CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Lasten en lusten in balans Impact rapport Kerncentrales-afdrukversie (2)

Informatiebijeenkomst 19 maart 2025, gemeente VlissingenBij agendapunt: Presentatie over Lokaal impactrapport kerncentrales37.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

18

Werkterreinen Voor het bouwen van een kerncentrale is ruimte nodig. De voorkeurslocatie is passend voor het accommoderen van twee kerncentrales. Het Rijk kijkt daarnaast naar mogelijkheden om – tijdens het bouwproces – werkterreinen in te richten op of in de (wijde) omgeving van de voorkeurslocatie. De werkterreinen zijn nodig voor het uitvoeren van voorbereidende werkzaamheden en het opslaan van materialen, voertuigen, machines, installaties, uitrusting en het onderhoud ervan. Bij het zoeken naar geschikte locaties is een goede transportverbinding (weg, spoor en/of water) van de bouwlocatie in Borssele van belang. Momenteel bestaat nog geen beeld van waar werkterreinen mogelijk een plek gaan krijgen. Het werken met één of meerdere werkterreinen betekent dat sprake kan zijn van meerdere impactlocaties. Dit kan zowel voordelig als nadelig uitpakken voor de directe omgeving. Het werken met afgezonderde bouwterreinen kan bijvoorbeeld overlast rondom de beoogde bouwlocatie voorkomen, maar het kan evengoed een verminderde economische spin-off voor het gebied tot gevolg hebben. Totdat meer bekend is over waar mogelijke werkterreinen een plek krijgen, gaan wij uit van de voorkeurslocatie als epicentrum voor de lokale impact.

3.3 Hoe bouw je een kerncentrale? Het bouwen van een kerncentrale is complex, kostbaar en duurt jaren. Er zijn altijd unieke omstandigheden die ervoor zorgen dat het maatwerk is. De exacte kosten en tijdsduur van de bouw zijn daarom ook moeilijk in te schatten in dit stadium en bovendien afhankelijk van nog te maken keuzes.16 Ondanks deze onzekerheden, doorlopen aannemers doorgaans een bouwproces waarin de fasering op hoofdlijnen hetzelfde is. Uit de interviews en documentenstudie komt naar voren dat de bouw van kerncentrales doorgaans vijf fasen kent. De eerste fase start zodra een politiek besluit is genomen om de kerncentrale te gaan bouwen.17 Hieronder geven we een korte beschrijving van de verschillende bouwfasen.

Fase 1: Voorbereiding Voordat de eerste spade de grond in gaat, vindt een fase van voorbereidingen plaats. Dit is de eerste fase. Voor het aanvragen van een exploitatievergunning bij de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (AMVS) is het nodig onderzoeken en analyses uit te voeren. Het gaat onder meer om het (laten) uitvoeren van veiligheids- en risicoanalyses, een milieueffectrapport en een toelichting op technische veiligheidswaarborgen. Tegelijkertijd vinden voorbereidende werkzaamheden plaats voor de bouw door het werven van personeel, het uitwerken van werkplannen en het maken van afspraken met onderaannemers. Ook in de fysieke omgeving vinden voorbereidende activiteiten plaats. Hierbij gaat het om het inrichten van werkterreinen, verkeershubs en het organiseren van huisvesting, zo mogelijk door het realiseren van tijdelijke woonunits. Ook moet de infrastructuur op orde worden gebracht voor de bouw. Denk hierbij aan het aanleggen of versterken van wegen, waterwegen en treinsporen, om zo de toename van woon-werkverkeer en om ook (zwaar) transport mogelijk te maken. Afhankelijk van wat moet gebeuren, kunnen de voorbereidende werkzaamheden leiden tot overlast voor de omgeving.

16) Zie: BNR – Artikel: ‘Een kerncentrale bouwen kost véél meer dan het kabinet dacht, wordt altijd te laag ingeschat’ (25 september 2024). 17) Zie: TVO – Environmental Impact Assessment Report: Extension of the Olkiluoto Nuclear Power Plant by a Fourth Unit (2008).

19

In de eerste fase wordt veel in beweging gezet, maar op de beoogde bouwlocatie gebeurt dan nog relatief weinig. Juist omdat op dat moment op de bouwlocatie nog weinig gebeurt, is dit een goed moment voor het opzetten van nulmetingen en het werken aan verwachtingsmanagement. “Er zijn verschillende milieuvergunningen en planningsvergunningen, enzovoort, van toepassing, die moeten worden verkregen van regelgevende instanties, van de overheid, van provinciale autoriteiten […]. Er komt dus veel papierwerk bij kijken voordat er ook maar iets verandert in het landschap.”

Fase 2: Grondwerk Deze fase start op het moment dat men daadwerkelijk aan de slag gaat op de aangewezen bouwlocatie. In deze fase ligt het zwaartepunt op het afgraven en verplaatsen van grond. De grond kan elders op de bouwplaats worden gestort en een geluidswal vormen, maar er kan ook gekozen worden voor het afvoeren van de grond. In dat geval zal een groot aantal transportbewegingen moeten plaatsvinden. De diepte van de afgraving gaat verder dan de diepte van een afgraving van niet-nucleaire bouw. De fundering moet zeer stabiel en betrouwbaar zijn. De diepte van de funderingen voor kerncentrales varieert, maar moet in ieder geval voldoen aan strenge internationale veiligheidsnormen en vereisten. De graafwerkzaamheden zijn ook nodig voor het aanleggen van leidingen voor het aanen afvoeren van koelwater. Daarnaast kunnen (locatiespecifieke) geologische omstandigheden en ontwerpvereisten van invloed zijn op hoe diep de fundering van de te bouwen centrales kan en moet zijn. Eén van de Borselse Voorwaarden gaat over het onderzoeken van de mogelijkheden om de kerncentrales verdiept te bouwen. “De start van de bouw wordt meestal gekenmerkt door veel graafwerk en grondwerk. Het gaat dus om het graven van diepe gaten […] ter voorbereiding van het storten van de funderingen.

Meestal zit er een paar jaar, of in ieder geval een jaar […] tussen de start van de bouwwerkzaamheden en het storten van wat ze ‘eerste beton’ noemen.”

Fase 3: Civiele constructie Wanneer voldoende grond is afgegraven wordt beton gestort, waarna de gebouwen uit de grond verrijzen. Net zoals bij de vorige fase moet het storten van beton voor de nucleaire gebouwen voldoen aan strenge veiligheidseisen zodat de basis van de reactor bestand is tegen aardbevingen en andere (natuur)rampen. Ook het aanleggen van aan- en afvoertracés voor elektriciteit gebeurt in deze bouwfase. “Het eerste wat je waarschijnlijk zal zien, zijn kranen. […] Het wordt dus net zo goed een soort ‘crane farm’ als een bouwplaats.”

In deze tweede fase neemt het aantal arbeidskrachten op locatie toe. Ter illustratie, bij Hinkley Point C in Engeland waren op enig moment 10.500 mensen tegelijkertijd betrokken bij de bouw op de locatie van de kerncentrale. En dat is nog niet het verwachte piekaantal. De bouwactiviteiten in deze fase resulteren in zichtbare en hoorbare activiteiten op en rond de bouwlocatie met impact op de omgeving.

20

Fase 4: Mechanica en engineering Gedurende de fase van mechanica en engineering verplaatst het werk zich naar binnen waar de apparatuur wordt geïnstalleerd. Kranen die nodig waren voor de bouw kunnen (deels) worden verwijderd, terwijl binnen de gebouwen juist veel activiteit plaatsvindt. Alle elektriciteit, mechanica en techniek in de nucleaire gebouwen wordt aangelegd en aangesloten. Alhoewel de focus verschuift naar de interne activiteiten, zullen er ook nog steeds externe bouwactiviteiten zijn voor de niet-nucleaire gebouwen, zoals kantoren die vaak op een later moment worden gebouwd dan de nucleaire gebouwen.

Fase 5: Testfase De testfase kenmerkt zich door het uitgebreid testen van de apparatuur en de techniek. Testen is een belangrijke fase en wordt uitgevoerd naar de standaarden die gelden voor nucleaire bouw. In de gesprekken die we hebben gevoerd, is aangegeven dat deze fase van Commissioning zo’n 1 tot 2 jaar tijd in beslag neemt. “Dan test je alle systemen om zeker te weten dat ze doen wat ze moeten doen. En daar moet je ook een goedkeuring op hebben. Dus de toezichthouder is daar ook bij betrokken. En pas daarna mag je de kerncentrale daadwerkelijk opstarten.”

Bouwfase afgerond, exploitatie kan starten In de uitvoeringsfase is de bouw afgerond en zijn alle testen uitgevoerd. De kerncentrale is actief en produceert elektriciteit. Er is geen sprake meer van bouwactiviteiten en de omvang van het personeel is afgenomen aangezien het bouwpersoneel niet meer werkzaam is op de locatie.

3.4 Situatieschets voorkeurslocatie Borssele Voorkeurslocatie Een van de eerste stappen voor het bouwen van nieuwe kerncentrales is het kiezen van een geschikte locatie. Om geschikte locaties vrij te houden, heeft het Rijk in de jaren ’80 enkele waarborgingslocaties in Nederland aangewezen om vrij te houden voor de eventuele bouw van nieuwe kerncentrales in de toekomst. Deze locaties moeten voldoen aan een aantal voorwaarden, zoals beschikbaarheid van koelwater en goede bereikbaarheid. Op deze locaties mogen geen ontwikkelingen plaatsvinden die een eventuele bouw van kerncentrales onmogelijk maken of ernstig belemmeren.18 Het Sloegebied in Borssele/Vlissingen is zo’n waarborgingslocatie en door het kabinet aangewezen als voorkeurslocatie voor de bouw van twee nieuwe kerncentrales. Andere waarborgingslocatie is Maasvlakte I. In de Kamerbrief van 22 november 2024 geeft Minister Hermans aan dat het kabinet onderzoekt of het mogelijk is om, en zo ja op welke gronden, de Eemshaven buiten de procedure te laten zonder dat dit leidt tot onaanvaardbare (juridische) risico’s rond de voorkeursbeslissing en het projectbesluit. In de eerdere Kamerbrief van 11 september 2024 is aangekondigd onderzoek te doen naar geschikte locaties voor kerncentrales in Maasvlakte II en de gemeente Terneuzen (in aanvulling op de gebieden Borssele/Vlissingen (Sloegebied) en Maasvlakte I).

Deze ontwikkelingen betekenen dat het Sloegebied aanvankelijk de (politieke) voorkeurslocatie van het Rijk was. Inmiddels wordt het Sloegebied Borssele/Vlissingen genoemd als een van de mogelijke locaties.

18) Zie: Het huidige waarborgingsbeleid is vastgelegd in Besluit kwaliteit leefomgeving, art. 5.158.

21

Omgevingsschets De voorkeurslocatie ligt binnen de gemeentegrenzen van Borsele, aan de oevers van de Westerschelde. Op het terrein is de kerncentrale Borssele gevestigd die sinds 1973 in bedrijf is. De centrale heeft een capaciteit van 485 megawatt en wordt geëxploiteerd door EPZ. Het kabinet wil deze kerncentrale langer openhouden, mits dit veilig kan. De gedachte is dat de nieuwe centrales naast de bestaande centrale worden gebouwd. De voorkeurslocatie ligt dichtbij enkele dorpen binnen de gemeente Borsele. De gemeente Borsele telt ongeveer 23.000 inwoners, verdeeld over 15 dorpen en een aantal buurtschappen. Het meest nabijgelegen dorp is Borssele dat 1.500 inwoners heeft. Vanwege het kenmerkende bouw- en stratenpatroon en de cultuurhistorische waarde heeft een groot deel van het dorp sinds 1983 de status van beschermd dorpsgezicht in Zeeland. Borssele ligt op iets meer dan 1 kilometer afstand van de voorkeurslocatie. Andere nabijgelegen kernen zijn ’s-Heerenhoek (circa 1.900 inwoners, op 4 km afstand) en Nieuwdorp (circa 1.200 inwoners, op 4 km afstand). Tussen het dorp Borssele en de beoogde locatie voor de twee nieuwe kerncentrales ligt het natuurgebied ’t Sloe.

Vanaf 2003 vormt ‘t Sloe een groene buffer tussen de bebouwde woonomgeving, het aangrenzende haven- en industriegebied (Sloegebied), de wegen en de Zak van Zuid-Beveland (een gebied met waardevolle natuur- en landschapselementen). Aan de zuidzijde ligt de Westerschelde, een Natura 2000-gebied waarop de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn van kracht zijn. Figuur 3.1: voorkeurslocatie Borssele

22

De beoogde bouwlocatie voor de nieuwe kerncentrales ligt deels binnendijks, achter een zeer goed beschermende dijk die voldoet aan de hoogste veiligheidsnormen, en deels buitendijks (het terrein waar nu zonnepanelen liggen). Ten noordwesten van de voorkeurslocatie ligt het haven- en industriegebied het Sloegebied. Dit gebied ligt buitendijks. Het Sloegebied maakt deel uit van het havengebied van North Sea Port, een van de grootste zeehavens in Europa. Hier vinden activiteiten plaats zoals offshore-industrie, olieraffinage, en op- en overslag van onder andere fruit, metaal, hout en ertsen. Het Sloegebied vervult een hubfunctie voor het importeren en exporteren van goederen via een open verbinding met de Noordzee en de binnenvaart richting België en het Europese achterland. In het Sloegebied zijn bedrijven actief die zich richten op zware industrie, chemie, logistiek, energieproductie en opslag. Op een steenworpafstand van de bestaande centrale is COVRA gevestigd. Deze organisatie houdt zich bezig met het tijdelijk opslaan van nucleair afval. De locatie van COVRA is overigens niet van invloed op de locatiekeuze voor nieuw te bouwen kerncentrales. Het radioactief afval van de kerncentrale Borssele gaat namelijk eerst naar een opwerkingsfabriek in Frankrijk.

Daar worden de bruikbare bestanddelen gerecycled en wordt de rest van het afval zodanig bewerkt dat het veilig getransporteerd kan worden naar COVRA. Het is dus niet nodig dat de nieuwe kerncentrales gerealiseerd worden in de buurt van COVRA.

Sloegebied belangrijk voor de energietransitie In 2019 heeft Nederland afspraken gemaakt in het Klimaatakkoord: de helft minder CO2-uitstoot in 2030 en nagenoeg klimaatneutraal in 2050. Dit betekent een grote verbouwing van de energieinfrastructuur in Nederland. Zeeland is aangewezen als Energiecluster. Naast de mogelijke bouw van twee nieuwe kerncentrales zijn meerdere grootschalige energieprojecten voorzien in en nabij het Sloegebied, te weten: 1. Bedrijfsduurverlenging bestaande kerncentrale Borssele. 2. Net op zee – IJmuiden Ver Alpha. 3. Net op zee – Nederwiek 1. 4. Programma verbindingen aanlanding wind op zee (VAWOZ) 2031-2040. 5. Nieuw hoogspanningsstation omgeving Sloegebied. 6. Nieuwe hoogspanningsverbinding 380 kV Zeeuws-Vlaanderen. 7. Waterstofnetwerk Zuidwest-Nederland (inclusief waterstoffabriek). 8. LNG Terminal Zeeland. Dit onderzoek gaat over de mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales in Borssele en de impact die dat lokaal en regionaal heeft. We kunnen ons voorstellen dat de bovengenoemde grootschalige projecten invloed hebben op nog te maken keuzes in het bouwproces en ook stapelingseffecten teweeg kunnen brengen. De plannen voor en realisatie van andere grootschalige energieprojecten liggen echter buiten de scope van dit onderzoek. Zoals opgemerkt in hoofdstuk 1 is dit impactonderzoek uitgevoerd met een goed begrip van deze bredere context.

23

Inpassing bouwactiviteiten in referentiegebied Sizewell C (VK) Om een indruk te geven van de ruimtelijke impact van de bouwwerkzaamheden, kijken we naar de (tijdelijke) locatie-inrichting van Sizewell C, waar de kerncentrale en turbinegebouwen worden gerealiseerd. Naar verwachting zullen de beoogde aannemers voor Borssele uitgaan van een vergelijkbare inrichting, omdat die na jarenlang onderzoek is vastgesteld als meest passend, veilig en werkbaar. Aanpassingen hierop zullen moeten worden onderzocht alvorens ze kunnen worden toegepast (persoonlijke communicatie, 27 november 2024). In het gebied rondom de locatie van Sizewell C zijn (waaronder ook in het zeegebied) tijdelijke werklocaties (‘plotten’) aangewezen voor aanvoer van goederen (o.a. via het water), kustverdediging, het huisvesten van werknemers, het opslaan van goederen en het uitvoeren van voorbereidende werkzaamheden. Het gaat in Sizewell C om een omvangrijk gebied dat enkele malen groter is dan de locatie van de nieuwe kerncentrale. Een uitgebreide visuele weergave van de ruimtelijke inpassing van de bouwwerkzaamheden is beschikbaar via deze link, vanaf blz. 71.

24

4. Economische impact 4.1 Inleiding In dit hoofdstuk brengen we de economische impact in kaart van de mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales in Borssele. Allereerst zetten we de kenmerken van de regionale economie uiteen. Vervolgens koppelen we deze aan kennis vanuit literatuur en uit interviews en gesprekken met experts, ervaringsdeskundigen en betrokkenen, zowel lokaal als uit Somerset (Engeland).

4.2 Samenvatting advies voor economische impuls De bouw van nieuwe kerncentrales kan een economische impuls betekenen voor Zeeland. We verwachten dat nieuwe banen ontstaan, het vestigingsklimaat verbetert, de materiële welvaart gemiddeld gezien toeneemt en kansen ontstaan voor een gevarieerder en aantrekkelijker onderwijsaanbod. Op het vlak van de economie zien we de meeste kansen voor het realiseren van positieve impact. Op basis van dit hoofdstuk formuleerden we in hoofdstuk 2 de volgende adviezen.

Maatregelen voor verminderen negatieve impact •

•

Kom de inwoners in de directe nabijheid van de bouwlocatie, die in hun directe leef- en woonomgeving de meeste hinder zullen ondervinden van de bouwwerkzaamheden, ruimhartig tegemoet door hen te ontzorgen bij het verduurzamen van hun woningen en door hen nadrukkelijk te laten meeprofiteren van de ontwikkelingen in de regio (bijvoorbeeld door het realiseren van een warmtenet). Bespreek met North Sea Port en de afzonderlijke bedrijven in het Sloegebied de gewenste maatregelen en mogelijke incentives. Gespreksthema’s zijn ruimtegebruik en de ontwikkeling van het Sloegebied tot een ‘Energyport’.

25

Aanbevelingen voor versterken positieve impact •

•

• •

Realiseer een positieve nalatenschap voor Borssele en Zeeland, door te investeren in de leefkwaliteit, de infrastructuur, de economie en het onderwijs. Zeeland profileren als een groene, duurzame en gezonde provincie vergroot de aantrekkingskracht van de regio. Zorg ervoor dat lokale ondernemingen zich tijdig kunnen voorbereiden door te starten met een ondersteuningsprogramma voor lokale, Nederlandse bedrijven, duidelijkheid te bieden over benodigde certificering en ondersteuning te bieden bij complexe contractvorming en kwaliteitszorg bij nucleaire bouwprocessen. Versterk het vestigingsklimaat voor bedrijven door te investeren in de infrastructuur, de bereikbaarheid te verbeteren en de beschikbaarheid van voldoende stroom te waarborgen. Ontwikkel een overkoepelende integrale strategie voor de transitie naar duurzame energie en beschouw de komst van de kerncentrales in de bredere context van de energietransitie. Sluit hierbij aan op de Energievisie Zeeland, die op dit moment in ontwikkeling is.

4.3 Kenmerken van de regionale economie Bereik van de impact De economische impact van de kerncentrales strekt zich uit over de hele provincie Zeeland, niet alleen rond Borssele. Een belangrijke factor is de werkgelegenheid die de centrales creëren, zowel voor regionale werknemers als voor nieuwkomers, zoals arbeidsmigranten. Dit hoofdstuk richt zich vooral op de werkgelegenheid voor regionale werknemers, terwijl nieuwkomers in het volgende hoofdstuk aan bod komen. Uit onderzoek blijkt dat regionale werknemers voor de bouw en exploitatie van een kerncentrale binnen een straal van 90 minuten van de locatie te werven zijn (dit is ook de aanname bij Hinkley Point C en Sizewell C geweest, zie o.a. HJA, 2018 en EDF, 2011). Deze werknemers blijven wonen op hun huidige adres en pendelen naar de bouwlocatie, bijvoorbeeld met de auto, het openbaar vervoer, te voet en/of op de fiets. Gezien de ligging van de beoogde locatie in Borssele, kunnen werknemers binnen 90 minuten met de auto het verst reizen. Dit komt overeen met een zone van ongeveer 80 kilometer rond de locatie19. De ervaring uit Engeland leert dat waarschijnlijk twee derde van de regionale werknemers binnen 40 kilometer van het project gaat wonen en een derde verder weg (EDF, 2011), zie figuur 4.1.

19) De afstand en reistijd zijn verwachte maxima op basis van de referentietrajecten. Veel regionale werknemers zullen dichterbij de locatie wonen, omdat ze ook rekening moeten houden met bijvoorbeeld het parkeren van de auto en veiligheidscontroles.

26

Figuur 4.1: ingeschatte reisafstand van regionale werknemers tijdens de bouw van de kerncentrales

Bron: TravelTime (2024). Berekening in TravelTime is gebaseerd op reistijd met de auto op een doordeweekse dag om 8 uur ’s ochtends met als startpunt de beoogde locatie. Wij kiezen hier voor de reistijd met de auto aangezien automobilisten in 90 minuten het verst zullen komen vanaf de locatie in Borssele.

Voor de werving van werknemers en het terecht komen van financiële investeringen (zoals lonen, uitgaven en regionale belastinginkomsten) kijken we naar heel Zeeland. We realiseren ons echter dat een deel van de economische impact buiten de provinciegrenzen reikt, bijvoorbeeld door bouwpersoneel dat buiten Zeeland woont of de komst van arbeidsmigranten. Vanaf 2025 is de Westerscheldetunnel tolvrij voor personenverkeer, wat de verbinding met Zeeuws-Vlaanderen en België mogelijk toegankelijker maakt en waardoor de werving van personeel vanuit het zuiden makkelijker wordt.

Relevante economische indicatoren Als we eerst kijken naar enkele economische indicatoren uit de regionale monitor brede welvaart van het CBS dan valt het volgende op (CBS, 2024)20: • De Zeeuwse economie is kleiner dan gemiddeld in Nederland. Het Bruto Binnenlandsproduct (BBP) ligt in Zeeland op € 41.400 per persoon. Voor heel Nederland ligt dit op € 52.400 per persoon.

20) Het gaat om indicatoren die behoren bij de brede-welvaartsthema’s ‘materiële welvaart’ en ‘arbeid en vrije tijd’.

27

•

•

•

Het mediaan besteedbaar inkomen, oftewel het meest voorkomende besteedbaar inkomen, bedraagt in Zeeland € 33.800 (in Nederland €34.000). Voor de gemeente Borsele is dit hoger, namelijk: € 35.700. Het werkloosheidspercentage in Zeeland is het laagst van alle provincies in Nederland (2,9% van de beroepsbevolking in Zeeland is werkloos); terwijl Zeeland ook veel openstaande vacatures heeft per duizend banen. Dit duidt op een (zeer) krappe arbeidsmarkt. Het aandeel inwoners (15 tot 75 jaar) met een startkwalificatie voor de arbeidsmarkt is in Zeeland lager dan in de rest van Nederland. Zeeland is daarmee één van de provincies, samen met Limburg, met het laagste percentage inwoners met een diploma op mbo2-, 3- of 4-, havo-, vwo-, hbo- of wo-niveau.

Aanvullend op deze cijfers, zien we dat: • De sectoren landbouw en visserij, toerisme en industrie evenals zorg en welzijn relatief groot zijn in Zeeland. Daarnaast is de bouwnijverheid in de regio een relatief grote bedrijfssector (LISA, 2023). • De haven- en industriegebieden in het Sloegebied en de Kanaalzone in Zeeuws-Vlaanderen tussen Gent en Terneuzen zijn belangrijk voor de Zeeuwse economie. Grote industriële spelers zijn bedrijven zoals Dow, Yara en Cargill. • Zeeland scoort op Europees niveau goed in termen van innovatiekracht, maar binnen Nederland loopt zij achter op dit gebied. Zo wordt Zeeland getypeerd als sterke innovator; terwijl Nederland als geheel wordt getypeerd als innovatiekoploper (Eurostat, 2023). • De arbeidsmarktkansen voor afgestudeerden in Zeeland zijn ‘redelijk’ en vergelijkbaar met het landelijke beeld. Voor technische opleidingen zijn de perspectieven overwegend gunstig, vooral voor afgestudeerden op mbo2, mbo4 en bachelor niveau (ROA, 2024).

Schets van de arbeidsmarkt in Zeeland In het kader van de werkgelegenheid die een kerncentrale biedt, is het gegeven van een krappe arbeidsmarkt relevant. Een krappe arbeidsmarkt betekent dat werkgevers moeilijk aan geschikt personeel kunnen komen. Arbeidsmarktkrapte zien we in Zeeland voor beroepssectoren in het algemeen, maar voor de technische beroepssector in het bijzonder. Beroepen in de technische sector zijn met name nodig voor de bouw van de kerncentrales (zie de volgende paragraaf). Kijkend naar de technische beroepen, zien we dat in het tweede kwartaal van dit jaar 2.000 vacatures in de technische beroepsklasse open stonden in Zeeland (van de in totaal 9.200 openstaande vacatures; UWV, 2024). Dit zijn onder andere vacatures voor timmerlieden, bouwarbeiders en lassers. Als we kijken naar de werkloosheid dan zien we dat het aantal mensen met een WW-uitkering in Zeeland met een technische beroepsachtergrond in december 2024 op 506 lag (UWV, 2024). De gemeente Borsele had in deze maand in totaal 25 werklozen in deze beroepsklasse. Als we de technische beroepsklasse verder opsplitsen in specifieke beroepsgroepen, dan zien we dat bijna alle technische beroepen (alsmede voor andere beroepen die nodig zijn voor de bouw van een kerncentrale) krapte kennen. Zie figuur 4.2.

28

Figuur 4.2: kraptecijfers per beroepsgroep in Zeeland voor het tweede kwartaal van 2024. Een waarde groter dan 1,5 betekent een ‘krappe’ arbeidsmarktsituatie en een waarde groter dan 4 betekent een ‘zeer krappe’ arbeidsmarktsituatie (met een maximale waarde van 16)

Bron: UWV (tweede kwartaal 2024)

De verwachting is dat met de vergrijzing – die landelijk gaande is, maar in Zeeland in een nog sterkere mate speelt – de krapte op de regionale arbeidsmarkt verder zal toenemen. De krapte rond de technische beroepsklassen zien we niet alleen in Zeeland terug. Ook in gemeenten grenzend aan Zeeland komen lokale bedrijven moeilijk aan technisch personeel. Naast het aantal openstaande vacatures, illustreert het lage aantal werklozen met een voormalig technisch beroep per gemeente deze krapte, zie figuur 4.3.

29

Figuur 4.3: aantal WW-uitkeringen aan voormalig werknemers met technische beroepen

Bron: eigen bewerking op basis van cijfers UWV (december 2024)

Economische activiteiten in het Sloegebied Het beoogde terrein voor de twee nieuwe kerncentrales in de gemeente Borsele ligt in het Sloegebied. Het Sloegebied is een haven- en industrieterrein van ongeveer 1.800 hectare land (CBS Statline, 2024) en wordt beheerd door North Sea Port. Het gebied kenmerkt zich door vele economische activiteiten zoals basis- en offshore industrie, olieraffinage, op- en overslag van fruit, metaal, hout, ertsen en andere producten (Gemeente Borsele, 2024). Ook speelt het gebied een belangrijke rol bij het energiecluster dat in ontwikkeling is. De huidige actieve kerncentrale neemt circa 30 hectare in beslag.

30

4.4 Wat als er twee nieuwe kerncentrales komen? Om te beschrijven hoe de mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales doorwerkt op de economie van Zeeland, maken wij onderscheid tussen (directe) gevolgen, effecten en impact. De toelichting op de gebruikte terminologie is te vinden in onderstaande tabel 4.1. Tabel 4.1: Toelichting op gebruikte terminologie.

Termen

Toelichting

Gevolg

Een gevolg waarvan met enige zekerheid is te zeggen dat dit (meestal op korte termijn na de start van de bouw) zal plaatsvinden.

Effect

Een effect vloeit voort vanuit een (direct) gevolg. In hoeverre het effect daadwerkelijk zal plaatsvinden in de regio is meer onzeker.

Impact

De impact vindt meestal plaats op lange termijn en is dus met de meeste onzekerheid omgeven. We maken hierbij onderscheid naar impact tijdens de bouw en impact tijdens de exploitatiefase.

Gevolgen voor Zeeland Vanuit de literatuur zijn verschillende gevolgen van de bouw en exploitatie van kerncentrales in Borssele te verwachten op de Zeeuwse economie. Cijfers over de financiële investeringen voor de bouw en de bijbehorende werkgelegenheid zijn belangrijk om de economische impact van de mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales in kaart te kunnen brengen (Glasson, 200921). De volgende directe gevolgen worden verwacht: • De bouw en exploitatie van de kerncentrales stimuleren de economie in de regio, doordat lokale goederen, diensten en personeel worden gebruikt. De investeringen en uitgaven in de keten dragen hieraan bij. • Tijdens de piekfase van de bouw kunnen 7.900 banen worden gecreëerd. In de exploitatieperiode bieden de twee kerncentrales waarschijnlijk zo’n 1.000 vaste banen. • Een deel van het Sloegebied is gepland als locatie voor de bouw en exploitatie van de centrales. Hoewel het gebruik van deze grond de ruimte voor verhuur in het haven- en industriecluster van North Sea Port beperkt, biedt de bouw van de kerncentrales kansen voor bedrijven in en buiten het Sloegebied om deel te nemen aan het project.

Financiële investeringen en lokale uitgaven Als het gaat om de financiële investeringen, dan is bekend dat de Rijksoverheid momenteel € 14,1 miljard heeft gereserveerd voor kernenergie in Nederland (Rijksoverheid, 2024). Het vorige kabinet had in het klimaatfonds € 5 miljard toegezegd voor het openhouden van de bestaande kerncentrale in Borssele en de bouw van twee nieuwe centrales (Rijksoverheid, 2023).

21) Bron: In Methods of Environmental Impact Assessment, Third edition. Edited by Peter Morris and Riki Therivel.

31

Het nieuwe kabinet heeft dit bedrag verhoogd waarbij de ambitie is om niet twee, maar vier nieuwe kerncentrales te bouwen. Een deel van de € 14,1 miljard is dus bestemd voor de mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales in Borssele22. De investering voor de bouw van twee nieuwe kerncentrales komt deels terecht in de regio. De financiële investering levert immers, direct en indirect, economische activiteit op rondom de kerncentrale. Zo kan de bouw van kerncentrales extra inkomsten opleveren voor bijvoorbeeld geselecteerde (lokale) bouw- en leveranciersbedrijven. Ook geven lokale werknemers en leveranciers hun salaris en inkomsten deels lokaal uit. Dit proces van financiële investering en lokale uitgaven in de keten zorgt naar verwachting voor een algehele impuls aan de regionale economie (RodriquezBachiller & Glasson, 2004).23 Een deel van de financiële investering zal ‘weglekken’ door bijvoorbeeld het beleggen van werkzaamheden bij bedrijven elders in Nederland, in andere landen of door het importeren van niet-lokale goederen en diensten. Ook is het mogelijk dat (tijdelijke) buitenlandse werknemers hun inkomen bijvoorbeeld op een buitenlandse spaarrekening zetten en/of delen met hun gezinsleden die zijn achtergebleven in land van herkomst (zie ook Glasson, 2009).

Banen voor de regio De mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales levert daarnaast banen op voor de regio. Dit zijn echter banen in met name beroepsklassen en -groepen waarin nu al krapte heerst in de regio. Voor Sizewell C zijn prognoses opgesteld over het benodigde aantal banen tijdens de bouw en exploitatie van twee nieuwe kerncentrales, zie figuur 4.4 (EDF & CGN, 2020). Met name de bouw van de kerncentrales creëert veel banen. Na de bouw neemt de werkgelegenheid rond de kerncentrales af. Voor het bouwen van een kerncentrale wordt, zonder uitloop van het project, gemiddeld een periode van 10 tot 15 jaar gerekend. Tijdens de piekperiode van de bouw, vaak rond het vijfde jaar van de bouw, werken naar schatting ongeveer 7.900 mensen tegelijkertijd aan de constructie (EDF & CGN, 2020). Na deze piekperiode neemt het aantal banen af en in het laatste jaar van de bouw zouden er ongeveer 1.000 tot 2.000 mensen nodig zijn. De exploitatie van twee kerncentrales biedt werk aan bijna 1.000 mensen. De bestaande kerncentrale in Borssele biedt momenteel werk aan 391 mensen (EPZ, 2023). Voor de bouw en exploitatie van de kerncentrales is specifieke kennis en expertise nodig (zie ook Sizewell C Prospectus, 2023). Tijdens de bouwfase is met name technisch personeel nodig dat onder meer gespecialiseerd is in (af)bouw, montage, metaal, civiele techniek en elektrotechniek.

22) Sommige experts hebben zich kritisch uitgelaten over de hoogte van het gereserveerde bedrag voor kernenergie (zie onder andere BNR, 2024 en EenVandaag, 2024). Volgens deze experts is het gereserveerde bedrag onvoldoende om de bouw te kunnen realiseren. Zij baseren zich daarbij op referentietrajecten in bijvoorbeeld Somerset en Olkiluoto. Voor de bouw van Hinkley Point C was ongeveer € 21 miljard begroot voor twee nieuwe kerncentrales; inmiddels wordt in Engeland uitgegaan van een investering van ruim € 50 miljard (EenVandaag, 2024). In Olkiluoto zijn de kosten van de nieuwbouw van één centrale eerder op € 3 miljard geraamd. Inmiddels zouden de totale kosten op ongeveer € 11 miljard uitkomen (EenVandaag, 2024). De coronapandemie heeft mogelijk mede gezorgd voor de overschrijding van de bedragen. Daarnaast heeft bij Hinkley ook de Brexit mogelijk een rol gespeeld in de hoge kosten. 23) Bron: Expert systems and GIS for impact assessment. Verder hebben EDF en China General Nuclear Power Corporation (CGN) dit jaar gerapporteerd over de lokale en regionale sociaaleconomische toegevoegde waarde van het project Hinkley Point C (EDF, GGN, 2024).

32

Daarnaast is er behoefte aan ondersteunend personeel, bijvoorbeeld voor de catering, schoonmaak en beveiliging. Verder zal er vraag zijn naar managers, toezichthouders en administratief personeel. Werknemers kunnen in de loop van de tijd doorgroeien naar andere functies of een andere rol krijgen binnen de kerncentrale. Het personeel dat nodig is voor de exploitatie zal met name verantwoordelijk zijn voor de juiste werking van de kerncentrale, zoals onderhoudspersoneel, beveiliging en kwaliteitszorg. Ook zal er behoefte zijn aan financieel en administratief personeel alsook aan managers en leidinggevenden. De exploitatiefase vraagt dus om andere expertises dan de bouwfase. Figuur 4.4: aantal benodigde werknemers tijdens bouwfase per maand; op de x-as staan de maanden

Bron: EDF & CGN (2020)

Ruimte voor de bouw In dit impactrapport gaan we ervan uit – conform de vastgestelde voorwaarden – dat de bouw van de twee kerncentrales binnen het Sloegebied plaatsvindt. Dit heeft gevolgen voor zowel de economische activiteiten als de verhuurmogelijkheden van North Sea Port voor bedrijven in het haven- en industriecluster. Het is nog niet duidelijk hoeveel ruimte de bouwer nodig heeft voor de werkzaamheden, zowel op de bouwlocatie als voor tijdelijke werkterreinen. Ervaringsdeskundigen rond Hinkley Point C geven aan dat het totale bouwterrein waarschijnlijk 3 tot 5 keer groter is dan de ruimte die voor de exploitatie nodig is. De werkelijke ruimte die de bouw in beslag neemt, hangt echter ook af van de mate waarin werkzaamheden buiten de locatie plaatsvinden. Denk aan activiteiten die elders worden uitgevoerd en vervolgens via water, weg of spoor naar de bouwplaats worden vervoerd.

33

Daar staat tegenover dat de vraag naar goederen en diensten kan leiden tot opdrachten voor bedrijven binnen en buiten het Sloegebied. Zo zijn bijvoorbeeld bedrijven in de haven van Bristol betrokken bij de bouw van Hinkley Point C, onder andere voor de fabricage van componenten, de assemblage ter plaatse en de overslag van hoogwaardige onderdelen. Deze betrokkenheid biedt lokale ondernemers de kans om zich sterker te positioneren op de (inter)nationale markt voor vergelijkbare energieprojecten.

4.5 Verwachtingen over de effecten en impact voor Zeeland Naast de hierboven beschreven gevolgen, zijn er nog andere uitwerkingen te verwachten op de lokale economie, die zowel positief als negatief kunnen zijn. Deze verwachtingen worden gepresenteerd in figuur 4.5 en zijn gebaseerd op de lokale impactstudies van de referentieprojecten, interviews met experts en ervaringsdeskundigen in Somerset, en bijeenkomsten met Zeeuwse betrokkenen. Zoals eerder aangegeven, heeft Zeeland een kleinere economie, een lage werkloosheid, maar ook een krappe arbeidsmarkt en een lager percentage hoogopgeleiden. Belangrijke sectoren zijn landbouw, industrie en toerisme, en hoewel Zeeland innovatief is, blijft het achter op het gebied van innovatie binnen Nederland. Tegen deze achtergrond beschrijven wij hieronder de impactverwachtingen voor de regionale economie, waarbij we onderscheid maken tussen ‘werken en leren’ en ‘materiële welvaart’ (conform het model van brede welvaart).

Werken en leren •

•

De bouw van de kerncentrales kan het regionale onderwijs en onderzoek stimuleren, vooral door de kans die het project biedt om geschikt personeel op te leiden. Sommige lokale betrokkenen verwachten dat de standaarden en cultuur van onderwijs en onderzoek omhooggaan vanwege de eisen die worden gesteld aan personeel dat betrokken is bij een kerncentrale. De personeelsvraag neemt niet alleen toe in technische sectoren, maar ook in aanverwante beroepen. Dit kan meer werkgelegenheid voor werknemers creëren, maar ook grotere personeelsproblemen voor werkgevers door de krapte op de arbeidsmarkt.

Materiële welvaart • •

• • •

De koopkracht kan toenemen door hogere salarissen, terwijl tegelijkertijd de oplopende bedrijfskosten financiële problemen bij lokale ondernemingen kunnen veroorzaken. Ondernemingen betrokken bij de bouw krijgen nieuwe kansen. Ze kunnen hun kennis en ervaring inzetten voor soortgelijke projecten binnen en buiten Nederland. Ondernemingen die niet betrokken zijn, lopen risico’s door noodzakelijke investeringen in certificeringen. Een deel van de financiële investering zal de regio niet ten goede komen en ‘weglekken’. Na de bouw van de kerncentrales bestaat de mogelijkheid van een ‘boom and bust’-scenario, waarbij de werkloosheid stijgt door de afname van werkgelegenheid. Het vestigingsklimaat voor bedrijven kan na de bouw verbeteren door verbeterde infrastructuur, wat bedrijven kan aantrekken.

We lichten deze vormen van impact op de regionale economie hieronder toe. We benoemen deze verwachtingen hier apart, omdat er meer onzekerheid is rond de verdere doorwerking van de effecten en impact in de regio. De Borselse Voorwaarden die raken aan de verwachtingen staan in tabel 4.2.

34

Tabel 4.2: Borselse Voorwaarden die raken aan (mogelijke) veranderingen op economisch gebied.

Nr.

Voorwaarde

3.3

De realisatie van (energie)projecten mag niet ten koste gaan van duurzame energieontwikkelingen en realisaties

8.6

Lokale ondernemers laten profiteren van energieprojecten

9.1

Ondersteuning lokale onderwijsinstellingen

9.2

Duurzame energiecampus Zeeland

10.2

Geld terugvloeien naar de regio

35

Figuur 4.5: zorgen en verwachtingen die zijn geuit in de impactstudies van referentieprojecten en/of door lokale betrokkenen en experts

Leeswijzer figuur: De zorgen en verwachtingen in de figuur komen uit lokale impactstudies van referentieprojecten, interviews met experts en ervaringsdeskundigen uit Somerset en gesprekken met regionale betrokkenen uit Zeeland. De figuur leest van links naar rechts en toont de keten van mogelijke veranderingen die optreden bij de komst van twee kerncentrales in Borssele. Aan de linkerkant staan de directe gevolgen van het geplande project. Deze gevolgen kunnen zowel vervolgeffecten veroorzaken als impact hebben op de brede welvaart in de regio. We maken onderscheid tussen de impact in de bouwfase en in de exploitatiefase. De figuur houdt geen rekening met maatregelen die de veranderingen kunnen verlichten of versterken.

36

Effecten De bouw van kerncentrales zal leiden tot een grote vraag naar werknemers, zowel uit de regio zelf als van daarbuiten. De bouwer heeft verschillende mogelijkheden om personeel aan te trekken. Zo zou hij lokaal personeel kunnen opleiden of omscholen, bijvoorbeeld in samenwerking met lokale bedrijven of onderwijsinstellingen. Het is ook mogelijk om werknemers aan te trekken uit andere lokale ondernemingen. Ervaringen uit Engeland leren dat de bouwer vaak in staat is om een hoger salaris te bieden dan lokale ondernemingen. Daarnaast zou de bouwer tijdelijke werknemers kunnen werven uit andere delen van Nederland of het buitenland. Lokale ondernemers, bijvoorbeeld in het Sloegebied, kunnen de kans krijgen om mee te dingen naar opdrachten voor de bouw, mits ze voldoen aan de strenge eisen voor nucleaire bouw. Dit zal echter betekenen dat zij moeten investeren in certificeringen, audits en administratieve processen. Dit kan financieel risicovol zijn, aangezien deelname aan de bouw niet gegarandeerd is. Verder wordt verwacht dat de bouw invloed heeft op de beschikbare ruimte in het Sloegebied. Hierdoor kunnen de zeehaven en het industriecluster tijdelijk minder ruimte bieden voor nieuwe bedrijven. Ook worden landschappelijke veranderingen verwacht, zoals aanpassingen in het zichtbare landschap, die mogelijk invloed hebben op het lokale toerisme en de recreatie.

Lokale experts verwachten echter dat de impact op de toeristische aantrekkingskracht beperkt zal zijn, omdat het huidige toerisme in de directe omgeving van de bouwlocatie momenteel relatief gering is.

Impact van de bouw De krappe arbeidsmarkt en de groeiende vraag naar personeel bieden kansen voor Zeeuwse onderwijsinstellingen zoals Scalda, HZ University of Applied Sciences (HZ) en University College Roosevelt (UCR). Zij kunnen personeel opleiden voor de bouw en exploitatie van de kerncentrale, en bijdragen aan het omscholen van werkenden uit andere sectoren. Er is echter bezorgdheid dat het onderwijssysteem mogelijk niet voldoende is voorbereid op de toenemende vraag, zoals vermeld in de Borsele Voorwaarden. De vraag naar personeel kan de arbeidsmarktkrapte in de regio vergroten, wat mogelijk leidt tot hogere lonen in specifieke beroepsgroepen om zodoende personeel te behouden. Dit zou gunstig zijn voor werknemers, maar verhoogt de bedrijfskosten voor lokale ondernemingen. Daarnaast kan het aantrekken van personeel van buiten de regio impact hebben op de regionale economie. Nieuwe werknemers kunnen de vraag naar personeel in sectoren zoals zorg, welzijn en detailhandel vergroten. De komst van tijdelijke buitenlandse werknemers kan bovendien leiden tot salarisuitgaven in en overboekingen naar het buitenland waardoor een deel van de financiële investering ‘weglekt’. Verder kan de vraag naar woonruimte, openbaar vervoer en voorzieningen in de regio toenemen door de komst van nieuwkomers. Er is bezorgdheid over de impact van de bouw op Zeeland als toeristische bestemming.

Het aantal tijdelijke werknemers kan de vraag naar toeristische verblijven verhogen, wat mogelijk leidt tot hogere verhuurprijzen en het afschrikken van verblijfstoeristen. Dit effect zou bovenop de daling van de landschappelijke waarde in de buurt van de bouwplaats komen, wat toeristen kan ontmoedigen om het gebied te bezoeken. Lokale ondernemers binnen en buiten het Sloegebied kunnen zich door hun betrokkenheid bij de bouw mogelijk beter positioneren op de (inter)nationale markt. Met de juiste ervaring en certificering zouden zij in staat kunnen zijn bij te dragen aan andere grootschalige (kern)energieprojecten, zowel nationaal als internationaal.

37

Impact tijdens exploitatie Na de bouw van de kerncentrales bestaat de mogelijkheid van een ‘boom and bust’-scenario, waarbij de werkloosheid toeneemt door het afnemen van de werkgelegenheid. Dit scenario komt naar voren in impactstudies van referentieprojecten. In Zeeland twijfelen sommige betrokkenen aan dit scenario. Zij verwachten dat de krappe arbeidsmarkt en andere geplande energieprojecten in de regio voldoende werkgelegenheid bieden, mits de regio tijdig actie onderneemt. Daarnaast wordt verwacht dat het vestigingsklimaat voor bedrijven verbetert door betere infrastructuur, zoals verbindingen met het hoofdnetwerk van wegen en spoorwegen. Als deze infrastructuur na de bouw behouden blijft, zou dit bedrijven kunnen aantrekken. Ook de beschikbaarheid van voldoende stroom zou voor energie-intensieve bedrijven een reden kunnen zijn om zich in het gebied te vestigen. Volgens een lokale expert is er in Zeeland momenteel genoeg ruimte op het stroomnet. Desalniettemin is op landelijk niveau sprake van congestie. Daar moet een oplossing voor komen. Het kan daarom voor energie-intensieve bedrijven aantrekkelijk zijn zich dichter bij energieproducenten te vestigen, bijvoorbeeld in Zeeland. Verder wordt verwacht dat de aanwezigheid van twee kerncentrales de ontwikkeling van andere koolstofarme energiebronnen kan vertragen.

Door de lange levensduur en stabiele energievoorziening van kerncentrales, worden investeringen in nieuwe energievormen mogelijk als minder urgent beschouwd. Tot slot wordt verwacht dat het verblijfsklimaat voor toeristen herstelt na de bouw, doordat de overlast afneemt en het landschapsbeeld herstelt. Het herstel van het toerisme in de regio kan echter wel meerdere jaren duren. Kadertekst 4.1: Ervaringen uit Somerset

Bij Hinkley Point C heeft EDF verschillende opleidingsprogramma’s en -centra opgezet om personeel op te leiden voor de bouw en exploitatie van de kerncentrale. Drie van deze centra zijn gericht op vakgebieden zoals elektra, las-, staal- en installatiewerk (EDF, 2024). EDF werkt ook samen met het National College for Nuclear om het opleidingsaanbod tijdens de verschillende bouwfasen af te stemmen. Een respondent legt uit: “So EDF would have a very close link with the national college training facility in […] Bridgwater. Bridgwater College is part of the National College for Nuclear, so a lot of that is developing the skills and the workforce to deliver on Hinkley Point.” Het salaris bij EDF ligt volgens het lokale impactrapport 78% boven het gemiddelde in de regio van Somerset, een gebied dat te maken heeft met relatief hoge werkloosheid en lage salarissen. Dit heeft echter vooren nadelen. Een respondent vertelt hierover: “So they worked for four years with us in their last year, they would have got an increase of salary to maybe, I don’t know, £23,000 or something like that, when they finish their apprenticeship, but because we were putting them to work on Hinkley Point B, working alongside other people that were technically the same level, even if they were older and had more experience, we had to increase their salaries to about 30,000.

[…] But then they got offered…They got poached to do the exactly the same job, but working directly for Hinkley Point B, and they were offered 45,000.” Een ander bedrijf worstelt met het aantrekken van vakbekwaam personeel. “We’ve then found it difficult to grow ourselves because it’s taken us over four years to recruit one senior CNI engineer. […] A lot of the skilled people in our area have given up permanent jobs because they can earn so much more by contracting.”

38

Hoewel het salaris bij Hinkley Point C in sommige gevallen hoog lijkt, is het niet duidelijk of dit geldt voor alle werknemers. Er zijn ook meldingen van misstanden op andere locaties, zoals in Finland. Bij de bouw van Olkiluoto 3 zouden Poolse werknemers tijdelijk onderbetaald zijn (Helsinki Times, 2013). Verder hebben ondernemingen in Somerset te maken met de uitdaging om zich aan te passen aan de eisen van de kerncentrale. Een lokale ondernemer deelt zijn ervaringen met het aantonen van kennis, vaardigheden en de kwaliteit van het werk: “The certifications we have do not explicitly relate to us being qualified to build for nuclear. But we have various certifications typically expected, i.e. ISO9001 (Quality), ISO 14001 (Environmental) and ISO 45001 (Health & Safety). We had all these before we started bidding for HPC jobs but it wouldn’t have necessarily precluded us from bidding if we hadn’t already had so. It’s just that these certifications are usually ‘qualifiers’ for many jobs (not just nuclear new build jobs) so not having them would likely lead to early elimination from competitive tendering opportunities if there were plenty of other companies bidding that had them.” De ondernemer merkt ook op dat de contracten die bedrijven moeten afsluiten om bij de bouw betrokken te raken, complex zijn.

Dit vergt aanzienlijke investeringen in expertise en administratieve processen. “If I was advising any company looking to get into this, I would say: find out what contract types are going to be used on the project […] and start getting educated on it early. […] If you’re faced with a contract type that you’re not familiar with. I think it’s probably worth the money, although it’s difficult for small companies, sometimes to stump up 10,000 pounds £20,000 for advice. […] It’s probably a sensible investment.” Naast kansen voor lokale bouwondernemingen, biedt Hinkley Point C ook mogelijkheden voor ondernemers in de vrijetijdssector. Zo worden vakantieparken ingezet om een deel van de arbeiders van huisvesting te voorzien. “They [EDF] have a mix of campus accommodation and so they’ve got 1000 bed spaces in Bridgwater in a big campus. They’ve got 500 bed spaces in a campus that’s on site. […] They’ve taken over a holiday park […]. So, it’s a holiday part, but it’s not caravans. It’s actually little chalets and EDF have taken that over, so there’s no tourists there anymore. It’s all HPC workers and there’s 900 there.”

4.6 Analyse economisch beleid Zeeuwse overheden werken aan economische ontwikkeling, groei en vernieuwing van Zeeland. De verschillende visies hierop zijn vertaald in ambities en beleid. De mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales is van invloed op de realisatie ervan. In deze paragraaf verkennen we aan welke beleidsambities de mogelijke komst van kerncentrales een bijdrage kan leveren (+), welke ambities in de knel komen (-) en wat dat betekent voor Zeeland. De eerdere bevindingen uit dit hoofdstuk verbinden we daarmee aan het bestaande beleid. Omwille van de leesbaarheid zijn de geraadpleegde bronnen voor deze paragraaf apart weergegeven in de literatuurlijst (zie bijlage 4).

Aantrekken en behouden van talent Zoals eerder in dit hoofdstuk toegelicht, heeft de arbeidsmarkt in Zeeland te maken met langdurige krapte. Bedrijven hebben moeite met het aantrekken van gekwalificeerd personeel, met name in sectoren zorg, onderwijs, ICT en techniek. Belangrijke oorzaken voor de krapte zijn vergrijzing en ontgroening van de beroepsbevolking.

39

Zeeland heeft moeite met het behouden van jong talent, onder meer door een beperkt aanbod van hoger onderwijs en onderzoek. Als gevolg hiervan hebben bedrijven moeite met groeien en innoveren. De krapte op de arbeidsmarkt zet daarmee een rem op de economische ontwikkeling van Zeeland. Voor het aantrekken en behouden van talent trekken Zeeuwse overheden samen op. Onder de merkstrategie Shaping the Future Delta wordt gewerkt aan het positioneren van Zeeland als een aantrekkelijke regio om te leven, werken, studeren, ondernemen en recreëren. Het achterliggende idee is dat zolang het beeld van Zeeland onveranderd blijft, het lastig zal blijven nieuwe doelgroepen aan te trekken. Parallel hieraan wordt met initiatieven als Human Capital Agenda’s, Aanvalsplan Arbeidsmarkt, Talent Service, Expat Centre Zeeland, arbeidsmarktcampagnes en steunpunten gewerkt aan het verbeteren van de arbeidsmarktinfrastructuur. Op het vlak van kennis en onderzoek moet de ontwikkeling van Campus Zeeland de verbinding tussen het bedrijfsleven en onderwijsinstellingen verbeteren. Dit initiatief richt zich op talentontwikkeling, innovatie en samenwerking met een focus op drie kernsectoren, waarvan duurzame energie er één is. Een belangrijke pijler onder het initiatief is het versterken van bèta-onderwijs op zowel mbo-, hboals wo-niveau.

Een ander relevant initiatief is de vorming van het Delta Climate Center in Vlissingen. Tabel 4.3: Ambities voor het aantrekken en behouden van talent, waar de mogelijke komst van kerncentrales een bijdrage aan kan leveren (+) en ambities die in de knel kunnen komen (-).

+

De bouw van twee kerncentrales levert nieuwe banen op voor Zeeland. Het gaat zowel om tijdelijke werkgelegenheid (bouwactiviteiten) als om een uitbreiding van de structurele werkgelegenheid (exploitatie). De Zeeuwse arbeidsmarkt kan daar niet (volledig) in voorzien. De druk op het aantrekken en behouden van technisch geschoold personeel zal toenemen, waardoor het arbeidsmarktperspectief zal verbeteren. Dat geeft jong talent redenen om te blijven. De komst van kerncentrales kan daarbij concreet betekenis geven aan de positioneringstrategie Shaping the Future Delta die Zeeland nastreeft om (technisch geschoold) talent aan te trekken en te behouden voor de regio.

+

De aannemer heeft er belang bij de regionale arbeidsmarkt zo goed mogelijk te benutten en aan te sluiten bij de bestaande infrastructuren. Dit betekent voor kennisinstellingen dat er kansen ontstaan. Voor het realiseren van de kerncentrale is technisch geschoold personeel nodig dat kan bijdragen aan de bouwactiviteiten. Daarnaast ontstaat er behoefte aan het inzetten van beveiligers, koks en HR-professionals. De afbeelding hiernaast laat de ‘pathways to employment at Hinkley Point C’ zien. De aannemer werkt langs deze paden op verschillende manieren samen met onderwijsinstellingen, overheden en het bedrijfsleven voor het werven en opleiden van personeel.

Bron: EDF & CGN: Pathways of Employment

40

+

Er zal vraag ontstaan naar kennis en expertise op het gebied van nucleaire technologie en stralingsbescherming. Om de kerncentrales te laten draaien, is versterking van deze kennisinfrastructuur een vereiste. Daarom is voor de komende jaren € 65 miljoen uit het Klimaatfonds gereserveerd voor nucleaire kennisontwikkeling en innovatie. Voor kennisinstellingen in Zeeland betekent dat daarmee nieuwe kansen ontstaan om in samenwerking met het bedrijfsleven een passend onderwijsaanbod te ontwikkelen dat daarop aansluit.

Versterken ontwikkel- en innovatiekracht In een vitaal economisch ecosysteem bestaat gezonde concurrentie tussen bedrijven, en werken bedrijven, onderwijsinstellingen en maatschappelijke organisaties samen vanuit gedeeld eigenbelang. In Zeeland gebeurt dit ook. Echter, door een gebrek aan massa is dit in Zeeland geen vanzelfsprekendheid. In Europees opzicht scoort Zeeland weliswaar goed op de Europese Innovatieindex, maar binnen Nederland behoort Zeeland samen met Drenthe en Friesland tot de provincies die het laagste scoren. Zeeland kan dus nog stappen zetten om de economische innovatie- en ontwikkelkracht te versterken. De provincie ziet dat voor het versterken van haar innovatievermogen het noodzakelijk is te investeren in de technologische infrastructuur. Het ondersteunt de doelstelling van Ambitie Duurzame Havens en Smart Delta Resources. Dit zijn strategische samenwerkingsverbanden van grote bedrijven uit sectoren chemie, staal, energie, food en de haven met als doel de bedrijfsvoering te verduurzamen. Het haven- en industriecluster is belangrijk voor de regionale economie en een banenmotor voor Zeeland. Daarnaast zet de provincie in op het versterken van de concurrentiepositie van het brede mkb, met aandacht voor familiebedrijven. De gemeente Borsele wil bestaande bedrijventerreinen uitbreiden of zoeken naar het inpassen van nieuwe.

Tabel 4.4: Ambities voor het versterken van de ontwikkel- en innovatiekracht, waar de mogelijke komst van kerncentrales een bijdrage aan kan leveren (+) en ambities die in de knel kunnen komen (-).

+

Waar dat efficiënt en mogelijk is zal de aannemer voor bouwwerkzaamheden en low tech diensten een beroep willen doen op lokale ondernemers. Dit betekent een impuls voor de regionale economie en kan zorgen voor nieuwe bedrijvigheid, waarmee ook meer ‘massa’ ontstaat. Op termijn kan dit de regionale concurrentiekracht vergroten en tegelijkertijd voor ondernemingen een reden zijn om samenwerking te zoeken. Bijvoorbeeld om zo te kunnen voldoen aan hoge kwaliteit- en veiligheidsstandaarden die gelden voor onderaannemers.

Transitie naar een duurzame en klimaatneutrale economie De Zeeuwse economie moet omschakelen om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Voor een aantal sectoren waarin Zeeland sterk is, zoals procesindustrie, haven en logistiek, energie, landbouw en agro & food, is dit een stevige uitdaging, maar dit levert ook kansen op voor Zeeland. Het omschakelen naar een duurzame en circulaire economie brengt veranderingen met zich mee voor het energiesysteem, de infrastructuur, de inrichting van bedrijventerreinen en het gebruik van grondstoffen. Een concrete uitdaging is netcongestie. Het belemmert bestaande bedrijven verder te elektrificeren en nieuwe bedrijven om zich te vestigen in de regio. Het geeft ook de beperkingen aan: niet alles kan overal, en ook niet allemaal tegelijk.

41

Het Sloegebied is een plek waar meerdere grote energietransitie-projecten samenkomen (zie § 3.4). Het provinciebestuur zegt hierover: “Zeeland kan het groene stopcontact van Nederland worden. Hét gebied dat voorop loopt met de energietransitie.” Deze uitspraak gaat gepaard met de wens om met het Rijk afspraken te maken over het aantrekken van arbeidskrachten en het op peil houden van voorzieningen. De gemeente Borsele wil ervoor zorgen dat – in goed overleg met inwoners – de landelijke opgaven voor de energietransitie leiden tot een versterking van de leefkwaliteit in de gemeente Borsele. Uit deze woorden spreekt een positieve grondhouding als het gaat over het realiseren van ambities voor het omschakelen naar een duurzame en circulaire economie. North Sea Port wil zich verder ontwikkelen als ‘Energyport’. De belangrijkste sporen waarop het havenbedrijf inzet zijn duurzame waterstof, CC(U)S (afvang, opslag en/of hergebruik van CO2), elektrificatie en warmte-uitwisseling. De beschikbaarheid van infrastructuur en duurzame energie- en grondstoffen zijn daarbij van groot belang. North Sea Port wil zich onderscheiden door bedrijven in de havengebieden te helpen met het realiseren van duurzaamheidambities. Groeien en verduurzamen moeten hierbij samengaan.

Tabel 4.5: Ambities voor transitie naar een duurzame en klimaatneutrale economie, waar de mogelijke komst van kerncentrales een bijdrage aan kan leveren (+) en ambities die in de knel kunnen komen (-).

+

Naast het bouwen van kerncentrales staan meer grote energietransitie-projecten gepland in en nabij het Sloegebied. Zeeland kan een voortrekkersrol spelen en op die wijze haar economisch vestigingsklimaat versterken door de scope te richten op duurzame bedrijven en schone industrie.

Toerisme in balans brengen met de leefomgeving en landschap Zeeland en het toerisme zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. In 2023 is € 3,4 miljard besteed aan de vrijetijdseconomie in Zeeland en werden 21,7 miljoen overnachtingen geboekt. Daarmee is de vrijetijdssector een van de belangrijkste economische sectoren van Zeeland en goed voor 11% van de werkgelegenheid. De toeristische druk in het gebied rondom de beoogde bouwlocatie is relatief laag in vergelijking met hotspots als Veere, Sluis en Schouwen-Duiveland. De vrijetijdssector staat in de komende jaren voor de uitdaging een juiste balans te vinden met de leefomgeving en het landschap. In Bestemming Zeeland 2030 is een toekomstperspectief uitgewerkt waarin de ambitie is verwoord om bezoekers beter te bedienen door onder meer in te zetten op duurzaamheid, divers aanbod, draagvlak onder inwoners en optimale spreiding. Op

de

afbeelding

hiernaast

is

het

aantal

geboekte

overnachtingen en accommodaties per gemeente in 2023 weergegeven. Bron: kerncijfers vrijetijdssector Zeeland 2023.

42

Tabel 4.6: Ambities op terrein van toerisme, waar de mogelijke komst van kerncentrales een bijdrage aan kan leveren (+) en ambities die in de knel kunnen komen (-).

+

Van een positieve economische impact is sprake als tijdelijke arbeidskrachten gebruik maken van de toeristische accommodaties die anders leeg zouden blijven.

-

Toeristen zullen wegblijven als zij hinder ondervinden van bouwwerkzaamheden of wanneer tijdelijke arbeidskrachten de beschikbare accommodaties bezetten. De toeristische hotspots liggen veelal op enige afstand van de beoogde bouwlocatie. De economische impact op de vrijetijdssector achten we daarom vrij klein. Echter, voor ondernemers die nabij Borssele zijn gevestigd, verwachten we dat de bouwwerkzaamheden de toeristische aantrekkingskracht sterk zal verminderen. Tegelijkertijd is in de omgeving van Borssele het aanbod van vrijetijdsaccommodaties minder dan rond de toeristische hotspots.

43

5. Sociaalmaatschappelijke impact 5.1 Inleiding In dit hoofdstuk beschrijven we de sociaalmaatschappelijke impact van de mogelijke komst van twee nieuwe kerncentrales in Borssele. Daarbij richten wij ons op de thema’s wonen en voorzieningen, sociale cohesie en sociale veiligheid. We geven allereerst een beschrijving van het vestigingsgebied van (tijdelijke) nieuwkomers en de sociale kenmerken van de regio. Vervolgens lichten we de gevolgen, en de mogelijke effecten en impact van de bouw en exploitatie van de kerncentrales uit.

5.2 Samenvatting advies voor sociale impact De komst van nieuwe kerncentrales zorgt voor een tijdelijke toestroom van (internationale) arbeidskrachten die een plek moeten vinden in de lokale samenleving. Dit zal leiden tot een toenemende vraag naar huisvesting en zorgen voor meer verkeersbewegingen, voornamelijk in het gebied rondom de bouwlocatie. Nieuwe inwoners kunnen een impuls geven aan het in stand houden van voorzieningen, maar betekenen tegelijkertijd een extra belasting voor de zorgsector. Op basis van dit hoofdstuk formuleerden we in hoofdstuk 2 de volgende adviezen.

Maatregelen voor verminderen negatieve impact •

• •

• •

Ontwikkel een programma voor het huisvestingsvraagstuk en organiseer regionale afstemming om te anticiperen op de toenemende tijdelijke behoefte aan woonruimtes voor het huisvesten van internationale arbeidskrachten. Maak voor het vraagstuk van huisvesting van arbeiders een verbinding met de woonopgave van de provincie en met de sector van verblijfsrecreatie. Creëer voorzieningen voor zorg en onderwijs, waar mogelijk op of nabij het bouwterrein. Anticipeer op onzekerheden in de planning van het bouwproces en houd rekening met de mogelijkheid dat de uitvoering langer duurt dan oorspronkelijk gepland. Bedenk wat de mogelijke impact is van vertragingen en hoe negatieve gevolgen daarvan tijdig gemitigeerd kunnen worden. Besteed voortdurend aandacht aan informatie-uitwisseling en participatie van direct omwonenden en andere betrokkenen, waaronder ook North Sea Port en de bedrijven in het Sloegebied. Richt een structureel partnerschap in, waarin alle betrokken overheden participeren en tevens de samenwerking is georganiseerd met maatschappelijke organisaties, het onderwijs, het bedrijfsleven, de bouwers en andere relevante partijen in de waardeketen. Onderdeel van dit structurele partnerschap betreft duurzaam investeren in de regio.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15187292/2