CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 OMGEVINGSVISIE VOORNE AAN ZEE 2040 - Deel B

Raadsvergadering 17 april 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Omgevingsvisie Voorne aan Zee 204025.187 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Naast het bovengrondse (twee dimensionaal – 2D) gebruik van de fysieke leefomgeving, vormt ‘bodem en ondergrond’ de derde dimensie van ruimtelijke ordening. Dit geheel wordt aangeduid als ‘3D-ordening. Dit betekent dat bovengrondse ruimtelijke ordening wordt afgestemd met de ondergrondse (on)mogelijkheden ten aanzien van onder andere bodemkwaliteit, grondwater (kwantiteit en kwaliteit), kabels en leidingen, ondergrondse energiesystemen en archeologie. Deze 3D-ordening is een opgave voor ons als gemeente in samenwerking met provincie, DCMR en vele andere partijen. Onze speciale aandacht bij het beheer en gebruik van de ondergrond gaat uit naar de volgende zaken: Bodemkwaliteit: De bodem kent verschillende kwaliteiten en functies. Het is belangrijk dat de milieu hygiënische bodemkwaliteit past bij de beoogde functie. We streven naar een meer integrale benadering van de bodem, waarbij meer ruimte is om, naast de chemische kwaliteit van de bodem, fysische en biologische aspecten mee te wegen. Een vitale bodem is een bodem waarin zowel de chemische, biologische als fysische kwaliteit op orde is. Dit maakt de bodem weerbaar voor veranderingen zoals droge of juist hele natte periodes en weerbaar tegen plagen en ziekten. We beschikken over een (geactualiseerde) bodemkwaliteitskaart en nota bodemkwaliteit van de drie voormalige gemeenten.

De gemeente werkt met de DCMR en andere gemeenten aan een beleidskader over bodem(taken) binnen de Omgevingswet. Zeer Zorgwekkende Stoffen: Opkomende verontreinigingen zijn de laatste decennia veelvuldig in het nieuws geweest; denk aan DDT, asbest, PCB’s, dioxinen, MBTE, Chroom IV, lood en PFAS. Het zijn vaak stoffen die we al heel lang gebruikt hebben en die de bodem historisch en diffuus belast hebben of geleid hebben tot lokale hotspots. Het zijn de nieuwe inzichten die maken dat we in actie moeten komen om met goed bodembeheer de toekomstige effecten te mitigeren. Onder de Omgevingswet heeft de gemeente als beheerder van de fysieke ruimte een

30 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

verantwoordelijkheid. We hebben de ambitie om gevoelige bestemmingen zoveel mogelijk te realiseren op grond met een voldoende bodemkwaliteit. Voor de volgende stoffen is al of zal worden bepaald hoe hiermee in het omgevingsplan om te gaan:  Asbest: In onze regio is vaak sprake van sloop van panden met asbesthoudende/asbest-verdachte daken. Ook al worden de asbesthoudende daken al op een goede manier aangepakt, de (mogelijk) asbesthoudende druppelzone wordt hierbij vaak vergeten. Uit onderzoek blijkt dat in een aanzienlijk deel van onderzochte asbest-inspoelzones sterk verhoogde asbestconcentraties worden aangetroffen. Een asbestinventarisatie van een pand voorafgaand aan de sloop is nodig. We streven naar een verplichting voor bodemonderzoek naar asbest na de sloop om risico’s voor de gezondheid te minimaliseren.  Voor PFAS zijn geen interventiewaarden vastgesteld., waardoor saneringswaarde ontbreken. Dit heeft wel gezondheidsrisico’s. Hoe we hier mee omgaan bepalen we in het Omgevingsplan.  Voor de stof lood is de saneringswaarde (= interventiewaarde) niet toereikend met het oog op gezondheidsrisico’s. Hoe we hier mee omgaan bepalen we in het omgevingsplan.

Invasieve exoten: In het beheergebied van Voorne aan Zee komen, net als elders in Nederland ‘invasieve exoten’ voor: planten die hier niet van nature voorkomen, maar door de mens zijn geïntroduceerd en schadelijk zijn voor inheemse soorten. Een voorbeeld is de Japanse Duizendknoop. De plant kan veel schade aanrichten aan infrastructuur en biodiversiteit, verspreidt zich makkelijk en is moeilijk te bestrijden. Het is dan ook onwenselijk en bij wet verboden, dat de plant zich door grondverzet verspreidt. Bij grondverzet moet ook worden geverifieerd of de Japanse Duizendknoop, Sachalinse Duizendknoop, de Bastaardduizendknoop en andere invasieve exoten voorkomen op locatie. Niet gesprongen explosieven: Op sommige plaatsen in Nederland bevinden zich nog onontplofte explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in de bodem. Deze leveren een gevaar op, vooral als ze verplaatst of aangeraakt worden, bijvoorbeeld bij graaf-of baggerwerkzaamheden. Door vooraf te onderzoeken of mogelijk niet gesprongen explosieven aanwezig zijn in een gebied, kan voorkomen worden dat een project onverwachts onderbroken moet worden. Waterkwaliteit: Uiteraard is ook aandacht voor de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater. We hebben de aandacht voor waterverontreiniging en beperken waar dit in onze invloedsfeer ligt ongewenste milieueffecten. Dit met als doel de waterkwaliteit te verbeteren.

In bebouwd gebied moet de waterkwaliteit passen bij de functie van het gebied eromheen. Waterkwaliteits- en waterkwantiteitsbeheer is een gezamenlijke taak van gemeente en het waterschap. De Kader Richtlijn Water (KRW) stelt een verbod op achteruitgang van de waterkwaliteit. Bij alle initiatieven dient onderbouwd te worden waarom en op welke wijze deze voldoen aan de KRW. Met de Omgevingswet is het voor een substantieel deel aan de gemeente te bepalen welke regels van toepassing zijn op milieubelastende activiteiten. In een overgangsperiode kan gebruik worden gemaakt van de Bruidsschat. Uiteindelijk moet worden bepaald welke regels in het definitieve omgevingsplan worden opgenomen. Naast milieuregels gaat het hierbij voor bepaalde activiteiten ook om de meldings- en/of vergunningplicht. Leidingen en de Delta Rhine corridor: Het is belangrijk om als gemeente rekening te houden met leidingreserveringen voor de aanleg van nieuwe leidingen. Een groot project is de Delta Rhine corridor: vier nieuwe buisleidingen tussen Rotterdam, Chemelot en Noordrijn-Westfalen voor het transport van C4-LPG, propeen, waterstof en CO₂. 31 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Ambitiebepaling thema ‘Omgevingsveiligheid’ Voorne aan Zee is zodanig veilig ingericht dat mensen die hier wonen of werken, voldoende beschermd zijn bij een mogelijk ongeval. Dichte bebouwing kan problemen geven als mensen gebouwen of de omgeving willen ontvluchten bij een incident. Om dit te ondervangen wordt de omgeving zo ingericht dat evacuatie van gebouwen en ook het ontvluchten van het hele gebied mogelijk is. We maken veilige routes naar centrale plekken. Bij (her)ontwikkelingen wordt rekening gehouden met de aandachtsgebieden voor brand, explosie en gifwolken. Dit geldt bijvoorbeeld voor gebieden in de buurt van risicobronnen, zoals specifieke bedrijven, buisleidingen en transportroutes (weg en buisleidingen). In beginsel worden geen nieuwe risicobronnen toegelaten, tenzij uit onderzoek blijkt dat belemmeringen niet aanwezig zijn of geen ongewenste ruimtelijke effecten ontstaan. LPG-installaties staan we onder voorwaarden wel toe. Gebouwen voor het verblijf van zeer kwetsbare groepen personen (zoals kinderdagverblijven, scholen en zorgbehoevenden) en vitale infrastructuur plaatsen we op een grotere afstand van mogelijke risicobronnen en dus niet binnen de aandachtsgebieden voor brand en explosies. Zonder ruimtelijke voorwaarden wijken we niet van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) af.

Dit vergroot de mogelijkheid om mensen die niet zelfredzaam zijn in veiligheid te brengen. Door nabij de risicobron minder (kwetsbare) gebouwen toe te staan, zorgen we ervoor dat bij een calamiteit het aantal slachtoffers, letsel, hinder, overlast en economische schade beperkt blijven. Te allen tijde is een aanvaardbaar groepsrisico (GR) leidend. We zorgen voor voldoende bereikbaarheid van hulpdiensten in de gehele gemeente, ook in autoluwe omgevingen en de recreatieparken. Verder krijgt de komende jaren de aandacht:  Beleid moet waar nodig worden geharmoniseerd en vertaald naar nieuw recht.  Onder de Omgevingswet wordt de term zeer kwetsbare gebouwen geïntroduceerd.  Als we het omgevingsveiligheidsbeleid gaan harmoniseren houden we ons vast aan het VRR kwetsbaarheidszonemodel en gaan we verder uitvoering geven aan de voorschriftengebieden in relatie tot de aandachtsgebieden.  Binnen de Omgevingswet moet worden getoetst aan het feitelijk gebruik van functies, daarnaast ook aan geprojecteerde functies (in omgevingsplan toegestaan). Van belang voor het bepalen van zeer kwetsbare gebouwen is de reikwijdte van bepaalde functieaanduidingen richtinggevend. Denk aan de functie ‘maatschappelijk’.  Risicovolle activiteiten hebben binnen de Omgevingswet een brand-, explosie- en/of gifwolk aandachtsgebied.

De aandachtsgebieden brand en explosie moeten onder bepaalde voorwaarden worden opgenomen in het omgevingsplan als voorschriftengebieden. De gemeente heeft hierin enige beleidsvrijheid in relatie tot kwetsbare en beperkt kwetsbare gebouwen.  We hebben de aandacht voor risico’s vanuit alternatieve energiebronnen en de opslag van energie (denk aan buurtbatterijen) en we blijven hierin in overleg met de VRR.  Voldoende aanwezigheid van bluswater.

32 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

In het Omgevingsplan concretiseren we onze ambities binnen de aandachtsgebieden

Een sociaal veilige leefomgeving In Voorne aan Zee bevorderen we de sociale veiligheid. Dit houdt in dat we het veiligheidsgevoel van de openbare ruimte verhogen, onder andere rond bedrijven, winkels en horeca. Wat hierbij kan helpen is bijvoorbeeld overzichtelijkheid en verlichting in de openbare ruimte. Sociale Veiligheid wordt onderdeel van het ontwerp in alle geplande ontwikkelingen. We hanteren hierbij de richtlijnen Sociaal veilig ontwerpen en CPTED (Crime Prevention Through Environmental Design). Sociaal veilig ontwerpen zorgt ervoor dat de manier waarop een omgeving ontworpen wordt een veiliger gebruik en een veiligere beleving bij haar gebruikers creëert. De verschillende deelgebieden in Voorne aan Zee vragen allemaal om een andere aanpak en het is niet altijd even makkelijk om veiligheid in bestaande gebieden aan te pakken. Zo moet thuis voor iedereen een veilige plek zijn. Als dit niet mogelijk is zal deze veilige plek ergens anders gecreëerd moeten worden. Met name in het buitengebied en op bedrijventerreinen is mogelijk sprake van een toename van ondermijnende activiteiten. De risico’s zoals ondermijning en druggerelateerde criminaliteit bij leegstaande bebouwing of opstallen bij agrariërs hebben de aandacht. Specifiek in Voorne aan Zee komen ondermijnende activiteiten mogelijk ook voor op recreatieve verblijfsaccommodaties – zonder recreatieve waarde.

De ambitie luidt om samen met (samenwerkings-)partners de ondermijnende activiteiten tegen te gaan: veerkracht van inwoners en ondernemers versterken en meldingsbereidheid stimuleren.

33 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

4.5 Natuurlijk Voorne aan Zee Dit thema ‘Natuurlijk Voorne aan Zee’ gaat in op de verschillende landschappen van Voorne aan Zee, waarbinnen voornamelijk het strand en duingebied en het deltalandschap een belangrijke rol spelen. Het thema gaat in op de aanwezige natuur, biodiversiteit, ecologie en (stedelijk/openbaar) groen.

Huidige situatie; een bijzonder samenspel van diverse landschappen Het samenspel van dynamische kust- en deltalandschappen en het open polderlandschap is een belangrijke kwaliteit van Voorne aan Zee. De gemeente functioneert als groenblauw recreatief buitenhof van de regio Rijnmond. De landschappen zijn divers en hebben ieder een eigen karakter. De krachtige landschappelijke randen en openheid en rust in het middengebied zijn kenmerkend. De kreken, dijken en bebouwingslinten slingeren hier als het ware doorheen. In deze natuurrijke landschappen van Voorne aan Zee komen ook bijzondere en kenmerkende dieren en planten voor. Enkele voorbeelden van dieren zijn de Noordse woelmuis, de strandplevier, de rietzanger, de rugstreeppad, de zeehond, de bever (een signaal dat de otter in aantocht is), de nachtegaal, de lepelaar, de zandhommel en de nauwe korfslak. Bij planten kan gedacht worden aan de kruipende wilg, de moerasgamander en de groenknolorchis.

In de natuur van Voorne aan Zee komen bijzondere soorten voor

Nabij Hellevoetsluis zijn de hoge dijken, de buitendijkse gorzen (aangeslibd land) en het open water van het Haringvliet en de Voordelta kenmerkend (onderdeel Natura2000-gebied). De Quackgors, een nat natuurgebied bestaande uit met name rietveld, slikken en grasland, is hierin een bijzonder element en van belangrijke waarde vanwege de vele vogelsoorten die hier voorkomen. De kust bestaat voornamelijk uit strand en duinen. Het Voornes duinlandschap is zeer gevarieerd met veel natuurlijke overgangen: grote duinmeren (onder andere Quackjeswater, Breede Water en Tenellaplas) en meerdere kleine poelen en moerassen, grotere bosgebieden en struweel, bloemrijke duingraslanden en natte duinvalleien. De soortenrijkdom is hier bijzonder groot en van internationaal belang. Het duingebied maakt dan ook onderdeel uit van het Natura2000-netwerk. Het natuurgebied de Westplaat en de Hinderplaat maken deel uit van de Voordelta. In het zeewater van de Voordelta maken eb en vloed dat twee keer per dag de slikken droogvallen en zandplaten verschijnen. En ook schorren zijn volop aanwezig (hoger gelegen delen die boven de waterlijn uitsteken waarop planten voorkomen). De slikken, zandplaten en schorren zijn van grote waarde voor de natuur. 34 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Vogels komen hier voedsel zoeken en zeehonden rusten uit op de zandplaten. Het ondiepe water van de Voordelta als onderdeel van de Noordzee is bovendien in toenemende mate een kraamkamer voor diverse vissoorten. De landschappelijke Noordrand kenmerkt zich tot slot als een groene, waterrijke zone. Hier ligt ook het Brielse Meer, dat een belangrijke zoetwaterbuffer is, en het Oostvoornse Meer. Het open middengebied van Voorne aan Zee bestaat uit verschillende polderlandschappen waar een uitgebreid krekenstelsel doorheen loopt. Het krekenstelsel fungeert als een ecologisch groenblauw raamwerk en is een belangrijk wateroverloopgebied. In het polderlandschap is een onderscheid te maken tussen veenpolders, oude zeekleipolders en jonge zeekleipolders. De oudste polders zijn omringd door ringdijken, de nieuwere polders zijn van daaruit ontgonnen. De oude ringpolders kennen een kleinschaliger karakter dan de nieuwe zeekleipolders. De nieuwe zeekleipolders zijn ontstaan door stelselmatige inpoldering en kennen daardoor een overwegend hoekige vorm. De veenpolders bevinden zich rondom Zwartewaal. De veenpolders hebben een kleinschalig karakter met onregelmatige verkaveling en liggen wat lager dan het omringende land. Deze polders zijn dan ook natter, waardoor het bijzondere vegetatie heeft en weidevogels trekt.

Het kustlandschap gaat in eerste instantie over in een gesloten binnenduinrand waarin verschillende landgoederen en zanderijen en de Heveringen (gebied waar duingrond is afgegraven voor landbouw) zich bevinden.

Het krekenstelsel als onderdeel van het groen-blauwe netwerk

35 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Opgaven Binnen het thema Natuurlijk Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd:

Landschap centraal stellen met behoud en verbetering van de diversiteit en kwaliteit van het landschap Natura 2000-gebieden beschermen en de natuurgebieden versterken

Groenstructuur en biodiversiteit in de steden en dorpen versterken

Toekomstbestendig polderlandschap in het middengebied creëren Landgebruik en waterbeheer afstemmen op de bodemcondities en de druk op de zoetwatervoorziening verlagen Groene, robuuste buffer aan de Landschappelijke Noordrand creëren

Visie Haringvlietmonding en meebewegen met de aanzanding van de kust 36 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

37 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Landschap centraal stellen en behoud en verbetering van de diversiteit en kwaliteit van het landschap Het landschap is de drager van bijna alle kernkwaliteiten in Voorne aan Zee. De landschappelijke variatie in Voorne aan Zee is ons veel waard. Door grote ruimtelijke veranderingen en intensief gebruik staat het landschap van Voorne aan Zee onder druk. Door verschillende opgaven komen nieuwe (vaak concurrerende) ruimteclaims op het landschap af, bijvoorbeeld het uitbreiden van dorpen en steden, de vraag naar meer opwek van schone energie en ruimte om te werken en te recreëren. Tegelijkertijd vervagen (cultuurhistorische) landschappelijke structuren of ze verdwijnen zelfs. Wij hebben daarom als ambitie ons mooie landschap centraal te stellen en vitaal te houden. Dit houdt in dat wij ons landschap beschermen tegen verrommeling en nog meer windmolens en grootschalige zonneweiden zonder natuurwaarden. Welke ruimte we wel reserveren voor de opwek van energie staat beschreven in H4.6 van deel B; Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee. Verder nemen we een goede landschappelijke inpassing op als randvoorwaarde bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Kenmerkende landschapselementen, zoals de openheid van het landschap, oude kreken en de dynamiek aan de randen van het eiland worden behouden en waar mogelijk versterkt.

Specifiek aandachtspunt zijn de stads- en dorpsranden, omdat hier veel opgaven samenkomen. Deze zijn uitgewerkt in de gebiedsgerichte uitwerking van H3.1 van deel A; Visie op stads- en dorpsranden.

Natura2000-gebied Voornes Duin

Natura 2000-gebieden beschermen en de natuurgebieden versterken Voorne aan Zee is een natuurrijke gemeente. Met de Natura2000-gebieden ‘Haringvliet’, ‘Voornes Duin’ en ‘Voordelta’ geniet deze natuur Europese bescherming. Ook kent Voorne aan Zee natuurgebieden en verbindingen die onderdeel zijn van het Natuurnetwerk Nederland . Dit is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden en ecologische verbindingen. Het netwerk moet natuurgebieden beter met elkaar verbinden, zodat dieren en planten zich beter kunnen verspreiden en geïsoleerde populaties met elkaar verbonden worden. 38 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Natura 2000-gebieden in de gemeente (links) en Natuurnetwerk Nederland (rechts)

De biodiversiteit en de natuurwaarden in de natuurgebieden in Voorne aan Zee zijn aan het afnemen. Daarbij komt dat de recreatiedruk op natuurgebieden, inclusief Natura2000-gebieden, is toegenomen. Het Natura2000-gebied van Voorne aan Zee lijdt onder de effecten van stikstofdepositie, met name het Voornse Duin, en de toegenomen recreatiedruk. De Natura2000-gebieden moeten daarom versterkt en voldoende beschermd worden. Ambities om Natura2000-gebieden te beschermen We benoemen de noodzaak om de stikstofdepositie in de duinen te verminderen en verdroging tegen te gaan. Het is een belangrijke opgave om de natuur en ecologie in de duinen te behouden en te versterken met natuurherstel. Voornes Duin is een kwetsbaar gebied met kwetsbare natuur gevoelig voor stikstofdepositie. De ambitie is om de urgentie van het beschermen van kwetsbare natuur te benutten om natuur beter te verbinden, meer schoon water in het gebied te houden en meer landschappelijke kwaliteit te realiseren. De Natura2000-gebieden moeten ontlast worden van de negatieve effecten van de (intensieve) land- en glastuinbouwsector en een nog steeds toenemende recreatiedruk die de draagkracht van Voornes Duin overstijgt.

We haken aan op de doelstellingen van het ZH-PLG (Zuid Hollands Programma Landelijk Gebied) dat zich onder andere ten doel stelt om de Nederlandse landbouw te laten extensiveren en verduurzamen in combinatie met natuurherstel. Daarbij staan de gemeente en het waterschap Hollandse Delta voor de opgave om de Kader Richtlijn Water doelstellingen te behalen en de waterkwaliteit op orde te brengen. In de nabije toekomst zijn voldoende kansen om in het belang van Voorne aan Zee tot nieuwe impulsen te komen voor natuur en landschap in combinatie met duurzame landbouw en recreatie. Deze werken we uit in een duurzaam en toekomstbestendig perspectief voor de Voornse land- en glastuinbouwsector. We beschermen de kwetsbare Natura 2000-gebieden (en dan met 39 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

name de stiltegebieden) tegen negatieve effecten van evenementen door vanuit respect voor de natuurwaarden te bekijken welke evenementen daar mogelijk en passend zijn. Ambities buiten de Natura2000-gebieden Buiten de Natura2000-gebieden kan worden gewerkt aan natuurontwikkeling zoals natuurvriendelijke oevers, bloemrijke weiden en de aanleg van landschapselementen zoals struwelen. Rondom beschermde natuur houden we rekening met een bufferzone ter bescherming van natuurwaarden.. Waar mogelijk zoeken we naar passende oplossingen voor barrières in het landschap ten behoeve van de natuur. Denk hierbij aan onderdoorgangen of oversteken (zogenaamde ecoducten), bijvoorbeeld bij de N57 en het kanaal. Groenstructuur en biodiversiteit in de steden en dorpen versterken De ambitie luidt om de stedelijke en dorpse groenstructuur te behouden en te versterken en de ecologische kwaliteit ervan te verbeteren. Door nieuw groen aan te leggen en bestaand groen anders in te richten of ecologisch te beheren, kunnen ook in de steden en dorpen ecologische verbindingen worden gerealiseerd. Het is wenselijk om de groenstructuur te koppelen aan het buitengebied, zodat zowel recreatieve als ecologische verbindingen tussen de steden en dorpen en het landelijk gebied ontstaan.

Het vergroenen draagt ook bij aan een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving en klimaatadaptatie (tegengaan wateroverlast en hittestress). Daarbij is wel van belang dat toekomstige ontwikkelingen niet worden belemmerd. We zetten in op groenere wijken met bomen en struwelen In de dorpen, buurten en wijken zetten we in op een robuust kwalitatief groenblauw raamwerk en gaan we het vormen van snippergroen tegen. Het verkopen van snippergroen gaat in de meeste gevallen ten koste van de hoeveelheid openbaar groen in de bebouwde kom. Daarnaast blijft ook minder openbare ruimte over voor eventuele toekomstige kabels en leidingen (denk ook aan warmtenetten). Om dit te voorkomen dient nieuw beleid voor de ordening en afstemming van de ondergrondse inrichting in relatie met de bovengrondse inrichting opgesteld te worden dat we in de volgende versie van de omgevingsvisie verwerken. Voorne aan Zee kiest voor behoud en waar mogelijk uitbreiding van de bestaande groenstructuren binnen de bebouwde kom en het versterken van wijkgroen. Bij nieuwbouwprojecten kijken we eerst of waardevolle groenelementen (bijvoorbeeld bomen, hagen, watergangen) in het plangebied aanwezig zijn en of we die kunnen behouden door ze in het ontwerp op te nemen.

We zorgen ervoor dat het groen ecologische waarde heeft en in verbinding staat met andere ecologische groenblauwe structuren in de omgeving (dus geen snippergroen).

We zetten in op robuust groen

40 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

We streven naar 30% groen op maaiveld in elke wijk of buurt. Binnen de 30% groen kan ook natuurlijk spelen worden opgenomen en deels waterberging uitgaande van een combinatie van droge en natte berging. We bekijken per locatie welke boomsoort het meest passend is en waar mogelijk kiezen we voor soorten die zo min mogelijk hooikoorts veroorzaken door gebruik te maken van het Bomenkompas | LUMC. Natuurinclusief bouwen wordt voor ons de standaard en biedt veel kansen7. In dit kader onderzoeken we de mogelijkheid om een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen in te voeren. Bij nieuwbouw realiseren we leefgebied en nest- en verblijfsplekken voor huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen, maar we stimuleren ook andere natuurvriendelijke maatregelen zoals groene daken en gevels. Om verduurzaming, renovatie en ontwikkelingen eenvoudiger te maken op plekken waar vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen voorkomen, werken we in de voormalige gemeente Hellevoetsluis conform het Soortenmanagementplan en de gebiedsgerichte ontheffing en we breiden deze uit naar Brielle en de dorpen in Voorne aan Zee. Zie ook Passende ruimtelijke kaders voor woningbouw. In de bestaande leefomgeving zetten we ten behoeve van de biodiversiteit en de waterkwaliteit in op groene en natuurlijke oevers.

Om groen en biodiversiteit in de dorpen en steden te versterken stimuleren we het realiseren van groene voor- en achtertuinen, en groen aan de gevel (geveltuintjes). We stimuleren initiatieven om tuinen te ‘ontstenen’ met als doel tegels eruit, groen erin. Goed voor groen en klimaatadaptatie.

Bij nieuwbouw maken we ook nest- en verblijfsplekken

Toekomstbestendig polderlandschap in het middengebied creëren Door de grote ruimtelijke opgaven op het gebied van verduurzaming en het beschermen van kwetsbare natuur (onder andere de stikstofreductiedoelstellingen) staat het overwegend agrarische polderlandschap van Voorne aan Zee onder druk. Wij zijn trots op de agrarische sector en willen de land- en tuinbouw gericht ondersteunen om de benodigde verandering door te maken én daar sterker uit te komen. Echter zijn de ruimtelijke, bodem-/water- en milieucondities momenteel onvoldoende voor een robuust landelijk gebied. Daarom moeten we werken aan een duurzaam polderlandschap, inclusief het versterken van de bodem- en waterkwaliteit en de biodiversiteit. Het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied speelt hierin een grote rol. Het programma kent doelen op het gebied van natuur, water, klimaat en landbouw. De provincie Zuid-Holland werkt met de gemeente, het waterschap en vertegenwoordigers vanuit landbouw, natuur en recreatie deze doelen uit voor Voorne Putten. De partners vertalen de doelen samen naar projecten. Daarnaast initieert de provincie een scenariostudie om samen met de gebiedspartners in beeld te brengen welke grote uitdagingen er op de lange termijn op het landelijk gebied af komen en hoe we daar mee om willen gaan.

Wanneer dit gereed is verwerken we de richtinggevende principes in de volgende versie van de omgevingsvisie. In essentie zoeken de partners in dit proces naar wat zij samen kunnen doen om het landelijk gebied toekomstbestendig te 7

https://www.voorneaanzee.nl/natuurinclusief-bouwen

41 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

houden. Een belangrijke opgave is de transitie naar meer natuurinclusieve (grondgebonden) landbouwvormen met daarbij een goed verdienmodel voor de agrariër. Het Natuurnetwerk Nederland in het poldergebied wordt voltooid, door het inrichten van de aanwezige kreken als ecologische verbinding. Tot slot benutten we de kans om natuurontwikkeling te koppelen aan de aanwezige cultuurhistorische waarden, zoals de forten en schootsvelden in de waterlinie. Deze beleefbare natuur voor recreanten ontlast dan ook de kwetsbare Natura2000-gebieden. Landgebruik en waterbeheer afstemmen op de bodemcondities en de druk op de zoetwatervoorziening verlagen De qua grondgebruik grootste economische sector op Voorne-Putten, de land- en tuinbouw, is nu afhankelijk van zoet water. Het risico op verzilting neemt mogelijk toe door klimaatverandering. Zowel de stijging van de zeespiegel, als een toename van droogte in het groeiseizoen, kunnen leiden tot een toename van zoute kwel naar het maaiveld. Aangezien ook in de huidige situatie in vrijwel het gehele poldergebied van Voorne-Putten zoute kwel optreedt, is het de vraag in hoeverre klimaatverandering leidt tot versterking van deze ‘interne verzilting’ (verzilting vanuit de bodem). Het effect van ‘achterwaartse verzilting’ (verzilting vanuit de rivieren) neemt mogelijk toe als gevolg van klimaatverandering.

Als gevolg van de afname van de rivierafvoer en door het stijgen van de zeespiegel zal de zouttong naar verwachting vaker en dieper landinwaarts dringen, waardoor inlaatpunten voor zoet water steeds vaker buiten gebruik raken. Voorne aan Zee gaat samen met andere overheden in overleg met de agrarische sector en de terreinbeheerders over hoe we ons buitengebied kunnen voorbereiden op warme, natte en droge periodes. Het behoud van een hoge landschappelijke waarde en de economische basis, die het buitengebied aan veel ondernemingen biedt, is van groot belang. De natuurbeheerders en agrariërs zullen als eersten de gevolgen van de klimaatverandering ondervinden en zijn tegelijkertijd ook belangrijke partners in de adaptatie van gevolgen van klimaatverandering. We zetten in op een robuust watersysteem met een optimale bediening ten behoeve van de klimaatopgave, meebewegen met verziltingsproblematiek en het voorkomen van verdere bodemdaling. Waterbeheer stemmen we af op de bodemcondities met aandacht voor Bodem en Water sturend. We zetten in op het aanpassen van het landgebruik als dit echt nodig is. Waar sprake is van verzilting stimuleren we ook de overschakeling naar meer zouttolerante gewassen. Veehouderij, akkerbouw en open grond groententeelt wordt steeds lastiger gezamenlijk vol te houden vanwege de nodige ontwatering.

Indien nodig heroverwegen we peilbesluiten en droogleggingsnormen samen met het Waterschap Hollandse Delta. In de polders voorzien we de ontwikkeling van brakwaternatuur (inclusief peilfluctuaties), eventueel in combinatie met recreatie. Ook is hier meer ruimte nodig voor het opvangen, bufferen en hergebruiken van zoet water. Dit doen we door het optimaliseren van in-/uitstroom van zoet water en het vergroten van peilvakken in polders. Water uit de Bernisse en het Brielse Meer is belangrijk voor bedrijven in het havengebied, het veenweidegebied van Delfland en de polders in Voorne-Putten. Voldoende zoet water is niet meer vanzelfsprekend. Droogte, verzilting en meer vraag naar water maken het noodzakelijk om voor instandhouding van deze waterbuffer strategische keuzes te maken en maatregelen te nemen. Het waterschap Hollandse Delta onderzoekt de mogelijkheden van continuering van zoet wateraanvoer via het watersysteem van Voorne-Putten en de rivieren. Samen streven we naar een robuuste, toekomstbestendige en duurzame waterbuffer. Mogelijk worden maatregelen voorgesteld in het zogeheten Deltaprogramma Zoet Water. 42 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Groene, robuuste buffer aan de Landschappelijke Noordrand creëren Een ambitie van de gemeente is de Landschappelijke Noordrand als groene robuuste buffer ten opzichte van het Rotterdamse havengebied te ontwikkelen. Hier liggen kansen om het Natuurnetwerk Nederland uit te breiden in combinatie met duurzame energieopwekking en recreatie. Een gebiedsgerichte uitwerking voor de Landschappelijke Noordrand is uitgewerkt in H3.5 van deel A; Landschappelijke Noordrand. Visie Haringvlietmonding en meebewegen met de aanzanding van de kust Onderzoek (Arcadis, 2022) wijst uit dat de grootschalige aanzanding van het kustgebied in de toekomst verder zal doorzetten. Hoofdoorzaak hiervan is de afsluiting van het Haringvliet, waardoor de rivier geen sediment meer afvoert bij eb en de kust aangroeit. Ter hoogte van de Groene Punt ontstaat over een aantal jaren waarschijnlijk een grote slikplaat of strandvlakte. Dat komt doordat de zandplaten die nu nog voor de kust liggen naar verwachting aan het strand zullen vastgroeien. Als dat gebeurt (waarschijnlijk al voor 2030) heeft dat een positief effect op de waterveiligheid. Door de slikplaat of strandvlakte ontstaat een veilige kust, beschermd tegen de zeespiegelstijging, waarop nieuwe duinen kunnen ontstaan.

Dat geeft de kust van Voorne aan Zee een veel betere uitgangspositie voor de zeespiegelstijging dan veel andere delen van de Nederlandse kust. Daarom is het belangrijk dat de platen ook echt vastgroeien aan de kust en geen smalle geul voor de Groene Punt aanwezig blijft, want die kan leiden tot kusterosie en harde stroming, wat mogelijk kan zorgen voor onveilige zwemsituaties. Als de geul niet vanzelf dichtgaat, is het verstandig in te grijpen en de geul (bijvoorbeeld met kleine zandsuppleties) dicht te zetten. Het is belangrijk dat de vaargeul naar de Haringvlietsluizen op diepte wordt gehouden, niet alleen voor de haven van Stellendam, maar ook voor recreatievaart op het Haringvliet en van/naar de jachthavens in Hellevoetsluis. Hiervoor is het zogenoemde ‘Alders Akkoord’ afgesloten. Rijkswaterstaat houdt vanuit haar beheerdersrol vanuit het hoofdvaarwegennet de vaargeul op diepte (-4 meter). HBR houdt vanuit het Alders Akkoord de vaargeul op diepte (-5.5 meter).

We bewegen mee met de aanzanding van de kust

43 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

In het project Visieontwikkeling Haringvlietmonding 2060 onderzoeken we momenteel in een coalitie van tien partijen (provincie Zuid-Holland, gemeenten Voorne aan Zee, Goeree-Overflakkee en Nissewaard, waterschap Hollandse Delta, Rijkswaterstaat, Havenbedrijf Rotterdam, Natuurmonumenten, Zuid-Hollands Landschap en Recreatieschap Voorne-Putten) de kansen voor recreatie en natuur die ontstaan door de autonome morfologische ontwikkeling in de Voordelta en de doorzettende aanzanding van de kust. De kust van Voorne aan Zee is een prachtig en uniek gebied. Het is een uitzonderlijk natuurgebied met diverse mogelijkheden voor recreatie en toerisme voor alle inwoners van Voorne-Putten. Onze stranden vormen een essentieel onderdeel van de bijzondere natuurlijke omgeving en de identiteit van onze regio. Ze bieden niet alleen een plek voor ontspanning en recreatie voor zowel inwoners als bezoekers, maar spelen ook een belangrijke rol in de ecologische balans en de bescherming van onze kustlijn. Daarom hechten wij groot belang aan het behoud van de stranden in hun huidige vorm, evenals aan de bescherming van hun natuurlijke schoonheid en toegankelijkheid.

44 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

4.6 Duurzaam en klimaatbestending Voorne aan Zee Het thema ‘Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee’ gaat in op de ambities die Voorne aan Zee een toekomstbestendige gemeente moeten maken. Nederland wil in 2050 volledig klimaatneutraal zijn, wat inhoudt dat we door klimaatactie onze emissies zodanig verminderen dat er geen netto-effect is op het klimaatsysteem. Dit is onderdeel van het ‘Nationale Klimaatakkoord’ om te voorkomen dat de aarde verder opwarmt. Opgaven die hierbij horen zijn onder andere de transitie naar het gebruik van duurzame energie en warmte (energietransitie), de benodigde aanpassingen van de leefomgeving op het veranderende klimaat (klimaatadaptatie, met aandacht voor thema’s als wateroverlast, hittestress, droogte, bodemdaling en verzilting) en de omschakeling naar een circulaire economie.

Huidige situatie; een Voorns antwoord op een duurzame toekomst Met de ligging naast de Randstad en de internationale Rotterdamse industriehaven, wil Voorne aan Zee nog nadrukkelijker het groene, landelijke, duurzame beeld versterken. Hier liggen veel kansen om op juist innovatieve en duurzame wijze onze gemeente te profileren als ‘groen (en blauw) eiland’. Zo geeft Voorne aan Zee haar eigen, onderscheidende toevoeging aan een duurzame toekomst. Voorne aan Zee wil in 2050 duurzaam en klimaatbestendig zijn. We volgen daarin de ambities van het Rijk. Meervoudig ruimtegebruik is het uitgangspunt en ambities op het gebied van duurzaamheid, klimaatbestendigheid en energieneutraal mogen worden gekoppeld aan andere ruimtelijke opgaven in de omgeving.. Hierdoor maken we ‘werk met werk’ en ontstaat meerwaarde. Hiermee kan ook het draagvlak in de omgeving vergroot worden. In het kader van de energietransitie is het van belang om op zoek te gaan naar duurzame energiebronnen voor elektriciteit en het verwarmen van onze huizen, voor ons vervoer en voor onze industrie. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen duurzame elektriciteit (toenemende vraag door elektrificatie), duurzame warmte (als alternatief voor aardgas) en duurzame brandstoffen. Deze duurzame energie is bijvoorbeeld afkomstig van windturbines, zonnepanelen – op daken– en aardwarmte.

In de afgelopen tijd zijn al meerdere windturbines geplaatst (te vinden op de Haringvlietdam en in de Noordrand). Daarnaast lopen andere (innovatieve) initiatieven, zoals het Fieldlab Green Economy Westvoorne, als testlocatie voor duurzame innovatie (zoals drijvende zonnepanelen) op en onder het wateroppervlak van het Oostvoornse Meer. Het klimaat verandert. Dit heeft tot gevolg dat in de toekomst regenbuien heviger worden en vaker plaatsvinden. Daarbij neemt de kans op overstromingen door wateroverlast en een hogere zeespiegelstijging toe. Ook komen hittegolven steeds vaker voor en nemen erg droge perioden toe. Dit alles heeft zijn uitwerking op de gezondheid en veiligheid. Het is dan ook belangrijk om maatregelen te nemen om de samenleving en de leefomgeving in Voorne aan Zee hierop voor te bereiden. Dit heet een ‘klimaatadaptieve leefomgeving en landschap’.

45 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Opgaven Binnen het thema Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee zijn de volgende punten en ambities geformuleerd: Verduurzaming van de gebouwde omgeving, energiebesparing en het binnenklimaat is prettig én gezond Opwek van duurzame energie

Inzetten op het mogelijk maken van de warmtetransitie

Benutten beschikbare ruimte in de ondergrond en het netwerk

Innovaties op het vlak van vervoer en opslag van duurzame warmte, energie en brandstoffen

Waterveiligheid

Werken aan een klimaatbestendig en klimaatadaptief Voorne-Putten

Diverse landschappen klimaatadaptief inrichten

Steden en dorpen klimaatadaptief inrichten

Verwerking van regen- en afvalwater

Circulaire leefomgeving en economie

46 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

47 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Verduurzaming van de gebouwde omgeving, energiebesparing én het binnenklimaat is prettig en gezond Het is belangrijk dat de gebouwde omgeving wordt verduurzaamd, zowel nieuwbouw als bestaande bouw. De focus ligt in eerste instantie op het stimuleren van energiebesparing, door bijvoorbeeld woningen te isoleren, want wat we aan energie besparen hoeven we ook niet op te wekken. Hoe meer we doen in de gebouwde omgeving op het gebied van besparing en opwekking, hoe meer we het open landschap en buitengebied kunnen ontzien. De ambitie is om voor 2050 alle huizen in Voorne aan Zee op BENG-niveau te hebben geïsoleerd. Aandachtspunt bij het isoleren van woningen is het negatieve effect dat dit kan hebben op met name vleermuizen (die in spouwmuren leven) en in mindere mate gierzwaluwen en huismussen als dit niet op de juiste manier onderzocht en uitgevoerd wordt. Om dit te ondervangen is voor Hellevoetsluis een gebiedsgerichte ontheffing van de Wet Natuurbescherming aangevraagd en de bedoeling is om dit ook voor Brielle en de overige dorpen in Voorne aan Zee aan te vragen. Vanuit gezondheid is bij isoleren van woningen ook een belangrijk aandachtspunt te noemen: hittestress. De toepassing van de Ladder van Koeling zorgt ervoor dat woningen leefbaar en gezond kunnen blijven en voorkomt dat mensen massaal de voor het milieu schadelijke airconditioning gaan gebruiken.

Belangrijke treden zijn; 1. Zorgen voor een verkoelende omgeving (bijv. met bomen of groen dak). 2. Warmte weren (bijvoorbeeld met screens of zonwering). 3. Passief koelen (bijvoorbeeld met nachtventilatie). 4. Milieuvriendelijke actieve koeling (bijvoorbeeld met warmtepomp). Verder moeten in de toekomst gebouwen van ‘het gas af’ en aangesloten worden op een beschikbare duurzame warmte- of energiebron. Voor eigen gemeentelijk vastgoed en maatschappelijk vastgoed nemen we een hogere (de maximale) ambitie op. Deze gebouwen mogen energiepositief en dus energieleverend zijn. De glastuinbouw is een belangrijke energievrager in de gemeente. De gemeente werkt samen met tuinders en netwerkorganisatie (Greenport West-Holland) aan de verduurzaming van deze sector. Opwek van duurzame energie In het kader van de energietransitie moet ruimte worden gezocht voor de opwek van duurzame energie. Voor duurzame energieopwekking in het buitengebied zijn beperkte mogelijkheden. De Landschappelijke Noordrand is een focusgebied voor onze energieopgave. In algemene zin willen we lokaal opgewekte energie ook lokaal benutten. Daarvoor willen we samenwerken met lokale partners.

Opwek door zon en windturbines binnen de gemeente

48 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Zon We hebben een opgave om energie op te wekken met zonnepanelen. Hierbij wordt de landelijke voorkeursvolgorde zon gevolgd. We streven naar meervoudig grondgebruik, waarbij we de vrije ruimte op daken, gevels en andere plekken binnen en buiten bebouwd gebied (zoals parkeerplaatsen) benutten voor zonnepanelen. De voorkeursvolgorde zon volgt de volgende treden: 1. Zonnepanelen op de daken en gevels van gebouwen worden zoveel mogelijk gestimuleerd. Aandachtspunt hierin is wel de welstand van beschermde dorps- en stadsgezichten en monumenten. Het spanningsveld tussen verduurzaming en gebouwd erfgoed is nader beschreven in H4.7 van deel B; Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee. 2. Waar mogelijk benutten we de overhoeken in het glastuinbouwgebied. Verder zetten we in op zon op parkeerplaatsen mits dit past qua ruimtelijke kwaliteit en de wateropgave. 3. Conform de Regionale Energie Strategie (RES) heeft Voorne aan Zee een opgave om duurzame energie te realiseren voor 2030. Grofweg gaat het hierbij om circa 22,5 GWh (ongeveer 22,5 hectare zonnepark) om in ons landschap in te passen. Zonneweides mogen niet ten koste gaan van waardevolle vruchtbare landbouwgrond. Ons focusgebied voor grootschalige opwek van hernieuwbare energie is de Landschappelijke Noordrand. Het gebruik van landbouw- en natuurgronden voor zonnepanelen is in principe dus ongewenst.

Mocht bij hoge uitzondering wel een initiatief tot zonneveld worden ontvangen dat passend lijkt, dan wordt deze voorgelegd aan de commissie ruimte en de raad. Voor alle zonneweides geldt: wanneer we zonneweides aanleggen, leggen we die aan met robuuste groenstructuren. Waar mogelijk en wenselijk passen we meervoudig ruimtegebruik toe en zoeken we naar koppelkansen als het gaat om onder meer duurzaamheid, recreatie, wateropgave en ecologie. Wind We hebben een energieopgave tot het jaar 2030 en een energieopgave van 2030 – 2040. Tot 2030 zetten we vooral in op de ontwikkeling van windmolens volgens de reeds gemaakte afspraken uit het Windconvenant (VRM) met de Provincie Zuid-Holland. We werken hierbij aan een optimalisatie van de windturbines volgens de meest recente innovatieve technieken, waardoor de opgave om zonnepanelen te realiseren kleiner wordt. Tot 2030 is een drietal projecten in ontwikkeling. Ten eerste wordt een aantal bestaande windturbines vervangen aan de Noordzeekant van de Haringvlietdam. Daarnaast lopen momenteel twee andere ruimtelijke procedures voor de realisatie van twee windturbines aan de Noordzeeboulevard, nabij Oostvoorne. Provinciaal beleid maakt het plaatsen van windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder planologisch mogelijk. Voor de opgave na het jaar 2030 volgen we de richtlijnen van de RES.

We ambiëren geen ‘extra’ windopgaven in Voorne aan Zee tot 2030. We onderzoeken de mogelijkheden van het inpassen van kleinschalige windenergie (turbines < 30 m.) in het buitengebied bij (boeren)bedrijven (binnen het bouwvlak). Deze zijn beter in het landschap in te passen dan grote windturbines.

49 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Inzetten op het mogelijk maken van de warmtetransitie We onderzoeken de mogelijkheden van een warmtenet (geothermie of vanuit het Havencomplex – lange termijn) op Voorne-Putten. Voor een betrouwbaar en robuust systeem kijken we niet (enkel) naar of-of, maar vooral ook naar een combinatie van warmtebronnen. Daarnaast onderzoeken we of de afzonderlijke warmteclusters binnen het warmtesysteem op Voorne-Putten organisatorisch of ook fysiek met elkaar verbonden moet worden. In 2020 is op regionaal niveau de Warmtetransitievisie Voorne-Putten opgesteld. Voor de gehele gemeente zijn een aantal opsporingsvergunningen geothermie en twee winningsvergunningen afgegeven, waaronder in Vierpolders. Daarnaast biedt de warmtepomp individuele warmteoplossing of binnen een collectief warmtenet, eventueel gecombineerd met warmte-koude opslag, goede mogelijkheden. Aandachtspunt is wel de interventie, beeldkwaliteit en het geluid dat deze pompen kunnen produceren. Verder besteden we aandacht aan het ruimtebeslag van de warmtetransitie in steden en dorpen. De komende jaren werken we de Warmtetransitievisie verder uit naar Wijkuitvoeringsplannen. Hier kunnen ook kansen liggen voor het benutten van aquathermie, al wordt bij collectieve warmtenetten met name ingezet op geothermie en restwarmte.

Ook vanuit rioolwateringszuiveringsinstallaties (RWZI’s) kan, in aanvulling op de andere warmtebronnen, restwarmte geleverd worden. De warmte is relatief gemakkelijk uit te koppelen en in sommige gevallen nabij de warmtevraag beschikbaar, maar de temperatuur is laag. Het waterschap is in een positie om RWZI’s in te zetten als energy hubs waar energie kan worden opgeslagen en het energienet gebalanceerd kan worden. Benutten beschikbare ruimte in de ondergrond en het netwerk Het ruimtebeslag heeft impact in boven-en ondergrond en kan ten koste gaan van bomen en ander groen, parkeren en overige leidingen. De 3Dordening (zie ook Ambitiebepaling thema ‘Bodem en leidingen’) is daarom ook heel relevant in de energietransitie. Een aandachtspunt hierin is dat het energienetwerk tegen haar grenzen aanloopt. In zijn algemeenheid is het tegengaan van netcongestie ook een taak waar lokale overheden, en dus Voorne aan Zee, een rol zouden kunnen spelen. De uitgangspunten die hierin centraal staan luiden: de leefomgeving en landschap staan centraal en er wordt efficiënt gebruik gemaakt van het energienetwerk en ruimtelijke functiecombinaties. Op dit moment is geen beschikbaarheid meer voor nieuwe grote elektriciteitsaansluitingen.

Er is bovengronds ruimte nodig voor de uitbreiding van zowel het nationale, het hoog- als laagspanningsnet, inclusief extra verdeelstations en hoogspanningsstations. Het is belangrijk om te kijken naar logische aansluitingen voor de uitbreidingen van kabels en leidingen en de opslag van energie. Dit zorgt echter ook voor druk op de ondergrond. Ook is ruimte nodig voor verdeelstations. Wij blijven hierover in gesprek met onze partners. Innovaties op het vlak van vervoer en opslag van duurzame warmte, energie en brandstoffen We geloven in de kansen door toepassing van relatief nieuwe ontwikkelingen op het vlak energie. Belangrijk is om innovaties rondom winning, vervoer en opslag van duurzame energie en warmte goed in de gaten te houden. Hierin volgen we landelijk beleid en Voorne aan Zee overweegt altijd wat het draagvlak is onder de lokale bevolking voor innovatieve vormen van opwerk, vervoer, opslag van warmte energie en brandstoffen. Warmtenetwerken en geothermie zijn daar goede voorbeelden van. Maar ook innovatieve toepassingen van waterstof als vervanger van bestaande fossiele brandstoffen zijn denkbaar. Waterstof is een interessante ontwikkeling die de laatste jaren snel gaat. Welke positie wij hierin als gemeente moeten of gaan hebben is nu nog niet bekend. De productie, opslag en transport van waterstof op Voorne-Putten wordt binnen de wettelijke kaders gestimuleerd.

Dit thema werken we in de actualisatie van de volgende omgevingsvisie verder uit. Aandacht houden we ook 50 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

voor de opslag van energie in zogeheten buurtbatterijen. We stimuleren het opslaan van energie in batterijen, maar vinden de (brand)veiligheid van dergelijke innovaties een belangrijke voorwaarde. Hier is maatwerk altijd noodzakelijk. Biomassacentrales vinden we onwenselijk in de gemeente. Ook vormen van bio-vergisting en mestvergisting vinden we niet wenselijk. College staat open voor het gesprek m.b.t. de ontwikkeling van kernenergie in de nabije omgeving en de ontwikkeling van kleine kerncentrales (SMR’s). Waterveiligheid Klimaatverandering en de zeespiegelstijging zorgen voor een verhoogde kans op overstromingen. Als gevolg hiervan moeten we continu blijven werken aan de waterveiligheid. Dit vraagt van de Rijksoverheid om verschillende alternatieven voor kustbescherming na te gaan. De gemeente zal blijven anticiperen op de toekomst. De dijken rondom Voorne-Putten zijn in beheer bij het waterschap, deze draagt met Rijkswaterstaat de verantwoordelijkheid voor de aanleg, verbetering en onderhoud hiervan. De dijken die onderdeel uitmaken van dijkring 20 voldoen voor het grootste deel aan de veiligheidsnormen. Daarmee vormt hoog water niet direct een bedreiging. Het is wel zo dat door klimaatverandering en zeespiegelstijging een serieuzere kans ontstaat op overstromingen vanaf de Noordzee, waardoor de veiligheidsnormen eerder dan verwacht kunnen worden overschreden.

Binnen het proces van de aanzanding van de kust heeft het thema waterveiligheid dan ook aandacht.8. Ook voor het onderhoud van de kust geldt dat het monitoren en actie ondernemen niet bij de gemeente, maar bij het waterschap en Rijkswaterstaat ligt.

8

https://www.voorneaanzee.nl/kustverzanding

51 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Voorne aan Zee borgt dus met de verantwoordelijke partners de waterveiligheid van de gemeente. Dit doen we op dit moment, maar ook op de lange termijn. We hebben daarbij aandacht voor de gevolgen en kansen van de aanzanding van de kust en werken hier een visie uit voor de lange termijn (zie H3.5 van deel A; Haringvliet en Voordelta). De dijken aan de zuidkant van het eiland Voorne-Putten voldoen nog niet aan de signaleringswaarde en ondergrens (dit leidt niet direct tot een groot overstromingsrisico).

Voor Voorne aan Zee is van belang dat we ons richten op het beperken van de gevolgen van een eventuele overstroming. Met name de inrichting van het gebied achter de dijken is hier belangrijk. Bij (her)inrichting van gebieden houden we rekening met de risico’s van een eventuele overstroming. In Voorne aan Zee benaderen we waterveiligheid volgens het meerlaagsveiligheidsprincipe. Meerlaagsveiligheid gaat uit van een risicobenadering: vanuit zowel de kans op overstromingen als de mogelijke gevolgen ervan. Deze benadering werkt in verschillende ‘lagen’.

Het meerlaagsveiligheidsprincipe in beeld

52 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Werken aan een klimaatbestendig en klimaatadaptief Voorne-Putten Door klimaatverandering stijgt de kans op wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen. Dat zorgt voor risico’s voor onze economie, gezondheid en veiligheid. Om deze risico’s zo klein mogelijk te maken is het belangrijk dat we ons gedrag aanpassen. Vanuit de Deltaprogramma’s wordt gewerkt om Nederland in 2050 klimaatrobuust en klimaatbestendig ingericht te hebben. Op Voorne-Putten zijn hierover afspraken gemaakt. Deze staan in het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Dit is een gezamenlijk plan van gemeenten, waterschappen, provincies en de rijksoverheid. Afgesproken is dat gemeenten kijken hoe gevoelig hun gebied is voor invloeden van het klimaat. Daarna is het de bedoeling dat het gebied anders wordt ingericht, zodat het beter tegen de invloeden van het klimaat kan. De gevolgen van klimaatverandering kunnen een bedreiging zijn voor de kwaliteiten van Voorne-Putten, maar tegelijk biedt dit ook kansen om de kwaliteiten te versterken. In onze adaptatiestrategie nemen we het beschermen en versterken van deze kwaliteiten als uitgangspunt. Voorne aan Zee werkt samen met andere regionale partners (waaronder gemeente Nissewaard en Waterschap Hollandse Delta) aan een eerste klimaatadaptatiestrategie.

Ingezet wordt om de strategie Klimaatadaptatie Voorne-Putten iedere 6 jaar te herijken met de bijbehorende uitvoeringsagenda. De eerste stap in de aanpak op Voorne-Putten is in 2018 aangeleverd. Hierin is gekeken hoe gevoelig Voorne-Putten is voor invloeden van het klimaat. De resultaten staan in en digitaal portaal genaamd de Klimaatatlas ‘Klimaatadaptief Voorne-Putten: Samen op weg naar een klimaatbestendige leefomgeving!’. De Provincie Zuid-Holland heeft in januari 2023 de Klimaatonderlegger Zuid-Holland gepresenteerd waar richtinggevende principes in zijn opgenomen. Met deze informatiebronnen kunnen de gemeenten op Voorne-Putten en het Waterschap verdergaan. Dat doen zij door met elkaar en met anderen in gesprek te gaan. Het is de bedoeling om goede maatregelen te bedenken, zodat Voorne-Putten voorbereid is op de invloeden van het klimaat. Wij zoeken naar passende maatregelen die helpen om te gaan met kwetsbaarheden in de steden, dorpen en ons buitengebied. We koppelen deze maatregelen aan de Klimaatadaptatiestrategie Voorne-Putten en herijkte uitvoeringsprogramma’s.

53 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Diverse landschappen klimaatadaptief inrichten Door klimaatverandering krijgen we steeds meer te maken met extreem weer, zoals hevige en meer frequente regenbuien en droge perioden. Om hierop in te spelen wordt ingezet op het klimaatadaptief inrichten van de verschillende landschappen in het buitengebied. Hierbij kan worden gedacht aan het tegengaan van droogte in de duin- en bosgebieden, het omgaan met verzilting van de bodem en het grondwater en het vergroten van het waterbergend en waterafvoerend vermogen van zowel oppervlaktewater als ondergrond. Voorne aan Zee zet in op de volgende maatregelen en middelen:  We nemen meer ruimte op voor waterberging in het buitengebied en zetten in op een groenblauwe dooradering van het buitengebied. Dit doen we onder andere door het krekenstelsel te optimaliseren en meer ruimte te geven aan water.  Voormalige inundatievelden en inundatiekommen benutten voor waterberging.  In de Landschappelijke Noordrand meer ruimte creëren voor waterberging.  Hoe wij omgaan met zoetwatertekorten en verzilting is beschreven in de paragraaf Landgebruik en waterbeheer afstemmen op de bodemcondities en de druk op de zoetwatervoorziening verlagen van dit hoofdstuk (H4.5 van deel B; Natuurlijk Voorne aan Zee). Het groenblauwe raamwerk en de krekenstructuur biedt potentie voor waterberging

Steden en dorpen klimaatadaptief inrichten Door klimaatverandering krijgen we steeds meer te maken met extreem weer, zoals hevige en meer frequente regenbuien en hete zomerdagen. Dit zorgt in de steden en dorpen voor wateroverlast, zoals water op straat, onbegaanbare infrastructuur, problemen met riool. Anderzijds zorgt het voor hittestress, zoals het opwarmen van de stedelijk omgeving en inwoners die last krijgen van de warmte. Momenteel is nog veel sprake van verharding in de openbare ruimte en tuinen, waardoor de leefomgeving niet klimaatadaptief is. Vanwege de vergrijzing van de bevolking neemt het aantal kwetsbare inwoners dat gevoelig is voor de hittestress toe. Het is daarom belangrijk om bij nieuwe inrichting en herstructurering in te zetten op het vergroenen en ‘ontharden’ van de openbare ruimte. De gemeente richt de openbare ruimte meer klimaatadaptief in en we streven naar meer ruimte voor groen en blauw en minder verharding. Dit alles is goed voor waterberging, verkoeling en goed voor de biodiversiteit. Te denken valt aan wadi’s, groene pleinen, bosjes (groot en klein) en groene corridors, waterdoorlatende tegels en wegdek, groene daken en gevels.

54 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Bij nieuwbouwprojecten reserveren we voldoende ruimte voor groen en water. Hoeveel ruimte we reserveren staat beschreven in H4.5 van deel B; Natuurlijk Voorne aan Zee. Verder passen we de ‘Maatlat klimaatadaptieve groene gebouwde bebouwde omgeving’ toe9. De ‘Maatlat klimaatadaptieve groene gebouwde omgeving’ maakt duidelijk hoe klimaatadaptief bouwen en inrichten eruitziet. Het is voor de klimaatadaptatieopgave ook van belang om inwoners te stimuleren om zelf hun tuinen (en daken) te vergroenen, ten behoeve van klimaatadaptatie en het vasthouden en vertraagd afvoeren van water.

Ruimte voor groen en blauw in Hellevoetsluis

Een groene klimaatadaptieve openbare ruimte aan het Cultuurplein, Hellevoetsluis

Verwerking van regen- en afvalwater Voorne aan Zee zet in op klimaatadaptieve, duurzame en kosteneffectieve maatregelen in bestaande en nieuwe buurten en wijken door maatwerk te leveren voor het zoveel mogelijk lokaal bergen, vasthouden en zo nodig het vertraagd afvoeren van hemelwater, bij voorkeur naar de stads- en dorpsranden. Afkoppeling moet niet leiden tot wateroverlast, doordat afgekoppeld water versneld in het regionale watersysteem terecht komt. Daarnaast onderzoeken we of door het vasthouden van regenwater, naast het beperken van wateroverlast, dit ook kan helpen om hittestress te verminderen in warme en droge perioden. Ook onderzoekt Voorne aan Zee of de stads- en dorpsranden en het bestaande stedelijke gebied een grotere rol kunnen spelen in de berging en mogelijk hergebruik van regenwater.

9

https://klimaatadaptatienederland.nl/hulpmiddelen/overzicht/maatlat-groene-klimaatadaptieve-gebouwde-omgeving/

55 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

Waterschap Hollandse Delta en Voorne aan Zee werken samen aan een efficiënte verwerking van regen- en afvalwater op Voorne-Putten, ieder vanuit zijn of haar eigen wettelijke taken en bevoegdheden. De samenwerking is gericht op het komen tot een gedragen integrale afweging en doelstellingen voor de riolering, het watersysteem en de zuivering. Partijen werken samen, ook in het kader van de Omgevingswet, maar ook in de Deltaprogramma’s, aan aanpassing van beleidsregels om nieuwe mogelijkheden te scheppen voor de omgang met hemelwater voor nieuwbouwprojecten en herinrichtingsopgaven. Hierin werken zij intensief samen aan klimaatadaptieve kaders en regels. Gemeente Voorne aan Zee kiest voor de korte termijn om het huidige rioleringsbeleid te continueren. In een volgende stap zal het beleid rondom water- en rioleringszorgplichten opnieuw vormgegeven worden in de vorm van een Water- en rioleringsprogramma (WRP) of een Klimaatadaptatieprogramma. Circulaire leefomgeving en economie Met het Rijksbrede programma ‘Nederland circulair in 2050’ schetst het kabinet zijn plannen voor de transitie naar de circulaire economie. We sluiten aan op landelijke ambities. De gemeente wil alle inwoners, ondernemers en bedrijven in Voorne aan Zee aanmoedigen bij te dragen aan een zogeheten ‘circulaire leefomgeving en economie’.

Dit is een leefomgeving en economie waarin processen slim zijn ingericht en afval niet bestaat. Alle grondstoffen, onderdelen en producten worden gerecycled en krijgen (op andere wijze) een nieuw leven. De gemeente doet dit vooral door inwoners en ondernemers te stimuleren, het goede voorbeeld te geven en ruimte te bieden voor de transitie. Dit begint bij het beter scheiden van het huishoudelijk afval en het bedrijfsafval. Om dit goed te faciliteren passen we op de lange termijn het afvalinzamelingssysteem aan. Ook het bouwen van woningen wil de gemeente in de toekomst circulair zien. Nederland zet in op een volledig circulaire bouweconomie in 2050. Het betekent dat we binnen 30 jaar moeten overstappen op een andere en vooral slimmere manier van ontwerpen. Ook in de bouw moeten we nieuwe circulaire strategieën, innovatieve contractvormen, gedurfde businessmodellen en duurzame materialen gebruiken. Woningbouwprojecten in Voorne aan Zee zijn daarom ook vanaf het jaar 2050 circulair. De gemeente werkt aan een strategie om te komen tot een ‘circulaire leefomgeving en economie’ de komende jaren uit in nieuw beleid dat we integreren in de omgevingsvisie wanneer dit is vastgesteld.

56 Omgevingsvisie Voorne aan Zee

4.7 Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee Dit thema gaat over cultuur, erfgoed en archeologie. De rijke cultuurhistorie en de ‘strijd tegen het water’ door de eeuwen heen speelt hierin een belangrijke rol. Ook beschrijft dit thema onze ambities die betrekking hebben op kunst en cultuur in de brede zin. Voorne aan Zee kent drie Rijksbeschermingsgebieden die een bijzondere beschermingsstatus genieten; de cultuurhistorische waarden en ruimtelijke karakteristiek van de beschermde gezichten zijn beschreven in het besluit tot aanwijzing, we richten ons op de instandhouding van deze waarden.

Huidige situatie; een rijke cultuurhistorie en een breed cultureel aanbod Een groot deel van de rijke cultuurhistorie is een goede voedingsbodem voor de verdere ontwikkeling van Voorne aan Zee door het vertellen van verhalen in de fysieke leefomgeving. De vestinghaven van Hellevoetsluis en de vesting van Brielle zijn aantrekkelijk voor toeristen om te bezoeken. Ze hebben een kenmerkende uitstraling. De authentieke gebouwen en straatjes en uiteraard de vestingen die bestaan uit stadsmuren, havens, stadswallen en schootsvelden daaromheen verwijzen naar de geschiedenis van de steden. De haven van Hellevoetsluis had een belangrijke positie ten tijde van de Verenigde Oostindische Compagnie. Vooral de VOC-kamer Delft en Rotterdam maakten gebruik van de haven. Goederen werden met kleine schepen van en naar Rotterdam en Delft gebracht. De vestingen zijn onderdeel van de Maas-Haringvlietstelling waarvan overblijfselen in het landschap te vinden zijn. De stelling bestaat verder uit inundatievelden (gebied dat onder water kon worden gezet), de liniedijk en verschillende forten. Aan de kust van Oostvoorne en Rockanje tot aan Hellevoetsluis zijn overblijfselen uit de Tweede Wereldoorlog te vinden, zoals verdedigingswerken die onderdeel zijn van de Atlantikwall, waarvan ook de verdedigingswerken van Hellevoetsluis deel uitmaken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15245712/2