Jaarrekening 2022.pdf
Tekst van het document
Baten 54.149 4.294.914 246.203
Saldo 18.222 4.294.914 -53.552
93.421
8.833
-84.588
0
2.674.591
2.674.591
1.467.373 1.896.477
397.856 7.676.547
-1.069.517 5.780.070
Begroting voor wijziging 2022
Begroting na wijziging 2022
Rekening
0
0
0
2022
Samenstelling rekening huidig jaar 900 920 940 950 970 990 Totaal
Beleggingen en financieringsresultaat Uitkeringen gemeentefonds c.a. Gedetacheerd personeel en werken voor derden Wet WOZ en heffen en invorderen belastingen Gemeentelijke belastingen algemene middelen Mutaties van reserves
Investeringen
Totaal
61
2022
Resultaat Recapitulatie algemene dekkingsmiddelen Begroting voor wijziging 2022
Begroting na wijziging 2022
2.662.600
2.662.600
2.674.500
3.900
3.900
18.200
Algemene uitkering
3.511.000
4.265.100
4.294.900
Wet WOZ en heffen invordering belastingen
-123.600
-123.600
-84.600
Onvoorzien
-95.000
-120.000
Overige baten en lasten
0
0
-5.200
Gedetacheerd personeel
-49.700
-56.200
-48.400
5.909.200
6.631.800
6.849.400
Lokale heffingen Beleggingen en financieringsresultaat
Totaal batig resultaat voor bestemming
62
Rekening 2022
Taakveld 0.5 treasury: liquiditeitenbeheer en financiering Door actief budgetbeheer wordt getracht de geldstromen die gemoeid zijn met de uitgaven en de inkomsten zo goed mogelijk te beheersen. Ook in 2022 werd daarbij gewerkt overeenkomstig de geldende budgethoudersregeling en het treasurystatuut. Specificatie berekening rente omslag;
Werkelijke rente Betaalde rente voor kort- en langlopende leningen -\- Ontvangen rente
386.270 187.449-\-
Totaal
198.888
-\- Rentelast naar grondexploitatie -\- Rentelast naar projectfinanciering +\+ Rentebaten verstrekte leningen met projectfinanciering
0 183.146-\141.450
Per saldo aan taakvelden toe te rekenen werkelijke externe rente
167.482
+\+ Fictieve rentekosten eigen vermogen +\+ Fictieve rentekosten voorzieningen
0 0
Totaal via omslag aan taakvelden toe te rekenen netto rentekosten
167.482
Berekening renteomslag Boekwaarde 1-1 mat., immat. en fin.vaste activa -\- projectgefinancierde en verstrekte leningen
30.063.162 19.599.270-\-
Boekwaarde als grondslag voor renteomslag
10.463.892
Omslagpercentage Aan taakvelden toegerekende rente (objectfinaciering BNG 40.104019, 40.113789 en 40.115023) Aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
1,6006%
Rente resultaat op het taakveld treasury
10.357
183.146 167.482
Langlopende schulden 2022 Onderstaand overzicht geeft een specificatie van de langlopende schulden w eer; Jaar van Oorspronkelijk laatste bedrag van de aflosgeldlening sing 870.350 2034 1.000.000 2023 2.500.000 2028 2.000.000 2038 1.000.000 2028 5.000.000 2056 16.500.000 2060 5.000.000 2051 totaal
RenteperLecenningtage vorm Geldgever 4,800 ann. 4,510 lin. 4,770 lin. 5,025 ann. 5,200 lin. 1,610 ann. 0,890 lin. 0,465 lin.
Restschuld 1 januari 2022
BNG 98922 BNG 98025 BNG 98176 BNG 40.103842 BNG 40.104019 t.b.v. SRV BNG 40.110467 BNG 40,113789 BNG40.115023
492.638 100.000 700.000 1.468.228 350.000 4.535.220 16.087.500 5.000.000 28.733.586
63
Opgenom en bedrag
Rentelast 2022 0 0 0 0 0 0 0 0 0
22.971 3.744 31.874 72.631 17.894 71.971 142.261 22.992 386.337
Aflossing 2022 28.168 50.000 100.000 56.695 50.000 97.493 412.500 166.667 961.523
Restschuld 2022
464.470 50.000 600.000 1.411.533 300.000 4.437.727 15.675.000 4.833.333 27.772.063
De gemiddelde rentelast in 2022 op de langlopende leningen bedroeg 1,35%. Dit percentage ontwikkelde zich in de loop der tijd als volgt; 2013 5,04 2014 5,02 2015 5,02 2016 3,50 2017 3,18 2018 3,14 2019 3,10 2020 1,75 2021 1,46 2022 1,35 De plotseling daling van dit rentepercentage in 2020 heeft natuurlijk te maken met de lening die in 2020 is aangetrokken voor de ontwikkeling van de Boswijk en de aankoop gronden van Staatsbosbeheer. Laten we deze lening en ook de andere projectgebonden leningen buiten beschouwing dan komt het percentage op 2,8% uit.
Dividend Verantwoord zijn de volgende dividenden: Begroting na wijziging 2022
Bank Nederlandse gemeenten
Begroting voor wijziging 2022 4.000
4.000
8.000
Af: toegerekende rentelasten Totaal
100 3.900
100 3.900
100 7.900
64
Rekening 2022
Taakveld 0.6 Lokale heffingen Begroting voor wijziging 2022
Begroting na wijziging 2022
Rekening 2022
Onroerendezaakbelasting niet woning
344.000
344.000
306.100
Onroerdende zaakbelasting woning
297.000
297.000
330.200
6.000
6.000
400
219.000
219.000
290.700
Toeristenbelasting
1.737.000
1.737.000
1.689.900
Hondenbelasting
16.300
16.300
15.100
Precariobelasting
43.300
43.300
42.100
Totaal heffingen
2.662.600
2.662.600
2.674.500
Baten Heffingen:
Baatbelasting Woonforensenbelasting
Overige baten: Opbr. aanmaningen/dwangbevelen
8.800
Terugontvangen kosten WOZ
0
0
0
2.662.600
2.662.600
2.683.300
Kosten heffing en invordering
73.600
73.600
55.400
Kosten aanslagoplegging en WOZ
50.000
50.000
38.000
Totaal lasten
123.600
123.600
93.400
Batig saldo
2.499.000
2.499.000
2.589.900
Totaal baten Lasten
De post openstaande vorderingen belastingdebiteuren bleek door corona in 2021 toegenomen. Daarom is in 2021 de voorziening dubieuze debiteuren met € 60.000 verhoogd. De invordering verloopt goed, er staan nog slechts enkele oude vorderingen open. De voorziening is daarom in 2022 weer wat verlaagd, ten gunste van heffing en invordering.
Taakveld 0.7 Algemene uitkering gemeentefonds Begroting voor wijziging 2022
Begroting na wijziging 2022
3.511.000
4.265.100
Rekening 2022
Baten Algemene uitkering 2022
4.298.400
Algemene uitkering 2021
900
Algemene uitkering 2020
-4.400
Totaal baten
3.511.000
4.265.100
4.294.900
De meeropbrengst in 2022 kwam met name doordat vanwege WOZ waarde stijgingen de aftrek voor eigen middelen met enige voorzichtigheid is geraamd. De WOZ waarden waarmee bij de Algemene uitkering 2022 is gerekend zijn nog niet de officieel vastgestelde WOZ waarden.
65
In 2022 werden de volgende decentralisatieuitkeringen verstrekt: Combinatiefuncties
20.465
Gezond in de stad
8.636
Voorschoolse voorzieningen peuters
2.891
Armoedebestrijding kinderen
2.659
VTH provinciale taken
10.215
Handhaving quarantaine
20
Gemeenteraadsverkiezingen
2.570
Uitvoeringskosten klimaatakkoord
102.753
Extra capaciteit BOA's
28.565
Invoeringskosten Omgevingswet
115.914
Wet kwaliteitsborging bouw
19.011
Inkomstenderving corona gemeenten 2021
40.000
Meerkosten Oekraïne sociaal domein
1.348
Versterken sociale basis Totaal Decentralisatie-uitkering
721 355.768
Daarnaast ontving de gemeente Vlieland een aantal Integratie-uitkeringen; Participatie
8.098
Voogdij 18 plus
17.960
Vergoeding raadsleden gemeenten
86.265
Inburgering
4.366
Totaal Integratie-uitkering
116.689
Taakveld 0.8 overige baten en lasten: Gedetacheerd personeel en overige doorberekeningen Begroting voor wijziging 2022
Uren derden en boventallige uren Lasten Baten Overige baten en lasten Baten
Nadelig saldo
66
Begroting na wijziging 2022
Rekening 2022
186.000 -136.300
221.500 -165.300
279.600 -220.800
0
0
-5.200
49.700
56.200
53.600
Diverse medewerkers van de gemeente verrichten werkzaamheden voor andere organisaties, die daarvoor een vergoeding voldoen aan de gemeente: Informatiecentrum De Noordwester, Woonfriesland, het samenwerkingsverband De waddeneilanden en de gemeente Terschelling. Met name doordat ten laste van gedetacheerd personeel een post voorziening dubieuze debiteuren opgenomen moest worden, zijn de lasten hoger dan de baten. Diverse stelposten onvoorzien Als stelpost voor algemeen onvoorzien is een bedrag in 2022 opgenomen van € 60.000. Door begrotingswijzigingen werd hieraan € 25.000 toegevoegd. De stelpost bedraagt hierdoor per 31 december 2022 € 85.000 positief. De begrotingswijziging was overigens bedoeld voor het zeker stellen van de decentralisatieuitkering 2021 voor Mantelzorg, omdat besteding in 2022 niet heeft plaats gevonden zal de post naar 2023 worden meegenomen. Daarnaast is een stelpost voor rentelasten voor een nieuw aan te trekken lening opgenomen. Omdat er nog geen nieuwe geldlening is aangetrokken is deze stelpost niet ingezet en bedraagt deze per 31 december 2022 nog € 35.000.
Overzicht uniforme beleidsindicatoren: Verplichte beleidsindicatoren Gemiddelde WOZ waarde Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Eenheid
Bronjaar
Vlieland
Nederland
Duizend euro In Euro’s
2022 2022
328 597
317 823
In Euro’s
2022
784
905
Leeswijzer uniforme beleidsindicatoren: Verplichte beleidsindicatoren Gemiddelde WOZ waarde
Toelichting
Bron: waar staat je gemeente
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
67
Paragrafen
68
Paragraaf 1: Lokale heffingen In 2022 was 37% van onze inkomsten afkomstig uit lokale heffingen, in 2021 was dit percentage 42%. De lokale heffingen vormen een belangrijke inkomstenbron van de gemeente, die worden opgebracht door de inwoners en de gasten. Deze paragraaf geeft een overzicht van de diverse lokale heffingen en belastingen op hoofdlijnen. Onderstaande overzichten geven inzicht in de ontwikkeling van de opbrengsten en tarieven per heffing. Ten gunste/ten laste van 2022 zijn naar aanleiding van bezwaren nog enkele vermeerderingen en verminderingen van aanslagen toeristenbelasting en forensenbelasting 2021 geboekt. Werkelijk
Raming
Werkelijk
2021
2022
2022
Onroerende zaakbelasting
646.000
641.000
636.000
Afvalstoffenheffing
327.000
330.000
324.000
Reinigingsrechten
184.000
195.000
186.000
Rioolrechten
195.000
214.000
214.000
Bouwleges
219.000
52.000
87.000
Precariobelasting
41.000
43.000
42.000
Toeristenbelasting
1.610.000
1.737.000
1.690.000
Secretarieleges
120.000
108.000
126.000
Begrafenisrechten
19.000
15.000
19.000
Forensenbelasting
263.000
219.000
291.000
Hondenbelasting
16.000
16.000
15.000
500
6.000
400
3.640.500
3.576.000
3.630.400
Baatbelasting
Totaal
Tarief 2021
Tarief 2022
onroerende zaakbelasting woningen, eigenaren
0,07310
0,06959
niet-woningen, eigenaren
0,20560
0,19575
niet-woningen, niet-eigenaren
0,19874
0,19092
Afvalstoffenheffing Eenpersoonshuishouden
€
243,40
€
247
Meerpersoonshuishouden
€
324,20
€
329
tarief per 50 3 waterverbruik
€
50,00
€
52,50
€
53,39
€
54,19
€
2,05
€
2,05
€
1.451,00
€
1.472,77
€
79,43
€
80,62
Rioolrechten Precariobelasting tarief per m2 gebruik Toeristenbelasting tarief per dag verblijf Forensenbelasting tarief woning (indien van toepassing) Hondenbelasting tarief per hond (eerste)
69
Ontwikkeling van de lokale lasten Onroerende-zaakbelastingen De onroerende-zaakbelasting (OZB) genereert de op één na hoogste belastingopbrengst. De OZB bestaat uit een eigenarenbelasting (voor zowel woningen als ook niet-woningen) en een gebruikersbelasting (voor alleen nietwoningen). De gemeente bepaalt het belastingbedrag dat belastingplichtigen moeten betalen op basis van de WOZwaarde van de onroerende zaak. De waarderingsgrondslagen worden jaarlijks, volgens de regels van de Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ), vastgesteld. In 2021 zijn de WOZ-waarden opnieuw bepaald voor het belastingjaar 2022 met als peildatum 1 januari 2021. Begin 2022 zijn de aanslagen gemeentelijke belastingen 2022 met daarop vermeld de WOZ waarde naar de waardepeildatum 1 januari 2021 verzonden. Op Vlieland steeg de gemiddelde WOZ-waarde in 2022 van € 395.000 naar € 460.000 (gemiddelde WOZ waarde zonder recreatie is € 319.000). Het spreekt vanzelf dat door de geringe aantallen verkopen de gemiddelde verkoopprijs op Vlieland niet erg representatief is. Vlieland telt overigens circa 1021 woningen waarvan er 435 recreatief worden gebruikt. Er zijn 56 belanghebbenden die een bezwaarschrift hebben ingediend tegen de aan hen afgegeven waardebeschikking tijdvak 2022, waarvan 42 woningen en 14 niet-woningen.
Van de 56 bezwaren, zijn er 28 van een een No Cure No Pay bureau, waarvan 22 woningen en 6 niet-woningen.
Leges De tarieventabel bij de legesverordening kent 3 titels, te weten; Titel 1. Algemene dienstverlening Titel 2. Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Titel 3. Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn.
70
De afzonderlijke kostendekkendheid van deze onderdelen als ook de integrale kostendekkendheid van deze onderdelen zijn als volgt; Recapitulatie Titel 1, 2 en 3
Taakveld Overhead Totale Kosten Totale Opbrengsten Kostendekking
Kostendekking Titel 1
€ 98.669
€ 64.951
€ 163.620
€ 126.267
77%
Kostendekking Titel 2
€ 214.398
€ 49.666
€ 264.064
€ 86.988
33%
Kostendekking Titel 3
€0
€0
€0
€0
0%
€ 313.067 € 114.617
€ 427.684
€ 213.255
50%
Kostendekking totale tarieventabel
Begraafplaatsleges Kosten
Bedrag
7.5
Begraafplaatsen en crematoria
€ 53.201
Overhead
€ 11.323
BTW
€0
Totaal Kosten
€ 64.524
Opbrengsten
Bedrag 1 Begraafplaatsen
€ 18.652
Totaal Opbrengsten
€ 18.652
Kostendekkendheidspercentage
29%
Afvalstoffenheffing Met betrekking tot de afvalstoffenheffing is gestreefd naar kostendekkende tarieven tot een niveau van ongeveer 100% (“de vervuiler betaald”). Het landelijk gemiddelde tarief bedroeg in 2022 voor een meerpersoonshuishouden € 317, zoals in voorgaande tabel aangegeven was dit tarief op Vlieland in 2022 € 329.
Afvalstoffenheffing 2022 jaarrekening Bedrag Kosten 7.3 Afval € 276.922 Overhead € 67.490 BTW € 49.754 Totaal: € 394.166 Opbrengsten 1.1 Afvalstoffenheffing Totaal:
€ 323.455 € 323.455
Totaal kostendekkendheid:
82%
Reinigingsrecht 2022 jaarrekening Bedrag Kosten 2.1 Verkeer en vervoer € 11.273 7.3 Afval € 143.278 Overhead € 31.056 BTW €0 Totaal: € 185.607 Opbrengsten 1.1 reinigingsrecht Totaal: Totaal kostendekkendheid:
71
€ 183.488 € 183.488 99%
Rioolrechten De aanslagen zijn afhankelijk van het waterverbruik. Er zijn in totaal ongeveer 925 aansluitingen, waarvan er ongeveer 95% een tarief opgelegd krijgen van het basistarief van € 52,50 per 50m3 waterverbruik (of van een gedeelte van 50m3). Bij een verbruik boven 300m3 per jaar geldt een afwijkende staffel, dit geldt voor 45 aansluitingen. Het landelijk gemiddelde tarief voor rioolrechten was per huishouden in 2022 € 207,00. Deze tarieven zijn niet zo goed te vergelijken met onze tarieven omdat wij uitgaan van het waterverbruik, op basis hiervan liggen onze aanslagen voor huishoudens tussen de € 105 (verbruik tot 100m3) en de € 157,50 (tot 150m3).
Rioolheffing 2022 jaarrekening Bedrag Kosten 7,2 Riolering Reserves en voorzieningen Overhead BTW Totaal:
€ 138.004 € 33.017 € 31.140 € 11.964 € 214.125
Opbrengsten 1,1 Rioolheffing Totaal:
€ 214.125 € 214.125
Totaal kostendekkendheid:
100%
Kwijtschelding Huishoudens met een inkomen op minimumniveau komen in onze gemeente in aanmerking voor kwijtschelding van lokale belastingen en heffingen. Kwijtschelding wordt verleend op basis van 100% van de bijstandsnorm, waarbij tevens een vermogenstoets plaats heeft. Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente volgt overigens de advisering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. In 2022 zijn elf verzoeken om kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen ontvangen, vier daarvan zijn afgewezen, zeven daarvan zijn toegekend. In 2022 werd voor een totaalbedrag van € 2.358,98 gemeentelijke belastingen kwijtgescholden. kwijtschelding gemeentelijke belastingen aantal
bedrag
2013
11
4.382
2014
9
3.808
2015
10
4.818
2016
10
4.442
2017
12
4.287
2018
13
4.108
2019
7
2.850
2020
14
4.934
2021
7
2.782
2022
11
2.359
72
(€)
Toeristenbelasting in aantallen overnachtingen 2016
2017
2018
2019
2020
2021
Vakantie-onderkomens
272.199
255.998
203.192
160.593
104.666
139.219
Hotels/Pensions
109.649
122.549
145.988
131.605
142.757
176.872
Groepsverblijven
12.762
11.771
7.440
7.078
1.013
2.226
Kampeerterreinen
176.075
187.441
192.477
198.335
174.109
199.190
180.166
Jachthaven
96.055
89.776
94.600
84.120
64.323
82.576
88.332
Totaal overnachtingen
666.740
667.535
643.697
581.731
486.868
600.083
Afgedragen overzettingen Doeksen (niet eilanders) Waddentaxi
208.821
216.825
220.874
214.708
174.140
211.368
211.665
232
1.374
419
Totaal aantal grondslag
875.561
661.240
812.825
884.360
864.571
796.439
2022
In 2022 werden door Doeksen nog 59 overzettingen van voor 2021 afgerekend. Door corona verplaatsten veel gasten hun boeking, het toeristenbelastingtarief wordt door Doeksen dan niet aangepast. ** Bij het opstellen van de jaarrekening had een behoorlijk aantal eigenaren van vakantie onderkomens en hotels/pensions nog geen aangifte gedaan, waardoor deze cijfers niet aan te geven zijn. De opbrengst toeristenbelasting 2022 is dan ook een inschatting op basis van de overzettingen bij Doeksen en de cijfers van 2021.
73
Paragraaf 2: Weerstandsvermogen en risicobeheersing In het Besluit Begroting en verantwoording provincie en gemeenten wordt het weerstandsvermogen omschreven als de relatie tussen de weerstandscapaciteit van de gemeente en alle risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. In feite zou het weerstandsvermogen ook kunnen worden omschreven als de mate waarin de gemeente in staat is omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat het beleid behoeft te worden aangepast. De weerstandscapaciteit dient dus om de continuïteit van de organisatie te waarborgen.
Incidentele weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen dat ingezet kan worden om eenmalige tegenvallers op te vangen. In beginsel betreft dit de opstelsom van het vrij aanwendbare deel van de algemene reserves en de stille reserves. In de in 2022 vastgestelde nota reserves en voorzieningen bedraagt de ondergrens van de algemene reserve € 1.000.000. Op 31 december 2022 bedraagt de algemene reserve € 2.668.617, exclusief het resultaat van 2022. De voeding en de beschikking over de reserve wordt jaarlijks door de gemeenteraad bepaald. Stille reserves zijn er zo goed als niet. In de begroting 2022 was een bedrag van € 60.000 opgenomen op de stelpost onvoorzien. Door middel van begrotingswijzigingen werd hier € 25.000 aan toegevoegd, dit betrof de decentralisatie uitkering voor Mantelzorg, die in een later stadium besteed gaat worden.
Structurele weerstandscapaciteit Met de structurele weerstandscapaciteit worden de middelen bedoeld die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. In de begroting 2022 was hiervoor een stelpost structureel onvoorzien opgenomen van € 35.000. De stelpost is bedoeld voor hogere rentelasten voor het aanttrekken van een lening in de toekomst. Tenslotte is in een beschouwing over weerstandscapaciteit de vraag naar de flexibiliteit van de kosten van belang. Hoewel strikt genomen niet passend binnen de definitie, omdat het terugbrengen van de kosten (bezuinigen) vaak tevens een beleidswijziging inhoudt, is het beoordelen van (de kosten van) het bestaande beleid bij het opvangen van de gevolgen van onvoorziene lasten als gevolg van risico’s een voor de hand liggende optie. De mogelijkheid om het bestaande beleid om te buigen wordt beïnvloed door de mate van (in)flexibiliteit van de kosten.
Inventarisatie van de risico’s Onderstaand volgt een korte inventarisatie van mogelijke risico’s. Wij hebben getracht deze lijst zo compleet mogelijk te maken. Toch is niet met zekerheid te zeggen of de lijst uitputtend is. Bovendien is het bij de meeste risico’s moeilijk gebleken deze te kwantificeren en te voorzien van een waarschijnlijkheid (kansberekening).
Sociaal Domein Met name de kosten van individuele trajecten in de jeugdzorg vormen voor kleine gemeenten een risico omdat deze kosten van jaar tot jaar zeer kunnen verschillen. De kosten over 2021 bedroegen € 178.396 maar in 2022 bedroegen deze kosten € 82.735. Als een jongere intensieve zorg nodig heeft kunnen de kosten oplopen tot € 100.000 per client per jaar. Regelmatig is het ook zo dat deze intensieve zorg langer nodig is dan een jaar. Ook maatwerkvoorzieningen kunnen van jaar tot jaar zeer verschillen. Bijvoorbeeld woningaanpassingen vormen een risico voor de gemeente Vlieland. In 2020 moest een aantal woningen worden aangepast. De totale gemeentelijke bijdragen voor woon- vervoers- en rolstoelvoorzieningen waren in 2020 € 183.429 maar in 2021 € 61.601 en in 2022 ook rondom dat bedrag: € 60.800. Kosten voor Huishoudelijke hulp bedroegen in 2020 € 47.392 maar in 2021 € 79.840 en in 2022 € 72.000. Een reserve Sociaal Domein heeft de gemeente Vlieland niet.
Toeristenbelasting De belangrijkste belastingopbrengst van de gemeente Vlieland is de toeristenbelasting (€ 1.690.000 op een totale opbrengst belastingen van € 3.630.400, dat is 47%). De grondslag van deze opbrengst is gevoelig voor de conjunctuur en afhankelijk van het weer (vooral in de jachthaven en op de kampeerterreinen). Daarnaast bestaat ten aanzien van deze opbrengst het risico dat de grondslag wordt aangetast door structurele ontwikkelingen in de toeristische sector zoals wijzigingen in de vakantiebestemmingen van de gasten. En natuurlijk hebben we in 2020 en 2021 ook kunnen
74
ervaren welke gevolgen overheidsmaatregelen tegen de verspreiding van een virus kunnen betekenen voor ons eiland. De geraamde toeristenbelasting was voor 2020 € 352.000 hoger dan de behaalde opbrengst. Voor 2021 bedroeg het negatieve verschil € 46.000. Voor deze inkomstenderving is de gemeente gecompenseerd via de algemene uitkering.
Zorgwijk de Boswijk Er is een 40-jarige lineaire lening aan gegaan met een vast rentepercentage voor de gehele looptijd. Deze lening bedraagt € 15.084.000. Daarnaast gaat de gemeente er van uit dat het risico van leegstand en dus van huurderving minimaal is en slechts zal bestaan uit mutatieleegstand. Voor de woningen lijkt dat gezien de woningmarkt op Vlieland ook op langere termijn realistisch. De zorgvilla met zeven studio’s is ontworpen uitgaande van de visie in het Visiedocument De Bakens Verzet van “zo gewoon mogelijk wonen”, ook in een intramurale zetting van 7x24-uur zorg. Door een zorgvilla te maken met studio’s zonder de uitstraling van een instellingsgebouw, is de verwachting dat ook bij eventuele wijzigingen van de financiering van de ouderenzorg door de rijksoverheid, het vastgoed goed verhuurbaar blijft. Oftewel dat ook bij een nog verdere extramuralisering door het rijk, de zorgvilla z’n waarde en verhuurmogelijkheden behoudt. Tenslotte gaan we ervan uit dat er ook voor het welzijnsgebouw steeds voldoende huurders zullen zijn die de benodigde opbrengsten genereren. Naast commerciële functies zoals bijvoorbeeld een fysiotherapiepraktijk en een kapper, zal het gebruik overigens voor een belangrijk deel bestaan uit het ouderenwelzijnswerk van de gemeente Vlieland.
Dat betekent dat er vanuit het welzijnsbeleid voldoende middelen beschikbaar moeten zijn om dit gebruik mogelijk te maken. De geprognotiseerde exploitatielasten liggen jaarlijks rond de € 480.000 Al met al een groot project voor de gemeente Vlieland, waar wel wat onzekerheden aan kleven, die zouden kunnen leiden tot negatieve resultaten.
Subsidies Stichtingen De gemeente verstrekt subsidies aan verschillende stichtingen. Met behulp van deze subsidies kunnen deze stichtingen voorzieningen, op het door de raad voor zowel inwoners als gasten van Vlieland gewenste niveau, in stand houden. Steeds meer dringt zich echter de vraag op, of voorzieningen op het huidige niveau in stand gehouden kunnen worden, met de subsidies zoals ze nu verstrekt worden. Bij één van de stichtingen is een gedetacheerde werknemer van de gemeente werkzaam. Wanneer de stichting niet meer kan blijven voortbestaan wordt de gemeente geconfronteerd met salariskosten van € 49.000. In 2022 is in verband hiermee een voorziening dubieuze debiteuren opgenomen.
Pensioen- en wachtgeldvoorziening wethouders Op grond van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) heeft een Arbeidsongeschikte burgemeester of wethouder recht op doorbetaling van zijn wedde tot zijn aftreden. Vervolgens is er recht op wachtgeld. Een arbeidsongeschikte wachtgeldgerechtigde kan recht houden op een verlengde uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Duurt daarna de arbeidsongeschiktheid van de burgemeester/wethouder/wachtgeldgerechtigde voort? Dan is er recht op een verlenging van de wedde of de wachtgelduitkering naar verhouding van de mate van arbeidsongeschiktheid tot uiterlijk de pensioengerechtigde leeftijd. Door verzekeringsvoorwaarden kan de gemeente in sommige gevallen ondanks een afgesloten arbeidsongeschiktheidsverzekering geconfronteerd worden met extra kosten. Daarnaast heeft de gemeente een voorziening voor het pensioen van wethouders. Grondslagen voor de waardering van deze voorziening zijn een rekenrente die in lijn is met de rente die geldt voor individuele waardeoverdrachten en de sterftetafel GBM/GBV met een leeftijdsterugstelling m/v 5/1 of v/m 3/3. Wijzigingen in rekenrente en sterfte tabel maken soms grote extra toevoegingen aan de voorziening nodig. Voor deze verhogingen van de voorziening is wel een jaarlijks budget opgenomen van € 50.000 maar de gemiddelde jaarlijkse toevoeging over de laatste 5 jaar bedroeg € 86.000.
75
Leningen Geldnemer
Restschuld per 31-12-2022
Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Flidunen Tennisvereniging Energie coöperatie Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Duinwijck gasvrij
€ 300.000 € 195.000 € 27.500 € 201.667 € 616.786 € 5.000.000 € 150.000
Totaal
€ 6.490.953
Op dit moment is er geen reden om aan te nemen dat de stichtingen/verenigingen niet aan hun betalingsverplichtingen zouden kunnen voldoen. Het risico is daarom laag.
Gewaarborgde geldleningen Garantie geldleningen particuliere woningen Restant hoofdsom 1 januari 2022 Restant hoofdsom 31 december 2022
€ 3.211 € 250
Voor liquiditeitstekorten van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de G8 staat de gemeente Vlieland garant tot een bedrag van € 908.000. Bij het instemmen met de koopovereenkomst met WoonFriesland op 11 juli 2011 heeft de gemeenteraad ingestemd met de gemeentelijke achtervangpositie bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Leningen van WoonFriesland ter financiering van investeringen in de gemeente Vlieland worden hiermee geborgd tot een bedrag van 10 miljoen. Mocht WoonFriesland zijn leningen niet meer kunnen afbetalen, dan neemt het WSW de betaalverplichtingen over. Als het WSW deze betaalverplichting niet uit eigen vermogen en bij de corporatie te innen obligo kan voldoen moeten Rijk en gemeente ieder voor 50% bijspringen. Op grond van hun rol als achtervanger moeten zij in dat geval renteloze leningen aan het WSW verstrekken. Het is op dit moment erg onwaarschijnlijk dat dit zich voordoet maar mocht het zich voordoen dan zal de gemeente geconfronteerd worden met de rentelasten van ten hoogste 5 miljoen.
Risico
Financieel gevolg
Benodigde weerstandsKansklasse capaciteit
Sociaal domein Jeugdzorg
100.000
90%
90.000
Sociaal domein maatwerkvoorzieningen
120.000
70%
84.000
Toeristenbelasting
200.000
50%
100.000
Boswijk
480.000
10%
48.000
Subsidies stichtingen
49.000
30%
14.700
Pensioen en wachtgeldvoorziening wethouders
36.000
90%
32.400
Verstrekte leningen
6.490.953
10%
649.095
Garantstellingen
908.000
10%
90.800
Totaal van de riscio's
8.383.953
76
1.108.995
Voor het kwantificeren van de risico’s is gebruik gemaakt van onderstaande tabel; Kwantiteit 10%
Referentiebeelden 0 of 1 keer per 10 jaar
30%
1 keer per 5-10 jaar
50%
1 keer per 2-5 jaar
70%
1 keer per 1-2 jaar
90%
1 keer per jaar of meer
Kansklasse Toelichting kansklasse 1 Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waaran het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen. 2 Deze klasse hanteren we voor risico's waarvan het niet waarscdhijnlijk is dat ze zich in het komende jaar voordoen. 3 Deze klasse hanteren we voor risico's die zich in het komende jaar wel maar ook niet kunnen voordoen 4 Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waaran het waarschijlijk is dat ze zich in het komende jaar zullen voordoen. 5 Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waaran het zeer waarschijlijk is dat ze zich in het komende jaar gaan voordoen.
Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit/Benodigde weerstandscapciteit
Beschikbare weerstandsvermogen Algemene reserve
€ 2.668.617
Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van bovenstaande risico-inventarisatie bedraagt het maximaal benodigde bedrag € 1.108.995. Het is echter niet waarschijnlijk dat alle risico’s tegelijk en in hun maximale omvang zullen optreden. Daarom gaan we uit van 90% zekerheid waardoor het bedrag aan benodigde weerstandscapaciteit € 998.095 bedraagt. De Ratio weerstandvermogen bedraagt 2,7, dit is conform onderstaande tabel uitstekend
Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
>2,0
Uitstekend
B
1,4 - 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 - 1,4
Voldoende
D
0,8 - 1,0
Matig
E
0,6 - 0,8
Onvoldoende
F
<0,6
Ruim onvoldoende
Financiële Kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Om dit te bereiken is in het Besluit Begroting en Verantwoording op dit onderdeel vastgelegd dat deze paragraaf een aantal kengetallen moet bevatten: 1. Netto schuldquote 2. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 3. Solvabiliteitsratio 4. Structurele exploitatieruimte 5. Gemeentelijke belastingdruk
77
Schuldquote Balans per 31 december Activa
2021
2022
2022
w erkelijk
begroot
w erkelijk
Materiële vaste activa
23.539.200
27.475.000
26.109.800
Financiële vaste activa
6.524.000
6.377.600
6.527.600
5.800
8.500
4.900
970.500
665.700
1.836.900
liquide middelen
6.071.300
-994.200
2.630.600
overlopende activa
1.644.300
1.859.200
1.706.400
Totaal Activa
38.755.100
35.391.800
38.816.200
2021
2022
2022
w erkelijk
begroot
w erkelijk
algemene reserve
1.739.600
1.553.000
2.668.600
b estemmingsreserves
4.926.100
3.608.400
1.097.000
676.500
179.200
1.167.000
Vaste activa
Vlottende activa Voorraden grond- en hulpstoffen Voorraden b ouwgronden uitzettingen < één jaar
Passiva
0
0
Vaste passiva eigen vermogen
nog te b estemmen resultaat voorzieningen
1.446.900
1.137.500
4.737.400
vaste schulden > één jaar
28.733.600
27.772.100
27.772.100
Vlottende passiva netto vlottende schulden < één jaar
1.000
433.200
266.000
overlopende passiva
1.231.400
708.400
1.108.100
Totaal Passiva
38.755.100
35.391.800
38.816.200
2021
2022
2022
w erkelijk
begroot
w erkelijk
netto schuldguote
247%
310%
235%
netto schuldguote gecorrigeerd
171%
238%
168%
Schuldquote
Wat is het? De nettoschuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De nettoschuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Nu kan er in een gemeente sprake zijn van het doorlenen, door weer aan andere partijen een lening te verstrekken: sportclubs, culturele organisaties, etcetera. Om vervolgens inzicht te krijgen in hoeverre sprake is van doorlenen moet
78
de schuldquote zowel inclusief als exclusief doorgeleende gelden worden weergegeven. Op deze manier ontstaan twee indicatoren: 1. De netto schuldquote. 2. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen.
Waar is het voor? Deze indicatoren brengen in beeld in hoeverre de netto schulden zich verhouden tot de totale baten (inkomsten) van de gemeente. Hoe hoger het percentage, hoe meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten (investeringen) te financieren. Ten opzichte van de begroting 2022 heeft een aantal zaken geleid tot een wat positievere schuldquote; er staan door de Boswijk meer vorderingen open per balansdatum, er is een kasgeldlening van € 500.000 verstrekt en de liquidemiddelen zijn ruim hoger door uitgestelde investeringen.
Dit is nodig want? Dit inzicht is uiteraard voor Vlieland zelf van belang, maar het is ook verplicht deze kengetallen in begroting en rekening op te nemen. Samen met de andere vier financiële kengetallen geven ze een beeld van de financiële situatie van de gemeente. De wijziging in de schuldquote wordt veroorzaakt door het aantrekken van een lening voor het aankopen van gronden van Staatsbosbeheer en het ontwikkelen van de Boswijk. Eind 2020 stond deze lening nog voor een groot deel onder liquide middelen op de balans. In de loop van 2021 en 2022 is deze lening voor het grootste deel uitgegeven en is dus het kengetal schuldquote verder verhoogd. Ook op de solvabiliteitsratio is het aantrekken van deze lening van invloed.
Solvabiliteitsratio
Solvabiliteitsratio
2021
2022
2022
werkelijk
begroot
werkelijk
19%
15%
13%
Wat is het? De solvabiliteitsratio geeft aan welk deel (percentage) van het totaal van wat de gemeente aan geldwaarde heeft (balanstotaal) wordt gevormd door het eigen vermogen.
Waar is het voor? De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om op de lange termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Met andere woorden: of ze alles kan betalen en of er voldoende geld beschikbaar is.
Dit is nodig want? De solvabiliteitsratio is een veel gebruikt financieel vergelijkingsgetal. Het geeft relatief snel inzicht in de financiële positie van een organisatie en specifiek in de financiering. De stelregel is hierbij: hoe lager de solvabiliteit, hoe minder eigen vermogen de organisatie heeft om eventuele tegenvallers op te vangen of om te investeren. In 2022 heeft het omzetten van een aantal bestemmingsreserves in voorzieningen invloed gehad op dit kengetal. Voorzieningen horen namelijk bij het vreemd vermogen en bestemmingsreserves bij het eigen vermogen.
79
Structurele exploitatieruimte Incidentele baten en lasten Lasten
Programma Omschrijving 0
Realisatie 250.000
Toevoeging voorziening gebouwen Het saldo van de opgeheven b estemmingsreserve geb ouwen is toegevoegd aan de voorziening onderhoud geb ouwen.
2
Toevoeging voorziening wegen Het saldo van de opgeheven b estemmingsreserve wegen is toegevoegd aan de voorziening onderhoud wegen.
2
Toevoeging voorziening waterstaatsobjecten Het saldo van de opgeheven b estemmingsreserve waterstaatsob jecten is toegevoegd aan de voorziening onderhoud waterstaatsob jecten.
6
Ontwikkeling nieuwe zorgwijk De b ouw van de nieuwe zorgwijk Boswijk b racht éénmalige kosten met zich mee; tijdelijke huisvesting b ewoners en geb ruikers oude zorggeb ouw en procesb egeleiding van de b ouw.
148.708
7
Duurzame projecten Voor een aantal duurzame projecten zijn in het verleden uitkeringen/sub sidies ontvangen, deze sub sidies zijn gestort in de bestemmingsreserve duurzaamheid. Bij uitvoering van deze projecten wordt aan deze b estemmingsreserve onttrokken. In dit jaar ging het om; Duinwijk gasvrij.
153.132
8
Implementatie omgevingswet Ter voorb ereiding op de uitvoering van de nieuwe omgevingswet zijn kosten gemaakt. Het gaat met name om een ruimtelijk kwaliteitsplan en een omgevingsplan.
28.101
9
Saldo's opgeheven bestemmingsreserves
300.353
580.898
2.241.687
De saldo's van opgeheven b estemmingsreserve zijn conform raadsb esluit voor het grootste deel toegevoegd aan de algemene reserve.
Totaal
3.702.879
80
Baten
Programma Omschrijving
Realisatie
1
Vrijval bestemmingsreserve strandvonderij Omdat van de b estemmingsreserve te weinig geb ruik werd gemaakt is deze opgeheven.
2
Vijval bestemmingsreserve waterstaatsobjecten De b estemmingsreserve is in het verleden ingesteld met de afkoopsom van RWS voor de overgenomen waterstaatswerken. Voor het groot onderhoud van deze waterstaatswerken is nu een voorziening ingesteld.
2.241.687
2
Vrijval bestemmingsreserve wegen Deze b estemmingsreserve is vrijgevallen en omgezet naar een voorziening voor groot onderhoud wegen
580.898
3
Vrijval bestemmingsreserve streekagenda en toerisme De b estemmingsreserve streekagenda en toerisme is in 2022 opgeheven, het saldo is aan de algemene reserve toegevoegd.
143.515
5
Grondverkopen Er is wat snippergroen verkocht
1.401
5
Vrijval bestemmingsreserve welzijn en cultuur
50.000
2.236
Omdat van de b estemmingsreserve te weinig geb ruik werd gemaakt is deze opgeheven.
6
Onttrekking bestemmingsreserve ouderenhuisvesting In deze b estemmingsreserve wordt het saldo van b aten en lasten van de b udgetten voor ouderenhuisvesting geëgaliseerd. In de b ouwfase van de nieuwe zorgwijk b etreft het ook incidentele lasten.
263.862
7
Onttrekking bestemmingsreserve duurzaamheid De overschrijding van de b udgetten duurzaamheid is conform de notitie reserves en voorzieningen onttrokken aan de b estemmingsreserve duurzaamheid.
199.591
8
Vrijval bestemmingsreserve Ruimtelijke plannen en BWT
100.000
9
Omdat van de b estemmingsreserve te weinig geb ruik werd gemaakt is deze opgeheven. Onttrekking opnieuw te ramen budgetten t.l.v. algemene reserve Een aantal b udgetten konden in 2021 niet worden b esteed en werden daarom in 2022 opnieuw geraamd, voor zover ze ook daadwerkelijk zijn uitgegeven zijn deze b udgetten onttrokken aan de algemene reserve. Het b etreft een aantal incidentele b udgetten. Lasten t.l.v. deze b udgetten van enige omvang zijn in het overzicht incentele lasten opgenomen; implementatie omgevingsvergunning.
47.856
9
Vrijval bestemmingsreserve gebouwen De b estemmingsreserve is omgezet in een voorziening groot onderhoud geb ouwen.
250.000
9
Vrijval bestemmingsreserve automatisering Omdat van de b estemmingsreserve te weinig geb ruik werd gemaakt is deze opgeheven.
100.000
Totaal
3.981.046
81
Kengetal structurele exploitatieruimte saldo baten en lasten reservemutaties jaarrekeningsaldo incidentele B&L structureel begrotingssaldo % structurele exploitatieruimte
2021 -365 1041 676 6 683 8%
2022 -2.410 3.577 1.167 -278 889 9%
Wat is het? Deze indicator geeft aan of de jaarrekening structureel en reëel (echt) in evenwicht is. Hierbij gaat het om het onderscheid tussen structurele (meerjarige) en incidentele (eenmalige) inkomsten en uitgaven. Voorbeelden van vaste inkomsten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Structurele uitgaven zijn bijvoorbeeld de personeelskosten, kapitaallasten en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. De incidentele inkomsten en uitgaven verschillen per jaar. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen.
Waar is het voor? Een begroting waarvan de vaste inkomsten en de vaste uitgaven over meerdere jaren niet veranderen en ongeveer even hoog zijn, is evenwichtiger en zekerder dan een begroting waarin de inkomsten en uitgaven per jaar in hoogte en aard verschillen. Bijvoorbeeld doordat er in het ene jaar inkomsten uit een verkoop zijn en er het jaar daarna niet. Dan is de begroting door de jaren heen afhankelijk van verschillende éénmalige zaken en daarmee zijn er meer onzekerheden. De structurele exploitatieruimte laat zien in hoeverre we structureel middelen beschikbaar hebben voor (noodzakelijk) beleidsinitiatieven.
Dit is nodig want? De begroting moet structureel in evenwicht zijn en de provincie toetst daarop. Het is tevens verplicht dit kengetal in begroting en rekening op te nemen. Samen met de andere vier financiële kengetallen geven ze een beeld van de financiële situatie van de gemeente.
Belastingcapaciteit Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit
2019
2020
2021
2022
Totale woonlasten voor gezin gem. WOZ-waarde Woonlasten landelijk gemiddelde
665
688
762
784
739
776
811
905
Kengetal vaststelling gem.belastingcapaciteit
90%
89%
94%
87%
Wat is het? De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het Coelo publiceert ieder jaar deze lasten in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in die gemeente.
Waar is het voor? De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde.
Dit is nodig want? Een belastingcapaciteit van minder dan 100% geeft aan dat er nog ruimte is om belastingtarieven te verhogen.
82
Grondexploitatie De gemeente Vlieland kent slechts op beperkte schaal grondexploitatie.
83
Paragraaf 3: Onderhoud kapitaalgoederen Het is de bedoeling dat in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen het beleidskader omtrent het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte wordt gegeven. Alle kapitaalgoederen dienen onderhouden te worden en dit onderhoud is onder meer bepalend voor de kwaliteit van het voorzieningenniveau in onze gemeente.
Wegen Er is een nieuw meerjaren onderhoudsprogramma wegen 2022-2025 vastgesteld door de raad in de Programmabegroting 2022. Bij het opstellen van deze onderhoudsplanning is onderhoud van wegen afgestemd op de vervangingsplanning van de riolen. De voorziening laat tot 2026 een positief saldo zien, daarna bestaat de kans op een tekort, afhankelijk van de dan uit te voeren (grotere) werken. In 2021 heeft de raad daarom besloten het jaarlijkse wegenbudget met € 60.000 te verhogen. Per 31-12-2022 bedraagt de voorziening € 657.664, geraamd groot onderhoud werd uitgesteld terwijl er wel divers klein onderhoud werd uitgevoerd. Klein onderhoud mag niet ten laste van de voorziening worden gebracht. Hierdoor is de aanwending van de voorziening lager dan geraamd.
Rioleringen Op 29 mei 2017 stelde de raad het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016 – 2023 vast. In het rioleringsplan is de gemeentelijke zorgplicht ingevuld voor de inzameling van afvalwater, de inzameling en verwerking van hemelwater en de zorgplicht voor maatregelen tegen grondwateroverlast, voor zover die zorg niet tot de provincie of het waterschap behoort. Het plan geeft een vooruitblik op de te nemen maatregelen en de benodigde financiering daarvan, waarmee er ook duidelijkheid is over het verloop van de heffing in de komende jaren. Op 25 april 2022 stelde de raad een nieuw MJOP 2023-2032 vast. In 2022 is het riool in de Willem de Vlaminghweg tussen Boereglop en Lutinelaan vervangen. Vervanging van het riool in de Berkenlaan is ook aanbesteed, maar door bouwwerkzaamheden aldaar van derden moest dit werk naar 2023 worden uitgesteld. Ook de vervanging van het riool in de Esdoornlaan is uitgesteld naar 2023. Het benodigde kwaliteitsniveau blijft tot die tijd voldoende. Voor het overige ligt de uitvoering van het meerjarenprogramma op schema. In de loop van 2023 wordt een nieuw rioleringsplan (programma) opgesteld. De voorziening riolering bedraagt per 31 december 2022 € 693.214.
Gebouwen Project Boswijk – Boslaan 1: nieuwbouw zorgbuurt met zorg- en welzijnsgebouw en 36 woningen In april 2022 werd fase 2 afgerond en werden de woningen en het welzijnsgebouw opgeleverd en in gebruik genomen. Het zorggebouw was al in 2021 in gebruik genomen. De 36 woningen en het welzijnsgebouw komen voor onderhoud van de gemeente. De gemeente heeft met WoonFriesland afspraken gemaakt voor het onderhoud van de woningen. Het onderhoud voor het Zorg- en het Welzijnsgebouw zullen door de gemeente zelf worden uitgevoerd. In 2024 zal hiervoor een MJOP worden opgesteld.
84
Helihaven – Havenweg 18A De gemeente is in 2020 eigenaar geworden van de helikopterhaven en -hangar en verhuurt het gebouw aan UMCG Ambulancezorg. In 2021 heeft de ambulancedienst uit eigen middelen het gebouw zeer grondig verbouwd en verduurzaamd. De hangar bestaat uit een ruimte voor stalling van vervoermiddelen ten behoeve van het ambulancevervoer en materieel/materialen voor de Grootschalige Geneeskundige Bijstand die op Vlieland wordt ingevuld door gemeentelijke vrijwilligers. Tevens is er een afgescheiden ruimte ten behoeve van het onderbrengen van medewerkers die tijdens hun diensten gebruik maken van deze woon- en slaapvertrekken. Het gehele gebouw is in onderhoud bij de ambulancedienst zelf. Het landingsplatform met verlichting en hekwerken daarentegen is in onderhoud bij de Gemeente, maar maken geen deel uit van dit hoofdstuk. In 2022 zijn hiervoor werkzaamheden verricht om aan de vergunningsvereisten te voldoen door bijvoorbeeld aanpassingen van de signaleringen. Gemeentehuis – Dorpsstraat 127 Het kantoormeubilair is vervangen door duurzaam geproduceerd en circulair meubilair. Het gaat hierbij om de bureau- en vergaderstoelen, bureaus en tafels. De kantoorinrichting voldoet nu voor alle medewerkers en bestuurders aan de ARBO normen. Voor het gemeentehuis is al eens een eerder plan aan de orde geweest om het geheel te verduurzamen.
Wetgeving geeft aan dat kantoorgebouwen minimaal een label C moet hebben. Hiervoor is destijds de binnenverlichting aangepast waardoor theoretisch een label C haalbaar leek. Door veranderde wetgeving waarbij een andere rekenmethodiek wordt toegepast blijkt dat we net aan de bovenkant van de grens zitten en daardoor nog een label D hebben. In het voorjaar 2023 zullen daarom nog enige kleine aanpassingen plaatsvinden waardoor label C haalbaar is. Verdere planvorming voor het huidige gebouw heeft na de verkiezingen stilgelegen. Het zal verder moeten worden verduurzaamd en er moet ook aandacht worden geschonken aan de technische installatie en de (bouwkundige) buitenschil. Wel moet hierbij ook een opmerking worden geplaatst. Met de gedachte wordt nog steeds gespeeld niet te investeren in eventuele verduurzamingsmaatregelen, maar het gemeentehuis te verplaatsen naar het perceel voormalige bibliotheek (Dorpsstraat 152) en het vrijkomende perceel van het huidige gemeentehuis geschikt te maken voor woningbouw. Een eerste haalbaarheidsstudie is gemaakt en zal verder moeten worden uitgewerkt in het ontwerponderzoek naar de nieuwbouwmogelijkheden. In 2022 is slechts het hoogstnoodzakelijkste onderhoud uitgevoerd in afwacht van de toekomstige plannen. Voormalige bibliotheek – Dorpsstraat 152 Dit pand is nog in gebruik voor de huisvesting van de maatschap fysiotherapie Vlieland.
De begrafeniscommissie is reeds verhuisd naar hun nieuwe onderkomen in het welzijnsgebouw. In 2023 zal ook de fysio verhuizen. Onderhoud wordt tot het meest noodzakelijke beperkt. De Jutter – Lutinelaan 3 Aandachtspunt zijn de vloeren, er wordt naar een oplossing gezocht voor de toplaag en vloerbedekking zal deels moeten worden vervangen. Inspanningen zijn verricht voor het omvormen van het Miva- tot een invalidentoilet en het verder automatiseren van de lift. Op ongezette momenten is er een lekkage van het dak geconstateerd. Dit heeft in de laatste schoolvakantie tot schade geleid. Onderzoek moet de oorzaak uitwijzen wat niet eenvoudig blijkt. De aannemer is reeds aansprakelijk gesteld voor de schade aangezien het dak een garantieperiode heeft van tien jaren. In 2023 zal verder bekend worden wat de oplossing zal zijn. Sportcomplex Flidunen – De Uitlegger 2 Het onderhoud, beheer van het gebouw en de technische installatie zijn in beheer van de gemeente. Vanuit de stichting is het verzoek gekomen om de toiletruimten aan te passen naar de huidige maatstaven. Het pand is in 1992 gebouwd en begint hier en daar toch wat tekenen van noodzakelijk onderhoud te vertonen. Met name het plenum (de kelderbak rondom het zwembad zelf) kent problemen met de daar aanwezige kabels en leidingen door grondwater en luchtvochtigheid.
Ook grote uitgaven zijn te verwachten bij het nog verder verduurzamen van het zwembad door bijvoorbeeld isolatie en de vervanging van het zandfiltersysteem. Tenslotte zal te zijner tijd een nieuwe vloer in de sporthal moeten worden aangebracht. Aanvankelijk zou de aanpassing van de kleedruimten in het najaar plaatsvinden maar gezien de enorme stijging van de energieprijzen is de vraag gerezen of er nog andere mogelijkheden zijn voor het verduurzamen van het gebouw in combinatie met het grotere onderhoud.
85
Hiervoor zal in 2023 een extern bureau worden gevraagd om op basis van de eerdere nulmeting en conditiescore een plan te schrijven. Tot die tijd blijft het onderhoud en beheer van het gebouw en de technische installaties tot het hoogstnoodzakelijke beperkt. Bezoekerscentrum de Noordwester – Dorpsstraat 150 Voor de Noordwester is een separaat plan gemaakt voor de toekomst van het museum. Investeringen daarvoor zijn nu nog niet bekend evenals de uitvoeringsplanning daarvan. Tot die tijd zal minimaal (summier) onderhoud gepleegd worden aan het gebouw en de installaties. De voorziening onderhoud gebouwen bedraagt op 31 december 2022 € 320.695. Veel groot onderhoud aan de gebouwen werd uitgesteld.
Openbare Verlichting De (bovengrondse) openbare verlichting is in eigendom en beheer van de gemeente. Dit omvat de masten of palen, armaturen, lichtpunten (lampen) en aansluitpunten in de masten. Het huidige areaal van de gemeente is uitgebreid ten opzichte van 2021 en bestaat uit 321 masten en 325 armaturen. Dit komt door de aanleg van terreinverlichting in de nieuwe zorgbuurt Boswijk. In totaal is 53% van het totale areaal uitgerust met LED verlichting. Het onderhoud aan de openbare verlichting is volledig uitbesteed aan onderhoudsaannemer CityTec via de coöperatie Openbare Verlichting en Energie Fryslân. OVEF is een samenwerkingsverband tussen Friese gemeenten en de provincie Friesland. De coöperatie heeft één onderhoudsbestek voor het onderhoud van de lichtmasten: schadeafhandelingen, dagelijks en planmatig onderhoud van de masten, het schilderen en schoonmaken van de masten etcetera. Daarnaast heeft de coöperatie een beheerprogramma (Moon) voor het bijhouden van het openbare verlichtingsareaal en het melden van storingen en schades. Oude of kapotte armaturen worden structureel vervangen voor standaard LEDarmaturen. Vervanging vindt plaats als bij regulier onderhoud een armatuur vervangen blijkt te moeten worden en als onderdeel van grootschalige reconstructieprojecten van straatwerk- en rioleringswerken.
Ook bij nieuwbouwprojecten in de openbare ruimte wordt de openbare verlichting aangepast naar LED verlichting. Tenslotte worden ook lampen vervangen als ze kapot zijn. In december 2020 is het beleidsplan openbare verlichting ‘donker waar mogelijk, licht waar nodig’ vastgesteld door de raad. Hiermee zijn beleidskaders vastgesteld voor het beheer en onderhoud en de vernieuwing van openbare verlichting, om keuzes te (kunnen) maken om bijvoorbeeld de openbare ruimte meer of minder te verlichten, de huidige verlichting aan te passen en/of te verduurzamen en donkerte als waarde te borgen. Keuzes voor aanpassingen aan de openbare verlichting worden gemaakt volgens het afwegingskader per gebiedstype. In mei 2022 is de meerjarenraming openbare verlichting vastgesteld, als onderdeel van de meerjaren onderhoudsplanning (MJOP) wegen. Hierin wordt een vooruitblik gemaakt van de benodigde vervangingsinvesteringen en onderhoudswerkzaamheden van openbare verlichting in de komende tien jaar. Er is gewerkt met vervangingen op basis van leeftijd van masten en armaturen. Wat is er uitgevoerd in 2022 Het laatste gedeelte van de Willem de Vlaminghweg (van Boereglop tot Lutinelaan) en de volledige Berkenlaan is vervangen door LED verlichting.
In de omgeving rondom Boswijk (Boslaan, Berkenlaan en Lutinelaan) zijn alle armaturen vervangen door LED verlichting, ook zijn enkele lantaarnpalen verplaatst. In de zorgbuurt is nieuwe duurzame LED verlichting gerealiseerd in de vorm van drie lantaarnpalen en 34 lage verlichtingspaaltjes (terreinverlichting), de masten en paaltjes zijn in Accoya hout uitgevoerd. Uit het MJOP openbare verlichting volgt dat in 2022 zeven masten en één armatuur worden vervangen.
86
Dit betreft zeven masten op de Ankerplaats en Vliepark. Inspectie heeft uitgewezen dat het niet nodig is deze masten te vervangen en dat ze enkel een schilderbeurt behoeven ter conservatie (preventief onderhoud). Dit onderhoud zal in 2023 uitgevoerd worden. Het betreffende armatuur is vervangen door LED verlichting.
Tractie- en overige hulpmiddelen Er is een meerjarenoverzicht van afschrijvingstermijnen en vervangingen. Indien vervanging of uitbreiding noodzakelijk is wordt deze in de begroting opgenomen. Milieu speelt een belangrijke rol in de aanschaf. Voor de toekomst is het streven om op emissievrije voertuigen en machines over te gaan. De huidige beschikbare emissievrije voertuigen hebben nog redelijk veel beperkingen, of zijn nogal duur in aanschaf.
Afval en infra In 2022 is er voor de dienst een nieuw compactvoertuig besteld, met daarop een nieuwe zoutstrooier. Het voertuig en de strooier worden in de loop van 2023 geleverd. Groenvoorziening In 2022 is er een nieuwe zitgrasmaaier besteld, deze wordt in het voorjaar 2023 geleverd.
Waterstaatswerken In 2007 sloten de gemeente Vlieland en Rijkswaterstaat een overeenkomst ter overdracht van eigendom, beheer en onderhoud van waterstaatswerken te Vlieland. Het betreft de voormalige werkhaven van Rijkswaterstaat, de veerdam en de strandovergangen. Met deze overdracht was een bedrag gemoeid van € 2.837.111 plus een extra vergoeding ter vervanging van de damwand in de havenmond van € 345.000. Daarnaast werd eind 2010 ook de noordoostelijke havendam voor € 750.000 overgenomen van Rijkswaterstaat. Per 1-1-2020 heeft Rijkswaterstaat het beheer van de veerdam terug genomen, waarvoor een deel van de in 2007 ontvangen afkoopsom is terugbetaald. Op 24 mei 2022 stelde de raad een nieuw MJOP 2023-2032 vast. Voor 2022 was de vervanging van een deel van de glooiing langs het Zuiderstrand gepland. Onverwachte omstandigheden bij het opstellen van het bestek maakten dat de uitvoering is verschoven naar 2023. Om de kwaliteit te borgen zijn noodreparaties uitgevoerd. Voor het overige liggen onderhoud en vervangingsinvesteringen op schema. De voorziening waterstaatsobjecten bedraagt per 31 december 2022 € 2.209.492.
87
Paragraaf 4: Financiering Het doel van deze paragraaf is om de raad te informeren over het financieringsbeleid en de beheersing van financiële risico’s. Anders dan in de paragraaf “weerstandsvermogen” gaat het in de financieringsparagraaf om risico’s die goed kwantificeerbaar zijn. In de paragraaf “weerstandsvermogen” zijn risico’s opgenomen, die door de gemeente beperkt of niet beïnvloedbaar zijn en waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. Voor de financieringsrisico’s kan vooraf wel een inschatting worden gemaakt van de bedragen, die met de verschillende risico’s gemoeid zijn.
Interne ontwikkelingen Voor een goede uitvoering van de financieringsfunctie is het tijdig, juist en volledig beschikbaar hebben van financiële informatie van wezenlijk belang. Hierbij gaat het bij onze gemeente met name om de informatie die betrekking heeft op de liquiditeitsplanning.
Externe ontwikkelingen Een belangrijke factor bij financieringsbeleid is het verwachte verloop van de rente. De rente is in 2022 gestegen en een verdere stijging wordt geprognotiseerd.
Financieren Wij streven ernaar de benodigde leningen tegen zo laag mogelijke kosten aan te trekken en tegelijkertijd de renterisico’s van de gemeente te beheersen. Daartoe wordt bij het afsluiten van leningen rekening gehouden met de bestaande liquiditeitsplanning, de rentevisie en de renterisiconorm. Verwezen wordt naar het financieringsstatuut.
Vaste opgenomen geldleningen Op 31 december 2022 bedraagt de boekwaarde van alle vaste geldleningen € 27.772.100. Het gemiddelde rentepercentage bedroeg 1,35 %.
Verstrekte vaste geldleningen en kapitaalverstrekkingen De gemeente heeft aan derden langlopende geldleningen verstrekt. De leningen zijn rentevast en deels vervroegd aflosbaar. Per 31 december 2022 bedraagt de boekwaarde van alle verstrekte geldleningen € 6.490.953. Het gemiddelde rentepercentage bedroeg 2,7 %.
Kasgeld In 2022 werd een kasgeldlening verstrekt van € 500.000.
Rentekosten en opbrengsten In de begroting is rekening gehouden met rentekosten van € 386.337, de werkelijke kosten bedroegen € 386.270.
Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij het uitvoeren van het financieringsbeleid zijn koersrisico’s renterisico’s en kredietrisico’s. Hieronder wordt weergegeven op welke wijze de gemeente deze risico’s beheerst.
Koersrisicobeheer Door de invoering van de wet schatkistbankieren zijn koersrisico’s niet meer aanwezig. Voor decentrale overheden betekent schatkistbankieren dat zij al hun overtollige middelen aanhouden in de schatkist bij het ministerie van Financiën. Dit houdt in dat geld en vermogen niet langer bij bijvoorbeeld banken buiten de schatkist mogen worden aangehouden. Overtollige middelen mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden.
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet wordt genoemd in de uitvoeringsregeling van de wet Financiering decentrale overheden. Deze limiet stelt een grens aan de korte financiering die gemeenten hanteren voor de financiering van lopende uitgaven om tijdelijke liquiditeitstekorten op te vangen. 88
Een gemeente mag slechts een beperkt deel van de begroting met kort geld financieren. Een langere vastlegging van de geleende middelen zorgt voor een beter voorspelbare rentelast. De bovengrens is gesteld op een bedrag ter grootte van een percentage (8,5%) van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente, met een minimum van € 300.000. De Wet Fido geeft aan dat de kasgeldlimiet niet mag worden overschreden. Indien een overschrijding voor het derde achtereenvolgende kwartaal geschiedt, dan dient de toezichthouder daarvan middels een rapportage op de hoogte te worden gebracht en dient een plan te worden overgelegd waarin is vermeld hoe de gemeente binnen de kasgeldlimiet blijft. Het geheel is aan goedkeuring onderworpen. De kasgeldlimiet is in 2022 geen drie achteréénvolgende kwartalen overschreden. Dit komt omdat investeringen bij voorkeur gefinancieerd worden met vreemd vermogen, terwijl de (onderhouds) voorzieningen bij voorkeur zo veel mogelijk in liquide vorm worden aangehouden.
Renterisiconorm De gemeente loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet fido de renterisiconorm geformuleerd. Het doel van deze norm is het voorkomen van een overmatige afhankelijkheid van het renteniveau in één bepaald jaar, ter bescherming van de gemeentelijke financiële positie. Het renterisico is een optelsom van leningen met renteherziening en aflossingen.
Hoe wordt de rente verdeeld? De rentekosten worden m.b.v. de activastaat toegerekend aan de taakvelden op basis van een omslagrente. Hierbij worden de totale rentekosten eerst gecorrigeerd met de doorgeleende geldleningen en de project gebonden financieringen.
Renteriscio's 2022-2025 (bedragen x € 1.000) Renteherzieningen Aflossingen Renterisico
2022
2023
2024
2025
0 962 962
0 967 967
0 923 923
0 930 930
Berekening renterisconorm 2022 Begrotingstotaal primaire begroting 2022 Renterisico percentage Renterisiconorm
9449 20% 1.890
Toetsing renterisco aan norm 2022 Renterisico Renterisiconorm Onderscheiding
962 1.890 928
89
Kredietrisico’s De gemeente heeft in 2022 slechts in zeer beperkte mate te maken gehad met kredietrisico. Deze hebben onder andere betrekking op de uitzettingen in het kader van de publieke taak. Het gaat om de volgende uitgezette leningen; Geldnemer
Restschuld per 31-12-2022
Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Flidunen Tennisvereniging Energie coöperatie Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Duinwijck gasvrij
€ 300.000 € 195.000 € 27.500 € 201.667 € 616.786 € 5.000.000 € 150.000
Totaal
€ 6.490.953
90
Paragraaf 5: Bedrijfsvoering Inleiding De bedrijfsvoering bestaat uit de onderdelen personeel & organisatie, financiën, informatisering & automatisering en huisvesting. Het doel van deze paragraaf is het inzichtelijk maken aan de gemeenteraad van de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering.
Algemeen De algemene leiding ligt bij de gemeentesecretaris/algemeen directeur die tevens leidinggevende is van het team Beleid. Bij afwezigheid wordt hij vervangen door de loco-secretaris/adjunct directeur. Naast het team Beleid zijn er de teams Uitvoering & Ondersteuning en de Buitendienst elk met een eigen teamleider. Deze twee leidinggevenden en de gemeentesecretaris vormen te samen het MT dat eens in de maand bijeen komt. Het team beleid bespreekt tweewekelijks in het werkoverleg beleidszaken. In dit werkoverleg krijgt de bedrijfsvoering concreet gestalte Het team uitvoering & ondersteuning komt iets minder frequent maar ook regelmatig bij elkaar. Gezamenlijk komen beide teams wekelijks bij elkaar. Hier wordt een terugkoppeling gegeven van de behandelde zaken in het college en worden overige lopende zaken besproken. In 2022 konden deze bijeenkomsten gelukkig weer fysiek plaatsvinden. De algemeen directeur bezoekt maandelijks de Buitendienst voor een afstemmingsoverleg. Daarnaast zijn er bilaterale overleggen tussen individuele medewerkers en hun leidinggevenden. Ook wordt er op thema’s/onderwerpen/projecten samengewerkt in wisselende samenstellingen.
Samenwerking Waddeneilanden De eilanden zijn beter in staat invulling te geven aan de programma’s/speerpunten die vanuit de samenwerking gevoed worden. De samenwerking is vastgelegd in een Gemeenschappelijke Regeling. Tevens is het samenwerkingsverband een convenant overeengekomen met het ministerie van Binnenlandse Zaken en de Provincies Noord-Holland en Friesland. Het convenant beschrijft de samenwerking en verzekert de bestuurlijke zelfstandigheid van de eilanden voor de komende jaren. Nadere toelichting over de werkzaamheden in het samenwerkingsverband vindt u bij het programma Algemeen Bestuur en bij de paragraaf Verbonden Partijen.