Bijlage 1 Programmabegroting 2023-2026
Tekst van het document
Onderhoud van en investeringen in kapitaalgoederen worden integraal uitgevoerd door alle disciplines binnen de openbare ruimte, om te zorgen dat de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk worden ingezet en de overlast van de burgers tot een minimum wordt beperkt. Daarnaast worden de bewoners, dorps- en wijkraden en gebruikers betrokken bij het maken van het ontwerp en wordt zelfwerkzaamheid meegenomen in de uitvoering. Op deze manier van werken wordt uitvoering gegeven aan zelfsturing en wordt de betrokkenheid bij de openbare ruimte vergroot. Deze werkwijze zorgt er ook voor dat de planning uit de individuele beheersplannen wordt aangepast om meer synergie te behalen en/of integrale uitvoering mogelijk te maken. Hierdoor kunnen plannen naar voren of achteren schuiven of prioriteiten worden aangepast, zodat onderhoud niet of anders wordt uitgevoerd. Deze paragraaf geeft invulling aan het onderhoud van de kapitaalgoederen. De investeringen zijn opgenomen in paragraaf H. De omvang van de kapitaalgoederen wordt geïllustreerd weergegeven in onderstaande tabel door de volgende cijfers: Omschrijving
Hoeveelheid
Oppervlakte van de gemeente Venray (ha) Verharde en onverharde wegen (m2) Aantal lichtmasten Aantal kolken Aantal pompen en gemalen Vrijverval riool (km) Persleiding (km) Bos. incl. natuurterreinen (ha) Beplanting/openbaar groen (m2) Gras/openbaar groen, excl. bermen buitengebied (m2)
16.500 3.972.803 9.503 19.130 715 382 195 1.385 561.498 1.371.164
Artikel 12 van het BBV schrijft expliciet voor dat van de kapitaalgoederen moet worden aangegeven: - Het beleidskader; - De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; - De vertaling van de financiële consequenties in de begroting. Wij zullen nader ingaan op de volgende onderdelen: • Onderhoud wegen. • Onderhoud riolering. • Onderhoud haven. • Onderhoud openbaar groen. • Onderhoud bossen, natuurgebieden en landschappelijke elementen. • Onderhoud openbare verlichting. • Onderhoud gebouwen. 78
Voor deze onderdelen zijn de volgende beheerplannen actueel: Beheerplan Vastgesteld in Looptijd t/m
Financiële vertaling in begroting
Achterstallig onderhoud
Wegen
Verwacht eind 2022
2026
Nee
Ja
GRP
2021
2025
Gesloten systeem
Nee
Havenbeheerplan
2022
2025
Ja
Nee
Groenbeheerplan
2020
2025
Ja
Nee
Beheerplan onkruid op verharding 2017
Geen einddatum
Ja
Nee
Bossen
2022
2031
Gesloten systeem
Nee
Openbare Verlichting
2021
2026
Ja
Nee
Gebouwen
2021
2030
Deels
Nee
Bijzonderheden Wegen Voor 2023 staat weer een aantal reconstructies op de planning. Grote projecten die in 2023 gaan of blijven lopen, zijn de Oostverbinding, herinrichting Blitterswijck en de Groene Loper Wanssum. Dit is tevens een uitgelezen moment om met deze werkzaamheden een infiltratieriool aan te leggen. Hierdoor neemt de kans op wateroverlast af. Niet alleen in de straten waar de werkzaamheden plaatsvinden, maar ook daarbuiten. Binnen het asfaltonderhoud zullen we, net als in 2022, ook in 2023 een aantal verkeerskundige maatregelen meenemen, op een aantal wegen in Venray. Hiermee kunnen we voldoen aan de in september 2019 vastgestelde netwerknota. Deze maatregelen bestaan uit het realiseren van plateaus, rode fietsstroken en getrapte fietsoversteken ter plaatse van kruisingen. Riolering Een aantal grotere projecten die in 2023 aan de orde komen zijn: de klimaatadaptatie Blitterswijck (in combinatie met de wegreconstructie) Stationsweg (in combinatie met wegreconstructie) renovatie van plusminus 60 drukrioolgemaaltjes klimaatadapatie van een aantal straten in Landweert en Brukske. Haven 2022 is het eerste jaar van het nieuwe havenbeheerplan. Grote investeringen staan, na de uitbreiding van de westelijke insteekhaven en de gebiedsontwikkeling, niet op stapel.
De werkzaamheden richten zich voornamelijk op het uitvoeren van noodzakelijk onderhoud, en het opzetten van een beheerspakket voor de reeds aanwezige voorzieningen. Openbaar Groen De gevolgen van (extreme) droogte en hoge temperaturen op het openbaar groen kan betekenen dat er meer uitval is dan gemiddeld. Na extreem droge jaren kunnen de gevolgen pas op latere termijn zichtbaar worden. Dit kan er voor zorgen dat er in 2022/2023 meer uitval is dan voorzien waardoor het beschikbare budget onder druk kan komen te staan. Ook kan de droogte betekenen dat de levensduur van bomen / plantsoenen wordt verkort en eerder aan vervanging toe is. Bossen, Natuurgebieden en Landschappelijke elementen Door de aanhoudende droogte van afgelopen jaren, maar ook door de verzuring hebben een aantal boomsoorten in de gemeentelijke bossen het zichtbaar moeilijk. De uitval onder bomen is meer dan normaal. Er is nog onvoldoende inzicht of herstel middels het reguliere beheer en financiële middelen kan worden opgevangen. De gevolgen voor bos en natuurterreinen bij aanhoudende droogte, maar ook van andere aspecten zoals stikstofdepositie zijn niet goed te voorspellen. Openbare verlichting In 2023 gaan we verder met het vervangen van conventionele verlichting voor LED-verlichting. Op alle nieuw te plaatsen armaturen worden dimmers geplaatst om extra energiebesparing te realiseren.
Daar waar mogelijk zal dynamische verlichting toegepast worden. Om duurzamer te
79
werken bekijken we of we niet het hele armatuur hoeven te vervangen en dan alleen het binnenwerk vernieuwen en de buitenzijde behouden. Uit te voeren werken voor 2023: • Voor 2022 zal een vervangingsplan gemaakt worden om alles te verlichten volgens de nieuwe normen. De exacte locaties zijn nu nog niet bekend, maar het zal gaan om ongeveer 500 armaturen. Met het vervangingsplan 2023 kunnen we hier een besparing uit halen van +/- 37.000 kWh, wat neer komt op een vermindering van bijna 16 ton CO2. • In 2022 is het niet mogelijk gebleken om de verlichting in het centrum te vervangen vanwege prioriteiten elders. De verlichting in het centrum, kernwinkelgebied, zal vervroegd vervangen worden vanwege de vele storingen en het hoge energiegebruik. Deze worden dan vervangen door LED met dynamische besturingsmogelijkheden en dimmers, gelijk aan het Henseniuskwartier. Mogelijkheden hierbij zijn het verhogen van het verlichtingsniveau bij calamiteiten of evenementen. • Als het budget het toe laat zal één project uitgevoerd worden in het kader van bijzondere verlichting. •
Bij alle grote civiele projecten wordt ook de conventionele verlichting vervangen voor LED
Gebouwen Instandhouding, beheer en verduurzaming Team vastgoedbeheer, verhuurt, exploiteert en onderhoudt gemeentelijk vastgoed (gebouwen, objecten en voorzieningen). De prioriteit ligt bij de continuïteit van het planmatig onderhoud. en daarnaast zetten we vanaf 2022-2023 in op de verduurzaming van ons vastgoed en de technieken die ons hierbij kunnen helpen. Verduurzaming De gemeente onderneemt acties in verduurzaming van de gebouwen die zij zelf beheert. Daarnaast ontplooien beheerders van de gemeentelijke gebouwen (die zijn geprivatiseerd) ook acties in verduurzaming (middels aanschaf zonnepanelen, led-verlichting of door duurzame materialen die minder milieu belastend zijn en/of minder onderhoud behoeven. Het gemeentehuis is reeds voorzien van zonnepanelen. In 2023 zal van dit gebouw de binnenverlichting worden vervangen door led. Begin 2022 is ook opdracht gegeven voor andere verduurzamingsonderzoeken in een tiental andere gemeentegebouwen. De resultaten hiervan worden medio 2022 verwacht. Meerjarig onderhoud (2019 - 2029) In 2020 is de onderhoudssituatie van de gemeentelijke gebouwen opnieuw in kaart gebracht en in meerjarige onderhoudsrapportages (MJOP 2020-2029) vastgelegd. Deze MJOP’s zijn in 2021 door de raad vastgesteld. Daardoor kan vanaf 2021 weer planmatig uitvoering worden gegeven aan het onderhoud van ons gemeentelijk vastgoed.
De in 2021 vastgestelde plannen zijn tevens de opmaat naar ‘duurzame meerjaren-onderhoudsplannen’ die we binnen de komende onderhoudscyclus gaan ontwikkelen. De wens is om deze met ingang van 2023 op te hangen aan een meer ‘strategische visie’. In deze visie nemen we naast maatschappelijke belangen ook financiële- en strategische belangen op zodat we meer in samenhang gaan sturen op (het beheer en de verdere verduurzaming van) ons vastgoed. 1. Onderhoud wegen (programma 3) Doel Instandhouding van het verharde wegennet, zodanig dat de mobiliteit van de gebruikers gewaarborgd en van voldoende comfort blijft. De streefkwaliteit voor wegen is B. Voor fietspaden en het centrumgebied wordt A nagestreefd. Het minimale onderhoudsniveau mag daarbij nooit lager worden dan niveau C. Beleidskader In Venray wordt de strategie toegepast dat het juiste onderhoud op het juiste tijdstip wordt uitgevoerd, om een zo rendabel mogelijk beheer van de verhardingen te realiseren. In het huidige beleidsplan, is aangegeven dat veel gebruikte verhardingen een hoger kwaliteitscijfer mogen hebben dan minder of niet gebruikte verhardingen. Er is gekozen voor gedifferentieerde kwaliteit, waarbij extra aandacht besteed zal worden aan de verhardingen in de centra van Venray en kerkdorpen en verhardingen ten behoeve van de voet- en fietspaden. Eind 2022 wordt een nieuw wegenbeleidsplan opgesteld.
Door eerdere bezuinigingen is de kwaliteit van het wegennet achteruit gegaan, zodat er sprake is van achterstallig onderhoud. De komende
80
jaren wordt een inhaalslag gemaakt. Op die manier wordt voorkomen dat onacceptabele en onveilige situaties ontstaan en wordt het achterstallig onderhoud weggewerkt. Bij werkzaamheden wordt telkens gekozen voor een zo integraal mogelijke aanpak van alle werkzaamheden, waaronder riolering, verkeer, groen en openbare verlichting. Bij totale vervanging van de wegverharding worden aparte kredieten aangevraagd, vaak in combinatie met rioolvervanging en aanleg verkeersmaatregelen. Het dagelijks onderhoud wordt uitgevoerd op basis van inspecties en periodieke schouwen door de weginspecteurs en eigen waarnemingen van beheerders en toezichthouders. De resterende noodzakelijke reparaties worden uitgevoerd n.a.v. klachten en meldingen van derden. Investerings- en onderhoudsbudgetten worden jaarlijks voor de eerst volgende 4 jaar vastgesteld, zoals de monitoring van 2021. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in wegen en verkeersmaatregelen zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten wegen en verkeer
4.608
4.745
4.920
5.040
2. Onderhoud riolering (programma 3) Doel Het doel is een goede onderhoudstoestand van het rioolstelsel. Bestaande riolen worden gerepareerd, versleten riolen vervangen of gerelined. Maatregelen worden getroffen om de gevolgen van de klimaatveranderingen te voorkomen of beperken. Hierdoor is het rioolstelsel ook op lange termijn geschikt voor het afvoeren van afvalwater en hemelwater. Beleidskader Het beleidskader is vastgelegd in het GRP 2022-2025. In het GRP is aangegeven waar het onderhoud uit bestaat en welke middelen daar voor noodzakelijk zijn. Bij onderhoud kan worden gedacht aan het verhelpen van storingen bij gemalen of verstoppingen in rioolhuisaansluitingen. Maar ook het periodiek schoonmaken van kolken en rioolleidingen. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in riolering zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten riolering
1.799
1.823
1.847
1.885
3. Onderhoud haven (programma 3) Doel Om de haven in een goede conditie te houden moet er regelmatig onderhoud plaatsvinden. Bijvoorbeeld moet de haven op de goede diepte worden gehouden. Kades moeten indien nodig worden gerepareerd of vervangen. Beleidskader Het kader voor het onderhoud en vervangen wordt gevormd door het havenbeheerplan. In het voorjaar van 2022 is het nieuwe havenbeheerplan 2022-2025 vastgesteld.In dit plan worden de onderhoudsmaatregelen en de investeringen op een rij gezet, en wordt het havengeld voor de komende jaren bepaald. Omdat het een nieuwe haven betreft zijn er voor 2023 geen grote werkzaamheden gepland. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in de haven zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten industriehaven en jachthaven
220
77
84
96
81
4. Onderhoud openbaar groen (programma 2) Doel Het in stand houden en verbeteren van de openbare groenvoorzieningen, om een comfortabel leefklimaat te handhaven. Hierbij worden, met gericht beheer en onderhoud de verschillende functies van het openbaar groen, zoals aankleding, afscherming en verkeersgeleiding gewaarborgd. Beleidskader Het openbaar groen maakt integraal deel uit van het algeheel stedelijk woon- en leefklimaat. Om zowel de visueel/ruimtelijke, gebruiks- als ecologische functie te kunnen waarborgen moet het groen zo goed en efficiënt mogelijk onderhouden worden. Binnen de beschikbare middelen wordt gezocht naar efficiënter en effectiever onderhoud. Het groenstructuurplan dient als uitgangspunt voor het beheer van de openbare ruimte. Deze meerjarenvisie gaat, na herziening, ook een rol in de omgevingsvisie spelen. In het beheerplan groen & reiniging wordt het onderhoud op beeldkwaliteitsniveau ingedeeld. Uitgangspunt hierbij is dat het groen op minimaal basisniveau wordt onderhouden, om verwaarlozing en daardoor vroegtijdige groenrenovaties te voorkomen. Deze beeldkwaliteitsniveaus zijn verwerkt in de onderhoudsbestekken. Om de technische staat van de plantsoenen te kunnen waarborgen worden jaarlijks groenstroken gerenoveerd en bomen vervangen.
Door jaarlijks delen te vervangen ontstaat een gelijkmatigere leeftijdsopbouw van groenvoorzieningen en wordt een noodzakelijke forse investering in de toekomst voorkomen (inhaalslag). Daarnaast kan het groenareaal en bomenbestand in stand worden gehouden zodat de aanwezigheid van ‘voldoende’ groen gewaarborgd blijft en het groenareaal/bomenbestand niet afneemt. Onderdeel van het beheerplan groen & reiniging is het vergroten van de biodiversiteit binnen de bebouwde kom van Venray en haar kerkdorpen. Bij herinrichtingen/vervangen van groenstroken/bomen wordt hier door bijvoorbeeld soortkeuze rekening mee gehouden. In de afgelopen 2 jaar is ruim 6 hectare intensief beheerd gras omgevormd naar schraal/bloemrijk gras om de biodiversiteit te vergroten. De komende jaren wordt gestreefd om dit met enkele hectare uit te breiden. Het beheerregime zal hier op aangepast worden zodat de soortenrijkdom van flora en fauna op deze stukken kan toenemen. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van groenaanleg in sterk stenige omgevingen om het plaatselijke (leef)klimaat te verbeteren. Mogelijke investeringen zijn niet standaard opgenomen in de begroting maar zullen separaat in MUIP aanvragen worden voorgelegd. Het beheerplan groen & reiniging is van toepassing op stedelijk groen en beperkt zich daarom tot het groen binnen de bebouwde kom van Venray en haar kerkdorpen.
In de uitvoeringsnota bomen staan richtlijnen hoe om te gaan met het gemeentelijke bomenbestand, monumentale/waardevolle bomen en bomen in aandachtsgebieden. De gemeente wil de kwaliteit van de leefomgeving waarborgen en inspelen op het veranderende klimaat. De omgang met gemeentelijke, maar ook particuliere bomen is daarbij van groot belang. De gemeente vervult hierin een sturende rol. Deze uitvoeringsnota geeft duidelijke richtlijnen met betrekking tot de bescherming van bomen, compensatieregeling bij het kappen van bomen en een bijdrageregeling voor monumentale en waardevolle bomen op particulier grondgebied. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in openbaar groen zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten openbaar groen
2.229
2.294
2.458
2.515
5. Onderhoud speelvoorzieningen (programma 3) Doel Het voorzien in een aantrekkelijke en toegankelijke speelbare openbare ruimte, waarbij wordt aangesloten op de wensen van gebruikers. De voorzieningen dragen bij aan het stimuleren van beweging, sport en spel waarmee positieve effecten op de fysieke en mentale gezondheid worden 82
behaald. Beleidskader Met het speelruimteplan wordt gestreefd naar een betere spreiding van speelvoorzieningen en ontmoeting wordt gestimuleerd. Bij de vervanging van voorzieningen wordt gekeken naar de behoefte van gebruikers om zodoende beter aansluiting te vinden bij de doelgroep. Waar mogelijk zal de groene omgeving beter benut gaan worden om jongeren meer uit te dagen en de creatieve geest te stimuleren. Om de speelvoorzieningen aan te laten sluiten bij de ontwikkeling van de bevolkingsopbouw (minder jongeren) wordt gestreefd naar een afname van 10% van het totaal aan voorzieningen en/of vervangingswaarde daarvan ten opzichte van 2016. Jaarlijks worden, op basis van inspecties, onderhoudswerkzaamheden verricht om de veiligheid van speelvoorzieningen te kunnen garanderen. Ook wordt ieder jaar een vervangingsplan opgesteld voor voorzieningen die aan vervanging toe zijn. Hierbij wordt rekening gehouden met de afname van het totaal aan voorzieningen. Op deze manier blijft een kwalitatief goed speelvoorzieningenbestand met voldoende aanbod behouden voor nu en de toekomst. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in speelvoorzieningen zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten speelvoorzieningen
152
156
159
162
6. Onderhoud bossen, natuurgebieden enz. (programma 3) Doel Het in standhouden van bossen, natuurterreinen en landschappelijke elementen. Daarnaast het versterken van natuurontwikkeling en landschapskwaliteit en het verhogen van recreatiemogelijkheden in het buitengebied. Beleidskader Gemeentelijke bossen en natuurterreinen worden beheerd door de gemeente Venray. Samen met andere betrokkenen worden wensen en behoeftes op het gebied van recreatie en natuurbeleving afgestemd op de ontwikkeling van de landschappelijke-ecologische kwaliteit. Oftewel de natuur is leidend wat er op het gebied van recreatie mogelijk is. In 2022 is het nieuwe bosbeheerplan 20222031 vastgesteld, waarbij aansluiting gezocht is bij de Nationale bossenstrategie. De verzuring en verdroging zijn erg zorgelijk. Hierop zal worden ingespeeld voor zover er iets aan te doen is. De kleinere natuurterreinen en landschapselementen worden door de gemeente beheerd. Door het wegvallen van het IKL zijn de natuureducatie en burgerparticipatie stil komen te liggen binnen de natuur. De provincie is doende om een alternatief te realiseren. Zodra dit er is, wordt er aansluiting gezocht. In 2022 zijn er nieuwe jachtcontracten afgesloten met de drie wildbeheereenheden. Deze lopen door tot en met 2028.
Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in natuurbeheer zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten natuurbeheer
440
445
453
467
7. Onderhoud openbare verlichting (programma 3) Doel Het verlichten van de openbare ruimte en het in standhouden van de openbare verlichting. Beleidskader Een goede openbare verlichting is noodzakelijk voor een veilige openbare ruimte, zowel op sociaal als verkeersveilig gebied. Hiervoor dient de openbare verlichting te voldoen aan verlichtingsnormen en zou het areaal met 3,5% per jaar uitgebreid moeten worden. De vervangingskosten voor het huidige areaal bedragen de komende jaren ca. € 325.000 per jaar. Door extreme prijsstijgingen voor staal en elektronica, variërend van 15 tot 25% en mogelijk nog hoger, zullen de budgetten aangepast moeten worden. De komende jaren zal dit bedrag door middel van
83
investeringsaanvragen beschikbaar gesteld moeten worden. Ook de energiekosten zullen extreem stijgen, waarschijnlijk met 75%, mogelijk meer. In het laatste beleidsplan is vastgesteld dat bij vervanging uitsluitend LED verlichting toegepast zal worden. Ook zullen alle nieuwe armaturen uitgerust worden met slim energie management. Hiermee willen we de gestelde doelen uit het Energieakkoord 2013 halen. Dit houdt in: • 20% energiebesparing in 2020 en 50% energiebesparing in 2030 t.o.v. 2013. • 40% toepassing van energie-efficiënte verlichting. • 40% toepassing van slim schakelen / energiemanagement. Door een behoorlijke areaal uitbreiding, sinds 2013, is het een enorme uitdaging geworden om dit te gaan halen. We zijn wel op de goede weg. Sinds 2013 hebben we namelijk een uitbreiding van bijna 1500 masten. Het huidige beleidsplan openbare verlichting is vastgesteld in 2021 en loopt tot 2026. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in openbare verlichting zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten openbare verlichting
479
491
503
512
8. Onderhoud gebouwen (programma 1) Doel Het in stand houden en beheren van het gemeentelijke vastgoed. Het vastgoedbeheer van gebouwen valt onder uitvoering van team vastgoedbeheer en heeft betrekking op het (bouw- en installatietechnisch) in standhouden, in werking hebben en beheren van gemeentelijke gebouwen, accommodaties en kunstwerken die in eigen beheer zijn, evenals de gemeentelijke gebouwen en objecten die (in opdracht van de gemeente) door derden worden geëxploiteerd. Beleidskader Beleidskader accommodaties In 2019 is onderzoek gedaan naar het voorzieningenniveau op gebied van sport- en jeugdaccommodaties. Mede op basis hiervan is in 2019 door de raad het kader vastgesteld waarbinnen het accommodatiebeleid verder uitgewerkt kan worden . Eind 2019 is gestart met de concept-uitwerking van het nieuwe accommodatiebeleid dat in 2021 het besluitvormingsproces heeft doorlopen. Het nieuwe accommodatiebeleid zal vanaf 2022 e.v. ook richting geven aan de uitvoering van vastgoedbeheer. Zo zal het accommodatiebeleid bepalend zijn voor de continuering van het privatiseerde beheer en de (contract)afspraken hieromtrent (voor de Jeugd en de Sportvoorzieningen). Het gemeentelijk kernteam accommodaties is begin 2022 aan de slag gegaan met de implementatie van het nieuwe accommodatiebeleid.
Nieuwe inzichten op het onderhoud van gemeentelijke gebouwen In het najaar van 2019 zijn de gemeentelijke gebouwen, waarvan het onderhoud en beheer bij de gemeente rust of namens de gemeente wordt uitgevoerd, onderworpen aan een 'schouw' om een actueel inzicht te krijgen op de onderhoudsstaat. Op basis hiervan zijn meerjarenonderhoudsplannen (MJOP's) opgesteld en zijn ook financiële gevolgen voor de onderhoudsvoorzieningen doorberekend.Als gevolg hiervan zijn in 2021 de dotaties op de onderhoudsvoorzieningen bijgesteld (geactualiseerd) zodat de uitvoering van het planmatig onderhoud voor de komende jaren geborgd is. Bij de actualisatie zijn tevens de MJOP’s door de raad vastgesteld. Het gaat om de MJOP’s van gebouwen die de gemeente zelf onderhoudt. Voor het overige (geprivatiseerde) vastgoed zijn ook MJOP’s vastgesteld, maar met als doel inzicht te krijgen in de onderhoudsopgave van de gehele vastgoedportefeuille. Vastgoedcontractenbeheer De uitvoering van onderhoud en beheer van gebouwen wordt vastgelegd in overeenkomsten. Vastgoedbeheer beheert deze huur- exploitatiecontracten en anticipeert daarbij op ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op beheer/ exploitatie en onderhoud. De vaststelling van het nieuwe accommodatiebeleid betreft zo'n ontwikkeling.
Om voor te sorteren op het nieuwe accommodatiebeleid worden de huur- exploitatiecontracten met verenigingen en beheerstichtingen op het gebied van jeugd en sport die eindigden in 202-2021, jaarlijks verlengd tot het moment dat
84
duidelijk is welke nieuwe toekomstige afspraken te maken op basis van het nieuwe accommodatiebeleid. Exploitatie en beheer van gebouwen door de gemeente De meeste vastgoedobjecten zijn verhuurd aan verenigingen of stichtingen. De gemeente heeft echter ook gebouwen in eigen beheer, zoals het gemeentehuis en het gebouw Jerusalem. In de tweede helft van 2020 is met gebruikers nagedacht over de betekenis van Jerusalem voor de cultuur in Venray, de ontwikkelingen in het gebouw en de wijze waarop het beheer (vanaf 2021) kan plaatsvinden. Als gevolge van Corona is deze ontwikkeling vertraagd. Dit traject zal daarom ook in 2023 nog op de agenda staan. Verduurzaming gebouwen De gemeente onderneemt acties in verduurzaming van de gebouwen die zij zelf beheert. Daarnaast ontplooien beheerders van de gemeentelijke gebouwen (die zijn geprivatiseerd) ook acties in verduurzaming (bijv. middels aanschaf zonnepanelen, aanbrengen led-verlichting) of door toepassing van duurzame materialen die minder milieu belastend zijn, minder onderhoud behoeven en/of ook nog eens langer meegaan. Met betrekking tot de gemeentelijke binnensportaccommodaties is in de afgelopen jaren een grote inhaalslag gemaakt op het onderhoud, ook middels de inzet van meer duurzame gebouw gebonden installaties. Aan de verduurzaming van het gemeentehuis is in 2020 middels plaatsing van zonnepanelen uitvoering gegeven.
Op de ledverlichting vindt nog nadere verkenning plaats ook omdat de techniek en het beheer hierop nog volop in ontwikkeling zijn. Gestreefd wordt de huidige techniek in 2023 te vervangen. In 2022 is een onderzoek gestart naar de verduurzamingsmogelijkheden van 10 vooraf geselecteerde gemeentelijke panden. Om in beeld te brengen wat zou moeten gebeuren om deze panden eerst te laten voldoen aan energielabel C en vervolgens aan energielabel A. Maatregelen en kosten worden in een rapportage nader uitgewerkt. De resultaten worden later in 2022 verwacht. Verduurzaming schoolgebouwen Het beheer van schoolgebouwen ligt bij de schoolbesturen zelf ligt. In 2019 zijn flinke stappen gezet bij 11 scholen (van SPOV en Dynamiek) in het kader van het ‘fris maken’ van de scholen, onder gebruikmaking van de subsidie die de gemeente hiervoor ter beschikking had gesteld. Door deze investering kwamen de schoolbesturen in aanmerking voor de ‘subsidie duurzame maatschappelijke organisaties’ van de provincie Limburg op basis waarvan vervolgens voor 4 scholen al een slag is gemaakt in de verduurzaming door het leggen van zonnepanelen waarbij deze scholen op het niveau komen van stroomneutraal (ze wekken evenveel stroom als ze gebruiken). In het IHP 2019-2039 is duurzaamheid wel een belangrijk item (betreft 1 van de 5 bouwstenen).
Het IHP streeft, bij nieuwbouw, naar het realiseren van energieneutrale gebouwen. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in onderhoud gebouwen zijn in 2023 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Lasten gebouwen in eigen beheer Gemeentehuis
342
355
277
457
Sport- welzijn en overige gebouwen
779
640
708
504
1.121
995
985
961
Onderwijs Binnensport
992 853
1.118 879
827 902
855 923
Zwemmen
314
322
330
338
Buitensport
805
809
829
845
Musea / monumenten
20
21
21
22
Parkeren
330
338
346
353
Wijk- en dorpscentra
120
123
126
128
Lasten gebouwen in beheer van derden
Sociaal-cultureel werk
182
186
190
194
3.616
3.796
3.571
3.658
85
Paragraaf D. Financiering Inleiding In deze paragraaf wordt ingegaan op de uitvoering van de financieringsfunctie. De financieringsfunctie zorgt ervoor dat voldoende liquide middelen aanwezig zijn, zodat aan alle financiële verplichtingen kan worden voldaan. Hiervoor zet Venray haar eigen middelen in, maar worden indien nodig ook kort- en langlopende leningen aangetrokken. De rente die we hierover betalen, brengen we zowel intern als extern in rekening. Onder de financieringsfunctie valt ook het verstrekken van leningen en het beheersen van kredietrisico’s. Het wettelijk kader ligt vast in nationale maar ook in de internationale wetgeving. Op nationaal niveau liggen de kaders vast in: •
De wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Deze wet biedt een kader voor de beheersing van de risico’s die uit deze functie voortvloeien. Een belangrijk uitgangspunt van de wet is dat een gemeente prudent moet omgaan met publieke middelen.
•
De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof)
•
Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)
•
De Gemeentewet
Deze wettelijke kaders zijn verder uitgewerkt en vastgelegd in de financiële verordening en het Treasurystatuut. Het beleid over verstrekken van garanties door de gemeente aan derden is opgenomen in het garantstellingsbeleid. In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente. Afhankelijk van de hoogte en de verwachte duur van een liquiditeitstekort of -overschot wordt vermogen tijdelijk of langdurig aangetrokken. Het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen is dat de kasgeldlimiet optimaal benut wordt door zoveel mogelijk kort vermogen aan te trekken rekening houdend met marktontwikkelingen. In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn drie wettelijke normen opgenomen waaraan de gemeente moet voldoen. Zo moeten overtollige middelen boven een vastgestelde drempel in de schatkist aangehouden worden. Bij het aantrekken van korte leningen (met een looptijd tot 1 jaar) mag het gemiddelde saldo per kwartaal de kasgeldlimiet niet overschrijden. Het saldo aan aflossingen en renteherzieningen op de bestaande leningenportefeuille (looptijd 1 jaar of langer) mag in enig jaar niet hoger zijn dan de renterisiconorm. Daarnaast wordt in deze paragraaf aandacht besteed aan risicobeheersing (met name rente- en kredietrisico). De berekeningen van de leenbehoefte en rentekosten kunnen in de praktijk afwijken.
Zo is het werkelijk investeringstempo van grote invloed. Nieuwe beleidskeuzes (met name bij investeringen) gedurende het jaar hebben effect op de berekeningen. Ook verschillen in de begrote inkomsten (bijvoorbeeld grondverkoop, rijksbijdragen) hebben effect. 1. Algemeen Het op 18 december 2014 vastgestelde Treasurystatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. De focus bij treasury is gericht op feitelijke in- en uitgaande kasstromen die in deze paragraaf, naast de risico’s en interne rente, centraal staan. 2. Financieringsbehoefte Investeren in materiële vaste activa kost geld; dit betreft bijvoorbeeld onze gebouwen die een belangrijke waarde vertegenwoordigen. Bij grondexploitaties gaan de kosten voor de baten uit. Zolang dit betekent dat gemaakte kosten nog niet zijn terugverdiend door verkopen, moeten we deze voorfinancieren. Om de rente- en de verwerkingskosten zo laag mogelijk te houden is totaalfinanciering de standaard bij overheidsinstellingen. Totaalfinanciering houdt in dat niet voor iedere investering afzonderlijk een lening wordt aangetrokken (met uitzondering van projectfinanciering), maar dat naar het totaal van de financieringsbehoefte wordt gekeken.
86
De activa van de gemeente Venray zijn naar verwachting per begin 2023 als volgt gefinancierd: Omschrijving
1-1-2023
(Bedragen x € 1.000) Totale boekwaarde investeringen
186.328
Vaste financieringsmiddelen: Reserves
48.871
Voorzieningen
16.427
Langlopende leningen
66.103 131.401
Financieringstekort
54.927
Om in de financieringsbehoefte te voorzien stelt de gemeente interne en externe financieringsmiddelen ter beschikking. De interne financieringsmiddelen bestaan uit de reserves en voorzieningen. De externe financieringsmiddelen bestaan uit opgenomen kort- en langlopende geldleningen. Dagelijks wordt bijgehouden wat de geldbehoefte is. Afhankelijk van ons banksaldo en de toekomstverwachtingen worden leningen aangetrokken. Rentevisie Tot en met augustus 2022 is een stijgende renteontwikkeling zichtbaar. Dit wordt veroorzaakt door de sterk stijgende inflatie, de hoge energieprijzen en de oorlog in de Oekraïne. Als gevolg hiervan zijn door de centrale banken zoals de FED in Amerika en de ECB de rentetarieven sterk verhoogd. Vorig jaar was nog de gedachte dat de inflatiestijging van tijdelijke aard zou zijn. Door de aanhoudend hoge inflatie verwachten marktpartijen dat de centrale banken vooralsnog zullen doorgaan met het verhogen van de rentetarieven totdat het inflatiedoel van 2% is bereikt. Ondanks dat de rente sterk is opgelopen bevindt deze zich in historisch perspectief nog steeds op een laag niveau. Venray volgt de renteontwikkelingen via landelijke media, websites van enkele banken en de wekelijkse info van financiële dienstverleners. Leningoverzicht Voor een (langdurig) financieringstekort dient de gemeente geld te lenen. OVERZICHT LENINGEN (incl.
woningbouwleningen) bedragen x € 1.000
2023
2024
2025
2026
Leningen 1-1
66.103
70.874
64.785
59.036
Nieuwe leningen
10.000
0
0
0
Aflossingen
-5.229
-6.089
-5.749
-5.773
Leningen 31-12
70.874
64.785
59.036
53.263
Op basis van de berekende financieringsbehoefte, de planning en de jaarlijkse aflossingen op leningen is de verwachting dat in 2023 een lening van € 10 miljoen moet worden aangetrokken. Rente-uitgangspunten De gemeente rekent de rentelasten aan de producten toe op basis van een administratieve rekenrente (renteomslag-percentage). Aan de renteomslag ligt het principe van totaalfinanciering ten grondslag. Hierbij is de notitie rente 2017 van de Commissie BBV leidend. Dit betekent o.a. dat geen gedifferentieerde percentages in de rentetoerekening mogen worden toegepast. Een uitzondering hierop vormen:
87
-
projectfinanciering ten behoeve van de financiering van een specifiek project (renovatie gemeentehuis) of specifieke activiteit (doorverstrekte leningen t.b.v. woningbouw en BV Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo);
-
grondexploitaties.
Het renteomslagpercentage wordt berekend door bij de jaarlijkse begroting de verwachte rentelasten te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. Het bij de begroting (voor)gecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,50% worden afgerond. Indien bij de jaarrekening blijkt dat de werkelijke rentelasten meer dan 25% afwijken van de rentelasten die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden is toegerekend, dan is bij de jaarrekening een correctie verplicht. Met ingang van de begroting 2022 wordt er door Venray geen rente meer over het eigen vermogen berekend. Ondanks dat de rente het afgelopen jaar sterk is gestegen is er nog steeds sprake van een historisch lage rentestand. Het renteomslagpercentage in deze begroting 2023 is 1,5%. In de begroting 2022 is dit percentage 1,6%. De rentetoerekening aan de grondexploitaties is gebaseerd op het BBV (notitie grondbeleid). Het renteomslagpercentage grondexploitaties moet op een andere wijze berekend worden dan het hiervoor genoemde renteomslagpercentage. Voor 2023 bedraagt het percentage grondexploitaties 3,1%. Bij de jaarrekening is het zonder meer verplicht om een nacalculatie op dit percentage uit te voeren en het dan berekende percentage toe te passen op de grondexploitaties.
Resultaat treasury De commissie BBv adviseert om onderstaand schema op te nemen in de paragraaf financiering. Het resultaat op treasury is voor het jaar 2023.
Renteschema (x € 1.000)
2023
Rentelasten over de korte en lange financiering
2.467
Rentebaten
-396
Saldo rentelasten en baten
2.071
Eliminatie rente grondexploitaties, projectfinanciering etc.: - Aan grondexploitatie doorberekende rente
19
- Toerekening rente projectfinanciering
-746
- Rentebaten doorverstrekte leningen
396
Niet via de renteomslag door te berekenen rente
-331
Aan taakvelden toe te rekenen rente
1.740
Rente over inzet eigen middelen en voorzieningen
0 1.740
Toegerekende rente Renteresultaat op taakveld treasury Renteomslagpercentage
2.374 634 1,50%
3. Risicobeheersing Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet fido. Hierna wordt verder ingegaan op de risicoaspecten die verbonden zijn aan de gemeentelijke treasuryfunctie. Deze kunnen in beginsel worden onderscheiden in renterisico, kredietrisico, koersrisico en valutarisico. De 2 laatstgenoemde risico’s zijn voor de gemeente Venray niet van toepassing.
88
4. Renterisico In de Wet fido zijn een kasgeldlimiet (korte schuld) en een renterisiconorm (lange schuld) opgenomen, ten einde de invloed van (externe) rentewijzigingen op de financiële resultaten te beperken. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is de norm voor het maximum bedrag waarbinnen de gemeente haar bedrijfsvoering met kortlopende gelden (met een rentetypische looptijd tot 1 jaar) mag financieren en bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal Indien in drie achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet overschreden zou worden, dient de gemeente de drie betreffende kwartaalrapportages aan de toezichthouder toe te zenden, met daarbij een plan om weer te voldoen aan de kasgeldlimiet. In het onderstaande overzicht is de berekening van de kasgeldlimiet opgenomen voor het derde kwartaal 2021 tot en met het tweede kwartaal 2022. Dit overzicht is op verzoek van de provincie Limburg opgenomen. Uit het overzicht blijkt dat de kasgeldlimiet in de laatste twee kwartalen van 2021 en in de eerste twee kwartalen van 2022 niet is overschreden. Dit betekent dat geen risico is gelopen op korte financieringen. Kasgeldlimiet 2022 (Bedragen x € 1.000,-) 1) Berekening kasgeldlimiet 2021: Begrotingstotaal
2021
2022
131.667
133.183
Relevant percentage
8,50%
8,50%
Kasgeldlimiet
11.192
11.321
Kasgeldlimiet 3e kwartaal 2020 t/m 2e kwartaal 2021 3e kwartaal
4e kwartaal
1e kwartaal
2021
2021
2022
2e kwartaal 2022
Vlottende schuld (2)
1.960
1.831
2.388
2.072
Vlottende middelen (3)
14.649
14.723
8.328
12.959
Saldo (4) (=(2)-(3))
-12.689
-12.892
-5.940
-10.887
Kasgeldlimiet (1)
11.192
11.192
11.321
11.321
Ruimte (+) / Tekort (-)
23.881
24.084
17.261
22.208
Risiconorm De renterisiconorm heeft tot doel het beheersen van renterisico’s op de vaste schuld door o.a. het aanbrengen van spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille en daardoor een stabiele rentelast te bewerkstelligen. Dit houdt in dat de jaarlijkse aflossingen op leningen en eventuele renteherzieningen niet méér mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.
89
Uit onderstaand overzicht blijkt dat de renterisiconorm niet wordt overschreden en dus geen renterisico wordt gelopen.
Renterisico (bedragen x € 1.000) Renteherzieningen
2023
2024 0
2025 0
2026 0
0
Aflossingen
5.229
6.089
5.749
5.773
Renterisico
5.229
6.089
5.749
5.773
152.179
155.318
159.318
154.362
20%
20%
20%
20%
30.436
31.064
31.864
30.872
Berekening renterisiconorm: Begrotingstotaal Percentage cf. regeling Renterisiconorm Toetsing renterisico aan de norm: Renterisico
5.229
6.089
5.749
5.773
Renterisiconorm
30.436
31.064
31.864
30.872
Ruimte binnen renterisconorm
25.206
24.975
26.115
25.100
Kredietrisico Kredietrisico op leningen en beleggingen Kredietrisico’s bestaan uit het risico dat uitgeleend / uitgezet geld niet wordt terugontvangen. Deze kredietrisico’s kunnen worden onderscheiden in: • • •
Risico op verstrekte leningen en beleggingen Risico op verstrekte garanties Risico op uitzettingen van gelden uit hoofde van treasury
Kredietrisico op leningen en beleggingen In onderstaand overzicht zijn de leningen verwerkt die door de gemeente zijn verstrekt en de beleggingen. Voor wat betreft de beleggingen is gehandeld in overeenstemming met de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden, ook wel Ruddo genoemd.
Leningen en beleggingen (bedragen x € 1.000)
Verwachte stand per
Risicogroep
1-1-2023
Woningcorporaties Staatsleningen (eurozone) Startersleningen Overige toegestane instellingen volgens Treasurystatuut Totaal
31-12-2023
% per eind 2023
5.565
5.048
37,0%
525
525
3,8%
1.564
1.564
11,5%
6.945
6.508
47,7%
14.598
13.644
100%
Staatsleningen Als gevolg van het in 2013 ingevoerde verplichte schatkistbankieren lopen de beleggingen elk jaar af omdat ze alleen nog mogen worden herbelegd in het kader van de publieke taak. Het merendeel van de resterende beleggingen € 500.000 lopen af in 2025. Overige toegestane instellingen Onder de Overige toegestane instellingen is een lening u/g ad € 5,25 miljoen aan BV Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo opgenomen.
90
Kredietrisico op garanties Garanties kunnen op twee manieren voor komen: 1. Directe garanties. 2. Achtervang. Ad 1. Bij directe garanties staat de gemeente tegenover geldgevers borg voor de betaling van rente en aflossing op langlopende geldleningen die zijn aangetrokken door lokale organisaties, instellingen of verenigingen die activiteiten verzorgen welke in het verlengde liggen van de gemeentelijke publieke taak. In 2017 heeft de gemeente zich garant gesteld voor een 2-tal leningen aan Glasweb Venray. Voor één lening wordt, om te voldoen aan marktconformiteit, een z.g. safe-harbourpremie (opslagrente) in rekening gebracht. Ten einde het risico op een eventueel verlies op deze garantstelling terug te brengen wordt de ontvangen premie niet ten gunste van de exploitatie gebracht maar toegevoegd aan de bestemmingsreserve Garantstelling lening GWV grijs-zwart BV. Ad 2. Achtervang betekent dat de gemeente, al dan niet samen met het Rijk, een rol speelt binnen de zekerheidsstructuur van een waarborgfonds, bijvoorbeeld de Stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Door deze structuur kunnen instellingen die bij een waarborgfonds zijn aangesloten tegen de laagste rente lenen.
Mede vanwege de strenge toetsingscriteria en periodieke toetsing door het fonds, maar ook door de Autoriteit Woningcorporaties, loopt de gemeente Venray hierbij een veel lager risico dan bij directe borgstellingen. Gemeente Venray staat voor € 66 miljoen (incl. budget t/m 2023 € 15 mln.) garant voor leningen die zijn aangegaan door Wonen Limburg. Het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV) houdt namens het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties toezicht op het financiële reilen en zeilen van woningcorporaties. Het financiële toezicht valt onder de Autoriteit Woningcorporaties (AW). Deze AW doet risicogericht onderzoek op een zestal toezichtterreinen, die van invloed zijn op de financiële continuïteit. Voor wat betreft de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) namen het Rijk en de gemeente tot en met 2010 een achtervangpositie in van elk 50%; voor Venray betekent dit dat eind 2023 nog voor een bedrag van € 70 miljoen garant wordt gestaan. Vanaf 2011 neemt het Rijk de achtervang voor 100% voor haar rekening voor garanties afgegeven vanaf 1 januari 2011. De achtervangpositie van gemeenten voor bestaande NHG hypotheken blijft bestaan maar neemt geleidelijk aan af. Tot en met medio 2022 is de gemeente Venray niet aangesproken voor verliezen.
Het totaalbedrag dat door de gemeente via garantstellingen is gewaarborgd bedraagt per eind 2023 naar verwachting circa € 152 miljoen en is naar soort als volgt onderverdeeld:
Geldnemer (bedragen x € 1.000)
Geldgever
Stichting Wonen Limburg Stichting Wonen Limburg
Diverse Diverse
Totaal Stichting Wonen Limburg Overige woningcorporaties Diverse Overige particuliere woningbouw Prov. Limburg Totaal woningbouw Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs Bibliotheken Sportverenigingen Sociaal-culturele instellingen
Waarborg percentage Hoofdsom
Restant lening Door de 31-12gemeente 2023 gewaarborgd
50% 100%
171.733 11.250
126.965 2.245
63.483 2.245
50% 50%
182.984 8.175 855
129.211 7.849 648
65.728 3.924 324
192.014
137.708
69.977
BNG Diverse Diverse Diverse
100% 100% 50%/100% 100%
3.176 353 720 760
2.575 42 483 579
2.575 42 287 579
Volume overige Diverse Glasweb Venray BNG Achtervang Nationale Hypotheek Garantie Diverse
50%/100% 100%
8.469
1.200 7.695
900 7.695
50%
215.000
140.000
70.000
Totaal overige
228.479
152.574
82.079
Totaal generaal
420.493
290.282
152.055 91
5. Kasbeheer Betalingsverkeer De huisbankier van de gemeente Venray is de BNG Bank. Daarnaast heeft de gemeente ook betalingsverkeerrelaties met de Rabobank. Sinds 2013 zijn decentrale overheden op grond van de wet Fido verplicht deel te nemen aan schatkistbankieren. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden verplicht worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Uitgezonderd hierop zijn de middelen onder het drempelbedrag. Het drempelbedrag bedraagt 2% van het begrotingstotaal. Over deze uitgezette gelden wordt geen risico gelopen.
Paragraaf E. Bedrijfsvoering Inleiding Bedrijfsvoering, de sturing en beheersing van de interne organisatie, is noodzakelijk voor het op een gestructureerde wijze realiseren van beleidsdoelstellingen. Dit doen we door onze doelen en de daaruit voortvloeiende opgaven zo eenduidig mogelijk te formuleren en onze beschikbare bedrijfsvoeringsmiddelen zo efficiënt en effectief mogelijk hierop in te zetten. We gebruiken het OverheidsOntwikkel-model (OO-model) als referentiekader voor organisatieontwikkeling. Dit cyclisch kwaliteitsmodel biedt op systematische wijze inzicht in de fase van ontwikkeling van de organisatie, brengt de bedrijfsvoerings-/organisatiegebieden in samenhang, helpt bij resultaatgericht sturen en geeft aan wat er nodig is om naar een meer procesgerichte organisatie te groeien.
Uit: overheidsontwikkelmodel, Bestuursacademie Nederland 1. Doelstelling, status en speerpunten 2022 Wat willen we bereiken? Doelstelling is het realiseren van een procesgerichte organisatie. Dit doen we door middel van organisatieontwikkeling die moet leiden tot de beweging van een activiteitgerichte en beheersmatige organisatie, naar een procesgerichte organisatie die gericht is op ontwikkeling en die sámen met interne en externe partners waarde toevoegt aan de gemeenschap. Verder richten we ons op het verhogen van de kwaliteit van ons werk en verlagen van de kosten en kwetsbaarheid. Waar staan we? Naast een blijvende investering in Medewerkers en Management is de doorontwikkeling van met name Processen en Informatie cruciaal voor een goed functionerende organisatie. Daarin blijven we investeren. Eind 2020 is een plan van aanpak opgesteld voor de verdere doorontwikkeling van de organisatie. Dit bestaat uit een aantal pijlers waar de komende periode het accent op ligt: duidelijke koers met heldere leidende principes, basisprocessen op orde, management development, talentontwikkeling medewerkers, programmeren/prioriteren en control.
92
Wat gaan we doen? Prioriteiten 2023 De vraagstukken waar we als overheid mee worden geconfronteerd, worden steeds complexer en gemeente overstijgend zijn. Dit stelt eisen aan de bedrijfsvoering en de manier waarop gewerkt wordt. Het organisatie ontwikkeltraject is gericht op: • meer klant- en resultaatgericht werken; • klantprocessen efficiënter en effectiever maken; • beter inspelen op de veranderende rol van de overheid en ontwikkelingen in de maatschappij; - doorontwikkeling van competenties van medewerkers • meer structuur in de beheersing van bedrijfsvoering. • 2. Beleid en strategie We realiseren ons dat de rol van de gemeente verandert. We zijn niet meer op alle terreinen bepalend en stimuleren zelfsturingsinitiatieven en nemen daarbij hooguit een faciliterende rol op ons. We blijven investeren in het betrekken van inwoners en vooral ook jongeren bij beleid en politiek. Bij belangrijke onderwerpen maken we de dialoog mogelijk en we nemen een positieve grondhouding aan t.a.v. initiatieven. Speerpunten 2023 Toekomstvisie 'Venray 2030, een belofte voor de toekomst' De herijkte strategische visie is medio 2019 opgeleverd in de vorm van een toekomstvisie 'Venray 2030, een belofte voor de toekomst'. De uitwerking krijgt vorm door beleidsontwikkelingen te koppelen aan de ambities uit de visie.
Informatiebeleidsplan (IBP) 2023 In 2023 stellen we voor de diverse beleidsterreinen geactualiseerde informatie-strategiën op die samen het nieuwe informatiebeleidsplan voor de komende jaren vormen. Naast de verdere intensivering van de samenwerking met Horst aan de Maas, zijn belangrijke onderdelen: • Datagedreven werken • Hybride werken • Digitalisering en robotisering van processen en dienstverlening. Regionale samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering De programmatische samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering met Horst aan de Maas wordt vorm gegeven op basis van de vastgestelde uitvoeringsplannen /projectplannen per vakdomein (HRM, IV, F/P&C en KCC/BZ). Binnen IV is ingezet op een gezamenlijke architectuur, portfoliomanagement, gegevensmanagement, BI en Informatiebeheer en daarnaast op een gezamenlijk beheer en servicedesk. Bij HRM is ingezet op het doorontwikkelen van Youforce, samen vormgeven HR control en afstemmen/harmoniseren van HR beleid, bij F/P&C op het harmoniseren van het WOZ proces, een gezamenlijk financieel beheer en één financieel systeem. Bij KCC is de basis gelegd voor een gezamenlijke visie op dienstverlening, klantcontactstrategie, klantcontactprocessen en platform telefonie. In 2023 wordt de ingezette koers verder doorgezet op basis van vastgestelde jaarplannen.
De evaluatie die eind 2022 wordt opgeleverd vormt de basis voor een eventuele bijstelling of verbreding. De evaluatie heeft betrekking op de bereikte resultaten, de impact op personeel en organisatie, de werking van de samenwerkingsvorm en opbrengsten respectievelijk kosten. Transformatie naar vraaggericht werken Samen met dorps- en wijkraden, initiatiefnemers, ambtenaren, college en raad zijn we in gesprek over ieders rol en de mate van participatie bij vraagstukken en initiatieven vanuit de samenleving. Belangrijk aandachtspunt is ook hoe gemeente en bewoners/partners met elkaar communiceren. Dit moet leiden tot een gezamenlijke visie op participatie en communicatie waarin voor iedereen helder is wat we van elkaar kunnen verwachten. Realiseren klantgerichte dienstverlening Binnen team Burgerzaken is de processpecialisatie gerealiseerd. Zo kunnen we voldoen aan de meer complexere klantvragen en meer maatwerk bieden. Momenteel is er een doorontwikkeling en verdergaande specialisatie tot stand aan het komen. Medewerkers volgen opleidingen, ontwikkelen eigenaarschap, beheersen en onderhouden de processen en behalen een specialistisch kennisniveau. Inmiddels zijn er zeer goede resultaten bereikt in de zelfevaluaties/audits en voldoen we aan de kwaliteitseisen. We moeten dit nu vasthouden en monitoren in 2023.
Daarnaast ligt de focus op een toegankelijke en klantgerichte (online) dienstverlening en de implementatie van live chat als nieuwe dienst binnen het KCC. Centraal staat verder: de samenwerking met Horst aan de 93
Maas op gebied van callcenter en burgerzaken en de visie op dienstverlening. Daarnaast loopt de vernieuwing van de telefooncentrale en het verder vorm geven van het Burgerzaken-team van de toekomst. In de kern zijn we op weg om te kantelen naar een proces- en klantgeoriënteerde dienstverlening. Sturing en beheersing (concern) Vanuit het Koersdocument "Anders in Control" is er continue aandacht voor meer grip/control op de verschillende processen. Naast Risicomanagement en Resultaatmanagement is een adequate informatievoorziening van belang om per beleidsveld de optimale resultaten te bereiken en de juiste sturing te kunnen geven. Vanuit de programma's van het Informatiebeleidsplan wordt de informatievoorziening ondersteund, waarmee in 2023 verder uitvoering gegeven wordt aan de sturing/beheersing van onze dagelijkse processen. Rechtmatigheidsverantwoording Vanaf het begrotingsjaar 2023 is niet langer de accountant verantwoordelijk voor de toets op de rechtmatigheid, maar is het college zelf verantwoordelijk voor het afgeven van een rechtmatigheidsverklaring en –verantwoording bij de jaarrekening. Hiervoor wordt het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) nog in 2022 gewijzigd. De rechtmatigheidsverklaring wordt aangevuld met de bevindingen die gedurende het boekjaar, bij de (verbijzonderde) interne controles zijn geconstateerd.
Het implementatietraject van deze wijziging werd vanaf 2020 al opgepakt. De meest financieel relevante processen werden verbeterd door controlemomenten en -maatregelen vast te leggen. De organisatie is meegenomen in de achtergronden en de verschillende rollen in de processen worden doorleefd om het draagvlak en de bewustwording te vergroten. 3. Management Binnen het Management development programma is aandacht voor het vertalen van de gewenste organisatiekoers naar afdelingen en teams. Een belangrijk uitgangspunt is strategisch personeelsmanagement waarin de komende periode vooral aandacht is voor het ‘vinden, binden en boeien van medewerkers’ en het ‘ruimte geven voor ontwikkeling’ van medewerkers. Het management stuurt op de doorontwikkeling van teams/medewerkers en volgt een leiderschapstraject. 4. Medewerkers Binnen de ontwikkeling van de organisatie zijn medewerkers dé succesfactor. Kennis, houding en gedrag van medewerkers, managers en bestuur bepalen het succes. Het management heeft de belangrijkste kernwaarden voor de organisatie vastgesteld. Deze geven richting aan het gewenste gedrag van medewerkers. In een steeds krapper wordende arbeidsmarkt én een organisatie die vergrijst, is extra aandacht nodig voor vitaliteit, behoud- en ontwikkeling van kennis en verjonging van het personeelsbestand.
Een belangrijk aandachtspunt is strategische personeelsplanning; hoe zorgen we ervoor dat we ook in de toekomst over voldoende gekwalificeerd personeel kunnen beschikken? Dat betekent in ieder geval ook investeren in zittend personeel (loopbaanbeleid, opleiding/training etc.). Mede als gevolg van het thuiswerken is er extra aandacht voor digitale vaardigheden en –vergadertechnieken en is extra aandacht voor de introductie van nieuwe medewerkers. De komende periode wordt veel ingezet op de Venrayse school (een centraal georganiseerd ontwikkelaanbod gericht op kennis en vaardigheden voor medewerkers). Via de Venray Academy bieden we ook online leermogelijkheden aan. 2023
Afdeling
fte vast fte tijd.
2022 fte totaal
fte vast fte tijd.
2021 fte totaal
fte vast fte tijd.
Griffie
3,5
3,5
2,8
2,8
2,8
Secretaris
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
fte totaal 2,8 1,0
Wonen Werken en Leven
117,6
5,8
123,4
105,9
1,0
106,9
104,1
1,0
105,1
Stad Dorpen en Wijken
112,4
4,7
117,1
108,2
1,4
109,6
107,5
2,5
110,0
Bedrijfsvoering
101,9
4,3
106,2
97,4
0,2
97,6
98,5
0,4
98,9
13,5
13,6
13,6
12,5
14,8
364,7
328,9
2,6
331,5
326,4
3,9
330,3
Concern
13,5
Totaal
349,9
12,5
94
Verklaring verschillen: Ten opzichte van 2022 stijgt de begrootte vaste formatie met 21,0 fte. VTH- ontbinding gemeenschappelijke regeling -3,3 GR – commissiegriffier 0,7 WP – werkplein 14,2 BV – diverse functies werkplein 3,5 MON- klantinburgering 0,6 SP – voorzitter SN 0,4 C&V- projectleiders 3,0 MO – beleidsmedewerker 1,0 Budegettair neutrale verschuivingen 0,9 Totaal mutaties in vaste formatie 21,0 De groei van de tijdelijke formatie betreft de invulling van functies die bij de MUIP 2022 zijn goedgekeurd en waaraan destijds een inverdienopgave (taakstelling) was gekoppeld. Bij de vaststelling van het collegeprogramma 2022-2026 is geconstateerd dat recente ontwikkelingen (zoals stikstofcrisis en energiecrisis) en het ambitieniveau voor de komende jaren ertoe leiden dat het inverdienen van deze taakstelling niet meer realiseerbaar is. De inverdienopgave wordt dan ook ingetrokken. Voor deze tijdelijke functies wordt in de loop van 2023 beoordeeld welke structureel noodzakelijk zijn. 5. Financiën Financiën is geen doel op zich maar een middel om de doelen van de organisatie te behalen. De financiële middelen zijn volgend op het beleid maar kunnen daarnaast ook kaderstellend zijn. De financiële ruimte zorgt ervoor dat er keuzes gemaakt moeten worden.
Daarnaast zijn de monitoring en beheersing van overheadkosten een belangrijk aandachtspunt: Door te sturen op een verdere optimalisering van de bedrijfsvoering en de verbetering van (digitale) processen kunnen we de overheadkosten beheersen. Daarnaast kan de samenwerking met andere gemeenten mogelijkheden bieden voor een efficiëntere inzet van middelen. 6. Processen en informatie Informatie Betrouwbare informatie en bijbehorende informatievoorziening geven betere mogelijkheden om complexe maatschappelijke uitdagingen fundamenteel anders aan te pakken. We moeten op elk besturingsniveau kunnen beschikken over de juiste informatie om verantwoording af te leggen, om afgewogen beslissingen te kunnen nemen gericht op het realiseren van onze bedrijfsdoelstellingen en om bedrijfsprocessen te beheersen. Hiervoor moet de Informatiestrategie blijven aansluiten op de strategie van de gemeente Venray. In lijn met deze ontwikkelingen zal het nog op te stellen informatie beleidsplan voor de jaren vanaf 2023 voortgaan op de al lopende sporen uit het Informatiebeleidsplan 2019 – 2022: 1. Blijvend onze basis op orde (vanaf 2019) Het op orde brengen en effectief inzetten van onze systemen, processen en informatievoorziening op een zodanige manier dat we blijvend invulling kunnen geven aan de gewenste ondersteuning en ontwikkeling van onze organisatie.
Dit kan alleen als organisatie en IV met elkaar op de juiste manier verbonden zijn. Dit, tezamen met een verdere doorontwikkeling op Business Intelligence als brug naar Spoor 3, blijven belangrijke speerpunten voor 2023 en verder. Tevens wordt er invulling gegeven aan het Ontwikkelplan Informatievoorziening om binnen het Team Informatievoorziening blijvend de juiste kennis, kunde en capaciteit te hebben om de uitdagingen op digitaliseringsgebied verder te realiseren. 2. Doorontwikkeling organisatie (vanaf 2020) In spoor 2 wordt vastgelegd welke ontwikkeling er van de organisatie en haar medewerkers nodig is om digitaal vaardig en bewust te zijn, toegerust op de verandering in de maatschappij. Kortom vaardigheden van de 21e eeuw. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij actuele vraagstukken zodat het geleerde direct in de praktijk kan worden toegepast. In 2021 is gestart binnen gebiedsgericht werken en het sociaal domein. 3. Datagestuurd werken (vanaf 2020) De juiste informatie op het juiste moment voor de juiste mensen in de juiste samenhang. Slim(mer) omgaan met data leidt tot effectiever beleid (maatwerk) en daarmee tot betere resultaten voor onze samenleving. Op basis van de in 2022 gestarte ontwikkeling van een 95
datastrategie zal verdere invulling worden gegeven aan de ambities van de organisatie. Dit in het verlengde van de doorontwikkeling van onze Business Intelligence (uit Spoor 1) en de doorontwikkeling van onze digitale medewerker (spoor 2). Processen In het streven naar een procesgerichte organisatie staan procesverbeteringen centraal. Hiermee werken we systematisch aan zowel verbetering van prestaties naar klanten, als verbetering van efficiency (tegengaan van verspilling). De opdracht Processen en Informatie zorgt ervoor dat de documentenstroom van binnenkomst tot archivering eenduidig wordt vastgelegd. In 2023 zal naast het vergroten van de bewustwording en kennis over digitaal werken ook een verdere uitrol plaatsvinden. Hiermee wordt een bredere basis gelegd voor het kunnen voldoen aan de Wet Open Overheid (WOO). 7. Resultaatgebieden Een resultaatgerichte organisatie heeft haar ambities vertaald naar concreet te realiseren doelstellingen: prestaties (output) en effecten (outcome). Dit vraagt om een smart vertaling naar indicatoren en doelwaarden, om eenduidige metingen en om actieve sturing op doelrealisatie. In het Collegeprogramma 2018-2022 zijn weer stappen gezet in het concreter formuleren van effecten en prestaties waarmee monitoring van gestelde doelen en daarvoor uitgevoerde activiteiten nog beter mogelijk wordt.
Ook in 2022 werken we aan een verdere doorontwikkeling van sturing/beheersing op basis van de uitgangspunten zoals die zijn vastgelegd in het koersdocument “Anders in control/meer grip op je dagelijks werk”. De informatievoorziening vanuit diverse beleidsvelden wordt hierbij samen met betrokkenen in kaart gebracht en verbeterd. 8. Leren en verbeteren Verbeterpunten in de bedrijfsvoering worden vastgesteld op basis van oorzaakanalyse en worden vervolgens systematisch doorgevoerd. Hierbij vindt prioritering plaats op basis van een integrale afweging. Aanbevelingen uit de managementletter van de onafhankelijke accountant, de verbeterpunten uit rekenkameronderzoeken en de adviezen naar aanleiding van interne controles worden systematisch vastgelegd en gemonitord.
96
9. Overzicht overhead Om de gemeenteraad meer inzicht te geven in de totale kosten van overhead en de vergelijkbaarheid tussen gemeenten te bevorderen wordt conform de BBV een afzonderlijk overzicht van de totale overhead opgenomen. Overhead
Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Bedragen x € 1.000 Overhead excl. reserves
Lasten 17.139
Baten 367
Lasten 19.319
Lasten 20.253
Baten 165
Lasten 19.856
Baten 76
Lasten 20.384
Baten 77
Lasten 20.973
Baten 79
0
1.518
0
760
0
547
0
520
0
493