CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 11 juli 2024 (get.)

Gemeenteraad Voorschoten 26 september 2024, gemeente voorschotenBij agendapunt: Vaststellen raadsnotulen36.660 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

De PvdA formuleert dit in haar amendement 301 als "fysieke infrastructuur", maar hiermee doet zij deze vier speerpunten tekort. Immers, woningbouw, cultuur, sport en het AB-huis in hart van de Voorstraat, de woonkamer van ons dorp, zijn stuk voor stuk onderwerpen die mensen bij elkaar brengen, geestelijk en lichamelijk verrijken en zorgen voor zuurstof ten aanzien van de ontwikkeling van de bevolking in het dorp. Het zijn dus zeer belangrijke speerpunten die inwoners met elkaar verbinden en niet slechts zijn verworden tot een fysieke infrastructuur. Deze punten zijn eigenlijk een geweldige vertaling van ons coalitieakkoord met zijn titel "In verbinding vooruit". Misschien is het ook een voorbeeld van het eerdergenoemde Prestonmodel. Het kader waarvoor wij hier bij elkaar zijn gekomen, is een kader dat tezamen met de Meicirculaire geen rooskleurig beeld laat zien. We krijgen eerst in 2025 een dikke tik omlaag van € 1,1 miljoen om daarna een paar kleine plusjes te krijgen over drie jaar die de 2025-tik bij lange na niet goed maken, met dank aan Den Haag. Daarover is al genoeg gezegd in het kader van de VNG-discussie. Het is daarom zaak om goed naar de financiën te blijven kijken en deze op orde te hebben. Financiën op orde is wat ons betreft dus het credo voor deze Kadernota en vanzelfsprekend ook de vele jaren daarna.

Wij hebben daarom via mevrouw Van Meenen niet voor niks samen met de VVD en het CDA motie 332 ingediend, die drie belangrijke constateringen in zich heeft. Ten eerste: het lijkt erop dat de organisatie jaarlijks niet meer dan € 6 miljoen aan investeringen weggezet krijgt; richt je dus ook op ongeveer dat volume. Ten tweede: we mogen niet over de 130% schuldquote komen. Ten derde: we moeten vooral gepast omgaan met de financiële tikken uit Den Haag. De heer Deuzeman (GroenLinks): Ik hoor de heer Van Duivendijk zeggen dat we gepast moeten omgaan met de tikken uit Den Haag. Ik ben het ermee eens dat die hard aankomen, maar ik hoor hem ook zeggen dat Voorschoten Lokaal vooral voor een sluitende begroting wil gaan. Betekent "gepast ermee omgaan" voor u dat we gewoon maar weer klakkeloos bezuinigen en kijken wat we allemaal niet meer kunnen doen? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Nee hoor, dat betekent dat zeker niet. Ik was ook nog niet klaar met mijn betoog. Er moet zeker ook naar de inkomstenkant gekeken worden om te zien of we ook daar nog iets kunnen doen. Het is dus zeker niet alleen maar bezuinigen wat de klok slaat, maar, zoals onze motie aangeeft, temporiseren, ombuigen, dingen slim en creatief doen. Zo zien wij dat.

De heer Deuzeman (GroenLinks): Ik ben blij om te horen dat Voorschoten Lokaal breder wil kijken, maar "dingen creatief doen" is natuurlijk makkelijk gezegd en moeilijker gedaan, want ik mag ervan uitgaan dat het college enige moeite heeft gedaan om dit goed op te pakken. Hebt u ideeën voor hoe we dit concreter kunnen maken of loopt u tegen hetzelfde aan als wij, namelijk dat het erg moeilijk is om dat te doen zonder verdere informatie? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Dank u wel, meneer Deuzeman, voor deze terechte toevoeging. Inderdaad, wat is "creatief"? Ik ga ervan uit dat wij vanavond met een aantal moties, die wij hopelijk allemaal gaan passeren, het college opdragen om nog eens met focus te kijken naar een aantal onderwerpen en om hun creativiteit daarop te richten, zodat er misschien nog meer creativiteit uit komt dan in de Kadernota zoals die nu door u gevoeld wordt.

Raadsvergadering 11 juli 2024

16

De heer Posthuma (PvdA): Ik hoorde de heer Van Duivendijk zeggen dat hij breed wil kijken, zowel aan de ontvangstenkant als aan de uitgavenkant. Wilt u dan ook motie 327 van de Partij van de Arbeid medeondertekenen? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Mogelijk, maar daar wacht ik graag even het advies van de wethouder op af. Mevrouw Schroot (D66): Ik hoorde de heer Van Duivendijk over "focus" spreken, maar zou het misschien verstandig zijn om wat afstand te nemen en om eens goed te kijken naar waar we mee bezig zijn met z'n allen? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Ja, ik denk dat we beide moeten doen. Omdat wij als Voorschoten Lokaal er vertrouwen in hebben dat dit college nut en noodzaak inziet van het op orde hebben en houden van de financiën, vinden wij het ook niet meer dan logisch om een motie in te dienen en geen amendement. Het college moet in samenspraak met het ambtenarenapparaat, met zijn immer wisselende personele onderbezetting en financiële onzekerheden vanuit Den Haag, zelf ongebonden en creatief met voorstellen komen om, zoals men zegt, de tering naar de nering te zetten. De heer Maassen (SP): Ik ken de heer Van Duivendijk als een raadslid dat de mond altijd vol heeft van "wettelijke taken".

Meneer Van Duivendijk, bent u het met mij eens dat een van de wettelijke taken van de gemeenteraad het budgetrecht is? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Ja. De heer Maassen (SP): Dan verbaast het mij dat de heer Van Duivendijk zojuist in een paar zinnen dat budgetrecht eigenlijk gewoon afstaat en zegt: ach, het college mag lekker met voorstellen komen; wij gaan geen amendementen indienen. Dit is juist hét moment voor u als raadslid en voor ons als raad om dat budgetrecht uit te voeren. U laat die kans passeren omdat u vertrouwen heeft. De voorzitter: Wat is uw vraag? De heer Maassen (SP): Bent u het met mij eens dat vertrouwen goed is, maar controle beter? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Ik ben het zeker met de heer Maassen eens dat vertrouwen goed is en dat controle beter is. Die controle doen wij ten tijde van de begroting. Daar zullen wij dus de opnieuw opgedragen creatieve voorstellen beoordelen die we hopelijk van het college gaan krijgen en daar navenant naar handelen.

De heer Maassen (SP): Ja, maar dit is toch hét moment voor ons als raad om iets te vinden van die creatieve voorstellen? Je geeft toch alle controle weg als je nu zegt: kom maar met iets leuks; we zien straks wel of het goed is? Dan heb je toch eigenlijk géén vertrouwen in je college, omdat je dan op het allerlaatste moment misschien laat weten dat het niet de goede kant heeft gekozen? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Ja, dat heeft inderdaad dat risico in zich, maar het gaat nog steeds om de begrotingsbehandeling die bepaalt hoe we 2025 ingaan. Dat is het moment waarop we dit soort keuzes moeten maken. Natuurlijk was het beter geweest als we iets eerder aan wat meer knoppen hadden kunnen zitten. In de beleving van een aantal partijen hier is dat niet zo. Wij vinden dat er genoeg knoppen zijn, maar dat het beter kan. Vandaar ook onze ingediende motie. Mevrouw Van Meenen (VVD): Het verbaast mij dat de heer Maassen niet ziet dat er bij de begroting gebruik kan worden gemaakt van ons budgetrecht en dat dat volgens hem per se bij de Kadernota moet.

Heb ik dat goed gehoord? De heer Maassen (SP): Nee hoor, natuurlijk stel je bij de begroting het budget voor het komende jaar vast, maar ik ben jarenlang docent geweest en als je als docent tegen leerlingen die een opdracht inleveren, zegt "dat is niet slecht, maar het kan nog een stuk beter" zonder daarbij te zeggen hóé het beter kan, heb je geen idee of het eindresultaat in jouw ogen misschien wel

Raadsvergadering 11 juli 2024

17

slechter is. Juist het moment waarop je de kaders kan aangeven, is het moment waarop je gaat sturen en zegt: je moet díé kant op. Als je alleen maar tegen het college zegt dat het een andere kant op moet zonder te zeggen of dat links of rechts is, weet je niet waar het straks bij de begroting op uitkomt. Dat is de kans die de coalitiepartijen of in ieder geval meneer Van Duivendijk hier laten varen door bij voorbaat geen amendementen in te dienen. Mevrouw Van Meenen (VVD): Dan ben ik benieuwd of u vindt dat ons college, gesteund door onze organisatie, op leerlingniveau zit. De heer Maassen (SP): Je kan natuurlijk elk voorbeeld letterlijk nemen, maar u begrijpt heel goed wat ik bedoel. De heer Posthuma (PvdA): Ik leg meneer Van Duivendijk een citaat voor uit de Kadernota 2024, dus van vorig jaar, op bladzijde 6. Dat gaat over de financiële perspectieven voor de komende jaren: "Toch achten we het op dit moment niet opportuun om met ombuigingsvoorstellen te komen voor de jaren 2026 en 2027. De Kadernota 2025 biedt hiertoe een nieuw weegmoment." We zitten nu op een nieuw weegmoment. U heeft daar kennelijk goed over nagedacht en dit is wat er na een jaar nadenken is uitgekomen.

Is dit wat Voorschoten Lokaal het afgelopen jaar heeft gewogen? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Wat is nu concreet uw vraag? Of ik gewogen heb? De heer Posthuma (PvdA): U en de coalitiepartijen hebben een jaar de tijd genomen om te wegen en te wikken met al die dingen die er nog aan zitten te komen. Het komt niet allemaal uit de blauwe lucht vallen; het komt voorbij. U heeft er een jaar over nagedacht en u heeft hier veel over gesproken met de wethouders, maar het enige waarmee u in deze vergadering komt aanzetten, is een motie die een beetje in het luchtledige hangt en alle kanten opgaat. Bent u dat met me eens? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Nee, dat ben ik niet met u eens. Volgens mij is de Kadernota met name een optelsom van raadsbesluiten en projecten die wij hier hebben geaccordeerd en die zijn samengevat en is het toch echt een werkstuk van het college en de ambtenaren, dus niet van mij, zoals u suggereert. De voorzitter: De derde en laatste interruptie, de heer Posthuma. De heer Posthuma (PvdA): Om in de termen van de heer Maassen te spreken: u had er een werkstuk van kunnen maken. U had iets in kunnen leveren, maar u heeft eigenlijk een kladje ingebracht met weinig ideeën, waar eigenlijk nul visie uit spreekt. Ik begrijp dus niet zo goed wat u wilt. De voorzitter: Uw vraag is wat de heer Van Duivendijk dan wil, zoiets.

De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Wat de heer Van Duivendijk in ieder geval wil, is de typering van de Kadernota als "kladje" verre van zich werpen. Wij zien het als een mooi vertrekpunt, dat zeker nog wel wat tweaks nodig heeft. De typering die u eraan geeft, voldoet in mijn beleving niet. De voorzitter: Nee, meneer Posthuma, u had al drie interrupties gehad. Het is wat het is. Strakjes weer. De heer Deuzeman (GroenLinks): Ik neem het waardeoordeel van de heer Van Duivendijk gewoon aan, maar ik vraag me wel af hoe hij dit voor zich ziet. Weet de heer Van Duivendijk nog hoe het de vorige keer ging? Toen moesten we een hele begroting verbouwen omdat de raad het er niet mee eens was en de coalitie met een amendement kwam dat toen naar de toezichthouder is gegaan? Stelt deze coalitie voor dat we dat opnieuw gaan doen? Of gaan we ergens tussendoor nog sturen? Want ik zou niet weten wat we moeten gaan doen als we dat niet bij deze Kadernota doen, anders dan bij de begroting kijken of we met een heel groot amendement iets kunnen doen. Maar als de coalitiepartijen hier al niet willen amenderen, zie ik het daar ook niet gebeuren. Wat is hier precies het voorstel? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Het voorstel is dat we sowieso nu eerst het college aan zet laten om opnieuw te kijken naar de wensen die wij vanavond uiten, de opmerkingen die wij

Raadsvergadering 11 juli 2024

18

maken en de moties die wel of niet worden aangenomen. Er ligt volgens mij ook een motie om tussentijds nog met elkaar om de tafel te gaan zitten om te kijken of we richting de begrotingsbehandeling tot concretere voorstellen kunnen komen. Ik wacht dus graag de rest van de behandeling af. De heer Deuzeman (GroenLinks): Ik luisterde naar het citaat dat de heer Posthuma zojuist gaf. Dat was toch precies wat het college nu al zou hebben gedaan? Waarom kan het nu niet, nadat het een jaar de tijd heeft gehad? En waarom zou u denken dat het na het zomerreces, wanneer iedereen net op vakantie is geweest, wel beter wordt? De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Die vraag zult u aan het college moeten stellen. Dat zou ik echt niet weten. De voorzitter: Deze vraag wordt doorgeleid naar het college. De heer Deuzeman (GroenLinks): Ja, dank u, voorzitter. Ik wilde net zeggen: dat zal ik dan maar doen. De voorzitter: Precies, bij dezen. De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Voor degenen die het even kwijt zijn: ik was gebleven bij "de tering naar de nering zetten".

Wij zouden graag zien dat het college de tering naar de nering zet, met het coalitieakkoord ferm in de hand als lichtend voorbeeld, waarbij het de wettelijke taken probeert slimmer en efficiënter uit te voeren - daar hebben we zojuist al het een en ander over gezegd - en de vier speerpunten zo snel mogelijk probeert te realiseren. Als de voorstellen in onze ogen niet voldoende of niet gepast zijn, zullen wij daar tijdens de begrotingsbehandeling in november of eerder navenant op reageren, maar voor nu gunnen wij het college zijn broodnodige vrijheid ten aanzien van deze monsterklus en wensen we het college sterkte. De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. We zitten nog midden in een Europees voetbalkampioenschap; althans, we zijn daar helaas uit gegaan. De voorzitter: Het Europees kampioenschap is echt klaar. De heer Posthuma (PvdA): Voor mijn gevoel zitten we er echt nog even in, maar het Europees kampioenschap laat zien dat we, ondanks veel geblesseerde spelers, met de juiste wedstrijdinstelling, talent en een portie geluk bijna tot een EK-finale kunnen doordringen. Iedere avond horen we op tv hoe het anders moet van allerlei stuurlui die aan wal staan. Want ja, voetbal is toch een simpel spel van 22 mannen of vrouwen die achter een bal aan hollen, en uiteindelijk winnen de Duitsers. Dat beeld krijg je als je al die voetbaltafels moet geloven, maar dat is een misvatting.

Sowieso, want de Duitsers liggen er natuurlijk allang uit, maar meer nog over het spel zelf. Het spel voetbal is de afgelopen jaren namelijk sterk geëvolueerd. Voetballers zijn veel meer dan vroeger atleten geworden. Ze zijn fitter, sneller en slimmer dan ooit. De tactieken van vandaag overstijgen die van 40 jaar geleden. Het spelletje lijkt nog hetzelfde als voorheen, maar heeft door de grote aanwas van talent, informatie en geld een flinke vlucht genomen. Ook de gemeenten zijn niet meer de gemeenten van 40 jaar geleden. De opgaven zijn veel groter en complexer geworden. Voetbal en politiek zijn twee favoriete hobby's van mij. Ik heb gezien dat de grappig bedoelde kantineklets aan de voetbaltafels de afgelopen jaren naar de politieke tafels toe waait. Een grote overschatting, overigens van beide tafels. In de politiek ligt het nog iets gecompliceerder dan bij voetbal. Als het simpel klinkt, is het vaak te mooi om waar te zijn. Eenvoudige oplossingen zijn er meestal niet. Politiek bestaat bij de gratie van conflicterende belangen en tegengestelde waarden die regelmatig met elkaar botsen, maar waarover we wel een knoop moeten doorhakken. De Kadernota is zo'n complexe aangelegenheid waar we knopen over moeten doorhakken.

Dat is ook de reden waarom we vandaag bij elkaar zijn: een nota waarin een droevig financieel beeld wordt geschetst, zowel in de lopende begroting als in de oplopende schuldquote. Dit beeld geldt overigens niet alleen voor Voorschoten. De tekorten in de begrotingen van verschillende gemeenten zijn aanzienlijk en lopen de komende maanden structureel op. Hierdoor ontstaat een grote onbalans tussen taken en middelen: de taken en opgaven nemen toe, terwijl de structurele

Raadsvergadering 11 juli 2024

19

middelen juist afnemen. Dit bedreigt de slagkracht van iedere gemeente, maar vooral van de wat kleinere gemeenten. De situatie is op dit moment wezenlijk anders dan in de vorige kadernota's. Er is sprake van een andere investeringsomvang. We gaan veel meer doen, onder meer door het grootschalige achterstallige onderhoud van ons riool, de sportaccommodaties, de scholenbouw, ons Cultureel Centrum, gemeentehuis, bieb, sporthal, zwembad en zo kan ik nog wel even doorgaan. Lang verhaal kort: de kapitaallasten gaan enorm toenemen en dat drukt de komende jaren op de exploitatie, omdat we simpelweg geld moeten lenen. Verder hebben we natuurlijk het ravijnjaar vanaf 2026 én de Meicirculaire van dit jaar. Het is met name de korting uit het Gemeentefonds die ons in problemen brengt. Ik zie dat er in de Kadernota enkele ombuigingen worden gedaan, maar ik zie niet of het college echt overwogen heeft om iets aan de inkomstenkant te doen. Het zijn allemaal zorgelijke ontwikkelingen. Dan zou je verwachten dat in deze Kadernota kaders worden gesteld en nadrukkelijke keuzes worden gemaakt. Meneer Deuzeman refereerde daar al aan en ik hoorde ook mevrouw Van Meenen daarover: echte kaders zie ik niet in deze Kadernota.

Onze eerste vraag aan het college is dan ook: beste college, waar is de Kadernota? Het huidig document dat doorgaat voor Kadernota, biedt op dit moment nog geen kaders voor het formuleren van prioriteiten of posterioriteiten, dit allemaal in een context van een oplopend negatief structureel saldo en grote voorgenomen investeringen. Die laatste zullen een toenemende druk op de reguliere exploitatie veroorzaken. Wij zijn van mening dat de complexe financiële positie van Voorschoten een raadsbrede bespreking in de raad behoeft, in een fase voorafgaand aan de uiteindelijke begroting van het college. We willen graag een raadsbreed debat in september 2024 hebben, het liefst dus direct na de zomer of anders in het voorjaar van 2025, voor de Kadernota van 2026. We weten dat het college ambtelijk al een inventarisatie heeft gemaakt voor een aantal bezuinigingen. Dat werk is dus gewoon al gedaan. Daarom dien ik amendement 302 en motie 327 in. Het amendement relativeert deze Kadernota en verzoekt om een nieuwe bespreking in de maand september. Het amendement, dat mede wordt ingediend door de SP, luidt: "Amendement 302. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien het raadsvoorstel nr. Z/24/086946/399079, constaterende dat: a. b. c.

de Financiële verordening regelt dat het college vóór het zomerreces aan de raad een Kadernota aanbiedt met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming; de Kadernota voor het jaar 2025 uitgaat van een positief structureel saldo van € 231.000 en negatieve structurele saldi van € 1,8 miljoen in 2026 oplopend tot € 2,5 miljoen in 2028; de informatiebrief Meicirculaire 2024 echter laat zien dat het verwachte positieve saldo over 2025 verandert in een negatief structureel saldo van € 873.000;

overwegende dat: d.

de combinatie van bezuinigingen op het Gemeentefonds en de omvangrijke investeringsagenda van Voorschoten doen verwachten dat het negatief structureel saldo na 2028 verder toeneemt, hetgeen grote druk zal uitoefenen op het uitvoeren van reguliere taken die gefinancierd worden uit de jaarlijkse exploitatiebegroting;

van mening dat: e. f.

de Kadernota met inbegrip van de informatiebrief over de Meicirculaire 2024 een goed financieel overzicht biedt in de financiële positie van de gemeente Voorschoten op de korte en de langere termijn; de Kadernota nog geen richtinggevend kader biedt voor het formuleren van prioriteiten en posterioriteiten in een context van een oplopend negatief structureel saldo dat een toenemende druk op de reguliere exploitatie zal veroorzaken;

Raadsvergadering 11 juli 2024

20

g.

de complexe financiële positie van Voorschoten een raadsbrede bespreking in de raad behoeft in een fase voorafgaand aan een uiteindelijk voorstel van het college;

De gemeenteraad besluit het voorgestelde besluit bij de Kadernota 2025 luidend 'De Kadernota 2025 vast te stellen als uitgangspunt voor de begroting 2025' als volgt te wijzigen: De gemeenteraad besluit 1. 2.

De Kadernota 2025 vast te stellen als cijfermatig referentiekader voor het opstellen van de begroting 2025 en de meerjarenraming en daarbij tevens de informatiebrief over de Meicirculaire 2024 te betrekken; het college te verzoeken om de raad ter bespreking in september 2024 a) een tussenbalans tussen Kadernota en begroting voor te leggen waarin verschillende varianten worden beschreven om te komen tot een structureel sluitende begroting over 2025 en b) een procesvoorstel te doen om te komen tot een raadsbrede dialoog over prioriteiten en posterioriteiten in meerjarig perspectief."

De motie gaat erover dat alle voorstellen op tafel komen te liggen, vooral als het gaat om de inkomstenkant van de gemeente. Mijn partij wil graag dat we daar op die manier naar gaan kijken. De motie, die mede wordt ingediend door de SP en GroenLinks luidt: "Motie 327. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien de Kadernota 2025, constaterende dat: a. b.

de gemeente Voorschoten een lastige financiële periode tegemoet gaat; dit voor veel gemeenten in Nederland geldt;

voorts constaterende dat: c.

d.

in de Kadernota 2025 in paragraaf 1 gesteld wordt dat de oplossingen voor deze financiële tekorten liggen aan de uitgaven- en inkomstenkant van de gemeente: 'Duidelijk is dat verdere ombuigingen, bezuinigingen en/of verhoging van inkomsten noodzakelijk zijn om de komende vier jaar tot een positief resultaat te komen'; in de eerste uitwerkingen in de Kadernota alleen gerefereerd wordt aan de ombuigingen aan de uitgavenkant, maar niet aan uitwerkingen aan de inkomstenkant;

van mening dat: e.

zowel de opties van de kosten als nieuwe inkomsten goed in kaart moeten worden gebracht voor de begroting 2025 die in het najaar van 2024 in de gemeenteraad behandeld wordt;

verzoekt het college in de begroting 2025 ook daadwerkelijk met reële financiële voorstellen - als onderdeel van de begroting - te komen die extra inkomsten voor de gemeente Voorschoten kunnen genereren, en gaat over tot de orde van de dag." Dan nog even over motie 332 van de coalitiepartijen. Allereerst stemmen de coalitiepartijen waarschijnlijk in met het vaststellen van de Kadernota als uitgangspunt voor de begroting 2025. Daarmee wordt dus ook ingestemd met het hanteren van de uitgangspunten van de investeringsplanning en meerjarenbegroting. Dat is dan dus nogmaals vastgesteld beleid. Dan is de Kadernota dus vastgesteld, en dan zegt de coalitie in een motie, een vriendelijk verzoek aan het college: o ja, we hebben ons eigenlijk bedacht en vinden dat u de Kadernota inclusief de investeringsplanning toch maar niet moet beschouwen als uitgangspunt voor de begroting. Daarbij worden geen prioriteiten of posterioriteiten meegegeven, maar uitsluitend algemene uitgangspunten uit het handboek bezuinigen. In formele zin vind ik dit erg vreemd en in materiële

Raadsvergadering 11 juli 2024

21

zin creëer je volstrekte onduidelijkheid over de vraag wat nu wel en niet gaat gebeuren, in de hoop dat het college met oplossingen komt. Ook het dorp laat je daarmee in volstrekte verwarring achter. Als de coalitiepartijen zichzelf enigszins serieus nemen als verantwoordelijke partijen, moeten ze voor ons amendement stemmen en hun eigen motie intrekken. In deze Kadernota zien we wel enkele prioriteiten genoemd, zonder daar financiële kaders aan te hangen. Dat zijn prioriteiten waar dit college zich aan wenst te committeren. We zijn het eens met de eerste drie prioriteiten die het college stelt, namelijk woningbouw, de Kruispuntkerk en de realisatie van de nieuwe Fortgensschool, die met elkaar samenhangen, en het sportaccommodatiebeleid. De extra ambtelijke capaciteit voor woningbouw vinden we te billijken, maar onze vraag is dan direct of er eigenlijk geen extra ambtelijke capaciteit zou moeten komen voor het sportaccommodatiebeleid. Dat is nu niet geregeld in het voorstel voor het sportaccommodatiebeleid. Om die reden dienen we motie 328 in om ervoor te zorgen dat er in de toekomst voldoende duurzame ondersteuning is voor de uitvoering van het sportaccommodatiebeleid. De motie, die mede wordt ingediend door de SP en GroenLinks, luidt: "Motie 328. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien de Kadernota 2025, constaterende dat: a.

b. c.

het sportaccommodatiebeleid van Voorschoten in de raadsvergadering van 4 juli jl. is vastgesteld; we een grote achterstand hebben in te halen bij onze sportaccommodaties; de wensen en behoeften van de verschillende sportverenigingen goed in kaart zijn gebracht;

voorts constaterende dat: d. e. f.

g.

de gemeente Voorschoten met dit nieuwe beleid een gelijk speelveld creëert voor alle sportverenigingen in Voorschoten; de gemeente Voorschoten tevens helderheid verschaft over de regels; voor de ambtelijke ondersteuning en uitvoering van dit sportaccommodatiebeleid alleen voor 2025 en 2026 tijdelijk geld is vrijgemaakt (zie bladzijde 13 raadsvoorstel Sportaccommodaties: 'Aanvullende kosten sportaccommodatiebeleid, onderzoek en expertise volgens uitvoeringsplan'); de wethouder het bovenstaande punt in de gecombineerde commissievergadering van 27 juni 2024 geduid heeft als ambtelijke capaciteit;

overwegende dat: h. i.

grote verwachtingen zijn gewekt aan sportverenigingen en onze inwoners over dit nieuwe sportaccommodatiebeleid; het structureel vrijmaken van ambtelijke capaciteit geen onderdeel is van dit sportaccommodatiebeleid en zelfs niet genoemd wordt als relevant issue;

van mening dat: j.

we aan deze verwachtingen van nieuw beleid moeten voldoen door genoeg ambtelijke capaciteit vrij te maken voor de uitvoering van het sportaccommodatiebeleid in Voorschoten;

verzoekt het college in de meerjarenbegroting 2025-2028 genoeg ambtelijke capaciteit vrij te maken voor de uitvoering van het sportaccommodatiebeleid en actief met voorstellen te komen wanneer blijkt dat die ambtelijke capaciteit ontoereikend is, en gaat over tot de orde van de dag."

Raadsvergadering 11 juli 2024

22

Het hernieuwd gebruik van het Ambachts- en Baljuwhuis - prioriteit 4; andere partijen refereerden daar al aan - vinden we niet onbelangrijk, maar we zien dit vooral als een uitvoeringskwestie en niet als een prioriteit op zichzelf. We vinden het heel gek dat de vijfde prioriteit er niet bij staat: het sociale domein. 35% van onze begroting betreft het sociaal domein: € 29 miljoen van de € 83 miljoen. Die ambtenaren gaan niet ineens op woningbouw zitten. Ik vind het niet goed dat dit politiek en bestuurlijk volledig veronachtzaamd wordt. Alles nog even op een rijtje zettend uit het afgelopen jaar: na een vernietigend Rekenkamerrapport over het minimabeleid, een ook negatieve second opinion van een tweede onderzoeksbureau, een kritisch rapport over Voorschoten voor Elkaar als het gaat om jeugdzorg en dan nog eens geen nadrukkelijke aandacht in de begroting voor 2024 voor bestaanszekerheid. Ik weet niet wat er nog meer moet gebeuren om dit als prioriteit op te pakken. Daar komt bij dat door die lastige financiële situatie gemeenten de neiging hebben om juist te gaan bezuinigen op de kwetsbare mensen in het sociaal domein. Daar wil ik echt politiek voor waken. Juist op dit onderwerp moeten wij er als raadsleden zijn voor de mensen die in kwetsbare posities zitten en afhankelijk zijn van de nukken en grillen van de lokale overheid.

Bewoners die in deze positie zitten, gaan niet inspreken in deze raad. Die hoor je gewoon simpelweg niet. Mevrouw Van Meenen (VVD): Meneer Posthuma geeft aan dat er onvoldoende aandacht is voor het sociaal domein. Is de heer Posthuma het niet met mij eens dat de invloed van de gemeente op de kosten in het sociaal domein zeer gering is en dat het, als we het over kostenbeheersing hebben, slechts een druppel op een gloeiende plaat is? De heer Posthuma (PvdA): Als u mijn amendement goed gelezen had, had u gezien dat ik het niet over de financiële consequenties van het sociaal domein heb, maar vooral over de politiekbestuurlijke aandacht daarvoor. We geven kaders mee en door dit niet op te nemen veronachtzamen we dit. Het gaat dus niet zozeer over de financiële consequenties. Ik ben het met mevrouw Van Meenen eens dat dit financiële consequenties kan hebben en dat we er minder sturing op kunnen hebben, maar met mijn amendement gaat het mij om de politiek-bestuurlijke aandacht hiervoor. Mevrouw Van Meenen (VVD): Ik hoor wat de heer Posthuma zegt, maar als ik daar de conclusie uit trek dat alle onderwerpen waar de gemeente van is en die het college niet als speerpunt heeft benoemd, onvoldoende politiek-bestuurlijke aandacht krijgen, heb ik zijn opmerkingen dan goed geïnterpreteerd? De heer Posthuma (PvdA): Nee, die heeft u niet helemaal goed geïnterpreteerd.

Ik heb aangegeven dat het sociaal domein een heel belangrijk onderdeel van onze gemeentelijke begroting uitmaakt en dat er de afgelopen jaren echt gigantische problemen zijn ontstaan. Ik vind dat je dat echt adequaat moet oppakken. Door dit voor 2025 niet als prioriteit mee te nemen, geef je hier ook minder politiek-bestuurlijke aandacht aan. Dat vind ik niet goed. De voorzitter: De derde en laatste interruptie, mevrouw Van Meenen. Mevrouw Van Meenen (VVD): Ik ben verbaasd, want we willen ook zaken realiseren. In mijn beleving hebben wij sinds de decentralisaties heel veel van wat we als gemeente willen en kunnen doen, opzijgezet om het sociaal domein uit te voeren en enigszins onder controle te krijgen. Dat is ons de afgelopen negen jaar niet heel erg gelukt; ik denk wel dat het beter is dan in het begin. Er gaat ook al een aanzienlijk deel van onze aandacht naar uit, wat ervoor zorgt dat onze voorzieningen in het dorp niet onderhouden worden. Ik vind het dus jammer dat de heer Posthuma zegt dat we daar geen of onvoldoende bestuurlijke aandacht aan geven. Moeten de voorzieningen dan nog steeds wijken? De heer Posthuma (PvdA): Ik ben blij om te horen dat de VVD de afgelopen negen jaar heeft geprobeerd om daar iets aan te doen. Ik stel voor dat de Partij van de Arbeid inspringt en er zorg voor draagt dat het beter kan.

Juist omdat de komende jaren zo cruciaal gaan zijn, met dat moeilijke financiële perspectief, moet het sociale domein wat mij betreft prioriteit hebben, niet per se in geld - hoewel ik dat eigenlijk wel graag zou willen - maar wel in politieke en bestuurlijke zin, zodat we het nooit kunnen vergeten. Daarom dienen we amendement 301 in. Het amendement, dat mede wordt ingediend door GroenLinks en de SP, luidt:

Raadsvergadering 11 juli 2024

23

"Amendement 301. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien het raadsvoorstel nr. Z/24/086946/399079, constaterende dat: a. b. c.

het college in de Kadernota vier prioriteiten formuleert voor de resterende coalitiejaren die alle vier betrekking hebben op de 'fysieke infrastructuur' van ons dorp; onafhankelijk recent onderzoek van de Rekenkamercommissie respectievelijk Regioplan belangrijke knelpunten heeft vastgesteld bij de uitvoering van het minimabeleid respectievelijk de uitvoering van de jeugdhulp en het jeugd- en jongerenwerk; Regioplan tevens concludeert 'dat de opdracht, rolverdeling, overlegstructuur en afstemming tussen gemeente, VvE en andere betrokken partijen op dit gebied onvoldoende zijn uitgewerkt en daardoor de samenwerking moeizaam verloopt' (Informatiebrief 027, blz. 3);

overwegende dat: d. e.

de huidige coalitie in het coalitieakkoord de ambitie formuleert dat voor alle inwoners van verschillende leeftijden in Voorschoten hun beroep op zorg goed geregeld is en uitspreekt dat voor die Voorschotenaren die het nodig hebben, een vangnet beschikbaar is; politieke prioriteit niet noodzakelijkerwijs extra financiële middelen kost;

De gemeenteraad besluit aan het voorgestelde besluit bij de Kadernota 2025 luidend 'De Kadernota 2025 vast te stellen als uitgangspunt voor de begroting 2025' toe te voegen de zinssnede '… met dien verstande dat op bladzijde 5 van de Kadernota een vijfde prioriteit wordt toegevoegd, die luidt 5. Het sociaal domein en in het bijzonder het minimabeleid, de jeugdhulp en het jeugd- en jongerenwerk, waarbij verheldering en aanscherping van opdracht, rolverdeling, overlegstructuur tussen gemeente en de relevante partners in het sociaal domein op korte termijn geboden zijn'." Verder waren we verheugd te lezen over de resultaten van de kleine pilot van ons jongerenwerk; we kregen afgelopen dinsdag de antwoorden op onze vragen daarover binnen. Een beetje extra budget, waardoor onze jongerenwerkers zich vooral kunnen focussen op datgene waar ze goed in zijn: werken met jongeren. Wat ons betreft kunnen we dit kleine initiatief met twee jaar verlengen en opnemen in de begroting voor volgend jaar. Ik dien daarom motie 331 in. De motie, die mede wordt ingediend door de SP en GroenLinks, luidt: "Motie 331. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien het raadsvoorstel nr. Z/24/086946/399079, constaterende dat: a. b. c. d.

in de raadsvergadering van 10 november 2022 motie 268 - Pilot activiteiten voor jongeren - unaniem is aangenomen; deze pilot nu anderhalf jaar heeft gelopen; op 9 juli 2024 antwoorden zijn binnengekomen op de schriftelijke vragen die de PvdA over deze pilot heeft gesteld: Z/24/087417/400241; uit deze antwoorden een positief beeld naar voren komt over het extra budget dat de jongerenwerkers de afgelopen twee jaren beschikbaar hebben gehad;

voorts constaterende dat:

Raadsvergadering 11 juli 2024

24

e. f. g. h.

jongerenwerkers door dit extra budget vooral bezig zijn geweest met het organiseren van activiteiten en niet met het werven van fondsen; ze een diverse groep jongeren hebben aangesproken met deze activiteiten; jongeren zelf een belangrijke rol hebben gespeeld in de keuze van de activiteiten; de activiteiten goed bezocht zijn en dit zowel blijkt uit de antwoorden op schriftelijke vragen en socialemedia-uitingen als eigen observaties;

overwegende dat: i.

jongerenwerkers naar eigen inzicht en naar de behoefte van jongeren geld moeten kunnen besteden aan activiteiten en dat goed lijkt te hebben uitgepakt;

verzoekt het college om vanuit de gemeente nogmaals een incidenteel discretionair budget van jaarlijks € 10.000 beschikbaar te stellen - voor de duur van twee jaar (2025 en 2026) - aan Voorschoten voor Elkaar ten behoeve van het jongerenwerk in Voorschoten ten behoeve van activiteitenontwikkeling, die jongerenwerkers vrij kunnen besteden, en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw Kortekaas (CDA): Wij staan positief tegenover deze motie, zoals we de vorige keer ook hebben gezegd, maar er ontbreken twee elementen in wat de heer Posthuma aangeeft in zijn voorzet. Bij de vorige besteding hiervan is afgesproken om enige stimulans richting jongeren te creëren om toch eigen middelen te zoeken via fondsen, want dit is ook een leerproces. Dat was een van de dingen die we mee hadden genomen. Ik merk dat dit ook niet in de beantwoording van de vragen is gekomen die u als positief hebt ervaren. Naar aanleiding van het "vrij kunnen besteden van de middelen" zou ik ook graag willen horen - misschien van u of anders van de wethouder - of dat is toegestaan via de accountant. De heer Posthuma (PvdA): Ik weet dat er, toen we dit bespraken, een suggestie is gedaan, maar uit mijn hoofd zeg ik dat dit door het college naast zich neer is gelegd; dat is het eerste punt. Wat het tweede punt betreft: mensen moeten daarvoor natuurlijk wel de bonnetjes inleveren; dat is ook afgesproken.

Maar het gaat erom dat jongerenwerkers wat vrijer kunnen handelen als er bepaalde behoeften of ideeën van de jongeren komen en daar gelijk op kunnen reageren. Dat hebben ze de afgelopen periode echt op een heel goede manier gedaan. Er zijn eigenlijk heel veel activiteiten georganiseerd; die kun je op sociale media terugkijken. Ik ben er zelf ook weleens gaan kijken. Het is volgens mij een heel goede manier om laagdrempelig een groot aantal jongeren te helpen en te ondersteunen. Mevrouw Kortekaas (CDA): Ik heb nog geen antwoord gekregen op "vrij besteden", maar ik wil graag ook van het college een reactie hebben, ook op datgene wat de heer Posthuma nu zegt. De voorzitter: Dan stel ik voor dat we die vraag doorgeleiden naar het college, want het is wat wonderlijk als de heer Posthuma die vraag namens het college moet gaan beantwoorden. De heer Posthuma (PvdA): Ik zou zeggen: maak me gek, voorzitter; ik ga dat doen namens het college. Nee hoor. De voorzitter: Vervolg maar gewoon netjes uw betoog. De heer Posthuma (PvdA): Ik zal het netjes houden, voorzitter. De voorzitter: Dat lijkt me heel verstandig. De heer Posthuma (PvdA): Met het aantreden van een nieuw kabinet is een einde aan het tijdperk van Mark Rutte gekomen, een periode waarin veel beleid als uitvoering werd beschouwd, ontdaan van enige ideologie.

Rutte deed het iedere keer voorkomen alsof veel nieuw beleid eigenlijk al staande praktijk was. Ik heb Rutte altijd goed gevolgd. Naast dat het een aardige man was en een uitstekende peoplemanager, had hij juist stevige ideeën over de samenleving en de rol van de overheid. Hij was helemaal niet visieloos. Rutte stond voor een kleine, slagvaardige overheid met zo min mogelijk regels voor burgers en bedrijven en met zelfredzaamheid als liberaal sprookje. De participatiesamenleving komt echt uit zijn koker. Hand in eigen boezem: mijn partij heeft daaraan

Raadsvergadering 11 juli 2024

25

meegewerkt. Op bepaalde punten heeft zij dit zeker verzacht, maar onderaan de streep troffen die bezuinigingen vooral de kwetsbaren in de samenleving. Dat had de PvdA nooit mogen laten gebeuren. De idee-fixe van zelfredzaamheid houdt namelijk onvoldoende rekening met de mensen die dat niet zijn. Te veel wordt geredeneerd vanuit de ideale situatie van mensen. Het leven is nu eenmaal niet ideaal. Met de komst van een nieuw kabinet houd ik mijn hart vast. Ik hoop dat ze tot inkeer komen en die korting op het Gemeentefonds afschaffen, maar ik ben het met de heer Deuzeman eens en ik heb daar mijn twijfels over. Ik wil niettemin blijven geloven in een samenleving die van ons allemaal is, niet enkel voor de mensen die gezond zijn, over voldoende inkomen beschikken of al generatieslang uit Appelscha komen. Ik wil niet terug naar een verleden dat er nooit geweest is. Ik wil vooruitkijken naar een toekomst die we samen kunnen maken, waarbij iedereen als volwaardig lid kan deelnemen aan onze samenleving, waar de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Die principes zouden wat mij betreft veel meer in Voorschoten moeten opgaan, maar zijn te lang genegeerd. Ik wil blijven werken aan een Voorschoten dat van ons allemaal is. Dat verdienen wij; dat verdient Voorschoten. Mevrouw Kortekaas (CDA): Voorzitter. Dit college en daarmee ook onze coalitie zitten op de helft van hun "speeltijd".

Er is door college en ambtelijke organisatie veel werk verricht. Daar plukken onze inwoners inmiddels de vruchten van. Ik noem, zonder volledig te zijn, een paar zaken. Het Masterplan Adegeest is vastgesteld en inmiddels in het begin van uitvoering. Een Stichting Gezond Voorschoten, waarmee breed ingezet wordt op preventie. Een sportvisie en een sportaccommodatiebeleidsnota. Het vernieuwde beleid voor het sociaal domein is bijna klaar. Een nieuw IHP. Parkeerbeleid, ook voor fietsen. Verder is en wordt er zichtbaar gebouwd: op de locatie Intratuin, op Beresteyn en op andere plekken. Oud Bijdorp is gestart en de locatie Einsteinlaan in de Vlietwijk gaat bijna van start. De plannen voor bouw op de locatie Segaar-Arsenaal zijn vorige week vastgesteld. Dat zijn de vruchten - inderdaad ingezet door vorige colleges en nu voortgezet door grote inzet van het huidige college - die nu geplukt worden. Verantwoordelijkheid en vertrouwen; daar bouw je aan en die bouw je op. Wij betreuren de oproep van GroenLinks tot een fusie met Leiden, want we hebben als raad een grote verantwoordelijkheid die uiteindelijk valt of staat bij gezonde gemeentelijke financiën, ook voor een zelfstandig Voorschoten. In ons CDA-verkiezingsprogramma staat: "Er moet een balans zijn tussen een stip aan de horizon in de praktijk en financiële stabiliteit met een sluitende begroting.

Alleen een Voorschoten dat financieel zelfstandig haar broek op kan houden, is een gemeente die ook zelfstandig blijft." Mevrouw Schroot (D66): Ik wil mevrouw Kortekaas vragen wat zwaarder weegt: een sluitende begroting, een zelfstandig Voorschoten of inwoners leveren wat ze redelijkerwijs mogen verwachten? Mevrouw Kortekaas (CDA): Ik kan daarin geen onderscheid maken, want het één beïnvloedt het ander. "Dit betekent ook dat er geen ongelimiteerd budget beschikbaar is." Daar zijn we ons van bewust. "Ook wij moeten hierin keuzes maken en compromissen sluiten. Daarbij gaan we geen schulden maken die we naar toekomstige generaties gaan doorschuiven." Einde citaat. De CDA-fractie hecht zéér aan de door de raad vastgestelde 130% netto schuldquote. De Kadernota 2025 laat, na de daaropvolgende raadsinformatiebrief met de Meicirculaire, een reëel structureel saldo zien met oplopende tekorten. Gezien alle ontwikkelingen rond het Gemeentefonds en de negatieve uitwerking hiervan op onze begroting is het nu tijd om keuzes te maken. Wij hebben daarom als coalitie motie 332 ingediend. Met betrekking tot voorzieningen citeer ik de Bizz Dobbewijk: "Alleen wonen in een dorp is niet voldoende voor een fijn leven. Er moeten voldoende voorzieningen zijn en werkgelegenheid." Daar is het CDA het mee eens, want voorzieningen dragen bij aan samenhorigheid, gezondheid en het welzijn van onze inwoners.

De raad stelde een Sportvisie en vervolgens onlangs een sportaccommodatiebeleidsnota vast, waarmee we de basis verder op orde brengen. Hiermee maakte het college een belangrijke inhaalslag. Realisatie is kracht, voor een gezond verenigingsleven maar ook voor bestuurskracht. Nu doorpakken, opdat een vereniging zoals de atletiek over een goedgekeurde baan kan beschikken

Raadsvergadering 11 juli 2024

26

en de ijsbaanvereniging een combibaan gerealiseerd kan krijgen. Zwembad Het Wedde vervult al tientallen jaren een belangrijke functie in ons dorp. Naast onbelast bewegen voor de 50+generaties of zwemles voor de jongere generaties - en daarmee veiligheid in ons waterrijke dorp is het ook een belangrijke plek van ontmoeting. Verlies van dit zwembad zou een grote verarming voor ons dorp betekenen voor alle gebruikers, maar ook als belangrijke vorm van preventie, gezond ouder worden en leren zwemmen. Onze fractie ziet uit naar het aangekondigde onderzoek. Wij vragen het college of het geplande onderzoek naar het zwembad ook een optie met focus op een instructiebad en een hoofdbad van 25 meter kan meenemen. Wij zien gelukkig een groei in aanbod van onze buurthuizen. Inwoners die zich hiervoor inzetten als bestuurslid en/of als vrijwilliger, zijn onmisbaar voor een vitaal Voorschoten. Investeren door de gemeente in duurzaamheidsmaatregelen, waardoor exploitatielasten afnemen, blijft voor ons belangrijk. Wij moedigen alle partijen graag aan om hier vooral mee door te gaan. Voorkomen is beter dan genezen. Zo is het ook bij het opvoeden van onze kinderen. Een pilot van initiatiefnemer Hecht is geëvalueerd.

De inzet van een pedagogisch adviseur werd als positief ervaren door de jeugdartsen en de jeugdverpleegkundigen van het Centrum voor Jeugd en Gezin, de ouders zelf en Voorschoten voor Elkaar. Ouders voelden geen drempel om vragen te stellen. Voorschoten voor Elkaar kon de kennis en ervaring van de pedagogische adviseur benutten door ouders te verwijzen naar het Centrum voor Jeugd en Gezin en kreeg daardoor meer ruimte voor andere hulpvragen. Naast deze gerichte aandacht en ondersteuning voor ouders met onder anderen puberende en pre-puberende kinderen is er een eerdere fase waarin ondersteuning een positieve uitwerking kan hebben, namelijk bij startende gezinnen met jonge kinderen. Nu beide ouders veelal betaald werken, komt daarmee het opvoeden soms in de knel, signaleren deskundigen. Wanneer ouders bij de invulling van hun opvoedtaak een steuntje in de rug zouden kunnen krijgen, bijvoorbeeld door een opvoedcursus, kan dat mogelijk bedragen aan een nog beter ouderschap en een fijnere jeugd voor hun kinderen. Het huidige aanbod opvoedcursussen via het Centrum voor Jeugd en Gezin heeft een wachtlijst of is ver weg, in Waddinxveen of Hillegom. Die afstand creëert een drempel. "Zorg of hulp voor kind of gezin dient zo dichtbij mogelijk en het liefst in eigen dorp plaats te vinden"; ook dat is een citaat uit ons verkiezingsprogramma.

Voor onze fractie betekent dit: aanbod liefst dichtbij en daarbij geen wachtlijsten, want op de lange termijn hebben opvoedcursussen een preventieve uitwerking en dit werkt dan weer door in minder kosten voor jeugdhulp. Kan het college toezeggen meer in te zullen zetten op preventie? Mevrouw Schroot (D66): Hoor ik mevrouw Kortekaas zeggen dat ze meer wil investeren in het sociaal domein? Mevrouw Kortekaas (CDA): Ik hoor dat mevrouw Schroot het breed trekt. Ik noemde specifiek een bepaald onderdeel. Mevrouw Schroot (D66): Ik weet niet welk opvoedkundig bureau u wil promoten. Mevrouw Kortekaas (CDA): Ik begon met de opmerking dat het via Hecht georganiseerd was; daar zijn wij ook onderdeel van. De heer Deuzeman (GroenLinks): Mijn vraag sluit aan bij die van mevrouw Schroot, want ik hoor inderdaad tegenstrijdige geluiden. Aan de ene kant is er de motie die zegt dat wij moeten temporiseren en focussen op kerntaken. Er is slecht uitgewerkt wat dan precies bedoeld wordt. Ik hoorde mevrouw Kortekaas zojuist bijvoorbeeld over zwembad Het Wedde. Daar wil ze kennelijk in investeren. Is dat nou een basisvoorziening, zoals mevrouw Kortekaas die onder andere in de motie benoemt, of is dat geen basisvoorziening? Het lijkt alsof hier een aantal zaken door elkaar heen lopen. Ik zou graag wat meer duidelijkheid krijgen van mevrouw Kortekaas.

Mevrouw Kortekaas (CDA): Ik wil de heer Deuzeman geruststellen: wij beslissen zelf wat onze basisvoorzieningen zijn en daar komt nog een onderzoek naar. Het financiële plaatje dat daarbij hoort, zal een rol spelen bij die beslissing. De heer Deuzeman (GroenLinks): Dan heb ik toch een vraag, omdat u aangeeft dat zwembad Het Wedde zo belangrijk is voor ons dorp. Daar is de fractie van GroenLinks het overigens helemaal mee eens, maar als dat inderdaad zo is, zou dat toch de afweging moeten zijn bij de vraag of het een basisvoorziening is of niet? Of is dat voor mevrouw Kortekaas alleen een financiële beslissing?

Raadsvergadering 11 juli 2024

27

Mevrouw Kortekaas (CDA): Nee, niet alleen de financiële beslissing is daarbij leidend. Het is ook leidend om daar eerst even afstand van te nemen, zoals in eerdere zaken ook is aangegeven door mevrouw Schroot, en te kijken waar we verstandig aan doen. De voorzitter: Meneer Deuzeman, wenst u een derde en laatste interruptie? De heer Deuzeman (GroenLinks): Ik ben enigszins in verwarring. Dus laat maar. De voorzitter: U bent in verwarring. Prima. Nou, eigenlijk is dat niet prima, maar dat komt goed. Mevrouw Kortekaas (CDA): In april was er sprake van een stijging voor gespecialiseerde jeugdhulp van € 282.000 en nu is er weer een prognose van € 344.000 hoger. Hoewel de prognose gedurende de loop van het jaar nog kan wijzigen, lezen we dat er geen aanwijzingen zijn dat dit bedrag lager zal uitpakken. Hier moet wat gebeuren. Naast meer preventie zal het college er alles aan moeten doen om als gemeente meer grip te krijgen op de alsmaar toenemende kosten. Ook als raad hebben wij hierin zeker een taak door aansturing van het college. Wij horen graag dat het college zowel in de regio als lokaal alles op alles zal zetten om kostenbeheersing te realiseren. Wat verduurzaming betreft: vorig jaar verwezen wij naar de Mobiliteitsscan en de rapportageplicht CO2-uitstoot (woon-)werkverkeer, die in 2024 is ingesteld als opmaat naar duurzame mobiliteit en parkeerbeleid.

Daarnaast is dit relevant bij het personeelsbeleid van onze eigen organisatie, want hierbij geldt: wie fietsend of lopend naar het werk komt, krijgt een hogere vergoeding dan wie de auto pakt. Wij horen graag van de portefeuillehouder of inmiddels een mobiliteitsscan is uitgevoerd in de organisatie en, zo ja, wanneer wij de uitkomsten door middel van een rapportage tegemoet kunnen zien. Zoals bij de bespreking van de jaarrekening in de gecombineerde commissie is aangegeven, is het budget voor de aanpak van isolatie in 2023 helaas nauwelijks benut. We hebben inmiddels ook gelezen dat er nu beleidsregels zijn. Vermindering van energieverbruik is één van de pijlers voor CO2-reductie, maar is ook essentieel voor het tegengaan van energiearmoede en het betaalbaar houden van wonen. Als CDA-fractie zijn wij ingenomen met de in de beleidsregels opgenomen opties en keuzes voor onze inwoners met een smalle beurs om hun woning te isoleren. Dat geldt zeker ook voor de optie om een doe-het-zelfpakket te kunnen kiezen. Doe-het-zelvers kunnen de markt ontlasten en zo kunnen meer woningen voor hetzelfde geld worden geïsoleerd. Een eerdere pilot wijst uit dat ze die klus in nagenoeg alle gevallen goed uitvoeren. College, ga dus aan de slag met een doe-het-zelfisolatiesubsidie en overweeg daarbij om vanuit de gemeente workshops aan te bieden.

Mevrouw Schroot (D66): Ik wil mevrouw Kortekaas vragen of dit ook een soort doe-het-zelfKadernota is. Mevrouw Kortekaas (CDA): Dat zou helemaal fantastisch zijn, want dan zouden we heel veel kostenbesparing kunnen realiseren. Als u mij voor iets uitnodigt, ben ik daar dus zeker voor te vinden. Mevrouw Schroot (D66): Maar waar betalen wij het college dan voor? De voorzitter: Ik voel een eerste bezuiniging aankomen. Grapje! Mevrouw Kortekaas (CDA): Niet om te isoleren. Het college mag het beleid uitdragen. Wij willen ook meegeven: denk ook aan het inrichten van een uitleenpunt waar je handige hulpmiddelen ter beschikking kunt stellen, mogelijk zelfs een technische videohulplijn voor klussers die vastlopen. En boven alles: zet in op communicatie. Wij horen graag of het college dit ook zo ziet. Ons centrum heeft een onmisbare functie op het gebied van werkgelegenheid, maar vraagt dringend een impuls en een verduurzamingsslag. Onze ondernemers zijn positief over het plan voor de Kruispuntkerk en het ervóór liggende plein als nieuw centrum voor cultuur. Verder willen zij graag een evenementenplein op het Treubplein. Wat het CDA betreft verdienen beide

Raadsvergadering 11 juli 2024

28

onderwerpen voorrang, maar onze ondernemers vragen verder hulp om het centrum niet alleen levendig te maken, maar ook leefbaar te houden. In het Uitvoeringsprogramma Centrumvisie constateerden wij een gemiste kans voor een kwaliteitsimpuls, zoals het stimuleren van pandeigenaren om hun gevels aan te pakken via een gevelfonds, dat niet alleen isoleren stimuleert maar tegelijkertijd de beeldkwaliteit van hun panden en dat daarmee ook het aanzien van ons centrum verhoogt en zelfs, waar mogelijk, vergroent. Dit levert voor zowel ondernemers als bewoners een zichtbaardere kwaliteitsimpuls op dan een kostbare herbestrating van de Schoolstraat, waarvan de kapitaallasten van de laatste herinrichting nog niet afgeschreven zijn. Wij dienen hiertoe motie 330 in. De motie luidt: "Motie 330. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: a. b.

winkelpanden in onder andere de Schoolstraat verduurzaamd dienen te worden; pandeigenaren een afwachtende houding vertonen;

overwegende dat: c. d. e.

verduurzaming van panden bijdraagt aan vermindering van CO2; een gratis energiescan bijdraagt aan verduurzaming van panden; een gevelfonds een positief effect heeft op de esthetische kwaliteit van panden en daarmee ook op beeldkwaliteit in het centrum;

van oordeel dat: f. g. h.

de Centrumvisie als doel heeft het kernwinkelgebied van Voorschoten nog aantrekkelijker en toekomstbestendig te maken; groene gevels (door middel van klimplanten) als extra optie in een gevelfonds bij kunnen dragen aan verbetering en verrijken van de biodiversiteit; klimplanten een belangrijke rol spelen bij klimaatadaptatie door het verminderen van hittestress, het bevorderen van de afvoer van hemelwater naar de bodem en het verbeteren van de luchtkwaliteit;

verzoekt het college voor de behandeling van de programmabegroting te komen met een voorstel tot het oprichten van een gevelfonds ter verfraaiing en vergroening van gevels in het centrum en financiële dekking te halen uit het budget voor het Uitvoeringsprogramma Ontwikkelvisie Centrum, en gaat over tot de orde van de dag." Verbinding: vrijdag 5 juli jongstleden is de Corbulotunnel geopend, een verbindingsweg onder Voorschoten, mede tot stand gekomen door een burgerinitiatief van onze inwoners. Zij zijn zaterdag 22 juni jongstleden door het college terecht in het zonnetje gezet. Er is nog een burgerinitiatief waar onze inwoners naar uitzien, de al genoemde Kruispuntkerk en het plein ernaast, een plek waar cultuur en kunst samenkomen en die mensen in verbinding brengt. Dit plan heeft een breed draagvlak in ons dorp, zoals iedereen kan constateren. Wij zien het voor aanstaande december geplande raadsvoorstel en de besluitvorming daarover vol vertrouwen tegemoet. Veel zaken waarmee wij als gemeente te maken hebben, vragen op enigerlei wijze om versterking van de samenwerking met onze regio en onze regionale partners en daarmee om een "Voorschoten in verbinding vooruit". Samenvattend: het is tijd om keuzes te maken en verder te bouwen, maar zonder onze burgers gaat dat niet.

Mondige burgers worden weleens als lastig ervaren, maar in Voorschoten plukken wij de vruchten van hun inzet. Daarom biedt het CDA het college een fruitmand aan als symbool van al onze mondige burgers die zich inzetten voor een beter en zelfstandig Voorschoten en daarmee ook

Raadsvergadering 11 juli 2024

29

als symbool voor een gezond en levendig dorp met een sluitende begroting. Wij wensen ons college en begroting hiermee in figuurlijke zin "beter-schap". De voorzitter: Dit keer gaan we niet zwemmen. Dank u wel voor de lekkere fruitmand. Daar gaan we zeker van genieten, wellicht ook straks in de rest van de vergadering. Als iemand een lekker stukje fruit wil, staat hier een mooie fruitmand. Dank je wel, hartstikke leuk. Ik ga naar de heer Maassen. Wij kennen de heer Maassen als een korte en bondige spreker. Het eten staat klaar om 19.00 uur. De heer Maassen (SP): Voorzitter. De druk is enorm! Gelukkig heb ik geen muzikale fruitmand voorbereid. Het ziet er niet goed uit. De wereld kent een hard escalerende klimaatcrisis. Aan de grenzen van Europa is oorlogsgeweld een harde realiteit. Ondertussen heeft Nederland een regering gekregen die liever elkaar de tent uitvecht dan problemen oplost. Ook op lokaal niveau hebben we daar last van. Wateroverlast en hitte zullen ook onze komende zomers kleuren: heel nat of juist heel heet. Ons watersysteem kan dat nog niet aan en onze huizen zijn niet gebouwd op hete zomers. De oorlogen zorgen niet alleen voor hoge prijzen, maar ook voor vluchtelingen.

Helaas hebben we tegenwoordig een regering die liever vluchtelingen aanpakt dan problemen, die gemeenten niet steunt in het opvangen van vluchtelingen maar kort op hun budgetten, zodat mensen niet meer geholpen kunnen worden, en die onrealistische plannen maakt en vervolgens moet gaan bezuinigen omdat die plannen nooit worden gerealiseerd. Ondertussen zien gemeenten hun begrotingstekorten de komende jaren gigantisch toenemen, niet omdat ze slecht met geld omgaan, maar omdat de gemeentelijke budgetten door de rijksoverheid worden gekort. We moeten steeds meer doen, met steeds minder geld. De afgelopen jaren was er de hoop dat het Rijk uiteindelijk met geld over de brug zou komen, maar met dit kabinet en de bezuinigingen die nu al worden aangekondigd, heb ik daar een hard hoofd in. Intussen doet ons college precies hetzelfde. De tekorten lopen de komende jaren in rap tempo op tot boven € 1 miljoen per jaar. En wat doet Voorschoten? Wij gaan € 60 miljoen uitgeven aan een centrumplan, aan een culturele accommodatie die veel goedkoper in de bibliotheek had kunnen worden gevestigd, aan een nieuw gemeentehuis, aan nieuwe sportaccommodaties, aan een persleiding voor het riool. Begrijp me niet verkeerd: die investeringen zijn hard nodig; de meeste dan. Maar de timing is echt belabberd en de keuzes zijn verkeerd. Er is veel geld nodig voor de Wmo-zorg.

Onze inwoners verdienen fatsoenlijke zorg. Nederlanders worden steeds ouder. Dat betekent dat ze meer zorg nodig hebben. In Voorschoten speelt dit nog sterker. Onze bevolking is gemiddeld ouder dan het gemiddelde in de rest van het land. We kunnen dus verwachten dat we de komende tijd meer geld aan Wmo-zorg moeten uitgeven; dat is gewoon een demografisch gegeven. Maar dat zie ik niet terug in de Kadernota. Sterker nog, de gemeente verwacht de komende jaren minder te zullen uitgeven aan Wmo-zorg. Dat is niet alleen onrealistisch; dat is onverantwoord. Dan de jeugdzorg. Onze kinderen en jongeren hebben recht op goede ondersteuning als ze in problemen komen, maar de budgetplafonds die we hanteren in de jeugdzorg, zorgen er juist voor dat je al in januari te horen kan krijgen dat het budget voor dit jaar op is en dat je je zorg maar ergens anders moet gaan zoeken. Dat is onacceptabel. Zorg, zoals Wmo en jeugd, zijn belangrijke taken voor de gemeente. Het zijn ook grote posten op onze begroting, zoals meneer Posthuma al zei. Het is goed om daar kritisch naar te kijken. Het is niet de bedoeling dat we geld over de balk smijten, maar onze inwoners hebben wel recht op goede zorg. Dat is een wettelijke taak van de gemeente. Een wettelijke taak van de gehele overheid is wonen; artikel 22 van de Grondwet.

Daar heeft de gemeente Voorschoten de afgelopen jaren heel veel steken laten vallen. De SP is tevreden dat er eindelijk een been wordt bijgetrokken, al moeten we de resultaten uiteraard nog afwachten. Het feit dat het college woningbouw tot de eerste prioriteit van het beleid heeft benoemd in deze Kadernota, stemt tot tevredenheid. Dat geeft aan dat de urgentie wordt gevoeld, eindelijk. Maar de overige prioriteiten begrijpen wij niet bij de SP. Het Ambachts- en Baljuwhuis? Een veel te duur Cultureel Centrum? Sportaccommodatiebeleid? Zijn dat de prioriteiten in deze moeilijke tijd? Nogmaals, dit zijn zaken die moeten gebeuren, maar zijn dit de prioriteiten? Het benoemen van prioriteiten is een politieke keuze. Kennelijk ligt de prioriteit van dit college en deze coalitie bij

Raadsvergadering 11 juli 2024

30

prestigeprojecten zoals de Kruispuntkerk en het Ambachts- en Baljuwhuis. De prioriteiten van de SP liggen bij de zorg, de jeugdzorg en woningbouw. Wij zullen amendementen indienen om de prioriteiten aan te passen en de reserve Sociaal domein niet leeg te plukken voor projecten die ook uit andere potjes kunnen worden betaald. Daarom dien ik bij dezen de amendementen 301, 302 en 303 in. De zorg voor onze inwoners verdient onze volledige aandacht, ook financieel. Want we krijgen het de komende jaren al zwaar genoeg. De voorzitter: U dient de amendementen 303, 304 en 305 in. De griffier was scherp en fluisterde mij dit in. De heer Maassen (SP): Excuus, ik had de nummers niet voor me. Dank u voor de correctie. De amendementen luiden: "Amendement 303. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien het raadsvoorstel nr. 6 Voorjaarsnota d.d. 11 juli 2024, constaterende dat: a. b. c.

de reserve Sociaal domein ooit was ingesteld om mogelijke tekorten in het sociaal domein te kunnen dekken; de meerjarenramingen forse tekorten op het sociaal domein laten zien; het college de reserve Sociaal domein inzet voor technische zaken die ook uit andere reserves gedekt zouden kunnen worden;

van mening dat de reserve Sociaal domein hard nodig is om de aankomende tekorten op het sociaal domein op te vangen; Besluit: Het raadsvoorstel als volgt te wijzigen: 1. Beslispunt 2a wordt geschrapt." "Amendement 304. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 11 juli 2024, gezien het raadsvoorstel nr. 7 Kadernota d.d. 11 juli 2024, constaterende dat: a. b. c.

de reserve Sociaal domein ooit was ingesteld om mogelijke tekorten in het sociaal domein te kunnen dekken; de meerjarenramingen forse tekorten op het sociaal domein laten zien; het college de reserve Sociaal domein inzet voor technische zaken die ook uit andere reserves gedekt zouden kunnen worden;

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=11dccd95-28f9-4804-804b-b73e660ae7e8