Bijlage 8 Omgevingseffectrapport Voorne aan Zee - definitieve Foto van de Leefomgeving april 2023
Tekst van het document
Voor de landbouw is goed waterbeheer belangrijk. Dit is relatief goed geregeld in de Nederland, maar door tegenstrijdige belangen tussen landbouw, natuur en andere sectoren kunnen er meer spanningen ontstaan.86 Droogtestress en verzilting kunnen de situatie nog problematischer maken. Daarnaast is de kans reëel dat deze problemen nog zullen verergeren: voorspellingen zijn dat het klimaat in Nederland steeds droger wordt (in 2 van de 4 klimaatscenario’s)87 88, en door droge zomers en stijgende zeespiegels is de kans dat verzilting toeneemt groter.89 90 Deze ontwikkelingen kunnen problematisch zijn voor de landbouw op Voorne-Putten. De ontwikkelingen in de landbouwsector laten wel zien dat er veel technologie ingezet kan worden om klimaatverandering en de bijkomende risico’s (droogte, hitte, etc.) het hoofd te bieden.91 Voorbeelden zijn slimme irrigatie en maatregelen om de structuur van de bodem te verbeteren. De hoogwaardige teelten waar nu al veel technologie wordt ingezet zullen steeds meer gebruik maken van ICT, robotisering en drones om met weinig verliezen zo efficiënt mogelijk te produceren. Voor veel weersextremen zijn aanpassingen in de bedrijfsvoering met drainage, irrigatie of gewasbescherming afdoende en op redelijk korte termijn realiseerbaar.
Er zijn echter ook maatregelen die een bredere aanpak vergen, zoals de veredeling van ziekteresistente rassen of het minimaliseren van risico’s op ziekten in de veehouderij. Ook waterbeheer vergt planning op regionaal niveau, mede door vaak conflicterende belangen van landbouw en natuur. Er zijn ook gewassen waarbij de opbrengstderving door klimaatrisico’s relatief laag is, zoals suikerbiet en tarwe. Dit zouden dus geschikte gewassen zijn om te gaan verbouwen in de toekomst als klimaatrisico’s toenemen. Gewassen als ui en aardappel zijn minder geschikt. Daarnaast is er steeds meer onderzoek
83 Provincie Zuid-Holland - Vitale landbouw 84 Rijksoverheid - Landbouwbeleid 85 Schaap, B., Reidsma, P., Agricola, H., Verhagen, J. (2014). Klimaatrisico’s en –kansen voor de landbouw 86 Schaap, B., Reidsma, P., Agricola, H., Verhagen, J. (2014). Klimaatrisico’s en –kansen voor de landbouw 87 KNMI - Droogte 88 WUR - Droogte 89 Deltares (2022) - Het Nederlandse grondwater wordt door zeespiegelstijging steeds zouter 90 WUR - Zilte landbouw; de toekomst voor Nederland? 91 Schaap, B., Reidsma, P., Agricola, H., Verhagen, J. (2014). Klimaatrisico’s en –kansen voor de landbouw
54
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
naar de mogelijkheden van ‘zilte landbouw’, waardoor voedsel kweken op voorheen zilte en onbruikbare bodem steeds dichterbij komt.92 Dit kan een interessante optie zijn voor de gemeente, aangezien verzilting nu al voorkomt. Over het algemeen is er een wens om de Omgevingsvisie van de gemeente (delen van) het beleid rondom landbouw op te nemen, ook vanwege druk door nationale trends. Dit ontbreek vooralsnog in het huidige beleid. Bouwstenen voor de Omgevingsvisie • De transitie naar een natuurinclusieve en duurzame landbouw dient verder ingevuld te worden – wat is het streefbeeld, welke ingrepen zijn hiervoor nodig, en wat is de rol van de gemeente? Er zijn nog geen (bekende) plannen, beleid of initiatieven m.b.t. duurzame landbouw en cijfers hierover ontbreken ook. • De gevolgen van het stikstofbeleid voor de agrarische sector – ook in relatie tot Natura 2000-gebieden – is een punt wat in de Omgevingsvisie zou moeten worden meegenomen. • Klimaatverandering leidt tot risico’s op verdroging en verzilting. Deze onzekerheden dienen geadresseerd te worden in de Omgevingsvisie, en dan met name de gevolgen van deze risico’s voor de landbouw en hoe hiermee om kan worden gegaan. • Het is mogelijk nodig om in de toekomst over te schakelen op andere teelten die beter passen bij het bodem- en watersysteem.
Deze ontwikkelingen zullen voor een deel ook door landelijk en provinciaal beleid gestuurd worden. Duurzame of regeneratieve landbouw kan een kans zijn om het negatieve effect van landbouw op de ecologische bodemkwaliteit te verkleinen. • Clustering van glastuinbouw dient meer uitgewerkt te worden en dient in de Omgevingsvisie een plek te krijgen. • Het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) en de bijbehorende doelen en plannen kunnen gevolgen hebben voor de landbouwsector. Hier moet goed naar gekeken worden tijdens het formuleren van gemeentelijk landbouwbeleid en opstellen van de Omgevingsvisie. De overheid heeft de kerndoelen al geformuleerd, en 1 juli 2023 moeten de provincies hun eerste versie van de plannen per gebied klaar hebben, waar o.a. doelen in staan voor emissiereductie, natuurherstel en water. • Landelijk en Europees (Gemeenschappelijk Landbouw Beleid) beleid op het gebied van stikstof, derogatie en natuurbescherming kan een grote impact op de agrarische sector in de gemeente hebben. Het beleid van de gemeente moet namelijk in de kaders van landelijk en Europees landbouwbeleid passen: dit is iets om aandacht aan te besteden. Daarnaast kunnen provinciale en landelijke regelingen en beleid kansen bieden voor de gemeente om de landbouw te verduurzamen.
• Er is nog weinig landbouwbeleid in de gemeente: de wens bij beleidsmedewerkers bestaat dan ook om beleid verder te ontwikkelen en dit een centralere plek in de Omgevingsvisie te geven en om aparte beleidsmedewerker(s) voor landbouw te hebben.
4.4
Recreatief & beleefbaar Voorne aan Zee
4.4.1
Cultureel erfgoed & archeologie
Ambities De gemeente heeft op het vlak van cultureel erfgoed en archeologie de volgende ambities: • Cultuurhistorische landschappen, elementen en monumenten behouden en beleefbaar maken. Hiervoor zijn verschillende focusgebieden. • Zorgen voor zorgvuldige omgang met archeologie bij ruimtelijke ontwikkelingen, en de gevonden archeologische waarden beleefbaar maken.
Fase
Beoordeling Toelichting
Huidige situatie
++
Verspreid over de gemeente liggen terreinen van hoge archeologische waarden: Brielle en Hellevoetsluis hebben archeologisch waardevolle dorps- en stadskernen en er ligt een aantal archeologische terreinen van provinciaal belang in de gemeente. In Westvoorne liggen cultuurhistorisch waardevolle gemeentelijke monumenten en ontginningen Voornes Duin, en er zijn in de gehele gemeente in
92 WUR - Zilte landbouw; de toekomst voor Nederland?
55
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
totaal vijf historische molens en diverse kerken te vinden. De binnensteden van Hellevoetsluis en Brielle hebben oude vestingen met veel monumenten en samen met de ontginningen Voornes Duin in Westvoorne vormen deze beschermde dorpsgezichten. In totaal liggen er 449 Rijksmonumenten in de gemeente, waarvan verreweg de meeste (371) in Brielle.
Autonome ontwikkeling
Doelbereik Omgevingsvisie
+
De gemeente heeft nog geen geharmoniseerd beleid dat erop gericht is bestaand cultureel en archeologisch erfgoed te beschermen. Daarmee bestaat het risico dat waarden deels verloren gaan onder invloed van verdichting, ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied en maatregelen omtrent isolatie en duurzame energievoorziening aan monumentale panden.
+/-
Beknopte geschiedenis Voorne-Putten was 1000 jaar geleden een onbewoond, waterig deltagebied bestaande uit verschillende kleine eilandjes. Rond 1100 vestigden de eerste Middeleeuwse boeren zich in dit gebied, maar door een aantal overstromingen werd deze bewoning destijds niet permanent. Later werd het gebied stapsgewijs ingepolderd en ontgonnen, waardoor in de loop der tijd het landschap is ontstaan dat we nu kennen93. Door de gunstige ligging aan verschillende waterwegen ontstonden de vestingsteden Brielle en Hellevoetsluis. Beide dorpen zijn in de huidige staat rijk aan monumenten, zowel gemeentelijk als nationaal. Brielle is de oudste van de twee, de stad is al zichtbaar op onderstaande kaart uit 1645 94 maar ontving al in 1477 de volledige rechten voor graanhandel op Voorne en Goeree95. Gedurende de 17e eeuw begon Hellevoetsluis als stad echter op te komen die, door haar gunstigere ligging aan een diepe maar beschermde vaarroute, de handel- en scheepvaartactiviteiten naar zich toe trok. Na de aanleg van de Nieuwe Waterweg in de 19e eeuw was de rol van Brielle als havenstad definitief over95.
Figuur 4-33 Voorne aan Zee omstreeks 1645
Figuur 4-32 Voorne aan Zee omstreeks 1850
Na de watersnoodramp in 1953 is het eiland Voorne-Putten onder het Waterschap Dijkring Brielle volledig verenigd en beheerd tegen het omliggende (zee)water95. In de jaren die volgden, werden er met de Deltawerken verdere infrastructurele verbindingen aangelegd met het omliggende land tot de hedendaagse situatie werd bereikt. Zeevaart, inpoldering en de vestingsteden kenmerken het gebied dus al voor ruim 800 jaar. De ambitie van de gemeente om het karakter rondom ‘de strijd tegen het water’ te versterken heeft dus een duidelijke herkomst. Archeologie In vrijwel de gehele gemeente is er kans op archeologische vondsten (Figuur 4-34). Gebieden met een hoge archeologische verwachtingswaarde liggen vooral op de van oudsher hogere gebieden tussen de (getijde)kreken.
93 Streekarchief Voorne-Putten - Brielle 94 Voorne-Putten en omgeving op een kaart uit 1645, Kaart gemaakt door Blaeu - Wikipedia 95 DBNL - Voorne-Putten
56
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Daarnaast zijn er twee grotere archeologisch waardevolle dorp- en stadskernen, namelijk Brielle en Hellevoetsluis, met vier kleinere kernen (Oostvoorne, Rockanje, Nieuwenhoorn en een tweede dorpskern rondom het straatje Ring in Hellevoetsluis). Daarnaast ligt er een aantal archeologische terreinen van provinciaal belang in de gemeente96. Het is opvallend dat er een rechthoekig gebied rondom de Prinsenweg nabij Vierpolders is aangeduid als zodanig, aangezien dit niet overlapt met archeologische verwachtingen (zie Figuur 4-34). Dit is een terrein met verwachting van bewoningssporen uit de Romeinse tijd. Het in situ behoud van archeologische resten is één van de belangrijkste doelen van de Nederlandse archeologische monumentenzorg. Echter, de laatste jaren worden steeds minder vindplaatsen deels of geheel in situ behouden. Uit landelijk onderzoek is gebleken dat ongeveer een derde van de behoudenswaardige vindplaatsen (deels) in situ bewaard worden. Dit wordt in vrijwel alle gevallen gerealiseerd door planaanpassing. Vaak wordt er dan nog wel een deel van de vindplaats middels een opgraving onderzocht. Op dit moment is archeologie ingebed in de bestemmingsplannen van de gemeente. Echter is er, net zoals voor cultuurhistorie, nog geen eenduidig, geharmoniseerd beleid op het gebied van bescherming van archeologische waarden.
Wel heeft de gemeente als ambitie om bij opgravingen de aangetroffen archeologische waarden beleefbaar te maken. Onderstaande Figuur 4-34 plaatst de bovengenoemde tekst op de kaart. Legenda Dorps-/stadskern Archeologisch terrein van provinciaal belang Archeologische verwachting Verwachting bewoningssporen Romeinse tijd
Figuur 4-34 Archeologisch waardevolle locaties96
Cultureel erfgoed Met betrekking tot cultureel erfgoed is er een aantal thema’s te onderscheiden. Ten eerste zijn er de zogeheten biotopen, hieronder vallen historische molens, kastelen en landgoederen. Daarnaast is er binnen de gemeente een
96 Provincie Zuid Holland - Cultuur historische atlas
57
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
aantal erfgoedlijnen te vinden, dit zijn geografische structuren die meerdere monumentale locaties met een gemeenschappelijk historisch verhaal omvatten en weergeven als een streep of lijn op de kaart. De biotopen die terug te vinden zijn in de gemeente Voorne aan zee, zijn historische molens en landgoederen (zie het figuur hieronder). Er zijn vijf molens aanwezig en drie landgoederen. De molens zijn gesitueerd aan de randen van het poldergebied. Landgoederen zijn te vinden in het duingebied. Erfgoedlijnen binnen de gemeente zijn de Atlantikwall en het Historisch Haringvliet.96 Legenda Biotopen Historische molens Landgoederen Erfgoedlijnen Atlantikwall Historisch Haringvliet
Figuur 4-35 Cultuurhistorisch landschap96
Naast cultuurhistorische landschappelijke elementen, is er ook een aantal beschermde dorpsgezichten en monumenten. Met name de oude vestingen van Brielle en Hellevoetsluis zijn clusters van monumenten, en beide vestingen zijn beschermde dorpsgezichten. Het derde beschermde gezicht is ontginningen Voornes Duin. Hellevoetsluis, Brielle en Westvoorne herbergen respectievelijk 45, 371 en 33 Rijksmonumenten, een totaal van 449. Daarnaast is er in elk van deze gebieden nog een aantal gemeentelijke monumenten te vinden. De gemeente heeft nog geen geharmoniseerd beleid op het vlak van bescherming van cultuurhistorisch erfgoed. Er zijn verschillen zowel tussen de drie voormalige gemeenten, maar ook binnen de bestuursstructuur van voor 2023 was het beleid versnipperd. Er is een aantal beleidsstukken waaraan getoetst moet worden bij aanvragen voor ontwikkelingen rondom cultuurhistorisch erfgoed. Hieronder vallen bijvoorbeeld het bestemmingsplan, omgevingsplan en verschillende handboeken kwaliteitsverbetering (zoals handboek kwaliteitsverbetering duingebied of – buitengebied). Daarnaast is er een aantal commissies, zoals de Welstandscommissie en Monumentencommissie, die hier over gaan. Uit het interview met de gemeente bleek dat er behoefte is aan holistisch beleid voor de gehele gemeente97.
97 Interview over cultureel erfgoed en archologie in het kader van dit Omgevingseffectrapport (17-11-2022)
58
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Onderdeel van het historische karakter van de gemeente is het erfgoed rondom de strijd tegen water. Daarom is een bijzondere vermelding voor de Haringvlietdam hier op zijn plaats, dat als onderdeel van de Deltawerken onder de Rijksmonumenten valt. In de huidige situatie is Brielle (samen met Harlingen) de plaats met de meeste monumenten per inwoner van heel Nederland98. Onderstaande kaarten geven de beschermde dorpsgezichten en monumenten in de gemeente weer, met uitsnedes van de vestingsteden Brielle en Hellevoetsluis vanwege de hoge concentratie monumenten. Buiten de kernen is er sprake van leegstand van monumenten als Duinhuis en Oleartsduyn. Legenda Beschermd dorpsgezicht Monument
Figuur 4-36 Monumenten en beschermde dorpsgezichten
Autonome ontwikkeling In Brielle is reeds sprake van regelgeving die het mogelijk maakt om nieuw erfgoed toe te voegen aan de lijst van gemeentelijke monumenten. Ditzelfde geldt voor Westvoorne en Hellevoetsluis, maar het beleid is vrij oud en toe aan vernieuwing. Voor het aanpassen van gebouwen die geregistreerd zijn als monument of die vallen binnen een beschermd dorpsgezicht, gelden strengere regels dan voor andere gebouwen. Daardoor kan het klimaatadaptief aanpassen van deze gebouwen ingewikkeld worden; meestal zijn hier omgevingsvergunningen voor nodig. Met het oog op huidige trends rondom klimaatverandering, zijn veel eigenaren bezig met het beter isoleren van gebouwen en het aanleggen van duurzame systemen als zonnepanelen of warmtepompen. Deze ontwikkeling kan leiden tot een verstoring van het monumentale aanzicht van gebouwen en beschermd dorpsgezicht. Daarnaast is het landelijk gebied voor een groot deel aangeduid als mogelijke archeologische vindplaats en is er een groot stuk onderdeel van cultuurhistorische erfgoedlijnen. Mogelijke toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot het plaatsen van duurzame energievoorzieningen als windturbines of zonnepanelen kunnen er voor zorgen dat deze waarden niet in de huidige staat geborgd blijven.
98 Historisch Museum Den Briel - Bezoek Brielle en omgeving
59
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Een andere ontwikkeling die invloed kan hebben op cultureel erfgoed zijn de weersextremen die met klimaatverandering gepaard gaat. Dit kan een risico vormen voor erfgoed. Het is hierdoor ook denkbaar dat er bijvoorbeeld grotere windzones rond oude molens moeten komen. Er loopt een nationaal programma Erfgoed van de moderne tijd, waardoor enkele modernere gebouwen uit de 20e eeuw ook beschermd zouden kunnen worden. Het is onbekend voor in hoeverre dit aanwezig is binnen de gemeente. Vanuit de gemeenten is er verschillend beleid, waarvoor de wens aanwezig is dit onderling gelijk te trekken. Er is echter nog geen sprake van autonome ontwikkelingen op dit gebied. Een ontwikkeling die wel genoemd moet worden is de ontkerkelijking en de leegstand van monumentale kerkgebouwen. Bouwstenen voor de Omgevingsvisie • De bescherming en beleving van cultuurhistorisch erfgoed in met name Brielle is een belangrijk onderwerp. Er is echter geen overkoepelend beleid, terwijl er wel ontwikkelingen zijn die de instandhouding kunnen bedreigen. Het advies is daarom om spelregels op te stellen, ook om te voorkomen dat de gebouwde omgeving op slot gaat (waarbij niets meer mag vanwege bescherming van erfgoed). Het is voor de gemeente wel van belang om de mogelijkheid te hebben tot behoud van het eigen karakter door de bescherming van culturele erfgoederen.
• Er is nog geen gezamenlijk gemeentelijk beleid op gebied van archeologie (voormalige gemeenten, zoals Hellevoetsluis, hadden eerder wel beleid). Dit is echter landelijk goed geborgd. Het advies is om archeologie te benoemen als randvoorwaardelijk omgevingsaspect in de Omgevingsvisie. Er is wel gemeentelijk beleid voor archeologie in de vorm van waarden en verwachtingen. • Omgang met beschermde dorpsgezichten is een aandachtspunt. Beleid hiervoor is verankerd in de beschermde bestemmingsplannen: dit is een wettelijke verplichting. Wel is er alsnog mogelijk een knelpunt tussen deze gezichten en ruimtelijke ontwikkelingen. Het verdient aanbeveling hier extra aandacht aan te besteden in de Omgevingsvisie. • Er ligt ook een conflict tussen energietransitie en cultuurhistorie op de loer (zonnepanelen op monumenten). Verduidelijking hierover is ook aan te raden.
4.4.2
Recreatie & toerisme
Ambities De gemeente Voorne aan Zee heeft veel ambities en opgaven op het gebied van recreatie en toerisme. De gemeente wil recreatiemogelijkheden aanbieden voor jong en oud, met focus op buitenrecreatie zoals water(sport)recreatie, wandelen, en fietsen. De focus ligt op jaarrond recreatieve mogelijkheden aanbieden: er moet het hele jaar door iets te beleven zijn in de gemeente. Dit zorgt voor een stabiele economie en voorkomt dat bepaalde gebieden alleen in de zomer worden gebruikt. In het Koersdocument worden de volgende speerpunten genoemd voor dit thema: • Creëren van jaarrond recreatieve mogelijkheden in Voorne aan Zee. • Voorkomen van verstoring van het landschap en de natuurwaarden, als gevolg van recreatiedruk. Natura 2000gebieden moeten worden beschermd, bijvoorbeeld door middel van een buffer. • Realiseren van meerdere, kleinschalige duurzame recreatiepunten in het polderlandschap. • Ontwikkeling van intensievere recreatievormen in onder andere Brielse Meer en omgeving. • Versterken van de huidige recreatieve routes. • Versterken van de aantrekkingskracht van de dorpen en vestingsteden: impuls lokale economie. • Verbeteren van de verblijfsmogelijkheden in Voorne aan Zee: duurzaam en natuurlijk.
Fase
Beoordeling Toelichting
Huidige situatie
60
+
Datum: 21 april 2023
De gemeente Voorne aan Zee is vanwege de natuur en de kustzone een aantrekkelijke bestemming voor recreanten en toeristen. Binnen de gemeente ligt een groot aantal vakantieparken. Over de bezoekersaantallen voor deze parken zijn geen cijfers bekend, maar een bekend probleem is dat veel vakantiehuizen oneigenlijk gebruikt worden voor ondermijnende activiteiten en de huisvesting van arbeidsmigranten. De gemeente heeft vanwege de historische waarde van Brielle en Hellevoetsluis ook een cultureel aanbod dat recreanten trekt. De toeristische
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
sector beslaat 7% van de banenmarkt in de gemeente en was in 2019 goed voor 111 miljoen euro aan toegevoegde waarde (3,8% van het totaal). Deze cijfers zijn vergelijkbaar met het Nederlands gemiddelde.
Autonome ontwikkeling
Doelbereik Omgevingsvisie
+
De laatste jaren neemt het aantal bezoeken van recreanten en toeristen aan de gemeente net als in de rest van Nederland sterk toe. De verwachting is dat deze trend door zal zetten. Verzanding van de kust levert een mogelijk probleem voor de toeristisch-recreatieve functie van de gemeente. Daar staat tegenover dat er een nieuwe tunnel naar Voorne-Putten aangelegd wordt welke de bereikbaarheid van het gebied vergroot. De provincie start in 2023 een onderzoek naar vraag en aanbod op het gebied van recreatieve overnachtingsplekken op Voorne-Putten. De uitkomsten hiervan hebben mogelijk invloed op de vakantieparken in de gemeente. Tot slot is er een regiodeal gesloten met andere gemeenten in de Zuid-Hollandse Delta om nauwer samen te gaan werken op het gebied van onder meer recreatie.
+/-
Huidige situatie In de gemeente is veel te doen voor bewoners en bezoekers. Het is, volgens het Koersdocument, ‘’de groene, blauwe recreatieve buitenhof van de regio’’. In Figuur 4-37 en Figuur 4-38 worden een overzicht van de recreatiemogelijkheden en -gebieden in de gemeente getoond.99 100 Het strand- en duingebied trekt veel badgasten, voornamelijk in Oostvoorne en Rockanje. Het strand bij Oostvoorne en de Maasvlakte zijn populair bij wind- en kitesurfers. Het duingebied is vooral populair onder natuurrecreanten, met diverse wandel- en fietsroutes en een bezoekerscentrum. Ook in de Quackgors zijn veel natuurrecreanten te vinden, zoals vogelspotters. In de omgeving van het Haringvliet in Hellevoetsluis wordt veel gedaan aan watersport. Hellevoetsluis heeft meerdere havens die druk bezocht worden door recreanten. Rondom het Brielse Meer en Oostvoornse Meer is ook veel te doen: mensen kunnen hier watersporten beoefenen, wandelingen en fietstochten maken door de natuur en ook rustig genieten op het strand. In de alinea’s hieronder worden diverse recreatiemogelijkheden nog uitgebreider besproken.
99 Provincie Zuid-Holland - Provinciale Recreatiegebieden (arcgis.com) 100 Samenwerking Voorne-Putten & ZKA - Visie op de gastvrijheidseconomie op Voorne-Putten
61
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-37 Recreatiemogelijkheden per gebied in de gemeente. Bron: Samenwerking Voorne-Putten
62
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-38 Provinciale recreatiegebieden in de gemeente. Bron: Provincie Zuid-Holland
Fietsen en wandelen Zoals eerder genoemd zijn zowel fietsen als wandelen populaire activiteiten in de gemeente. Om een beter beeld te krijgen van waar er zoal wordt gefietst en gewandeld, tonen Figuur 4-39 en Figuur 4-40, respectievelijk, de landelijke fietsroutes en fietsknooppunten, en de regionale fietsnetwerken binnen de gemeente. Figuur 4-41 toont langeafstand wandelroutes en regionale wandelroutes. 101
101 PDOK Viewer
63
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-39 Landelijke fietsroutes en fietsknooppunten in de gemeente. Bron: PDOK (Publieke Dienstverlening Op de Kaart).
64
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-40 Regionale fietsnetwerken in de gemeente. Bron: PDOK
65
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-41 Regionale wandelnetwerken en landelijke wandelroutes (LAW) in de gemeente. Bron: PDOK
Bestedingen en bezoekersaantallen Naast wandelen en fietsen zijn er nog vele andere dingen te doen in de gemeente. Musea, theaters en bioscopen, kinderboerderijen, kerken en molens worden ook bezocht.102 In Figuur 4-42 en Figuur 4-43 wordt getoond hoeveel bezoekers elk van deze bestedingen trok in 2018 en 2019 (meest recente cijfers). Te zien is dat de bezoekersaantallen voor theaters en bioscopen, kinderboerderijen en molens licht is toegenomen in 2019 t.o.v. 2018. De bezoekersaantallen bij kerken en musea daalden licht.
102 Factsheet Toerisme en Recreatie Voorne-Putten (2020)
66
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-42 Bezoekersaantallen voor diverse bestedingen in Voorne-Putten (2018-2019). Bron: Factsheet Toerisme en Recreatie Voorne-Putten 2020
Figuur 4-43 Aantal museumbezoekers in heel Voorne-Putten van 2016 t/m 2019. Bron: Factsheet Toerisme en Recreatie Voorne-Putten 2020
Overnachtingen Voor al deze bezoekers is ook een slaapplek nodig. Er zijn diverse mogelijkheden om te overnachten in de gemeente, zoals campings, hotels en bed & breakfasts, maar ook grootschaligere recreatieparken 103. De gemeente telt in totaal
103 Koersdocument Omgevingsvisie Voorne aan Zee
67
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
56 verblijfsaccommodaties: 34 in Westvoorne, 13 in Hellevoetsluis, en 9 in Brielle 104. Een deel van de verblijfsaccommodaties die voor recreatie bedoeld zijn worden momenteel gebruikt door arbeidsmigranten en/of mensen die tijdelijke huisvesting nodig hebben. Ook is structureel sprake van ondermijnende activiteiten op de vakantieparken. Er zijn schattingen met betrekking tot overnachtingscijfers. Een kleine kanttekening bij deze schattingen is dat ze niet geheel zuiver zijn: ze gaan bijvoorbeeld niet alleen over toeristen en bezoekers, maar ook over overnachtingen in relatie tot de zakelijke markt. De cijfers moeten dus met een korreltje zout genomen worden, al geven ze wel een algemeen beeld over de overnachtingcijfers in de gemeente. De geschatte cijfers wat betreft het totale aantal losse overnachtingen (afgerond) op jaarbasis is weergeven in Tabel 4-9 hieronder. Een kanttekening bij de cijfers is natuurlijk dat vanaf 2020 het aantal overnachtingen waarschijnlijk sterk beïnvloed is door corona. Tabel 4-9 Schattingen van het aantal losse overnachtingen (afgerond) op jaarbasis.
Overnachtingen 2018
Overnachtingen 2020
Overnachtingen 2021
Ontwikkeling 20182021 in %
Brielle
111.520
71.090
79.490
-28,7%
Hellevoetsluis
474.810
408.600
391.510
-17,5%
Westvoorne
213.700
225.640
296.610
+38,8%
Totaal
800.030
705.330
767.610
-4%
Economisch belang van de sector De toeristisch-recreatieve sector is, door alle bezoekers en overnachtingen, steeds belangrijker voor de gemeente. Dit is o.a. te zien aan de werkgelegenheid binnen deze sector in Voorne-Putten: in de periode 2014-2019 groeide de sector met 7,5%.105 Daarmee steeg de werkgelegenheid in deze sector sneller dan de totale werkgelegenheid op Voorne-Putten, die tussen 2014 en 2019 stabiel bleef. Het aantal banen in deze sector per kern is weergeven in Figuur 4-28. De werkgelegenheidsontwikkeling van deze sector is in lijn met de landelijke trend, als was de landelijke groei over deze periode maar liefst 17% (en in Zuid-Holland 15%). De werkgelegenheid binnen de sector neemt dus toe, maar niet zo snel als landelijk of provinciaal. Het belang van de sector voor de regio is vergelijkbaar met het landelijke beeld: 6,8 op de 100 banen behoren tot de toeristisch-recreatieve sector, en in heel Nederland is dit 7,1 (in Zuid-Holland 6,0). Binnen Voorne-Putten is het werkgelegenheidsbelang van de sector verreweg het grootst in Westvoorne (13%). In Figuur 4-44 hieronder is te zien dat in absolute aantallen de meeste werkgelegenheid in deze sector zich in Hellevoetsluis bevindt.
104 OP Voorne-Putten - Overnachten: Accommodaties Voorne-Putten 105 Factsheet Toerisme en Recreatie Voorne-Putten (2020)
68
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-44 Aantal banen in de toeristisch-recreatieve sector per kern. Bron: Factsheet Toerisme en Recreatie Voorne-Putten (2020)
De toegevoegde (economische) waarde van de toeristisch-recreatieve sector bedroeg in 2019 111 miljoen euro.106 Dit is een stijging van 11% ten opzichte van 2014. De sector genereert 3,8% van de totale toegevoegde waarde op Voorne-Putten; in 2014 was dit nog 3,3%. Deze ontwikkeling is vergelijkbaar met de landelijke ontwikkeling: tussen 2014 en 2019 steeg het aandeel van de toegevoegde waarde van deze sector in Nederland van 3,4% naar 3,8%. Aantrekkelijkheid van het landschap Door de recreatie- en overnachtingsmogelijkheden zoals besproken hierboven trekt de gemeente veel bezoekers, en is de toeristisch-recreatieve sector van een steeds groter belang voor de gemeente. Wat van grote invloed kan zijn op hoeveel bezoekers een gebied trekt – en dus hoeveel waarde de sector als geheel creëert – is hoe aantrekkelijk mensen het gebied vinden. De kaart in Figuur 4-45 geeft een modelmatige voorspelling van hoe (visueel) aantrekkelijk Nederlanders het landschap vinden, in de vorm van een cijfer van 1 tot 10 (ook toegelicht in hoofdstuk 4.2.3)107. Volgens de toelichting bij deze kaart bij Atlas Natuurlijk Kapitaal heeft de aantrekkelijkheid van het landschap een sterke relatie met het aantal toeristische overnachtingen, waarschijnlijk vooral middels de aanwezigheid van verblijfsaccommodaties.
Ook bestaat er een relatie tussen de aantrekkelijkheid van het omringende landschap en huizenprijzen. Deze voorspelling kan dus nuttig zijn voor de toeristisch-recreatieve sector: waar wordt verwacht dat minder mensen het aantrekkelijk vinden, is dus nog een slag te slaan om daar de toeristisch-recreatieve sector een impuls te geven. Er worden alleen voorspellingen gegenereerd voor het Nederlandse buitengebied, dus exclusief stedelijk bebouwd gebied en grote oppervlaktewateren. Op het figuur is te zien dat de kustgebieden zeer goed scoren, zoals bij Rockanje en Oostvoorne. Rondom de stedelijke kernen zijn de scores minder goed; soms zelfs onvoldoende. Dit zijn dus mogelijke aandachtsgebieden, en als men de waarde van de toeristisch-recreatieve sector verder wil vergroten zouden dit goede gebieden zijn om nader te bekijken.
106 Factsheet Toerisme en Recreatie Voorne-Putten (2020) 107 Belevingswaarde van het landschap | Atlas Natuurlijk Kapitaal
69
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-45 Belevingswaarde van het landschap in de gemeente. Bron: Atlas Natuurlijk Kapitaal
Autonome ontwikkeling De laatste jaren neemt het aantal bezoeken van recreanten en toeristen aan de gemeente net als in de rest van Nederland sterk toe. De verwachting is dat deze trend door zal zetten. Een ontwikkeling die mogelijk een uitdaging vormt voor recreatie en toerisme is verzanding van de kust, zoals bij de Haringvlietmonding. Dit biedt kansen voor bijvoorbeeld natuur (Natura2000) en klimaatmitigatie en -adaptatie, maar kan voor ruimtelijke conflicten zorgen met de toeristisch-recreatieve functie.108 Het strand is namelijk een belangrijke reden voor recreanten en toeristen om het eiland te bezoeken. Verzanding kan hierdoor de lokale en regionale economie aantasten, maar ook het instandhouden van het voorzieningenniveau en de leefbaarheid. Wat wel een positieve impuls kan geven aan de R&T-sector is het plan voor de tunnel naar Voorne-Putten: dit zou zorgen voor een sterk verbeterde (auto)bereikbaarheid, wat voor meer bezoekers zou kunnen zorgen. De huidige doorgaande routes over het eiland verleiden namelijk niet om Voorne-Putten te bezoeken.109 Een deel van de verblijfsaccommodaties die voor recreatie bedoeld zijn worden gebruikt door arbeidsmigranten en/of mensen die tijdelijke huisvesting nodig hebben.
Naast dat hierdoor accommodaties niet gebruikt worden waarvoor ze bedoeld zijn, kan dit ervoor zorgen dat er onvoldoende vraag naar (nog meer) overnachtingsplekken en verblijfsaccommodaties is, oftewel: het grote aantal verblijfsaccommodaties is hierdoor moeilijk te rechtvaardigen, laat staan een toename hiervan. De provincie start begin 2023 een onderzoek naar dit probleem en het verblijf van arbeidsmigranten/tijdelijke huisvesting in verblijfsaccommodaties. Mede hierom zal de focus (moeten) liggen op het op kwaliteit houden en verder verbeteren van de bestaande verblijfsmogelijkheden in Voorne aan Zee: kwaliteit over kwantiteit. Dit is ook van belang omdat de kwaliteit van verblijfsrecreatie op dit moment nog te erg onderling verschilt. Deze kwaliteitsslag geldt in principe voor de gastvrijheidseconomie als geheel, naast het doel van verduurzaming.
108 Uitvoeringsprogramma Voorne aan Zee 109 Samenwerking Voorne-Putten & ZKA - Visie op de gastvrijheidseconomie op Voorne-Putten
70
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
De gemeente en Voorne-Putten als geheel willen de (bestemmings)marketing en informatievoorziening nieuw leven inblazen, niet alleen met als doel om meer bezoekers te trekken, maar ook om een meer diverse bezoekersgroep aan te trekken (bijv. meer nationaliteiten). Hiermee wil de gemeente ook andere ondernemers aantrekken voor meer vernieuwende impulsen, en ontwikkelen naar een jaarronde bestemming. Een ander doel van de gemeente is het verbinden van (water)recreatie en toerisme rond het Haringvliet.108 Wat afgelopen jaren een kern van het beleid rondom R&T vormde was de Visie op de Gastvrijheidseconomie op Voorne-Putten uit 2015/2016. In deze visie ging het met name over (icoon)projecten die op korte en lange termijn gerealiseerd zouden worden. De afgelopen jaren zijn een aantal van deze projecten gerealiseerd, een aantal niet (o.a. vanwege onvoldoende draagvlak). Het voorgenomen beleid vanuit de visie is afgelopen jaren dus wel uitgevoerd, maar de focus zal elders liggen in de geactualiseerde visie. Waar de Visie op de Gastvrijheidseconomie op VoornePutten afgelopen jaren de nadruk heeft gelegd op (het realiseren van) projecten, zal de geactualiseerde visie minder op projecten focussen en meer op koppeling met marketing, het uitlichten van opgaven (zoals verzanding), en brede kansen en ontwikkelingsmogelijkheden.
Het zal dus meer gaan over de richting die de gemeente op wil, zoals een jaarronde bestemming worden, en hoe dit in hoofdlijnen zal worden opgepakt. De geactualiseerde visie zal worden meegenomen in het ontwerp van de Omgevingsvisie, maar het is nog onduidelijk of hij er uiteindelijk geheel in wordt verwerkt (ook omdat nog niet bekend is wanneer actualisering van de visie is afgerond). De visie zal dus sowieso autonoom worden gerealiseerd, en het is nog nader te bepalen of en in hoeverre hij zal worden verwerkt in de Omgevingsvisie. Voorheen investeerde de metropoolregio in de vrijetijdseconomie als geheel, maar de conclusie is dat dit niet goed werkte en dus niet meer regio-breed geregeld zal worden: het verliep te versnipperd, o.a. door verschillende behoeften. In de toekomst zal de regio vooral een faciliterende rol innemen, met name betreffende infrastructuur en bereikbaarheid. Een laatste belangrijke ontwikkeling is dat er een regiodeal is gesloten waarin gemeenten in de Zuid-Hollandse Delta – waaronder Voorne aan Zee – voor diverse onderwerpen een samenwerkingsverband hebben opgestart.110 Recreatie en toerisme valt hier ook onder.
De Regiodeal is een impuls in het bereiken van gezamenlijke ambities, waar voor recreatie en toerisme de volgende zaken op de planning staan: • Opschalen recreatieve impuls Haringvliet (visieontwikkeling Haringvlietmonding) en Voordelta (met marketingcampagne): de omgeving van het Haringvliet en de Voordelta wordt een natuur-, beleef- en recreatiegebied waarin natuur en recreatie elkaar versterken. Hierdoor neemt ook de biodiversiteit toe. • Blijven investeren in beleefbare natuur • Installeren van watertappunten • Het voorkomen van ondermijning • Verbeteren bereikbaarheid • Moderne toeristische accommodaties, en een hoogwaardig aanbod R&T. Verouderde recreatieterreinen en campings worden geherstructureerd/gerevitaliseerd en verduurzaamd. Bouwstenen voor de Omgevingsvisie • Veel verblijfplaatsen in recreatieparken worden gebruikt als tijdelijke huisvesting voor arbeidsmigranten. Hier kan de gemeente spelregels voor opstellen. De uitkomsten van provinciaal onderzoek naar vraag en aanbod van recreatieve verblijfplaatsen is van groot belang voor recreatieparken. • De focus zal (moeten) liggen op het op kwaliteit houden en verder verbeteren en verduurzamen van de bestaande verblijfsmogelijkheden in Voorne aan Zee: kwaliteit over kwantiteit. Dit is ook van belang omdat de kwaliteit van verblijfsrecreatie op dit moment nog te erg onderling verschilt.
Deze kwaliteitsslag geldt in principe voor de gastvrijheidseconomie als geheel, naast het doel van verduurzaming. • Een ontwikkeling die mogelijk een uitdaging vormt voor recreatie en toerisme is verzanding van de kust, zoals bij de Haringvlietmonding. Dit kan voor ruimtelijke conflicten zorgen met de toeristisch-recreatieve functie. Verzanding kan hierdoor de lokale en regionale economie aantasten, maar ook het instandhouden van het voorzieningenniveau en de leefbaarheid. • De regiodeal (Zuid-Hollandse Delta) zal een positieve impuls geven aan het bereiken van gezamenlijke ambities voor recreatie en toerisme, bijv. door opwaarderen verouderde recreatieterreinen, het voorkomen van ondermijning, en opschalen van de recreatieve impuls van Haringvliet en Voordelta.
110 Aanvraag Regiodeal Zuid-Hollandse Delta (sim-cdn.nl)
71
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
• De geactualiseerde Visie op de Gastvrijheidseconomie op Voorne-Putten zal worden meegenomen in het ontwerp van de Omgevingsvisie, maar het is nog onduidelijk of hij er uiteindelijk geheel in wordt verwerkt. • Er moet aandacht besteed blijven worden aan het voorkomen van verstoring van het landschap en de natuurwaarden, als gevolg van recreatiedruk. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een buffer rondom Natura 2000gebieden.
72
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
4.5
Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee
Ambities • Woningbouwopgave om te zorgen voor een evenwichtige bevolkingsopbouw. • Voor elke levensfase een geschikte woning: focus op starters, jonge gezinnen en ouderen. • Zorgen voor passende huisvesting van specifieke doelgroepen. • Woningbouwprogramma’s van de drie afzonderlijke gemeenten op elkaar afstemmen. • Afstemmen van ruimtelijke mogelijkheden voor woningbouwontwikkelingen. Alle data die is gebruikt voor de analyses in dit onderdeel zijn afkomstig van verschillende CBS-bronnen, dashboards en aangeleverde data van de gemeente. De grafieken, figuren en tabellen zijn daar waar nodig zelf geproduceerd op basis van deze gegevens.
Fase
Beoordeling Toelichting
+/-
De 73.000 inwoners van de gemeente wonen overwegend in vier grotere woonkernen: Brielle, Hellevoetsluis, Rockanje en Westvoorne, met kleinere dorpen in het buitengebied. Er wonen relatief veel vijftigers, zestigers en zeventigers en relatief weinig jongeren in de gemeente. De grote uitbreidingen van de woonkernen vonden in de 20e eeuw later plaats dan elders in Nederland en de woningvoorraad is dus gemiddeld enkele decennia jonger. Het aandeel eengezinswoningen is relatief hoog (77% t.o.v. 64% gemiddeld in Nederland), en het aantal koopwoningen ligt met 67% zo’n 10% hoger dan het landelijk gemiddelde. Het aandeel sociale huur blijft met 26% licht achter bij het landelijk gemiddelde van 29%. Koophuizen in de voormalige gemeente Westvoorne zijn opvallend veel duurder (6 ton) dan in de andere gemeenten (3 tot 4 ton), waarmee de woningvoorraad binnen de gemeente uit balans lijkt. De betaalbaarheid van starterswoningen en particuliere huur vormt net als in de rest van Nederland een probleem in de gemeente. Daarbij is er een tekort aan levensloopbestendige woningen. Een bijzonder aandachtspunt is de permanente bewoning van vakantieparken, die niet is toegestaan.
Autonome ontwikkeling
+/-
De komende jaren worden er in totaal meer dan 4500 woningen gebouwd in de gemeente. Dit landt deels in stedelijke verdichting en zal deels via uitbreiding in nieuwbouwlocaties plaatsvinden. De toename lijkt ruimschoots voldoende in vergelijking met de bevolkingsgroei. De aankomende vergrijzingsgolf in de gemeente is heviger dan de landelijke vergrijzingsgolf en dit leidt tot het risico dat het tekort aan levensloopbestendige woningen in de komende decennia groter wordt. Daarnaast is er een afnemende trend zichtbaar rondom de bereikbaarheid van voorzieningen in met name kleinere kernen. De gemeente en regio zijn zich bewust van deze ontwikkelingen. Particuliere ontwikkelaars die een groot deel van de woningbouw voor hun rekening nemen, bouwen marktgedreven. Dit kan leiden tot risico’s rondom de kwaliteit van groene ruimte en de betaalbaarheid van de woningen.
Doelbereik Omgevingsvisie
+/-
Huidige situatie
Huidige situatie Om de woonopgave van Voorne aan Zee goed in beeld te krijgen, is een aantal zaken van belang om te vermelden in de Foto van de Leefomgeving. Ten eerste wordt er in dit stuk ingegaan op de bevolkingssamenstelling, gevolgd door de eigenschappen van de woningvoorraad. Hier wordt de relatie gelegd tussen de gemeente en de regio. Als derde worden er mogelijke knelpunten vermeld. Demografie In de gemeente wonen in totaal ruim 73.000 inwoners. Het merendeel hiervan is te vinden in dorps- en stadskernen. Er zijn vier grotere kernen in de gemeente te vinden: Hellevoetsluis, Brielle, Oostvoorne en Rockanje. Daarnaast is er 73
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
nog een aantal kleinere kernen, te weten Tinte, Vierpolders, Zwartewaal, Nieuwenhoorn en Oudenhoorn. Figuur 4-46 geeft de woonkernen weer. Woonkernen in Voorne aan Zee 1
Oostvoorne
2
Brielle
3
Tinte
4
Vierpolders
5
Zwartewaal
6
Rockanje
7
Hellevoetsluis
8
Nieuwenhoorn
9
Oudenhoorn
Figuur 4-46 Woonkernen in Voorne aan Zee
Het totaal aantal woningen in de gemeente was in 2021 grofweg 32.900111. Dat betekent dat het gemiddelde huishouden in Voorne aan Zee bestaat uit 2,22 mensen. Het nationale gemiddelde was in 2021 iets kleiner met 2,14 inwoners per huishouden112. De samenstelling van de bevolking naar leeftijd is belangrijk om inzicht te krijgen in de hoeveelheid woningen per soort die nodig is in de nabije toekomst. In Figuur 4-47 en Figuur 4-48 zijn de bevolkingspiramiden van de voormalige gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne gecombineerd tot één bevolkingspiramide voor Voorne aan Zee in 2022.
111 Uit mail gemeente (S. Dekker, 21-03-2023). Verwijst naar: ABF (2021). Voorbereidend onderzoek voor de actualisatie van het regioakkoord
Rotterdam. 112 PBL/CBS - Regionale bevolkings- en huishoudensprognose 2022-2050
74
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Figuur 4-47 Bevolkingspiramide Voorne aan Zee 2022
Linksboven: Bevolkingspiramide Brielle 2022 Rechtsboven: Bevolkingspiramide Hellevoetsluis 2022 Linksonder: Bevolkingspiramide Westvoorne 2022
Figuur 4-48 Bevolkingspiramiden voormalige gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne
75
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Er valt uit de bevolkingspiramiden een aantal dingen op: • De drie gemeenten hebben een vergelijkbare samenstelling van de bevolking naar leeftijdsgroep. • In alle gemeenten zien we een naar verhouding grotere groep 50 tot 70 jarigen dan het landelijke gemiddelde. De komende decennia is vergrijzing daarmee een trend waar rekening mee gehouden moet worden. • De groep jongeren (tot 30 jaar oud) is relatief kleiner dan in de rest van Nederland. • Er bestaan kleine verschillen tussen de gemeenten: in Westvoorne wonen relatief het minste jongeren en met name minder 30- tot 40-jarigen dan in Hellevoetsluis en Brielle. Hier wonen juist relatief meer 50- tot 80-jarigen. Het onderwerp ‘vergrijzing’ staat al een tijdje in beleidsstukken. De inmiddels niet meer vigerende Woonvisie VoornePutten 2016 - 2020113 kaartte het onderwerp al aan, en het is ook in de recentere regionale woonvisie Rotterdam114 terug te vinden. Dat betekent dat de gemeente Voorne aan Zee, maar ook buurtgemeente Nissewaard en de regio Rotterdam erkennen dat er in de toekomst een belangrijk vraagstuk zal ontstaan rondom vergrijzing. Een blik op de bevolkingspiramiden leert ons dat de vergrijzing naar waarschijnlijkheid relatief hard terecht zal komen in de gemeente Voorne aan Zee vergeleken met de gemiddeld jongere regio. Een gevolg hiervan is bijvoorbeeld een tekort aan levensloopbestendige woningen.
Eigenschappen woningvoorraad In Figuur 4-49 is voor de drie voormalige gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne, de gemeente Voorne aan Zee en Nederland de opbouw van de woningvoorraad uiteengezet per bouwjaar.
Percentage woningen gebouwd per decennium 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Tot 1945
1945 tot 1955 Brielle
1955 tot 1965
1965 tot 1975
Hellevoetsluis
1975 tot 1985
Westvoorne
1985 tot 1995 Voorne aan Zee
1995 tot 2005
2005 tot 2015
vanaf 2015
Nederland
Figuur 4-49 Samenstelling leeftijdscategorie huizenvoorraad in Voorne aan Zee, vergeleken onderling en met het nationale gemiddelde
De woningen in Voorne aan Zee zijn voor het grootste deel gebouwd in de jaren tussen 1965 en 1985 en daarna. Van alle woningen is slechts 16% gebouwd voor 1965, tegenover een landelijk gemiddelde van 38%. Na de oorlog liep de gemeente nog kort achter op de rest van het land, maar in de jaren tussen 1965 en 1975 werden er vooral veel woningen in Brielle gebouwd. De voornaamste oorzaak hiervoor was de uitbreiding van de Rotterdamse haven omstreeks 1960, waardoor de vraag naar woningen in de omgeving in hoog tempo toenam. Deze landde voor een belangrijk deel in Brielle, waardoor er nieuwe wijken buiten de toenmalige stadsgrenzen werden opgetrokken 115. Vanaf
113 Samenwerking Voorne-Putten (2015) - Woonvisie Voorne-Putten 2016-2020 114 Atrivé (2021) - Regionale woonvisie Regio Rotterdam 2021 - 2040 115 Streekarchief Voorne-Putten - Brielle
76
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
1975 volgde Hellevoetsluis met als oorzaak dat het in de jaren ’70 werd aangewezen als groeikern vanuit het toenmalige landelijke verstedelijkingsprogramma 116. Voor het gehele woningbestand is te zien dat de gemiddelde ouderdom van de woningen veel lager is dan het nationale gemiddelde. Daarnaast is de afname in woningbouw die in het nationale gemiddelde terug te zien is, niet terug te zien in de gemeente. Deze is gemiddeld gezien vrijwel gelijk gebleven sinds de Tweede Wereldoorlog. De huizenvoorraad per doelgroep is onderverdeeld in eengezinswoningen (grondgebonden met eigen voordeur) en meergezinswoningen (appartementen, flats, etc.). Onderstaande grafiek toont de verhoudingen onderling per gemeente, voor de gemeente Voorne aan Zee in zijn totaal, en het landelijk gemiddelde. Voor elke gemeente, en dus ook Voorne aan Zee totaal, geldt dat het aandeel eengezinswoningen hoger is dan het landelijke gemiddelde (77% t.o.v. 64%). Met name in Westvoorne en in mindere mate in Brielle, is dit percentage erg hoog. Dit heeft te maken met het feit dat de gemeente voornamelijk bestaat uit verschillende woonkernen met een dorps karakter. De stad Hellevoetsluis kenmerkt zich juist als een stedelijk gebied vergeleken met de rest van de gemeente Voorne aan Zee.114 Het verschil tussen de gemeenten en het nationale gemiddelde is 15% voor Brielle, 9% voor Hellevoetsluis en 18% in Westvoorne.
Zie ook Figuur 4-50.
Verhouding grondgebonden woningen 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
21%
79%
Brielle
27%
73%
Hellevoetsluis Eensgezins (grondgebonden)
18%
82%
Westvoorne
23%
77%
Voorne aan Zee
36%
64%
Nederland
Meergezins (niet grondgebonden)
Figuur 4-50 Verhouding grondgebonden- en niet-grondgebonden woningen
Een ander onderscheid in de woningvoorraad wordt gemaakt door de eigendomsverhouding. Hiervoor is onderscheid gemaakt tussen koopwoningen, sociale huurwoningen en overige huurwoningen. Daarbij zijn de huurwoningen die vallen onder het gemeentelijk woonbedrijf meegenomen in de cijfers voor sociale huur. Figuur 4-51 geeft dit weer.
116 Stadsmuseum Hellevoetsluis - Hellevoetsluis als groeistad (1976)
77
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Verhouding eigendom woningen 100% 24%
80%
26%
12%
10%
4%
66%
66%
72%
67%
Brielle
Hellevoetsluis
Westvoorne
Voorne aan Zee
60% 40%
16%
30%
29%
7%
14%
57%
20% 0%
Koop
Overige huur
Nederland
Sociale huur
Figuur 4-51 Verhoudingen eigendomssituatie van woningen111
Het percentage koopwoningen in Voorne aan Zee is tien procentpunt hoger dan het nationale gemiddelde (67% tegenover 57%). De verhouding sociale huurwoningen ligt met 26% drie procentpunt lager dan het nationale gemiddelde, midden- en vrije-sector huurwoningen tellen op tot 7% in Voorne aan Zee, de helft van het nationale gemiddelde. Tussen de gemeenten is er ook een klein verschil; met name in Westvoorne is het aandeel koopwoningen vrij hoog. Het aantal sociale huurwoningen in Westvoorne is vergeleken met het nationale gemiddelde en de voormalige gemeenten Brielle en Hellevoetsluis vrij laag. De totale voorraad sociale huurwoningen in de gemeente is echter wel vergelijkbaar met het landelijke gemiddelde. Daaruit blijkt dat de voorraad niet evenwijdig over de gemeente verspreid is. Een derde differentiatie wordt gemaakt door de huizenprijs van koopwoningen. Deze is weergegeven in Tabel 4-1010. Tabel 4-1010 Gemiddelde huizenprijs in de voormalige gemeenten, de gemeente Voorne aan Zee en Nederland 117
Brielle
Hellevoetsluis
Westvoorne
Voorne aan Zee
Nederland
± €375.000
± €300.000
± €600.000
± €385.000
± €385.000
De gemeente Voorne aan Zee kent gemiddeld nagenoeg exact dezelfde huizenprijs als het nationale gemiddelde. Binnen de gemeente zijn er echter wel grote verschillen. De huizenprijzen in Westvoorne steekt met kop en schouders boven die van Brielle en Hellevoetsluis uit. Dit kan voor een groot deel verklaard worden door de ligging aan zee en de kwaliteit van de woningen. Westvoorne kent daarnaast ook relatief het meeste grondgebonden woningen, hetgeen logischerwijs lijkt samen te gangen met de huizenprijs. Hellevoetsluis bevindt zich aan de andere kant van het spectrum; met een gemiddelde huizenprijs die rond de €300.000 ligt, is het aardig wat lager dan de gemiddelde prijs in de gemeente en Nederland als geheel. De oorzaak hiervan is onduidelijk. Het lijkt erop dat de huizen van een relatief mindere kwaliteit zijn, of dat bijvoorbeeld de leefbaarheid en bereikbaarheid minder zijn. Wel is duidelijk dat qua betaalbaarheid de woningvoorraad in de gemeente uit balans is. Huidige knelpunten • Uit de interviews bleek dat er een tekort is aan levensloopbestendige woningen voor de steeds ouder wordende bevolking van de gemeente. Mede daardoor kunnen oudere inwoners niet vanuit hun niet-levensloopbestendige gezinswoningen verhuizen naar een geschikte plek.
Dit leidt tot een domino-effect: vaak grondgebonden gezinswoningen komen hierdoor niet beschikbaar voor jongere inwoners van de gemeente. De gemeente geeft daarnaast aan dat sommige ouderen het verhuizen van hun koopwoning naar een levensloopbestendig
117 CBS StatLine - Bestaande koopwoningen; gemiddelde verkoopprijzen, regio
78
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
huurappartement zien als onwenselijk, en daarom in sommige gevallen minder snel geneigd zijn om te verhuizen. Oudere inwoners wonen dus vaak nog in gezinswoningen verspreid door de gemeente. Het is daarom lastig om voorzieningen voor deze groep mensen te realiseren. Zorg is bijvoorbeeld makkelijker te leveren aan een aantal inwoners in een complex of blok, dan wanneer deze verspreid zijn over de volledige wijk. Ook voorzieningen als sportlocaties, supermarkten en dergelijken zijn minder goed te bereiken bij een grotere spreiding. • Sommige vakantieparken in Voorne aan Zee worden permanent bewoond. Dit is niet toegestaan, de gemeente onderneemt actie op het moment dat er wordt vernomen dat er sprake is van permanente bewoning. Het is echter praktisch vrijwel onmogelijk om hier goed op te handhaven. De permanente bewoning kaart wel problematiek aan rondom de beschikbaarheid van woningen voor deze doelgroep. Het gaat daarbij vaak om (gast)arbeiders die werkzaam zijn in de Rotterdamse haven. Er is dus behoefte aan goede huisvesting voor arbeidsmigranten, dit blijkt ook uit de regionale woonvisie114. Autonome ontwikkeling Er zijn twee voorname ontwikkelingen die in de nabije toekomst plaatsvinden met betrekking tot de woningopgave.
Ten eerste, het relatief grote aandeel 50- tot 70-jarigen in de gemeente bereikt de komende decennia een leeftijd waarop intensievere zorg nodig is; er komt dus een vergrijzingsgolf aan. Deze golf is iets groter dan in de rest van Nederland. Ten tweede speelt er de nationale behoefte aan (veel) woningen, wat nu en in de nabije toekomst leidt tot een tekort voor zowel starters, gezinnen als ouderen. De gemeente geeft hier op verschillende manieren invulling aan. Vergrijzing De komende 20 à 30 jaar zal er in Voorne aan Zee een toename zijn in het aantal ouderen met een zorgbehoefte vanwege hun leeftijd. Dat betekent dat er een grotere vraag zal ontstaan naar levensloopgeschikte woningen met zorgvoorzieningen. Belangrijk aandachtspunt hierbij is dat ouderen soms moeite hebben om hun koopwoning in te ruilen voor een huurwoning. Men wilt vasthouden aan de koopwoning met het oog op de erfenis, en een huurwoning wordt door sommigen ervaren als “minderwaardig” ten opzichte van een koopwoning. (Zorg)voorzieningen en de bereikbaarheid daarvan moeten hierin ook worden meegenomen. Huisvesting van ouderen is bij voorkeur goed bereikbaar vanuit en naar zorgvoorzieningen. Met name in de kleinere kernen is er de laatste jaren sprake geweest van een afname van voorzieningen.
Dit maakt dat met name ouderen minder zelfstandig worden en afhankelijk zijn van bijvoorbeeld het openbaar vervoer om bestemmingen te kunnen bereiken. De toename in ouderen en de afnemende trend in bereikbaarheid van voorzieningen is een risicovolle ontwikkeling in de nabije toekomst. Woningbouwopgave Er is een landelijk woningtekort. De komende jaren zal er een grote hoeveelheid woningen moeten worden bijgebouwd, ook in Voorne aan Zee. De gemeente wilt dit bereiken door zowel verdichting van de bestaande kernen als uitbreiding. Tabel 4-1111 geeft de voorgenomen toename per woonkern in de komende jaren weer. Tabel 4-1111 Woningbouwprogramma per woonkern118
Woonkern
2022-2025
2026-2030
2031 >
Netto toename (groei – sloop)
Brielle
623
840
0
1470
Hellevoetsluis
786
822
212
1814
Oostvoorne
248
79
0
300
Oudenhoorn
195
0
0
193
Rockanje
225
460
0
682
118 Woningbouwprogramma Voorne aan Zee zomer 2022
79
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
Tinte
7
0
0
7
Vierpolders
18
0
0
18
Zwartewaal
59
83
0
142
Totaal
2161
2284
212
4626
De totale groei volgens het programma is 14%, van c.a. 32.900 woningen in 2022 naar ruim 37.500 woningen. De landelijke groei in de woningvoorraad is geprognosticeerd op 11,4%119. De gemeente zit daar iets boven. Het gros van het woningbouwprogramma (95%) moet plaatsvinden in de periode 2022 – 2030. Grootschalige ontwikkelingen (meer dan 150 woningen t/m 2030) die hierbij in het bijzonder benoemd moeten worden, zijn Oude Goote (800) en Meeuwenoord (200) te Brielle, de Boomgaard (1060) te Hellevoetsluis, de Akkerranden (179) te Oostvoorne en de Achterweg (250) en Drenkeling (300) te Rockanje. Van de totale toename is 25% sociale huur, 9% overige huur en 66% koop. De eigendomsverhoudingen in de gemeente blijven daarmee nagenoeg gelijk. Een aandachtspunt bij de ontwikkeling van woningen is dat het goed integraal aansluit bij andere ontwikkelingen in en rondom de gemeente, zoals economische activiteit en bereikbaarheid. De toename in woningen kan een knelpunt vormen rondom bijvoorbeeld bereikbaarheid door congestie, of juist kansen bieden op economische ontwikkeling door de instroom van inwoners. Het is ook een kans om de te vraag naar levensloopbestendige woningen op te vangen, en om problematiek rondom permanente bewoning van vakantieparken het hoofd te bieden.
Het woningbouwprogramma zou ruimschoots voldoende moeten zijn voor de verwachte bevolkingsgroei tot 2035; deze was voor de voormalige gemeenten respectievelijk 7,4% (Brielle), 0,7% (Hellevoetsluis) en 0,1% (Westvoorne) 120. Deze cijfers kunnen wel grillig zijn: de bevolkingsgroei in 2022 alleen was in Brielle 1,3%, in Hellevoetsluis 1,1% en in Westvoorne 0,4%120. Dit is behoorlijk meer dan het geschetste beeld in de geprognosticeerde bevolkingsgroei. Onderdeel van de woningbouwopgave is de behoefte aan flexwonen om tijdelijke oplossingen te bieden voor mensen die voor korte termijn een woonbehoefte hebben. Denk hierbij aan tijdelijke mantelzorgers, statushouders, starters en meer114. Uit een gesprek met de gemeente121 kwam nog een risico naar voren rondom de woningbouw door particuliere partijen. Deze partijen werken met winstoogmerk, waardoor er een risico ontstaat dat ruimte voor groen, spelen, ontmoeting en beweging slechts minimaal ontwikkeld wordt om aan de voorwaarden te voldoen. Dit vormt een risico voor de leefbaarheid in nieuwe wijken. Vanwege ditzelfde winstoogmerk speelt er ook een risico rondom de betaalbaarheid van de woningen. Om deze reden zijn ontwikkelaars verplicht om twee van de drie woningen betaalbaar te bouwen, wat in de huidige omstandigheden (hoge materiaal- en arbeidskosten bijvoorbeeld) een behoorlijke financiële opgave is.
Bouwstenen voor de Omgevingsvisie •
• • •
Er zijn onvoldoende levensloopbestendige woningen en niet alle ouderen zijn welwillig om van een eengezinswoning naar een appartement te verhuizen. Dit leidt tot een flessenhalseffect waarbij jonge gezinnen geen toegang hebben tot eengezinswoningen. Daarnaast wonen de meeste ouderen in voor hun op termijn ongeschikte woningen. Er wonen veel arbeidsmigranten permanent in vakantieparken. Idealiter zou de woningmarkt leidend zijn voor economische groei, waardoor bijvoorbeeld problematiek rondom permanente bewoning van vakantieparken opgelost kan worden. Er is vanuit deze redenering dus behoefte aan goede huisvesting voor arbeidsmigranten. Ruimte voor groen, spelen, ontmoeting en beweging is een belangrijke randvoorwaarde voor de woningbouw. Veel woningbouwplannen worden echter met winstoogmerk door ontwikkelaars gemaakt, waardoor deze aspecten onvoldoende ruimte kunnen krijgen. Inbreiding dient weloverwogen plaats te vinden, met zoveel mogelijk oog voor behoud van leefbaarheid en stedelijk groen. Voor uitbreiding geldt dit overigens ook, zie het vorige punt.
119 Berekend uit: Volkhuisvesting Nederland, 2021 en BNR, 2022 120 CBS - Groei en krimp per gemeente 121 Interview over de woonopgave in het kader van dit Omgevingseffectrapport (22-11-2022)
80
Datum: 21 april 2023
OMGEVINGSEFFECTRAPPORT OMGEVINGSVISIE GEMEENTE VOORNE AAN ZEE
• •
Woningbouw zou integraal moeten worden meegenomen in andere beleidsvelden, zoals het aandachtspunt voor economische groei. De realisatie van flexwoningen in de regio Rotterdam dient als aanvullend instrument om de vraag op de huizenmarkt op te vangen. Dit zal terug moeten komen in de woningvoorraad.
4.6
Sociaal en leefbaar Voorne aan Zee
4.6.1
Sociale cohesie & leefbaarheid
Ambities Volgens het Koersdocument legt het thema ‘Sociaal en leefbaar Voorne aan Zee’ de koppeling tussen het fysieke domein en het sociaal domein. Denk hierbij aan de opgaven voor de bevordering van positieve gezondheid, of de gevolgen van vergrijzing en de hieraan gerelateerde veranderende vraag naar woningen en. Het fysieke domein kan bijdragen aan deze sociale opgaven. Daarnaast gaat het over de leefbaarheid in de dorpen, zoals de aanwezige voorzieningen, de sociale samenhang en aantrekkelijkheid van de leefomgeving.
In het Koersdocument zijn voor dit thema de volgende speerpunten geformuleerd: • Samenleving in staat stellen om zelf de regie te voeren (inclusieve samenleving). Waar nodig verbeteren van de sociale kwaliteit in woonwijken en buurten. • Specifieke hulpverlening (zorg en welzijn, onderwijs, wonen en werken) met het oog op ‘meedoen in de samenleving’. De hulpverlening moet gebaseerd zijn op de juiste data (data-gedreven). • Zorgen voor een passend pakket maatschappelijke voorzieningen per dorp en wijk (afgestemd op de samenleving en eventuele sociale problematiek). Dit betekent ook meer differentiatie per dorp/wijk in plaats van het huidige generieke beleid. • Zorgen voor een openbare ruimte die voor iedereen goed toegankelijk is.