CConstaterende datVlieland
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2023 (publiek)

Raadscommissievergadering 3 juni 2024, gemeente VlielandBij agendapunt: Jaarrekening Gemeente Vlieland 202330.624 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Van de 55 bezwaren, zijn er 22 van een No Cure No Pay bureau, waarvan 20 woningen en 2 niet-woningen. Bij 25 woningen vond er naar aanleiding van het bezwaar aanpassing plaats, en bij 3 een verlaging, bij 1 niet – woning vond een aanpassing plaats. Alle bezwaren zijn afgehandeld. Leges De tarieventabel bij de legesverordening kent 3 titels, te weten; Titel 1. Algemene dienstverlening Titel 2. Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Titel 3. Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn. De afzonderlijke kostendekkendheid van deze onderdelen als ook de integrale kostendekkendheid van deze onderdelen zijn als volgt; Recapitulatie Titel 1, 2 en 3

Taakveld

Overhead

Totale Kosten

Totale Opbrengsten

Kostendekking

Kostendekking Titel 1

€ 114.044

€ 69.867

€ 183.911

€ 140.925

77%

Kostendekking Titel 2

€ 157.013

€ 28.302

€ 185.315

€ 289.374

156%

€ 271.057

€ 98.169

€ 369.226

€ 430.299

117%

Kostendekking Titel 3 Kostendekking totale tarieventabel

0%

Begraafplaatsleges Kosten 7.5

Bedrag Begraafplaatsen en crematoria

€ 61.484

Overhead

€ 14.773

BTW € 76.257

Totaal Kosten Opbrengsten

Bedrag € 13.540

1 Begraafplaatsen

€ 13.540

Totaal Opbrengsten Kostendekkendheidspercentage

18%

61

Afvalstoffenheffing Met betrekking tot de afvalstoffenheffing is gestreefd naar kostendekkende tarieven tot een niveau van ongeveer 100% (“de vervuiler betaalt”). Het landelijk gemiddelde tarief bedroeg in 2023 voor een meerpersoonshuishouden € 332, zoals in voorgaande tabel aangegeven was dit tarief op Vlieland in 2023 € 340

Afvalstoffenheffing 2023 jaarrekening Bedrag Kosten 7.3

Afval Overhead BTW

Totaal:

€ 262.403 € 62.083 € 28.340 € 352.826

Opbrengsten 1.1 Afvalstoffenheffing Totaal:

€ 335.714 € 335.714

Totaal kostendekkendheid:

95%

Reinigingsrecht 2023 jaarrekening Bedrag Kosten 7.3

Afval Overhead BTW

€ 132.887 € 68.705

Totaal:

€ 201.592

Opbrengsten 1.1 reinigingsrecht Totaal:

€ 171.464 € 171.464

Totaal kostendekkendheid:

85%

62

Rioolrechten De aanslagen zijn afhankelijk van het waterverbruik. Er zijn in totaal ongeveer 925 aansluitingen, waarvan er ongeveer 95% een tarief opgelegd krijgen van het basistarief van € 55,13 per 50m3 waterverbruik (of van een gedeelte van 50m3). Bij een verbruik boven 300m3 per jaar geldt een afwijkende staffel, dit geldt voor 45 aansluitingen. Het landelijk gemiddelde tarief voor rioolrechten was per huishouden in 2023 € 212,00. Deze tarieven zijn niet zo goed te vergelijken met onze tarieven omdat wij uitgaan van het waterverbruik, op basis hiervan liggen onze aanslagen voor huishoudens tussen de € 110 (verbruik tot 100m3) en de € 165 (tot 150m3).

Rioolheffing 2023 jaarrekening Bedrag Kosten 7,2

Riolering Reserves en voorzieningen Overhead BTW

Totaal:

€ 217.024 -€ 116.934 € 53.565 € 37.192 € 190.847

Opbrengsten 1,1 Rioolheffing Totaal:

€ 190.847 € 190.847

Totaal kostendekkendheid:

100%

Kwijtschelding Huishoudens met een inkomen op minimumniveau komen in onze gemeente in aanmerking voor kwijtschelding van lokale belastingen en heffingen. Kwijtschelding wordt verleend op basis van 100% van de bijstandsnorm, waarbij tevens een vermogenstoets plaats heeft. Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente volgt overigens de advisering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. In 2023 zijn 15 verzoeken om kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen ontvangen, 5 daarvan zijn afgewezen, 10 daarvan zijn (gedeeltelijk) toegekend. In 2023 werd voor een totaalbedrag van € 4.036,57 gemeentelijke belastingen kwijtgescholden. kwijtschelding gemeentelijke belastingen aantal

bedrag

2014

9

3.808

2015

10

4.818

2016

10

4.442

2017

12

4.287

2018

13

4.108

2019

7

2.850

2020

14

4.934

2021

7

2.782

2022

11

2.359

2023

10

4.037

63

(€)

Toeristenbelasting in aantallen overnachtingen 2018

2019

2020

2021

2022

2023

Vakantie-onderkomens

203.192

160.593

104.666

139.219

104.427

113.737

Hotels/Pensions

145.988

131.605

142.757

176.872

168.134

141.029

Groepsverblijven

7.440

7.078

1.013

2.226

2.822

2.822

Kampeerterreinen

192.477

198.335

174.109

199.190

206.753

214.243

Jachthaven

94.600

84.120

64.323

82.576

88.332

80.219

Totaal overnachtingen

643.697

581.731

486.868

600.083

570.468

552.050

Afgedragen overzettingen Doeksen (niet eilanders) Waddentaxi

174.140

211.368

211.665

220.874

214.708 232

1.374

419

Totaal aantal grondslag

864.571

661.240

812.825

782.552

796.439

207.174

759.224

In 2023 werden door Doeksen nog 273 overzettingen van voor 2023 afgerekend. Dit ontstaat door het verplaatsten van boekingen, het toeristenbelastingtarief wordt door Doeksen dan niet aangepast. De aanslagen moeten in 2024 nog worden opgelegd, vaak zijn na de eerste oplegging nog wat aanpassingen nodig waarvan de resultaten dan in het jaar van oplegging geboekt worden.

64

Paragraaf 2: Weerstandsvermogen en risicobeheersing In het Besluit Begroting en verantwoording provincie en gemeenten wordt het weerstandsvermogen omschreven als de relatie tussen de weerstandscapaciteit van de gemeente en alle risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. In feite zou het weerstandsvermogen ook kunnen worden omschreven als de mate waarin de gemeente in staat is omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat het beleid behoeft te worden aangepast. De weerstandscapaciteit dient dus om de continuïteit van de organisatie te waarborgen.

Incidentele weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen dat ingezet kan worden om eenmalige tegenvallers op te vangen. In beginsel betreft dit de opstelsom van het vrij aanwendbare deel van de algemene reserves en de stille reserves. In de in 2022 vastgestelde nota reserves en voorzieningen bedraagt de ondergrens van de algemene reserve € 1.000.000. Op 31 december 2023 bedraagt de algemene reserve € 2.850.467, exclusief het resultaat van 2023. De voeding en de beschikking over de reserve wordt jaarlijks door de gemeenteraad bepaald. Stille reserves zijn er zo goed als niet. In de begroting 2023 was een bedrag van € 210.200 opgenomen op de stelpost onvoorzien. Door middel van begrotingswijzigingen werd hier € 159.000 aan onttrokken. Deze post werd specifiek gebruikt voor begrotingswijzigingen die nodig waren door prijsstijgingen. Zoals bijvoorbeeld energiekosten en de kosten van strandbewaking die door indexering van de lonen gestegen is.

Structurele weerstandscapaciteit Met de structurele weerstandscapaciteit worden de middelen bedoeld die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. In de begroting 2023 was hiervoor een stelpost structureel onvoorzien opgenomen van € 70.000. De stelpost is bedoeld voor hogere rentelasten voor het aanttrekken van een lening in de toekomst. Tenslotte is in een beschouwing over weerstandscapaciteit de vraag naar de flexibiliteit van de kosten van belang. Hoewel strikt genomen niet passend binnen de definitie, omdat het terugbrengen van de kosten (bezuinigen) vaak tevens een beleidswijziging inhoudt, is het beoordelen van (de kosten van) het bestaande beleid bij het opvangen van de gevolgen van onvoorziene lasten als gevolg van risico’s een voor de hand liggende optie. De mogelijkheid om het bestaande beleid om te buigen wordt beïnvloed door de mate van (in)flexibiliteit van de kosten.

Inventarisatie van de risico’s Onderstaand volgt een korte inventarisatie van mogelijke risico’s. Wij hebben getracht deze lijst zo compleet mogelijk te maken. Toch is niet met zekerheid te zeggen of de lijst uitputtend is. Bovendien is het bij de meeste risico’s moeilijk gebleken deze te kwantificeren en te voorzien van een waarschijnlijkheid (kansberekening). Sociaal Domein Met name de kosten van individuele trajecten in de jeugdzorg vormen voor kleine gemeenten een risico omdat deze kosten van jaar tot jaar zeer kunnen verschillen. De kosten over 2021 bedroegen € 178.396, in 2022 € 66.347 en in 2023 laten de voorlopige cijfers een bedrag van € 133.573 zien. Als een jongere intensieve zorg nodig heeft kunnen de kosten oplopen tot € 100.000 per client per jaar. Regelmatig is het ook zo dat deze intensieve zorg langer nodig is dan een jaar. Ook maatwerkvoorzieningen kunnen van jaar tot jaar zeer verschillen. Bijvoorbeeld woningaanpassingen vormen een risico voor de gemeente Vlieland. In 2020 moest een aantal woningen worden aangepast. De totale gemeentelijke bijdragen voor woon- vervoers- en rolstoelvoorzieningen waren in 2020 € 183.429 maar in 2021 € 61.601 en in 2022 ook rondom dat bedrag: € 62.429 maar in 2023 schoten de kosten weer omhoog naar € 148.469. Kosten voor Huishoudelijke hulp lijken nu redelijk constant te zijn en liggen rond de € 67.000. jaarlijks.

Een reserve Sociaal Domein heeft de gemeente Vlieland niet. Toeristenbelasting De belangrijkste belastingopbrengst van de gemeente Vlieland is de toeristenbelasting (€ 1.597.000 op een totale opbrengst belastingen van € 3.814.000, dat is 42%). De grondslag van deze opbrengst is gevoelig voor de conjunctuur en afhankelijk van het weer (vooral in de jachthaven en op de kampeerterreinen). Daarnaast bestaat ten aanzien van

65

deze opbrengst het risico dat de grondslag wordt aangetast door structurele ontwikkelingen in de toeristische sector zoals wijzigingen in de vakantiebestemmingen van de gasten. Zorgwijk de Boswijk Er is een 40-jarige lineaire lening aan gegaan met een vast rentepercentage voor de gehele looptijd. Deze lening bedraagt € 15.084.000. Daarnaast gaat de gemeente er van uit dat het risico van leegstand en dus van huurderving minimaal is en slechts zal bestaan uit mutatieleegstand. Voor de woningen lijkt dat gezien de woningmarkt op Vlieland ook op langere termijn realistisch. De zorgvilla met zeven studio’s is ontworpen uitgaande van de visie in het Visiedocument De Bakens Verzet van “zo gewoon mogelijk wonen”, ook in een intramurale zetting van 7x24-uur zorg. Door een zorgvilla te maken met studio’s zonder de uitstraling van een instellingsgebouw, is de verwachting dat ook bij eventuele wijzigingen van de financiering van de ouderenzorg door de rijksoverheid, het vastgoed goed verhuurbaar blijft. Oftewel dat ook bij een nog verdere extramuralisering door het rijk, de zorgvilla z’n waarde en verhuurmogelijkheden behoudt. Tenslotte gaan we ervan uit dat er ook voor het welzijnsgebouw steeds voldoende huurders zullen zijn die de benodigde opbrengsten genereren.

Naast commerciële functies zoals bijvoorbeeld een fysiotherapiepraktijk en een kapper, zal het gebruik overigens voor een belangrijk deel bestaan uit het ouderenwelzijnswerk van de gemeente Vlieland. Dat betekent dat er vanuit het welzijnsbeleid voldoende middelen beschikbaar moeten zijn om dit gebruik mogelijk te maken. De geprognotiseerde exploitatielasten liggen jaarlijks rond de € 625.000 Al met al een groot project voor de gemeente Vlieland, waar wel wat onzekerheden aan kleven, die zouden kunnen leiden tot negatieve resultaten. Subsidies Stichtingen De gemeente verstrekt subsidies aan verschillende stichtingen. Met behulp van deze subsidies kunnen deze stichtingen voorzieningen, op het door de raad voor zowel inwoners als gasten van Vlieland gewenste niveau, in stand houden. Steeds meer dringt zich echter de vraag op, of voorzieningen op het huidige niveau in stand gehouden kunnen worden, met de subsidies zoals ze nu verstrekt worden. Bij één van de stichtingen is een gedetacheerde werknemer van de gemeente werkzaam. Wanneer de stichting niet meer kan blijven voortbestaan wordt de gemeente geconfronteerd met salariskosten van € 60.000. In 2022 is in verband hiermee een voorziening dubieuze debiteuren opgenomen.

Pensioen- en wachtgeldvoorziening wethouders Op grond van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) heeft een Arbeidsongeschikte burgemeester of wethouder recht op doorbetaling van zijn wedde tot zijn aftreden. Vervolgens is er recht op wachtgeld. Een arbeidsongeschikte wachtgeldgerechtigde kan recht houden op een verlengde uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Duurt daarna de arbeidsongeschiktheid van de burgemeester/wethouder/wachtgeldgerechtigde voort? Dan is er recht op een verlenging van de wedde of de wachtgelduitkering naar verhouding van de mate van arbeidsongeschiktheid tot uiterlijk de pensioengerechtigde leeftijd. Door verzekeringsvoorwaarden kan de gemeente in sommige gevallen ondanks een afgesloten arbeidsongeschiktheidsverzekering geconfronteerd worden met extra kosten. Daarnaast heeft de gemeente een voorziening voor het pensioen van wethouders. Grondslagen voor de waardering van deze voorziening zijn een rekenrente die in lijn is met de rente die geldt voor individuele waardeoverdrachten en de sterftetafel GBM/GBV met een leeftijdsterugstelling m/v 5/1 of v/m 3/3. Wijzigingen in rekenrente en sterfte tabel maken soms grote extra toevoegingen aan de voorziening nodig. Voor deze verhogingen van de voorziening is wel een jaarlijks budget opgenomen van € 50.000 maar de gemiddelde jaarlijkse toevoeging over de laatste 6 jaar bedroeg € 104.000.

66

Leningen Geldnemer

Restschuld per 31-12-2023

Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Flidunen Tennisvereniging Energie coöperatie Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Duinwijck gasvrij Stichting Noordwester

€ 250.000 € 178.750 € 22.917 € 183.333 € 560.714 € 4.827.586 € 140.000 € 400.000

Totaal

€ 6.563.300

Gewaarborgde geldleningen Voor liquiditeitstekorten van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de G8 staat de gemeente Vlieland garant tot een bedrag van € 908.000. Bij het instemmen met de koopovereenkomst met WoonFriesland op 11 juli 2011 heeft de gemeenteraad ingestemd met de gemeentelijke achtervangpositie bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Leningen van WoonFriesland ter financiering van investeringen in de gemeente Vlieland worden hiermee geborgd tot een bedrag van 10 miljoen. Mocht WoonFriesland zijn leningen niet meer kunnen afbetalen, dan neemt het WSW de betaalverplichtingen over. Als het WSW deze betaalverplichting niet uit eigen vermogen en bij de corporatie te innen obligo kan voldoen moeten Rijk en gemeente ieder voor 50% bijspringen. Op grond van hun rol als achtervanger moeten zij in dat geval renteloze leningen aan het WSW verstrekken. Ontwikkelingen Naast de hierboven genoemde risico’s zijn er de laatste jaren ook wat ontwikkelingen die voor elke gemeente risico’s met zich meebrengen; Extreme weersomstandigheden zorgen ervoor dat vastgoed kan worden beschadigd. We hebben in het verleden al tornado’s gezien die daken er af rukken, maar ook natheid, droogte en hitte kunnen bijvoorbeeld impact hebben op fundering, schilderwerk, wegen etc. Op de langere termijn van 10 jaar wordt dit risico naar verwachting groter.

Cyber onveiligheid zal als risico verder toenemen. Beheersmaatregelen zijn hiervoor, in tegenstelling tot het risico hiervoor, eenvoudiger zelf te nemen door een ISMS te implementeren. Inflatie kan de financiële positie van gemeenten bedreigen. We hebben de impact van de energierekening al gezien, maar ook op andere terreinen (onderhoudskosten, nieuwbouw, salarissen, ICT kosten, etc…) kunnen de kosten sterker stijgen dan verwacht. Het is goed om als gemeenten diverse scenario’s in beeld te hebben en middels simulatie het weerstandsvermogen te bepalen in hoeverre je deze risico’s kunt opvangen.

67

Financieel gevolg

Risico

Kansklasse

Benodigde weerstandscapaciteit

Sociaal domein Jeugdzorg

100.000

90%

90.000

Sociaal domein maatwerkvoorzieningen

100.000

70%

70.000

Toeristenbelasting

400.000

50%

200.000

Boswijk

625.000

10%

62.500

Subsidies stichtingen

60.000

30%

18.000

Pensioen en wachtgeldvoorziening wethouders

50.000

90%

45.000

Verstrekte leningen

6.563.300

10%

656.330

Garantstellingen

908.000

10%

90.800

Totaal van de riscio's

8.806.300

1.232.630

Voor het kwantificeren van de risico’s is gebruik gemaakt van onderstaande tabel; Kwantiteit 10%

Referentiebeelden 0 of 1 keer per 10 jaar

30%

1 keer per 5-10 jaar

50%

1 keer per 2-5 jaar

70%

1 keer per 1-2 jaar

90%

1 keer per jaar of meer

Kansklasse Toelichting kansklasse 1 Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waaran het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen. 2 Deze klasse hanteren we voor risico's waarvan het niet waarscdhijnlijk is dat ze zich in het komende jaar voordoen. 3 Deze klasse hanteren we voor risico's die zich in het komende jaar wel maar ook niet kunnen voordoen 4 Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waaran het waarschijlijk is dat ze zich in het komende jaar zullen voordoen. 5 Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waaran het zeer waarschijlijk is dat ze zich in het komende jaar gaan voordoen.

Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit/Benodigde weerstandscapciteit Beschikbare weerstandsvermogen Algemene reserve € 2.850.468 Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van bovenstaande risico-inventarisatie bedraagt het maximaal benodigde bedrag € 1.232.630. Het is echter niet waarschijnlijk dat alle risico’s tegelijk en in hun maximale omvang zullen optreden. Daarom gaan we uit van 90% zekerheid waardoor het bedrag aan benodigde weerstandscapaciteit € 1.109.367 bedraagt. De Ratio weerstandvermogen bedraagt 2,6, dit is conform onderstaande tabel uitstekend

Waarderingscijfer

Ratio

Betekenis

A

>2,0

Uitstekend

B

1,4 - 2,0

Ruim voldoende

C

1,0 - 1,4

Voldoende

D

0,8 - 1,0

Matig

E

0,6 - 0,8

Onvoldoende

F

<0,6

Ruim onvoldoende

68

Financiële Kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Om dit te bereiken is in het Besluit Begroting en Verantwoording op dit onderdeel vastgelegd dat deze paragraaf een aantal kengetallen moet bevatten: 1. Netto schuldquote 2. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 3. Solvabiliteitsratio 4. Structurele exploitatieruimte 5. Gemeentelijke belastingdruk

Schuldquote Balans per 31 december Activa

2022

2023

2023

w erkelijk

begroot

w erkelijk

Materiële vaste activa

26.109.800

27.296.200

26.243.500

Financiële vaste activa

6.527.600

6.198.600

6.598.500

4.900

5.800

5.700

4.360.000

873.600

4.984.000

liquide middelen

107.500

-2.133.800

102.500

overlopende activa

1.706.400

2.719.200

1.944.200

Totaal Activa

38.816.200

34.959.600

39.878.400

2022

2023

2023

w erkelijk

begroot

w erkelijk

algemene reserve

2.668.600

1.969.000

2.850.500

b estemmingsreserves

1.097.000

650.700

1.980.500

nog te b estemmen resultaat

1.167.000

342.400

1.196.300

Vaste activa

Vlottende activa Voorraden grond- en hulpstoffen

0

Voorraden b ouwgronden uitzettingen < één jaar

Passiva

0

Vaste passiva eigen vermogen

voorzieningen

4.737.400

3.890.800

4.753.100

vaste schulden > één jaar

27.772.100

26.804.800

26.804.800

Vlottende passiva 266.000

288.400

426.500

overlopende passiva

1.108.100

1.013.500

1.866.700

Totaal Passiva

38.816.200

34.959.600

39.878.400

2022

2023

2023

w erkelijk

begroot

w erkelijk

netto schuldguote

235%

275%

200%

netto schuldguote gecorrigeerd

168%

211%

140%

netto vlottende schulden < één jaar

Schuldquote

69

Wat is het? De nettoschuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De nettoschuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Nu kan er in een gemeente sprake zijn van het doorlenen, door weer aan andere partijen een lening te verstrekken: sportclubs, culturele organisaties, etcetera. Om vervolgens inzicht te krijgen in hoeverre sprake is van doorlenen moet de schuldquote zowel inclusief als exclusief doorgeleende gelden worden weergegeven. Op deze manier ontstaan twee indicatoren: 1. De netto schuldquote. 2. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. Waar is het voor? Deze indicatoren brengen in beeld in hoeverre de netto schulden zich verhouden tot de totale baten (inkomsten) van de gemeente. Hoe hoger het percentage, hoe meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten (investeringen) te financieren. Ten opzichte van de begroting 2023 hebben een aantal zaken geleid tot een wat positievere schuldquote; er is een geldlening van € 400.000 verstrekt en de liquidemiddelen zijn ruim hoger door uitgestelde investeringen. Dit is nodig want? Dit inzicht is uiteraard voor Vlieland zelf van belang, maar het is ook verplicht deze kengetallen in begroting en rekening op te nemen.

Samen met de andere vier financiële kengetallen geven ze een beeld van de financiële situatie van de gemeente. De wijziging in de schuldquote wordt veroorzaakt door het aantrekken van een lening voor het aankopen van gronden van Staatsbosbeheer en het ontwikkelen van de Boswijk. Eind 2020 stond deze lening nog voor een groot deel onder liquide middelen op de balans. In de loop van de jaren daarna is deze lening voor het grootste deel uitgegeven en is dus het kengetal schuldquote verder verhoogd. Ook op de solvabiliteitsratio is het aantrekken van deze lening van invloed.

Solvabiliteitsratio

Solvabiliteitsratio

2022

2023

2023

werkelijk

begroot

werkelijk

13%

8%

15%

Wat is het? De solvabiliteitsratio geeft aan welk deel (percentage) van het totaal van wat de gemeente aan geldwaarde heeft (balanstotaal) wordt gevormd door het eigen vermogen. Waar is het voor? De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om op de lange termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Met andere woorden: of ze alles kan betalen en of er voldoende geld beschikbaar is. Dit is nodig want? De solvabiliteitsratio is een veel gebruikt financieel vergelijkingsgetal. Het geeft relatief snel inzicht in de financiële positie van een organisatie en specifiek in de financiering. De stelregel is hierbij: hoe lager de solvabiliteit, hoe minder eigen vermogen de organisatie heeft om eventuele tegenvallers op te vangen of om te investeren. Het omzetten van een aantal bestemmingsreserves in voorzieningen in 2022 heeft invloed gehad op dit kengetal. Voorzieningen horen namelijk bij het vreemd vermogen en bestemmingsreserves bij het eigen vermogen.

70

Structurele exploitatieruimte Incidentele baten en lasten Lasten

Programma Omschrijving 8

Realisatie

63.349

Implementatie omgevingswet Ter voorb ereiding op de uitvoering van de nieuwe omgevingswet zijn kosten gemaakt. Het gaat met name om een ruimtelijk kwaliteitsplan en een omgevingsplan.

9

900.000

Instellen bestemmingsreserve regio deal Om te kunnen voldoen aan de eigen b ijdrage voor de Regio Deal programma Waddeneilanden is een b estemmingsreserve ingesteld.

Totaal

963.349

Baten

Programma Omschrijving

Realisatie

6

Onttrekking bestemmingsreserve ouderenhuisvesting In deze b estemmingsreserve wordt het saldo van b aten en lasten van de b udgetten voor ouderenhuisvesting geëgaliseerd.

57.154

7

Onttrekking bestemmingsreserve duurzaamheid De overschrijding van de b udgetten duurzaamheid is conform de notitie reserves en voorzieningen onttrokken aan de b estemmingsreserve duurzaamheid.

44.406

9

Onttrekking opnieuw te ramen budgetten t.l.v. algemene reserve Een aantal b udgetten konden in 2022 niet worden b esteed en werden daarom in 2023 opnieuw geraamd, voor zover ze ook daadwerkelijk zijn uitgegeven zijn deze b udgetten onttrokken aan de algemene reserve. Het b etreft een aantal incidentele b udgetten. Lasten t.l.v. deze b udgetten van enige omvang zijn in het overzicht incentele lasten opgenomen; implementatie omgevingsvergunning.

85.169

9

Bijdrage Algemene Reserve voor instelling bestemmingsreserve Regio Deal

900.000

Totaal

1.086.729

Structurele mutaties reserves Lasten Programma Omschrijving 7

Realisatie

Gedurende de looptijd van het duurzaamheidsprogramma 2023 - 2027 wordt jaarlijks € 118.000 aan de b estemmingsreserve Duurzaamheid toegevoegd om het programma te kunnen uitvoeren.

118.000

Baten Programma Omschrijving

7

Realisatie

Jaarlijks wordt € 33.000 aan de bestemmingsreserve Duurzaamheid € 33.000 onttrokken vanwege FTE uitbreiding voor duurzaamheid.

-33.000

Totaal

85.000

71

Kengetal structurele exploitatieruimte

2022

2023

saldo baten en lasten

-2.410

1.095

reservemutaties

3.577

102

jaarrekeningsaldo

1.167

1.196

incidentele B&L

-278

-123

structureel begrotingssaldo

889

1.073

% structurele exploitatieruimte

9%

10%

Wat is het? Deze indicator geeft aan of de jaarrekening structureel en reëel (echt) in evenwicht is. Hierbij gaat het om het onderscheid tussen structurele (meerjarige) en incidentele (eenmalige) inkomsten en uitgaven. Voorbeelden van vaste inkomsten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Structurele uitgaven zijn bijvoorbeeld de personeelskosten, kapitaallasten en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. De incidentele inkomsten en uitgaven verschillen per jaar. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Waar is het voor? Een begroting waarvan de vaste inkomsten en de vaste uitgaven over meerdere jaren niet veranderen en ongeveer even hoog zijn, is evenwichtiger en zekerder dan een begroting waarin de inkomsten en uitgaven per jaar in hoogte en aard verschillen. Bijvoorbeeld doordat er in het ene jaar inkomsten uit een verkoop zijn en er het jaar daarna niet. Dan is de begroting door de jaren heen afhankelijk van verschillende éénmalige zaken en daarmee zijn er meer onzekerheden. De structurele exploitatieruimte laat zien in hoeverre we structureel middelen beschikbaar hebben voor (noodzakelijk) beleidsinitiatieven. Dit is nodig want? De begroting moet structureel in evenwicht zijn en de provincie toetst daarop. Het is tevens verplicht dit kengetal in begroting en rekening op te nemen.

Samen met de andere vier financiële kengetallen geven ze een beeld van de financiële situatie van de gemeente.

Belastingcapaciteit Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit

2020

2021

2022

2023

Totale woonlasten voor gezin gem. WOZ-waarde

688

762

784

830

Woonlasten landelijk gemiddelde

776

811

905

942

Kengetal vaststelling gem.belastingcapaciteit

89%

94%

87%

88%

Wat is het? De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het Coelo publiceert ieder jaar deze lasten in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in die gemeente. Waar is het voor? De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Dit is nodig want? Een belastingcapaciteit van minder dan 100% geeft aan dat er nog ruimte is om belastingtarieven te verhogen.

Grondexploitatie De gemeente Vlieland kent slechts op beperkte schaal grondexploitatie.

72

Paragraaf 3: Onderhoud kapitaalgoederen Het is de bedoeling dat in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen het beleidskader omtrent het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte wordt gegeven. Alle kapitaalgoederen dienen onderhouden te worden en dit onderhoud is onder meer bepalend voor de kwaliteit van het voorzieningenniveau in onze gemeente.

Wegen Er is een nieuw meerjaren onderhoudsprogramma wegen 2022-2025 vastgesteld door de raad in de Programmabegroting 2022. Bij het opstellen van deze onderhoudsplanning is onderhoud van wegen afgestemd op de vervangingsplanning van de riolen. De voorziening laat tot 2026 een positief saldo zien, daarna bestaat de kans op een tekort, afhankelijk van de dan uit te voeren (grotere) werken. In 2021 heeft de raad daarom besloten het jaarlijkse wegenbudget met € 60.000 te verhogen. Per 31-12-2023 bedraagt de voorziening € 793.974, geraamd groot onderhoud werd uitgesteld terwijl er wel divers klein onderhoud werd uitgevoerd. Klein onderhoud mag niet ten laste van de voorziening worden gebracht. Hierdoor is de aanwending van de voorziening lager dan geraamd.

Rioleringen Op 29 mei 2017 stelde de raad het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016 – 2023 vast. In het rioleringsplan is de gemeentelijke zorgplicht ingevuld voor de inzameling van afvalwater, de inzameling en verwerking van hemelwater en de zorgplicht voor maatregelen tegen grondwateroverlast, voor zover die zorg niet tot de provincie of het waterschap behoort. Het plan geeft een vooruitblik op de te nemen maatregelen en de benodigde financiering daarvan, waarmee er ook duidelijkheid is over het verloop van de heffing in de komende jaren. Op 25 april 2022 stelde de raad een nieuw MJOP 2023-2032 vast. In de loop van 2023 is gewerkt aan het opstellen van de opvolger van het GRPO, een gemeentelijk Programma Water en Riolering. Dit zal in het voorjaar van 2024 gereed zijn, waarna een nieuw MJOP kan worden opgesteld. In 2023 is het riool in de Berkenlaan vervangen. In verband met de reconstructie van de dijk zijn met Rijkswaterstaat afspraken gemaakt om de vervanging van de drain in het voetpad c.q. de toekomstige weg onderaan de dijk te vervangen, de duiker voor hemelwaterafvoer te vergroten en de automatische afsluiting te vernieuwen. De voorziening riolering bedraagt per 31 december 2023 € 576.280.

Gebouwen project Boswijk – Boslaan 1: nieuwbouw zorgbuurt met zorg- en welzijnsgebouw en 36 woningen In april 2022 werd het project afgerond. De gemeente heeft met WoonFriesland afspraken gemaakt voor het onderhoud van de woningen. Het onderhoud voor het Zorg- en het Welzijnsgebouw zullen door de gemeente zelf worden uitgevoerd. In 2024 zal hiervoor een MJOP worden opgesteld. Helihaven – Havenweg 18A De gemeente is in 2020 eigenaar geworden van de helikopterhaven en -hangar en verhuurt het gebouw aan UMCG Ambulancezorg. Het gehele gebouw is in onderhoud bij de ambulancedienst zelf. Het landingsplatform met verlichting en hekwerken daarentegen is in onderhoud bij de Gemeente, maar maken geen deel uit van dit hoofdstuk. In 2023 zijn hiervoor werkzaamheden verricht om aan de vergunningsvereisten te voldoen door bijvoorbeeld aanpassingen van de signaleringen. Gemeentehuis – Dorpsstraat 127 Het kantoormeubilair is door personeelsuitbreidingen aan gepast en uitgebreid door duurzaam geproduceerd en circulair meubilair. Het gaat hierbij om de bureau- en vergaderstoelen, bureaus en tafels. De kantoorinrichting voldoet voor alle medewerkers en bestuurders aan de ARBO normen.

73

Voor het gemeentehuis is al eens een eerder plan aan de orde geweest om het geheel te verduurzamen. Wetgeving geeft aan dat kantoorgebouwen minimaal een label C moet hebben. Planvorming voor het huidige gebouw heeft na de verkiezingen stilgelegen, maar is in het najeer weer opgepakt. In 2024 zal het resultaat van dit onderzoek bekend zijn. Het onderhoud is daarop aangepast en is alleen beperkt tot het noodzakelijke. Voormalige bibliotheek – Dorpsstraat 152 Dit pand is in 2023 in gebruik genomen voor een jaar bij “De Creatieve Werkplaats”. Het mortuarium en de oude Vliering staan leeg, maar deze ruimte is geschikt voor de tijdelijk opslag van spullen tijdens de verbouw van de Noordwester. Het eventuele onderhoud is beperkt tot het meest noodzakelijke. De Jutter – Lutinelaan 3 Aandachtspunt zijn de vloeren, er wordt naar een oplossing gezocht voor de toplaag en vloerbedekking zal deels moeten worden vervangen. Inspanningen zijn verricht voor het nogmaals aanpassen van de invalidevoorziening. De oorzaak van de grote lekkage is gevonden. Omdat het een grote impact heeft wat werkzaamheden, maar ook financiën betreft wordt nog gezocht naar een geode oplosing. De verzekeraar werkt hier deels aan mee. Sportcomplex Flidunen – De Uitlegger 2 Het onderhoud, beheer van het gebouw en de technische installatie zijn in beheer van de gemeente.

In het voorjaar heeft de jaarlijkse groot onderhoudsronde plaatsgevonden. Aansluitend bleek dat de voegen van de perrons waren versleten, zodat er matten zijn gebruikt als noodmaatregel. Naast dit onderhoud is een externe benaderd voor een nulmeting en conditiescore om een toekomstperspectief te kunnen maken voor het Sportcomplex. Deze informatie is met het bestuur van de Stichting Flidûnen gedeeld en gezamenlijk wordt hiervoor naar een oplossing gezocht. Tot die tijd blijft het onderhoud en beheer van het gebouw en de technische installaties tot het hoogstnoodzakelijke beperkt om het complex open te houden. Bezoekerscentrum de Noordwester – Dorpsstraat 150 Voor de Noordwester is een separaat plan gemaakt voor de toekomst van het museum. Investeringen daarvoor zijn nu nog niet bekend evenals de uitvoeringsplanning daarvan. Tot die tijd zal minimaal (summier) onderhoud gepleegd worden aan het gebouw en de installaties. De voorziening onderhoud gebouwen bedraagt op 31 december 2023 € 296.961. Veel groot onderhoud aan de gebouwen werd uitgesteld.

Openbare Verlichting De (bovengrondse) openbare verlichting is in eigendom en beheer van de gemeente. Dit omvat de masten of palen, armaturen, lichtpunten (lampen) en aansluitpunten in de masten. Het huidige areaal van de gemeente bestaat uit 321 masten en 325 armaturen. In totaal is 60% van het totale areaal uitgerust met LED verlichting. Het onderhoud aan de openbare verlichting is volledig uitbesteed aan onderhoudsaannemer CityTec via de coöperatie Openbare Verlichting en Energie Fryslân. OVEF is een samenwerkingsverband tussen Friese gemeenten en de provincie Friesland. De coöperatie heeft één onderhoudsbestek voor het onderhoud van de lichtmasten: schadeafhandelingen, dagelijks en planmatig onderhoud van de masten, het schilderen en schoonmaken van de masten etcetera. Daarnaast heeft de coöperatie een beheerprogramma (Moon) voor het bijhouden van het openbare verlichtingsareaal en het melden van storingen en schades. Ook projecten kunnen ingevoerd worden in Moon. Oude of kapotte armaturen worden structureel vervangen voor standaard LED-armaturen. Vervanging vindt plaats als bij regulier onderhoud een armatuur vervangen blijkt te moeten worden en als onderdeel van grootschalige reconstructieprojecten van straatwerk- en rioleringswerken. Ook bij nieuwbouwprojecten in de openbare ruimte wordt de openbare verlichting aangepast naar LED verlichting.

Tenslotte worden ook lampen vervangen als ze kapot zijn. In december 2020 is het beleidsplan openbare verlichting ‘donker waar mogelijk, licht waar nodig’ vastgesteld door de raad. Hiermee zijn beleidskaders vastgesteld voor het beheer en onderhoud en de vernieuwing van openbare verlichting, om keuzes te (kunnen) maken om bijvoorbeeld de openbare ruimte meer of minder te verlichten, de huidige verlichting aan te passen en/of te verduurzamen en donkerte als waarde te borgen. Keuzes voor aanpassingen aan de openbare verlichting worden gemaakt volgens het afwegingskader per gebiedstype.

74

In mei 2022 is de meerjarenraming openbare verlichting vastgesteld, als onderdeel van de meerjaren onderhoudsplanning (MJOP) wegen. Hierin wordt een vooruitblik gemaakt van de benodigde vervangingsinvesteringen en onderhoudswerkzaamheden van openbare verlichting in de komende tien jaar. Er is gewerkt met vervangingen op basis van leeftijd van masten en armaturen. Wat is er uitgevoerd in 2023  Er is preventief onderhoud gepleegd aan lantaarnpalen op de Willem de Vlaminghweg en enkele op de Lutinelaan, deze hebben een schilderbeurt gekregen.  Uit het MJOP openbare verlichting volgt dat in 2023 een zestigtal armaturen op diverse locaties worden vervangen door LED verlichting. De levering van de nieuwe armaturen heeft vertraging opgelopen zodat de vervanging begin 2024 zal worden uitgevoerd.  Er zijn nieuwe LED units geplaatst in de verlichtingspaaltjes op De Zeester en De Blinkerd (pad vanaf de Helmweg).  In de jachthaven op de lichtmast bij de havenmond is een nieuw type armatuur zonder coating geplaatst als pilot, om te bekijken hoe het zich gedraagt in dergelijke weersomstandigheden. Na een jaar zal de fabrikant dit monitoren.

Tractie- en overige hulpmiddelen Er is een meerjarenoverzicht van afschrijvingstermijnen en vervangingen. Indien vervanging of uitbreiding noodzakelijk is wordt deze in de begroting opgenomen. Milieu speelt een belangrijke rol in de aanschaf. Voor de toekomst is het streven om op emissievrije voertuigen en machines over te gaan. De huidige beschikbare emissievrije voertuigen hebben nog redelijk veel beperkingen, of zijn nogal duur in aanschaf. Afval en infra In 2022 is er voor de dienst een nieuw compactvoertuig besteld met daarop een nieuwe zoutstrooier. De strooier is eind 2023 geleverd en het voertuig komt in de eerste week van januari 2024. In de loop van 2023 is het elektrisch voertuigje “piaggio porter” kapot gegaan. Het was te duur om deze nog te repareren. Deze is vervangen door een gebruikt bedrijfsvoertuig in een pick-up uitvoering. Op de milieustraat is de vuilpers vervangen. Groenvoorziening In het voorjaar van 2023 is er een nieuwe zitgrasmaaier geleverd. Waterstaatswerken In 2007 sloten de gemeente Vlieland en Rijkswaterstaat een overeenkomst ter overdracht van eigendom, beheer en onderhoud van waterstaatswerken te Vlieland. Het betreft de voormalige werkhaven van Rijkswaterstaat, de steenglooiing langs het Zuiderstrand, en de strandovergangen. Op 24 mei 2022 stelde de raad een nieuw MJOP voor het onderhoud van deze werken 2023-2032 vast.

Na de zomer van 2023 is opdracht gegeven voor het aanleggen van een proefstuk van de bekleding van de glooiing langs het Zuiderstrand nabij de Lange Paal. Door slechte weersomstandigheden in de herfst van 2023 kon dit echter nog niet worden uitgevoerd. De voorziening waterstaatsobjecten bedraagt per 31 december 2023 € 2.176.995.

75

Paragraaf 4: Financiering Het doel van deze paragraaf is om de raad te informeren over het financieringsbeleid en de beheersing van financiële risico’s. Anders dan in de paragraaf “weerstandsvermogen” gaat het in de financieringsparagraaf om risico’s die goed kwantificeerbaar zijn. In de paragraaf “weerstandsvermogen” zijn risico’s opgenomen, die door de gemeente beperkt of niet beïnvloedbaar zijn en waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. Voor de financieringsrisico’s kan vooraf wel een inschatting worden gemaakt van de bedragen, die met de verschillende risico’s gemoeid zijn. Interne ontwikkelingen Voor een goede uitvoering van de financieringsfunctie is het tijdig, juist en volledig beschikbaar hebben van financiële informatie van wezenlijk belang. Hierbij gaat het bij onze gemeente met name om de informatie die betrekking heeft op de liquiditeitsplanning. Externe ontwikkelingen Een belangrijke factor bij financieringsbeleid is het verwachte verloop van de rente. De rente is in 2023 gestegen en een verdere stijging wordt geprognotiseerd. Financieren Wij streven ernaar de benodigde leningen tegen zo laag mogelijke kosten aan te trekken en tegelijkertijd de renterisico’s van de gemeente te beheersen. Daartoe wordt bij het afsluiten van leningen rekening gehouden met de bestaande liquiditeitsplanning, de rentevisie en de renterisiconorm.

Verwezen wordt naar het financieringsstatuut. Vaste opgenomen geldleningen Op 31 december 2023 bedraagt de boekwaarde van alle vaste geldleningen € 26.804.800. Het gemiddelde rentepercentage bedroeg 1,32 %. Verstrekte vaste geldleningen en kapitaalverstrekkingen De gemeente heeft aan derden langlopende geldleningen verstrekt. De leningen zijn rentevast en deels vervroegd aflosbaar. Per 31 december 2023 bedraagt de boekwaarde van alle verstrekte geldleningen € 6.563.300. Het gemiddelde rentepercentage bedroeg 2,6 %. Kasgeld In 2023 werd een kasgeldlening verstrekt van € 23.000. Rentekosten en opbrengsten In de begroting is rekening gehouden met rentekosten van € 366.388, de werkelijke kosten bedroegen € 366.469. Op de schatkistbankieren rekening wordt inmiddels ook weer rente ontvangen, aangezien onze liquiditeit beter was dan geraamd bracht dit meer op dan geraamd: € 121.852. Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij het uitvoeren van het financieringsbeleid zijn koersrisico’s renterisico’s en kredietrisico’s. Hieronder wordt weergegeven op welke wijze de gemeente deze risico’s beheerst. Koersrisicobeheer Door de invoering van de wet schatkistbankieren zijn koersrisico’s niet meer aanwezig. Voor decentrale overheden betekent schatkistbankieren dat zij al hun overtollige middelen aanhouden in de schatkist bij het ministerie van Financiën.

Dit houdt in dat geld en vermogen niet langer bij bijvoorbeeld banken buiten de schatkist mogen worden aangehouden. Overtollige middelen mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet wordt genoemd in de uitvoeringsregeling van de wet Financiering decentrale overheden. Deze limiet stelt een grens aan de korte financiering die gemeenten hanteren voor de financiering van lopende uitgaven om tijdelijke liquiditeitstekorten op te vangen. Een gemeente mag slechts een beperkt deel van de begroting met kort geld financieren. Een langere vastlegging van de geleende middelen zorgt voor een beter voorspelbare rentelast. De bovengrens is gesteld op een bedrag ter

76

grootte van een percentage (8,5%) van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente, met een minimum van € 300.000. De Wet Fido geeft aan dat de kasgeldlimiet niet mag worden overschreden. Indien een overschrijding voor het derde achtereenvolgende kwartaal geschiedt, dan dient de toezichthouder daarvan middels een rapportage op de hoogte te worden gebracht en dient een plan te worden overgelegd waarin is vermeld hoe de gemeente binnen de kasgeldlimiet blijft. Het geheel is aan goedkeuring onderworpen. De kasgeldlimiet is in 2023 geen drie achteréénvolgende kwartalen overschreden. Renterisiconorm De gemeente loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet fido de renterisiconorm geformuleerd. Het doel van deze norm is het voorkomen van een overmatige afhankelijkheid van het renteniveau in één bepaald jaar, ter bescherming van de gemeentelijke financiële positie. Het renterisico is een optelsom van leningen met renteherziening en aflossingen.

Renteriscio's 2023-2026 (bedragen x € 1.000) Renteherzieningen Aflossingen Renterisico

2023

2024

2025

2026

0 967 967

0 923 923

0 930 930

0 933 933

Berekening renterisconorm 2023 Begrotingstotaal primaire begroting 2023 Renterisico percentage Renterisiconorm

10793 20% 2.159

Toetsing renterisco aan norm 2023 Renterisico Renterisiconorm Onderscheiding

967 2.159 1.192

Hoe wordt de rente verdeeld? De rentekosten worden met behulp van de activastaat toegerekend aan de taakvelden op basis van een omslagrente. Hierbij worden de totale rentekosten eerst gecorrigeerd met de doorgeleende geldleningen en de project gebonden financieringen. Kredietrisico’s De gemeente heeft in 2023 slechts in zeer beperkte mate te maken gehad met kredietrisico. Deze hebben onder andere betrekking op de uitzettingen in het kader van de publieke taak. Het gaat om de volgende uitgezette leningen; Geldnemer

Restschuld in euro’s per 31-12-2023 400.000 560.714 178.750 22.917 183.333 4.827.586 250.000 140.000 6.563.300

Stichting de Noordwester SRV Flidunen TCV '91 Energie coöperatie SRV SRV St. Duinwijck gasvrij Totaal

77

Paragraaf 5: Bedrijfsvoering Inleiding De bedrijfsvoering bestaat uit de onderdelen personeel & organisatie, financiën, informatisering & automatisering en huisvesting. Het doel van deze paragraaf is het inzichtelijk maken aan de gemeenteraad van de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering.

Algemeen De algemene leiding ligt bij de gemeentesecretaris/algemeen directeur die tevens leidinggevende is van het team Beleid. Bij afwezigheid wordt hij vervangen door de loco-secretaris/adjunct directeur. Naast het team Beleid zijn er de teams Uitvoering & Ondersteuning en de Buitendienst elk met een eigen teamleider. Deze twee leidinggevenden en de gemeentesecretaris vormen te samen het MT dat eens in de maand bijeen komt. Gezamenlijk komen beide teams, inclusief de teamleider Buitendienst, wekelijks bij elkaar. Hier wordt een terugkoppeling gegeven van de behandelde zaken in het college en worden overige lopende zaken besproken. De algemeen directeur bezoekt maandelijks de Buitendienst voor een afstemmingsoverleg. Daarnaast zijn er bilaterale overleggen tussen individuele medewerkers en hun leidinggevenden. Ook wordt er op thema’s/onderwerpen/projecten samengewerkt in wisselende samenstellingen.

Samenwerking Waddeneilanden De eilanden zijn beter in staat invulling te geven aan de programma’s/speerpunten die vanuit de samenwerking gevoed worden. De samenwerking is vastgelegd in een Gemeenschappelijke Regeling. Tevens is het samenwerkingsverband een convenant overeengekomen met het ministerie van Binnenlandse Zaken en de Provincies Noord-Holland en Friesland. Het convenant beschrijft de samenwerking en verzekert de bestuurlijke zelfstandigheid van de eilanden voor de komende jaren. Nadere toelichting over de werkzaamheden in het samenwerkingsverband vindt u bij het programma Algemeen Bestuur en bij de paragraaf Verbonden Partijen.

Personeel en organisatie In verband met het binnenhalen van de Regio Deal en met het oog op het aanstaande vertrek van enkele medewerkers vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd (tussen nu en 2028), is de personeelsformatie (tijdelijk) uitgebreid met twee junior beleidsmedewerkers. Tevens heeft er uitbreiding formatie (2 fte) plaatsgevonden in verband met werkzaamheden op het gebied van duurzaamheid, sport, onderwijs en cultuur. De invulling van deze vacatures heeft plaatsgevonden eind 2023. De start van deze nieuwe medewerkers was in januari 2024.

Rechtmatigheidsverantwoording Gemeenten moeten in de financiële verslaglegging niet alleen de verantwoording afleggen over het aspect getrouwheid (kloppen de cijfers), maar ook over het aspect rechtmatigheid (zijn de cijfers volgens de geldende regels tot stand gekomen). Met ingang van het boekjaar 2023 ligt de verantwoording voor het aspect rechtmatigheid bij het college van burgemeester en wethouders. De invoering van deze verantwoording verloopt gefaseerd. Naar verwachting komt daarom in de loop van 2024 aangepaste regelgeving, die mogelijk leidt tot weer aanpassen van (financiële) verordeningen. Bij de jaarrekening dient de accountant een oordeel over de getrouwheid te geven. De controle rechtmatigheid wordt voor wat betreft de belastinginkomsten door de gemeente Leeuwarden uitgevoerd. De overige controles worden intern gedaan. De accountant beoordeelt of deze controle getrouw is uitgevoerd. Het resultaat van dit traject is dat wij op het gebied van de financiële rechtmatigheid inzichtelijk hebben hoe wij presteren in de zin van weten waar het goed gaat en waar nog verbeteringen moeten worden doorgevoerd. Naar aanleiding van de controles wordt steeds gewerkt aan verbetering, medewerkers worden zich er bijvoorbeeld van bewust welke controlemogelijkheden zij voor hun eigen werkzaamheden kunnen uitvoeren.

78

Het college is van mening dat de verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de vastgestelde materialiteitsgrens van 1% van de totale lasten inclusief de toevoegingen aan de reserves. In 2023 is dit € 109.641.

Interne controle Het college komt tot haar mening omdat ze jaarlijks, op basis van het vastgestelde plan interne controle, expliciet onderzoek laat doen naar de rechtmatigheid van haar beheershandelingen. Ook dit jaar zijn deze controlewerkzaamheden volledig uitgevoerd en gedocumenteerd vastgelegd. Over detailbevindingen is intern op managementniveau gerapporteerd; waar nodig zijn of worden corrigerende maatregelen genomen. Zoals afgesproken in de financiële verordening wordt in deze paragraaf gerapporteerd over de belangrijke bevindingen.

Materiële bevindingen Tijdens de werkzaamheden bij de interne controle zijn de geconstateerde fouten (en onzekerheden) besproken met de verantwoordelijke budgethouders. Uit de interne controles zijn diverse aanbevelingen naar voren gekomen zoals opstellen van procesbeschrijvingen, het ontwikkelen van risicomanagement beleid, het aanleggen van een contractenregister, bewaking van het proces inhuur met name met de overschrijding van de drempelbedragen Europees aanbesteden, aandacht voor dossiervorming en/of ontbrekende documenten en kleine niet materiele fouten. Ook zal het vastleggen van een prestatie akkoord een prominentere plaats moeten krijgen in het het inkoopproces. Daar waar nodig is meteen actie ondernomen en zullen correcties worden doorgevoerd. Vanuit de diverse controles is een actie lijst ontstaan die onderwerp van gesprek zal zijn in de overleggen van de betreffende medewerkers met hun leidinggevenden. Concluderend is na evaluatie vastgesteld dat er geen materiële financiële onrechtmatigheden uit de deelwaarnemingen naar voren zijn gekomen.

Begrotingscriterium Beoordeling van overschrijding van de begroting op programma-niveau is volgens de BBV aanwijzingen onderdeel van de rechtmatigheidstoets. Op grond van de Financiële verordening (artikel 5) is bepaald dat het college er zorg voor draagt dat de lasten van de programma’s zoals geautoriseerd in de (gewijzigde) begroting niet worden overschreden. Maar ook niet gerealiseerde baten of kosten onderschrijdingen kunnen voor de raad een belangrijk signaal zijn en moeten aan hen gemeld worden. In het controleprotocol is uitgelegd wanneer een afwijking ten opzichte van de begroting rechtmatig is en wanneer niet. In het algemeen komt het erop neer dat over- en onderschrijdingen onrechtmatig zijn indien ze in strijd zijn met het gemeentelijk beleid. Voor de oordeelsvorming is bovendien van belang in hoeverre hogere lasten worden gecompenseerd door gerelateerde hogere inkomsten. Tot het toetsingskader behoren ook de investeringskredieten. Overschrijdingen op deze kredieten moeten altijd worden toegelicht. Deze toelichting is te vinden in het investeringen overzicht in de toelichting op de balans onder de Materiële Vaste Activa. In het programma jaarverslag worden per programma de belangrijkste verschillen tussen de begroting na wijziging en de rekening verklaart.

In deze overzichten zijn zowel over- als onderschrijdingen van de kosten en baten budgetten genoemd en toegelicht. In de jaarrekening is in de toelichting op de programmarekening over begrotingsrechtmatigheid verantwoording afgelegd. Wij verwijzen hier kortheidshalve naar. Wij concluderen dat er zich geen onrechtmatige overschrijdingen hebben voorgedaan.

Voorwaardencriterium Besteding en inning van gelden door de gemeente zijn aan bepaalde voorwaarden verbonden. Deze voorwaarden liggen vast in wetten en regels van hogere overheden en in de (eigen) gemeentelijke regelgeving. Met de vaststelling van het normenkader en het toetsingskader is bepaald welke (eigen) voorwaarden dit zijn. Belangrijk hierbij is dat de financiële voorwaarden onverkort van toepassing zijn op alle regels. Bij de financiële voorwaarden gaat het

79

bijvoorbeeld om het recht op een subsidie of uitkering (de juiste doelgroep), de hoogte (de juiste berekening) en de duur. Daarnaast zijn er ook niet-financiële voorwaarden, zoals bijvoorbeeld de ingangsdatum van een regel, de termijnen voor aanvragen, gereed meldingen en toekenningen, het nemen van een beslissing door het bevoegde orgaan of de bevoegde persoon en het verkrijgen en bewaren van bewijsstukken. De controle heeft voornamelijk plaatsgevonden op de financiële voorwaarden.

M&O-criterium Onder misbruik (M) wordt verstaan het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte (te hoge) subsidies of uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Onder oneigenlijk gebruik (O) wordt verstaan het volgens de regels van de wet, maar in strijd met de bedoeling van de wet, verkrijgen van (te hoge) subsidies of uitkeringen, alsmede het niet of tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid. De gemeente moet door M&O-beleid en interne procedures de risico’s hiervan beheersen en tot een minimum beperken. Het beperken van risico’s moet worden bereikt door een mix van maatregelen. Bij misbruik (fraude) passen maatregelen als fraudepreventie, controle, fraudeopsporing en sancties. Bij oneigenlijk gebruik (“de mazen van de wet”) passen maatregelen als voorlichting, controle, analyse toepassing en actualisering wet – en regelgeving. Misbruik is onrechtmatig, oneigenlijk gebruik niet. Door de raad is in verschillende verordeningen en besluiten M&O-beleid vastgesteld. Overkoepelend beleid is nog niet aanwezig.

Aangezien voor bestaande procedures moet worden getoetst in hoeverre deugdelijke maatregelen ter voorkoming van misbruik- en oneigenlijk gebruik zijn genomen, is de vooronderstelling gerechtvaardigd dat binnen de belangrijkste procedures reeds (informeel) adequate maatregelen zijn getroffen ter waarborging van de getrouwheid van de financiële verantwoording. Er is over 2023 niet gebleken dat de vooronderstelling niet klopt. Er zijn ons dan ook geen gevallen van misbruik en oneigenlijk gebruik bekend.

Overige rechtmatigheidsaspecten De overige rechtmatigheidsaspecten bestaan uit de financiële rechtmatigheid en de financiële beheerhandelingen, waarvan het college het rechtmatigheidsaspect niet goed kan overzien. Bij de financiële beheerhandelingen waarvan het college de rechtmatigheidsaspecten niet goed kan overzien moet u denken aan de regels voor inkoop en aanbesteding (waaronder Europese aanbesteding) en staatssteun. In uitzonderlijke gevallen zou het bij de interne controle kunnen leiden tot onduidelijkheden. Deze onduidelijkheden moeten zoveel mogelijk worden voorkomen maar waar deze onverhoopt toch voorkomen zal het college ze binnen een redelijke termijn verhelderen. In de hierboven beschreven situatie vloeit de onduidelijkheid voort uit de complexiteit van de regelgeving en jurisprudentie (en de interpretatie daarvan in concrete situaties) en niet uit het al dan niet zichtbaar toetsen op naleving door de gemeente. In 2023 was geen sprake van onduidelijke situaties tijdens de interne controle. Er heeft in 2023 geen Europese aanbesteding plaatsgevonden. Er hebben zich in 2023 geen vormen van staatssteun voorgedaan.

80

Paragraaf 6: Verbonden partijen Vanwege bestuurlijke, beleidsmatige en financiële belangen en mogelijke risico’s is het gewenst dat in de begroting en jaarrekening aandacht wordt besteed aan de verbonden partijen. Een verbonden partij is een derde rechtspersoon, waarbij de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Verbonden partijen voeren beleid uit voor de gemeente en zijn onder te verdelen in private- en publieke verbonden partijen. Een publiekrechtelijk verbonden partij is in de meeste gevallen opgericht op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). De gemeenschappelijke regeling regelt de vertegenwoordiging van de deelnemende gemeente in het bestuur en de financiële aansprakelijkheid van elke gemeente. Bij een faillissement van een gemeenschappelijke regeling zijn de deelnemende gemeenten verantwoordelijk voor een eventueel nadelig saldo. Bij de behandeling van de begroting en begrotingswijzigingen en soms ook bij de jaarrekening hebben de gemeenten de mogelijkheid om hun gevoelens over die stukken kenbaar te maken. Bij privaatrechtelijke verbonden partijen kan het gaan om stichtingen, verenigingen, BV’s en NV’s.

Het college van burgemeester en wethouders kan tot het oprichten van en/of het deelnemen in een privaatrechtelijke rechtspersoon slechts besluiten indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang (artikel 160, tweede lid, van de Gemeentewet). Voor een dergelijk collegebesluit is goedkeuring van het college van Gedeputeerde Staten nodig (artikel 160, derde lid, van de Gemeentewet). De gemeente Vlieland kent zes publiekrechtelijke verbonden partijen en vier privaatrechtelijke verbonden partijen. Genoemd kan worden dat de gemeente Vlieland middels personele unies van collegeleden in besturen van stichtingen participeert of als voornaamste subsidieverstrekker optreedt, waardoor sprake kan zijn van verbonden partijen. Hieronder wordt in een overzicht weergegeven in welke verbonden partijen de gemeente bestuurlijk en financieel participeert. En ook wie de gemeente vertegenwoordigt bij de diverse regelingen. Daarna worden de verbonden partijen afzonderlijk weergegeven met aanvullende informatie zoals in artikel 15 van Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten wordt voorgeschreven.

81

Overzicht verbonden partijen Bestuurlijk vertegenwoordiger Publiekrechtelijke verbonden partijen, de gemeenschappelijke regeling Sociale Dienst Noord West Fryslân

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

Centrumregeling Sociaal Domein Fryslân

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO)

Burgemeester M. Schrier.

Veiligheidsregio Fryslân

Burgemeester M. Schrier

Samenwerkingsverband Waddeneilanden

burgemeester M. Schrier

“Welstandszorg Hûs en Hiem”

wethouder R. de Jong

Privaatrechtelijke verbonden partijen N.V. Afvalsturing Friesland (Omrin);

wethouder R. de Jong

N.V. Fryslân Miljeu Noardwest;

wethouder R. de Jong

Stichting Kredietbank Nederland

Burgemeester M. Schrier

N.V. Bank Nederlandse Gemeenten; Subsidie ontvanger, verenigingen of stichtingen

Burgemeester M. Schrier

Stichting Flidunen

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

Stichting Aanloophaven

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

Stichting Recreatiebelangen Vlieland

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

82

Gemeenschappelijke regeling Sociale Dienst Noord West Fryslân Rechtsvorm Vestigingsplaats Doelstelling en openbaar belang

Relatie met beleidsprogramma Deelnemende partijen Bestuurlijk belang

Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) Franeker De Dienst heeft als doel het (doen) uitvoeren van taken van de deelnemende gemeenten op de terreinen van sociale zekerheid, maatschappelijke zorg, jeugdzorg en gesubsidieerde arbeid, voor zover een gemeente op één van deze terreinen geen uitdrukkelijk voorbehoud heeft gemaakt. Sociale Voorzieningen en Maatschappelijke Dienstverlening Waadhoeke, Harlingen, Terschelling, Vlieland. Per 1 januari 2021 is de gemeenschappelijke regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noordwest Fryslân vervallen en omgezet naar een bedrijfsvoeringorganisatie (BVO), tezamen met de gemeenten Waadhoeke, Harlingen en Terschelling. De Dienst blijft de volgende taken voor de gemeenten uitvoeren:  Monitoren van de beleidsuitvoering  De toegang tot de inkomensvoorzieningen  Het beschikken (in mandaat van de gemeente)  De behandeling van bezwaar en beroep  De uitvoering van het contractmanagement  De administratie  Het betalen Er is een intergemeentelijk beleidsteam voor de gemeente Vlieland, Terschelling en Waadhoeke die het beleid formuleert. De volgende taken zijn bij de gemeenten Waadhoeke, Harlingen, Vlieland en Terschelling belegd:  het vaststellen van de begroting voor het sociale domein  het vaststellen van beleid  Het evalueren van beleid  de uitvoering van de toegang tot jeugd en WMOmaatwerkvoorzieningen.

Bij het vaststellen van beleid kunt u denken aan het vaststellen van de verordeningen op het sociale domein (WMO, Jeugd en Participatie) maar ook het vaststellen van het inkoopbeleid is weer een verantwoordelijkheid van de gemeenteraad. Bestuurlijk betekent dit dat zowel het college als de raad meer zeggenschap heeft over de inhoud van de lokale wetgeving (verordeningen) en het lokale beleid.

Bestuurlijk aandeel

Financieel belang Bijdrage gemeente

De raad van de gemeente Waadhoeke wijst drie leden aan. - De raad van de gemeente Harlingen wijst twee leden aan. - De raad van de gemeente Terschelling wijst één lid aan. - De raad van de gemeente Vlieland wijst één lid aan. De raad kan daarbij per lid één vaste plaatsvervanger aanwijzen. De raden van de gemeenten beslissen in de eerste vergadering van elke zittingsperiode over de aanwijzing van de leden van het algemeen bestuur. 2022: € 106.750 bedrijfsvoeringskosten

83

Eigen vermogen Vreemd vermogen Solvabiliteitsindex Financieel resultaat Ontwikkelingen Risico’s

2022: € 654.806 2022: € 9.479.424 2022: 6,46% 2022: €0

84

Centrumregeling Sociaal Domein Fryslân

Rechtsvorm Vestigingsplaats Doelstelling en openbaar belang

Centrumregeling Leeuwarden Het college en de burgemeester van de centrumgemeente (Leeuwarden) voeren voor het college en de burgemeester van de gastgemeenten de inkoop, de regiocoördinatie en het accounthouderschap voor gecontracteerde partijen en facultatief het financieel-administratief verwerken alsmede het cliëntenbeheer uit. wettelijk verplichte samenwerking voor de WMO:  Beschermd wonen  Maatschappelijke opvang en vrouwenopvang  Veilig thuis, waaronder advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling wettelijk verplichte samenwerking voor de Jeugdwet:  gesloten jeugdhulp  jeugdbescherming  jeugdreclassering Vrijwillige samenwerking voor de WMO:  Openbare GGZ  Preventief verslavingsbeleid  Prostitutiebeleid  Mensenhandel Vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet:  spoedeisende zorg, als bedoeld in de Norm voor Opdrachtgeverschap  weinig voorkomende jeugdhulp, als bedoeld in de Norm voor Opdrachtgeverschap  pleegzorg  Hoog specialistische zorg  Gespecialiseerde jeugdhulp (specialistische jeugdhulp, ernstig enkelvoudige dyslexie en wonen)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vlieland&id=0ed58ef8-5308-4e9a-932b-e9b3676e6f68