CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Strategische nota en uitvoeringsagenda North Sea Port District bijlage 2 uitvoeringsagenda

Informatiebijeenkomst 11 april 2025, gemeente VlissingenBij agendapunt: Stukken17.795 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Uitvoeringsagenda North Sea Port District

Uitvoeringsagenda North Sea Port District Het North Sea Port District (zie pagina 4) is van nationaal belang voor Nederland en Vlaanderen, onder andere vanwege haar sterke grensoverschrijdende zeehaven en industriële cluster met meer dan 106.000 banen. Het District is in beeld om een belangrijke bijdrage te leveren aan de energie-hoofdstructuur. Het District biedt óók een gekoesterd thuis aan alle mensen die er wonen en werken. Daaom is balans tussen leefkwaliteit en ruimtelijk-economische ontwikkeling cruciaal. Met deze Uitvoeringsagenda North Sea Port District structureren de gezamenlijke partijen de grensoverstijgende samenwerking rond de integrale gebiedsontwikkeling van het North Sea Port District. Daarmee geven zij invulling aan de strategische ruimtelijke opgaven die zij hebben vastgelegd in het Ontwikkelperspectief North Sea Port District (2023). Deze Uitvoeringsagenda stelt deze ruimtelijke opgaven centraal en geeft hier vervolg aan. Het is de basis voor de uitvoering en samenwerking rondom concrete sleutelprojecten. Deze Uitvoeringsagenda beschrijft de belangrijkste gewenste ontwikkelingen in North Sea Port District. Niet alles wat in het North Sea Port District plaatsvindt en tot uitvoering wordt gebracht, is opgenomen. Vanuit ruimtelijke opgaven voor het District is gekozen om te focussen op specifieke sleutelprojecten, die grensoverstijgend van aard zijn.

Per sleutelproject worden verschillende afspraken gemaakt. De Uitvoeringsagenda heeft tot doel om de bestaande grensoverstijgende samenwerking tussen de Vlaamse Overheid, de Nederlandse Rijksoverheid, het havenbedrijf North Sea Port en de regionale/lokale overheden in het North Sea Port District (NSPD) formeel te structureren in een daadkrachtige samenwerkingsorganisatie, zodat een grensoverstijgende efficiënte ontwikkeling van de haven en de directe omgeving mogelijk wordt. Hiertoe brengen de samenwerkende partijen eigen beleid en visies samen in een geintegreerde strategie voor het District. Zestien actuele grensoverstijgende sleutelprojecten (zie tabel op pagina 5) structureren de grensoverstijgende samenwerking voor de gebiedsontwikkeling van het District, en zijn samengebracht in deze adaptieve Uitvoeringsagenda. Voor de afstemming, coördinatie en besluitvorming van de Uitvoeringsagenda, zullen de BGTS, de Vlaamse Overheid, de Nederlandse Rijksoverheid en North Sea Port als gelijkwaardige partners samenwerken en deelnemen aan de NSPD-tafel.

Op de Vlaams-Nederlandse Top van 1 april 2025 zullen de beide regeringen en de regionale partners de langjarige samenwerking onderschrijven en aldus de volgende stap in deze ontwikkeling mee mogelijk maken.

Besluit De Vlaamse Overheid en Nederlandse Rijksoverheid, North Sea Port en de samenwerkende partijen in de BGTS spreken af langjarig en geïntegreerd samen te gaan werken aan de verdere ontwikkeling van het grensoverstijgende North Sea Port District (NSPD). De deelnemende partijen stemmen hun acties en ruimtelijke ingrepen af op de realisatie van het Ontwikkelperspectief NSPD (2023). De Uitvoeringsagenda als rollende agenda vormt de inhoudelijke basis voor deze samenwerking. De partijen spreken af om te starten met de zestien sleutelprojecten uit deze Uitvoeringsagenda. Door middel van een integrale aanpak wordt intensieve samenwerking tussen bestuursorganen mogelijk gemaakt, zodat opgaven efficiënt en effectief gerealiseerd kunnen worden in het gebied.

BGTS partners: • Gemeente Borsele • Gemeente Terneuzen • Gemeente Vlissingen • Gemeente Evergem • Gemeente Zelzate • Stad Gent • Provincie Zeeland • Provincie Oost-Vlaanderen

North Sea Port Nederlandse Rijksoverheid Vlaamse Overheid

provincie zeeland Nederland

vlissingen

borsele

provincie oost-VLAANDEREN Vlaanderen

TERNEUZEN

zelzate gent

EVERGEM

Plangebied North Sea Port District

5 De partijen onderschrijven de grensoverstijgende samenwerking voor de gebiedsontwikkeling van North Sea Port District. Zij prioriteren onderstaande zestien sleutelprojecten (waarvan zeven besluitvorming van de Vlaamse Overheid en Nederlandse Rijksoverheid vragen) om hun samenwerking rond de aanpak van de ruimtelijke opgaven voor het District te structureren:

Raakvlakafspraken (p.52)

Regioafspraken (p. 47)

Vlaanderen-Nederland-Regio afspraken (p. 15)

Sleutelproject

Korte omschrijving

Trekker

1.

Grensoverstijgende aanpak Wonen.

Het grensoverstijgend benutten van kansen en mogelijkheden voor verdelen en verbeteren woningbouw.

Provincie Oost-Vlaanderen.

2.

Bus Rapid Transit Gent Dampoort- Terneuzen/Goes.

Het realiseren van een snelle busverbinding tussen Gent Dampoort en Terneuzen/Goes om het District te ontsluiten.

Provincie Zeeland.

3.

Rail Ghent-Terneuzen.

Het verbeteren van de grensoverstijgende (goederen) spoorverbinding tussen Gent en Terneuzen.

North Sea Port.

4.

Knooppunt Zelzate.

Het oplossen van mobiliteitsknelpunten rond multimodaal Knooppunt Zelzate.

Vlaams Departement Omgeving.

5.

Klimaatrobuust water- en bodemsysteem.

Het realiseren van een klimaatrobuust water- en bodemsysteem.

BGTS North Sea Port District.

6.

Grensoverstijgende ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie.

Het integraal afwegen van de impact van ruimtelijke opgaven (waaronder energie) op het haven- en industrieel cluster.

North Sea Port.

7.

Grensoverstijgend waterstofnetwerk.

Het realiseren van een grensoverstijgend waterstofnetwerk.

Gasunie.

8.

Nabijheid voorzieningen.

Het realiseren van een robuust openbaar vervoernetwerk dat zeven dagen per week volledige dekking biedt.

Nader te bepalen.

9.

Ondertunneling Kanaal Walcheren.

Het oplossen van de knelpunten rond bereikbaarheid en verkeersveiligheid in Vlissingen en Walcheren.

Nader te bepalen.

10. Grensoverstijgende fietsinfrastructuur.

Het realiseren van een samenhangende en gezamenlijke visie en plan voor grensoverstijgende fietsinfrastructuur.

Provincie Oost-Vlaanderen samen met Provincie Zeeland.

11. Mobiliteitshubs.

Het onderzoeken van een samenhangend grensoverstijgend mobiliteitssysteem.

Nader te bepalen.

12. Extra koppelingsgebieden.

Het realiseren van extra koppelingsgebieden.

Nader te bepalen.

Het onderzoeken van de economische netwerken in North Sea Port 13. Economie, kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt NSPD. District, de afhankelijkheden en de verbondenheid tussen de haven en de omgeving.

Nader te bepalen.

14. Groenblauwe dooradering en omkadering.

Creëren van een netwerk van water en groen dat met elkaar in verbinding is ten behoeve van ecosysteemdiensten.

Nader te bepalen.

15. Elektrificatie North Sea Port.

Het bewaken van de elektrificatie van North Sea Port.

Nader te bepalen.

16. Energieinfrastructuur.

Het bewaken van de samenhang en impact op North Sea Port Nader te bepalen. District van de vele energie-infrastructuurdoelen in de (nabije) regio. H1 H2 H3 H4

6

Inhoudsopgave

Leeswijzer

Leeswijzer Afkortingenlijst

6 6

1

Aanleiding: grote opgaven vragen actie en samenwerking

8

1.1 1.2 1.3

Grote opgaven vragen een antwoord Actie op drie hoofdopgaven Samenwerken in de dynamische uitvoering

8 9 12

2

Integrale grensoverstijgende ambitie: Sleutelafspraken op drie ruimtelijke thema’s

15

2.1 2.2

Ruimtelijke opgaven in samenhang 15 Bereikbaarheid en wonen 15 Grensoverstijgende aanpak Wonen 19 Bus Rapid Transit Gent Dampoort – Terneuzen/Goes 21 Rail Ghent – Terneuzen 23 Knooppunt Zelzate 25 Klimaatrobuust water- en bodemsysteem 27 Handelingsperspectief voor een klimaatrobuust water- en bodemsysteem 30 Ruimte voor economie en energie 31 Grensoverstijgend ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie 34 Grensoverstijgend waterstofnetwerk 37

2.3

2.4

3

Samenwerken aan uitvoering

40

3.1 3.2 3.3

Bestuurlijke samenwerking Versterken uitvoeringskracht Bestuurlijk draagvlak

40 42 43

4

Sleutelprojecten voor North Sea Port District

46

4.1 4.2

Regionale afspraken Raakvlakafspraken

47 52

Eindnoten Colofon

54 55

Deze Uitvoeringsagenda North Sea Port District kent vier hoofdstukken: 1. Aanleiding en doel van de agenda, waarin onder meer wordt ingegaan op de drie ruimtelijke hoofdopgaven voor het gebied. 2. Ruimtelijke hoofdopgaven voor het gebied. De sleutelprojecten waarvoor langjarige samenwerking met de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid wordt bekrachtigd, zijn uitgelicht. 3. Samenwerken rondom de Uitvoeringsagenda, waarin wordt uitgewerkt hoe de coördinatie en uitvoering vormgegeven worden. 4. Sleutelprojecten waarvoor regionale partners afspraken maken, en sleutelprojecten waarbij de focus ligt op coördinatie en afstemming met raaktrajecten die invloed hebben op North Sea Port District.

Afkortingenlijst BGTS: Benelux Groepering voor Territoriale Samenwerking BRT: Bus Rapid Transit NSPD: North Sea Port District RGT: Rail Ghent-Terneuzen VNSC: Vlaams-Nederlandse Schelde Commissie

H1

8

1 Aanleiding: grote opgaven

vragen actie en samenwerking

1.1 Grote opgaven vragen een antwoord 1.2 Actie op drie hoofdopgaven 1.3 Samenwerken in de dynamische uitvoering

8 9 12

1.1 Grote opgaven vragen een antwoord Het North Sea Port District (NSPD) is een Vlaams-Nederlandse economische groeiregio in het hart van de Europese Unie, met een sterke zeehaven, een belangrijk industrieel cluster en de universiteitsstad Gent. De Vlaams-Nederlandse haven North Sea Port is één van de belangrijkste toegangspoorten van Europa en biedt als derde haven van Europa op het gebied van toegevoegde waarde, werkgelegenheid aan meer dan 106.000 mensen1. Tegelijkertijd is North Sea Port District ook een gebied met unieke natuur en grote verscheidenheid in landschap, en biedt het een gekoesterd thuis voor verschillende gemeenschappen. Het District bestaat uit gebieden die elkaar aanvullen: de maritieme stad Vlissingen met hightech (marine) scheepsbouw en de kennisinstellingen op de Kenniswerf, het Sloegebied met haar diepzeehaven, het landelijke polderlandschap rond Borsele met de aanlanding van Wind op Zee en de kerncentrale, het industriële Terneuzen met de zeesluis naar Gent en Parijs, het centraal gelegen Zelzate en Evergem met zijn negen dorpen in een gekoesterd open landschap, en de bruisende grootstad Gent met haar talrijke kennisinstellingen en een sterk economisch weefsel2.

In navolging van de fusie van Zeeland Seaports en het Gentse Havenbedrijf tot één grensoverstijgend havenbedrijf North Sea Port in 2018, hebben deze genoemde overheden uit Vlaanderen en Nederland de krachten gebundeld. De zes gemeenten en twee provincies hebben in 2021 de Benelux Groepering voor Territoriale Samenwerking (BGTS) North Sea Port District opgericht (zie ook Hoofdstuk 3 voor verdere toelichting). North Sea Port District kent veel kansen. Het ligt strategisch aan drie Europese corridors richting het Ruhrgebied en Parijs, en tussen de economische kerngebieden Vlaamse Ruit en de Randstad. De levensloop en ontwikkeling van het grensoverstijgende cultuurlandschap van NSPD wordt op een toegankelijke manier beschreven in de gebiedsbiografie van het District die op dit moment opgesteld wordt. Zo is North Sea Port complementair aan de nabijgelegen havens van Rotterdam en Antwerpen. Het havengebied, met als belangrijke asset de diepzeehaven en de zeesluis, heeft grote potentie om een belangrijke bijdrage te leveren aan de versterking en diversificatie van de werkgelegenheid en de energieen grondstoffentransitie, zowel regionaal als nationaal. De achterlandverbinding met Parijs biedt een goede ontsluiting van dit economisch cluster met de rest van Europa (onderdeel TEN-T Corridor, het Europees transport netwerk).

De (inter) nationale opgaven zoals energietransitie, energieneutraliteit en een economie die steeds circulairder wordt, bieden kansen om het District, Nederland en Vlaanderen te verduurzamen en te vergroenen. Beeld uit ‘Ontwikkelperspectief NSPD (2023)’

H1 H2 H3 H4

9 Tegelijkertijd is de positie van de haven in een Europese context aan verandering onderhevig en ook North Sea Port District staat onder druk. De regio kent uitdagingen rondom leefbaarheid, bereikbaarheid, bescherming van de open ruimte en een klimaatrobuust water- en bodemsysteem. Ondanks de kansen, verhogen (inter)nationale opgaven ook de ruimtedruk op de regio. Deze uitdagingen gelden voor het hele District, en stoppen daarom niet bij de landsgrenzen of bij de fysieke grens van de Westerschelde. Daarom vereisen deze uitdagingen en de toenemende ruimtedruk een grensoverstijgende, gebiedsgerichte en geïntegreerde samenwerking.

1.2 Actie op drie hoofdopgaven

Immers is de visie van North Sea Port District om de havenregio fysiek, mentaal en visueel te verbinden tot één District. Een District waar het aangenaam en gezond leven is en waar wonen, werken en recreëren actief bijdragen aan een beter leefklimaat. In 2050 moet het North Sea Port District een plaats zijn waar klimaatneutraliteit en leefbaarheid elkaar versterken. De nabijheid en nauwe samenwerking tussen haven, kernen en landschap is hierbij een grote troef en van cruciaal belang3.

“In 2050 is North Sea Port District een plaats waar klimaatneutraliteit en een kwalitatieve leefomgeving elkaar versterken. Een District waar iedereen, jong en oud, aangenaam en gezond leeft, en waar wonen, werken, studeren en creëren actief bijdragen aan brede welvaart en een beter klimaat. De nabijheid en nauwe grensoverschrijdende samenwerking tussen haven, kernen en landschap is hierbij een grote troef die met inbreng door bewoners, ondernemers en onderwijsinstellingen vorm krijgt. De internationale verbondenheid is groot en er is een goed grensoverschrijdend vestigingsklimaat met een duurzame, toekomstgerichte en circulaire economie die past bij het gebied en de mensen en die behoort tot de Europese top. Het gebied heeft een leidende positie in de energietransitie en circulariteit van Nederland en België.”4

Om bovenstaande visie werkelijkheid te maken, zijn fundamentele keuzes over ruimtegebruik nodig. Anders raakt de mogelijkheid verloren om te sturen op de transformatie van het gebied, en veranderen ruimtelijke keuzes door de tijd in onvermijdelijkheden. Deze noodzakelijke keuzes zijn grensoverstijgend. Zij vragen samenwerking tussen de BGTS-overheden in het District, de Nederlandse Rijksoverheid, de Vlaamse Overheid, en het havenbedrijf North Sea Port. Deze samenwerking is nodig om grip te houden op de transitie van North Sea Port District. Deze Uitvoeringsagenda is de volgende stap in de groeiende en grensoverstijgende samenwerking tussen de genoemde partijen. De partijen leggen hiermee de basis voor een daadkrachtige en op uitvoering gerichte samenwerking met als doel de grensoverstijgende sleutelprojecten in deze Uitvoeringsagenda gezamenlijk te realiseren. Ook geven de partijen hiermee invulling aan het Ontwikkelperspectief North Sea Port District (2023). Het Ontwikkelperspectief markeerde de eerste stap om de (ruimtelijke) opgaven van de BGTS, de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid en North Sea Port bij elkaar te brengen, om vervolgens strategische keuzes en knelpunten inzichtelijk te maken.

Met deze Uitvoeringsagenda North Sea Port District als instrument geven de partijen verdere invulling aan de benodigde grensoverstijgende samenwerking voor de ontwikkeling van het District.

Het grensoverstijgende Ontwikkelperspectief North Sea Port District identificeert de drie belangrijke ruimtelijke opgaven voor het North Sea Port District. Het werd in 2023 opgesteld door de BGTS, samen met North Sea Port en de Nederlandse Rijksoverheid. De Vlaamse Overheid (departementen Omgeving, EWI en MOW) was ook betrokken bij de opmaak van het Ontwikkelperspectief. Het Ontwikkelperspectief stelt als eindbeeld voor North Sea Port District in 2050 het volgende:

Met het Ontwikkelperspectief geeft North Sea Port District invulling aan de Nederlandse rijksprogramma NOVEX, dat in Nederland regie geeft aan het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) bij het leggen van de ruimtelijke puzzel, in samenwerking met provincies, gemeenten en waterschappen5. Naast provinciebrede afspraken in de vorm van Ruimtelijk Arrangementen, zijn zestien NOVEX-gebieden onderdeel van dit programma. In de NOVEX-gebieden stapelen nationale opgaven in het fysieke domein dusdanig op dat een gebiedsgerichte ordening en prioritering van verschillende nationale en regionale opgaven noodzakelijk is om tot de gewenste ontwikkelrichting met behoud van ruimtelijke kwaliteit te komen. De grote opgaven en schaarse ruimte vragen een samenhangende aanpak en intensieve samenwerking. Met NOVEX gaat de Nederlandse Rijksoverheid langjarige partnerschappen aan met deze regio’s, met betrokkenheid van meerdere ministeries. Van de zestien aangewezen NOVEX-gebieden, is NSPD het enige grensoverstijgende NOVEX-gebied. Het in 2023 vastgestelde Ontwikkelperspectief NSPD en de uitwerking hiervan in een Uitvoeringsagenda zijn instrumenten in het NOVEX-programma van de Nederlandse Rijksoverheid en zijn ondertussen als instrumenten ook omarmd en gezien als meerwaarde door Vlaamse partijen.

H1 H2 H3 H4

10 Het Ontwikkelperspectief beschrijft de noodzaak voor een nieuwe integrale gemeenschappelijke aanpak op drie ruimtelijke hoofdopgaven. De gebiedspartners constateren dat er grensoverstijgende beleidskeuzes en uitvoering van gebiedsontwikkeling nodig zijn om antwoord te bieden op deze hoofdopgaven. Daarom stelt deze agenda de hoofdopgaven uit het Ontwikkelperspectief centraal en bouwt hierop voort door grensoverstijgende afspraken en uitvoering te concentreren op de volgende opgaven: • Bereikbaarheid en wonen • Klimaatrobuust water- en bodemsysteem • Ruimte voor economie en energie Met deze drie opgaven als uitgangspunt hebben de partners zestien sleutelprojecten geïdentificeerd. Daarbij ligt het accent op sleutelprojecten waarbij grensoverstijgende samenwerking cruciaal is om de gerichte en weloverwogen sturing te geven aan de ruimtelijke ontwikkeling van het District. De Uitvoeringsagenda beschrijft op welke onderdelen en projecten langjarige samenwerking nodig is om de gezamenlijke visie voor het District te realiseren. Een District dat zich verder ontwikkelt tot een duurzame en toekomstbestendige economische groeiregio van Europees belang, waarin leefbaarheid centraal staat en het fijn wonen is.

Om deze visie te bereiken en invulling te geven aan het Ontwikkelperspectief, focust de Uitvoeringsagenda op sleutelprojecten: • waarbij samenhang in de besluitvorming aan beide zijden van de grens over de strategische ruimtelijke keuzes wordt gebracht; • die bijdragen aan de verbetering van de leefbaarheid in het District; • waarbij zorgvuldig gebruik wordt gemaakt van de beschikbare ruimte; • waarbij de uitvoering van ruimtelijke opgaven wordt versneld.

De focus van de uitwerking van de sleutelprojecten in deze Uitvoeringsagenda ligt op die sleutelprojecten waarbij de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid mede-besluitvormend, bevoegd en medeverantwoordelijk zijn (zie ook 3.1 voor toelichting op de samenwerking rond de Uitvoeringsagenda). Deze grensoverstijgende sleutelprojecten, waarin afspraken met de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid centraal staan, zijn (zie ook de afbeelding op de volgende pagina): 1. Grensoverstijgende aanpak Wonen 2. Bus Rapid Transit Gent – Terneuzen/Goes 3. Rail Ghent – Terneuzen 4. Knooppunt Zelzate 5. Klimaatrobuust water- en bodemsysteem 6. Grensoverstijgend ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie 7. Grensoverstijgend waterstofnetwerk De zeven sleutelprojecten waarvoor BGTS-partners, en ook de haven North Sea Port, onderling afspraken maken, worden toegelicht in 4.1. Sleutelprojecten om de raakvlakken en impact van andere ruimtelijke trajecten op het District te bewaken, worden besproken in 4.2. Met de in totaal zestien gezamenlijke sleutelprojecten worden de eerste stappen van gebiedsontwikkeling van North Sea Port District richting de toekomst concreet gemaakt. De Uitvoeringsagenda is daarbij een adaptief document, dat in het proces van langjarige samenwerking op gezette momenten bijgestuurd, aangevuld en aangepast kan worden.

Daarmee is het de basis voor een solide grensoverstijgende samenwerking, die tegelijkertijd veerkrachtig is voor soms weerbarstige contexten en verschillen, en is richtinggevend voor de gebiedsontwikkeling van het District.

Deze sleutelprojecten vragen verschillende soorten bestuurlijke afspraken om tot uitvoering te komen. Dit kunnen afspraken tussen regionale partijen, de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid zijn, afspraken tussen regionale partijen onderling of afspraken om af te stemmen over de raakvlakken van projecten elders met impact op het District. Deze verschillen worden toegelicht in de beschrijving van de samenwerking rond de Uitvoeringsagenda (3.1).

H1 H2 H3 H4

provincie zeeland Nederland

Ruimte voor economie en energie

vlissingen

6. Grensoverstijgende ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie

borsele

provincie oost-VLAANDEREN Vlaanderen

gent

tijg

overs

ens 7. gr

twerk

H2

stofne

ater end w

2. Bus

goes

TERNEUZEN

oes neuzen/G t – Ter

en Rapid G

zelzate

EVERGEM zen

t – Terneu

3. Rail GHen

Bereikbaarheid en Wonen

1. Grensoverstijgende aanpak Wonen 4. Knooppunt Zelzate

5. Klimaatrobuust

water- en bodemsysteem

Hoofdopgaven en eerste zeven sleutelprojecten

12

1.3 Samenwerken in de dynamische uitvoering Deze Uitvoeringsagenda is de volgende stap in de bestuurlijke samenwerking tussen de BGTS-partners, en versterkt de samenwerking met North Sea Port, de Vlaamse Overheid en de Nederlandse Rijksoverheid. De bekrachtiging van deze samenwerking op de Vlaams-Nederlandse Top van 1 april 2025 onderschrijft de langjarige samenwerking en maakt de volgende stap in deze ontwikkeling mede mogelijk (zie ook de figuur op de volgende pagina). De concretisering naar zestien sleutelprojecten in deze Uitvoeringsagenda zorgt voor samenhang, richting en concretisering van de grensoverstijgende langjarige samenwerking ten behoeve van de geïntegreerde gebiedsontwikkeling van het District. Deze sleutelprojecten hebben – gelet op het huidige beeld van de ontwikkeling in het District - prioriteit. Inzichten over prioriteiten kunnen echter veranderen in de tijd. Door het tempo van de grote transformaties van deze tijd blijft er naar verwachting groeiende behoefte aan ruimte. Ook leiden externe – zoals technologische, geopolitieke of klimaatgerelateerde – ontwikkelingen tot nieuwe kansen en uitdagingen voor het gebied. De Uitvoeringsagenda is daarom een adaptieve en rollende agenda. Het open bijstellen van de agenda is een dynamisch en iteratief proces waarin ideeën worden getrechterd, verfijnd, geconcretiseerd, geëscaleerd en geprioriteerd.

Door de tijd heen blijven betrokken partijen voortdurend schakelen tussen empirische inzichten, ambities en doelstellingen enerzijds, en de inzet van ruimte, middelen, capaciteit, competenties, draagvlak en uitvoerbaarheid anderzijds. Dit vraagt om een regelmatige evaluatie en bijstelling van ruimtelijke keuzes op basis van nieuwe inzichten en ontwikkelingen. Dankzij deze flexibiliteit blijven de plannen veerkrachtig en bestand tegen onvoorziene veranderingen. Deze Uitvoeringsagenda is de eerste in een reeks van samenwerkingsinstrumenten om invulling te geven aan de groeiende en doorontwikkelende grensoverstijgende samenwerking in het District. De bekrachtiging van langjarige samenwerking op de Vlaams-Nederlandse Top van 1 april 2025 is daarvoor een belangrijke mijlpaal. Jaarlijks bespreken de partijen deze agenda en herijken die waar nodig. Zo zijn partijen in staat om in deze langjarige samenwerking vanuit gedeelde verantwoordelijkheid tot nieuwe ontwikkelrichtingen en projecten te komen. De partijen die zich verbonden hebben aan de Uitvoeringsagenda zijn sturend bij het herijken van de volgende Uitvoeringsagenda. Daarbij past een samenwerkingsvorm gericht op groei en gelijkwaardigheid tussen partners. De bestaande, stevige bestuurlijke samenwerking in het North Sea Port District biedt daar een solide basis voor.

In hoofdstuk 3 wordt beschreven hoe de samenwerking rondom de uitvoering van de Uitvoeringsagenda vorm krijgt.

H1 H2 H3 H4

Ontwikkeling samenwerken in North Sea Port Distirct

H2

15

2 Integrale grensoverstijgende ambitie: Sleutelafspraken op drie ruimtelijke opgaven

2.1 Ruimtelijke opgaven in samenhang

2.3 Klimaatrobuust water- en bodemsysteem Handelingsperspectief voor een klimaatrobuust water- en bodemsysteem

27

De vele ruimtelijke, economische en maatschappelijke opgaven voor North Sea Port District maken gezamenlijk internationaal beleid en samenwerking cruciaal. Verduurzamen en versterken van de economie dient hand in hand te gaan met het versterken van de leefkwaliteit en het verbeteren van de veerkracht en kwaliteit van bodem en water en van het natuurlijk systeem. Het streven naar ‘brede welvaart’ is in dit gebied bij uitstek van toepassing. Het behouden van balans in deze sociaaleconomische regio vraagt om geïntegreerde bilaterale samenwerking naar de toekomst toe. De onderlinge samenhang tussen deze opgaven en de daaraan verwante potentiële ontwikkelrichtingen van het District richting de toekomst vormen de grootste uitdagingen voor de gebiedsontwikkeling van het District.

2.4 Ruimte voor economie en energie Grensoverstijgend ruimtelijk handelingsperspectief voor economie en energie Grensoverstijgend waterstofnetwerk

31

Deze Uitvoeringsagenda bouwt voort op de Verdiepte Werkagenda van de BGTS (2022) en de strategische ruimtelijke (keuze)vraagstukken die in het Ontwikkelperspectief (2023) inzichtelijk zijn gemaakt. Daarom legt deze Uitvoeringsagenda de focus op de volgende ruimtelijke opgaven:

2.1 Ruimtelijke opgaven in samenhang

15

2.2 Bereikbaarheid en wonen 16 Bus Rapit Transit Gent Dampoort – Terneuzen/Goes Rail Ghent – Terneuzen Knooppunt Zelzate

• Bereikbaarheid en wonen • Klimaatrobuust water- en bodemsysteem • Ruimte voor economie en energie Deze focus geeft richting aan de opgaven en ontwikkelingen die in North Sea Port District spelen. Tegelijkertijd blijft, ondanks deze focus, de integrale afweging tussen de opgaven onderling en met andere ontwikkelingen in het District centraal staan. Met deze opgaven als uitgangspunt hebben de partners in totaal zestien sleutelprojecten geïdentificeerd. In dit hoofdstuk worden de ruimtelijke opgaven voor North Sea Port District uitgewerkt. De zeven sleutelprojecten die samenwerking en besluitvorming van de Nederlandse Rijksoverheid en de Vlaamse Overheid vragen, worden in dit hoofdstuk per opgave uitgelicht. In hoofdstuk 4 is een overzicht gegeven van de verschillende sleutelprojecten die primair regionale afspraken of afstemming vragen.

H1 H2 H3 H4

16

2.2 Bereikbaarheid en wonen Wonen Het North Sea Port District groeit. Gent en Evergem kennen een grote groei van het aantal huishoudens en een relatief jonge bevolking. De druk op de woningmarkt is er erg hoog. Ook het Zeeuwse deel van North Sea Port District groeit, al is die groei beperkter. Deze groei komt door binnen- en buitenlandse migratie naar Vlissingen, Borsele en Terneuzen. Tegelijkertijd is in bepaalde delen van het District de woonkwaliteit matig, het woningaanbod onvoldoende en staat het voorzieningenniveau onder druk. De vraag naar arbeidskrachten neemt door de groei van de haven snel toe. Er is krapte op de arbeidsmarkt door vergrijzing van de bevolking en het wegtrekken van jongeren. Dit wordt ingevuld door de komst van werknemers van buiten de regio en uit het buitenland. Dit zorgt voor extra druk op de woningmarkt. Tegelijkertijd biedt het voorzien van goede doelgroepgerichte huisvestiging kansen om werknemers aan te trekken en te behouden in het gehele North Sea Port District. Daarnaast draagt het bij aan het verjongen van de bevolkingssamenstelling in het Zeeuwse deel van het North Sea Port District. De woningmarkt in North Sea Port District is divers en kent verschillende uitdagingen. Rond Gent is de vraag naar nieuwe gezinswoningen en appartementen groot.

De aantrekkingskracht van het centrum enerzijds en de uitstroom van gezinnen naar directe buurgemeenten rond Gent anderzijds zet de betaalbaarheid van woningen onder druk6. Zeeland heeft te maken met een tekort aan betaalbare woningen voor kleinere huishoudens en ouderen. In het hele District is er een tekort aan geschikte huisvesting voor internationale werknemers. Zowel Vlaanderen als Zeeland hebben plannen om nieuwe woningen te realiseren. In Oost-Vlaanderen zijn naar verwachting 50.000-65.000 extra woningen nodig tegen 2030 om in de groeiende vraag te voorzien7. Daarbij heeft Gent de ambitie om per 2050 over 25.000 sociale huurwoningen te beschikken8. In de Zeeuwse Woondeal is het doel afgesproken 16.500 nieuwe woningen te realiseren in Zeeland tot en met 2030, waarvan 4.940 woningen in NSPD. Hiervan zal tweederde in de betaalbare huur- en koopsector liggen. Voor de periode na 2030 wordt de komende tijd een Zeeuwse verstedelijkingsstrategie ontwikkeld, waarin de groeiambitie waarschijnlijk sterk omhoog gaat. waarin naar het zich nu laat aanzien de groeiambitie sterk omhoog gaat. Tegelijkertijd staat de leefbaarheid en het voorzieningenniveau in het District onder druk. Het realiseren van extra koppelingsgebieden, naar Vlaams voorbeeld, draagt bij aan het vergroenen en klimaatbestendiger maken van de leefomgeving.

Ook de bestaande woningvoorraad in het gehele District vereist een kwalitatieve versterking. Veel panden zijn niet duurzaam of klimaatbestendig en er is sprake van leegstand in verouderde gebouwen. Voor het verbeteren van de bestaande

woningvoorraad moet worden ingezet op verduurzaming, energetische renovatie, vergroten van het aanbod aan betaalbare woningen en het omvormen van woningen en ander vastgoed voor specifieke doelgroepen (senioren, studentenhuisvesting, woongelegenheden voor kort- of langdurige arbeidsmigratie). Een aanpak is nodig om de wijkstructuur, het voorzieningenniveau, de leefbaarheid en de groenstructuur van bestaande kernen en wijken te versterken en om te vormen. Dit geldt in het bijzonder voor de verkavelingswijken uit de tweede helft van de twintigste eeuw en voor de kernen die grenzen aan de industriële zones. Wanneer deze plannen vanuit grensoverstijgende perspectief bekeken worden, bestaan er grote kansen voor het complementair invullen van de woningbehoefte. Zo heeft Gent een grote behoefte aan eengezinswoningen die moeilijk vervuld kan worden, terwijl daar in Zeeland ruimte voor is. Tegelijk heeft Zeeland een gebrek aan middenhuur die in het Vlaamse deel juist wel goed ontwikkeld is. In essentie staat het District vanuit grensoverstijgend perspectief voor drie uitdagingen: • Het uitbreiden van de woningvoorraad met betaalbare nieuwe woningen voor de stedelijke inwoners van de regio Gent. Ook in Vlissingen, Terneuzen en Borsele is de toename van betaalbare woningen noodzakelijk, maar ook het vergroten van het aanbod in middenhuur.

• Het verbeteren van de bestaande voorraad door kwalitatieve versterking van de woningvoorraad in het North Sea Port District te realiseren. • Het toewijzen van nieuwe woningen en het aanpassen van de bestaande woningvoorraad op de behoeften van verschillende doelgroepen binnen het District. Dit maakt deel uit van een bredere verstedelijkingsstrategie die gericht is op het versterken en aantrekkelijker maken van onze steden en kernen en het vergroten van de leefbaarheid en het draagvlak voor voorzieningen. Alleen wanneer dit grensoverstijgend aangepakt wordt, kunnen de woonbehoeften van de (toekomstige) bewoners van het gebied goed geaccommodeerd worden. Uitwisseling van woningbehoefte-, verhuis- en mobiliteitsdata in een grensoverstijgende Woonmonitor is daarvoor een eerste stap. Het gericht keuzes maken over huisvesting van inwoners, internationale werknemers en bijbehorend woningaanbod biedt kansen om de leefbaarheid in het District en het voorzieningenniveau sterk te verbeteren. Ook het realiseren van koppelingsgebieden versterkt de leefkwaliteit. Tegelijkertijd vraagt een versterking van de woon- en leefkwaliteit ook om verbeterde bereikbaarheid van voorzieningen en werkgelegenheid, en vermindering van hinder en opheffing van grensbelemmeringen9.

Havenontwikkeling hangt sterk samen met de huidige en toekomstige leefkwaliteit in het North Sea Port District, enerzijds als economische motor en werkgever, anderzijds als fysieke ruimtevrager of vrager van milieuruimte.

H1 H2 H3 H4

17 Slimme, strategische en gezamenlijke keuzes over woningbouwontwikkeling en verstedelijking aan beide zijden van de grens verstevigen de sociaaleconomische samenhang van het District, verhogen de leefkwaliteit en bieden de noodzakelijke ingrepen om in de woonbehoefte en de groeiende arbeidsvraag van de haven te voorzien. Het is cruciaal om de verschillende demografische uitdagingen en woningbehoeftes grensoverstijgend te bekijken, in evenwicht te brengen en deze in samenhang met andere hoofdopgaven aan te pakken (zoals bereikbaarheid, zoetwater, havenontwikkeling). Bereikbaarheid Om het District verder te ontwikkelen tot één samenhangend woon-leef-werkgebied, is bereikbaarheid een cruciale opgave. Door de fietsinfrastructuur, het openbaar personenvervoer (OV) en de transportinfrastructuur te verbeteren, wordt het District beter ontsloten voor bewoners, forenzen en doorontwikkeling van de haven tot Europese Tophaven. Het realiseren van OV-infrastructuur en een verplaatsing van transport van goederen naar het spoor zijn belangrijke stappen naar een klimaatneutraal NSPD in 2050. Specifiek met betrekking tot grensoverstijgend spoor is nauwe samenwerking en afstemming tussen België, Vlaanderen en Nederland gewenst, aangezien de bevoegdheden tussen overheden met betrekking tot spoor anders zijn georganiseerd aan beide zijden van de grens10.

Concrete grensoverstijgende afspraken en gerichte uitvoering is noodzakelijk om de bereikbaarheid van North Sea Port District te verbeteren. Dit als essentiële randvoorwaarde voor de ontsluiting en leefbaarheid van het District en de energieneutrale ontwikkeling van North Sea Port richting de toekomst. Maatregelen om bereikbaarheid te vergroten, kunnen nooit geïsoleerd bekeken worden. De ontwikkeling van de Midden-Zeeland Route biedt kansen voor de ontsluiting van North Sea Port District en kan een schakel vormen tussen de ontsluiting van woon- en werkgebieden. Hoewel essentieel, biedt de MiddenZeeland Route niet de fijnmazigheid die nodig is om de vervoersarmoede op meer lokale schaal in het Zeeuwse District te verbeteren. Ook is aandacht nodig voor de impact van de Midden-Zeeland Route aan de Vlaamse zijde. Met name OV-bereikbaarheid is een uitdaging. Veel voorzieningen in het Zeeuwse District zijn slechts met de auto en nauwelijks met OV bereikbaar. De bereikbaarheid van basisvoorzieningen als zorg, onderwijs en supermarkten in Zeeland binnen acceptabele tijd en tegen acceptabele kosten is daarom een groot aandachtspunt11. Door autoafhankelijkheid dreigt vervoersarmoede verder toe te nemen, vooral onder jongeren en ouderen die afhankelijk zijn van OV12.

Vanuit de gedachte van het North Sea Port District als één sociaaleconomische regio, is eenvoudig grensoverstijgend wonen en werken noodzakelijk. Problemen bij de praktische aansluitingen van OV over de grens en beperkte samenwerking tussen de vervoersmaatschappijen maken de realiteit weerbarstig. Aan Vlaamse zijde werd in 2024 vraagafhankelijk vervoer ingevoerd. Vanaf 2027 wordt in het

Zeeuwse District via vraagafhankelijk vervoer gewerkt aan het verbeteren van de bereikbaarheid13. Tegelijkertijd zijn extra investeringen in onder andere hoogfrequente snelle busverbindingen, zoals de Bus Rapid Transit (BRT) tussen Gent Dampoort en Terneuzen/Goes, nodig om voor verschillende doelgroepen op belangrijke trajecten de vervoerswaarden te verhogen. Om het bijvoorbeeld voor jongeren makkelijker te maken om in NSPD te studeren, stage te lopen, te werken, te wonen, uit te gaan of te recreëren. En voor forenzen om woon- en werkverkeer in en om de haven te vergemakkelijken. De eerste stap richting de realisatie van een snelle busverbinding tussen Gent Dampoort en Goes is gezet met een pilot als onderdeel van de Regio Deal North Sea Port District. Naast personenvervoer met de bus, is personen- en goederenvervoer over spoor een belangrijk aandachtspunt voor de ontsluiting van het District. Zo is goederenvervoer via Rail Ghent-Terneuzen (RGT) van belang. Immers blijkt uit eerder onderzoek, uitgevoerd door provincie Zeeland, de gemeente Terneuzen en North Sea Port, dat zowel de capaciteit als de betrouwbaarheid van de huidige verbinding tussen Gent en Terneuzen niet robuust en toekomstvast is14. Een omschakeling van het transport van goederen via de weg naar goederenvervoer via het spoor vanwege CO2-reductiedoelstellingen, komt met het huidige spoornetwerk niet van de grond.

Realisatie van RGT kan dit oplossen, waarbij op termijn ook personenvervoer op dit traject van meerwaarde zou kunnen zijn. Ook mobiliteit via de weg staat onder druk in North Sea Port District. Zo komen bij Knooppunt Zelzate veel infrastructurele uitdagingen bij elkaar. De gemeente Zelzate ligt vlak naast de steeds drukker wordende verkeersknoop van kruising van de E34, de R4-West, en het Kanaal Gent-Terneuzen met de Zelzatebrug en -tunnel. Er zijn problemen met doorstroming bij de kruispunten en conflicten tussen vrachten personenverkeer, de tunnel beperkt de mogelijkheden voor diepere zeeschepen en ook de doorgetrokken treinverbinding tussen Gent-Dampoort en ArcelorMittal (lijn 204) richting Terneuzen zal later door de gemeente Zelzate lopen en geeft extra ruimtedruk. Naast het oplossen van de infrastructurele uitdagingen rond Knooppunt Zelzate is aandacht voor de leefbaarheid van de gemeente ook essentieel. De huidige infrastructuur creëert veel geluids- en milieuhinder, versnippering van woonwijken en een gebrek aan kwalitatieve openbare ruimte. Om Zelzate niet enkel goed bereikbaar maar ook aangenaam leefbaar te maken, is het noodzakelijk om infrastructuurplanning te combineren met maatregelen die de omgevingskwaliteit verbeteren.

Het versterken van de groenblauwe dooradering rond Zelzate biedt kansen om de biodiversiteit, klimaatadaptiviteit en de leefkwaliteit voor de gemeente te versterken. Groene en geïntegreerde gebiedsontwikkeling rond dit infrastructuurlandschap brengt verkeerstromen en economische belangen in balans met een aangename woon- en leefomgeving voor bewoners van Zelzate. Op de volgende pagina’s worden de belangrijkste afspraken op het gebied van bereikbaarheid en wonen uitgelicht. H1 H2 H3 H4

Grensoverstijgende aanpak Wonen

19

Grensoverstijgende aanpak Wonen De woonopgave in het North Sea Port District kan het best vanuit een grensoverstijgend perspectief benaderd worden. Zowel aan Vlaamse als Zeeuwse kant is de woonopgave groot en wordt er gewerkt aan een forse nieuwbouwopgave. Aan beide zijden van de grens wordt veel onderzoek gedaan naar woonbehoeften, maar een gezamenlijk en gedeeld beeld over de woonbehoeften in North Sea Port District ontbreekt nog. Dit is van waarde, aangezien een grensoverstijgende benadering van het District balans kan brengen in de vraag en het aanbod van woningen aan beide zijden van de grens. Een grensoverstijgende verstedelijkingsstrategie maakt efficiëntiewinsten en complementair werken en plannen mogelijk. Daarbij gaat het om het uitbreiden van de woningvoorraad met nieuwe woningen, het verbeteren van de bestaande voorraad en het grensoverstijgend verdelen van nieuwe woningen (ten aanzien van tekort en overschot aan weerszijden van de grens). Een eerste stap wordt gezet door de opmaak van een grensoverstijgende Woonmonitor. Hiervoor zijn recent financiële middelen beschikbaar gesteld. Op basis van de data in de Woonmonitor kunnen verdere beleidskeuzes worden gemaakt en uitgevoerd.

Vervolgens kan op basis van de verworden kennis een selectie worden gemaakt van projectgebieden waar gewerkt wordt aan nieuwe woonontwikkelingen of waar de bestaande woningvoorraad toekomstgericht wordt omgevormd. Voor deze gebieden worden aangepaste instrumenten rond ruimtelijke ordening, financiering en vastgoedontwikkeling ontwikkeld en ingezet. Er worden handvaten ontwikkeld om de strategische lijnen voor de transitie van de woonmarkt van North Sea Port District door te vertalen in het lokale en provinciale beleid. Specifiek wordt binnen de woonopgave verscherpte aandacht besteed aan de huisvesting van tijdelijke en internationale arbeidskrachten die werkzaam zijn in North Sea Port en daarbuiten. Deze arbeidskrachten zijn van vitaal belang, bijvoorbeeld in het kader van de bouw van de energie-infrastructuur, maar ook voor andere economische clusters binnen het District. De nood voor dergelijke huisvesting is bijzonder hoog. Gerichte locatiekeuze en realiseren van randvoorzieningen (omkadering) zijn hiervoor noodzakelijk.

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Partijen stellen op basis van de bestaande onderzoeken en data een grensoverstijgende Woonmonitor op om de huidige en toekomstige woonbehoefte in het District voor de verschillende doelgroepen in beeld te brengen. • Partijen gebruiken dit als basis voor grensoverstijgende afstemming van programma’s voor nieuwbouw en verbetering van de bestaande woningvoorraad, met gezamenlijke beleidskeuzes en besluitvorming. • Partijen maken deze afstemming onderdeel van een grensoverstijgende verstedelijkingsstrategie, waar groei, mobiliteit, leefbaarheid en voorzieningenniveau in het District onderdeel van zijn. • Partijen versterken de samenwerking tussen de besturen op het vlak van het huisvesten van tijdelijke en internationale arbeidskrachten. Er wordt een strategie ontwikkeld om te komen tot gerichte locatiekeuzes, aanbodontwikkeling en realiseren van randvoorzieningen (omkadering).

Trekker

Provincie Oost-Vlaanderen (Reinout Debergh, Dienst Ruimtelijke Planning en Joke de Bondt, Trekker Woonmonitor)

Counterpart voor trekker

Vlaams Departement Wonen (Jimmy Eeckhout) Stad Gent (Hilde Reynvoet, Directeur Dienst Wonen) Provincie Zeeland (Leon Kaagman) Ministerie van Binnenlandse Zaken (Thomas Buijs)

Betrokken partners

• Provincie Oost-Vlaanderen (data, wonen) • Provincie Zeeland (data, wonen, ruimtelijke ordening) • Vlaams Departement Wonen, Departement Omgeving, Statistiek Vlaanderen • Nederlandse ministerie van Binnenlandse Zaken (programma Vitale Regio’s), Centraal Bureau voor de Statistiek • Stad Gent, Gemeenten Evergem, Zelzate, Borsele, Vlissingen en Terneuzen • Vastgoedsector • Bewonersgroepen

Type afspraak

Procesafspraak, uitvoeringsafspraak

Termijn

Vanaf 2025

Locatie in North Sea Port District

Betreft heel North Sea Port District

H1 H2 H3 H4

Bus Rapid Transit Gent Dampoort – Terneuzen/Goes

21

Bus Rapid Transit Gent Dampoort – Terneuzen/Goes De BGTS stelt zich tot doel om een snelle busverbinding Gent (Dampoort)Terneuzen/Goes, ookwel de Bus Rapid Transit (BRT), te ontwikkelen ten behoeve van een hoogwaardige bereikbaarheid van het District. Er is al een busverbinding tussen Terneuzen-Goes, Goes-Zierikzee en Zierikzee-Rotterdam. Een snelle busverbinding biedt een absolute meerwaarde voor de verdere ruimtelijk-economische ontwikkelingen in de grensoverschrijdende havenregio. In 2022 heeft Ecorys een haalbaarheidsstudie uitgevoerd naar een buslijn tussen Gent en Terneuzen15. Hieruit bleek dat een snelle busverbinding tussen deze steden mogelijk was en werd er geadviseerd om hier met een pilot van ten minste vijf jaar te starten. Dit vraagt gezamenlijke financiering vanuit de Vlaamse Overheid en de provincie Zeeland. Wanneer er zekerheid is over de realisatie van de busverbinding Gent-Terneuzen, zullen bij de Axelse Vlakte en Sas van Gent mogelijk twee hubs gerealiseerd worden, zodat reizigers uit de omgeving ofwel werknemers die in de nabijheid van deze hubs werken, hier kunnen in- en uitstappen. Daarnaast kan de BRT als leerproject voor personenvervoer per trein in een latere fase dienen. De aanbesteding busconcessie Zeeland 2025 heeft geen inschrijver opgeleverd.

Hierop heeft de provincie Zeeland de huidige concessie met twee jaar verlengd en is de provincie een nieuwe aanbestedingsprocedure gestart. In maart 2025 verwacht de provincie de busconcessie 2027 te gunnen. In de uitvraag is de optie voor de busverbinding Gent-Terneuzen opgenomen. Het realiseren van deze busverbinding vraagt jaarlijks circa € 2 miljoen aan exploitatiekosten. Provincie Zeeland heeft vanuit de Regio Deal NSPD Nederlands Rijksgeld om tot en met 2027 de BRT-verbinding Rotterdam-Gent te realiseren. Voor de periode daarna zal de provincie Zeeland, al dan niet met financiële hulp van de Nederlandse Rijksoverheid, de financiering voor deze busverbinding realiseren. Het gaat om een financiering van € 1 miljoen per jaar gedurende vijf jaar. Deze grensoverschrijdende busverbinding vraagt echter ook financiering vanuit de Vlaamse Overheid (eveneens € 1 miljoen per jaar).

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Vanuit de Vlaamse Overheid wordt ook een bedrag van € 1 miljoen per jaar beschikbaar gesteld, in ieder geval voor de proefperiode van vijf jaar vanaf 2027. • Provincie Zeeland start op basis hiervan een nieuwe aanbestedingsprocedure, waarvan de busverbinding Gent-Terneuzen onderdeel is.

Trekker

Provincie Zeeland (Steven Meerburg)

Counterpart voor trekker

Vlaams Departement MOW (Hannelore Deblaere)

Betrokken partners

• Agentschap Wegen en Verkeer • Projectbureau Gentse Kanaalzone • De Lijn • North Sea Port • Gemeenten Gent, Evergem, Zelzate, Terneuzen en Goes. • Provincie Oost-Vlaanderen • Provincie Zeeland • Vlaams Departement Mobiliteit (MOW) • Nederlands ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Type afspraak

Investeringsafspraak

Termijn

Vanaf 2027 – 5 jaar

Locatie in North Sea Port District

Gent - Terneuzen/Goes

H1 H2 H3 H4

Rail Ghent – Terneuzen

23

Rail Ghent – Terneuzen Het goederenvervoer via Rail Ghent-Terneuzen (RGT) is van groot belang. Uit eerder onderzoek – uitgevoerd door provincie Zeeland, gemeente Terneuzen en North Sea Port – blijkt dat zowel de capaciteit als de betrouwbaarheid van de verbinding tussen Gent en Terneuzen niet robuust en toekomstbestendig is. Een grote omschakeling voor goederentransport van wegvervoer naar spoorvervoer komt met het huidige spoornetwerk niet van de grond. Realisatie van RGT kan dit oplossen, waarbij op termijn ook personenvervoer op dit traject een optie zou kunnen zijn. Het Rail Ghent-Terneuzen-project heeft het potentieel om op termijn 8.500 vrachtwagens per maand van de weg te halen, wat resulteert in een verminderde uitstoot van 80% CO2. Het betreft een project waarbij de financiële middelen reeds zijn toegezegd. Voor het Nederlandse deel zijn middelen uit het Nationaal Groeifonds, € 105 miljoen (incl. btw), en Wind in de Zeilen, € 15 miljoen (incl. btw) toegezegd. Voor het Belgisch/ Vlaamse deel zijn ook financiële middelen beschikbaar gesteld uit het Meerjarig Investeringsplan (MIP), € 87,8 miljoen (excl. btw) en Strategisch Meerjaren Investeringsplan (SMIP), € 11,4 miljoen (excl. btw). Daarnaast is een Europese CEF-subsidie verkregen voor de verkenningsfase. De verkenningsfase is echter nog niet gestart.

Deze optimalisatie van de spoorverbinding tussen Gent en Terneuzen richt zich in eerste instantie op goederenvervoer met perspectief en uitzicht op personenvervoer. De voortgang van het project wordt bemoeilijkt door bestuurlijke en politieke factoren. Er is verschil van inzicht in de wijze van samenwerking en de bijbehorende afspraken die daarbij horen. Vanuit Nederland is een ondertekend convenant randvoorwaardelijk om de verkenningsfase te kunnen gaan opstarten. Langs Belgische kant wordt een ondertekend convenant niet als strikt noodzakelijk gezien. Nu er een nieuwe minister bij de Belgische Federale Regering is aangesteld, worden de gesprekken om definitieve samenwerkingsafspraken te maken voor deze verkenningsfase binnenkort weer opgestart.

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • Partijen werken samenwerkingsafspraken voor de verkenningsfase uit, waarin onder andere de scope van de verkenning, de financiële verdeelsleutel tussen beide landen en uitgangspunten voor de kostenramingssystematiek zijn opgenomen. • Partijen nemen vanuit deze afspraak de verkenning verder ter hand, zetten de verdere stappen voor de realisatie van het spoorwegtraject, en willen de mogelijkheden voor personenvervoer op dit traject verder onderzoeken.

Trekker

North Sea Port (Hans de Meij)

Counterparts voor trekker

ProRail (Maarten Mulder) Infrabel (Bram Cornelis)

Betrokken partners

• ProRail • Infrabel • North Sea Port • Projectbureau Gentse Kanaalzone • Nederlandse Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat • Belgische Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer • Kabinet Vlaamse minister van Mobiliteit (MOW) • Kabinet Belgische minister van Mobilieit • Gemeente Gent, Evergem, Zelzate en Terneuzen • Provincie Oost-Vlaanderen • Provincie Zeeland

Type afspraak

Investeringsafspraak

Termijn

Verkenningsfase eind 2027 afgerond

Locatie in North Sea Port District

Gent en Terneuzen

H1 H2 H3 H4

Knooppunt Zelzate

25

Knooppunt Zelzate Zelzate is een cruciaal knooppunt in het verbinden van de havenomgevingen van North Sea Port en Port of Antwerp-Bruges, met grensoverschrijdend belang richting Nederland. Het wordt door partijen daarom ook gezien als een gezamenlijke opgave van Vlaanderen en Nederland. In en rond Zelzate komen veel nieuw te ontwikkelen of te verwachte infrastructuren samen binnen een complexe en beperkte ruimte. Dit betreffen spoor-, weg-, buis- en waterverbindingen, waardoor Zelzate ook wel een multimodaal knooppunt wordt genoemd. Onder meer gaat het over de ombouw van R4 West en Oost, de Rail Ghent-Terneuzen, nieuwe pijpleidingen, de Havenspoorlijn L77 langs de E34, het 380 kV-hoogspanningsnet en een nieuwe Zelzatetunnel. Deze infrastructuren zijn nodig ten behoeve van de energie- en klimaattransitie, een meer duurzame manier van goederentransport (modal shift) en het vlot trekken van het wegverkeer in en rond Zelzate. Mogelijke ontwikkelingen en aanpassingen aan het knooppunt Zelzate hebben ook impact op het Nederlandse (infrastructuur)netwerk. Sommige van deze infrastructuren zijn vandaag reeds in diverse fasen van uitvoering. Voor andere is nog geen beleidskeuze gemaakt om de nieuwe infrastructuur tot uitvoer te brengen.

Conceptuele ontwerpoefening Zelzate Op verzoek van de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken heeft het Projectbureau Gentse Kanaalzone de Conceptuele Ontwerpoefening Zelzate (COZ) uitgewerkt. Op basis van een brede inventarisatie bij alle stakeholders en een klankbord met bewoners zijn een aantal scenario’s ontwikkeld voor het geïntegreerd multimodaal landschap van de toekomst. Slim ruimtegebruik, het vinden van evenwicht tussen al deze infrastructuren en een verbetering van leefbaarheid voor de Zelzatenaar zijn randvoorwaardelijk voor alle scenario’s. Het eindrapport COZ vormt het toetsingskader voor alle toekomstige ontwikkelingen. Het is tevens een belangrijke bouwsteen voor de opmaak van een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP).

Drie prioritaire clusters (werven): spoor, weg en tunnel In de tussenliggende tijd is het inhoudelijk gesprek over de infrastructurele projecten, die rond dit knooppunt spelen, essentieel. Gelet op het grensoverstijgende belang van deze infrastructuren is commitment van de gezamenlijke partners voor het verder aangaan van de inhoudelijk gesprekken, het proces en de feitelijke realisatie randvoorwaardelijk.

Nieuw ruimtelijk uitvoeringsplan noodzakelijk Het eindrapport COZ maakt duidelijk dat het opstellen van een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) een noodzakelijke vervolgstap is om alle infrastructuren, Rail Ghent-Terneuzen in het bijzonder, te kunnen realiseren. Om met het opstellen hiervan te starten, wordt beoogd om de start- en procesnota te laten goedkeuren door Vlaamse Regering voor het zomerreces van 2025. Daarna kan de formele procedure voor het opstellen van het GRUP van start gaan. Er wordt toegewerkt naar een vastgesteld GRUP in 2027.

H1 H2 H3 H4

26 Op dit moment vragen de volgende clusters (werven) urgente aandacht: • Spoor: Rail Ghent-Terneuzen, het doortrekken van spoorlijn L204 langs de John Kennedylaan (Vlaanderen) richting de Axelse Vlakte (Nederland). Voor de realisatie van dit project hebben de verschillende overheden reeds de nodige budgetten toegezegd. • Weg: de Tractaactweg in Nederland is heraangelegd. Beide R4’s ten zuiden van E34 worden momenteel heraangelegd. De missing link, de R4 op grondgebied van Zelzate, om beide systemen ‘op orde’ te krijgen, kan niet achterblijven. Deze missing link staat op de Vlaamse lijst met veelvoorkomende verkeersongevallen. Voor een vlotte en veilige verkeerssituatie in Zelzate en de haven is een heropstart van het project met inbegrip van financiering essentieel. • Zelzatetunnel: op langere termijn is er nood aan een nieuwe Zelzatetunnel. De huidige dateert uit 1968. Een vervangingsbouw heeft meer redenen dan alleen het economisch perspectief om scheepvaart met grotere diepgang toegang te geven tot het Vlaamse deel van North Sea Port. De huidige tunnel is verboden voor transport van vloeistoffen en gassen. Enkel vaste stoffen mogen erdoor. Dit betekent dat een aanzienlijk deel van het goederentransport via het centrum van Zelzate wordt afgeleid.

En bij calamiteiten en onderhoud wordt het verkeer van de hoofdweg E34 door het centrum van Zelzate heengeleid (onvoldoende robuust mobiliteitsysteem). De leeftijd van de tunnel en de andere bovengenoemde punten zijn elementen om in beschouwing te nemen in het opzetten van een traject richting vervanging.

Partijen spreken de intentie uit om op basis van onderstaande principes verder samen te werken: • een gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) op te stellen. • de start- en procesnota, die in het tweede kwartaal van 2025 ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de Vlaamse Regering, te prioriteren en een startbeslissing af te geven, waarna de formele procedure van start kan gaan. • € 500.000 euro te financieren voor het GRUP en het MER. Het Project Gentse Kanaalzone voorziet aanvullend € 70.000 euro in functie van de opmaak van de proces- en startnota van het GRUP. • gezamenlijk verder het inhoudelijk gesprek te voeren en het proces en de feitelijke realisatie te faciliteren in relatie tot de drie prioritaire werven: Rail Ghent-Terneuzen, R4 op grondgebied Zelzate en een nieuwe Zelzatetunnel.

Trekker

Vlaams Departement Omgeving (Ignaas Claeys)

Counterpart voor trekker

ProRail (Stijn Scheijven)

Betrokken partners

• ProRail • Infrabel • Vlaams Agentschap Wegen en Verkeer • Projectbureau Gentse Kanaalzone • North Sea Port • Gemeente Zelzate • Provincie Oost-Vlaanderen • Provincie Zeeland

Type afspraak

Procesafspraak

Termijn

Eind 2027

Locatie in North Zelzate Sea Port District

H1 H2 H3 H4

27

2.3 Klimaatrobuust water- en bodemsysteem Een klimaatrobuust water- en bodemsysteem, met voldoende beschikbaarheid en goede waterkwaliteit, is essentieel voor de leefbaarheid en (natuurlijke en economische) veerkracht van het North Sea Port District. Onderstaand worden de huidige knelpunten en kritische opgaven rondom het water- en bodemsysteem in North Sea Port District beschreven. Gegeven het feit dat het water- en bodemsysteem onder druk staat en zoetwater schaarser wordt, is het een belangrijke vraag welke richting het District op kan ontwikkelen met water en bodem als belangrijke factoren. North Sea Port District heeft bijvoorbeeld geen gebiedseigen zoetwaterbronnen, en is voor de toevoer van zoetwater afhankelijk van externe aanvoer uit de Nederlandse Biesbosch, het Volkerak-Zoommeer, de Brabantse Wal, en Vlaanderen. Specifiek komt een groot deel uit het achterland, waaronder de Leie en de Bovenschelde. Echter, in dit achterland is een structureel watertekort waardoor niet alle watervragen in het Gentse deel volledig kunnen worden beantwoord. Dit heeft gevolgen voor de waterbeschikbaarheid in de kanalen richting Zeebrugge, de Kanaalzone, de Benedenschelde en de binnenstad. Zowel het Vlaamse als het Zeeuwse deel van North Sea Port District kennen grote uitdagingen rondom de zoetwatervoorziening.

Overexploitatie van grondwater, vooral in de jaren 1980 en 1990, hebben ervoor gezorgd dat de grondwaterstanden in Oost-Vlaanderen sterk zijn gedaald. Hierdoor worden landbouwers genoodzaakt om alternatieve bronnen te zoeken. In het Zeeuwse North Sea Port District is verzilting een groot probleem. De combinatie van een stijgende zeespiegel en een warmer klimaat zorgt voor de verzilting van grondwater16. Naast verzilting staat het huidige aanbod van zoetwater ook onder druk door waterschaarste, droogte en grondwaterdaling. Extremer weer, opwarming van de aarde en zeespiegelstijging door klimaatverandering versterken deze problemen17. Zoetwater is niet alleen belangrijk als drinkwater, maar ook als industriewater voor industriële processen en als water voor de landbouw. Dit zoetwater is van verschillende kwaliteit, maar een toekomstig tekort aan alle soorten is reëel. Bij havenontwikkeling en groeiende industriële activiteiten zal de vraag naar industriewater toenemen, zeker wanneer de productie van waterstof door bedrijven in de haven toeneemt.

Naast voldoende aanvoer van zoetwater als kritieke factor, staat de economische veerkracht van de haven en de regio momenteel al onder druk door aanhoudende droogte in het Kanaal Gent-Terneuzen. Lange perioden van droogte hebben impact op de scheepvaart in de kanalen en rivieren van het stroomgebied van de Schelde. Door ontbreken van neerslag en een minimale aanvoer van zoetwater vanuit het bekken van Gentse kanalen ontstaan problemen voor schepen met een bepaalde diepgang. Niet direct voor de zeevaart maar wel voor binnenscheepvaart heeft de droogte invloed op de bereikbaarheid van de vaarwegen. Droge maanden hebben ook gevolgen voor de opwaartse kanalen, waaronder Kanaal Gent-Terneuzen, Ringvaart, Boven-Schelde, Leie, Kanaal Gent-Oostende. Beheerders worden gedwongen maatregelen te nemen om de peilen te kunnen handhaven, zoals het gegroepeerd schutten, diepgangbeperkingen en beperken van lekverliezen18. Bij toenemende haven-industriële activiteiten en bijbehorende scheepsvaart zal het kanaal meer gebruikt worden. Als belangrijke economische verbinding zal de huidige droogte in het kanaal daarmee nog kritieker worden. Dit ook door de toenemende grootte van de schepen vanwege de nieuwe Zeesluis. Tegelijkertijd is het kanaal ook een route waarlangs zoutwater het land binnen komt.

Verzilting kan, indien Westerscheldewater ingelaten wordt ten behoeve van peilhandhaving op het kanaal, verder landinwaarts optreden19. Momenteel werken Vlaanderen en Nederland al samen aan een toegankelijke, veilige en natuurlijke Schelde-monding en de droogte in het kanaal in de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie (VNSC). Als indrukwekkende economische draaischijf en tegelijk waardevol natuurgebied is de riviermonding van onmisbaar belang voor de omgeving20. Door de verplaatsende zouttong op het kanaal landinwaarts, lopen ook zijstromen van het kanaal risico op verzilting. De zoete natuur in deze zijlopen, zoals in de Moervaart, komt daarmee onder druk te staan. De landbouwsector is ook een grote afnemer van zoetwater in North Sea Port District. Voor een duurzame en toekomstbestendige landbouw is voldoende beschikbaarheid van water essentieel, gegeven de huidige verzilting in het District. De bodem wordt minder vruchtbaar, en mede door gebrek aan zoetwater in droge zomers is het aantal akkers in het Zeeuwse District waar uien worden geteeld (een belangrijk gewas in de Zeeuwse agrarische sector) gehalveerd. Deze teelt verschuift nu naar het oosten21. De richting van economische ontwikkeling in het District heeft grote impact op de vraag naar zoetwater en daarmee de inrichting van het bodem- en watersysteem.

In een economie die steeds circulairder wordt, zal de watervraag van een andere orde zijn. Beschikbaarheid van zoetwater kan daarin een belangrijke sturende factor zijn.

H1 H2 H3 H4

28 Kortom, zoetwater is niet alleen belangrijk als drinkwater, maar ook als water voor de landbouw en als industriewater. Voor verschillende industriële processen is de schoonste vorm van water essentieel; demiwater. Voor koelwater in de industrie kan ook zoutwater gebruikt worden, maar veel installaties zijn hier nog niet op ingericht waardoor corosie optreedt. Op termijn zal het aanbod zoetwater door het jaar heen sterker gaan fluctueren en in sommige perioden schaarser zijn. Dit terwijl door havenontwikkeling en groeiende industriële activiteiten de vraag naar industriewater zal toenemen. Zeker wanneer de productie van waterstof door bedrijven in de haven toeneemt. Ook anti-verdrogingsmaatregelen en bevolkingsgroei zetten de beschikbaarheid van zoetwater onder druk. Het is van groot belang dat mogelijke effecten op de omgeving bij het onttrekken van grondwater meegewogen worden. Intering op bestaande voorraden moet voorkomen worden en niet altijd kan gegarandeerd worden dat voldoende aanvulling plaatsvindt. Daarnaast mag de grondwaterstand niet structureel verlaagd worden teneinde te voorkomen dat de kwaliteit van bestaande natuurgebieden en de kwaliteit in kleine waterlopen vermindert22. De vraag en het aanbod van zoetwater is echter niet statisch, en fluctueert door de seizoenen heen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15420527/1