CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Strategische nota en uitvoeringsagenda North Sea Port District bijlage 2 uitvoeringsagenda

Informatiebijeenkomst 11 april 2025, gemeente VlissingenBij agendapunt: Stukken17.795 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Door de grilligheid van het weer, die door klimaatverandering naar verwachting zal toenemen, zal het aanbod sterker fluctueren. Dit vraagt handelingsperspectief voor perioden van droogte, en voor perioden met wateroverlast.

Naast zoetwaterbeschikbaarheid heeft waterveiligheid een grote impact op het North Sea Port District. Kustverdediging bij de Westerschelde is berekend op drie meter zeespiegelstijging. Tot anderhalve meter zeespiegelstijging zal versterking van de kustverdediging geen extra ruimte vragen ten opzichte van de huidige ruimtereserveringen die gelden tot 2050. Vooruitblikkend naar en voorbij 2050, is verzwaring van de dijken en waterkeringen waarschijnlijk wederom nodig vanwege de toenemende zeespiegelstijging. Door samenwerkingsverband de Zuidwestelijke Delta wordt naast het ‘beschermen’ tegen zeespiegelstijging ook nagedacht over andere vormen van waterveiligheid, zoals ‘zeewaarts meebewegen’ en ‘nature based solutions’. Onzekerheid over klimaatverandering in de toekomst wordt meegenomen in de ruimtelijke uitwerkingen voor toekomstige benodigde ruimte voor kustverdediging. Deze onzekerheid heeft impact op de beschikbare ontwikkelruimte in North Sea Port District, met name in de nabijheid van het havengebied25. Op de volgende pagina’s worden de belangrijkste afspraken op het gebied van klimaatrobuust water- en bodemsysteem uitgelicht.

Voldoende beschikbaarheid en opslag van zoetwater verlicht de druk op de huidige groenblauwe netwerken. Het ontwikkelen van krachtige grensoverstijgende groenblauwe netwerken draagt daarmee bij aan het vergroten van de veerkracht van natuurgebieden. Een klimaatrobuust water- en bodemsysteem helpt ook om stikstofgevoelige natuur te beschermen. Daarnaast is het behoud en de ontwikkeling van veerkrachtige natuur belangrijk om de leefbaarheid en leefkwaliteit in het District te verstevigen. Groenblauwe netwerken ondersteunen de positieve gezondheid van bewoners en bezoekers. De deels gerealiseerde koppelingsgebieden tonen deze positieve impact23. Economische ontwikkeling en bevolkingsgroei kan daarmee niet ten koste gaan van de leefkwaliteit in het District en de kracht van de natuur. Juist door deze opgave op grensoverstijgende wijze en in samenhang met de andere ruimtelijke ontwikkelingen aan te pakken, wordt het water- en bodemsysteem daadwerkelijk (klimaat)robuust. Dit is aanvullend en op grotere schaal dan het Convenant Groen Raamwerk, waarvoor North Sea Port en Vlaamse overheden zich inspannen om de restzones in de haven (bermen van wegen en spoorlijnen, stroken met pijpleidingen, oevers, waterbekkens…) ecologisch in te richten. Dit komt zowel de landschappelijke kwaliteit als de biodiversiteit in het havengebied ten goede24.

H1 H2 H3 H4

Handelingsperspectief voor een klimaatrobuust water- en bodemsysteem

30

Handelingsperspectief voor een klimaatrobuust water- en bodemsysteem Uiteindelijk zal de kwetsbare zoetwaterbalans van North Sea Port District (mede) bepalen voor welke watervragers ruimte is in het gebied en op welke manier. Een toekomstgerichte en integrale strategie gericht op een klimaatrobuust watersysteem is daarom niet alleen belangrijk voor de natuur, de landbouw en de bewoners maar evenzeer voor de industrie, de toekomst van de haven en het economisch systeem van de regio in internationale context. Daarvoor is een gedeelde analyse nodig waarin de betrokken partners tot een gezamenlijk beeld van de knelpunten in het heden en de toekomst komen. Hierbij worden de uitkomsten van reeds verrichte en lopende studies en projecten meegenomen, zoals de Droogtestudie van de stad Gent, de Werkgroep Droogte van de Vlaams-Nederlandse Schelde Commissie, het bestuurlijk Overleg Zoetwater en het Gebiedsoverleg Zuidwestelijke Delta. Ook wordt aansluiting gezocht met het onderzoek naar aanvullende waterbronnen voor drinkwater en industriewater dat door het waterbedrijf Evides wordt opgestart. Vanuit de gedeelde analyse wordt inzicht verkregen welke maatregelen mogelijk en nodig zijn om de knelpunten aan te pakken.

Daarbij wordt ook gekeken naar de huidige verschillen aan beide zijden van de grens, om bijvoorbeeld te leren van het hogere gebruik van grijswater in Vlaamse huishoudens ten opzichte van Zeeuwse watergebruikers. Tegelijkertijd werken partners aan no-regret maatregelen waarvan de bijdrage aan het verbeteren van de waterbalans in het gebied al zeker is, zoals het vergroten van de waterbergingscapaciteit (boven- en ondergronds), peilbeheer en klimaatadaptatiemaatregelen. Het versterken van het groenblauwe netwerk in de regio bevordert de leefbaarheid en de biodiversiteit en zal tegelijkertijd bijdragen aan het verbeteren van de waterkwaliteit, verziltingsbeheersing en klimaatadaptatie. Ruimteclaims zoals de koppelingsgebieden en het groenblauwe netwerk in Zeeland onderstrepen de noodzaak van slimme combinaties met andere functies, zoals recreatie en natuurontwikkeling. Daarvoor willen partijen de volgende drie stappen zetten: 1. Een gedeelde analyse van huidige en toekomstige knelpunten van de verschillende onderdelen van de zoetwaterbalans: • Drinkwater • Industriewater (inclusief gedemineraliseerd water) • Zoetwater voor het landelijk gebied (landbouw en/of natuur) 2. Vanuit de analyse willen partijen op zoek gaan naar handelingsperspectief voor de verschillende knelpunten.

Aspecten zijn onder andere: • Verminderen van de vraag (besparen, hergebruik, …) • Vergroten van de beschikbaarheid door het jaar heen (bufferen, opslag, …) • Industriële oplossingen (zoutwater omzetten, circulariteit, …) • Kansen voor extra externe aanvoer van water van buiten de regio naar het District

3. Uitvoeren van kortetermijn- en no-regret-maatregelen: maatregelen gericht op besparen, hergebruik van lozingen door industrie en zuiveringsinstallaties, opslag boven- en ondergronds en versterken van het groenblauwe netwerk. Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Partijen komen tot een strategie om gezamenlijk een klimaatrobuust watersysteem te ontwikkelen binnen de samenwerking van de Uitvoeringsagenda. • Partijen stellen een bedrag beschikbaar van € 300.000 voor het uitwerken en opstellen van een strategie om te komen tot het klimaatrobuust watersysteem. Aanvullend hierop financieren de partijen zelf de kortetermijn- en no-regret-maatregelen die ze zelf kunnen uitvoeren. • Vanuit de resultaten van de analyse en het handelingsperspectief willen partijen voortvarend de geïntegreerde keuzes maken voor de verdere ontwikkeling van de economie, energie en wonen en leefbaarheid van de regio.

Trekker

BGTS North Sea Port District

Counterpart voor trekker

Provincie Zeeland (Daniëlle Lens) Provincie Oost-Vlaanderen (Marie-Paule Depoorter)

Betrokken partners

• Evides • Vlakwa • Landbouworganisaties • Nederlands Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat • Waterschap Scheldestromen • Werkgroep Droogte VNSC • Vlaamse Departement Omgeving • Zuidwestelijke Delta

Type afspraak

Onderzoeks- en procesafspraak

Termijn

2025 – 2026

Locatie in North Sea Port District

Betreft heel North Sea Port District

H1 H2 H3 H4

31

2.4 Ruimte voor economie en energie De haven North Sea Port is het kloppend economisch hart van het North Sea Port District. Zonder North Sea Port geen District, en zonder leefbare en prettige leefomgeving voor haar bewoners geen North Sea Port. Een groot deel van haar meer dan 106.000 medewerkers woont immers in het District. Als derde haven van Europa (qua economisch toegevoegde waarde) maakt North Sea Port het District een havenindustreel cluster van (inter)nationaal belang26.

Om ruimte voor economie en energie mogelijk te maken, zijn een aantal ontwikkelingen van belang. Zo zal er meer groene elektriciteit gegenereerd en getransporteerd moeten worden naar het District om per 2050 klimaatneutraal te zijn. De energietransitie van industrie in de haven zal daarbij een grote vrager zijn. Om alle geplande opgewekte energie ten volle te benutten, is uitbreiding en verzwaring van het elektriciteitsnet urgent. Dit speelt over de grenzen heen.

De haven en NSPD dienen in 2050 klimaatneutraal te zijn, wat onder andere vraagt om circulair grondstoffengebruik en om extra hernieuwbare en CO2-vrije elektriciteitsproductie, zoals windenergie. De economische groei en grondstoffenen energietransitie van NSPD heeft grote tijdelijke en permanente ruimtelijke impact. Deze impact heeft weerslag op het grondgebied van de haven. Daar waar de haven momenteel al een aanzienlijke opgave heeft om voldoende ruimte te vinden voor deze transities in combinatie met nieuwe vormen van bedrijvigheid (in relatie tot de economie van de toekomst) en mogelijke autonome groei van de haven, zullen deze ruimtevragen de bestaande spanningen met de leefbaarheid van NSPD vergroten.

Er is momenteel al sprake van netcongestie in de provincie Zeeland. De beoogde extra opwek en aanlanding van (duurzame) energie aan Nederlandse zijde van NSPD, de ambities voor duurzame waterstofproductie, de bedrijfsduurverlenging en mogelijke nieuwbouw van twee kerncentrales aan Nederlandse zijde van North Sea Port District, zullen extra energie leveren maar ook extra vragen van het Nederlandse elektriciteitsnet. Tegelijkertijd loopt Vlaanderen voor in het elektrificeren van haar energievoorzieningen27. Netcongestie is daar minder aan de orde, maar ligt wel als risico op de loer28. Hoogspanningsnetbeheerder Elia is met haar investeringsplan, onder andere op basis van aanvragen en plannen vanuit de industrie, positief gestemd over de toekomstig beschikbare capaciteit op het elektriciteitsnet in 2025 en 203229.

Over de energietransitie in North Sea Port District zijn reeds een aantal bestuurlijke keuzes gemaakt. Zo hebben de overheden in North Sea Port District, tevens aandeelhouders van de haven, in hun aandeelhoudersstrategie besloten om North Sea Port te ontwikkelen tot klimaatneutrale Europese tophaven. De haven geeft hier invulling aan met haar strategisch plan Connect 2025 en stelt momenteel een Ruimtelijke Ontwikkelstrategie (ROS) op als gids voor haar ontwikkeling naar de gewenste Tophaven. Vanwege de grote ruimtelijke keuzes rondom de impact van de energietransitie op de (haven)economie, de beschikbaarheid van zoetwater en de leefbaarheid van het District, die reeds onder druk staat, is gerichte en grensoverstijgende actie nodig. Het District heeft met een CO2 uitstoot die vergelijkbaar is met de havens van Antwerpen en Rotterdam, een forse klimaatdoelstelling. Door klimaatverandering komen wateroverlast en droogte vaker voor, en de beschikbaarheid van voldoende zoetwater is een grote uitdaging in het District. Daarmee zullen zoetwaterbeschikbaarheid als verdelingsvraagstuk, en droogte in de Scheldemond en het Kanaal Gent-Terneuzen ook mede sturend zijn voor de ontwikkelrichting van de haven en het District.

Tegelijkertijd heeft uitbreiding van het elektriciteitsnet om de verduurzaming van de industrie te faciliteren ook grote ruimtelijke impact op de leefomgeving, zoals de tracés van het hoogspanningsnet en hoogspanningsstations en de landschappelijk inpassing ervan. In het North Sea Port District, en specifiek in de haven, ligt daarom momenteel een aanzienlijke opgave om voldoende ruimte te vinden voor deze grondstoffen- en energietransities en ook voor mogelijke groei van de haven, vanwege benodigde ruimte voor nieuwe (typen) havengebonden bedrijven die passen bij het nieuwe economische systeem van een energieneutrale en klimaatbestendige haven.

H1 H2 H3 H4

32 Waterstofproductie kan een belangrijke bijdrage leveren aan de energietransitie. North Sea Port en overheden zetten nu al in op North Sea Port als waterstofhub van Europa. Momenteel is North Sea Port al de grootste waterstofhub van de Benelux: jaarlijks produceren en consumeren de bedrijven 580 kton waterstof in het havengebied30. Naast waterstofproductie is de verwachting dat grootschalige import van waterstofdragers en opslag van waterstof plaats zal vinden in de toekomst. Ondanks de potentie, heeft het College van Rijksbouwmeesters in haar rapport ‘Toekomstbestendige Havens in de Vlaams-Nederlandse Delta’ gewaarschuwd voor een ‘lock-in’. Zij adviseert om niet eenzijdig in te zetten op één vorm van energie (zoals waterstof), omdat momenteel nog onduidelijk is welke technologieën en paden worden ingezet. Het vermijden van een ‘lock-in’, en daarmee de (ruimtelijke) ontwikkelruimte voor andere oplossingen behouden, is daarom van belang. Ook de beschikbaarheid van water is een belangrijke randvoorwaarde die ook beperkend kan werken. Brede inzet van en experimenteren met verschillende vormen van energie blijft een aandachtspunt31.

Een grensoverstijgende aanpak van waterstofproductie met inzicht in de verhouding tussen potentiële lokale productie en externe aanvoer op basis van de beschikbaarheid van zoetwater, ruimte en elektriciteit is noodzakelijk om te voorkomen dat de ontwikkeling van het gebied vast komt te zitten. Daarnaast is er de impact van een circulair wordende economie, als onderdeel van een klimaatneutraal 2050. Deze is echter nog weinig concreet in haar uitwerking en bestaat voornamelijk uit individuele acties vanuit de industrie. Smart Delta Resources onderzoekt de mogelijkheden voor samenwerking op het gebied van circulariteit en denkt na over de verdere ontwikkeling en optimalisering van materiaalstromen naar en binnen het cluster, met specifieke focus op de opgaven koolstof en water32. Er is nog weinig zicht op de ruimtelijke voordelen van grensoverstijgende clustering van reststromen. Nader onderzoek is nodig naar het ontwikkelen van circulaire hubs en naar het ruimtelijk clusteren van activiteiten, zodat reststromen efficiënter kunnen worden benut. In het onderzoek ten behoeve van de Ruimtelijke Ontwikkelstrategie van NSP zijn inschattingen opgenomen van de ruimtevraag voor circulaire activiteiten. Op de volgende pagina’s worden de belangrijkste afspraken op het gebied van ruimte voor economie en energie uitgelicht.

H1 H2 H3 H4

Grensoverstijgend ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie

34

Grensoverstijgend ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie Het economisch sterke District met het letterlijke en fysieke middelpunt van de zeehaven- en industriecluster North Sea Port, zal de komende jaren grote vraagstukken rond de verdere economische ontwikkeling en verduurzaming van Nederland en Vlaanderen moeten beantwoorden. North Sea Port kan een grote bijdrage leveren aan bestaande industriële waardeketens, en het faciliteren van de grondstoffen- en energietransitie door onder andere in te zetten op het versterken en uitbouwen van de multimodaliteit.

Daarom willen partijen gezamenlijk het toekomstig handelingsperspectief voor economische ontwikkeling verkennen en opstellen. Daarbij willen ze geïntegreerde afwegingen maken met de opgaven klimaatrobuust water- en bodemsysteem, en bereikbaarheid en wonen. Is er bijvoorbeeld ook voldoende beschikbaarheid van zoetwater als locaties voor productieprocessen van waterstof in beeld zijn? Via deze route willen partijen vanuit hun eigen rol en verantwoordelijkheid tot besluiten en uitvoering komen over locaties en projecten.

Belangrijke vraagstukken zijn onder andere (niet limitatief): • Het behouden en versterken van de Europese toppositie van de haven en de noodzakelijke ontwikkelingen voor de energie- en grondstoffentransitie, de industriële waardeketen en multimodaliteit • Aanlanding van Wind op Zee • Ontwikkeling van nieuwe kerncentrales • De 380-kV Zeeuws-Vlaanderen

Naast de feitelijke (ruimtelijke) keuzes voor de diverse opgaven hebben de overheden ook de uitdaging om binnen hun eigen ruimtelijke beleid en instrumenten, en de eventuele verdere ontwikkeling hiervan, deze keuzes mogelijk te maken. Dit geldt ook voor North Sea Port bij het opstellen van de Ruimtelijke Ontwikkelstrategie, de aandeelhoudersstrategie NSP en een nieuw Strategisch plan van de haven. Het huidige plan loopt tot en met eind 2025.

Het eigenaarschap van deze vraagstukken is divers. Zowel de haven, de Nederlandse Rijksoverheid, de Vlaamse Overheid, provincies en gemeenten hebben vraagstukken die urgent zijn voor de toekomstige economische en ruimtelijke ontwikkeling van het gebied. Er is tijdsdruk en nood om tot keuzes en besluiten te komen, en dit wordt ook zo ervaren. De vraagstukken leggen elk afzonderlijk beslag op de ruimte, waarbij meerdere ontwikkelingen dezelfde locaties in beeld hebben (concentratiehaarden). Zo lijken veel opgaven zich in het Sloegebied te concentreren. Doordat de ruimte in het gebied beperkt is, zal inzichtelijk gemaakt moeten worden of bijvoorbeeld een deel van de oplossingen verder ten zuiden in de Kanaalzone of elders gevonden moet worden. Om te komen tot antwoorden op deze vragen en uitvoeringsgerichte keuzes te maken, is gezamenlijk inzicht nodig. Inzicht in de ruimtelijke impact van de afzonderlijke vragen, de onderlinge interactie tussen deze vragen, welke (samenhangende) ruimtelijke oplossingen en alternatieven er zijn en hoe de keuzes gefaciliteerd kunnen worden. Dit alles in de wetenschap dat een grensoverstijgend ruimtelijk instrumentarium ontbreekt. Dit vraagt gebiedsgerichte afwegingen die tegelijkertijd het hele North Sea Port District aangaan.

Het Sloegebied, het gebied rondom Terneuzen, de grensoverstijgende Kanaalzone en de omgeving van Gent, zijn vier gebieden met ieder een eigen ruimtelijke puzzel. Deze gebiedsgerichte puzzels kunnen alleen in samenhang met andere gebieden en vanuit het perspectief van het gehele District opgelost worden.

Partijen zijn reeds gestart met een ruimtelijke verkenning in de vorm van Ontwerpof werkateliers onder leiding van de provincie Zeeland rond het Sloegebied en de Kanaalzone. Ze willen deze uitbreiden en toepassen voor het gehele District, in nauwe samenhang met de pijlers klimaatrobuust water- en bodemsysteem, en bereikbaarheid en wonen. De aan te stellen gebiedsregisseurs van NSPD hebben een belangrijke aanjagende en coördinerende rol in de uitvoering van dit sleutelproject (zie hoofdstuk 3 voor de toelichting over de rol gebiedsregisseurs). Onderdelen van de verkenning die partijen gezamenlijk willen doen, zijn: • ruimtelijk in beeld brengen van de verschillende opgaven en de onderlinge interactie ertussen; • in beeld brengen van de (on)mogelijkheden voor integratie van de opgaven voor economie en energie met andere opgaven (infrastructuur, wonen, behouden en versterken van de leefkwaliteit en klimaatrobuust water- en bodemsysteem) binnen NSPD; • formuleren van mogelijkheden voor handelingsperspectief (wat kan waar); • consequenties, aansluiting en mogelijke inpassing in kaart brengen ten aanzien van bestaand en nieuw beleid.

H1 H2 H3 H4

35 Zij realiseren dit door werkateliers te organiseren, waarbij relevante partijen en stakeholders samenkomen. Tijdens deze sessies wordt aan de hand van bestaande beleidskaarten en inzichten uit studies en onderzoek het gesprek gevoerd en gezamenlijk naar oplossingen gezocht. Gezamenlijke uitwisseling van data en kaartmateriaal staat voorop. In de planning wordt rekening gehouden met de projectprocedures aan beide kanten van de grens. De uitkomsten van de verschillende ateliers worden gecoördineerd door de gebiedsregisseurs en gezamenlijk besproken aan de NSPD-tafel. Vervolgens moeten deze voorstellen verwerkt worden in ruimtelijk beleid en instrumenten van de overheden en in de Ruimtelijke Ontwikkelstrategie van North Sea Port. Resultaat van dit sleutelproject zijn scenario’s of voorstellen op basis waarvan de individuele partijen besluitvorming kunnen organiseren rond locatie- of projectbesluiten en/of beleidsaanpassingen.

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Partijen stellen een ruimtelijk handelingsperspectief op, vanuit het besef dat er grote uitdagingen zijn voor economie en energie in het District, op basis waarvan partijen geïntegreerde en samenhangende keuzes (afgewogen ten opzichte van een klimaatrobuust water- en bodemsysteem, en bereikbaarheid en wonen) kunnen maken voor de verdere economische ontwikkeling van NSPD. • Partijen benutten hierbij de samenwerking rond deze Uitvoeringsagenda om via joint fact finding tot gezamenlijk inzicht te komen en het gezamenlijke gesprek te voeren over het gewenste ruimtelijk handelingsperspectief. • Partijen stellen gezamenlijk € 300.000-400.000 beschikbaar voor de uitvoering van deze verkenning.

Trekker

North Sea Port (Gerjo Bommeljé)

Counterpart voor trekker

Provincie Zeeland (Mathieu van Woerkom) Provincie Oost-Vlaanderen (Reinout Debergh)

Betrokken partners

• Alle BGTS partners • Projectbureau Gentse Kanaalzone • Vlaams Departement Omgeving • Nederlandse Ministerie van Klimaat en Groene Groei (Regio & Ruimte) • Nederlandse Ministerie van Economische Zaken • Nederlandse Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

Type afspraak

Onderzoeks- en procesafspraak

Termijn

2025 – 2026

Locatie in North Sea Port District

Betreft heel North Sea Port District

H1 H2 H3 H4

Grensoverstijgend waterstofnetwerk

37

Grensoverstijgend waterstofnetwerk Waterstof en waterstofdragers zijn essentieel als grondstof en brandstof voor de verduurzaming van industrie, mobiliteit en elektriciteitsproductie. Om aan de groeiende vraag te voldoen, is zowel binnenlandse productie van groene waterstof, het toepassen van blauwe waterstof als import van waterstofdragers noodzakelijk. Op termijn wordt een deel van de waterstof idealiter via een Europees waterstofleidingnetwerk verbonden met landen binnen en buiten Europa. Waterstofdragers uit verder gelegen gebieden zullen waarschijnlijk per schip worden aangevoerd, voornamelijk in de vorm van vloeibare waterstof of ammoniak. Deze vormen zijn makkelijker te transporteren dan gasvormige waterstof. Het North Sea Port District kan een belangrijke rol spelen in de benodigde verduurzaming van de industrie in het gebied, en kan ook NoordwestEuropa van groene waterstof voorzien. Om de klimaatdoelen te behalen, werken overheden en bedrijven hard aan de overgang naar duurzame energie en grondstoffen. North Sea Port District heeft hiervoor een sterke basisinfrastructuur, mede dankzij de strategische ligging van de zeehaven. De haven speelt een cruciale rol bij de import en doorvoer van goederen en grondstoffen, waaronder waterstof(dragers). Gelijktijdig is geïmporteerde waterstof is niet zondermeer inzetbaar als waterstof.

Dat zal eerst moeten worden omgezet, waarvoor installaties gebouwd moeten worden die ook ruimte vragen. De potentie en huidige rol van de haven zal naar verwachting leiden tot een mix van importstromen, waarbij verschillende waterstofdragers en toepassingen naast elkaar bestaan. Elke waterstofdrager heeft voor- en nadelen met betrekking tot publieke belangen, zoals betaalbaarheid, economische kracht, betrouwbaarheid, veiligheid, duurzaamheid, rechtvaardigheid, participatie en milieueffecten. Bovendien verschilt de geschiktheid van toeleveringsketens van de verschillende waterstofdragers voor meerdere toepassingen. Bij toekomstige beleidskeuzes over het stimuleren of ontmoedigen van specifieke waterstofdragers is het daarom van groot belang om al deze aspecten zorgvuldig af te wegen, evenals de belangen en mogelijkheden van betrokken partijen.

Infrastructuur is nodig om de transitie naar groene waterstof te kunnen maken. Daarom zal het North Sea Port District werken aan een waterstofleidingnetwerk dat onderdeel is van een Europees waterstofleidingnetwerk. Het heeft de voorkeur om aan te sluiten op de ruimtelijke en vergunningsprocedures die op dit moment in Vlaanderen doorlopen worden (Zeebrugge, E34 naar Antwerpen). Het Zeeuwse deel van de waterstofbackbone start in Moerdijk en krijgt aansluitingen in het Sloegebied en de Kanaalzone alsmede een aansluiting op het Vlaams netwerk. Wanneer de procedures zijn afgerond, kunnen de leidingen worden aangelegd. Het doel is om deze leiding in de bestaande buisleidingenstraat in te passen. Daar waar dit niet meer past, moet naar een geschikte inpassing gezocht worden om de impact op de natuur en leefomgeving te minimaliseren. De partners willen met dit sleutelproject bereiken dat voortvarend met de aanleg van buisleidingen wordt gestart, de grenskoppelpunten worden aangepakt en er verbinding gelegd wordt met het aan te leggen CO2-netwerk om daarmee voorkomen wordt dat er dubbelwerk nodig is. Dit kan concreet worden gemaakt door het onderzoeken van de ruimtelijke tracémogelijkheden voor connectie met de Europese waterstofbackbone, onder meer door aansluiting bij de geplande verbinding Antwerpen-Ruhrgebied.

De opstart van een planproces met inbegrip van een maatschappelijke kosten- en batenanalyse kan hier een vervolgstap in zijn. Met het investeren in buisleidingen kiezen partijen ook voor een veilige manier van transport voor de omgeving. Onderwijs en kennisinstellingen zijn belangrijke partners voor dit sleutelproject en worden als zodanig betrokken. Verder is een gezamenlijke lobby richting Brussel van belang om de positie van het District en het waterstofnetwerk goed te positioneren binnen het Europees netwerk.

H1 H2 H3 H4

38

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Partijen aan beide zijden van de grens voortvarend aan de slag om een grensoverstijgend waterstofnetwerk aan te leggen. • Partijen identificeren grenskoppelpunten en gaan actief aan de slag om blokkades die realisatie in de weg staan op te heffen. • Partijen betrekken onderwijs en kennisinstellingen als onderdeel van het partnerschap. • Partijen voeren een gezamenlijke lobby richting Brussel om het NSPDwaterstofnetwerk te positioneren als onderdeel van het Europees waterstofnetwerk.

Trekker

Gasunie

Counterpart voor trekker

Fluxys

Betrokken partners

• Gemeente Borsele • Gemeente Vlissingen • Gemeente Zelzate • Nederlands Ministerie van Klimaat en Groene Groei • Departement Omgeving • Provincie Zeeland • Provincie Oost-Vlaanderen • Smart Delta Resources • North Sea Port

Type afspraak

Procesafspraak

Termijn

Nederlandse netbeheerder HyNetwork (dochter van Gasunie) verwacht nu dat de leidingen binnen de vier industriële clusters aan de kust uiterlijk in 2030 klaar zijn

Locatie in North Sea Port District

Nader uit te werken

H1 H2 H3 H4

H3

40

3 Samenwerken aan uitvoering

3.

3.1 3.2 3.2

Bestuurlijke samenwerking 40 Uitvoeringsorganisatie 42 Bestuurlijk draagvlak 43

Om de Uitvoeringsagenda North Sea Port District te realiseren, is grensoverstijgende samenwerking nodig, niet enkel tussen de lokale en provinciale BGTSbesturen, maar ook tussen deze besturen en de regionale en nationale overheden en North Sea Port. Dit vraagt zowel een heldere governance als een versteviging van de uitvoeringskracht.

3.1 Bestuurlijke samenwerking Binnen het North Sea Port District wordt regionale samenwerking, in combinatie met de Uitvoeringsagenda, door de betrokken partijen gezien als een katalysator voor grensoverstijgende samenwerking. Met het vaststellen en aanvaarden van deze Uitvoeringsagenda door de BGTS, North Sea Port en de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid, engageren deze partijen zich tot onderlinge samenwerking. Momenteel is in het North Sea Port District een grensoverstijgend samenwerkingsverband tussen acht partners actief: stad Gent, gemeente Evergem, gemeente Zelzate, gemeente Terneuzen, gemeente Borsele, gemeente Vlissingen, provincie Zeeland en provincie Oost-Vlaanderen. Op 1 december 2021 besloten zij tot de oprichting van de Benelux Groepering voor Territoriale Samenwerking (BGTS) North Sea Port District. De ambitie van de BGTS is om van de havenregio een aangename leef- en werkomgeving te maken met een positieve impact op het klimaat. Voor de Uitvoeringsagenda starten de gezamenlijke partijen met een NSPD-tafel. De inhoudelijke en procesmatige afstemming van de Uitvoeringsagenda vindt plaats aan deze NSPD-tafel. Alle partijen, te weten de BGTS(-besturen), Vlaamse Overheid, de Nederlandse Rijksoverheid en North Sea Port zitten gelijkwaardg aan tafel. In 2025 zullen de partijen de onderlinge verantwoordelijkheden en taken nog explicieter uitwerken.

In praktische zin sluiten de vergaderingen van de NSPDtafel zoveel mogelijk aan bij de bestaande BGTS-overleggen.

H1 H2 H3 H4

41 Niet bij elk sleutelproject zijn elk van de partners inhoudelijk betrokken of medeverantwoordelijk voor de uitvoering. De partners maken onderscheid tussen drie soorten bestuurlijke afspraken om de samenwerking en uitvoering rondom sleutelprojecten te organiseren. Aan de hand hiervan maken zij de taken, rollen en bevoegdheden voor de verschillende partners per type project inzichtelijk (wordt nog verder uitgewerkt). • Sleutelprojecten waarin Vlaanderen-Nederland-Regioafspraken centraal staan. Dit zijn projecten die van nationaal en regionaal belang zijn voor NSPD en waarin de regionale partijen (deels) eigenaarschap hebben en hulp nodig hebben van de Nederlandse en/of Vlaamse Overheid, dan wel een VlaamsNederlands gecoördineerde aanpak nodig is. De partners van de Uitvoeringsagenda hebben gezamenlijk voor deze sleutelprojecten een sturende en coördinerende rol. In hoofdstuk 2 van deze agenda zijn zeven sleutelprojecten beschreven die de huidige inhoudelijke agenda van de ‘Vlaanderen-Nederland-Regioafspraken’ invullen. • Sleutelprojecten waarin Regioafspraken centraal staan. Dit zijn sleutelprojecten die spelen of gaan spelen in NSPD en van belang zijn voor het District. Deze sleutelprojecten worden of zijn vanuit de regio opgepakt.

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Langjarig en geïntegreerd samen te gaan werken aan de verdere ontwikkeling van het grensoverstijgende North Sea Port District. De deelnemende partijen stemmen hun acties en ruimtelijke ingrepen af op de realisatie van het Ontwikkelperspectief NSPD (2023). De Uitvoeringsagenda als rollende agenda vormt de inhoudelijke basis voor deze samenwerking. • Actief bij te dragen aan de gezamenlijke realisatie van de Uitvoeringsagenda en die onderdelen van de sleutelprojecten waarvoor elke partij bevoegd is. • De samenwerking en besluitvorming met betrekking tot de Uitvoeringsagenda te organiseren en coördineren vanuit de te starten NSPD-tafel, waarbij de BGTS(-besturen), de Vlaamse Overheid, de Nederlandse Rijksoverheid en het Havenbedrijf North Sea Port als gelijkwaardige partners aan tafel zitten. • Jaarlijks de voortgang te bespreken: zijn we op koers (worden de beoogde doelen bereikt), zijn we op schema (tijd en budget), klopt de samenhang nog en zijn we voldoende in dialoog met onze partners en omgeving?

De BGTS-partners en North Sea Port hebben voor deze sleutelprojecten een sturende en coördinerende rol. De Vlaamse en Nederlandse overheden hebben een adviserende en ondersteunende rol. Hoofdstuk 4.1 geeft een overzicht van sleutelprojecten die primair afspraken en besluitvorming tussen partijen in de regio vragen. • Sleutelprojecten waarin Raakvlakafspraken centraal staan. Het gaat om Vlaamse of Nederlandse projecten met een belang voor NSPD, maar waar de besluitvorming (deels) elders ligt, zie ook laatste aanpassing in strategische nota op basis van laatste overleg. De sturing en coördinatie van deze projecten zijn al belegd op een andere tafel (bijvoorbeeld het Projectbureau Gentse Kanaalzone, MIRT, SDR, Zuidwestelijke Delta). De partners gebruiken de coördinatie rondom de Uitvoeringsagenda om elkaar te informeren en af te stemmen waar nodig, met daarbij specifieke aandacht voor de ruimtelijke impact van deze projecten op North Sea Port District. De specifieke agendapunten voor deze ‘raakvlakafspraken’ worden door de partners zelf proactief ingebracht.

H1 H2 H3 H4

42

3.2 Versterken uitvoeringskracht Met het omarmen van deze Uitvoeringsagenda vinden de samenwerkende partijen het ook tijd om de uitvoeringskracht te verstevigen. Momenteel vervult de secretaris van de BGTS de coördinatie rond de Uitvoeringsagenda al voor een deel, maar deze taak is te veel omvattend voor de beschikbare capaciteit die daar nu voor beschikbaar is. Door de inzet van de secretaris uit te breiden met een aantal gebiedsregisseurs die de integrale uitvoering van de Uitvoeringsagenda vanuit de eigen organisaties zullen aanjagen en ondersteunen, versterken de partners de uitvoeringskracht. De gebiedsregisseurs zijn de afgevaardigden van de partners van de Uitvoeringsagenda. Samen vormen zij het Uitvoeringsbureau NSPD van de Uitvoeringsagenda. Dit Uitvoeringsbureau NPSD bestaat uit: • een secretaris vanuit de BGTS-partners conform de huidige wijze waarop deze is ingevuld. De secretaris draagt zorg voor de verbinding en afstemming; • vijf gebiedsregisseurs die vanuit de betrokken partners de uitvoering van de sleutelprojecten organiseren: een bij provincie Zeeland , een bij provincie Oost-Vlaanderen, een bij de Vlaamse Overheid, een bij de Nederlandse Rijksoverheid en een bij North Sea Port; • een voltijds ondersteunende kracht vanuit de BGTS-partners Voor de verdere uitvoering van de sleutelprojecten van de Uitvoeringsagenda worden verschillende projectleiders voorzien.

Deze projectleiders zijn afkomstig van een van de partners of bestaande samenwerkingsverbanden zoals het Projectbureau Gentse Kanaalzone. Deze projectleiders hebben een sterke interactie met de gebiedsregisseurs en vormen een flexibele schil van het Uitvoeringsbureau. De bestuurlijke samenwerking wordt ondersteund door een ambtelijke kerngroep waarin alle partijen vertegenwoordigd zijn. Vanuit de bestuurlijke kaders organiseert de kerngroep samen met de gebiedsregisseurs de dagelijkse aan- en bijsturing van de Uitvoeringsagenda en de daarbij behorende sleutelprojecten. Daarmee blijven alle BGTS-partners, dus ook de gemeenten, nauw betrokken. De precieze taak- en rolverdeling van de gebiedsregisseurs, de projectleiders en de kerngroep wordt nader uitgewerkt. Om de ambtelijke inbedding voldoende te borgen, vindt tweemaal per jaar een Directeuren Overleg plaats voor NSPD, met aanwezigheid van een van de directeuren of secretarissen per betrokken partij.

Het Uitvoeringsbureau North Sea Port District heeft onder andere als taken: 1. Komen tot een grensoverstijgende gezamenlijke gebiedsregie op North Sea Port District met alle partijen als opstap naar de concrete uitvoering van projecten. Voor deze gebiedsregie zijn de gebiedsregisseurs vanuit de betrokken partners cruciaal. 2. Aanjagen, organiseren en coördineren van de verdere uitvoering van de sleutelprojecten en tegelijkertijd de samenhang in de gebiedsontwikkeling organiseren en zorgen voor een juiste inhoudelijke en procesmatige afstemming tussen de sleutelprojecten. 3. Voorstellen uitwerken om te komen tot realisatie via grensoverstijgende optimalisatie van de werking, bundeling van instrumenten en middelen en procedurele verknoping waarbij optimaal gebruik gemaakt wordt van de gebiedsregisseurs en hun achterbannen. 4. Actief betrekken van andere relevante publieke en private partijen. 5. Voorstellen uitwerken voor afstemming met de overige ontwikkelingen en activiteiten die raakvlakken hebben met deze Uitvoeringsagenda en waar mogelijk bestaande werkingen stroomlijnen. 6. Communicatie verrichten over de inspanningen en resultaten van de samenwerking in North Sea Port District, waaronder de sleutelprojecten.

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • De uitvoeringskracht te versterken door daarvoor de voorgestelde menskracht te leveren voor samenwerking vanuit het Uitvoeringsbureau NSPD. • De naam en het logo van North Sea Port District te gebruiken voor de aanduiding van het gebied, waarbij gedoeld wordt op de dynamische ontwikkeling van het havengebied en de omgeving waar het ook goed wonen, leven en werken is. Daarnaast actief bij te dragen aan de uitstraling en communicatie over NSPD middels de (in ontwikkeling zijnde) website North Sea Port District, met als doel de zichtbaarheid van de bestuurlijke samenwerking te vergroten.

H1 H2 H3 H4

43

3.3 Bestuurlijk draagvlak Samenwerking tussen overheden en de haven aan de ontwikkeling van North Sea Port District staat niet op zichzelf en kent groeiend bestuurlijk draagvlak. De vorige minister-presidenten Jambon (Vlaanderen) en Rutte (Nederland) hebben op de Vlaams-Nederlandse Top eind 2020 hun waardering uitgesproken voor grensoverstijgende samenwerking in en voor het District en hun steun toegezegd aan de Werkagenda van de BGTS North Sea Port District. Deze Werkagenda is in 2020 door de acht aandeelhoudende overheden van de haven North Sea Port vastgesteld en bevat de gezamenlijke ambities en eerste acties voor de regionale samenwerking. Op de Vlaams-Nederlandse Top in 2023 werd in de slotverklaring het volgende gesteld: “De ambitie is om het District te ontwikkelen tot één complementair grens- en Westerschelde-overschrijdend woon-leer-werkgebied zodat de diverse deelgebieden elkaar versterken wat betreft kwaliteitsvolle woon- en leefkwaliteit, onderwijs, kennisontwikkeling en arbeidsmarkt. We zetten in op een samenhangende grensoverschrijdende samenwerking. Een samenwerking die de realisatiekracht ten goede komt en een bijdrage kan leveren aan het versterken van de economie en de brede welvaart”.

In het nieuwe Vlaams Regeerakkoord 2024-2029 wordt de gebiedsontwikkeling als een fundamentele krijtlijn naar voren geschoven en wordt nadrukkelijk gewag gemaakt van een performante maar geïntegreerde ontwikkeling van de zeehavens: “Onze havens en economische netwerken blijven belangrijke infrastructuren van de Vlaamse economie en onze welvaart. We voorzien ruimte voor ontwikkeling in een flexibel, toekomstgericht kader (op vlak van ruimte, milieu, vergunningen, tewerkstelling…). In en rondom onze economische polen creëren we op een verstandige en efficiënte manier ruimte voor gebiedseigen ontwikkeling en geven we onze economie kansen.”33 De gebiedsontwikkeling en samenwerking met andere landen is een belangrijk aandachtspunt, zoals blijkt uit de beleidsnota Buitenlands Beleid 2024-2029: “We werken voort op de Noord-strategie die de Vlaamse Regering de voorbije jaren opstartte en intensifiëren onze banden met de verschillende Noordzeelanden, zodat de beloftevolle uitbouw van de relaties verder invulling krijgt. Daarbij kan er in elk van de betrokken landen een sterkere geografische focus komen, met een gerichtere inzet op prioritaire opgaven (zoals energie, innovatie, digitalisering...)”, waarbij wordt verwezen naar het District: “We ondersteunen en faciliteren de geïntegreerde havensamenwerking in het North Sea Port District”.34

De Vlaamse beleidsnota Omgeving 2024-2029 zet in op een geïntegreerde aanpak om te komen tot een effectieve samenhangende uitvoering: “Gebiedsgericht werken maakt het mogelijk om op pragmatische wijze interbestuurlijk samen te werken, maatwerk te leveren en de meest optimale win-win beslissingen te nemen. We gaan voor geïntegreerde en/of gebiedsgerichte agenda’s binnen de Vlaamse Overheid zelf, maar net zo goed voor duurzame samenwerking tussen verschillende bestuursniveaus en voor geïntegreerde ondersteuning van lokale coalities.”, waarbij men streeft naar het “bundelen van investeringen en het aangrijpen van koppelkansen om omgevingsdoelen mee te realiseren. Dit in de havengebieden (…) en North Sea Port District (regio Gent – Terneuzen - Vlissingen)”.35 Ook in de beleidsnota Economie, wetenschap, innovatie en industrie 20242029 wordt ingezet op samenwerking om de Klimaatsprong te realiseren: “De Vlaamse Klimaatsprong wordt verder uitgewerkt als coördinerend actieprogramma van de industriële klimaattransitie, zowel rond procestransformaties als rond infrastructuur- en energiebehoeften. We maken een update van de roadmap ‘Naar een koolstofcirculaire en CO2-arme Vlaamse industrie’ en evalueren de doelstellingen en de impact op lange termijn.”36 In de Havenstrategie37 wijst de Vlaamse Overheid op de wederzijdse impact tussen de havens en hun omgeving.

Verdere havenontwikkeling binnen de zeer dense Vlaamse regio zal volgens de strategie alleen mogelijk zijn als ze duurzaam is. Er is een groeiend besef van de invloed van de havenactiviteiten op mobiliteit, lucht, klimaat en leefomgeving. Een groene transitie van de industrie, de scheepvaart en het wegverkeer dient zich aan, maar ook intensiever ruimtegebruik en herstructurering. Bovendien is er aandacht voor de integratie van de haven en de stedelijke economie: het raakvlak tussen haven en stad duurzamer invullen en doelmatig bepalen welke functies zich kunnen situeren in de overgangsgebieden tussen haven en stad. Het Nederlandse kabinet voert de regie op de ruimtelijke ordening. Hierbij heeft de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) een coördinerende rol, en werkt om hier invulling te geven aan de Nota Ruimte. Dit is een actualisatie van de Nationale Omgevingsvisie, die een integrale afweging maakt van de inrichting van Nederland op de lange termijn. In het Nederlandse regeerprogramma wordt het belang benadrukt om gebiedsgericht aan de slag te gaan en aan te sluiten bij de lokale opgaven en kansen. In het programma NOVEX werkt de Nederlandse Rijksoverheid samen met de provincies en regio’s aan de inpassing en realisatie van nationale en decentrale ruimtelijke opgaven.

H1 H2 H3 H4

44 Binnen het programma NOVEX worden afspraken gemaakt hoe deze opgaven worden opgepakt. De Nederlandse Rijksoverheid maakt afspraken over het coördineren van de ruimtelijke ordening met de twaalf afzonderlijke provincies via de Ruimtelijke Voorstellen en Arrangementen. Daarnaast zijn zestien gebieden aangewezen waar veel complexe opgaven bij elkaar komen, de NOVEX-gebieden. Instrumenten voor deze NOVEX-gebieden (zoals het Ontwikkelperspectief en de Uitvoeringsagenda) geven invulling aan de Ruimtelijk Arrangementen per provincie. In 2022 is het North Sea Port District38 aangewezen door de Nederlandse Rijksoverheid als een NOVEX-gebied en is daarmee één van de vijf gebieden uit het haven- en industriecluster. De NOVEX-gebieden zijn regio’s in Nederland waar nationale opgaven in het fysieke domein dusdanig stapelen dat gebiedsgerichte ordening en prioritering van verschillende nationale en regionale opgaven noodzakelijk zijn om tot de gewenste ontwikkelrichting met behoud van ruimtelijke kwaliteit te komen. De grote opgaven en schaarse ruimte vragen een samenhangende aanpak en intensieve samenwerking. Met NOVEX gaat de Nederlandse Rijksoverheid langjarige partnerschappen aan in deze regio’s, met betrokkenheid van meerdere ministeries.

Om de opgaven effectief aan te pakken, bundelen de Rijksoverheid, regio, provincies, waterschappen en gemeenten hun krachten en werken ze gebiedsgericht samen. Elke NOVEX-gebied kent een betrokken en verantwoordelijke vakminister. Voor NSPD is dat, gezien de forse opgave in Energie Transitie en Verduurzaming Industrie, de Minister van Klimaat en Groene Groei (MKGG).

De aandeelhoudende overheden van North Sea Port, verenigd in de BGTS, hebben in hun aandeelhoudersstrategie besloten om North Sea Port te ontwikkelen tot klimaatneutrale Europese tophaven. De haven geeft hier invulling aan met haar strategisch plan Connect 2025 en stelt momenteel een Ruimtelijke Ontwikkelstrategie (ROS) op als gids voor haar ontwikkeling naar de gewenste tophaven. Momenteel wordt de aandeelhoudersstrategie van de haven geactualiseerd, evenals het Strategisch Plan van de haven zelf. Met het gezamenlijk vaststellen van deze Uitvoeringsagenda versterken de partijen het bestuurlijk draagvlak en borgen die voor de verdere ontwikkeling van NSPD. Vanuit de samenwerking en door het daadwerkelijk tot uitvoer brengen van de sleutelprojecten zal dit bestuurlijk draagvlak alleen maar toenemen.

Van de zestien aangewezen NOVEX-gebieden, is NSPD het enige grensoverstijgende NOVEX-gebied. Het in 2023 vastgestelde Ontwikkelperspectief NSPD en de uitwerking hiervan in een Uitvoeringsagenda zijn instrumenten in het NOVEXprogramma, en omarmd door Vlaamse partijen. Samen met de provincie Zeeland zijn met twee Regio Deals in dit gebied belangrijke stappen gezet om de brede welvaart te vergroten. De uitwerking hiervan is in volle gang en er blijven structurele uitdagingen op het gebied van innovatie, bereikbaarheid, voorzieningen en woningbouw, onder andere ten gevolge van de vergrijzing en het wegtrekken van veel jongeren. Daarnaast heeft de Nederlandse Rijksoverheid in 2020 een Havennota 2020-2030 opgeleverd met een integrale visie op de toekomst (middellange termijn) van de Nederlandse havens. De Havennota heeft een tijdshorizon van 2020-2030 en benoemt voor deze periode de kansen, opgaven en mogelijke inzet. Het uitgangspunt is dat de havens, het (haven)bedrijfsleven en de overheden hier samen invulling aan geven.

H1 H2 H3 H4

H4

Indicatieve weergave van de zestien sleutelprojecten in deze Uitvoeringsagenda

H2

Vlissingen

Goes

46

4 Sleutelprojecten voor North Sea Port District In hoofdstuk 2 zijn de grensoverstijgende sleutelprojecten waarin afspraken met de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid centraal staan, beschreven. In dit hoofdstuk worden de overige sleutelprojecten toegelicht. Paragraaf 1 geeft een overzicht van sleutelprojecten waarvoor primair regionale overheden, en ook de haven North Sea Port, onderling afspraken maken. In 4.2 wordt een overzicht gegeven van afspraken die partijen maken om de raakvlakken van projecten met impact op North Sea Port District, waarvan besluitvorming elders ligt, te bewaken, af te stemmen en te coördineren.

Borssele

Terneuzen

Zelzate H2

Evergem Grensoverstijgend wonen Bus Rapid Transit Gent - Terneuzen/Goes Rail Ghent - Terneuzen Knooppunt Zelzate

GENT

Klimaatrobuust water- en bodemsysteem Grensoverstijgend ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie

H2

Grensoverstijgend waterstofnetwerk Nabijheid voorzieningen Ondertunneling Kanaal Walcheren Grensoverstijgende fietsinfrastructuur Mobiliteitshubs Extra Koppelingsgebieden Economie, kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt North Sea Port District Groenblauwe dooradering en omkadering Elektrificatie North Sea Port Energieinfrastructuur

H1 H2 H3 H4

47

4.1 Regionale afspraken Opgave

Naam Samenvattende beschrijving sleutelproject sleutelproject

Partners (indicatief)

Afspraak

Raakvlak met Regio Deal North Sea Port District

8 Bereikbaar-

Nabijheid voorzieningen

De Zeeuwse Regionale Mobiliteitsstrategie (RMS), heeft als doel een robuust openbaar vervoernetwerk te realiseren dat zeven dagen per week volledige dekking biedt. Centraal staat een combinatie van traditioneel openbaar vervoer en vraagafhankelijk vervoer, ondersteund door digitale dispatchingsystemen en een centrale mobiliteitscentrale. Innovaties zoals co-mingling van vervoerssystemen en grensoverstijgende samenwerking versterken het netwerk, waarbij de toegankelijkheid voor zorginstellingen een cruciaal aandachtspunt blijft. Dit sleutelproject heeft een sterke link met het Interreg-project Go Scheldemond waarin hindernissen voor realiseren van grensoverschrijdend openbaarvervoer wordt aangepakt.

Nederlandse ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Het nieuwe publieke vervoersysteem dient een blauwdruk te zijn voor vergelijkbare gebieden in Nederland en Vlaanderen. Het softwaresysteem is afgekocht voor komende vijf jaar. Nederlandse Rijksoverheid en regio speken af dat: • Er gezamenlijk onderzocht wordt of er vervolg kan komen in ondersteuning vanuit de Nederlandse Rijksoverheid of vanuit Europa, om de continuïteit te kunnen borgen en ruimte te krijgen voor doorontwikkeling (software of beschikbaarheid voertuigen/ assets).; • De Nederlandse Rijksoverheid, de Vlaamse Overheid en de regio spreken af dat onderzocht wordt hoe deelvervoer een vast onderdeel kan worden binnen de businesscase Zeeland (veel toerisme en dagelijks forenzen voor de eerste en laatste deel van de reis).

Sleutelopgave vergroten van bereikbaarheid voorzieningen

9 Bereikbaar-

Ondertunneling Kanaal Walcheren

Het project “Ondertunneling Kanaal door Walcheren” richt zich op het structureel verbeteren van de bereikbaarheid en verkeersveiligheid rond Vlissingen door een aquaduct onder het kanaal te realiseren. Hiermee worden de knelpunten bij de Sloebrug en spoorwegovergang aangepakt, met als doel een toekomstbestendige en sociaaleconomisch versterkte infrastructuur te creëren voor Walcheren.

Provincie Zeeland, Gemeente Vlissingen, Gemeente Veere, Gemeente Middelburg

De problematiek en voorgestelde maatregelen worden in 2025 opnieuw, in eerste instantie in de regio, besproken. Vandaaruit wordt gekeken of en hoe aanhaken bij de Nederlandse Rijksoverheid en de MIRT (NL) kansrijk en wenselijk is. Zeeuwse overheden spreken af om: • Samen te werken aan een gedragen probleemstelling en passende oplossingsrichtingen voor de knelpunten rond de bereikbaarheid van ZuidwestWalcheren. • Voort te zetten van de verkenningsfase om fysieke en financiële haalbaarheid van de voorgestelde oplossingen, zoals een aquaduct, verder uit te werken.

Niet van toepassing

heid en wonen

heid en wonen

H1 H2 H3 H4

48

Opgave

10 Bereikbaarheid en wonen

Naam sleutelproject Grensoverstijgende fietsinfrastructuur

Samenvattende beschrijving sleutelproject Dit project betreft een samenhangende en gezamenlijke visie en plan voor fietsinfrastructuur, bestaande uit: (1) Visie (woon-werk-recreatief) van het fietsnetwerk en (2) grensoverstijgend netwerk in kaart brengen inclusief waar nog wat nodig is. In Vlaanderen bestaat het netwerk van fietssnelwegen (fsw) en het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk (bff). Beide zijn ook ingetekend binnen de Gentse haven en Zelzate. Zaak is om de netwerken aan beide zijden van de landsgrens op elkaar aan te takken. Daarnaast moet aansluiting gevonden worden bij het Project Gentse Kanaalzone voor de verdere uitbouw van de fietsinfrastructuur in het Gentse havengebied. Er is vraag naar een grensoverschrijdende visie. Hoofdvragen zijn: Wat is de vervoersvraag? Wat is het potentieel? We vertrekken met deze studie vanuit een analyse van de bestaande fietsnetwerken van beide landen. Voor de Gentse Kanaalzone is er als consensus tussen alle partners het Raamplan Fiets met een drielagig netwerk (fietssnelwegen, bovenlokaal functioneel fietsnetwerk en lokaal functioneel fietsnetwerk). Doelstelling is om dit volledige te realiseren tegen 2030. Een katalysator voor deze doelstelling kan zijn, een bestaand ‘grensoverschrijdend’ infrastructuurproject, namelijk de fietsverbinding Zelzate – Terneuzen.

Enerzijds is er het fietssnelwegproject F424 in Zelzate (https://fietssnelwegen. be/fietssnelwegen/F424). De provincie Oost-Vlaanderen plant de omgevingsvergunning hiervoor dit jaar in te dienen. Anderzijds is er de aansluitende fietsverbinding op het grondgebied van Nederland in het kader van het Fietz Zeeuws Toekomstbeeld Fiets, dat in 2027 gerealiseerd zou worden.

Partners (indicatief)

Afspraak

Trekker: Partijen spreken af om: Provincie Oost• Het project te verbinden met Vlaanderen de Regio Deal en met het samen met Demoproject Vlaanderen. Provincie Zeeland • Trajecten in kaart te brengen en af te stemmen. Partners: • Te zoeken naar een uniforme BGTS partners, benadering. Vlaams Departement, MOW, Nederlands Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat

Raakvlak met Regio Deal North Sea Port District Mogelijk met Bereikbaarheid en Gezonde leefomgeving

H1 H2 H3 H4

49

Opgave

11 Bereikbaarheid en wonen

Naam Samenvattende beschrijving sleutelproject sleutelproject Mobiliteitshubs

Onderzoeksproject naar een samenhangend en grensoverstijgend mobiliteitssysteem. Binnen NSPD gebeurt al veel op mobiliteitsgebied. Maar het totaalbeeld op een grensoverstijgend mobiliteitssysteem ontbreekt. Dit project beoogt het systeem en alle ontwikkelingen in beeld te brengen en af te stemmen. Het beeld is dat er veel gebeurt op de grote lijnen. De focus binnen dit project ligt daarom op het bekijken waar en wat voor soort mobiliteithubs er nog nodig zijn, zodat ook de last mile goed ingericht wordt. Aan Vlaamse zijde zijn dit de Hoppinpunten.

Partners (indicatief)

Afspraak

Raakvlak met Regio Deal North Sea Port District

Bereikbaarheid Partijen spreken af om: • Toe te werken naar een samenhangend grensoverstijgend mobiliteitssysteem. • Onderzoek te verrichten naar het huidige mobiliteitssysteem in het District, als bouwsteen voor een grensoverstijgend Raakvlak met mobiliteitssysteem. GO Scheldemond • Het op elkaar afstemmen van systemen (Vlaams om te komen tot een samenhangend Departement grensoverstijgend mobiliteitssysteem. MOW) • Hiervoor – in eerste aanleg - € 150.000 vrij te maken. Hierbij wordt gekeken naar verschillende mogelijke financieringsbronnen. • Primair te focussen op het verbeteren van de last mile, en daarom minimaal aanleiding geven voor een verdere uitrol van mobiliteitshubs in het gebied. • Het onderzoek binnen een termijn van twee jaar te realiseren. Waarna de ontwikkeling, het ontwerp en de realisatie van mobiliteithubs in de volgende twee jaar vorm kan krijgen. BGTS partners Concessiehouders OV Vlaanderen/ Nederland

H1 H2 H3 H4

50

Opgave

12 Bereikbaarheid en wonen

Naam Samenvattende beschrijving sleutelproject sleutelproject Extra Koppelingsgebieden

Koppelingsgebieden kunnen verschillende vormen krijgen, zoals groene recreatiezone, sponsnatuur en natuurinclusieve landbouw. Hoe dichter kernen bij (geplande) industrie/ havenactiviteiten liggen, hoe meer omvang en prioriteit koppelingsgebieden kunnen krijgen. De reeds ontwikkelde koppelingsgebieden in de Gentse Kanaalzone en de drie beschreven pilots in de Nederlandse Regio Deal voor North Sea Port District kunnen een startpunt zijn voor de uitbouw van een breder grensoverstijgend en groenblauw netwerk dat een buffer biedt van de mogelijke industrie-overlast en bijdraagt aan een gezonde leefomgeving. Naast de Nederlandse bijkomende gebieden is blijvende aandacht voor de Vlaamse koppelingsgebieden belangrijk: zestien gebieden, waarvan dertien koppelingsgebieden zijn gerealiseerd, drie gaan richting uitvoering en voor de laatste drie is er momenteel geen beslist of gebudgetteerd beleid.

Partners (indicatief)

Afspraak

Partijen spreken af om: • Extra koppelingsgebieden aan te wijzen, met prioriteit voor gebieden die dichtbij kernen enerzijds en (geplande) industrie/ VLM havenactiviteiten anderzijds liggen. (VLM heeft opdracht om zestien • Voorkeursgebieden te concretiseren. koppelingsDit is een startpunt richting een breder gebieden te grensoverstijgend en groenblauw netwerk. realiseren via twee landinrichtingsprojecten) BGTS partners North Sea Port

Raakvlak met Regio Deal North Sea Port District Bereikbaarheid

H1 H2 H3 H4

51

Opgave

13 Ruimte voor

economie en energie

14 Klimaat-

robuust water- en bodemsysteem

Naam sleutelproject Economie, kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt North Sea Port District

Groenblauwe dooradering en omkadering

Samenvattende beschrijving sleutelproject

Partners (indicatief)

Onderzoeksproject om inzicht in de (midden- en kleinbedrijf) economische netwerken, afhankelijkheden en de verbondenheid met de haven en met de omgeving (zowel stedelijke omgeving als de kennisinfrastructuur) te krijgen. Om op basis van die data gefundeerde economische beleidsbeslissingen te kunnen nemen. Maar ook meer gericht in te kunnen spelen op ontwikkelingen, zoals het doorontwikkelen van de kennisinfrastructuur, kennis- en innovatienetwerken en arbeidsmarktvraagstukken. Voor het Vlaamse deel van de haven is in het verleden al eens een onderzoek verricht. Mogelijk moet dit geüpdatet worden. Voor het Nederlandse deel ligt deze data er niet. NSP-Talent; een nieuw project zal deze legislatuur opgestart worden binnen Stad Gent m.b.t. Raakvlak onderzoeken: NSP-Talent: een nieuw project zal deze legislatuur opgestart worden binnen de Stad Gent m.b.t. Expats. Daarnaast wordt er gewerkt aan een opleidingscentrum voor de sector van biotech in Gent.Daarnaast wordt er gewerkt aan een opleidingscentrum voor de biotech-sector in Gent.

Provincie Oost-Vlaanderen, Provincie Zeeland, Gemeenten Vlissingen, Borsele, Terneuzen, Gent, Evergem, Zelzate

Creëren van netwerk van water en groen dat met elkaar in verbinding is t.b.v. Project om in het District een netwerk van water en groen dat in verbinding is t.b.v. ecosysteemdiensten (biodiversiteit, buffering), en dat verbonden is met de gebieden buiten het District, te creëren. Daarmee worden ecologische verbindingszones gecreëerd en wordt voorkomen dat gebieden of populaties geïsoleerd worden. Een netwerk kan van tijdelijke en permanente aard zijn. In Vlaanderen is men vergevorderd met de ontwikkeling van een groenblauw lint door aanleg van Koppelingsgebieden (westzijde Kanaalzone). In Nederland is het natuurnetwerk zodanig versnipperd dat leefgebieden onvoldoende verbonden zijn.

Provincie Zeeland (afd. Natuur), Provincie Oost-Vlaanderen, Projectbureau Gentse Kanaalzone, Gemeenten Waterschappen / Polders en Wateringen, North Sea Port Eigenaren percelen, Natuurorganisaties (VLM)

NSP North Sea Port Talent Kennisinstellingen in NSPD gebied. Kennisinstellingen in het District

Afspraak

Raakvlak met Regio Deal North Sea Port District

Bereikbaarheid Partijen spreken af om: • Onderzoek te verrichten naar het huidige economische ecosysteem in het District • Hiervoor – nog nader te verdelen – € 500.000 vrij te maken. Hierbij wordt gekeken naar verschillende mogelijke financieringsbronnen. • Inzicht in deze data als bouwsteen voor economische beleidskeuzes te gebruiken, maar tevens ook te benutten als startpunt richting een breder gesprek over de doorontwikkeling van de kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt in het District. • Het onderzoek binnen een termijn van twee tot vier jaar te realiseren. Verdere mijlpalen zijn nog te bepalen. Nader te bepalen Mogelijk de link maken met gebiedsinvesteringen Netten op Zee (provincie Zeeland).

Mogelijk met Koppelingsgebieden

H1 H2 H3 H4

52

4.2 Raakvlakafspraken In de raakvlakafspraken komen projecten aan de orde waar de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid elders ligt. Deze projecten hebben wel impact op het District, waardoor de partners en andere partijen afspreken de ruimtelijke samenhang met het District af te stemmen en samen de impact op North Sea Port District te bewaken. Opgave

15 Ruimte voor

economie en energie

Naam sleutelproject Elektrificatie North Sea Port

Samenvattende beschrijving sleutelproject De verduurzaming van de industrie en de energietransitie richten zich op het terugdringen van fossiele brandstoffen en CO2-uitstoot, waarbij elektrificatie een cruciale rol speelt. Grote industriële spelers investeren fors, maar de energieopwekking moet aansluiten bij lokaal gebruik, wat vraagt om aanpassingen aan het elektriciteitsnetwerk, inclusief walstroomvoorzieningen. Op Europees niveau is bepaald dat 55% van de elektriciteit uit windenergie moet komen om de CO2-doelstellingen te halen, wat richting geeft aan de plannen. Bedrijven moeten worden uitgedaagd en begeleid bij elektrificatie van hun processen, met aandacht voor de voortgang, stimulering, en faciliteiten zoals tijdelijke ruimtevraag. Ze moeten zich houden aan gemaakte plannen, en de benodigde elektriciteitsinfrastructuur moet tijdig worden gerealiseerd. Ze moeten zich houden aan gemaakte plannen, en de benodigde elektriciteitsinfrastructuur dient tijdig te worden gerealiseerd. Concrete voorbeelden zijn onder andere: • Elektrificatie van kraakinstallaties bij DOW Chemical. • De nieuwe DRI-installatie bij ArcelorMittal. • Gebruik van industriële warmtepompen. • Netbeheerders voeren studies uit om het elektriciteitsnet aan te passen aan de eisen van deze transitie. SDR heeft hiertoe de Cluster Energie Strategie 3.0 opgesteld en voorgesteld.

Capaciteit elektriciteitsnetwerk in Vlaanderen is voldoende op LT (laagspanning) aangezien een aantal LT-investeringen gepland staan. In het Cluster Energie Strategie (CES) 3.0 wordt echter ingezet op waterstofproductie en ammoniakdoorvoer voor Noord-West Europa.

Partners (indicatief) DR, Fluxys, Elia, NSP, Vlaamse regering, Belgische regering en Nederlandse Rijk, Smart Delta, Resources, Fluxys, Elia, North Sea Port, Vlaamse Overheid, Nederlandse Rijksoverheid, Belgische Federale Regering

Afspraak

Raakvlak met Regio Deal North Sea Port District

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15420527/1