografisch en kadastraal overzicht 2. Situatietekening 3. Monsternemingsformulieren (grond en grondwater) 4. Boorbeschrijvingen 5. Toegepaste methoden/normen veldwerk en laboratorium onderzoek 6. Analyseresultaten + toetsing 7. Foto’s 8. Bodeminformatie
2 Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 20304.
1 Inleiding De heer H. van Vemde van Van Vemde Projectontwikkeling Noord-West BV uit Twello heeft op 29-10-2020 opdracht verleend tot het instellen van een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 en NEN 5707 ter plaatse van de locatie aan Stationsstraat 30 in Twello. Voor de ligging van de onderzoekslocatie wordt verwezen naar bijlage 1. De inrichting van de locatie is weergegeven in bijlage 2. De aanleiding van het verkennend bodemonderzoek is het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor de bouw van een appartementencomplex op het terrein. Doel van het onderzoek is het vaststellen van eventuele verontreiniging van grond en grondwater van de locatie en een globaal inzicht te verschaffen in de aard, plaats en concentratie van eventuele verontreinigende stoffen. Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de Nederlandse Norm NEN 5725:2017 (strategie voor het uitvoeren van milieu hygiënisch vooronderzoek). Bij het verzamelen van de beschikbare informatie is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de werkwijze zoals beschreven in de NEN5725. Op basis van deze norm bepaalt de aanleiding van het onderzoek de minimale onderzoeksaspecten. In onderstaande tabel zijn deze onderzoeksaspecten per aanleiding weergegeven. In de huidige situatie is sprake van aanleiding A (bodemonderzoek). onderzoeksaspecten Locatie gegevens Bodemopbouw en geohydrologie
Verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit
Gebruik en beïnvloeding van de locatie, verdachte situatie, activiteiten, ongewoon voorval
Eigendomssituatie Hoogteligging Bodemopbouw Antropogene lagen in de bodem Geohydrologie Geval van Ernstige bodemverontreiniging Kwaliteit o.b.v. BKK o.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken Voormalig Huidig Toekomst Asbestverdacht
Aanleidingen tot vooronderzoek A B C D E F O O X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X
O X
X X
X X
X X
X X
O X X
X
X X
X X O X
X
G
X X X X X
X
X X X X X Terreinverkenning X = Verplicht onderzoeksaspect. Indien dit onderzoeksaspect niet van toepassing is behoort dit in het rapport te worden vermeld en gemotiveerd O = Optioneel
3 Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 20304.
Aanleiding tot vooronderzoek A Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit voeren behoeve van uit te voeren bodemonderzoek B Opstellen hypothese over de aanwezigheid van potentieel bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten bij nul- en eindsituatie onderzoek C Opstellen hypothese over de bodemkwaliteitsklasse van de ontvangende bodem voorafgaande aan het toepassen van grond of baggerspecie D Opstellen hypothese over de milieuhygiënische kwaliteit ten behoeve van partijkeuring E Opstellen of actualiseren van een bodemkwaliteitskaart F Toetsing gebruik bodemkwaliteitskaarten bij te ontgraven grond en het toepassen van grond G Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit bij tijdelijke uitplaatsing en bij overig projectmatig grondverzet ten behoeve van het inschatten van arbeidshygiënische risico’s
Ten behoeve van dit vooronderzoek hebben wij de volgende bronnen geraadpleegd: Onderdeel Historisch, huidig en toekomstig gebruik Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek Locatiegegevens van internet: historisch topografisch kaartmateriaal basisregistratie grootschalige topografie kadastrale gegevens Google streetview Provinciale bodeminformatie Bodemopbouw Asbest Geo(hydro)logie Bodemkwaliteitskaart Terreininspectie
Bron Opdrachtgever Gemeente Voorst, contactpersoon de heer W. Ogg
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl maps.google.nl www.bodemloket maps.bodemdata.nl www.asbestdaken.gelderland.nl www.dinoloket.nl www.apeldoorn.nl (Nota Bodembeheer 20 januari 2011) Bodemkwaliteitskaart PFAS-verbindingen (29 mei 2020) Uitgevoerd voorafgaand aan veldwerk op 26-11-2020 door erkende monsternemer de heer A. de Graaf van Boluwa Eco Systems BV
Uit de verstrekte gegevens en de uitgevoerde terreininspectie kan niet worden opgemaakt dat er een mogelijk bodembedreigende activiteiten op de locatie hebben plaatsgevonden. In de volgende hoofdstukken zal achtereenvolgens worden ingegaan op de verrichte veld- en laboratoriumwerkzaamheden en de resultaten van het onderzoek. In hoofdstuk 7 worden de bevindingen geïnterpreteerd en conclusies getrokken over de actuele kwaliteit van de grond en het grondwater op de locatie.