CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

B1.3 - Toelichting TAM-omgevingsplan Hoebertweg ong. te Venray

Gemeenteraad 14 april 2026, gemeente VenrayBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22r Hoebertweg ong., Venray24.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 30 van 85 19 november 2025

4. Wonen, gezondheid en zorg; en ➢ Zorgbehoevenden die zelfstandig willen wonen, kunnen dit in de gemeente Venray; ➢ Mensen vanuit instelling bieden we een passende ondersteuning en huisvesting; en ➢ Verschillende woonvormen. 5. Vitale wijken en dorpen. ➢ Samen wonen en elkaar helpen; ➢ Ruimte voor woningbouw in elke kern met behoud van ruimtelijke en cultuurhistorische waarde; en ➢ Voldoende voorzieningen in kernen of nabijheid. Ten aanzien van het plan De ontwikkeling van de planlocatie naar een woongebied voor senioren is passend binnen het Omgevingsprogramma Wonen 2022 – 2026 van de gemeente Venray. Er wordt bijgedragen aan meerdere ambities. Onderhavig plan draagt namelijk bij aan de doelstelling om tussen de 150 en 200 woningen per jaar bij te bouwen in één van de kernen van de gemeente Venray. Het woningaanbod wordt hiermee tevens verder gedifferentieerd omdat levensloopbestendige woningen voor senioren worden gerealiseerd. Het plan faciliteert daarmee doorstroming naar passende woningen die toekomstgericht en duurzaam gerealiseerd worden. Het woongebied biedt een woonvorm voor senioren met voldoende bereikbare voorzieningen in de nabijheid van het plangebied. De maatschappelijke bijdrage van onderhavige ontwikkeling wordt nader onderbouwd in paragraaf 5.3.

4.3.3 Ruimtelijk Kwaliteitskader De gemeente Venray heeft een ruimtelijk kwaliteitskader opgesteld. Het ruimtelijk kwaliteitskader van de gemeente Venray kan als inspiratiedocument dienen voor initiatiefnemers om de belevingswaarde, de gebruikswaarde en de toekomstwaarde van een ontwikkeling in kaart te brengen. Het ruimtelijk kwaliteitskader legt namelijk per deelgebied vast welke ruimtelijke waarden en kenmerken belangrijk zijn om te behouden, te versterken of te herstellen en welke randvoorwaarden gelden om toekomstige plannen mogelijk te maken. De gemeenteraad kent de verplichting om een welstandsnota vast te stellen. De welstandsnota is een middel om te beoordelen of een ontwikkeling voldoet aan de redelijke eisen van welstand. Ten aanzien van het plan Het plangebied is gelegen in de wijk Veltum waar bepaalde uitgangspunten voor de ruimtelijke kwaliteit gelden. Navolgend wordt een uitsnede opgenomen van een kaart waarin de ligging van het plangebied binnen het deelgebied ‘Veltum’ inzichtelijk wordt gemaakt middels een blauwe cirkel.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 31 van 85 19 november 2025

Afbeelding: Uitsnede interactieve kaart (bron: Ruimtelijk Kwaliteitskader, gemeente Venray). Navolgend wordt een uitsnede opgenomen van een meer specifieke kaart van de wijk ‘Veltum’. De ligging van de planlocatie wordt inzichtelijk gemaakt middels een blauwe pijl.

Afbeelding: Kaart deelgebied ‘Veltum’ (bron: Ruimtelijk Kwaliteitskader, gemeente Venray). Te zien is dat het plangebied gelegen is aan een bepalende wegstructuur, namelijk de Langstraat. Verder bevindt een Rijksmonument en een reeks monumentale bomen zich in de nabijheid van de planlocatie. Tot slot ligt er een beeldbepalend gebouw naast de planlocatie die aangeduid wordt met een blauwe cirkel (zie de legenda op voorgaande afbeelding).

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 32 van 85 19 november 2025

De uitgangspunten voor de oostzijde van Veltum ziet op het behoud van het Veltumse kapel, (het behoud van) veel voorzieningen en de realisatie van woningen als clusters aan geknikte wegen. In Veltum gelden verder de volgende opgaven. Er dient aandacht te worden besteed aan voldoende en betaalbare woningen voor jong en oud, waarbij aandacht is voor groen en kwaliteiten van de omgeving bij keuze voor inbreidingslocaties. Er wordt gestreefd naar een hogere mate van toegankelijkheid van voorzieningen, zoals goede wandel- en fietsverbindingen, en een gezonde en groene woonomgeving die uitnodigt tot beweging en ontmoeting. Bij de realisatie van onderhavig plan wordt rekening gehouden met de relevante welstandscriteria en opgaven die gelden volgens het Ruimtelijk Kwaliteitskader van de gemeente Venray.

4.3.4 Conclusie ten aanzien van gemeentelijk beleid Er zijn geen belemmeringen van uit het gemeentelijk beleid voor de afwijking van het omgevingsplan.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

5

Blad 33 van 85 19 november 2025

OMGEVINGSASPECTEN

Ruimtelijke ordening en milieubeleid hebben de zorg voor de kwaliteit van de leefomgeving als gemeenschappelijke doelstelling. Alleen in een zorgvuldig afwegingsproces kan een optimale afstemming plaatsvinden tussen aan gebieden toegekende functies en het veiligstellen van een beschermingsniveau van het leefmilieu. Bestaande bestemmingen en nieuwe functies in een gebied zijn niet altijd op voorhand verenigbaar. Milieudoelstellingen en randvoorwaarden worden derhalve integraal en vanaf een zo vroeg mogelijk stadium in het ruimtelijke planvormingsproces meegewogen, zodat het gebruik van de schaars beschikbare ruimte niet leidt tot conflictsituaties. In dit hoofdstuk worden de omgevingsfactoren beschreven. Daarnaast wordt per omgevingsfactor beoordeeld wat de invloed op het plan kan zijn.

5.1

Functionele inpassing

In de omgeving van de planlocatie zijn gronden gelegen met de functies woongebied, agrarisch, groen en detailhandel (Intratuin Venray). Door de functie van de planlocatie te wijzigen van agrarisch naar wonen zal het beter aansluiten op de omgeving. Daarbij zijn er vooralsnog geen toekomstige functies nabij de planlocatie bekend waarmee rekening gehouden moet worden. Het plan past als gevolg hiervan functioneel gezien in de omgeving.

5.2

Erfinrichting

De gemeente Venray heeft een ruimtelijk kwaliteitskader (Ruimtelijk Kwaliteits Kader gemeente Venray). In het ruimtelijk kwaliteitskader zijn uitgangspunten opgenomen ten aanzien van de inrichting van plan- en projectgebieden binnen de gemeente. Het ruimtelijk kwaliteitskader vormt een inspiratiedocument voor initiatiefnemers en bevat aanbevelingen die helpen bij het inpassen van plannen in de directe omgeving. Het wordt wenselijk geacht om voor ruimtelijke initiatieven nader uit te werken welke landschappelijke kenmerken en kwaliteiten aanwezig zijn. Deze kenmerken en kwaliteiten kunnen dientengevolge behouden of waar mogelijk versterkt worden. Ten aanzien van het plan Voor onderhavig plan is er een erfinrichtingsplan opgesteld. In het plangebied worden twee bomen geplaatst, een 2-rijige haagplantsoen en meerdere vaste planten. Navolgend wordt een uitsnede opgenomen van het erfinrichtingsplan.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 34 van 85 19 november 2025

Afbeelding: Uitsnede erfinrichtingsplan (bron: Grasveld Civiele Techniek B.V. d.d. 8 september 2025) Zoals uit voorgaande afbeelding blijkt, ziet het erfinrichtingsplan op het openbaar gebied in het plangebied. Het plangebied wordt zo ingericht dat het groene karakter van het gebied behouden en verbeterd wordt ten opzichte van de huidige situatie. Het volledige erfinrichtingsplan d.d. 8 september 2025 is bijgevoegd als bijlage 12. Conclusie Het aspect erfinrichting vormt geen belemmering voor onderhavig plan.

5.3

Duurzaamheid

Duurzaamheid is één van de grote maatschappelijke opgaven van deze tijd en zal ook in de komende decennia een centrale rol blijven spelen. De gemeente Venray onderkent deze urgentie en heeft duurzaamheid benoemd als één van de belangrijkste speerpunten voor de komende jaren. Dit centrale thema is uitgewerkt in drie hoofdonderdelen: de energietransitie, de circulaire economie en klimaatadaptatie. Voor ruimtelijke initiatieven zoals onderhavig is het derhalve van belang om inzichtelijk te maken welke duurzaamheidsmaatregelen getroffen worden. Ten aanzien van het plan In het planontwerp wordt er op verschillende niveaus ingezet op duurzaamheid die bijdragen aan een toekomstbestendige, klimaatadaptieve en energiezuinige fysieke leefomgeving. Navolgend worden de duurzaamheidsmaatregelen van onderhavig plan nader omschreven: - Op platte daken worden groendaken gerealiseerd ten behoeve van biodiversiteit, verkoeling (in het kader van het tegengaan van hittestress in het plangebied) en waterbuffering;

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

-

-

-

Blad 35 van 85 19 november 2025

Zonnepanelen worden geplaatst op de zon georiënteerde dakvlakken voor de opwekking van duurzame energie; Hemelwater wordt opgevangen volgens het principe van vasthouden, bergen en infiltreren. Regenwater wordt lokaal opgevangen en geïnfiltreerd in de bodem. De collectieve tuin heeft een voorziening voor de tijdelijke berging van regenwater (WADI). Verder wordt er gebruik gemaakt van grastegels en waterdoorlatende verharding om de infiltratiecapaciteit van het gehele plangebied te vergroten; Voor zowel verwarming als verkoeling wordt een warmtepomp toegepast. Voor warmteterugwinning bij ventilatie wordt een WTW-installatie toegepast. In de woningen wordt gebruik gemaakt van vloerverwarming (lage-temperatuur-verwarming) om de energievraag te reduceren; en Tot slot wordt een bijdrage geleverd aan natuurinclusieve woningbouw door de realisatie van een groene collectieve tuin in het midden van het plangebied. Er wordt gebruik gemaakt van inheemse beplanting alsmede groene hagen. In paragraaf 5.2 wordt nader ingegaan op de landschappelijke inpassing van het plan. In paragraaf 5.19.4 wordt nader ingegaan op natuurinclusief bouwen. Door voorgaande maatregelen en uitgangspunten wordt de lokale biodiversiteit versterkt en wordt er voorzien in een aangename, klimaatadaptieve fysieke leefomgeving.

Met de voorgaande maatregelen wordt er een structurele bijdrage geleverd aan de duurzaamheidsdoelen die de gemeente Venray heeft. Conclusie Het aspect duurzaamheid vormt geen belemmering voor onderhavig plan.

5.4

Maatschappelijke ontwikkeling

De gemeente Venray is als gemeente sinds 2015 verantwoordelijk geworden voor steeds meer maatschappelijke taken. Denk hierbij aan het regelen van de jeugdzorg, het begeleiden en ondersteunen van mensen naar werk (in het kader van de Participatiewet) en het ondersteunen van inwoners die niet zelfstandig kunnen wonen of meedoen aan het maatschappelijk verkeer. Aangezien de taken en verantwoordelijkheden van gemeenten in Nederland steeds omvangrijker is geworden, heeft de gemeente Venray één integrale nota voor het sociale domein vastgesteld, namelijk de kadernota Sociaal Domein ‘De volgende stap’. Aansluitend op de kadernota Sociaal Domein heeft de gemeente Venray een verordening Sociaal Domein vastgesteld. De gemeente Venray benadrukt in deze verordening het belang van ‘positieve gezondheid’. In het kader van positieve gezondheid poogt de gemeente Venray de inwoner en de omgeving sterker te maken zodat de inwoner minder tot geen hulp van de gemeente (meer) nodig heeft.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 36 van 85 19 november 2025

Ten aanzien van het plan In het kader van maatschappelijke ontwikkeling is het van belang om te bepalen op welke wijze onderhavig plan bijdraagt aan het wonen in een veilige, gezonde en sterke omgeving waarbij positieve gezondheid centraal staat. Hierbij staat een mate van zelfredzaamheid, het beroep kunnen doen op sociale voorzieningen en het gebruik van algemene voorzieningen centraal. Onderhavig plan draagt aan deze doelstelling bij door levensloopbestendige woningen voor senioren te realiseren. Bij het ontwerp van het plan is er rekening gehouden met meerdere factoren die in het kader van maatschappelijke ontwikkeling van belang wordt geacht, zoals de draaicirkels voor rolstoelgebruikers en de (toegang tot) de gemeenschappelijke tuin voor alle huizen. Tot slot draagt onderhavig plan bij aan de maatschappelijke ontwikkeling van de gemeente Venray door de wijze waarop de realisatie plaatsvindt, namelijk middels ‘Collectief Particulier Opdrachtgeverschap’ (CPO). Deze vorm van opdrachtgeverschap houdt in dat een groep mensen er samen voor kiest om de bouw van een aantal huizen te realiseren. Dit is bevorderlijk in het kader van maatschappelijke ontwikkeling aangezien CPO samenhorigheid onder de toekomstige bewoners faciliteert en stimuleert. Hierdoor is er vroegtijdig sprake van een meer zelfvoorzienende woonomgeving waarbij inwoners elkaar in hun eigen omgeving kunnen helpen.

Conclusie Het aspect maatschappelijke ontwikkeling vormt geen belemmering voor onderhavig plan.

5.5

Milieueffectrapportage

Met een milieueffectrapportage (m.e.r.) worden de milieugevolgen van een plan in beeld gebracht. De m.e.r. is gebaseerd op Europese Regelgeving. In Nederland is de m.e.r. geregeld in het Omgevingsbesluit. Hierin is geregeld in welke gevallen een m.e.r. moet worden opgesteld. Of een m.e.r.- procedure of m.e.r-beoordeling noodzakelijk is, hangt af van het feit of de ontwikkeling (activiteit) is opgenomen in kolom 1 van bijlage V van het Omgevingsbesluit. Wanneer de voorgenomen ontwikkeling (activiteit) is opgenomen kolom 1 van bijlage V van het Omgevingsbesluit geldt een m.e.r- of m.e.r-beoordelingsplicht. Ten aanzien van het plan Door AROM B.V. is een project-m.e.r.-beoordeling opgesteld (d.d. 28 oktober 2025). De volledige notitie is terug te vinden als bijlage 1. Navolgend wordt de conclusie uiteengezet. Bij elk project is sprake van invloed op het milieu. Na de toetsing uit de beoordelingsnotitie blijkt echter dat deze invloed voor voorgenomen ontwikkeling niet zodanig is dat normen worden overschreden. Van onevenredige effecten voor de omgeving is geen sprake.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 37 van 85 19 november 2025

De kenmerken van het project, in relatie tot de plaats en de potentiële effecten van het project, zijn dusdanig beperkt van aard en omvang dat dit geen belangrijk nadelige milieugevolgen tot gevolg heeft die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maken. Wij bevelen het college aan, na kennisname van deze beoordeling, een gemeentelijk besluit voor te bereiden waarin wordt aangegeven dat voor de verdere realisatie van het project geen milieueffectrapportage wordt vereist.

5.6

Bedrijven- en milieuzonering

Bij een ruimtelijke ontwikkeling dient rekening te worden gehouden met milieuzoneringen van bestaande en toekomstige bedrijven om zodoende de kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Bij de milieuzonering wordt gebruik gemaakt van de door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) opgestelde Lijst van Bedrijfsactiviteiten uit de handreiking ‘Bedrijven en Milieuzonering’. De lijst ‘Bedrijven en Milieuzonering’ geeft de richtafstanden weer voor milieubelastende activiteiten. In de lijst Bedrijven en Milieuzonering worden richtafstanden gegeven voor de aspecten geur, stof, geluid en gevaar. De richtafstanden gelden tussen de grens van de functie en de uiterste grens van de gevel van een woning, of verblijfsruimte, die volgens het omgevingsplan mogelijk is. De richtafstanden zijn afgestemd op twee omgevingstypen: ‘rustige woonwijk’ en ‘gemengd gebied’. De richtafstanden gelden tussen de grens van de functie en de uiterste grens van de gevel van een woning, of verblijfsruimte, die volgens het omgevingsplan mogelijk is. De richtafstanden zijn afgestemd op twee omgevingstypen: ‘rustige woonwijk’ en ‘gemengd gebied’. Ten opzichte van een gemengd gebied kunnen de richtafstanden met één afstandsstap worden verkleind (behalve voor het aspect gevaar). Ten aanzien van het plan De planlocatie kan getypeerd worden als ‘gemengd’. Dit is een gebied met functievermenging.

In de directe omgeving van het plangebied zijn andere functies gevestigd, zoals maatschappelijke functies, en het plangebied is gelegen aan een ontsluitingsweg, namelijk de Langstraat. Bestaande bedrijven In de buurt van de planlocatie zijn enkele bedrijven aanwezig die in het kader van bedrijven en milieuzonering een belemmering zouden kunnen vormen voor onderhavig plan. In navolgende tabel zijn bedrijven in combinatie met de bijbehorende richtafstanden die gelden voor een gemengd gebied uit de VNG-brochure opgenomen. De richtafstanden voor bedrijven in een gemengd gebied zijn de reguliere richtafstanden verminderd met één stap met uitzondering van het aspect ‘’gevaar’’.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray

Blad 38 van 85 19 november 2025

Gemeente Venray

Naam en Adres

Cat. SBI Code 2008 Ca. 45 meter Kappersbedrijven en 1 9602 schoonheidsinstituten

Geur

Stof Geluid Gevaar

0

0

0

0

Intratuin Venray, Langstraat 133

Ca. meter

165 Bouwmarkten, tuincentra, hypermarkten

2

4752

0

0

10

10

Basisschool Coninxhof, Goudsmitstraat 9

Ca. meter

180 Scholen voor basis- en 2 algemeen voortgezet onderwijs

852, 8531

0

0

10

0

AVIA XPress Ca. Venray, meter Langstraat 110

230 Benzineservicestations 2 (zonder LPG)

473

10

0

10

10

PedicureVoetverzorging G. Poels-van Rhee, Hoebertweg 33

Afstand tot SBI omschrijving planlocatie

Tabel: Richtafstanden ten aanzien van bedrijven nabij de planlocatie (gemengd gebied). Uit de tabel blijkt dat de grootste richtafstand 10 meter voor gevaar bedraagt. Het dichtstbijzijnde bedrijf met een richtafstand van 10 meter voor gevaar ligt op ca. 165 meter afstand van de planlocatie. Gezien de afstanden kan worden aangenomen dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de planlocatie. Voor een uitgebreide motivering inzake externe veiligheid wordt verwezen naar paragraaf 5.12 ‘Omgevingsveiligheid’ waar een nader onderzoek inzake externe veiligheid is opgenomen. Conclusie Het aspect bedrijven- en milieuzonering vormt geen belemmering voor onderhavig plan.

5.7

Geluidhinder

Geluid kan hinderlijk en schadelijk voor de gezondheid zijn. Zo kunnen hoge geluidsniveaus het gehoor beschadigen. Maar ook verstoring van de slaap kan op de lange duur slecht zijn voor de gezondheid. In Nederland is wettelijk vastgelegd wat acceptabele geluidsniveaus zijn en wat niet, door middel van geluidsnormen.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 39 van 85 19 november 2025

Wegverkeerslawaai De locatie is gelegen in de nabijheid van verschillende gemeentewegen (Langstraat, Goudsmitstraat, Kuiperstraat & de provinciale weg N270). Derhalve is door de De Roever Omgevingsadvies een onderzoek wegverkeerslawaai verricht. Het onderzoeksrapport van d.d. 28 oktober 2025 is opgenomen als bijlage 2. Navolgend zijn de belangrijkste conclusies en adviezen weergegeven. Toetsing standaardwaarden en grenswaarden Het berekende geluid van gemeentelijke wegen bedraagt maximaal 60 dB. Hiermee wordt de standaardwaarde van 53 dB overschreden maar de grenswaarde van 70 dB niet. Maatregelen worden niet doelmatig geacht, zie paragraaf 3.4. van bijlage 2. Het berekende geluid van provinciale weg Deurneseweg N270 bedraagt maximaal 42 dB. Hiermee worden de voorkeursgrenswaarde van 48 dB en de maximale ontheffingswaarde van 63 dB niet overschreden. Maatregelen hoeven niet nader onderzocht te worden. Gevelwering woon- en leefklimaat Benodigde gevelwering Het gezamelijke geluid bedraagt ten hoogste 60 dB ter plaatse van de noordwestzijde van het noordelijke gebouw. De vereiste karakteristieke geluidwering Ga;k bedraagt dan maximaal 60 – 33 = 27 dB. Het bevoegd gezag zal bepalen of er nader onderzoek gedaan moet worden naar de geluidwering van de gevels. Woon- en leefklimaat De milieukwaliteit wordt geclassificeerd als ‘matig’ tot ‘zeer goed’.

Het woon- en verblijfsklimaat ter plaatse van de beoogde woningen wordt als acceptabel aangemerkt. Op basis van de toelichting in paragraaf 3.5.1 en 3.5.2 van bijlage 2 kan gesteld worden dat het cumulatieve geluid een aanvaardbaar woon- en verblijfsklimaat niet in de weg staat. Industrielawaai De locatie is gelegen in de nabijheid van bedrijvigheid. Derhalve is door de De Roever Omgevingsadvies een onderzoek industrielawaai verricht. Het onderzoeksrapport van d.d. 6 december 2024 is opgenomen als bijlage 3. Navolgend zijn de belangrijkste conclusies en adviezen weergegeven. Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau Uit de rekenresultaten blijkt dat ter plaatse van geluidgevoelige gebouwen voldaan wordt aan de geluidwaarde(n) van 50 dB(A) in de dagperiode en 40 dB(A) in de nachtperiode. Gesteld kan worden dat de beoogde activiteiten inpasbaar zijn in de omgeving en ter plaatse van geluidgevoelige gebouwen in de omgeving is sprake van een aanvaardbaar geluidniveau. Maximale geluidsniveaus Uit de rekenresultaten blijkt dat ter plaatse van geluidgevoelige gebouwen voldaan wordt aan de geluidwaarde(n) van 70 dB(A) in de dagperiode.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 40 van 85 19 november 2025

Uit de rekenresultaten blijkt verder dat in de nachtperiode niet overal aan de geluidwaarde van 60 dB(A) kan worden voldaan. Ter plaatse van de een aantal woningen worden op de 1e verdieping in de nachtperiode pieken berekend tot afgerond 63 dB(A). De verhoogde geluidwaarden worden veroorzaakt door de laad- en losactiviteiten in de nachtperiode. In hoofdstuk 5 van bijlage 3 zijn maatregelen beschouwd om de geluidswaarden ter plaatse van geluidgevoelige gebouwen te verlagen. Uit deze beschouwing blijken een aantal (mogelijke) maatregelen (zie paragraaf 5.1 t/m 5.4 van bijlage 3). In overleg met het bevoegd gezag, het bedrijf en eventueel omwonenden zal bepaald moeten worden welke maatregelen daadwerkelijk haalbaar en óók wenselijk worden geacht. Daarnaast blijkt dat ondanks de overschrijdingen van de grenswaarden, doormiddel van de standaard verplichte geluidswering van de gevels een aanvaardbaar binnenniveau kan worden gerealiseerd. Verkeer van en naar de activiteit(en) In het Omgevingsplan zijn geen (geluid)waarden opgenomen ten aanzien van het verkeer van personen en goederen van en naar de activiteit. Uit de rekenresultaten blijkt dat ter plaatse van geluidgevoelige gebouwen voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) etmaalwaarde uit de Circulaire van het ministerie van VROM, 29 februari 1996 (voormalige wetgeving met betrekking tot indirecte hinder).

De berekende geluidwaarden vanwege het verkeer van personen en goederen van en naar de activiteit worden als aanvaardbaar aangemerkt. Beschouwing geluidsniveaus in tuinen Voor tuinen zijn in het Omgevingsplan geen (geluid)waarden opgenomen. De te verwachten geluidniveaus zijn echter wel in beeld gebracht, exclusief eventueel aan te brengen schuttingen of andere afschermende voorzieningen. Het bevoegd gezag zal bepalen of de berekende geluidwaarden als aanvaardbaar kunnen worden aangemerkt in de tuinen. Conclusie Op grond van het voorgaande kan geconcludeerd worden dat het aspect geluid geen belemmering vormt voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

5.8

Geurhinder

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) vervallen. Op grond van artikel 4.6, lid 1 van de Invoeringswet Omgevingswet maakt een gemeentelijke verordening over geur (artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij) deel uit van het omgevingsplan. De gemeente Venray heeft haar geurbeleid voor geurhinder en veehouderijen vastgesteld in de ‘Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Venray 2011’. In de gemeentelijke verordening zijn waarden vastgesteld voor verschillende gebieden. Op grond van artikel 6 lid 1 van de Wgv en in afwijking van artikel 3 lid 1 van de Wgv bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij op een geurgevoelig object in het gebied op de bij de verordening behorende kaart als volgt:

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray

Blad 41 van 85 19 november 2025

Gemeente Venray

Deelgebieden

Maximale waarden voor de geurbelasting van een veehouderij op een geurgevoelig object (in odour units per m3) 2,5 OU/m3 3 OU/m3 7 OU/m3

Norm 2,5 Norm 3 (bestaande woongebieden) Norm 7 Zoekgebieden woningbouw / individuele woningbouw Bijzondere gebieden (vakantiepark de Witte Vennen, 8 OU/m3 clustering TBS/Pascalis/Dichterbij) Bedrijfsterreinen

Plangebied Burgemeester Ponjeestraat in Wanssum 7 OU/m3 Kern van Wanssum (met uitzondering van plangebied Burgemeester Ponjeestraat) 2,5 OU/m3 Bron: Artikel 3 van de Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Venray 2011. Ten aanzien van het plan De planlocatie is gelegen in de nabijheid van enkele veehouderijen. Er is derhalve d.d. 6 december 2024 een onderzoek verricht naar geurhinder van veehouderijen door De Roever Omgevingsadvies. Het volledige onderzoek is opgenomen als bijlage 4. Navolgend worden kort de belangrijkste conclusies omschreven. Bij het beoordelen van een ruimtelijk plan spelen standaard de volgende vragen: 1. Is ter plaatse van de gewenste ruimtelijke ontwikkeling een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd? 2. Worden omliggende bedrijven (onevenredig) in hun belangen geschaad? Om te beoordelen of er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is er gekeken naar de afstand tussen de planlocatie en de nabijgelegen veehouderijen. Omdat wordt voldaan aan de afstandseis van 100 meter is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ten aanzien van afstanden. De voorgrondbelasting op de rand van het plangebied bedraagt ten hoogste 3,0 ouE/m3. Deze waarde komt volgens tabel 2 in paragraaf 3.4 van het volledige onderzoek overeen met een ‘goed’ woon- en leefklimaat.

Het woon- en leefklimaat is vergelijkbaar met het ‘goed’ woon- en leefklimaat dat op grond van de geurnorm van 3 ouE/m3 aanvaardbaar wordt geacht. De achtergrondbelasting op de rand van het plangebied bedraagt ten hoogste 4,2 ouE/m3. Deze waarde komt volgens tabel 2 in paragraaf 3.4 van het volledige onderzoek overeen met een ‘goed’ woon- en leefklimaat.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 42 van 85 19 november 2025

Als vuistregel geldt dat de achtergrondbelasting maatgevend is als deze meer dan het dubbele bedraagt van de voorgrondbelasting. Dat is hier niet het geval, de voorgrondbelasting is maatgevend en aanvaardbaar. Uit de voorgaande beoordeling blijkt dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en dat veehouderijen niet in de belangen worden geschaad. Conclusie Het aspect geur vormt geen belemmering voor onderhavig plan.

5.9

Bodemkwaliteit

Het doel van de bodemtoets bij ruimtelijke plannen is de bescherming van de bodem en de gebruikers ervan. Op grond van artikel 5.89g van het Bkl dienen de waarden voor een toelaatbare kwaliteit van de bodem te worden getoetst indien het gaat om een bodemgevoelig gebouw. Een bodemgevoelig gebouw is een gebouw dat de bodem raakt en waarin personen voor meer dan twee uur per dag aaneengesloten aanwezig zullen zijn. Door middel van een bodemonderzoek wordt beoordeeld of de bodem geschikt is voor de geplande functie en of er sprake is van een eventuele saneringsnoodzaak. Ten aanzien van het plan Het plan heeft betrekking op de voorgenomen nieuwbouw en het toekomstig gebruik hiervan. Derhalve dient getoetst te worden aan de waarden voor een toelaatbare kwaliteit van de bodem. Door MILON is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het verkennend bodemonderzoek is d.d. 11 juni 2025 uitgevoerd conform de Nederlandse normen (NEN) NEN 5740 & NEN 5740 is bijgevoegd als bijlage 5. Navolgend worden de belangrijkste conclusies toegelicht. De hypothese voor het onderzoek is dat bovengrond op de locatie heterogeen verdacht is op het voorkomen van verontreiniging met bestrijdingsmiddelen. Hierom is de bovengrond onderzocht met de onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming.

De bovengrond wordt, naast de parameters van het standaardpakket, ook onderzocht op organochloorbestrijdingsmiddelen. Gelet op het gebruik van de locatie en de afwezigheid van verdere bodembedreigende activiteiten op de locatie is de locatie verder onverdacht op de aanwezigheid van een bodemverontreiniging. De ondergrond en het grondwater wordt hierom onderzocht volgens de onderzoeksstrategie onverdachte locatie. De ondergrond en het grondwater wordt onderzocht op de parameters van het standaardpakket. Zintuiglijk zijn geen bodemvreemde bijmengingen aangetroffen of waarnemingen gedaan die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. Uit de toetsing van de analyseresultaten blijkt dat plaatselijk in de bovengrond een zeer licht verhoogd gehalte drins aanwezig is. Op basis van toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit voldoet de grond aan klasse Landbouw/natuur, met uitzondering van mengmonster MM01 welke voldoet aan klasse Industrie. In het grondwater zijn geen concentraties boven de signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering aangetoond.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 43 van 85 19 november 2025

Het onderzoek heeft geleid tot een goed beeld van de bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie. Ter plaatse is ten hoogste een licht verhoogd gehalte aangetoond. Op basis van de vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit wordt geacht dat geen belemmering aanwezig is voor het huidige en toekomstige gebruik van de locatie en de voorgenomen herontwikkeling ten behoeve van woningbouw en graafwerkzaamheden. Vervolgonderzoek is niet nodig. Grondverzet Voor grondverzet met een omvang bodemvolume >25 m3 en een kwaliteit kleiner dan of gelijk aan interventiewaarde bodemkwaliteit gelden algemene regels paragraaf 3.2.21 en 4.119 van het Bal. In het Omgevingsplan van de gemeente kunnen aanvullende eisen zijn opgenomen. Met graafwerkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de bodemkwaliteit. De bovengrond voldoet grotendeels aan klasse Landbouw/natuur en plaatselijk (mm01) aan kwaliteitsklasse Industrie. De ondergrond voldoet aan klasse Landbouw/natuur. Grond van verschillende te verwachten kwaliteitsklassen dient bij graven, opslaan en terugplaatsen of afvoeren voor zover mogelijk gescheiden te blijven. Bij werkzaamheden in de grond dienen de maatregelen volgens CROW-publicatie 400 ‘Werken in en met verontreinigde bodem’ te worden aangehouden.

Op basis van de analyseresultaten is geen voorlopige veiligheidsklasse van toepassing, wel dient de basishygiëne in acht worden genomen. De definitieve veiligheidsklasse dient door een veiligheidskundige bepaald te worden. Eventueel uitkomende mag grond niet zonder meer elders toegepast worden. Afhankelijk van de functie en toepassing bij afvoer van de grond kan een partijkeuring of PFAS-onderzoek noodzakelijk zijn. Tevens bestaat de mogelijkheid om grondverzet binnen de gemeentegrenzen uit te voeren op basis van de Nota bodembeheer van de gemeente. Afzet naar een erkende grondbank is mogelijk op basis van de uitkomsten van onderhavige rapportage. Conclusie Gelet op het voorgaande kan geconcludeerd worden dat het aspect bodemkwaliteit geen belemmering vormt voor dit plan.

5.10 Trillinghinder Zwaar verkeer, heiwerkzaamheden, machines, enzovoort kunnen aanleiding geven tot trillingen in gebouwen. Deze trillingen kunnen op hun beurt leiden tot hinder voor personen en schade of storing aan apparatuur. De beoordeling van het aspect trillingen vindt zijn grondslag in artikel 4.2 van de Omgevingswet. De overheid moet bij een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ieder geval rekening houden met het belang van het beschermen van de fysieke leefomgeving. In paragraaf 5.1.4.4 van het Bkl zijn ten behoeve van de bescherming van de gezondheid en het milieu instructieregels opgenomen ter voorkomen en beperken van trillingshinder.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 44 van 85 19 november 2025

Het toepassingsbereik van de instructieregels is gekoppeld aan een combinatie van trillingsgevoelige gebouwen én aan op locatie toegelaten activiteiten. Dit houdt in dat in het omgevingsplan dient te worden gewaarborgd dat activiteiten die daarin worden toegestaan niet leiden tot onaanvaardbare trillingen in een trillingsgevoelig gebouw. De instructieregels voor trillingen uit het Bkl zijn echter niet van toepassing op doorgaand verkeer, spoorwegen en vaarwegen. Om de mogelijke trillingshinder door railverkeer in kaart te brengen kan worden uitgegaan van de SBRrichtlijn deel B. De gebruikelijke gehanteerde afstand waarbinnen trillingshinder door spoor wordt getoetst is een zone tot 100 meter van het spoor. Uit verschillende trillingshinderonderzoeken blijkt dat buiten deze afstand tot het spoor meestal geen trillingsniveaus optreden boven de streefwaarde voor Vmax van 0,1. Binnen een afstand van 100 meter tot het spoor moet bij nieuwbouw rekening worden gehouden met spoortrillingen en het voorkomen van hinder hierdoor. Dat binnen een zone van 100 meter tot het spoor rekening gehouden moet worden met trillingen betekent niet dat er binnen deze zone altijd maatregelen nodig zijn. Ten aanzien van het plan Het plangebied ligt niet binnen 100 meter van een spoor. Het plangebied ligt op een afstand van ca. 3,4 kilometer van het dichtstbijzijnde treinspoor.

Er kan geconcludeerd worden dat trillingshinder geen belemmering vormt voor onderhavig plan.

5.11 Luchtkwaliteit Luchtverontreiniging kan effect hebben op zowel de mens als de natuur. Daarom zijn er bepaalde regels vastgesteld om de kwaliteit van de buitenlucht te beschermen. Stoffen zoals stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM2,5 en PM10) zijn algemeen aanwezig in onze buitenlucht, onder meer door wegverkeer, landbouw en de verwarming van gebouwen. De concentratie van deze stoffen in de omgeving wordt gemonitord om de luchtkwaliteit te waarborgen. Besluit kwaliteit leefomgeving Voor luchtkwaliteit moeten overheden in en nabij aandachtsgebieden toetsen aan de rijksomgevingswaarden. Deze rijksomgevingswaarden komen uit de Europese richtlijnen ‘Luchtkwaliteit en Gevaarlijke stoffen’ die richt- en grenswaarden stellen voor stoffen die de buitenlucht beïnvloeden en zijn geregeld in paragraaf 2.2.1 van het Bkl. Meer specifiek in artikel 2.4 van het Bkl voor stikstofdioxiden en artikel 2.5 van het Bkl voor fijnstof.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray

Blad 45 van 85 19 november 2025

Gemeente Venray

Stof

Type norm

Stikstofdioxide (NO2)

Fijnstof (PM10)

Fijnstof (PM2,5)

Maximum overschrijding per jaar

Uurgemiddelde

Grenswaarden Concentratie (µg/m3) 200

Kalenderjaargemiddelde

40

-

Uurgemiddelde

50

35

Kalenderjaargemiddelde

40

-

Kalenderjaargemiddelde

25

-

18

Over drie kalenderjaren 20 berekend voortschrijdend gemiddelde van de kalenderjaargemiddelden Tabel: Omgevingswaarden stikstofdioxide en fijnstof (bron data: Besluit kwaliteit leefomgeving). Voor stikstofdioxide en fijnstof zijn daarnaast aparte aandachtsgebieden aangewezen in artikel 5.51, lid 2 en lid 3 van het Bkl. Vooral in deze gebieden moet de overheid de omgevingswaarden toetsen en monitoren. Wanneer een activiteit niet in betekende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging, dan behoeft op basis van artikel 5.53 van het Bkl geen toetsing aan stikstofdioxide en fijnstof plaats te vinden. Hieronder vallen de zogenaamde “standaardgevallen” uit artikel 5.54 van het Bkl, die in ieder geval leiden tot een verhoging van de kalenderjaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide en PM10 van 1,2 µg/m3 of minder. Deze standaardgevallen zijn activiteiten die niet in betekende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. In artikel 5.54, lid b, sub 1 van het Bkl is dit vertaald naar het toelaten van gebouwen met een woonfunctie en nevengebruiksfuncties met één ontsluitingsweg bij ten hoogste 1.500 woningen. Ten aanzien van het plan Door de realisatie van 8 levensloopbestendige woningen is er in beperkte mate sprake van een extra verkeersaantrekkende werking.

Afgezet tegen het toevoegen van 1.500 woningen is er geen sprake van een bijdrage in betekenende mate aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het plan wordt ontwikkeld in één van de vastgestelde aandachtsgebieden, meer specifiek een aandachtsgebied ‘PM10 - veehouderijen’ dat geldt voor de gehele gemeente Venray. In de navolgende afbeelding wordt de ligging van de planlocatie binnen het aandachtsgebied ‘PM10 - veehouderijen’ inzichtelijk gemaakt middels een blauwe cirkel.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 46 van 85 19 november 2025

Afbeelding: Uitsnede kaart van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (bron: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) Het verdient de voorkeur voor het betreffende plan om inzicht te verkrijgen in de lokale luchtkwaliteit in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Dit instrument wordt gebruikt ter ondersteuning van de monitoring van de luchtkwaliteit en geldt als de opvolger van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Navolgend zijn afbeeldingen weergegeven uit de bijbehorende kaarten voor stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2,5).

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 47 van 85 19 november 2025

Afbeelding: Kaart NO2-concentraties (stikstofdioxide), monitoringsronde 2024 en monitoringsjaar 2023 (bron: CIMLK)

Afbeelding: Kaart PM10 concentraties (fijnstof), monitoringsronde 2024 en monitoringsjaar 2023 (bron: CIMLK)

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 48 van 85 19 november 2025

Afbeelding: Kaart PM2,5 concentraties (fijnstof), monitoringsronde 2024 en monitoringsjaar 2023 (bron: CIMLK)

De dichtstbijzijnde meetlocaties zijn in voorgaande afbeeldingen met bolletjes weergegeven. De planlocatie is aangegeven met een blauwe pijl. Uit metingen ter plaatste blijkt dat in monitoringsronde 2024, monitoringsjaar 2023, de jaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide en fijnstof onder de omgevingswaarden is. Conclusie Het plan behoort tot een standaardgeval dat niet in betekende mate bijdraagt aan de verhoging van de concentratie van stikstofdioxide (NO2) of fijnstof (PM10 en PM2,5). De realisatie van het voorgenomen plan heeft daarom nauwelijks invloed op de luchtkwaliteit. Daarbij voldoet de luchtkwaliteit ter plaatse aan de omgevingswaarden die voortvloeien uit het Bkl. Het aspect luchtkwaliteit vormt derhalve geen belemmering voor dit plan.

5.12 Omgevingsveiligheid Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt het aspect omgevingsveiligheid geregeld in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en in de instructieregels voor gemeenten en provincies. Het aspect omgevingsveiligheid ziet op het geldende beleid ten aanzien van het beperken van de kans op en het effect van een ernstig ongeval door activiteiten met gevaarlijke stoffen.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 49 van 85 19 november 2025

Het aspect omgevingsveiligheid wordt hoofdzakelijk geregeld in hoofdstuk 5 van het Bkl. Hierin is onder andere bepaald dat ieder omgevingsplan rampen voorkomt, beperkt en bestrijdt. Daarnaast moet het omgevingsplan rekening houden met het belang van de mogelijkheden voor personen om zich daarbij in veiligheid te brengen en de bereikbaarheid voor hulpverlening. Onder het aspect omgevingsveiligheid valt het begrip externe veiligheid. Externe veiligheid bevat het risico voor personen die verblijven in de omgeving van een transportroute van gevaarlijke stoffen over weg, spoor of water, doordat bij een ongeval gevaarlijke stoffen kunnen vrijkomen. De beoordeling van externe veiligheidsrisico’s vindt plaats op basis van plaatsgebonden risico (PR) en aandachtsgebieden voor groepsrisico (GR). Het PR is de kans op overlijden van een onbeschermd persoon die continu op één plek aanwezig is als gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen. Regelgeving omtrent externe veiligheid zijn opgenomen in het Bkl, het Bal en het Bbl. Plaatsgebonden risico (PR) Voor zeer kwetsbare gebouwen en kwetsbare gebouwen en locaties is de plaatsgebonden risicocontour PR 10-6 per jaar een grenswaarde uit artikel 5.7 Bkl waarvan niet mag worden afgeweken. Voor beperkt kwetsbare gebouwen en locaties is dit een standaardwaarde benoemd in 5.11 Bkl waar gemotiveerd van mag worden afgeweken.

Aandachtsgebied Een aandachtsgebied is het gebied waarbinnen aanwezigen mogelijk kunnen overlijden als gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen. Als gevolg van drie typen effecten die kunnen optreden bij een ongeval met gevaarlijke stoffen, worden verschillende aandachtsgebieden bepaald: • Brandaandachtsgebied (BAG); • Explosieaandachtsgebied (EAG); en • Gifwolkaandachtsgebied (GAG). Er dient binnen deze aandachtsgebieden rekening gehouden te worden met het groepsrisico. Het groepsrisico ziet op de kans per jaar dat tien of meer personen overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen een aandachtsgebied. De gemeente kan binnen een aandachtsgebied voorschriftengebieden aanwijzen. Op dit moment is het onderwerp omgevingsveiligheid nog niet verwerkt in het Omgevingsplan van de gemeente Venray. Ten aanzien van het plan Ter onderbouwing van het aspect omgevingsveiligheid is door Kragten B.V. een onderzoek inzake externe veiligheid verricht. Het onderzoeksrapport d.d. 4 juni 2025 is opgenomen als bijlage 6. Navolgend worden de belangrijkste conclusies kort omschreven. Te verwachten risico’s Op grond van de Atlas Leefomgeving zijn er geen relevante risicobronnen in de nabijheid van het plan, waardoor er geen aandachtsgebied reikt tot over het plangebied.

Echter, de Veiligheidsregio Limburg-Noord heeft in samenwerking met de RUD Limburg-Noord een Handreiking Externe veiligheid opgesteld.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 50 van 85 19 november 2025

In hoofdstuk 3.1.3 van deze handreiking is opgenomen dat in Limburg Noord enkele wegen zijn die bijna net zo risicovol zijn als de landelijke Basisnet route. In tabel 3.2 van het genoemde document zijn deze wegen weergegeven, waaronder ook de N270. Vervolgens wordt niet duidelijk met welke aandachtsgebieden bij de onderhavige weg rekening gehouden moet worden. Wel is aangegeven dat het beleid in deze handreiking op termijn in een instructieregel met een werkingsgebied rond relevante regionale wegen gaat resulteren. Voor onderhavige situatie wordt aangenomen dat alle aandachtsgebieden van toepassing zijn. Op grond van de ruimtelijke scheiding zou het plangebied binnen het explosie- en gifwolkaandachtsgebied kunnen liggen. Onderstaand worden deze nader uitgewerkt. Explosieaandachtsgebied Zoals reeds genoemd zou het plangebied binnen het explosieaandachtsgebied van de N270 kunnen liggen. Het is derhalve relevant om de bestrijding van een calamiteit en de zelfredzaamheid van personen aanwezig in het projectgebied nader te beschouwen. Bestrijding calamiteit Uit de ‘’Handreiking bluswatervoorziening en bereikbaarheid 2019’’ van Brandweer Nederland volgt het advies dat het plangebied goed bereikbaar moet zijn voor de hulpverleningsdiensten via twee van elkaar onafhankelijke aanvalswegen, waardoor in geval van calamiteiten het plangebied bereikbaar is. Het plan is goed bereikbaar.

Zelfredzaamheid Binnen het onderhavige plan worden geen functies voorzien specifiek voor minder zelfredzame personen. Het plan omvat de ontwikkeling van woningen. Indien toch minder zelfredzame personen aanwezig zijn bij een calamiteit, zullen deze personen met hulp van de aanwezige zelfredzame personen in veiligheid gebracht worden. De mogelijkheden om te kunnen vluchten nemen toe door (nood)uitgangen en vluchtroutes zoveel mogelijk loodrecht van de risicobron af te richten. Vluchtroutes dienen duidelijk te worden aangeduid. Gifwolkaandachtsgebied Het plangebied zou tevens binnen het gifwolkaandachtsgebied kunnen liggen van de N270. Het is derhalve relevant om de bestrijding van een calamiteit en de zelfredzaamheid van personen aanwezig in het projectgebied nader te beschouwen. Bestrijding calamiteit Ten aanzien van de bereikbaarheid van het plangebied is bij een toxisch scenario met name de bereikbaarheid van de risicobronnen, in dit geval de provinciale weg, maatgevend. De inrichting van het plangebied heeft geen invloed op de bereikbaarheid en de bluswatervoorzieningen ter plaatse van de risicobron.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 51 van 85 19 november 2025

Zelfredzaamheid Indien minder zelfredzame personen aanwezig zijn, is het uitgangspunt dat zij met hulp van de aanwezige valide personen in veiligheid gebracht worden. Het beste advies bij het vrijkomen van een toxische wolk als gevolg van een incident op de weg is te schuilen, mits ramen, deuren gesloten en ventilatie uitgeschakeld kunnen worden. Aangezien het nieuwbouw van woningen betreft, zal op grond van de vigerende bouwregelgeving voldoende aandacht geschonken worden aan naad- en kierdichting, zodat de ruimten zo goed als mogelijk luchtdicht zijn. Gezien de ligging binnen het gifwolkaandachtsgebied dient op grond van artikel 4.124 van het Besluit bouwwerken leefomgeving een mechanisch ventilatiesysteem toegepast te worden dat handmatig uitgeschakeld kan worden. Indien desalniettemin bij een toxische wolk wordt besloten het gebied te ontruimen, is het van belang dat personen haaks op de wolk kunnen vluchten. Hiervoor is het nodig dat er haaks op elkaar staande vluchtwegen beschikbaar zijn, die van de bron af gericht zijn. Deze wegen zijn aanwezig. Risicocommunicatie In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat de zelfredzaamheid kan worden verbeterd door maatregelen zoals een waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) en risicocommunicatie (hoe te handelen bij een incident, gebaseerd op de eerder genoemde scenario’s).

In geval van een calamiteit is het van levensbelang dat de aanwezigen tijdig gewaarschuwd worden. Vluchtroutes dienen zichtbaar en duidelijk te worden aangeduid. De invulling van de risicocommunicatie dient conform de Wet veiligheidsregio’s door het bestuur van de Veiligheidsregio’s uitgevoerd te worden. De Veiligheidsregio ondersteunt en adviseert de gemeenten hierin in voorbereiding op een alarmering bij rampen. Algemeen In de rapportage zijn elementen aangedragen die de gemeenteraad kan gebruiken bij de oordeelsvorming inzake de omgevingsveiligheid voor het aspect externe veiligheid ten aanzien van het planvoornemen. De gemeente Venray heeft in het kader van de ruimtelijke procedure advies ingewonnen bij de Veiligheidsregio en een standpunt in te nemen aangaande de externe veiligheid. Het volledige advies van de Veiligheidsregio d.d. 8 juli 2025 is volledigheidshalve opgenomen als bijlage 11. Ten aanzien van externe veiligheid stemt de Veiligheidsregio in met de motivering en conclusies zoals hierboven omschreven. De Veiligheidsregio heeft geconcludeerd dat er geen belemmeringen zijn ten aanzien van de beschikbaarheid van bluswater en de bereikbaarheid van het plangebied in het geval van calamiteiten.

De Veiligheidsregio adviseert, indien er duurzaamheidsmaatregelen worden getroffen zoals toepassing van zonnepanelen of andere alternatieve energiebronnen, om in overleg met brandweer Limburg-Noord te bekijken hoe het één en ander het best kan worden uitgevoerd.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 52 van 85 19 november 2025

Conclusie Het aspect omgevingsveiligheid vormt geen belemmering voor onderhavig project.

5.13 Mobiliteit In het kader van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving is het van belang om het aspect ‘mobiliteit’ mee te wegen. Nieuwe ontwikkelingen mogen niet leiden tot conflicten op de omliggende wegen en andere voorzieningen. Daarbij kan gedacht worden aan een gebrek aan parkeerplaatsen. De gemeente Venray heeft haar parkeerbeleid omschreven in de Beleidsnota Parkeernormen. Ruimtelijke initiatieven zoals de onderhavige worden getoetst aan deze beleidsnota om de parkeersituatie ter plaatse te waarborgen. In de beleidsnota is vastgesteld dat de gehele gemeente Venray kwalificeert als ‘matig stedelijk gebied’. Uitgangspunt van de beleidsnota is dat een initiatief op eigen terrein voldoet aan de parkeervraag. Verder wordt er uitgegaan van een parkeernorm die bestaat uit een bewoners- en bezoekersnorm per woning. De gemeente Venray heeft tot slot haar beleid ten aanzien van verkeer en ontsluiting vastgelegd in de Netwerkennota 2019 – Uitgangspunten netwerken, infrastructuur en verkeer. Ten aanzien van het project Verkeer De verkeersafwikkeling van en naar het projectgebied zal plaatsvinden via de Hoebertweg. De Hoebertweg wordt ontsloten door de Langstraat en de Sportlaan. Via de Langstraat kan het centrum van Venray bereikt worden in ca. 5 minuten. Daarnaast kan de N270 bereikt worden via de Langstraat.

De N270 is een provinciale weg die gelegen is in de gemeenten Eindhoven, Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Helmond, Deurne, Bergen en Venray. De N270 sluit tevens aan op de A73, die Noord- en Zuid-Limburg met elkaar verbindt. Het projectgebied is gelegen in de rest bebouwde kom in een matig stedelijk gebied. Conform de cijfers van het CROW bedragen de maximale verkeersbewegingen van een koopwoning in de vorm van een tussen- of hoekwoning maximaal 7,5 verkeersbewegingen per woning per etmaal. Navolgend wordt dit middels een tabel inzichtelijk gemaakt.

Afbeelding: Uitsnede norm verkeersgeneratie ‘koop, huis, tussen/hoek’ (bron: CROW-publicatie nr. 744).

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 53 van 85 19 november 2025

In totaal genereert het plan maximaal (8 * 7,5 =) 60 verkeersbewegingen per etmaal. De Hoebertweg en de Langstraat zijn zo ingericht dat deze ontsluitingswegen de aantal extra verkeersbewegingen zonder problemen kunnen opvangen. Parkeren In de huidige situatie zijn er geen (auto- of fiets)parkeerplaatsen aanwezig in het projectgebied. De gemeente Venray heeft parkeerkencijfers vastgelegd in haar Beleidsnota Parkeernormen. Aan de hand van deze beleidsnota kan de parkeerbehoefte worden vastgesteld voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het projectgebied is gelegen in het gebied ‘rest bebouwde kom, kerkdorpen en buitengebied’. Navolgend wordt de parkeernorm inzichtelijk gemaakt voor een woonfunctie gelegen binnen dit gebied.

Afbeelding: Uitsnede parkeernorm ‘wonen, woonhuis, rest bebouwde kom’ (bron: CROW-publicatie nr. 744). De parkeernorm bedraagt per woning 2 parkeerplaatsen. Voor onderhavig plan bedraagt de parkeerbehoefte (8 * 2 =) 16 parkeerplaatsen. Aan deze parkeerbehoefte wordt op eigen terrein voldaan. In de navolgende afbeelding wordt middels een rode omlijning inzichtelijk gemaakt waar de parkeerplaatsen binnen het projectgebied gerealiseerd worden.

Afbeelding: Ligging autoparkeerplaatsen in het plangebied (bron: De Loods Architecten en Adviseurs)

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 54 van 85 19 november 2025

Het plan voorziet in de benodigde hoeveelheid parkeerplaatsen op eigen terrein. Conclusie Het aspect mobiliteit vormt derhalve geen belemmering voor het plan.

5.14 Archeologie en cultuurhistorie Op grond van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moet de gemeente voor cultureel erfgoed dat voor bescherming in aanmerking komt een toereikend beschermingsregime opnemen in het omgevingsplan. In dit verband geeft het rijk de gemeente instructieregels in artikel 5.130 lid 2 van het Bkl.

5.14.1 Archeologie Ten aanzien van het plan In 2024 heeft de gemeente Venray haar gemeentelijk erfgoedbeleid aangepast om tot een meer integraal gemeentelijk erfgoedbeleid te komen. Daarnaast heeft de gemeente Venray een archeologische beleidskaart opgesteld. Voor de diverse archeologische verwachtingswaarden gelden verschillende onderzoeksgrenzen. Navolgend wordt een uitsnede van de archeologische beleidskaart weergegeven waarbij de projectlocatie met een blauwe cirkel en een blauwe pijl is aangeduid.

Afbeelding: Uitsnede archeologische beleidskaart gemeente Venray

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 55 van 85 19 november 2025

Uit de voorgaande afbeelding blijkt dat de projectlocatie gelegen is in een gebied dat wordt aangeduid als categorie 2 (‘Monumenten van zeer hoge waarde en monumenten die betrekking hebben op de historische kernen’). Het projectgebied heeft derhalve een dubbelfunctie (c.q. een dubbelbestemming) ‘Waarde – Archeologie 2’. Voor deze gronden geldt dat bij bodemingrepen groter dan 250 m2 én dieper dan 50 cm onder maaiveld een archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Gelet op het voorgaande is een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek benodigd om het aspect archeologie nader te onderbouwen. Het archeologisch bureau- en veldonderzoek is uitgevoerd door Transect (d.d. 5 september 2025). Het volledige onderzoek is opgenomen als bijlage 7. Navolgend worden de belangrijkste onderzoeksresultaten hiervan besproken. Conclusie Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied op een dekzandwelving ligt dat overgaat naar een beekdalbodem in een zuidoostelijke richting. Dit gebied was hierdoor aantrekkelijk geweest voor bewoning. Op basis hiervan kunnen theoretisch gezien archeologische resten uit de periode Laat- Paleolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen aanwezig zijn in de top van het dekzand. De verwachting hierop is hoog. Op het aantreffen van resten uit de periode Late Middeleeuwen-Nieuwe Tijd geldt een hoge archeologische verwachting.

Het plangebied bevindt zich vanaf de Late Middeleeuwen in het dorp Veltum, die tussen de middeleeuwse dorpen van Venray en Leunen ligt. Het plangebied bevindt zich langs de bewoningslint van dit dorp, namelijk de huidige Hoebertweg. Hierdoor geldt een hoge trefkans voor zowel bewonings- als achter erf-gerelateerde resten in het plangebied. Tijdens het veldonderzoek is vastgesteld dat de ondergrond in het plangebied uit dekzand bestaat, dat plaatselijk bedekt is geraakt met een bouwlanddek. Het dekzand bestaat in de basis van de boringen uit Oud Dekzand, hetgeen geconcludeerd is op basis van de lemigheid van het zand. Bovenop het Oud Dekzand is een dunne laag Jong Dekzand aanwezig. De top van het dekzand ligt normaal gezien op een diepte van 25 – 60 cm -Mv (24,6 tot 25,0 m +NAP). Alleen in het noordoostelijk gedeelte ligt het dekzand op 105 cm -Mv (24,3 m +NAP). Het dekzand ligt in boringen 1, 4 en 6 direct onder de moderne bouwvoor. In boringen 2, 3 en 5 is een verploegd landbouwdek tussen de bouwvoor en het dekzand aanwezig. In geen van de boringen zijn in de top van het dekzand in- of uitspoelingshorizonten aangetroffen. Ook is in het bouwlanddek sprake van zandbrokken van het onderliggende dekzand en is in boring 3 de bovengrond omgewerkt. De resultaten van de boringen wijzen er op dat dit gebied vergraven is, waarbij het bouwlanddek verwijderd is.

Deze grond is plaatselijk teruggezet in het oosten van het plangebied. Dit verklaart de omgewerkte verschijning van het bouwlanddek. De mate van vergraving van het dekzand is op basis van het booronderzoek niet aantoonbaar. Hierdoor is de hoge archeologische verwachting voor de periode Neolithicum-Nieuwe Tijd nog van toepassing voor de top van het dekzand. Vermoedelijk zijn ondiepe sporen niet meer aanwezig, maar kunnen dus nog wel diepere grondsporen (paalkuilen, waterputten, greppels etc.) als onderdeel van nederzettingsterreinen aangetroffen worden.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 56 van 85 19 november 2025

Advies Op basis van het uitgevoerde archeologisch onderzoek is voor het plangebied een hoge archeologische verwachting voor de periode Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd vastgesteld. Deze resten worden in de top van het dekzand verwacht vanaf 25 – 105 cm onder maaiveld (24,3 tot 25,0 m +NAP). Omdat de toekomstige bodemingrepen tot ca. 80 cm onder maaiveld komen te liggen, wordt een vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een proefsleuvenonderzoek (IVO-P). Voor een dergelijk onderzoek dient op voorhand een Programma van Eisen opgesteld te worden, waarin de kaders en eisen van het onderzoek vastgelegd staan. Dit PvE dient door de gemeente Venray getoetst te zijn. Bovenstaande vormt een advies. Op grond van de resultaten van het rapport en het advies zal de bevoegde overheid (de gemeente Venray) een besluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische waarden binnen het plangebied.

5.14.2 Cultuurhistorie Cultuurhistorische waarden worden vaak in één adem genoemd met archeologische waarden. Deze waarden verschillen echter van archeologische waarden. Cultuurhistorische waarden zijn waarden die zichtbaar zijn in het landschap en aanwezige (bebouwings-) structuur en 'iets vertellen' over het (cultuurhistorische) verleden van het gebied. Het is belangrijk om te beschouwen hoe rekening wordt gehouden met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden. De facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie zijn in deze belangenafweging mede van belang. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet-formeel beschermde objecten en structuren. Op provinciaal niveau heeft de provincie Limburg een Cultuurhistorische waardenkaart opgesteld, welke in 2024 is herzien. Op deze kaart zijn cultuurhistorische waarden van provinciaal belang aangegeven. Ten aanzien van het plan Navolgend is een uitsnede opgenomen van de provinciale cultuurhistorische waardenkaart opgenomen. Middels blauwe pijlen zijn de relevante objecten aangeduid. De projectlocatie is blauw omlijnd.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 57 van 85 19 november 2025

Afbeelding: Uitsnede cultuurhistorische waardenkaart Limburg (bron: provincie Limburg) Op de voorgaande afbeelding is te zien dat de projectlocatie in de directe omgeving van twee Rijksmonumenten is gelegen die aangeduid zijn met een bruine stip. Op ca. 70 meter afstand ligt de Veltumse Kapel. De Sint Rochuskapel is gelegen op een afstand van ca. 240 meter. Te zien is dat binnen het projectgebied geen bouwkundige cultuurhistorische waarden aanwezig zijn volgens de provinciale cultuurhistorische waardenkaart. De cultuurhistorische waarden vormen derhalve geen belemmering voor onderhavig plan. Conclusie Het aspect archeologie en cultuurhistorie vormt geen belemmering voor het onderhavig plan.

5.15 Molenbiotoop De gemeente Venray heeft in het vigerende bestemmingsplan ‘Venray’ een gebiedsaanduiding opgenomen ter bescherming en instandhouding van de belangen van een bestaande molen als werktuig en beeldbepalend element. Door een gebiedsaanduiding op te nemen in het vigerende bestemmingsplan wordt voorkomen dat molens verdwijnen tussen oprukkende bebouwing of uitdijende beplanting en er wordt voorkomen dat de molens minder goed functioneren door een verminderde windvang.

Motivering TAM-omgevingsplan, Hoebertweg (ong.) te Venray Gemeente Venray

Blad 58 van 85 19 november 2025

Het is niet toegestaan om binnen 100 meter van de molen nieuwe bouwwerken op te richten die hoger zijn dan de onderste punt van de verticale wiek. Verder is het niet toegestaan om binnen 400 meter van de molen nieuwe bouwwerken op te richten met een grotere hoogte dan 1/30e van de afstand gemeten tussen het bouwwerk en de onderste punt van de verticale wiek. Ten aanzien van het project De gebiedsaanduiding is opgenomen ter bescherming van de Sint Petrus/Gitzelsmolen. Deze molen is gelegen aan de Sportlaan (nr. 10) op een afstand van ca. 400 meter. De molen is gelegen op een onderbouw met een hoogte van ca. 3 meter. Het onderste punt van de verticaal staande wiek bedraagt ca. 3,5 meter. Uitgaande van een afstand tot de molen van ca. 400 meter geldt een maximale bouwhoogte voor onderhavig project van (1/30*400 = 13,3 + 3,5) ca. 16,8 meter. Onderhavig plan maakt het niet mogelijk om hoger dan 7,5 meter te bouwen. De gebiedsaanduiding wordt tevens opgenomen in het TAM-omgevingsplan ter bescherming en instandhouding van de belangen van de Sint Petrus/Gitzelsmolen. Conclusie Het aspect molenbiotoop vormt geen belemmering voor het onderhavige plan.

5.16 Spuitzonering Op agrarische gronden kunnen verschillende gewasbeschermingsmiddelen gespoten worden. Deze gewasbeschermingsmiddelen kunnen een risico vormen voor de gezondheid van personen in de directe omgeving. Dit risico kan ontstaan zodra – bij het spuiten van gewasbeschermingsmiddelen – een deel van de gewasbeschermingsmiddelen door de wind wordt verspreid naar nabijgelegen gronden. Ten aanzien van het project Het project voorziet in de ontwikkeling van een woongebied bestaande uit 8 levensloopbestendige woningen in de nabijheid van percelen met een agrarische functie. In overeenstemming met diverse uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) wordt een afstand van 50 meter tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen kunnen worden gebruikt in het algemeen redelijk geacht (zie de uitspraak van de Afdeling van 30 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:855). Om te voldoen aan deze regel is er overleg geweest met de grondeigenaren van de aangrenzende agrarische percelen waar spuiten met gewasbeschermingsmiddelen in beginsel toegestaan is. Het gaat hier meer specifiek om de percelen kadastraal bekend als Gemeente Venray, sectie L, nummers 3873 en 4297. In overleg met de eigenaren is er een ‘milieuzone – spuitvrije zone’ opgenomen in het TAM-omgevingsplan op deze agrarische percelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16773718/1