473508 Bijl Concept Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo.pdf
Tekst van het document
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
special
woonlagen
Lijstgevels zijn sinds 1800 de norm geworden. Oudere top- of trapgevels zijn inmiddels zeldzaam en beschermd. De drieledige gevelopbouw weerklinkt in de winkelpui: een basement of plint onderlangs (a), een glazen zone met entree en etalages (b) en een kroonlijst bovenlangs (c). De kroonlijsten van de winkelpuien en de gootlijsten van de panden zorgen - ondanks de onderlinge kleine hoogteverschillen - voor horizontale continuïteit in het straatgevelbeeld. De verticale vensterassen op de verdieping(en) benadrukken juist de pandsgewijze opbouw en zorgen voor repetitie en ritmiek in het straatgevelbeeld. De begane grond of winkelpui zorgt voor interactie met de straat dankzij de hoge mate van transparantie, de diepte van de entree (portiek) en de ramen (dagkant), de uitkragende zonwering en/of de aandacht vragende reclame. • Die interactie mag niet teniet worden gedaan door een dicht uitgevoerd rolluik. • Zonwering is zorgvuldig geïntegreerd in de winkelpui. • Een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik van het pand en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig in de structuur en architectuur van het platte vlak van de winkelpui en/of de zonwering. Haaks op de gevel is per pand éénmalig een dubbelzijdig reclamebord toegestaan (zie de gele vlakken). Niet toegestaan zijn o.a.
vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen, ook niet aan de binnenzijde achter een etalage. Voor meer informatie zie de Reclamenota. Het gebruik van natuurlijke materialen is bepaald door de eeuwenlange lokale bouwtraditie. Keramische producten zoals baksteen en dakpannen uit de directe omgeving voor gevelmetselwerk en dakdekking. Hardstenen gevelelementen aangevoerd via de Maas voor o.a. plinten en omlijstingen. Hout voor deuren, ramen, puien en gootlijsten. Gestuukte gevels in vanouds een opvallend bont kleurenpalet.
specials
vijfde gevel: landschap van schuine pannen daken
C. kop: kroonlijst, expressief, horizontaal continu
B. romp: vensterassen, rust, verticale ritmiek
< ------
A. voet: pui, kroonlijst, interactie horizontaal continu
---- >
kroonlijst
c.
etalage
b.
basement
a.
vooraanzicht
zijaanzicht
winkellaag
pandsgewijs
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
93
Gebouwtypen De bebouwing van de ‘middeleeuwse binnenstad’ bestaat overwegend uit kleinschalige individuele woonhuizen met thans een winkel op de begane grond en een woning of magazijn op de verdieping(en). Op enkele plekken zijn die panden getransformeerd tot een grootschaliger warenhuis. Deze gebouwen voegen zich in het eerder beschreven bebouwingspatroon en gevelbeeld. Dat geldt ook voor de typologisch onderscheidende gebouwen van de gezagsdragers (het stadhuis, de kerken en de kloosters), alleen zijn deze representatieve gebouwen meer losgeweekt van de bouwblokken of hebben zelfs een vrijstaande positie in de stad. Architectuurstijlen Door de eeuwenlange dynamiek van verbouwen, slopen en vernieuwen is in de binnenstad een staalkaart aan architectuurstijlen ontstaan: van gotiek en renaissance, via neoclassicisme en Art Nouveau tot Amsterdamse School en postmodernisme. Door de grote variatie in bouwstijlen
heeft elk pand een zekere individualiteit. Door de constante van de beschreven gevelbeeldprincipes is er toch sprake van een zekere collectiviteit in de uitstraling van de straatwanden. Bij nieuwbouw bestaat weliswaar geen voorkeur voor een bepaalde bouwtrant omdat het palet aan architectuurstijlen in de binnenstad juist uitgesproken rijk, divers en van alle tijden is, maar de nieuwbouw dient zich wel zorgvuldig te verhouden tot de bebouwingskarakteristiek van het betreffende deelgebied.
Voorbeeldig: drieledige winkelpui die past bij drieledige gevelopbouw.
Voorbeeldig: historische kleuren herleven aan de Markt.
Voorbeeldig: reactiveren van een binnenterrein: Knibbelstraatje.
Werk aan de winkel: winkelpui als maximale kijkdoos.
Werk aan de winkel: luifel en rolluik met signaalwaarde op de kop van de hoofdwinkelstraat.
Werk aan de winkel: allesoverheersende reclame en opsmuk.
Aandachtspunten Het straatgevelbeeld in de ‘middeleeuwse binnenstad’ is aangenaam en bekoorlijk dankzij de pandsgewijze opbouw, de incidentele specials, de staalkaart aan architectuurstijlen, het locatiespecifieke materiaalgebruik, de driedeling in de gevels en winkelpuien, het expressieve daklandschap en de interactie op ooghoogte tussen gevel en straat. De gedoseerde afwisseling en variatie, de
•
pittoreske sfeer en de menselijke schaal en maat dragen eveneens bij aan een omgevingskwaliteit met hoge verblijfswaarde. Die voor Venlo hoogst waardevolle erfenis vraagt om een zorgvuldige benadering. Bij de omgang met de bestaande bebouwing en bij het inpassen van nieuwe elementen gelden daarom de volgende punten: •
Aaneenschakeling van kleinschalige individuele winkelwoningen.
Incidenteel schaalvergroting in de vorm van een warenhuis.
Het stadhuis als solitair op de meest markante plek.
•
Staalkaart van architectuurstijlen: wederopbouwarchitectuur en neorenaissance.
94
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
Invloeden van de Art Nouveau.
18e eeuwse lijstgevels, naoorlogse abstractie en gotiek.
Respecteer de beschreven bebouwingspatronen. Accentueer daarin het historische assenkruis van handelswegen als structuurbepalend stelsel, reactiveer het secundaire stelsel van stegen en binnenterreinen, en transformeer de naoorlogse Jorisstraat van een weidse verkeersdoorbraak naar een prettige verblijfsplek die beter aanlsuit bij het omringende historische stadsweefsel. Verken de mogelijkheden om: • Bijzondere of monumentale gebouwen publiek toegankelijk te maken. • Gebouwen opnieuw betekenis te geven: herbestemmen leegstaand vastgoed gaat voor nieuwbouw; wonen boven winkels met ontsluiting aan de voor- of achterzijde; wonen, werken of recreëren op de begane grond in panden buiten het kernwinkelgebied. • Het beter ontsluiten en/of zichtbaar maken van verborgen schatten zoals middeleeuwse kelders, historische waterputten, oude stegen en overkluisde stadsbeken. Respecteer de beschreven gevelbeeldprincipes en zet in op kwalitatieve verbetering van het gevelbeeld door: • Het respectvol onderhouden van monumentale en beeldbepalende gevels én het daklandschap als markante ‘vijfde gevel’.
•
Het vervangen van detonerende kunststof deuren, ramen en kapellen door (houten) exemplaren met historische profielen en roedenindeling. • Het uitvoeren van schilderwerk op basis van historische kleuren. • Het onderzoeken van de mogelijkheden om aan het zicht onttrokken middeleeuwse gevels weer zichtbaar te maken (let op: kwetsbaar!). • Het reconstrueren of herinterpreteren van historische winkelpuien bij gevels waar die puien verloren zijn gegaan (raadpleeg ter inspiratie altijd de oorspronkelijke bouwtekening). • Het terugbrengen van historische huisnamen, muurschilderingen, winkelsymbolen of reclamedragers. • Het aanbieden van plek-gerelateerde verhalen via informatiedragers aan het publiek. • Het verwijderen van reclame-uitingen, vlaggen en luifels die clandestien zijn aangebracht en/ of niet meer voldoen aan de huidige richtlijnen (handhaving). • Het vergroten van de interactie met de straat: denk aan uitlichten, gevelbankjes en geveltuintjes. In de ‘middeleeuwse binnenstad’ blijven groenelementen vanouds hoofdzakelijk beperkt tot binnenterreinen, parken en religieuze enclaves. Thans bieden ook ruim bemeten buitenruimtes en straatgevelwanden mogelijkheden tot vergroening, mits zorgvuldig gecoördineerd aangebracht, gedoseerd en ingepast in het structuur-, ruimte- en gevelbeeld. Die zorgvuldigheid is elders in dit rapport concreet gemaakt.
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
95
Negentiende-eeuwse binnenstad
•
Het deelgebied ‘negentiende eeuwse binnenstad’ ligt aan weerszijden van het haakvormige tracé Puteanusstraat – Goltziusstraat – Burgemeester Van Rijnsingel, bevindt zich ter plaatse van de ontmantelde vestingwerken en is ruimtelijke georganiseerd rond het Mgr. Nolensplein en het naoorlogse Julianapark (een voormalig spooremplacement). Het structuur- en ruimtebeeld van deze negentiende eeuwse stadsuitleg is behoorlijk intact. Dat beeld is gerespecteerd tijdens de incidentele en kleinschalige wederopbouw. In de afgelopen vijftig jaar is een deel van de oorspronkelijke bebouwing echter vervangen door grootschalige moderne woon-, winkel- en kantoorcomplexen.
Bebouwingspatronen
Gevelbeeldprincipes
•
•
•
•
•
Regelmatige rechthoekige structuur van singels en woonstraten die enigszins uitwaaieren in noordelijke richting en overdwars flauw gebogen zijn in de richting van de Maas. De lange zichtlijnen worden beëindigd door een hoekgebouw of -toren, een groenelement of panorama op de Maas. De rechthoekige bouwvelden zijn ingevuld door gesloten bouwblokken met een pandsgewijze aaneenschakeling van individuele huizen aan de vier straatzijden die samen een binnenterrein met tuinen en/of parkeervoorzieningen omsluiten. Oorspronkelijke uitzonderingen op dit bouwblok-principe zijn: het onbebouwde Mgr. Nolensplein en het vrijstaande Kunstencentrum Co. de Cultuurontwikkelaar. Latere uitzonderingen zijn de stand alones De Beerendonck en het Limburgs Museum in beide uiteinden van het Julianapark. Die twee gebouwen liggen opgespannen tussen de zigzag-lijnen van het park die als samenhangend stelsel aan de voormalige vestingwerken refereren. De bebouwing dateert merendeels uit de periode 1880-1940 en is uitgevoerd in een grote diversiteit aan bouwstijlen. Er zijn twee sferen te onderscheiden. • In het Goltziuskwartier en langs de Burgemeester van Rijnsingel overwegend een woonfunctie met voorname architectonische uitstraling: herenhuizen (met souterrain) direct aan de straat, villa’s in tuinen.
• In het Puteanuskwartier een meer gemengde functie in een iets eenvoudiger architectuur (overwegend winkel-/woningen direct aan de straat). Elk pand heeft een zekere individualiteit zeker de hoekpanden, maar die is ondergeschikt aan de samenhangende uitstraling van het bouwblok of de straatgevel als geheel, uitgezonderd de eerder genoemde drie solitaire gebouwen.
De oorspronkelijke bebouwing vertoont een zekere samenhang in het gevelbeeld door de consequent doorgevoerde toepassing van:
•
< park
•
de hoek om
< plein
96
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
de hoek om
Twee of drie bouwlagen met kap. De schild- en zadeldaken met wisselende hellingshoeken hebben de nokrichting overwegend evenwijdig aan de straat. • Horizontale continuïteit: vensterreeksen met houten ramen en roedenindeling, en een ‘spekkoek‘ van evenwijdige lijnen (plint, cordonlijst, speklaag, kroon- en/of gootlijst). • Verticale accenten in de vorm van hoektorentjes, topgevels en dakkapellen van het historiserende tuit-, hals-, trap- of kloktype, vaak gecombineerd met een balkon, loggia of erker. Deze gevelelementen en bekroningen benadrukken de pandsgewijze opbouw en brengen ritmiek in het beeld van het bouwblok en de straatgevel. • Gebruik van lokale keramische materialen voor het dak (rode en gesmoorde pannen) en voor de gevels (baksteen in meerdere kleuren en/of met siermetselwerk). In het Puteanuskwartier komen vanouds ook (geblokt) gestuukte gevels voor. • Gevarieerde ornamentiek: o.a. metselmozaïek, smeedijzeren sierankers en raamhekken, gestuukte vensteromlijstingen, houten deuren en gootklossen met snijwerk, gehakte accenten van natuursteen. Elk pand heeft één of meerdere van deze ornamenten. Her en der verspreid over het Puteanuskwartier zorgt een horeca- of winkelpui voor interactie met de straat dankzij de transparantie van de pui, de diepte van de entree (portiek) en ramen (dagkanten), de uitkragende zonwering en/of de aandacht vragende reclame.
• Zonwering is zorgvuldig geïntegreerd in de pui. • Een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik van het pand en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig in de structuur en architectuur van het platte vlak van de winkelpui en/of de zonwering. Haaks op de gevel is per pand éénmalig een dubbelzijdig reclamebord toegestaan. Niet toegestaan zijn o.a. vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen, ook niet aan de binnenzijde achter een pui. Voor meer informatie zie de Reclamenota. Verspreid over het Goltziuskwartier komen enkele winkels en horecazaken voor, alsmede enkele aan huis gebonden praktijkruimtes. • Voor winkels en horecazaken gelden dezelfde reclameregels als in het Puteanuskwartier. • Voor praktijkruimtes geldt: een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik van de praktijk en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig en ingetogen bij de entree in de structuur en architectuur van de gevel óf bescheiden als
‘zuil’ in de voortuin. Niet toegestaan zijn o.a. uitstallingen, uitingen haaks op de gevel, vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen. Voor meer informatie zie de Reclamenota.
hoekaccenten
horizontale gevelgeleding pandsgewijze opbouw
markante dakcontour, de hoek om met torenaccenten
pandsgewijze aaneenschakeling van herenhuizen
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
97
Gebouwtypen De pandsgewijze bebouwing van de ‘negentiende eeuwse binnenstad’ bestaat in het Goltziuskwartier en aan de Burgemeester van Rijnsingel overwegend uit individuele woonhuizen van het type geschakelde herenhuis en in mindere mate uit vrijstaande villa’s, en in het Puteanuskwartier overwegend uit het type geschakelde stadswoning al dan niet met commerciële ruimte op de begane grond. Vooral rond het Mgr. Nolensplein en in de hoek Maaskade - Noord Buitensingel zijn complete straatwanden vervangen door blokken appartementen en kantoren op plinten met winkels of bergingen. Deze nieuwbouw uit de afgelopen vijftig jaar voegt zich in de rooilijnen en soms in de horizontaal gelede gevelwanden, maar wijkt verder af qua schaal, maatvoering, hoogte, dakvorm, architectuur, detaillering, kleur- en materiaalgebruik. Dat contrast wringt en botst in de bouwblokkenstructuur, maar gaat wel goed bij De Beerendonck en het Limburgs Museum omdat het twee solitaire gebouwen betreft die bovendien hun context en verband ontlenen aan het park en de vestingwerken die hier lagen. Architectuurstijlen Dankzij de snelle opeenvolging van modes in de architectuur gedurende de periode 1880-1940 is in de
‘negentiende eeuwse binnenstad’ een staalkaart aan architectuurstijlen ontstaan: van allerlei historiserende neostijlen, via een enkel voorbeeld in Art Nouveau of rationalisme naar de expressieve architectuur van het interbellum en de stadsvernieuwing. Door de rijke variatie in bouwstijlen heeft elk pand een zekere individualiteit. Tegelijkertijd is in de meeste straatwanden sprake van samenhang dankzij de constante van de beschreven gevelbeeldprincipes en gebouwtypen. Op die manier kan vervangende eigentijdse nieuwbouw zich op een vanzelfsprekende manier voegen in het gevelbeeld. Dat is overigens in de afgelopen vijftig jaar niet bij elk nieuwbouwproject goed gelukt. Bij nieuwbouw bestaat weliswaar geen voorkeur voor een bepaalde bouwtrant omdat het palet aan architectuurstijlen in de binnenstad juist uitgesproken rijk, divers en van alle tijden is, maar de nieuwbouw dient zich wel zorgvuldig te verhouden tot de bebouwingskarakteristiek van het betreffende deelgebied. Aandachtspunten Het straatgevelbeeld in de ‘negentiende eeuwse binnenstad’ is aangenaam en bekoorlijk dankzij de systematische aanpak van de bouwblokken, de pandsgewijze opbouw ervan, de architectonische accenten op hoeken en stedenbouwkundig markante
Voorbeeldig: fraai onderhouden hoekpand.
Voorbeeldig: statig wonen en werken aan de parkrand
Voorbeeldig: landschappelijke inbedding van het museum in het Julianapark.
Werk aan de winkel: vlak wit kunststof in een sierlijke gevel.
Werk aan de winkel: begane grond losgesneden van de verdiepingen.
Werk aan de winkel: bebouwing in afwijkende schaal, hoogte en gevelopbouw.
plekken, de rijkdom aan architectuurstijlen, de decoratieve verfijning van plint tot gootlijst en het locatiespecifieke materiaalgebruik. Ook de combinatie van een royaal bemeten buitenruimte (nog intact) met een robuuste groenstructuur (op onderdelen aangetast) draagt bij aan een omgevingskwaliteit met hoge verblijfswaarde. De negentiende eeuwse stadsuitleg is voor Venlo een waardevolle erfenis die om een zorgvuldige benadering vraagt. Bij de omgang met de bestaande bebouwing, bij het inpassen van ingrepen en het toevoegen van nieuwbouw worden - in aanvulling op het beleidskader van de Welstandsnota - als richtlijn en ter inspiratie de volgende aandachtspunten meegegeven: •
Eenvoudiger woningen vaak met commerciële functie in het Puteanuskwartier.
Chique woningbouw.
Vrijstaand gebouw met bijzondere functie (r) in het Golziuskwartier.
•
•
Overgangsarchitectuur in een mix van historisme en rationalisme.
98
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
Invloeden van de Art Nouveau.
De kleinschalige architectuur van de stadsvernieuwing.
Respecteer de beschreven bebouwingspatronen. Neem de voormalige vestingwerken en de langgerekte parkstructuur als locatiespecifieke ruimtelijke ontwerpthema’s voor de herontwikkeling van De Beerendonck. Verken de mogelijkheden om: • Bijzondere of monumentale gebouwen publiek toegankelijk te maken. • Gebouwen opnieuw betekenis te geven: herbestemmen leegstaand vastgoed gaat voor nieuwbouw; wonen boven winkels met ontsluiting aan de voor- of achterzijde; wonen, werken of recreëren op de begane grond (terug naar een compacter kernwinkelgebied). Respecteer de beschreven gevelbeeldprincipes en zet in op kwalitatieve verbetering van het gevelbeeld door: • Het introduceren van de gebiedseigen kleinere schaal en maat in het gevelbeeld van de grootschalige collectieve gebouwen uit de
afgelopen vijftig jaar. Het respectvol onderhouden van monumentale en beeldbepalende gevels. • Het vervangen van detonerende kunststof deuren, ramen en kapellen door (houten) exemplaren met historische profielen en roedenindeling. • Het uitvoeren van schilderwerk op basis van historische kleuren. • Het reconstrueren of herinterpreteren van historische winkelpuien bij gevels waar die puien verloren zijn gegaan (raadpleeg ter inspiratie altijd de oorspronkelijke bouwtekening). Het daarbij terugbrengen van historische huisnamen, muurschilderingen, winkelsymbolen of reclamedragers. • Het verwijderen van reclame-uitingen, vlaggen en luifels die clandestien zijn aangebracht en/ of niet meer voldoen aan de huidige richtlijnen (handhaving). • Het vergroten van de interactie met de straat: denk aan uitlichten, gevelbankjes en geveltuintjes. Het waar mogelijk verder vergroenen van de buitenruimte door: • De aanleg van verbindend groen tussen Julianapark, Nolenspark, Wilhelminapark en Maasoever. • Het verder vergroenen van het Nolensplein. • De herplant van straatbomen. • De aanleg van geveltuintjes mits zorgvuldig gecoördineerd aangebracht, gedoseerd en ingepast in het structuur-, ruimte- en gevelbeeld. Die zorgvuldigheid is elders in dit rapport concreet gemaakt. •
•
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
99
Interbellum binnenstad Gevelbeeldprincipes Het deelgebied ‘interbellum binnenstad’ valt samen met de woonbuurt Rosarium die in de jaren twintig en dertig is gebouwd ter plaatse van een voormalig klooster- en kazerneterrein. Hiervan is alleen de Minderbroederskerk behouden. De Rosariumbuurt heeft – net als de flankerende negentiende eeuwse uitleg - een rechthoekige structuur van straten en gesloten bouwblokken georganiseerd rond een verdiepte rozentuin met vijver, en langs de evenwijdige Van Cleefstraat en Deken van Oppensingel. Een rustig en statig woonbuurtje in de luwte van het kernwinkelgebied met een behoorlijk gaaf structuur- en ruimtebeeld.
•
Bebouwingspatronen •
•
•
•
•
Regelmatige rechthoekige structuur: een singel aan de oostflank met lange zichtlijnen (open perspectief) en haaks kruisende woonstraten in de buurt met kortere zichtlijnen op straatwanden en historische monumenten (besloten perspectief). De rechthoekige bouwvelden zijn - op één veld met rozentuin na - allemaal ingevuld door vrijwel gesloten bouwblokken met een aaneenschakeling van individuele en korte rijtjes stadswoningen aan de vier straatzijden. Ze omsluiten binnenterreinen met tuinen en/of parkeervoorzieningen. Aan de Deken van Oppensingel is de bebouwing deels vrijstaand: villa’s uit vooral de naoorlogse periode toen het Julianapark werd aangelegd. De bebouwing bestaat hoofdzakelijk uit stadswoningen, dateert merendeels uit de jaren twintig en dertig en is uitgevoerd in de bakstenen bouwtrant van de zogeheten interbellumarchitectuur. Op stedenbouwkundig markante plekken tussen de woningen stonden architectonisch onderscheidende publieke gebouwen en voorzieningen: de leeszaal, het theater, de brandweerkazerne en enkele scholen zijn verwoest of gesloopt; het verenigingsgebouw, het politiebureau, de spaarbank en het postkantoor zijn herbestemd tot woningen en museum. Elk pand in deze woonbuurt heeft een zekere individualiteit maar die is ondergeschikt aan de samenhangende uitstraling van het bouwblok of de straatgevel als geheel.
Daarvan uitgezonderd zijn de nog resterende voormalige publieke gebouwen die zich onderscheiden door de grotere schaal, een extra bouwlaag, een plat dak en/of extra representatie door bijvoorbeeld een gevelkunstwerk.
•
special
opening opening
bouwblok
bouwblok
korte zichtlijn besloten perspectief
100
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
De oorspronkelijke bebouwing vertoont een zekere samenhang in het gevelbeeld door de consequent doorgevoerde toepassing van: • Twee of drie bouwlagen (soms op een souterrain), opgetrokken in baksteen met accenten van natuur- of kunststeen, vensterassen of samengestelde raampartijen, plastiek in de vorm van entreeportieken, erkers, balkons en loggia’s in diverse uitvoeringen. De verfijning zit o.a. in de indeling van de vensterroeden, de smeedijzeren deurroosters en het glas-in-lood. • Bij de toepassing van bovenstaande kenmerken zijn twee uitwerkingsrichtingen te onderscheiden: enerzijds een sobere strenge uitwerking die aansluit bij de historiserende gevels van de negentiende eeuwse uitleg (regelmatige ritmiek en geleding), en anderzijds een kleurrijkere speelse uitwerking die aansluit bij de expressieve bouwtrant van de Nieuwe Haagse en Amsterdamse School (vrijere collage). • In vrijwel alle gevallen is sprake van een markant silhouet dankzij een fors overstekende houten bakgoot en een gebroken, samengestelde of steile kap met keramische dakpannen, houten dakkapellen en rijzige schoorstenen. De daken hebben de nokrichting overwegend evenwijdig aan de straat. • De gevels van de (voormalige) publieke gebouwen zijn extra rijk uitgedost met o.a. gebonden kunstuitingen, plaquettes, bijzondere raamvormen en/of vlaggenmasten.
Verspreid over de buurt zijn enkele kantoren en praktijkruimtes gevestigd. Hiervoor geldt: een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig en ingetogen bij de entree in de structuur en architectuur van de gevel óf bescheiden als ‘zuil’ in de voortuin. Niet toegestaan zijn o.a. uitstallingen, uitingen haaks op de gevel, vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen. Voor meer informatie zie de Reclamenota.
concentratie van plastiek en expressie op de verdieping
korte rijtjes en pandsgewijze opbouw krachtige dakcontour: overstekken en markante kappen
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
101
Gebouwtypen De bebouwing in de Rosariumbuurt bestaat vanouds vooral uit grondgebonden woningen van de typen vrijstaande villa en geschakelde stadswoning (enkelvoudig, dubbel, korte rijtjes), waarvan een fractie later (deels) in gebruik is genomen als praktijk- of kantoorruimte. De resterende publieke gebouwen hebben inmiddels ook een woonfunctie gekregen. De verwoeste of gesloopte publieke gebouwen zijn vervangen door wederom architectonisch onderscheidende gebouwen: een portiekflat, muziekschool en kantoor aan de Nassaustraat, een appartementencomplex aan het Arsenaalplein, een schoolgebouw aan de Prinses Beatrixstraat. Deze vervangende nieuwbouw uit de afgelopen 75 jaar voegt zich in de rooilijnen, refereert qua geleding enigszins aan de pandsgewijze opbouw en past - wat de wederopbouwpanden betreft - in het omringende gevelbeeld. De overige nieuwbouw wijkt wel af qua schaal, hoogte, dakvorm, architectuur, detaillering, kleur- en materiaalgebruik.
Aandachtspunten
Architectuurstijlen De oorspronkelijke bebouwing in de Rosariumbuurt is uitgevoerd in de bakstenen bouwtrant van de zogeheten interbellumarchitectuur. Kenmerkend zijn de markante
Halfvrijstaande villa.
De interbellumarchitectuur refereert op sobere wijze aan de oudere neostijlen.
102
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
kappen met royale overstekken, de bakstenen blokvormen met accenten in natuur- of kunststeen, de vensterreeksen en samengestelde raampartijen met roedenindeling, de portieken en erkers met ornamentiek in smeedijzer en glas-in-lood. Deze architectuur kent een sobere strenge variant die nog refereert aan de oudere historiserende neostijlen, en een rijkere speelse variant die aansluit bij de contemporaine bouwstijlen van de Nieuwe Haagse en Amsterdamse School. De ambachtelijke en zwierige verfijning is ook aanwezig in de vervangende nieuwbouw uit de wederopbouwperiode aan de Nassaustraat, maar ontbreekt in de architectuur van de stadsvernieuwing aan het Arsenaalplein en de Bossche School projecten aan de Nassaustraat en Prinses Beatrixstraat. Bij nieuwbouw bestaat weliswaar geen voorkeur voor een bepaalde bouwtrant omdat het palet aan architectuurstijlen in de binnenstad juist uitgesproken rijk, divers en van alle tijden is, maar de nieuwbouw dient zich wel zorgvuldig te verhouden tot de bebouwingskarakteristiek van het betreffende deelgebied.
Het straatgevelbeeld in de ‘interbellum binnenstad’ (Rosariumbuurt) is aangenaam en bekoorlijk dankzij de systematische aanpak van de bouwblokken, de
Geschakelde stadswoning.
Sluit aan op de contemporaine expressieve bouwstijlen.
Voormalig politiebureau met ingekeepte hoek.
Herleeft in de wederopbouw.
Voorbeeldig geslaagde herbestemmingen: voormalig politiebureau tot woningen.
Voorbeeldig: voormalig kantoor Raad van Arbeid tot onderwijsinstelling.
Voorbeeldig: voormalig postkantoor tot museum.
Werk aan de winkel: detonerende entree, aluminium ramen en rolluiken.
Werk aan de winkel: houten details weggewerkt achter trespa platen.
Werk aan de winkel: kantoorpui en parkeren in de voortuin.
pandsgewijze invulling daarvan met enkele typologische en historische blikvangers, de eenduidige rust van het woonprogramma, de expressieve en soms decoratieve interbellumarchitectuur en het locatiespecifieke keramische materiaalgebruik. Ook de siertuinachtige sfeer van het Rosarium en de Van Cleefstraat en de parkachtige sfeer van de Deken van Oppensingel hebben een hoge waarde voor de verblijfskwaliteit. Dat groene aspect wordt overigens in de overige woonstraten gemist. De unieke Rosariumbuurt is voor Venlo een uiterst waardevolle erfenis die om een zorgvuldige benadering vraagt. Bij de omgang met de bestaande bebouwing, bij het inpassen van ingrepen en het toevoegen van nieuwbouw worden - in aanvulling op het beleidskader van de Welstandsnota - als richtlijn en ter inspiratie de volgende aandachtspunten meegegeven: • •
Respecteer de beschreven bebouwingspatronen. Verken de mogelijkheden om: • Bijzondere of monumentale gebouwen publiek toegankelijk te maken. • Gebouwen opnieuw betekenis te geven: herbestemmen leegstaand vastgoed (zoals de drie vleugels van het voormalige postkantoor) gaat voor nieuwbouw. • Minderbroederskerk e.o.: maak de routing en de bestrating van het Arsenaalplein zo dat de kerk niet wordt ervaren als een sta in de weg maar als een markant monument aan een entree- en ontvangstruimte tot de historische binnenstad. Vergroot de mogelijkheden tot herbestemming door een uitbreidingsreservering aan de overzijde van de Minderbroedersstraat.
•
•
Respecteer de beschreven gevelbeeldprincipes en zet in op kwalitatieve verbetering van het (straat)gevelbeeld door: • Het respectvol onderhouden van monumentale en beeldbepalende gevels. • Het vervangen van detonerende kunststof deuren, ramen en boeiboorden door (houten) exemplaren met historische profielen en roedenindeling. • Het uitvoeren van schilderwerk op basis van historische kleuren. Het palet van ‘bonte grijzen’ van de Bossche School inzetten om de flets ogende gebouwen in deze architectuur beter in te passen in de buurt. • Het verwijderen van reclame-uitingen die clandestien zijn aangebracht en/of niet meer voldoen aan de huidige richtlijnen (handhaving). Dat geldt o.a. voor het spanframe op de kopgevel van Museum van Bommel van Dam. • Het een halt toeroepen aan het verharden van, en parkeren in de villatuinen aan de Deken van Oppensingel. De Van Cleefstraat en Jan de Verwerstraat hebben voortuinen aan beide zijden van de straat. Deze groene voorruimtes doen de siertuinachtige sfeer van de Rosariumbuurt eer aan. De overige woonstraten zijn echter behoorlijk stenig. Zet daarom in op vergroenen van die straten: waar mogelijk een bomenrij, solitaire boom of geveltuintjes mits zorgvuldig gecoördineerd aangebracht, gedoseerd en ingepast in het structuur-, ruimte- en gevelbeeld. Die zorgvuldigheid is elders in dit rapport concreet gemaakt.
Creëer bovendien een aangenaam ommetje door verbindend groen in te zetten tussen het Rosarium, Julianapark en Nolenspark. Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
103
Wederopbouw binnenstad • De binnenstad van Venlo telt vijf deelgebieden met elk een eigen sfeer en bebouwingsbeeld. Het deelgebied ‘wederopbouw binnenstad’ strekt zich uit van de Oude Markt tot aan het Flujasplein. De historische stadsplattegrond is ter plaatse weliswaar gewijzigd, maar de kleinschalige bebouwing en de fijnmazige structuur van pleintjes, straten, stegen en hoven voegen zich nog wel naar de flankerende ‘middeleeuwse binnenstad’.
•
Bebouwingspatronen •
•
•
De fijnmazige structuur van omkaderde pleintjes, flauw gebogen of geknikte straten, smalle stegen en omsloten hoven resulteert in een intiem besloten stadsbeeld met relatief korte zichtlijnen. De toegangen tot de expeditie- en parkeerhoven zijn als smalle doorgangen en overbouwde poorten geïntegreerd in de bebouwingswanden van de bouwblokken. De straatwanden bestaan uit een pandsgewijze aaneenschakeling van overwegend kleinschalige individuele panden met een winkel of horecazaak op de begane grond en een (voormalige) woning op de verdieping(en). De panden dateren merendeels uit de jaren vijftig en zijn uitgevoerd in de traditionalistische architectuur van de Delftse School. Elk pand heeft een zekere individualiteit, maar die is ondergeschikt aan de collectieve uitstraling van de straatgevel als geheel. De enige uitzondering daarop is het unieke laat-gotische Romerhuis dat sinds de wederopbouw in de zichtlijn van de Hoogstraat staat én de Kwartelenmarkt als pleinvormige voorgrond heeft gekregen.
•
•
Gevelbeeldprincipes •
•
De zadel- en schilddaken met wisselende hellingshoeken hebben de nokrichting overwegend evenwijdig aan de straat en zijn gedekt met keramische pannen. Samen met de kappen van de flankerende middeleeuwse stad vormen ze een expressief daklandschap: de markante ‘vijfde gevel’. De gevels hebben een drieledige opbouw met een benadrukte begane grond of winkelpui (A), één of twee (woon)verdiepingen (B) en een markante gootlijst met schuin dak (C): een duidelijke driedeling in A ‘voet’, B ‘romp’ en C ‘kop’.
special
•
plein pandsgewijze aaneenschakeling kleinschalige winkel/woningen
korte zichtlijnen besloten perspectief
104
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
De lijstgevels met houten gootlijsten op gesneden klossen worden hier en daar afgewisseld door een punt-, klok en tuitgevel, met als meest spectaculaire blikvanger de laat-gotische trapgevel met pinakels van het Romerhuis. De drieledige gevelopbouw weerklinkt in de horecaen winkelpuien: een basement of plint onderlangs (a), een glazen zone met entree en etalages (b) en een kroonlijst bovenlangs (c). Vaak is de pui ingekaderd door betonnen puiportaal. De kroonlijsten van de winkelpuien en de gootlijsten van de panden zorgen - ondanks de onderlinge kleine hoogteverschillen - voor horizontale continuïteit in het straatgevelbeeld. De verticale vensterassen op de verdieping(en), de topgevels, de dakkapellen en de schoorstenen benadrukken juist de pandsgewijze opbouw en zorgen voor repetitie en ritmiek in het straatgevelbeeld. De begane grond of winkelpui zorgt voor interactie met de straat dankzij de hoge mate van transparantie, de diepte van de entree (portiek) en ramen (dagkanten), de open galerij, de uitkragende zonwering en/of de aandacht vragende reclame. • Die interactie mag niet teniet worden gedaan door een dicht uitgevoerd rolluik. • Zonwering is zorgvuldig geïntegreerd in de winkelpui.
• Een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik van het pand en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig in de structuur en architectuur van het platte vlak van de winkelpui en/of de zonwering. Haaks op de gevel is per pand éénmalig een dubbelzijdig reclamebord toegestaan (zie gele vlakken). Niet toegestaan zijn o.a. vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen, ook niet aan de binnenzijde achter een etalage. Voor meer informatie zie de Reclamenota. De ambachtelijke historiserende uitstraling van het bakstenen metselwerk (generfde textuur, verschillende tinten, wisselende metselverbanden); van de houten ramen (draai, schuif, bovenlichten, roeden); van de gevelversieringen (smeedijzeren raamhekken, keramische tegels, siermetselwerk) en van de houten gootlijst en dakkapellen (sierlijke details, profielen, klossen, snijwerk).
typologische herhaling, pandsgewijs, hogere hoek woonlaag op een winkel- / horecalaag
C. kop: horz. continu
B. romp: vert. ritmiek
c. kroonlijs
t A. voet: interactie
b. pui a. basement
krachtige dakcontour: topgevels en rijtjes dakkapellen ambachtelijke verfijning in bakgoot op klossen
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
105
Gebouwtypen
Architectuurstijlen
Typologisch bestaat de bebouwing van de ‘wederopbouw binnenstad’ vooral uit kleinschalige individuele panden met een winkel of horecazaak op de begane grond en een (voormalige) woning op de verdieping(en). De opgang naar de bovenwoningen maakt onderdeel uit van de winkelpui of is uitgewerkt als een zelfstandig portiek. De achterkant aan de hofzijde wordt vanouds gebruikt voor de aan- en afvoer van goederen, maar biedt thans ook mogelijkheden voor de ontsluiting van de bovenwoningen (mocht dat nodig zijn).
De wederopbouwarchitectuur in dit deelgebied betreft de traditionele bouwtrant van de Delftse School. Deze bouwstijl wordt gekenmerkt door de eerder beschreven gevelbeeldprincipes, vertrouwde hoofdvormen, bakstenen gevels met bogen en strekken boven de vensteropeningen, geaccentueerde puien en entrees, houten of stalen ramen met roedenindeling, ingetogen ornamenten en schuine pannen daken met geprofileerde gootlijsten op klossen. Bij nieuwbouw bestaat weliswaar geen voorkeur voor een bepaalde bouwtrant omdat het palet aan architectuurstijlen in de binnenstad juist uitgesproken rijk, divers en van alle tijden is, maar de nieuwbouw dient zich wel zorgvuldig te verhouden tot de bebouwingskarakteristiek van het betreffende deelgebied.
Voorbeeldig: passende winkelpui en gevelnis met Mariabeeld.
Voorbeeldig: inpassing poëzie.
Voorbeeldig: vergroening van een steeg.
Werk aan de winkel: luifels en reclameuitingen als dissonant in het gevelbeeld.
Werk aan de winkel: wit geschilderd metselwerk.
Werk aan de winkel: onaantrekkelijke en stenige achterkanten op de binnenterreinen.
•
Aandachtspunten
Individueel wonen boven horeca.
Collectief wonen boven winkel met portiekontsluiting.
Wonen of werken op het binnenterrein.
Het straatgevelbeeld in de ‘wederopbouw binnenstad’ is aangenaam en bekoorlijk dankzij de consequent doorgevoerde pandsgewijze opbouw in traditionalistische architectuur met op de begane grond een ononderbroken commercieel programma. Die samenhang maakt dit deelgebied tot een sterk ensemble. Unieke kers op de taart is het markant gesitueerde historische Romerhuis. De pittoreske sfeer, de menselijke maat én de afwisseling van besloten pleinen, straten, stegen en hoven dragen eveneens bij aan een omgevingskwaliteit met hoge verblijfswaarde. Deze voor Venlo gaaf bewaarde erfenis vraagt om een zorgvuldige benadering. Bij de omgang met de bestaande bebouwing, bij het inpassen van ingrepen en het toevoegen van nieuwbouw worden - in aanvulling op het beleidskader van de Welstandsnota - als richtlijn en ter inspiratie de volgende aandachtspunten meegegeven: • •
• Traditionalisme in optima forma.
106
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
Zakelijke betonelementen.
In een ‘nieuw’ jasje van de stadsvernieuwing.
Respecteer de beschreven bebouwingspatronen. Verken de mogelijkheden om: • Gebouwen opnieuw betekenis te geven: herbestemmen leegstaand vastgoed gaat voor nieuwbouw, en wonen boven winkels met eventueel ontsluiting aan de achterzijde. • Het reactiveren en/of vergroenen van de stegen en binnenterreinen als secundair en informeel circuit. Respecteer de beschreven gevelbeeldprincipes en zet in op kwalitatieve verbetering van het gevelbeeld door:
•
Het respectvol onderhouden van monumentale en beeldbepalende gevels én het daklandschap als markante ‘vijfde gevel’. • Het vervangen van detonerende kunststof deuren, ramen en kapellen door (houten) exemplaren met historische profielen en roedenindeling. • Het uitvoeren van schilderwerk op basis van historische kleuren. Het schilderen van metselwerk een halt toeroepen. • Het reconstrueren of herinterpreteren van oorspronkelijke winkelpuien bij gevels waar die puien verloren zijn gegaan (raadpleeg ter inspiratie altijd de oorspronkelijke bouwtekening). Het daarbij terugbrengen van historische huisnamen, winkelsymbolen of reclamedragers. • Het aanbieden van plek-gerelateerde verhalen via informatiedragers aan het publiek. • Het verwijderen van reclame-uitingen, vlaggen en luifels die clandestien zijn aangebracht en/ of niet meer voldoen aan de huidige richtlijnen (handhaving). • Het vergroten van de interactie met de straat: denk aan uitlichten, gevelbankjes en geveltuintjes. Ruim bemeten buitenruimtes en straatgevelwanden bieden mogelijkheden tot vergroening, mits zorgvuldig gecoördineerd aangebracht, gedoseerd en ingepast in het structuur-, ruimte- en gevelbeeld. Die zorgvuldigheid is elders in dit rapport concreet gemaakt.
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
107
De moderne binnenstad ritmiek van risalieten
C. kop: horz. continu
Het deelgebied ‘moderne binnenstad’ maakt over de volledige lengte van de binnenstad front naar de Maas, en biedt een weids panorama op het rivierenlandschap. Dit deelgebied bestaat uit twee zones. De zuidelijke zone in de omgeving van de Maasstraat en Oude Haven is eind vorige eeuw volledig en ingrijpend getransformeerd. De recent ingezette vernieuwing van de noordelijke zone rond het Maasschriksel en de Maaskade is anno 2024 nog gaande.
Bebouwingspatronen •
De ruggengraat van de zuidelijke zone is de langgerekte Maasstraat. Deze winkelstraat ligt opgespannen tussen het theater De Maaspoort in het noorden en de Romerwoontoren in het zuiden; de twee specials in het gebied. • Aanhechting: de bebouwing aan de oostzijde van de Maasstraat voegt zich in de structuur van bouwblokken uit de wederopbouwperiode, en refereert typologisch en architectonisch aan de vroeg-naoorlogse winkel-woonhuizen met de suggestie van een pandsgewijze opbouw (alleen een bouwlaag hoger). • Rivierfront: de bebouwing aan de westzijde van de Maasstraat bestaat uit een lange ononderbroken wand van vijf bouwlagen met een grootschalige collectieve uitstraling, één geïntegreerde onderdoorgang (Nieuwe Poort) en een extra horecalaag op werf-niveau die voor interactie zorgt met de Oude Haven die tot levendig verblijfsgebied is heringericht. Deze wand belet het zicht op de historische skyline én blokkeert de bereik- en beleefbaarheid van de Maas.
•
In de noordelijke zone rond het Maasschriksel is het fijnmazige stratenpatroon gebaseerd op de middeleeuwse stadsplattegrond, refereren de gebouwen aan de typologieën van de stadswoning, het herenhuis en het robuuste pakhuis die hier vanouds stonden (maar nu uitvergroot), en vormt de kleurrijke baksteenarchitectuur een knipoog naar de bouwtrant in de negentiende eeuwse stadsuitleg. Kortom, deze zone verweeft de ‘middeleeuwse’, de ‘negentiende eeuwse’ en de ‘moderne binnenstad’ met elkaar.
•
special
special
•
^ kloeke solitaire ‘pakhuizen‘
groots gebaar: stedelijk blok, kolossale wand
•
Gevelbeeldprincipes
wand en rivierfront > collectief blok
^ rijtjes ‘herenhuizen‘
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
A. voet: interactie
special
< aanhechting pandsgewijs
108
B. romp: vert. ritmiek
Het gevelbeeld aan de oostzijde van de Maasstraat is een geabstraheerde, gestileerde en enigszins uitvergrote doorvertaling van de gevelbeeldprincipes van de stadse winkel-woonhuizen in de oudere deelgebieden van de binnenstad: • Drieledige gevelopbouw met A. natuurstenen winkelpui op de begane grond, B. woonverdiepingen met metselwerk en vensterassen, C. een markante gootlijst met schuine pannen daken. • Door de variatie in kleuren en hoogtelijnen wordt een pandsgewijze opbouw gesuggereerd. • De winkelpui zorgt voor interactie met de straat dankzij de hoge mate van transparantie (ook na sluitingstijd), de diepte van de entree (portiek) en ramen (dagkanten) en de aandacht vragende reclame. • Een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik van de winkel en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig in de structuur en architectuur van het platte vlak van de winkelpui. Haaks op de gevel is per pand éénmalig een dubbelzijdig reclamebord toegestaan. Niet toegestaan zijn o.a. vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen, ook niet aan de binnenzijde achter een etalage. Voor meer informatie zie de Reclamenota. Bij het gevelbeeld van de lange wand aan de westzijde van de Maasstraat is de - voor de Venlose binnenstad ongekend grote schaal en maat van de bebouwing juist nauwelijks verbloemd.
• De horizontale geleding, de vensters, het kleuren materiaalgebruik zijn vrijwel uniform over de hele lengte van de gevels. De verticale ritmiek van de risalieten en dakopbouwen segmenteert de gevels enkel op het schaalniveau van het stedelijke bouwblok. Kortom, het gevelbeeld ondersteunt het grote gebaar van de kolossale wand.
•
samenspel van robuuste ‘pakhuizen‘ en rijtjes herenhuizen
De horeca- en winkelpuien zorgen voor interactie met de straat dankzij de hoge mate van transparantie (ook na sluitingstijd), de diepte van de entree (portiek) en ramen (dagkanten) en de aandacht vragende reclame. Een reclameteken heeft een bondige boodschap, is gerelateerd aan het gebruik van de winkel en voegt zich qua plaatsing, maatvoering, ontwerp, kleur- en materiaalgebruik éénmalig in de structuur en architectuur van het platte vlak van de winkelpui. Haaks op de gevel is per pand éénmalig een dubbelzijdig reclamebord toegestaan. Niet toegestaan zijn o.a. vlaggen, bewegende reclames, lichtkranten, projecties en led-schermen, ook niet aan de binnenzijde achter een etalage. Voor meer informatie zie de Reclamenota.
•
Het specifieke gevelbeeld van de twee specials in het gebied benadrukt het autonome karakter ervan. • De geschakelde volumes van de ranke Romerwoontoren zijn uitgevoerd in verblendsteen en aluminium. • De Maaspoort met daarin de historische stadsmuurrestanten (De Luif) is in alle architectonische opzichten eigenzinnig. Dat past bij de specifieke functie van dit gebouw.
•
Het gevelbeeld in de noordelijke zone rond het Maasschriksel is een geabstraheerde, gestileerde en enigszins uitvergrote doorvertaling van de gevelbeeldprincipes van de stadswoningen en herenhuizen uit de aangrenzende ‘negentiende eeuwse binnenstad’, afgewisseld door enkele grotere en hogere gebouwen met de kloeke robuustheid van een historisch pakhuis. Kenmerkend zijn verder de pandsgewijze opzet in drie tot zeven bouwlagen, verschillende kleuren baksteen, strakke ritmiek van verticale vensterassen, schuine daken met pannen en/of zonnepanelen.
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
109
Gebouwtypen
Architectuurstijlen
•
De architectuur in de ‘moderne binnenstad’ is merendeels te karakteriseren als neo-traditionalisme. Dat is overigens geen eenduidige school of stroming, maar een pluriforme ontwerpbenadering met als gemeenschappelijke kenmerk: voortbouwen op de stadsgeschiedenis, de architectuurhistorie en de bouwtraditie door het (verdwenen) oude te herinterpreteren in een eigentijdse vorm en inhoud. Alleen De Maaspoort onderscheidt zich daarin met een expressieve, lichte en modernistische bouwtrant.
•
•
De bebouwing in de zuidelijke zone bestaat hoofdzakelijk uit gestapelde appartementen op een begane grond met winkels en horecazaken: enerzijds met een architectonische uitwerking die verwantschap suggereert met de pandsgewijze woon-/winkelpanden in de historische binnenstad, en anderzijds met een grootschalige collectieve uitstraling aus einem Guss. De twee typologische specials in het gebied betreft: • De Romertoren met winkels en appartementen in een brede onderbouw van vijf en een ranke schacht van twintig bouwlagen. • De Maaspoort met (gerenoveerd) theater, congrescentrum, warenhuis en stadsmuur De Luif, architectonisch bij elkaar gebracht in één modern, licht en sculpturaal omhulsel. De bebouwing in de noordelijke zone bestaat in hoofdzaak uit woongebouwen met appartementen, waarbij de uitwerking van het gevelbeeld verwantschap suggereert met de grondgebonden stadswoning, het herenhuis en het pakhuis: gebouwtypen die hier vanouds voorkwamen en thans herleven in geabstraheerde en uitvergrote vorm.
Voorbeeldig: interactie tussen binnen en buiten bij oud- en nieuwbouw.
Voorbeeldig: zichtrelatie binnenstad en Maas.
Voorbeeldig: samengaan oud en nieuw.
Werk aan de winkel: luifels en reclameuitingen als dissonant in het gevelbeeld.
Werk aan de winkel: onvoldoende reactiveren van de steeg.
Werk aan de winkel: een actief en levendig winkelfront maken aan de Maaskade
Bij nieuwbouw bestaat weliswaar geen voorkeur voor een bepaalde bouwtrant omdat het palet aan architectuurstijlen in de binnenstad juist uitgesproken rijk, divers en van alle tijden is, maar de nieuwbouw dient zich wel zorgvuldig te verhouden tot de bebouwingskarakteristiek van het betreffende deelgebied.
Aandachtspunten
Wonen boven winkels: in een individueel pand.
In een collectief appartementenblok.
In een luxe woontoren.
Het straatgevelbeeld in de ‘moderne binnenstad’ is aangenaam en bekoorlijk omdat de bebouwing op verschillende manieren refereert aan de oudere flankerende binnenstad én incidenteel wordt afgewisseld door een uitgesproken eigentijds icoon. Rivier-gerelateerde thema’s als kade, werf en pakhuis, en vesting-gerelateerde thema’s als bastion, poort en muur dragen eveneens bij aan een omgevingskwaliteit met hoge verblijfswaarde. Bij de omgang met de bestaande bebouwing, bij het inpassen van ingrepen en het toevoegen van nieuwbouw worden - in aanvulling op het beleidskader van de Welstandsnota - als richtlijn en ter inspiratie de volgende aandachtspunten meegegeven: • •
Expressief modernisme voor de special in het gebied.
110
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
•
Respecteer de beschreven gevelbeeldprincipes en koester de kwaliteit van het bestaande gevelbeeld door: • De winkelpuien maximaal transparant te houden (ook na sluitingstijd). • De richtlijnen voor reclame-uitingen te blijven handhaven, met als eventuele enige uitzondering een zorgvuldig ingepast ledscherm op De Maaspoort aan de zijde van de Oude Markt. • Het zorgvuldig doseren en inpassen van geveltuintjes in het structuur-, ruimte- en gevelbeeld. Die zorgvuldigheid is elders in dit rapport concreet gemaakt.
Respecteer de beschreven bebouwingspatronen. Verken vooral in de zuidelijke zone de mogelijkheden om de bereik- en beleefbaarheid van de Maas verder te vergroten. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een trekker op het uiteinde van de Nieuwe Poort, aan een levendige niet-dichtgeplakte plint aan de zijde Havenkade, en aan groene informele routes vanuit de binnenstad langs de noordelijke en zuidelijke kop van de langgerekte wand. Zet maatregelen omtrent hoogwaterveiligheid ook in voor dit doel.
Gestileerde referenties aan historische typologieën, stijlen en bouwwijzen in de rest van het gebied.
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
111
Historisch assenkruis met stadspoorten Het historische assenkruis van oude handelswegen is van grote waarde voor de ontstaans- en gebruiksgeschiedenis van Venlo. Het ligt in het deelgebied de ‘middeleeuwse binnenstad’. Vandaag de dag zijn de historische handelswegen niet meer als onderscheidend netwerk leesbaar. Dit kan beter. Daarom krijgen de historische handelswegen weer hun eigen signatuur. Net als andere straten komt dit tot uiting in de inrichting en geleding van het profiel, maar ook de introductie van meer groen speelt hierin een belangrijke rol. In de middeleeuwse binnenstad blijven groenelementen vanouds hoofdzakelijk beperkt tot binnenterreinen, parken en religieuze enclaves. Daar komt nu verandering in, zij het op een gebalanceerde en afgewogen wijze.
In ruim bemeten buitenruimtes en straatgevelwanden zijn er mogelijkheden tot vergroening, mits zorgvuldig gecoördineerd, aangebracht, gedoseerd en ingepast in het structuur-, ruimte- en gevelbeeld. Waar mogelijk worden bomen aangeplant in verbredingen van de straten en op de pleintjes van de Parade, waar ook de oude waterloop nieuw leven ingeblazen kan worden. Het historisch assenkruis kan daarmee bijdragen aan het met elkaar verbinden van de landschappen rondom de binnenstad. Op de ontmoeting van de haaks kruisende handelswegen ligt de Markt. Deze blijft ook in de toekomst de plek voor ontmoeting en ceremonies. Aan de achterzijde van het Stadhuis ligt de Groenmarkt. Deze wordt in de toekomst weer vergroend en zal een belangrijke schakel worden in het groennetwerk van de Venlose binnenstad.
ONTWERPVERKENNING VENLO KLAAR VOOR DE TOEKOMST
We zetten in op het creëren van een nieuw netwerk door het uitbouwen van openbare ruimte stelsels en het accentueren van belangrijke plekken met een invulling op de schaal van de binnenstad en de mens. Om dit alles samen te brengen in een toekomstgericht palet kiezen we voor ingetogenheid, een bepaalde mate van soberheid en veel aandacht voor circulariteit.
STELSELS
Op basis van de analyse, doelen en ambities zijn een vijftal stelsels geïdentificeerd die een aanzienlijke meerwaarde voor de Venlose binnenstad betekenen. Achtereenvolgens komen de volgende stelsels aan bod: • • • • •
De plannen in dit hoofdstuk zijn geen ontwerpen maar schetsmatige ontwerpverkenningen met betrekking tot mogelijke inrichtingen.
Historisch assenkruis met stadspoorten Van Julianapark naar Maas As Monseigneur Boermansstraat naar Bolwaterstraat Groene zoom Van station naar Maas
Prettig verpozen langs een herinterpretatie van een historische waterloop. project: Mechelen (BE) Boulevard Leeft!, ontwerp: PosadMaxwan i.s.m. Antea Group Belgium, fotograaf: Joost Joosten
112
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
Ontwerpverkenning: vergroening van het historisch assenkruis. Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
113
landschappen waar de poorten van oudsherlandschappen naar landschappen waar de poorten waar van de poorten oudshervan naaroudsher naar verwijzen. verwijzen. verwijzen. De figuratie op de verbeelding van de vestingwerken verwijst naar de oorspronkelijke landschappen waar de poorten van oudsher naar verwijzen. Noord:
Aan alle vier de uiteinden van het historisch assenkruis lagen de oude stadspoorten. Deze krijgen ieder hun eigen uitwerking die op de volgende pagina te vinden is. Ontwerpprincipes groen op assenkruis Venlo: •
•
•
Vergroening kan een meerwaarde bieden aan de binnenstad van de 21e eeuw. Daarbij moet wel rekening gehouden worden met de historie van een stad. In Venlo is het assenkruis een van de oudste structuren. Dit waren handelswegen zonder uitgesproken groen karakter. Dat biedt daarom eerder kansen voor plaatselijke groenaccenten dan continue groenstructuren. De toepassing van bomen is mogelijk in de bochten en bij karakteristieke hoeken. Bovenstaande kan aangevuld worden met stedelijke groenelementen op plekken met overmaat in en verbreding van het profiel zoals voor de oude HEMA of de driehoekige pleintjes op de Parade. Het toevoegen van groen wordt gekoppeld aan de algehele uitstraling en kwaliteit van de straatgevel. Dat houdt in: niet alleen groen toevoegen, maar ook de wildgroei aan vlaggenhouders, reclame-uitingen, kabels, leidingen etc. opruimen.
Ontwerpprincipes geveltuintjes en gevelgroen Venlo:
West: Maas
West: Maas
Voor het vergroenen van gevels geldt dat het ondersteunend moet zijn aan de gevel en uitgevoerd met respect voor het gebouwde erfgoed. Daarom wordt het volgende voorgesteld: •
• • • • • •
West: Maas
graslanden, agrarisch landschap, Rijnbeek en kleigronden
Noord: graslanden, agrarisch landschap, Rijnbeek en kleigronden
West: Maas
Klimplanten zijn ondersteunend aan de verticaliteit van de gevel, dus alleen verticale kabels (geen opvallende constructies of klimrekken aan gevels). Eén geveltuin/gevelgroen per gevel, bij voorkeur op de pandenscheiding. Keuze uit een geveltuin van 50, 75 of 100cm lengte. Steeds met een diepte van 30 cm. Zuid: Keuze uit een beperkt vastgesteld sortiment, variërend Sloterbeek, laad- en loskades, per ruimtetypologie. Vrije keuze niet toegestaan. Maasarmen, veengronden Verbod op hechtende klimplanten op gevels met monumenten- en beeldbepalende status. Onderhoud wordt uitgevoerd door pandeigenaren. Enkele in samenspraak met de gemeente te bepalen gebouwen of gebouw-ensembles lenen zich voor het maken van sterkere accenten waarbij een groter deel van de gevel vergroend kan worden.
Noord: Noord: graslanden,graslanden, agrarisch landschap, agrarisch landschap, Rijnbeek enRijnbeek kleigronden en kleigronden
Oost: Oost: Oost: Panhuismoleenbeek, boerenland, Panhuismoleenbeek, Panhuismoleenbeek, boerenland,boerenland zandgronden, heide, bos, woeste grondzandgronden, zandgronden, heide, bos, heide, woestebos, grond woeste g Zuid: Zuid: Sloterbeek,Sloterbeek, laad- en loskades, laad- en loskades, Oost: Maasarmen, Maasarmen, veengronden veengronden Panhuismoleenbeek, boerenland, zandgronden, heide, bos, woeste grond Zuid: Sloterbeek, laad- en loskades, Maasarmen, veengronden
Ontwerpverkenning: de figuratie op de verbeelding van de vestingwerken verwijst naar de oorspronkelijke landschappen waar de poorten van oudsher naar verwijzen. Of een afgeleide, meer abstracte verbeelding: Of een afgeleide, Of eenmeer afgeleide, abstracte meer verbeelding: abstracte verbeelding: Of een afgeleide, meer abstracte verbeelding:
Of een afgeleide, meer abstracte verbeelding:
N
N
N
Z
N
Klimplanten benadrukken de verticale geleding van de gevels in de Venlose binnenstad. De klimplanten zijn toegestaan op de muren van de erfscheidingen. De bewoners kunnen bij de afmeting van hun geveltuin kiezen uit 3 breedtes; 50, 75 of 100cm.
O
Herkenbare stadspoorten
Z
Z
W
W
Z
O
O
O
W
W
De historische structuur werd op vier plaatsen onderbroken met stadspoorten. De eerste stadspoorten waren vernoemd naar de landschappen die aan de buitenzijde lagen, later zijn ze hernoemd naar handelssteden die via deze poorten verbonden waren met Venlo. In de verbeelding van de muren en poorten blijven deze familie van elkaar. Ze worden ook beleefbaar in de derde dimensie zonder obstakels te zijn. De figuratie van de elementen wordt verder verbijzonderd door een verbeelding van deze historische landschappen.
Groenblauwe belevingselementen in de Onze-Lieve-Vrouwestraat te Mechelen (BE), een winkelstraat in het kernwinkelgebied van de stad.
114
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
Integraal Kwaliteitskader Binnenstad Venlo
115
48
OKRA I VISIE I VERBEELDING VESTINGWERKEN
O KRA I V ISIE I V ER BEELDING V ESTINGWER KEN
De muur als continue en herkenbaar element
Materialisering
Door te kiezen voor een sobere maar eenduidige en helder VERHALEND MEUBILAIR Historische muur als uniform herkenbaar element in de verharding leesbare lijn als markering van de stadsmuur ontstaat een duidelijke samenhang in de ruimte én worden de Maatwerk meubilair bij de poorten geven informatie over de poorten en historische van Venlo. Specifiek de Keulse Poort zou er bijvoorbeeld verwezen kunnen worden naar: resterende fragmenten van de stadsmuren opnieuw met voor • vroegere naam van de poort als de Laarpoort • tijd van bouw 1340 - 1345 elkaar verbonden. • toelichting op betekening Laar: lage natte moeraslanden 48
• • • • • •
Bij nieuwe ontwikkelingen wordt ingezet op het ontharden van de hoven en het creëren van een netwerk van groene semi-openbare hoven. Waar mogelijk worden oude watergangen opnieuw geopend en beleefbaar gemaakt. In dit kwartier kan de oude stadsmuur over relatief grote lengte verbeeld worden in de straten waardoor de binnenstad zich hier scherp kan aftekenen tegen de omgeving.
0.80 m
Het toekomstige materialenpalet van Venlo materialenis te typeren palet Venlo als warm en ingetogen. Meer hierover in het hoofdstuk circulariteit in palet. Veel gebruikte materialen zijn gebakken klinkers, natuursteen en accenten in staal.
O KRA I V ISIE I V ER BEELDING V ESTINGWER KEN
49
de poorten en historie van Venlo. Dat kunnen verhalen, sagen, legendes en tradities zijn, maar ook het zichtbaar maken van archeologische vondsten. Het koppelen aan storytelling via informatiedragers geschiedt wederom op een ingetogen en gecoördineerde wijze. Ter illustratie zou bij de Keulse Poort verwezen kunnen worden naar:
MATERIALISERING
O KRA I V ISIE I V ER BEELDING V ESTINGWER KEN
49
De materialisering van de van de stadsmuur Doelen markeren van accentlijnen de stadspoorten: • vroegere naam van de poort als de Laarpoort; en -poorten sluit hierop aan door te kiezen voor Uitdragen van de rijke geschiedenis van Venlo Het materialenpalet van Venlo is te typeren als inpassing van lichtaccenten, maar tijd van bouw 1340 - 1345; Creëren van plekken op menselijke maat en schaal in het oude stadscentrum• warm en ingetogen. Veel gebruikte materialen vertaald worden naar een driedime Cortenstaal. Dit materiaal laat een groot scala van Creëren van verblijfplekken • toelichting op betekenis Laar: lage natte moeraslanden; zijn gebakken klinkers, natuursteen en accenten element. toepassingen en verbijzonderingen toe waaronder in staal. Kenmerkend is de zorgvuldige en rijke • moment van sloop van de vestingwerken in 1867 - 1872; graveringen, inpassing van lichtaccenten, maar kan ook detaillering. Dit materiaal is geschikt voor een • Julianapark is ontstaan op de locatieverkeersbelasting waar Fort Keulen en is reeds met VERHALEND MEUBILAIR vertaald worden naar een driedimensionaal element.
gestaan De materialisering vanheeft; de accentlijnen van resultaten toegepast in de marker de stadsmuur en -poorten op aanvan de poort Castellum rondom het Domplein i • toelichting opsluit het hier systeem met twee Maatwerk meubilair bij de poorten geven informatie over de poorten en historische van Venlo. Specifiek Dit materiaal is geschikt voor een intensieve door te kiezen voor Cortenstaal. Dit materiaal voor de Keulse Poort zou er bijvoorbeeld verwezen kunnen worden naar: torens en de • vroegere naam van de poort als de Laarpoort maakt een groot scala van poort; toepassingen en verkeersbelasting en is reeds met goede resultaten Ontwerpverkenning: incidenteel kan de muur•transformeren naar van bouw 1340 - 1345 Incidenteel kan de muur transformeren naar tijd speelobject, bijvoorbeeld ter plaatse van Sint Martinus. verbijzonderingen toe waaronder graveringen, • verschillende gebruiken de tijd (bijv: als toelichting op betekening Laar: lage natte moeraslanden speelobject, bijvoorbeeld ter plaatse van Sint•Martinus toegepast in de markering van het Castellum rondom het • moment van sloop van de vestingwerken in 1867 - 1872 (1703)); Doelen markeren van paardenstallen de stadspoorten: • Julianapark is ontstaan op de locatie waar Fort Keulen gestaan Domplein heeft in Utrecht.