Bijlage 1 Programmabegroting 2026-2029
Tekst van het document
Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0. Wegmeubilair beheerkosten ( € 50.000 hogere lasten) De huidige overeenkomst voor reclame in abri’s is beëindigd en biedt mogelijkheden om abri’s en andere reclame-uitingen, bijvoorbeeld aan lantaarnpalen, voordeliger te exploiteren. Voor 2026 worden er aanloopkosten gemaakt voor het opstellen van beleid en het doorlopen van een inkooptraject, en hiervoor is in de programmabegroting 2026 dekking opgenomen.
25
Fietsstation de Vink (€ 170.000 lagere lasten) In 2025 is het fietsstation bij station de Vink aangelegd, deze kosten komen niet terug in 2026. De resterende hogere lasten van € 38.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Mutaties reserves In 2025 en 2026 zijn er vanuit programma 2 geen stortingen in de reserves beoogd. In 2026 is een onttrekking van € 50.000 vanuit bestemmingsreserve kapitaallasten voor de dekking van diverse kapitaallasten. In 2025 is de totale onttrekking € 125.000 hoger dan in 2026 dit betreffen overhevelingen vanuit 2024 voor diverse onderwerpen binnen programma 2.
26
P3 Economie Wat willen we bereiken ? Een leefbaar Voorschoten vraagt om een toekomstbestendige economie, voldoende werkgelegenheid, gezonde bedrijventerreinen en aantrekkelijke winkelcentra. Daarom willen we bijdragen aan een uitnodigend vestigingsklimaat voor bedrijven, zzp’ers, toerisme, winkels en horeca. Zo behouden we werkgelegenheid en kan waar mogelijk het aantal banen in Voorschoten groeien.
Wat gaan we daarvoor doen ? Belangrijkste resultaten 2026 Evaluatie van de huidige, en ontwikkeling van een nieuwe economische agenda In onze economische agenda staan concrete maatregelen per economisch thema. De raad geeft daarbij aan welke thema’s prioriteit hebben. In de eerste helft van 2026 evalueren we de huidige agenda. De inzichten uit deze evaluatie dienen (samen met de ambities uit het coalitieakkoord en afspraken in regioverband) als input voor een update. Hieruit volgt de economische agenda 20262029. De raad ontvangt deze in de tweede helft van 2026 om vast te stellen. Vaststellen nieuwe evenementenbeleid Evenementen bieden levendigheid en sociale verbinding in het dorp en impulsen aan de lokale economie. Het huidige evenementenbeleid schetst juridische kaders, maar voorziet te weinig in een brede visie. Daarom stellen we een nieuw evenementenbeleid op. Dit beleid zal voorzien in een positionering van evenementen in Voorschoten en in een actualisatie van de juridische kaders die ten grondslag liggen aan vergunningen. Ontwikkeling van de bedrijventerreinen Bedrijventerreinen zijn van groot belang voor een goed functionerende economie. In 2025 stelde de raad de ontwikkelvisie bedrijventerreinen vast, waarin voor elk bedrijventerrein de kaders worden beschreven voor ontwikkelingen.
In 2026 gaan we aan de slag met deze ontwikkelvisie, waarvoor het college in 2026 de uitvoeringsagenda vaststelt. Herontwikkeling bedrijventerreinen in samenwerking met de regio Om een effectievere impuls te kunnen bieden aan de revitalisering en opwaardering van bedrijventerreinen, kan de gemeente zich engageren binnen de regionale Ruimtelijke Ontwikkelingsmaatschappij Bedrijven (ROM-B). In 2025 heeft een kwartiermaker een vooronderzoek gedaan en wordt de bestuurlijke besluitvorming afgerond voor deelname. Dobbewijk is als pilot opgenomen voor revitalisering en opwaardering. In het geval van een positieve beslissing over deelname in de regio, sturen we in 2026 op meetbare resultaten uit de regionale samenwerking. Inzetten voor de belangen van de ondernemer De ondernemer is de drijvende kracht achter een sterke lokale economie, en de gemeente doet er goed aan om diens belangen te onderkennen. De afgelopen tien jaar kende de gemeente een goede samenwerking met de Bedrijven Investeringszone (BIZ) Dobbewijk. In 2026 vindt een draagvlakmeting plaats voor de voortzetting van de BIZ, en levert de gemeente inzet voor het maken en formaliseren van goede afspraken en regelingen. In samenwerking met de Ondernemersvereniging Voorschoten, het centrum en individuele ondernemers werkt de gemeente aan, en ondersteunt zij een goed economisch klimaat.
27
Nr. Beleidsindicator
Eenheid
Bron
Voorgaande laatst bekende realisatie
Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer
14
Functiemenging
%
CBS/ BAG LISA 39,0 (2023)
16
Vestigingen (van bedrijven) Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar
39,0 54,2 (2023) (2023) 187,1 181,8 (2023) (2023)
LISA
187,1 (2023)
Toelichting beleidsindicatoren 14
Functiemenging
De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen. In Voorschoten zijn meer woningen dan banen (functiemenging <50). Dit is een normaal beeld in een gemeente gelegen aan de snelweg, tussen de twee steden. Voorschoten is mede door het hoogwaardige woonmilieu en de goede bereikbaarheid de ideale woonplaats voor hoogopgeleide forensen. De verwachting is dat op basis van het beleid het % functiemenging toeneemt, door een stijging van het aantal banen. 16
Vestigingen (van bedrijven)
Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-65 jaar.
Wat gaat het kosten?
Deze tabel toont de baten en lasten van dit programma. De mutaties laten we apart zien. De tabel sluit af met het saldo. Programma: P3 Economie
Rekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
275
396
404
377
377
377
Totaal baten
Baten
Totaal lasten
Lasten
-482
-949
-784
-804
-896
-954
Saldo van baten en lasten Saldo
-208
-553
-380
-427
-520
-577
Mutatie reserves Totaal onttrekkingen
Baten
25
211
0
0
0
0
Totaal stortingen
Lasten
0
0
0
0
0
0
Saldo mutatie reserves
Saldo
25
211
0
0
0
0
Saldo
-183
-342
-380
-427
-520
-577
Saldo Totaal Programma bedragen x € 1.000 ( "-"= nadeel / "+"= voordeel )
De voornaamste verschillen op de baten en de lasten van tenminste € 50.000, of met een bijzondere oorzaak, staan hieronder uitgewerkt. Programma 3 kent per saldo € 8.000 hogere baten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit is opgebouwd uit kleine afwijkingen die niet verder worden toegelicht. Programma 3 kent per saldo € 165.000 lagere lasten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen:
28
Economische zaken (€ 237.000 lagere lasten) Bij economische zaken zijn in 2025 een drietal eenmalige budgetten beschikbaar gesteld, welke voor begrotingsjaar 2026 voor een voordeel zorgen. Voor de herinrichting van het Treubplein was in 2025 een bedrag beschikbaar € 150.000 gesteld voor externe capaciteit. Voor de ontwikkelvisie bedrijventerreinen was een budget beschikbaar gesteld van € 30.000 en voor de voorbereidingskosten van de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij bedrijventerreinen (ROM-B) was een budget geraamd van € 50.000. Festiviteiten (€ 20.000 lagere lasten) Voor 2025 was er een eenmalig budget beschikbaar gesteld voor maatregelen ter bevordering van de veiligheid tijdens evenementen. Na een jaar zou er bekeken geworden of deze maatregelen gewerkt en toegevoegde waarde hebben. Hierover is momenteel nog geen duidelijkheid. Subsidies taakveld 3.1 (€ 15.000 lagere lasten) Vanaf 2026 is het voor Lokale ondernemers, ondernemers collectieven, verenigingen en stichtingen niet meer mogelijk om subsidies aan te vragen voor activiteiten die de lokale economie van Voorschoten ondersteunen. Doorbelasting salarislasten (€ 60.000 hogere lasten) De doorbelasting van de salarislasten zorgt voor een nadeel van € 60.000 op programma 3. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0.
Bedrijven Investerings Zone (€ 50.000 hogere lasten) Bij de raadsvergadering op 3 juni 2025, bij het agendapunt 'Ontwikkelvisie bedrijventerreinen 2025-2040', heeft de raad ingestemd met Motie 355. Als gevolg hiervan dient een beleidsnotitie aanpak leegstand niet-woningen voorbereid te worden, en hiervoor in de programmabegroting 2026 dekking op te nemen. De resterende lagere lasten van € 3.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Mutaties reserves In 2025 en 2026 zijn er vanuit programma 3 geen stortingen in de reserves beoogd. In 2026 is er geen onttrekking vanuit een reserve binnen programma 3. In 2025 zijn is een onttrekking vanuit de bestemmingsreserve centrumvisie voor het Treubplein van € 150.000 en de overige € 61.000 betreft de dekking voor overhevelingen uit 2024 naar 2025.
29
P4 Onderwijs Wat willen we bereiken ? We willen dat de kinderen in de gemeente Voorschoten goed onderwijs krijgen. Onze verantwoordelijkheid hierin is dat scholen zijn gehuisvest in gebouwen die geschikt zijn voor onderwijs. Ze moeten voldoen aan de huidige technische normen, maar ook aan te passen zijn aan toekomstige eisen voor onderwijshuisvesting. Bijvoorbeeld als het gaat om energieverbruik en ventilatie. Daartoe hebben we het integraal huisvestingsplan (IHP) herijkt. Daarnaast draagt de gemeente bij aan de opvang van nieuwkomers en ontheemden die in de gemeente gehuisvest zijn of worden. Voor deze kwetsbare groep willen we zo veel mogelijk taalonderwijs en internationale schakelklassen (isk’s) organiseren. Dit staat wel onder druk door de personeelstekorten in het onderwijs. Verder investeert de gemeente in voor- en vroegschoolse educatie (vve). Die moet eraan bijdragen dat elk kind in Voorschoten dezelfde ontwikkelkansen krijgt, ongeacht de omstandigheden waarin het opgroeit. De gemeente werkt op alle fronten actief samen met de scholen. De vorm en inhoud van deze samenwerking hebben we opgenomen in de Lokale Educatieve Agenda (LEA). Ook werken we samen met scholen en de leerplichtambtenaar om schooluitval en schoolverzuim te voorkomen.
Wat gaan we daarvoor doen ? Belangrijkste resultaten 2026 Afronden voorbereidingen nieuwbouw Fortgensschool In 2026 ronden we de voorbereidingen af voor de nieuwbouw van de Fortgensschool. Dit omvat het uitwerkingskader, een vergunningaanvraag voor de sloop van het Cultureel Centrum in 2027 en voor de nieuwbouw een aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). De planning is afhankelijk van de verhuizing van het Cultureel Centrum naar de Kruispuntkerk. We stellen de benodigde kredieten beschikbaar nadat de school die heeft aangevraagd. Onderzoeken naar duurzaamheid en ventilatie van schoolgebouwen en kinderopvang In het Integraal Huisvestingsplan 2024-2039 (IHP) is een bedrag van € 50.000 opgenomen voor nader onderzoek bij alle basisscholen in de gemeente Voorschoten, omdat er de ambitie is om deze schoolgebouwen in ieder geval op een gelijkwaardig kwaliteitsniveau te brengen ten aanzien van de duurzaamheid en ventilatie, maar ook de behoefte aan inbreiding of uitbreiding van vierkante meters voor de realisatie van het Kindcentrum.’ De onderzoeken concluderen dat bouwkundige aanpassingen het meest kostenefficiënt zijn als ze worden uitgevoerd op de momenten die in het meerjarenonderhoudsprogramma staan. En daarnaast dat kinderopvang bij nieuwbouw van scholen en bij bestaande schoolgebouwen een verschillende aanpak vergen.
Met ingang van 2026 passen we de conclusies uit beide onderzoeken toe bij bouwkundige aanpassingen. Ook houden we er rekening mee in het kinderopvangbeleid dat we gaan vaststellen en de volgende herijking van het IHP.
30
Nieuw convenant Nieuwkomersonderwijs In 2026 werken gemeenten en onderwijsinstellingen in de Leidse regio samen aan een convenant voor nieuwkomersonderwijs. Het doel is om te zorgen voor een meerjarig en kansrijk aanbod met optimale inzet van expertise en middelen. De taalklas blijft het lokale aanbod voor primair onderwijs in Voorschoten. Vroeg- en Voorschoolse Educatie: minimaal 90% van de doelgroepkinderen loopt taalachterstand in We blijven inzetten op het verkleinen van taalachterstanden bij kinderen in de voorschoolse (2-4 jaar) en vroegschoolse (4-6 jaar) educatie. Het doel is om ervoor te zorgen dat bij minimaal 90 procent van de kinderen de achterstand aantoonbaar afneemt bij uitstroom, gemeten via de observatiemethode. Onderwijs en gemeente werken samen aan nieuwe ambitie van de Lokale Educatieve Agenda In 2026 richten we het proces voor de Lokale Educatieve Agenda (LEA) opnieuw in. Het doel daarvan is om te zorgen voor een sterk onderwijslandschap waarin kinderen vanaf jonge leeftijd met een doorgaande lijn van onderwijs en zorg worden begeleid. De focus ligt op betere samenwerking tussen kinderopvang, onderwijs en (jeugd)zorg, het voorkomen van ontwikkelingsachterstanden en soepele overgangen tussen primair en voortgezet onderwijs.
Nr. Beleidsindicator
17 18 19
Eenheid
Absoluut verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen Relatief verzuim Aantal per 1.000 leerlingen Vroegtijdig schoolverlaters % deelnemers aan het zonder startkwalificatie VO en MBO onderwijs (vsv-ers)
Bron
Voorgaande laatst bekende realisatie
DUO/Ingrado
3,2 (2023) 5,9 (2024) 6,7 (2024)
DUO/Ingrado
15,8 (2023) 20 (2024)
DUO/Ingrado
1,6 (2023) 1,3 (2024) 2,3 (2024)
Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer
28 (2024)
Toelichting beleidsindicatoren 17
Absoluut verzuim
Van absoluut verzuim is sprake als een leerplichtige jongere tussen de 5 en 16 jaar of een jongere van 16 of 17 jaar die valt onder de kwalificatieplicht niet is ingeschreven op een school of instelling en ook niet vrijgesteld is van de inschrijvingsplicht. 18
Relatief verzuim
Het aantal leer- of kwalificatieplichtige leerlingen (per 1.000 leerlingen) waarbij sprake is van meer dan 16 uur ongeoorloofd verzuim gedurende 4 opeenvolgende lesweken. 19
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
Het percentage van het totaal aantal leerlingen van het VO en MBO (12 - 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat. De cijfers van DUO hebben betrekking op schooljaren. Het aantal Voortijdig School Verlaters voor Voorschoten stabiliseert. Voorschoten blijft hiermee onder het landelijk en regionaal gemiddelde. Toch is blijvende aandacht noodzakelijk omdat het aantal VSV’ers tot 18 jaar hoger ligt in Voorschoten dan in vergelijkbare gemeenten (bron: Gemeentelijke monitor sociaal domein, DUO). Absoluut en relatief verzuim ligt onder het regionaal gemiddelde. Kinderen zijn nu beter in beeld gebracht en scholen melden sneller waardoor problemen eerder worden aangepakt.
31
Wat gaat het kosten?
Deze tabel toont de baten en lasten van dit programma. De mutaties laten we apart zien. De tabel sluit af met het saldo. Rekening 2024
Programma: P4 Onderwijs
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Totaal baten
Baten
561
747
473
473
473
473
Totaal lasten
Lasten
-2.195
-2.580
-2.246
-2.185
-2.139
-2.284
Saldo van baten en lasten Saldo
-1.634
-1.833
-1.773
-1.712
-1.666
-1.811
Mutatie reserves Totaal onttrekkingen
Baten
961
230
115
0
0
0
Totaal stortingen
Lasten
-1.950
-1.500
0
0
0
0
Saldo mutatie reserves
Saldo
-989
-1.270
115
0
0
0
Saldo
-2.622
-3.103
-1.658
-1.712
-1.666
-1.811
Saldo Totaal Programma bedragen x € 1.000 ( "-"= nadeel / "+"= voordeel )
De voornaamste verschillen op de baten en de lasten van tenminste € 50.000, of met een bijzondere oorzaak, staan hieronder uitgewerkt. Programma 4 kent per saldo € 274.000 lagere baten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Middelen voor nationaal programma onderwijs (NPO) (€ 118.000 lagere baten) In 2025 loopt de NPO-regeling af. De baten en lasten zijn per saldo budgettair neutraal en worden vanwege de afloop niet opnieuw in 2026 begroot. In 2026 zijn de baten hiermee € 118.000 gedaald in vergelijking met 2025. De middelen voor gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOAB) (€ 100.000 lagere baten) De inkomsten en lasten voor de GOAB zijn neutraal en jaarlijks gelijk. Er is echter een mogelijkheid om een beperkt deel over te hevelen vanuit eerdere boekjaren. In 2024 is een deel naar 2025 overgeheveld waardoor 2026 een lagere baat kent van € 100.000 ten op zichten van 2025. Vrijval van de onderhoudsvoorziening voor openbare basisschool de Vos locatie ter Lips (€ 59.000 lagere baten) In 2025 is het restant deel voor het onderhoud aan het schoolgebouw van de Vos vrij komen te vallen nadat deze in 2024 is overgedragen aan het schoolbestuur. Vanuit de vrijval zijn nog resterende werkzaamheden bekostigd in 2025. Zowel de lasten als de baten komen niet terug in 2026. Het effect is € 59.000 lagere baten in 2026.
De resterende hogere baten van € 3.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Programma 4 kent per saldo € 334.000 lagere lasten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Middelen voor nationaal programma onderwijs (NPO) (€ 118.000 lagere lasten) In 2025 loopt de NPO-regeling af. De baten en lasten zijn per saldo budgettair neutraal en worden vanwege de afloop niet opnieuw in 2026 begroot. In 2026 zijn de baten hiermee € 118.000 gedaald in vergelijking met 2025.
32
De middelen voor gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOAB) (€ 100.000 lagere baten) De inkomsten en lasten voor de GOAB zijn neutraal en jaarlijks gelijk. Er is echter een mogelijkheid om een beperkt deel over te hevelen vanuit eerdere boekjaren. In 2024 is een deel naar 2025 overgeheveld waardoor 2026 een lagere baat kent van € 100.000 ten op zichten van 2025. Bijdrage onderhoud Fortgensschool (€ 68.000 lagere lasten) Bij het vaststellen van het IHP 2024-2039 is rekening gehouden met een mogelijke bijdrage voor onderhoud ten gevolge van de latere oplevering van de nieuwbouw van de Fortgensschool. Dit bedrag is in zijn geheel in 2025 geraamd en leidt daarmee tot een voordeel in 2026. Als de middelen niet (volledig) worden uitgegeven in een jaar wordt voorgesteld ze over te hevelen naar het nieuwe boekjaar tot het moment van oplevering van het nieuwe schoolgebouw. Afsluitende werkzaamheden openbare basisschool de Vos locatie ter Lips (€ 20.000 lagere lasten) In 2025 is het restant deel voor het onderhoud aan het schoolgebouw van de Vos vrij komen te vallen nadat deze in 2024 is overgedragen aan het schoolbestuur. Vanuit de vrijval zijn nog resterende werkzaamheden bekostigd in 2025. Zowel de lasten als de baten komen niet terug in 2026. Het effect is € 20.000 lagere lasten in 2026.
De resterende lagere lasten van € 28.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Mutaties reserves In 2026 is er geen storting in de reserve geraamd. In 2025 is er een storting van € 1.500.000 is de bestemmingsreserve onderwijshuisvesting. In 2026 is de onttrekking uit de reserve onderwijshuisvesting lager € 115.000 lager dan in 2025. In zowel 2025 als in 2026 wordt er € 100.000 uit de reserve onttrokken voor de voorbereidingen voor de nieuwbouw van Fortgensschool. In 2025 zijn er ook kosten gedekt vanuit de bestemmingsreserve onderwijshuisvesting voor onderzoek van duurzaamheid en onderhoud van de huidige locatie van de Fortgensschool zoals is vastgesteld bij herijking van het integraal onderwijshuisvestingsplan 2024 - 2039.
33
P5 Sport, cultuur en recreatie Wat willen we bereiken ? Sport, cultuur en recreatie zijn het fundament onder een vitale en actieve dorpsgemeenschap. Dit fundament moet bijdragen aan gezonde, betrokken en actieve inwoners en sterke verenigingen die zo veel mogelijk zelfstandig hun verenigingsactiviteiten kunnen uitvoeren. Daar zet de gemeente zich voor in. Sport is belangrijk voor een gezonde en sociale samenleving. Wij stimuleren daarom de samenwerking tussen sportverenigingen, zodat ze samen sterker worden. Daarmee willen we zo veel mogelijk inwoners in beweging krijgen en bijdragen aan een vitale, gezonde generatie 2040. We investeren daarom in toekomstgerichte en duurzame sportaccommodaties. Die houden de lokale sport vitaal, en met duurzame panden gaan we zuinig om met onze omgeving. Ook cultuur is een bouwsteen die bijdraagt aan een gezonde en sociale samenleving. We streven dan ook naar cultuur die zichtbaar is en deel uitmaakt van educatie. Ook stimuleren we dat inwoners meedoen met culturele activiteiten. De gemeente heeft daarnaast verschillende wettelijke taken voor het beschermen en toegankelijk maken van cultureel erfgoed, zowel archeologisch als cultuurhistorisch. De bibliotheek heeft een belangrijke culturele en recreatieve functie in onze samenleving. Het belang van deze voorziening staat ook in de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob).
De bibliotheek is een voor iedereen toegankelijke plek die bijdraagt aan persoonlijke ontwikkeling en verbetering van de maatschappelijke kansen van het algemene publiek in Voorschoten. Binnen het thema recreatie heeft de gemeente de wettelijke taak om speelvoorzieningen in de openbare ruimte te inspecteren en veilig te houden. Ook hebben wij een zorgplicht voor bomen in de openbare ruimte. De gemeente probeert het aanwezige groen zo veel mogelijk te behouden en versterken. Het belang van groen in en rondom Voorschoten is dan ook steeds evidenter. Zo draagt het groen onder andere bij aan het klimaatbestendig maken van ons stedelijk gebied, het creëren van een prettige, gezonde leefomgeving voor mens, plant en dier en aan het versterken van de biodiversiteit.
Wat gaan we daarvoor doen ? Belangrijkste resultaten 2026 Ontwikkelingen businesscase sporthal In december 2025 leggen we de businesscase voor de sporthal bij zwembad het Wedde voor aan de gemeenteraad om erover te besluiten. Als het raadsbesluit positief is, kunnen we beginnen met de voorbereiding en verdere uitwerking van de realisatiefase van een sportcentrum. Dat moet in 2026 leiden tot de oplevering van het definitief ontwerp voor het nieuwe sportcentrum. Regionaal capaciteitsonderzoek In het derde kwartaal van 2026 leveren we een regionaal onderzoek op voor de gemeenten Leiden, Oegstgeest, Leiderdorp, Zoeterwoude en Voorschoten volgens het vastgestelde sportaccommodatiebeleid. Dat onderzoek geeft inzicht in de huidige capaciteit en de toekomstige behoefte aan binnen- en buitensportaccommodaties en overdekt zwemwater. Dit sluit aan bij motie 348, waarin we het college verzoeken om samen met de buurgemeenten te onderzoeken in hoeverre een intensieve regionale samenwerking en afstemming van sportaccommodaties mogelijk
34
is. Deze opdracht vormt een (regionale) aanvulling op het al vastgestelde sportaccommodatiebeleid 2024-2030. Onderzoek optimale inrichting sportpark Adegeest & skeelerbaan bij IJsclub Voorschoten In 2026 leveren we een onderzoek op naar de optimale inrichting van sportpark Adegeest voor zowel multifunctioneel als toekomstbestendig sportaanbod en sportgebruik. Daarnaast leveren we een plan op over hoe we de skeelerbaan bij de IJsclub Voorschoten inrichten. Vier wijken onderweg naar klimaatadaptatie Het is belangrijk dat onze gemeente werkt aan klimaatadaptatie: het bestendig maken tegen extreme neerslag en hitte. Hiervoor zijn vier wijken met prioriteit aangemerkt: de Krimwijk, NoordHofland, Vlietwijk en Starrenburg. In deze wijken houden we wijkbijeenkomsten. Op basis daarvan ontwikkelen we wijkplannen waarin staat hoe we de wijken klimaatadaptief maken. In 2025 hebben we drie wijkbijeenkomsten gehouden: de Krimwijk, Noord-Hofland en Vlietwijk. We hebben twee wijkplannen afgerond. In 2026 ronden we het derde wijkplan af. Verder zijn we van plan om de vierde wijkbijeenkomst, die in Starrenburg, in 2026 te houden, maar dat laten we afhangen van de resultaten van het verzakkingsonderzoek voor deze wijk dat nog moet plaatsvinden.
Uitvoering van de uitvoeringsagenda Cultuur 2026 en evaluatie periode 2023-2026 Met de extra middelen die we in de Kadernota 2026 hebben aangevraagd, geven we uitvoering aan de uitvoeringsagenda Cultuur 2026, met activiteiten als de Voorschoten Awards en andere impulsen voor het culturele veld. In 2026 evalueren we de hele periode van de uitvoeringsagenda 2023-2026. We ervaren het werken met een uitvoeringsagenda en een cultuurcoördinator als positief. De beleidsuitvoering op cultureel erfgoed wordt effectiever door samenwerking met de Vrienden van Voorschoten In de komende begrotingsperiode leggen we de nadruk op de samenwerking met de Vrienden van Voorschoten, zoals staat in de informatiebrief van 23 september 2025. Naast projecten die bijdragen aan het profileren van het Voorschotense erfgoed en aan andere beleidsvelden, zoeken we ook samenwerking met de vrijwilligers van de Vrienden voor het vastleggen van oral history, dus door met interviews persoonlijke herinneringen te verzamelen. Ook vragen we de Vrienden weer om de organisatie van Open Monumentendag op zich te nemen. Verder starten we met de derde tranche (van zes) om de redengevende omschrijvingen van de gemeentelijke monumenten. Ook plaatsen we de historische buitenplaatsen in Voorschoten op de cultuurhistorische waardenkaart. Voorschoten heeft meer dan twintig buitenplaatsen gehad.
Door die op te nemen, gaat het verleden van Voorschoten meer leven. Ontwikkeling bibliotheek In het kader van de zorgplicht beginnen we in 2026 met de voorbereiding van een meerjarenplan voor de bibliotheek, waarmee we er rekening mee houden dat die mogelijk verhuist naar het nieuwe gemeentehuis. Om zelfredzaamheid van inwoners te versterken, richten we een laagdrempelig ontwikkel- en inlooppunt in voor vragen over werk, inkomen, schulden en digitale zaken. Met de gemeente Wassenaar blijven we in contact over een per gemeente evenredige subsidieverlening.
35
Nr. Beleidsindicator
Eenheid
Bron
20
%
Gezondheidsmonitor37,7 (2022) volwassenen (en ouderen), GGD’en, CBS en RIVM
Niet-sporters
Voorgaande laatst bekende realisatie
Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer
32,8 (2024)
42,5 (2024)
Toelichting beleidsindicatoren 20
Niet-sporters
Bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet. Onder een sporter wordt verstaan, iemand die minimaal 1 keer in de week sport. Over heel Nederland genomen is het percentage niet-sporters 46,6%. Landelijk wordt gestreefd naar een afname van het aantal niet-sporters met 10%. Voor de gemeente Voorschoten wordt aangesloten bij deze streefwaarde, de realisatie laat zien dat deze streefwaarde lokaal wordt gehaald. Met het stimuleren van verenigingen om hun sportaccommodaties voor een breed publiek open te stellen wordt intensiever gebruik bewerkstelligd. Ook worden op netwerkbijeenkomsten met sportverenigingen en andere partijen de mogelijkheden uitgewisseld om mensen te stimuleren te gaan sporten. Het regionale GGD-onderzoek naar dit cijfer vindt éénmaal per vier jaar plaats, de volgende meting is in 2026. Hierdoor zijn geen recente realisatiewaarden beschikbaar.
Wat gaat het kosten?
Deze tabel toont de baten en lasten van dit programma. De mutaties laten we apart zien. De tabel sluit af met het saldo. Programma: P5 Sport, cultuur en recreatie
Rekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Totaal baten
Baten
1.054
1.509
1.071
1.095
1.095
1.118
Totaal lasten
Lasten
-7.186
-11.209
-8.285
-8.203
-7.987
-8.009
Saldo van baten en lasten Saldo
-6.132
-9.701
-7.214
-7.108
-6.892
-6.891
2.878
241
241
41
56
Mutatie reserves Totaal onttrekkingen
Baten
996
Totaal stortingen
Lasten
-1.103
-354
0
0
0
0
Saldo mutatie reserves
Saldo
-107
2.523
241
241
41
56
Saldo
-6.239
-7.177
-6.972
-6.867
-6.851
-6.835
Saldo Totaal Programma bedragen x € 1.000 ( "-"= nadeel / "+"= voordeel )
De voornaamste verschillen op de baten en de lasten van tenminste € 50.000, of met een bijzondere oorzaak, staan hieronder uitgewerkt. Programma 5 kent per saldo € 438.000 lagere baten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Recreatieve wandelpaden (€ 312.000 lagere baten) In 2025 is voorzien dat er recreatieve wandelpaden worden aangelegd nabij Noortveer en het Laantje van Wissen. Deze wandelpaden worden grotendeels bekostigd vanuit een de subsidie van het Rijk voor recreatieve wandelpaden. Het project loopt samen met andere projecten en krijgt daardoor een vervolg in 2026 de raad zal hierover via de najaarsnota worden geïnformeerd.
36
SPUK GALA (€ 63.000 lagere baten) De cofinanciering vanuit de markt van € 49.000 is niet realistisch gebleken. In de begroting 2026 wordt deze teruggedraaid. Ook de subsidie bijdrage vanuit het Rijk is € 14.000 lager in het laatste jaar van de subsidieregeling. De resterende lagere lasten € 63.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Programma 5 kent per saldo € 2.924.000 lagere lasten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Onderhoudsvoorziening zwembad (€ 1.719.000 lagere lasten) In 2025 is vastgesteld dat het zwembad voor Voorschoten behouden moet blijven, in beginsel met langdurig onderhoud tot en met 2040 gevolgd door nieuwbouw in 2040 of zoveel eerder als mogelijk volgens externe voorwaarden. In 2025 zijn de eenmalige middelen vanuit de reserve gestort in de voorziening onderhoud zwembad. De storting in de voorziening is een last voor de exploitatie, deze last is uitsluitend voor 2025 voorzien en daarmee zijn de lasten in 2026 € 1.719.000 lager dan in 2025. Groenonderhoud Adegeest en Raadhuislaan (€ 400.000 lagere lasten) Als gevolg van de werkzaamheden aan de riolering is extra groenonderhoud noodzakelijk. Deze kosten zijn eenmalig en geraamd in 2025 en daarmee zijn de lasten in 2026 € 400.000 lager.
Recreatieve wandelpaden (€ 352.000 lagere lasten) Er is voorzien in 2025 voor de aanleg van recreatieve wandelpaden nabij Noortveer en het Laantje van Wissen, inmiddels is bekend dat dit vervolg krijg in 2026 waar de raad via de najaarsnota over geïnformeerd wordt. Deze wandelpaden worden bekostigd vanuit een de subsidie van het Rijk voor recreatieve wandelpaden € 312.000 en de concern reserve € 40.000. Onderhoud Ambachts- & Baljuwhuis (€ 130.000 lagere lasten) De onderhoudskosten voor het Ambachts- en Baljuwhuis zijn voor 2025 geraamd. Deze kosten komen niet terug in 2026 en zijn daarmee een lager in 2026. Uitvoering eenmalige acties vanuit het sportaccommodatiebeleid (€ 122.000 lagere lasten) Vanuit het sportaccommodatiebeleid zijn diverse eenmalige acties, werkzaamheden en onderzoeken gepland. Deze worden in 2024, 2025 en 2026 uitgevoerd waarbij de financiële piek in 2025 ligt en de lasten in 2026 lager zijn. Klimaatadaptatie (€ 100.000 lagere lasten) In 2025 is er een extra impuls van € 100.000 voor klimaatadaptatie opgenomen. Onderhoud groen (€ 74.000 lagere lasten) Vanaf 2026 gaat de taakstelling op groen in, de lagere lasten leveren een oplopend voordeel op vanaf 2026. Doorbelasting salarislasten (€ 64.000 lagere lasten) De doorbelasting van de salarislasten zorgt voor een voordeel van € 64.000 op programma 5.
Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0. Vervolg onderzoek sporthal (€ 50.000 lagere lasten) Bij het raadsbesluit over het zwembad en de sporthal is ingestemd met een vervolg onderzoek voor de locatie van de sporthal. Hiervoor was € 50.000 in 2025 beschikbaar gesteld. 800 jaar Duivenvoorde (€ 50.000 lagere lasten)
37
In 2025 is er een eenmalige bijdrage gedaan voor het 800 jarige bestaan van Duivenvoorde gedekt uit de bestemmingsreserve monumenten. Herverdeling budget subsidie huurcompensatie (€ 82.000 hogere lasten) De herverdeling van het budget voor subsidie voor huurcompensatie geeft een nadeel van € 82.000 op programma 5. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat mag het kosten?' bij programma 0. Actualisatie kapitaallasten (€ 59.000 hogere lasten) De actualisatie van de investeringsplanning zorgt voor een nadeel op de kapitaallasten van € 59.000 op programma 5. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0. De resterende lagere lasten van € 4.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Mutaties reserves In 2026 is er geen storting in de reserve geraamd. In 2025 is er een storting van € 309.000 gedaan vanuit amendement 257 extra onderhoud zwembad, een storting in de reserve dekking kapitaallasten van € 20.000 en een storting in de concernreserve van € 25.000 door het naar voren halen van werkzaamheden van het sportaccommodatiebeleid van 2025 naar 2024. In 2026 is de onttrekking uit de reserves € 2.637.000 lager dan in 2025.
In 2025 is € 1.719.000 de onttrekking vanuit de reserves onderhoud zwembad en exploitatie zwembad, is € 803.000 een onttrekking vanuit de concernreserve voor diverse overhevelingen binnen programma 5 van 2024 naar 2025. Bij de voorjaarsnota 2025 is besloten € 65.000 vanuit de bestemmingsreserve monumenten in te zetten voor 800 jaar Duivenvoorde € 50.000 en de viering van 80 jaar vrijheid € 15.000. En bij het besluit over het sportaccommodatiebeleid is € 50.000 in 2025 toegekend vanuit de bestemmingsreserve sportaccommodaties voor de uitvoering van extra incidentele werkzaamheden.
38
P6 Sociaal Domein Wat willen we bereiken ? Binnen het sociaal domein richten we ons hierop: • Inwoners zijn zelfredzaam en houden zo lang mogelijk de regie over hun eigen leven; • Inwoners groeien gezond en veilig op en kunnen zich maximaal ontwikkelen; • Voorschoten is veilig en er is sociale samenhang; • Er is dicht bij huis een duurzaam systeem voor zorg en ondersteuning; • Inwoners die hulp nodig hebben, krijgen snel genoeg de juiste ondersteuning.
Wat gaan we daarvoor doen ? Belangrijkste resultaten 2026 Effectievere jeugdhulp door gerichte acties We voeren de aanbevelingen uit het rapport van KokxDeVoogd uit om de jeugdhulp in Holland Rijnland te verbeteren. Dit doen we via strakkere procesregie, toezicht op rechtmatigheid en intensievere samenwerking met het onderwijs. Eind 2026 evalueren we wat het effect is van praktijkondersteuners Jeugd GGZ (geestelijke gezondheidszorg) en laagdrempelige gezinsondersteuning om specialistische hulp terug te dringen, en bepalen we of deze inzet structureel nodig is. We geven uitvoering aan het programma maatschappelijke zorg Leidse regio In 2026 leveren we twee scheve huisjes op aan de Rosenburgherlaan aan inwoners die ondersteuning krijgen van Stichting De Binnenvest. Scheve huisjes zijn woningen voor inwoners die het moeilijk vinden om directe buren te hebben, maar die wel dicht bij een wijk willen wonen. We sluiten een nieuw convenant Bemoeizorg af waarin afspraken staan tussen gemeenten, woningcorporaties, veiligheidspartners, GGZ, verslavingszorg, reclassering en andere relevante partners. Het doel hiervan is om vroegtijdig de passende zorg te bieden aan mensen die zorg mijden. Inburgering van statushouders versterken In de eerste helft van 2025 is de huisvestingstaakstelling gehaald en zijn de achterstanden ingehaald dankzij extra inspanning.
In 2026 zetten we in op een snelle start, begeleiding en lokale samenwerking. Deelname aan werk, vrijwilligerswerk en activiteiten staat hierbij centraal. Voor statushouders met complexe problemen is een regisseur essentieel voor maatwerk en duurzame integratie. Structurele middelen zijn noodzakelijk nu tijdelijke financiering stopt. We onderzoeken een eventuele overstap voor de samenwerking van beleid en uitvoering van Werk en Inkomen. Op basis van onderzoek schrijven we een voorstel om met de samenwerking van beleid en uitvoering van werk en inkomen van Leidschendam-Voorburg over te stappen naar Leiden. Geen nadeel voor gezinnen: zo pakken we het aan Op 10 juli 2025 is amendement 345 aangenomen. Dit amendement zegt dat gezinnen met kinderen er financieel niet op achteruit mogen gaan door het nieuwe minimabeleid. In 2026 bekijken we hoe we dit amendement zo kunnen uitvoeren, dat het duidelijk is voor inwoners en goed werkt in de praktijk.
39
Voorschoten wordt in 2026 een dementievriendelijke gemeente Met de stijgende vergrijzing neemt ook het aantal mensen met dementie toe. Om mensen met dementie zo lang mogelijk mee te laten doen in de samenleving en voldoende ondersteuning te geven aan mantelzorgers, zetten we ons in voor een veilige en begripvolle leefomgeving voor iedereen. In samenwerking met de stichting Alzheimer Nederland gaan we bewustwording en een sterk sociaal netwerk van zorginstellingen, vrijwilligers en inwoners creëren. We onderzoeken hoe we de openbare ruimte toegankelijker kunnen maken, in het verlengde van de toezegging van de wethouder om bij de herinrichting van de wijk Adegeest een dementievriendelijke fysieke leefomgeving in te richten.
Verbonden partijen Nr. Beleidsindicator
Eenheid
21
Banen
22
Aantal per 1.000 inwoners CBS/LISA in de leeftijd 15 – 65 jaar % 12 t/m 21 jarigen CBS
23
Jongeren met een delict voor de rechter Kinderen in uitkeringsgezin % kinderen tot 18 jaar
24
Netto arbeidsparticipatie
26
Werkloze jongeren
27
Personen met een bijstandsuitkering Lopende reintegratievoorzieningen Jongeren met jeugdhulp
28 29 30 31 32
Jongeren met jeugdbescherming Jongeren met jeugdreclassering Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Bron
Voorgaande laatst bekende realisatie
Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer
486,4 (2023) 1 (2021)
486,4 (2023) 1 (2023)
836,6 (2023) 1 (2023)
CBS
4 (2022)
4 (2023)
6 (2023)
CBS
73,6 (2023)
CBS
1 (2023)
Aantal per 1.000 inwoners CBS
191,4 (2023) 144,4 (2023) 12,7 (2023)
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking % 16 t/m 22 jarigen
Aantal per 1.000 inwoners CBS van 15 - 65 jaar % van alle jongeren tot CBS 18 jaar % van alle jongeren tot CBS 18 jaar % van alle jongeren van CBS 12 tot 23 jaar Aantal per 10.000 GMSD inwoners
73,1 73,2 (2024) (2024)
1 (2024)
2 (2024)
195,5 343,6 (2024) (2024) 125,1 203,1 (2024) (2024) 12,7 13,7 (2024) (2024) 0,6 (2023) 0,5 (2024) 1,0 (2024) 0,3 (2023) 0,4 (2024) 0,4 (2024)
560 (2023)
550 720 (2024) (2024)
Toelichting beleidsindicatoren 21
Banen
Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 65 jaar. 22
Jongeren met een delict voor de rechter
Het percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. 23
Kinderen in uitkeringsgezin
Het percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Bijstandshuishouden is een huishouden waarvan minimaal één lid een bijstandsuitkering ontvangt. Onder bijstand wordt hier uitkeringen aan huishoudens op grond van de Participatiewet en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) verstaan. De cijfers zijn afkomstig van het CBS.
40
24
Netto arbeidsparticipatie
Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking. 26
Werkloze jongeren
Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV Werkbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polisadministratie. 27
Personen met een bijstandsuitkering
Het aantal personen met een uitkering op grond van de Participatiewet. De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan dak- en thuislozen zijn niet inbegrepen. 28
Lopende re-integratievoorzieningen
Het aantal re-integratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-65 jaar. 29
Jongeren met jeugdhulp
Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014) en in natura door de zorgaanbieder is geleverd. PGB gefinancierde hulp en zorg valt hier dus buiten. Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, psychosociale en of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders. Zorg in Natura wordt direct vergoed aan de zorgverlener zonder tussenkomst van de zorggebruiker. In het kader van de jeugdzorg betekent dit dat de hulp rechtstreeks door de gemeente wordt vergoed. Persoonsgebonden budget (PGB) is een geldbedrag waarmee de zorggebruiker zelf zorg, begeleiding, hulp, hulpmiddelen of voorzieningen in kan kopen. Deze wordt verstrekt via de Sociale verzekeringsbank (SVB) maar is ook afkomstig van de gemeente. 30
Jongeren met jeugdbescherming
Jongeren met jeugdbescherming betreft jongeren tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode een maatregel door de rechter dwingend opgelegd hebben gekregen. Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan onder toezicht gesteld of onder voogdij geplaatst. In uitzonderlijke gevallen wordt de hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar. 31
Jongeren met jeugdreclassering
Het percentage jongeren (12-23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12-23 jaar). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie of leerplichtambtenaar in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder de overtreding of het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in de leeftijd 18 tot en met 22 jaar. De jongere krijgt op maat gesneden begeleiding van een jeugdreclasseringswerker om te voorkomen dat hij of zij opnieuw de fout ingaat. Jeugdreclassering kan worden opgelegd door de kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. 32
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo-gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten.
41
Wat gaat het kosten?
Deze tabel toont de baten en lasten van dit programma. De mutaties laten we apart zien. De tabel sluit af met het saldo. Programma: P6 Sociaal Domein
Rekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Totaal baten
Baten
9.891
9.226
9.622
7.753
7.947
7.904
Totaal lasten
Lasten
-29.778
-30.393
-30.877
-28.739
-28.466
-28.288
Saldo van baten en lasten Saldo
-19.887
-21.167
-21.255
-20.986
-20.518
-20.385
270
442
25
25
25
25
Mutatie reserves Totaal onttrekkingen
Baten
Totaal stortingen
Lasten
0
0
0
0
0
0
Saldo mutatie reserves
Saldo
270
442
25
25
25
25
Saldo
-19.617
-20.725
-21.229
-20.961
-20.493
-20.359
Saldo Totaal Programma bedragen x € 1.000 ( "-"= nadeel / "+"= voordeel )
De voornaamste verschillen op de baten en de lasten van tenminste € 50.000, of met een bijzondere oorzaak, staan hieronder uitgewerkt. Programma 6 kent per saldo € 396.000 hogere baten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Realisatie Scheve Huisjes Rosenburgherlaan (€ 195.000 hogere baten) De realisatie van Scheve Huisjes aan de Rosenburgherlaan worden volledig vergoed door de Leidse regio. Deze inkomsten zijn incidenteel voorzien voor 2026. Vergoeding bijdrage beschikbaar gestelde capaciteit maatschappelijke zorg (€ 123.000 hogere baten) Binnen de samenwerking op het gebied van maatschappelijke zorg in de Leidse regio ontvangt de gemeente een vergoeding voor de beschikbaar gestelde capaciteit. Deze vergoeding is in de tweede helft van 2025 bijgesteld, en in de begroting 2026 verplaatst van programma 0 naar programma 6. Bijdrage enkele bijstandsregelingen (€ 110.000 hogere baten) De baten voor enkele bijstandsregelingen zijn de afgelopen jaren hoger dan begroot. Op basis hiervan zijn de baten in 2026 hoger dan in 2025. Bij de kadernota 2026 zijn deze bijgesteld naar het actuele beeld. Subsidieregeling bevorderen intergemeentelijke samenwerking Zuid-Holland 2020 (€ 50.000 lagere baten) In 2025 is een subsidie verkregen voor het onderzoek van een eventuele overstap naar de Leidse regio voor Werk en Inkomen.
De resterende hogere baten van € 18.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak.
42
Programma 6 kent per saldo € 484.000 hogere lasten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Doorbelasting salarislasten (€ 360.000 hogere lasten) De doorbelasting van de salarislasten zorgt voor een nadeel van € 360.000 op programma 6. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0. Gestegen bijdrage jeugdhulp (€ 322.000 hogere lasten) De bijdrage voor jeugdhulpverlening en de gemeenschappelijke regeling Serviceorganisatie Zorg is € 322.000 hoger dan in 2025. De hogere bijdrage komt door de indexatie van vijf procent en de bijdrage aan de maatregelen voor kostenbesparende maatregelen van Adviesbureau KokxDeVoogd. Gestegen bijdrage Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) (€ 204.000 hogere lasten) De kosten voor de diensten voor de inwoners vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) nemen in 2026 toe. Dit komt hoofdelijk door de indexatie van vijf procent. Realisatie Scheve Huisjes Rosenburgherlaan (€ 195.000 hogere lasten) Het realiseren van de scheve huisjes in 2026 zorgt voor hogere lasten ten opzichte van 2025. Herverdeling budget subsidie huurcompensatie (€ 84.000 hogere lasten) De herverdeling van het budget voor subsidie voor huurcompensatie geeft een nadeel van € 84.000 op programma 6. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat mag het kosten?' bij programma 0.
Cliëntvolgsysteem Wmo en jeugd (€ 80.000 hogere lasten) De kosten voor het cliëntvolgsysteem Wmo en jeugd stonden voorheen op programma 0 begroot, maar horen thuis op programma 6. Binnen programma 6 leidt dit tot een verschil van € 80.000. Lagere subsidiebijdrage Voorschoten Voor Elkaar (€ 364.000 lagere lasten) In 2025 is de subsidiebijdrage aan Voorschoten Voor Elkaar € 364.000 hoger dan in 2026. Dit komt deels doordat er in 2025 nog tijdelijke compensaties voor de cao van toepassing waren en deels door de bezuiniging op een aantal maatregelen vanuit de begroting 2025. De indexatie van 2,7 procent voor subsidies is ook toegepast op de subsidiebijdrage voor Voorschoten Voor Elkaar. Omklap werk & inkomen (€ 252.000 lagere lasten) In 2025 zijn er onderzoekskosten voor de oriëntatie van de overgang van werk en inkomen naar de Leidse regio. Deze kosten en de dekking vanuit de reserve zijn in 2026 nog niet voorzien. Transitiekosten Voorschoten Voor Elkaar (€ 150.000 lagere lasten) Voor de transitie van Voorschoten voor Elkaar is in 2025 incidenteel € 150.000 beschikbaar gesteld ten laste van de concernreserve. Deze kosten zijn niet voorzien in 2026. De resterende hogere lasten van € 4.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Mutaties reserves In 2025 en 2026 zijn er geen stortingen in de reserves voorzien vanuit programma 6.
In 2026 is uitsluitend de structurele onttrekking ter dekking van kapitaallasten voorzien van € 25.000. In 2025 is de onttrekking uit de concernreserve van € 252.000 voor het onderzoek naar de Leidse regio voor Werk en Inkomen, € 150.000 voor de transitie van Voorschoten Voor Elkaar en € 65.000 voor overhevelingen vanuit 2024 naar 2025 voorzien.
43
P7 Volksgezondheid en milieu Wat willen we bereiken ? Ons uitgangspunt is dat het leven in onze gemeente fijn is. De leefbaarheid voor mens en dier staat echter onder druk door onder andere klimaatverandering, biodiversiteitsverlies, verstedelijking, vervuiling van bodem, lucht en water en geluidsoverlast. Door bij te dragen aan een goede leefomgeving, verbeteren we de gezondheid en het welzijn in onze gemeente. Hierbij is ook aandacht nodig voor een duurzame toekomst. Daarnaast is het bevorderen van de volksgezondheid een belangrijk aandachtspunt voor de gemeente. We willen een gezonde leefstijl stimuleren, gezondheidsbedreigingen op tijd signaleren en infectieziektes voorkomen. De gemeente is bovendien verantwoordelijk voor de inzameling van afval en voor het aanleggen en onderhouden van de riolen. Hiervoor innen we belasting (zoals riool- en afvalstoffenheffing). Het uitgangspunt daarbij is dat de heffingen 100 procent kostendekkend zijn.
Wat gaan we daarvoor doen ? Belangrijkste resultaten 2026 Er is een Preventie- en Handhavingsplan Middelengebruik opgesteld Gebruik en misbruik van genotmiddelen ontstaat uit een samenspel van persoonlijke, sociale, omgevings- en beleidsfactoren. We werken aan een integrale aanpak met preventie, regelgeving, handhaving en samenwerking met partners rond risicogroepen. Er is een netwerkaanpak voor kinderen met overgewicht Voor kinderen met overgewicht volgen we een regionale aanpak met onze netwerkpartners. Daarbij sluiten we aan bij de afspraken in het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Nationaal Preventieakkoord.
Er is gemeentelijk suïcide preventiebeleid vastgesteld. Op 1 januari 2026 gaat de Wet integrale suïcidepreventie in. Deze wet verplicht gemeenten beleid te maken om zelfmoord en pogingen daartoe te voorkomen. Toewerken naar landelijke afvaldoelen: minder restafval, meer grondstoffen Op dit moment is er nog geen daling zichtbaar in de hoeveelheid afval. Op basis van Europese en milieuwetgeving stellen we het Circulair Materialenplan (CMP) op. Met het CMP doen we kennis op en het biedt een uniform kader voor het gebruik van grondstoffen en het omgaan met afval. Momenteel verwerkt de gemeente Voorschoten de afvalstoffenregistratie nog handmatig. In 2026 automatiseren we dit proces. Dit verbetert het proces en de data en gaat tijd besparen. Vervolgstappen Grondstoffenplan: communicatie en voorlichting In april 2025 heeft de gemeenteraad het grondstoffenplan verlengd tot 2029. Het grondstoffenplan moet zorgen voor meer afvalscheiding en minder restafval. Met ingang van 2026 breiden we de capaciteit van de afvalcoach uit naar 1 fte. Containers winkelcentrum Hofland Voor het vervangen van boven- en ondergrondse containers is een budget beschikbaar van € 250.000. Dit zetten we onder andere in voor projecten zoals het winkelcentrum Hofland.
44
Warmteprogramma 2026 In 2025 is de gemeente begonnen met het opstellen van het warmteprogramma. We willen dit programma afronden voor 31 december 2026. Het warmteprogramma is het vervolg van de transitievisie warmte 1.1. Samenwerking warmte Leidse Regio: Ondertekening samenwerkingsovereenkomst en start kwartiermakersfase De samenwerking Warmte Leidse Regio (WLR) richt zich in de periode 2024-2027 op de oprichting van een publiek regionaal warmtebedrijf. Tot het begin van 2026 werkt WLR toe naar het ondertekenen van een samenwerkingsovereenkomst. Gemeente Voorschoten is hiervan een mogelijke deelnemer. Bij ondertekening van de samenwerkingsovereenkomst in het eerste kwartaal van 2026 begint de volgende fase voor het oprichten van het warmtebedrijf: de kwartiermakersfase. In de kwartiermakersfase werkt WLR onder meer aan het voltooien van de juridische structuur en businesscase van het beoogde warmtebedrijf. Drempels weg nemen voor energiebesparing en duurzame opwek van energie De gemeente Voorschoten wil in samenwerking met verschillende partijen energiebesparing, het isoleren van bestaande bouw en de ontwikkeling van duurzame energie verder stimuleren. Hierin wordt spouwmuurisolatie bemoeilijkt doordat rekening moet worden gehouden met beschermde diersoorten, zoals vleermuizen. Om vertraging te voorkomen, onderzoeken we hoe we deze belemmering kunnen matigen.
Verschillende ontwikkelingen rondom energie en duurzaamheid oppakken Als het lukt om nieuwe medewerkers aan te nemen met CDOKE-middelen, kan de gemeente: • intensievere samenwerking op regionaal niveau voor het thema energie mogelijk maken; • ontwikkeling van bovenregionale warmtebronnen stimuleren; • het participatietraject voor het uitvoeringsplan van Noord-Hofland aanpakken. Doorontwikkeling Gedenkpark Rosenburgh De gemeente gaat door met de doorontwikkeling van Rosenburgh naar een toekomstbestendig, duurzaam en biodivers gedenkpark. We voeren de renovatie en verbouwing van de aula uit en vervangen daarnaast de beschoeiing. Toewerken naar een toekomstbestendig rioolstelsel We passen het hoofdriool aan (waarover hierna meer), en met vernieuwing en onderhoud werken we aan een robuust en toekomstbestendig rioolstelsel. Hiervoor komt er centraal door Voorschoten een nieuwe persleiding waarop alle wijken worden aangesloten. Daarnaast pakken we het riool in de wijken integraal en gebiedsgericht aan met een gescheiden stelsel, zoals bij de herinrichting van de wijk Adegeest. Dit is een opgave met een lange doorlooptijd. Daarom moeten in de tussentijd in een aantal wijken knelpunten (tijdelijk) oplossen met reparaties, in afwachting van de gebiedsgerichte aanpak. In het Integraal Waterketenprogramma 2024-2028 is de aanpak hiervan vastgelegd.
Toewerken naar leefbare wijken: groot onderhoud Adegeest In 2025 is fase 1 afgerond en zijn we gestart met fase 2 van het groot onderhoud en de herinrichting van de wijk Adegeest. Gelijktijdig met het vervangen van bijna acht kilometer riolering en de (woon)straten verbeteren we ook de openbare ruimte. Met deze integrale, gebiedsgerichte aanpak werken we aan een verkeersveilige wijk die klimaatadaptief is en meer biodiversiteit krijgt. Ook is ruimte gereserveerd voor de energietransitie. Gezamenlijk moet dit de leefbaarheid in de wijk Adegeest verbeteren. De werkzaamheden worden in vier fasen uitgevoerd en zijn naar verwachting in 2027 afgerond. In 2026 starten naast de werkzaamheden van fase 2 ook de werkzaamheden van fase 3 en 4.
45
Raadhuislaan Oranjeboomstraat Het totale project loopt tot eind 2025, met uitzondering van een stuk persleiding dat we in het eerste kwartaal van 2026 aanleggen. Tijdens de werkzaamheden aan de riolering is asbest aangetroffen, dat is verwijderd. Vervangen en aanpassen van de centrale persleiding tussen de Raadhuislaan en de Korte Vliet De aanpak van het hoofdriool van Voorschoten houdt onder andere in dat we de huidige persleiding deels vervangen en deels aanpassen. Dit gebeurt in fasen tot en met 2028. In 2025 zijn de voorbereidende werkzaamheden gestart voor het noordelijk deel tussen de Raadhuislaan en de Korte Vliet; van 2026 tot en met 2028 voeren we het werk daadwerkelijk uit. Dit project hangt samen met de in 2025 gerealiseerde riooloverstort aan de Korte Vliet van het Hoogheemraadschap van Rijnland. Voor het zuidelijk deel van de persleiding moeten we nader onderzoek doen, iets wat gepland staat voor na 2027. Groot onderhoud in Noord-Hofland De riolering in Noord-Hofland dateert uit de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw, en door de vele gebreken hieraan neemt de functionaliteit ervan af. Reden voor de gemeente om, net als in Adegeest, de wijk Noord-Hofland op een integrale en gebiedsgerichte wijze aan te pakken. De voorbereiding is inmiddels gestart en de uitvoering van de eerste fase van het project Ringleiding Noord-Hofland plannen we in 2028 en 2029.
Een deel van de ringleiding realiseren we in 2026 binnen het project Winkelcentrum Hofland; vanwege de samenloop met enkele andere werkzaamheden kon dit niet in april 2025.
Verbonden partijen Tabel Verbonden Partijen Programma 7 Naam HECHT (Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden) Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) Nr. Beleidsindicator
Eenheid
Bron
Voorgaande laatst bekende realisatie
Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer
33
Omvang huishoudelijk restafval
Kg/inwoner
177 (2022)
179 148 (2023) (2023)
34
Hernieuwbare elektriciteit
%
CBS statistiek Huishoudelijk afval RWS
9,8 (2021)
16,4 32,5 (2022) (2022)
Toelichting beleidsindicatoren 33
Omvang huishoudelijk restafval
Niet gescheiden ingezameld restafval dat te groot of te zwaar is om op dezelfde wijze als het huishoudelijk restafval te worden aangeboden. 34
Hernieuwbare elektriciteit
Het % hernieuwbare energie, ook wel duurzame of groene energie genoemd. Dit is energie afkomstig van natuurlijke bronnen die constant worden aangevuld zoals uit wind, waterkracht, zon, bodem, buitenluchtwarmte en biomassa. Anders dan bij de levering van gas en elektriciteit worden veel vormen van hernieuwbare energie niet bemeterd, bijvoorbeeld omdat opwekking en gebruik geheel of gedeeltelijk "achter de meter" plaatsvinden (zoals bij hernieuwbare elektriciteit). In de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat worden daarom top-down inschattingen gemaakt. Hierbij worden nationale cijfers op basis van een verdeelsleutel gealloceerd over gemeenten. Deze cijfers komen doorgaans bijna twee jaar na afloop van een kalenderjaar beschikbaar.
46
Wat gaat het kosten?
Deze tabel toont de baten en lasten van dit programma. De mutaties laten we apart zien. De tabel sluit af met het saldo. Programma: P7 Volksgezondheid en milieu
Rekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Totaal baten
Baten
9.571
10.819
10.693
11.548
11.453
11.734
Totaal lasten
Lasten
-9.003
-9.946
-9.749
-10.173
-10.366
-10.621
Saldo van baten en lasten Saldo
567
873
945
1.375
1.087
1.112
Mutatie reserves Totaal onttrekkingen
Baten
116
189
0
0
10
10
Totaal stortingen
Lasten
0
0
0
-385
0
0
Saldo mutatie reserves
Saldo
116
189
0
-385
10
10
Saldo
684
1.062
945
990
1.096
1.122
Saldo Totaal Programma bedragen x € 1.000 ( "-"= nadeel / "+"= voordeel )
De voornaamste verschillen op de baten en de lasten van tenminste € 50.000, of met een bijzondere oorzaak, staan hieronder uitgewerkt. Programma 7 kent per saldo € 126.000 lagere baten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Riool (€ 123.000 hogere baten) De hogere baten van € 123.000 worden veroorzaakt door een tweetal factoren, enerzijds door een toename van het aantal aanslagen en anderzijds door kostenverhoging van het heffingstarief. Omdat dit het gesloten systeem betreft waarbinnen wordt uitgegaan van volledige kostendekkendheid, leidt dit tot stijging van het tarief. Zie voor een nadere toelichting de paragraaf Lokale heffingen. Afvalstoffenheffing (€ 148.000 lagere baten) De lagere baten van € 148.000 worden veroorzaakt door een tweetal factoren, enerzijds zijn de toe te rekenen lasten voor overhead lager. Daarnaast heeft een ook een correctie plaatsgevonden op de baten als gevolg van nieuwe informatie afkomstig van de BSGR, met afwijkingen in de aantallen, leegstandspercentage en duur over 2026 ten opzichte van 2025. Omdat dit het gesloten systeem betreft waarbinnen wordt uitgegaan van volledige kostendekkendheid, leidt dit tot daling van de baten. Zie voor een nadere toelichting de paragraaf Lokale heffingen.
Overname riool Hella S Haassehof en de Mina Krusemanhof (€ 65.000 lagere baten) In 2025 is het riool aan de Hella S Haassehof en Mina Krusemanhof door de gemeente overgenomen tegen een vergoeding. Deze vergoeding was eenmalig in 2025. De resterende lagere baten van € 36.000 betreffen overige kleine verschillen kleiner dan € 50.000 en zonder bijzondere oorzaak. Programma 7 kent per saldo € 197.000 lagere lasten in 2026 ten opzichte van 2025. Dit bestaat uit de volgende verschillen: Doorbelasting salarislasten (€ 346.000 hogere lasten) De doorbelasting van de salarislasten zorgt voor een nadeel van € 346.000 op programma 7. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0.
47
Actualisatie kapitaallasten (€ 30.000 hogere lasten) De actualisatie van de investeringsplanning zorgt voor hogere kapitaallasten van € 30.000 op programma 7. Zie voor de complete toelichting het onderdeel 'Wat gaat het kosten?' bij programma 0. SPUK CDOKE (€ 223.000 lagere lasten) Vanuit de specifieke uitkering (SPUK) CDOKE is budget beschikbaar om personeel in te kunnen huren. Vanaf 2026 mogen deze middelen als structureel gezien worden en kan hiervoor vaste formatie aangenomen worden in plaats van ingehuurd personeel. Dit leidt tot een omzetting van inhuurbudget naar formatiebudget. Aangezien het formatiebudget verantwoord wordt op een ander taakveld leidt dit tot lagere lasten op programma 7 in 2026. Dit leidt tot een voordeel van € 241.000. Begraafplaats Rosenburgh (€ 99.000 lagere lasten) In 2025 is eenmalig extra budget aangevraagd en verkregen om een regulier beheer- en onderhoudsplan op te stellen, dit leidt tot hogere lasten van € 50.000 in 2025. Om ontwikkelingen op de begraafplaats te realiseren in 2025 is ook extra budget aangevraagd, dit leidt tot hogere lasten van € 49.000. Door deze twee zaken waren de begrote lasten in 2025 dus € 99.000 hoger dan het budget in 2026, dit leidt tot een voordeel van € 99.000.