CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Meicirculaire

Gemeenteraad 15 september 2022, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Begrotingswijziging gevolgen meicirculaire 202231.212 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

14. Gezond in de Stad In de septembercirculaire 2021 (paragraaf 3.2-2) zijn voor 2022 middelen toegekend in verband met de verlenging van het stimuleringsprogramma Gezond in de Stad (GIDS). In deze circulaire wordt het bedrag verhoogd met € 4,6 miljoen. Het programma geeft de geselecteerde gemeenten extra ruimte om de gezondheid van mensen in een lage sociaaleconomische positie structureel en duurzaam te verbeteren. De verdeling over de gemeenten van de aan de decentralisatie-uitkering toegevoegde middelen is opgenomen in bijlage 3.2-14 van deze circulaire.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

41

15. Aanpak lerarentekort G4 Voor de aanpak van het lerarentekort in het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs in de G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) stelt het kabinet in navolging van 2021 ook in 2022 aan ieder van deze gemeenten € 1 miljoen beschikbaar. Dit vanwege de omvang van het (geraamde) tekort in de G4 en de urgentie in met name het primair onderwijs. De middelen dragen bij aan de uitvoering van de lokale (nood)plannen die zijn op- en vastgesteld in nauwe samenspraak tussen het onderwijsveld en de betrokken gemeente. Dit in navolging van de regeling Regionale aanpak personeelstekort (RAP) waarin aan de RAP-regio’s ook voor 2022 middelen zijn toegekend om het personeelstekort aan te pakken.

16. Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) In 2022 ontvangen gemeenten € 2,625 miljoen voor de ondersteuning van ELIPs.36 Deze afspraken zijn gemaakt in het bestuurlijk overleg van april 2020 tussen het ministerie van SZW en de VNG over het ondersteunen van de zogenaamde Einde lening inburgeringsplichtig (ELIPs). Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. Gemeenten kunnen inburgeraars die tot deze doelgroep behoren begeleiden. Via een decentralisatie-uitkering worden hiertoe middelen aan gemeenten beschikbaar gesteld voor begeleiding en het in een beperkt aantal gevallen financieel ondersteunen van ELIPs bij het betalen van extra cursusuren of examengelden. De ELIPs-groep is in praktijk afgebakend als: “inburgeringsplichtige asielmigranten onder de Wet inburgering 2013 die nog niet aan de inburgeringsplicht hebben voldaan maar wel:

-

€ 9.500 hebben verbruikt van hun lening (ongeacht de termijn) of;

-

€ 7.500 hebben verbruikt van hun lening en waarvan de inburgeringstermijn binnen 12 maanden afloopt.”

De middelen worden over gemeenten verdeeld op basis van het aantal ELIPS zoals volgt uit deze definitie, gemeten op basis van DUO-cijfers per 1 januari van het jaar. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-16 van deze circulaire.

17. Windpark N33 De gemeente Midden-Groningen ontvangt een bedrag van € 1,79 miljoen voor de opgave met betrekking tot het windpark N33. De middelen leveren een bijdrage aan de versterking van de structuur van het gebied waarin het windpark zich bevindt, waarbij gedacht kan worden aan projecten ter verbetering van de leefbaarheid en de duurzaamheid in het projectgebied.

36

Voor 2021 zijn reeds middelen toegekend in de decembercirculaire 2021 (zie paragraaf 3.2-8).

Meicirculaire gemeentefonds 2022

42

18. Erfgoed Deal In februari 2019 hebben dertien partijen - zowel overheid als maatschappelijke organisaties - de handen in één geslagen om samen te werken aan een waardevolle leefomgeving. Het gezamenlijke doel is om de relatie tussen erfgoed en de inrichting van de leefomgeving te versterken. In de huidige tijd waarin de leefomgeving vergaand moet worden aangepast aan klimaatverandering, nieuwe energienetwerken en verstedelijking kan cultureel erfgoed houvast bieden. De Erfgoed Deal streeft naar een zorgvuldig vormgegeven leefomgeving, waarin het verleden tastbaar is en waarmee – ook in de toekomst – verbinding wordt gevoeld. Het kabinet heeft voor de periode 2019 – 2022 in totaal een bedrag van € 20 miljoen voor gemeenten en provincies uitgetrokken voor de Erfgoed Deal. In deze circulaire wordt een vijfde ronde van vijf projecten toegevoegd. De volgende vijf gemeenten ontvangen een bijdrage in verband met de Erfgoed Deal: Deventer € 182.000, Gorinchem € 103.000, Haarlem € 421.000, Rotterdam € 311.000, Zaanstad € 721.000. Met deze bedragen is in totaal € 1,738 miljoen gemoeid in 2022.

19. Mantelzorgbeleid Vanuit het programma Langer Thuis werkt het ministerie van VWS samen met partijen in het veld aan betere zorg en ondersteuning voor ouderen thuis. Mantelzorgers spelen daar een cruciale rol bij. In 2021 is de eerste tranche van middelen beschikbaar gesteld om de toegang tot lokale regelingen voor mantelzorgers te vereenvoudigen en de regellast voor mantelzorgers bij de aanvraag van deze voorzieningen te verminderen (zie paragraaf 3.210 van de decembercirculaire 2021). In deze tweede tranche is voor 2022 een bedrag van € 1,5 miljoen beschikbaar. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-19 van deze circulaire.

20. Experiment gesloten coffeeshopketen De ministeries van JenV en VWS werken aan de opgave uit het regeerakkoord 2017 om het mogelijk te maken dat er een experiment gesloten coffeeshopketen komt. Hiervoor is weten regelgeving opgesteld en zijn tien gemeenten aangewezen waar het experiment zal plaatsvinden. Door deelname aan het experiment krijgen deze gemeenten extra taken en bevoegdheden met betrekking tot coffeeshops en coffeeshopbeleid. De bijdrage houdt verband met het uitvoeren van deze extra werkzaamheden, zoals het uitvoeren van toezicht en handhaving. De gemeenten ontvangen hiervoor een tegemoetkoming, bestaande uit een vaste component en een variabel deel afhankelijk van het aantal coffeeshops. Voor de jaren 2022 tot en met 2024 bedragen de middelen jaarlijks € 1,378 miljoen. De verdeling over de gemeenten is voor elk van de jaren gelijk en gebaseerd op een vaste component en een variabel deel, afhankelijk van het aantal coffeeshops per gemeente. Voor 2021 was in de decembercirculaire 2021 (paragraaf 3.2-13) reeds een bedrag van € 1,378 miljoen toegekend.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

43

De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-20 van deze circulaire.

21. Uitstapprogramma prostituees Het kabinet stelt sinds 2021 geld beschikbaar voor een landelijk dekkend netwerk van uitstapprogramma’s om mensen die de prostitutie willen verlaten, hierbij te ondersteunen. In de septembercirculaire 2020 zijn meerjarig middelen toegevoegd voor het uitstapprogramma voor prostituees (zie paragraaf 3.2-18 van de septembercirculaire 2020). Voor 2022 komt naast de structurele € 3 miljoen eenmalig € 1 miljoen extra beschikbaar. Ook deze middelen zullen worden toegekend aan de 18 aangewezen DUUP-gemeenten (decentralisatie-uitkering voor uitstapprogramma’s voor prostituees) voor het (laten) ontwikkelen en (laten) uitvoeren van regionale uitstapprogramma’s voor prostituees vanaf 1 januari 2021. De extra gelden van € 1 miljoen worden via dezelfde wijze verdeeld als de bestaande middelen. Een uitstapprogramma is een programma waarbinnen begeleiding van prostituees plaatsvindt bij het vinden van werk of overige dagbesteding buiten de prostitutie. De programma’s hebben nadrukkelijk als doel om de stap naar ander werk dan prostitutie te vergemakkelijken en daarin ondersteuning te bieden. De verdeling over de gemeenten van de aan de decentralisatie-uitkering toegevoegde middelen is opgenomen in bijlage 3.2-21 van deze circulaire.

22. Centrale stemopneming Gemeenten die deelnamen aan het experiment centrale stemopneming bij de gemeenteraadsverkiezingen in november 2021 (herindelingsverkiezingen) en maart 2022 (reguliere gemeenteraadsverkiezingen) ontvangen voor de hogere kosten een bijdrage. Deze gemeenten ontvangen voor hun deelname een vergoeding van in totaal € 0,535 miljoen. Het gaat om 34 gemeenten bij de verkiezingen in maart 2022 (€ 0,525 miljoen) en 1 gemeente bij de verkiezingen in november 2021 (€ 0,010 miljoen). De verdeling vindt plaats middels een decentralisatie-uitkering naar rato van het aantal inwoners van de desbetreffende gemeenten De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-22 van deze circulaire.

23. Veilige steden In totaal 15 steden ontvangen in 2022 een bedrag van € 0,520 miljoen in verband met het

Meicirculaire gemeentefonds 2022

44

programma Veilige Steden. Het programma heeft als doel de sociale veiligheid van vrouwen in de publieke ruimte te vergroten. De bedragen variëren van € 0,020 miljoen tot € 0,050 miljoen per gemeente. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-23 van deze circulaire.

24. Handhaving quarantaine (covid-19) Gemeenten ontvangen voor de bezwaarprocedure van het handhaven van de quarantaineplicht in 2022 een bedrag van € 0,3 miljoen. De middelen worden verdeeld naar rato van het aantal inwoners. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-24 van deze circulaire.

25. Duurzame Polder In 2021 zijn het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), de provincie NoordBrabant en de gemeenten Den Bosch en Oss overeengekomen in verband met het grootschalig opwekken van hernieuwbare elektriciteit met windturbines en zonnevelden in het Duurzame Polder Gebied (= het gebied van de Lithse en Rosmalense polder). Hiervoor ontvangen de gemeenten ’s-Hertogenbosch en Oss in 2022 beiden eenmalig € 0,125 miljoen.

26. Online weerbaarheid Er bestaan al langere tijd zorgen in de samenleving over gedragingen die op gespannen voet staan met onze democratische rechtsorde. Steeds vaker wordt dit gedrag vertoond en gevoed in een online omgeving. Het ministerie van SZW stelt in 2022 eenmalig een bedrag van € 0,163 miljoen ter beschikking via een decentralisatie-uitkering, om gemeenten die zich inzetten voor online weerbaarheid financieel te ondersteunen. De volgende vijf gemeenten ontvangen een bijdrage: Nijmegen € 10.275, Rotterdam € 40.000, Venlo € 18.000, Weert € 50.000, Zaanstad € 44.000.

27. Informele scholing In totaal is een bedrag van € 0,150 miljoen beschikbaar voor Informele scholing. De gemeenten Arnhem, Ede en Tilburg ontvangen ieder een bijdrage van € 50.000 voor projecten die zij ontwikkelen op het gebied van informele scholing. De gemeenten in kwestie zetten in op brede kennisontwikkeling over informele scholing in hun regio en versteviging van het lokale aanbod.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

45

28. Knelpunten verdeelsystematiek De meerjarenraming strekt zich met ingang van deze circulaire uit tot en met het jaar 2027. Daardoor wordt in deze circulaire de toename van de decentralisatie-uitkering Knelpunten verdeelproblematiek voor dat jaar zichtbaar met een bedrag van € 0,097 miljoen. Deze decentralisatie-uitkering houdt verband met btw-aspecten ten aanzien van wegen die in beheer zijn van waterschappen. Gemeenten zijn op grond van de Wet herverdeling wegenbeheer verplicht om het onderhoud aan hun wegen te bekostigen. Doorgaans kunnen gemeenten de voor het onderhoud van de wegen afgedragen btw declareren bij het btw-compensatiefonds. Als het beheer van de wegen is uitbesteed aan de waterschappen is dat echter niet mogelijk. De hogere kosten voor de gemeenten waar het onderhoud aan de wegen wordt verricht door waterschappen, worden met deze uitkering gecompenseerd (zie ook paragraaf 2.2-4).

29. LHBTI-emancipatiebeleid Regenboogsteden zetten zich in voor de gezamenlijke doelstelling de veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van LHBTI (Lesbische vrouwen, Homoseksuele mannen, Biseksuelen, Transgenderpersonen en Intersekse personen) verder te bevorderen. In totaal is hiervoor in 2022 een bedrag van € 0,080 miljoen beschikbaar. Als onderdeel van het Programma Regenboogsteden is naar aanleiding van de motie Bergkamp37 een speciaal traject binnen Regenboogsteden dat zich richt op veiligheid in wijken voor LHBTI-personen. In dit traject wordt gewerkt aan de veiligheid van alle bewoners in de context van de directe leefomgeving: de wijk, met expliciete aandacht voor LHBTI-personen. Voor de gemeenten Groningen, Nissewaard en Roosendaal wordt de bijdrage Regenboogsteden hiervoor in 2022 met € 10.000 opgehoogd. De gemeente Amersfoort ontvangt voor 2022 een bedrag van € 50.000.

3.3.

Verdeling bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en overige mededelingen

Deze paragraaf licht de wijzigingen in de decentralisatie-en integratie-uitkeringen toe die niet gepaard gaan met een wijziging in het macrobudget van de betreffende uitkering. Daarnaast bevat de paragraaf overige mededelingen die betrekking hebben op de decentralisatie-en integratie-uitkeringen.

3.3.1 Maatschappelijke opvang De omvang van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wijzigt niet. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering over 2021 is ten opzichte van de decembercirculaire 2021 gewijzigd als gevolg van het gebruik van actuelere

37

Moties en toezeggingen - Emancipatie2017-2021

Meicirculaire gemeentefonds 2022

46

maatstafaantallen. De trimfactor voor dat jaar stellen wij vast op 1,46922. Hiermee wordt de trimfactor 2021 definitief. De trimfactor zorgt ervoor dat het totaal beschikbare bedrag exact wordt uitgekeerd. Met ingang van 2022 is de verdeling van maatschappelijke opvang ten opzichte van de septembercirculaire 2021 veranderd als gevolg van het gebruik van actuelere maatstafaantallen en verwerking van de gemeentelijke fusies. Met ingang van 2023 komt hier nog de verschuiving bij van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau van centrumgemeente Breda naar centrumgemeente Tilburg. De verdeling over de gemeenten is opgenomen in bijlage 3.3.1 van deze circulaire. De achterliggende berekeningswijze treft u aan in de internetbijlage.

3.3.2 Armoedebestrijding kinderen In paragraaf 4.2-1 van de decembercirculaire 2016 zijn gemeenten geïnformeerd over de € 85 miljoen die vanaf 2017 structureel beschikbaar is gesteld voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling voor het jaar t+1 en verder. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede.38 De verdeling over de gemeenten voor 2023 en verder is gebaseerd op gegevens over het jaar 2019 en is opgenomen in bijlage 3.3.2.

3.3.3 Kinderen in een AZC In paragraaf 2.2-6 van de septembercirculaire 2018 zijn gemeenten geïnformeerd dat zij vanaf 2019 volledig verantwoordelijk worden voor de organisatie en financiering van jeugdhulp, inclusief de jeugd-ggz, aan kinderen in een AZC. Hiervoor is structureel € 5,1 miljoen beschikbaar. Bijlage 3.3.3 bevat de definitieve verdeling voor 2021. Deze verdeling is gebaseerd op de cijfers van januari 2021 tot en met december 2021. Deze bedragen zijn voorlopig ook voor 2022 en verder gehanteerd.

3.3.4 Basisregistratie Personen (BRP): centralisering inschrijving vergunninghouders Enkele gemeenten ontvangen een bijdrage in verband met het inrichten en in stand houden van een zogeheten BRP-straat. Vanwege wijziging van de taakverdeling tussen de operationele BRP-straten wordt de verdeling van de decentralisatie-uitkering aangepast. In overleg tussen Rijk en betrokken gemeenten is met ingang van 2022 de volgende verdeling overeengekomen: Arnhem (€ 663.610), Cranendonck (€ 909.237), Gilze en Rijen (€ 665.027), Haarlemmermeer (€ 216.125) en Westerwolde (€ 2.276.653).

Zie voor gehanteerde CBS-gegevens: https://jmopendata.cbs.nl/#/JM/nl/dataset/20233NED/table?dl=3801D 38

Meicirculaire gemeentefonds 2022

47

3.3.5 Omgevingswet Vanuit het gemeentefonds draagt het Rijk in totaal € 150 miljoen bij aan de transitiekosten die gemeenten hebben gemaakt in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet. Voorwaarde hierbij is dat er een stelselevaluatie volgt waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten opnieuw in kaart worden gebracht. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering vindt plaats via de verdeelsleutel 60% inwonertal, 25% landoppervlak en 15% vast bedrag. Deze € 150 miljoen is in deze circulaire nog niet geboekt, maar wordt in de septembercirculaire 2022 verwerkt. Bijlage 3.3.5 bevat een indicatie van het per gemeente te ontvangen bedrag. Over de middelen voor de jaren 2023 tot en met 2025 volgt meer informatie in een latere circulaire.

3.3.6 Wet kwaliteitsborging bouwen Voor de noodzakelijke voorbereidingen die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), ontvangen gemeenten in 2022 een bijdrage van € 25 miljoen, in aanvulling op de € 10 miljoen die eerder in 2021 is verstrekt. Van de € 25 miljoen gaat een klein deel naar het BTW compensatiefonds, daarmee is een bedrag van € 24,567 miljoen beschikbaar voor het gemeentefonds. Daarnaast ontvangen de gemeenten na inwerkingtreding een jaarlijkse bijdrage van € 10 miljoen in 2023 tot en met 2026 voor het uitvoeren van de Wkb-taken. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering vindt plaats via de verdeelsleutel 60% inwonertal, 25% landoppervlak en 15% vast bedrag. De middelen zijn in deze circulaire nog niet geboekt, maar worden in de septembercirculaire 2022 verwerkt. Bijlage 3.3.6 bevat een indicatie van de te ontvangen bedragen per gemeente.

3.3.7

Voortzetting pleegzorg alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV)

De ministeries van BZK en JenV, Nidos en de VNG stellen gezamenlijk afwegingscriteria op die ten grondslag zullen liggen aan de verdeling van de incidentele middelen ten behoeve van verlengde opvang en begeleiding van alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Hiervoor is voor 2021 een totaalbedrag van € 10 miljoen beschikbaar (zie paragraaf 3.2-5 van de decembercirculaire 2021). Eén van de afwegingscriteria zal in ieder geval zijn het aantal alleenstaande minderjarige vreemdelingen dat achttien jaar is of wordt in de betreffende gemeente. Het peilmoment voor deze meting zal begin juli 2022 zijn. De verdeling van de decentralisatie-uitkering zal in de septembercirculaire 2022 worden verwerkt.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

48

4

Overige mededelingen

4.1

Inleiding

Dit hoofdstuk bevat diverse mededelingen over de gemeentefinanciën. Paragraaf 4.2 bevat mededelingen over het gemeentefonds die zowel betrekking hebben op de algemene uitkering als op de integratie- en decentralisatie-uitkeringen. Vervolgd wordt met mededelingen op het terrein van de gemeentefinanciën.

4.2

Gemeentefondstotalen, bevoorschotting en nominale ontwikkelingen

Gemeentefondstotalen Tabel 4.2.1 bevat een overzicht van de gemeentefondstotalen 2022-2027. In de tabel zijn de bedragen uit de hoofdstukken 2 en 3 bij elkaar gebracht. Tabel 4.2.1 Gemeentefondstotalen 2022-2027 (in duizenden euro's) 2022

2023

2024

2025

2026

2027

Algemene uitkering DU/IU

32.647.562 5.725.331

34.409.507 4.248.230

35.255.198 4.191.357

37.247.014 4.118.315

35.449.294 4.040.204

36.532.024 3.981.502

Totaal

38.372.893

38.657.737

39.446.555

41.365.329

39.489.498

40.513.526

Bevoorschotting De bedragen 2022 uit de tabel zullen worden verwerkt in de bevoorschotting vanaf de eerste dinsdag in juli ofwel 5 juli 2022. Tot dat tijdstip is de bevoorschotting gebaseerd op de decembercirculaire 2021. Op de eerste dinsdag in juli zullen ook eventuele verrekeningen plaatsvinden als er eerder dit jaar te veel of juist te weinig voorschot is verstrekt. Verrekeningen over voorgaande uitkeringsjaren worden eveneens in juli uitgevoerd. Over de voorschotten voor het uitkeringsjaar 2023 volgt informatie in de septembercirculaire 2022. Voor de volledigheid: aan de berekening van de voorschotten kunnen geen rechten worden ontleend voor de definitieve vaststelling van de uitkeringen. Nominale ontwikkelingen De algemene uitkering is via het accres afhankelijk van de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven (accresrelevante uitgaven; ARU) waarin rekening is gehouden met loon- en prijsontwikkelingen. Daarmee is de algemene uitkering in de meerjarenraming uitgedrukt in het prijspeil van het betreffende jaar ofwel in lopende prijzen. De decentralisatieuitkeringen kennen geen correctie voor loon- en prijsontwikkelingen en betreffen nominale bedragen. De integratie-uitkeringen worden wel ieder jaar opnieuw geïndexeerd volgens de voor dat jaar van toepassing zijnde loon- en prijsontwikkeling (constante prijzen).

Het is van belang dat gemeenten in hun ramingen rekening houden met de loon- en

Meicirculaire gemeentefonds 2022

49

prijsontwikkelingen. Om gemeenten, die niet beschikken over eigen loon- en prijsindexen, te faciliteren bij het omgaan met nominale ontwikkelingen is tabel 4.2 opgenomen. De tabel bevat een aantal loon- en prijsindicatoren die het CPB onderscheidt voor de overheidssector. De cijfers zijn ontleend aan de meest recente publicaties van het CPB. Voor nadere informatie verwijzen wij naar de regelmatig bijgestelde prognoses op de website van het CPB (CPB), met name de rubriek Centraal Economisch Plan 2022. Tabel 4.2.2 Prijsindexen CPB* CEP 2022 mutaties per jaar in % 2022 2023 2024 2025 2026 Prijs bruto binnenlands product (pbbp) 3,4 3,0 2,5 2,5 2,2 Prijs nationale bestedingen (pnb) 3,8 3,1 2,5 2,5 2,1 Nationale consumentenprijsindex (cpi) 5,2 2,4 2,4 2,5 2,0 Loonvoet sector overheid 4,3 3,6 4,2 4,1 3,9 Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers 4,8 3,3 3,9 3,8 3,6 Prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc 4,1 2,3 2,4 2,4 1,9 * toelichting/ verduidelijking bij de kerngegevens is te vinden op: https://www.cpb.nl/artikel/toelichting-bij-kerngegevenstabel ** cijfers 2026 zijn doorgetrokken naar 2027

4.3

2027** 2,2 2,1 2,0 3,9 3,6 1,9

Voorstel Rijk vastzetten volumecomponent accres

In de septembercirculaire 2021 (paragraaf 4.4) bent u geïnformeerd over het advies van de ROB over de toekomst van het accres. Gegeven dit advies, het voornemen van dit kabinet om uiterlijk bij Voorjaarsnota 2022 nader te bezien of het wenselijk is het accres stabieler te maken en de aangenomen motie van het lid Van Weyenberg39 waarin het kabinet wordt opgeroepen om “bij de Voorjaarsnota met een voorstel te komen op welke manier gemeenten meerjarige duidelijkheid hebben over de reële stijging van het accres, bijvoorbeeld door het vastklikken van de standen bij de Voorjaarsnota”, heeft het kabinet de VNG en het IPO het voorstel gedaan voor het bevriezen van de volumecomponent van het accres voor de jaren 2022 – 2025. Daarmee beoogt het kabinet voor die periode een stabielere financiering van de medeoverheden te realiseren. Op dit moment is het kabinet hierover met de VNG en het IPO in gesprek.

4.4

Beleidsdoorlichting Btw-compensatiefonds

Op 30 november 2021 is de beleidsdoorlichting van Artikel 6 (hoofdstuk IX), Wet op het Btw-compensatiefonds (BCF)40 gepubliceerd. Deze doorlichting gaat over de periode van 2015 tot en met 2020. De conclusie luidt dat de directe doelstelling van het BCF wordt behaald: door de invoering van het BCF speelt btw geen rol meer bij de afweging zelf uitvoeren of uitbesteden. Het is echter lastig iets te zeggen over de doelmatigheid en eventuele doelmatigheidswinst door invoering van het BCF. Het is namelijk onduidelijk wat de uitvoeringskosten zijn van het BCF bij de medeoverheden en of de uitvoeringslasten bij de Belastingdienst zijn gedaald. Onderzoeken hiernaar zijn gedateerd en er zijn vermoedens dat de uitkomsten ervan niet meer kloppen. Daarnaast is het bewijzen van een direct verband tussen de invoering van het BCF en meer uitbestedingen lastig doordat

39 40

Detail 2022D07303 | Tweede Kamer der Staten-Generaal Aanbiedingsbrief bij beleidsdoorlichting Btw-compensatiefonds | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

Meicirculaire gemeentefonds 2022

50

gemeenten en provincies ook meer kunnen uitbesteden na invoering van het BCF vanwege strategische, politieke of beleidsmatige redenen. Het is echter wel aannemelijk dat het BCF heeft geleid tot meer uitbestedingen en meer samenwerking tussen medeoverheden. Om de doelmatigheidswinst in de toekomst beter te kunnen analyseren zijn in de beleidsdoorlichting twee aanbevelingen voor toekomstig onderzoek naar voren gebracht. De uitvoering van deze onderzoeken is gekoppeld aan de Strategische Evaluatie Agenda (SEA) 2023. Waar mogelijk wordt reeds in 2022 gestart met deze onderzoeken: 1) Allereerst, het op korte termijn uitzetten van een extern onderzoek naar de uitvoeringskosten van het BCF. Hierbij dienen niet alleen de hoogte van de administratieve lasten bij medeoverheden, maar ook factoren die de kosten beïnvloeden mee te worden genomen. 2) Een onderzoek naar de doelmatigheid van de uitsluitingsgronden in relatie tot de uitvoeringslasten bij de Belastingdienst, gemeenten en provincies. Om de uitvoering en vormgeving van het BCF alvast te verbeteren, zijn er drie verbeterpunten en zeven concrete verbeteringsvoorstellen opgenomen in de beleidsdoorlichting.

De drie verbeterpunten zijn het versterken van kennisdeling over het afdrachtsproces binnen het Rijk, het onderzoeken van de werking van Wetsartikel 4 en het in kaart brengen van de gevolgen van pragmatische verbeterpunten in de uitvoering. Om dit stapsgewijs op te pakken, biedt de beleidsdoorlichting vervolgens zeven praktische verbeteringsvoorstellen namelijk: meer duidelijkheid rondom het afdrachtsproces met behulp van een ‘blauwe kaart’ (1), onderzoeken van de voor- en nadelen van het invoeren van een doelmatigheidsdrempel voor BCF-overboekingen (2), het schriftelijk verduidelijken van de beleidslijn over ex-ante ramingen en ondersteuning bieden aan departementen om tot goede ramingen te komen (3), gevolgen in kaart brengen van een wijziging van het onderscheid tussen gemeenten en provincies in artikel 4 (4), gevolgen in kaart brengen van een verlening van de termijn voor het indienen van de opgaven (5), het automatiseren en digitaliseren van de opgaven van medeoverheden (6) en het organiseren van een periodiek BCF-overleg met alle betrokken partijen (7).

4.5

Advies raming ruimte onder het plafond BCF

Met ingang van het begrotingsjaar 2019 is de wijze van verwerking van de ruimte onder het plafond van het BCF in de raming van de algemene uitkering in de circulaires gewijzigd (zie paragraaf 2.2-2 van de meicirculaire 2018). Deze raming bevat niet meer de ruimte onder het plafond BCF voor het jaar t+1 en verder. Voor het jaar t volgt een eerste raming van deze ruimte in de komende septembercirculaire. Het is aan de gemeenten zelf om een reële meerjarenraming op te nemen voor het BCF. Voor een goede raming van de ruimte onder het plafond BCF is inzicht nodig in de toekomstige ontwikkeling van de omvang van het BCF en vooral in de toekomstige

Meicirculaire gemeentefonds 2022

51

declaraties. Om een niet onderbouwde (oplopende) raming van de ruimte onder het plafond BCF te voorkomen biedt de ruimte na de laatst bekende declaraties om die reden het meeste houvast als raming voor de komende jaren. Het ministerie van BZK heeft in afstemming met de VNG en de provinciale toezichthouders een advies opgesteld over de wijze waarop de ruimte onder het plafond BCF door gemeenten kan worden opgenomen als verwachte bate. Dit advies luidt: Gezien de onzekerheid over de toekomstige ontwikkeling van de ruimte onder het plafond BCF, adviseren we om voorzichtigheid in acht te nemen door een raming op te nemen, die maximaal gebaseerd is op de meest recente, gerealiseerde ruimte onder het plafond BCF. Voor de begroting 2023 is dit de realisatie 2021 zoals die in deze circulaire is opgenomen. De provinciale toezichthouders gebruiken dit advies als richtlijn bij het beoordelen van de (meerjaren)begroting 2023-2026.

4.6

Integraal overzicht financiën gemeenten

In oktober zal de minister van BZK een Integraal Overzicht Financiën Gemeenten naar beide Kamers sturen. Dit komt voort uit verzoeken van de Eerste en Tweede Kamer om meer inzicht in de gemeentelijke financiën en de Rijksuitkeringen naar gemeenten. Het overzicht zal ingaan op de financiële positie, inkomsten, uitgaven en de getrouwheid en rechtmatigheid van de verantwoording van gemeenten over 2021. Het overzicht zal jaarlijks in het najaar worden toegezonden.

4.7

Analyse gemeentebegrotingen

De gemeente kan haar financiële situatie op verschillende manieren (laten) onderzoeken. In de eerste plaats kan de gemeente zelf onderzoek doen naar haar uitgaven met een begrotingsanalyse. Op verzoek kan de rijksoverheid daarnaast, samen met de provincie, de financiën van de gemeente vergelijken met die van andere gemeenten, de zogenoemde begrotingsscan. Tot slot kunnen gemeenten met behulp van de provincie en de rijksoverheid de financiële gevolgen van een herindeling (laten) onderzoeken door middel van een herindelingsscan. Voor meer informatie wordt verwezen naar: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financien-gemeenten-en-provincies/financieeltoezicht-gemeenten-en-provincies/financiele-scans-gemeenten.

4.8

Landelijk gemiddelde kengetal belastingcapaciteit

In de meicirculaire wordt jaarlijks de benodigde informatie voor de berekening van het kengetal belastingcapaciteit opgenomen, zoals aangegeven in de ministeriele regeling over de berekeningswijze van de financiële kengetallen BBV. Voor gemeenten gaat het om het landelijk gemiddelde voor de gemeentelijke woonlasten van een meerpersoonshuishouden.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

52

Het laatst bekende gemiddelde bedraagt voor 2022 € 904 (jaar t-1).41 In begroting en jaarverslag 2022 (jaar t) kan dit gemiddelde worden gebruikt voor de berekening van het kengetal belastingcapaciteit in de verschillende jaren. In het COELO-rapport 2022 is toegelicht dat de berekeningsmethode van de gemiddelde WOZ-waarde dit jaar is gewijzigd.42 Tot en met 2021 publiceerde het CBS alleen de gezamenlijke gemiddelde WOZ-waarde voor zowel koop- als huurwoningen. Sinds december 2021 publiceert het CBS ook de afzonderlijke gemiddelde WOZ-waarde van koopen huurwoningen (gegevens voor de jaren vanaf 2019). Omdat de gemiddelde WOZwaarde van koopwoningen een beter beeld geeft van de gemiddeld betaalde OZB door huishoudens met een koopwoning gaat het COELO voortaan uit van deze waarde. De waarde van koopwoningen is over het algemeen hoger dan die van huurwoningen. Dit verklaart de ontwikkeling van het landelijk gemiddelde van de woonlasten van € 811 voor 2021 zoals gepubliceerd in de meicirculaire van vorig jaar naar € 904 in 2022. Het COELO heeft het landelijk gemiddelde voor de gemeentelijke woonlasten voor 2021 herberekend op basis van de gemiddelde waarde van koopwoningen en komt op een landelijk gemiddelde gemeentelijke woonlast voor 2021 van € 877.

De landelijke stijging van de gemeentelijke woonlasten van 2021 op 2022 bedraagt 3% op basis van het herberekende landelijk gemiddelde in 2021. De cijfers per gemeente zijn gepubliceerd in de atlas van de lokale lasten 2022.

4.9

Taskforce op het uitkeringsstelsel

Een belangrijk onderdeel van de financiële verhoudingen wordt gevormd door de uitkeringen, waarmee decentrale overheden vanuit het Rijk worden bekostigd. Al langer leeft de behoefte om dit uitkeringsstelsel beter aan te laten sluiten bij de gewijzigde bestuurlijke verhoudingen. Om die reden is in 2021 aan drie universitaire onderzoeksinstituten de opdracht gegeven om over het uitkeringsstelsel te adviseren aan de fondsbeheerders van het gemeente- en provinciefonds. In het rapport ‘Advies over het uitkeringsstelsel tussen Rijk en provincies en gemeenten’43 zijn aanbevelingen aan de fondsbeheerders gedaan om te komen tot aanpassingen die leiden tot gewenste doelen. In de Kamerbrief van 25 maart 202244 is aangegeven dat de uitwerking zal geschieden door een interdepartementale Taskforce, welke inmiddels gestart is. Daarnaast zijn de fondsbeheerders hierover parallel in gesprek gegaan met de VNG en het IPO. Het streven is om in de zomer van 2022 de Tweede Kamer nader te informeren in een Contourennota, welke is toegezegd aan de Tweede Kamer in het debat van 26 januari jl.45

https://www.coelo.nl/index.php/atlas-lokale-lasten/interactieve-kaarten/atlas-gemeenten, zie tabblad gemeentelijke woonlasten, kaart woonlasten meerpersoonshuishouden met eigen woning. 42 https://www.coelo.nl/index.php/atlas-lokale-lasten/bijlagen, zie onder tabblad verantwoording 43 Advies over het uitkeringsstelsel tussen Rijk en provincies en gemeenten | Rapport | Rijksoverheid.nl 44 TK, Vergaderjaar 2021-2022, 35 925 VII, nr. 143. Als bijlage bij deze brief is ook het Advies over het uitkeringsstelsel tussen Rijk en provincies en gemeenten opgenomen. 45 6_januari_2022,_over_de_maatregelen_in_het_Coalitieakkoord_op_het_terrein_van_Binnenlandse_Z aken.pdf 41

Meicirculaire gemeentefonds 2022

53

4.10

Verfijning Iv3-taakvelden sociaal domein

De ministeries van BZK en VWS werken samen met gemeenten en het CBS aan een aanpassing van de taakvelden in Iv3 (Informatie voor Derden). Het gaat in de eerste plaats om een verfijning van de taakvelden voor de individuele voorzieningen WMO en Jeugd. Deze verfijning komt voort uit de aanbeveling van de werkgroep Data en Monitoring (hervormingsagenda Jeugd) en is gericht op het verkrijgen van aansluiting tussen Informatie voor Derden (Iv3) en beleidsinformatie Jeugd. Daarnaast worden in de Iv3taakvelden voor het sociaal domein beperkte wijzigingen doorgevoerd die voortvloeien uit het onderzoek naar de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Nog voor de zomer zal in de IBI-Nieuwsbrief worden behandeld hoe de aanpassing van de Iv3-taakvelden op beide punten er precies uitziet.46

4.11

Website gemeentefinanciën: www.findo.nl

De gegevens op www.findo.nl, de online database met informatie over de financiën van decentrale overheden, worden op regelmatige basis geactualiseerd. Wat betreft de informatie over de uitkeringen uit het gemeentefonds bevat de database de stand decembercirculaire 2021. De gegevens uit deze circulaire zullen zo spoedig mogelijk worden verwerkt, zodat u de meest actuele stand kunt raadplegen. De Iv3-data, zoals die door gemeenten en provincies zijn aangeleverd bij het CBS, en informatie over de financiële kengetallen zijn bijgewerkt tot en met de begroting van 2022. Ook zijn de originele begrotingen en jaarstukken van gemeenten en provincies tot en met 2020 (jaarrekeningen) en 2022 (begrotingen) aan de website toegevoegd. Door deze informatie en openbare documenten op één plaats beschikbaar te stellen, wil het ministerie van BZK bijdragen aan de transparantie en openbaarheid van de financiën van decentrale overheden.

4.12

Redelijk peil 2023

De Financiële-verhoudingswet (Fvw) bepaalt dat de eigen inkomsten van een gemeente een bepaald ‘redelijk peil’ moeten hebben, wil zij in aanmerking komen voor een aanvullende uitkering op basis van artikel 12 Fvw. De berekening van het redelijk peil aan eigen inkomsten voor 2023 is opgenomen in bijlage 4.11 van deze circulaire.

46

Abonneren kan hier:

https://www.rijksoverheid.nl/abonneren/abonnementen?context=inschrijven%2Denkele%2Dnieuwsbri ef&titel=ibi%2Dnieuwsbrief&nieuwsbrief%2Did=32937be8%2De7da%2D45f5%2Da6a7%2D63858446 4592

Meicirculaire gemeentefonds 2022

54

Bijlagen Bijlage 2.1.1 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2022 Tabel 1 Verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en uitkeringsfactor

b.p.e. 2022 stand december 2021

wijzigingen volgens deze circulaire

b.p.e. 2022 deze circulaire

onroerendezaakbelasting waarde woningen eigenaren onroerendezaakbelasting waarde niet-woningen gebruikers onroerendezaakbelasting waarde niet-woningen eigenaren

-0,083763% -0,131452% -0,163111%

-

-0,083763% -0,131452% -0,163111%

inwoners kernen met 500 of meer adressen ozb-waarde van de niet-woningen gedeeld door 1.000.000 inwoners jongeren jonger dan 18 jaar inwoners ouderen 65 jaar en ouder inwoners ouderen 75 t/m 84 jaar wadden, t/m 2500 inwoners wadden, van 2501 t/m 7500 inwoners wadden, vanaf 7501 inwoners huishoudens met laag inkomen lage inkomens met drempel bijstandsontvangers loonkostensubsidie uitkeringsontvangers minderheden minderheden met drempel eenouderhuishoudens eenpersoonshuishoudens huishoudens klantenpotentieel lokaal klantenpotentieel regionaal leerlingen (V)SO leerlingen VO achterstandsleerlingen met drempel extra groei leerlingen VO extra groei jongeren land (voortzetting op de volgende bladzijde)

162,13 60.274,83 380,05 875,40 100,95 26,49 201,79 132,44 33,62 30,97 702,17 2.157,96 1.957,15 87,13 327,72 325,13 1.035,61 52,48 90,83 46,12 24,23 230,78 370,50 2.312,25 220,56 249,86 41,11

-0,02 -1,14 121,10 -0,26 -0,01 -0,04 -1,35 9,06 -0,01 4,18 -

162,11 60274,83 380,05 874,26 100,95 26,49 201,79 132,44 33,62 30,97 823,27 2157,70 1957,15 87,12 327,68 325,13 1034,26 61,54 90,82 46,12 28,41 230,78 370,50 2312,25 220,56 249,86 41,11

Meicirculaire gemeentefonds 2022

55

Tabel 1 Verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en uitkeringsfactor land *bodemfactor gemeente binnenwater buitenwater oppervlakte bebouwing oppervlakte bebouwing woonkernen oppervlakte bebouwing buitengebied oppervlakte bebouwing woonkernen * bodemfactor woonkernen oppervlakte bebouwing buitengebied*bodemfactor buitengebied woonruimten woonruimten * bodemfactor woonkernen opp. historische kernen, <40 ha opp. historische kernen, 40-64 ha opp. historische kernen, >64 ha historische waterwegen bewoonde oorden bewoonde oorden met historische kernen investeringsbudget stedelijke vernieuwing (a) investeringsbudget stedelijke vernieuwing (b) omgevingsadressendichtheid (oad) omgevingsadressendichtheid met drempel oeverlengte * bodemfactor gemeente (oeverlengte+2*veen/kleiveengebied)*bf.gemeente*dh.factor meerkernigheid meerkernigheid * bodemfactor buitengebied bedrijven vast bedrag voor iedere gemeente vast bedrag voor Amsterdam vast bedrag voor Rotterdam vast bedrag voor Den Haag vast bedrag voor Utrecht vast bedrag Waddengemeenten

b.p.e. 2022 stand december 2021

wijzigingen volgens deze circulaire

b.p.e. 2022 deze circulaire

26,89 38,04 22,97 588,37 2.284,96 1.921,87 3.089,49 1.525,03 57,21 50,79 3.200,28 6.928,07 15.081,92 15,58 31,48 85,74 6.087.306,96 3.736.019,31 58,91 23,72 11,72 5,82 9.114,34 14.878,30 75,31 297.533,99 104.966.340,63 64.491.778,38 51.032.010,38 30.708.535,84 150.164,11

10,03 -1,12 0,45 -36,64 445.614,99 -

26,89 38,04 22,97 588,37 2.284,96 1.921,87 3.089,49 1.525,03 57,21 50,79 3.200,28 6.928,07 15.081,92 15,58 31,48 85,74 6.087.306,96 3.736.019,31 68,94 23,72 11,72 5,82 9.113,22 14.878,30 75,76 297.497,35 104.966.340,63 64.491.778,38 51.477.625,37 30.708.535,84 150.164,11

1 Voor Baarle-Nassau twee maal het vaste bedrag. (voortzetting op de volgende bladzijde)

Meicirculaire gemeentefonds 2022

56

Tabel 1 Verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en uitkeringsfactor jeugdigen in gezinnen met armoederisico basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 0.3 basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 1.2 gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (particuliere hh) gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (hh met kinderen) ouders met langdurig psychisch medicijngebruik eenouderhuishoudens met 2 of meer kinderen bijstandshuishoudens met minderjarige kinderen eenouderhuishoudens die bijstand ontvangen uitkeringsontvangers minus bijstandsontvangers wajongeren medicijngebruik met drempel re-integratie klassiek inwoners jonger dan 65 jaar inwoners ouderen 65 t/m 74 jaar inwoners ouderen 85 jaar en ouder eenpersoonshuishoudens 65 t/m 74 jaar eenpersoonshuishoudens 75 t/m 84 jaar eenpersoonshuishoudens 85 jaar en ouder huishoudens met laag inkomen 65 t/m 74 jaar huishoudens met laag inkomen 75 t/m 84 jaar huishoudens met laag inkomen 85 jaar en ouder gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 65 t/m 74 jaar gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 75 t/m 84 jaar gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 85 jaar en ouder bedden uitkeringsfactor

b.p.e. 2022 stand december 2021

wijzigingen volgens deze circulaire

deze circulaire

321,61 -2.139,57 -3.357,61 -163,93 -641,42 4.732,43 1.674,78 863,39 2.286,71 1.353,36 866,30 378,69 367.155,38 4,25 0,19 0,19 16,50 65,89 115,38 129,39 517,19 903,82 118,18 472,79 827,35 0,86

-0,38 2,52 3,96 0,19 0,76 -5,58 -1,97 -1,00 -2,70 -1,61 -

321,23 -2.137,05 -3.353,65 -163,74 -640,66 4.726,85 1.672,81 862,39 2.284,01 1.351,75 866,30 378,69 367.155,38 4,25 0,19 0,19 16,50 65,89 115,38 129,39 517,19 903,82 118,18 472,79 827,35 0,86

1,756

0,057

1,813

Meicirculaire gemeentefonds 2022

b.p.e. 2022

57

Meicirculaire gemeentefonds 2022

58

Bijlage 2.1.2 Bedragen per eenheid 2022 per cluster

Meicirculaire gemeentefonds 2022

59

Meicirculaire gemeentefonds 2022

60

Meicirculaire gemeentefonds 2022

61

Bijlage 2.1.3 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2023 Tabel 3 Verdeeltabel 2023 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en

b.p.e. 2022

w ijzigingen

b.p.e. 2023

uitkeringsfactor

stand

volgens

stand

voorjaarsnota 2022

deze circulaire

mei 2022

134,78 42,27 79,48 6.458,05 1.306,35 167,08 766,20 628,55 75.166,66 4.004,47 374,09 1.333,75 269,09 47,34 209,89 581,15 114.658,62 265,25 528,66 384,90 6.458,05 385,94 45,41 10,86 157,73 13,42 31,40 84,92 150,84 7.920,14 2.935,95

-1.406,59 -284,53 0,21 -218,81 0,52 1,65 -14,44 29,72 0,32 -1.406,59 0,04 -2,09 1,24 -25,99 -

bedrijven bew oonde oorden 1930 historische w oningen in bew oonde oorden 1930 bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens extra groei jongeren extra groei leerlingen voortgezet onderw ijs grote w oonkernen huishoudens met een laag inkomen met drempel inw oners inw oners 75+ met drempel inw oners w addengemeenten (<2500 inw oners) inw oners w addengemeenten (>7500 inw oners) inw oners w addengemeenten (2500 tot 7500 inw oners) jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel leerlingen (voortgezet) speciaal onderw ijs leerlingen voortgezet onderw ijs loonkostensubsidie migratieachtergrond landelijke centrumfunctie lokale centrumfunctie regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente omgevingsadressendichtheid onderw ijsachterstand oppervlak bebouw ing buitengebied oppervlak bebouw ing buitengebied bodemfactor buitengebied

134,78 42,27 79,48 5.051,46 1.021,82 167,29 766,20 628,55 75.166,66 3.785,66 374,61 1.335,40 269,09 47,34 209,89 566,71 114.688,34 265,57 528,66 384,90 5.051,46 385,98 45,41 10,86 155,64 13,42 31,40 86,16 150,84 7.894,15 2.935,95

(voortzetting op de volgende bladzijde)

Meicirculaire gemeentefonds 2022

62

Tabel 3 Verdeeltabel 2023 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en b.p.e. 2022 uitkeringsfactor stand voorjaarsnota 2022

w ijzigingen volgens deze circulaire

b.p.e. 2023 stand mei 2022

oppervlak bebouw ing w oonkern oppervlak bebouw ing w oonkern bodemfactor w oonkern oppervlak binnenw ater oppervlak buitenw ater oppervlak historische kern < 40 ha oppervlak historische kern > 65 ha oppervlak historische kern 40 tot 65 ha oppervlak land * bodemfactor gemeente oppervlak land

6.762,30 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

-8,53 -

6.753,77 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

ozb niet-w oningen eigenaren ozb niet-w oningen gebruikers ozb w oningen eigenaren

-0,2739% -0,2084% -0,0960%

-0,0057% -0,0043% 0,0103%

-0,2796% -0,2127% -0,0857%

977.275,33 74.175.269,15 1.369.932,16 27.064.336,61 11,70 52,99

321,23 -662.828,32 0,11 -

977.596,56 74.175.269,15 707.103,84 27.064.336,61 11,81 52,99

vast bedrag vast bedrag Amsterdam verkiezingen Den Haag vast bedrag Rotterdam w oonruimten w oonruimten bodemfactor w oonkern

Meicirculaire gemeentefonds 2022

63

Meicirculaire gemeentefonds 2022

64

Bijlage 2.1.4 Bedragen per eenheid 2023 per cluster

Meicirculaire gemeentefonds 2022

65

Meicirculaire gemeentefonds 2022

66

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Bijlage 2.2.1 Opbouw algemene uitkeringen 2022 – 2027 (huidige verdeelmodel)

67

Meicirculaire gemeentefonds 2022

68

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Bijlage 2.2.1 Opbouw algemene uitkeringen 2022 – 2027 (nieuwe verdeelmodel)

69

Meicirculaire gemeentefonds 2022

70

Bijlage 2.2.2 Overzicht mutaties 2021 BTW-compensatiefonds Omschrijving Bedragen in € 1.000 Afdracht inzake het project Rijnlandroute

Departement

Bedrag

Circulaire

I&W

41.974

n.v.t. (SPUK I&W)

Derde trance woningbouwimpuls (totaal 253,1 miljoen)

BZK

36.808

n.v.t. (SPUK BZK)

Volkshuisvestingsfonds (VHF)

BZK

12.229

n.v.t. (SPUK BZK)

Afdracht inzake het project Rotterdamsebaan

I&W

6.805

n.v.t. (SPUK I&W)

Project IJsseldelta fase 2

I&W

6.717

n.v.t. (SPUK I&W)

Laatste termijn regio deals derde tranche en laatste termijn deal Rotterdam Zuid Randweg Eindhoven

LNV

5.483

I&W

4.739

septcirc pf 2019, 3.2-1 n.v.t. (SPUK I&W)

Eerste tranche Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptie

I&W

2.598

n.v.t. (SPUK I&W)

Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV) Eindhoven

I&W

2.250

n.v.t. (SPUK I&W)

Programma Natuur 2021 (provincies)

LNV

1.964

n.v.t. (SPUK LNV)

Compensatiepakket Wind in de Zeilen

BZK

1.920

n.v.t. (SPUK BZK)

Vijfde trance Nationaal Programma Groningen (NPG projecten)

BZK

1.585

n.v.t. (SPUK BZK)

Subsidies tijdelijke stimuleringsregeling doelmatig en duurzaam gebruik van verkeersinfrastructuur Tweede tranche Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptie (deel 1)

I&W

1.500

n.v.t. (SPUK I&W)

I&W

1.342

n.v.t. (SPUK I&W)

Tweede tranche deel Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptie (deel 2) Incidentele beschikkingen 2021

I&W

1.297

n.v.t. (SPUK I&W)

I&W

1.211

n.v.t. (SPUK I&W)

Fietssnelroutes

I&W

1.161

n.v.t. (SPUK I&W)

Regeling Huisvesting Aandachstgroepen

BZK

996

n.v.t. (SPUK BZK)

Schone Lucht Akkoord (eerste afdracht)

I&W

873

n.v.t. (SPUK I&W)

Nijmegen station Heyendaal

I&W

598

n.v.t. (SPUK I&W)

Eerste trance (deel 2) gerichte opkoop veehouderijen

LNV

579

n.v.t. (SPUK LNV)

Stimulering huisvesting vergunninghouders

BZK

515

n.v.t. (SPUK BZK)

Informatievoorziening VOI

SZW

500

n.v.t. (SPUK SZW)

KTA A2 Deil Vugh

I&W

495

n.v.t. (SPUK I&W)

Erfgoed Deal gemeenten en provincies

OCW

482

Regeling lokale versterking cliëntondersteuning

VWS

441

meicirc gf 2020, 3.213 n.v.t. (SPUK VWS)

Perceel Recreatieterreinen als onderdeel van project IJsseldelta fase 2 Bermmaatregelen N-wegen

I&W

364

n.v.t. (SPUK I&W)

I&W

342

n.v.t. (SPUK I&W)

NOVI gebieden

BZK

327

n.v.t. (SPUK BZK)

Agroprogramma Groningen

LNV

292

n.v.t. (SPUK LNV)

BREDE HULP BIJ GEMEENTEN

FIN

233

n.v.t. (SPUK FIN)

Ondersteuning gemeenten woningbouwgebieden

BZK

229

n.v.t. (SPUK BZK)

Scohone Lucht akkoord (tweede afdracht)

I&W

191

n.v.t. (SPUK I&W)

Expertsiecentra

VWS

185

n.v.t. (SPUK VWS)

Pilots Mobility as a Service (MaaS)

I&W

177

n.v.t. (SPUK I&W)

Spoorbaanpad Almere

I&W

174

n.v.t. (SPUK I&W)

Programma Natuur 2021 (gemeentes)

LNV

123

n.v.t. (SPUK LNV)

Boeking BCF naar gemeentefonds uitvoering DigiD en MijnOverheid Overig

BZK

-111

meicirc. gf 2019, 2.2-21 n.v.t.

div.

Totaal

150 139.738

Meicirculaire gemeentefonds 2022

71

Bijlage 2.4.1 Suppletie-uitkering bommenregeling

Suppletie uitkering Bommenregeling Gemeente Toegekend bedrag 2022 Gemeente Toegekend bedrag 2022 Aalten 73.677 Lochem 104.040 Alblasserdam 188.961 Maasdriel 263.120 Almere 1.106.620 Maasgouw 22.841 Alphen aan den Rijn 218.207 Meierijstad 585.148 Altena 37.433 Middelburg 269.290 Amersfoort 184.509 Moerdijk 717.289 Amsterdam 119.045 Montferland 60.372 Apeldoorn 4.544.145 Neder Betuwe 38.859 Arnhem 92.211 Nijmegen 1.642.713 Asten 16.827 Oost Gelre 41.100 Beesel 11.380 Oosterhout 9.940 Berg en Dal 74.023 Oss 31.818 Bergen L 176.914 Oudewater 9.754 Bergen op Zoom 111.678 Overbetuwe 72.165 Best 169.772 Peel en Maas 213.964 Bladel 70.491 Raalte 18.669 Bloemendaal 55.304 Renkum 24.006 Breda 153.862 Rheden 28.173 Buren 21.370 Rhenen 23.381 Castricum 10.254 Roerdalen 65.219 Den Helder 181.963 Roermond 282.489 Deurne 287.542 Roosendaal 121.143 Deventer 94.629 Rotterdam 1.180.623 Doetinchem 40.180 Scherpenzeel 59.012 Dronten 526.538 Schiedam 74.969 Echt Susteren 240.780 Schouwen Duiveland 16.325 Ede 1.263.288 's Hertogenbosch 227.255 Eemsdelta 792.087 Sluis 1.049.528 Eijsden Margraten 34.354 Someren 9.588 Eindhoven 493.144 Súdwest Fryslân 33.600 Gennep 4.059 Terneuzen 94.135 Goirle 124.929 Tiel 23.296 Gooise Meren 403.253 Tilburg 433.964 Groningen 100.493 Utrechtse Heuvelrug 6.571 Haarlemmermeer 2.810.431 Veenendaal 78.365 Harderwijk 42.123 Veere 21.494 Heerenveen 26.435 Veldhoven 157.281

Heerlen 13.736 Velsen 99.119 Hengelo 48.058 Venlo 719.846 Heusden 92.764 Venray 499.987 Hoeksche Waard 19.733 Vlaardingen 151.118 Horst aan de Maas 75.637 Vlissingen 187.705 Kerkrade 38.144 Voerendaal 41.924 Landgraaf 200.779 Voorst 16.637 Lingewaard 670.635 Vught 24.644

Meicirculaire gemeentefonds 2022

72

Bijlage 2.4.1 Suppletie-uitkering bommenregeling (vervolg)

Suppletie uitkering Bommenregeling Gemeente Toegekend bedrag 2022 Gemeente Waalre 5889 Woerden Waalwijk 603532 Woudenberg Waddinxveen 249431 Zundert Wageningen 69611 Zutphen Westerwolde 49771 Zwolle Winterswijk 2992 Totaal

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Toegekend bedrag 2022 22749 20060 14370 658831 53601 27.665.713

73

Bijlage 2.5.2a Ingroeipad nieuwe verdeling gemeentefonds per 2023 Deze bijlage bevat per gemeente het bedrag waarmee de algemene uitkering in de jaren 2023 tot en met 2025 wordt verhoogd of verlaagd om te bewerkstelligen dat het herverdeeleffect als gevolg van het nieuwe verdeelmodel gefaseerd tot stand komt. Deze bedragen worden toegekend via de suppletie-uitkering Nieuwe verdeling GF. Het maximale effect is -/+ € 7,50 per inwoner in 2023 en -/+ € 15 per inwoner in 2024 en 2025. Daarmee komt het maximale effect op -/+ € 37,50 per inwoner in 2025. Voor gemeenten met een beperkte financiële draagkracht en een lage sociaal economische status gecombineerd met een negatief herverdeeleffect geldt tot en met 2025 een aangepast ingroeipad. Het maximale negatieve effect voor deze gemeenten is - € 5 per inwoner in 2023, - € 7,50 per inwoner in 2024 en - € 10 per inwoner in 2025. Dat betekent dat het maximale totale effect voor deze gemeenten in 2025 uitkomt op - € 22,50 per inwoner. Ook de gemeenten die tot en met 2022 aanvullende middelen ontvangen vanwege bevolkingsdaling en die te maken hebben met een negatief herverdeeleffect komen in aanmerking voor het aangepaste ingroeipad. Zie voor meer informatie paragraaf 2.5.2.

Onderstaande tabel bevat de bedragen per gemeente voor het ingroeipad, de bedragen zijn uitgedrukt in het herverdeeleffect per inwoner en in het totaal bedrag per gemeente.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

74

Ingroeipad en suppletie uitkering nieuwe verdeling gemeentefonds Ingroeipad per inwoner Bedrag per gemeente Gemeente 2023 2024 2025 en verder 2023 2024 2025 en verder Aa en Hunze 4,29 4,29 4,29 Aalsmeer 7,50 20,69 20,69 421.985 Aalten 7,50 22,50 37,50 2.099.178 1.692.378 1.285.578 Achtkarspelen 5,00 12,50 22,50 1.166.715 957.465 678.465 Alblasserdam 7,50 22,50 37,50 1.034.315 732.275 430.235 Albrandswaard 7,50 22,50 37,50 2.275.003 1.887.793 1.500.583 Alkmaar 5,00 12,50 22,39 1.910.722 1.086.502 Almelo 7,50 9,09 9,09 116.348 Almere 7,50 21,29 21,29 2.961.860 Alphen aan den Rijn 7,50 22,50 22,88 1.731.212 42.407 Alphen Chaam 7,50 22,50 37,50 836.976 681.381 525.786 Altena 7,50 9,78 9,78 128.370 Ameland 1,06 1,06 1,06 Amersfoort 5,00 12,50 20,75 2.480.281 1.299.316 Amstelveen 7,50 22,50 37,50 8.140.267 6.777.832 5.415.397 Amsterdam 7,50 22,50 37,50 27.327.602 13.920.857 514.112 Apeldoorn 7,50 13,86 13,86 1.048.729 Arnhem 7,50 22,50 37,50 9.901.569 7.465.209 5.028.849 Assen 5,00 12,50 22,50 4.319.714 3.803.444 3.115.084 Asten 7,50 22,50 37,50 2.134.578 1.882.323 1.630.068 Baarle Nassau 7,50 22,50 31,31 164.282 60.797 Baarn 7,50 22,50 37,50 3.527.359 3.155.479 2.783.599 Barendrecht 7,50 22,31 22,31 720.197 Barneveld 7,50 11,76 11,76 255.681 Beek 5,00 12,50 22,50 546.316 427.253 268.503 Beekdaelen 5,00 12,50 22,50 769.910 499.422 138.772 Beesel 7,50 22,50 37,50 893.245 691.495

489.745 Berg en Dal 7,50 15,81 15,81 290.844 Bergeijk 7,50 10,47 10,47 55.789 Bergen (L.) 7,50 22,50 37,50 483.998 287.378 90.758 Bergen (NH.) 7,50 22,50 37,50 1.552.456 1.106.731 661.006 Bergen op Zoom 7,50 22,50 37,50 4.352.249 3.339.539 2.326.829 Berkelland 7,50 22,50 37,50 2.417.515 1.759.825 1.102.135 Bernheze 7,50 19,20 19,20 367.955 Best 7,50 22,50 37,50 1.548.984 1.095.744 642.504 Beuningen 5,00 12,50 22,50 930.268 734.091 472.521 Beverwijk 5,00 12,50 22,50 3.881.541 3.567.569 3.148.939 Bladel 7,50 22,50 37,50 633.536 325.601 17.666 Blaricum 7,50 22,35 22,35 177.528 Bloemendaal 7,50 22,50 37,50 1.485.877 1.133.707 781.537 Bodegraven Reeuwijk 7,50 22,50 23,42 561.637 32.467 Boekel 7,50 22,50 23,91 179.846 15.461 Borger Odoorn 7,50 22,50 37,50 837.876 453.906 69.936 Borne 5,00 9,35 9,35 103.000 Borsele 7,50 22,50 35,02 628.031 285.761

Meicirculaire gemeentefonds 2022

75

Ingroeipad en suppletie uitkering nieuwe verdeling gemeentefonds Ingroeipad per inwoner Bedrag per gemeente Gemeente 2023 2024 2025 en verder 2023 2024 2025 en verder Boxtel 7,50 22,50 25,44 591.583 96.988 Breda 7,50 22,50 37,50 21.743.002 18.981.112 16.219.222 Brielle 2,78 2,78 2,78 Bronckhorst 7,50 22,50 31,63 870.805 329.500 Brummen 5,00 12,50 22,50 506.231 349.601 140.761 Brunssum 5,00 12,50 18,46 372.544 165.019 Bunnik 7,50 22,50 37,50 1.287.722 1.057.607 827.492 Bunschoten 7,50 22,50 35,57 618.113 287.828 Buren 7,50 22,50 37,50 1.056.772 651.637 246.502 Capelle aan den IJssel 7,50 22,50 37,50 5.199.110 4.189.325 3.179.540 Castricum 7,50 22,50 37,50 1.472.587 931.297 390.007 Coevorden 7,50 10,28 10,28 98.079 Cranendonck 7,50 22,50 25,74 382.963 67.948 Culemborg 5,00 12,50 22,50 748.948 530.541 239.331 Dalfsen 7,50 22,50 26,92 561.198 127.683 Dantumadiel 7,50 22,50 37,50 800.473 516.328 232.183 De Bilt 7,50 22,50 37,50 1.783.542 1.132.782 482.022 De Fryske Marren 7,50 22,50 37,50 7.096.915 6.320.245 5.543.575 De Ronde Venen 7,50 22,50 37,50 1.644.080 973.280 302.480 De Wolden 7,50 22,50 37,50 789.548 423.938 58.328 Delft 7,50 18,17 18,17 1.105.314 Den Helder 5,00 12,50 22,50 1.774.061 1.349.696 783.876 Deurne 7,50 22,50 37,50 1.813.536 1.326.981 840.426 Deventer 7,50 19,04 19,04 1.167.938 Diemen 5,00 12,50 22,50 3.496.104 3.261.099 2.947.759 Dijk en Waard 7,50 22,50 37,50

4.372.008 3.071.178 1.770.348 Dinkelland 7,50 22,50 32,15 655.937 256.847 Doesburg 7,50 22,50 37,50 1.540.129 1.374.169 1.208.209 Doetinchem 5,00 12,50 22,50 1.411.059 974.034 391.334 Dongen 2,15 2,15 2,15 Dordrecht 7,50 22,50 31,24 2.827.687 1.040.962 Drechterland 7,50 20,26 20,26 253.070 Drimmelen 5,77 5,77 5,77 Dronten 7,50 22,50 28,31 874.144 243.979 Druten 7,50 22,50 37,50 2.208.259 1.923.394 1.638.529 Duiven 7,50 22,50 25,96 462.676 86.686 Echt Susteren 2,33 2,33 2,33 Edam Volendam 7,50 22,50 37,50 1.643.273 1.099.253 555.233 Ede 7,50 8,65 8,65 136.006 Eemnes 7,50 22,50 37,50 893.384 752.954 612.524 Eemsdelta 5,00 10,73 10,73 261.076 Eersel 7,50 22,50 37,50 1.092.167 799.247 506.327 Eijsden Margraten 7,50 22,50 37,50 1.229.595 841.095 452.595 Eindhoven 7,50 22,50 37,50 52.672.228 49.136.863 45.601.498 Elburg 7,50 22,50 37,50 1.507.645 1.156.210 804.775

Meicirculaire gemeentefonds 2022

76

Ingroeipad en suppletie uitkering nieuwe verdeling gemeentefonds Ingroeipad per inwoner Bedrag per gemeente Gemeente 2023 2024 2025 en verder 2023 2024 2025 en verder Emmen 7,50 22,50 37,50 3.629.990 2.024.630 419.270 Enkhuizen 7,50 18,23 18,23 200.029 Enschede 7,50 22,50 37,50 5.815.802 3.419.822 1.023.842 Epe 6,08 6,08 6,08 Ermelo 7,50 22,50 37,50 3.927.319 3.522.079 3.116.839 Etten Leur 7,50 13,55 13,55 265.380 Geertruidenberg 6,17 6,17 6,17 Geldrop Mierlo 7,50 22,50 37,50 1.557.785 956.795 355.805 Gemert Bakel 7,50 22,50 37,50 1.848.547 1.387.147 925.747 Gennep 7,50 22,50 37,50 2.682.327 2.426.802 2.171.277 Gilze en Rijen 7,50 22,50 34,33 716.961 316.116 Goeree Overflakkee 7,50 22,50 37,50 2.160.224 1.401.389 642.554 Goes 7,50 22,50 37,50 4.036.764 3.457.854 2.878.944 Goirle 7,50 22,50 37,50 3.437.962 3.078.682 2.719.402 Gooise Meren 7,50 12,05 12,05 266.256 Gorinchem 7,50 14,75 14,75 271.069 Gouda 7,50 17,78 17,78 757.239 Groningen 7,50 22,50 37,50 38.979.083 35.479.988 31.980.893 Gulpen Wittem 7,50 22,50 37,50 2.202.072 1.988.982 1.775.892 Haaksbergen 7,50 22,50 37,50 2.638.615 2.275.180 1.911.745 Haarlem 5,00 12,50 22,50 3.946.763 2.727.691 1.102.261 Haarlemmermeer 7,50 16,02 16,02 1.344.987 Halderberge 7,50 22,39 22,39 453.049 Hardenberg 0,70 0,70 0,70 Harderwijk 5,00 12,50 22,50 1.104.611 739.166 251.906 Hardinxveld Giessendam 7,50 22,50 33,38 476.534 200.339

Harlingen 7,50 22,50 37,50 2.191.663 1.954.558 1.717.453 Hattem 7,50 22,50 37,50 672.561 489.141 305.721 Heemskerk 7,50 22,50 37,50 1.195.168 607.303 19.438 Heemstede 7,50 22,50 37,50 2.869.128 2.455.953 2.042.778 Heerde 7,50 22,50 37,50 1.407.514 1.125.874 844.234 Heerenveen 7,50 22,50 37,50 5.520.179 4.760.429 4.000.679 Heerlen 7,50 22,50 37,50 3.488.254 2.184.214 880.174 Heeze Leende 7,50 22,50 37,50 838.108 594.463 350.818 Heiloo 6,41 6,41 6,41 Hellendoorn 7,50 22,50 37,50 2.353.783 1.814.803 1.275.823 Hellevoetsluis 7,50 22,50 33,03 1.029.366 424.686 Helmond 7,50 22,50 37,50 10.734.299 9.344.894 7.955.489 Hendrik Ido Ambacht 7,50 22,50 37,50 1.753.323 1.284.453 815.583 Hengelo 7,50 22,50 37,50 4.538.294 3.322.559 2.106.824 Het Hogeland 5,00 12,50 22,50 4.164.684 3.805.929 3.327.589 Heumen 5,00 12,50 22,50 624.713 500.446 334.756 Heusden 7,50 22,50 37,50 3.674.691 2.999.616 2.324.541 Hillegom 7,50 21,98 21,98 321.488 Hilvarenbeek 4,85 4,85 4,85

Meicirculaire gemeentefonds 2022

77

Ingroeipad en suppletie uitkering nieuwe verdeling gemeentefonds Ingroeipad per inwoner Bedrag per gemeente Gemeente 2023 2024 2025 en verder 2023 2024 2025 en verder Hilversum 7,50 22,50 37,50 3.953.278 2.584.753 1.216.228 Hoeksche Waard 7,50 22,50 33,08 2.252.424 931.719 Hof van Twente 7,50 22,50 37,50 1.916.202 1.390.602 865.002 Hollands Kroon 7,50 22,50 37,50 1.678.138 949.393 220.648 Hoogeveen 7,50 22,50 37,50 2.438.800 1.604.755 770.710 Hoorn 5,00 12,50 20,71 1.156.411 604.269 Horst aan de Maas 7,50 22,50 37,50 2.570.969 1.933.664 1.296.359 Houten 7,50 22,50 37,50 4.813.725 4.060.380 3.307.035 Huizen 0,56 0,56 0,56 Hulst 7,50 22,50 37,50 4.837.301 4.423.676 4.010.051 IJsselstein 7,50 22,50 37,50 3.694.840 3.187.555 2.680.270 Kaag en Braassem 7,50 22,50 37,50 1.832.497 1.419.382 1.006.267 Kampen 7,50 22,50 37,50 3.571.654 2.754.544 1.937.434 Kapelle 7,50 22,50 37,50 1.268.971 1.075.741 882.511 Katwijk 3,85 3,85 3,85 Kerkrade 7,50 16,10 16,10 390.938 Koggenland 6,20 6,20 6,20 Krimpen aan den IJssel 7,50 12,03 12,03 133.190 Krimpenerwaard 7,50 22,50 37,50 3.184.217 2.334.887 1.485.557 Laarbeek 1,85 1,85 1,85 Land van Cuijk 7,50 22,50 36,14 2.583.216 1.230.306 Landgraaf 5,00 12,50 22,50 2.236.776 1.957.311 1.584.691 Landsmeer 7,50 20,50 20,50 150.310 Lansingerland 7,50 22,50 37,50 4.805.447 3.855.002 2.904.557 Laren 7,50 22,50 37,23 338.895 167.925 Leeuwarden 7,50 22,50

37,50 5.962.193 4.094.978 2.227.763 Leiden 7,50 20,89 20,89 1.661.747 Leiderdorp 7,50 22,50 37,50 2.065.122 1.654.467 1.243.812 Leidschendam Voorburg 7,50 22,50 37,50 3.707.800 2.561.305 1.414.810 Lelystad 5,00 12,50 22,50 4.587.242 3.988.660 3.190.550 Leudal 7,50 12,47 12,47 178.982 Leusden 7,50 22,50 37,50 2.052.411 1.594.251 1.136.091 Lingewaard 7,50 22,50 37,50 2.301.133 1.598.803 896.473 Lisse 3,01 3,01 3,01 Lochem 7,50 22,50 37,50 1.195.744 686.524 177.304 Loon op Zand 7,50 22,50 37,50 1.333.884 981.324 628.764 Lopik 7,50 22,50 37,50 607.088 390.248 173.408 Losser 7,50 22,50 37,50 1.314.288 970.968 627.648 Maasdriel 7,50 22,50 37,50 1.280.780 899.000 517.220 Maasgouw 7,50 22,50 37,50 1.340.551 981.346 622.141 Maashorst 7,50 16,11 16,11 500.071 Maassluis 7,50 22,50 37,50 1.060.191 556.686 53.181 Maastricht 7,50 22,50 37,50 13.299.269 11.495.864 9.692.459 Medemblik 7,50 22,50 36,17 1.295.006 617.531 Meerssen 7,50 22,50 24,20 311.672 31.757

Meicirculaire gemeentefonds 2022

78

Ingroeipad en suppletie uitkering nieuwe verdeling gemeentefonds Ingroeipad per inwoner Bedrag per gemeente Gemeente 2023 2024 2025 en verder 2023 2024 2025 en verder Meierijstad 7,50 11,22 11,22 303.790 Meppel 5,00 12,50 22,50 1.757.750 1.499.855 1.155.995 Middelburg 7,50 22,50 37,50 3.859.415 3.124.955 2.390.495 Midden Delfland 7,50 9,48 9,48 38.443 Midden Drenthe 7,50 11,92 11,92 147.682 Midden Groningen 5,00 12,50 22,50 4.011.872 3.556.427 2.949.167 Moerdijk 7,50 22,50 37,50 2.834.794 2.277.019 1.719.244 Molenlanden 7,50 12,01 12,01 198.990 Montferland 7,50 22,50 37,13 1.067.665 527.200 Montfoort 7,50 9,27 9,27 24.586 Mook en Middelaar 4,38 4,38 4,38 Neder Betuwe 4,95 4,95 4,95 Nederweert 7,50 22,50 37,50 1.482.221 1.224.656 967.091 Nieuwegein 7,50 22,50 37,50 3.717.243 2.759.253 1.801.263 Nieuwkoop 7,50 10,12 10,12 76.352 Nijkerk 7,50 22,50 37,50 1.515.187 861.187 207.187 Nijmegen 7,50 22,50 37,50 28.015.761 25.355.376 22.694.991 Nissewaard 5,00 12,50 22,50 5.907.829 5.267.029 4.412.629 Noardeast Fryslân 2,22 2,22 2,22 Noord Beveland 7,50 22,50 37,50 330.089 216.374 102.659 Noordenveld 7,50 7,68 7,68 5.598 Noordoostpolder 7,50 22,50 22,94 734.902 21.157 Noordwijk 7,50 22,50 37,50 3.245.187 2.584.257 1.923.327 Nuenen, Gerwen en Nederwe 7,50 22,50 37,50 1.049.194 693.664 338.134 Nunspeet 7,50 14,63 14,63 199.666 Oegstgeest 7,50 22,50 37,50 2.989.862 2.613.902 2.237.942

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11723180/1