CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van beantwoording zienswijzen gespecificeerd deel

Raadsvergadering 26 september 2024, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Windproject Brielse Brug93.413 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 11

Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.10 van het algemene deel

31,0 3

Reclamant is bang dat de windturbines de historische charme van de omgeving aantasten. Brielle staat bekend om zijn historische charme en architecturale erfgoed. Reclamant geeft aan dat de plaatsing van de mega windturbines in de nabijheid van een historische stad als Brielle afbreuk zou doen aan de unieke esthetiek en sfeer van de omgeving, wat een onschatbaar cultureel verlies zou betekenen.

31,0 4

Reclamant geeft aan dat windturbines een visuele verstoring zijn en esthetische lelijk zijn. Daarbij wordt er aangegeven dat een windmolen direct achter de woonwijk een permanente visuele verstoring vormt en afbreuk doet aan het landschap. Reclamant geeft aan dat de esthetische lelijkheid van dergelijke constructies niet te onderschatten is en zal een constante bron van ergernis zal zijn voor alle bewoners in de buurt.

Het meest nabijgelegen beschermde stads- en dorps is het omwalde deel van de stad Brielle (de vesting) en de directe gebieden rondom. Dit beschermde stadsgezicht, inclusief een gedeelte aangrenzend gedeelte grondgebied van Brielle en Vierpolders, ligt op meer dan 1,2 kilometer afstand van het plangebied. Het omwalde deel van de historische dorpskern van Brielle ligt wel op circa 2 kilometer afstand van het windproject. Hierop wordt ook verder ingegaan in paragraaf 2.5.4 van het algemene deel. In Nederland bestaat geen recht op blijvend vrij uitzicht. Onze woon- en leefomgeving is nu eenmaal altijd aan verandering onderhevig. De energietransitie zal daar komende decennia in grote mate aan bijdragen. Per situatie zal een overheid (in dit geval gemeente Voorne aan Zee) moeten bepalen of er sprake is van een redelijke en aanvaardbare situatie. Een goede landschappelijke inpassing is een voorwaarde voor het toestaan van een ontwikkeling. Windproject Brielse Brug is voornemens een bijdrage te leveren aan de landschappelijke structuur en landschappelijke doelstellingen van de Ondernemingspolder. Daarmee is ook geen sprake van onaanvaardbare gevolgen voor de ruimtelijke inpassing en blijft een goede ruimtelijke ordening geborgd. Zie ook paragraaf 2.5.1 van het algemene deel.

Met betrekking tot de hinder van het geluid, hierop wordt ingegaan in zienswijze 2.7 (verwijzen naar zienswijze zelfde reclamant). Hierop wordt ingegaan in paragraaf 5.3 van Goede ruimtelijke onderbouwing. Daarbij willen wij nog wijzen dat er een aanvullende stilstand regeling wordt toegepast.

31,0 5

31,0 6

Reclamant geeft aan dat de slagschaduw gegenereerd door windmolens een negatieve invloed hebben op de psych en welzijn kan veroorzaken. De constante veranderingen in licht en schaduwpatronen kunnen leiden tot irritatie, stress en zelfs gezondheidsproblemen voor mensen die in de nabijheid wonen.

Het is van essentieel belang dat de gemeente rekening houdt met deze legitieme zorgen en bezwaren van haar inwoners alvorens verdere stappen te nemen met betrekking tot de plaatsing

Om de hinder door slagschaduw te beperken, is ervoor gekozen om de slagschaduw op gevoelige objecten (woningen, zorginstellingen en scholen) als gevolg van de nieuwe windturbines te beperken tot 0 tot 1 uur slagschaduw per jaar. Hiermee is gekozen voor een strengere beperking van de jaarlijkse slagschaduw dan de slagschaduwnorm in het Activiteitenbesluit. Uitgangspunt is dat met behulp van een stilstandsregeling de schaduwduur zo veel als technisch mogelijk wordt voorkomen. In de praktijk betekent dit dat de slagschaduw op omliggende woningen, als gevolg van de tijd die nodig is om de windturbine af te schakelen, tussen 0 en 1 uur per jaar zal bedragen. Om die reden wordt de normgrens op maximaal 1 uur per jaar gesteld. Hiermee wordt de schaduwduur ter plaatse van woningen tot een minimum beperkt en wordt het ontstaan van hinder maximaal voorkomen Voor zover van toepassing: In de ruimtelijke onderbouwing bij de omgevingsvergunning is rekening gehouden met de realisatie van de windturbines nabij de provinciale weg N57. Zie onder meer p. 68-69

van windmolens nabij N57. Daarom verzoeken wij u vriendelijk om de vergunning voor de bouw van de windmolens niet te verlenen. Mochten jullie toch doorgaan met het verlenen van deze vergunning, dan willen wij u erop wijzen dat wij bereid zijn om dit juridisch aan te vechten en ons in het laatste geval te beroepen op planschade en schadeclaims met betrekking tot gezondheid. We roepen op tot een grondig onderzoek naar alternatieve energieoplossingen die geen nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid, het welzijn en de leefomgeving van de gemeenschap.

Uit bijgevoegd krantenartikel in Algemeen Dagblad van 29 februari 2024 maken wij op dat het college van B&W/de gemeentejurist de gemeenteraad onjuist en onvolledig heeft geïnformeerd over de verplichtingen die zouden voortvloeien uit de overeenkomst tussen de gemeente en de initiatiefnemer van de windmolens. Anders dan u de raad heeft verteld, zal de gemeente geen forse boete verbeuren als zij niet akkoord gaat met vergunningverlening voor het windmolenpark.

32,0 1

Wij begrijpen uit het artikel dat er geen sprake van een resultaatsverplichting maar hoogstens van een inspanningsverplichting voor de gemeente. Van een spijkerharde toezegging is dus geen sprake. Dat is ook gebruikelijk bij dit soort intentieovereenkomsten. Anders zou de inspraak voor omwonenden een wassen neus worden. Bovendien geldt dat een dergelijke overeenkomst niet kan leiden tot de verplichting voor de raad een bestemmingsplan vast te stellen of een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) af te geven wanneer hij deze bestemming of dit project in strijd met een goede ruimtelijke ordening acht. Gelet op het feit dat de desbetreffende gronden in het Omgevingsplan / Veegplan zijn bedoeld voor de agrarische sector, menen wij dat de raad bij het afgeven van de vvgb onvoldoende kenbaar heeft gemotiveerd dat de plaatsing van twee windmolens van deze omvang op deze locatie nabij een historische stad als Brielle past in een goede ruimtelijke ordening. Als er al vertrouwen is gewekt bij de initiatiefnemer, hetgeen dus wordt betwist, dan nog hoeft dit vertrouwen niet altijd te worden gehonoreerd, zo blijkt uit vaste rechtspraak. Zwaarwegende belangen van omwonenden kunnen zich hier bijvoorbeeld tegen verzetten. Uw gemeente lijkt dit te vergeten. Wij achten deze gang van zaken kwalijk en uitermate onzorgvuldig.

Zeker als men bedenkt dat de raad in januari met de kleinst mogelijke meerderheid heeft voorgestemd voor de afgifte van de vvgb en er aantoonbare fouten zijn gemaakt in de uitgevoerde geluidonderzoeken. De door ons te verwachten geluidhinder en gezondheidsschade door laag frequent geluid wegen naar onze mening niet op tegen de energieopbrengsten van de twee windmolens. De procedure is uitermate onzorgvuldig verlopen en de raad had zich om die reden van stemming dienen te onthouden. Wij verzoeken u deze aanvulling mee te nemen bij behandeling van de zienswijzen

33,0 1

Gezondheidsrisico's: Het lage bromgeluid dat gepaard gaat met windmolens kan een ernstige negatieve impact hebben op de gezondheid van onze familie en andere bewoners in de buurt. Dit kan leiden tot slaapstoornissen, stress, en andere gezondheidsproblemen die onvermijdelijk de kwaliteit van ons leven zullen aantasten.

van de ruimtelijke onderbouwing. Voor zover wordt opgeroepen tot onderzoek naar alternatieve duurzame energieoplossingen wordt opgemerkt dat de gemeente ook kijkt naar andere duurzame oplossingen om in de toekomst energieneutraal te worden. Dit betekent niet dat de windmolenlocatie bij de Ondernemingspolder kan komen te vervallen. Er zijn afspraken gemaakt met de provincie en de initiatiefnemers die de gemeente moet nakomen. Als eerste geldt dat de zoeklocatie windenergie per 20 december 2017 onherroepelijk is geworden door een besluit van de Provinciale Staten. Op 9 februari 2018 is de ‘bestuursovereenkomst overdracht bevoegdheden provincie Zuid-Holland en gemeente Brielle gesloten op grond waarvan de gemeente het bevoegd gezag is geworden voor de besluitvorming inzake de realisatie van de windturbines. Uit de bestuursovereenkomst volgt een inspanningsverplichting voor de gemeente om voor 31 december 2025 maximaal twee windturbines te hebben gerealiseerd in de Ondernemingspolder. Door de initiatiefnemers is op 8 juli 2022 de vergunningaanvraag ingediend voor het Project. Deze vergunningaanvraag is inmiddels ontvankelijk verklaard en dient derhalve behandeld te worden. Zie hiervoor ook paragraaf 2.2. en 2.3 van het algemene deel. Gesteld wordt dat het geldende bestemmingsplan de twee windturbines niet toelaat.

Met toepassing van artikel 2.12, eerste lid onder a, sub 3 van de Wabo kan worden afgeweken van het bestemmingsplan mits de raad verklaart geen bedenkingen te hebben tegen dit plan. De verklaring van geen bedenkingen is de beslissing omtrent de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het project. Een verklaring van geen bedenkingen kan alleen worden geweigerd op grond van ruimtelijke argumenten als dit in het belang is van een goede ruimtelijke ordening ex artikel 6.5, lid 2 van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Vanwege de aanvraag om omgevingsvergunning is een ruimtelijke onderbouwing opgesteld en is onderzoek verricht naar alle ruimtelijk relevante aspecten op het gebied van milieu, water, natuur, slagschaduw, archeologie, landschap, gezondheid, verkeersveiligheid en beleid. De ruimtelijke onderbouwing en de onderzoeken zijn getoetst aan het van toepassing zijnde ruimtelijke beleid en aan relevante wet- en regelgeving. Hierbij is onder meer advies gevraagd aan DCMR, GGD, Provincie en Rijkswaterstaat. Uit deze toetsing volgt dat in het gebied rondom de projectlocatie een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt gewaarborgd en dat het te realiseren Windproject Brielse Brug voldoet aan de goede ruimtelijke ordening. Daarom is de ontwerpverklaring van geen bedenkingen afgegeven. Er zijn afspraken gemaakt met de provincie en de initiatiefnemers die de gemeente moet nakomen.

Op 9 februari 2018 is de ‘bestuursovereenkomst overdracht bevoegdheden provincie Zuid-Holland en gemeente Brielle gesloten op grond waarvan de gemeente het bevoegd gezag is geworden voor de besluitvorming inzake de realisatie van de windturbines. Uit de bestuursovereenkomst volgt een inspanningsverplichting voor de gemeente om voor 31 december 2025 maximaal twee windturbines te realiseren in de Ondernemingspolder. De initiatiefnemers en de gemeente hebben op 13 december 2022 een anterieure overeenkomst (AO) gesloten. In de AO is een inspanningsverplichting opgenomen waarbij de gemeente zich heeft verbonden om zich in te spannen tot verlening en juridische verdediging van de omgevingsvergunning tot afwijking van het bestemmingsplan, met inachtneming van de voorwaarden uit de AO. Op grond van de inspanningsverplichting dient de gemeente de inspanningen waar zij zich tot verbonden heeft, zorgvuldig uit te voeren. Dit houdt niet per definitie in dat de benodigde vergunningen en ontheffingen daadwerkelijk worden verleend, omdat er geen resultaatsverplichting geldt. In algemene zin geldt dat als partijen een overeenkomst hebben gesloten, er in bepaalde gevallen sprake kan zijn van schadeplichtigheid als één van de partijen haar verplichtingen op grond van die overeenkomst niet nakomt. Dit geldt voor elke overeenkomst.

Of initiatiefnemer bij afwijzing van de vergunning een schadeclaim indient, en zo ja, hoe hoog die schadeclaim dan is, is aan de initiatiefnemer. Een permanente bromtoon hoort niet bij het normale geluidspectrum van windturbines. Mocht een dergelijke toon zich voordoen, als gevolg van de windturbines, dan dient in het kader van handhaving beschouwd te worden of er sprake is van een defect aan de windturbine en dient dit opgelost te worden. Voor een nadere toelichting over bromtoon, dan wel laagfrequent geluid, in het algemeen wordt verwezen naar paragraaf 2.7.4 van het algemene deel.

33,0 2

Reclamant verwacht dat realisatie van de windmolens negatieve gevolgen heeft voor de waarde van de woning.

Indien omwonenden menen dat er sprake is van waardevermindering van hun woning als gevolg van ruimtelijke wijzigingen in de omgeving, zoals het plaatsen van de windmolens, dan kunnen zij een beroep doen op planschadevergoeding. Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.10 van het algemene deel

33,0 3

Reclamant is bang dat de windturbines de historische charme van de omgeving aantasten. Brielle staat bekend om zijn historische charme en architecturale erfgoed. Reclamant geeft aan dat de plaatsing van de mega windturbines in de nabijheid van een historische stad als Brielle afbreuk zou doen aan de unieke esthetiek en sfeer van de omgeving, wat een onschatbaar cultureel verlies zou betekenen.

33,0 4

Reclamant geeft aan dat windturbines een visuele verstoring zijn en esthetische lelijk zijn. Daarbij wordt er aangegeven dat een windmolen direct achter de woonwijk een permanente visuele verstoring vormt en afbreuk doet aan het landschap. Reclamant geeft aan dat de esthetische lelijkheid van dergelijke constructies niet te onderschatten is en zal een constante bron van ergernis zal zijn voor alle bewoners in de buurt.

Het meest nabijgelegen beschermde stads- en dorps is het omwalde deel van de stad Brielle (de vesting) en de directe gebieden rondom. Dit beschermde stadsgezicht, inclusief een gedeelte aangrenzend gedeelte grondgebied van Brielle en Vierpolders, ligt op meer dan 1,2 kilometer afstand van het plangebied. Het omwalde deel van de historische dorpskern van Brielle ligt wel op circa 2 kilometer afstand van het windproject. Hierop wordt ook verder ingegaan in paragraaf 2.5.4 van het algemene deel. In Nederland bestaat geen recht op blijvend vrij uitzicht. Onze woon- en leefomgeving is nu eenmaal altijd aan verandering onderhevig. De energietransitie zal daar komende decennia in grote mate aan bijdragen. Per situatie zal een overheid (in dit geval gemeente Voorne aan Zee) moeten bepalen of er sprake is van een redelijke en aanvaardbare situatie. Een goede landschappelijke inpassing is een voorwaarde voor het toestaan van een ontwikkeling. Windproject Brielse Brug is voornemens een bijdrage te leveren aan de landschappelijke structuur en landschappelijke doelstellingen van de Ondernemingspolder. Daarmee is ook geen sprake van onaanvaardbare gevolgen voor de ruimtelijke inpassing en blijft een goede ruimtelijke ordening geborgd. Zie ook paragraaf 2.5.1 van het algemene deel. Hierop wordt ingegaan in paragraaf 5.3 van Goede ruimtelijke onderbouwing.

Daarbij willen wij nog wijzen dat er een aanvullende stilstandregeling wordt toegepast.

33,0 5

Reclamant geeft aan dat de slagschaduw gegenereerd door windmolens een negatieve invloed hebben op de psych en welzijn kan veroorzaken. De constante veranderingen in licht en schaduwpatronen kunnen leiden tot irritatie, stress en zelfs gezondheidsproblemen voor mensen die in de nabijheid wonen.

Het is van essentieel belang dat de gemeente rekening houdt met de legitieme zorgen en bezwaren van haar inwoners alvorens verdere stappen te nemen met betrekking tot de plaatsing van windmolens nabij N57. Daarom verzoeken wij u vriendelijk om de vergunning voor de bouw van de windmolens niet te verlenen. 33,0 6

Mochten de gemeente toch doorgaan met het verlenen van deze vergunning, dan wijzen reclamanten erop dat zij bereid zijn om dit juridisch aan te vechten en ons in het laatste geval te beroepen op planschade en schadeclaims met betrekking tot gezondheid. We roepen op tot een grondig onderzoek naar alternatieve energieoplossingen die geen nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid, het welzijn en de leefomgeving van de gemeenschap.

Om de hinder door slagschaduw te beperken, is ervoor gekozen om de slagschaduw op gevoelige objecten (woningen, zorginstellingen en scholen) als gevolg van de nieuwe windturbines te beperken tot 0 tot 1 uur slagschaduw per jaar. Hiermee is gekozen voor een strengere beperking van de jaarlijkse slagschaduw dan de slagschaduwnorm in het Activiteitenbesluit. Uitgangspunt is dat met behulp van een stilstandsregeling de schaduwduur zo veel als technisch mogelijk wordt voorkomen. In de praktijk betekent dit dat de slagschaduw op omliggende woningen, als gevolg van de tijd die nodig is om de windturbine af te schakelen, tussen 0 en 1 uur per jaar zal bedragen. Om die reden wordt de normgrens op maximaal 1 uur per jaar gesteld. Hiermee wordt de schaduwduur ter plaatse van woningen tot een minimum beperkt en wordt het ontstaan van hinder maximaal voorkomen. Zie ook paragraaf 2.6.1 van het algemene deel van deze nota. In de ruimtelijke onderbouwing bij de omgevingsvergunning is rekening gehouden met de realisatie van de windturbines nabij de provinciale weg N57. Zie onder meer p. 68-69 van de ruimtelijke onderbouwing. Indiener roept de gemeente op om alternatieve duurzame oplossingen te onderzoeken. De gemeente zal zeker naar andere duurzame oplossingen kijken om in de toekomst energieneutraal te worden.

Dit betekent niet dat de windmolenlocatie bij de Ondernemingspolder kan komen te vervallen. Er zijn afspraken gemaakt met de provincie en de initiatiefnemers die de gemeente moet nakomen. Als eerste geldt dat de zoeklocatie windenergie per 20 december 2017 onherroepelijk is geworden door een besluit van de Provinciale Staten. Op 9 februari 2018 is de ‘bestuursovereenkomst overdracht bevoegdheden provincie Zuid-Holland en gemeente Brielle gesloten op grond waarvan de gemeente het bevoegd gezag is geworden voor de besluitvorming inzake de realisatie van de windturbines. Uit de bestuursovereenkomst volgt een inspanningsverplichting voor de gemeente om voor 31 december 2025 maximaal twee windturbines te hebben gerealiseerd in de Ondernemingspolder. Door de initiatiefnemers is op 8 juli 2022 de vergunningaanvraag ingediend voor het Project. Deze vergunningaanvraag is inmiddels ontvankelijk verklaard en dient derhalve behandeld te worden. Zie hiervoor ook paragraaf 2.2. en 2.3 van het algemene deel.

34,0 1

Reclamant geeft aan dat er geen gedegen onderzoek naar het effect van deze verlichting op bewoners van het gebied is gedaan. Omdat de verlichting vanuit de woning of tuin zal deze verlichting te zien zijn, vraagt de reclamant zich af wat het effect hiervan kan zijn op de bewoners.

Deze markeringslichten veroorzaken gezien de afstanden tot woningen geen lichthinder in de gangbare zin, waarbij woonruimtes in woningen door inschijnen worden opgelicht. In dit verband kan eerder worden gesproken van landschappelijke invloed, door het zichtbaar zijn van de windturbinelocatie in de nachtelijke uren. Zie paragraaf 2.5.5 voor een nadere toelichting over obstakelverlichting op windturbines. Op basis van het activiteitenbesluit is de norm opgenomen dat er: maximaal 17 dagen per jaar meer dan 20 minuten slagschaduw; Dit komt overeen met circa 14-16 uur per jaar. In de praktijk veelal vertaald naar een maximale slagschaduwduur van 6 uur per jaar. Om de hinder door slagschaduw te beperken, is ervoor gekozen om de slagschaduw op gevoelige objecten (woningen, zorginstellingen en scholen) als gevolg van de nieuwe windturbines te beperken tot 0 tot 1 uur slagschaduw per jaar. Hiermee is gekozen voor een strengere beperking van de jaarlijkse slagschaduw dan de slagschaduwnorm in het Activiteitenbesluit.

34,0 2

Reclamant geeft aan dat hij in het gebied 6-16 uur slagschaduw woont. Zelfs maximaal 1 uur wordt door de reclamant niet acceptabel gevonden omdat hij hiermee hinder ondervindt in zijn tuin en woonkamer.

Uitgangspunt is dat met behulp van een stilstandsregeling de schaduwduur zo veel als technisch mogelijk wordt voorkomen. In de praktijk betekent dit dat de slagschaduw op omliggende woningen, als gevolg van de tijd die nodig is om de windturbine af te schakelen, tussen 0 en 1 uur per jaar zal bedragen. Om die reden wordt de normgrens op maximaal 1 uur per jaar gesteld. Hiermee wordt de schaduwduur ter plaatse van woningen tot een minimum beperkt en wordt het ontstaan van hinder maximaal voorkomen. De bescherming is primair gericht op locaties waar personen lang verblijven. De reden dat de buiten ruimte behorend bij slagschaduwgevoelige objecten niet als slagschaduwgevoelig aangemerkt wordt is tweeledig. Enerzijds is het voor een persoon binnenshuis minder gemakkelijk om te verplaatsen en daarmee hinder te voorkomen. Anderzijds is het licht buiten afkomstig van een grote hoeveelheid bronnen (reflecties/omgevingslicht) waardoor de hinderlijkheid veel beperkter is. De normstelling van maximaal 1 uur slagschaduw per jaar op de gevel zorgt er daarnaast voor dat er (vrijwel) geen slagschaduw zal optreden in de directe omgeving van de woningen.

Er is geen gedegen onderzoek uitgevoerd naar het type coating welke gebruikt gaat worden bij de beoogde windturbines, dit is van belang voor de volksgezondheid. Uit gerefereerd onderzoek van het RIVM blijkt dat er jaarlijks naar schatting tot 14 kg microplastics vrijkomen. Tot op heden is er geen informatie beschikbaar over het type coating dat gebruikt gaat worden, dit terwijl dit wel degelijk van belang is. In onderstaande figuur een korte opsomming van mogelijk schadelijke materialen in de windturbine. Is deze inschatting correct? Hier ontvang ik graag een antwoord op.

34,0 3

Verder geeft het RIVM aan dat de stoffen qua samenstelling vergelijkbaar zijn met coatings gebruikt in de luchtvaart, drinkwatersector, water- en wegenbouw. Een aantal van de stoffen die aanwezig zijn in dergelijke coatings is geclassificeerd als ‘gevaarlijk’ vanwege hun mogelijk schadelijke effecten op mens en ecosystemen. De stoffen kunnen uitlogen uit de coatings waardoor ze in het milieu terechtkomen. Biologische testen (bioassays) met uitloogvloeistoffen van coatings laten zien dat er langs deze route inderdaad nadelige effecten, zoals verminderde voortplanting, kunnen optreden bij in het oppervlaktewater levende organismen. Graag een complete inzage welke chemische stoffen er toegepast worden bij deze windturbines. Dit kan grote impact hebben op de biodiversiteit in het gebied (en verder gezien waterwegen) waar de windturbines beoogd zijn op mens en natuur. Verder zijn er vragen gesteld vanuit de politiek dat er mogelijk sprake is van de zeer schadelijke stof Bisfenol A. Na vragen uit de raad is er door de Wethouder verteld dat door gebruik van coatings de slijtage van de leading edge beperkt wordt. Echter beperkte slijtage is niet 0 en hoeveel het exact is wordt op dit moment niet duidelijk, ook coatings zelf zijn schadelijk en aan slijtage onderhevig.

Het grote aantal turbines in onze omgeving, de onzekerheid over hoeveel Bisfenol A, microplastics en coatings er exact in het milieu terechtkomen en het feit dat dit nooit meer verdwijnt maakt dat terughoudendheid geboden is.

Voor een nadere toelichting op gezondheidseffecten van schadelijke stoffen, coatings en microplastics wordt verwezen naar paragraaf 2.8.1 van het algemene deel.

34,0 4

Er zijn geen normen voorhandig om laagfrequent geluid uit te drukken of te objectiveren. Dit brengt met zich mee dat er alleen aannames gemaakt worden. Het effect op mensen binnen of buitenshuis die in de omgeving wonen kan dus ook niet getoetst worden. Het aantal dB wat nu genoemd is kan niet gelijk staan met het laagfrequent geluid dat genoemd wordt, graag extra onderzoek wat het effect is. Reclamant wil graag dat de verschillende dB’s bij het verschillende aantal Herz inzichtelijk wordt gemaakt. Dit kan namelijk veel impact hebben op bewoners en de mate van overlast die er ervaart wordt.

Het klopt dat het aantal dB wat in de onderzoeken genoemd is niet gelijk staat met het laagfrequente geluid. Windturbines produceren een combinatie van gewoon geluid en laagfrequent geluid (LFG). LFG is geluid in het voor mensen laagst hoorbare frequentiegebied, onder 100 Hz. Windturbines produceren, net als de meeste andere geluidbronnen, ook laagfrequent geluid. Op pagina 40 t/m 42 van bijlage 2 van het akoestische onderzoek is op basis van de onderzochte (relatief luide) windturbinetype het geluidbronvermogen in decibel weergegeven binnen een frequentie spectrum verdeling. Hieruit kan ook worden opgemaakt dat de hoogste geluidbelasting zit tussen binnen de frequenties van 500 tot 2000 Hertz. Er is geen specifiek groot aandeel in de frequenties onder de 100 Hz en het is niet significant toegenomen bij hogere windturbines. In de ruimtelijke onderbouwing is geconcludeerd dat op basis van onderzoeken van het RIVM en GGD en uitspraken van de Raad van State dat met naleving van de geluidsnormering ook ten aanzien van laagfrequent geluid sprake is van een aanvaardbare situatie. De aanwezigheid van laagfrequent geluid alleen leidt niet tot een overschrijding van de geluidsnormen. De geluidsnormen gelden voor alle spectra van geluid, waaronder laagfrequent geluid. De mogelijke aanwezigheid van laagfrequent geluid wordt in voldoende mate verdisconteerd in de geluidsnormen.

Zie paragraaf 2.7.2 voor een nadere toelichting ten aanzien van laagfrequent geluid.

34,0 5

35,0 1

Reclamant verwacht dat realisatie van de windmolens negatieve gevolgen heeft voor de waarde van de woning. Reclamant vraagt om een inschatting wat de waarde daling van de woning zal zijn direct na het plaatsen van de windturbines maar ook op middellange termijn (10 – 30 jaar)

Reclamant geeft aan dat er geen gedegen onderzoek naar het effect van deze verlichting op bewoners van het gebied is gedaan. Omdat de verlichting vanuit de woning of tuin zal deze verlichting te zien zijn, vraagt de reclamant zich af wat het effect hiervan kan zijn op de bewoners.

Indien omwonenden menen dat er sprake is van waardevermindering van hun woning als gevolg van ruimtelijke wijzigingen in de omgeving, zoals het plaatsen van de windmolens, dan kunnen zij een beroep doen op planschadevergoeding. Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.10 van het algemene deel. De hoogte van een eventuele waarde daling zal bij een aanvraag voor planschade worden gemaakt door een onafhankelijke partij. Deze markeringslichten veroorzaken gezien de afstanden tot woningen geen lichthinder in de gangbare zin, waarbij woonruimtes in woningen door inschijnen worden opgelicht. In dit verband kan eerder worden gesproken van landschappelijke invloed, door het zichtbaar zijn van de windturbinelocatie in de nachtelijke uren. Zie paragraaf 2.5.5 voor een nadere toelichting over obstakelverlichting op windturbines. Op basis van het activiteitenbesluit is de norm opgenomen dat er: maximaal 17 dagen per jaar meer dan 20 minuten slagschaduw; Dit komt overeen met circa 14-16 uur per jaar. In de praktijk veelal vertaald naar een maximale slagschaduwduur van 6 uur per jaar.

Om de hinder door slagschaduw te beperken, is ervoor gekozen om de slagschaduw op gevoelige objecten (woningen, zorginstellingen en scholen) als gevolg van de nieuwe windturbines te beperken tot 0 tot 1 uur slagschaduw per jaar. Hiermee is gekozen voor een strengere beperking van de jaarlijkse slagschaduw dan de slagschaduwnorm in het Activiteitenbesluit.

35,0 2

Reclamant geeft aan dat hij in het gebied 6-16 uur slagschaduw woont. Zelfs maximaal 1 uur wordt door de reclamant niet acceptabel gevonden omdat hij hiermee hinder ondervindt in zijn tuin en woonkamer.

Uitgangspunt is dat met behulp van een stilstandsregeling de schaduwduur zo veel als technisch mogelijk wordt voorkomen. In de praktijk betekent dit dat de slagschaduw op omliggende woningen, als gevolg van de tijd die nodig is om de windturbine af te schakelen, tussen 0 en 1 uur per jaar zal bedragen. Om die reden wordt de normgrens op maximaal 1 uur per jaar gesteld. Hiermee wordt de schaduwduur ter plaatse van woningen tot een minimum beperkt en wordt het ontstaan van hinder maximaal voorkomen De bescherming is primair gericht op locaties waar personen lang verblijven. De reden dat de buiten ruimte behorend bij slagschaduwgevoelige objecten niet als slagschaduwgevoelig aangemerkt wordt is tweeledig. Enerzijds is het voor een persoon binnenshuis minder gemakkelijk om te verplaatsen en daarmee hinder te voorkomen. Anderzijds is het licht buiten afkomstig van een grote hoeveelheid bronnen (reflecties/omgevingslicht) waardoor de hinderlijkheid veel beperkter is. De normstelling van maximaal 1 uur slagschaduw per jaar op de gevel zorgt er daarnaast voor dat er (vrijwel) geen

slagschaduw zal optreden in de directe omgeving van de woningen. Zie ook 2.6.1 van het algemene deel van deze nota Er is geen gedegen onderzoek uitgevoerd naar het type coating welke gebruikt gaat worden bij de beoogde windturbines, dit is van belang voor de volksgezondheid. Uit gerefereerd onderzoek van het RIVM blijkt dat er jaarlijks naar schatting tot 14 kg microplastics vrijkomen. Tot op heden is er geen informatie beschikbaar over het type coating dat gebruikt gaat worden, dit terwijl dit wel degelijk van belang is. In onderstaande figuur een korte opsomming van mogelijk schadelijke materialen in de windturbine. Is deze inschatting correct? Hier ontvang ik graag een antwoord op.

35,0 3

Verder geeft het RIVM aan dat de stoffen qua samenstelling vergelijkbaar zijn met coatings gebruikt in de luchtvaart, drinkwatersector, water- en wegenbouw. Een aantal van de stoffen die aanwezig zijn in dergelijke coatings is geclassificeerd als ‘gevaarlijk’ vanwege hun mogelijk schadelijke effecten op mens en ecosystemen. De stoffen kunnen uitlogen uit de coatings waardoor ze in het milieu terechtkomen. Biologische testen (bioassays) met uitloogvloeistoffen van coatings laten zien dat er langs deze route inderdaad nadelige effecten, zoals verminderde voortplanting, kunnen optreden bij in het oppervlaktewater levende organismen. Graag een complete inzage welke chemische stoffen er toegepast worden bij deze windturbines. Dit kan grote impact hebben op de biodiversiteit in het gebied (en verder gezien waterwegen) waar de windturbines beoogd zijn op mens en natuur.

Voor een nadere toelichting op gezondheidseffecten van schadelijke stoffen, coatings en microplastics wordt verwezen naar paragraaf 2.8.1 van het algemene deel.

Verder zijn er vragen gesteld vanuit de politiek dat er mogelijk sprake is van de zeer schadelijke stof Bisfenol A. Na vragen uit de raad is er door de Wethouder verteld dat door gebruik van coatings de slijtage van de leading edge beperkt wordt. Echter beperkte slijtage is niet 0 en hoeveel het exact is wordt op dit moment niet duidelijk, ook coatings zelf zijn schadelijk en aan slijtage onderhevig. Het grote aantal turbines in onze omgeving, de onzekerheid over hoeveel Bisfenol A, microplastics en coatings er exact in het milieu terechtkomen en het feit dat dit nooit meer verdwijnt maakt dat terughoudendheid geboden is.

35,0 4

Er zijn geen normen voorhandig om laagfrequent geluid uit te drukken of te objectiveren. Dit brengt met zich mee dat er alleen aannames gemaakt worden. Het effect op mensen binnen of buitenshuis die in de omgeving wonen kan dus ook niet getoetst worden. Het aantal dB wat nu genoemd is kan niet gelijk staan met het laagfrequent geluid dat genoemd wordt, graag extra onderzoek wat het effect is. Reclamant wilt graag dat de verschillende dB’s bij het verschillende aantal Herz inzichtelijk wordt gemaakt. Dit kan namelijk veel impact hebben op bewoners en de mate van overlast die er ervaart wordt.

Het klopt dat het aantal dB wat in de onderzoeken genoemd is niet gelijk staat met het laagfrequente geluid. Windturbines produceren een combinatie van gewoon geluid en laagfrequent geluid (LFG). LFG is geluid in het voor mensen laagst hoorbare frequentiegebied, onder 100 Hz. Windturbines produceren, net als de meeste andere geluidbronnen, ook laagfrequent geluid. Op pagina 40 t/m 42 van bijlage 2 van het akoestische onderzoek is op basis van de onderzochte (relatief luide) windturbinetype het geluidbronvermogen in decibel weergegeven binnen een frequentie spectrum verdeling. Hieruit kan ook worden opgemaakt dat de hoogste geluidbelasting zit tussen binnen de frequenties van 500 tot 2000 Hertz. Er is geen specifiek groot aandeel in de frequenties onder de 100 Hz en het is niet significant toegenomen bij hogere windturbines. In de ruimtelijke onderbouwing is geconcludeerd dat op basis van onderzoeken van het RIVM en GGD en uitspraken van de Raad van State dat met naleving van de geluidsnormering ook ten aanzien van laagfrequent geluid sprake is van een aanvaardbare situatie. De enkele aanwezigheid van laagfrequent geluid leidt niet tot een overschrijding van de geluidsnormen. De geluidsnormen gelden voor alle spectra van geluid, waaronder laagfrequent geluid. De mogelijke aanwezigheid van laagfrequent geluid wordt in voldoende mate verdisconteerd in de geluidsnormen.

Zie paragraaf 2.7.2 voor een nadere toelichting ten aanzien van laagfrequent geluid.

35,0 5

36,0

Reclamant verwacht dat realisatie van de windmolens negatieve gevolgen heeft voor de waarde van de woning. Reclamant vraagt om een inschatting wat de waarde daling van de woning zal zijn direct na het plaatsen van de windturbines maar ook op middellange termijn (10 – 30 jaar)

Volgens het onderzoek van Pondera zou de geluidsoverlast binnen de normen van de huidige

Indien omwonenden menen dat er sprake is van waardevermindering van hun woning als gevolg van ruimtelijke wijzigingen in de omgeving, zoals het plaatsen van de windmolens, dan kunnen zij een beroep doen op planschadevergoeding. Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.10 van het algemene deel. De hoogte van een eventuele waarde daling zal bij een aanvraag voor planschade worden gemaakt door een onafhankelijke partij. Voor een reactie op het rapport van Peutz wordt verwezen naar paragraaf 2.7.3 van het algemene deel.

1

regelgeving passen. Echter we hebben kennis genomen van het rapport welke door Peutz is opgesteld in opdracht van Trading Company P. van Adrighem en Fam. A. van Adrighem. Wij verwijzen naar dit rapport. Dit is al in uw bezit. Hierbij blijkt dat de akoestische consequenties van de twee windturbines veel groter zijn dan wordt verondersteld uit het rapport van Pondera. Wij maken ons grote zorgen over het effect hiervan op onze nachtrust.

36,0 2

Er is een rapport opgesteld over de ecologische effecten van het plaatsen van de windturbines. Er is een ontheffing afgegeven waarbij er toestemming is dat we door het plaatsen van de windturbines rekening mogen houden met het doden van verschillende (beschermde) vogelsoorten en vleermuizen. Wij vinden dat er klakkeloos voorbij wordt gegaan aan het effect hiervan.

Voor aanvaringsslachtoffers (vogels en vleermuizen) met windturbines is in de natuurtoets onderzocht of er op jaarbasis meer dan incidentele sterfte wordt voorzien. Uit de natuurtoets blijkt dat significant negatieve effecten op het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen van habitattypen en Habitatrichtlijnsoorten in Natura 2000-gebieden kunnen worden uitgesloten. Bovendien zijn negatieve effecten op de gunstige staat van instandhouding voor de betreffende populaties uitgesloten. Aanvaringsslachtoffers kunnen echter niet geheel worden voorkomen waardoor een ontheffing beschermde soorten Wnb is aangevraagd. Ook effecten op habitatverstoring, broedplaatsen, barrièrewering, foerageergebied, etc. zijn onderzocht in de natuurtoets en leiden niet tot significant negatieve effecten.

36,0 3

Realiseert de raad zich dat er twee windturbines ter grootte van twee Eifeltorens worden geplaatst op de N-57 dichtbij de dorpskernen Zwartewaal, Vierpolders en Brielle. De dorpskernen Zwartewaal en Brielle zijn historisch van grote waarde. Wat heeft het plaatsen van de windturbines voor effect op het aangezicht van deze mooie kernen.?

Zie voor de beantwoording de beantwoording op zienswijzen 1 en 22. Indien omwonenden menen dat er sprake is van waardevermindering van hun woning als gevolg van ruimtelijke wijzigingen in de omgeving, zoals het plaatsen van de windmolens, dan kunnen zij een beroep doen op planschadevergoeding. Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.10 van het algemene deel.

36,0 4

Reclamant verwacht dat realisatie van de windmolens negatieve gevolgen heeft voor de waarde van de woning. Ook verwacht de reclamant dat er een hogere risico is op schade van de woning door trillingen. Reclamant vraagt daarom zich af hoe dit gecompenseerd wordt

36,0 5

Het is absoluut niet duidelijk wat de gezondheidseffecten zijn van dergelijke grote windturbines op de lange termijn. Het is nog nooit gebeurd dat dergelijke grote windturbines zo dicht worden geplaats op zo’n korte afstand van woningen en woonkernen. Er is überhaupt nog geen wetenschappelijk onderzoek gedaan dan de gezondheidseffecten van kinderen die opgroeien in de buurt van windturbines.

Voor een nadere toelichting op de gezondheidseffecten voor kinderen verwijzen wij u naar paragraaf 2.8.2 van het algemene deel. Daarnaast is er geen aanleiding dat met het toenemen van het vermogen en omvang van windturbines een andere mate van hinder zou optreden bij dezelfde geluidniveaus. De relatie uit TNO onderzoek (2008) kan dan ook nog steeds als basis worden gehanteerd. Dit is tevens bevestigd in de uitspraak van de Raad van State ten aanzien van windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding in 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:1433). Zie voor een nadere toelichting paragraaf 2.8.2 van het algemene deel.

37,0 1

Reclamant stelt dat in zijn zienswijze er geen rekening is gehouden met de Zorgboerderij, welke 750 meter er vandaan zit. Qua gevoeligheid, kwetsbaarheid van deze mensen het zien en gehoor van de wieken. Doordat deze personen gevoelig zijn voor het geluidsniveau van de Windmolens. Een zorgboerderij staat niet voor niets in een rustige omgeving in de polder.

Voor een nadere toelichting op het effect van windturbines op specifieke doelgroepen wordt verwezen naar paragraaf 2.8.3 van het algemene deel van deze nota.

Reclamant maakt zich zorgen over vakantiepark Roompot, waarbij 160 huisjes op 600 meter van de molen staan. Er is geen vakantieganger die daar nog heen gaat. De vakantiewoningen staan te koop voor € 250.000,00 a 400.000,00 per stuk. Verschrikkelijk als je zoveel geld hebt betaald en er niets van wist. Dus wat dan? Ik voorzie arbeidsmigranten en/of asielzoekers. Dat brengt onrust en narigheid teweeg in de omgeving.

Reclamant geeft aan dat kopers van een woning bij Roompot niet op de hoogte waren van de windmolens. De eigenaar van het vakantiepark Roompot is echter vanaf het begin meegenomen in de plannen van de windturbines. Het is de verantwoordelijkheid van de eigenaar dat hij bij de verkoop van de vakantiewoningen wijst op alle ontwikkelingen in de omgeving. Ook kan hierbij een verantwoordelijkheid liggen van de koper om alle ontwikkelingen op te vragen bij de gemeente. Indien omwonenden menen dat er sprake is van waardevermindering van hun woning als gevolg van ruimtelijke wijzigingen in de omgeving, zoals het plaatsen van de windmolens en/of het zonnepark, dan kunnen zij een beroep doen op planschadevergoeding. Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een

37,0 2

Op grond van ervaringen op land blijkt dat fundaties van windturbines geen hinderlijke trillingen doorgeven aan de ondergrond en de omgeving. De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu heeft laten weten dat ‘de bewering in enkele literatuurbronnen dat ook overdracht door de grond plaats vindt is ongegrond, hetgeen blijkt uit nauwkeurige metingen van trillingsniveaus in de bodem rondom windturbines’. Ook zijn er metingen uitgevoerd door Geo-Consultancy bureau Fugro. Op basis van de resultaten van de hierboven beschreven metingen concludeert Fugro dat de invloed van trillingen bij het in gebruik zijn van de windturbines binnen een afstand van circa 15 tot 20 meter uit de windturbine nog enige invloed kan hebben, daarbuiten is deze invloed verwaarloosbaar. Dit is nader toegelicht in paragraaf 5.5.2 van de ruimtelijke onderbouwing.

37,0 3

Het is toch belachelijk een school te bouwen op 700 meter van de molens met de ramen naar de molen toe.

37,0 4

Een windmolen willen bouwen op ongeveer 400 t/m 700 meter van rondom 25 huizen. 40 huizen tot 1000 meter. Is toch te belachelijk voor woorden.! Wie verzint dit ? De grootste windmolens ter wereld in de bebouwde omgeving.

37,0 5

Reclamant verwacht dat realisatie van de windmolens negatieve gevolgen heeft voor de waarde van de woning. Daarnaast geeft de reclamant aan dat zijn woning extra geïsoleerd moet worden om de hinder te beperken. Reclamant vraagt zich af wie dat gaat vergoeden.

planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. In paragraaf 2.10 van het algemene deel van deze nota wordt dit nader toegelicht. Er zijn zorgen om de geluidbelasting ten gevolge van windproject Brielse Brug en het cumulatieve geluid bij de nieuwe school. Deze school is niet direct meegenomen in het huidige akoestische onderzoek van windproject Brielse Brug (bijlage 2 van de ruimtelijke onderbouwing). In het akoestisch onderzoek is uitgegaan van 14 referentie toetspunten waarop de geluidbelasting wordt berekend en getoetst. Dit zijn woningen gelegen direct rondom Windproject Brielse Brug en zijn daarmee ook representatief voor verder weg gelegen woningen. Naar aanleiding van de binnengekomen zienswijzen is ook voor de basisschool De Verwondering de geluidbelasting berekend. Ter hoogte van de basisschool kan ruimschoots worden voldaan aan de geldende geluidsnormen. Zie hiervoor paragraaf 2.7 van het algemene deel. In het Activiteitenbesluit geldt geen afstandsnorm. Echter, door rekening te houden met de geluidnormen wordt er een afstand van minimaal 430 meter aangehouden tot de dichtstbijzijnde woningen. Het aantal ernstig gehinderden ten gevolge van de bestaande windturbines en windproject Brielse Brug is berekend op 16. Dit is 1,5 % van de populatie die 37 dB lden of meer kan ontvangen.

De gemeente Voorne aan Zee heeft geoordeeld dat dit effect aanvaardbaar is en niet strijdig met een goede ruimtelijke ordening. Het is overigens niet juist dat hier het gaat om de grootste windmolens ter wereld. De windturbines van Windproject Brielse Brug hebben een maximale tiphoogte van 230 meter. Alleen kijken naar Nederland zijn er voorbeelden te noemen waar windturbines van dergelijke omvang staan (Flevoland, Regio Rotterdam, Groningen, Drenthe) en door het hele land zijn er windturbines van dergelijke omvang in de ontwikkelfase. Indien omwonenden menen dat er sprake is van waardevermindering van hun woning als gevolg van ruimtelijke wijzigingen in de omgeving, zoals het plaatsen van de windmolens, dan kunnen zij een beroep doen op planschadevergoeding. Planschade ziet op schade in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak ten gevolge van een planologische wijziging. De juridische grondslag voor planschade is artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.10 van het algemene deel.

Wij hebben onze bedenkingen over de invloed van deze windmolens op de kwaliteit van leven. Dit in verband met lawaaioverlast. Overdag zullen wij dit veelal niet merken omdat wij te maken hebben met een omgevingsgeluid door de wegen: N218 en de N57 + de Industrie van de Botlek / Europoort. Maar het gaat om vooral om 's-nachts. Geluid komt namelijk in diverse toonhoogtes, een zacht geluid op een bepaalde toonhoogte kan iemand uit zijn/haar slaap houden. 38,0 1

38,0 2

39,0 1

Mede doordat er te weinig onderzoek is gedaan naar de impact van deze windturbines zo dicht op de woonhuizen, zijn wij nogal sceptisch over de gepresenteerde uitkomsten van het onderzoeksbureau Pondera. Het tijdens de raadsvergadering aangehaalde onderzoek door bureau Peutz moet dan ook worden meegenomen in de besluitvorming. Het is onverstandig om een beslissing enkel te baseren op de onderzoeksgegevens van een onderzoeksbureau welke handelt in opdracht van de belanghebbende, namelijk de provincie Zuid-Holland. Alleen dan wordt er mogelijk een veilig besluit genomen als het gaat om de volksgezondheid en welzijn Reclamant stelt dat ook voor de bij naburig gelegen zorgboerderij alle mogelijke gevolgen niet te overzien zijn. Verstandelijk gehandicapte (veelal autistische) mensen reageren anders op de geluiden en mogelijke slagschaduw, en de fysieke aanwezigheid van zo een hoge windturbine. Er is door Pondera, initiatiefnemers en gemeente Brielle foutieve informatie gebruikt: Normen NEN niet vrij in te zien alleen tegen betaling. Dus mensen die dit niet kunnen betalen kunnen niet kennis nemen van deze normen

Voor deze woning zal de nachtelijke geluidbelasting maximaal Lnight = 35 dB zijn. Dit is ver onder de nachtelijke normen die gelden voor een windproject van twee windturbines. Nu wordt voldaan aan de geluidnormen, is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Voor meer informatie over geluid zie paragraaf 2.7 van het algemene deel. Het akoestische onderzoek is ook getoetst door de gemeente Voorne aan Zee en DCMR. Voor een reactie op het rapport van Peutz wordt verwezen naar paragraaf 2.7.3 van het algemene deel.

Voor een nadere toelichting op het effect van windturbines op specifieke doelgroepen verwijzen wij u naar paragraaf 2.8.3 van het algemene deel. Voor het bepalen van de milieueffecten en om te bepalen of er strijdigheid is met een goede ruimtelijke ordening zijn de NEN normen niet aan de orde. Deze NEN-normen zijn nu niet relevant voor de vergunning verlening, wel in een later stadium. Een voorschrift uit de vergunning is bijvoorbeeld dat de tekeningen en constructieberekening, die later ingediend dienen te worden door de vergunninghouder, moeten overeenkomen met de laatst uitgegeven NEN-normen. Dit zal de vergunninghouder aantoonbaar moeten maken.

39,0 2

Reclamant geeft aan dat de huidige geluidsbelasting al te hoog is en daarom mag je er geen extra geluidsbron aan toevoegen. Reclamant verwijst naar tabel 5.5 van de ruimtelijke onderbouwing. Ook wordt er geen rekening gehouden met de geluidscontouren van de Rotterdamse haven.

Reclamant stelt dat er geen risicoanalyse is gedaan ten opzichte van de aanwezige leidingen en dat het onbekend is welke producten er verpompt worden. Bovendien stelt de reclamant dat er geen plan is als er een buisleiding van RAPE en Gasunie geraakt worden door een object van de windturbine. Reclamant schetst het gevolg in de vorm van een grote brand met gewonden en eventueel dodelijke slachtoffers en een milieu en waterverontreiniging. 39,0 3

Reclamant stelt dat onderhoud niet goed is gespecificeerd in de vergunning. Er staan geen keuringen in zoals in alle ander industriële objecten met een jaarlijkse, vijfjaarlijkse en tienjaarlijkse keuring. Zie ongeval in Flevopolder met windmolens en ongeluk met vliegtuig waarbij een deur los zat. Onlangs zelfs met Transavia toestel. Reclamant vraagt zich af hoe haarscheuren worden gedetecteerd?

39,0 4

Windturbines vallen binnen advies van Rijksdienst Cultureel Erfgoed waarop geadviseerd wordt om geen windturbines te bouwen. Valt binnen Geuzenlinie.

In tabel 5.5 van de ruimtelijke onderbouwing is de cumulatieve geluidbelasting met andere geluidbronnen weergegeven. Aan de hand van de methode Miedema wordt de akoestische kwaliteit van de omgeving ten gevolge van de cumulatieve effecten bepaald en kan de leefomgeving objectief worden beoordeeld. De bestaande akoestische kwaliteit van de omgeving (Lcum ref) varieert van matig (≤ 60 dB Lden) tot slecht (> 65 dB Lden). Hierbij is het bestaande geluid van de Rotterdams haven meegenomen. Er is geen sprake van een norm voor cumulatief geluid met andere geluidbronnen. Uit berekeningen blijkt dat het verschil in cumulatieve geluidbelasting tussen de referentiesituatie en de nieuwe situatie met het windproject Brielse Brug op de meeste toetspunten 0 of 1 dB is. Gezien het belang van het realiseren van het windproject als bijdrage aan de gemeentelijke, provinciale en landelijke duurzame energiedoelstelling, wordt de toekomstige cumulatieve akoestische situatie bij woningen van derden acceptabel geacht. Zie ook paragraaf 2.7 van het algemene deel van deze nota. De effecten op deze leidingen zijn meegenomen in het onderzoek naar externe veiligheid (zie ruimtelijke onderbouwing). Hieruit blijkt dat deze leidingen buiten de maximale effectafstanden van de faalscenario’s bladworp bij nominaal overtoeren, gondelfalen en mastfalen ligt.

De buisleidingenstrook valt enkel in het gebied waar het faalscenario ‘bladworp overtoeren’ kan optreden. De trefkans voor dit scenario is zeer laag en is door de leidingeigenaren aanvaardbaar geacht. Voor wat betreft onderhoud wordt aangesloten bij de wetgeving die volgt uit het Activiteitenbesluit. Een windturbine mag niet in gebruik worden genomen of gehouden indien vanwege een geconstateerd of redelijkerwijs vermoed gebrek daaraan de veiligheid voor de omgeving in het geding is. Ter voldoening aan deze voorwaardelijke verplichting wordt een windturbine minstens eenmaal per kalenderjaar beoordeeld op de noodzakelijke beveiligingen, onderhoud en reparaties door een deskundige op het gebied van windturbines; Een windturbine mag enkel in gebruik worden genomen en gehouden indien wordt voldaan aan de veiligheidseisen opgenomen in NEN-EN-IEC 61400-1, NEN-EN-IEC 61400-2 of NEN-EN-IEC 61400-3; Het meest nabijgelegen beschermde stads- en dorps is het omwalde deel van de stad Brielle (de vesting) en de directe gebieden rondom. Dit beschermde stadsgezicht, inclusief een gedeelte aangrenzend gedeelte grondgebied van Brielle en Vierpolders, ligt op meer dan 1,2 kilometer afstand van het plangebied. Het omwalde deel van de historische dorpskern van Brielle ligt op circa 2 kilometer afstand van het windproject. De historische charmes van de omgeving worden dus niet aangetast.

Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 2.5.4 van het algemene deel van deze nota.

39,0 5

Op het moment van de aanvraag is er een school in de boerderij van aanvrager. Dit staat niet vermeld in document Pondera. Tevens wordt locatie gebruikt voor horeca activiteiten. Zorgboerderij Land-Goed met interne cliënten wordt niet genoemd in document Pondera en ligt wel op eenzelfde afstand als in het document genoemde bebouwing

Er is op het moment van aanvraag geen sprake van een school in de boerderij van de grondeigenaar maar een bijeenkomstfunctie. Desalniettemin zijn de panden van de grondeigenaren meegenomen in het akoestische en slagschaduw onderzoek als gevoelig object, vanwege de woonfunctie. In het akoestisch en slagschaduw onderzoek is uitgegaan van 14 referentie toetspunten waarop de belasting wordt berekend en getoetst. Dit zijn woningen gelegen direct rondom Windproject Brielse Brug en zijn daarmee ook representatief voor verder weg gelegen woningen. Ondanks dat één van deze woningen naast Zorgboerderij Land-Goed representatief is, is er naar aanleiding van de binnengekomen zienswijzen ook voor de Zorgboerderij Land-Goed de geluidbelasting bepaald.

39,0 6

In de procedure zijn teveel fouten gemaakt: - Er zijn geen extra voorwaarden in de omgevingsvergunning opgenomen ter bescherming van omwonenden (risicocontour niet aanpassen, geen obstakel verlichting). - Niet vastgelegd in de vergunningen zijn de maximale emissiewaarden en maximale slagschaduwduur van nul uur. - Geluidcontourkaart Rotterdamse havengebied Deze kaart is niet toegevoegd waardoor er geen goede berekening kan plaatsvinden betreffende de geluidsbelasting aan de gevels van woningen en instellingen voor opvang van kwetsbare jongeren.

In de aanvraag omgevingsvergunning zijn onder andere de volgende voorschriften voorgesteld: - de plaatsgebonden risicocontour (PR 10-6) van de te bouwen windturbines mag niet meer bedragen dan 183 meter. - De windturbines moet worden voorzien van obstakelverlichting. Daartoe dient eerst een verlichtingsplan te worden goedgekeurd door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Deze stonden inderdaad nog niet opgesomd in de ontwerp-omgevingsvergunning maar wel in de ruimtelijke onderbouwing die deel uitmaakt van de (ontwerp) omgevingsvergunning. Overigens worden deze voorschriften toegevoegd in de definitieve omgevingsvergunning. In het maatwerkbesluit is de maximale emissiewaarden voor geluid en slagschaduwduur van maximaal 1 uur vastgelegd. In tabel 5.5 van de ruimtelijke onderbouwing is de cumulatieve geluidbelasting met andere geluidbronnen weergegeven. Hierbij is het bestaande geluid van de Rotterdamse haven meegenomen.

39,0 7

In de procedure zijn teveel fouten gemaakt. - Financiën Gemeente Brielle ontvangt een bedrag per opgewekte kWh. Door deze overeenkomst kan de besluitvorming van de gemeente niet meer onafhankelijk zijn. - Andere locatie Er zijn nog andere geschikte plaatsen voor de windturbines bijvoorbeeld aan het Hartelkanaal tussen Brielle en Oostvoorne waar ze inpassen in de serie windmolens aan de andere kant van het Hartelkanaal. Deze locatie is niet onderzocht. - Keuringen Er moet in de vergunning komen te staan dat de keuringen volgens best practice of NEN keuring kunststoffen wordt gedaan. Als er geen methode is om haarscheuren te ontdekken zal er een visuele keuring per vastgestelde termijn moeten worden gedaan onder supervisie van DCMR.

Het klopt dat in de anterieure overeenkomst een bedrag is opgenomen dat de initiatiefnemers moeten afstaan per opgewekte kWh. Dit bedrag gaat echter niet naar de gemeente maar naar een omgevingsfonds waar de omgeving plannen voor in kunnen dienen voor (duurzame) initiatieven. De omgeving profiteert hier dus van. Voor zover zienswijze betrekking heeft op de locatiekeuze wordt verwezen naar paragraaf 2.2. en 2.3. van de algemene beantwoording van deze nota. In de vergunning wordt niets opgenomen over haarscheuren. Veiligheid van de turbines is namelijk geregeld in het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling, waarin eisen zijn opgenomen waar dit windproject aan moet voldoen. Zo is in 3.14 lid 1 van het Activiteiten besluit geregeld dat een windturbine jaarlijks door een deskundige moet worden geïnspecteerd. Lid 2 bepaalt dat bij een vermoeden van een defect, de windturbine direct buiten bedrijf moet worden gesteld.

40,0 1

Reclamant vindt dat de impact van de ontzettend hoge windmolens op mensen, flora en fauna erg groot is.

40,0 2

Reclamant is van mening dat deze twee windmolens in de polder niet nodig zijn, aangezien er een goed alternatief zou kunnen zijn. Het belangrijk om breed te kijken naar de verschillende mogelijkheden om energie op te wekken. Reclamant noemt getijde stroom als voorbeeld en geeft hier de voorbeelden van.

Voor een toelichting op deze thema’s wordt verwezen naar het algemene gedeelte van de zienswijzen beantwoording. De gemeente zal zeker naar andere duurzame oplossingen kijken om in de toekomst energieneutraal te worden. Dit betekent niet dat de windmolenlocatie bij de Ondernemingspolder kan komen te vervallen. Daarbij is van belang dat de zoeklocatie windenergie per 20 december 2017 onherroepelijk is geworden door een besluit van de Provinciale Staten. Dit besluit en de locatiekeuze die daarin is gemaakt staan dus niet meer ter discussie. Op 9 februari 2018 is de ‘bestuursovereenkomst overdracht bevoegdheden provincie Zuid-Holland en gemeente Brielle gesloten op grond waarvan de gemeente het bevoegd gezag is geworden voor de besluitvorming inzake de realisatie van de windturbines. Uit de bestuursovereenkomst volgt een inspanningsverplichting voor de gemeente om voor 31 december 2025 maximaal twee windturbines te hebben gerealiseerd in de Ondernemingspolder. Door de initiatiefnemers is op 8 juli 2022 de vergunningaanvraag ingediend voor het Project. Deze vergunningaanvraag is inmiddels ontvankelijk verklaard en dient derhalve behandeld te worden. Verder wordt verwezen naar paragraaf 2.2 en 2.3 van het algemene deel van deze nota.

41,0 1

Reclamant stelt dat hij met name overlast zal ondervinden van het laagfrequent geluid, trillingen en drukgolven, die bij grotere Industriële windturbines nadrukkelijker aanwezig zijn. Reclamant verwijst het rapport van Hendrik Mølller d.d. 10 april 2012. https://cupdf.com/document/rapport-mollernl1.html Reclamant stelt dat het wetenschappelijk is aangetoond dat laagfrequent geluid van windmolenparken tot 25 km verderop voor hinder kan zorgen.

41,0

In een publicatie van Dick Bijl, oud-huisarts en epidemioloog, d.d. 9 januari 2022 “Aanzet tot

Het klopt dat windturbines laagfrequent geluid (LFG) produceren, net als de meeste andere geluidbronnen. De enkele aanwezigheid van laagfrequent geluid leidt niet tot een overschrijding van de geluidsnormen. De geluidsnormen gelden voor alle spectra van geluid, waaronder laagfrequent geluid. De mogelijke aanwezigheid van laagfrequent geluid wordt in voldoende mate verdisconteerd in de geluidsnormen. LFG is geluid in het voor mensen laagst hoorbare frequentiegebied, onder 100 Hz. Het klopt ook dat LFG verder kan dragen geluid met hogere frequenties. Er is bij windturbines geen specifiek groot aandeel in de frequenties onder de 100 Hz en het is niet significant toegenomen bij hogere windturbines. In de ruimtelijke onderbouwing is geconcludeerd dat op basis van onderzoeken van het RIVM en GGD en uitspraken van de Raad van State dat met naleving van de geluidsnormering ook ten aanzien van laagfrequent geluid sprake is van een aanvaardbare situatie. In de ruimtelijke onderbouwing, als onderdeel van de omgevingsvergunning, is het effect van

invulling van blinde vlekken windturbine-effecten” lezen wij o.a. dat Poulsen et al concludeert dat bij personen van 65 jaar en ouder 5-jaars nachtelijke blootstelling aan hoge windturbinegeluidsniveaus (>42 dB) is geassocieerd met een statistisch significant verhoogd risico om slaapmedicatie en antidepressiva af te halen bij de apotheek.

2

Reclamant haalt een passage aan van Pedersen (2010) die aangeeft dat: “Windturbinegeluid wordt in de nacht niet gemaskeerd door het geluid van verkeer zoals dit overdag wel het geval kan zijn. Daardoor leidt geluidsoverlast door windturbines ook langs (snel)wegen tot een toename van slapeloosheid. Het is al langer bekend dat chronische slapeloosheid leidt tot hypertensie, depressie, overgewicht en diabetes. Deze ziektebeelden hebben reeds een hoge incidentie in de zoekgebieden in dichtbevolkte volkswijken. Deze ziektebeelden zullen naar verwachting door plaatsing van windturbines nog verder toenemen.” Reclamant stelt dat zij op dit moment al overlast ondervinden door het lawaai van het verkeer op de N57. De angst bestaat dat de overlast van geluid door plaatsing van windturbines wordt verdubbeld.

windturbines op gezondheid onderzocht. Hieruit blijkt dat windturbines bij individuen tot het ervaren van hinder kunnen leiden en daardoor indirect tot gezondheidseffecten. Er is echter geen rechtstreeks verband tussen windturbines en gezondheidseffecten (anders dan hinder) aangetoond. Voor een nadere toelichting op de literatuur die deze conclusie ondersteunt wordt verwezen naar paragraaf 2.8 van het algemene deel en voor een nadere toelichting over gezondheidseffecten van laagfrequent geluid wordt verwezen naar paragraaf 2.7.2 van het algemene deel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14466692/2