CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Programmabegroting 2022 def

Gemeenteraad 9 november 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Begroting35.561 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Duurzaam partnerschap met aanbieders en gesubsidieerde instellingen. Afspraken maken met andere verwijzers. -

Het herinrichten van de toegang vormt een deelopdracht van het uitvoeringsprogramma SD. Opdrachtformulering opgesteld en visie op de toegang wordt eind 2021 vastgesteld. Implementatieplan wordt in maart 2022 opgeleverd.

-

Nieuwe inkoopmethodiek per 1 januari 2022. De gunning van de aanbestedingen heeft plaatsgevonden. Nieuwe inkoop gaat o.a. uit van langdurige contracten. Implementatie sturing en inkoop binnen gemeentelijk organisatie is belegd en invoering dient voor 1-1-2022 plaats te vinden.

-

Voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt een samenwerking aangegaan op basis van financiële solidariteit. Dit betekent dat eventuele tekorten als regio worden opgelost.

Bouwsteen Gedrag en Houding De gewenste gedragsverandering bij medewerkers komt onvoldoende tot stand.

Opstellen ontwikkelplan voor medewerkers gericht op het gesprek met de inwoner, de integraliteit en het aansluiten bij de omgeving.

De gemeentelijke visie wordt niet onderschreven door de aanbieders

Meerjarige afspraken maken met aanbieders en maatschappelijke partners waarbij zij het vertrouwen krijgen om te investeren in innovatie. -

Houding en gedrag vormt een deelopdracht van het uitvoeringsprogramma SD. Opdrachtformulering is opgesteld en implementatie in 2021 e.v.

Meerjarige afspraken: zie ook project sturing en inkoop.

Bouwsteen Communicatie

77

Nr.

Potentiële risicogebeurtenis

(Status) beheersmaatregelen

De boodschap komt onvoldoende over

Opstellen communicatiestrategie en instrumenten. 

Communicatie vormt een deelopdracht van het uitvoeringsprogramma SD. Centraal staat daar het meer in gesprek zijn met inwoners. Opdrachtformulering deelopdracht communicatie opgesteld. Verbreding van instrumenten vindt plaats in 2021 e.v.

Bouwsteen Financiën De gerealiseerde uitgaven van het Sociaal Domein Breed overstijgen de begroting.

Monitoren uitgaven SD-breed versus begroting, waarbij de indeling “vangnet” en “omgeving” wordt gehanteerd. Oplevering van de halfjaarrapportage Sociaal Domein.

2

Monitoring uitgaven vindt maandelijks plaats.

-

Nieuwe overlegstructuur ingevoerd op basis van advies taskforce SD.

-

Opzet nieuwe stijl monitor sociaal domein gereed maar concept moet nog met raad besproken worden.

-

Dashboard jeugd en Wmo is opgeleverd.

-

Stimuleringsmaatregelen verkoop kavels (promotie via website en woontafel)

-

Geen betaling waarborgsom is mogelijk

-

Courtageregeling makelaars

Maximale samenwerking door de functies van FG (Functionaris gegevensbescherming), PO (Privacy Officer) en CISO (Chief Information Security Officer).

Jaarlijkse verantwoording over informatieveiligheid, implementatie BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) en privacy via ENSIA (Eenduidige Normatiek Single Information Audit).

Privacy maakt standaard onderdeel uit van projecttoetsing

Het uitvoeren van PIA's (Privacy Impact Assessments).

In kaart brengen overlap verschillende normenkaders en invalshoeken en

2.1 Grondbedrijf Afzet gronden blijft achter bij planning

3

-

4.2 Privacy en Informatiebeveiliging - Vertrouwelijke/gevoelige informatie is beschikbaar bij niet-geautoriseerden (binnen en buiten de organisatie) - Onverantwoordelijk gebruik en uitwisseling van persoonsgegevens en privacygevoelige informatie binnen de organisatie en naar partners. - Niet voldoen aan de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming)

78

Nr.

Potentiële risicogebeurtenis

(Status) beheersmaatregelen implementatie (volgorde) bepalen.

De basis is op orde. Het voldoen aan de AVG is een continu proces. Privacy maakt standaard onderdeel uit van projecttoetsing. Door maatregelen te treffen worden de risico’s geminimaliseerd.

De verantwoordelijkheid voor P&IB bij de proceseigenaren borgen;

Met de komst van de BIO (Baseline Informatie-beveiliging Overheid) in 2020 borgen we de verantwoordelijkheid voor P&IB bij de proceseigenaren;

-

Uitvoeren Privacy en Security awareness trainingen.

Alle medewerkers hebben de securityawarenesstraining gevolgd.

Jaarlijks uitvoeren pentest/ethische hack

Bevindingen worden gebruikt voor aanpassing van bestaande maatregelen en meegenomen in de prioritering van nieuwe maatregelen. 4

Alg. Garantstelling Gemeente wordt aangesproken op inlossen van een garantstelling.

Garantstellingsbeleid actualiseren. Vooralsnog geen prioriteit

- risico's explicieter opnemen - in besluitvorming toelichten waarom risico's al dan niet worden meegewogen. Bewustwording vergroot: in 2021 werden vakafdelingen (garantiehouders) geïnformeerd en werd belang van garantstellingen toegelicht.

Het garantieplafond voor 2022 is € 650.000.

- periodieke rapportage over ontwikkeling risicovolste garantstellingen. Informatieverstrekking vindt per dossier plaats.

Glasweb:

79

Nr.

Potentiële risicogebeurtenis

(Status) beheersmaatregelen

Meest risicovolle garantstelling:

-

Glasweb:

Deze informatie geeft geen aanleiding om aanvullende maatregelen te nemen.

-

-

-

5

Er wordt niet voldaan aan regels voor staatssteun en financieringsconstructies.

Exploitatie valt tegen (minder uptake, meer kosten).

-

Aanvullende informatie inwinnen:

Periodieke rapportage

4 maandelijkse voortgangsrapportage (majeure projecten). -

Bij het opstellen van de begroting was er nog geen zicht op een aanvraag voor Fase 2.

Fase 2.

Alg. Samenwerken/Verbonden Partijen Resultaten van samenwerkingspartners wijken af van lokale doelstellingen.

- Beleid op samenwerking en verbonden partijen opstellen (incl. timing en niveau van informatievoorziening) Nota vizier op samenwerking vastgesteld. Evaluatienota (incl. verbetermaatregelen) opgesteld. Verbetermaatregelen deels doorvoeren. In 2021 werd door de rekenkamer een onderzoek ingesteld naar samenwerkingsverbanden. Het rapport zal in het najaar 2021 beschikbaar komen.

- Per bestaande VP doelen en risico's inventariseren en maatregelen treffen. - Bij het deelnemen in nieuwe VP-eisen stellen aan informatievoorziening. - Onder de noemer "grip op samenwerking" vindt uniforme sturing plaats op de vijf grote gemeenschappelijke regelingen.

Veiligheidsregio: Meest risicovolle Verbonden Partijen in financieel perspectief: Veiligheidsregio: onverwachte gebeurtenissen leiden tot extra budgetaanvraag

Regionale overleggen financieel adviseurs en adviseurs openbare orde en veiligheid per 2 maanden. Oppakken adviezen rekenkameronderzoek Raad geïnformeerd over financiële

80

Nr.

Potentiële risicogebeurtenis

(Status) beheersmaatregelen ontwikkelingen n.a.v. P&C-producten Veiligheidsregio. Invullen van afspraken uit RIB “Grip op samenwerken”. Venray is adoptiegemeente. Ambtenaren betrokken in voortraject beleidsontwikkeling en opstellen P&Cproducten.

NLW: Het transitieplan is afgerond.

Noord Limburg West (NLW): (Bedrijfsvoerings)kosten worden onvoldoende in lijn gebracht met de (korting op de) rijkssubsidie. Begrote opbrengsten worden onvoldoende gerealiseerd (dalende Wswinkomsten en afnemende tewerkstelling van medewerkers)

6

Een nieuwe koers is vastgesteld in de raad van december 2020. Deze koers is voor de periode 2021-2030 en bestaat uit een drietal sporen. Uitvoering WSW, Particiaptiewet dienstverlening aan gemeenten en dienstverlening aan derden. Om de koers te monitoren is een set van KPI’s opgesteld. Als gevolg van de nieuwe koers is een voorstel tot aanpassing van de huidige governance in voorbereiding. Besluitvorming hierover wordt verwacht in de raadsvergadering van december 2021. Concreet komt het neer op een aanpassing in de relatie tussen de NLW NV en de GR en de GR en gemeenten. Een aanpassing van de GR is hiervoor nodig.

Alg. Bestuurders: pensioen/wachtgeld/ nabestaande pensioen en arbeidsongeschiktheid

Door dalende marktrente en actualisatie sterftetabel (nu 2005-2010) moeten extra stortingen in de pensioenvoorziening worden gedaan om deze op niveau te houden.

Onderbrengen bij pensioenfonds

Bestuurders stappen voortijdig op en maken aanspraak op wachtgeld

Aanbieden outplacementtraject om wachtgeldperiode te bekorten.

Bestuurders komen te overlijden of raken arbeidsongeschikt

Risico’s verzekeren

In het verleden werd aangekondigd dat de pensioenen voor bestuurders gefaseerd overgedragen zouden worden aan een landelijk fonds. Hierover is echter nog steeds geen concrete info beschikbaar. Gezien de lastige materie is het niet de verwachting dat dit op korte termijn zal plaatsvinden.

Het overlijdensrisico voor bestuurders is m.i. 2021 verzekerd.

81

Nr.

Potentiële risicogebeurtenis

(Status) beheersmaatregelen

7

Alg. Rijksinkomsten: algemene uitkering

De afhankelijkheid van de rijksbijdrage is per definitie een risicofactor. M.i.v. 2023 zal een herijking van het Gemeentefonds plaatsvinden.

Bijhouden van ontwikkelingen in het Gemeentefonds. Op basis van de voorlopige cijfers zijn de financiële effecten voor Venray vanaf 2023 marginaal.

. M.i.v. 2022 ontstaan extra tekorten op de Jeugdzorg omdat de (administratief) toegezegde extra middelen niet worden ontvangen. 8

Voor 2022 krijgen we compensatie. Voor 2023 is het nog afwachten welke besluiten het nieuwe kabinet gaat nemen.

Alg. Impact COVID-19

De uitbraak van COVID-19 heeft vanaf maart 2020 tot hogere kosten op de diverse beleidsterreinen geleid. De effecten voor 2022 e.v. jaren beperken zich, zoals we nu kunnen overzien tot het sociaal domein.

Bijhouden en monitoren gevolgen en effecten van COVID-19 In 2020/2021 werden impactanalyses opgesteld en werd uitvoering gegeven aan de compensatiemaatregelen van het rijk en werden aanvullende middelen beschikbaar gesteld voor het economische en maatschappelijke veld om de gevolgen voor de Venrayse samenleving te beperken. Begin 2022 zal er een slotrapportage gepresenteerd worden, zullen de ontwikkelingen gevolgd worden en zal er, indien nodig, afgewogen worden of nog ondersteuning op specifieke beleidsterreinen nodig is.

Risico-ontwikkeling In het risicobeleid is aangegeven dat niet alle risico’s een financieel gevolg hoeven te hebben. Risico’s kunnen ook imagoschade en negatieve effecten hebben op het realiseren van (maatschappelijke) doelstellingen. De financieel gecalculeerde risico’s hebben zich als volgt ontwikkeld: Stand ultimo (bedragen x € 1.000)

2021

2022

2023

2024

2025

Algemeen

5.982

6.189

5.413

5.764

5.657

Grondbedrijf

995

1.013

1.025

1.045

1.050

6.977

7.202

6.438

6.809

6.707

Totaal

Ten opzichte van de begroting 2021 zijn de risico’s voor de gehele planperiode afgenomen. Dit wordt veroorzaakt door de (dalende) impact van COVID-19 en lagere risico’s voor het grondbedrijf.

82

Algemene dienst Stand ultimo

2021

(bedragen x € 1.000) Sociaal domein

2022

2023

2024

2025

4.082

3.607

3.292

3.292

3.292

Garanties

675

630

587

547

507

Verbonden partijen

544

544

544

544

544

Pensioen/arbeidsongeschiktheid bestuurders

475

475

475

475

475

Herijking gemeentefonds

pm

pm

pm

pm

pm

2.220

1.517

1.053

890

787

Impact COVID-19 Diversen

338

338

338

338

338

8.335

7.112

6.289

6.086

5.943

Risico's doen zich niet in 1 jaar voor

-2.084

-1.778

-1.572

-1.521

-1.486

Niet geïdentificeerde risico's

1.200

1.200

1.200

1.200

1.200

Opvangen risico's in exploitatie

-1.469

-344

-504

0

0

Totaal algemene risico's na correctie

5.982

6.189

5.413

5.764

5.657

Totaal algemene risico's Correcties cf risicobeleid:

De impact van COVID-19 voor het sociaal domein, zal naar verwachting nog doorwerken in 2022 en volgende jaren. Hoewel de risico’s voor het sociaal domein in de afgelopen jaren zijn toegenomen, krijgen we steeds beter inzicht en grip op indicatiestellingen en dus het realiteitsgehalte van de budgetten. Daarnaast zijn we beter in staat om adequate maatregelen te treffen bij dreigende overschrijdingen. Vanaf 2024 worden de risico’s minder opgevangen door exploitatie-overschotten omdat voor de periode 2021-2025 wordt uitgegaan van sluitende begrotingen. Grondbedrijf Stand ultimo

2021

(bedragen x € 1.000)

2022

2023

2024

2025

Projectspecifieke risico's/ramingsonzekerheden

748

762

771

786

790

Marktrisico

247

251

254

259

260

0

0

0

0

0

995

1.013

1.025

1.045

1.050

Risico ontwikkelbedrijf Greenport Totaal risico's

Het risico voor het grondbedrijf bestaat uit een cumulatie van de risico's per project. In de bovenstaande tabel is zichtbaar dat in de jaren 2021 t/m 2025 het risico minimaal (met € 55.000) stijgt. Voor de berekening van de benodigde reserve van het ontwikkelbedrijf Greenport is uitgegaan van de risicoanalyse van het Ontwikkelbedrijf zelf tegen 5,4% (aandeel gemeente). De reserve heeft de nu gewenste stand bereikt en derhalve geen dotatie meer in de latere jaren. 4. Weerstandscapaciteit Stand ultimo (bedragen x € 1.000)

2021

2022

2023

2024

2025

Algemene reserve (vrij)

9.212

9.212

9.212

9.212

Risicoreserve grondbedrijf

5.920

7.159

6.768

6.377

9.212 5.989

Weerstandscapaciteit

15.132

16.371

15.980

15.589

15.201

Streefwaarde weerstandscapaciteit

12.000

12.000

12.000

12.000

12.000

Tekort/overschot streefwaarde

3.132

4.371

3.980

3.589

3.201

De netto weerstandscapaciteit blijft gedurende de planperiode nagenoeg gelijk. De streefwaarde van € 12 mln. wordt ruim gehaald. Hierna volgt een nadere specificatie en toelichting op de ontwikkeling van de twee onderdelen.

83

Algemene reserve Stand ultimo

2021

(bedragen x € 1.000)

2022

2023

2024

2025

Algemene reserve (adm) stand 31-dec-2020

19.621

14.444

11.539

9.662

9.237

Raadsbesluiten t/m 30-04-2021

-3.641

-1.350

-450

-50

-25

-50

-50

-3.832

-1.827

-400

9.212

9.212

9.212

Raadsbesluiten 11-05-2021

-352

Resultaatbestemming 2020 (besluit 6 juli 2021)

2.585

Opheffing parkeerreserve (besluit 6 juli 2021)

559

Budgetoverhevelingen 2020 (besluit 6 juli 2021)

-570

Vrijval overheveling restant expl.budget (idem)

62

Storting in reserve overheveling expl.budgetten

-2.343

1e bijstelling 2021 (besluit 6 juli 2021)

-2.539

MUIP 2022 e.v. (besluit 6 juli 2021)

-3.832

Mutaties 2e berap 2022

-338

Algemene reserve (vrij)

9.212

In de Kadernota 2022 werd abusievelijk de storting en de vrijval uit de ‘reserve overheveling restant exploitatiebudgetten’ niet meegenomen en was het bedrag van de raadsbesluiten t/m 3004-2021 voor € 50.000 te hoog opgenomen. Ook de tot nu toe bekende mutaties voor de 2e berap 2021 zijn in het overzicht reeds meegenomen. Daardoor is het vrij-besteedbare deel van de algemene reserve nu lager dan in de Kadernota was aangegeven. Risicoreserve grondbedrijf Stand ultimo (bedragen x € 1.000)

2021

2022

2023

2024

2025

Saldo per 1-1

5.022

5.920

7.159

6.768

Winstnemingen

1.239

1.797

7

1

9

Onttrekkingen

-341

-558

-398

-392

-397

5.920

7.159

6.768

6.377

5.989

Saldo per 31-12

6.377

De winstnemingen zijn het totaal aan winstnemingen van gronden in exploitatie en winst uit verkoop van restkavels (afgesloten exploitaties). Bij gronden in exploitatie is rekening gehouden met tussentijdse winstnemingen gebaseerd op de POC methode die is voorgeschreven door de commissie BBV. Voor een specificatie van de verwachte winstnemingen per grondexploitatie zie paragraaf G. De onttrekkingen zijn onder andere de afboeking van niet door te berekenen algemene kosten van het Grondbedrijf en de bijdrage aan voorzieningen van verliesgevende exploitaties. Daarnaast is voor 2022 een incidentele onttrekking opgenomen van € 300.000 om de risicoreserve af te romen, aangezien de omvang van de reserve fors hoger is dan de berekende risico's. 5. Financiële kengetallen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven dat gemeenten een basisset van vijf financiële kengetallen opnemen in de programmabegroting en programmaverantwoording. De kengetallen moeten het de gemeenteraad gemakkelijker maken om inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente en ook het vergelijken met andere gemeenten gemakkelijker maken. De kengetallen drukken een verhouding uit die zichtbaar is op de balans en in de begroting. Door het BBV is geen norm vastgesteld waarmee de uitkomsten van de vijf kengetallen vergeleken moeten worden.

In de toelichting op de regeling is opgenomen dat deze beoordeling van de financiële positie is voorbehouden aan het horizontale controle- en verantwoordingsproces. Met andere woorden: gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor de interpretatie van hun financiële positie.

84

9.212

Een afzonderlijk kengetal moet altijd in relatie worden gezien en beoordeeld in samenhang met andere kengetallen, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een beeld geven van de financiële positie van een gemeente. De hoogte van de schulden moet bijvoorbeeld in samenhang gezien worden met de hoogte van het eigen vermogen (ratio solvabiliteit) en de hoogte van de structurele baten (ratio structurele exploitatieruimte). De uitkomsten van de kengetallen zijn daarnaast ook van belang voor de provinciale toezichthouder om beter inzicht te krijgen in de financiële situatie en risicopositie van een gemeente. In onderstaand overzicht zijn de kengetallen voor Venray opgenomen. Ter vergelijking zijn de signaleringswaarden opgenomen die de provincie Limburg hanteert. Deze signaleringswaarden zijn gebaseerd op het ‘Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader 2020’ gemeenten. Tevens zijn de landelijke gemiddelden opgenomen voor gemeenten met 20.000 – 50.000 inwoners. Deze percentages zijn afkomstig van de site ‘Data Financiën Decentrale Overheden’. Omdat de begrotingen 2022 – 2025 natuurlijk nog niet bekend zijn, is de jaarschijf 2022 uit de begrotingen 2021 – 2024 gehanteerd.

85

Verloop kengetallen

Financiele kengetallen

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Grondexploitatie

Belastingcapaciteit

Jaarreke ning 2020

56%

44%

30%

2%

-1%

98%

Begroting 2021

99%

87%

21%

0%

1%

99%

2022

106%

94%

20%

0%

2%

98%

2023

111%

100%

16%

-1%

0%

100%

2024

107%

96%

16%

0%

0%

99%

2025

Begroting 2022 Venray t.o.v. signaleringswaarde provincies

100%

90%

16%

-1%

0%

99%

Signaleringswaarde gemeenschappelijk toezichtskader Provincies

Gemeenten 20.000 50.000 inwoners o.b.v. begroting 2021 jaarschijf 2022*

Cat. B

Cat. A: < 90% minst risicovol Cat. B: 90 - 130% neutraal Cat. C: > 130% meest risicovol

72%

Cat. B

Cat. A: < 90% minst risicovol Cat. B: 90 - 130% neutraal Cat. C: > 130% meest risicovol

66%

Cat. B

Cat. A: > 50% minst risicovol Cat. B: 20 - 50% neutraal Cat. C: < 20% meest risicovol

31%

Cat. B

Cat. A: > 0% minst risicovol Cat. B: = 0% neutraal Cat. C: < 0% meest risicovol

0%

Cat. A

Cat. A: < 20% minst risicovol Cat. B: 20 - 35% neutraal Cat. C: > 35% meest risicovol

9%

Cat. B

Cat. A: < 95% minst risicovol Cat. B: 95 - 105% neutraal Cat. C: > 105% meest risicovol

103%

* = Volgens de site Findo.nl (Data Financien Decentrale Overheden). Gebaseerd op de begroting 2021.

86

Netto schuldquote

Geeft inzicht in het niveau van de schulden van de gemeente ten opzichte van het totaal van de inkomsten (exclusief mutatie reserves). De hoogte van de inkomsten bepaalt namelijk in belangrijke mate hoeveel schulden een gemeente kan dragen. Een schuldquote tussen 0% en 100% wordt als gangbaar beschouwd. Voor een gemeente geldt als indicatie voor een zeer hoge schuld als de schuldquote boven de 130% uitkomt. Dus hoe lager het percentage hoe beter. De netto schuldquote van Venray bevindt zich voor 2022 in categorie B van de signaleringswaarde van de provincie Limburg. Dit betekent een neutraal risicoprofiel en bevindt zich daarmee binnen de bandbreedte die als gangbaar wordt beschouwd. Meerjarig is een stijging van de schuldquote waarneembaar. Dit wordt (cijfermatig) veroorzaakt door de toename van de boekwaarden van de vaste activa door de verwachte investeringen. Zie voor nadere toelichtingen op de voorgenomen investeringen de paragraaf H Investeringen en majeure projecten. Gemeenten in de grootteklasse 20.00 – 50.000 inwoners ramen gemiddeld een schuldquote van 72%. Let wel dit is gebaseerd op de jaarschijf 2022 uit de begrotingen 2021 - 2024. Zoals gezegd betreft dit een gemiddelde van veel gemeenten. Zonder een nader en diepgaand onderzoek (indien dit al mogelijk is) is het niet mogelijk hieraan conclusies te verbinden.

Terugkijkend naar de jaarrekeningen van voorgaande jaren is waar te nemen dat over het algemeen de ratio’s in de begrotingen minder goed zijn dan de ratio’s in de realisatie volgens de jaarrekeningen van die jaren. Een hoge netto schuldquote hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Of dat het geval is valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf, maar hangt af van meerdere factoren. Zo kan een hoge schuld worden veroorzaakt doordat er leningen zijn afgesloten en die gelden vervolgens worden doorgeleend aan bijvoorbeeld woningbouwcorporaties die op hun beurt weer jaarlijks aflossen. In dat geval hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). 

Netto schuldquote, gecorrigeerd met verstrekte leningen

In dit onderdeel worden de doorgeleende leningen in mindering gebracht op de totale leningen. De netto schuldquote exclusief de doorgeleende leningen ligt vanzelfsprekend lager dan de eerder gepresenteerde netto schuldquote inclusief verstrekte leningen. De netto schuldquote exclusief de doorgeleende leningen bevind zich voor het jaar 2022 in de categorie B. 

Solvabiliteit

Geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen (weerbaarheid). De solvabiliteitsratio is het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves). De solvabiliteitsratio van Venray bevindt voor het jaar 2022 op 20% en daarmee net binnen de neutrale categorie volgens de signaleringswaarde van de provincie Limburg. In 2023 en verder neemt de ratio volgens de begrotingscijfers af naar 16%. Dit komt onder meer door een toename van het balanstotaal door de toename van de activa door investeringen. Tevens is van invloed dat in de jaren vanaf 2023 bewust is gekozen voor een niet sluitende begroting. De negatieve resultaten van deze jaren komen daardoor (cijfermatig) ten laste van het eigen vermogen. Gemeenten in de grootteklasse 20.00 – 50.000 inwoners hebben gemiddeld een ratio van 31%. Zoals voorgaand opgemerkt is het zonder een nader en diepgaand onderzoek (indien dit al mogelijk is) niet mogelijk hieraan conclusies te verbinden. Zoals eerder geschreven dient deze ratio in samenhang met de andere ratio’s beoordeeld te worden. Uit de voorgaande toelichtingen in deze paragraaf blijkt dat het weerstandsvermogen goed te noemen is.

87

Over het algemeen zijn de ratio’s in de werkelijkheid bij de betreffende jaarrekening beter dan bij de begrotingen. • Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte is om de structurele lasten te kunnen dragen. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Hoe hoger het kengetal hoe beter. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Voor het jaar 2022 wordt een ratio van 0% verwacht en is dus sprake van de categorie B neutraal. Voor het jaar 2023 is sprake van een negatieve ratio. Dit komt onder meer doordat in de jaren na 2022 sprake is van een niet sluitende begroting. 

Grondexploitatie.

Geeft weer hoe de waarde van de grond (grondpositie) zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten (exclusief mutatie reserves). Voor de berekening van dit kengetal worden de bouwgronden in exploitatie bij elkaar opgeteld en gedeeld door de totale (geraamde) baten. Het kengetal grondexploitatie van Venray bevindt zich in de minst risicovolle categorie van de signaleringswaarde van de provincie Limburg. De grondpositie vormt dan ook een gering deel van de totale baten en is dan ook als goed te beschouwen. •

Belastingcapaciteit.

Geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente Venray zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Uitgangspunt zijn de woonlasten meerpersoonshuishouden van het voorafgaande jaar. Het kengetal belastingcapaciteit van Venray bevindt zich in de neutrale categorie van de signaleringswaarde van de provincie Limburg. Gebaseerd op deze ratio betekent dit dat Venray, indien geconfronteerd met grote financiële tegenvallers, de ruimte heeft om de belastingen te verhogen. Conclusie financiële kengetallen Ten opzichte van de signaleringswaarde van de provincie Limburg (gemeenschappelijk toezichtkader) bevinden zich de ratio’s, met uitzondering van de ratio grondexploitatie, in 2022 in de neutrale categorie. Meerjarig zijn verslechteringen zichtbaar die onder meer komen door het investeringsniveau en de meerjarig niet sluitende begrotingsresultaten vanaf 2023. Uit de voorgaande toelichtingen in deze paragraaf blijkt daarnaast dat er sprake is van een goed weerstandsvermogen. De weerstandsnorm bevindt zich in alle jaren ruim boven de 2.

88

Paragraaf C. Onderhoud kapitaalgoederen Deze paragraaf gaat in op het beleidskader en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties met betrekking tot de “grotere” kapitaalgoederen in onze gemeente. Onder Kapitaalgoederen verstaan we “duurzame productiemiddelen”: de spullen die we nodig hebben om de diensten en goederen die wij aan onze burgers leveren te produceren. Daarbij gaat het om grotere goederen die meerdere jaren meegaan en veel waarde hebben. Hierbij moet worden gedacht aan de kosten van instandhouding van wegen, verlichting, riolering, groen, sportfaciliteiten en gebouwen (inclusief de scholen). In de kosten voor het onderhoud van de kapitaalgoederen zijn meegenomen: reguliere kosten, dagelijks (klein) onderhoud en groot onderhoud. Een groot deel van het “vermogen” van onze gemeente ligt in de grond of op het openbaar gebied. Het is dan ook van belang dat hierover een zorgvuldig beheer wordt gevoerd. Met het onderhoud van kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Om die reden dienen de kosten van de instandhouding dan ook hun weerslag te vinden in onderhoudc.q. beheerplannen. De vaststelling hiervan is voorbehouden aan de raad. Hiermee wordt invulling gegeven aan het dualisme namelijk kaders stellen voor het onderhoud van wegen, riolering, gebouwen enz.

Onderhoud van en investeringen in kapitaalgoederen worden integraal uitgevoerd door alle disciplines binnen de openbare ruimte, om te zorgen dat de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk worden ingezet en de overlast van de burgers tot een minimum wordt beperkt. Daarnaast worden de bewoners, dorps- en wijkraden en gebruikers betrokken bij het maken van het ontwerp en wordt zelfwerkzaamheid meegenomen in de uitvoering. Op deze manier van werken wordt uitvoering gegeven aan zelfsturing en wordt de betrokkenheid bij de openbare ruimte vergroot. Deze werkwijze zorgt er ook voor dat de planning uit de individuele beheersplannen wordt aangepast om meer synergie te behalen en/of integrale uitvoering mogelijk te maken. Hierdoor kunnen plannen naar voren of achteren schuiven of prioriteiten worden aangepast, zodat onderhoud niet of anders wordt uitgevoerd. Deze paragraaf geeft invulling aan het onderhoud van de kapitaalgoederen. De investeringen zijn opgenomen in paragraaf H. De omvang van de kapitaalgoederen wordt geïllustreerd weergegeven in onderstaande tabel door de volgende cijfers: Omschrijving

Hoeveelheid

Oppervlakte van de gemeente Venray (ha) Verharde en onverharde wegen (m2)

16.500 3.890.234

Aantal lichtmasten

9.256

Aantal kolken

19.080

Aantal pompen en gemalen

715

Vrijverval riool (km)

375

Persleiding (km)

195

Bos. incl. natuurterreinen (ha)

1.380

Beplanting/openbaar groen (m2)

560.468

Gras/openbaar groen, excl. bermen buitengebied (m2)

1.308.065

Artikel 12 van het BBV schrijft expliciet voor dat van de kapitaalgoederen moet worden aangegeven: - Het beleidskader; - De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; - De vertaling van de financiële consequenties in de begroting. Wij zullen nader ingaan op de volgende onderdelen:  Onderhoud wegen.  Onderhoud riolering.  Onderhoud haven.  Onderhoud openbaar groen.  Onderhoud bossen, natuurgebieden en landschappelijke elementen.  Onderhoud openbare verlichting.  Onderhoud gebouwen. 89

Voor deze onderdelen zijn de volgende beheerplannen actueel: Beheerplan Vastgesteld in Looptijd t/m

Financiële vertaling in begroting

Achterstallig onderhoud

Wegen

2021

2025 Ja

Ja

GRP

2021

2025 Ja

Nee

Havenbeheerplan

2021

2025 Gesloten systeem met vaste jaarlijkse bijdrage aan algemene dienst

Nee

Groenbeheerplan

2019

2025 Ja

Nee

Beheerplan onkruid op verharding

2017 Geen einddatum

Bossen

2014

2020 Gesloten systeem

Nee

Openbare Verlichting

2021

2026 Ja

Nee

Gebouwen

2021

2030 Deels

Nee

Ja

Nee

Bijzonderheden Wegen Voor 2022 staat weer een aantal reconstructies op de planning. Grote projecten die in 2022 gaan lopen, zijn herinrichting fase 5 en 6 Blitterswijck, Overloonseweg en de Witte Venneweg. Daarnaast is in de 2de helft van 2021 begonnen met het nieuwe wegenbeleidsplan. Binnen het asfaltonderhoud zullen we, net als in 2021, ook in 2022 een aantal verkeerskundige maatregelen meenemen, op een aantal wegen in Venray. Hiermee kunnen we voldoen aan de in september 2019 vastgestelde netwerknota. Deze maatregelen bestaan uit het realiseren van plateau's, rode fietsstroken en getrapte fietsoversteken ter plaatse van kruisingen. Riolering Een aantal grotere projecten die in 2022 aan de orde komen zijn: de klimaatadaptatie Blitterswijck (in combinatie met de wegreconstructie) Stationsweg (in combinatie met wegreconstructie) Overloonseweg (in combinatie met wegreconstructie) renovatie van plusminus 60 drukrioolgemaaltjes voorbereidingen voor klimaatadapatie van een aantal straten in Landweert en Brukske. Haven 2022 is het eerste jaar van het nieuwe havenbeheerplan. Grote investeringen staan, na de uitbreiding van de westelijke insteekhaven en de gebiedsontwikkeling, niet op stapel. De werkzaamheden richten zich voornamelijk op het uitvoeren van noodzakelijk onderhoud.

Openbaar Groen De gevolgen van (extreme) droogte en hoge temperaturen op het openbaar groen kan betekenen dat er meer uitval is dan gemiddeld. Na extreem droge jaren kunnen de gevolgen pas op latere termijn zichtbaar worden. Dit kan er voor zorgen dat er in 2021/2022 meer uitval is dan voorzien waardoor het beschikbare budget onder druk kan komen te staan. Ook kan de droogte betekenen dat de levensduur van bomen / plantsoenen wordt verkort en eerder aan vervanging toe is. Bossen, Natuurgebieden en Landschappelijke elementen Door de aanhoudende droogte van afgelopen jaren hebben een aantal boomsoorten in de gemeentelijke bossen het zichtbaar moeilijk. De uitval onder bomen is meer dan normaal. Er is nog onvoldoende inzicht of herstel middels het reguliere beheer en financiële middelen kan worden opgevangen. De gevolgen voor bos en natuurterreinen bij aanhoudende droogte, maar ook van andere aspecten zoals stikstofdepositie zijn niet goed te voorspellen. Openbare verlichting

90

In 2022 gaan we verder met het vervangen van conventionele verlichting voor LED-verlichting. Op alle nieuw te plaatsen armaturen worden dimmers geplaatst om extra energiebesparing te realiseren. Daar waar mogelijk zal dynamische verlichting toegepast worden. Uit te voeren werken voor 2022:  In Blitterswijck zal alle verlichting binnen het project “Klimaat adaptatie” voorzien worden van LED armaturen met dimmers volgens de nieuwe normen.  Voor 2022 zal een vervangingsplan gemaakt worden om alles te verlichten volgens de nieuwe normen. De exacte locaties zijn nu nog niet bekend, maar het zal gaan om ongeveer 500 armaturen. Met het vervangingsplan 2022 kunnen we hier een besparing uit halen van +/- 37.000 kWh, wat neer komt op een vermindering van bijna 16 ton CO2.  Mogelijk dat de verlichting in het centrum, kernwinkelgebied, vervroegd vervangen zal worden vanwege de vele storingen en het hoge energiegebruik. Deze worden dan vervangen door LED met dynamische besturingsmogelijkheden en dimmers, zoals het verhogen van het verlichtingsniveau bij calamiteiten of evenementen.  Er zal één project uitgevoerd worden in het kader van bijzondere verlichting. Gebouwen Instandhouding, beheer en verduurzaming Team vastgoed beheer, verhuurd, exploiteert en onderhoud gemeentelijke vastgoed (gebouwen, objecten en voorzieningen).

De prioriteit ligt bij de continuïteit van het planmatig onderhoud en daarnaast zetten we ook in 2022 in op de verduurzaming van ons vastgoed en de technieken die ons hierbij kunnen helpen. In 2022 maken we ook de stap van een operationeel / tactisch naar een meer tactisch / strategisch vastgoedbeheer. Om de hiervoor genoemde doelstellingen te behalen zal er onderzoek plaatsvinden op de vastgoedontwikkelingen. Deze geven richting en input voor de (strategische) koers voor de komende jaren. Verduurzaming De gemeente onderneemt acties in verduurzaming van de gebouwen die zij zelf beheert, en daarnaast ontplooien beheerders van de gemeentelijke gebouwen (die zijn geprivatiseerd) ook acties in verduurzaming (middels aanschaf zonnepanelen, led-verlichting of door duurzame materialen die daardoor minder onderhoud behoeven. Zo is al uitvoering gegeven aan de plaatsing van zonnepanelen op het gemeentehuis en zo zal in 2021/2022 de binnenverlichting van het gemeentehuis worden vervangen door ledtechniek. In 2022 zullen nog verdere verduurzamingsprojecten voor overige gemeentegebouwen worden uitgerold. Meerjarig onderhoud (2019 - 2029) In 2020 is de onderhoudssituatie van de gemeentelijke gebouwen opnieuw in kaart gebracht en in meerjarige onderhoudsrapportages (MJOP 2020-2029) vastgelegd. Deze MJOP’s zijn in 2021 door de raad vastgesteld.

Daardoor kan vanaf 2021 weer planmatig uitvoering worden gegeven aan het onderhoud van ons gemeentelijk vastgoed. De in 2021 vastgestelde plannen zijn tevens de opmaat naar ‘duurzame meerjaren-onderhoudsplannen’ die we binnen de komende onderhoudscyclus gaan ontwikkelen. Deze hangen we op aan een ‘strategische visie’. In deze strategische visie nemen we naast maatschappelijke belangen ook financiële- en strategische belangen op zodat we meer in samenhang gaan sturen op (het beheer en de verdere verduurzaming van) ons vastgoed. De hiervoor genoemde trajecten zullen starten in het najaar van 2021 en in 2022 de boventoon voeren. 1. Onderhoud wegen (programma 3) Doel Instandhouding van het verharde wegennet, zodanig dat de mobiliteit van de gebruikers gewaarborgd en van voldoende comfort blijft. De streefkwaliteit voor wegen is B. Voor fietspaden en het centrumgebied wordt A nagestreefd. Het minimale onderhoudsniveau mag daarbij nooit lager worden dan niveau C. Beleidskader In Venray wordt de strategie toegepast dat het juiste onderhoud op het juiste tijdstip wordt uitgevoerd, om een zo rendabel mogelijk beheer van de verhardingen te realiseren. In het huidige beleidsplan, is aangegeven dat veel gebruikte verhardingen een hoger kwaliteitscijfer mogen hebben dan minder of niet gebruikte verhardingen. Er is gekozen voor gedifferentieerde kwaliteit,

91

waarbij extra aandacht besteed zal worden aan de verhardingen in de centra van Venray en kerkdorpen en verhardingen ten behoeve van de voet- en fietspaden. In 2016 is het huidige beleidsplan vastgesteld. In de monitoring van 2018 is nog een aanvulling op het wegenbeleidsplan gekomen, rijbanen en goten worden binnen de bebouwde kom in het vervolg uitgevoerd in gebakken klinkers. Enkele stroomwegen binnen de bebouwde kom zullen voortaan onderhouden worden met Steen Mastiek Asfalt (asfalt met een open structuur die zorgt voor geluidsreductie ten opzichte van dicht asfalt beton). In 2021 zal een nieuw wegenbeleidsplan worden opgesteld. Door eerdere bezuinigingen is de kwaliteit van het wegennet achteruit gegaan, zodat er sprake is van achterstallig onderhoud. De komende jaren wordt een inhaalslag gemaakt. Op die manier wordt voorkomen dat onacceptabele en onveilige situaties ontstaan en wordt het achterstallig onderhoud weggewerkt. Bij werkzaamheden wordt telkens gekozen voor een zo integraal mogelijke aanpak van alle werkzaamheden, waaronder riolering, verkeer, groen en openbare verlichting. Bij totale vervanging van de wegverharding worden aparte kredieten aangevraagd, vaak in combinatie met rioolvervanging en aanleg verkeersmaatregelen.

Het dagelijks onderhoud wordt uitgevoerd op basis van inspecties en periodieke schouwen door de weginspecteurs en eigen waarnemingen van beheerders en toezichthouders. De resterende noodzakelijke reparaties worden uitgevoerd n.a.v. klachten en meldingen van derden. Investerings- en onderhoudsbudgetten worden jaarlijks voor de eerst volgende 4 jaar vastgesteld, zoals de monitoring van 20 juni 2019. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in wegen en verkeersmaatregelen zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Lasten wegen en verkeer

4.139

4.391

4.631

4.924

2. Onderhoud riolering (programma 3) Doel Het doel is een goede onderhoudstoestand van het rioolstelsel. Bestaande riolen worden gerepareerd, versleten riolen vervangen of gerelined. Maatregelen worden getroffen om de gevolgen van de klimaatveranderingen te voorkomen of beperken. Hierdoor is het rioolstelsel ook op lange termijn geschikt voor het afvoeren van afvalwater en hemelwater. Beleidskader Het beleidskader is vastgelegd in het GRP 2018-2021. Dit Gemeentelijk Rioleringplan wordt in 2021 geactualiseerd. De bedragen die nu zijn aangegeven zijn daardoor indicatief en worden mogelijk bij de behandeling van het GPR in het najaar door de gemeenteraad aangepast. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in riolering zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Lasten riolering

1.520

1.549

1.582

1.689

3. Onderhoud haven (programma 3) Doel Om de haven in een goede conditie te houden moet er regelmatig onderhoud plaatsvinden. Bijvoorbeeld moet de haven op de goede diepte worden gehouden. Kades moeten indien nodig worden gerepareerd of vervangen. Beleidskader Het kader voor het onderhoud en vervangen wordt gevormd door het havenbeheerplan. De laatste versie dateert inmiddels van 2016. Omdat in 2021 de laatste werkzaamheden voor de uitbreiding van de insteekhaven en de gebiedsontwikkeling plaatsvinden is besloten om de actualisatie uit te stellen tot 2021. In dit plan worden de onderhoudsmaatregelen en de investeringen op een rij 92

gezet, en wordt het havengeld voor de komende jaren bepaald. Het lastenoverzicht is daardoor indicatief en mogelijk aan verandering onderhevig. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in de haven zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Lasten industriehaven en jachthaven

58

82

63

58

4. Onderhoud openbaar groen (programma 2) Doel Het in stand houden en verbeteren van de openbare groenvoorzieningen, om een comfortabel leefklimaat te handhaven. Hierbij worden, met gericht beheer en onderhoud de verschillende functies van het openbaar groen, zoals aankleding, afscherming en verkeersgeleiding gewaarborgd. Beleidskader Het openbaar groen maakt integraal deel uit van het algeheel stedelijk woon- en leefklimaat. Om zowel de visueel/ruimtelijke, gebruiks- als ecologische functie te kunnen waarborgen moet het groen zo goed en efficiënt mogelijk onderhouden worden. Binnen de beschikbare middelen wordt gezocht naar efficiënter en effectiever onderhoud. Het groenstructuurplan dient als uitgangspunt voor het beheer van de openbare ruimte. Deze meerjarenvisie gaat, na herziening, ook een rol in de omgevingsvisie spelen. In het beheerplan groen & reiniging wordt het onderhoud op beeldkwaliteitsniveau ingedeeld. Uitgangspunt hierbij is dat het groen op minimaal basisniveau wordt onderhouden, om verwaarlozing en daardoor vroegtijdige groenrenovaties te voorkomen. Deze beeldkwaliteitsniveaus zijn verwerkt in de onderhoudsbestekken. Om de technische staat van de plantsoenen te kunnen waarborgen worden jaarlijks groenstroken gerenoveerd en bomen vervangen.

Door jaarlijks delen te vervangen ontstaat een gelijkmatigere leeftijdsopbouw van groenvoorzieningen en wordt een noodzakelijke forse investering in de toekomst voorkomen (inhaalslag). Daarnaast kan het groenareaal en bomenbestand in stand worden gehouden zodat de aanwezigheid van ‘voldoende’ groen gewaarborgd blijft en het groenareaal/bomenbestand niet afneemt. Onderdeel van het beheerplan groen & reiniging is het vergroten van de biodiversiteit binnen de bebouwde kom van Venray en haar kerkdorpen. Bij herinrichtingen/vervangen van groenstroken/bomen wordt hier door bijvoorbeeld soortkeuze rekening mee gehouden. In 2020/2021 is reeds 3 hectare intensief beheerd gras omgevormd naar schraal/bloemrijk gras om de biodiversiteit te vergroten. De komende jaren wordt gestreefd naar nog eens ruim 7 hectare om te vormen intensief beheerd gras. Het beheerregime zal hier op aangepast worden zodat de soortenrijkdom van flora en fauna op deze stukken kan toenemen. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van groenaanleg in sterk stenige omgevingen om het plaatselijke (leef)klimaat te verbeteren. Mogelijke investeringen zijn niet standaard opgenomen in de begroting maar zullen separaat in MUIP aanvragen worden voorgelegd. In de MUIP als onderdeel van de kadernota is de vervanging van de bomen aan de Grote Markt en De Bleek opgenomen.

Daarnaast is tevens de aanplant van een boom op Rotonde Paterskerk opgenomen. Het beheerplan groen & reiniging is van toepassing op stedelijk groen en beperkt zich daarom tot het groen binnen de bebouwde kom van Venray en haar kerkdorpen. In de uitvoeringsnota bomen staan richtlijnen hoe om te gaan met het gemeentelijke bomenbestand, monumentale/waardevolle bomen en bomen in aandachtsgebieden. De gemeente wil de kwaliteit van de leefomgeving waarborgen en inspelen op het veranderende klimaat. De omgang met gemeentelijke, maar ook particuliere bomen is daarbij van groot belang. De gemeente vervult hierin een sturende rol. Deze uitvoeringsnota geeft duidelijke richtlijnen met betrekking tot de bescherming van bomen, compensatieregeling bij het kappen van bomen en een bijdrageregeling voor monumentale en waardevolle bomen op particulier grondgebied.

93

Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in openbaar groen zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Lasten openbaar groen

2.385

2.223

2.261

2.296

5. Onderhoud speelvoorzieningen (programma 3) Doel Het voorzien in een aantrekkelijke en toegankelijke speelbare openbare ruimte, waarbij wordt aangesloten op de wensen van gebruikers. De voorzieningen dragen bij aan het stimuleren van beweging, sport en spel waarmee positieve effecten op de fysieke en mentale gezondheid worden behaald. Beleidskader Met het speelruimteplan wordt gestreefd naar een betere spreiding van speelvoorzieningen en ontmoeting wordt gestimuleerd. Bij de vervanging van voorzieningen wordt gekeken naar de behoefte van gebruikers om zodoende beter aansluiting te vinden bij de doelgroep. Waar mogelijk zal de groene omgeving beter benut gaan worden om jongeren meer uit te dagen en de creatieve geest te stimuleren. Om de speelvoorzieningen aan te laten sluiten bij de ontwikkeling van de bevolkingsopbouw (minder jongeren) wordt gestreefd naar een afname van 10% van het totaal aan voorzieningen en/of vervangingswaarde daarvan ten opzichte van 2016. Jaarlijks worden, op basis van inspecties, onderhoudswerkzaamheden verricht om de veiligheid van speelvoorzieningen te kunnen garanderen. Ook wordt ieder jaar een vervangingsplan opgesteld voor voorzieningen die aan vervanging toe zijn. Hierbij wordt rekening gehouden met de afname van het totaal aan voorzieningen.

Op deze manier blijft een kwalitatief goed speelvoorzieningenbestand met voldoende aanbod behouden voor nu en de toekomst. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in speelvoorzieningen zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Lasten speelvoorzieningen

149

151

153

155

7. Onderhoud bossen, natuurgebieden enz. (programma 3) Doel Het in standhouden van bossen, natuurterreinen en landschappelijke elementen. Daarnaast het versterken van natuurontwikkeling en landschapskwaliteit en het verhogen van recreatiemogelijkheden in het buitengebied. Beleidskader Gemeentelijke bossen en natuurterreinen worden beheerd door de gemeente Venray. Samen met andere betrokkenen worden wensen en behoeftes op het gebied van recreatie en natuurbeleving afgestemd op de ontwikkeling van de landschappelijke-ecologische kwaliteit. Oftewel de natuur is leidend wat er op het gebied van recreatie mogelijk is. Het beheerplan bossen 2009-2020 is geëvalueerd in 2014. Naar aanleiding van deze evaluatie zijn de doelen voor het bosbeheer bijgesteld. Het bosbeheerplan is toe aan herziening. Op landelijk niveau wordt momenteel gewerkt aan een Nationale bossenstrategie. Naar verwachting is het nieuwe bosbeheerplan eind 2021 / begin 2022 gereed en kan daarbij aansluiting gezocht worden bij de Nationale bossenstrategie. De kleinere natuurterreinen en landschapselementen worden door de gemeente beheerd. In samenwerking met de stichting IKL wordt uitvoering gegeven aan projecten die bijdragen aan natuureducatie en burgerparticipatie en van meerwaarde zijn voor de natuurterreinen. Voor wat betreft de jacht lopen de jachtcontracten door tot en met 2021 met de drie wildbeheereenheden.

Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in natuurbeheer zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd:

94

Omschrijving (bedragen x € 1.000) Lasten natuurbeheer

2022 387

2023 394

2024

2025

400

407

8. Onderhoud openbare verlichting (programma 3) Doel Het verlichten van de openbare ruimte en het in standhouden van de openbare verlichting. Beleidskader Een goede openbare verlichting is noodzakelijk voor een veilige openbare ruimte, zowel op sociaal als verkeersveilig gebied. Hiervoor dient de openbare verlichting te voldoen aan verlichtingsnormen en zou het areaal met 3,5% per jaar uitgebreid moeten worden. De vervangingskosten voor het huidige areaal bedragen de komende jaren ca. € 325.000 per jaar. De komende jaren zal dit bedrag door middel van investeringsaanvragen beschikbaar gesteld moeten worden. In het laatste beleidsplan is vastgesteld dat bij vervanging uitsluitend LED verlichting toegepast zal worden. Ook zullen alle nieuwe armaturen uitgerust worden met slim energie management. Hiermee willen we de gestelde doelen uit het Energieakkoord 2013 halen. Dit houdt in:  20% energiebesparing in 2020 en 50% energiebesparing in 2030 t.o.v. 2013.  40% toepassing van energie-efficiënte verlichting.  40% toepassing van slim schakelen / energiemanagement. Door een behoorlijke areaal uitbreiding, sinds 2013, is het een enorme uitdaging geworden om dit te gaan halen. We zijn wel op de goede weg. Sinds 2013 hebben we namelijk een uitbreiding van bijna 1500 masten.

Het huidige beleidsplan openbare verlichting is vastgesteld in 2016 en loopt tot 2026 en zal ge-update worden in Q4 van 2021. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in openbare verlichting zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd: Omschrijving (bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Lasten openbare verlichting

469

476

483

490

9. Onderhoud gebouwen (programma 1) Doel Het in stand houden en beheren van het gemeentelijke vastgoed. Het vastgoedbeheer van gebouwen valt onder uitvoering van team vastgoedbeheer en heeft betrekking op het (bouw- en installatietechnisch) in standhouden, in werking hebben en beheren van gemeentelijke gebouwen, accommodaties en kunstwerken die in eigen beheer zijn, evenals de gemeentelijke gebouwen en objecten die (in opdracht van de gemeente) door derden worden geëxploiteerd. Beleidskader Beleidskader accommodaties In 2019 is onderzoek gedaan naar het voorzieningenniveau op gebied van sport- en jeugdaccommodaties. Mede op basis hiervan is in 2019 door de raad het kader vastgesteld waarbinnen het accommodatiebeleid verder uitgewerkt kan worden . Eind 2019 is gestart met de concept-uitwerking van het nieuwe accommodatiebeleid dat in 2021 het besluitvormingsproces zal doorlopen. Het nieuwe accommodatiebeleid zal na voltooiing vanaf 2021 e.v. richting geven aan de uitvoering van vastgoedbeheer. Zo zal het accommodatiebeleid bepalend zijn voor de continuering van het privatiseerde beheer en de (contract)afspraken hieromtrent (voor de Jeugd en de Sportvoorzieningen). Na de vaststelling van het accommodatiebeleid zal er een nadere concretisering zijn op het (strategisch-)vastgoedbeheerbeleid.

Hierin zullen uitgangspunten worden benoemd voor verhuur en het gebouwen- en contractenbeheer in zowel materiële als financiële zin. Het vastgoedbeleid zal in 2022 e.v. gestalte krijgen. Nieuwe inzichten op het onderhoud van gemeentelijke gebouwen In het najaar van 2019 zijn de gemeentelijke gebouwen, waarvan het onderhoud en beheer bij de gemeente rust of namens de gemeente wordt uitgevoerd, onderworpen aan een 'schouw' om een

95

actueel inzicht te krijgen op de onderhoudsstaat. Op basis hiervan zijn meerjarenonderhoudsplannen (MJOP's) opgesteld en zijn ook financiële gevolgen voor de onderhoudsvoorzieningen doorberekend.Als gevolg hiervan heeft de raad aanvang 2021 de dotaties op de onderhoudsvoorzieningen bijgesteld (geactualiseerd) zodat de uitvoering van het planmatig onderhoud voor de komende jaren geborgd is. Bij de actualisatie zijn tevens de MJOP’s door de raad vastgesteld. Het gaat om de MJOP’s van gebouwen waarin de gemeente medeverantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud. Voor het overige vastgoed zijn ook MJOP’s vastgesteld, maar met als doel inzicht te krijgen in de onderhoudsopgave van de gehele vastgoedportefeuille. Vastgoedcontractenbeheer De uitvoering op onderhoud en beheer van gebouwen wordt vastgelegd in overeenkomsten. Vastgoedbeheer beheert deze huur- exploitatiecontracten en anticipeert daarbij op ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de beheercontracten en mogelijk op de uitvoering van het onderhoud. De vaststelling van het nieuwe accommodatiebeleid betreft zo'n ontwikkeling. Om voor te sorteren op het nieuwe accommodatiebeleid zijn de huur- exploitatiecontracten met verenigingen en beheerstichtingen, die zouden aflopen in 2020, verlengd tot en met 2021 in afwachting van het nieuwe accommodatiebeleid.

Exploitatie en beheer van gebouwen door de gemeente De meeste vastgoedobjecten zijn verhuurd aan verenigingen of stichtingen. De gemeente heeft echter ook gebouwen in eigen beheer, zoals het gemeentehuis en het gebouw Jerusalem. In de tweede helft van 2020 is met gebruikers nagedacht over de betekenis van Jerusalem voor de cultuur in Venray, de ontwikkelingen in het gebouw en de wijze waarop het beheer (vanaf 2021 e.v.) kan plaatsvinden. Als gevolge van corona is deze ontwikkeling vertraagd. Dit traject zal daarom ook in 2022 nog op de agenda staan. Verduurzaming gebouwen De gemeente onderneemt acties in verduurzaming van de gebouwen die zij zelf beheert. Daarnaast ontplooien beheerders van de gemeentelijke gebouwen (die zijn geprivatiseerd) ook acties in verduurzaming (bijv. middels aanschaf zonnepanelen, aanbrengen led-verlichting) of door toepassing van duurzame materialen die minder onderhoud behoeven en ook nog eens langer meegaan. Met betrekking tot de gemeentelijke binnensportaccommodaties is in de afgelopen jaren een grote inhaalslag gemaakt op het onderhoud, ook middels de inzet van meer duurzame gebouw gebonden installaties. Aan de verduurzaming van het gemeentehuis is in 2020 middels plaatsing van zonnepanelen uitvoering gegeven. Op de ledverlichting vindt nog nadere verkenning plaats ook omdat de techniek en het beheer hierop nog volop in ontwikkeling zijn.

Gestreefd wordt de huidige techniek in 2022 te vervangen. Een voorstel naar de raad over de keuzes hierin wordt voorbereid. Verduurzaming schoolgebouwen Het beheer van schoolgebouwen ligt bij de schoolbesturen zelf ligt. In 2019 zijn flinke stappen gezet bij 11 scholen (van SPOV en Dynamiek) in het kader van het ‘fris maken’ van de scholen, onder gebruikmaking van de subsidie die de gemeente hiervoor ter beschikking had gesteld. Door deze investering kwamen de schoolbesturen in aanmerking voor de ‘subsidie duurzame maatschappelijke organisaties’ van de provincie Limburg op basis waarvan vervolgens voor 4 scholen al een slag is gemaakt in de verduurzaming door het leggen van zonnepanelen waarbij deze scholen op het niveau komen van stroomneutraal (ze wekken evenveel stroom als ze gebruiken). In het IHP 2019-2039 is duurzaamheid wel een belangrijk item (betreft 1 van de 5 bouwstenen). Het IHP streeft, bij nieuwbouw, naar het realiseren van energieneutrale gebouwen. Financiële consequenties en vertaling in de begroting Voor de uitvoering van het onderhoud in onderhoud gebouwen zijn in 2022 de volgende bedragen geraamd:

96

Omschrijving (bedragen x € 1.000)

2022

2023

2024

2025

Lasten gebouwen in eigen beheer Gemeentehuis Sport- welzijn en overige gebouwen

614

341

352

273

611

552

684

808

1.224

892

1.036

1.082

Primair onderwijs

735

818

730

667

Binnensport

749

762

777

788

Zwemmen

255

261

268

274

Buitensport

836

777

767

778

Musea / monumenten

19

19

20

20

Parkeren

345

350

355

361

Wijk- en dorpscentra

116

107

109

111

Sociaal-cultureel werk

177

180

183

186

3.232

3.275

3.208

3.185

Lasten gebouwen in beheer van derden

Paragraaf D. Financiering Inleiding In deze paragraaf wordt ingegaan op de uitvoering van de financieringsfunctie. De financieringsfunctie zorgt ervoor dat voldoende liquide middelen aanwezig zijn zodat aan alle financiële verplichtingen kan worden voldaan. Hiervoor zet Venray haar eigen middelen in, maar worden ook kort- en langlopende leningen aangetrokken. De rente die we hierover betalen, brengen we zowel intern als extern in rekening. Per saldo leidt dit tot een financieringsresultaat. Onder de financieringsfunctie valt ook het verstrekken van leningen en garanties en het beheersen van kredietrisico’s. Het wettelijk kader ligt vast in nationale maar ook in de internationale wetgeving. Op nationaal niveau liggen de kaders vast in :  De wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Deze wet biedt een kader voor de beheersing van de risico’s die uit deze functie voortvloeien. Een belangrijk uitgangspunt van de wet is dat een gemeente prudent moet omgaan met publieke middelen.  De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof)  Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)  De Gemeentewet Deze wettelijke kaders zijn verder uitgewerkt en vastgelegd in de financiële verordening en het Treasurystatuut. Het beleid over verstrekken van garanties door de gemeente aan derden is opgenomen in het garantstellingsbeleid.

In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente. Afhankelijk van de hoogte en de verwachte duur van een liquiditeitstekort of -overschot wordt vermogen tijdelijk of langdurig aangetrokken. Het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen is dat de kasgeldlimiet optimaal benut wordt door zoveel mogelijk kort vermogen aan te trekken. In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn drie wettelijke normen opgenomen waaraan de gemeente moet voldoen. Zo moeten tijdelijk overtollige middelen boven een vastgestelde drempel in de schatkist aangehouden worden. Bij het aantrekken van korte leningen (met een looptijd tot 1 jaar) mag het gemiddelde saldo per kwartaal de kasgeldlimiet niet overschrijden. Het saldo aan aflossingen en renteherzieningen op de bestaande leningenportefeuille (looptijd 1 jaar of langer) mag in enig jaar niet hoger zijn dan de renterisiconorm. Daarnaast wordt in deze paragraaf aandacht besteed aan risicobeheersing (met name rente- en kredietrisico) en het kasbeheer De berekeningen van de leenbehoefte en rentekosten kunnen in de praktijk afwijken. Zo is het werkelijke investeringstempo van belang. Nieuwe beleidskeuzes (met name bij investeringen)

97

gedurende het jaar hebben effect op de berekeningen. Ook verschillen in de begrote inkomsten (bijvoorbeeld grondverkoop, rijksbijdragen) hebben effect. 1. Algemeen Het op 18 december 2014 vastgestelde Treasurystatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. De focus bij treasury is gericht op feitelijke in- en uitgaande kasstromen die in deze paragraaf, naast de risico’s en interne rente, centraal staan. 2. Financieringsbehoefte Investeren in materiële vaste activa kost geld; dit betreft bijvoorbeeld onze gebouwen die een belangrijke waarde vertegenwoordigen. Bij grondexploitaties gaan de kosten voor de baten uit. Zolang dit betekent dat gemaakte kosten nog niet zijn terugverdiend door verkopen, moeten we deze voorfinancieren. De activa van de gemeente Venray zijn naar verwachting per begin 2022 als volgt gefinancierd: Omschrijving

1-1-2022

(Bedragen x € 1.000) Totale boekwaarde investeringen

173.410

Vaste financieringsmiddelen: Reserves

41.775

Voorzieningen

15.964

Langlopende leningen

71.312 129.051

Financieringstekort

44.359

Om in de financieringsbehoefte te voorzien stelt de gemeente interne en externe financieringsmiddelen ter beschikking. De interne financieringsmiddelen bestaan uit de reserves en voorzieningen. De externe financieringsmiddelen bestaan uit opgenomen kort- en langlopende geldleningen; het resterende tekort wordt aangevuld uit rekening-courant en werkkapitaal. We houden dagelijks bij wat onze geldbehoefte is. Afhankelijk van ons banksaldo en de toekomstverwachtingen gaan we leningen aan. Om rentekosten te besparen zetten we hier (maximaal) in op kortlopende geldleningen. De wettelijke kasgeldlimiet maximeert de omvang van deze korte geldleningen. Dit om problemen te voorkomen als de rente snel zou toenemen. Rentevisie De uitbraak van het coronavirus covid-19 heeft in 2020 tot een mondiale recessie geleid. Voor 2021 werd een geleidelijk economisch herstel verwacht. Op het moment van schrijven van deze begroting verloopt het herstel van de economie echter veel voorspoediger dan verwacht. Volgens een recente publicatie van het CBS is in driekwart van de Nederlandse regio’s de economie weer op of boven het niveau van voor de coronacrisis. Volgens de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) presteert de Nederlandse economie beter dan het eurogebied.

Voor de toekomst zal echter veel afhangen van de mate waarin de deltavariant van het COVID-19 virus oprukt en de ontwikkeling van de werkgelegenheid. De verwachting is dat de ECB vooralsnog een ruim monetair beleid blijft voeren. De centrale bank blijft tot maart 2022 effecten aankopen. De recente toename van de inflatie is volgens de ECB van tijdelijke aard. Centrale banken stellen dat de inflatie vooral zit in goederen en diensten die door de pandemie in aanbod beperkt zijn geweest. Vervolgens is er sprake van ‘inhaalvraag’ naar dit soort goederen en diensten, wat prijsstijgingen verder aanwakkert. De ECB denkt dat de inflatie zal afzwakken en dat ruim monetair beleid daarom gerechtvaar-digd blijft. In april/mei 2021 was de verwachting nog dat de rente langlopende leningen o.a. door oplopende inflatie zou stijgen. De verwachting is nu dat de lange rentetarieven in 2022 naar verwachting laag zullen blijven, omdat de inflatiestijging gezien wordt als van tijdelijke aard.

98

We volgen de renteontwikkelingen via landelijke media, websites van enkele banken en info van financiële dienstverleners. Leningoverzicht Voor een (langdurig) financieringstekort dient de gemeente geld te lenen. Voordat we daartoe over gaan benutten we eerst de wettelijk toegestane ruimte binnen de kasgeldlimiet (zie verder). x € 1.000

OVERZICHT LENINGEN (incl. woningbouwleningen)

2022

2023

2024

2025

Leningen 1-1 Nieuwe leningen Aflossingen

71.312 10.000 -5.208

76.103 0 -5.629

70.474 0 -6.089

64.385 0 -5.749

Leningen 31-12

76.103

70.474

64.385

58.636

Op basis van de berekende financieringsbehoefte en de planning is de verwachting dat in 2022 een lening moet worden aangetrokken. Rente-uitgangspunten De gemeente rekent de rente toe op basis van een renteomslagpercentage. Hierbij wordt de notitie rente van de Commissie BBV gevolgd. Dit betekent o.a. dat geen gedifferentieerde percentages in de rentetoerekening meer mogen worden toegepast. Een uitzondering hierop vormen: -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10581622/1