CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept Notulen Gemeenteraad Voorschoten 12 februari 2026

Gemeenteraad Voorschoten 31 maart 2026, gemeente voorschotenBij agendapunt: Vaststellen raadsnotulen22.019 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Daarom willen wij heel graag een startnotitie voor de bouw van de Fortgensschool, maar wij hebben er erg veel moeite mee dat dit in deze motie gekoppeld wordt aan de locatie Marijkelaan, want eerlijk gezegd zien wij dat niet zo snel gebeuren. Daarom zullen wij niet voor deze motie kunnen stemmen zolang de locatie Marijkelaan daarin concreet wordt genoemd. Mevrouw De Bruin (VVD): Voorzitter. In de afgelopen periode hebben we geregeld gesproken over de voortgang van de Fortgensschool. We zijn het er als raad unaniem over eens dat daar echt voortgang in moet komen. Bij de behandeling van het IKC in de vorige raadsvergadering bleek dat we veel gesproken hebben over de Fortgensschool, maar niet over de locatie waar die precies moet komen en hoe die eruit moet komen te zien. Ik ben de heer Van Oostrum enorm dankbaar voor het initiatief om deze motie in te dienen om met elkaar in de raad te gaan kijken hoe dat gebied eruit moet komen te zien. Voor de VVD staat daarbij voorop dat dit met snelheid moet gebeuren.

Raadsvergadering 12 februari 2026

16

Mevrouw Zoun (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. Voor een groot gedeelte, eigenlijk helemaal, kan ik mij aansluiten bij de inbreng van de heer Van Oostrum en mevrouw De Bruin. Snelheid en duidelijkheid zijn voor de Fortgens inderdaad heel belangrijk. Wat Voorschoten Lokaal betreft gaat dat juist om de Marijkelaan 4. Wij willen hier dus inderdaad deze startnotitie; daarmee heb ik gelijk vooruitgelopen op de volgende motie. De heer 't Lam (GroenLinks): Voorzitter. Ik kan voor een deel gewoon de woorden van de heer Maassen herhalen. Het is mooi dat er een startnotitie in aantocht is. Het is wel minimaal drie jaar te laat. Er wordt met enig vuur over snelheid gesproken. Die zouden wij ook graag wensen, maar die is niet gegarandeerd op de Marijkelaan, want de Marijkelaan is volgens mij nu gepland voor 2028. We weten allemaal dat ook die datum niet gehaald gaat worden. Daarom willen we graag flexibiliteit, zodat snelheid inderdaad voorrang heeft boven de specifieke locatie. Daarom opteren wij op zich wel voor de motie, maar zonder locatiebepaling, want daarmee gaat de snelheid eruit. Mevrouw Wijnen (D66): Voorzitter.

In aansluiting op de al uitgesproken woorden: wij waren op zich wel geïnteresseerd in een startnotitie voor de herontwikkeling van de Marijkelaan, maar in de brief van het bestuur van de PCSV die wij op 29 januari in de raad hebben gezien, geeft het bestuur duidelijk aan dat het eigenlijk niet zo gelukkig is met de locatie Marijkelaan. Dat weerhoudt ons ervan om deze motie te steunen. De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. Om mevrouw Wijnen aan te vullen: wij hebben die brief ook gelezen en we zagen heel duidelijk dat daarin een bepaalde voorkeur werd uitgesproken om te kijken of het mogelijk is om de school op de huidige plek te hebben. Door de keuze die de coalitiepartijen maken, wordt het heel erg vastgezet. De keuze in de afgelopen periode om het treintje te maken heeft gezorgd voor een gigantische vertraging. In de Fortgensschool op de huidige plek zie je dat daken lekken, dat de luchtkwaliteit behoorlijk achteruit gaat en bovendien dat de stookkosten gigantisch omhoog zijn gegaan. Daar moet iets aan gebeuren. De voorliggende motie neemt te veel flexibiliteit weg. De kans is dus veel groter dat de school niet binnen een korte termijn gebouwd gaat worden. Dat is de reden waarom mijn fractie tegen deze motie zal stemmen. De voorzitter: Het woord is aan wethouder Van der Elst voor een appreciatie, zoals onze gewaardeerde collega Hubert Schokker altijd zegt.

Wethouder Van der Elst: Voorzitter. In reactie op motie 377: met het aangenomen amendement 384 plus het dictum van deze motie wordt het allemaal wel iets complexer. Gelukkig roept het dictum van deze motie ertoe op om eventuele vertraging zo beperkt mogelijk te houden. Als er vertraging is, zullen we het presidium daar uiteraard over informeren. We denken echter dat het in deze fase van dit project ongelofelijk belangrijk is dat de raad zo veel mogelijk in stelling wordt gebracht om hier iets van te vinden, beter dan met de raadsinformatiebrief; dat is het belangrijkste. We waarderen dus de gedachte dat de raad op een participatieve manier bij de besluitvorming betrokken gaat worden. Daarom omarmen we deze motie. De voorzitter: Er is geen behoefte aan een tweede termijn. Ik sluit de beraadslaging en we gaan over tot de stemming. In motie komt motie 377 van het CDA, Voorschoten Lokaal en de VVD. De voorzitter: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw Van der Krogt (GroenLinks): Voorzitter. Zoals inmiddels bekend is, zal ik niet meestemmen omdat dit onderwerp gaat over mijn werkgever. De voorzitter: Er worden straks dus twintig stemmen uitgebracht; het is goed om dat te melden.

De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 13 tegen 7 stemmen, waarbij de fracties van D66, de PvdA en de SP en mevrouw Ilić en de heer 't Lam van GroenLinks ertegen hebben gestemd en waarbij mevrouw Van der Krogt zich van stemming heeft onthouden.

Raadsvergadering 12 februari 2026

17

De voorzitter: Meneer Deuzeman, we hebben allemaal recht op onze momentjes. Dat geeft niets; we hebben dat allemaal af en toe. Mevrouw Ilić, er komen nog vele moties aan. U heeft dus nog alle kansen. 11.2.2 Motie 383 van de PvdA, GroenLinks, de SP en D66 over Kruispuntkerk en Fortgensschool De voorzitter: Het woord is aan de indiener, de heer Posthuma. De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. In mijn beoordeling van de vorige motie heb ik hier al iets over gezegd. Het treintje dat dit college en deze coalitiepartijen hebben gekozen, heeft voor deze vertraging gezorgd. Ik denk dat dat onwenselijk is, ook als je de brief van het bestuur van de PCSV leest. Ik denk dat we er wijs aan doen om dat treintje op dit moment los te koppelen en om voor het onderwijs in deze gemeente te gaan door de flexibiliteit te betrachten die ongelofelijk noodzakelijk is, omdat de huidige situatie gewoon echt niet meer kan. Dat geldt niet alleen voor deze school; er zijn meerdere scholen in Voorschoten met veel achterstallig onderhoud, oude gebouwen en slechte luchtkwaliteit. Dat gaat echt ten koste van het onderwijs. Daar moeten we iets aan doen. Daar roept deze motie toe op. De motie luidt: "Motie 383. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen op 12 februari 2026, gezien het raadsvoorstel Z/25/106247/478840, constaterende dat: a. b.

de Fortgensschool al jarenlang wacht op duidelijkheid en voortgang in de besluitvorming over nieuwbouw; de huidige planning de toekomst van de Fortgensschool koppelt aan de ontwikkeling van de Kruispuntkerk, waardoor verdere vertraging ontstaat;

overwegende dat: c. d. e.

een gezonde en toekomstbestendige huisvesting voor de Fortgensschool urgent is; het onwenselijk is dat de Fortgensschool onderdeel blijft van een 'treintje' van projecten met oplopende vertraging; het voormalige Cultureel Centrum geschikt kan worden gemaakt als tijdelijke school;

verzoekt het college: 1. 2. 3.

de huisvesting en nieuwbouw van de Fortgensschool los te koppelen van de verdere ontwikkeling van de Kruispuntkerk; het voormalige Cultureel Centrum te onderzoeken en in te zetten als tijdelijke of reserve huisvesting voor de Fortgensschool; de raad op korte termijn te informeren over de uitkomsten van het onderzoek en bij positieve uitkomst de raad te informeren over de uitwerking en de planning,

en gaat over tot de orde van de dag." De heer 't Lam (GroenLinks): Voorzitter. Wij steunen de motie van de heer Posthuma van harte. Het treintje, zoals dat genoemd wordt, is de reden waarom in Voorschoten geen scholenbouw heeft plaatsgevonden en heeft de hele scholenbouw volledig gefrustreerd. Het is daarom belangrijk om in elk geval die belemmering voor de scholenbouw weg te nemen. Daarom steunen wij de motie. De heer Maassen (SP): Voorzitter. De coalitie en het college hebben ervoor gekozen om de bouw van de Fortgensschool afhankelijk te maken van het cultureel centrum. Het cultureel centrum kan pas uit zijn pand als de Kruispuntkerk is geregeld. Daar hebben we vandaag pas over gestemd, in de laatste raadsvergadering van deze coalitie. Daardoor heeft alle ontwikkeling van de Fortgensschool stilgelegen, maar niet alleen van de Fortgensschool. Ook de toekomstige bouw van de Emmausschool en de Nutsschool is afhankelijk van het kunnen doorplaatsen van die scholen tijdens de verbouwing naar de gebouwen van de Fortgensschool. Met andere woorden: vier jaar

Raadsvergadering 12 februari 2026

18

stilstand als gevolg van de beleidskeuze voor dit zogenaamde treintje, de keuze om alles aan elkaar te koppelen. Het treintje is bijna ontspoord. Laten we nu alsjeblieft op de rem trappen, want we hebben in Voorschoten al niet van die heel goede ervaringen met ontspoorde treintjes. Mevrouw Wijnen (D66): Voorzitter. Als mede-indiener van deze motie kan ik natuurlijk niet blijven zitten. Ik ben dus graag naar voren gekomen. Veel dingen zijn al gezegd. De grootste reden is voor ons echter, zoals gezegd, de brief van het bestuur, dat daarin ook duidelijk een oproep aan ons en aan het college doet om de optie van renovatie te overwegen. Ook vanuit duurzaamheidsaspecten vinden we dit een interessant scenario. Vandaar dat wij voor deze motie zullen stemmen. De heer Van Oostrum (CDA): Voorzitter. Ik heb alleen een vraag voor de wethouder, maar die kan ik waarschijnlijk hierna stellen. De voorzitter: Als de vraag de motie betreft, moet u die nu stellen. Dat lijkt mij wel zo praktisch. De heer Van Oostrum (CDA): Wethouder, klopt het dat wij bij de vaststelling van het IHP ook middelen beschikbaar hebben gesteld voor de Fortgensschool om extra kosten gedurende de looptijd van dit project te dekken? De voorzitter: Wethouder Van der Elst, uw appreciatie van de motie en uw antwoord op de vraag. Wethouder Van der Elst: Voorzitter.

Ik begin met de beantwoording van de vraag; dat doe ik uit mijn hoofd. Er is € 65.000 beschikbaar gesteld om bij te dragen aan tijdelijke verbeteringen van het huidige pand. Ik weet niet zeker of dat bij de behandeling van het IHP was of kort daarna, maar van die € 65.000 is nu ongeveer € 20.000 gebruikt. Dat is nu de stand van zaken. Wat de motie betreft: de motie zou betekenen dat je de klok helemaal terugdraait. Er is een besluit genomen. Er is in 2022 een brief opgesteld door de Fortgensschool, die toen, gegeven de toenmalige situatie, een lichte voorkeur had voor de Marijkelaan, die ook valt in het verzorgingsgebied. We zijn in gesprek met de Fortgensschool naar aanleiding van het aangenomen amendement 384. We voorzien daar geen verdere problemen in. We denken dat het goed gaat vallen. Als je nu deze motie aanneemt, ga je op een majeure manier je eigen besluit terugdraaien. Dat gaat tijd kosten. We zien op geen enkele wijze hoe dit tot een versnelling zou kunnen leiden. De heer 't Lam (GroenLinks): Hoe apprecieert de wethouder de brief en de oproep van de Fortgensschool, die daarbij duidelijk aangeeft ook naar andere opties te willen kijken? Wethouder Van der Elst: De beantwoording van die brief zal ook gedeeld worden met de raad. Daarin zal u dus precies zien hoe we daarmee omgaan. Per saldo ontraden wij motie 383.

De heer 't Lam (GroenLinks): We gaan nu stemmen over de motie. Ik zou die appreciatie dus graag nu horen. Wethouder Van der Elst: Het is een lange brief waarin heel veel punten en vragen aan de orde komen. Wij erkennen de situatie. Wij geloven desalniettemin dat we in overleg met de Fortgensschool door kunnen gaan op basis van het besluit dat genomen is. We voorzien daar verder geen problemen in. Dat is feitelijk hoe we het zien. De heer Posthuma (PvdA): U geeft aan dat u gewoon kunt doorgaan, maar dat is niet echt een appreciatie van wat het bestuur van de Fortgensschool eigenlijk zegt. U zegt "we kunnen doorgaan", maar wat vindt u ervan dat de Fortgensschool kennelijk een andere mening is toegedaan dan een paar jaar geleden? Wethouder Van der Elst: Ik herhaal wat ik net al zei: wij begrijpen uit gesprekken met de Fortgensschool dat die zich kan vinden in de verdere uitwerking van amendement 384. Dat betekent dat we op die locatie met een integraal gebouw aan de slag gaan. Daarbij komt de Fortgensschool dan in de positie om - niet "Didam" indachtig, want dat hoefde niet meer - met een samenwerkingspartner zoals Norlandia aan de slag te kunnen gaan. Dat is de stand van zaken. De heer Posthuma (PvdA): De stand van zaken is volgens mij dat er een brief van het bestuur van de Fortgensschool is met een heel duidelijke uitspraak. U wilt daar gewoon geen antwoord op

Raadsvergadering 12 februari 2026

19

geven en u wilt daar überhaupt niet op reflecteren. Ik vind dat gewoon een beetje gek. Wat de heer 't Lam vraagt, is toch heel duidelijk? U heeft daar kennelijk in concept al een brief voor geschreven. Ik zie dat u nog vijftien minuten spreektijd heeft. Wat mij betreft gaat u die hele brief dus voorlezen, want ik ben nieuwsgierig wat u hiervan vindt. Wethouder Van der Elst: Ik reageer nu op motie 383. Die brief bestond uit een aantal kantjes en het antwoord is nog veel langer. Het antwoord in die brief is dat we voet bij stuk houden en dat we graag door willen gaan met het besluit dat genomen is in het kader van het IHP, dus met op die locatie een nieuwe Fortgensschool en, gelet op amendement 384, een integraal kindcentrum; dat wil zeggen: in één gebouw gebouwd. De voorzitter: De derde en laatste interruptie van de heer Posthuma en daarna mevrouw Zoun. De heer Posthuma (PvdA): Ik stel vast dat dit college en deze wethouder de brief van de Fortgensschool naast zich neerleggen. Mevrouw Zoun (Voorschoten Lokaal): Ik heb een interruptie op de heer Posthuma. Is de heer Posthuma het met mij eens dat de Fortgens in eerste instantie juist heeft gevraagd om uit te gaan van Marijkelaan 4 als voorkeurslocatie? En is de heer Posthuma het ook met mij eens dat wij niet zomaar kunnen meebewegen met elke swing? Dat is toch de basis van betrouwbaar bestuur? De heer Posthuma (PvdA): Zeker.

Als u net zoals ik regelmatig contact heeft met schoolbesturen, weet u dat de Fortgensschool een lichte positieve voorkeur had; voor de goede orde: een lichte. Omdat het zo lang duurde - dat heeft uw college, dit college, veroorzaakt met het treintje - is het bestuur na verloop van tijd op andere gedachten gekomen, omdat het graag zekerheid wil hebben over die woningen. U suggereert dat de Fortgensschool twijfelt, maar die is gaan twijfelen omdat u hier een puinbak van heeft gemaakt. De voorzitter: Mevrouw Zoun, wenst u hier nog op te reageren? Mevrouw Zoun (Voorschoten Lokaal): Nee. Nou, jawel. Ik had eigenlijk verwacht dat u de heer Posthuma wellicht zou aanspreken op het niet spreken via u, maar rechtstreeks tegen mij. De voorzitter: Dat gebeurde alleen in de laatste zin. Mevrouw Zoun (Voorschoten Lokaal): Misschien kunt u het beeld terugkijken. Nou ja, laat maar. De voorzitter: Ik neem de reflectie die u hier en plein public geeft ter harte, mevrouw Zoun. Dank u wel daarvoor. Dat is altijd fijn. Er is geen behoefte aan een tweede termijn. Ik sluit de beraadslaging. We gaan naar de stemming. In motie komt motie 383 van de PvdA, GroenLinks, de SP en D66. De voorzitter: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw Van der Krogt (GroenLinks): Voorzitter. Het is eigenlijk heel voorspelbaar: ook deze keer moet ik helaas tegenstemmen.

Nee, ik moet niet stemmen, want het is mijn werkgever. De voorzitter: Een freudiaanse verspreking. Die is momenteel een beetje in uw fractie gaande. Mevrouw Van der Krogt stemt logischerwijs dus niet mee. Er worden dus twintig geldende stemmen uitgebracht. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 8 tegen 12 stemmen, waarbij de fracties van D66, GroenLinks, de PvdA en de SP ervoor hebben gestemd en waarbij mevrouw Van der Krogt zich van stemming heeft onthouden. 11.3

Motie 378 van GroenLinks, de PvdA, de SP en D66 over Werkzaamheden Vlietland

De voorzitter: Het woord is aan de indiener, de heer 't Lam.

Raadsvergadering 12 februari 2026

20

De heer 't Lam (GroenLinks): Voorzitter. Omdat GroenLinks en ook de PvdA voor de belangen van Voorschotenaren opkomen, ook buiten het grondgebied van Voorschoten, maken wij ons hier in de raadzaal en ook in Leidschendam-Voorburg en in Leiden sterk voor een groen en toegankelijk Vlietland. Niet alleen met woorden proberen we de natuur en de recreatiemogelijkheden te beschermen, maar ook met acties en vanzelfsprekend ook in ons verkiezingsprogramma. Handhaving is een actueel thema in Voorschoten. Ook in Voorschoten klagen we weleens over handhaving, soms omdat er überhaupt gehandhaafd wordt - dat kan heel vervelend zijn - maar vaak ook omdat er een gebrek aan handhaving is. Maar het valt hier eigenlijk best mee, als je het vergelijkt met Vlietland, want als er een rechter aan te pas moet komen om te oordelen dat de bevoegde handhaver, de omgevingsdienst, niet handhaaft, weet je dat er iets goed mis is. Om die reden dien ik motie 378 in, die mede is ondertekend door de PvdA, de SP en D66. De motie luidt: "Motie 378. De gemeenteraad van Voorschoten, in vergadering bijeen op 12 februari 2026, constaterende dat: a. b. c. d. e.

f.

in natuur- en recreatiegebied Vlietland diverse werkzaamheden zijn uitgevoerd en momenteel worden uitgevoerd in opdracht van vakantiepark ontwikkelaar Dutch Lake Residence (DLR); de recente en huidige werkzaamheden in het noordelijk deel van Vlietland bestaan uit het vernietigen en beschadigen van de kruiden- en struiklaag, en het kappen en ontwortelen van forse bomen; hierdoor de gezonde bosvegetatie is verminkt waardoor het woon- en leefgebied van beschermde dieren is aangetast; begin 2025 in het recreatiegebied Vlietland graafwerkzaamheden zijn uitgevoerd die onderdeel vormen van de voorbereiding van grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen; een bezwaarprocedure heeft vastgesteld dat een eerder handhavingsverzoek ten onrechte is afgewezen en dat deze graafwerkzaamheden niet hadden mogen plaatsvinden zonder de vereiste vergunningen en onderzoeken (zie: Provincie Zuid-Holland: graafwerkzaamheden in Vlietland hadden niet gemogen. 'De omgevingsdienst had gewoon moeten handhaven' | Leidsch Dagblad); de provincie Zuid-Holland heeft aangegeven dat de Omgevingsdienst handhavend had moeten optreden tegen deze werkzaamheden;

overwegende dat: g. h.

i. j.

Vlietland een belangrijk natuur- en recreatiegebied is waar zorgvuldig moet worden omgegaan met natuurwaarden, flora en fauna; handhaving van wet- en regelgeving een kerntaak is van de overheid en toezichthoudende instanties en het uitblijven van handhavend optreden kan leiden tot voldongen feiten en onomkeerbare schade aan natuur en leefomgeving, en het schaden van vertrouwen in de overheid en de politiek; de gemeenteraad een controlerende en kaderstellende rol heeft en colleges van andere gemeenten of andere bestuurslagen kan aanspreken op het niet handhaven van geldende regels; veel Voorschotenaren van de natuur genieten en in Vlietland recreëren en graag willen dat de gemeente Voorschoten opkomt voor dat belang;

verzoekt het college: 1. 2.

zich actief en nadrukkelijk richting Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland en de Omgevingsdiensten ODH en ZHZ uit te spreken voor verbetering van strikte naleving en handhaving van geldende wet- en regelgeving bij ontwikkelingen in en rond Vlietland; erop aan te dringen dat bij overtredingen daadwerkelijk handhavend wordt opgetreden, inclusief het mogelijk stilleggen van werkzaamheden;

spreekt uit dat:

Raadsvergadering 12 februari 2026

21

3.

de gemeenteraad - als zelfstandig bestuursorgaan - een handhavingsverzoek indient namens de inwoners van Voorschoten, als daar aanleiding toe bestaat,

en gaat over tot de orde van de dag." De heer Maassen (SP): Voorzitter. Alweer bijna twintig jaar geleden lagen de eerste plannen van ontwikkelaar DLR voor om op Vlietlanden een vakantiepark met een golfbaan te realiseren. De SP heeft daar indertijd actie tegen gevoerd onder het motto "Vlietland niet voor de ballen". Hoewel er geen golfbaan meer komt, zijn wij nog steeds van mening dat Vlietland niet alleen voor de ballen is, dus niet alleen voor de mensen die een dure vakantievilla als tweede woning kunnen betalen, maar gewoon voor alle inwoners van Leiden, van Voorschoten, van Leidschendam die daar willen recreëren en ook voor alle dieren, alle natuur en alle fauna en flora. Elke keer als ik dan weer lees dat DLR vindt dat het zich niet aan de regels en aan de wet hoeft te houden, bekruipt mij een gevoel van onrechtvaardigheid. Als je dan achteraf leest dat DLR inderdaad dingen heeft gedaan die niet hadden gemogen maar dat daar niet meer tegen kan worden opgetreden omdat het die dingen al gedaan heeft, kunnen wij alleen maar deze oproep doen en zeggen: handhaving is er niet voor niks; regels zijn er niet voor niks, want regels zijn er ook om kwetsbare natuur te beschermen tegen ontwikkelaars die vinden dat ze boven de wet staan. Daar gaan we nu zeker een keer met gestrekt been in, want Vlietland is niet alleen voor de ballen. De heer Reinke (VVD): Voorzitter.

Even los van het feit dat wij het principe hanteren dat een gemeente zelf over haar eigen handhaving gaat, wordt dit verzoek gericht aan de provincie. Er bestaat al zoiets als een beginselplicht tot handhaving. Wat hier aan de provincie gevraagd wordt, is dus eigenlijk: provincie, doe uw werk. Wij geloven wel dat de provincie haar werk doet. Wij vinden dit dan ook een overbodige motie. De heer Posthuma (PvdA): De hele commotie is juist ontstaan doordat de provincie niet heeft ingegrepen in het geheel. Hoe kunt u dan zeggen dat het allemaal goed gaat, dat de provincie haar werk doet en dat we gewoon maar moeten afwachten? Dat is juist de reden waarom deze motie door de heer 't Lam is ingediend. De heer Reinke: Precies, en dat wordt dan juridisch hersteld. Ik ben hier niet per se om op te komen voor de provincie. Ik vind dit alleen nogal een motie voor de bühne. Ik snap dat het campagnetijd is, maar er hoeft natuurlijk niet gevraagd te worden "kan u zich aan de wet houden?" De heer Posthuma (PvdA): Ik heb de VVD in dit huis regelmatig horen praten over het aspect van veiligheid: de politie moet nog beter haar werk doen of er moeten nog meer camera's komen. Dat is ook een oproep aan de politie in de zin van: politie, doe je werk en gemeente, doe je werk.

Dan zegt de VVD dat daar extra steun voor moet komen, maar als het om het groene Vlietland gaat, moeten we maar even wachten en mogen we daar geen enkel woord over zeggen. Ik snap niet dat de VVD daar niet consistent in is. De heer Reinke: Ik vind dit een ontzettend interessante analogie. Bij het cameratoezicht gaat het om een beslissing van het college oftewel van de burgemeester om iets niet te doen. Hier roept u juist op tot de uitvoering van een principe, namelijk: u hebt een recht in de wet en dat kunt u uitvoeren. Dat is prima, maar uw vraag is nog steeds: er is een wet; houd u daaraan. Dat is iets anders dan onze vraag of er cameratoezicht kan komen als er beslist wordt om dat niet te doen. De voorzitter: Het woord is aan wethouder Schokker voor de appreciatie van de motie. Wethouder Schokker: Voorzitter. Ik kom meteen tot de kern met het oordeel over deze motie. De motie heeft twee delen. Het deel "spreekt uit" is aan de raad; daar kunnen wij als college niks over zeggen. Wij zien ons genoodzaakt om de eerste twee punten te ontraden. De motie heeft echt betrekking op het grondgebied van een andere gemeente. Het gaat over Leidschendam-Voorburg. Daar hebben wij gewoon geen bevoegdheid over. Het is aan de gemeenteraad van LeidschendamVoorburg om hiervan een punt te maken. Verder hebben ze zich gewoon aan de wet te houden.

We begrijpen natuurlijk het sentiment dat hieraan ten grondslag ligt, maar dit is niet de manier waarop wij als college een ander college tot de orde kunnen roepen. Daarom ontraden we de motie. De voorzitter: Er is geen behoefte aan een tweede termijn. Ik sluit de beraadslaging en we gaan over tot de stemming.

Raadsvergadering 12 februari 2026

22

In stemming komt motie 378 van GroenLinks, de PvdA, de SP en D66. De voorzitter: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw Zoun (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. De indieners hanteren in verkiezingstijd blijkbaar Trumpiaanse tactieken, waarbij zij schaamteloos over andermans terrein willen gaan. Ik zal hier niet in meegaan en ik zal dan ook tegenstemmen. Mevrouw Kortekaas (CDA): Voorzitter. Ik sluit me aan bij de woorden van mevrouw Zoun. Ik ben teleurgesteld dat er met zo'n toon wordt gesproken richting onze buren. Wij hadden een wat gematigder toon en een andere opzet kunnen steunen, maar helaas is daar niet voor gekozen. Wij zullen tegen deze motie stemmen. De voorzitter: Meneer 't Lam, een stemverklaring; geen betoog. Dat zeg ik maar eventjes. De heer 't Lam (GroenLinks): Voorzitter. Ik heb de tweede termijn overgeslagen. Dus inderdaad geen betoog. Het zal u niet verbazen dat wij voor deze motie zullen stemmen, vooral omdat we graag op willen komen voor de belangen van Voorschotenaren. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 9 tegen 12 stemmen, waarbij de fracties van D66, GroenLinks en de PvdA en de SP ervoor hebben gestemd. 11.4

Motie 379 van de SP en D66 over Duidelijkheid over herinrichting Vlietwijk

De voorzitter: De heer Maassen is de indiener van deze motie. Het woord is aan hem. De heer Maassen (SP): Voorzitter. Al geruime tijd is er onduidelijkheid in de Vlietwijk over de toekomstplannen. Dat is jammer, want het is een mooie wijk waar mensen met heel veel plezier wonen. Natuurlijk zijn er in de Vlietwijk woningen die toe zijn aan een forse renovatie of misschien aan vervanging, maar bij zo'n grote ingreep is het belangrijk dat dingen in de juiste volgorde gebeuren. Dit lijkt nu niet zo te zijn. We krijgen het gevoel dat er te veel wordt overgelaten aan woningcorporatie Rijnhart Wonen, dat Rijnhart Wonen eigenlijk het plan mag maken en dat de gemeente zegt: ja, dat is goed; het zijn hun woningen. Deels is dat waar en deels niet, want er staan in die wijk ook heel veel woningen die niet van Rijnhart Wonen zijn. Nog veel belangrijker: grote ingrepen in de invulling van de woningen, in de manier waarop de woningen in de straat staan, hebben grote gevolgen. Als je ineens een appartementencomplex van vier hoog neerzet halverwege een klein straatje, heeft dat gevolgen voor de verkeersdoorstroming, het parkeren en de vluchtwegen in de wijk. Die straten zijn gebouwd op basis van een bepaalde hoeveelheid mensen. Als je die hoeveelheid verandert, moet je ook iets met de straten doen.

Over de straten gaat niet Rijnhart Wonen, maar de gemeenteraad, want dat is een omgevingsplandiscussie. We dienen daarom samen met D66 de motie in, omdat wij nog steeds twijfels hebben over de vraag of de gemeenteraad die kaders eerst kan vastleggen voordat Rijnhart Wonen gaat nadenken over hoe het dit gaat invullen, want dat is de volgorde die gehanteerd moet worden: eerst gaan wij als gemeenteraad nadenken over de vraag wat we daar gaan doen met die huizen, hoeveel woningen erbij moeten komen en wat voor soort woningen dat moeten zijn. Pas als dat is gebeurd, ga je met Rijnhart Wonen het gesprek aan over: wat wil je slopen, wat wil je nieuw bouwen, waar zijn de funderingen slecht, waar moet iets gebeuren? Wij willen bovendien heel graag dat de heipaalonderzoeken gedeeld worden met de bewoners. Ook willen we de wethouder erop wijzen dat hij in de beantwoording van vragen van D66 heeft aangegeven dat er funderingsonderzoeken hebben plaatsgevonden, terwijl wij van de inwoners horen en in de brief van Rijnhart Wonen lezen dat dit niet het geval is en dat er alleen bij twee woningen een eerste versie van een onderzoek naar de betonlaag bovenop de funderingen is gedaan, maar dat er nog geen funderingsonderzoek heeft plaatsgevonden. Dat zouden wij graag gecorrigeerd zien. De motie luidt: "Motie 379. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 12 februari, a.

overwegende dat de herinrichtingsplannen voor de Vlietwijk voor veel onrust zorgen bij bewoners;

Raadsvergadering 12 februari 2026

23

b. c. d. e. f. g. h.

overwegende dat Rijnhart Wonen een relatie heeft met haar huurders, maar dat in de participatie voor huiseigenaren de gemeente een rol te spelen heeft; overwegende dat veel inwoners nu het gevoel krijgen dat er over hun toekomst wordt besloten, zonder dat ze er zelf invloed op hebben; overwegende dat een herinrichtingsplan binnen ruimtelijke kaders plaatsvindt; overwegende dat de gemeenteraad bevoegd is tot het stellen van ruimtelijke kaders; van mening dat dat de gemeenteraad zich dient uit te spreken over de ruimtelijke kaders voordat een intentieovereenkomst tussen de gemeente Voorschoten en Rijnhart Wonen wordt getekend; van mening dat een ruimtelijk programma van eisen een goed startpunt is voor een ruimtelijke discussie over de ruimtelijke kaders; overwegende dat in een ruimtelijk programma van eisen voor een herstructurering op deze schaal de volgende onderdelen kunnen worden opgenomen:

Onderzoek ● Historisch onderzoek - waarin de totstandkoming van stedenbouwkundige structuren, bouwjaren, ver(nieuw)bouw en eerdere ontwikkelingen worden beschreven ● Cultuurhistorisch onderzoek - waarin wordt ingegaan op de ontstaansgeschiedenis van de wijk, en de vraag waar de huidige en potentiële waarden liggen ●Structuur huidige situatie - een beschrijving van o.a. architectuur- en gebouwtypologieën, ensembles, huidige doelgroepen, routing, parkeerstructuren, ontsluitingen, groenstructuren en waterstructuren. Analyse ● Analyse algemene positionering van wijk in Voorschoten ● Analyse op niveau wijk ● Analyse op niveau deelgebied ● Analyse op niveau straat Programma (op basis van onderzoek en analyse) ● De ambitie voor de herinrichting van de wijk met bijbehorende argumentatie ● Een visie op de wijk ontstaan uit onderzoek, analyse en ambitie ● Het geambieerde woningbouwprogramma in cijfers ● Een ruimtelijk programma n.a.v. ontwerpend onderzoek met daaruit voortkomend een aanzet tot geambieerde bouwvlakken met bouwhoogtes ● Referentieafbeeldingen voor de bebouwing De raad: 1. spreekt zijn zorg uit dat de bewoners in de Vlietwijk al aan het begin van het proces het gevoel hebben dat er over hen wordt beslist, maar niet met hen; 2. constateert dat de gemeenteraad het bevoegd gezag is voor omgevingsplanwijziging en grootschalige ruimtelijke plannen; 3.

spreekt uit dat een grote herinrichting van de Vlietwijk alleen wenselijk is als er een goed onderbouwd plan, gedragen door de gemeenteraad, aan ten grondslag ligt; 4. dringt aan bij het college om geen intentieovereenkomst met Rijnhart Wonen over de Vlietwijk te tekenen voordat de gemeenteraad zijn visie heeft gegeven over de ruimtelijke kaders; 5. draagt het college op een ruimtelijk programma van eisen, waarin minimaal zijn opgenomen een onderzoek, een analyse en een programma zoals hierboven verder uitgewerkt, te agenderen zodat de raad zijn visie hierover kan geven; 6. verzoekt het college om het uitgevoerde heipalenonderzoek van Rijnhart Wonen openbaar met de raad te delen, en gaat over tot de orde van de dag." De voorzitter: U heeft geen spreektijd meer. Hiermee houdt deze avond voor u dus op; althans, qua teksten. Mevrouw Schroot (D66): Voorzitter. Allereerst hartelijk dank voor de beantwoording van de vragen. Het is altijd fijn als we goede antwoorden krijgen die dingen verhelderen, maar we schrokken van iets wat volgens mij in de eerste alinea staat: Rijnhart zou aan de hand van de intentieovereenkomst die getekend wordt, al een voorlopig ontwerp kunnen maken. Een voorlopig ontwerp betekent immers dat je al veel preciezer gaat vastleggen wat je wil. Wij als raad hebben eigenlijk nog helemaal niet kunnen aangeven wat wij zouden willen; meneer Maassen had het daar

Raadsvergadering 12 februari 2026

24

al over. Wij hebben bijvoorbeeld het idee om voor- en vroegschoolse educatie in de plint van een van de gebouwen daar te vestigen. In het proces zoals dat nu voorligt, is er geen moment waarop wij dat idee bijtijds kunnen inbrengen. D66 vindt dat besluitvorming over de woningbouw helder, vlot en het liefst in één keer moet plaatsvinden, want we willen bestuursrechtelijke procedures terugdringen. Je ziet de bui nu immers al hangen: er is veel verzet en de toon is gezet. Je moet niet in allerlei ellendige procedures belanden, want daar wordt niemand blij van; de gemeente niet, de bewoners niet en Rijnhart ook niet. We zijn immers hartstikke blij dat Rijnhart het gebied wil ontwikkelen. Ons vertrouwen in de begeleiding door de gemeente onder verantwoordelijkheid van de wethouder van de participatie door een derde partij is suboptimaal, want we hebben het gedoe met de Evertsenlaan gehad. Wij hebben daar dus wel wat vraagtekens bij. Om die reden hebben we deze motie mede ingediend. De heer Van Horck (CDA): Voorzitter. Ik zou willen vragen of er even geschorst kan worden, want ik zou graag even met de indieners willen overleggen over de tekst van de motie. De voorzitter: Zeker. Vindt u het goed dat ik eerst de eerste termijn afmaak? Dan kunnen we daarna schorsen. Mevrouw Ilić (GroenLinks): Voorzitter. Deze motie staat vol met details en procedures.

Vooral met de afscheidsspeech van wethouder De Bruijn in ons achterhoofd - hij zei: vertrouw de ambtenaren - krijg je toch het gevoel dat we micromanagen. Is dat wel nodig? Dit lijkt een retorische vraag, maar ik hoor dit graag van de wethouder. Je wilt immers eigenlijk niet op die stoel gaan zitten en niet voorschrijven hoe iets moet gebeuren. En al die onderzoeken … Waarom is zo'n gedetailleerde motie nu nodig? Maar er is wel iets aan de hand in de wijk. Er gaat veel veranderen. Rijnhart geeft zelf aan dat het er voor de huurders is, maar in de commissie bleek na onze vragen dat Rijnhart er niet is voor de kopers, de eigenaren van koopwoningen. Wie is er dan voor hen? Wie pleit er voor hen? Wie helpt hen bij het uitzoeken van de onderzoeken die nodig zijn en hoe zit het met de kosten van die onderzoeken voor hen? Dat is ons nog niet duidelijk. We snappen heel goed dat dit onrust geeft onder inwoners. Welke lessen hebben we van Adegeest kunnen trekken? We worden een beetje door schade en schande wijs. Dat is ook een vraag aan de wethouder: wat wordt er meegenomen vanuit de lessen die we trekken uit Adegeest? Wie bewaakt dit bij zo'n project? Kun je dat van Rijnhart verwachten? Nee, dat is toch echt aan de gemeente, die er voor alle inwoners moet zijn.

Wij lezen de motie als volgt: door als raad veel details te vragen en voor te schrijven dat we onderzoeken willen krijgen voordat onomkeerbare beslissingen worden genomen, garanderen wij dat de inwoners die onderzoeken ook krijgen, bijvoorbeeld het heipalenonderzoek. We kunnen ons goed voorstellen dat ze die onderzoeken willen hebben, niet omdat we allemaal heipalenexpert zijn maar omdat we iets geleerd hebben. Als u de motie op die manier leest, kunnen we ons dat dus goed voorstellen, maar het zou eigenlijk niet nodig moeten zijn. Misschien vraag ik daarmee om een appreciatie. Dingen zoals communicatie, betrokken worden als bewoners, goed geïnformeerd worden en het gevoel krijgen dat je echt gehoord wordt, zijn emoties en dingen die je eigenlijk niet zou moeten oplossen met een procedurele oplossing en een motie zoals die nu voorligt. Tot slot. Ik hoorde zojuist dat we gaan schorsen. Dat is een goed idee, want ik kan heel goed volgen wat meneer Maassen vertelde: ik schrik een beetje van een nieuw idee in een school. Ik vraag me af of er dan niet heel veel dingen aan geknoopt worden. Dat kunnen we niet direct volgen. Laten we wat dat betreft als raad niet meteen op de stoel van beleidsmakers gaan zitten.

Mevrouw Schroot (D66): Als we graag vroeg- en voorschoolse educatie in de wijk willen, wanneer zijn we als raad dan wél aan zet? Of vindt u dat we daar helemaal niet over gaan? Mevrouw Ilić (GroenLinks): Vroegschoolse educatie is niet helemaal mijn onderwerp; ik zit in de commissie WRG. Maar in het algemeen zou ik zeggen: waar blijkt de behoefte uit? Komt die van de experts of van mogelijke afnemers? En waarom dan in deze wijk en niet in het multifunctionele gebouw van de school de VOS, die er al is en die juist op de scheidslijn van verschillende wijken ligt? Dat heeft ook voordelen, want dan meng je wijken en zet je je gebouw breder in. Bovendien geloof ik dat we al moeite hebben met nieuwe schoolgebouwen en zo. Ik weet dus niet of we dat op het lijstje moeten zetten of dat we een treintje moeten aanhaken.

Raadsvergadering 12 februari 2026

25

Mevrouw Schroot (D66): Ik snap dat mevrouw Ilić niet met één mond namens GroenLinks kan spreken, want het is best lastig om het over een ander dossier te hebben. Dat moet ik natuurlijk ook doen, want het gaat bij de Vlietwijk om de hele wijk en niet alleen om het ruimtelijk kader. Maar het gaat er juist om dat wij als raad en ook de inwoners mee willen denken om te kijken of we iets kunnen combineren, waardoor die wijk een upgrade krijgt en veel leefbaarder wordt, zodat het fijner wordt om daar te leven. De voorzitter: Een kleine aanvulling: volgens mij spreekt mevrouw Ilić gewoon namens GroenLinks, tenzij straks bij de stemverklaring wordt aangegeven dat iemand anders stemt. Of zie ik het verkeerd? Mevrouw Ilić (GroenLinks): Ik heb een fantastische broche; die staat voor GroenLinks-PvdA. Ik voel me dus wel lekker, ja. De voorzitter: Mevrouw Ilić beantwoordt de vraag van mevrouw Schroot. Mevrouw Ilić (GroenLinks): Ik wil nogmaals aangeven dat het mij niet helemaal duidelijk is of "we dat willen". Ik pleit ervoor om dit niet te vervlechten met deze motie, want dit staat niet in de tekst. Als dat wel het voorstel is, moeten we de tekst aanpassen en wordt het een andere motie. De voorzitter: Mevrouw Schroot, uw derde en laatste interruptie. Mevrouw Schroot (D66): Het is jammer dat het voorbeeld niet begrepen wordt. Het is een suggestie voor wat er in de wijk zou kunnen.

Het is niet per se zo dat het moet, maar wij willen wel meegenomen worden om op tijd de ambities mee te geven: wat willen we bereiken? We willen er niet ergens halverwege de wedstrijd achter komen dat er een kans lag en dat we dit of dat hadden kunnen doen, bijvoorbeeld een grote boom planten. De voorzitter: Ik constateer dat er geen vraag is gesteld. We zijn gekomen aan het einde van de eerste termijn van de raad. Het CDA heeft verzocht om een schorsing. Meneer Van Horck, hoelang heeft u nodig en gaat u zich ook houden aan die tijd? De heer Van Horck (CDA): Vijf minuten. De voorzitter: Ik schors de vergadering voor vijf minuten, tot 22.53 uur. Dat moet kunnen, zodat we een beetje inlopen op de vorige schorsing. De vergadering wordt enige tijd geschorst. De voorzitter: We zijn inmiddels alweer ruim over de tijd van de schorsing heen; dat constateer ik slechts. Meneer Van Horck, u had om een schorsing gevraagd. Wellicht is het goed als u de uitkomst deelt met de raad. De heer Van Horck (CDA): Voorzitter. We hebben een klein IT-probleem, maar we zijn er bijna uit. Dan kan ik een gewijzigde motie naar de griffier sturen. De voorzitter: Ik begrijp dat er een gewijzigde motie 379 aan komt. Graag ook meteen naar de griffie. Ik zie de heer Van Horck knikken; dat gaat dus gebeuren. Met uw goedvinden doe ik alvast een praktisch ordevoorstel.

Er stonden nog technische sessies gepland, aansluitend aan deze raadsvergadering. Ik wil voorstellen om die technische sessies te verplaatsen en in overleg met het presidium te zoeken naar een nieuwe datum waarop de technische sessies kunnen plaatsvinden. Ik probeer de tijd maar even vol te praten. We schrappen hierbij dus de technische sessies die aansluitend aan deze raadsvergadering zouden plaatsvinden. Zij zullen overigens nog wel voor de verkiezingen plaatsvinden; dan weet u dat ook. Ik heb heel andere herinneringen aan de tijd waarin ik raadslid was, maar ik vrees dat ik net zo erg was. Ik meen te denken dat ik dit vroeger veel efficiënter deed, maar dat is natuurlijk helemaal niet waar; dat zeg ik eerlijk. Ik hoor dat de mail is verstuurd. Wij wachten vol spanning tot de ITduif is gearriveerd. De gewijzigde motie wordt nu doorgestuurd naar de raad. Wellicht kan meneer Van Horck de gewijzigde motie alvast toelichten, want dan kan die ook gelijk naar het college. Als

Raadsvergadering 12 februari 2026

26

de gewijzigde motie is verstuurd, kan wethouder Van der Elst vanuit het college zijn appreciatie daarvan geven. Meneer Van Horck, kunt u de gewijzigde motie kort toelichten terwijl die naar de raad en het college wordt gestuurd? De heer Van Horck (CDA): Voorzitter. Wij zouden het vierde dictum graag willen vervangen. Daarbij willen wij graag deze tekst toevoegen: "spreekt uit dat de raad in de gelegenheid wordt gesteld om wensen en bedenkingen uit te spreken voordat een intentieovereenkomst wordt aangegaan". Dat plaatst de raad maximaal in regie en geeft de wethouder ruimte om de intentieovereenkomst af te sluiten, maar niet voordat de raad zijn zienswijze daarop heeft gegeven. Dat is de wijziging die wij voorstellen, waardoor in ieder geval het CDA steun kan geven aan de gewijzigde motie. De voorzitter: De wethouder heeft de motie net binnengekregen. Hij krijgt een half minuutje leestijd, want anders kan hij natuurlijk geen reactie geven op de gewijzigde motie. Meneer Van Horck, namens wie wordt deze motie ingediend? Er staat namelijk één naam onder. Het is goed om de partijen te noemen. Of misschien kan mevrouw Schroot dat doen, want zij heeft nog de meeste spreektijd. Mevrouw Schroot (D66): Er is geen wijziging in de indieners van de motie. Wij zijn dus nog steeds mede-indiener. De voorzitter: Wie zijn "wij"? Mevrouw Schroot (D66): D66.

De voorzitter: De gewijzigde motie is dus van D66 en de SP, maar omdat het CDA vroeg om een schorsing om te kijken naar de motie, is het natuurlijk niet vreemd om te veronderstellen dat het CDA er ook onder staat. Ik zie het CDA knikken. Deze motie wordt nu dus ingediend door drie partijen: het CDA, D66 en de SP. De gewijzigde motie luidt: "Motie 379. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 12 februari, -

overwegende dat de herinrichtingsplannen voor de Vlietwijk voor veel onrust zorgen bij bewoners; overwegende dat Rijnhart Wonen een relatie heeft met haar huurders, maar dat in de participatie voor huiseigenaren de gemeente een rol te spelen heeft; overwegende dat veel inwoners nu het gevoel krijgen dat er over hun toekomst wordt besloten, zonder dat ze er zelf invloed op hebben; overwegende dat een herinrichtingsplan binnen ruimtelijke kaders plaatsvindt; overwegende dat de gemeenteraad bevoegd is tot het stellen van ruimtelijke kaders; van mening dat dat de gemeenteraad zich dient uit te spreken over de ruimtelijke kaders voordat een intentieovereenkomst tussen de gemeente Voorschoten en Rijnhart Wonen wordt getekend; van mening dat een ruimtelijk programma van eisen een goed startpunt is voor een ruimtelijke discussie over de ruimtelijke kaders; overwegende dat in een ruimtelijk programma van eisen voor een herstructurering op deze schaal de volgende onderdelen kunnen worden opgenomen:

Onderzoek ● Historisch onderzoek - waarin de totstandkoming van stedenbouwkundige structuren, bouwjaren, ver(nieuw)bouw en eerdere ontwikkelingen worden beschreven ● Cultuurhistorisch onderzoek - waarin wordt ingegaan op de ontstaansgeschiedenis van de wijk, en de vraag waar de huidige en potentiële waarden liggen ●Structuur huidige situatie - een beschrijving van o.a. architectuur- en gebouwtypologieën, ensembles, huidige doelgroepen, routing, parkeerstructuren, ontsluitingen, groenstructuren en waterstructuren. Analyse ● Analyse algemene positionering van wijk in Voorschoten ● Analyse op niveau wijk

Raadsvergadering 12 februari 2026

27

● Analyse op niveau deelgebied ● Analyse op niveau straat Programma (op basis van onderzoek en analyse) ● De ambitie voor de herinrichting van de wijk met bijbehorende argumentatie ● Een visie op de wijk ontstaan uit onderzoek, analyse en ambitie ● Het geambieerde woningbouwprogramma in cijfers ● Een ruimtelijk programma n.a.v. ontwerpend onderzoek met daaruit voortkomend een aanzet tot geambieerde bouwvlakken met bouwhoogtes ● Referentieafbeeldingen voor de bebouwing -

spreekt zijn grote zorg uit dat de bewoners in de Vlietwijk al aan het begin van het proces het gevoel hebben dat er over hen wordt beslist, maar niet met hen; constateert dat de gemeenteraad het bevoegd gezag is voor omgevingsplanwijziging en grootschalige ruimtelijke plannen; spreekt uit dat een grote herinrichting van de Vlietwijk alleen wenselijk is als er een goed onderbouwd plan, gedragen door de gemeenteraad, aan ten grondslag ligt; spreekt uit dat de raad in de gelegenheid wordt gesteld om wensen en bedenkingen uit te spreken voordat een intentieovereenkomst wordt aangegaan; draagt het college op een ruimtelijk programma van eisen, waarin minimaal zijn opgenomen een onderzoek, een analyse en een programma zoals hierboven verder uitgewerkt, te agenderen zodat de raad zijn visie hierover kan geven; verzoekt het college om het uitgevoerde heipalenonderzoek van Rijnhart Wonen openbaar met de raad te delen,

en gaat over tot de orde van de dag." Wethouder Van der Elst: Voorzitter. Ik zal zo goed mogelijk ingaan op wat de raad in de eerste termijn heeft ingebracht. Er lijkt een misverstand te zijn over wat een intentieovereenkomst is. In een intentieovereenkomst staat niets wat met een ruimtelijk kader te maken heeft. Een intentieovereenkomst is een eerste privaatrechtelijke overeenkomst tussen een ontwikkelaar en een gemeente, waarin je eigenlijk niet veel méér zegt dan dat je samen iets gaat doen. Er staat héél globaal iets in. Alles wat erin staat, is omkeerbaar en er zijn zware ontbindende voorwaarden in opgenomen. Als er ergens iets is waarvan de raad zegt "dit willen we liever niet", dan is dat een ontbindende voorwaarde. Dat is ongeveer wat een intentieovereenkomst is. Als je eerst een uitwerkingskader wil ontwikkelen en dan een intentieovereenkomst, hoeft dat eigenlijk niet meer. Bovendien zie ik niet hoe je van een ontwikkelaar, in dit geval van Rijnhart Wonen, kan verwachten dat hij al die tijd, energie, management en inspanningen investeert in iets waar nog niet eens een privaatrechtelijke overeenkomst onder ligt. Dat is luchtfietsen. Dat doet men niet zo. In de intentieovereenkomst staan forse disclaimers.

Daarna is het ook nog zo - we hebben daarover gesproken - dat de raad zeer nadrukkelijk twee keer uitgebreid besluitvormend aan de bak gaat komen; ten eerste bij de uitgangspunten die opgenomen moeten worden in het uitwerkingskader. U kunt bijvoorbeeld zeggen dat u alles wat bij dictumpunt 5 wordt genoemd, opgenomen wil hebben in het uitwerkingskader. De onderzoeken waarnaar in dictumpunt 6 wordt gevraagd, krijgt u sowieso bij het uitwerkingskader; die worden ook gedeeld. Er zijn inmiddels enkele onderzoeken gedaan en er moeten er nog een heleboel volgen. Alle eigenaren van koopwoningen worden betrokken, zeker als er naast hen gesloopt of gerenoveerd zal worden. Ze doen dus mee. In die zin zijn zij onderdeel van het participatieproces zoals dat nu al loopt. De raad wordt dus betrokken bij het vaststellen van de uitgangspunten die u in het uitwerkingskader wil hebben opgenomen. Daarna gaat de raad ook besluiten over het uitwerkingskader. Pas daarna kan er iets gebeuren. Tot die tijd bent u degene die als hoogste orgaan van de gemeente aan alle knoppen kan draaien. Ik weet niet precies wat een wensen- en bedenkingenprocedure zal inhouden en welke wensen en bedenkingen er zouden kunnen zijn. Ik sluit niet uit dat dit kan, maar nogmaals: volgens mij is de intentieovereenkomst een stuk minder gevaarlijk, dwingend of veelzeggend dan het lijkt.

Het is niet anders dan: we geven elkaar een hand en we gaan samen iets doen. Dat is hoe wij hier op dit moment in zitten. We ontraden dus de motie zoals die nu voorligt, inclusief de wijziging. Als u graag een wensen- en bedenkingenprocedure ertussen wil schuiven, wie ben ik dan om te zeggen dat u geen wensen mag uitspreken? Maar dat is volgens mij niet nodig als je het toespitst op wat een intentieovereenkomst is. Dat is mijn eerste termijn. De voorzitter: Er is behoefte aan een tweede termijn.

Raadsvergadering 12 februari 2026

28

Mevrouw Schroot (D66): Voorzitter. We hebben de wethouder gehoord, maar we hebben hem niks horen zeggen over het punt waar het om gaat, namelijk het vertrouwen dat inwoners in het proces moeten hebben. Dat vertrouwen is momenteel weg. Door ons als raad de gelegenheid te geven om wensen en bedenkingen in te dienen en dus te kunnen controleren wat in de intentieovereenkomst staat, willen we dat vertrouwen van inwoners herstellen. Daar gaat het om. De heer Van Horck (CDA): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de beantwoording. We zien de wensen- en bedenkingenprocedure als complementair aan het huidige proces. Zij geeft de raad maximaal de gelegenheid om zijn wensen en voorkeuren vroegtijdig in het proces uit te spreken en ook regie te houden op het proces. Wij vinden dit dus een goede toevoeging, juist om het vertrouwen van de bewoners terug te winnen, zoals collega Schroot al zei. Ik wil collega Maassen nog danken voor de prettige samenwerking bij deze motie. Hij heeft geen spreektijd meer, maar ik wil dit wel uitgesproken hebben. De heer Lavrijsen (VVD): Voorzitter. Ik sluit me aan bij de woorden van de heer Van Horck en mevrouw Schroot. Ik heb nog een vraag aan de wethouder. Het laatste dictum van de motie verzoekt het college om het uitgevoerde heipalenonderzoek van Rijnhart Wonen openbaar met de raad te delen. Daar zijn we voorstander van.

Onze vraag is alleen of het college een onderzoek van een andere organisatie, namelijk Rijnhart Wonen, kan delen. Is het college daartoe bevoegd en bestaat die mogelijkheid überhaupt? Ik kan me herinneren dat daar al een keer een toezegging over is gedaan, maar ik wil dit toch even checken. De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. Hartelijk dank, wethouder, voor de beantwoording, maar ook voor uw duidelijke uitleg in deze vergadering en in eerdere vergaderingen over het proces rondom de Vlietwijk en het gegeven dat wij als raad best wel een aantal keren aan de bal zijn als het om heel belangrijke zaken gaat. Ik kan me heel goed voorstellen dat deze motie er is, met name om het vertrouwen van de inwoners terug te winnen, zoals mevrouw Schroot zei, en om ons gewoon maximaal aan de bal te laten zijn, nog wat meer aan de voorkant dan we gewend zijn. Ik denk dus dat dat geen slechte zaak is. Mevrouw Ilić (GroenLinks): Voorzitter. We zullen de motie steunen. We zien de goede intentie om met al deze procedures de inwoners meer te betrekken. Wij vinden het een goed idee om deze wijk samen nog mooier te maken en de ruimtelijke ordening daar te bewaken en dus het groen en de speeltuinen te behouden. Het is fijn dat we daarbij betrokken blijven. De voorzitter: Denk aan uw spreektijd; u heeft nog elf seconden. De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. Ik heb het gehoord.

Ik vond de toelichting van mevrouw Schroot helder en duidelijk. Dus wij steunen deze motie. De voorzitter: Er is nog één vraag aan de wethouder van de heer Lavrijsen. Wethouder Van der Elst: Voorzitter. De heipalenonderzoeken worden gedeeld met de betreffende bewoners. Als je het met zoveel bewoners gaat delen, kan ik me niet voorstellen dat het dan geheim zou zijn voor de raad. Bovendien: als u, bijvoorbeeld op het niveau van het uitwerkingskader, stelt dat u die onderzoeken wil zien, kan ik me niet voorstellen dat zij niet gedeeld worden. In die zin lijkt het me dus dat dat gelopen is. Toch nog: het vertrouwen van de inwoners ligt feitelijk bij het hoogste orgaan. De heer Lavrijsen (VVD): De wethouder zegt: "Het lijkt me dat het gelopen is." Dat is geen keihard "ja, het kan en dat gaan we doen." Is dit dus een toezegging dat het gaat gebeuren? Kan de wethouder dat toezeggen? Of is het een veronderstelling dat het misschien best weleens mogelijk zou kunnen zijn dat … De voorzitter: Ik geef de wethouder als suggestie mee dat het natuurlijk altijd mogelijk is om dit even uit te zoeken en om de raad te informeren over de juridische mogelijkheden.

Raadsvergadering 12 februari 2026

29

Wethouder Van der Elst: Ik heb een sterk vermoeden uitgesproken, maar we kunnen dit voor de definitiefheid nog even checken. Er is nog geen tijd geweest om dit te checken bij Rijnhart Wonen. In die zin heb ik het antwoord dus niet een-op-een. Tot slot: het vertrouwen van de inwoners van Voorschoten, dus ook van de Vlietwijk, is in principe gekoesterd in de handen van u, de raadsleden. Als u wil dat iets niet gebeurt, gebeurt het niet. Dat is een beetje uit zicht geraakt. In de intentieovereenkomst staat geen uitwerkingskader. Dat komt daarna en u gaat daarover. Verder wacht ik af wat er bij de stemming gebeurt. De voorzitter: Er zijn geen vragen of opmerkingen meer. Ik dank de wethouder voor de beantwoording. Ik sluit de beraadslaging en we gaan over tot de stemming. In stemming komt motie 379 van de SP, D66 en het CDA. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. (Applaus op de publieke tribune) De voorzitter: Ik wijs de mensen op de tribune erop dat er geen gebaren of uitingen van goed- of afkeuring zijn toegestaan. Dit is dus de eerste en laatste waarschuwing. Het volgende agendapunt was onderverdeeld in twee moties: motie 380 en motie 384. Ik kijk naar de twee indieners, want zij zouden met iets terugkomen uit de schorsing. Blijven beide moties gehandhaafd? Ik zie dat dat niet het geval is.

Dan moet iemand uitleggen wat we nu gaan doen, want anders weet ik het ook niet. Meneer Posthuma, bent u vanavond nou echt mijn reddende engel? Make my day! De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. Dat doe ik met liefde; dat gaat helemaal goedkomen. We hebben uitvoerig overleg gehad met de indieners van de andere motie. We hebben gehoord wat de verschillen en de intenties zijn. Uiteindelijk hebben we besloten dat een onderdeeltje van onze motie dat door de heer Maassen was ingebracht om het nadrukkelijk een feest te laten zijn voor mensen die 18-min zijn, dus 15-, 16- en 17-jarigen, een onderdeel van motie 384 wordt. Daarmee is motie 380 wat ons betreft overbodig geworden. Die trekken we bij dezen in. De voorzitter: Motie 380 is hierbij ingetrokken. We hernummeren dit agendapunt dus gewoon naar agendapunt 11.5, waarbij de gewijzigde motie 384 voorligt. 11.5 Gewijzigde motie 384 van het CDA, Voorschoten Lokaal en de VVD over Feest Jongerenraad De voorzitter: Ik geef het woord aan de heer Van Horck voor de indiening van de motie. U heeft nog 1 minuut en 38 seconden. De heer Van Horck (CDA): Voorzitter. Ik ga het heel kort houden. Deze motie, met dank aan de heer Posthuma, geeft ruimte aan een initiatief vanuit de Voorschotense Jeugdraad, waar veel behoefte aan is.

Het maakt een feest mogelijk, kiest een passende budgettaire ondersteuning en biedt ruimte aan maatschappelijk initiatief. Wij denken dat hiermee ook gehoor wordt gegeven aan een grote wens van de jongeren in Voorschoten. De gewijzigde motie luidt: "Motie 384. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen op 12 februari 2026, constaterende dat: a. b. c.

het Weekend van Voorschoten een belangrijk verbindend evenement is voor onze gemeenschap; er binnen het huidige programma relatief weinig specifiek aanbod is voor jongeren; wij de kracht en de ideeën van de jongeren beter kunnen gebruiken;

overwegende dat:

Raadsvergadering 12 februari 2026

30

d. e. f. g.

jongeren een volwaardige plek verdienen binnen gemeentelijke evenementen; betrokkenheid van de jongerenraad bijdraagt aan draagvlak en aansluiting bij de doelgroep waarbij de doelgroep gericht is op jongeren 18-min; de Jongerenraad de kracht van Voorschotense jongeren laat zien en heeft aangegeven een festival voor de Voorschotense jongeren voor zich te zien; de samenleving de ruimte moet worden gegeven voor particulier initiatief en de gemeente hierbij kan helpen;

verzoekt het college: 1. 2. 3.

voor 2026 op de vrijdag van het Weekend van Voorschoten een specifiek jongerenprogramma te organiseren; hierbij de Jongerenraad een aanjagende rol te geven, die in overleg met de gemeente en het Voorschotens middenveld een passend programma kan samenstellen waarbij het doel is te komen tot een jaarlijks terugkerend evenement; in overleg met de Jongerenraad een plan voor een feest op te stellen, waarbij de gemeenteraad dekking beschikbaar stelt die passende financiële middelen geeft en die in verhouding staat tot de subsidie aan de stichting van het Weekend van Voorschoten en vergelijkbare initiatieven,

en gaat over tot de orde van de dag." De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. Wij kunnen ons ook goed vinden in deze motie. Er is nog één verschil tussen de motie van de PvdA en de nu samengevoegde motie. Het budgettaire gedeelte van de € 30.000 is eruit gehaald, want het lijkt ons beter om niet meteen met een financieel kader te beginnen maar eerst te kijken wat we willen en wat dat kost. Wij denken dus dat deze motie nog beter is geworden dan zij al was. Mevrouw Mieremet (D66): Voorzitter. Wij kunnen ons vinden in deze motie. Ik moet wel eerlijk zeggen dat de manier waarop, met copy-paste, niet echt lekker voelt, maar daar moeten we gewoon overheen stappen. We moeten kijken wat het resultaat is. Het resultaat is goed. Dus dank voor de samenwerking, maar ik denk dan altijd wel een beetje: het had net iets anders gedaan kunnen worden. Maar het is goed en fijn voor de jongeren. Mevrouw Van der Krogt (GroenLinks): Voorzitter. Ik ben het met mevrouw Mieremet eens. Ik zei net dat je het spel moet leren begrijpen, maar ik had vanavond even het gevoel dat er mensen aan het valsspelen waren. Maar wij gaan deze motie zeker steunen. Dit is goed voor de Jongerenraad. De voorzitter: Wethouder Schokker gaat namens het college reageren. Wethouder Schokker: Voorzitter. Dank voor de motie.

Ik ben blij dat we van twee moties terug zijn gegaan naar één motie; dat scheelt al behoorlijk wat. Jongeren behoren tot mijn portefeuille, maar hier zit ook een veiligheidsaspect aan. De motie moet wel goed uitvoerbaar zijn. Wij kunnen deze motie oordeel raad laten, maar wij stellen voor dat we naar aanleiding van de motie nog eens goed kijken hoe wij haar het beste kunnen uitvoeren en om de raad op zo kort mogelijke termijn een informatiebrief te sturen waarin we daarop ingaan. Er schijnt immers echt behoefte te zijn aan een professionele partij. We proberen de kosten natuurlijk zo beperkt mogelijk te houden, maar de motie moet wel goed uitvoerbaar zijn. Tegen die achtergrond geven we de motie oordeel raad. De heer Posthuma (PvdA): In ons oorspronkelijke voorstel stond inderdaad dat er een professionele organisatie achter moet zitten. Wat is volgens u de reden dat dat beter zou zijn? De voorzitter: Dat is een vraag aan het bestuursorgaan burgemeester. Vindt u het goed dat ik die vraag beantwoord of zal ik de heer Bremmer vragen om het voorzitterschap even van mij over te nemen? Ik hoor dat ik de vraag direct kan beantwoorden. Meneer Van Oostrum, heeft u hier een ordevoorstel over? Anders ga ik eerst de vraag beantwoorden. De heer Van Oostrum (CDA): Meneer Bremmer is hier voor het laatst. Misschien is het toch leuk om hem nog een keer als voorzitter op te laten treden.

Raadsvergadering 12 februari 2026

31

De voorzitter: Wat een spannende uitspraak, in vele opzichten! Meneer Bremmer, wilt u het van mij overnemen? (De heer Bremmer neemt het voorzitterschap van de vergadering over van de burgemeester.) De voorzitter: Ik geef het woord, wellicht voor het laatst - je weet het nooit - aan burgemeester Stemerdink. Burgemeester Stemerdink: Ik hoop niet dat ik hier in deze raad voor het laatst het woord voer. Maar goed, ik begrijp dat er een voorschot op iets wordt genomen. Voorzitter. Dank voor de vraag. De reden waarom we er een professionele organisatie op zouden moeten gaan zetten, is dat de leden van de Jongerenraad ongelofelijk enthousiast en gedreven zijn en weten wat ze willen - daar gaan we heel veel plezier aan hebben, juist om hier iets te gaan organiseren voor de 18-minners - maar dat zij niet in staat zijn om zo'n feest te organiseren met alle veiligheidseisen die daarbij aan de orde zijn, compleet met vergunningen et cetera. Zij zijn ook niet verzekerd als er iets fout gaat. Als er iets fout gaat, zijn ze hoofdelijk aansprakelijk. Daar zullen ik en wethouder Schokker nooit mee akkoord gaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=bdaf33b6-308b-4da3-ab86-e6895ad37aff