Bijlage 2.02 - Omgevingsvisie Vlaardingen 2040
Tekst van het document
-
-
-
-
de individuele eigenaar de keuzevrijheid heeft om hiervan af te wijken mits het alternatief even duurzaam is en dat de gemeente t.z.t. wel mogen bepalen vanaf welk moment bewoners geen aardgas meer krijgen. Bij het toevoegen van woningen wordt waar mogelijk rekening mee gehouden dat ze toegankelijk (NEN 9120) zijn. voldoende passende Er worden woningen/woonvormen voor ouderen gecreëerd. In de regio maken wij afspraken over passende huisvesting van overige aandachtsgroepen en maken wij afspraken over de spreiding hiervan. Er wordt rekening gehouden met de bestaande hoofdgroenstructuren binnen de stad. Extra druk op het wegen- en OV-net kan bij stedelijke ontwikkeling worden opgevangen. Extra parkeerdruk als gevolg van ontwikkeling in gebieden waar de maximale capaciteit al is bereikt wordt opgelost op eigen kavel. Het STOMP principe (stappen, trappen, OV, deelmobiliteit, privébezit) voor mobiliteits-oplossingen is leidend. Er wordt geïnvesteerd in, en ruimte geboden aan, het op peil brengen en
Omgevingsvisie Vlaardingen
-
-
-
-
42
meegroeien van voorzieningen, met name sociaalmaatschappelijk Voor inbreiding geldt dat dit met name gebeurt op plekken die al goed bereikbaar zijn en/of nabij voorzieningen. Bij herstructureringsopgaven wordt altijd onderzocht of inbreidings- of verdichtingsmogelijkheden voor zowel woningbouw als voorzieningen mogelijk zijn. Cultureel erfgoed wordt behouden. De historische ontwikkeling van Vlaardingen blijft kenbaar en beleefbaar. Bij ontwikkelingen wordt de inbreng vanuit kunst, cultuur en erfgoed aan de voorkant meegenomen om daarmee het gewenste karakter voor de omgeving invulling te geven.
•
De gemeente Vlaardingen ziet het gebied rondom de Hoekse Lijn en de stads- of wijkcentra als kansrijke verdichtingslocaties, bedoeld voor een brede en diverse doelgroep met de focus op het toevoegen van koop- en huurwoningen in het middel dure en dure segment.
•
Bij een herstructureringsopgave is aandacht voor het toevoegen van kwalitatief groene, blauwe, sociale en maatschappelijke functies, en het differentiëren van de woningvoorraad. Op deze manier wil de gemeente herstructurering gebruiken om de leefbaarheid in de wijk te verhogen.
•
De gemeente zet zich in voor ontwikkeling van de woonzorgboulevard samen met stakeholders.
•
Rondom de Dillenburgsingel, Holysingel en Willem de Zwijgerlaan is het doel een zorgboulevard te ontwikkelen, In het originele structuurplan voor de wijk Holy-Zuid staat de zorgboulevard reeds benoemd, echter is deze niet als zodanig uitgewerkt. Op dit moment zijn er wel veel zorg instellingen in dit gebied gevestigd, maar de fysieke verbinding tussen deze instellingen is matig en er zijn relatief weinig zorgwoningen aanwezig. Wij zien daarom in dit gebied veel kansen voor het opstellen van een gebiedsomgevingsprogramma waar zorg, wonen en welzijn centraal staan. Het uitgangspunt van een gezonde leef- en werkomgeving staat hierbij centraal. De gemeente werkt hierbij nauw samen met zorg en vastgoed stakeholders uit het gebied, door middel van een aantal tafelsessies is het doel deze plannen op korte termijn concreter vorm te geven.
Ambities en opgaven woningbouw Woningbouwontwikkeling Ontwikkellocaties uit de Woonvisie Woningbouwontwikkeling 2022-2030 Ontwikkeling woningvoorraad corporaties Nieuwe ontwikkellocaties* Verdere verdichting rond OV en voorzieningen Verdichten rond OV Verdichten rond voorzieningen Verspreid verdichten in na-oorlogse wijken Kleinschalig verdichten in na-oorlogse wijken (bijvoorbeeld door woningsplitsing, op- en uitbouwen) Lopende locatie onderzoeken andere functies, mogelijke inbreidingslocatie Aandachtsgebieden (Woonvisie) Onderzoeksgebied: Visie Woonzorgboulevard
* In Westwijk is er een nadere verkenning gedaan naar ontwikkellocaties. Zie voor een gedetailleerd beeld de kaart op pagina 135.
Omgevingsvisie Vlaardingen
cl
Gezonde, veilige en uitnodigende openbare ruimte Bij een woonstad voor iedereen is niet alleen een divers woningaanbod van belang. Ook de openbare ruimte speelt een belangrijke rol. De ambitie is om de openbare ruimte overal in Vlaardingen fijn en veilig voor alle bewoners te maken. Dit is nog niet overal in de gemeente op orde. Zo heerst er een algemeen gevoel van onveiligheid en ontevredenheid over straatvuil en verloedering. We nemen deze zorgen erg serieus. Concreet vertaalt de bovenstaande ambitie zich naar een sociaal en fysiek veilige en schone inrichting en beheer van de openbare ruimte. Gezien het relatief hoge aantal ouderen en kwetsbare groepen in Vlaardingen, ligt de nadruk op de toegankelijkheid en bruikbaarheid van de openbare ruimte met voldoende zitmogelijkheden. Om verloedering tegen te gaan en (sociale) veiligheid te vergroten zorgen we voor goede straatverlichting en vuilnisbakken in de openbare ruimte. Er zal ook een gedragsverandering van het gebruik van de openbare ruimte moeten plaatsvinden om deze doelstelling te bereiken. Een sociaal en fysiek veilige openbare ruimte is een cruciaal element voor aangenaam wonen in Vlaardingen. We zetten ons dan ook actief in voor een veilige leefomgeving en, zoals blijkt uit de participatieronde die voor deze omgevingsvisie is gehouden, is dit een belangrijk onderwerp voor onze bewoners.
Brede stoepen, voldoende verlichting, een watertappunt, een bankje om uit te rusten en aanwezigheid van groen zorgen voor mentaal welzijn en dragen bovendien bij aan veiligheid en leefbaarheid. Een gezonde, veilige en uitnodigende 44
openbare ruimte zijn randvoorwaardelijk voor groei, vanwege de vergrijzende bevolkingssamenstelling maar ook vanwege het gegeven dat gezondheid een breed aandachtspunt is in Vlaardingen. Bij de inrichting van de openbare ruimte, het openbaar groen en de parken wordt rekening gehouden met de toegankelijkheid voor mindervalide en oudere doelgroepen. Er wordt bijvoorbeeld gekeken naar het type verharding en de gebruiksvriendelijkheid van de openbare ruimte. Het uitgangspunt is een goede bereikbaarheid van de voorzieningen te voet, per fiets, met het openbaar vervoer en per auto. De openbare ruimte is ook de plek waar Vlaardingers elkaar kunnen ontmoeten. Deze heeft zo een centrale rol in het stimuleren en onderhouden van het contact onder de bewoners. De ambitie is om hier beter in te voorzien, waarbij ook ontmoeting tussen diverse doelgroepen, jong en oud, beoogd wordt. Dit kan bijvoorbeeld in informele sportvoorzieningen voor jongeren en volwassen (door middel van inrichting van de openbare ruimte) of door publieke ontmoetingsplekken in het centrum of de groenblauwe hoofdstructuur. Concreet wordt bij alle ontwikkelingen ingezet op een prettige buitenruimte die ontmoetingen stimuleert en uitnodigt tot gezonde keuzes op het gebied van voeding en beweging. Daarbij streven we naar uniformiteit in de buitenruimte per gebied in de stad.
Rol van groen en blauw voor recreatie Het stedelijke karakter van Vlaardingen kun je zien als
een Klavertje Vier, waarbij de Vlaardingse Vaart en de A20 de steel vormt. Het groene blad linksboven stelt de Broekpolder voor terwijl de andere bladen de hoogstedelijke woon- en centrumgebieden verbeelden, elk met een park als centraal groen hart. Omdat we ook in de toekomst nog een aantrekkelijke woonstad willen zijn vinden we het belangrijk dat er meer ruimte ontstaat voor rust, ontmoeting, evenementen, cultuur, kunst, beleving erfgoed, spelen, sporten en recreatie. Groenstructuren begeleiden de infrastructuur en bieden verblijfs- en recreatiemogelijkheden. Er liggen kansen om deze groenblauwe structuur te versterken. Fietspaden spelen een rol in de groenervaring van stedelijk gebied naar buitengebied. Centraal gelegen buurtparken, zoals Het Hof-Oranjepark, fungeren als ontmoetingsplekken. Behoud en versterking van deze belangrijke functie betekent onder andere duurzaam werken aan toegankelijkheid en veiligheid van de parken. Diverse polders, waaronder de Aalkeetpolder, de Holiërhoekse polder en de Broekpolder, zijn toegankelijk voor fietsers en wandelaars en vormen de schakel richting MiddenDelfland. Dit wordt voor de lange termijn geborgd. Het contrast tussen groen buitengebied en het stedelijk gebied beïnvloedt de belevingswaarde, waarbij verrommeling van de stadsranden voorkomen moet worden.
De buitengebieden (open veenweidegebied en de landschapsparken in de stadsrand) spelen een belangrijke rol in recreatieve voorzieningen,
natuurbeleving en klimaatadaptatie. Hier vindt geen woningbouw plaats. Uitgangspunten: • De openbare ruimte nodigt uit tot ontmoeting en activiteiten. •
voor sportvoorzieningen in de Ruimte buitenruimte, zoals urban sports, wandel- en fietspaden, fitnessparken en speelplekken voor kinderen en openbare sportvelden.
•
In bepaalde delen van de stad is er ook behoefte aan plekken waar ouderen elkaar kunnen ontmoeten zonder dat hun gedrag aanleiding geeft tot overlast.
•
Het realiseren van 'beweegtuinen', met aandacht voor ouderen, toegankelijkheid en inclusie, die ook kunnen dienen als centrale buurtplek.
•
Voorkomen van stadsranden.
•
Geen grootschalige stedelijke ontwikkelingen en woningbouw in de buitengebieden.
•
De toegankelijkheid van de recreatiegebieden aan de rand van de stad vanuit de wijken wordt verbeterd.
verrommeling
van
de
Omgevingsvisie Vlaardingen
Ruimte voor welzijn en maatschappelijke voorzieningen De omgevingsvisie gaat over de omgeving van onze inwoners, ook daar waar het samen leven een plek heeft. Veel van wat in het sociaal domein gebeurt vraagt ook iets van de leefomgeving, en de leefomgeving kan een bijdrage leveren aan het bereiken van de sociaal-maatschappelijke doelstellingen. Het is juist nu belangrijk om dit goed met elkaar te verbinden. Er is een aantal ontwikkelingen gaande waar aandacht voor is, waaronder:
46
•
Dubbele vergrijzing en een toenemend aantal mensen met dementie, ook met migratieachtergrond. Daarbij wonen ouderen steeds langer zelfstandig.
•
Verjonging: toename van het aantal leerplichtige kinderen in de komende jaren.
•
Toename van fysieke en psychische gezondheidsproblemen: er is een toenemend aantal mensen met ernstig overgewicht. De helft van de inwoners voldoet niet aan de beweegnorm. Ook het aantal inwoners met psychische en/of sociale problemen neemt toe. Ontwikkelingen in de zorg resulteren ook in een grotere vraag naar jeugdhulpvoorzieningen en wonen met zorg. Ook is er een grote huisvestingsvraag van mensen met een zorgbehoefte.
Daarbij kan een goed ingerichte leefomgeving preventief werken. Het vergroten van de leefbaarheid, ontmoeting, naar elkaar omzien (ook in de buitenruimte) vermindert eenzaamheid en sociale problemen. Daarnaast kan de inrichting zodanig vormgegeven worden, dat deze past bij een gezonde leefstijl. Denk aan het stimuleren van beweging of het aanbod van fastfood nabij onderwijsinstellingen. Bij het verdichten van de stad dienen we rekening te houden met het meegroeien van sociaal-maatschappelijke voorzieningen en plekken. Voldoende ruimte voor sociaal maatschappelijke voorzieningen voorzieningen zijn (Sociaal-)maatschappelijke voorzieningen die raken aan zorg, ontmoeten, welzijn, kinderopvang, onderwijs, zorg, kunst, cultuur en buurtvoorzieningen. Deze voorzieningen vragen om ruimte, zowel in de buitenruimte als binnen. Een passend aanbod aan voorzieningen is belangrijk voor het leefbaar houden van de stad. Daarom willen we in Vlaardingen komen tot concrete referentienormen, die aangeven wat voor inwoners per voorziening nodig is en wat de benodigde ruimteclaim is in m2. Wat 'genoeg' of 'voldoende' is, kan dan meer feitelijk worden vastgesteld. We zorgen ervoor dat de benodigde maatschappelijke voorzieningen een plek krijgen in Vlaardingen.
Hierbij is het belangrijk om bij (ruimtelijke) ontwikkeling te inventariseren waar de kracht/ zwakte ligt van een wijk. Wat kenmerkt de sociale structuur en draagkracht, welke mensen wonen hier, wat voor voorzieningen en zorg zijn hier nodig? We zorgen dat ontwikkelingen goed aansluiten en dus ook qua locatie goed op elkaar zijn afgestemd. We voorkomen dat er zo maar 'ergens' wordt ontwikkeld. Ook belangrijk is dat er aandacht is voor hoe we als gemeente initiatieven goed en kunnen of laagdrempelig ondersteunen faciliteren. Bijvoorbeeld met betrekking tot ruimtes voor vrijwilligersorganisaties en heldere informatievoorziening. In samenwerking met vrijwilligersorganisaties kunnen doelen uit deze omgevingsvisie mede gerealiseerd worden. Denk aan zaken met betrekking tot duurzaamheid en milieubewustzijn, efficiënter ruimtegebruik en beheer van de openbare ruimte, en het betrekken van bewoners bij een diverse en inclusieve inrichting van de leefomgeving. Inclusieve stad met sociale cohesie Vlaardingen wil een inclusieve stad zijn. Omgevingskeuzes die hier aan bijdragen zijn onder andere het voorzien in ruimtes voor groepsbijeenkomsten met grote keukens, een goede inrichting en zonering voor picknicken en barbecueën en het toegankelijk en doorgankelijk
inrichten van de openbare ruimte en gebouwen. Dit soort voorzieningen dragen ook bij aan sociale cohesie. Hier is ook vanuit andere opgaven behoefte aan omdat een stevige sociale basiszorg voor meer zelf- en samenredzaamheid, sociale cohesie en tijdige signalering van problematiek. Door extramuralisering in de zorg en het langer thuis wonen van ouderen, in combinatie met de uitdagingen op de woningmarkt, zien we dat wijken in het algemeen meer met kwetsbaren te maken gaan krijgen. Dit zijn bijvoorbeeld mensen met een beperking die zo zelfstandig mogelijk wonen, kleinschalige beschermde woonvormen voor mensen met (lichte) ggz-problematiek en thuiswonende ouderen die (intensieve) zorg ontvangen. Ook dit vraagt om ruimtelijke keuzes. Stimuleren van een gezonde leefstijl We willen een gemeente zijn met een vitale samenleving waar bewegen gestimuleerd wordt, sportvoorzieningen voor iedereen goed bereikbaar zijn en waar negatieve effecten van de leefomgeving op de gezondheid zo veel mogelijk beperkt worden. Kortom, een leefomgeving die uitnodigt tot gezond en gelukkig leven voor iedereen. Hierbij is er nadrukkelijk aandacht voor toegankelijkheid en inclusie. Voorbeelden zijn het omvormen van kleine speeltuinen naar centrale locaties waar mensen van alle leeftijden kunnen sporten, ontmoeten en spelen. Dergelijke locaties voorzien tevens in speel-
Omgevingsvisie Vlaardingen ir},
en sportmogelijkheden voor mensen met een lichamelijke beperking en leveren, door het centrale karakter een belangrijke bijdrage aan de sociale cohesie. Door kleine speelplekken in gebieden met een hoge dichtheid aan speelvoorzieningen om te vormen tot bespeelbaar groen ontstaat er een gevarieerder aanbod en meer uitdaging voor kinderen om te bewegen. Een andere belangrijke bijdrage is het realiseren van een gezonde voedselomgeving rondom maatschappelijk vastgoed zoals (basis)scholen. Daarnaast is het cruciaal dat sportfaciliteiten voor iedereen gemakkelijk bereikbaar zijn met verschillende vervoersmiddelen. Uitgangspunten • Voldoende binnenruimtes in de wijken voor ontmoeting en activiteiten, bijvoorbeeld voor grotere bijeenkomsten, groepsvoorlichting of preventieve projecten. Dit willen we 'dichtbij' de inwoners brengen via fysieke ontmoetingsplekken zoals huizen van de wijk/ buurtkamers. •
48
Er is grote behoefte aan ruimte waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten zonder dat hun gedrag aanleiding geeft tot overlast (legale "hangplekken"). De inrichting van de buitenruimte kan eraan bijdragen dat jongeren gestimuleerd worden tot goed gedrag en verleid worden om zich niet op te houden waar ze door anderen als lastig of bedreigend worden ervaren. Maatregelen kunnen bevatten: scholen openhouden voor activiteiten na schooluren, aansluitend een aanbod binnen
buurtkamers, buurtcentra voor huiswerkbegeleiding, ontwikkelen van (creatieve) activiteiten en ruimte voor experiment. Dit vraagt ook om een aanpak samen met de jongeren. •
Faciliteren van inwoners bij bewonersinitiatieven en het bieden van ruimte die bijdragen aan een betere sociale cohesie in de buurt of meer onderlinge zorgzaamheid ofwel 'samenredzaamheid'. Denk bijvoorbeeld aan gezamenlijke buurt-/moestuintjes.
•
Voldoende ruimte voor ouderen om in hun eigen omgeving veilig en gezond te bewegen.
•
Voldoende en goed toegankelijke publieke toiletten.
•
Dementievriendelijke inrichting van de openbare ruimte, bijvoorbeeld met herkenbare punten en herkenbaarheid van routes.
•
Rekening houden met toekomstige huisvesting van aandachtsgroepen in de wijken.
•
Mogelijkheden voor mantelzorgwoningen, bijvoorbeeld in achtertuinen, en (pre)mantelzorgwoningen.
•
Het accommoderen van (sport)voorzieningen, het liefst geschikt voor multifunctioneel gebruik.
•
Een voldoende aanbod van gymzalen en sporthallen.
Ambities en opgaven sociaal domein Ambities versterking sociaal milieu Aandachtsgebied (Woonvisie) Uitbreidingsgebied stimuleringsregeling (Woonvisie) Westwijk: NP Leefbaarheid en Veiligheid Gebieden voor sociale ontmoeting Winkel- en horecaclusters Onderzoeksgebied: Visie Woonzorgboulevard Wijk- of buurthart Voldoende ruimte voor onderwijs en maatschappelijke voorzieningen
Omgevingsvisie Vlaardingen
49
Behoud en versterken van kunst, cultuur en erfgoed Een aantrekkelijke leefomgeving vraagt om het ver-
over in cultuur, de wijze van leven van mensen van nu en morgen. Kunst voegt daar nog een laag aan toe en
sterken van het gewenste karakter van de wijken en de stad. Met karakter wordt bedoeld dat wat een gebied kenmerkt. Met het 'gewenste karakter' wordt verwezen naar kwaliteiten van een gebied waarvan de wens is om
heeft een verder verdiepend en versterkend effect op de identiteit van een plek en geeft daarmee betekenis aan de woonomgeving en groepen mensen. Een verder invulling hierop zijn de evenementen die worden geor-
deze te versterken of juist te gaan ontwikkelen. Dit ka-
ganiseerd, die enerzijds het gewenste karakter kunnen
rakter bestaat uit onder andere hoe in en vanuit het verleden de leefomgeving is vormgegeven, de mensen die
versterken en anderzijds bijdragen aan de levendigheid, trots en identiteit van Vlaardingen.
er wonen en hun behoeften en waarden en hoe onder andere cultuur, kunst en erfgoed daar verder invulling aan geven. Hierin speelt dus niet enkel het zichtbare
Het thema duurzaamheid speelt ook een belangrijke rol
erfgoed, maar ook het onzichtbare archeologisch bodemarchief een rol. Zo ontstaat een karakteristieke identiteit die doorwerkt van stad- tot straatniveau.
zelf, hoe kunnen deze duurzaam aan toekomstige generaties worden doorgegeven. Hier dient bij ontwikkelingen buiten en bij opslag van de collecties binnen (gemeentelijke depots) aandacht voor te zijn. Ten tweede
bij kunst, cultuur en erfgoed. Allereerst op de collecties
Het verleden geeft betekenis aan de plek waar we wonen. We gebruiken dit verleden om het gewenste karakter van de stad en de wijken te versterken. Daarbij
ge droogte, met verlaging van de grondwaterspiegel en versnelde bodemdaling tot gevolg. Verduurzaming van
binnen de klimaatontwikkelingen die leiden tot langduri-
is er ook oog voor het erfgoed van morgen. Wat mor-
het monumentale erfgoed speelt een belangrijke rol in
gen ontwikkeld en gerealiseerd wordt, vormt het erfgoed van overmorgen. Daarmee loopt het erfgoed naadloos
het gebruik en het behoud ervan voor toekomstige generaties. Hierdoor kunnen het gebouwde erfgoed en het
door in de toekomst en willen we het gebruiken als uit-
bodemarchief onherstelbaar beschadigd raken. Bij de
gangspunt voor toekomstige ontwikkelingen. Belangrijk
aanpak hiervan moet daar ook oog voor zijn.
is daarbij dat niet alleen het oude erfgoed aandacht krijgt, maar juist ook het jonge erfgoed. Daarbij speelt
50
ook immaterieel erfgoed een grote rol. Dit recente erf-
Uitgangspunten • Bij ontwikkelingen wordt vooraf bepaald wat het
goed verbindt mensen onderling en geeft een band met de plek waar ze wonen. Deze bredere benadering van
bestaande karakter is van een te ontwikkelen locatie. Vervolgens wordt vanuit het bestaande
erfgoed biedt daarmee meer mogelijkheden voor verbinding met alle Vlaardingers. Hier gaat erfgoed ook
karakter vastgesteld welke karaktereigenschappen gewenst zijn om mee te nemen in een
gebiedsontwikkeling, en hoe kunst, cultuur en erfgoed daaraan een bijdrage kunnen leveren. •
In de binnenstad en enkele omliggende gebieden houden we de historische uitstraling zoveel mogelijk intact. Nieuwe ontwikkelingen moeten aansluiten bij dit historische karakter. In de omgevingsprogramma's werken we uit voor welke gebieden dit geldt en leggen dit, indien nodig, vast in het omgevingsplan.
•
archeologisch erfgoed Waardevol behouden, bij voorkeur in situ.
•
De erfgoedcollecties die in onze gemeentelijke depots liggen worden duurzaam behouden en zijn laagdrempelig te bezoeken.
•
We zetten kunst, cultuur en erfgoed zoveel mogelijk in om bij te dragen aan de oplossing van andere stedelijke opgaven. Zo kunnen ze een rol spelen in het economische domein, het bieden van levendigheid in een wijk, de binnenstad of op recreatief en toeristisch gebied: het trekken van bezoekers naar Vlaardingen om zo ook een bijdrage te leveren aan de lokale economie.
Beschermd stadsgezicht Delen van het centrum, Oostwijk en Rivierzone zijn aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht. Dit betekent dat de unieke cultuurhistorische kwaliteiten van dit gebied zijn vastgelegd en behouden moeten blijven. Deze kwaliteiten vormen een belangrijk uitgangspunt voor omgevingsprogramma's en omgevingsplannen, waarin ontwikkelingen binnen dit gebied worden afgestemd op het behoud van de historische waarde.
Om dit te ondersteunen, wordt momenteel de Welstandsnota geactualiseerd onder de naam 'Nota Omgevingskwaliteit'. Dit zorgt ervoor dat de regels en richtlijnen aansluiten op de huidige inzichten en ambities met betrekking tot erfgoedbescherming. Zie voor meer informatie over de betekenis en reikwijdte van de status "rijksbeschermd stadsgezicht" de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
blijft
/
Beschermd stadsgezicht
Omgevingsvisie Vlaardingen
CI
De Omgevingsvisie erkent dat een goede gezondheid essentieel is voor het welzijn van alle inwoners.
Uitgangspunten •
Gezondheid wordt beïnvloed door erfelijke aanleg, gedrag en omgevingsfactoren. Op erfelijke factoren hebben we geen invloed, maar op gedrag en
We streven naar een leefomgeving die gezond is en uitnodigt tot gezond gedrag, een omgeving die mensen stimuleert tot meer bewegen, ontmoeten en gezonder eten;
leefomgeving kunnen we wel degelijk iets betekenen. •
We verbinden stadsontwikkeling met preventieve
We streven naar een leefomgeving die gezond is en
gezondheidszorg
uitnodigt tot gezond gedrag. We willen de leefomgeving zo inrichten dat gezond leven makkelijker wordt: met
maatregelen;
ruimte om te bewegen, elkaar te ontmoeten en tot rust te komen. We besteden extra aandacht aan wijken waar de omgeving nu een risico vormt voor de gezondheid, zoals door luchtvervuiling, geluidsoverlast of een gebrek
•
en
zetten
in
op
duurzame
Samen met lokale partners volgen we met heldere indicatoren of onze aanpak daadwerkelijk bijdraagt aan een betere gezondheid en hogere kwaliteit van leven voor iedereen in Vlaardingen.
aan groen. • Daarnaast houden we nadrukkelijk rekening met de
op het creëren van ontmoetingsplekken van kwaliteit in de buitenlucht. Op wijkniveau wordt ruimte
behoeften van jongeren en ouderen. Jongeren moeten veilig en gezond kunnen opgroeien in hun buurt, met speel- en sportmogelijkheden. Ouderen moeten zich vrij kunnen bewegen in een rustige, groene en toegankelijke omgeving. Zo willen we bijdragen aan het
verkleinen
tussen
én
van
binnen
gezondheidsverschillen generaties
als
tussen
zowel wijken.
Om sociale netwerken te versterken wordt ingezet
gemaakt voor laagdrempelige en kleinschalige ontmoetingsplekken. •
Functies/locaties (denk aan scholen, sportverenigingen, speeltuinen) waar veel kinderen en jongeren komen hebben een gezonde
Gezondheidsbevordering loopt daarom als rode draad
voedselomgeving. Dit is een omgeving die zo is
door al onze beleidsterreinen
ingericht dat inwoners hier gestimuleerd worden om gezonde en duurzame voedselkeuzes te kunnen maken.
52
Omgevingsvisie Vlaardingen
3.2. Toekomstbestendige stad Vlaardingen wil een leefomgeving creëren die duur-
Naast klimaatadaptatie is de transitie naar een circulaire
zaam, veerkrachtig en toekomstbestendig is en waarin wordt voldaan aan de behoeften van huidige en toe-
en klimaatneutrale samenleving ook een omgevingsop-
komstige generaties. Voor Vlaardingen als toekomst-
ren op circulaire bedrijvigheid.
bestendige stad bouwen we voort op onze identiteit als stad aan het water en in de delta. Er komen namelijk
Al met al streven we naar een duurzame, toekomst-
grote opgaven op ons af die hier mee te maken hebben. Hevigere regenbuien, hogere waterstanden in de
bestendige en groene leefomgeving waarmee we bijdragen aan het verduurzamen van de samenleving
rivier, hitte, droogte en bodemdaling zijn zaken waar
waarin de energietransitie, klimaatadaptatie, duurzame
we de Vlaardingse wijken voor lange termijn tegen be-
mobiliteit, circulariteit en biodiversiteit centraal staan. Dit
stand maken. Om te zorgen dat we klaar zijn voor de
vraagt om ruimte die er nu niet altijd is, en waar tot nu
toekomst laten we ons zo veel mogelijk leiden door het
toe te weinig aandacht voor is geweest.
bodem- en watersysteem. Hiermee sluiten we aan bij de Kamerbrief Water en Bodem Sturend van 25 november 2022. Daarom is om de stad leefbaar te houden ruimte nodig voor klimaatadaptieve maatregelen, zoals het vergroenen en verkoelen van de openbare ruimte, en het vasthouden, infiltreren, afvoeren en bergen van regenwater. Ook moet een veilige inrichting van gebieden met overstromingsrisico gewaarborgd worden.
54
gave. We maken ruimte voor de energietransitie en stu-
Omgevingsvisie Vlaardingen
Ei
Verbonden groenblauw raamwerk
De groenstructuur bestaat uit verschillende karakters:
Vlaardingen kent relatief veel groen. Vooral de naoorlogse wijken kennen een stevige groenstructuur. Daarnaast
•
Het
open
liggen er grote parken in de woonwijken én langs de
en
het
randen van de stad. In 2040 is het groen en blauw dat nu al aanwezig is in het stedelijk weefsel van Vlaardingen
historische waarde en kent opgaven met betrekking
verbonden tot een samenhangend netwerk. Ook in de binnenstad en de dichtbebouwde wijken is meer groen te zien. De grote groene gebieden in de stadsrand worden verbonden met meer stedelijk groen door groenblauwe
veenweidegebied wordt behouden en versterkt, waarbij mogelijk de recreatieve ontsluiting wordt verbeterd.
dooraderingen en dienen als verbinding tussen het
tot
•
veenweidegebied
westen
bodemdaling
van
in
het
Vlaardingen
en
noorden
heeft
natuurontwikkeling.
grote Het
De stadsrand met grote natuurwaarde en ruimte
buitengebied en het stedelijk weefsel van Vlaardingen. Deze verbindingen hebben op provinciale schaal een
voor sport en plezier. Dit zijn ook wel de twee belangrijke landschapsparken van Vlaardingen,
belangrijke ecologische functie.
het Krabbepark en de Broekpolder. Hier bestaat een grote afwisseling tussen intensieve recreatie
De verbindingen volgen groenblauwe structuren en
en rustige natuurbeleving. De landschapsparken
historische lijnen. In noord-zuidelijke richting is de stad
spelen
verankerd aan de Vlaardingse Vaart. In oost-westelijke
stad-buitengebied.
richting vormen de Maassluissedijk en de Westlandseweg
bouwontwikkeling plaatsvinden.
een
belangrijke Hier
rol zal
in
de
verbinding
geen
(woning)
belangrijke structuurdragers die de flanken van de stad verbinden met het centrum. Deze structuur vormt zo een verbindende factor tussen de verschillende wijken.
•
Door de groenblauwe verbindingen in samenhang te ontwikkelen als 'verbonden groenblauw netwerk' wordt de
Stadsparken in het groenblauw raamwerk. Deels centraal gelegen in woonwijken, deels aan de randen, spelen ze een belangrijke rol in de buurt voor rust,
ruimtelijke kwaliteit en samenhang van Vlaardingen als
activiteiten en ontmoeting. Hier gaat gebruik hand in hand met versterking van de biodiversiteit en
geheel versterkt. Niet alleen ruimtelijk is dit het doel, maar ook functioneel, bijvoorbeeld door middel van prettige
klimaatadaptatie, bijvoorbeeld door water te bergen en natuurvriendelijke oevers aan te leggen.
doorgaande fietsroutes van de woonwijken naar het centrum, of wandelroutes in en naar de stadsrand. Dit kan bijvoorbeeld via de Poeldijkse Wetering gelegen nabij de Zuidbuurt in het buitengebied.
56
•
Doorgaand
groenblauw
raamwerk
met
grote
ecologische betekenis. Dit raamwerk kan deels gebruikt worden voor andere functies, en deels
is de rol primair ecologisch, bijvoorbeeld langs de intensief gebruikte infrastructuur. Deze zones spelen ook klimaatadaptatiemaatregelen. •
Het
groenblauwe
een
rol
raamwerk
in
met
recreatieve waarde gaat over plekken in het groenblauwe raamwerk waar naast ruimte voor natuurontwikkeling ook ruimte is voor sport en recreatie. •
groenblauwe haarvaten tot aan de voordeur vormen al het stedelijk groen in de openbare ruimte, waaronder plantsoenen
De
en veldjes. Hier liggen kansen voor het beter benutten van het bestaande groen, bijvoorbeeld in de Westwijk. Gebruik door bewoners staat hier voorop, ook klimaatadaptatie is een belangrijke kans in de haarvaten. Het toevoegen van water is ook op dit niveau een mogelijkheid. Op de komende pagina's staat toegelicht hoe we de verschillende karakters inzetten om de rijke groenblauwstructuur zo goed mogelijk te behouden en benutten. Water en groen bieden ruimte voor andere opgaven Behouden, verbinden en versterken van het groenblauwe raamwerk speelt een belangrijke rol
in
het
toekomstbestendig
maken
van
Omgevingsvisie Vlaardingen
Vlaardingen. Water en beplantingen helpen met het matigen van hittestress en wateroverlast, twee factoren die in Vlaardingen steeds bepalender worden. Inrichtingsmaatregelen in het hele groenblauwe raamwerk dienen een zo groot mogelijke bijdrage te leveren aan klimaatadaptatie. Ook voor biodiversiteit zijn de verbindingen belangrijk. Stedelijk gebied is steeds belangrijker in de Nederlandse biodiversiteit, en soorten bewegen tussen het groen door de stad. Vooral de stadsrand en het groenblauw raamwerk met ecologische waarde spelen hierin een rol. Bij inrichtingsmaatregelen is ecologische en klimaatadaptieve inrichting prioritair; in de rest van de groenblauwstructuur is dit een meekoppelkans. Omarmen biodiversiteit: natuurinclusieve ontwikkeling en verbonden netwerk Het is belangrijk om in Vlaardingen de biodiversiteit te versterken. Bij alle transformaties wordt gestreefd naar een verbetering van de biodiversiteit en natuurkwaliteit. Ook in beheerplannen van de openbare ruimte wordt rekening gehouden met het optimaliseren van de stedelijke biodiversiteit. Het behouden en versterken van de biodiversiteit in en om de stad gaat hand in hand met het klimaatadaptief maken van de stad, met het verbeteren van de verblijfskwaliteit, onderhoudswerkzaamheden aan ons vastgoed en de realisatie van nieuwe gebouwen.
Vlaardingen ontwikkelt zich tot een gemeente waar groen, water, bedrijvigheid en wonen in harmonie
58
samenkomen. Vanuit ecologisch perspectief vormt
van
hoger
gelegen
beleefbaar
kronkelende
kreekruggen
meer besloten overgang in en naar dit gebied.
Het
van
de stadsrand met diverse landschapsparken het
nog
deze
Om optimaal gebruik te maken van kwaliteiten
centrale gebied, waarbij delen hiervan onder het landelijk natuurnetwerk (NNN) en het Bijzonder
hoogteverschillen en het karakter van het gebied is van essentieel belang. De direct langs de stadsrand
van de stadsrand wordt de toegankelijkheid voor voetgangers verhoogd en de toegang met het
Provinciaal Landschap Midden-Delfland vallen. In
gelegen parken en recreatiegebieden vormen een
openbaar vervoer verbeterd.
is.
behoud
grotere groene zones, waaronder de Broekpolder en de veenweidegebieden in het Krabbepark en de Holiërhoeksepolder, staan natuurwaarden principieel centraal bij transformaties, zonder het karakter van het cultuurhistorisch landschap te veranderen. Behouden en versterken van groen erfgoed en identiteitsdragers In Vlaardingen zijn er verschillende historische locaties die een belangrijke rol spelen in de groenstructuur. Zo zijn er diverse oude lintstructuren die beschermd dienen te worden, zelfs als deze niet direct zichtbaar zijn. Deze structuur omvat onder andere de Westwijk, de Heemtuin en de Oude Haven, die met elkaar verbonden kunnen worden via een waterloop die uitmondt in de Surinamesingel. De Maassluissedijk heeft grote potentie voor een recreatieve route die vanaf het buitengebied naar het historisch centrum leidt. Het Maaspark wordt, in lijn met regionale ambities, omgevormd tot een getijdenpark. Een
andere
belangrijke
locatie
is
het
veenweidegebied. Dit is een open landschap met een middeleeuwse ontginningsstructuur, waar de ligging van prehistorische waterlopen in de vorm
Omgevingsvisie Vlaardingen
59
Uitgangspunten • Iedere ontwikkeling
in
of
aan
of blauwstructuur of draagt bij kwaliteitsverbetering van deze structuur. •
de
groenaan een
De kwaliteit van de groenstructuur wordt verbeterd door deze beter aan elkaar te verbinden, zowel voor het groen als voor het watersysteem, en voor de
toegankelijkheid
en
doorgankelijkheid
voor
gebruikers.
In dichtbebouwde wijken, zoals de binnenstad en de aangrenzende woonwijken in het centrum, is aandacht voor het realiseren van extra groen. Door de beperkte ruimte is het zaak creatieve oplossingen te vinden, zoals de realisatie van groene gevels of groene daken. Bij initiatieven voor verdichting (meer woningen op hetzelfde oppervlak), wordt het areaal aan groen zoveel
mogelijk
behouden
(bijvoorbeeld
door
andere parkeeroplossingen) of wordt compensatie •
•
De verschillende karakters binnen de groenstructuur kennen een bepaalde prioriteit in doelstellingen.
toegepast door de veroorzaker.
Op hoofdlijnen staat bij kleinschalig groen in de woonwijken gebruikservaring bovenaan, terwijl in de doorgaande structuren klimaatadaptatie en biodiversiteit een belangrijkere rol spelen.
Groen erfgoed wordt behouden bij het verduurzamen van de leefomgeving. Groen leeft, het aangezicht van erfgoed kan daarom wel veranderen bij een toekomstbestendige inrichting van de leefomgeving, maar niet voordat hiertoe een
We kiezen voor een natuurinclusieve inrichting en
zorgvuldige afweging wordt gemaakt.
waterbergend vermogen van de groenstructuur.
SO
Verbonden groenblauw raamwerk Hoofdg roenstructuren Open veenweidegebied Stadsrand met grote natuurwaarde en ruimte voor sport en plezier Verbonden doorgaand groenblauw raamwerk Uitbreiden doorgaand groenblauw raamwerk Stads- en buurtparken in het groenblauw raamwerk Groenblauwe haarvaten tot aan de voordeur (indicatie) Versterken bestaande boomstructuur Wenselijke nieuwe boomstructuur Zonering recreatiegebieden Broekpolder Intensieve recreatie: sportverenigingen met een relatief hoog gebruik. Matig intensieve recreatie: vormen van dagrecreatie in groene natuurlijke omgeving, waar incidenteel tijdelijk hoog gebruik wordt toegestaan. Extensieve recreatie: lage druk vanuit openlucht dagrecreatie, niet tot nauwelijks verstorend voor de kwetsbare natuur van dit gebied
Omgevingsvisie Vlaardingen
61
Toe komstbestendig energiesysteem Wij willen als stad onze bijdrage leveren om de uitstoot van broeikasgassen, waaronder OO2, terug te brengen naar nul. Hiermee werken wij mee aan de landelijk
we vanaf nu minimaal de helft van het dakoppervlak
vastgestelde doelen vanuit het Klimaatakkoord om in 2050 de opwarming van de aarde beneden de 2 graden Celsius te houden (en bij voorkeur beneden 1,5
uit wind, zon en duurzame warmte gebruiken.
bij nieuwe projecten benutten voor het opwekken van zonne-energie. Deze inzet moet ertoe leiden dat wij uiterlijk in 2050 alleen nog maar hernieuwbare energie
De gemeente, andere overheden, woningcorporaties, inwoners en ondernemers werken samen om dit voor
graden Celsius). Als gemeente zijn we daarom in 2040 ruimschoots op weg om uiterlijk in 2050 klimaatneutraal te zijn. Daartoe bouwen wij het gebruik van fossiele brandstoffen af naar nul en schakelen we zo veel mogelijk over op duurzaam opgewekte energie: zon,
elkaar te krijgen. We staan open voor nieuwe inzichten en leren van onze fouten. Hiermee bouwen we voort op het omgevingsprogramma Warmte. De opgave is enorm want we moeten jaarlijks 1.200 woningen en
wind en duurzame warmte. De focus ligt daarbij op het besparen van energie, het toekomstbestendig maken
zijn. Dit aantal is de komende jaren nog niet haalbaar.
van het energiesysteem en de energie -infrastructuur en het vervangen van aardgas als warmtebron. Zo gaan
140 utiliteitsgebouwen aanpakken om in 2050 klaar te De komende jaren staan daarom in het teken van onze eerste startbuurten en het maken van verdere plannen
zodat we in latere jaren de opschaling kunnen maken. Collectieve
warmtevoorzieningen,
windturbines
en opslag van energie zijn de meest (kosten- en energie-)
efficiënte
oplossingsrichtingen.
Door
problematiek achter de voordeur. Vlaardingen zet zich actief in om energiearmoede te bestrijden en betrekt de gemeenschap bij de energietransitie
We gaan — met de kennis van nu — ervan uit dat Vlaardingen in 2050 grotendeels gebruik maakt
via
van collectieve warmtevoorzieningen en veel van haar eigen elektriciteit duurzaam opwekt en
bijvoorbeeld
participatieve processen, informatiecampagnes en educatieve initiatieven.
Rijksbeleid en specifieke lokale behoeftes en
gebruikt.
kenmerken zijn andere oplossingen soms toch
We willen een eerlijke verdeling van de lusten
beter. Het college werkt dit uit — als onderdeel
en de lasten. Daarom zetten we waar mogelijk
Circulaire
van een gebiedsgerichte en gefaseerde aanpak — in een omgevingsprogramma warmte en het
in op 'lokaal eigendom': we juichen het toe dat inwoners en onze eigen ondernemers zelf energie
bedrijventerreinen De energietransitie,
omgevingsplan.
vastgelegd welke warmtevoorziening voor elke wijk
op wekken en gebruiken in energiecoöperaties of 'Energie Hubs'. Hierdoor vloeien winsten
circulaire en biobased bedrijvigheid zijn een integraal onderdeel van de visie bedrijventerreinen en de uitwerking daarvan.
wordt voorzien.
uit het energiesysteem terug naar onze eigen
Een specifieke opgave is de verduurzaming
samenleving.
de
van de bedrijven en industrie, in balans met
De
Hierin
energietransitie
wordt
is
onder
een
andere
gezamenlijke
en bedrijven zijn de twee recent gerealiseerde
zich op. Allereerst is het energiegebruik op
woningcorporaties, ondernemers, de gemeente en
windmolens in het Oeverbos. Deze windmolens,
bepaalde bedrijventerreinen zeer hoog en in
iedereen
andere overheden - een eigen verantwoordelijkheid
volledig
de
industriële processen is er eveneens vraag naar
heeft. Dit betekent ook dat we elkaar waar mogelijk verder helpen. We geven ruimte voor initiatief
komende jaren schone energie opwekken voor 5.500 huishoudens. We ontwikkelen in de periode
een hoog vermogen. Hierin wordt nu vaak voorzien
en als overheid moeten we ook duidelijk zijn en
2025-2030 in totaal 27 Megawatt aan windenergie en voorzien 40% van de geschikte daken van
keuzes maken.
in
cooperatief
Vlaardingse
van
van
leefomgevingskwaliteit. Meerdere zaken stapelen
waarin
van
voorbeeld
verduurzaming
bewoners
opgave
kracht
goed
en
woningeigenaren,
—
collectieve
Een
Economie
eigendom,
gaan
door fossiele brandstoffen. Elektrificatie
of
de
overstap
naar
waterstof
zonnepanelen. We maken dit tussentijds meetbaar. Inwoners en bedrijven worden aangemoedigd om zelf bij te dragen aan de verduurzaming,
als energiedrager vraagt om nieuwe, veilige infrastructuur voor aanvoer richting de
Het energiesysteem stopt bovendien niet bij de
bedrijventerreinen.
bijvoorbeeld door het plaatsen van zonnepanelen
gemeentegrenzen. Er liggen veel kansen door in
wagenpark, vraagt om de aanvoer van veel
en
energiebesparende
de regio samen te werken en kennis en ervaring
elektriciteit. Daarnaast verandert het karakter van
Wij pakken onze bijdrage aan
uit te wisselen. Dit doen we in de Regionale
de industrie: de vraag naar ruimte voor circulaire
het
toepassen
maatregelen.
van
Ook
elektrificatie
van
het
de verduurzaming van woningen bij voorkeur
Energiestrategie
energieregio
en biobased bedrijvigheid neemt toe en is zelfs
integraal op. Dit doen we
Rotterdam-Den Haag met andere gemeenten, de
een randvoorwaarde om de energietransitie door
particuliere
provincie, waterschappen en netbeheerders.
tegelijkertijd met woningverbetering en sociale
(RES)
van
de
Omgevingsvisie Vlaardingen
63
te kunnen zetten. Er is bovendien een ruimtevraag voor processen zoals de omzetting van en naar energiedragers.
Bij de planning en ontwikkeling van energieprojecten wordt rekening gehouden met de ruimtelijke aspecten. Hierbij kijken we niet alleen naar de energiebehoefte, maar ook naar de ruimtelijke kwaliteit en de leefbaarheid
voor
in wijken. De (hernieuwde) energie-infrastructuur gaat extra ruimte vragen, zowel boven- als ondergronds.
milieueffecten: deze kunnen afnemen door elektrificatie van processen. Denk bijvoorbeeld aan walstroom: er is
We passen dit zo goed als mogelijk in de bestaande omgeving in. Vaak zal dit zichtbaar zijn in de openbare
dan minder geluid en uitstoot van schadelijke stoffen. De effecten kunnen echter ook toenemen, bijvoorbeeld door het transport van hernieuwbare maar mogelijk risicovollere energiedragers als waterstof en ammoniak. De positieve milieueffecten moeten beduidend meer
ruimte.
Nieuwe
energiedragers,
bedrijvigheid
hebben
circulaire soms
en
biobased
gevolgen
zijn dan de negatieve milieueffecten (die we zo veel als mogelijk proberen te beperken). Het NOVEX Ontwikkelperspectief Rotterdamse Haven doet een eerste aanzet tot een integrale aanpak voor het hele Haven-Industriële Complex, inclusief de Vlaardingse havengebieden.
Energie-infrastructuur is een basis nutsvoorziening. We moeten hier ruimte aan geven zodat onze huizen en bedrijven gebruik kunnen blijven maken van stroom en warmte. Deze voorzieningen (zoals transformatorhuisjes) proberen we zo goed als mogelijk in de ruimte in te passen. De aanleg van infrastructuur ten behoeve van de energietransitie wordt bijvoorbeeld zo veel als mogelijk gecombineerd met het verbeteren van de openbare ruimte en (waar mogelijk en zinvol) andere werkzaamheden zoals vervanging van het riool.
Wonen en openbare ruimte Als gemeente pakken we de verduurzaming van woningen bij voorkeur tegelijkertijd op met de aanpak achterstallig onderhoud, funderingsproblemen en sociale problematiek zoals armoede en schulden. We maken hierbij zo veel als mogelijk gebruik van van
beschikbare (rijks- en provinciale) subsidies. We starten daarom in 2025 met het "Woon- en Energieloket" zodat we inwoners hierin goed kunnen bijstaan.
De verdere ontwikkeling van de energie-infrastructuur leggen we vast in wijkuitvoeringsplannen, en we sluiten aan op de uitwerking van de in hoofdstuk 5 beschreven deelgebieden.
Omgevingsvisie Vlaardingen
65
Uitgangspunten: • Basisvoorziening: energie-infrastructuur is een basis-
•
Sociaal: wanneer we een keuze moeten maken welke wijken we gaan helpen met energiebesparende
nutsvoorziening. Daarom is bij gebiedsontwikkelingen en bij projecten, na een integrale afweging, altijd voldoende ruimte beschikbaar voor een
maatregelen, geven we de voorkeur aan wijken met gemiddeld een lage sociaaleconomische status. Wij pakken onze bijdrage aan de verduurzaming van
adequate ruimtelijke inpassing van de (nieuwe)
woningen bij voorkeur integraal op. Dit doen we tegelijkertijd met particuliere woningverbetering en
energie-infrastructuur.
sociale problematiek achter de voordeur. •
Plan het Nationaal inpassing: Ruimtelijke Energiesysteem (NPE) geeft aan dat er verzwaring zal plaatsvinden van het elektriciteitsnet door het toenemend gebruik van zonnepanelen, elektrisch koken, elektrische mobiliteit van de warmtevraag. Deze verwachte toename in elektrische vraag zal leiden tot fors meer transformatorhuisjes, mogelijk
•
Schoon: we vinden het belangrijk dat de plannen leiden tot CO2-reductie en dat er getoetst wordt op luchtkwaliteit.
•
Spaarzaam: de basis van onze aanpak in de energietransitie is dat wij inzetten op energiebesparing. Prioriteit
hoogspannings-/middenspanningsstations, meer ruimtevraag voor het opwekken en opslaan van meerdere
•
het
beter
isoleren
van
slecht
elektriciteit, en buiten-units van warmtepompen aan de buitengevels. Hoe meer collectieve warmte we gebruiken, hoe minder ruimtelijke consequenties er
aan een lagere energierekening en wordt armoede voorkomen. Wij doen dit in samenwerking met de
zijn.
woningcorporaties.
Betrouwbaar en comfortabel: we streven naar een flexibel en veerkrachtig energiesysteem door het ontwikkelen van een diverse energiemix, waarbij verschillende duurzame energiebronnen worden benut om de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen. Onze inwoners moeten te allen tijde toegang hebben tot een betrouwbare warmte- en elektriciteitsvoorziening.
66
heeft
geïsoleerde woningen (energielabels D, E, F en G). Naast een relatief grote CO2-reductie draagt dit bij
•
Circulair: de energietransitie betekent ook een verschuiving van olie en gas naar het gebruik van zeldzame metalen. We hergebruiken deze metalen zo veel als mogelijk en zetten waar mogelijk in op biobased. We dragen bij aan de landelijke doelstelling om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben, onder andere door het stimuleren van circulair ondernemerschap in onze gemeente. Daarnaast wordt er gewerkt aan een omgeving waarin grondstoffen
efficiënt worden gebruikt en afvalstromen worden geminimaliseerd. We willen bij het bouwen echt
in de stad. We streven naar co-creatie met inwoners vanaf een vroeg stadium. Het bevoegd
•
Vrijwillig:
inwoners
en
ondernemers
stappen zetten in het gebruik van circulaire materialen. Dit resulteert in minder restafval
gezag neemt uiteindelijk
de besluiten. De energietransitie is een gezamenlijke opgave
kunnen vrijwillig aansluiten op de collectieve warmtevoorziening. Het staat inwoners vrij om gebruik te maken van de collectieve
waardoor
waarin iedereen een eigen verantwoordelijkheid
warmtevoorziening en in plaats daarvan een
heeft. Dit betekent ook dat we elkaar waar mogelijk verder helpen.
individuele
de
CO2-besparingsdoelen
binnen
bereik komen.
warmtevoorziening
te
gebruiken.
van een energiesysteem waarbij optimaal gebruik gemaakt wordt van lokaal opgewekte energie
Voorbeeldfunctie: met een routekaart voor
We geven inwoners bovendien ruim de tijd om de overstap te maken: we sluiten 8 jaar na het vaststellen van het wijkuitvoeringsplan
CO2-neutraal gemeentelijk
vastgoed pakken
energietransitie (als onderdeel van de uitwerking
en waar vraag en aanbod op elkaar worden
we achterstallig onderhoud tegelijk aan met
van de gebiedsvisies) de betreffende wijk af
afgestemd
verduurzaming.
van het gasnet. Op basis van alle voorgaande
Autonoom: we zetten in op de totstandkoming
Op
om
netcongestie te voorkomen.
bedrijventerreinen ondersteunen wij
de
totstandkoming van Energy Hubs.
uitgangspunten, worden er op maat keuzes Opwekking: in Vlaardingen is geen ruimte voor
gemaakt in het wijkuitvoeringsplan.
zonneweides. Wel voor collectieve zonnedaken, Kansen benutten: we stimuleren inwoners en
bijvoorbeeld geïnitieerd door het Vlaardings
ondernemers met initiatieven en bieden hier zo veel mogelijk ruimte voor. Als overheid moeten
Energiecollectief of een ander burgerinitiatief
van walstroom met gemeente Rotterdam en het
•
We intensiveren de samenwerking op grond
of bedrijf. Geambieerde windturbines dienen
Havenbedrijf Rotterdam, dit doen we nu al in een
we hier ook duidelijk in zijn en keuzes maken.
conform de dan geldende wet- en regelgeving
gezamenlijke havenverordening.
Inwoners en bedrijven worden aangemoedigd
ruimtelijk goed inpasbaar en acceptabel te zijn voor de omgeving.
om zelf bij te dragen aan de verduurzaming,
•
bijvoorbeeld door het plaatsen van zonnepanelen en
het
toepassen
maatregelen.
van
energiebesparende
We hebben daarbij als stad
Het college van B&W wijst gebieden aan waarin het verboden is aan boord van een schip
Betaalbaar: voor
ieder
de
energietransitie
huishouden,
moet
een generator of een hoofd- of hulpmotor te gebruiken.
ondernemer,
aandacht voor de esthetische kant hiervan en
samenwerkingspartners waaronder marktpartijen
kijken op welke manier we verrommeling van het
én de gemeente betaalbaar zijn. Wij voorzien dat
stadsbeeld tegen kunnen gaan.
er vanuit overheidswege (additionele) regelingen
•
Wij stimuleren bedrijven om voor walstroom te kiezen.
moeten komen om investeringen rendabel te Samen:
we
werken
samen
met
onze
inwoners en ondernemers, andere overheden, woningcorporaties, marktpartijen en partners
maken
voor
woningeigenaren.
Vlaardingen
zal zich daar — mede vanuit de energieregio — richting het Rijk hard voor maken.
•
Gemeente gaat
onderzoeken of walstroom-
verplichting in het omgevingsplan kan worden opgenomen.
Omgevingsvisie Vlaardingen
67
Veilig en gezond milieu Vlaardingen ondervindt aanzienlijke milieu-uitdagingen. Die zijn afkomstig van diverse bronnen zoals drukke vaarwegen, wegen en economische activiteiten in het havengebied, inclusief de Botlek buiten de gemeentegrenzen. Ondanks het cruciale belang van deze activiteiten voor regionale verbinding en stadsontwikkeling, streven we naar het minimaliseren van overlast voor bewoners aan de hand van actieve maatregelen en burgerparticipatie. Fysieke veiligheid en gezondheidsbescherming Fysieke veiligheid omvat diverse aspecten, zoals aan risico's gerelateerd overstromingsrisico, bedrijfsongevallen en de effecten van industriële activiteiten in het havengebied. In Vlaardingen concentreren externe risico's als gevolg van bedrijvigheid zich voornamelijk op de bedrijventerreinen langs de rivier. Daarnaast is er sprake van vervoer van gevaarlijke stoffen, zowel over de weg als ondergronds en over water. Het is van groot belang om toekomstige ontwikkelingen zorgvuldig af te stemmen op risicobronnen die de externe veiligheid kunnen beïnvloeden. Samen met de veiligheidspartner Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond streeft Vlaardingen ernaar zo goed mogelijk om te gaan met deze externe risicobronnen. Dit doen we door verschillende ontwerpprincipes toe te passen die komen uit het omgevingsveiligheidsbeleid.
Naast externe veiligheid spelen ook de veiligheidsgevolgen van klimaatverandering een steeds belangrijkere
68
rol. Vlaardingen streeft ernaar om deze risico's zoveel mogelijk te beperken, waarbij veiligheid vanaf het begin wordt gewaarborgd in de planvorming en afweging van nieuwe ontwikkelingen. Goede voorbeelden hiervan zijn de ontwikkelingen in het buitendijks gelegen rivierzonegebied. Bij het plannen van nieuwe projecten worden maatregelen genomen om de gevolgen van overstromingen te beperken, en het gebied bereikbaar te houden bij evacuaties. Denk hierbij aan het meerlaagse veiligheidsmodel: laag 1 preventie, laag 2 ruimtelijke planning en laag 3 crisisbeheersing. Schone lucht Schone lucht is een van de belangrijkste aandachtspunten voor Vlaardingen, met name gezien de nabijheid van de haven en snelwegen. De stad conformeert zich aan het Actieplan Luchtkwaliteit 2021-2030 en het Schone Lucht Akkoord van het Rijk. Hoewel de gemeente niet volledige controle heeft over alle bronnen van vervuiling, zet Vlaardingen zich actief in voor het verbeteren van de luchtkwaliteit. Dit begint met het in kaart brengen van gebieden waar verbetering nodig is, onder andere via burgerparticipatieprojecten met een meetnetwerk voor de luchtkwaliteit. Daarnaast ligt de nadruk op het optimaliseren van de luchtkwaliteit in en rond maatschappelijk vastgoed. Initiatieven voor rookvrije zones in onze gemeente krijgen steun, zodat kinderen kunnen opgroeien in een rookvrije omgeving.
In lijn met het beleid omtrent houtstook, zoals vastgesteld door het Rijk, streven we naar rookvrije speelplekken, scholen en sportverenigingen. De gemeente Vlaardingen biedt onder anderen al een subsidie aan voor
het verwijderen van rookkanalen binnenshuis. Deze
tot een groene, stille buitenruimte binnen 300 meter
en andere maatregelen zijn van belang om voort
afstand, waardoor bewoners minder hinder ervaren.
voor geluidshinder opgezet. Dit netwerk helpt bij het identificeren van gebieden die verbetering behoeven.
te zetten aangezien houtstook een steeds groter
De overkoepelende ambitie is het creëren van een
aandeel van luchtverontreiniging vormt.
Voor verkeersgeluid concentreert de aanpak zich op gebieden zoals de A20, de A4, en de Marathonweg.
inwoners kunnen genieten van rust en stilte in hun
Om te zorgen dat gevoelige groepen zo min mogelijk worden blootgesteld, sturen we op de
Bestaande geluidswerende voorzieningen worden behouden, en nieuwe ontwikkelingen ondergaan
directe omgeving.
situering van gevoelige bestemmingen op zo groot
onderzoek
mogelijke afstand van drukke wegen, onafhankelijk van de achtergrondconcentratie ter plaatse.
groenvoorzieningen
en
verkeersbeheer. Een voorbeeld hiervan is het geluidsreducerende asfalt
In de toekomst stelt de gemeente zelf een bebouwingscontour voor geur vast in het
Daarnaast houden we, op advies van de GGD, zoveel mogelijk rekening met minimale afstanden
dat gefaseerd wordt aangelegd op de Marathonweg.
omgevingsplan. Binnen deze bebouwingscontour geldt een hoge beschermingsgraad, omdat we
tot vervuilingsbronnen die zich 150 meter van
Industriële geluidsoverlast, vooral in het havengebied,
de bewoners of intensieve gebruikers van deze
snelwegen, 50 meter van drukke wegen buiten de
wordt aangepakt met maatregelen zoals het gebruik
gebouwen willen beschermen tegen geuroverlast.
bebouwde kom, en 25 meter binnen de bebouwde kom bevinden. Mocht dat niet lukken, dan nemen we
van geluidsabsorberende materialen en stimulering te
Buiten de bebouwingscontour geldt een lagere bescherming. Het bepalen van gebieden waar een
mitigerende maatregelen om overlast zoveel mogelijk
implementeren (zoals walstroom en het elektrificeren
hogere geurwaarde acceptabel is, geeft richting
te beperken.
van terminal trekkers). Door walstroom te realiseren
aan het vormgeven van de bebouwingscontour
worden aangemeerde schepen aangesloten op het
voor geur. De gemeente heeft de autonomie om te
elektriciteitsnet waardoor deze niet meer afhankelijk zijn van een verbrandingsmotor aan boord. Dit brengt
beslissen hoe de bebouwingscontour voor geur wordt vastgesteld. In het omgevingsplan of bij afwijkende
naast de verduurzaming van de energie ook grote
activiteiten moet de gemeente ten minste het
Geluidsoverlast In de vermindering
van
geluidsoverlast
staat
beheer centraal, waarbij de gemeente zich richt op maatregelen aan de bron en in de overdracht
van
naar
bedrijven
passende
om
maatregelen,
technische
zoals
leefomgeving met verminderde geluidshinder, zodat
oplossingen
Geur
woningbouw
voordelen met betrekking tot het tegengaan van geluidsoverlast.
geboden, waardoor geluid een integraal onderdeel
Ondanks bovenstaande verbetermaatregelen zullen er de komende tijd Vlaardingers zijn die
culturele voorzieningen en infrastructuur aanwijzen. Voor stedelijk groen aan de rand van bebouwing
wordt van het planproces en de leefbaarheid wordt
geluidsoverlast ondervinden. Voor ons is participatie
en lintbebouwing langs wegen, waterwegen of
vergroot. De specifieke eis is dat minimaal één zijde
in het identificeren en aanpakken van deze overlast
waterkeringen, kan de gemeente zelf beslissen of
(gevel) van een woning als stil en aangenaam wordt
een kernwaarde. Zo is er, via een participatieproject
dit wel of niet binnen de bebouwingscontour valt.
ervaren, terwijl elke woning toegang moet hebben
— samen met de Vlaardingers een meetnetwerk
op
voor
gebiedsniveau. Door gebiedsgericht de benodigde geluidskwaliteit te bepalen, wordt initiatiefnemers vooraf duidelijkheid
stedenbouwkundige ensemble van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel, horeca en de bijbehorende openbare of sociaal-
Omgevingsvisie Vlaardingen
69
rekening met afstanden van wonen en werken tot
Bovendien moet de gemeente op basis van instructieregels bepaalde geurgevoelige gebouwen vastleggen in het omgevingsplan. De gemeente kan er aanvullend voor kiezen om andere gebouwen en locaties te beschermen.
risicobronnen. •
Toekomstige
ontwikkelingen
worden
zorgvuldig
afgestemd op risicobronnen die de externe veiligheid Er worden al maatregelen 'aan de bron' getroffen om de geuroverlast te verlagen. Met de realisatie van de nieuwe afvalwaterzuiveringsinstallatie in Vergulde Hand West
kunnen beïnvloeden. •
Bij iedere ontwikkeling zorgt de gemeente ervoor dat het belang van externe veiligheid goed in beeld is en meegenomen wordt in de vergunningverlening.
•
Met ruimtelijke inrichting en verdichting wordt rekening gehouden met risicobronnen: er worden voldoende
wordt de oude installatie 'De Groote Lucht' vervangen. Hierbij wordt geur- en geluidsoverlast verminderd door het toepassen van nieuwe technieken. Uitgangspunten •
•
•
•
Bij gebieden waar sprake is van geluidshinder wordt ingezet op het beperken van de impact van
maatregelen getroffen en we zorgen ervoor dat zeer kwetsbare doelgroepen niet te dicht bij het risico
omwonenden.
komen.
Om geluidsoverlast en uitstoot te verminderen moeten aangemeerde schepen in 2030 aangesloten zijn op het elektriciteitsnet (walstroom) en niet meer afhankelijk
70
Er wordt gewerkt aan het verbeteren van de luchtkwaliteit, vooral vanwege de nabijheid van de haven en snelwegen. Er worden maatregelen
zijn van een verbrandingsmotor aan boord.
genomen om de luchtkwaliteit te monitoren en te verbeteren, en initiatieven voor rookvrije plekken
Waar er geen schoon en duurzaam alternatief beschikbaar is, heeft elektrificatie de voorkeur. Elektrificatie van terminal trekkers wordt gestimuleerd.
worden gesteund.
In bescherming tegen geurhinder heeft de gemeente vrijheid in het bepalen van gebieden met hogere en lagere toegestane geurwaarden.
•
•
Bronmaatregelen gaan boven omgevings-maatregelen in relatie tot de omgevingsveiligheid, en we houden
•
Bij het plannen van nieuwe functies en activiteiten in het havengebied en rondom drukke wegen wordt rekening gehouden met de impact op geluidsoverlast. Er worden passende maatregelen genomen om geluidshinder voor omwonenden te verminderen, zoals het implementeren van geluidswerende voorzieningen en het isoleren van gevoelige bestemmingen.
Milieu Geluidsoverlast RIVM, meting op 01-06-2022. Categorisering zeer goed tot zeer slecht komt uit Nota van Toelichting bij Aanvullingsregeling geluid < 45 dB 46 - 50 dB (goed) 51 - 55 dB (redelijk) 56 - 60 dB (matig) 61 - 65 dB (tamelijk slecht) 66 - 70 dB (slecht) > 71 dB (zeer slecht) Geuroverlast
CY Mogelijk geuroverlast vanuit havengebied 0
Beperking geuroverlast door verplaatsing en modernisering faciliteiten van AWZI De Groote Lucht
Externe veiligheid Richtafstand gemengd gebied tot HMC bedrijvigheid Woningbouwlocaties Mogelijke woningbouwlocaties (woonvisie) Mogelijke overige verdichtingslocaties
Omgevingsvisie Vlaardingen
Bestendig tegen klimaatverandering Klimaatverandering heeft invloed op heel Vlaardingen en we nemen dit dan ook zeer serieus. Om hier samen met het Rijk, de Provincie, het Hoogheemraadschap en andere gemeentes aan te werken is Vlaardingen aangesloten bij het Convenant Klimaatadaptief
verzakkingen
die
toenemen
door
(langdurige)
periodes van droogte. In het Centrum, de Oostwijk, de Vettenoordse Polder en Vlaardinger-Ambacht is de kans op funderingsschade groter omdat veel gebouwen op staal zijn gefundeerd. Ook vormen (te) hoge grondwaterstanden, kwel, en wateroverlast in de
Bouwen. Als gevolg van klimaatverandering zullen hittegolven, schade door droogte, wateroverlast en
Westwijk en het Centrum een grote uitdaging en staat het vernatten (met juist hogere grondwaterstanden)
overstromingsrisico's vaker voorkomen in de toekomst, maar ook nu al zijn de negatieve effecten van het veranderende klimaat te merken. Zo ervaart een deel van de bewoners van Vlaardingen hittestress tijdens
om veenoxidatie tegen te gaan van het buitengebied ter discussie. Tevens is er oog voor de gevolgen van de bodemdaling en grondwaterstanden voor het monumentale erfgoed en het 'bodemarchief', het geheel
het slapen. Om de negatieve invloed nu en in de toekomst tegen te gaan worden maatregelen genomen op wijkniveau. We stellen wijkgerichte klimaatvisies op,
van archeologische sporen van menselijke bewoning in de afgelopen duizenden jaren.
die zullen dienen als leidraad om deze maatregelen te identificeren. We zien hier een belangrijke relatie met het thema gezondheid. Voorbereiden op perioden met te veel en te weinig water Een van de gevolgen van klimaatverandering is dat regenbuien steeds vaker hevig zijn, en afgewisseld worden met langere perioden van droogte. Het Centrum, de Oostwijk, de Vettenoordse Polder en Vlaardinger-Ambacht kennen voornamelijk uitdagingen, waar afkoppelen van het hemelwater van het riool vaak geen optie is vanwege een gebrek aan watergangen of infiltratiemogelijkheden. Met afkoppelen wordt voorkomen dat onnodig schoon water naar de waterzuivering wordt vervoerd. Daarnaast kampt heel Vlaardingen met verzakking door bodemdaling;