RIB Jaarrekening 2023 Mondia Scholengroep bijlage
Tekst van het document
Uit onderzoek van de Onderwijsinspectie is gebleken dat het percentage incidentele financiering (subsidies) in de afgelopen jaren fors is toegenomen t.o.v. de structurele financiering. Bij sommige onderwijsorganisaties tot zelfs 35% van de totale inkomsten. Een onwenselijke situatie bij een fundament van een samenleving, dat onderwijs tenslotte is. Onderwijs is een investering in de toekomst en geen ‘korte termijn-kostenpost’ Een variant op voorgaande is de procesgang rondom het afsluiten van nieuwe cao’s. De inzet van de sociale partners lijkt wel steeds verder uiteen te lopen. Compromissen worden op onverwachte dossiers gesloten of ontstaan d.m.v. het tegen elkaar uitruilen van wensen. Een akkoord komt soms ineens uit de lucht vallen, waarbij niet zelden sprake is van een invoering van maatregelen met terugwerkende kracht, zoals bij de laatste cao. De besprekingen voor een nieuwe cao zijn inmiddels gestart. We sturen op budget neutrale invoering, maar het risico op toch een overschrijding wordt beoordeeld als substantieel en lastig stuurbaar. De sinds Corona afnemende betalingsbereidheid van onze achterban (ouders) m.b.t. de vrijwillige ouderbijdragen is een derde risico.
De parlementaire aanvaarding van een wetsvoorstel dat voorziet in de totale vrijwilligheid van ouderbijdragen, ook als daar reizen of extra onderwijsaanbod tegenover staat (denk aan tweetalig, LOOT, Technasium) maakt de inning steeds lastiger en dwingt ons tot versobering en misschien zelfs op termijn van afschaffing van dit soort, zeer waardevolle ervaringen in het leven van een jongere. Een risicofactor van aanzienlijke betekenis is hoe de keuzes van leerlingen, de niveau-indeling en de klassen- en clustervorming uitvallen. Er zijn immers niet altijd groepen van een (in bedrijfseconomisch opzicht) optimale grootte te vormen. Een basisgroep splitsen kost ruim een ton. Om in het formatieproces meer grip te krijgen op de kosten, is het programma Zermelo Mondiabreed ingevoerd. Dit slimme programma stelt ons in staat om het hele jaar door te werken aan scenario’s op basis van kansberekeningen. Helaas valt er in een relatief kleine school als het Scheldemond College soms niks te splitsen. Heterogenisering in de basisgroepen kan de speelruimte vergroten. Ook verdere verkenning van de samenwerkingsmogelijkheden binnen het voortgezet onderwijs op Walcheren kan hier een mogelijke oplossing bieden in de nabije toekomst. 54
Op personeel gebied is door afschaffing van de FPU, het opschuiven van de pensioenleeftijd en de verdichting van leerlingenproblematiek, de kans op uitval van medewerkers en de daarmee verbonden extra lasten een risico van betekenis vormen. Temeer daar Mondia om goede redenen (zie 4.c) eigen risicodrager voor ziektekosten is. We richten ons personeelsbeleid ‘beleidsrijker’ in (bijv. Het Generatiepact, #Energiek Mondia, alliantie met kinderopvang, verkenningen op (meer) levensfasebewust personeelsbeleid) om aan dit substantiële risico het hoofd te bieden. Ten slotte vormen de ontwikkelingen binnen passend onderwijs een risico, in die zin dat tekorten van PVOW in het verleden werden verhaald op de deelnemende schoolbesturen. Dat is m.i.v. 2022 weliswaar achter de rug, maar dat het VSO toch nog steeds omvangrijker is in Zeeland in vergelijking met landelijk, noopt ons alert te blijven. Zeker bij ontwikkelingen als de sluiting van het Isaäc Beekmancollege, de voorgenomen sluiting van het Auriscollege in 2025 en de toename van het aantal leerlingen in het ISK-onderwijs. We weten dat de vereenvoudiging bekostiging (annex verevening) van het leerwegondersteunend en praktijkonderwijs ons samenwerkingsverband ruim een half miljoen kost. Daar viel in feite niet op te anticiperen.
Het gaat hier om geïndiceerde leerlingen met specifieke kenmerken op het gebied van grote leerachterstanden, IQ, leerhandicaps e.d. Op deze aantallen valt door ons maar beperkt te sturen.
Risicomanagement Cruciaal voor de continuïteit van de beide scholen, van de Mondia Scholengroep en de stichting die de scholen realiseert, is een adequaat risicomanagement. We blijven daarin streven naar een verbetering, maar zeker ook een borging van kwaliteit. We willen onze systematiek en informatievoorziening steeds verder verbeteren en de expertise vergroten. Het gaat uiteindelijk om het borgen van het onderwijsaanbod aan leerlingen en van de kwaliteit daarvan. Risicomanagement wordt gedefinieerd als “het op systematische wijze inzicht krijgen in de factoren die de realisatie van (beleids)doelstellingen in de weg kunnen staan (risicoanalyse) alsmede een systematische afweging inzake de sturing en beheersing van de risico’s (risicobeleid)”. De risicomanagementcyclus bestaat uit de volgende elementen: • • • •
het in kaart brengen van risico’s, het (structureel) genereren van goede, betrouwbare managementinformatie; het analyseren van risico’s (zowel de kans erop als de impact ervan); beheersmaatregelen; monitoring van deze maatregelen door de genoemde managementinformatie etc.
Het is daarbij niet voldoende wanneer we volstaan met een jaarlijkse cyclus van begroten, tussenrapportage, jaarrekening en jaarverslag en bijstelling. We streven daarom naar het volgende model, waarbij we doorlopend monitoren en bijstellen.
55
Planning & control
Feitelijk hebben we dit dynamische model al voor het grootste deel ingevoerd. Het doorlopend ‘bijsturen’ is absoluut noodzakelijk vanwege de onzekere (financiële) context. Bij het risicomanagement is het ‘in kaart brengen’ van risico’s op de middellange en de lange termijn uiterst belangrijk. Bij een strategische meerjarenplanning moeten die risico’s terdege worden meegenomen. Het bestuur van de Mondia Scholengroep heeft een meerjarenbeleidsplan, met een meerjarige formatieplanning en een voorlopige meerjarenbegroting vastgesteld. Ook bij de analyse van de resultaten van 2023, zie hoofdstuk 5, kijken we vooruit, met name waar het gaat om de financiële ratio’s die belangrijke indicatoren vormen in het kader van het risicomanagement van de stichting. Verder kijken we bij de analyse naar de belangrijkste verschillen ten opzichte van de begroting over 2023. De ‘Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren’ scheidt bestuur en toezicht conform de code ‘Goed onderwijs, goed bestuur’ organiek, door middel van een ‘raad van toezicht model’. Het bestuur en het intern toezicht zijn nadrukkelijk gescheiden. Voor het jaarverslag van de raad van toezicht verwijzen wij naar hoofdstuk 1 vanaf pagina 6.
6.6 DE JAARREKENING IN HET LICHT VAN DE NPO-GELDEN
Voor de achterstanden die zijn ontstaan door Corona, hebben we van het Ministerie van OCW enkele extra subsidies gekregen, de subsidie NPO is daarin een hele ruime geweest. De (extra) middelen die de overheid ons heeft gegeven om staande te blijven en achterstanden te voorkomen c.q. in te halen, kon de druk op de organisatie maar ten dele wegnemen. Uiteraard staan tegenover deze extra baten ook verantwoorde lasten, zo is er ook een intern NPO-plan gemaakt en uitgevoerd. De besteding van deze subsidies zal nog voor een klein deel doorschuiven naar 2024. We hebben de laatste jaren helaas een substantiële stijging van ons personeelsverzuim gezien, onder meer door eerder preventief thuis blijven en ook voor zorgtaken voor eigen kinderen en/of mantelzorg voor oudere en zieke relaties. In 2023 lijkt dit tij weer ten goede te keren. De verantwoording van de inzet van de NPO-gelden vindt middels dit jaarverslag plaats.
56
6.7 TENSLOTTE
We leven in een verandering van tijdperk met grote uitdagingen voor de mensheid op vele gebieden. Deze wereldwijde dynamiek heeft uiteraard ook invloed op het onderwijs. Wat daarvan precies de gevolgen zullen zijn, daar kunnen we op dit moment nog slechts naar gissen. Maar dat die gevolgen er zullen zijn, dat staat buiten kijf. Op het risico van de extra, incidentele NPO-budgetten, ter waarde van vele miljoenen (wel tot 15% van onze exploitatie) is al eerder gewezen. Deze kunnen gemakkelijk het zicht onttrekken aan het feit dat wij op structurele basis de tering naar de nering moeten zetten en -weliswaar beheerstmoeten interen op ons eigen vermogen. Omdat we dankzij de voorspoed in de afgelopen periode het nodige vermogen hebben opgebouwd, kunnen wij de voor ons liggende, waarschijnlijk mindere, periode toch met vertrouwen tegemoetzien. We verheugen ons in het feit dat zowel van de kant van de toezichthouders als vanuit de medezeggenschap proactief en positief wordt meegedacht in de keuzes die we maken om optimaal te voldoen aan onze maatschappelijke opdracht binnen, op dit moment, onzekere financiële kaders. En we zijn er trots op dat medewerkers en leerlingen onze gezamenlijke ambities goeddeels waarmaken. In het licht van de toekomst is de reeds ingezette verkenning van de mogelijkheden van bestuurlijke samenwerking binnen het VO op Walcheren een heel belangrijke!
57
B. JAARREKENING
Stichting voor Openbaar voortgezet onderwijs op Walcheren
58
B. 1. GRONDSLAGEN MONDIA SCHOLENGROEP
ALGEMEEN
Activiteiten De Mondia Scholengroep wordt gerealiseerd door de Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren en is gevestigd in Middelburg. De Mondia Scholengroep verzorgt voortgezet onderwijs op Walcheren. Vestigingsadres, rechtsvorm en inschrijfnummer handelsregister Adresgegevens van de Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren: Postbus 69, 4380 AB Vlissingen, bezoekadres: Weyevlietplein 7-9, 4385 CH Vlissingen, tel. 0118 - 479400 , website: www.mondiascholengroep.nl . De website van de Mondia Scholengroep geeft tevens toegang tot de websites van de twee aangesloten scholen. De Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren (de Mondia Scholengroep) vormt het bevoegd gezag van de volgende brede scholengemeenschappen: 1. Nehalennia SSG te Middelburg (brinnummer 20CP) 2. Scheldemond College te Vlissingen (brinnummer 16YC) De Stichting is opgericht op 1 augustus 1997, gevestigd te Middelburg en ingeschreven in het handelsregister van de Kamers van Koophandel voor Zuidwest-Nederland onder dossiernummer: 41115393. De statuten zijn notarieel vastgelegd op 2 juni 1997, aangepast per 23 december 2011 en laatstelijk gewijzigd op 17 december 2020. Het Bestuursnummer bij OCW is: 13555.
Schattingen Bij toepassing van de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening vormt de leiding van de Mondia Scholengroep zich verschillende oordelen en schattingen die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten. Verbonden partijen Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van de Mondia Scholengroep of de moedermaatschappij van de Mondia Scholengroep en nauwe verwanten zijn verbonden partijen.
59
Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht.
PRESENTATIE EN GEHANTEERDE VALUTA
De jaarrekening is opgenomen conform de geldende verslaggevingsregels zoals deze zijn opgenomen in Richtlijn Jaarverslag Onderwijs. Deze zijn uitgewerkt in RJ 660. De in de jaarrekening opgenomen geldbedragen zijn in euro's * 1.000,=. De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de continuïteitsveronderstelling. Begroting De in de toelichting op de staat van baten en lasten ter vergelijking opgenomen begrote cijfers zijn ontleend aan de door de Raad van Toezicht goedgekeurde begrotingscijfers.
Coronavirus (COVID-19) In dit verslagjaar hebben we de corona pandemie definitief achter ons gelaten. In de voorgaande jaren zijn we diverse malen (partieel) gesloten geweest, wat zijn sporen heeft nagelaten in het onderwijs. In 2023 is alles teruggekeerd naar het "nieuwe normaal" en zijn de extra maatregelen volledig afgeschaald. De gevolgen dit verslagjaar van het Coronavirus voor Mondia Voor de achterstanden die zijn ontstaan hebben we van het Ministerie van OCW enkele extra subsidies gekregen, de subsidie NPO is daarin een hele ruime. De (extra) middelen, die de overheid ons geeft om de achterstanden, die leerlingen door de pandemie hebben opgelopen in te halen, kan de druk op de organisatie maar ten dele wegnemen. Uiteraard staan tegenover deze extra baten ook verantwoorde lasten, zo is er ook een intern NPO-plan gemaakt. De besteding van deze subsidies zal ook voor een groot deel nog doorschuiven naar de komende jaren en vindt zijn einde in 2024. Na de enorme stijging van het personeelsverzuim gedurende de corona periode, zien we nu een positieve ontwikkeling ontstaan, waarin het verzuim significant terugloopt. De verwachting is dat dit in 2024 verder zal verbeteren. Gedurende de pandemie zijn er op school diverse hygiënische maatregelen getroffen. Het merendeel van de maatregelen is komen te vervallen.
In het kader van de gezondheid is de natuurlijke ventilatie structureel op een hoger niveau gebleven.
60
WAARDERING VAN DE ACTIVA EN PASSIVA
Materiele vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de historische verkrijgingsprijs verminderd met lineaire afschrijvingen. De afschrijvingspercentages worden gebaseerd op de verwachte economische levensduur van de betreffende activa, rekening houdend met een eventuele restwaarde. De activeringsgrens van de investeringen bedraagt € 1.500,=. Er wordt afgeschreven met ingang van de maand volgende op die van de investering. Financiële vaste activa Sinds de overgang van schooljaar- naar kalenderjaarbekostiging (in 2006) konden scholen een vordering op OCW van 7,5% van de personele bekostiging opnemen op de balans. Per 1 januari 2019 heeft de Mondia Scholengroep deze balanspost middels stelselwijziging laten vervallen en rechtstreeks van de algemene reserve afgeboekt. We praten hier over een bedrag van ongeveer € 1.500.000,=, die dus niet meer uit de balans blijkt. De reden hiervoor is: wij hebben het advies van de inspectie van OC&W opgevolgd, daar dit nl. alleen van toepassing is bij liquidatie (ophouden bestaan van de school) en de kengetallen een vertekend beeld laten geven. Voorraden De voorraden worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs onder aftrek van de noodzakelijk geachte voorziening voor incourantheid. Hierbij wordt de kostprijsmethode fifo gebruikt.
Vorderingen De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen. Onder de overlopende activa zijn opgenomen vooruitbetaalde bedragen die aan een volgend dienstjaar worden toegerekend. Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas en banktegoeden, welke ter vrije beschikking en direct opvraagbaar zijn. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Bestemmingsreserve (publiek) Bestemmingsreserve personeel Er is voor gekozen om een gedeelte van het eigen vermogen te bestemmen voor personele zaken die niet voorzienbaar zijn, zoals uitkering bij gedwongen ontslag of formatieve fricties als gevolg van leerlingendaling.
61
62
Bestemmingsreserve BAPO De bestemmingsreserve is historisch opgebouwd bij het personeel van Nehalennia vóór 1 augustus 2009. De uitgestelde BAPO-verplichtingen zijn op persoonsniveau ingeschat op basis van de gemiddelde personeelslast. De verplichtingen worden jaarlijks bijgesteld. Bestemmingsreserve behoud jonge leerkrachten De bestemmingsreserve behoud jonge leerkrachten is bedoeld om jonge leerkrachten ondanks de krimp te kunnen behouden, dit is het bedrag die wij specifiek hiervoor hebben ontvangen en nog niet hebben aangewend. De bestemmingsreserve Samenwerkingsverband PVOW De bestemmingsreserve Samenwerkingsverband PVOW is om risico's die wij lopen, op te kunnen vangen, daar onze invloed hierop gering is. Bestemmingsreserve werkdrukverlichting Per 31 december 2019 is een nieuwe bestemmingsreserve Werkdrukverlichting gevormd. Dit komt uit de aanvullende bekostiging van bijna € 504.000,= die ontvangen is in december 2019. Deze extra middelen kunnen worden uitgegeven aan bijvoorbeeld werkdrukverlichting, meer ontwikkeltijd, begeleiding van startende leraren, begeleiding van zij-instromers, onderwijsinnovatie of maatregelen arbeidsmarktvraagstukken. Vanaf ultimo 2022 wordt vanuit de bekostiging Strategisch HRM jaarlijks de nog niet bestede bekostiging aan deze bestemmingsreserve toegevoegd.
Dit bedrag is bestemd voor uitvoering van collectieve plannen ter vermindering van de werkdruk. Bestemmingsreserve NPO-middelen Per 31 december 2021 is de nieuwe bestemmingsreserve NPO-middelen gevormd. Deze middelen worden ingezet conform de doelstelling van het NPO. Middels de bestemmingsreserve wordt de uitputting van de NPO-middelen in beeld gebracht. Voorzieningen Persoonlijk budget De voorziening Persoonlijk budget is gevormd in verband met verplichtingen die samenhangen met de mogelijkheid om de jaarlijks toegekende uren op te sparen. Werkloosheidsuitkeringen De voorziening Werkloosheidsuitkeringen is gevormd ter dekking van toekomstige verplichtingen inzake werkloosheidsuitkeringen van oud werknemers.
Generatiepact Per 31 december 2022 is de voorziening Generatiepact gevormd. Hieruit worden de extra kosten gefinancierd in het kader van het levensfasebewust personeelsbeleid.
63
Jubileumgratificatie De voorziening voor jubileumgratificatie bij 25- en 40 jarig jubileum is berekend op het individueel personeelslid. De jubileumvoorziening wordt gewaardeerd tegen contante waarde van toekomstige uitbetalingen en is afhankelijk van de ingeschatte blijfkans, gemiddelde salarisstijging, gehanteerd percentage 2%, en disconteringsvoet, gehanteerd percentage 1%. Langdurig zieken De voorziening Langdurig zieken is in 2023 gevormd ter dekking van voorziene kosten inzake langdurig zieke medewerkers, die niet meer terugkeren. Seniorenverlof De voorziening Seniorenverlof is in 2023 gevormd ter dekking van voorziene kosten inzake gebruikmaking van de regeling om seniorenverlof te sparen. Transitievergoedingen NPO De voorziening Transitievergoedingen NPO is in 2023 gevormd ter dekking van voorziene kosten inzake uitbetaling van transitievergoedingen aan uit dienst tredende tijdelijke medewerkers in het kader van NPO. Onderhoudsvoorziening De onderhoudsvoorziening wordt gevormd ter egalisatie van de kosten. De voorziening is onderbouwd middels een meerjarenonderhoudsplan. Hiervoor wordt de nieuwe berekeningsmethodiek conform RJ 212.451 en 212.452 uitgevoerd. De Jubileumgratificatie is tegen contante waarde opgenomen, de overige voorzieningen zijn tegen de nominale waarde van de verplichtingen opgenomen. Pensioenvoorziening De stichting heeft één pensioenregeling.
Dit betreft een Nederlandse regeling en wordt gefinancierd door afdrachten aan het bedrijfstakpensioenfonds ABP. De pensioenverplichting wordt gewaardeerd volgens de "verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering". In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de staat van baten en lasten verantwoord. De stichting heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij ABP, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. De stichting heeft daarom de pensioenregeling verwerkt als een "verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering" en heeft alleen de verschuldigde premies tot en met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord. Ultimo 2023 zijn er evenals ultimo 2022 geen verplichtingen waarvoor een pensioenvoorziening is opgenomen. Deelname aan het bedrijfstakpensioenfonds is verplicht gesteld in de collectieve arbeidsovereenkomst waaronder Mondia Scholengroep valt. De opbouw van de pensioenaanspraken wordt steeds in het betreffende kalenderjaar (af)gefinancierd door middel van (tenminste) kostendekkende premiebetalingen. De pensioenregeling is een middelloonregeling met voor zowel actieve als inactieve deelnemers (slapers en gepensioneerden) - voorwaardelijke toeslagverlening. De toeslagverlening is afhankelijk van het beleggingsrendement.
De jaarlijkse opbouw van de pensioenaanspraken bedraagt tussen de 1,701% en 1,875% van het pensioengevend salaris dat is gebaseerd op het brutoloon minus een franchise (ad € 16.350) Het pensioengevend salaris is gemaximeerd (op € 128.810). De jaarlijkse premie die voor rekening komt 64
van de werkgever bedraagt tenminste 19,53% van het pensioengevend salaris. De hoogte van de premie wordt jaarlijks vastgesteld door het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds op basis van de dekkingsgraad en verwachte rendementen. De dekkingsgraad van het betrokken bedrijfstakpensioenfonds bedraagt ultimo 2023 volgens opgave van het fonds 110,5%. Het vereiste niveau eind 2022 lag op 126%. Als dit niveau binnen 10 jaar niet wordt bereikt worden de pensioenen niet geïndexeerd om zo het vereiste niveau te halen. Als het vereiste niveau dan nog steeds niet binnen 10 jaar wordt bereikt worden de pensioenen verlaagd. Kortlopende schulden De schulden worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs.
Overige activa en passiva De overige activa en passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Financiële instrumenten Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten, zoals vorderingen en schulden, als financiële derivaten verstaan. In de toelichting op de onderscheiden posten van de balans wordt de reële waarde van het betreffende instrument toegelicht als die afwijkt van de boekwaarde. Indien het financiële instrument niet in de balans is opgenomen wordt de informatie over de reële waarde gegeven in de toelichting op de "Niet uit de balans blijkende verplichtingen". Voor de grondslagen van primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per post.
WAARDERING VAN DE BATEN EN LASTEN EN BEPALING VAN HET RESULTAAT
Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waar ze betrekking op hebben, ongeacht het moment van ontvangst of betaling. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat reguliere onderwijstaken gelijkmatig over het schooljaar worden verspreid.
KASSTROOMOVERZICHT
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode.
65
B.2. BALANS PER 31-12-2023 MONDIA SCHOLENGROEP
Model A Na resultaatbestemming
31-12-2023 x € 1.000,=
31-12-2022 x € 1.000,=
5.114 -
5.290 -
ACTIVA Vaste activa 1.1 Immateriële vaste activa 1.2 Materiële vaste activa 1.3 Financiële vaste activa
5.114 Vlottende activa 1.4 Voorraden 1.5 Vorderingen 1.6 Effecten 1.7 Liquide middelen
1 809 11.135
TOTAAL ACTIVA
5.290
1 831 11.087 11.945
11.919
17.059
17.209
8.418
9.027
PASSIVA Eigen vermogen 2.1 Eigen vermogen Vreemd vermogen 2.2 Voorzieningen 2.3 Langlopende schulden 2.4 Kortlopende schulden
TOTAAL PASSIVA
3.136 5.505
2.537 5.645 8.641
8.182
17.059
17.209
66
B.3. STAAT VAN BATEN EN LASTEN 2023 MONDIA SCHOLENGROEP
Model B
Realisatie 2023 x € 1.000,=
Begroting 2023 x € 1.000,=
Realisatie 2022 x € 1.000,=
3.1 Rijksbijdragen 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 3.5 Overige baten
30.423 104 1.198
26.768 98 571
29.312 99 848
Totaal baten
31.725
27.437
30.259
4.1 Personeelslasten 4.2 Afschrijvingen 4.3 Huisvestingslasten 4.4 Overige lasten
25.286 878 2.202 4.333
21.642 922 1.875 3.132
23.665 849 1.471 3.845
Totaal lasten
32.699
27.571
29.830
974-
134-
429
365
42
28
609-
92-
457
Baten
Lasten
Saldo baten en lasten
5. Financiële baten en lasten
Nettoresultaat
67
B.4. KASSTROOMOVERZICHT 2023 MONDIA SCHOLENGROEP
Model C
2023 x € 1.000,=
2022 x € 1.000,=
Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo Baten en Lasten Aanpassingen voor: - afschrijvingen - mutaties voorzieningen Veranderingen in vlottende middelen: - voorraden - vorderingen - kortlopende schulden
974-
878 599
429
849 384 1.477
22 140-
1.233 35646
118-
611
Ontvangen interest
376
38
Betaalde interest
11-
10-
Totaal kasstroom uit operationele activiteiten
365
28
750
2.301
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa Desinvesteringen in materiële vaste activa Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten
Mutatie liquide middelen
702-
515-
-
702-
515-
48
1.786
68
B.5. TOELICHTING BEHORENDE TOT DE BALANS MONDIA SCHOLENGROEP x € 1.000,=
1.2 Materiële vaste activa Aanschafprijs
Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen
Boekwaarde 31-12-2022
Investeringen
Desinvesteringen (inclusief afstoting)
Afschrijvingen op desinvesteringen
Afschrijvingen
Aanschafprijs
Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen
Boekwaarde 31-12-2023
3.904 1.743 5.647
1.982 692 2.674
1.922 1.051 2.973
21 116 137
-
-
227 97 324
3.925 1.859 5.784
2.209 789 2.998
1.716 1.070 2.786
1.659 854
1.061 523
598 331
83 35
-
-
114 49
1.742 889
1.175 572
567 317
804 914
356 388
448 526
62 34
-
-
78 93
866 948
434 481
432 467
596 723 5.550
421 484 3.233
175 239 2.317
156 195 565
-
-
85 135 554
752 918 6.115
506 619 3.787
246 299 2.328
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
11.197
5.907
5.290
702
-
-
878
11.899
6.785
5.114
1.2.1 Gebouwen en terreinen Nehalennia Scheldemond College subtotaal 1.2.1
1.2.2 Inventaris en apparatuur 1.2.2 Meubilair en inventaris Nehalennia Scheldemond College 1.2.2 Apparatuur Nehalennia Scheldemond College 1.2.2 ICT Nehalennia Scheldemond College subtotaal 1.2.2 1.2.3 Andere vaste bedrijfsmiddelen 1.2.4 In uitvoering en vooruitbetalingen 1.2.5 Niet aan het proces dienstbare materiële vaste activa Totaal materiële vaste activa
Het afschrijvingspercentage wordt gedifferentieerd toegepast als volgt: 5% Gebouwen en terreinen Inventaris 6,7% Apparatuur 10% ICT 25% Het activeringsbeleid is erop gericht de investeringen met een waarde groter dan € 1.500,= te activeren. Daar tafels en stoelen als totaal-complex een relatief hoge waarde hebben, worden deze goederen eveneens geactiveerd. De afschrijving vangt aan in de maand volgende op die van het gereedkomen van/beschikken over de nieuwe investering.
69
x € 1.000,=
1.4 Voorraden 31-12-2023
31-12-2022
1.4.2 Vooruitbetaald op voorraden - Voorraden kadobonnen
1
1
Totaal voorraden
1
1
70
x € 1.000,=
1.5 Vorderingen 31-12-2023 1.5.1 Debiteuren 1.5.2 OCW 1.5.4 Andere deelnemingen - Nehalennia op ISKW - Scheldemond op BVW - Scheldemond College op PVOW - Nehalennia op PVOW
31-12-2022 155
71
-
-
25 37
20 22 62
1.5.7 Overige vorderingen - Overige
291
250 291
Totaal overige vorderingen 1.5.8 Overlopende activa - Overige overlopende activa
42
301
250
468
Totaal overlopende activa
301
468
Totaal vorderingen
809
831
Toelichting: De vorderingen hebben een looptijd van maximaal één jaar. 1.5.4 Andere deelnemingen: betreft o.a. afrekening overschotten op bijdrage van de stamscholen Nehalennia SSG en Scheldemond College aan de Stichting Passend Voortgezet Onderwijs Walcheren en de ISK Walcheren. 1.5.7 Overige vorderingen: betreft m.n. openstaande ouderbijdragen, te ontvangen gemeentelijke bijdragen in de kosten van gebruik Technum, en de rekening-courant Structuurgroepen CSW. 1.5.8 Vooruitbetaalde facturen.
71
x € 1.000,=
1.7 Liquide middelen 31-12-2023 1.7.1 Kasmiddelen 1.7.2 Tegoeden op bank- en girorekeningen 1.7.3 Deposito's Totaal liquide middelen
31-12-2022 4
4
11.131
11.083
-
-
11.135
11.087
Alle liquide middelen staan ter vrije beschikking en zijn direct opvraagbaar.
72
2.1 Eigen vermogen
Stand per 31-12-2022
2.1.1 Algemene reserve
Stand per 31-12-2023
Resultaat / mutaties
6.713
478-
6.235
- Bestemmingsreserve personeel
74
68-
6
- Bestemmingsreserve bapo
3
3-
-
- Bestemmingsreserve behoud jonge leerkrachten
217
117-
100
- Bestemmingsreserve Samenwerkingsverband PVOW
173
23-
150
- Bestemmingsreserve Werkdrukverlichting
541
381
922
1.306
301-
1.005
2.1.2 Bestemmingsreserve (publiek)
- Bestemmingsreserve NPO-middelen
73
Totaal eigen vermogen
Bestemming resultaat exploitatie 2023:
9.027
609-
8.418
609-
- Algemene reserve
-478
- Bestemmingsreserve personeel
-68
- Bestemmingsreserve BAPO
-3
- Bestemmingsreserve Samenwerkingsverband PVOW
-23
- Bestemmingsreserve Werkdrukverlichting
381
- Bestemmingsreserve NPO-middelen
-301
- Bestemmingsreserve behoud jonge leerkrachten
-117
74
609-
•
De bestemmingreserve personeel, hier is voor gekozen om een gedeelte van het eigen vermogen te bestemmen voor personele zaken die
niet voorzienbaar zijn, zoals uitkering bij gedwongen ontslag of formatieve fricties als gevolg van leerlingendaling. •
De bestemmingsreserve bapo is om uitgestelde verplichtingen op te kunnen vangen.
•
De bestemmingsreserve behoud jonge leerkrachten is bedoeld om jonge leerkrachten ondanks de krimp te kunnen behouden, dit is het
bedrag die wij specifiek hiervoor hebben ontvangen en nog niet hebben aangewend. •
De bestemmingsreserve Samenwerkingsverband PVOW betreft ondersteuningsgelden om te komen tot gezamenlijke oplossingen/arrangementen tussen VO en VSO.
•
Per 31 december 2019 is een nieuwe bestemmingsreserve Werkdrukverlichting gevormd. Deze middelen kunnen uitgegeven worden aan
bijvoorbeeld werkdrukverlichting, meer ontwikkeltijd, begeleiding van startende leraren, begeleiding van zij-instromers, onderwijsinnovatie of maatregelen arbeidsmarktvraagstukken. Per 31 december 2022 worden hier de zogeheten collectieve werkdrukmiddelen aan toegevoegd. •
Per 31 december 2021 is de nieuwe bestemmingsreserve NPO-middelen gevormd. Deze middelen worden ingezet conform de doelstelling van het NPO. Middels de bestemmingsreserve wordt de uitputting van de NPO-middelen in beeld gebracht.
75
x € 1.000,=
2.2 Voorzieningen Stand per 31-12-2022
Dotaties
Onttrekkingen
Vrijval
Stand per 31-12-2023
Rente mutatie (bij contante waarde)
2.2.1 Personeelsvoorzieningen Persoonlijk budget:
1.013
696
202
-
-
1.507
Nehalennia
502
390
113
-
-
779
Scheldemond College
511
306
89
-
-
728
Werkloosheidsuitkeringen:
110
24
27
39
-
68
Nehalennia
74
12
19
11
-
56
Scheldemond College
36
12
8
28
-
12
Generatiepact:
175
110
100
-
-
185
Nehalennia
57
66
53
-
-
70
Scheldemond College
118
44
47
-
-
115
Jubileumgratificaties:
397
58
20
-
3
438
Nehalennia
254
41
17
-
2
280
Scheldemond College
143
17
3
-
1
158
Langdurig zieken:
-
57
-
-
-
57
Nehalennia
-
57
-
-
-
57
Scheldemond College
-
-
-
-
-
-
Seniorenverlof:
-
4
-
-
-
4
Nehalennia
-
4
-
-
-
4
Scheldemond College
-
-
-
-
-
-
Transitievergoedingen npo:
-
32
-
-
-
32
Nehalennia
-
14
-
-
-
14
Scheldemond College
-
18
-
-
-
18
Totaal personeelsvoorzieningen
1.695
981
349
39
3
2.291
2.2.3 Onderhoudsvoorzieningen:
842
212
209
-
-
845
Nehalennia
360
145
159
-
-
346
Scheldemond College
481
67
50
-
-
498
2.537
1.193
558
39
3
3.136
Kortlopende deel < 1 jaar
Langlopende deel > 1 jaar
2.2.1 Personeelsvoorzieningen
350
1.941
2.2.3 Overige voorzieningen
210
635
560
2.576
Totaal voorzieningen
Voorzieningen
In 2022 is de nieuwe voorziening Generatiepact gevormd. In 2023 zijn nieuwe voorzieningen gevormd voor langdurig zieken, seniorenverlof en transitievergoedingen npo. De dotatie aan de voorziening onderhoud is gebaseerd op een actueel meerjarenonderhoudsplan.
76 76
x € 1.000,=
2.4 Kortlopende schulden 31-12-2023 2.4.3 Crediteuren 2.4.4 OCW 2.4.6 Schulden aan andere deelnemingen - Nehalennia aan ISKW - Scheldemond aan ISKW - Nehalennia aan BVW - Scheldemond e a e a aaCollege aan o e BVW ate
719
715
-
-
242 -
Totaal schulden aan andere deelnemingen 2.4.7 Belastingen en premies sociale verzekeringen - Loonheffing - Af te dragen BTW
31-12-2022
275 242
1.166 3
Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen
275
1.160 3 1.169
1.163
2.4.8 Schulden terzake van pensioenen
327
330
2.4.9 Overige kortlopende schulden
238
423
2.4.10 De overlopende passiva - Overlopende rijkssubsidies vlg. model G - Vooruitontvangen rijkssubsidies - Vakantiegeld en -dagen /bindingstoelage - Overige overlopende passiva
1.510 847 453
1.429 785 525
Totaal de overlopende passiva
2.810
2.739
Totaal kortlopende schulden
5.505
5.645
De kortlopende schulden hebben een looptijd van maximaal één jaar.
77 77
B.6. NIET UIT DE BALANS BLIJKENDE VERPLICHTINGEN
x € 1.000,=
Niet in de balans opgenomen verplichtingen Contractvorm
aanvang
looptijd bedrag boekjaar bedrag < 1 jr bedrag 1-5 jr bedrag >5 jr bedrag totaal
1. Canon
huur kopieermachines en afdrukken
1-3-2019 60 mnd nieuwe contract in 2024
40
0
-
-
0
2. CSU
schoonmaakdiensten, reguliere schoonmaak
2-1-2023
36 mnd
388
388
776
-
1.164
3. TWS
W(LAN) infrastructuur
1-11-2021 36 mnd
34
35
-
-
35
4. IT-Workz
ICT dienstverlening
26-9-2022 36 mnd
108
124
124
-
248
5. Renewi
Vuilafvoer
1-1-2021
84 mnd
37
37
111
-
148
6. Scalda
Samenwerkingsovk. Technum 2.0
1-8-2020 120 mnd
120
124
372
124
620
De verplichtingen voor de resterende looptijden vanaf 2023 zijn vermeld in de kolom bedrag totaal.
Niet in de balans opgenomen vorderingen 7. Sinds de overgang van schooljaar- naar kalenderjaarbekostiging (in 2006) konden scholen een vordering op OCW van 7,5% van de personele bekostiging opnemen op de balans. Per 1 januari 2019 heeft Mondia Scholengroep deze balanspost middels stelselwijziging laten vervallen en rechtstreeks van de algemene reserve afgeboekt. We praten hier over een bedrag van ongeveer € 1.504.000,=, die dus niet meer uit de balans blijkt.
78 78
B. 7. TOELICHTING BEHORENDE TOT DE STAAT VAN BATEN EN LASTEN
3. Baten x € 1.000,=
3.1 Rijksbijdragen 2023 3.1.1 Rijksbijdrage OCW - Basisbekostiging
26.280
3.1.2 Overige subsidies OCW - OCW subsidies (model G) - Overige OCW subsidies
612 1.748
Totaal overige subsidies OCW 3.1.3 Ontv. doorbetaling Rijksbijdrage SWV - Ontvangen doorbetaling Rijksbijdrage SWV
23.020 26.280
Totaal Rijksbijdrage OCW
470 1.778
1.783
Totaal Rijksbijdragen
25.324 25.324
23.020
2.360
Totaal ontvangen doorbetaling Rijksbijdrage SWV
2022
Begroting 2023
611 2.072 2.683
2.248
1.500
1.305
1.783
1.500
1.305
30.423
26.768
29.312
De Rijksbijdragen OCW in post 3.1.1 is begroot exclusief NPO-bekostigingen, in 2023 € 1.688,000. De basisbekostiging is in 2023 verhoogd voor loon- en prijsbijstelling met 6,58%. De totale verhoging basisbekostiging bedraagt ca. € 1.500.000. De verhoging van de basisbekostiging is voornamelijk ter dekking van de loonsverhoging van 10% per 1 juli 2023. Bij 3.1.2. is sprake van meer bestedingen dan begroot van nieuwe geoormerkte subsidies Basisvaardigheden, pHavo, capaciteitentesten. Bij 3.1.3 is de ontvangen doorbetaling Rijksbijdrage SWV hoger dan begroot en voorgaand jaar door extra doorbetalingen vanuit PVOW en ISKW.
x € 1.000,=
3.2 Overige overheidsbijdragen 2023 3.2.1 Gemeentelijke bijdragen - Overige gemeentelijke bijdragen en subsidies Totaal gem. bijdragen en subsidies 3.2.2 Overige overheidsbijdragen - provinciale bijdragen en subsidies
2022
Begroting 2023
103
97 103
1
98 97
1
98
1
Totaal overige overheidsbijdragen
1
1
1
Totaal overige overheidsbijdragen
104
98
99
De gemeentelijke bijdragen t.b.v. van het gebruik van het Technum zijn verhoogd t.o.v. begroting en voorgaand jaar. De provinciale bijdrage betreft vrijval van de investeringssubsidie tegenover afschrijvingskosten van de dansvloer in Wielingen,
79 79
x € 1.000,=
3.5 Overige baten 2023
2022
Begroting 2023
3.5.1 Verhuur
42
29
39
3.5.2 Detachering personeel
149
44
112
3.5.5 Ouderbijdragen - Vrijwillige ouderbijdrage - Bijdrage kluisjes - Opbrengsten leerlingenbijdrage
93 25 631
Totaal overige 3.5.6 Overige - Opbrengsten kantine - Bijdrage passend voortgezet onderwijs - Overige baten
70 17 294 749
94 8 156
Totaal overige Totaal overige baten
100 24 466 590
381 61 10 46
32 11 64
258
117
107
1.198
571
848
De opbrengsten van verhuur zijn flink hoger dan voorzichtig begroot en ook hoger dan voorgaand jaar. Er zijn meer detacheringen geweest dan begroot, ook meer dan in 2022. Activiteiten, excursies en reizen hebben in volle omvang plaatsgevonden. Daarvoor zijn ook meer leerlingbijdragen geïnd. Ten tijde van opstelling van de begroting was nog niet in beeld welke reizen en excursie in 2023 zouden gaan plaatsvinden. Met ingang van schooljaar 2022-2023 heeft Scheldemond de kantine-exploitatie in eigen beheer. De opbrengsten en lasten zijn hoger dan begroot. Het saldo van baten en lasten Kantine is € 25.000 positief, exclusief personele lasten kantinemedewerkers.
80 80
4. Lasten x € 1.000,=
4.1 Personele lasten 2023 4.1.1 Lonen en salarissen - Brutolonen en salarissen - Sociale lasten - Pensioenenpremies
18.651 2.401 2.590
15.578 2.023 2.630 23.642
Totaal lonen en salarissen 4.1.2 Overige personele lasten - Mutaties personele voorzieningen - Personeel niet in loondienst - Overig personele lasten
2022
Begroting 2023
640 607 640
17.256 2.161 2.828 22.245
20.231
280 128 1.073
436 278 819
Totaal overige personele lasten
1.887
1.481
1.533
4.1.3 Af: ontvangen uitkeringen
243-
70-
113-
25.286
21.642
23.665
Totaal personele lasten
Aantal personeelsleden in fte's - directie - onderwijs personeel (+ management) - onderwijsondersteunend personeel
fte's 31-12-2023
totaal
4,00 189,55 84,45 278,00
fte's 31-12-2022
totaal
3,60 193,61 79,80 277,01
De werkelijke personele lasten zijn hoger door een algemene salarismaatregel van 10% per 1 juli, een eenmalige bruto-uitkering afhankelijk van loonschaal, conform nieuwe CAO-VO 2023-2024. Verder is er tijdelijk personeel in het kader van het NPO-programma, gefinancierd uit NPO-gelden. De salarisverhoging heeft geleid tot ophoging van enkele personele voorzieningen. Daarnaast zijn enkel nieuwe voorzieningen gevormd. De post personeel niet in loondienst is fors hoger dan begroot en voorgaand jaar. Een groot aandeel hierin heeft de inleen van docenten en een interim teamleider via uitzendorganisaties, totaal ca. € 348.000. De uitgaven voor overige personele lasten zijn lager dan begroot en voorgaand jaar, doordat begrote besteding van collectieve werkdrukmiddelen nog niet heeft plaatssgevonden. De uitkeringen zijn voorzichtig begroot. Voor gemaakte kosten bij uit dienst treden van een medewerker is een vergoeding van ca. € 77.000 ontvangen.
81 81
x € 1.000,=
4.2 Afschrijvingen 2023 4.2.2 Materiële vaste activa Totaal afschrijvingen
2022
Begroting 2023 878
922
849
878
922
849
De afschrijvingen vallen hoger uit dan voorgaand jaar, maar blijven ruim binnen de begroting.
x € 1.000,=
4.3 Huisvestingslasten 2023 4.3.1 Huur 4.3.3 Onderhoud - klein onderhoud - onderhoud installaties - tuinonderhoud - dotatie voorziening onderhoud
2022
Begroting 2023 302
84 107 146 211
290
83 75 48 282
296
47 72 41 214
Totaal onderhoud
548
488
374
4.3.4 Energie en water
782
616
363
4.3.5 Schoonmaakkosten
465
398
355
4.3.6 Heffingen
61
63
57
4.3.7 Overige huisvestingslasten
44
20
26
2.202
1.875
1.471
Totaal huisvestingslasten
Door tariefstijgingen valt de huur van accommodaties hoger uit dan begroot en dan voorgaand jaar. Naar aanleiding van inspectie van sportinstallaties zijn meer extra kosten voor onderhoud installatiesgemaakt dan begroot en voorgaand jaar. In de post tuinonderhoud is een nabetaling van 2022 opgenomen en ca. € 31.000 uitgaven voor vergroeningsprojecten NPO. De kosten voor Energie en water zijn veel hoger dan begroot en voorgaand jaar. Door verplichte aanbesteding is in 2023 een nieuw contract voor gas en elektra afgesloten met veel hogere tarieven. De schoonmaakkosten zijn ook hoger dan begroot en voorgaand jaar door een sterke prijsstijging in het schoonmaakcontract. De post overige huisvestingslasten bevat extra werkzaamheden aan de beveilingsinstallaties.
82 82
x € 1.000,=
4.4 Overige instellingslasten 2023 4.4.1 Administratie- en beheerslasten - Contributies - Abonnementen - Telefoonkosten - Portikosten - Administratiekosten - Verzekeringen - Schade (niet gedekt) - Kantoorbenodigdheden - Drukwerk - Representatiekosten - Public relations / open dagen - Accountantskosten - Externe ondersteuning - Advieskosten - Medezeggenschapsraad - Ouderraad - Overige bestuurskosten/kosten RvT - Overige kosten
80 4 48 17 99 14 4 14 22 10 100 37 110 10 6 44 16
Totaal administratie- en beheerslasten
2022
Begroting 2023
85 5 45 19 90 15 3 11 38 7 74 34 34 11 9 34 2 635
110 4 47 17 86 14 2 13 48 13 152 41 80 10 33 2 672
516
Specificatie honorarium accountant: 4.4.1.1 - onderzoek jaarrekening 4.4.1.2 - andere controleopdrachten Accountantslasten
37 37
34 34
41 41
4.4.2 Inventaris, apparatuur en leermiddelen - Leermiddelen - Inventaris, apparatuur, ict - Boekenfonds (schoolboeken)
427 724 830
293 586 825
353 640 839
Totaal inventaris, app. en leermiddelen 4.4.4 Overige - Leerlingactiviteiten - JVOZ - Schoolreizen / excursies - Kantinekosten - Locatiebudget - (Ambulante) leerling begeleiding / SMT - Bijdrage CSW structuurgroepen - Bijdrage instellingen met geplaatste leerlingen Totaal overige Totaal overige instellingslasten
1.981
187 806 69 254 111 290
1.704
85 20 294 43 3 42 172 253
1.832
228 657 30 1 120 178 127
1.717
912
1.341
4.333
3.132
3.845
Bij de administratie- en beheerslasten is de post PR/Open dagen nog hoger dan begroot, maar een flink lager dan voorgaand jaar. De advieskosten betreffen voor ca. € 58.000 Sterk Techniek Onderwijs. De begroting was exclusief deze kosten. Inventaris, apparatuur, leermiddelen is hoger dan begroot en voorgaand jaar door uitgaven uit NPO-middelen. Bij de overige lasten zijn de uitgaven leerlingactiviteiten hoger dan begroot en vorig jaar door organisatie activiteiten uit uit de NPO-middelen. In begrotingstijd was nog niet duidelijk welke schoolreizen en excursie er in 2023 zouden gaan plaatsvinden. Op Scheldemond zijn de kantines m.i.v. schoojaar 2022-2023 in eigen beheer. De lasten en baten van de kosten zijn beide hoger dan begroot, zie baten. Uit de NPO-gelden is fors extra leerlingbegeleiding gefinancierd. Het aantal structuurgroepleerlingen is behoorlijk afgenomen, en het leerlingtarief is niet meegestegen met de bekostigingstarieven. De bijdrage bij instellingen geplaatste leerlingen is hoger dan begroot en voorgaand jaar. Dit komt doordat de kosten voor VAVO-leerlingen van schooljaar 20222023 geheel ten laste van 2023 geboekt zijn, en de kosten voor schooljaar 2023-2024 over de kalenderjaren 2023 en 2024 verdeeld zijn.
83 83
5. Financiële baten en lasten x € 1.000,=
5.1 Financiële baten en lasten 2023
2022
Begroting 2023
5.1 Rentebaten
376
50
38
5.5 Rentelasten
11-
8-
10-
365
42
28
Totaal financiële baten en lasten
Dankzij diverse vooruitontvangen incidentele subsidies en een opgelopen rentepercentage zijn de rentebaten veel hoger dan begroot en voorgaand jaar. Het rentepercentage bij Schatkistbankieren was eind 2023 3,9%.
84 84
B.8. OVERZICHT VERBONDEN PARTIJEN
Naam
Juridische vorm
Statutaire zetel
Code activiteiten
Eigen Resultaat vermogen jaar 31-12-2022 2022 in € 1.000,= in € 1.000,=
Totale Art 2:403 baten BW 2022 Ja/Nee in € 1.000,=
Deelname
Consolidatie
%
%
ISK Walcheren
Stichting
Middelburg
4
1.837
1.623
4.329 Nee
50,00
0,00
Passend Voortgezet Onderwijs Walcheren
Stichting
Middelburg
4
264
446
7.983 Nee
25,00
0,00
Reisgelden Scheldemond
Stichting
Vlissingen
nvt
PM
PM
PM Nee
nvt
0,00
Code activiteiten: 4. overige - Van de verbonden partijen zijn de cijfers van 2022 vermeld, die van 2023 zijn nog niet bekend. - Met de verbonden partijen is een rekening-courant verhouding overeengekomen. - De bijdrage aan de Stichting ISK Walcheren bestaat uit het verzorgen van een deel van de personele administratie, inbreng van leerlingen en een bijdrage in de exploitatie. - De bijdrage aan de Stichting Passend Voortgezet Onderwijs Walcheren bestaat uit doorbetaling van de rijksvergoeding stimulerend passend voortgezet onderwijs. - De Stichting sparen Nehalennia is in 2023 opgeheven.
85 85
B. 9. BEZOLDIGING VAN BESTUURDERS EN TOEZICHTHOUDERS
Vermelding inzake WNT
Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren van toepassing zijnde regelgeving: Regeling bezoldiging topfunctionarissen OCW-sectoren. Het bezoldigingsmaximum in 2023 voor de Stichting voor Openbaar Voortgezet Onderwijs op Walcheren is € 173.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt met ingang van 1 januari 2017 voor de eerste 12 kalendermaanden een afwijkende normering, zowel voor de duur van de opdracht als voor het uurtarief.
Complexiteitspunten
Complexiteitspunten totale baten 2021 Complexiteitspunten aantal leerlingen, deelnemers of studenten op 1 oktober 2021 Complexiteitspunten gewogen aantal onderwijssoorten of sectoren Totaal aantal complexiteitspunten Bezoldigingsklasse Bezoldigingsmaximum Afwijkende bezoldigingsklasse
6 3 3 12 D € 173.000 n.v.t.
WNT Bezoldiging topfunctionarissen Stichting voor Openbaar voortgezet onderwijs op Walcheren 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf Gegevens 2023 Bedragen x € 1 Functiegegevens
F.C.M. Neefs directeur-bestuurder
Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
01/01 - 31/12 1,000 ja € € €
130.802 22.649 153.451
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
173.000
-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging
€ €
153.451
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
86 86
Gegevens 2022 Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
€ € €
30.407 5.637 36.044
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
42.253
-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging
€ €
36.044
F.C.M. Neefs directeur-bestuurder 01/08 - 31/12 0,600 ja
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
87 87
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen Gegevens 2023
Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023
J.A. Brandenbarg voorzitter 1/1 - 30/09
J. Dane voorzitter 1/10 - 31/12
J. Dane lid 1/1 - 30/09
F.T. Hiemstra lid 1/1 - 31/12
M.K. van den Heuvel lid 1/1 - 31/12
D. de Rijke lid 1/1 - 31/12
J. van J. WoerkomG.C. Voet Bimmel de Regt lid lid lid 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/11 - 31/12
Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigings-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totaal bezoldiging
€ €
3.671 € 19.409 €
1.080 € 6.541 €
2.592 € 12.939 €
3.457 € 17.300 €
2.880 € 17.300 €
€
-
-
-
-
-
€
3.671 €
€
€
1.080 €
€
2.592 €
3.457 17.300
€ €
€
-
€
-
2.880 €
3.457
€
3.457 €
€
3.457 €
3.457 € 3.457 € 17.300 € 17.300 € €
-
576 2.891
€
-
3.457 €
576
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
J.A. Brandenbarg voorzitter 1/1 - 31/12
n.v.t. voorzitter n.v.t.
n.v.t. lid n.v.t.
F.T. Hiemstra lid 1/1 - 31/12
M.K. van den Heuvel lid 1/1 - 31/12
D. de Rijke lid 1/1 - 31/12
Gegevens 2022 Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021 Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
4.734
n.v.t.
n.v.t.
€
€
25.200
n.v.t.
n.v.t.
€
3.343 € 16.800
€
J. G.C. Voet de Regt lid lid 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12
2.786 €
3.343
€
16.800 €
16.800
€
3.343 € 16.800
n.v.t. lid n.v.t.
3.343
n.v.t.
€ 16.800
n.v.t.
88 88
B. 10. MODEL G1 EN G2 VERANTWOORDING VAN SUBSIDIES
Model G1. verantwoording van subsidies zonder verrekeningsclausule Omschrijving
Kenmerk
Mondia (penvoerder) Regionale Aanpak Personeelstekort
RAP220055
x € 1.000,=
Bedrag toewijzing
Prestatie afgerond
28-7-2022
587
ja
RAP23005
31-7-2023
245
Voorlopers onderwijsregio's VOWR2316
23-11-2023
100
Nehalennia Verlofsubsidie 22-23 Verlofsubsidie 22-23 Verlofsubsidie 22-23 Verlofsubsidie 23-24
19-6-2022 9-9-2022 14-9-2022 20-9-2023
7 5 6 18
31-3-2023 8-2-2022 8-2-2022 31-10-2023
27 100 100 20
Regionale Aanpak Personeelstekort
Capaciteitentesten
134652 133379 131482 1350035, 1366882, 1351232 CAP23-13555-20CP
datum
onderhanden onderhanden
ja ja ja onderhanden ja onderhanden onderhanden
Heterogene brugklassen Heterogene brugklassen Subsidieregeling Onderwijspersoneel Opleiding tot Leraar
SHB210061 SHB210281 SOOL23VO054
Praktijkgerichte havo Basisvaardigheden
PHAVO23021 VBV23-VO-4811
31-8-2023 31-5-2023
100 622
onderhanden onderhanden
132540 134783 1349667, 1366941, 1353336
9-9-2022 11-9-2022 21-11-2023
8 8 36
ja ja
CAP23-13555-16YC VBV23-VO-1749
31-3-2023 31-5-2023
18 1.048
Scheldemond College Verlofsubsidie 22-23 Verlofsubsidie 22-23 Verlofsubsidie 23-24 Capaciteitentesten Basisvaardigheden
onderhanden
onderhanden ja onderhanden
89 89
Model G2. verantwoording van subsidies die volledig aan het doel/activiteit moeten worden besteed met verrekening van het eventuele overschot.
G2-A Aflopend per ultimo verslagjaar Geen
G2-B Doorlopend tot in een volgend verslagjaar
Mondia (penvoerder) Subsidie STOZ
Kenmerk
datum
STO19066
1-1-2020
Totaal met verrekeningsclausule, doorlopend
Bedrag Ontvangen t/m toewijzing 2022
9.624
Totaal Saldo per Ontvangen Subsidiabele kosten 2023 subsidiabele 1-1-2023 in 2023 kosten t/m 2022
x € 1.000,=
Saldo 31-12-2023
7.430
5.522
1.908
2.194
2.911
1.191
7.430
5.522
1.908
2.194
2.911
1.191
Gebeurtenissen na balansdatum: Geen bijzonderheden
Vaststelling jaarrekening Middelburg, mei 2024 F.C.M. Neefs, directeur bestuurder
90 90
C. OVERIGE GEGEVENS
Stichting voor Openbaar voortgezet onderwijs op Walcheren
91 91
C.1. EXAMENRESULTATEN SCHELDEMOND COLLEGE 2022 – 2023
92 92
93 93
94 94
95 95
96 96
97 97
98 98
99 99
100 100