CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Programmabegroting 2023 - 2026

Gemeenteraad Voorschoten 10 november 2022, gemeente voorschotenBij agendapunt: Programmabegroting 2023 - 202639.202 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Juist deze materiële vragen moeten eerst opgelost worden om iemand succesvol te ondersteunen en weer volwaardig mee te laten doen in de samenleving. Om deze toename van aanvragen te kunnen afhandelen zal de inzet van het sociaal raadsliedenwerk uitgebreid worden. Daarnaast zal in 2023 het project "Eerste hulp bij Geldzorgen" worden uitgebreid. Dit is een wettelijke taak waarbij ingezet wordt op het tijdig signaleren van betaalachterstanden bij inwoners. Hiermee wordt ergere schuldenproblematiek voorkomen. Ook de inzet van de armoederegisseur bij Voorschoten voor Elkaar speelt een belangrijke rol bij armoedebestrijding. In 2020/2021 is er op projectmatige wijze een armoederegisseur ingezet als belangrijk onderdeel van activiteiten die bijdragen aan de financiële zelfredzaamheid van onze inwoners. In de evaluatie bleek dat de armoederegisseur een goede aanvulling is op het al bestaande aanbod. Zo is er veel geïnvesteerd in het verbinden en het verbeteren van de samenwerking tussen de verschillende ketenpartners en is armoede weer op de agenda komen te staan. Op basis van deze evaluatie is de inzet van de armoederegisseur voor 2022 verlengd en is er door de gemeente extra inzet gevraagd voor kinderen die in (dreigende) armoede opgroeien.

Gezien de toenemende problematiek is de verwachting dat de inzet van een armoederegisseur binnen Voorschoten structureel noodzakelijk zal blijven. Ook in het beleidsplan schuldhulpverlening 2021-2024 is aandacht voor het versterken van de financiële (zelf)redzaamheid van inwoners. Bijvoorbeeld door financiële educatie en het bieden van informatie en advies bij life-events. Beleidsindicatoren

Nr. Beleidsindicator

Eenheid

Bron

Voorgaande laatst bekende realisatie

4% (2019) 4% (2020) 6% (2020)

23

Kinderen in uitkeringsgezin

% kinderen tot 18 jaar

CBS

27

Personen met een bijstandsuitkering

Aantal per 1.000 inwoners

CBS

332,4 (2020)

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

242,4 (2021)

431,2 (2021)

Toelichting beleidsindicatoren 23

Kinderen in uitkeringsgezin

Het percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Bijstandshuishouden is een huishouden waarvan minimaal één lid een bijstandsuitkering ontvangt. Onder bijstand wordt hier uitkeringen aan huishoudens op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015) en de Participatiewet (vanaf 2015) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) verstaan. De cijfers

69

zijn afkomstig van het CBS. De economie is verder aangetrokken tot en met 2019. Dit blijkt landelijk uit een dalend aantal werklozen en een stijgend aantal banen en vacatures. Het aantal personen met een bijstandsuitkering daalde ook in die periode; dit komt doordat de aantrekkende economie meer banen oplevert, en dat de doelgroep met een participatiewet uitkering door het nieuwe plan van aanpak arbeidsmarktoffensief vanaf 2019 zich met name op deze problematiek richt, er wordt gestreefd naar een verdere daling van het aantal personen met een uitkering in 2020. Doelgroepen die hiermee richting werk moeten worden begeleid bestaan uit personen die ouder dan 18 zijn, langer in een uitkeringssituatie verkeren en statushouders. De situatie in 2020 is als gevolg van de Corona-pandemie veranderd, welke gevolgen dit heeft voor omvang van het bijstandsbestand en van kinderen in een uitkeringsgezin is nog niet bekend. 27

Personen met een bijstandsuitkering

Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan dak- en thuislozen zijn niet inbegrepen. De economie is verder aangetrokken. Dit blijkt landelijk uit een dalend aantal werklozen en een stijgend aantal banen en vacatures. Het aantal personen met een bijstandsuitkering daalt inmiddels; dit komt doordat de aantrekkende economie meer banen oplevert, en dat de doelgroep met een participatiewet uitkering door het nieuwe plan van aanpak arbeidsmarktoffensief vanaf 2019 zich met name op deze problematiek richt, er wordt gestreefd naar een verdere daling van het aantal personen met een uitkering in 2022. Doelgroepen die hiermee richting werk moeten worden begeleid bestaan uit personen die ouder zijn, langer in een uitkeringssituatie verkeren en statushouders.

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.4 Begeleide participatie Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

Aanbevelingen naar aanleiding van onderzoek naar begeleide participatie oppakken.

Belangrijkste resultaten 2023 •

Niet van toepassing.

Toelichting Tot dit taakveld behoren voorzieningen ter bevordering van maatschappelijke participatie die niet direct gericht zijn op doorstromen naar reguliere arbeid Beschut werken Bestaande werkverbanden sociale werkvoorziening, bestaande Wsw en begeleid werken. Dienstbetrekkingen Dagbesteding -

Investeren in het realiseren en uitbreiden van beschutte werkplekken, waar mogelijk bij reguliere werkgevers. De ambitie is om in 2024 de landelijke taakstelling te halen. In het nieuwe re-integratie en participatiebeleid wordt aandacht besteed aan begeleide participatie. Instrumenten zoals de inzet van matchmakers, verhogen van de inzet van loonkostensubsidie en de verbinding met dagbesteding vanuit de Wmo. De verwachting is dat dit beleid in het eerste kwartaal van 2023 wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.

70

-

Voor inwoners die onder de banenafspraak vallen worden binnen de arbeidsmarktregio afspraken gemaakt met UWV, het leerwerkloket en onderwijspartners om zoveel mogelijk (beschutte) werkplekken te realiseren.

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.5 Arbeidsparticipatie Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

Op dit taakveld worden geen beleidsmatige ontwikkelingen verwacht.

Belangrijkste resultaten 2023 • • •

Pilots mensen richting ondernemen of specifiek werk. Reintegratie en participatiebeleid. Leer-werkmarkten om vraag en aanbod bij elkaar te brengen.

Toelichting Tot dit taakveld behoren alle op arbeid gerichte participatie- en re-integratievoorzieningen: Re-integratie instrumenten, waaronder leer-werktrajecten, proefplaatsing, participatieplaatsen, vrijwilligerswerk/sociale activering, om-en bij scholing, werkgeversinstrumenten bv. Inzet loonkostensubsidie of werkgeverscheque Stimuleringsmaatregelen, waaronder inkomens vrijlating, stimuleringspremies, vrijlating onkosten vergoeding vrijwilligerswerk, onkostenvergoedingen, No-riskpolis Voorzieningen waaronder Jobcoach, begeleiding Werkvoorzieningen zoals: werkplekaanpassingen, vervoersvoorzieningen, doventolk, brailleregels, aangepaste rolstoel etc.

Loonwaardebepaling Voorzieningen ter voorbereiding van een zelfstandig bestaan als startend ondernemer en ter begeleiding van startende ondernemers uit het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) Onderstaande acties bestaan deels uit reguliere werkzaamheden en deels uit nog vast te stellen re-integratie en participatiebeleid in Q1 2023 Inzetten op de uitstroom naar werk of participatie voor mensen met een bijstandsuitkering Aandacht besteden aan de groep inwoners met een relatief lange afstand tot de arbeidsmarkt en jeugdwerkloosheid (inzet leer werkmakelaar) Tegen de achtergrond van een (zeer) krappe arbeidsmarkt wordt ingespeeld op de verbetering van het regionaal matchingsproces (om mismatches te voorkomen / te beperken, inzet matchmakers wordt voorgelegd binnen het nieuwe re-integratie en participatiebeleid) Kwetsbaarheid van doelgroepen beperken en doorstroom stimuleren door om- en bijscholing, praktijkleren binnen de arbeidsmarktregio en leer-werktrajecten verder te ontwikkelen Werkgevers worden beter geïnformeerd over inclusief werkgeverschap door het werkgeversservicepunt Binnen de arbeidsmarktregio maken we jaarlijks binnen het uitvoeringsplan samenwerkingsafspraken tussen gemeenten, UWV, het leerwerkloket, werkgeversservicepunten en onderwijspartners over regionale acties omtrent de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld omscholing naar kraptesectoren Inzetten op

trajecten voor statushouders Inzetten op trajecten ondernemerschap

71

Beleidsindicatoren

Voorgaande laatst bekende realisatie

Nr. Beleidsindicator

Eenheid

Bron

21

Banen

24

Netto arbeidsparticipatie

26

Werkloze jongeren

Aantal per 1.000 inwoners in CBS/LISA de leeftijd 15 – 65 jaar % van de werkzame CBS beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking % 16 t/m 22 jarigen CBS

28

Lopende reintegratievoorzieningen

Aantal per 1.000 inwoners van CBS 15 - 65 jaar

466,6 (2020) 69,4% (2020)

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

473,3 (2021) 71,5% (2021)

805,5 (2021) 70,4% (2021)

1% (2019) 1% (2020) 2% (2020) 151,8 (2020)

151,8 202 (2020) (2020)

Toelichting beleidsindicatoren 21

Banen

Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 65 jaar. 24

Netto arbeidsparticipatie

Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking. 26

Werkloze jongeren

Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV Werkbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polisadministratie. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 28

Lopende re-integratievoorzieningen

Het aantal reintegratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-65 jaar. De economie is nog verder aangetrokken. Dit blijkt uit een dalend aantal werklozen en een stijgend aantal banen. Het lopende re-integratiebeleid voorziet in het begeleiden van personen naar werk door het actief koppelen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Dergelijke inspanningen worden vastgelegd en verantwoord door het opvoeren van een re-integratievoorziening, het aantal geregistreerde voorzieningen ligt hoger dan de streefwaarde. De gevolgen van de Coronapandemie op deze cijfers voor de komende jaren zijn nog niet bekend.

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

•

Het aanbod van hulpmiddelen staat onder druk door diverse landelijke en mondiale logistieke problemen. Kostenbesparende maatregelen.

Belangrijkste resultaten 2023 • •

We bieden goede zorg aan inwoners die het, het hardste nodig hebben. We werken samen met diverse maatschappelijke partners om de

72

•

zelfredzaamheid van de inwoners te versterken. We stimuleren het gebruik van collectieve en preventieve zorg en ondersteuning.

Toelichting Een grotere groep mensen doet een beroep op de duurdere maatwerkvoorzieningen, zo ook de hulpmiddelen en vervoer. Door logistieke problemen met het aanbod van zorg, geven we prioriteit aan inwoners die de zorg, het hardste nodig hebben. We ondersteunen inwoners met collectieve voorzieningen als dit passend is. De welzijnsorganisatie kan informatie, advies en alternatieve ondersteuning bieden.

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

Er is arbeidskrapte bij de zorgverleners, en de vergrijzing zet door. De druk op de zorg blijft daardoor hoog en daarmee ook de kosten.

Belangrijkste resultaten 2023 • • • • •

•

We bieden goede zorg aan inwoners die het, het hardste nodig hebben. Inzet Jeugdteam. Uitwerken kostenbesparende maatregelen. Omklappen WFI. We werken samen met diverse maatschappelijke partners om de zelfredzaamheid van de inwoners te versterken. We stimuleren het gebruik van collectieve en preventieve zorg en ondersteuning.

Toelichting Druk op de zorg blijft toenemen De vergrijzing zorgt voor een toenemende op de schaarse zorg. De Wmo is ingericht om zelfredzaamheid van inwoners te bevorderen en sociale voorzieningen te ontwikkelen die de druk op de maatwerkvoorzieningen verminderen. We blijven ervoor zorgen dat de meest kwetsbaarste inwoners de zorg blijven ontvangen. In de communicatiecampagne informeren we inwoners dat de Wmo er is voor de meest kwetsbare mensen. Inwoners zijn zo zelfredzaamheid als mogelijk. Zelfredzaamheid Langer thuis wonen De zorg wordt intensiever voor een grotere groep steeds ouder wordende mensen. We anticiperen hierop met preventieve maatregelen voor de vitale ouderen en met betere samenwerking met het voorveld om de zorg voor de zeer ouderen te versterken, maar ook de diverse innovatieve algemene en collectieve voorzieningen op te stellen. Een voorbeeld is in te zetten op reablement. Dit is een aanpak om ouderen te ondersteunen bij de zelfredzaamheid. Hiervoor de middelen inzetten van de kostenbesparende maatregelen Wmo. Dit jaar wordt de nieuwe beleidsplan sociaal domein opgesteld. Hierbij wordt aangesloten op de opgave in het woondomein. De woonvisie zal ook een woonzorg visie bevatten, waarbij de woonbehoeften van senioren en starters centraal staan.

73

Inkoop We anticiperen op de decentralisatie van beschermd wonen en de maatschappelijke zorg door begeleiding en huishoudelijke ondersteuning opnieuw in te kopen in de Leidse regio. Deze inkoop loopt gelijk met de decentralisatie van Beschermd Wonen. Dit inkoopproces zal in 2022 afgerond worden. De implementatie van de nieuwe producten en indicatie wordt in 2023 uitgevoerd. Hiervoor zijn extra middelen beschikbaar, € 20.000 in 2022 en € 30.000 in 2023 voor het omzetten van oude naar de nieuwe Wmo-arrangementen. De voorwaarde bij de nieuwe inkooptrajecten is dat er meer algemene voorzieningen ontwikkeld worden als alternatief voor de maatwerkvoorzieningen. Op termijn zal de GGZ-doelgroep vaker in de wijk blijven wonen. Hiervoor moet Voorschoten meer faciliteiten creëren waaronder dagactiviteiten, preventieve zorg en ondersteuning In samenwerking met een pilot constructie van Voorschoten voor elkaar worden nieuwe combinaties van maatwerk en voorliggende voorzieningen ontwikkeld. Hierbij wordt de samenwerking met diverse Voorschotense maatschappelijke organisaties opgezocht. Het doel is om met zorgcombinaties niet alleen het gebruik van de maatwerkvoorzieningen te verminderen, maar ook de op- en afschaling van zorg te vergemakkelijken. een voorbeeld is de Buurtcirkel.

Nieuwe kosten De kosten in de Wmo worden beïnvloed door de algemene prijsontwikkelingen, inflatie en de mondiale invloed op productiematerialen. De inkooptarieven moeten voldoen aan reële tarieven Versterking toezicht op rechtmatigheid Wmo en jeugd We vinden het belangrijk dat middelen voor de Jeugdwet en Wmo daadwerkelijk gebruikt worden voor zorg en ondersteuning. Daarvoor is toezicht op het leveren van zorg nodig. Bijvoorbeeld om malafide zorgaanbieders af te schrikken wil je als gemeente controles uitoefenen en eventueel onrechtmatig bestede euro’s terugvorderen. Het gebruik van de Jeugdwet en de Wmo is de afgelopen jaren gestegen. Het uitoefenen van toezicht op de kwaliteit en rechtmatigheid bij de uitvoering van de Jeugdwet is een wettelijke taak en vraagt gelet op het stijgende gebruik ook om meer capaciteit voor professioneler toezicht. Versterking lokale implementatie Participatiewet, armoedebestrijding en re-integratie Taken op het gebied armoedebestrijding, Participatiewet of re-integratie zijn steeds minder taken geworden die alleen maar vanuit het Rijk worden ingevuld. Om onze kwetsbare inwoners goed te ondersteunen en hun deelname aan de samenleving te bevorderen is steeds vaker preventieve inzet en lokale aanpak en implementatie nodig in samenspraak met team Werk & Inkomen.

Om dit goed in het lokale veld georganiseerd te krijgen is meer inzet op deze taakvelden noodzakelijk. Beleidsindicatoren

Nr. Beleidsindicator

Eenheid

Bron

Voorgaande laatst bekende realisatie

32

Aantal per 10.000 inwoners

GMSD

540 (2020) 550 (2021)

Cliënten met een maatwerkarrangement WMO

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

geen data (2021)

Toelichting beleidsindicatoren 32

Cliënten met een maatwerkarrangement WMO

Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo-gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten. Het totaal aantal inwoners dat gebruik maakt van een maatwerkarrangement WMO is gestegen.

74

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.72 Maatwerkdienstverlening 18Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

•

De jeugd- en opvoedproblematiek neemt al enkele jaren toe in complexiteit en daarmee stijgen ook de kosten. Met de doorontwikkeling van het jeugdteam van Voorschoten voor Elkaar, inclusief de praktijkondersteuners jeugd bij de huisartsen, willen we in een eerder stadium de jeugdigen en hun gezinnen de juiste hulp op de juiste plek bieden. De maatregelen uit de Hervormingsagenda worden na vaststelling verder uitgewerkt in het regionale beleid en vertaald naar de lokale situatie.

Belangrijkste resultaten 2023 • •

• •

•

•

Er is een lokaal jeugdteam operatief dat goed vindbaar is voor de inwoners; Er is sterke eerstelijns jeugdhulp beschikbaar vanuit het lokale jeugdteam, waardoor het aantal en de duur van tweedelijns trajecten beperkt worden; De praktijkondersteuner jeugd is verankerd in de huisartsenpraktijken van Voorschoten; Er is duidelijkheid en overeenkomst over de efficiëntie en kwaliteit van de (keten)samenwerking tussen het jeugdteam, jeugdconsulenten en overige partijen. De maatregelen uit de Hervormingsagenda zijn geconcretiseerd in de actielijnen van het Uitvoeringsplan Regiovisie Jeugdhulp Haaglanden en zijn vertaald naar het lokale beleid en de uitvoering. Hervormingsagenda.

Toelichting De complexiteit van de problematiek onder jeugdigen (en hun gezinnen) is de afgelopen jaren toegenomen en daarmee zijn ook de kosten voor jeugdhulp gestegen. Dit zien we niet alleen in Voorschoten, maar door het hele land. Gedurende de coronapandemie leek de stijging van het aantal hulpvragen en de complexiteit ervan enigszins te stabiliseren, echter, sinds de coronamaatregelen begin 2022 zijn afgeschaft neemt dit wederom toe. Daarmee groeit mogelijk ook het aantal verwijzingen dat nodig is naar (hoog) specialistische hulp, waardoor de kosten voor jeugdhulp verder kunnen stijgen. Landelijk is er een beweging gaande om de lokale teams verder te professionaliseren en te versterken, waardoor inwoners de hulp dichter bij huis kunnen krijgen, waarbij de inzet van specialistische zorg minder snel noodzakelijk is. In Voorschoten zetten we hier ook op in, namelijk door ervoor te zorgen dat de zorg lokaal, dicht bij de inwoner beschikbaar is. Met de inzet van het jeugdteam van Voorschoten voor Elkaar beogen we in een vroeg stadium de juiste hulp in te zetten, waardoor minder specialistische zorg nodig is. Het jeugdteam biedt een integrale, gezinsgerichte aanpak. Ook zetten we in op goede triage en kortdurende behandeling bij de huisartsen. Hierom is er binnen elke huisartsenpraktijk een praktijkondersteuner jeugd beschikbaar voor tenminste een dag per week.

De praktijkondersteuners bij de huisartsen zijn onderdeel van het jeugdteam binnen Voorschoten voor Elkaar. Toename van het aantal jeugdhulptrajecten zit vooral in de inzet van gecontracteerde jeugdhulp vanuit de H10, tevens zien we een toename van het gebruik van niet gecontracteerde zorg. Dit heeft ermee te maken dat het H10 aanbod vaker onvoldoende toereikend is om de vraag naar zorg te kunnen dekken, omdat de vraag groter is dan het aanbod. Zowel gemeenten, lokale teams en zorgaanbieders hebben te maken met krapte op de arbeidsmarkt. Dit leidt er toe dat er weinig vast personeel is en er veel gewerkt wordt met (duurdere) inhuurkrachten om te kunnen doen wat nodig is.

75

Door gemeenten en het Rijk wordt de Hervormingsagenda Jeugd uitgewerkt, waarin maatregelen zijn opgenomen om het jeugdhulpstelsel beter beheersbaar te maken. De inzet van jeugdhulp van het jeugdteam, waarmee we de hulp dicht bij de inwoner willen laten plaatsvinden, sluit goed aan op de kern van de Hervormingsagenda. Omklappen sociaal domein Leidse regio Voorschoten Naar verwachting gaat onderzoek naar overbrengen taken uitvoering W&I in 2023 weer lopen en dan zijn hiervoor mogelijk middelen nodig. Te zijner tijd wordt er in dat geval een apart voorstel gedaan. Het onderzoek naar het overbrengen van taken jeugd gaat door. Indien er te zijner tijd een besluit over een eventuele overstap wordt genomen, moeten er ook eventuele incidentele middelen beschikbaar komen en eventuele aanpassingen in structurele middelen worden gedaan om dit te realiseren. Er wordt dan een apart voorstel gedaan. Voor het onderdeel uitvoeren overbrengen van taken Wmo moet er in 2023 als laatste jaar in twee regio’s worden geparticipeerd. Voor de middelen die dit vraagt, wordt een voorstel gedaan onder het taakveld Wmo programma 6 sociaal domein. Beleidsindicatoren

Nr. Beleidsindicator

Eenheid

29

% van alle jongeren tot 18 jaar CBS

Jongeren met jeugdhulp

Bron

Voorgaande laatst bekende realisatie

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

11,4% 13% (2021) (2020)

12,9% (2021)

Toelichting beleidsindicatoren 29

Jongeren met jeugdhulp

Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014). Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, psychosociale en of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders. Jeugdigen/gezinnen uit Voorschoten weten de toegang tot jeugdhulpvoorzieningen steeds beter te vinden. Jeugdhulp is een open einde regeling en aantallen jeugdigen in jeugdhulp en kosten van trajecten kunnen variëren. Een afname van het aantal jeugdigen in de jeugdhulp door (preventieve) maatregelen wordt nagestreefd, hiervoor is het actieplan jeugdhulp opgesteld. De maatregelen hierin worden uitgevoerd, in het najaar van 2021 zijn aanvullende maatregelen aan de raad voorgelegd.

76

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.81 Geëscaleerde zorg 18+ Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

•

In 2023 zal de doordecentralisatie van de Maatschappelijke Zorg plaatsvinden. Daar waar nu centrumgemeente Leiden verantwoordelijk is voor de uitvoering van de Maatschappelijke Zorg worden in 2023 de lokale gemeenten in de Holland Rijnland Regio (financieel) verantwoordelijk voor de uitvoering. In 2023 heeft er een implementatieplaatsgevonden van de aanpak rondom sucïdepreventie.

Belangrijkste resultaten 2023 •

•

Inwoners kunnen op het gebied van maatschappelijke opvang, beschermd wonen, bemoeizorg en verslavingszorg rekenen op ondersteuning die lokaal dan wel (sub)regionaal beschikbaar is. Er is een sluitende keten rondom de aanpak van suïcidaliteit onder inwoners.

Toelichting Met de doordecentralisatie van de Maatschappelijke Zorg per 1 januari 2023 start een jaren durende transformatie met consequenties voor inwoners, cliënten, professionals, aanbieders en gemeenten. Met de ingezette veranderingen wordt beoogd om goede zorg en ondersteuning te leveren voor (kwetsbare) inwoners: integraal, dichtbij en op maat. Samen met de Leidse Regio voeren we een systeemveranderingen door die op niveau van inwoners, cliënten, het uitvoerend veld en niet in de laatste plaats voor de gemeenten consequenties hebben. Vanaf 2023 ontvangt iedere gemeente financiële middelen voor maatschappelijke zorg (beschermd wonen en maatschappelijke opvang), zodat zij de voorzieningen die cliënten nodig hebben (geïntegreerd) kunnen organiseren. Specialistische voorzieningen, voor cliënten die 24 uurszorg en toezicht behoeven, worden door de regio Holland-Rijnland georganiseerd. Daarnaast zet de gemeente in 2023 actief in op suïcide preventie. In 2021 is de gemeente een samenwerking gestart met de Stichting 1-1-3, gestart met suïcide preventieplan om personen met suïcidale gedachten te kunnen helpen. In 2022 is een leemte in het preventie aanbod gesignaleerd. Inwoners met suïcidale gedachten dienen preventief geholpen en begeleid te worden naar passende hulp en/of behandeling met als doel escalatie te voorkomen. Prestaties 1.

Realiseren van een lokaal of (sub)regionaal aanbod van voorzieningen beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Acties • We organiseren, samen met de Leidse regiogemeenten, voorzieningen op het gebied van beschermd wonen. Tevens kopen we op het niveau van de Leidse regio specialistische voorzieningen in. • We kopen, gezamenlijk met de Leidse regiogemeenten, voorzieningen op het gebied van crisisopvang en verslavingszorg in. • Financieren de gezamenlijke programmaorganisatie Maatschappelijke zorg Leidse regio 2. Organiseren van een sluitende assertieve zorgketen Acties • We subsidiëren, samen met de Leidse regiogemeenten, zorgorganisaties die invulling geven aan assertieve zorg. Assertieve zorg bestaat uit het leveren van bemoeizorg en signaal gestuurd outreachende zorg. 3. Realiseren huisvesting bijzondere doelgroepen.

77

Acties • De gemeente Voorschoten heeft een taakstelling ten aanzien van het realiseren van het huisvesten van bijzondere doelgroepen (maatschappelijke opvangvoorzieningen, beschermd wonen en scheve huisjes). De wens om huisvesting te realiseren voor alle doelgroepen van de samenleving is tevens opgenomen in het coalitieakkoord. 4. Een sluitende keten organiseren voor inwoners die kampen met suïcidale gedachten. Acties • Een organisatie inkopen die zich richt op het bieden van preventieve ondersteuning aan inwoners die kampen met suïcidale gedachten met als doel escalatie te voorkomen. Ontwikkelingen Leidse regio Om de financiële consequenties voor de Leidse regiogemeenten zo goed als mogelijk in beeld te brengen is door de projectgroep Maatschappelijke zorg Leidse regio een begroting opgesteld voor de periode 2023-2026. De begroting is gebaseerd op de kennis van nu en op aannames van hoe de toekomstige uitvoering van de maatschappelijke zorg er uit kan gaan zien. Ook na 2022 zal een programmaorganisatie Leidse Regio nodig blijven voor het bewaken van de voortgang, de samenhang, het creëren van overzicht en coördinatie tussen de Leidse Regio gemeenten en Holland Rijnland. Het geheel aan gezamenlijke uitgaven van de Leidse regio voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang, gezamenlijke voorzieningen en uitvoeringskosten moet nog definitief vastgesteld worden.

Tegenover deze uitgaven staan inkomsten van het Rijk volgens het objectief verdeelmodel. De vertaling van de gezamenlijke begroting naar de begroting van de vijf gemeenten van de Leidse regio is mede afhankelijk van het advies over de governance Leidse regio dat door AEF wordt verstrekt en de daaropvolgende bestuurlijke besluitvorming in de afzonderlijke gemeenten. Beschermd wonen Op dit moment is centrumgemeente Leiden verantwoordelijk voor de uitvoering van Beschermd Wonen. De doordecentralisatie heeft als gevolg dat alle vijf gemeenten van de Leidse regio verantwoordelijk worden voor de cliënten beschermd wonen. Deze cliënten gaan met ingang van 2023 over naar de nieuwe Wmoarrangementenstructuur (zie ook 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+). Maatschappelijke opvang De uitgaven aan maatschappelijke opvang hebben betrekking op de voorzieningen die per 1 januari 2023 niet onder het arrangementenmodel vallen en niet zijn aanbesteed. Dit gaat om voorzieningen die voor iedereen algemeen toegankelijk (drempelloos) moeten zijn en/of om voorzieningen die bedoeld zijn voor inwoners die (nog) geen hulp vragen en ook niet open staan voor zorg, maar wel in een problematische situatie verkeren. Het gaat om voorzieningen die altijd per direct beschikbaar moeten zijn.

Voor 2023 worden in de Leidse Regio subsidies verstrekt voor de voorzieningen crisisopvang, verslavingszorg en de bemoeizorg op basis van eerder gemaakte regionale subsidieafspraken.

78

Wat gaan we daarvoor doen ?

6.82 Geëscaleerde zorg 18Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

De jeugdbeschermingsketen wordt verder geoptimaliseerd door de implementatie en borging van de werkwijze Beter Samenspel, waarmee de jeugdconsulenten en de gecertificeerde instellingen zich voorbereiden op het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming, dat per 2026 landelijk in werking treedt. De lokale veiligheidsketen inclusief het jeugdteam wordt hierop afgestemd en verder doorontwikkeld.

Belangrijkste resultaten 2023 •

•

Beter Samenspel is geïmplementeerd binnen het team jeugdconsulenten van de gemeente en de betrokken medewerkers van de gecertificeerde instellingen. Door de verbetering in de jeugdbeschermingsketen door het toepassen van deze methode, beogen we op termijn een vermindering van de duur en van het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen. Voor de in- en uitstromende jeugdbeschermingscliënten is duidelijk bij welke partij de regie over de hulpverlening is belegd.

Toelichting Om de kinderbeschermingsmaatregel in aantal en duur verder omlaag te brengen, werken we in het lokale jeugdteam samen met de gecertificeerde instellingen volgens de methode Beter Samenspel. Deze methode zullen we de komende jaren verder door ontwikkelen, waarmee de jeugdteams zich voorbereiden op het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming 2026, waarin landelijk met regionale veiligheidsteams 0-100+ gewerkt gaat worden. Dit betekent het doorzetten van de investeringen in preventieve justitiële maatregelen, waarmee de kosten voor gedwongen (justitiële) jeugdhulp verder zullen afnemen. Beleidsindicatoren

Nr. Beleidsindicator

Eenheid

Bron

Voorgaande laatst bekende realisatie

22

% 12 t/m 21 jarigen

CBS

1% (2019) 1% (2020) 1% (2020)

30 31

Jongeren met een delict voor de rechter Jongeren met jeugdbescherming Jongeren met jeugdreclassering

% van alle jongeren tot 18 jaar CBS % van alle jongeren van 12 tot CBS 23 jaar

0,6% (2020) Geen data

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

0,7% (2021) Geen data (2021)

1,2% (2021) 0,3% (2021)

Toelichting beleidsindicatoren 22

Jongeren met een delict voor de rechter

Het percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van eht Verwey-Jonker instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 30

Jongeren met jeugdbescherming

Jongeren met jeugdbescherming betreft jongeren tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode een maatregel door de rechter dwingend opgelegd hebben gekregen. Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan onder toezicht gesteld of

79

onder voogdij geplaatst. In uitzonderlijke gevallen wordt de hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar. 31

Jongeren met jeugdreclassering

Het percentage jongeren (12-23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (1223 jaar). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in de leeftijd 18 tot en met 23 jaar. De jongere krijgt op maat gesneden begeleiding van een jeugdreclasseringswerker om te voorkomen dat hij of zij opnieuw de fout ingaat. Jeugdreclassering kan worden opgelegd door kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. De begeleiding kan doorlopen tot de jongere 23 jaar wordt. Over de indicator Jongeren met jeugdreclassering is geen data beschikbaar. Over het percentage jeugd met een delict voor de rechter valt moeilijk iets te zeggen. Deze cijfers komen uit de Kinderen in Tel rapporten die één keer per twee jaar uitkomen en zijn procentueel dermate laag dat er geen trend in te ontdekken valt.

Zowel het percentage als het absolute aantal jongeren met een jeugdbeschermingsmaatregel en een jeugd reclasseringsmaatregel is de afgelopen jaren laag en stabiel. De werkprocessen rond de toegang tot het gedwongen kader jeugdhulp zijn de afgelopen jaren uitgekristalliseerd en beter afgestemd.

Verbonden partijen Tabel 6 Verbonden Partijen Programma 6 Verbonden Partij/ Samenwerkingsverband Gemeenschappelijke regeling Inkoopbureau H-10 Gemeenschappelijke regeling Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden

Gezamenlijke afdeling werk en inkomen

Taakveld Maatwerk dienstverlening 18Geëscaleerde zorg 18Samenkracht en burgerparticipatie Wijkteams Maatwerk dienstverlening 18+ Maatwerk dienstverlening 18Geëscaleerde zorg 18+ Geëscaleerde zorg 18Wijkteams Inkomensregelingen Begeleide participatie Arbeidsparticipatie Maatwerk dienstverlening 18+ Maatwerk dienstverlening 18-

80

Wat gaat het kosten? Tabel Wat gaat het kosten? Programma 6 Sociaal Domein Programma: P6 Sociaal Domein ( "-"= nadeel / "+"= voordeel ) bedragen x € 1.000

Rekening

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2021

2022

2023

2024

2025

2026

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

Baten

354

1.294

363

363

363

363

Lasten

-1.849

-3.012

-2.069

-2.019

-2.019

-2.018

Saldo

-1.496

-1.717

-1.706

-1.656

-1.656

-1.656

6.2 Wijkteams

Baten

96

30

31

31

31

31

Lasten

-592

-482

-503

-526

-525

-525

6.3 Inkomensregelingen

6.4 Begeleide participatie

6.5 Arbeidsparticipatie

6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+

6.72 Maatwerkdienstverlening 18-

6.81 Geëscaleerde zorg 18+

6.82 Geëscaleerde zorg 18-

Saldo

-495

-452

-472

-495

-495

-495

Baten

6.322

5.103

4.919

4.919

4.919

4.919

Lasten

-8.304

-7.697

-6.969

-6.969

-6.969

-6.969

Saldo

-1.982

-2.594

-2.050

-2.051

-2.051

-2.050

Baten

0

0

0

0

0

0

Lasten

-193

-193

-254

-254

-254

-254

Saldo

-193

-193

-254

-254

-254

-254

Baten

0

113

0

0

0

0

Lasten

-767

-1.067

-829

-826

-823

-823

Saldo

-767

-954

-829

-826

-823

-823

Baten

0

0

0

0

0

0

Lasten

-1.008

-1.011

-1.095

-1.110

-1.126

-1.142

Saldo

-1.008

-1.011

-1.095

-1.110

-1.126

-1.142

Baten

89

146

146

146

235

238

Lasten

-3.061

-3.271

-3.939

-4.019

-4.132

-4.250

Saldo

-2.972

-3.125

-3.793

-3.873

-3.897

-4.013

Baten

15

0

0

0

0

0

Lasten

-5.969

-6.432

-6.716

-6.442

-5.984

-5.984

Saldo

-5.954

-6.432

-6.716

-6.442

-5.984

-5.984

Baten

70

24

15

15

15

15

Lasten

-247

-318

-487

-487

-487

-487 -473

Saldo

-177

-295

-473

-473

-473

Baten

0

0

0

0

0

0

Lasten

-1.355

-1.325

-1.460

-1.460

-1.460

-1.460 -1.460

Saldo

-1.355

-1.325

-1.460

-1.460

-1.460

Totaal baten

Baten

6.945

6.711

5.473

5.473

5.562

5.565

Totaal lasten

Lasten

-23.345

-24.807

-24.322

-24.113

-23.780

-23.914

Saldo van baten en lasten

Saldo

-16.400

-18.097

-18.849

-18.640

-18.218

-18.349

Toelichting op mutatie (verhoging/verlaging) begroot 2023 ten opzichte van begroot 2022 in taakvelden groter of gelijk aan € 50.000 Taakveld 6.3 Inkomensregelingen (€ 544.000 voordeel) Het voordeel op dit taakveld wordt grotendeels verklaard door de lasten in 2022 voor de energietoeslag (€ 565.000). Daarnaast is de bijdrage voor de dienstverleningsovereenkomst op het gebied van Werk en Inkomen in 2023 € 47.000 lager dan in 2022. Verder is de raming voor belastingkwijtscheldingen naar boven bijgesteld, met een nadeel van € 35.000 tot gevolg. Ten slotte is in 2023 ten opzichte van 2022 een nadeel van € 21.000 in verband met de TOZO. Het restant wordt verklaard door overige kleine verschillen.

81

Taakveld 6.4 Begeleide participatie (€ 61.000 nadeel) Het nadeel op dit taakveld komt voort uit enerzijds een mutatie in de urentoerekening van € 41.000, en anderzijds door € 20.000 hogere lasten voor sociale activering. Taakveld 6.5 Arbeidsparticipatie (€ 125.000 voordeel) Het voordeel op dit taakveld wordt veroorzaakt door onder andere een lagere bijdrage aan de dienstverleningsovereenkomst op het gebied van Werk en Inkomen van € 50.000. Daarnaast zijn er voordelen wegens een incidenteel budget in 2022 door een overheveling bij de jaarrekening 2021 van € 90.000. Ook zijn de lasten voor sociale activering verplaatst van taakveld 6.5 naar taakveld 6.4, wat op dit taakveld een voordeel van € 20.000 oplevert. Ten slotte is er sprake van een nadeel van € 37.000 door mutaties in de urentoerekening. Het restant wordt veroorzaakt door overige kleine verschillen. Taakveld 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) (€ 84.000 nadeel) Het nadeel op dit taakveld is te verklaren door hogere lasten voor woonvoorzieningen (€ 19.000), rolstoelvoorzieningen (€ 10.000 ) en vervoersvoorzieningen (€ 27.000). Daarnaast is er door mutaties in de urentoerekening een nadeel van € 28.000. Taakveld 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ (€ 668.000 nadeel) Het nadeel op dit taakveld is grotendeels te verklaren door een mutatie op de urentoerekening, met een nadeel van € 557.000 tot gevolg.

Voor begeleiding en huishoudelijke ondersteuning zijn de lasten in 2023 respectievelijk € 64.000 en € 127.000 hoger dan in 2022. De voordelen betreffen de in 2022 incidentele budgetten voor de voorbereiding van de decentralisatie van het beschermd wonen van € 50.000, en het zelfstandigenloket van € 29.000. Taakvelden 6.72 en 6.82 (samen de taakvelden jeugd) (€ 419.000 nadeel) Het nadeel ten opzichte van 2022 komt voort uit een nadeel van € 182.000 op de regionaal ingekochte zorg, een nadeel van € 27.000 op de pgb’s en lokaal maatwerk, € 28.000 hogere lasten voor het jeugdteam, en € 222.000 hogere lasten door een mutatie in de urentoerekening. Ten slotte is er een voordeel van € 52.000, omdat er in 2022 incidenteel budget beschikbaar was voor het omklappen van het sociaal domein. Het restant wordt verklaard door overige kleine verschillen. Taakveld 6.81 (€ 178.000 nadeel) Het verschil op dit taakveld komt voort uit een mutatie in de urentoerekening, met een nadeel van € 224.000 tot gevolg. Daarnaast is er sprake van een voordeel omdat het incidenteel budget van € 50.000 in 2022 voor de implementatie van Maatschappelijke Zorg incidenteel was, en niet in de begroting 2023 is opgenomen. Het restant verschil komt voort uit overige kleine verschillen.

82

P7 Volksgezondheid en milieu

Wat willen we bereiken ? Inwoners zijn zich bewust van hun gezondheid en de effecten van een gezonde leefstijl Vermindering van de hoeveelheid restafval Een duurzame leefomgeving en versterking van de milieukwaliteiten van de leefomgeving; Voorschoten creëert een gezonde leefomgeving voor haar inwoners.

Wat gaan we daarvoor doen ?

7.1 Volksgezondheid Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

• •

JGZ: Vanaf 1 juli 2022 heeft de JGZ een nieuwe wettelijke taak, het prenataal huisbezoek. IVH: De financiering van de functie integrale vroeghulp (IVH) wordt aangepast. Nieuwe wet: Wet Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden (TVA): M.b.t. o.a. GGD/ jeugdgezondheid/ Veilig Thuis betekent dit dat het interne opleidingsbeleid aangepast moet worden, omdat werknemers met een BIG -of SKJ (Stichting Kwaliteitsregister Jeugd)registratie hun accreditatiepunten volledig onder arbeidstijd mogen behalen. Dit brengt extra kosten met zich mee. Concrete voorstellen worden nog uitgewerkt.

Belangrijkste resultaten 2023 •

Niet van toepassing.

Toelichting Jeugdgezondheidszorg (JGZ) - Vanaf 1 juli 2022 heeft de JGZ een nieuwe wettelijke taak, het prenataal huisbezoek. Het prenataal huisbezoek is bedoeld voor zwangeren en/of hun gezinnen in een kwetsbare situatie wat extra steun te bieden. Hiervoor zullen middelen worden toegevoegd aan het gemeentefonds. - Het kabinet heeft in het coalitieakkoord bepaald dat alle gemeenten aan de slag moeten met Kansrijke Start. De gemeenten die dit nog niet deden krijgen hiervoor vanaf 2023 middelen via het gemeentefonds, dit geldt ook voor onze gemeente. Integrale Vroeghulp (IVH) - De functie integrale vroeghulp is bedoeld voor kinderen van 0 tot 7 jaar en hun ouders/verzorgers en gericht op het (vroeg)tijdig onderkennen van ontwikkelingsproblemen en -stoornissen. Het multidisciplinaire team wordt bovenregionaal ingekocht. - De kosten voor de coördinatie, het casemanagement en het ontwikkelingsonderzoek worden met de afzonderlijke gemeenten lokaal afgesproken en is door de samenwerkende gemeenten bij MEE Zuid-Holland Noord belegd. Nu de middelen van MEE naar Voorschoten Voor Elkaar zijn gegaan, maar de functie niet, moet

83

dit worden gerepareerd. Hiervoor zijn in de Kadernota 2022 extra middelen aangevraagd en dit zetten we in 2023 door. Wet Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden (TVA) Per 1 augustus 2022 is de wet Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden (TVA) ingegaan. Deze wetgeving voorziet nieuwe regelgeving op onder andere het onderwerp scholing. Onder het huidige beleid worden herregistraties en accreditatiepunten rondom BIG en SKJ bestempeld als gedeelde verantwoordelijkheid. Hecht (GGD HM) vergoedt de kosten van de her registraties, maar accreditatiepunten dienen voor 50% van de tijd behaald te worden in ‘eigen tijd’. De nieuwe wet TVA ziet er op toe dat, wanneer een werknemer genoodzaakt is om in het bezit te blijven van een beroepskwalificatie om vakbekwaam te blijven, ook de punten behaald dienen te worden in arbeidstijd. Concreet betekent dit dus dat het interne opleidingsbeleid aangepast moet worden, omdat werknemers met een BIG -of SKJ-registratie hun accreditatiepunten volledig onder arbeidstijd mogen behalen. Dit brengt extra kosten met zich mee. Concrete voorstellen worden nog uitgewerkt.

Wat gaan we daarvoor doen ?

7.2 Riolering Belangrijkste ontwikkelingen 2023 • •

Werken aan een robuust stelsel. Intensiveren samenwerking Leidse regio.

Belangrijkste resultaten 2023 •

•

Start uitvoering vervangen riolering Adegeest (8 km), Oranjeboomstraat e.o. (1 km) en realisatie van een tijdelijke overstort Korte Vliet. Vastgesteld Integraal Waterketen plan 20242028.

Toelichting Tot dit taakveld behoort de wettelijke zorgplicht om het stedelijk afvalwater in te zamelen en te transporteren, de afvoer van het regenwater in de openbare ruimte en de afvoer van grondwater in de openbare ruimte onder bepaalde voorwaarden. Deze gemeentelijke taken zijn vastgelegd in het Integraal Waterketenplan 2019-2023 (IWKP). In het IWKP zijn de beleidsdoelen, maatregelen en financiële dekking opgenomen. De belangrijkste doelen zijn Werken aan een robuust stelsel Het grootste gedeetel van de riolering Voorschoten is aangelegd in de jaren 50 (2 km), 60 (13 km) en 70 (27 km) en is aangelegd als een gemengd stelsel (totaal 81 km). Het einde levensduur van deze riolen is of komt in zicht en zal in de komende 20 jaren (42 km met inbegrip van 8 km vertraagde vervanging) een aanzienlijke vervangingsopgave brengen. De vervangingsopgave biedt na afstemming met de overige disciplines binnen de fysieke leefomgeving, de kans voor een integrale aanpak om een bijdrage te leveren tot een klimaatbestendige (goede balans in water op straat, hittestress en droogte), veilige (ook de volks-, dier- en plantengezondheid) en prettige fysieke leefomgeving. Inspecties op het vrijverval riool brengen een vervangingsopgave voor de komende 4 jaar van 14 km (bestaande uit 8 km vertraagde vervanging en op status beoordeeld 6 km) en aanpassingen vanuit het Basis Riool plan ca. 2 km.

Het gemengd stelsel (1 buis voor vuil-, hemel- en grondwater) zal bij vervanging omgezet worden in een gescheiden stelsel (2 buizen voor vuilwater en hemel-/grondwater) voorzien van mogelijke kansen van klimaatmaatregelen.

84

Intensiveren samenwerking Leidse Regio Sinds 2012 is Voorschoten aangesloten bij de samenwerking Waterketen Leidse regio, waar zij samen met de ketenpartners, gemeente Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude, Oegstgeest, Wassenaar, Hoogheemraadschap van Rijnland en drinkwaterbedrijf Dunea, kennis delen, ervaring uitwisselen en gezamenlijke producten leveren zoals het Integraal WaterKeten plan. De komende periode zal de samenwerking intensiever worden door de opgave die aan de ketenpartners is opgelegd betreffende klimaat en energie transitie. Momenteel wordt de beleidsmodule van het Integraal WaterKeten plan geactualiseerd en aangevuld om invulling te geven aan het gestelde in het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (energie en klimaat) en wordt voorbereid op de omgevingswet.

Wat gaan we daarvoor doen ?

7.3 Afval Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

Landelijke afval doelen.

Belangrijkste resultaten 2023 •

Vermindering kilo's restafval per inwoner.

Toelichting Landelijke afval doelen Europese- en milieuwetgeving zijn de aanleiding geweest voor het opstellen van een derde landelijk afvalbeheerplan (LAP3). Hierin zijn onder andere de volgende doelen gesteld; • •

Het vergroten van de bewustwording bij huishoudens en bedrijven van hun afvalproductie en wat met het afval gebeurt in de keten. Het verminderen van het huishoudelijk restafval tot maximaal 30 kg per inwoner per jaar in 2025.

In 2020 zamelde Voorschoten nog 231 kg. restafval per inwoner per jaar in. Inmiddels is dit in 2021 gedaald tot 197 kilogram restafval per inwoner per jaar. Ondanks deze substantiële reductie (15%) staat Voorschoten nog wel voor een grote opgave om ook het landelijke doel van 30 kg restafval per persoon in 2025 te behalen. In het uitvoeringsplan Afval 2023 – 2025 wordt deze opgave verder uitgewerkt. Uitvoeringsplan Afval 2023-2025 Het grondstoffenplan 2021-2025 is in oktober 2021 door de raad vastgesteld. Het grondstoffenplan zet in op meer afvalscheiding en minder restafval. De raad maakt in de tweede helft van 2022 een keuze over de wijze waarop PMD in de toekomst gescheiden zal worden: aan de bron door de inwoners zelf of machinaal (‘nascheiding’) uit het restafval (Stap 2.2 van het stappenplan uit het grondstoffenplan). Op basis van deze keuze wordt in de eerste helft van 2023 de verwerking van het restafval aanbesteed. Alle scenario’s leiden tot structurele kostenverhoging van € 11 tot € 27 per huishouden per jaar. Door de gestegen kosten in alle sectoren moeten we rekening houden met ca. 20% prijsstijging bij de aanbesteding van de verwerking van het restafval. Vergroten kennis gescheiden inzamelen Een hoger percentage afvalscheiding en dus minder kilo’s restafval willen we bereiken door de bewustwording bij de bewoners te vergroten.

Het grondstoffenplan 2021-2025 voorziet in de uitgebreide communicatie over het afvalscheiden. In 2022 wordt een communicatieplan opgesteld waarmee het begrip en de noodzakelijkheid van het afvalscheiden bij de bewoners wordt vergroot. De uitvoering van dit plan start eind 2022 en loopt door in de volgende jaren. De uitwerking van dit plan hangt samen met het besluit dat in november 2022 genomen wordt door de raad over het bron- of nascheiden van het PMD.

85

Zwerfafval De regeling voor subsidie voor het aanpakken van zwerfafval zoals we die kregen van de producenten vervalt per 2023. Er komt een nieuwe regeling, deze wordt eind 2024 vastgesteld. Nadat de regeling is vastgesteld kunnen gemaakte kosten in 2023 mogelijk gedeclareerd worden. De educatie over zwerfafval op de basisscholen en andere acties met betrekking tot het reduceren van zwerfafval voor 2023 en 2024 worden meegenomen in het communicatieplan en achteraf gedeclareerd. Verwerken grof huishoudelijk afval De verwerking van grof huishoudelijk afval, dat huis aan huis wordt ingezameld, wordt eind 2022 opnieuw aanbesteed. Ook hier moet rekening worden gehouden met een prijsstijging van 20%. Door het invoeren van het ophalen tegen betaling van het grofvuil zal de hoeveelheid te verwerken grofvuil met 80% dalen. Dit heeft een gunstig effect op de verwerkingskosten voor het grofvuil. Door deze maatregel wordt er meer grofvuil aangeleverd op de milieustraat van Avalex. Deze kosten stijgen dan. Naar verwachting heeft dit geen negatief effect op de totale begroting. Beleidsindicatoren

Nr. Beleidsindicator

33

Eenheid

Omvang huishoudelijk restafvalKg/inwoner

Bron

Voorgaande laatst bekende realisatie

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

CBS statistiek 223 (2018) 223 (2018) 171 (2018) Huishoudelijk afval

Toelichting beleidsindicatoren 33

Omvang huishoudelijk restafval

Niet gescheiden ingezameld restafval dat te groot of te zwaar is om op dezelfde wijze als het huishoudelijk restafval te worden aangeboden. De afgelopen jaren zijn er in Voorschoten geen grote wijzigingen in het aantal kilogram huishoudelijk restafval per inwoner waar te nemen. Vanwege de uitbreiding van de inzamelvoorzieningen is de prognose dat er een lichte daling van de hoeveelheid restafval per inwoner is.

Wat gaan we daarvoor doen ?

7.4 Milieubeheer Belangrijkste ontwikkelingen 2023 • • • • • •

• •

Participatietraject transitie warmte Warmtenet Leidse regio Regionale energiestrategie 2.0 opstellen Klimaatadaptatie opnemen in de Omgevingsvisie Voorbereiden en aanvragen impulsregeling DPRA Afronden van de externe risicodialoog (participatie met o.a. bewoners en ondernemers) Risicodialogen klimaatadaptatie Ontwikkelen campagne overlast houtstook

Belangrijkste resultaten 2023 • • • • • • •

Wijkuitvoeringsplan(nen) aardgasvrije woningen Duidelijkheid continuering samenwerking warmtenet Leidse regio Realisatieplan maatregelen klimaatakkoord Aanvraag Impulsregeling DPRA Uitwerken Uitvoeringsagenda en klimaat adaptieve maatregelen; Externe risicodialoog Lancering eerste campagne houtstook najaar 2023

86

Toelichting Duurzaamheid is een breed begrip en het belang ervan wordt steeds breder begrepen en gedragen. Maatregelen voor verduurzaming zijn omvangrijk en raken iedereen: opwekking van duurzame energie, geleidelijk ‘van het gas af’, circulair bouwen en produceren, duurzaam inkopen, klimaatadaptatie en energiebesparing. Bij de uitvoering vanuit de gemeente zijn veel beleidsvelden betrokken. Daarom streven we, mede met het oog op de Omgevingsvisie, naar een integrale aanpak en beleidsvoorbereiding. In deze paragraaf worden alleen de beoogde resultaten van het taakveld milieubeheer belicht. Elders in deze begroting worden bijdragen vanuit andere beleidsvelden inzichtelijk gemaakt. De kapstok voor de beoogde resultaten is de Visie op Energie en Klimaat (Milieubeleidsplan), door de raad vastgesteld in maart 2021 en met als belangrijkste pijlers de warmtetransitie, de regionale energiestrategie en klimaatadaptatie. Transitievisie warmte In 2021 is de transitievisie warmte vastgesteld. Deze visie schetst een realistisch tijdpad over hoe de gemeente Voorschoten in 2050 de gebouwde omgeving volledig CO2-neutraal (en dus aardgasvrij) van warmte wil voorzien. Hierin worden er per buurt ook passende alternatieve warmtetechnieken beschreven en zijn er drie buurten aangewezen die voor 2030 van het aardgas af kunnen. Voor deze buurten is de volgende stap het maken van een uitvoeringsplan.

In 2022 zijn de eerste stappen gezet voor het opstellen van het eerste buurtgerichte uitvoeringsplan. Er is gekozen om te starten met de Krimwijk vanwege de voorkeursoplossingsrichting en reeds bestaande slagkracht in de buurt. Het opstellen van een buurtgericht uitvoeringsplan bestaat uit verschillende fases. In de eerste fase worden de stakeholders (inwoners, adviesorganen, Holland Rijnland enz.) in kaart gebracht, waarna er gesprekken volgen over onder andere de wensen van de inwoners en de oplossingsrichting. In fase twee worden deze gesprekken geïntensiveerd met als doel om in samenwerking met stakeholders te komen tot een breed gedragen oplossingsrichting en om doelstellingen te formuleren over isolatie, de inzet van hybride warmtepompen en de realisatie van volledig aardgasvrije woningen. In fase drie wordt dit verder uitgewerkt tot een concreet plan met bijbehorende planning, uitwerking van de technische haalbaarheid en financiële doorrekening. Fase 4 bestaat uit de monitoring van de voortgang. Het doel is om in 2023 in samenwerking met de buurt het eerste, breed gedragen uitvoeringsplan opgesteld te hebben. Naast het opstellen van het eerste buurtgerichte uitvoeringsplan wordt er ook een gemeente brede besparingscampagne opgezet. Deze campagne richt zich zowel op het nemen van kleine energiebesparende maatregelen als het isoleren van woningen.

Acties een maatregelen worden afgestemd op verschillende doelgroepen met als doel hen te stimuleren aan de slag te gaan met verduurzamen. Als basis voor deze campagne lanceren we een online interactief platform waarop iedereen alle informatie kan vinden en iedereen (ook inwoners) initiatieven en kennis kan delen. Sinds het voorjaar van 2020 verkennen wij, in samenwerking met vijf andere gemeenten in de Leidse regio, de ontwikkeling en realisatie van een open regionaal energiesysteem (ORES). Deze verkenning is gericht op de regionale verdeling en distributie van warmte uit meerdere bronnen via een regionaal warmtenet. De samenwerking verhoogt de effectiviteit en slagkracht op het complexe warmtedossier. Uitgangspunt bij de samenwerking is de borging van publieke waarden: betaalbaarheid, haalbaarheid, duurzaamheid, tijdigheid en betrouwbaarheid. Op een ORES kunnen meerdere warmtebronnen aangesloten worden voor collectieve warmtevoorziening, waaronder restwarmte en geothermie. Via de aanleg hiervan kan warmte ingezet worden om (nog nader te bepalen) buurten in Voorschoten te voorzien van een warmtenet . Tot eind 2022 is de samenwerking in de Leidse regio bekrachtigd met een samenwerkingsovereenkomst. Eind 2022 wordt de ontwerpstudie ORES afgerond, waarna op hoofdlijnen keuzes en afspraken gemaakt kunnen worden voor de verdere ontwikkeling.

Evaluatie van de gezamenlijke aanpak en besluitvorming over het al dan niet voortzetten van de samenwerking in de Leidse Regio is voorzien in de eerste helft van 2023.

87

Regionale Energie Strategie In 2021 is de eerste Regionale Energie Strategie vastgesteld voor de regio Holland Rijnland, waarvan Voorschoten onderdeel is. Samen met de regio Holland Rijnland wordt gewerkt aan een RES 2.0. De RES 2.0 moet duidelijk maken hoe duurzame energie opwek vorm gaat krijgen, waar dat het beste kan worden gerealiseerd, en inzicht in kosten en opbrengsten. Via een tweede uitvoeringsprogramma Voorschoten wordt dit verder uitgewerkt. Van groot belang is deelname van inwoners en bedrijven. Inwonerparticipatie zal zorgvuldig uitgewerkt worden waarbij de aanbevelingen uit het rekenkamer onderzoek betrokken worden. Met betrokkenheid van sleutelfiguren en inwoners en bedrijven kunnen we samen invulling gegeven aan zon op alle daken, realisatie van een zonneveld, energiebesparing, elektrisch rijden en zoeken naar mogelijkheden om over te stappen van aardgas op duurzame energiebronnen. Klimaatadaptatie/risicodialoog/adaptatiestrategie/Impulsregeling In 2022 is klimaatadaptatiebeleid opgesteld als uitwerking van de VEK. Er is uitvoering gegeven aan het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie. De interne risicodialoog is uitgevoerd binnen de gemeente maar ook met HECHT (voormalig GGD), de Veiligheidsregio Hollands Midden, het Hoogheemraadschap Rijnland, de werkregio Holland Rijnland, de Provincie Zuid-Holland en buurgemeenten.

De externe risicodialoog is opgestart, er wordt gesproken met onder andere bewoners, ondernemers en woningcorporaties over klimaatadaptatie en de te nemen maatregelen. In 2023 wordt de uitvoeringsagenda verder uitgewerkt in concrete projecten om knelpunten op te lossen en wordt het beleid een stap verder gebracht. Verder wordt de aanvraag voor de impulsregeling voorbereid en in 2023 ingediend. Het klimaatadaptatiebeleid wordt opgenomen in de omgevingsvisie. Acties die volgen uit de externe risicodialoog worden proactief opgepakt. Er kan gedacht worden aan stimulerende maatregelen voor bewoners zoals het subsidiëren van regentonnen. Campagne ter bestrijding van overlast door houtstook en ter verbetering van de luchtkwaliteit in Voorschoten. Dit najaar zal de campagne worden afgetrapt met een persbericht over het opstarten van de voorlichtingscampagne over houtstook en het communiceren van het RIVM-stookalert. In deze campagne wordt het voorlichtingsmateriaal 'houtstook' van Milieu Centraal gebruikt om advertenties te plaatsen op sociale mediakanalen van de Gemeente Voorschoten, in de Voorschotense Krant en in de krant Groot Voorschoten. Deze campagne zal worden herhaald, in eventueel aangepaste vorm, in de jaren 2023, 2024 en 2025.

Door middel van deze campagne hopen we de inwoners die hout gebruiken als brandstof voor het verwarmen van hun woningen te informeren over de gezondheidsrisico’s voor zichzelf en omwonende en informatie te verstrekken over het nemen van maatregelen om de nadelige effecten van houtstook te verminderen. Deze campagne kan worden bekostigd binnen de beschikbare communicatiebudgetten. Beleidsindicatoren

Nr. Beleidsindicator

Eenheid

Bron

Voorgaande laatst bekende realisatie

34

%

RWS

4,5% (2019)

Hernieuwbare elektriciteit

Laatst Landelijk bekende vergelijking realisatie cijfer

7,5% (2020)

26,9% (2020)

Toelichting beleidsindicatoren 34

Hernieuwbare elektriciteit

Het % hernieuwbare energie, ook wel duurzame of groene energie genoemd. Dit is energie afkomstig van natuurlijke bronnen die constant worden aangevuld zoals uit wind, waterkracht, zon, bodem, buitenluchtwarmte en biomassa. Anders dan bij de levering van gas en elektriciteit worden veel vormen van hernieuwbare energie niet bemeterd, bijvoorbeeld omdat opwekking en gebruik geheel of gedeeltelijk "achter de meter" plaatsvinden (zoals bij hernieuwbare elektriciteit). In de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat worden daarom top-down inschattingen gemaakt. Hierbij worden nationale cijfers op basis van een verdeelsleutel gealloceerd over gemeenten. Deze cijfers komen doorgaans bijna twee jaar na afloop van een kalenderjaar beschikbaar. Het

88

percentage hernieuwbare elektriciteit heeft zich volgens deze schattingen in Voorschoten ontwikkeld van 0,1% in 2010 naar 3,5% in 2018.

Wat gaan we daarvoor doen ?

7.5 Begraafplaatsen en crematoria Belangrijkste ontwikkelingen 2023 •

Op dit taakveld zijn geen beleidsmatige ontwikkelingen van toepassing.

Belangrijkste resultaten 2023 • • •

Herstel padenstructuur. Uitvoering beheerplan. Upgraden aula Rosenburgh.

Toelichting De gemeente draagt zorgt voor de exploitatie en beheer van de begraafplaats Rosenburgh. Het huidige serviceen kwaliteitsniveau wordt voortgezet. Padenstructuur De padenstructuur op begraafplaats Rosenburgh is verouderd. Zo'n 80% van de verhardingen heeft het einde van de levensduur bereikt en dient vervangen te worden. De komende jaren wordt daarom ingezet op het gefaseerd vervangen van de verhardingen. Dit houdt in dat voor de komende 4 jaar er een inhaalslag nodig is om de padenstructuur weer op niveau te krijgen. Dit zal ook worden meegenomen in de nieuwe beheerplannen. Beheerplannen In het verleden zijn er geen beheer- en beleidsplannen voor de begraafplaats gemaakt. Deze zijn dus nu ook niet beschikbaar om naar te verwijzen. Wel wordt er op dit moment aan nieuw beleid en beheer gewerkt. Dat zal resulteren tot een duidelijke visie en een bestendig beheerplan 2023 tot 2026. Hierbij onderzoeken we de huidige en toekomstige functie van de begraafplaats binnen de Gemeente Voorschoten. En we zullen de raad dan ook mee nemen in de eventuele scenario’s voor de begraafplaats. Het beheer en beleidsplan zal door het college worden vastgesteld. Over de financiële gevolgen wordt de raad apart geïnformeerd. Upgraden aula begraafplaats Rosenburgh De inventaris van de aula begraafplaats Rosenburgh is deels gedateerd en versleten.

Om aan de huidige maatstaven te kunnen voldoen is vervanging van geluidsinstallatie, baarkleed, pantry en stoelen noodzakelijk. Met bovengenoemde investering is een bedrag gemoeid van € 25.000 en dit gaat resulteren in kapitaallasten die vanaf 2024 in het tarief begraafplaatsrechten tot uiting zullen komen.

Verbonden partijen Tabel Verbonden Partijen Programma 7 Naam Gemeenschappelijke regeling GGZ subsidies RDOG Hollands Midden Omgevingsdienst West-Holland

Taakveld 7.1 Volksgezondheid 7.1 Volksgezondheid 7.4 Milieu: legalisering, toezicht, handhaving

89

Wat gaat het kosten? Tabel Wat gaat het kosten? Programma 7 Volksgezondheid en milieu Programma: P7 Volksgezondheid en milieu

7.2 Riolering

7.3 Afval

7.4 Milieubeheer

7.5 Begraafplaatsen en crematoria

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Baten

91

80

62

62

62

62

Lasten

-1.760

-1.779

-1.944

-1.944

-1.944

-1.944

Saldo

-1.669

-1.699

-1.882

-1.881

-1.881

-1.881

Baten

2.776

2.909

2.748

2.872

2.967

3.071

Lasten

-1.759

-1.812

-1.709

-1.812

-1.885

-1.965

Saldo

1.017

1.098

1.039

1.059

1.082

1.107

Baten

3.833

4.429

4.926

4.878

4.917

4.910

Lasten

-2.592

-3.048

-3.356

-3.358

-3.388

-3.378

Saldo

1.241

1.381

1.570

1.520

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=83476aea-a791-43fa-900a-676f28623a46