Inkomend - Rapport Staat van bestuur 2024
Tekst van het document
Bonaire
Saba
Sint-Eustatius
2011 (ER)
75%
87%
69%
2015 (ER)
78%
91%
65%
2019/20 (ER)
64%
92%
77%
2023 (ER)
64%
84%
81%
Bron: Kiesraad
Voor andere verkiezingen geldt juist het tegenovergestelde. Mogelijk houdt dit verband met gevoel en de afstand tot de politiek in Den Haag en Brussel. Bij de verkiezingen voor het Europees Parlement van 2024 lag de opkomst op Bonaire, S int-Eustatius en Saba gemiddeld rond de 12 procent. Dit lag in Europees Nederland een stuk hoger op 46 procent. Voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2023 was de opkomst op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba iets meer dan 23 procent, een stuk lager dan de opkomst in Europees Nederland (78 procent). Opvallend hierbij zijn de uitslagen op Sint-Eustatius en Saba, die na stijgende cijfers in 2021 (ten opzichte van 2017) in 2023 fors lager lagen. Tabel 2.8 Opkomst bij Tweede Kamerverkiezingen Verkiezingsjaar
Bonaire
Saba
Sint-Eustatius
Europees Nederland
2012
24%
28%
16%
75%
2017
22%
43%
23%
82%
2021
23%
50%
34%
79%
2023
23%
26%
18%
78%
Bron: Kiesraad
Staat van het Bestuur 2024
52
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Zetelverdeling De verkiezingsuitslag voor de eilandsraden kent over de jaren heen op alle eilanden een grote mate van continuïteit. Op Saba heeft sinds de transitie van 2010 de Windward Islands People’s Movement (WIPM) de absolute meerderheid; in 2019 wist deze partij zelfs alle zetels te veroveren. Op Sint-Eustatius heeft de Progressive Labour Party (PLP) zowel in 2019 als 2023 de absolute meerderheid gehaald en is de Democratic Party (DP) sinds de verkiezingen van 2010 constant met 2 van de 5 zetels. Voor beide bovenwindse eilanden geldt dat hierdoor sinds 2010 vrijwel geen coalities nodig waren.
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
Op Bonaire haalt geen enkele partij de absolute meerderheid, maar blijft de zetelverdeling tussen Union Patriotiko Boneriano (UPB), Movemento di Pueblo Boneriano (MPB) en Bonaire Democratic Party (PDB) over de jaren heen relatief constant (alle drie partijen krijgen rond de drie zetels). Twee van deze drie partijen vormen doorgaans een coalitie na de verkiezingen. Mede door de krappe meerderheden (vaak met een meerderheid van 1 zetel), zijn er veel wisselingen in het bestuurscollege. Tegelijkertijd geldt ook op Bonaire – net als op Sint-Eustatius en Saba – dat veel dezelfde mensen deel uitmaken (of terugkeren) in het bestuurscollege. Dit komt terug in relatief veel voorkeurstemmen voor een relatief beperkt aantal kandidaten.
3
Tabel 2.10 Zetelverdeling Bonaire
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
Partij
2011
2015
2019
2023
UPB
4
3
2
3
MPB
-
3
4
2
PDB
3
3
3
3
Overig
2
-
-
1
Totaal
9
9
9
9
Partij
2011
2015
2019
2023
WIPM
4
3
5
3
SLP
1
2
-
-
PEP
-
-
-
2
Totaal
5
5
5
5
Tabel 2.11 Zetelverdeling Saba
Table 2.12 Zetelverdeling Sint-Eustatius Partij
2011
2015
2020
2023
PLP
1
2
3
3
DP
2
2
2
2
Overig
2
1
-
-
Totaal
5
5
5
5
Bron: Kiesraad
Staat van het Bestuur 2024
53
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
2
Inwoners en het openbaar bestuur
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius 2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
3
Het openbaar bestuur in functie Aantal gemeenten
458 2014 403 2024 342 2006
Gemiddeld aantal partijen in de gemeenteraad
2006 6,24
2022 8
Gemiddeld aantal inwoners per raadslid 2006 1700 inwoners
2024 2120 inwoners
Raadsleden 2006 26% vrouw
Wethouders
samenwerkingsverbanden 2017
1748 samenwerkingsverbanden 2024
Burgemeesters 2006 20,2% vrouw
2024 33% vrouw Statenleden 2006 28% vrouw 2024 40% vrouw
Gedeputeerden 2006 17% vrouw 2024 24% vrouw
CdK’s
AB-lid
DB-lid
Dijkgraaf 2010 8% vrouw 2024 29% vrouw
Eilandsraadsleden 2024
1168
Aantal samenwerkingsverbanden 2024
2006 16,7% vrouw 2024 27% vrouw
2010 19% vrouw 2023 31% vrouw
Thema’s samenwerkingsverbanden
2006 22% 2010 25% 2014 29,5 2018 33% 2022 43% 2024 41%
Aandeel vrouwen
2010 15% vrouw 2023 31% vrouw
Raadsleden 2024
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
Aandeel raadsleden van lokale partijen
Gemeenten gemiddeld
42
Waterschappen gemiddeld
37
Provincies gemiddeld
66
2024 31% vrouw 2012 16,6% vrouw 2024 16,6% vrouw
Aantal uren besteedt aan ambt Raadsleden 2024
42,1% vrouw
33% vrouw
20 uur
57,9% man
67% man
Statenleden 2023
22 uur
Beleidsvelden top 3
2
1
445
656
Sociaal domein
Ruimte
3
358 Economie
Staat van het Bestuur 2024
54
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
Waardering voor het ambt
7,3 Wethouders 7,8 Burgemeesters 8,2 Raadsleden
Financiële positie gemeenten
Tussentijds vertrek per zittingsperiode Raadsleden
2002–2006: 13% 2018–2022: 38%
2022
2023
2002–2006: 28% 2018–2022: 47%
25 gemeenten met een tekort
72 gemeenten
Wethouders
Inkomsten gemeenten vanuit het Rijk
28%
met een tekort
Lasten van de openbare lichamen
2019
2023
63,5%
69,2% 2011
$54.000.000 $30.000.000
Inkomsten eilanden
2023
BES
Bonaire
Saba $8.500.000
Sint-Eustatius $14.600.000
$255.000.000, een stijging van 373% ten opzichte van 2011
2011
2023
Bonaire
$85.000.000
$251.000.000
$155.500.000
Saba $48.395.000
Sint-Eustatius $51.667.000
Staat van het Bestuur 2024
55
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
2
Inwoners en het openbaar bestuur
3
Het openbaar bestuur in functie
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius 2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius 3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
• Het aantal gemeenten neemt nog steeds af door herindelingen en fusies. In 2024 zijn er 342 gemeenten. • Het aantal partijen per gemeenteraad neemt toe. In 2010 waren er ongeveer 6,8 partijen per gemeenteraad, in 2022 waren dat 8 partijen. • Lokale partijen leveren in 2024 41 procent van de raadsleden en 39 procent van de wethouders. Zij vormen in gemeenten de ‘grootste partij’. Daarna volgen raadsleden van CDA en wet houders van de VVD beiden met 13 procent. • In de Provinciale Staten is de BBB met 23 procent van de Statenleden de grootste. De BBB levert ook de meeste gedeputeerden, namelijk 26 procent. • Na de verkiezingen in 2023 is het grootste deel van de Provinciale Staten vernieuwd en traden nieuwe colleges van Gedeputeerde Staten aan. • Ook in de provincies is het aantal partijen dat een zetel kreeg, gegroeid. Het duurde onder andere daarom langer dan anders om coalities te vormen. • Raadsleden, wethouders en burgemeesters hebben veel plezier in hun werk en ze waarderen dat met een hoog cijfer. Raadsleden geven hun ambt gemiddeld een 7,3, wethouders een 7,8 en burgemeesters een 8,2. • Wel zijn er zorgen over werkdruk en tijdsbesteding. Raadsleden besteden gemiddeld 20 uur per week aan het raadswerk, naast hun hoofdfunctie buiten de politiek. Dat is zelfs nog iets meer dan in 2019.
• Raads- en statenleden maken minder gebruik van mogelijkheden voor ondersteuning, toerusting en ontwikkeling dan mogelijk zou zijn. Ook maken ze gemiddeld vrij beperkt gebruik van instrumenten als moties, vragen en amendementen.
• Het verloop in het lokaal bestuur is aanzienlijk. Sinds de installatie van de nieuwe gemeenteraden in 2022 is al 28 procent van de raadsleden weer vertrokken. Van de wethouders vertrok in 2023 10 procent en in 2024 8,5 procent. Een deel van de raadsleden vertrok om wethouder te worden of wegens overmacht door ziekte en dergelijke, maar ook de grote tijdsbesteding en problemen om het raadswerk te combineren met werk en/of privé spelen mee. Voor wethouders spelen naast overmacht ook politieke overwegingen. In de provincies is een vergelijkbaar patroon. • Het profiel van de decentrale politieke ambtsdragers in Nederland is vrij eenzijdig. De meerderheid van hen is man, boven de vijftig jaar oud en heeft een hbo- of wo-opleiding. Het aandeel lokale politieke ambtsdragers met een migratieachtergrond is al jaren laag en ongeveer hetzelfde. • Wat betreft inhoudelijke opvattingen vormen raadsleden een goede afspiegeling van de bevolking. • Raadsleden, wethouders en burgemeesters hebben meer vertrouwen in politieke instituties dan de gemiddelde Nederlander. Ook schatten ze het vertrouwen van inwoners in politiek en (ook lokale) instituties hoger in dan het is. Alle groepen politici denken dat kiezers in meerderheid wel vertrouwen hebben in henzelf. • Lokale vertegenwoordigers en bestuurders vinden het belangrijk dat burgers kunnen meepraten, vooral over politiek niet-gevoelige zaken.
Ze vinden het minder belangrijk dat burgers kunnen meebeslissen. Raadsleden hechten er het meest aan dat inwoners kunnen meepraten en, ook wel, meebeslissen. • Er wordt in het lokaal bestuur in toenemende mate en in allerlei verbanden regionaal samengewerkt, maar het is moeilijk vast te stellen hoe effectief en doelmatig dat is.
Staat van het Bestuur 2024
56
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
Dit hoofdstuk beschrijft de stand van zaken bij gemeenten, provincies en waterschappen aan de hand van de mensen, middelen, ondersteuning en samenwerkingen waarover het decentrale openbaar bestuur kan beschikken of gebruik kan maken. Ook komt een aantal specifieke thema’s aan de orde die relevant zijn voor het functioneren van het decentraal bestuur: regionale samenwerking, diversiteit, integriteit en veiligheid van politieke ambtsdragers en ervaringen met participatie op decentraal niveau.
Figuur 3.1 Aantal gemeenten in Nederland 900 800 700 600 500 400 300
3.1 Gemeenten Gemeentelijke (her-)indelingen In Nederland hebben de afgelopen eeuw tientallen herindelingen plaatsgevonden onder gemeenten. Bij gemeentelijke herindelingen kan besloten worden een bestaande gemeente te fuseren met een andere bestaande gemeente (ongedeelde samenvoeging) of kan er gekozen worden om vanuit twee of meer gemeenten een nieuwe gemeente te vormen. Daarnaast komt het voor dat een gemeente wordt opgesplitst en dat de delen van de opsplitsing geplaatst worden bij bestaande gemeenten. In 1900 telde Nederland nog ruim 1.100 gemeenten. Zoals de onderstaande grafiek laat zien, is het aantal gemeenten sinds begin jaren tachtig meer dan gehalveerd. Op 1 januari 2023 telt Nederland 342 gemeenten, drie minder dan een jaar eerder. 118 Vier gemeenten verdwenen in dat jaar en één gemeente is ontstaan. In de provincie Zuid-Holland zijn de gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne samengegaan in de nieuwe gemeente Voorne aan Zee. De gemeente Weesp is al op 24 maart 2022 bij de gemeente Amsterdam gevoegd. In 2023 en 2024 hebben er geen nieuwe herindelingen plaatsgevonden.
200 100 0
2 4 0 0 0 6 8 10 12 14 16 18 0 198 199 200 200 200 20 20 20 20 20 202 202 202
Aantal gemeenten Bron: CBS
In de afgelopen tien jaar zijn in totaal 23 nieuwe gemeenten gevormd. De nieuwe gemeenten zijn vooral te vinden in de provincies Zuid-Holland, Groningen en Noord-Brabant. De landoppervlakte van ruim de helft van deze nieuwe gemeenten behoort tot de top 50 onder alle gemeenten.
3.1.1 De mensen in het gemeentelijk bestuur119 Op 1 oktober 2024 is het feitelijk aantal raadsleden: 8.490. Het aantal raadsleden hangt af van het inwonertal van de gemeente (Artikel 8, Gemeentewet). Het feitelijk aantal wethouders is 1.405.
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
118 119
CBS, Aantal gemeenten daalt tot 342 op 1 januari 2023, december 2023. De gegevens in dit hoofdstuk over de kenmerken van de populatie decentrale politieke ambtsdragers zijn afkomstig van Overheid in Nederland (OiN), peildatum 1 oktober 2024. OiN beheert een real time databestand met gegevens van alle gekozen en benoemde ambtsdragers in Nederland. Leeftijd en opleiding zijn nog niet voor alle ambtsdra¬gers bekend. De informatie daarover berust op een valide steekproef uit het bestand. De overige gegevens hebben betrekking op het volledige bestand. Actuele (maandelijks geactualiseerde) informatie over de samenstelling van de vertegenwoordigende en bestuurlijke organen is te vinden op www.staatvanhetbestuurdashboard.nl.
Staat van het Bestuur 2024
57
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke
Samenstelling gemeenteraden en colleges naar partij De huidige gemeenteraden en colleges van burgemeester en wethouders zijn tot stand gekomen na de gemeenteraadsver kiezingen van 2022. Het aantal partijen per gemeenteraad neemt al geruime tijd toe. In 2010 telden de gemeenteraden nog ongeveer 6,8 partijen per gemeenteraad, in 2022 bedroeg dat 8 partijen. De toename van het aantal partijen in de raad lijkt zich
vooral in grotere gemeenten voor te doen.120 Het aantal partijen in de raden stijgt niet alleen na verkiezingen, maar ook tussentijds. Sinds de installatie van de nieuwe gemeenteraden na de verkiezingen in maart 2022 en 1 oktober van 2024 hebben er al 121 afsplitsingen plaatsgevonden, waardoor nieuwe fracties zijn ontstaan.121
Tabel 3.1 Versnippering van gemeenteraden van 2006-2022 Jaar
Gemiddeld aantal partijen
Gemiddeld percentage zetels grootste partij
Gemiddelde effectief aantal politieke partijen
2006
6,24
31%
4,86
2010
6,79
28%
5,39
2014
7,08
28%
5,62
2018
7,65
28%
5,85
2022
8
28%
5,98
Bron: BPA 2024
De gemiddelde fractie heeft iets meer dan drie leden; ongeveer één op de vijf fracties bestaat uit één lid.122 Dit betekent dat vrij kleine fracties onderling het raadswerk moeten verdelen en gezamenlijk het college moeten controleren. Van de raadsleden vertegenwoordigt in 2024 41 procent een lokale partij. Na de lokale partijen volgen CDA (13 procent) en VVD (12 procent). Deze verhouding zien we ook terug in de colleges van burgemeester en wethouders. Lokale partijen leveren met 39 procent de meeste wethouders. 16 procent van de wethouders komt van het CDA en 13 procent van de VVD.
5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
S. Otjes, ‘Een versplinterde gemeenteraad. Het nieuwe normaal?’, in De Hofvijver, jaargang 8, nummer 84. Overheid in Nederland, Overzicht gesplitste partijen, november 2024. 122 S. Otjes, ‘Een versplinterde gemeenteraad. Het nieuwe normaal?’, in De Hofvijver, jaargang 8, nummer 84. 120 121
Staat van het Bestuur 2024
58
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
Figuur 3.2 Verdeling van raadsleden en wethouders naar partij in 2024 (in % van het totale aantal) 45
41%
40
39%
35 30 25 20
16% 12%13% 13%
15 10 5 0
1% 1% SGP/CU
1% FvD
1%
1%
1% 1%
2% 1%
PVV
PvdD
GL-PvdA
SP
3% 3%
4% 3%
SGP
CU
Raadsleden Bron: Overheid in Nederland, 1-10-2024
Profiel populatie raadsleden en wethouders naar leeftijd en geslacht De samenstelling van de populatie gemeenteraadsleden en wethouders is over de gehele linie bezien redelijk eenzijdig. Lokale ambtsdragers zijn in meerderheid man, boven de vijftig jaar oud en hoogopgeleid. Van de raadsleden is 67 procent man en 33 procent vrouw. Hoe kleiner een gemeente, hoe ouder de raadsleden. De gemiddelde leeftijd van raadsleden in Nederland is 53,5 jaar.
6% 6%
GL
Wethouders
6%
8%
PvdA
7% 8%
D66
VVD
CDA
Lokaal
Staat van het Bestuur 2024
59
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
Figuur 3.3 Leeftijdsverdeling raadsleden en wethouders 2024 Leeftijdsverdeling raadsleden n=8487 97 (5%) 4088 (48%)
459 (33%)
170 (12%)
718 (8%) 220 (16%) 1050 (12%)
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
25 (2%) 577 (7%)
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Leeftijdsverdeling wethouders n=1405
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
1657 (20%) 18 tot 30 jaar
31 tot 40 jaar
41 tot 50 jaar
282 (20%)
1657 (20%) 51 tot 60 jaar
60 jaar of ouder
Onbekend
Bron: Overheid in Nederland, 1-10-2024
Van de wethouders is 73 procent man, 27 procent vrouw en heeft 85 procent een hogere opleiding. Ze zijn iets jonger dan de raadsleden. De gemiddelde leeftijd van wethouders is 51,8. Ook hier geldt dat wethouders in kleinere gemeenten gemiddeld ouder zijn dan in grotere. Sinds de verkiezingen in 2018 is voor het eerst in Nederland het aandeel vrouwen in de gemeenteraden hoger dan 30 procent en na de verkiezingen in 2022 steeg dit percentage tot 35. In 2024 is dit door tussentijds vertrek iets gedaald tot 33 procent. De gemeenteraden in Nederland zijn dus geen afspiegeling van de totale bevolking op basis van geslacht. De mate waarin dit zo is, verschilt onder andere per gemeente. Het aandeel vrouwen in gemeenteraden en colleges hangt samen met gemeentegrootte. Hoe groter de gemeente, hoe meer vrouwelijke raadsleden en wethouders. Ook zijn er grote verschillen tussen partijen. Voor de Partij voor de Dieren en GroenLinks zitten meer vrouwen dan mannen in de raad. De andere partijen hebben minder vrouwelijke raadsleden dan mannelijke. De SGP en JA21 hebben geen vrouwelijke raadsleden. Daarnaast hebben 50PLUS (11 procent) en DENK (15 procent) naar verhouding de minste vrouwelijke raadsleden in de partij.
Tabel 3.2 Verdeling mannelijke en vrouwelijke raadsleden per partij Politieke Partij
Man
Vrouw
50PLUS
89%
11%
CDA
71%
29%
CU
67%
33%
D66
62%
38%
DENK
85%
15%
FvD
74%
26%
GL
49%
51%
JA21
100%
0%
PvdD
43%
57%
PvdA
61%
39%
PVV
75%
25%
SGP
100%
0%
SP
65%
35%
VVD
69%
31%
Lokale partij
69%
31%
Bron: Overheid in Nederland, 1-10-2024
Staat van het Bestuur 2024
60
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
Zittingsduur Figuur 3.4 Zittingsduur raadsleden en wethouders123 Leeftijdsverdeling raadsleden n=8487
Leeftijdsverdeling wethouders n=1405
60%
59%
60% 52%
40%
40% 25%
23% 17%
20%
20% 10%
7%
6% 0%
<1 jaar
1-4 jaar
4-8 jaar
>8 jaar
0%
<1 jaar
1-4 jaar
4-8 jaar
Bron: Overheid in Nederland 2024
Zoals de bovenstaande figuren laten zien, is de meerderheid van de wethouders en meer dan de helft van de raadsleden kortgeleden aangetreden. Dit is terug te voeren op de gemeenteraadsverkiezingen in 2022, die een aanzienlijke vernieuwing in de bemensing van het lokaal bestuur hebben teweeggebracht. De langstzittende raadsleden, acht jaar of langer ononderbroken, zijn in meerderheid man (74 procent). Van de wethouders die acht jaar of langer in functie zijn, is 86 procent man. De SGP heeft de meeste raadsleden die acht jaar of langer actief zijn in de raad (31 procent), gevolgd door de ChristenUnie (21 procent) en de lokale partijen (20 procent).
De burgemeester De burgemeester wordt benoemd door de Kroon op aanbeveling van de gemeenteraad. De commissaris van de Koning heeft daarbij een procedurele rol. De benoeming is voor zes jaar, maar de burgemeester kan één of meer keren voor een periode van die duur worden herbenoemd. Bij langdurige ziekte of een vacature benoemt de commissaris van de Koning een tijdelijke waarnemer.124 Bij de burgemeesterspopulatie is de groei van het aandeel lokale politieke partijen nog niet terug te zien. 26 procent Is van het CDA, 28 procent van de VVD en 20 procent van de PvdA. Slechts 5 procent komt uit een lokale partij; daarnaast is 6 procent van de burgemeesters niet gebonden aan een politieke partij.
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
>8 jaar
123 124
Hierbij zijn raadsleden en wethouders gedurende hun zittingsperiode niet noodzakelijk altijd afgevaardigde van dezelfde politieke partij. De cijfers in deze paragraaf hebben zowel betrekking op de door de Kroon benoemde burgemeesters als op de waarnemend burgemeesters.
Staat van het Bestuur 2024
61
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
3
Aantal burgemeesters per politieke partij 30%
30% 25%
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
20%
16% 10%
13% 8%
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
0%
3% VVD
CDA
PvdA Lokaal
3%
2%
D66 Christen Groen Unie Links
SGP
1% SP
Bron: Overheid in Nederland, 1-10-2024
Figuur 3.6 Leeftijd en zittingsduur burgemeesters N = 341
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
Van de burgemeesters is 69 procent man en 31 procent vrouw. Vergeleken met 2020 is het aandeel van vrouwelijke burge meesters gegroeid met 4 procent. Vrouwelijke burgemeesters zijn vooral te vinden in de kleinere gemeenten tot 50.000 inwoners. Wat betreft politieke kleur zijn de burgemeesters van GroenLinks (56 procent), PvdA (42 procent) en D66 (41 procent) vaker vrouw dan die van andere partijen. Van de burgemeesters heeft 84 procent een opleiding op hbo- of wo-niveau. Zij zijn gemiddeld 55,5 jaar oud. 34 Procent is ouder dan 60 jaar. De oudste burgemeester is 70 jaar en de jongste is 31 jaar. In de grotere gemeenten is de burgemeester ouder dan in de kleinere. Bijna de helft van het huidige burgemeesterskorps is redelijk kort in functie in de huidige gemeente, minder dan vier jaar.
Figuur 3.5 Aantal burgemeesters per politieke partij
N = 341
5% 18%
16%
18%
34%
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke
28%
5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
38% 43% 31 tot 40 jaar
41 tot 50 jaar
<1 jaar
1-4 jaar
61 tot 60 jaar
60 jaar of ouder
4-8 jaar
>8 jaar
Bron: Overheid in Nederland, 1-10-2024
Staat van het Bestuur 2024
62
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
3
Het openbaar bestuur in functie
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius 3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
Burgemeester onder de loep Onderzoekers constateren dat het burgemeestersambt steeds meer onder druk komt te staan.125 Diverse maatschappelijk-politieke en bestuurlijk-juridische ontwikkelingen zorgen voor de spanningen tussen de verschillende rollen van de burgemeester, hoewel zij daar nu in het algemeen nog goed mee om weten te gaan. Het werk is omvangrijker en complexer geworden, zeker in grotere gemeenten. Het betreft dan onder meer de uitbreiding van het gemeentelijk takenpakket, de financiële druk op gemeenten, de complexe (regionale) bestuurlijke context, maatschappelijke polarisatie, politieke fragmentatie, de toename van nieuwe partijen en wethouders, meer aandacht voor openbare orde en veiligheid en de gegroeide aandacht voor integriteit en integriteits-
Wie wil er nog burgemeester worden? Runderkamp en Otjes verrichtten onderzoek naar aanleiding van signalen dat er minder mensen reageren op vacatures voor vrijkomende burgemeestersposten.126 Hiervoor toetsten zij een reeks aan mogelijke verklaringen, zowel op een kwantitatieve als een kwalitatieve wijze. Zij constateren dat het tijdsperspectief een belangrijke rol speelt in de beoordeling van dit fenomeen. Het aantal sollicitanten ligt anno 2024 op hetzelfde niveau als begin jaren 2000. Runderkamp en Otjes concluderen dat de krapte op de arbeidsmarkt de belangrijkste verklaring is voor de daling van het aantal sollicitanten. Ze zien geen aanwijzingen dat groeiende veiligheidsrisico’s van het ambt reden is voor de gestage daling van het aantal sollicitanten. Wel plaatsen de onderzoekers vraagtekens bij informele norm van ‘instapgemeenten’ - gemeenten met minder dan 40.000 inwoners waar mensen zonder ervaring als burgemeester kunnen solliciteren - en ‘doorgroeigemeenten’ - grotere gemeenten waar ervaring als burgemeester nodig zou zijn om aangenomen te worden. Dit geeft de impliciete boodschap aan potentiële sollicitanten dat zij niet hoeven te reageren. Tenslotte wijzen zij op het potentieel van een meer op diversiteit gericht aannamebeleid.
Er zijn geen verschillen in de ambitie om burgemeester te worden tussen raadsleden en wethouders met en zonder migratieachtergrond of tussen mannen en vrouwen - maar tegelijkertijd worden vertegenwoordigers van deze groepen minder vaak burgemeester.
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
kwesties. De genoemde ontwikkelingen hebben de inherente spanningen tussen de verschillende burgemeestersrollen verscherpt, zoals die van raadsvoorzitter, voorzitter van het college, integriteitsbewaker en hoeder van de openbare orde en veiligheid. Met name dit laatste punt maakt die rol politieker en meer geprofileerd. Tot slot zijn er spanningen verbonden met de rol van burgervader of -moeder. Burgemeesters hechten veel belang aan deze rol. Diverse maatschappelijke ontwikkelingen hebben tot gevolg dat deze rol meer tijd en energie van hen vraagt en soms lastiger te combineren is met andere burgemeestersrollen. Inwoners vinden de burgervader- of moederrol van hun burgemeester het belangrijkst, blijkt uit een burgerpeiling in het kader van dit onderzoek, maar ze zouden er wel meer van willen zien.
3.1.2 Ondersteuning en toerusting gemeenteraad Gemeenteraadsleden kunnen een beroep doen op meerdere vormen van ondersteuning. Er is een griffie, die de raad als geheel faciliteert, raadsleden kunnen een beroep doen op bijstand uit het ambtelijk apparaat van de gemeente en er zijn budgetten voor fractieondersteuning, opleiding en ontwikkeling.
In opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties monitort Sira de budgetten die direct bestemd zijn voor ondersteuning van gemeenteraden.127 Daaruit blijkt dat het totale budget voor raadsondersteuning (de som van budgetten voor de griffie, de rekenkamer(-functie), de fractieondersteuning en het enquêterecht) uiteenloopt van 100.000 euro voor
Marcel Boogers e.a., Te veel van het goede? De staat van het burgemeestersambt anno 2020, Universiteit Twente, 2021. Z. Runderkamp en S. Otjes, Wie wil nog burgemeester worden? Onderzoek naar het dalende aantal sollicitanten voor burgemeestersvacatures, Leiden, 2025. 127 Sira Consulting, Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning. Driejarig onderzoek naar de budgetten voor de ondersteuning van gemeenteraden en provinciale staten, Den Haag, 2024. 125
126
Staat van het Bestuur 2024
63
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
2
Inwoners en het openbaar bestuur
3
Het openbaar bestuur in functie
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius 2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius 3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
gemeenten tot 5.000 inwoners tot 10.400.000 euro voor gemeenten vanaf 250.000 inwoners. Vertaald naar inwoners betekent dit bedragen tussen 10 en 15 euro per inwoner. Het gemiddelde is €12,76 per inwoner. Uitgesplitst naar ondersteuningsvorm gaat het om de volgende bedragen: • Rekenkamer(-functie): tussen €0,88 en €2,38 per inwoner. Het gemiddelde is €1,31. • Griffie: tussen €8,22 en €14,06 per inwoner. Het gemiddelde is €9,97. • Fractieondersteuning: tussen €0,50 en €3,71 per inwoner. Het gemiddelde is €1,32. • Enquêterecht: tussen €0,00 en €0,66 per inwoner. Het gemiddelde is €0,16. Gekeken naar het budget voor raadsondersteuning als percentage van het aandeel van het totaal beschikbare budget voor het bestuur van de gemeente ligt dit tussen 12 procent en 23 procent. Nader inzoomend op de ondersteuning door de griffie blijkt die in de praktijk in veel gevallen vrij bescheiden. Raadsgriffies hebben in een al wat oudere inventarisatie gemiddeld 2,85 fte tot hun beschikking, waarbij de omvang gelijk opgaat met de omvang van de gemeente.128 Uit een recenter gezamenlijk onderzoek van de rekenkamers blijkt dat in de kleinere gemeenten de gemiddelde begrote formatie van de griffie in 2022 is gegroeid naar gemiddeld 2,2 fte.129 Gemeenten met meer dan 100.000 inwoners zaten volgens datzelfde onderzoek op een gemiddelde begrote omvang van de griffie van 11 fte.
Er lijkt dus de laatste jaren wel enige groei te hebben plaatsgevonden. Van de mogelijkheid om een beroep te doen op ambtelijke bijstand maken gemeenteraden in ongeveer 70 procent van de gemeenten gebruik.130 Dit gaat in veel gevallen
om het inwinnen van feitelijke informatie, maar ook bij het opstellen van een initiatiefvoorstel, amendement of motie wordt wel een beroep gedaan op het ambtelijk apparaat. Deze ambtelijke bijstand komt vrijwel altijd tot stand via een verzoek aan de griffie, niet altijd geformaliseerd, maar vaak via informele lijnen. Ook zijn er regelmatig rechtstreekse contacten tussen gemeenteraadsleden en het ambtelijk apparaat. Naarmate het meer gaat om serieuze (uren-)inzet vanuit het apparaat, liggen er meer formele verzoeken aan ten grondslag. Om de gemeenteraad te ondersteunen bij zijn controlerende taken wordt in elke gemeente een rekenkamerfunctie ingevuld. Deze rekenkamerfunctie is in gemeenten verschillend georganiseerd, als zelfstandige reken kamer, als rekenkamercommissie of als gemeenschappelijke rekenkamer of –commissie, samen met andere gemeenten. In 2020 vulden 323 gemeenten hun rekenkamerfunctie in, waarvan er 79 met elkaar samenwerkten in een gemeenschap pelijke voorziening.131 In 32 gemeenten was geen rekenkamer functie actief.132 De rekenkamerfuncties zijn actiever naarmate de gemeente groter is. Naast budgetten voor collectieve (raads- en fractie-) ondersteuning kent een derde van de gemeenten ook een persoonlijk opleidings- of ontwikkelbudget voor raadsleden.133 Dit kunnen zij desgewenst besteden naar hun eigen individuele ontwikkelbehoefte.
In vier van de tien gemeenten die een dergelijk budget hebben, is dit lager dan 500 euro per raadslid. In nog eens drie van de tien gemeenten gaat het om een budget tussen 500 en 1.000 euro. In de praktijk wordt er echter weinig gebruikgemaakt van deze mogelijkheden. Acht van de tien gemeenten met dit budget geeft aan dat maximaal een kwart van hun raadsleden een beroep erop doet. Driekwart van de gemeenten met een persoonlijk budget geeft aan niet meer dan een kwart ervan te besteden.
M. van Hulst e.a., Griffier in de gemeente geschetst. Het ambt anno 2016 (in opdracht van de Vereniging van Griffiers), Tilburg University en Radboud Universiteit Nijmegen, 2016. 129 PBLQ/NVRR, Over de ondersteuning van de volksvertegenwoordiging. De bevindingen uit het DoeMee-onderzoek 2022 in breder perspectief, Den Haag, 2022. 130 Overheid in Nederland, Enquête onder gemeentegriffiers, december 2018. 131 H. van den Broek, Zicht op rekenkamers, Utrecht, 2020. 132 D.w.z. er was er geen of er was er een die al meerdere jaren niet actief geweest is. 133 Overheid in Nederland, Onderzoek naar de ervaringen van gemeentegriffiers met gebruik opleidings- en toerustingsbudget, oktober 2019. 128
Staat van het Bestuur 2024
64
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
2
Inwoners en het openbaar bestuur
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius 2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
Het beeld dat uit de verschillende inventarisaties opdoemt, sluit aan bij diverse adviezen en onderzoeken: raadsleden doen weinig beroep op hulpbronnen en hulptroepen ondanks dat dit hun taak zou kunnen verlichten.134 Zij zijn terughoudend om in hun eigen functioneren te investeren, aansluitend bij een zekere traditie van zuinigheid en om, echte of vermeende, verwijten te voorkomen.
3.1.3 Gebruik van instrumenten door gemeenteraden Aan de Universiteit Leiden is onderzoek verricht naar het gebruik van het beschikbare instrumentarium door gemeenteraden.135 In hoeverre bedienen raadsleden zich van de mogelijkheid om vragen te stellen aan het college en om moties en amendementen in te dienen en welke factoren zijn daarop van invloed? Hiervoor zijn data geanalyseerd uit de drie meest gebruikte raadsinformatiesystemen voor de periode 2018-2022.136 Dit levert informatie op voor 316 van de 342 gemeenten, 89 procent van het toenmalige totaal. In de onderzochte periode dienden raadsleden in deze gemeenten 29.430 moties in en 12.302 amendementen en stelden zij 46.079 schriftelijke vragen. Dit is echter niet in gelijke mate verdeeld over alle gemeenten. De onderzoekers vonden moties in 170 gemeenten, amendementen in 94 gemeenten en schriftelijke vragen in 186 gemeenten. Dit betekent dat lang niet alle gemeenteraden even actief zijn op deze manier. Gemeentegrootte blijkt een belangrijke voorspeller te zijn voor de mate van activiteit van de raad. Zo zijn in de kleinste gemeenten gemiddeld zes moties ingediend en in de grootste gemiddeld 2.183. De onderzoekers concluderen dat het aantal ingediende moties exponentieel lijkt mee te groeien met de gemeentegrootte. Het belang van gemeentegrootte laat zich onderscheiden in twee elementen.
Ten eerste hebben grotere gemeenten meer inwoners, wat tot een grotere vraag aan politieke activiteit kan leiden vanuit een omvangrijkere en complexere gemeenschap. Ten tweede hebben de raden in grotere gemeenten meer zetels waar ook een hogere vergoeding tegenover staat, wat potentieel
een groter aanbod van politieke activiteit oplevert van meer raadsleden met meer tijd. Uit de analyses in het Leidse onderzoek blijkt dat van die twee elementen zeteltal ertoe doet voor alle onderzochte vormen van raadsactiviteit. Inwonertal is ook van belang, maar vooral voor moties, in mindere mate voor het stellen van vragen en niet als zelfstandige factor voor het indienen van amendementen. Het aantal fracties in de gemeenteraad is niet van belang in deze analyse. Er is geen verschil in activiteit gevonden tussen gemeenteraden met veel en die met weinig fracties. De toenemende fragmentatie in de raden lijkt dus geen effect te hebben op de inzet van het instrumentarium. Ook het type college in termen van politieke omvang of van het werken met of zonder raadsakkoord heeft niet of nauwelijks effect. Op basis van de analyses komen Vos en Otjes met een schatting van de activiteit van de gemiddelde gemeenteraad per jaar en zetten zij die naast de inzet van vergelijkbare instrumenten in de landelijke politiek. Gemiddeld dienden raadsfracties 18 amendementen per jaar in; 18 procent van de instrumenten die raads fracties inzetten, zijn amendementen.137 In de Tweede Kamer worden amendementen relatief minder vaak ingezet dan in de gemeenteraad: slechts 9% van de instrumenten die de Tweede Kamer inzet, zijn amendementen.
Per jaar worden in gemeente raden gemiddeld 29 moties ingediend; 29 procent van de voorstellen zijn moties. In de Tweede Kamer wordt veel meer gebruik gemaakt van de motie. Daar is 53 procent van de ingezette instrumenten motie. Gecombineerd betekent dit dat in een gemeenteraad gemiddeld eens in de week een voorstel wordt ingediend in de vorm van een motie of een amendement. Net minder de helft van de instrumenten die de gemiddelde raad inzet zijn moties of amendementen; in de Tweede Kamer is dit 62 procent. Per jaar worden er in een gemiddelde raad 54 vragen gesteld. Dat is dus, net als inhoudelijke voorstellen, eens per week.
Zoals geconstateerd in P. Paulides, H. Binnema, G. Boogaard, Eigenstandig en (on)afhankelijk Nieuwe spelregels voor sterkere griffie(r)s, 2023. T. Vos, S. Otjes, Het gebruik van instrumenten door gemeenteraden, tussenrapportage voor het ministerie van BZK, Instituut Politieke Wetenschap, Universiteit Leiden, 2022. 136 Ibabs, Notubiz en Gemeenteoplossingen. 137 Hierbij kan worden aangetekend dat de Tweede Kamer slechts wetten kan amenderen, terwijl gemeenteraden allerlei raadsvoorstellen kunnen amenderen. 134 135
Staat van het Bestuur 2024
65
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
2
Inwoners en het openbaar bestuur
3
Het openbaar bestuur in functie
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius 2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius 3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke
Vragen hoeven niet te raken aan de raadsagenda en anders dan moties en amendementen hoeven ze ook geen positieve oplossing te bieden voor het probleem. Dit instrument is dus het minst arbeidsintensief. Meer dan de helft van de instrumenten die in een gemeenteraad worden ingezet, zijn vragen. In de Tweede Kamer is dit 38 procent. Een gemeenteraad gebruikt haar middelen in vergelijking met de Tweede Kamer relatief weinig: eens per week een inhoudelijk voorstel (motie en amendement) en eens per week een schriftelijke vraag. De Kamer maakt hier honderden keren vaker gebruik van. Het arbeidsintensieve middel ‘amen dement’ wordt echter vaker ingezet in gemeenteraden dan in de Tweede Kamer, net als het minder arbeidsintensieve middel van het stellen van vragen.
3.1.4 Beleving en rolvervulling gemeentelijke ambtsdragers Eind 2024 verscheen de derde Basismonitor Politieke Ambtsdragers, voor deze editie geheel gewijd aan het gemeentelijk niveau.138 Deze monitor geeft inzicht in de achtergronden, motieven, beleving en ambtsopvattingen van decentrale politieke ambtsdragers. Uit de monitor blijkt dat veel gemeenteraadsleden, wethouders en burgemeesters plezier hebben in hun werk. Zij ervaren het ambt als aansprekend en uitdagend en zijn over het algemeen tamelijk tevreden over het functioneren van de lokale democratie. Deze bevinding gaat volgens de onderzoekers in tegen het veelgehoorde verhaal dat hun ambt niet aantrekkelijk zou zijn. Raadsleden waarderen hun ambt gemiddeld met een 7,3,
wethouders met een 7,8 en burgemeesters zelfs met een 8,2. Dat werkplezier doet ertoe, omdat het een belangrijke factor is om de huidige positie te blijven bekleden.
Werkdruk en tijdsbesteding Ondanks het algemene beeld van tevredenheid zijn vooral raadsleden maar matig tevreden met de werkdruk en werk- privébalans van hun functie. Vrouwelijke en jongere raadsleden en leden van kleine fracties ervaren de meeste werkdruk. Raadsleden besteden gemiddeld 20 uur per week aan hun werkzaamheden voor het ambt (2019: 19 uur per week). Voor wethouders en burgemeesters is de gemiddelde tijds besteding 56 uur in de week; meer dan een voltijdsbaan (2019: 54 resp. 58 uur per week). Hoe groter daarbij de gemeente, des te meer tijd raadsleden, wethouders en burgemeesters aan hun ambt besteden. Dit zijn geen nieuwe bevindingen, maar blijkbaar zit er ook geen verbetering in. Meer dan de helft van de tijd die raadsleden aan hun ambt besteden, gebruiken zij om te verga deren of die vergaderingen voor te bereiden. Ook wethouders en burgemeesters besteden een substantieel deel van hun tijd aan vergaderingen van raad, college en fractie; namelijk ongeveer een kwart. Verder besteden zij vooral veel tijd aan contact met het ambtelijk apparaat. Een kwart van hun tijd benutten raadsleden aan contacten in de samenleving, voor wethouders en burgemeesters is dat ongeveer een vijfde.
5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering
138
H. Vollaard (red.), Aansprekend en uitdagend. Raadsleden, wethouders en burgemeesters over hun ambt in de Basismonitor Politieke Ambtsdragers 2024, Utrecht, 2024. Paragraaf 3.1.4 is gebaseerd op dit rapport.
Staat van het Bestuur 2024
66
Staat van het Bestuur 2024 Inleiding 1
Inwoners van Nederland
1.1 Wie zijn de inwoners? 1.2 Wat doen de inwoners? 1.3 Hoe is het leven in Nederland? 1.4 Wat betekent dit voor het openbaar bestuur? 1.5 Bonaire, Saba, Sint-Eustatius
2
Inwoners en het openbaar bestuur
2.1 Democratie als fundament van de samenleving 2.2 Hoe kijken inwoners naar de democratie? 2.3 Inwoners en de decentrale democratie 2.4 Wat doen inwoners in de democratie? 2.5 Tevredenheid van inwoners met het decentraal bestuur 2.6 Bonaire, Saba, Sint Eustasius
3
Het openbaar bestuur in functie
3.1 Gemeenten 3.2 Provincies 3.3 Waterschappen 3.4 Beleving en rolvervulling ambtsdragers in provincies en waterschappen 3.5 Regionale samenwerkingsverbanden 3.6 Hoe ziet het openbaar bestuur op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius eruit? 3.7 Financiën van de Openbare Lichamen Bonaire, Saba en Sint-Eustatius
4 Openbaar bestuur in beweging: thema’s in het decentraal bestuur
4.1 Agressie tegen decentrale politieke ambtsdragers 4.2 Integriteit en criminele beïnvloeding 4.3 Diversiteit in het decentraal bestuur 4.4 Participatiebeleid op decentraal niveau 4.5 Interbestuurlijke verhoudingen
5 Themahoofdstuk: de eenheid van het Huis van Thorbecke 5.1 Inleiding 5.2 De thermometer 5.3 De eenvormigheid van de regio 5.4 De thermometer revisited 5.5 Afsluiting
6
De balans opgemaakt
6.1 Democratie en pluralisme 6.2 Vertrouwen niet eenduidig 6.3 Zelfstandig karakter decentraal bestuur slecht zichtbaar 6.4 De mensen in het bestuur: tevreden, gemotiveerd, druk en eenzijdig 6.5 Fragmentatie en verloop in het decentraal bestuur 6.6 Dilemma’s van democratisch besturen 6.7 Sterk bestuur vraagt mensen en middelen 6.8 Decentralisatie en regionalisering