3.2 Rvs jaarrekening 2021 bijlage 1 jaarstukken
Tekst van het document
Het betrekken van inwoners, ondernemers en organisaties bij onderwerpen die spelen in onze gemeente zorgt in veel gevallen voor meer draagvlak. We hebben het afgelopen jaar wel gezien dat de verschuiving van fysieke naar online
51
3.
JAARVERSLAG 2021 PROGRAMMA 4: BESTUUR
participatie meer tijd en inzet vraagt. Er zit ook een grens aan online overleggen: er is een moment in elk proces dat fysiek bijeenkomen nodig is om ècht verder te komen. Het pakket Wind in de zeilen vraagt ook veel aandacht op het gebied van externe communicatie. Wij hebben in afstemming met het Rijk en de provincie een kernboodschap opgesteld. Daarnaast adviseren we de andere betrokken overheidsorganisaties, die verder van de inwoners af staan, over de lokale kennis en ervaring. We zoeken continue naar samenhang in de communicatie tussen de verschillende fiches. Op deze manier willen wij het pakket Wind in de zeilen steeds zichtbaar en concreet maken voor de inwoners van Vlissingen en Zeeland. Wij hebben in 2021 een Visie op Dienstverlening 2022-2025 vastgesteld. Op basis van deze visie wordt een ontwikkelprogramma opgezet. De visie met heldere klantbeloften geeft de komende jaren richting aan de invulling van de dienstverlening door onze gemeente en de doorontwikkeling van de organisatie en medewerkers. Wij stellen inwoners en ondernemers centraal in de dienstverlening van onze gemeente. Vanuit eerdere actieplannen zijn er de voorbije jaren verschillende activiteiten opgezet. Zo is in 2021 een vervolg gegeven aan de campagne 'Gastvrij Vlissingen', waarbij meer dan 220 medewerkers inmiddels trainingen gevolgd hebben.
Wij hebben daarnaast verschillende klantreizen laten uitvoeren, waarin samen met de inwoners en ondernemers vanuit hun perspectief is gekeken naar de levering van onze diensten. Ook is een digitaal klantenpanel ontwikkeld dat in 2022 in gebruik zal worden genomen. 3.4.2 WAT HEBBEN WE DAARVOOR GEDAAN? 3.4.2.1 Strategische visie Met onze inwoners, instellingen en bedrijven stellen we een nieuwe strategische visie voor Vlissingen op, opdat we gericht kunnen werken aan wat we gezamenlijk belangrijk vinden voor onze gemeente. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
Toelichting
Een strategische visie voor Vlissingen 2040 voorleggen aan de gemeenteraad.
3.4.2.2 Resultaatsturing verstrekte subsidies Samenwerken met inwoners, ondernemers en organisaties levert synergie op. Om die reden subsidiëren we soms externe partijen, zodat zij hun doelstellingen kunnen nastreven. Vanaf 2022 willen we de inzet van die uitvoerende partijen wel nadrukkelijker gaan beoordelen op de mate waarin de gewenste maatschappelijke effecten daadwerkelijk worden bereikt. Hiertoe gaan we in 2021 het subsidiebeleid aanpassen. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
Vernieuwd subsidiebeleid vaststellen.
Toelichting De mogelijke introductie van meer effect gestuurd subsidiëren is opgeschort in afwachting van de herstructurering van (de financiering van) het Sociaal Domein waarbij o.a. de afweging wordt gemaakt tussen subsidiëren en inkoop.
3.4.2.3 Burgerparticipatie We zetten gestructureerd in op burgerparticipatie zodat we 'Samen zijn we Vlissingen' ook echt handen en voeten kunnen geven.
52
3.
JAARVERSLAG 2021 PROGRAMMA 4: BESTUUR
Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
We gaan meer naar mensen toe om informatie op te halen en samen te werken. Mede in het licht van de nieuwe Omgevingswet en de Strategische Visie beproeven we nieuwe manieren van participatie en zetten we creatieve (digitale) middelen en werkmethodes in. In 2021 doen we de eerste ervaringen op met een digitaal platform. Deze methodiek wordt bij minimaal 4 projecten ingezet; 1 per kwartaal. In december 2021 vindt de eerste evaluatie van het platform plaats.
Toelichting Vanwege extra onderzoeken in het kader van informatiebeveiliging en privacybescherming heeft de implementatie van het digitaal platform vertraging opgelopen. De ambitie om deze methodiek bij minimaal 4 projecten in te zetten is dan ook niet gehaald. De eerste evaluatie van het digitaal platform kon daardoor ook niet meer in 2021 plaatsvinden
3.4.2.4 Klantreizen Om de dienstverlening naar een hoger niveau te tillen worden van de verschillende producten en diensten klantreizen gemaakt. Een klantreis is de visualisatie die een inwoner en ondernemer van de gemeente Vlissingen maakt langs de verschillende contactmomenten en de ervaringen die hij daarbij beleeft. In 2022 wordt een vervolg gegeven aan de klantreizen. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
Samen met de inwoners en ondernemers wordt de visualisatie gemaakt van de beleving die zijhebben bij een product; dit is de‘klantreis’. Waar nodig worden er aanpassingen gedaan in hetdesbetreffende proces van afhandeling.
Toelichting Vanwege de noodzakelijke herprioritering van taken zijn in 2021 niet alle klantreizen door de verschillende teams uitgevoerd. Datzelfde geldt voor de verwerking van alle verbeterpunten uit de vorige klantreizen.
3.4.2.5 Hostmanship ‘Gastvrij Vlissingen’ Met het initiatief ‘Gastvrij Vlissingen’ willen wij de organisatie en haar medewerkers handvatten bieden om gastvrijheid vorm te geven. Wij zetten hiervoor trainingen en workshops in en organiseren gesprekken tussen inwoners, ondernemers en ambtenaren in de stad. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
Toelichting
Met inzet van trainingen en workshops medewerkers handvatten geven om gastvrijheid vorm te geven.
3.4.2.6 (Digitaal) klantenpanel In een nieuw te ontwikkelen klantenpanel gaat de gemeente in dialoog met de inwoners en ondernemers. Vanuit de participatie-gedachte is dit (digitaal) platform een plek waar Vlissingers en ondernemers gevraagd en ongevraagd informatie kunnen uitwisselen en gezamenlijk bijdragen aan een betere dienstverlening en een scherp productaanbod. Daarnaast zorgt het voor een goede binding met onze inwoners en ondernemers. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
We bieden inwoners en ondernemers de mogelijkheid om regelmatig deel te nemen aan een (digitaal) klantenpanel.
Toelichting De ontwikkeling en inrichting van het systeem heeft door noodzakelijke herprioritering vertraging opgelopen, maar is eind 2021 afgerond. De planning is nu, dat eind Q2 2022 een eerste test met het digitaal klantenpanel uitgevoerd wordt. Daarna kan het in gebruik worden genomen.
3.4.2.7 Actualisatie visie op dienstverlening Vanuit de huidige visie op Dienstverlening is in 2019 een gericht actieplan ‘Bouwen aan Dienstverlening 2019-2022 opgesteld. Dit actieplan bevat verschillende bouwstenen zoals Gastvrij Vlissingen, Digitale Dienstverlening om de dienstverlening van de gemeente naar een hoger niveau te brengen. Daarmee is een grote kwaliteitsslag in onze dienstverlening aangebracht.
53
3.
JAARVERSLAG 2021 PROGRAMMA 4: BESTUUR
Echter de doorontwikkeling van de gemeentelijke dienstverlening gaat in rap tempo. Het is daarnaast ook belangrijk om de visie op dienstverlening in samenhang te brengen met andere visies, zoals de strategische visie maar ook de toekomstige visie op omnichannel vanuit VNG. Bij omnichannel draaien de (offline en online) kanalen als het ware om de inwoner heen en die vervolgens zelf kiest welk kanaal hij wil gebruiken. Gemeente Vlissingen is een van de deelnemers in de zogeheten koplopergroep VNG op het gebied van omnichannel. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
Toelichting
Inwoners en ondernemers krijgen op een klantvriendelijke en servicegerichte wijze producten en diensten geleverd
3.4.2.8 Burgerzaken Zie voor het onderdeel Burgerzaken de paragraaf 3.4.2.9 Continue taken. 3.4.2.9 Continue taken Van de taken die we continu uitvoeren, willen we er een aantal onder uw aandacht brengen. Hieronder geven wij u een overzicht*. Wat gaat het College daarvoor doen in 2021?
Status
Toelichting
Bestuurlijke samenwerking Burgerzaken - Verkiezingen Griffie - Gemeenteraad Subsidieverwerving Arbeidsmarktcommunicatie Burgerparticipatie. Bij beleidsontwikkeling en projecten leggen we als onderdeel van onze standaard werkwijze ook vast op welke manier participatie mogelijk is en op welk niveau van de participatieladder. De manier van participatie wordt afgestemd op de doelgroep en het onderwerp. We maken gebruik van diverse participatie methodieken, waaronder het nieuw te introduceren digitale platform. Deze manier van werken is verankerd in de werkwijze van de medewerkers. Aanvullend hierop spelen de wijkcoördinatoren een verbindende rol tussen de samenleving en onze organisatie.
Participatie maakt standaard onderdeel uit van beleidsontwikkeling. Zie ook 3.4.1. 'Wat wilden we bereiken'. Voor wat betreft het digitaal platform heeft de implementatie vertraging opgelopen vanwege extra onderzoeken in het kader van informatiebeveiliging en privacybescherming.
De audio-visuele voorzieningen in de raadzaal worden in 2021vervangen. Er wordt tevens een plan gemaakt om ook het interieur van de raadszaal te vernieuwen.
* Dit overzicht is niet limitatief
54
Dit plan wordt in 2022 gemaakt.
3.
JAARVERSLAG 2021 PROGRAMMA 4: BESTUUR
3.4.3 WAT HEEFT HET GEKOST? In het onderstaande overzicht hebben we de geraamde (begroting inclusief begrotingswijziging) en werkelijke (rekening) lasten en baten opgenomen.
Exploitatie (bedragen * € 1.000)
Begroting na wijziging Lasten
Baten
Rekening
Verschil
Lasten
Baten
(A) Bestuur
4.422
534
Verschil tussen begroting en rekening Verschil (B)
3.888
3.673
664
(A-B) 3.009
879
In hoofdstuk 4.7 Toelichting op het overzicht van baten en lasten geven we op productniveau een toelichting op het resultaat per programma. 3.4.4 INVESTERINGEN In het onderstaande overzicht staan de in 2021 onderhanden kredieten. Wij verwachten dat de restanten op de kredieten voldoende zijn om de investeringen uit te voeren. Wanneer dit niet het geval is dan lichten wij dit toe (zie laatste kolom). In de kolom 'afsluiten' geven we aan of we de kredieten in het lopende jaar hebben afgesloten. Indien we hier niets vermelden, loopt het krediet nog door naar het volgende jaar.
Omschrijving
Begroot
Werkelijk t/m 2021
150
109
41
28
150
109
41
28
Vervangen BRP-applicatie
Restant Afsluiten
Werkelijk 2021
Overschrijding
3.4.5 RESERVES EN VOORZIENINGEN In onderstaand overzicht zijn de op dit programma betrekking hebbende reserves en voorzienigen weergegeven. Daar waar besluitvorming over de aanwending van een bestemmingsreserve heeft plaatsgevonden, is dat opgenomen onder de claims. Reserves / voorzieningen
Stand per 1/1 Toevoeging
Onttrekking
Stand per 31/12
Claimbedrag
(bedragen x € 1.000) Reserve frictiekosten overig Reserve organisatie doorontwikkeling
853
-
18
834
834
-
550
-
550
550
Algemene reserve
-94.468
19.290
18.832
-94.010
-94.010
Totaal reserves
-93.616
19.840
18.850
-92.626
-92.626
Voorziening pensioenbijdr. Wethouders
4.845
31
322
4.554
4.554
Voorziening wachtgeld oudbestuurders
15
-
15
-
-
Totaal voorzieningen
4.860
31
337
4.554
4.554
Programma Bestuur
-88.756
19.871
19.187
-88.072
-88.072
De mutaties van de reserves en voorzieningen lichten we in hoofdstuk 4.5 Toelichting op de balans (onderdeel bestemmingsreserves en voorzieningen). De mutaties op de reserves zijn incidenteel.
55
3.
JAARVERSLAG 2021 PROGRAMMA 4: BESTUUR
Aan de algemene reserve hebben we ook het resultaat van de jaarrekening 2020 ad € 23.856.819 toegevoegd. Deze toevoeging loopt niet via mutaties reserves.
56
3.
JAARVERSLAG 2021 OVERHEAD
Om de raad op eenvoudige wijze meer inzicht te geven in de totale kosten van de overhead voor de gehele organisatie en ook meer zeggenschap over die kosten te geven, is voorgeschreven dat in het programmaplan een apart overzicht wordt opgenomen van de kosten van de overhead. Overhead betreft alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. Tot dit taakveld behoren de kosten van overhead, d.w.z. alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces: ■ financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; ■ personeel en organisatie; ■ de gemeentesecretaris;
■ inkoop (incl. aanbesteding en contractmanagement); ■ juridische zaken;
■ bestuurszaken en bestuursondersteuning;
■ informatievoorziening en automatisering van PIOFACH-systemen; ■ facilitaire zaken en huisvesting (incl. beveiliging); ■ documentaire informatievoorziening (DIV); ■ managementondersteuning primair proces.
57
3.
JAARVERSLAG 2021 OVERHEAD
Beleidsindicatoren Opgesteld op basis van eigen gegevens. Indien de gegevens op n.v.t. staan, zijn ze niet voorhanden of beschikbaar (bron VNG-site: www.waarstaatjegemeente.nl). Beleids indicatoren
Omschrijving
periode
Vlissingen
Nederland
Formatie
Fte per 1.000 inwoners 2020
7,7
n.v.t.
2021
8,5
n.v.t.
2020
6,5
6,8
2021
8,1
n.v.t.
- Begroting 2021
2020
329
n.v.t.
eigen begroting
- Jaarrekening 2021
2021
361
n.v.t.
eigen jaarrekening
- Begroting 2021
2020
5,97%
n.v.t.
eigen begroting
- Jaarrekening 2021
2021
5,97%
- Begroting 2021
2020
3,72%
n.v.t.
eigen begroting
- Jaarrekening 2021
2021
23,71%
n.v.t.
eigen jaarrekening
- Begroting 2021 - Jaarrekening 2021 Bezetting
- Jaarrekening 2021
Overheadkosten
Externe inhuur
eigen begroting
Fte per 1.000 inwoners
- Begroting 2021
Apparaatskosten
bron
eigen begroting; landelijk gebaseerd op Benchmark Beerenschot 2014 voor gemeenten met 30-50.000 inwoners
Kosten per inwoner
% van totale lasten
eigen jaarrekening
Kosten inhuur externen als % van totale loonsom + kosten inhuur externen
Abusievelijk hebben we in de programmabegroting 2021 de beleidsindicatoren van 2020 opgenomen. Aangezien de raad deze cijfers akkoord heeft verklaard hebben we ze ook opgenomen ter vergelijking.
58
3.
JAARVERSLAG 2021 OVERHEAD
3.5.1 WAT HEEFT HET GEKOST? In het onderstaande overzicht hebben we de geraamde (begroting inclusief begrotingswijziging) en werkelijke (rekening) lasten en baten opgenomen.
Exploitatie (bedragen * € 1.000)
Begroting na wijziging Lasten
Baten
Rekening
Verschil
Lasten
Baten
(A) Overhead
20.074
4.106
Verschil tussen begroting en rekening Verschil (B)
15.968
20.734
4.605
(A-B)
16.130
-162
Inhoofdstuk 4.7 Toelichting op het overzicht van baten en lasten geven wij op productniveau een toelichting op het resultaat per programma.
3.5.2 INVESTERINGEN In het onderstaande overzicht staan de in 2021 onderhanden kredieten. Wij verwachten dat de restanten op de kredieten voldoende zijn om de investeringen uit te voeren. Wanneer dit niet het geval is dan lichten wij dit toe (zie laatste kolom). In de kolom 'afsluiten' geven we aan of we de kredieten in het lopende jaar hebben afgesloten. Indien we hier niets vermelden, loopt het krediet nog door naar het volgende jaar.
Begroot
Werkelijk t/m 2021
56
54
2 2021
-
Klimaatbeheersingssysteem Stadhuis
1.144
1.144
- 2021
735
Voorbereiding nieuwbouw Stadsbeheer
528
387
141 3.815
Omschrijving Klimaatbeheersing Atrium stadhuis
Nieuwbouw Stadsbeheer - pand
3.815
-
Nieuwbouw Stadsbeheer - grond
1.320
1.315
59
Restant Afsluiten
5 2021
Werkelijk 2021
276 1.315
Overschrijding
3.
JAARVERSLAG 2021 OVERHEAD
Omschrijving
Begroot
Werkelijk t/m 2021
1.986
-
1.986
Nieuwbouw Stadsbeheer installaties
Restant Afsluiten
Werkelijk 2021
Overschrijding
-
Nieuwbouw Stadsbeheer - inboedel
170
-
170
-
Vervangen zaaksysteem Verseon
164
90
74
90
9.183
2.990
6.193
2.416
3.5.3 RESERVES EN VOORZIENINGEN In onderstaand overzicht zijn de op dit programma betrekking hebbende reserves en voorzienigen weergegeven. Daar waar besluitvorming over de aanwending van een bestemmingsreserve heeft plaatsgevonden, is dat opgenomen onder de claims. Reserves / voorzieningen
Stand per 1/1 Toevoeging
Onttrekking
Stand per 31/12
Claimbedrag
(bedragen x € 1.000) Voorziening WW
100
-
74
26
26
Totaal voorzieningen
100
-
74
26
26
Programma Overhead
100
-
74
26
26
De mutaties van de reserves en voorzieningen lichten we in hoofdstuk 4.4 Toelichtingen op de balans (onderdeel bestemmingsreserves en voorzieningen) toe. De mutaties op de reserves zijn incidenteel.
60
3.
JAARVERSLAG 2021 ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
3.6.1 WAT HEEFT HET GEKOST? In het onderstaande overzicht hebben we de geraamde (begroting inclusief begrotingswijziging) en werkelijke (rekening) lasten en baten opgenomen.
Exploitatie (bedragen * € 1.000)
Begroting na wijziging Lasten
Baten
Rekening
Verschil
Lasten
Baten
(A) Algemene dekkingsmiddelen
1.713
170.292
Verschil tussen begroting en rekening Verschil (B)
-168.579
1.981
172.015
(A-B)
-170.034
1.455
In hoofdstuk 4.7 Toelichting op het overzicht van baten en lasten geven we op productniveau een toelichting op het resultaat per programma. 3.6.2 RESERVES EN VOORZIENINGEN In onderstaand overzicht zijn de op dit programma betrekking hebbende reserves en voorzienigen weergegeven. Daar waar besluitvorming over de aanwending van een bestemmingsreserve heeft plaatsgevonden, is dat opgenomen onder de claims. Reserves / voorzieningen
Stand per 1/1 Toevoeging
Onttrekking
Stand per 31/12
Claimbedrag
(bedragen x € 1.000) Totaal reserves
-
-
-
-
-
Voorziening precario kabels en leidingen
3.201
634
-
3.835
3.835
Totaal voorzieningen
3.201
634
-
3.835
3.835
Programma Algemene dekkingsmiddelen
3.201
634
-
3.835
3.835
De mutaties van de reserves en voorzieningen worden in hoofdstuk 4.4 Toelichtingen op de balans (onderdeel bestemmingsreserves en voorzieningen) toegelicht. De mutaties op de reserves zijn incidenteel.
61
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
RISICO'S Risicomanagement en beleid Het beleid dat de gemeente Vlissingen voert ten aanzien van risicomanagement is vastgelegd in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement. In deze nota is de werkwijze vastgelegd en zijn de uitgangspunten bepaald ten aanzien van risicomanagement. De gemeente is verplicht zowel in de begroting als in de jaarrekening de risico’s te vermelden die de financiële positie van de gemeente kunnen beïnvloeden. Bij het opstellen van de begroting en jaarrekening dient een zo goed mogelijk beeld van kwantificeerbare risico’s aanwezig te zijn. Werkwijze Risicomanagement is een continue proces. Bij ieder besluit worden risico's afgewogen. Bij grote projecten worden mogelijke risico's afgewogen in relatie tot het risicoprofiel van de gemeente en expliciet vastgelegd. 2 keer per jaar worden alle risico's binnen de gemeente geactualiseerd. Op basis van deze actualisatie worden per team de huidige en mogelijk nieuwe risico's in beeld gebracht. Op basis hiervan ontstaat er een risico top 10 voor de gemeente. De risico's van de teams worden periodiek binnen het team besproken en waar nodig worden verdere beheersmaatregelen getroffen om de risico's zoveel mogelijke te beperken. De raad, het college en het management team worden geïnformeerd over de top 10 risico's van de gemeente.
Gedachte hierachter is dat de risico top 10 van de gemeente goed is voor ongeveer 90% van risicobedrag. Voorwaarden in een continu proces Risicomanagement heeft op het niveau van de raad, het college en het management team een structurele plek binnen de planning- en controlecyclus. Voor de raad betekent dit dat bij zowel de begroting als bij de jaarrekening gerapporteerd wordt hoe de risico’s zich ontwikkelen en hoe deze zich verhouden tot de ontwikkeling van de weerstandscapaciteit. Eén van de voorwaarden voor een adequaat risicomanagement is dat bestuurlijke doelstellingen voor programma’s, strategische projecten en grondexploitaties helder zijn. Verder is het noodzakelijk dat zowel bestuur als management zich bewust zijn dat risicomanagement onderdeel is van het normaal besturen en managen van de gemeente. Dit betekent dat het inventariseren van risico’s, het inschatten ervan en het treffen van maatregelen voortdurend in de praktijk wordt uitgevoerd. RISICO-INVENTARISATIE De risicokaart Risico’s waarvan de oorzaken en gevolgen in klassen ingedeeld zijn kunnen geplaatst worden in een risicokaart (zie afbeelding). De risicokaart geeft inzicht in de spreiding van de risico’s naar kans en gevolg. De nummers in de risicokaart corresponderen met de aantallen risico’s die zich in het desbetreffende vak van de risicokaart bevinden.
Daarmee wordt direct inzichtelijk hoe de risico’s zijn verdeeld over het groene, oranje en rode gebied. Netto betekent de situatie van de risico's inclusief de genomen beheersmaatregelen om de risico's te beperken. Per risico is bepaald welke beheersmaatregelen er kunnen worden genomen om een risico te beperken. Voorbeelden hiervan zijn het opnemen van een reserve, verbeterde proces/ werkafspraken, interne controles of aanpassingen beleid.
62
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Tabel: Risicokaart gemeente Vlissingen Een risicoscore in het groene gebied, vormt geen direct gevaar voor de continuïteit van de bedrijfsvoering. Risico’s die in het oranje gebied zitten vragen om aandacht. Ze vormen individueel nog geen reëel gevaar voor de continuïteit van de bedrijfsvoering, maar naarmate de tijd vordert, kan het risico wel een bedreiging gaan vormen. Voor deze risico’s wordt het dan ook aangeraden niet lang te wachten met het nemen van verdere beheersmaatregelen. Risico's in het rode gebied, kunnen een direct gevaar vormen voor de continuïteit van de bedrijfsvoering, waarbij het treffen van maatregelen belangrijk is. In de risicokaart wordt duidelijk dat er zich relatief veel risico’s in de groene en oranje gebieden bevinden, onder/midden in de risicokaart. Bij beheersing van deze risico’s die veel voorkomen kan op de langere termijn serieuze bedreigingen ten aanzien van de continuïteit van de bedrijfsvoering worden voorkomen. Een risico dat een risicoscore heeft die in het rode gebied zit, vereist directe aandacht om te voorkomen dat de continuïteit van de bedrijfsvoering wordt bedreigd. Risico's Op basis van het risicoprofiel van de gemeente Vlissingen kan worden bepaald hoeveel geld benodigd is om alle risico’s te kunnen financieren. Dit wordt ook wel de weerstandscapaciteit genoemd.
De financiële omvang van de risico's wordt berekend op basis van een risicosimulatie (Monte Carlo methode). Uitgangspunt hierbij is een statistische benadering die er van uit gaat dat nooit alle risico’s zich én tegelijk, én in hun maximale omvang voordoen. In totaal zijn er 74 risico’s geïdentificeerd en gekwantificeerd. Op basis van de risicosimulatie is het financieel risico gemiddeld circa € 5,6 miljoen. In de hiernavolgende tabel wordt de top 10 risico’s van de gemeente Vlissingen gerangschikt naar financiële impact weergegeven. Het percentage geeft de weging van het betreffende risico aan ten opzichte van het totaal aan risico’s. Hieruit is af te leiden dat de top 10 risico’s een weging heeft van ongeveer 90% in het totaal van de gedefinieerde risico’s.
63
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Jaarrekening Begroting 2021 2021
Jaarrekening 2020
Nr.
Nr.
Nr.
Belangrijkste financiële risico's
1
1
1
Afzetrisico's in de grondexploitaties.
2
3
3
Stijgende uitvoeringskosten jeugdzorg voor de gemeente zonder toereikende financiële compensatie van het Rijk.
3
8
7
Exploitatietekort sociale werkvoorziening (Orionis).
4
5
4
Budgetoverschrijving van de taken WMO maatwerk dienstverlening en voorzieningen.
5
2
2
Algemene Uitkering Gemeentefonds valt lager uit dan geraamd.
6
-
-
Overspannen arbeidsmarkt waardoor vacatures lastig zijn in te vullen.
7
6
5
Tekorten door de introductie abonnementstarief voor de eigen bijdrage van cliënten aan Wmo-voorzieningen per 01-01-2020.
8
-
10
Schade aan openbare ruimte en infrastructuur door klimaatveranderingen.
9
10
9
Achterstallig onderhoud aan kapitaalgoederen, openbare ruimten en groen- en sportvoorzieningen.
10
9
-
Tegenvallende verkoop van bouwgrond in tijd en/of opbrengsten majeure project Scheldekwartier.
Toelichting risico's 1. Afzetrisico's in de grondexploitaties Het risico is in 2019 opgenomen in verband met een verschil van inzicht tussen Ecorys, de accountant en de gemeente Vlissingen inzake de Walcherse woningmarkt en de manier van inschatten. Er is toen besloten een risicoreservering van € 17,0 miljoen op te nemen. In 2020 is na overleg met accountant het risico gefaseerd afgebouwd. De risicoreservering van € 17,0 miljoen werd afgebouwd naar € 8,9 miljoen. In het begin van 2021 heeft het college de Vlissingse woningbouwplanning opnieuw vastgesteld, met daarbij een herbevestiging van de Walcherse woningmarktafspraken. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dat de woningmarkt in Vlissingen niet wordt gezien als een losstaande woningmarkt maar dat deze onderdeel is van een Walcherse woningmarkt, vandaar ook dat er Walcherse woningmarktafspraken zijn gemaakt. Met dit uitgangspunt kan gesteld worden dat er in de Vlissingse woningbouwplanning nauwelijks overcapaciteit is gepland ten opzichte van de provinciale raming. In scenario 'laag' is er zelfs sprake van een ondercapaciteit zodat gesteld kan worden dat met de risicoreserveringen op basis van scenario 'laag' een voldoende risicoreservering is getroffen.
Op basis van het afnemende verschil tussen de genoemde ramingen en de daadwerkelijke realisatie van woningen is er de afgelopen jaren voor gekozen het aanvullend afzetrisico per jaar te halveren. Gezien de risico’s die zich in 2021 hebben voorgedaan, met name de toenemende inflatie, stijgende materiaalkosten en materiaal tekorten, wordt er voor gekozen het aanvullend afzetrisico dit jaar niet te halveren. Deze is wel herberekend op basis van actuele cijfers en komt uit op € 8.350.000. 2. Stijgende uitvoeringskosten jeugdzorg voor de gemeente zonder toereikende financiële compensatie van het Rijk Begin 2022 is de gemeente Vlissingen geïnformeerd over een mogelijke financiële tegenvaller die er dreigt aan te komen voor jeugdhulp in 2022.Oorzaak is de verandering van het woonplaatsbeginstel jeugd per 1 januari 2022. Voor de gemeente Vlissingen gaat het hier naar inschatting over een bedrag van € 2,0 miljoen. Het blijkt dat relatief veel Vlissingse jongeren in externe verblijfszorg elders zitten. Onder het oude regime vielen ze dan onder de gemeente waar die instelling is gevestigd. Daarnaast is bekend dat de afrekening van Jeugdzorg plus over 2020 er sprake is van een tekort van € 143.000. Het bedrag voor 2021 is nog niet bekend. 3. Exploitatietekort sociale werkvoorziening (Orionis)
64
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Jarenlang is er sprake van een exploitatietekort in het Werkleerbedrijf. Op basis van een geïnitieerd onderzoek door de gemeente Vlissingen is gebleken dat door implementatie van allerlei verbetermaatregelen de komende jaren een ruime rendementsverbetering gerealiseerd moet kunnen worden. Raming daarbij is dat het Werkleerbedrijf Orionis omstreeks 2025 ‘zwarte cijfers’ kan gaan schrijven. Het risico is aanwezig dat er de komende jaren nog wel sprake zal zijn van een tekort. Het risico is ingeschat op € 1,2 miljoen. 4. Budgetoverschrijving van de taken Wmo maatwerk dienstverlening en voorzieningen De gemeente Vlissingen is bezig met verbetervoorstellen om dit risico te beperken. Dit moet ook mede op verzoek van de artikel 12-inspecteur. De vraag hierbij is of de taakstelling zal worden behaald. Er is een bedrag van € 2,1 miljoen bijgeplust ten opzichte van de meerjarenbegroting. Als de besparing niet wordt gerealiseerd dan zullen de lasten met € 2,1 miljoen toenemen. Het risico is ingeschat op € 2,1 miljoen. In 2021 is er een aanbesteding aanvullende zorg Wmo geweest. Per 1 juli 2022 worden diverse maatwerkvoorzieningen omgezet naar algemene voorzieningen. 5. Algemene Uitkering Gemeentefonds valt lager uit dan geraamd De omvang van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is onzeker.
In 2022 zijn de belangrijkste ontwikkelingen 1) de voorgestelde herverdeling van het gemeentefonds met ingang van 2023, 2) de verwerking van de uitspraken van de Arbitragecommissie over de gemeentelijke tekorten bij de Jeugdzorg en 3) in de nieuwe kabinetsplannen zijn geen harde toezeggingen opgenomen rondom het gemeentefonds. Er zijn op dit moment geen indicaties dat het Vlissingse deel in het gemeentefonds fors naar beneden bijgesteld wordt. De kans dat het risico zich voordoet is wel aanwezig. Het risico is ingeschat op € 2,0 miljoen. 6. Overspannen arbeidsmarkt waardoor vacatures lastig zijn in te vullen Eén van de grootste uitdagingen is om voldoende en voldoende gekwalificeerde medewerkers te krijgen. In deze periode van 10 jaar gaat bijna een kwart van de medewerkers met pensioen. Het merendeel hiervan dient vervangen te worden. Door de overspannen arbeidsmarkt, een recente factsheet van het UWV laat zien dat de uitdaging in Zeeland nog groter is als in de rest van Nederland, kunnen vacatures moeilijker of soms helemaal niet ingevuld worden. Dit heeft enerzijds dus te maken met de situatie op de arbeidsmarkt, maar de perifere ligging van Vlissingen maakt het nog lastiger. Er worden op verschillende terreinen maatregelen moeten worden genomen. Dit zijn onder andere allerlei losse maatregelen om Vlissingen als 'aantrekkelijk werkgever' te positioneren.
Het risico is ingeschat op € 500.000. 7. Tekorten door de introductie abonnementstarief voor de eigen bijdrage van cliënten aan Wmovoorzieningen per 01-01-2020 De introductie van het abonnementstarief Wmo per 01-01-2020 zorgt (mede) voor financiële tekorten bij de gemeente Vlissingen. In 2021 hebben gemeenten, onder andere op Algemene Leden Vergadering van de Vereniging Nederlandse Gemeenten hun ongenoegen geuit over de financiele positie van gemeenten. Het abonnementstarief, als onderdeel van de oorzaak van de financiële problemen van gemeenten, is een thema voor het nieuwe kabinet. Het risico is ingeschat op € 500.000. 8. Schade aan openbare ruimte en infrastructuur door klimaatveranderingen De laatste jaren is er sprake van klimaatveranderingen (extreme droogte, zware regen/hagelbuien). Hierdoor bestaat het risico dat er schade kan ontstaan aan de openbare ruimten, infrastructuur van de gemeente Vlissingen. Dit betekent voor de gemeente Vlissingen extra werk en meer lasten. Het risico is ingeschat op € 500.000. 9. Achterstallig onderhoud aan kapitaalgoederen, openbare ruimten en groen- en sportvoorzieningen
65
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Het risico bestaat dat er sprake is van achterstallig onderhoud aan kapitaalgoederen, openbare ruimten en groen- en sportvoorzieningen. Voor accommodaties is rekening gehouden met achterstallig onderhoud en als onderdeel van de frictiekosten vanuit de artikel 12-middelen (onderzoek Newae). De praktijk heeft uitgewezen dat de uitvoering van het achterstallig onderhoud verschuift in de tijd, waardoor het passend is om een ‘restrisico’ op te nemen. Het risico is ingeschat op € 500.000. 10. Tegenvallende verkoop van bouwgrond in tijd en/of opbrengsten majeure project Scheldekwartier Voor de grondexploitaties van de gemeente Vlissingen worden altijd risico analyses uitgevoerd. Voor de grondexploitatie Scheldekwartier is er sprake van een restrisico. De hoogte van het restrisico is het verschil tussen scenario laag (10% van de trekkingen buiten beschouwing) en een worst-case op basis van 5% van de trekkingen buiten beschouwing. Het risico is na de 1e herziening 2022 ingeschat op € 1,8 miljoen. Oorlog in Oekraïne Na balansdatum ontstond een nieuw risico, namelijk de oorlog in Oekraïne. Deze oorlog leidt tot een verdere toename van de inflatie die eind 2021 al was ingezet. Dit zorgt voor een aanzienlijke kostenstijging van materialen en zet daardoor de haalbaarheid van projecten onder druk.
Bij de herziening van de grondexploitaties is dit onderkend door een hogere kostenstijging aan te nemen in 2022 en 2023, maar het risico is dat deze kostenstijging nog hoger uitpakt. Daarnaast leidt de situatie in Oekraïne tot een enorme vluchtelingenstroom, waarvan een aantal ook in Vlissingen opgevangen zullen worden. Dit kan effect hebben op de concrete invulling en snelheid van realisatie van plannen in voorbereiding.
66
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
WEERSTANDSCAPACITEIT Wat is weerstandscapaciteit? Weerstandscapaciteit wordt gedefinieerd in financiële zin, d.w.z. als het beschikbare weerstandsbedrag dat wordt aangehouden ter afdekking van financiële verliezen die kunnen optreden, als risico´s zich feitelijk gaan manifesteren. Het gaat daarbij om verliezen die niet al op een andere manier (bijvoorbeeld via verzekering of afzonderlijk getroffen financiële voorziening c.q. reservering) financieel zijn ondervangen. De weerstandscapaciteit bestaat uit: ■ Vrij besteedbare reserves. ■ Onvoorziene uitgaven.
■ Onbenutte belastingcapaciteit. ■ Stille reserves.
Het voorgaande kan als volgt schematisch worden weergegeven:
Vrij besteedbare reserve Als vrij besteedbare reserve beschouwen wij de algemene reserve en de reserve grondexploitatie. Bestemmingsreserves zien wij niet als vrijbesteedbaar. Bestemmingsreserves worden ingezet voor het realiseren van onze doelstellingen. Periodiek wordt onderzocht of de omvang van de bestemmingsreserves nog juist zijn. Eventueel overbodige bestemmingsreserves vallen vrij ten gunste van de algemene reserve en worden op die manier vrijbesteedbaar. Onbenutte belastingcapaciteit Hieronder wordt verstaan de mogelijkheid die de gemeente heeft om belastingen te verhogen. Bij tarieven waar kostendekking een rol speelt is van onbenutte belastingcapaciteit sprake voor zover nog geen volledige kostendekking is gerealiseerd. Aan de hoogte van de belastingen en de overige tarieven is geen bovengrens gesteld. Aangezien er geen expliciet beleid is en de gemeente Vlissingen in vergelijking met andere Zeeuwse gemeenten gemiddeld hogere belastingen heeft, is in de berekening van de weerstandscapaciteit geen rekening gehouden met de mogelijkheid van onbenutte belastingcapaciteit.
67
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Onvoorziene uitgaven Voor onvoorziene uitgaven is in de begroting jaarlijks een bedrag opgenomen. Stille reserves Van stille reserves is sprake wanneer de marktwaarde van bepaalde bezittingen van de gemeente hoger is dan op de balans opgenomen boekwaarde. De aanwezigheid van dergelijke stille reserves is het gevolg van het voorschrift dat de boekwaarde van de activa gebaseerd moet zijn op historische kostprijs. Een stille reserve kan tot de weerstandscapaciteit worden gerekend indien: ■ de bezitting die vrij verhandelbaar zijn.
■ de opbrengst bij verkoop uitgaat boven het bedrag dat nodig is om wegvallende inkomsten op te vangen.
Voor de bezittingen die vrij verhandelbaar gaan we uit van een PM bedrag omdat hierover geen inschattingen zijn te maken. De werkelijke waarde van de gemeentelijke aandelen in de Bank Nederlandse Gemeenten en Delta N.V. is wellicht hoger dan de nominale waarde (verkrijgingsprijs). Aangezien de aandelen niet vrij verhandelbaar zijn kan deze meerwaarde (stille reserve) niet worden opgenomen in de berekening van de weerstandscapaciteit. Omvang weerstandscapaciteit De vrijbesteedbare reserves zijn gebaseerd op de omvang van de algemene reserve. In principe wordt ook de omvang van de reserve grondexploitatie opgenomen echter ultimo het verslagjaar is deze reeds nihil. WEERSTANDSVERMOGEN Weerstandsvermogen: koppeling weerstandscapaciteit en financiële risico's In het voorgaande is zowel de financiële omvang van de risico's als de beschikbare weerstandscapaciteit bepaald. De financiële omvang van de risico's kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt de ratio weerstandsvermogen. Ratio Weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit / Financiële omvang van de risico's. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve inclusief nog te bestemmen resultaat, en is zwaar negatief: circa € -59,4miljoen (v.j. € -70,6miljoen).
Voor Vlissingen betekent dit voor 2021 een ratio van €-59,4miljoen /€ 5,6miljoen = -10,6 negatief (v.j. -14,4 negatief) Beoordeling Weerstandsvermogen Om de ratio voor het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen wordt gebruik gemaakt van de hierna opgenomen waarderingstabel die in samenwerking tussen het NAR (Nederlands Adviesbureau Risicomanagement) en de Universiteit Twente is opgesteld. Waardering
Ratio
Betekenis
A
>2
Uitstekend
B
1,4 - 2
Ruim voldoende
C
1 - 1,4
Voldoende
D
0,8 - 1
Matig
E
0,6 - 0,8
Onvoldoende
F
<0,6
Ruim onvoldoende
Gegeven de zwaar negatieve ratio betekent dit voor Vlissingen dat het weerstandsvermogen volgens waarderingstabel ruim onvoldoende is.
68
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
Op basis van de gehanteerde methode van kwantificering van de risico's en hetgeen is opgenomen in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement zou de ratio moeten liggen tussen de 0,8 en de 1,4. De rapportage over het weerstandsvermogen is een momentopname. Nieuwe projecten en economische ontwikkelingen kunnen het risicoprofiel beïnvloeden.
KENGETALLEN Onderstaand is de beoordeling van de onderlinge verhouding tussen diverse kengetallen in relatie tot de financiële positie. Deze kengetallen zijn voorgeschreven door de BBV. Jaarrekening 2020
Kengetallen
Begroting 2021
Jaarrekening 2021
1a. Netto schuldquote
68%
79%
1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
68%
80%
62%
2. Solvabiliteitsratio
-30%
-47%
-15%
3. Grondexploitatie
6%
4,9%
4%
4. Structurele exploitatieruimte.
2%
-4,0%
8%
112%
112%
106%
5. Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden
62%
Op basis van de onderlinge verhouding van de kengetallen kan nog steeds geconcludeerd worden dat de gemeentelijke financiële positie zeer zorgelijk is. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de sterk negatieve algemene reserve. 1 a en b. Netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat bij leningen er onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terug worden betaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal te berekenen, zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgnomen. Bij de berekening van deze twee kengetallen voor de begroting is voor de componenten in de middelste kolom een raming gemaakt. Voor de raming wordt gebruik gemaakt van het gemiddelde van de jaarekeningcijfers van de drie voorafgaande jaren.
69
3.
JAARVERSLAG 2021 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING
2. De solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen van de gemeente bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. 3. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. 4. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt thans het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. 5.
Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De definitie van het kengetal belastingcapaciteit is: Woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar t (het begrotingsjaar) ten opzichte van het landelijk gemiddelde in jaar t-1 (het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar) uitgedrukt in een percentage. De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het Coelo publiceert ieder jaar deze lasten in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in die gemeente. Deze cijfers worden voortaan ook in de jaarlijkse meicirculaire bekendgemaakt zodat de gemeenten tijdig op de hoogte zijn van de hoogte van de lasten die voor de berekening moeten worden gebruikt.
70
3.
JAARVERSLAG 2021 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
De verplichting van de gemeente is het inrichten en onderhouden van de openbare ruimte op een zodanige manier dat deze zo goed mogelijk op verschillende manieren en veilig bruikbaar is. De bepaling van het onderhoudsniveau is een autonome bevoegdheid van de gemeenteraad en passend binnen de veiligheidsnormering (CROW). Ook moet rekening worden gehouden met het oordeel van de toezichthouders. De afgelopen jaren gestart met een inhaalslag passend binnen beschikbare budgetten. Voor de komende jaren is nog steeds een forse onderhoudsopgave nodig op het beheer van het openbaar gebied en infrastructuur. Deze onderhoudsopgave is geconcretiseerd in de beleidsplannen voor het onderhoud van wegen, rioleringen, openbare verlichting en voor groenbeheer. In 2021 is planmatig het beheer en onderhoud aan de kapitaalgoederen uitgevoerd. Soms moeten door inspraaktrajecten of calamiteiten planningen worden aangepast. Wij hebben een overkoepelend beleidskader Kwaliteit Openbare Ruimte opgesteld. Hierin hebben we ook opgenomen wat dit betekent voor de onderhoudsniveau's. We hebben dit aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorgelegd in november 2021. We hebben het verschil inzichtelijk gemaakt tussen structurele budgetten voor regulier onderhoud van onze kapitaalgoederen en de inzet van het eenmalige extra geld dat we gekregen hebben vanwege de art. 12-status.
Dit extra geld hebben we onder meer ingezet voor het het wegwerken van de onderhoudsachterstanden. Hiervoor heeft de gemeenteraad in 2019 onderhoudsvoorzieningen getroffen. Wij hebben hierover gerapporteerd in de berap. Achterstallig onderhoud Bij verschillende kapitaalgoederen (wegen, kades, civiele kunstwerken en openbare verlichting) is sprake van achterstallig onderhoud. Voor het wegwerken van dit achterstallig onderhoud hebben wij eenmalige bedragen ter beschikking gekregen in het kader van het art. 12-traject. Voor deze bedragen zijn onderhoudsvoorzieningen getroffen. Zie hiervoor onderstaande tabel.
Achterstallig onderhoud
Ontvangen
Realisatie voor 2021
Realisatie in 2021
Stand per 31-12-2021
5.480
307
488
4.685
(bedragen * € 1.000) Wegen Openbare verlichting
67
-
67
Civiele kunstwerken
222
47
175
Kades
2.251
Totaal
8.020
307
258
1.993
793
6.919
Wegenbeheer Het belang van de verkeersveiligheid en de bruikbaarheid van de openbare ruimte vormen het uitgangspunt voor de te maken keuzes voor wegbeheer en de prioritering voor het uitvoeren van het onderhoud. Om de onderhoudssituatie inzichtelijk te maken vindt er voor de wegen regelmatig een inventarisatie en inspectie plaats. De resultaten worden in het onderhoudsbeheersysteem ingevoerd. Er is achterstand in het onderhoud van de wegen. Deze achterstand wordt gezien de beschikbare middelen gefaseerd ingelopen en er zijn in het kader van de art. 12-status inmiddels eenmalige bedragen toegekend voor het wegwerken van de onderhoudsachterstand. Het grootste gedeelte van de wegen ligt binnen de bebouwde kom. De planning voor onderhoud wordt jaarlijks bepaald aan de hand van de resultaten van de laatste weginspectie. Jaarlijks wordt er groot- en kleinonderhoud aan de verhardingen uitgevoerd. Ook vinden er reconstructies plaats. De reconstructies van de verhardingen zijn meestal onderdeel van integrale wijkgerichte projecten. Daarnaast zijn er reconstructies die plaats vinden binnen stedenbouwkundige herinrichtingen. Het planmatig aanpakken van het achterstallig onderhoud aan het wegennet is in 2021 voortgezet. Onkruidbestrijding Overeenkomstig de landelijke wet- en regelgeving m.b.t. onkruidbestrijding vindt er geen chemische onkruidbestrijding op verharding plaats.
Onkruid op verharding wordt bestreden door branden, borstelen en heet watertechniek. De kosten hiervoor zijn structureel per jaar hoger en hiervoor is extra geld
71
3.
JAARVERSLAG 2021 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
opgenomen in de begroting. Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte wordt in de ontwerpfase al gezocht naar mogelijkheden voor een onkruidarme verharding. Bruggen Uitvoering van civiele werken aan bruggen, vlonders en tunnels is opgepakt aan de hand van de inventarisatie in het geautomatiseerd systeem voor tunnels en duikers. Naar aanleiding van inspecties is gestart met het inlopen van het achterstallig groot onderhoud van de bruggen. Tevens is een lange termijn planning ontwikkeld in een meerjarig onderhoudsplan; budgettair zijn voor de meest noodzakelijke vervanging, reparatie en herstel middelen voorzien in de meerjarenraming. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
2.1
Wegen, straten, pleinen
2020 Werkelijk
onderhoud
2021 Begroot
2021 Werkelijk
1.562
2.059
1.551
onderhoud - bruggen
589
218
409
onderhoud - wegmeubilair
128
103
81
onderhoud - onkruidbestrijding
244
267
222
directe loonkosten
1.142
768
768
kapitaallasten
2.394
2.354
2.354
inkomsten Totaal
-489
-871
-226
5.570
4.899
5.160
Openbaar groen Het doel van de gemeente is het op peil brengen van het gewenste kwaliteitsniveau en het duurzaam in stand houden van een gezonde hoofdgroenstructuur op stedelijk, wijk- en buurtniveau. Op basis van een eerder uitgevoerde inventarisatie is voort gegaan met de inzet om, gefaseerd, te komen tot het gewenste kwaliteitsniveau. Binnen het beheer van de openbare ruimte zijn structuurelementen benoemd. Bijvoorbeeld Centrum & accenten, Woongebied, Parken & groengebieden, Bedrijventerrein etc. Het kwaliteitsniveau van het groenbeheer voor alle structuurelementen wordt uitgevoerd overeenkomstig CROW- kwaliteitsniveau C (laag). Een uitzondering geldt voor het structuurelement Centrum & accenten. Daar is het kwaliteitsniveau B (basis) gehanteerd. De uitgangspunten uit het groenbeleid zijn vertaald in een beheerplan. De uitvoering van de dagelijkse onderhoudswerkzaamheden vindt plaats op basis van een beeldbestek. Alle onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd door medewerkers van het team Stadsbeheer en een externe aannemer. Er is binnen het reguliere beheer en in het kader van integrale projecten openbaar groen heringericht. Daarmee is de onderhoudsachterstand verder ingelopen en is in de toekomst minder onderhoud nodig. De oppervlakte gazon is afgenomen ten gunste van de oppervlakte bermen en kruidenrijk gras.
In het kader van leefbaarheid en participatie worden de inwoners gestimuleerd om openbaar groen te "adopteren". Er is ruimte voor overleg en afstemming met bewoners over de inrichting en het zelfbeheer van het openbaar groen. Dit vergt een aanzienlijke communicatie-inspanning. Inzet van bewoners kan de beeldkwaliteit uittillen boven het basisniveau C.
72
3.
JAARVERSLAG 2021 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
5.7
Openbaar groen
2020 Werkelijk
onderhoud
2021 Begroot
2021 Werkelijk
1.150
1.169
1.110
directe loonkosten
980
918
918
kapitaallasten
251
203
203
-7
-64
-68
2.374
2.227
2.164
inkomsten Totaal
Openbare verlichting Het beleid is gericht op het binnen de financiële en beleidsmatige kaders realiseren en onderhouden van een effectief en efficiënt lichtnet. Teneinde dit beleidsmatige kader transparant te definiëren, is het 10 jaren Beleidsplan Openbare Verlichting opgesteld. De milieuaspecten worden hierin meegewogen. Bij vervanging ligt de nadruk op gebiedsgerichte integrale aanpak, dus afstemming met andere disciplines in de openbare ruimte. Op grond van het vastgestelde plan zou in een periode van 10 jaar alle afgeschreven en defecte verlichting in Vlissingen vervangen zijn. Bij vervanging wordt gekozen voor de meest energiezuinige oplossing. De kostenraming voor het inlopen van het achterstallig vervangen (investering) is € 200.000 per jaar voor een periode van 10 jaar. Door bezuinigingen wordt dit gefaseerd uitgevoerd. Daarnaast is in de exploitatie een bedrag opgenomen voor structureel onderhoud en reparaties. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
2.1
Openbare verlichting
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud
489
450
directe loonkosten
48
39
483 39
kapitaallasten
126
118
118
inkomsten
-92
-11
-41
Totaal
571
596
599
Riolering Het beleid is erop gericht om potentiële risicogebieden aan te pakken in verband met wateroverlast. Het doel: het behalen van een aanvaardbaar onderhoudsniveau aan de hand van de door Stichting Rioned opgestelde landelijke normeringen. De doelstelling is het achterstallig onderhoud binnen een planperiode van tien jaar weg te werken. De Wet Milieubeheer is het wettelijk kader op grond waarvan het verbreed Gemeentelijk Riolerings Plan (vGRP) is vastgesteld. Door effectieve en efficiënte inzet van middelen, zoals becijferd in het vGRP, wordt zorg gedragen voor het rioolstelsel en worden er maatregelen getroffen om de volksgezondheid te waarborgen en het milieu zo min mogelijk te belasten. De uitvoering is gericht op het verminderen van de vervangingsachterstand van met name het vrijvervalriool. Er is onderzoek verricht in het kader van de Kaderrichtlijn Water en in het kader van het waterkwaliteitspoor. Er zijn afkoppelplannen voor kansrijke gebieden binnen het grondgebied gemaakt. Hiermee wordt tevens uitvoering gegeven aan de eisen op het gebied van klimaatadaptatie. In 2021 is de gemeente actief geweest (vanaf 2007 planmatig opgezet) met het inlopen van de kwaliteitsachterstand en volgens planning worden delen van de riolering per jaar vervangen of gerenoveerd.
Binnen deze discipline zit ook het waterbeheer in de context van de totale waterketen, waarbij ook Waterschap en Provincie direct betrokken zijn. Partijen spreken elkaar hierover in het Bestuurlijk Overleg Samenwerking Afvalwaterketen Zeeland (BOSAZ). Rioolinspecties De wegonderhoudswerkzaamheden zijn waar mogelijk uit effeciency oogpunt gelijktijdig aangepakt met de rioolvervanging. In de hele gemeente wordt de afwatering verbeterd. Aan de hand van inspecties bij kolkreinigingsronden zijn gebreken aangetroffen aan de regenwater-afvoerkolken in de straten. Het herstellen van de geconstateerde gebreken vindt planmatig plaats als een maatregel die voortvloeit uit het vGRP. Rioolgemalen Het aantal gemalen neemt toe. Hierdoor nemen de onderhoudskosten voor rioolgemalen toe. Dit betreft niet alleen het planmatig onderhoud, maar ook de ad-hoc reparaties. Gerelateerde projecten zijn de uitvoering en planning van de rioolvervangingswerkzaamheden en andere watergerelateerde projecten.
73
3.
JAARVERSLAG 2021 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Deze worden in de uitvoering steeds op elkaar afgestemd. Het benodigde budget voor het jaarlijks onderhoud is door de toename van het aantal rioolgemalen gestegen. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
7.2
Riolering
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud
479
500
directe loonkosten
165
197
197
1.734
1.554
1.554
kapitaallasten
359
mutatie voorziening
2.781
2.930
3.715
inkomsten
-7.363
-6.804
-6.828
Totaal
-2.204
-1.623
-1.003
Onttrekking aan reserve VGRP
-2.450
-2.850
-2.850
Binnenhavens Het beheersdoel is het in stand houden van de havens. Het beheer betreft de inning van de lig- en kadegelden door de havenmeester, het schoon- en afvalvrij houden en handhaven in de havens. De aanleg van noodzakelijke voorzieningen m.b.t. water en elektriciteit vormt een onderdeel van de beheersactiviteit. De kosten hiervan worden aan de gebruiker doorberekend. Dit past deels binnen de exploitatieopzet binnenhavens. Het exploitatiebudget is uitsluitend bedoeld voor kleine reparaties. Uitgaven voor de uitvoering van grote(re) onderhoudsaanpassingen of civiele werken zoals het herstellen van de kades worden als investering geraamd bij de ontwikkeling van de havens. Het havenbeheerplan is gereed. Er is gestart met het planmatig inlopen van de achterstanden in het onderhoud van dit kapitaalgoed. Voor (mede-) gebruik van voorzieningen door derden en/of commerciële partijen is een investeringsbijdrage gevraagd en/of doorberekend in de tarieven. Wij hebben in onze gemeente veel havens en kades. Daar investeren we veel geld in, om ze te op te knappen en te behouden. Het is een van onze kapitaalgoederen. Echter, het was het enige kapitaalgoed waar we geen beheerder voor hadden. Voor het behoud en onderhoud van onze kades is voor dit moment 0,5 fte ingezet voor een beheerder van dit kapitaalgoed. Dit is een groeimodel.
In de toekomst kan deze functie uitgroeien tot een fulltime functie. Het onderzoek naar mogelijke samenwerking is door capaciteitsgebrek niet nader onderzocht. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
2.4
Binnenhavens
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud
38
39
46
directe loonkosten
49
107
107
kapitaallasten
126
172
172
inkomsten
-169
-66
-46
44
252
279
Totaal
Onderhoud overig/Objecten De kosten van het vandalisme, feitelijk het kapot en onbruikbaar maken van objecten (banken, afvalbakken, zuilen, palen etc) aan alle gemeentelijke objecten in het openbaar gebied zijn de afgelopen jaren gedaald. De schade door graffiti op gemeentelijke objecten is niet gedaald.
74
3.
JAARVERSLAG 2021 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Speelvoorzieningen Uit het oogpunt van veiligheid en aansprakelijkheid is het belang van onderhoud aan en het kwantitatief en kwalitatief op peil houden van de voorzieningen belangrijk. De Vlissingse kinderen en jongeren kunnen terecht op ruim honderd formele speelplekken. Uiteenlopend van een eenvoudig trapveldje, speelplekken met of zonder toestellen tot enkele multifunctionele sportpleintjes. Deze voorzieningen zijn hoofdzakelijk in of nabij het openbaar groen gelegen. Het Speelruimteplan geeft de kaders aan waarbinnen deze ontwikkelingen plaatsvinden. Over de aan te brengen of te renoveren speelvoorzieningen wordt intensief gecommuniceerd met betrokkenen en de wijk- en buurtbewoners. Het uitgangspunt is dat de aanleg ook goed beheerd kan worden. Binnen die context van materiaalgebruik en typen is er voor de bewoners in de wijken en buurten ruimte voor overleg en afstemming. Dit vraagt om een extra communicatieinspanning. Ook is het mogelijk in het kader van participatie te komen tot afspraken over het zelf beheren van openbare ruimte, waarmee het mogelijk gemaakt wordt om in te spelen op vragen van inwoners om extra speelvoorzieningen. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
Progr 3_ 6.1
Speelvoorzieningen
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud
71
85
92
directe loonkosten
7
26
26
kapitaallasten
4
4
4
Totaal
83
115
122
Beluifelingen Planmatig onderhoud wordt verricht aan de diverse overkappingen vanuit de exploitatie. Voor de beluifelingen is een beheers- en onderhoudsplan opgesteld. Voor wat betreft het aanpassen of verwijderen van beluifeling wordt aangehaakt bij toekomstige herinrichtingen. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
2.1
Beluifelingen
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud
21
38
directe loonkosten
7
4
66 4
Totaal
28
42
71
Kunst in de openbare ruimte Kunst vormt een wezenlijk en zichtbaar element in de openbare ruimte en vergt regulier onderhoud en reparatie (na vandalisme). Aan deze objecten wordt jaarlijks voor € 20.000 tot € 40.000 gerepareerd. Voor reparatie van kunst (regulier onderhoud en vandalisme) is een budget van € 35.000 beschikbaar. Voor een goed beeld van de stad, waar de kunstobjecten in belangrijke mate aan bijdragen, is onderhoud (reparatie na vernieling) noodzakelijk. Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
Prog 1_5.3
Onderh kunst en objecten openbare ruimte
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud
37
65
34
directe loonkosten
3
5
5
inkomsten
-7
-
-
Totaal
33
70
39
Waterbeheer Het doel is uitvoering te geven aan een goed waterbeheer. De strategische richting is in het verbreed Gemeentelijke RioleringsPlan vastgelegd. De gemeente Vlissingen en waterschap Scheldestromen zorgen gezamelijk voor een stedelijk watersysteem dat duurzaam, gezond en veerkrachtig is. Voor alle watergangen en -partijen wordt gestreefd naar een kwaliteitsverbetering. In combinatie met de uitvoering van baggerwerkzaamheden worden natuurvriendelijke oevers aangelegd. Tevens is de waterkwaliteit verbeterd door een lagere vuilemissie.
75
3.
JAARVERSLAG 2021 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN
Baggeren In 2020 is het beheer en onderhoud van de watergangen samen met het Waterschap gecontinueerd. Hiermee wordt de onderhoudstoestand verhoogd om een goed werkend watersysteem te kunnen behouden. In 2020 is het regulier planmatig onderhoud (BOB overeenkomst) gecontinueerd. In dit planmatig onderhoud zullen de gemeentelijke waterlopen in een cyclus van circa 8 a 10 jaar worden uitgebaggerd. Het Waterschap zal dit baggerwerk uitvoeren. De gemeente draagt volgens de BOB overeenkomst bij in de kosten van het baggerwerk. De gemeente heeft met de 'beheerder' van de Michiel de Ruijterhaven een erfpachtovereenkomst afgesloten. In deze overeenkomst staat de verplichting van de gemeente de haven drie keer te baggeren. Dit is in 2001 en 2011 al gedaan. In 2021 is dit voor de derde en laatste keer gebeurd. Hierna vervalt deze verplichting voor de gemeente. Voor de laatste keer baggeren is een bedrag geraamd van € 250.000. Is uitgevoerd, de kosten passen binnen het budget. Wij hebben eveneens de verplichting om de Koopmanshaven op voldoende diepte te houden voor het Loodswezen. Deze Koopmanshaven is nu 2 keer geploegd, maar in 2021 is er gebaggerd. Dit baggeren hebben wij gecontracteerd als meerwerk van het baggeren van de Michiel de Ruijterhaven, voor een bedrag van € 50.000. Is uitgevoerd, kosten passend binnen budget.
Watergangen, waterafvoer, waterpartijen (a) en fonteinen (b) Het doel (a) is het in stand houden van de watergangen en het waarborgen van de waterafvoer en onderhouden van de watergangen. Het doel (b) voor fonteinen is het in stand houden en onderhouden van de fonteinen in de binnenstad. Gezien de bezuinigingsopdracht zijn verschillende fonteinen buitenwerking gesteld. Voor het regulier klein onderhoud van de fonteinen en het schoonhouden is beheers- en onderhoudsbudget nodig om de fonteinen te kunnen laten werken en om de stijgende energiekosten voor pompen en verlichting te kunnen bekostigen. De energiekosten zijn apart in de exploitatie opgenomen. Eventuele uitgaven voor de uitvoering van grote(re) aanpassingen of werken worden indien noodzakelijk als investering geraamd. Elke nieuwe fontein vereist een verhoging van het beheersbudget budget. De kostenverhoging betreft voor het merendeel kosten aan derden (energie). Product
Kapitaalgoed (bedragen * € 1.000)
2.4
Waterpartijen
2020 Werkelijk
2021 Begroot
2021 Werkelijk
onderhoud-waterpartijen, fonteinen
44
53
38
onderhoud-baggerwerkzaamheden
8
317
207
directe loonkosten
24
31
31
inkomsten
-23
-16
-23
Totaal
54
385
253
Ontwikkelingen nieuwe plangebieden De aanleg van riolering en afwateringsvoorzieningen bij nieuwbouwlocaties is opgenomen in de grondexploitaties. Deze aanlegkosten van rioleringen in nieuwe gebieden worden in het vGRP buiten beschouwing gelaten. Er staan immers ook geen inkomsten uit heffingen tegenover. Ook opname van de kosten voor aanleg van de ondergrondse afvalcontainers in deze plannen is van belang. Dit wordt integraal opgenomen in de planexploitaties. Daarnaast wordt de vastgestelde methodiek toegepast om direct de beheers- en onderhoudskosten van deze nieuwe voorzieningen te kunnen meenemen in de berekeningen voor het extra benodigd beheersbudget na oplevering van het gebied. Hiertoe is in 2011 besloten bij oplevering van een definitief ontwerp (DO) middels een extra beheersparagraaf het college te laten te besluiten over toevoeging van te beheren arealen met bijbehorend budget. Voor het areaal groen en wegen betekent dit vaak een forse uitbreiding. Dit is alleen het geval bij de uitbreidingswijken. Bij oplevering van uitleggebieden (gebieden waar de functie verandert naar een woon- of werkfunctie en dus een nieuw stuk stad wordt ontwikkeld) dient het beheersbudget rechtevenredig met de vierkante meters uitbreiding te worden verhoogd om op gelijk onderhoudspeil te blijven.