CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Jaarrekening 2023 Mondia Scholengroep bijlage

Informatiebijeenkomst 11 oktober 2024, gemeente VlissingenBij agendapunt: Stukken25.240 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

We hebben geprobeerd het NPO niet te zien als losstaand project, maar hebben zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij al lopende initiatieven in de scholen, maar ook bij ambities die wij hadden verwoord in ons koersplan 2021-2024, zodat ook na afloop van de NPO-planperiode de ingezette interventies zoveel mogelijk kunnen worden gecontinueerd en geborgd. Daarom hebben we de NPO-gelden toen op de korte termijn ingezet voor maatregelen, die vertragingen van leerlingen verhielpen en werkdruk van medewerkers verlichtten en op de langere termijn voor maatregelen, die een duurzaam effect hebben op de onderwijsresultaten en aansluiten op de onderwijskundige keuzes die al waren gemaakt. Ons NPO-programma is tot stand gekomen op basis van een gedegen analyse van de resultaten van de schoolscans die in onze twee scholen met in totaal vier locaties zijn opgesteld. Vervolgens hebben we de analyse uitgewerkt naar concrete doelen en hebben we passende en (bewezen) effectieve maatregelen uit de menukaart gekozen. Deze hebben we besproken met onze teams en met de GMR. We hebben onze ambities en plannen in een zestal thema’s uitgewerkt in een planmatig programma inclusief de evaluatie, bijstel- en verantwoordingsmomenten. Met het programma voor 2022/2023 was 2,9 miljoen euro gemoeid. De ontvangen NPO-gelden mogen wel t/m juli 2025 besteed worden.

En dat gebeurt ook, alhoewel het merendeel besteed zal zijn op 1-8-2024. De plannen zijn grotendeels gerealiseerd en we zullen als organisatie moeten wennen aan het feit, dat deze extra middelen er niet meer zullen zijn. Veel extra, zeer welkome en gewaardeerde ondersteuning valt weg en dit gecombineerd met de voor ons nu echt voelbare 27

negatieve gevolgen van de Vereenvoudiging Bekostiging, maken de uitdagingen naar de nabije toekomst groot. Gekozen interventies De volgende zes thema’s (interventies) zijn door ons gekozen: Bestuursbreed: 1. Inrichting van het onderwijs 2. Taal en rekenen 3. Executieve functies 4. LOB Per schoollocatie: 1. Welbevinden 2. Maatwerk per sectie

Betrokkenheid ouders, docenten, leerlingen De uitgewerkte plannen zijn in alle onderwijsteams twee keer besproken (kort voor en na de zomer van 2021), waarbij uitkomsten zijn verwerkt. Ouderraden zijn eveneens geraadpleegd. Leerlingen en ouders zijn in de schoolscans geconsulteerd (op individueel niveau).

Medezeggenschap De GMR heeft op 21 september 2021 ingestemd met ons NPO-plan. (Overigens bestaat de GMR uit de twee school-MR en tezamen). In het najaar van 2022 hebben we in een gezamenlijke bijeenkomst van PGMR en schoolleiding de tot dan toe uitgevoerde activiteiten met bijbehorende budgetten in beeld gebracht en geëvalueerd. De plannen zijn begin 2023 op schoolniveau verder geëvalueerd en bijgesteld.

Participatie van personeel niet in loondienst Digitale geletterdheid Ruim 2,5% van het totale jaarbudget wordt ingezet voor het inhuren van PNIL. Ongeveer € 26.000,= in de persoon van een expert op het gebied van digitale didactiek.

Opbrengsten Op dit moment kunnen we vaststellen dat een groot deel van de leervertraging is ingelopen. De sociaal-emotionele schade blijkt veel groter dan in twee jaar tijd te repareren valt en vraagt nog dagelijks onze aandacht. 28

4.

BEDRIJFSVOERING

4.1 FACILITAIR

De Mondia Scholengroep heeft de beschikking over vier, in het algemeen redelijk goed geoutilleerde gebouwen, op drie locaties in Middelburg en Vlissingen. •

Locatie Nehalennia Breeweg Middelburg: schoolgebouw voor havo en vwo van Nehalennia SSG

•

Locatie Nehalennia Kruisweg Middelburg: schoolgebouw voor vmbo en mavo van Nehalennia SSG

•

Locatie Scheldemond College, Weyevlietplein Vlissingen: campusachtig terrein met schoolgebouwen Wielingen voor vmbo en mavo en Sardijn voor havo en vwo.

De Mondia Scholengroep maakt in de sector techniek van het vmbo gebruik van het Technum in Vlissingen, een gebouw dat eigendom is van Scalda, het ROC van Zeeland. Ook waren leerlingen van de Mondia Scholengroep in 2023 te vinden in het ISK aan de Griffioenstraat, de stuctuurgroepen aan de Eisenhowerlaan, de viabit groep bij Educonsult of men volgende lessen in het volwassenonderwijs van Scalda in Middelburg. Bewegingsonderwijs Nehalennia ssg maakte voor bewegingsonderwijs, naast de eigen faciliteiten, ook gebruik van voorzieningen van sportaccommodatie de sprong en andere gymzalen binnen de gemeente. Daarnaast maakte men gebruik van de sportvelden in de gemeente middelburg. Het Scheldemond College maakte voor bewegingsonderwijs in 2023, naast de eigen faciliteiten, gebruik van de sportzalen Baskensburg en de sportvelden in de gemeente Vlissingen. Beide scholen maken daarnaast incidenteel gebruik van andere sportvoorzieningen in Middelburg en Vlissingen, zoals diverse sportscholen en het zwembad. De verschillende sportclubs die met het Scheldemond College samenwerken hebben en/of regelen hun eigen faciliteiten en voorzieningen. Onderhoud De scholengroep heeft voor alle gebouwen een meerjarig onderhoudsplan, dat medio 2024 volledig opnieuw zal worden opgesteld op basis van een nieuwe meting en tegen de huidige marktprijzen.

Er vindt uiteraard ook regulier onderhoud plaats (op basis van contracten, zoals schoonmaak en onderhoud van installaties), glasbewassing, onderhoud vloeren, schilderonderhoud binnen, (vervangings-)investeringen en investeringen in het kader van de r.i.&e. En energiezuinige gebouwen. In en aan gebouwen zijn er in de loop van 2023 onder meer de volgende specifieke werkzaamheden verricht en/of investeringen gedaan: Nehalennia Breeweg: vervanging van de ac-unit t.b.v. de ict-ruimte en diverse lokalen, vervangen en ombouwen van de regelkasten en strippen en polymeren van de linoleumvloeren.

29

Nehalennia kruisweg: schilderen van de trapopgangen, onderhoud aan de zonwering, strippen en polymeren van de linoleumvloeren, vervangen van de entreedeuren en het installeren van een acunit in de serverruimte. Scheldemond college, gebouw wielingen: onderhoud aan de zonwering en regulier schilderwerk. Een aantal grote onderhoudsklussen zijn doorgeschoven naar het volgende boekjaar. Scheldemond college, gebouw Sardijn: onderhoud aan de bestrating van het schoolplein. Een aantal grote onderhoudsklussen zijn doorgeschoven naar het volgende boekjaar.

4.2 ICT EN APPLICATIES

Leermiddelen en ICT Binnen het palet van leermiddelen neemt ICT een steeds prominentere plek in, nadrukkelijk als middel, niet als doel. Ten tijde van corona heeft dit een enorme boost gekregen, in de afgelopen zijn is te zien dat weer veel van die verworvenheden op de achtergrond zijn geraakt. In de volle breedte van de school is het concept van blended learning wel steeds dominanter. Het van schoolwege verstrekte device wordt ingezet wanneer dit van toegevoegde waarde is op de meer traditionele folio-leermiddelen. Denk daarbij aan remediale programma’s, tempo- of niveaudifferentiatie en soms ook al echt interactieve toepassingen in de adaptieve sfeer. Op dit moment zijn alle gebouwen per verdieping voorzien van gemakkelijk in te zetten Chromebook-karren. Daarnaast wordt de ICTinventaris na afschrijving vervangen. Er is een plan ontwikkeld om te gaan werken met een mobiele device voor en van elke leerling in het kader van het project Digitale Geletterdheid. De invoering daarvan heeft helaas vertraging opgelopen en zal niet eerder dan het schooljaar 25-26 van start kunnen gaan. De implementatie van mobiele devices voor OP en OOP gaat wel starten in 2024. In de corona-tijd hebben we kunnen constateren dat ICT veel méér voor en in ons onderwijs kan betekenen dan ooit gedacht.

Maar tegelijkertijd heeft de crisis blootgelegd dat dit wel veel meer een revolutie in de vorm dan de inhoud van ons onderwijs heeft teweeggebracht. Met behulp van de impulsgelden van het Nationaal Programma Onderwijs hebben we op drie fronten een stap vooruit gemaakt om onze medewerkers –en via hen onze leerlingen- optimaler toe te rusten:

Computational thinking Het praktisch en creatief inzetten van digitale tools om een probleem op te lossen. Het probleem moet zodanig worden ge(her)formuleerd dat het mogelijk is om het met computertechnologie op te lossen. Computational thinking is iets anders dan denken als een computer of leren programmeren. Het is het logisch benaderen van problemen en die oplossen met computertechnologie. De volgende stappen zijn daarbij van belang: • •

Ontleding: het probleem moet in kleine stukjes opgedeeld worden en de kleine problemen stuk voor stuk opgelost. Patronen herkennen: filteren van informatie; het vereenvoudigen van informatie; een schema of tekening van de informatie maken kan daarbij helpen. 30

• •

Mogelijke oplossingen bedenken en uitproberen door algoritmisch te denken. De oplossingen algemeen maken door toepassing bij overeenkomstige problemen

Digitale didactiek De belangrijkste extra’s ten opzichte van folio leermiddelen zijn: • • • •

Interactiviteit: inspelen op de specifieke leerbehoefte van de leerling n.a.v. diens inbreng. Slimheid: aanbod van leerstof kan steeds passender zijn door lerend vermogen (vergelijk de slimme thermostaat). Herhaling: onvermoeid aanbieden van oefenstof ten behoeve van het memoriseren. Variëteit: naast differentiatie op tempo en niveau, kan ook gevarieerd worden op leerstijl.

Bij alle vakken/leergebieden willen we op alle fronten de inzet van ict substantieel vergroten Mediawijsheid Mediawijsheid staat voor het slim, verantwoord en gewetensvol om kunnen gaan met online en offline media. Je moet daarbij doorhebben hoe media jouw dagelijks leven beïnvloeden en hoe je er het beste uit kan halen - voor jezelf en voor anderen. Volgens Kennisnet is een iemand mediawijs als hij 10 mediawijsheid-competenties beheerst op het gebied van begrip, gebruik, communicatie en strategie.

De stap voorwaarts op drie fronten is een noodzakelijke voorbereiding op het leergebied Digitale Geletterdheid dat binnen de basisvaardigheden haar intrede heeft gedaan in het VO. Geredeneerd vanuit de subsidievoorwaarden is het aspect van reductie van leervertraging aanvullend relevant. Naast de projectleider Digitale Geletterdheid, die in 2021 aanbevelingen heeft gedaan om de basis van onze ICT-ondersteuning en -middelen op orde te brengen en deze in 2022 en 2023 verder heeft uitgewerkt, zijn sinds 2022 drie digi-coaches gestart om naar bovengenoemde punten toe te werken via training, visie- en beleidsvoorstellen en door samen met de ICT-afdeling de basisvoorzieningen te verbeteren.

Zermelo, SOM, HR2day Het rooster- en formatieprogramma Zermelo raakt steeds beter gevuld en wordt in toenemende mate ingezet t.b.v. prognose-doeleinden en personeelsplanning. SOMtoday biedt leerlingen en hun ouders toegang tot de cijferregistratie, het aanwezigheidsbeheer, het huiswerk en de dagroosters. In HR2day zijn de personeelsdossiers, portfolio’s en de gesprekkencyclus grotendeels gedigitaliseerd. Deze digitalisering wordt stapsgewijs verder uitgebouwd.

31

4.3 GROENE, DUURZAME EN GEZONDE SCHOOL

De Gezonde School Dit thema valt in feite zowel onder onderwijs als bedrijfsvoering. Juist de transfer vinden we belangrijk. Bijvoorbeeld bij afvalscheiding, het behalen van vignetten en bij vergroening van gebouwen en terreinen worden nadrukkelijk ook leerlingen betrokken in het kader van het lesprogramma. De ‘Gezonde School’ is een initiatief van de ministeries van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport , SZW Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid , EZ Ministerie van Economische Zaken en OCW Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Landelijke kennis- en onderzoeksinstituten werken hierin samen, ondersteund door branche- en koepelorganisaties. Het initiatief Gezonde School helpt scholen om doelgericht en efficiënt te werken aan de gezondheid van leerlingen. Daarmee maakt je een gezonde leefstijl als school vanzelfsprekend en die boodschap meegeven aan onze leerlingen is belangrijk, voor nu en voor later. Wat levert Gezonde School op voor onze leerlingen? • • •

Leerlingen die gezond zijn, zitten vaak ook lekkerder in hun vel. Dat draagt bij aan betere schoolprestaties en het terugdringen van voortijdig schoolverlaten. Leerlingen maken sneller een gezonde keuze en hebben daar ook later in hun leven iets aan.

Gezonde School bestaat onder andere uit: • • •

De Gezonde School-aanpak: dit is een werkwijze voor scholen om structureel te werken aan gezondheid. Gezonde School-activiteiten: concrete lesprogramma's en/of projecten die u kunt inzetten op school. Deze activiteiten vormen een onderdeel van de Gezonde School-aanpak. Het vignet Gezonde School: hiermee laten scholen zien dat zij structureel aan gezondheid werken en voldoen aan de kwaliteitscriteria. Een school die het vignet heeft behaald, mag zich Gezonde School noemen. Meer effect dankzij de vier pijlers van Gezonde School.

De vier pijlers: Gezondheidsbevordering heeft meer effect als een thema aandacht krijgt op de onderstaande vier pijlers: 1. Educatie – Uw school besteedt in lessen structureel aandacht aan het gekozen gezondheidsthema. Zo zorgt u ervoor dat leerlingen hun kennis vergroten, vaardigheden ontwikkelen en een positieve houding krijgen tegenover een gezonde leefstijl. 2. Signaleren – Leraren en andere medewerkers herkennen gezondheids- of leefstijlproblemen onder hun leerlingen in een vroegtijdig stadium. En ze weten hoe ze daar vervolgens op de juiste manier mee omgaan (zoals doorverwijzen naar passende hulpverlening). 3. Schoolomgeving – Uw school stimuleert gezond gedrag met aanpassingen in de fysieke omgeving (zoals inrichting van het schoolplein of samenwerking met supermarkten in de wijk) en aandacht voor de sociale omgeving (zoals ouders en leraren). 32

4. Beleid – Uw school legt maatregelen voor gezondheidsbevordering vast in het schoolbeleid. Zo blijft het onderwerp onder de aandacht.

Het proces Geheel Mondia heeft het predicaat ‘Gezonde School’ verworven. Dit ben je officieel wanneer je minimaal een themacertificaat hebt behaald. Dit kan zijn ‘Relaties en Seksualiteit’ en/of “Voeding” en/of “Sport en Bewegen”. De ontwikkelingen bij Nehalennia zijn wat verder gevorderd dan op het Scheldemond college

Gezonde school binnen het bewegingsonderwijs De sectie bewegingsonderwijs is actief betrokken bij de eerste drie pijlers van de Gezonde School. Per themacertificaat is dit afhankelijk van de mogelijkheden en de raakvlakken met het vak BO.

Themacertificaat Relaties en seksualiteit Voor het themacertificaat relaties en seksualiteit hebben wij vooral een signalerende functie. We signaleren wanneer er lichamelijke of sociale aanwijzingen zijn die mogelijk wijzen op grensoverschrijdend relationeel/seksueel gedrag. Dit kan zijn richting de mentor en/of de zorgcoördinator. Daarnaast is er ook aandacht voor thema’s als grenzen bewaken, jezelf kunnen zijn en hoe ga je met elkaar om wanneer er iets opdoet binnen een groep. Wel besteden we ieder jaar aandacht aan seksualiteit door een projectweek vol workshops gelieerd aan het thema met de naam: ‘lang leve de liefde’. Daarnaast zijn we actief op het gebied GSA. Dit komt sterk tot uiting op Paarse Vrijdag, 9 december 2022. LHBT+ kenmerkt zich door zichtbaarheid, maar in de week van Paarse Vrijdag ook aandacht te besteden aan seksuele en gender diversiteit. In 2022 voor het eerst ook een heuse GSA XXL. Dit overstijgt Nehalennia en raakt heel Walcheren. In het centrum van Middelburg is een koffiepandje afgehuurd om schooloverstijgend met elkaar ontmoeten en ervaringen delen. Er wordt teruggekeken op een positieve, gezellige bijeenkomst die goed is bezocht.

Themacertificaat Voeding Voor het themacertificaat ‘voeding’ hebben we een rol binnen educatie en signalering. De sectie bewegingsonderwijs is al jaren bezig vorm en inhoud te geven aan de educatie van gezonde voeding waarin ze vooral opdrachten hebben gemaakt waarbij de theorie over gezonde voeding op een praktische manier werd meegegeven. Denk aan bijvoorbeeld hoeveel calorieën verbruik je bij het nuttigen van welke voedingsmiddelen en dan de inspanning gaan leveren. Vanaf volgend jaar gaan zij hiernaast ook aan de slag met de methode ‘Weet wat je eet’ van het voedingscentrum. Dit is een erkende interventie vanuit de Gezonde School en deze lessen zullen we over de leerjaren uitsmeren zodat onze leerlingen goed en volledig geïnformeerd worden op dit thema. Voor wat betreft het signaleren is er voor ons een rol weggelegd wanneer er sprake is van ernstig overgewicht. In dit geval is maatwerk nodig waarbij er met de leerling, ouders, mentor en GGD

33

gesproken kan worden over de meest verstandige stappen die genomen dienen te worden om de leerling te helpen.

Themacertificaat Sport en bewegen: Voor het themacertificaat sport en beweging besteden wij aandacht aan vooral educatie, maar in mindere mate ook signaleren en de schoolomgeving. We besteden voor wat betreft educatie aandacht aan de bewegingsvaardigheden om de leerlingen voor te bereiden op de Nederlandse bewegingscultuur zodat zij een basis hebben met vaardigheden, attitude en inzicht om zich makkelijk te kunnen aansluiten bij een sportvereniging of een ongeorganiseerde sport. Daarnaast geven wij ook mee waarom voldoende bewegen belangrijk is en wat hierin de richtlijnen zijn. Voor wat betreft signaleren bekijkt de docent bewegingsonderwijs in de eerste periode of er achterstanden zijn op het gebied van bewegingsvaardigheden en bieden wij bij voldoende vraag ondersteuningslessen MRT (Motorische Remedial Teaching) aan. Ook zijn er in de loop der jaren verschillende initiatieven geweest om de inactieve leerling te motiveren om te gaan sporten, dit blijft een uitdaging die wij zullen blijven aangaan als vaksectie. Voor wat betreft de schoolomgeving vinden wij het ook belangrijk dat de leerlingen op het schoolplein, in de school of in de buurt sportieve mogelijkheden hebben. Dit blijft een uitdaging vanwege ruimtegebrek op enkele locaties.

Vergroening Onder invloed van de Groene Revolutie pakken werkgroepen in onze scholen de schoolgebouwen en terreinen aan als leefomgeving. Biodiversiteit, afvalscheiding, binnenklimaat, energiebesparing, gezonde voeding en meer bewegen zijn samenhangende thema’s die steeds meer aandacht krijgen in ons onderwijs in combinatie met ons facilitair bedrijf. Dankzij de NPO-middelen heeft de vergroening en verduurzaming een boost gekregen, omdat er een relatie is gelegd met het sociaalemotioneel welbevinden van leerlingen.

4.4 PERSONEEL EN ORGANISATIE

Van Integraal personeelsbeleid naar levensfasebewust personeelsbeleid Mensen zijn de bouwstenen van onze organisatie. Onderwijs is mensenwerk. Het personeelsbeleid vormt zoveel als mogelijk een samenhangend geheel, waarbij door visie en missie ingegeven uitgangspunten, kaders en doelstellingen consistent worden gehanteerd. De integraliteit van ons IPB is ver doorgevoerd en wordt voor beide scholen in hoge mate op elkaar afgestemd. Hierin wordt niet alleen aandacht besteed aan het individu, maar ook aan organisatorische vraagstukken binnen de school, managementstijlen, competentiemanagement, betrokkenheid en welbevinden.

34

In 2023 wordt, onder andere in het kader van duurzame inzetbaarheid, de lijn van levensfasebewust personeelsbeleid verder doorgezet. Levensfasebewust personeelsbeleid richt zich in essentie op alle medewerkers, ongeacht hun leeftijd. Uitdagingen waar scholen nog steeds voor staan zijn: hoe behouden we de oudere leerkracht, hoe bieden we voldoende ruimte en passende begeleiding aan de jonge leerkrachten en hoe motiveren we ervaren leerkrachten? Een goed levensfasebewust personeelsbeleid levert de school een aantal winstkansen op: dalende verzuimkosten; meer gemotiveerde medewerkers; effectievere inzet van personeel; langer behoud van kennis en expertise; minder lesuitval; meer eigen verantwoordelijkheid van de medewerkers voor hun loopbaan. Vanuit deze gedachte is in 2017 de ‘regeling generatiepact Mondia Scholengroep’ ontwikkeld. De regeling is in 2022 voor 4 jaar verlengd en zorgt er in essentie voor dat oudere medewerkers op een verantwoorde manier (desgewenst) af kunnen bouwen naar de pensioenleeftijd toe. Deze verlofvorm wordt gedeeltelijk bekostigd door de werkgever met behoud van volledige pensioenopbouw. Hierdoor ontstaat er meer formatieve ruimte voor jongere collega’s, aanvullend kunnen hierdoor de gevolgen van de krimp beter opgevangen worden. Vanaf het begin van het schooljaar 2018/19 konden werknemers voor het eerst gebruik maken van de regeling.

Ongeveer 37% van de ‘gerechtigden’ heeft hier in het schooljaar 2023/24 ook feitelijk gebruik van gemaakt. Vooralsnog bestaan de “gebruikers” hoofdzakelijke uit docenten. Gezien de financiële effecten van deelname aan de regeling voor een deel van de onderwijsondersteuners te ingrijpend leek te zijn, werd in 2022 gedifferentieerd beleid geïntroduceerd. In aansluiting op bestaande cao-vo seniorenregelingen wordt vanaf 1 augustus 2022 voor medewerkers tot en met schaal 8 de werkgeversbijdrage met 10 procentpunt verhoogd. Hiermee hoopt Mondia dat een drempel gericht op gefaseerde afbouw voor senioren van de functiegroep OOP wordt verlaagd.

Professionalisering Professionalisering is een belangrijk element in het personeelsbeleid, evenals alle zaken die daaruit voortvloeien. Het Human Resource Management (HRM) van een school draait eerst en vooral om de vrouw of man voor de klas. Het is tevens één van de ‘antwoorden’ op het lerarentekort en een hoofdelement in het tegengaan van (een beleving van) grote werkdruk. Professionalisering helpt medewerkers beter toegerust te zijn en beter in staat te zijn ‘onderwijs en ondersteuning op maat’ te leveren voor de leerlingen. We leren steeds beter om meer gebruik te maken van in de scholen aanwezige kennis en kunde en deze door middel van good practices. Om die reden heeft de leiding van Nehalennia Kruisweg in 2023 besloten om zowel collegiale consultatie alsook intervisie verder uit te werken als vaste onderdelen van het kwaliteits- en professionalseringsbeleid. In het geval een bepaalde professionele ontwikkeling niet (volledig) intern kan worden ondersteund of begeleid dan wordt vaak onder de vlag van ZeeProf door de Zeeuwse scholen gezamenlijk scholing ingekocht.

In 2023 is er verder gewerkt aan de uitvoering van een (meerjarig) professionaliseringsplan, waarmee Mondia zich, rekening houdend met de doelstellingen zoals opgenomen in het meerjarenbeleidsplan, zowel richt op de individuele doelstellingen van de scholen alsook op de doelstellingen die voor Mondia als geheel van toepassing zijn.

35

Strategisch Personeelsbeleid Steeds meer wordt het personeelsbeleid doelgericht gekoppeld aan de strategische koers van een organisatie, zo ook bij Mondia. Om de doelen van de organisatie te bereiken moet er daarbij passend personeel worden aangetrokken respectievelijk in zittend personeel worden geïnvesteerd. Dit betekent dat in alle stadia van een schoolloopbaan het HRM-beleid wordt geënt op de langjarige koers van de organisatie, dus werving en selectie, opleiding en om-, bij- en nascholing, promotie, levensfasebewust personeelsbeleid e.d. Rekening houdend met het feit dat een deel van de strategische ambities gedeeld worden met andere onderwijsinstellingen in Zeeland is in 2023 verder gewerkt aan een aantal gemeenschappelijke doelstellingen op het gebied van opleiden van nieuwe leerkrachten, het (door)ontwikkelen van een professionele leercultuur en het binden en boeien van huidige medewerkers. Het met succes verwerven van een forse vernieuwde subsidie voor de Regionale Aanpak Personeelstekort (RAP) heeft de ‘Zeeuwse sHRM-offensief’, na uitputting van de eerste projectsubsidie RAP, een impuls gegeven t.b.v. strategische vervolgstappen.

Zo werd in 2023, naast een kwantitatieve analyse van formatiegegevens in het kader van (regionale) strategische personeelsplanning (RSPP), onder andere een kwalitatieve analyse van de regionale en subregionale (onderwijs)formatie aangeboden via RAP. Zeeuwse Onderwijsregio (ZOR) In 2023 is een aanvraag ingediend bij OCW om als voorloper onderwijsregio nog intensiever samen te kunnen werken. De subsidie is inmiddels toegekend en een eerste programmaplan is ontwikkeld. Binnen deze onderwijsregio zullen schoolbesturen en de opleidingen tot leerkracht/docent en kindprofessional regionaal samen optrekken om te komen tot een gezonde opleidings- en arbeidsmarkt. In Zeeland zijn voor en door alle onderwijskolommen de regionale opgaven in kaart gebracht met betrekking tot het werven, matchen, opleiden, begeleiden en professionaliseren van personeel. Mondia investeert tezamen met alle deelnemende PO, VO, MBO en HBO scholen in de provincie in deze gezamenlijke aanpak die, op termijn, naar verwachting in meerdere opzichten bij zal dragen aan een kwalitatief en kwantitatief impuls.

Gesprekscyclus Beide scholen werken met een vaste gesprekscyclus, die beschouwd wordt als de basis voor de uitvoering van een goed Integraal Personeelsbeleid. Deze cyclus werd in 2012 geharmoniseerd en in 2016 op een sHRM-leest geschoeid. Ter aanvulling op een inhoudelijk gesprek over ontwikkelpunten en ambities is, naast de vastgestelde ‘Rubrics’ LB-C-D, in 2022 ‘270 gradenfeedback’ als instrument geïntroduceerd ter aanvulling en verrijking van de gesprekkencyclus. Docenten en, op verzoek, leidinggevenden en ondersteuners kunnen hierdoor feedback van leerlingen en leiding om het jaar betrekken bij het formuleren of bijstellen van de ontwikkelambitie(s). Gezien uit een medewerkersonderzoek bleek dat een meerderheid van de collega’s onvoldoende stimulans ervaart van de loopbaangesprekken, zijn deze in 2023 voorzien van een voorzien van een bijgesteld format (een concentratie rondom zeven “brandende” vragen) en is het proces verder gedigitaliseerd. Daarbij is het uitgangspunt dat de medewerker zélf hoofdeigenaar is, nog verder versterkt, doordat hij -in eerste aanleg- het verslag schrijft. 36

Functiemix Het is inmiddels goed gebruik om in het najaar samen met de PGMR te onderzoeken of er vacatureruimte gaat ontstaan voor nieuwe LC- en LD-functies. Uitgangspunt is dat we jaarlijks beoordelen in welke mate de scholen voldoen aan de streefpercentages. De streefpercentages worden ons (vanaf 2014) door de overheid opgelegd en zijn voorzien van een passend budget. In 2023 werd op Nehalennia 3,36 FTE aan vacatureruimte vrijgegeven (LC dan wel LD) en 4,55 FTE aan vacatureruimte op het Scheldemond College (LC dan wel LD).

Mobiliteit De kwaliteit van het onderwijs binnen de scholen van de Mondia Scholengroep kan alleen worden gewaarborgd met gemotiveerde, goed opgeleide medewerkers. Mobiliteit, intern zowel als extern, zowel horizontaal als verticaal, kan een belangrijke bijdrage leveren aan de kwaliteit van de mensen en dus aan het onderwijs van de instelling. De Mondia Scholengroep heeft het beleid rondom mobiliteit vastgelegd in een mobiliteitsplan. Het voornoemde plan is vastgesteld met instemming van de personeelsgeleding van (toen nog) de twee medezeggenschapsraden. Een enkele keer wordt dit plan geraadpleegd inzake “blije” mobiliteit; slechts één keer tot nu toe om de regels m.b.t. gedwongen mobiliteit correct toe te kunnen toepassen.

Beheersing van uitkeringen na ontslag We hebben in beeld welke ex-medewerkers een beroep doen op een uitkering en toetsen de rechtmatigheid daarvan voor zover mogelijk. Dit contingent omvat in 2023 12 ex-medewerkers waarvoor we ruim € 26.950,--aan uitkeringskosten moeten bijdragen. Om te voorkomen dat dit contingent groeit zetten we tijdig in op interventies om doorstroom van werk naar werk te bevorderen, denk aan loopbaanscans, opleidingsmogelijkheden en ondersteuning bij sollicitatie. Ook maken we het mogelijk dat mensen die bij ons weg moeten als gevolg van boventalligheid of onvoldoende functioneren, in eerste instantie worden gedetacheerd naar een nieuwe werkgever. En ten slotte bieden we werknemers die overbelast zijn de mogelijkheid om door middel van partieel onbetaald verlof te verkennen of een betere balans mogelijk is tussen werk en privé.

Arbeidsomstandigheden & veiligheid In 2023 is verder uitvoering gegeven aan de verschillende RI&E’s (risico-inventarisatie en evaluatie) die in 2021 zijn bijgesteld. Verder werden in 2023 ook voorbereidingen getroffen voor uitvoering van een nieuwe RI&E’s in 2024. Naast de fysieke veiligheid is ook extra aandacht geschonken aan de (psycho)sociale arbeidsbelasting en veiligheid. Uit een in 2023 afgenomen medewerkers onderzoek bleek namelijk dat een veilige en gezonde overlegcultuur en structuur op de locatie Nehalennia Breeweg gedeeltelijk zou ontbreken. Derhalve heeft de locatiedirectie Breeweg in 2023, ondersteund door specialisten van Conflictcentrum Nederland, extra aandacht besteed aan het verhogen van sociale veiligheid binnen de locatie. Verder beschikt de Mondia Scholengroep in 2023 over vijf interne en één externe vertrouwenspersoon. De vertrouwenspersonen vervullen een belangrijke rol binnen de organisatie en koppelen jaarlijks (altijd geanonimiseerd) terug hoeveel gespreek zijn gevoerd en welke 37

onderwerpen besproken zijn. In 2023 hebben de vertrouwenspersonen 32 medewerkers, leerlingen ouders of voogden gesproken over diverse meldingen.

Allocatie van middelen naar schoolniveau Mondia kent één begroting die inzicht biedt in deelbegrotingen per locatie en schoolgebouw. Materiële en personele budgetten worden toegekend op basis van (de ontwikkeling van) leerlingenaantallen. De ratio’s die DUO hanteert -en die variëren per opleiding en per personeelsgeleding- worden in principe door vertaald naar de vestigingen. De vaste voeten vanuit de bekostigingsgrondslag en de overstijgende diensten (verzorgd door de koepel) worden naar rato verdeeld. De wijze van allocatie wordt in het CMT met de directeuren, het hoofd bedrijfsvoering en de HR-manager besproken en vervolgens vastgesteld.

De opbouw van het personeelsbestand in 2023 In 2023 waren er (op 31 december 2023) 340 personen in dienst met een totaal van 277,99 FTE die als volgt zijn verdeeld: Tabel: personeelsformatie Mondia Scholengroep op 31 december 2023

DIR

WTF

OP

WTF

OOP/OBP

WTF

Pers. totaal

WTF totaal

Nehalennia SSG

5

5,34

129

109,27

57

39,39

191

154,00

Scheldemond College

4

2,60

78

70,73

41

28,83

123

102,16

Koepel

6

5,60

0

0,00

23

16,23

29

21,83

Mondia Scholengroep (totaal)

15

13,54

207

180,01

121

84,45

343

277,99

Het aantal medewerk ers op 31 december 2023 is 343 (3 personen zijn werk zaam op twee locaties) zie toelichting

De bovengenoemde tabel bevat ook de informatie over vier medewerkers die gedetacheerd worden (tezamen goed voor ca. 1,5 FTE op 31-12-23). Aanvullend dient gesteld te worden dat twee OOP/OBP medewerker met een tijdelijke benoeming op projectbasis voor een breder collectief van dienst mogen zijn. Het gaat hier op 31-12-23 effectief om 1,4 FTE aan formatie in loondienst bij de Mondia Scholengroep dat ingezet wordt in het kader van (1) het project RAP (regionale aanpak personeelstekort) en (2) het project STOZ (Sterk Techniek Onderwijs Zeeland). Ten opzichte van 2022 kan hierdoor, rekening houdend met het voornoemde, een stijging waargenomen van effectief 5 medewerkers. Gekeken naar een totaal aan FTE’s over de gehele Scholengroep zien we een stijging van ca. 1,0 FTE. Let wel, de voornoemde stijgingen zijn relatief daar de formatiecijfers ook projectmatig inzet bevatten in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Indien we de NPO-formatie

38

(opgeteld 11,67 FTE op 31 december 2023) in mindering brengen kan vastgesteld worden dat er 325 medewerkers in loondienst zijn, tezamen goed voor 266,32 FTE. Op 31 december 2023 kan 65,55 FTE toegerekend worden aan de tijdelijke formatie (incl. vervanging). Deze ‘tijdelijke schil’ bestaat derhalve uit ca. 23,5% van de totale formatie. Dit is ongewijzigd t.o.v. 2022. 65% van de ‘tijdelijke schil’ kan in 2023 toebedeeld worden aan de functiecategorie OP, 33% aan de functiecategorie OOP/OBP en 2% aan de functiecategorie DIR. Ook hier weer geldt dat de voornoemde NPO-formatie mogelijk voor enige vervuiling kan zorgen. Exclusief NPO-formatie is de tijdelijke schil incl. vervanging goed voor 20,9% van de totale formatie (op 31 december 2021 ging het om 19,4%). Met het oog op kwalitatieve frictie blijft actief gestreefd worden naar een voldoende grote flexibele schil. Tabel: verschillende aanstellingsvormen binnen de Mondia Scholengroep op 31-12-2023 (in fte)

Dir vast

Dir tijdelijk

DIR vervanging

OP vast

OP tijdelijk

OP vervanging

OOP/OBP vast

OOP/OBP OOP/OBP tijdelijk vervanging

Nehalennia SSG

5,00

0,00

0,34

80,95

25,65

2,67

27,50

10,74

1,15

154,00

Scheldemond College

2,50

0,10

0,00

56,50

12,75

1,48

20,71

8,12

0,00

102,16

Koepel

5,00

0,60

0,00

0,00

0,00

0,00

14,28

1,95

0,00

21,83

Mondia Scholengroep (totaal)

12,50

0,70

0,34

137,45

38,40

4,16

62,49

20,81

1,15

277,99

totaal

Als de leeftijdsopbouw in beschouwing genomen wordt kan geconcludeerd worden dat Mondia in 2023 nog steeds beschikt over een gelijkmatige verdeling van personeel over de verschillende leeftijdscategorieën. Opvallend is wel dat Nehalennia, gemiddeld genomen, beschikt over meer ‘jonge’ werknemers (categorieën 15 t/m 44) dan het Scheldemond College en relatief minder medewerkers in dienst heeft binnen de categorie 60+.

Tabel: Verdeling leeftijdsgroepen binnen de Mondia Scholengroep op 31-12-2023 15 tm 24

25 tm 34

35 tm 44

45 tm 54

55 tm 59

60+

Nehalennia S.S.G.

6%

16%

21%

33%

14%

10%

Scheldemond College

4%

16%

19%

28%

13%

20%

Koepel

0%

7%

15%

17%

35%

26%

Mondia Scholengroep

5%

15%

20%

30%

15%

15%

39

Verzuim Indien de landelijke (en meest recente) cijfers in het VO (2022) vergeleken worden met de laatste verzuimcijfers van de Mondia Scholengroep (2023) kan gesteld worden dat de Scholengroep met een verzuimpercentage van 6,4% voor de functiecategorieën OP/DIR 0,3 procentpunt hoger scoort dan de landelijke gemiddelde in het VO. Hiertegenover staat dat de functiecategorieën OOP/OBP met 4,6% ca. 2 procentpunt lager scoren dan het landelijke gemiddelde in het VO.

Tabel: Vergelijk kerncijfers verzuim landelijk VO (2022) en Mondia (2022 en 2023) (de landelijke cijfers van 2023 zijn nog niet bekend, hierdoor wordt hier een vergelijk gemaakt tussen VO 2022 en Mondia 2022 en 2023)

Functiegroep OP/DIR OP/DIR OP/DIR

Populatie Landelijk-VO Mondia Mondia

jaar 2022 2022 2023

VP 6,1% 6,4% 6,4%

VD 12,0 15,1 21,9

MF 2,1 1,6 1,5

NV 27% 27% 32%

Functiegroep OOP/OBP OOP/OBP OOP/OBP

Populatie Landelijk-VO Mondia Mondia

jaar 2022 2022 2023

VP 6,6% 6,8% 4,6%

VD 18,0 11,9 13,7

MF 1,4 2,2 1,8

NV 39% 17% 28%

Als de overige kerncijfers in beschouwing worden genomen valt een verhoging van het nulverzuimpercentage op. We zien dat 68% van de docenten en directieleden van de Mondia Scholengroep zich (minimaal) één keer ziek heeft gemeld in 2023 (tegen 73% landelijk in 2022). Als we kijken naar de functiegroep OOP dan kan (relatief lager) nulverzuimpercentage van 28% vast worden gesteld in 2023 (tegen 39% landelijk in 2022). Een aantal opvallende ontwikkelingen afgeleid uit het jaarlijkse ziekteverzuimrapportage 2023 worden hieronder verder samengevat. Hiermee wordt gezorgd voor een beknopte onderbouwing van de ziekteverzuimcijfers.

tabel: Ziekteverzuimcijfers Mondia Scholengroep 2023 (t.o.v. 2022)

2022 6,6% 12,7 2,0 21%

2023 5,2% 16,0 1,7 29%

Stijging / daling

Verzuimpercentage Verzuimduur Meldingsfrequentie Nulverzuim Aantal personeelsleden Aantal FTE Aantal ziekmeldingen Aantal hersteldmeldingen

393 275 679 656

402 277 587 584

9 2 -92 -72

-1,4% 3,3 -0,3 8,5%

40

Over het geheel van 2023 valt een daling van het verzuimpercentage op (1,4 procentpunt t.o.v. 2022). De daling van het verzuimpercentage zien we terug op laag, middel en lang verzuim 1. Opvallend is hierbij een relatief grote daling van het aantal ziekmeldingen en een stijging van het nulverzuimpercentage. Als we de cijfers op schoolniveau bekijken vallen de volgende ontwikkelingen op: • •

Het Scheldemond College heeft een verzuimpercentage van 5,12% in 2023 (tegen 5,66% in 2022); Nehalennia heeft een verzuimpercentage van 5,46% in 2023 (tegen 7,54% in 2022).

T.o.v. 2022 zien we een daling op kort- middelverzuim op beide scholen. Op Scheldemond valt een stijging van lang verzuim op (van 3,15% naar 3,62%) daar waar Nehalennia ook hier te maken heeft met een daling van langdurig verzuim (van 4,94% in 2022 naar 3,64% in 2023). Een daling van het verzuimpercentage op bestuursniveau kan ook verklaard worden door een daling van het aantal ziekmeldingen op Scheldemond en een stijging van het nulverzuimpercentage op beide scholen. Als we de kwartaalcijfers in beschouwing nemen valt voornamelijk een stijging van het nulverzuimpercentage op en een stijging van de verzuimduur tijdens het 3de kwartaal. Deze stijging kan verklaard worden door uitstroom en volledige hersteld-melding van meerdere langdurig zieke medewerkers.

tabel: Vergelijk overige verzuimgegevens Mondia per kwartaal (Q1 t/m Q4 2023 t.o.v. Q1 t/m Q4 2022)

1

Meldingsfrequentie Verzuimduur Nulverzuim Ziekmeldingen Hersteld meldingen

1ste kwartaal 2022 3,0 6,42 42,3% 255 243

1ste kwartaal 2023 2,4 12,03 53,3% 203 199

Stijging / daling -0,61 5,61 11,0% -52 -44

2de kwartaal 2022 1,3 14,74 63,9% 112 114

2de kwartaal 2023 Stijging / daling 1,1 -0,21 17,85 3,11 68,9% 5,0% 95 -17 97 -17

Meldingsfrequentie Verzuimduur Nulverzuim Ziekmeldingen Hersteld meldingen

3de kwartaal 2022 0,8 23,31 75,3% 68 72

3de kwartaal 2023 0,6 43,83 81,7% 54 59

Stijging / daling -0,17 20,52 6,4% -14 -13

4de kwartaal 2022 2,9 14,87 42,2% 245 248

4de kwartaal 2023 Stijging / daling 2,7 -0,14 12,15 -2,72 48,6% 6,4% 235 -10 240 -8

De definities van de ziekteduur zijn: kort= t/m 7 dagen; middel= t/m 42 dagen; lang= meer dan 42 dagen

41

4.5 KWALITEITSZORG

Kwaliteit is inmiddels een containerbegrip geworden. Voor Mondia is het het optimaal vervullen van onze missie conform onze visie. Dit raakt derhalve aan de totale drieslag van onze opdracht: tot kwalificatie, socialisatie en persoonlijke vorming van onze leerlingen. Kwaliteitszorg houdt zich bezig met het zo objectief mogelijk meten en analyseren van de prestaties van onze leerlingen en personeel. We leren zo steeds beter opbrengstgericht te werken, hetgeen op het gebied van sociale processen en persoonlijkheidsontwikkeling nog niet zo eenvoudig is. Kwaliteitszorg vraagt om een structurele, cyclische aanpak (de zogeheten PDCA-cyclus). Hierbij staan vijf vragen centraal op onze scholen: 1. 2. 3. 4. 5.

Doet de school de goede dingen? Doet de school de dingen goed? Hoe weet de school dat? Vinden anderen dat ook? Wat gaat de school met deze wetenschap doen?

Een aantal interne processen in de bedrijfsvoering is in 2018 o.l.v. een expert opnieuw uitgelijnd. Op basis van dit advies zijn draaiboeken opgesteld. Sinds medio 2021 heeft Mondia Scholengroep een professionele kwaliteitsmedewerker in dienst gehad tot medio 2022. Vanaf medio 2023 is er een nieuwe medewerker gestart, die handen en voeten geeft aan het in het voorjaar van 2023 vastgestelde Handboek Kwaliteitszorg. Hoewel we het niet willen overdrijven, heb je een zeker ‘meten’ nodig om voldoende over je school te ‘weten’. Structureel voeren de scholen daarom in het kader van het eerdergenoemde ‘Scholen op de kaart’ leerling-enquêtes uit en een oudertevredenheidsonderzoek. Een medewerker onderzoek is in 2019 afgenomen en eind 2023 wederom. De resultaten worden in het eerste kwartaal van 2024 teruggekoppeld aan de medewerkers, waarbij we ook in gesprek gaan: ‘tellen en vertellen’. De uitkomsten worden dan ook in actieplannen omgezet vanuit de directie of de teams en afdelingen. Sinds cursusjaar 2017/18 is de Raad van Toezicht met een kwaliteitscommissie van start gegaan, om nadrukkelijk mee te kijken in een aantal processen die erop gericht zijn de kwaliteit van het onderwijsproduct en van het personeel dat daarvoor nodig is te borgen. Dit gesprek vindt vier keer per jaar plaats aan de hand van een uitgebreide kwartaalrapportage van de hand van de bestuurder/het stafbureau.

Deze zelfde rapportages zijn dan al onderwerp van gesprek geweest in het CMT en worden eveneens gedeeld met de GMR.

42

4.6 COMMUNICATIE

Er is aandacht besteed aan diverse communicatielijnen en -middelen: zoals de vaste weekberichten voor medewerkers en de periodieke ouderberichten van beide scholen. De pilot heeft gedraaid met het gebruik van MS Teams in de interne communicatie en onze scholen zullen daar stapsgewijs vanaf schooljaar 2023-2024 mee gaan werken. Daarnaast is er dit jaar ook weer veel aandacht besteed aan de wervingsbrochures, die voor het eerst samen met de collega-scholengroep CSW zijn gemaakt, het aanmeldingsformulier voor brugklassers en zij-instromers en de Open Dagen. De scholengroep heeft een professionele communicatie en PR-medewerker in dienst, huurt daarnaast expertise in en de scholen bereiden alle media-uitingen voor in werkgroepen.

43

5. FINANCIËN

5.1 KENGETALLEN

Signaleringswaarde normatief eigen vermogen Vanaf 2020 werkt het ministerie van OCW met een nieuwe ratio. Het gaat om de Signaleringswaarde Normatief Eigen Vermogen. Bij het overschrijven van deze grenswaarde, zal de inspectie komen controleren of de school een goed bestedingsplan heeft. De formule voor de signaleringswaarde luidt: Aanschafwaarde gebouwen x 0,5 x bouwkostenindex + Boekwaarde overige materiële vaste activa + Totale baten x 0,05 x bouwkostenindex De bouwkostenindex is gesteld op 1,27 Gekeken naar de getallen van 31-12-2023 komt dat voor Mondia neer op ongeveer € 7.587.000,=. Ons eigen vermogen zit daar nog altijd iets boven als gevolg van de ontvangen NPO-gelden. In de 2024 zijn alle NPO-gelden opgemaakt en naar verwachting zitten we ultimo 2024 onder de grenswaarde.

Overige kengetallen

44

Vrijwel alle kengetallen liggen tussen de acceptabele marges en geven geen enkele reden tot zorg. Het negatieve exploitatieresultaat zorgt ervoor dat de rentabiliteit niet binnen de marge valt. Solvabiliteit De solvabiliteitspercentages zijn erg goed, Solvabiliteitspercentage 1 (Eigen Vermogen/ Totale Vermogen) is ruim boven de signaleringswaarde van 20%. Solvabiliteitspercentage 2 ((Eigen Vermogen + Voorzieningen)/ Totale Vermogen) ligt ruim boven de signaleringswaarde van 30%.

Liquide middelen en liquiditeit Ook deze getallen zijn goed. De liquide middelen zijn gestegen en het Netto werkkapitaal (Vlottende Activa – Kort Vreemd Vermogen) is ruim voldoende. De Liquiditeit - Current Ratio is ruim boven de signaleringswaarde van 0,75.

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen (Eigen Vermogen / Totale Baten) ligt ruim boven het door de raad van toezicht (december 2012) gestelde minimale percentage van 15% en daarmee ook ruim binnen de destijds geadviseerde bandbreedte van de commissie Don (10-40%). De signaleringsgrens van OC&W is 5%.

Kapitalisatiefactor De kapitalisatiefactor (Totale Activa / Totale Baten) ligt ruim onder de gestelde 60% signaleringsgrens.

Rentabiliteit De rentabiliteit (Resultaat / Totale Baten) is uiteraard negatief door het negatieve resultaat. Wanneer deze een aantal jaren onder 0% ligt, wordt het een signalering. Wanneer andere kengetallen goed zijn en we “grip” kunnen houden op de exploitatie zal dit geen kwaad kunnen. Met het goedkeuren van de meerjarenbegroting 2024-2028Tdoor de Raad van Toezicht en het positieve advies van de GMR hierover, accepteren we een aantal jaren negatieve resultaten, om tenslotte weer richting een positief resultaat te draaien. Uit de doorrekeningen blijkt dat alle andere kentallen binnen de gestelde waarden blijven.

Huisvestingratio De huisvestingsratio (Huisvestingslasten + Afschrijvingen op gebouwen en terreinen) / Totale Lasten is prima in orde. Onder de 10% is goed.

45

5.2

EXPLOITATIERESULTAAT

Het werkelijke resultaat van 2023 is € 609.000,= negatief. Hierdoor ligt het resultaat € 517.000,= lager dan de negatieve begroting van € 92.000,=. De belangrijkste verschillen tussen het werkelijke exploitatieresultaat en de eerder vastgestelde begroting worden hieronder toegelicht.

Baten In totaal zijn de werkelijke baten ten opzichte van de begroting toegenomen met ca. € 4,3 miljoen. Ten opzichte van de baten 2022 liggen ze ca. € 1,5 miljoen hoger. Er is in totaal ruim € 3,6 miljoen meer aan subsidies van OC&W ontvangen en ten gunste van het boekjaar 2023 geboekt dan begroot. In vergelijking met 2022 is dat ruim € 1,1 miljoen meer. Het verschil ten opzichte van de begroting betreft de in 2023 ontvangen NPO-bekostiging van € 1.688.000,=, die buiten de begroting was gehouden plus de verhoging van de basisbekostiging voor loon- en prijsbijstelling met 6,58%. De verhoging van de basisbekostiging is hoofdzakelijk ter dekking van de 10% loonsverhoging per 1 juli 2023. De verhoging van de basisbekostiging bedraagt ca. € 1.500.000,=. De overige baten zijn in totaal € 627.000,= hoger dan begroot en € 350.000,= hoger dan vorig jaar. Er waren in 2023 voor € 105.000,= meer detacheringen dan begroot en € 37.000 meer dan in 2022. De ouderbijdragen zijn ca. € 368.000 hoger dan begroot en €159.000 hoger dan in 2022. Hiertegenover staan aan de lastenkant ook hogere uitgaven voor excursies en reizen. De begroting van de ouderbijdragen is altijd gebaseerd op de op dat moment bekende excursies en reizen. In werkelijkheid hebben er dus veel meer excursies en reizen plaatsgevonden, dan op voorhand voorzien was.

Met ingang van schooljaar 2022-2023 heeft Scheldemond de kantine-exploitatie in eigen beheer. De kantinebaten 2023 betreffen voor het eerst een volledig kalenderjaar en liggen € 33.000,= hoger dan begroot en € 61.000,= hoger dan in de periode augustus-december 2022. In de overige baten hebben we diverse nieuwe subsidiebaten, die niet begroot waren en die we in 2022 ook nog niet hadden. Een groot aandeel hierin heeft de subsidieregeling voor gratis schoolmaaltijden.

46

Lasten Voor de Mondia Scholengroep zijn de totale lasten € 5,1 miljoen hoger uitgevallen ten opzichte van de begroting en ten opzichte van boekjaar 2022 liggen ze € 2,9 miljoen hoger. De personele lasten zijn € 3,6 miljoen hoger dan begroot en € 1,6 miljoen hoger dan in 2022. Deze lasten zijn gestegen door een algemene salarismaatregel van 10% per 1 juli 2023 en een eenmalige bruto-uitkering afhankelijk van loonschaal, conform de nieuwe CAO-VO 2023-2024. Een kleine € 1,5 miljoen van de loonkosten is gefinancierd uit de NPO-middelen, welke buiten de begroting gelaten waren. In 2023 is de voorziening Persoonlijk Budget fors verhoogd t.o.v. de begroting en het voorgaande jaar. Dit heeft te maken met de loonsverhoging van 10% en het feit dat er 90 uur in plaats van 50 uur gespaard kan worden. De post personeel niet in loondienst (PNIL) is fors hoger dan begroot (€ 348.000,=) en ook hoger dan in 2022. Een groot aandeel hierin heeft de inleen van docenten en een interim teamleider via uitzendorganisaties. De uitgaven voor overige personele lasten zijn lager dan begroot en lager dan voorgaand jaar, omdat de begrote besteding van collectieve werkdrukmiddelen nog niet heeft plaatsgevonden. De uitkeringen zijn voorzichtig begroot. Voor gemaakte kosten bij het uit dienst treden van een medewerker is als onderdeel hiervan ca. € 77.000,- ontvangen.

De totale afschrijvingskosten zijn € 44.000,= lager uitgekomen dan begroot en € 29.000,= hoger dan vorig jaar. De totale huisvestingslasten komen € 328.000,= hoger uit dan begroot en € 732.000,= hoger dan in 2022. Naar aanleiding van inspectie van sportinstallaties zijn meer kosten voor onderhoud installaties gemaakt dan begroot en ook meer dan voorgaand jaar. In de post tuinonderhoud is een nabetaling van 2022 opgenomen en ca. € 31.000,= uitgaven voor vergroeningsprojecten NPO. De kosten voor energie en water zijn veel hoger dan begroot en liggen ook hoger dan in 2022. Door verplichte aanbesteding is in 2023 een nieuw contract voor gas en elektra afgesloten met veel hogere tarieven. De schoonmaakkosten zijn ook hoger dan begroot en het voorgaande jaar door een sterke prijsstijging in het schoonmaakcontract. De post overige huisvestingslasten bevat extra werkzaamheden aan de beveiligingsinstallaties.

De overige lasten komen voor de Mondia Scholengroep € 1,2 miljoen hoger uit dan begroot en € 488.000,= hoger dan in 2022. Bij de administratie- en beheerlasten is de post PR/Open dagen nog hoger dan begroot, maar een flink lager dan voorgaand jaar. De advieskosten betreffen voor ca. € 58.000 Sterk Techniek Onderwijs. De begroting was exclusief deze kosten. Inventaris, apparatuur en leermiddelen liggen hoger dan begroot en voorgaand jaar door uitgaven uit NPO-middelen. Bij de overige lasten zijn de uitgaven leerling activiteiten hoger dan begroot en vorig jaar door organisatie activiteiten vanuit de NPO-middelen. In begrotingstijd was nog niet duidelijk welke schoolreizen en excursie er in 2023 zouden gaan plaatsvinden. Op Scheldemond zijn de kantines met ingang van schooljaar 2022-2023 in eigen beheer. De lasten en baten van de kosten zijn beide hoger dan begroot (zie baten). 47

Uit de NPO-gelden is fors extra leerlingbegeleiding gefinancierd. Het aantal structuurgroepleerlingen is behoorlijk afgenomen en het leerling tarief is niet meegestegen met de bekostigingstarieven. De bijdrage bij instellingen geplaatste leerlingen is hoger dan begroot en voorgaand jaar. Dit is een gevolg van het feit dat de kosten voor VAVO-leerlingen van schooljaar 2022-2023 geheel ten laste van 2023 geboekt zijn, en de kosten voor schooljaar 2023-2024 over de kalenderjaren 2023 en 2024 verdeeld zijn.

Rente Dankzij diverse vooruit ontvangen incidentele subsidies en een opgelopen rentepercentage zijn de rentebaten veel hoger dan begroot en voorgaand jaar. Het rentepercentage bij schatkistbankieren was eind 2023 3,9%.

5.3

TREASURYVERSLAG

Het bestuur van de school heeft, zoals verplicht is volgens de ’Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016’, een treasury-statuut opgesteld waarin het beleid uiteengezet wordt en de bevoegdheden en verantwoordelijkheden worden beschreven. Er wordt niet belegd en evenmin zijn er leningen en derivaten-overeenkomsten afgesloten. Dit is Mondia voor de toekomst ook niet van plan. Hoogrenderende rekeningen en deposito’s waarvan tegoeden direct opvraagbaar zijn, zijn er op dit moment niet meer. Sinds half september 2022 is er weer sprake van positieve rentevergoeding over ons tegoed bij schatkistbankieren. Per 31-12-2023 staat er € 11.023.368,= op de rekening-courant van het Ministerie van Financiën. Het bedrag aan liquiditeiten volgens het portefeuille-overzicht ABN-AMRO is € 76.942,=. Aangevuld met kasmiddelen en saldi van enkele bankrekeningen bij Rabobank en Simpled Card, komen we tot de volgende totale liquiditeiten:

1.7.1 Kasmiddelen € 4.077,=. 1.7.2 Tegoeden op bankrekeningen € 11.130.731,=.

48

6. CONTINUÏTEITSPARAGRAAF EN MEERJARENPERSPECTIEF

De meerjarenbegroting kent de baten en lasten van de begroting 2024 als uitgangspunt bij de berekeningen. Daarbij zijn veel ontwikkelingen ‘proportioneel’ berekend. Dat wil zeggen dat ze de ontwikkeling van de leerlingenaantallen volgen. Er is getracht een zo realistisch mogelijke begroting te geven.

6.1 PROGNOSE AANTAL LEERLINGEN VANAF VERSLAGJAAR

* Toelichting: “Intern” is binnen de eigen schoolgebouwen. “Totaal” is inclusief ISKW, VAVO en structuurgroepen. In kalenderjaar 2023 werkten we zeven maanden met leerlingenaantallen per 1 oktober 2022 en vijf maanden met leerlingenaantallen per 1 oktober 2023. De bekostiging voor 2023 is echter twaalf maanden op basis van de leerlingenaantallen 1 oktober 2022. Schooljaren 2024-2025 t/m 2027-2028 zijn prognoses. De leerlingen-prognoses zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting van begin 2024 en berekend op basis van 3 jaargemiddelden. We zagen eerder al dat de top van het leerlingenaantal in schooljaar 2015-2016 was bereikt en dat de daaropvolgende jaren de krimp zou inzetten. Voor de toekomst zien we de daling afzwakken en enigszins stabiliseren. De benodigde formatie is daarvan een (gewogen) afgeleide. Op het moment van het schrijven van dit verslag lijken de aanmeldingen en het saldo van tussentijdse in- en uitstroom t.o.v. de prognoses licht hoger uit te vallen. Bovendien hebben we te maken met extra instroom, als gevolg van de gedwongen sluiting van de Isaac Beekman Academie. De totale aanwas is op dit moment nog niet in beeld gebracht. 49

6.2

PROGNOSE PER 31 DECEMBER 2023 AANTAL FTE VANAF VERSLAGJAAR

6.3

BALANSPROGNOSE MONDIA SCHOLENGROEP VANAF VERSLAGJAAR

De onderstaande balans heeft als uitgangspunt verslagjaar 2023 (en 2022 als vergelijkingsjaar), de daaropvolgende begrotingen (zie hoofdstuk 6.4) en de NPO-gelden.

50

6.4

MEERJARENBEGROTING MONDIA SCHOLENGROEP VANAF VERSLAGJAAR

Een normale jaarlijkse begroting is ‘taakstellend’, daar waar een meerjarenbegroting ‘richtinggevend’ is. Deze meerjarenbegroting is ondersteunend bij het opstellen van (hoofdlijnen van) het beleid en is gebaseerd op de leerlingenaantallen zoals eerder gegeven en ontwikkelingen in de bekostiging zoals die op ons afkomen. Deze meerjarenbegroting kent de baten en lasten van de begroting 2023 als uitgangspunt bij de berekeningen. Daarbij zijn veel ontwikkelingen proportioneel berekend. Dat wil zeggen dat ze de ontwikkeling van de leerlingenaantallen volgen. Er is getracht een zo realistisch mogelijke begroting te geven door het voor 2023 geformuleerde financiële beleid in de jaren erna te extrapoleren. Voor wat betreft de hiernavolgende meerjarenbegroting kunnen we stellen dat deze de begrote en feitelijke gegevens van verslagjaar 2023 toont en de begrotingen/prognoses van 2024 t/m 2028 (exclusief de NPO baten en lasten).

51

Naast het proportioneel doorrekenen na 2024 is er in de meerjarenbegroting rekening gehouden met het volgende: • •

• • •

• •

•

Een set van maatregelen om de vereenvoudiging van de bekostiging gefaseerd te kunnen opvangen. Het gefaseerd afbouwen van de zachte landing in de formatie door een beperkt negatief resultaat ten laste te brengen van de reserves. Dit is mogelijk omdat het eigen vermogen, als gevolg van de NPO gelden nog altijd boven de signaleringswaarde zit en hier langzaam weer onder moet verdwijnen. De financiële kengetallen/ratio’s zullen ondanks de gepresenteerde meerjarenbegroting met negatieve resultaten binnen de algemeen erkende bandbreedtes blijven (zie ook 5.1). Het invoeren van een strakker en beter georganiseerd inkoopbeleid, mede ook gericht op het efficiënter beheren van contracten en licenties, waardoor de kosten aanzienlijk zullen dalen. In het kader van de mogelijke samenwerking met CSW, wordt ingezet op kostenbesparingen naar aanleiding van gezamenlijk inzetten op ondersteunende taken binnen de scholengroepen. Op basis van synergie worden hier uiteindelijk ook besparingen op zowel formatie als inzet van middelen verwacht. De rijksbijdragen en lasten zijn veelal proportioneel doorberekend. De gevolgen van de cao zijn op dezelfde -proportionele- manier verwerkt.

Het zogenaamd ‘periodiek-effect, voortkomend uit het feit dat medewerkers tot het einde van hun schaal in principe in augustus een trede omhooggaan in hun loonschaal, is berekend volgens de gegevens uit het salarissysteem Merces. Het resultaat voor de komende vier jaar na 2024 kan worden geschreven met inachtneming van realistische taakstellingen op het gebied van de personeelsformatie. Naast het inlopen van de jaren met slechts een gewogen bezuiniging wordt de vereenvoudiging van de bekostiging getrapt ingevoerd. Door deze verandering gaat Mondia uiteindelijk ruim 5 ton aan inkomsten derven.

Maatregelen in het kader van de vereenvoudiging bekostiging Vanaf 2022 wordt dus een vereenvoudigde bekostiging in stappen doorgevoerd tot en met 2026 die voor onze scholengroep nadelig uitpakt, ondanks de verzachtende maatregelen die men voor geïsoleerde scholen in dunbevolkte gebieden en voor brede SG op een unilocatie in petto heeft. De volgende interventies op personeel gebied kunnen helpen om dit op te vangen en worden deels ook al doorgevoerd: •

•

•

•

Actief stimuleren van deelname aan het generatiepact: een relatief grote groep ouder/duurder personeel kan dan (partieel) worden vervangen door jonger/goedkoper personeel; Leeftijdsbewust personeelsbeleid (van curatie, via preventie naar amplitie) onder de noemer #Energiek Mondia, kan leiden tot een dalend ziekteverzuim en dus dalende vervangingskosten; De leraar-leerling ratio ligt landelijk op 17,1 en voor Mondia op 16,3 voor Scheldemond en 17,4 voor Nehalennia. Die zal, hoe lastig ook i.v.m. schaalgrootte, op Scheldmond omhoog moeten. Grotere efficiëntie in de ondersteunende diensten, door met andere Zeeuwse onderwijsbesturen toe te werken naar een Shared Service Center (voortbordurend op het huidige Dienstencentrum, DCO). Tevens zouden er in het OBP meer combifuncties mogelijk kunnen zijn, bijvoorbeeld 52

• • •

onderwijsadministratiesecretariaten-receptie/telefonie. Een mogelijke samenwerking met CSW richt zich ook met name op het bovenstaande. Een onderwijsconcept onderzoeken met meer vormen van teamteaching, waarbij een aantal instructeurs (schaal 8/9) en OA’s (schaal 4) naast docenten werken. Het aantal contacturen per leerling/klas terug te brengen naar wettelijk verplichte aantallen, mede door gebruik te maken van de flexibeler definitie van onderwijstijd. Niet iedere vacature in de groepen MT, OOP en OBP worden meer 1 op 1 vervangen, we kijken kritisch naar mogelijkheden.

In materiële zin kan wellicht nog als volgt worden omgebogen: •

• • •

Maximaal investeringsniveau zeker niet hoger laten worden, waardoor de afschrijvingskosten dalen. Indien mogelijk moeten we kijken of we het investeringsniveau nog neerwaarts bij kunnen stellen. Versobering leermiddelenpakketten en het afstoten van ongebruikte licenties. Collectiviteit van DCO, samenwerking met andere scholen en effect van daling leerlingental leidt tot goedkopere inkoop en contracten (onderhoud, licenties e.d.). Kritischer naar iedere uitgave kijken en “strakker” budgetteren.

Bij het nemen van maatregelen staat de kwaliteit van het onderwijs voorop. Maatregelen die de onderwijskwaliteit aan kunnen tasten, moeten pas genomen worden als alle andere mogelijkheden niet tot het gewenste effect leiden.

Conclusies De opdracht van de Mondia Scholengroep is om de formatie voor de langere termijn in overeenstemming te brengen met de feitelijke leerlingenaantallen. In 2024 zijn alle NPO-middelen verdwenen en moeten we kritischer sturen op de personele bezetting. Daarnaast zitten we nu in het derde jaar van de vereenvoudigde bekostiging. Omdat het weerstandsvermogen royaal op peil is kunnen we gelukkig een zachte landing creëren, maar kunnen we niet achter over gaan leunen. We moeten in actie komen, zodat er op de lange termijn (ondanks de vereenvoudigde bekostiging) weer een positief resultaat kan worden gerealiseerd. Het zal belangrijk blijven om de zogenaamde tijdelijke schil van een voldoende omvang te houden, zodat we bij een gelijkblijvend leerlingenaantal alsnog formatief kunnen krimpen. Door veel strakker te budgetteren, houden we goed zicht op mogelijke overschrijdingen en kunnen we tijdig ingrijpen. In het verlengde hiervan zal scherper worden gekeken naar de inzet op basis van de diverse subsidies, zodat we deze efficiënter in kunnen zetten en formatieve ruimte houden vanuit de reguliere bekostiging. Daarnaast zal, afgestemd op het effect van de vereenvoudiging van de bekostiging, meer of minder flankerend beleid nodig zijn.

Om duurzaam het onderwijsaanbod op Walcheren te garanderen, zal een intensieve en verregaande samenwerking met CSW in de eerste plaats en de andere onderwijspartners, het PO, Ozeo, Scalda en het hoger onderwijs op Walcheren op korte termijn zijn vruchten moeten gaan afwerpen. 53

6.5 RISICO’S EN ONZEKERHEDEN

De kunst is om op systematische wijze zicht te krijgen op de factoren die de realisatie van (beleids)doelstellingen in de weg kunnen staan (risicoanalyse) alsmede een systematische afweging inzake de sturing en beheersing van de risico’s (risicobeleid) voor elkaar te krijgen. De ontwikkeling van de leerlingenaantallen blijft een onzekere factor. Niet zozeer t.g.v. de absolute daling van het aantal leerlingen, maar ook het marktaandeel. Dit risico wordt beoordeeld als substantieel en lastig stuurbaar. Dat is een paar jaar geleden gebleken met 9% verlies van het marktaandeel. Een flexibele schil in het personeelsbestand moet het mogelijk maken om ook dit risico te kunnen opvangen, naast de samenwerking van alle Zeeuwse onderwijsinstellingen in een personeelspool en met name naar een mogelijke samenwerking van het Voortgezet Onderwijs op Walcheren. De (rijks)overheid gedraagt zich grillig. Soms valt het mee, soms valt het tegen... Voorbeelden: aanvullende bekostiging voor o.a. werkdrukvermindering (positief), de vereenvoudiging bekostiging (negatief), techniekversterking (positief, maar duurzaamheid onzeker), verevening LWOO en PRO (negatief), diverse eenmalige corona-budgetten (positief, maar alertheid op tijdelijkheid). We hebben het dan over vele tonnen in de plus en/of in de min met een groot verrassingseffect. Dit risico wordt beoordeeld als substantieel en lastig stuurbaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14634174/1