CConstaterende datVenlo
Koppel je AI →
Document · PDF

381324 Bijl03. Nota van beantwoording zienswijzen ontwerp Omgevingsvisie Venlo 2040.pdf

Raadsvergadering 15 mei 2025, gemeente VenloBij agendapunt: 2.3: Omgevingsvisie Venlo 2040 (381324)42.097 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

●

Concrete plannen die uit de visie voortkomen lopen altijd via een formeel traject, waarbij inspraak van inwoners een belangrijke rol speelt.

●

We onderschrijven Bolenberg als een potentiële ontwikkellocatie zoals ook beschreven op p.54 in de omgevingsvisie.

Naar aanleiding van de zienswijze worden enkele aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd:

●

Het kaartbeeld van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt aangepast. Het zoekgebied wordt kleiner ingetekend. Dit neemt niet weg dat er in de gehele dorpsrandzone mogelijkheden blijven voor initiatieven in het kader van woningbouw. Daar waar de situatie hierom vraagt, bijvoorbeeld in het kader van kwaliteitsverbetering of andere integrale opgaven, kan bescheiden woningbouw aan de orde zijn.

●

De legenda van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt verduidelijkt. In plaats van de tekst ‘Bescheiden uitbreiding in de dorpsrandzones’ komt er ‘Zoekgebied kleinschalige woningbouw in de dorpsrandzones’ te staan.

●

In de uitleg van de dorpsrandzones (zie p. 51) hebben we verduidelijkt dat eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen in dorpsrandzones voldoende ruimte moeten bieden aan groen(verbindingen), water en moeten passen bij het landschap. “In de dorpsrandzones is ruimte voor recreatieve activiteiten en wordt ruimte geboden voor bescheiden mogelijkheden voor woningbouw, passend bij de maat en schaal van het dorp, het omliggende landschap en ecologische verbindingen. Een belangrijke kwaliteit van dorpsrandzones is de leesbaarheid van de overgang tussen het dorp en het landschap. Ontwikkelingen moeten een bijdrage leveren aan de verbetering van deze leesbaarheid. Eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen moeten voldoende ruimte bieden aan groen(verbindingen), water en passen bij het landschap.”

b. Indiener is in de veronderstelling dat de toekomstige groei van Belfeld richting het zuiden zou plaatsvinden. Daarnaast zijn in het verleden andere locaties genoemd (grond tussen Pr. Hendrikstraat, Soersbeekweg, Gaesstraat en Zandstraat), maar niet de oostzijde van de Soersbeekweg. c. Indiener wijst op de reeds overbelaste infrastructuur in het gebied door regionaal verkeer. Daarnaast maakt hij zich zorgen over het beheer van de aanwezige greppel, die door Rijkswaterstaat onderhouden wordt. d. Indiener vindt het kwalijk dat hij via buurtbewoners heeft moeten horen over de plannen. Indiener geeft aan dat dergelijke informatie via de officiële communicatiekanalen van de gemeente Venlo of de dorpsraad had willen ontvangen.

38

Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze: ●

Omgevingsvisie is een abstracte visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente tot 2040. De door indiener genoemde locatie betreft een aanduiding van het gebied dat mogelijk in de toekomst planologische ruimte biedt aan initiatieven die passen bij de ambities van deze omgevingsvisie. Zoals vermeld op p.54 moeten deze ontwikkelingen passen bij de aard en schaal van het dorp. Het is echter nog een zoekgebied. Deze verkenning doen we in een verdieping van de stadsrandzones, inclusief de ontwikkelingsrichting van de dorpen (zie ook p. 67). Uw input nemen we hierin mee.

●

Geluidsoverlast en luchtvervuiling zijn veelgehoorde zorgen. Daarom zal aan ieder initiatief een zorgvuldig locatieonderzoek voorafgaan. Dit locatieonderzoek zal - volgens landelijke richtlijnen - de effecten op het huidige gebruik, cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden in kaart brengen. Ook worden de milieunormen (luchtkwaliteit, geuroverlast, geluidsoverlast en omgevingsveiligheid) hierin meegenomen.

●

Concrete plannen die uit de visie voortkomen lopen altijd via een formeel traject, waarbij inspraak van inwoners een belangrijke rol speelt.

39

27

Inwoner a. Indiener geeft aan dat het gebied 't Hanik een belangrijke functie vervult: het is een gebied waar mensen naartoe gaan voor rust. b. Indiener geeft aan dat de aanleg van windturbines een zeer negatief effect op ‘t Hanik zal hebben. Slagschaduw, knipperende rode lichten en de overlast die de aanleg van de windturbines tot gevolg heeft, worden genoemd. Terwijl dit gebied ook belangrijke functies heeft als een trekvogelroute en de drinkwatervoorziening van een groot gebied is. c. Indiener geeft aan dat natuurgebieden steeds schaarser worden en juist beschermd zouden moeten worden. Daarbovenop grenst dit gebied aan een Natura 2000-gebied dat de hoogste Europese beschermingsstatus heeft.

Naar aanleiding van de zienswijze worden er geen aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd. Hieronder reageren we puntsgewijs op uw zienswijze: ●

De locatie bij ‘t Hanik Lomm is als een van de drie potentieel geschikte gebieden in het Beleidskader Nieuwe Energie (vastgesteld door de gemeenteraad in 2022) aangewezen. Dit gebied is in dit beleidskader in kaart gebracht als een ‘potentiegebied opwek zonne-energie RES’.

●

We zijn ons bewust van het gebiedsproces dat heeft geleid tot het rapport ‘Gebiedsverkenning ’t Hanik (d.d. 28 november 2023) en de zorgen die er leven. Deze zullen meewegen in de definitieve besluitvorming over opwekgebieden. Zolang er nog geen ander besluit is genomen, houden wij in deze omgevingsvisie vast aan het huidige beleid en de bijbehorende gebieden.

d. Indiener geeft aan dat de beoogde doelstellingen rondom elektriciteit al bereikt zijn. Daarom zou de gemeente pas op de plaats moeten maken en de effecten van windmolens eerst moeten onderzoeken.

28

Aktief Greun Belvend a. Indiener verzoekt de gemeente om prioriteit te geven aan woningbouwontwikkeling op alternatieve locaties zoals de transformatielocatie Bolenberg (voormalige Greswaren N.G.I.) of aan de Reuverweg ten zuiden van De Wierd, in plaats van aan de oostkant van Belfeld. b. Woningbouw ten oosten van de Soersbeekweg gaat ten koste van de Vlindertuin en het Burgerbos. Deze twee locaties dragen bij aan de ecologische waarde, biodiversiteit en recreatieve mogelijkheden van Belfeld. Indiener is als Stichting Aktief Greun Belvend verantwoordelijk voor de exploitatie van de Vlindertuin en het Burgerbos, met steun van vrijwilligers, ondernemers en de gemeente zelf.

Naar aanleiding van de zienswijze worden enkele aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd:

●

Het kaartbeeld van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt aangepast. Het zoekgebied wordt kleiner ingetekend. Dit neemt niet weg dat er in de gehele dorpsrandzone mogelijkheden blijven voor initiatieven in het kader van woningbouw. Daar waar de situatie hierom vraagt, bijvoorbeeld in het kader van kwaliteitsverbetering of andere integrale opgaven, kan bescheiden woningbouw aan de orde zijn.

●

De legenda van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt verduidelijkt. In plaats van de tekst ‘Bescheiden uitbreiding in de dorpsrandzones’ komt er ‘Zoekgebied kleinschalige woningbouw in de dorpsrandzones’ te staan.

●

In de uitleg van de dorpsrandzones (zie p. 51) hebben we verduidelijkt dat eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen in dorpsrandzones

c. Indiener geeft aan dat de Vlindertuin en het Burgerbos worden intensief gebruikt voor recreatie en educatie, zoals door basisschoolleerlingen en bewoners van het verzorgingshuis Den Leijgraeve. Het verdwijnen van deze gebieden zou een gemiste kans zijn om deze groene initiatieven verder te benutten en ontwikkelen. d. Er wordt door de indieners gesteld dat de oostelijke stadsrand van Belfeld een waardevol ecologisch en landschappelijk gebied is, dat buiten de stedelijke contouren

40

voldoende ruimte moeten bieden aan groen(verbindingen), water en moeten passen bij het landschap. “In de dorpsrandzones is ruimte voor recreatieve activiteiten en wordt ruimte geboden voor bescheiden mogelijkheden voor woningbouw, passend bij de maat en schaal van het dorp, het omliggende landschap en ecologische verbindingen. Een belangrijke kwaliteit van dorpsrandzones is de leesbaarheid van de overgang tussen het dorp en het landschap. Ontwikkelingen moeten een bijdrage leveren aan de verbetering van deze leesbaarheid. Eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen moeten voldoende ruimte bieden aan groen(verbindingen), water en passen bij het landschap.”

valt. Indiener stelt dan ook dat bebouwing in dit gebied tegen de uitgangspunten van de Omgevingsvisie 2040 en de Studie Stadsrandzones ingaat en het de biodiversiteit en recreatiemogelijkheden ernstig zou schaden. e. Indiener verzoekt de gemeente om de plannen te heroverwegen en oplossingen te zoeken die zowel de belangen van de gemeente als die van de inwoners respecteren en vraagt om behoud van het landschap, de cultuurhistorie en de leefbaarheid in Belfeld.

Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze: ●

Omgevingsvisie is een abstracte visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente tot 2040. De door indiener genoemde locatie betreft een aanduiding van het gebied dat mogelijk in de toekomst planologische ruimte biedt aan initiatieven die passen bij de ambities van deze omgevingsvisie. Zoals vermeld op p.54 moeten deze ontwikkelingen passen bij de aard en schaal van het dorp. Het is echter nog een zoekgebied. Deze verkenning doen we in een verdieping van de stadsrandzones, inclusief de ontwikkelingsrichting van de dorpen (zie ook p. 67). Uw input nemen we hierin mee.

●

Geluidsoverlast en luchtvervuiling zijn veelgehoorde zorgen. Daarom zal aan ieder initiatief een zorgvuldig locatieonderzoek voorafgaan. Dit locatieonderzoek zal - volgens landelijke richtlijnen - de effecten op het huidige gebruik, cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden in kaart brengen. Ook worden de milieunormen (luchtkwaliteit, geuroverlast, geluidsoverlast en omgevingsveiligheid) hierin meegenomen.

●

Concrete plannen die uit de visie voortkomen lopen altijd via een formeel traject, waarbij inspraak van inwoners een belangrijke rol speelt.

41

●

29

Inwoners a. Indieners geven aan dat duurzame elektriciteit op dit moment nog niet als betrouwbaar alternatief voor gas kan worden gezien, vanwege hoge elektriciteitsprijzen, netcongestie en problemen met teruglevering. Indiener stelt daarnaast dat bestaande woningen niet geschikt zijn om aardgasvrij te maken, zonder hoge kosten en dat de aardgasinfrastructuur behouden moet blijven, omdat hier mogelijk in de toekomst gebruikgemaakt van kan worden voor waterstof. Daarom pleiten indieners ervoor om eerst de capaciteit van het net uit te breiden voordat er aardgasvrij gebouwd wordt. Ook geven ze aan dat aardgasvrij maken van woningen op vrijwillige basis moet zijn, zonder sturende of dwingende maatregelen. b. Indieners betwijfelen of de 15-minutenstad, het autoluw maken van Venlo en het stimuleren van fietsen en OV positief is voor de middenstand, omdat het drempelverhogend werkt voor bezoekers. Daarnaast zou het aanpassen van de bereikbaarheid van Venlo de stad minder goed bereikbaar maken. Indieners stellen dat de focus moet liggen op bereikbaarheid, al dan niet met de auto. En dat de keuze van het gebruikte vervoersmiddel aan mensen zelf is. De bereikbaarheid van de dorpen zou volgens indieners gehandhaafd moeten worden, waarbij verbeterde busverbinding of deelmobiliteit niet als gelijkwaardig alternatief kan worden beschouwd.

Daarnaast zijn indieners van mening dat inwoners van Venlo onvoldoende geïnformeerd zijn over het begrip 15-minutenstad en de negatieve effecten. c. Indieners geven aan dat er in en om de dorpen gebouwd moet worden voor jongeren, gezinnen en ouderen uit deze dorpen. Indieners betwijfelen de noodzaak van short-stay huisvesting voor internationale arbeidskrachten en stelt dat werkgevers prioriteit moeten geven aan Nederlandse arbeidskrachten. d. Indieners wijzen erop dat er tijdens de bewonersavonden door inwoners andere locaties zijn aangegeven dan die in de ontwerp-omgevingsvisie zijn aangemerkt. De locatie in Lomm loopt nu door tot aan de sportvelden. Indieners geven aan dat dit ongewenst is, omdat sportfaciliteiten niet verloren mogen gaan. Indieners vragen daarnaast om duidelijkheid over de aanduiding van nieuwbouwlocaties, omdat deze

We onderschrijven Bolenberg als een potentiële ontwikkellocatie zoals ook beschreven op p.54 in de omgevingsvisie. De overige alternatieven vallen binnen de dorpsrandzone en beschouwen we ook als zodanig.

Naar aanleiding van de zienswijze worden er geen aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd. Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze: ●

In de Transitievisie gebouwde omgeving van de gemeente Venlo heeft de gemeente de ambitie uitgesproken dat in 2050 alle woningen volledig aardgasvrij moeten zijn. De gemeente heeft namelijk een belangrijke rol in de transitie naar een volledig duurzame warmtevoorziening. Deze ambitie en vastgestelde beleid is opgenomen in de omgevingsvisie. Voor meer informatie over hoe deze transitie gaat plaatsvinden verwijzen we graag naar de Transitievisie gebouwde omgeving 2.0. Dit hangt namelijk af van de warmteoplossingen per buurt.

●

De plannen om Venlo autoluw te maken, fietsen en OV te stimuleren en te streven naar een "15-minutenstad" zijn niet alleen goed voor de leefbaarheid en het milieu, maar bieden ook voordelen voor de middenstand. Een robuust fietsnetwerk en optimale OV-verbindingen zorgen ervoor dat klanten winkels en horecagelegenheden snel en gemakkelijk kunnen bereiken, ook vanuit omliggende wijken. Dit vergroot het potentiële klantenbereik voor de middenstand. P+Rterreinen en transferia aan de stadsrand zorgen ervoor dat bezoekers die met de auto komen, eenvoudig en snel in de binnenstad kunnen komen, zonder dat de binnenstad zelf vol staat met geparkeerde auto's. Een autoluwe binnenstad is aangenamer en veiliger voor voetgangers en fietsers. Dit creëert een prettige sfeer die uitnodigt tot winkelen en verblijven. Door parkeerplaatsen te verminderen, ontstaat er ruimte voor meer groen, terrassen, evenementen en woningen. De plannen rondom mobiliteit zullen na de vaststelling van de omgevingsvisie nader uitgewerkt worden.

42

op de kaart onvoldoende duidelijk zijn.

●

Voor de bereikbaarheid van de dorpen zetten we in op andere doelen. We zetten in op goede bereikbaarheid en het voorkomen van vervoersarmoede. We kiezen daarom voor inclusieve mobiliteit: betaalbaar en frequent openbaar vervoer tussen efficiënte mobiliteitsknooppunten in de dorpen. We sluiten het lokale mobiliteitssysteem zo goed mogelijk aan op de drie treinstations, maar ook op knooppunten buiten de gemeente. We zien we dat veel mensen in de dorpen afhankelijk blijven van autovervoer; hiervoor blijven we ruimte bieden. We combineren dit zo veel mogelijk met groenvoorzieningen en zorgen ervoor dat de laadinfrastructuur voor elektrische auto’s uitgebreid wordt.

●

In de omgevingsvisie wordt in de dorpen ingezet op het realiseren van woningen voor ouderen en jongeren/starters. De omgevingsvisie biedt hiervoor mogelijkheden. Hierover is op p. 52 opgenomen: “Daarom zetten we in Lomm in op woningbouw waar het kan – onder meer aan de zuidkant van het dorp, aansluitend aan de kern – om starters aan te trekken en te behouden en ouderen te laten doorstromen.”

●

De sportfaciliteiten in Lomm blijven als zodanig in gebruik. Hier wordt niet actief ingezet op afwaardering.

●

Een klimaatbestendige fysieke ruimte is een ruimte die is aangepast aan de gevolgen van klimaatverandering, zoals extreme hitte, droogte, wateroverlast en overstromingen. Het doel is om de leefbaarheid en veiligheid in deze ruimtes te waarborgen, zowel nu als in de toekomst. Hierbij kan je denken aan ○ Waterbeheer: Aanleg van waterbergingen, verbeteren van de afwatering, vergroenen van de omgeving om water beter op te nemen, en het aanpassen van rioleringen. ○ Hittebestendigheid: Het planten van bomen en struiken voor schaduw en verkoeling, het aanleggen van groene daken en gevels, en het gebruik van materialen die minder warmte vasthouden in gebouwen en bestrating. ○ Droogtebestendigheid: Het aanpassen van beplanting zodat

e. Indieners vragen wat bedoeld wordt met een klimaatbestendige fysieke ruimte en hoe deze gerealiseerd kan worden. f. In de omgevingsvisie wordt besproken over de ontwikkeling van de economie (pag. 28). Indieners vragen zich af of dit gevolgen heeft voor de bestaande bedrijven en specifiek de bedrijven in Lomm. Indieners vragen zich af of deze bedrijven weg moeten als ze niet passen in een door de gemeente te bepalen “duurzaamheidsprofiel” en in hoeverre er concreet nog ruimte is voor MKB en andere kleine ondernemers. Indieners geven aan dat als de doelstellingen in de omgevingsvisie negatieve gevolgen hebben voor bestaande bedrijven, ze verzoeken de doelstelling aan te passen. g. In de omgevingsvisie wordt gesproken over het vernatten van het landschap (pag. 60 en 61). Indieners pleiten tegen verdere vernatting in Lomm, vanwege negatieve effecten op voedselproductie en het voortbestaan van agrarische bedrijven. h. Indieners stellen dat het gebied van de ontgronding van de hoogwatergeul in Lomm al had moeten worden opgeleverd als natuurgebied aan stichting het Limburgs Landschap. De huidige situatie veroorzaakt overlast en voldoet niet aan de verwachtingen van een natuurgebied. Indiener verzoekt de gemeente om de ontgronder aan de oorspronkelijke vergunning te houden en verdere verlenging niet toe te staan, aangezien ontgronding niet langer gewenst is.

De geplande oplevering is uitgesteld tot 2030, wat betekent dat industriële activiteiten tot die tijd blijven doorgaan. i. Indieners geven aan dat de recreatieve routestructuur (kaart pag. 53 en pag. 59) via een belangrijke toegangsweg voor Lomm loopt. Op deze weg is de verkeerssituatie momenteel al gevaarlijk, meer verkeer zal dit verergeren. Het is volgens indieners niet gewenst om auto’s te weren of verkeersremmende maatregelen aan te brengen. Indieners geven aan dat een wandel- en fietsverbinding ter hoogte van de voetbalvelden een oplossing zou kunnen zijn. j. Indieners geven aan dat er geen draagvlak is voor windenergie in ’t Hanik, vanwege negatieve effecten op natuur, biodiversiteit en woningprijzen. Indieners stellen dat zowel windmolens als zonnepanelen het landelijk karakter van het gebied aantasten. Verder zou het "nee-tenzij-beleid" voor zonnevelden in het buitengebied ook voor ’t Hanik moet gelden en zouden Lomm of ‘t Hanik niet aanmerking moeten komen voor energieopwekking.

43

k. Indieners stellen dat er ook in Lomm behoefte is aan hoogwaterbescherming. Inwoners maken zich grote zorgen om de waterveiligheid. Indieners vragen zich af wat de status van Lomm is met betrekking tot de mogelijkheid van het verzekeren van waterschade. Daarnaast vragen indieners zich af of er aandachtspunten zijn met betrekking tot de verzekerbaarheid van inwoners die buitendijks wonen en of dit verzekeraars een uitweg zou bieden om niet uit te hoeven keren in het geval van waterschade door hoogwater. Inwoners geven aan dat steun en advies/bemiddeling van de gemeente hier zeer welkom is. l. Op de kaart op pag. 59 zijn twee locaties in Lomm gemarkeerd als dagrecreatieve voorziening. Indieners vragen zich af wat dit concreet betekent en of er al plannen of uitwerking beschikbaar zijn. Indieners willen graag op de hoogte gehouden worden van ontwikkeling van deze voorzieningen. m. Indieners zijn van mening dat de transformatie van een gebied met grote landschappelijke waarden naar een jachthaven ongewenst is. n. Indieners geven aan dat er in de omgevingsvisie wordt verwezen naar pagina 4 van de strategische visie 2040. Indieners stellen dat deze afbeelding een op fictie gebaseerde toekomstvoorstelling van Lomm is. Indieners herkennen zich niet in de toekomstvisie en vinden het ongepast om een toekomstvoorstelling te presenteren die tegen de omgevingsvisie 2040 ingaat.

Indieners stellen voor om deze impressies achterwege te laten.

deze beter tegen droogte kan, het slim omgaan met water in de landbouw, en het aanleggen van waterreservoirs. ●

De bestaande rechten van bedrijven respecteren wij. In hoofdstuk 4.4 is uitgewerkt wat de ambities zijn ten aanzien van nieuwe ruimte voor bedrijven. Het uitgangspunten hierbij is dat we zoeken naar extra ruimte voor nieuwe werklocaties. Het gaat hierbij specifiek om 40 ha.zoekruimte voor het lokale en regionale MKB.

●

De vernatting gaat specifiek om de gebieden rondom de Natura2000 gebieden. Zodat natuurwaarden in het gebied in stand blijven. Daarbij zoeken we de juiste balans tussen natuurwaarden en recreatiemogelijkheden.

●

De provincie Limburg is bevoegd gezag voor ontgrondingsvergunningen. Het project bevindt zich nu in de afronding. De provincie ziet toe op correcte naleving.

●

In de toeristische hoofdstructuur (p.59) hanteren we de meest optimale routes. Deze worden formeel gefaciliteerd en liggen hiermee vast.

●

De locatie bij ‘t Hanik Lomm is als een van de drie potentieel geschikte gebieden in het Beleidskader Nieuwe Energie (vastgesteld door de gemeenteraad in 2022) aangewezen. Dit gebied is in dit beleidskader in kaart gebracht als een ‘potentiegebied opwek zonne-energie RES’. We zijn ons bewust van het gebiedsproces dat heeft geleid tot het rapport ‘Gebiedsverkenning ’t Hanik (d.d. 28 november 2023) en de zorgen die er leven. Deze zullen meewegen in de definitieve besluitvorming over opwekgebieden. Zolang er nog geen ander besluit is genomen, houden wij in deze omgevingsvisie vast aan het huidige beleid en de bijbehorende gebieden.

●

De omgevingsvisie gaat uit van het Hoogwaterbeschermingsprogramma en doet geen nadere uitspraken

44

over het verzekeren tegen waterschade.

30

Inwoners Exterveld a. Indieners tekenen bezwaar aan tegen het aanwijzen van het gebied in het oosten van ‘t Hanik als potentieel zoekgebied voor grootschalige energieopwekking. Indieners geven aan dat deze aanwijzing in de visie niet wordt onderbouwd, maar dat uitspraken in de visie en de OER het gebied voor dergelijk gebruik uitsluiten.

●

De dagrecreatieve voorzieningen zijn overgenomen punten uit de Landschapsvisie van de gemeente Venlo uit 2021.

●

Bij de verkenning naar het ontwikkelen van een jachthaven in de Océ Weerd al ook goede inpassing in relatie tot landschappelijke waarden een onderdeel zijn. Evenals de koppeling met het hoogwaterveiligheidsproject Vierwaarden, het ontwikkelen van natuur, ook als een aantrekkelijk uitloopgebied vanuit de stad, het behoud, benutting en beleving van het aanwezige erfgoed, het realiseren van woningbouw en een hierbij passende wijkontsluitingsweg en het bieden van kwalitatieve ruimte voor ondernemers. Met deze integrale ontwikkeling geven we de noordkant van Venlo in potentie een stevige kwaliteitsimpuls. Hoe dit gebied precies vorm en inhoud krijgt, werken we nader uit.

●

De strategische visie is reeds vastgesteld. Omgevingsvisie gaat niet in tegen de strategische visie.

Naar aanleiding van de zienswijze worden er geen aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd. Hieronder reageren we puntsgewijs op uw zienswijze: ●

De locatie bij ‘t Hanik Lomm is als een van de drie potentieel geschikte gebieden in het Beleidskader Nieuwe Energie (vastgesteld door de gemeenteraad in 2022) aangewezen. Dit gebied is in dit beleidskader in kaart gebracht als een ‘potentiegebied opwek zonne-energie RES’.

●

We zijn ons bewust van het gebiedsproces dat heeft geleid tot het rapport ‘Gebiedsverkenning ’t Hanik (d.d. 28 november 2023) en de zorgen die er leven. Deze zullen meewegen in de definitieve besluitvorming over opwekgebieden. Zolang er nog geen ander besluit is genomen, houden wij in deze omgevingsvisie vast aan het huidige beleid en de bijbehorende gebieden.

b. Indieners noemen dat er in de visie wordt geschreven dat er bijna is voldaan aan de regionale energiedoelen van 1,2 TWh tot 2050. Indieners stellen dat nieuwe gebieden voor grootschalige energieopwekking daarom niet nodig zijn. c. De Omgevingsvisie stelt dat grootschalige energieopwekking vooral op daken van werklocaties moet plaatsvinden en gekoppeld moet worden aan de gebruikslocaties. Indieners geven aan dat het gebied bij ‘t Hanik geen werklocaties zijn, daarnaast is het potentiële aantal gebruikers beperkt. d. Indieners beschrijven dat in de omgevingsvisie wordt benoemd dat locaties zoals

45

de industriehaven onderzocht worden voor energiehubs. Indieners geven aan dat de industriehaven niet is aangeduid als potentiële locatie voor grootschalige energieopwekking e. Indieners stellen dat inwoners van ‘t Hanik meermaals duidelijk hebben gemaakt geen grootschalige energieopwekking in de woonomgeving willen. Het aanwijzen van ‘t Hanik druist daarmee in tegen de zinsnede op pag. 51 die beschrijft dat energieopwekking via lokale initiatieven in de dorpen gestimuleerd wordt en draagvlak van onderop hierbij leidend is. f. Indieners beschrijven dat ’t Hanik naast Natura2000-gebieden en Nationaal Park Maasduinen ligt. Energieopwekking zou de natuurwaarde, biodiversiteit en landschappelijke beleving ernstig aantasten. g. Indieners geven aan dat grootschalige energieopwekking niet past bij uitgangspunten in de omgevingsvisie die beschrijven dat er in de gele gebieden ruimte blijft voor buitengebied gerelateerd gebruik, in harmonie met het natuurlijke systeem. h. Indieners stellen dat grootschalige energieopwekking indruist tegen het beschermen en verbeteren van de natuurkwaliteiten en -waarden, zoals in de omgevingsvisie beschreven wordt als doel voor de natuurgebieden en het Maasdal. i.

In de omgevingsvisie wordt omschreven dat de waterwingebieden en waterbeschermingsgebieden in het buitengebied beschermd worden en het natuurlijk reliëf van het landschap zo veel mogelijk behouden blijft. Indieners stellen dat het aanwijzen van ‘t Hanik als gebied voor grootschalige energieopwekking indruist tegen bovenstaande uitgangspunten uit de omgevingsvisie. j. Indieners geven aan dat ‘t Hanik door de ligging een cruciale rol kan spelen in het realiseren van een robuust natuur-, water- en bodembeheer dat meebeweegt met natuurlijke systemen. k. Indieners verzoeken om met publieke en private partners te zoeken naar alternatieven om de ambities rondom waardevolle economie en klimaatbestendigheid op andere wijze waar te maken. 31

Ondernemer a. Indiener heeft kennisgenomen van de "Ontwerp Omgevingsvisie Venlo 2040 en OER Omgevingsvisie Venlo 2040" en vraagt de visie aan te vullen en te verrijken,

Naar aanleiding van de zienswijze wordt de volgende aanpassing in de omgevingsvisie doorgevoerd: ●

We stellen voor de passage op p.23 aan te passen naar: “In 2040 is in

46

de landbouw de omslag gemaakt naar kringlooplandbouw en in de glastuinbouw naar circulaire glastuinbouw: duurzaam en klimaatrobuust”.

zodat hun onderneming en de sector als geheel blijvend kunnen bijdragen aan gezonde en duurzame voedselproductie. b. Indiener stelt dat het glastuinbouwgebied Schandelo moet worden ingetekend als doorgroeigebied, net als 't Ven-Noord en Meelderbroek, om verdere schaalvergroting en verduurzaming van hun bedrijven mogelijk te maken. c. Indiener geeft aan dat productievestigingen voor glastuinbouw voor hun bedrijven ongeschikt zijn. Deze gebieden zijn maximaal bebouwd, waardoor er beperkte ruimte is voor biologische teelt. d. Indiener is bereid in overleg te gaan met stakeholders om een aangepaste begrenzing voor Schandelo te bepalen. Indiener geeft aan dat uitgangspunt daarbij dient te zijn dat het gebied een doorgroeigebied blijft.

●

De omgevingsvisie schetst de gewenste ontwikkeling van de gemeente Venlo tot 2040. We waarderen uw inbreng en de ambitie om gezamenlijk te bouwen aan een duurzame toekomst. Hieronder reageren we puntsgewijs op uw zienswijze: ●

Het toekomstperspectief voor de glastuinbouwsector in de gemeente Venlo is nog niet volledig uitgekristalliseerd. We zijn voornemens om samen met de regio aan de slag te gaan met een Toekomstperspectief voor de glastuinbouw mede in relatie tot de energiebehoefte. Ook de sector zullen we hierbij betrekken. Voor nu consolideren we bestaand beleid zoals ingezet in de Ruimtelijke Structuurvisie en Economische Visie.

●

De omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen. We erkennen dat input van stakeholders niet altijd direct herkenbaar is in de uiteindelijke tekst. Alle inbreng is echter zorgvuldig meegewogen. In de verdere uitwerking van de visie, bijvoorbeeld in omgevingsprogramma's, is ruimte voor verdieping en concretisering. Uw input nemen we hierin mee.

●

Schandelo is vanwege landschappelijke kwaliteiten, woonkwaliteit, bereikbaarheid en cultuurhistorie niet aangewezen als doorgroeigebied (buiten de bestaande contouren). We concentreren de groei in ‘t Ven-Noord en Meelderbroek en bieden daar planologische ruimte. Vooralsnog ook binnen bestaande contouren. Hiermee zetten we binnen de omgevingsvisie in op continuering van de huidige situatie, deze is in lijn met de huidige ruimtelijke structuurvisie. De bestaande rechten van bedrijven respecteren wij.

e. Indiener stelt dat glastuinbouw in de omgevingsvisie moet worden gepositioneerd als cruciaal onderdeel van de energietransitie en voedselzekerheid. f. Indiener geeft aan dat de input van Glastuinbouw Nederland tijdens de stakeholderbijeenkomsten is onvoldoende verwerkt; indiener vraagt om beter overleg over de bijdragen die glastuinbouw kan leveren aan de ambities. g. Indiener ziet de historische verankering en verbondenheid tussen Venlo en de glastuinbouw graag beter terug in de visie. h. Indiener geeft aan dat het strategisch belang van glastuinbouw voor voedselzekerheid en de economie als uitgangspunt moeten worden opgenomen in de omgevingsvisie. i. Indiener stelt dat de glastuinbouw beter moet worden opgenomen in de economische visie, met duidelijke ambities over de omvang en waarde van de sector. j. Indiener wil dat de term "kringlooplandbouw" in de visie wordt vervangen door "circulaire glastuinbouw", om de specifieke ambities van de sector correct weer te geven. k. Indiener geeft aan een kwantitatieve en kwalitatieve analyse van de gebieden, huidig beschikbare ruimte, gevraagde ruimte naar de toekomst en een beschrijving van aanpak met instrumentarium om tot realisatie van beleidskeuzes te komen te

We nemen op p. 67 op dat een toekomstperspectief voor de glastuinbouwsector in de gemeente Venlo onderdeel is van de uitwerking van de omgevingsvisie.

47

missen.

●

De huidige kaart is inderdaad grofmazig. Dit past bij het abstractieniveau van de omgevingsvisie. We werken de randvoorwaarden en details uit in een omgevingsprogramma / beleidskader ‘ruimtelijk perspectief ondernemers buitengebied’. De aanpak rondom vrijkomende agrarische bebouwing en functieverandering in het buitengebied worden later nader uitgewerkt. Uw input zal hierin worden meegenomen.

●

Goede huisvesting voor internationale werknemers is essentieel. In het onlangs vastgestelde ‘Beleidskader huisvesting internationale werknemers’ bieden we mogelijkheden voor short-stay bij agrarische bedrijven.

l. Indiener stelt dat naast optimalisatie binnen bestaande gebieden, er ook ruimte moet zijn voor verplaatsing en uitbreiding van bedrijven (schuifruimte), met aandacht voor duurzaam solitaire locaties. m. Indiener stelt voor om functies zoals burgerbewoning, horeca en toerisme en (verblijfs-) recreatie als nadere omschrijving van strijdige functies in doorgroeigebieden te benoemen. Daarnaast stelt indiener voor om aan te geven welke instrumenten hierbij ingezet worden. n. Indiener vraagt om toeristische routes door de doorgroeigebieden aan te passen, omdat ze op gespannen voet met ontwikkeling van de glastuinbouw staan. o. Indiener geeft aan dat de visie duidelijkheid moet bieden over het toekomstperspectief van solitaire glastuinbouwbedrijven, inclusief transitiepaden, schaalvergroting en verplaatsing. p. Indiener stelt dat kaartbeelden te grofmazig zijn om af te lezen welke bedrijven in welke zone zijn. Gedetailleerde kaarten zijn dus noodzakelijk. q. Indieners vragen om meer aandacht te geven aan en ruimtelijke keuzes te maken voor verduurzaming in energietransitie in het algemeen en in relatie met de glastuinbouw. Indiener vraagt beleidsmatige keuzes uit te werken tot maatregelen die ontwikkelingen in de gewenste richting leiden. Indiener denkt daarbij aan open houding naar innovaties en snelle procedures bij verduurzamingsinitiatieven op bedrijfsniveau. r.

Indiener geeft aan dat de glastuinbouwsector actief verbonden en aangehaakt moet worden op het gebied van het versterken van de energie-infrastructuur, bij het ontwerpen van warmtenetten en bij het ontwikkelen van energiehubs. s. Indiener geeft aan dat er voldoende mogelijkheden moeten zijn voor het realiseren van short-stay door of bij agrarische bedrijven om concentratie in stedelijke gebieden te voorkomen. t. Indiener stelt dat longstay internationale werknemers toegang moeten krijgen tot reguliere woonruimte om zich duurzaam in de regio te vestigen.

48

32

Ondernemer a. Indiener vraagt de visie aan te vullen en te verrijken, zodat hun onderneming en de sector als geheel blijvend kunnen bijdragen aan gezonde en duurzame voedselproductie. b. Indiener stelt dat het glastuinbouwgebied Schandelo moet worden ingetekend als doorgroeigebied, net als 't Ven-Noord en Meelderbroek, om verdere schaalvergroting en verduurzaming van hun bedrijven mogelijk te maken.

Naar aanleiding van de zienswijze wordt de volgende aanpassing in de omgevingsvisie doorgevoerd: ●

We stellen voor de passage op p.23 aan te passen naar: “In 2040 is in de landbouw de omslag gemaakt naar kringlooplandbouw en in de glastuinbouw naar circulaire glastuinbouw: duurzaam en klimaatrobuust”.

●

We nemen op p. 67 op dat een toekomstperspectief voor de glastuinbouwsector in de gemeente Venlo onderdeel is van de uitwerking van de omgevingsvisie.

c. Indiener geeft aan dat productievestigingen voor glastuinbouw voor hun bedrijven ongeschikt zijn. Deze gebieden zijn maximaal bebouwd, waardoor er beperkte ruimte is voor biologische teelt. d. Indiener is bereid in overleg te gaan met stakeholders om een aangepaste begrenzing voor Schandelo te bepalen. Indiener geeft aan dat uitgangspunt daarbij dient te zijn dat het gebied een doorgroeigebied blijft. e. Indiener stelt dat glastuinbouw in de omgevingsvisie moet worden gepositioneerd als cruciaal onderdeel van de energietransitie en voedselzekerheid.

De omgevingsvisie schetst de gewenste ontwikkeling van de gemeente Venlo tot 2040. We waarderen uw inbreng en de ambitie om gezamenlijk te bouwen aan een duurzame toekomst. Hieronder reageren we puntsgewijs op uw zienswijze: ●

Het toekomstperspectief voor de glastuinbouwsector in de gemeente Venlo is nog niet volledig uitgekristalliseerd. We zijn voornemens om samen met de regio aan de slag te gaan met een Toekomstperspectief voor de glastuinbouw mede in relatie tot de energiebehoefte. Ook de sector zullen we hierbij betrekken. Voor nu consolideren we bestaand beleid zoals ingezet in de Ruimtelijke Structuurvisie en Economische Visie.

●

De omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen. We erkennen dat input van stakeholders niet altijd direct herkenbaar is in de uiteindelijke tekst. Alle inbreng is echter zorgvuldig meegewogen. In de verdere uitwerking van de visie, bijvoorbeeld in omgevingsprogramma's, is ruimte voor verdieping en concretisering. Uw input nemen we hierin mee.

●

Schandelo is vanwege landschappelijke kwaliteiten, woonkwaliteit, bereikbaarheid en cultuurhistorie niet aangewezen als doorgroeigebied (buiten de bestaande contouren). We concentreren de groei in ‘t Ven-Noord en Meelderbroek en bieden daar

f. Indiener geeft aan dat de input van Glastuinbouw Nederland tijdens de stakeholderbijeenkomsten is onvoldoende verwerkt; indiener vraagt om beter overleg over de bijdragen die glastuinbouw kan leveren aan de ambities. g. Indiener ziet de historische verankering en verbondenheid tussen Venlo en de glastuinbouw graag beter terug in de visie.

h. Indiener geeft aan dat het strategisch belang van glastuinbouw voor voedselzekerheid en de economie als uitgangspunt moeten worden opgenomen in de omgevingsvisie. i. Indiener stelt dat de glastuinbouw beter moet worden opgenomen in de economische visie, met duidelijke ambities over de omvang en waarde van de sector. j. Indiener wil dat de term "kringlooplandbouw" in de visie wordt vervangen door "circulaire glastuinbouw", om de specifieke ambities van de sector correct weer te geven.

49

planologische ruimte. Vooralsnog ook binnen bestaande contouren. Hiermee zetten we binnen de omgevingsvisie in op continuering van de huidige situatie, deze is in lijn met de huidige ruimtelijke structuurvisie. De bestaande rechten van bedrijven respecteren wij.

k. Indiener geeft aan een kwantitatieve en kwalitatieve analyse van de gebieden, huidig beschikbare ruimte, gevraagde ruimte naar de toekomst en een beschrijving van aanpak met instrumentarium om tot realisatie van beleidskeuzes te komen te missen. l. Indiener stelt dat naast optimalisatie binnen bestaande gebieden, er ook ruimte moet zijn voor verplaatsing en uitbreiding van bedrijven (schuifruimte), met aandacht voor duurzaam solitaire locaties.

●

De huidige kaart is inderdaad grofmazig. Dit past bij het abstractieniveau van de omgevingsvisie. We werken de randvoorwaarden en details uit in een omgevingsprogramma / beleidskader ‘ruimtelijk perspectief ondernemers buitengebied’. De aanpak rondom vrijkomende agrarische bebouwing en functieverandering in het buitengebied worden later nader uitgewerkt. Uw input zal hierin worden meegenomen.

●

Goede huisvesting voor internationale werknemers is essentieel. In het onlangs vastgestelde ‘Beleidskader huisvesting internationale werknemers’ bieden we mogelijkheden voor short-stay bij agrarische bedrijven.

●

In de toeristische hoofdstructuur (p.59) hanteren we de meest optimale routes. Deze worden formeel gefaciliteerd en liggen hiermee vast.

m. Indiener stelt voor om functies zoals burgerbewoning, horeca en toerisme en (verblijfs-) recreatie als nadere omschrijving van strijdige functies in doorgroeigebieden te benoemen. Daarnaast stelt indiener voor om aan te geven welke instrumenten hierbij ingezet worden. n. Indiener vraagt om toeristische routes door de doorgroeigebieden aan te passen, omdat ze op gespannen voet met ontwikkeling van de glastuinbouw staan. o. Indiener geeft aan dat de visie duidelijkheid moet bieden over het toekomstperspectief van solitaire glastuinbouwbedrijven, inclusief transitiepaden, schaalvergroting en verplaatsing. p. Indiener stelt dat kaartbeelden te grofmazig zijn om af te lezen welke bedrijven in welke zone zijn. Gedetailleerde kaarten zijn dus noodzakelijk. q. Indieners vragen om meer aandacht te geven aan en ruimtelijke keuzes te maken voor verduurzaming in energietransitie in het algemeen en in relatie met de glastuinbouw. Indiener vraagt beleidsmatige keuzes uit te werken tot maatregelen die ontwikkelingen in de gewenste richting leiden. Indiener denkt daarbij aan open houding naar innovaties en snelle procedures bij verduurzamingsinitiatieven op bedrijfsniveau. r.

Indiener geeft aan dat de glastuinbouwsector actief verbonden en aangehaakt moet worden op het gebied van het versterken van de energie-infrastructuur, bij het ontwerpen van warmtenetten en bij het ontwikkelen van energiehubs. s. Indiener geeft aan dat er voldoende mogelijkheden moeten zijn voor het realiseren van short-stay door of bij agrarische bedrijven om concentratie in stedelijke gebieden te voorkomen.

50

t. Indiener stelt dat longstay internationale werknemers toegang moeten krijgen tot reguliere woonruimte om zich duurzaam in de regio te vestigen. 33

Ondernemer a. Indiener vraagt de visie aan te vullen en te verrijken, zodat hun onderneming en de sector als geheel blijvend kunnen bijdragen aan gezonde en duurzame voedselproductie. b. Indiener stelt dat het glastuinbouwgebied Schandelo moet worden ingetekend als doorgroeigebied, net als 't Ven-Noord en Meelderbroek, om verdere schaalvergroting en verduurzaming van hun bedrijven mogelijk te maken. c. Indiener geeft aan dat productievestigingen voor glastuinbouw voor hun bedrijven ongeschikt zijn. Deze gebieden zijn maximaal bebouwd, waardoor er beperkte ruimte is voor inpassing en biodiversiteit rondom deze bedrijven. Daardoor kan er niet op goede wijze biologisch geteeld worden. d. Indiener is bereid in overleg te gaan met stakeholders om een aangepaste begrenzing voor Schandelo te bepalen. Indiener geeft aan dat uitgangspunt daarbij dient te zijn dat het gebied een doorgroeigebied blijft. e. Indiener stelt dat glastuinbouw in de omgevingsvisie moet worden gepositioneerd als cruciaal onderdeel van de energietransitie en voedselzekerheid.

Naar aanleiding van de zienswijze wordt de volgende aanpassing in de omgevingsvisie doorgevoerd: ●

We stellen voor de passage op p.23 aan te passen naar: “In 2040 is in de landbouw de omslag gemaakt naar kringlooplandbouw en in de glastuinbouw naar circulaire glastuinbouw: duurzaam en klimaatrobuust”.

●

We nemen op p. 67 op dat een toekomstperspectief voor de glastuinbouwsector in de gemeente Venlo onderdeel is van de uitwerking van de omgevingsvisie.

De omgevingsvisie schetst de gewenste ontwikkeling van de gemeente Venlo tot 2040. We waarderen uw inbreng en de ambitie om gezamenlijk te bouwen aan een duurzame toekomst. Hieronder reageren we puntsgewijs op uw zienswijze: ●

Het toekomstperspectief voor de glastuinbouwsector in de gemeente Venlo is nog niet volledig uitgekristalliseerd. We zijn voornemens om samen met de regio aan de slag te gaan met een Toekomstperspectief voor de glastuinbouw mede in relatie tot de energiebehoefte. Ook de sector zullen we hierbij betrekken. Voor nu consolideren we bestaand beleid zoals ingezet in de Ruimtelijke Structuurvisie en Economische Visie.

●

De omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen. We erkennen dat input van stakeholders niet altijd direct herkenbaar is in de uiteindelijke tekst. Alle inbreng is echter zorgvuldig meegewogen. In de verdere uitwerking van de visie, bijvoorbeeld in omgevingsprogramma's, is ruimte voor verdieping en concretisering. Uw input nemen we hierin mee.

●

Schandelo is vanwege landschappelijke kwaliteiten, woonkwaliteit,

f. Indiener geeft aan dat de input van Glastuinbouw Nederland tijdens de stakeholderbijeenkomsten is onvoldoende verwerkt; indiener vraagt om beter overleg over de bijdragen die glastuinbouw kan leveren aan de ambities. g. Indiener ziet de historische verankering en verbondenheid tussen Venlo en de glastuinbouw graag beter terug in de visie.

h. Indiener geeft aan dat het strategisch belang van glastuinbouw voor voedselzekerheid en de economie als uitgangspunt moeten worden opgenomen in de omgevingsvisie. i. Indiener stelt dat de glastuinbouw beter moet worden opgenomen in de economische visie, met duidelijke ambities over de omvang en waarde van de sector.

51

bereikbaarheid en cultuurhistorie niet aangewezen als doorgroeigebied (buiten de bestaande contouren). We concentreren de groei in ‘t Ven-Noord en Meelderbroek en bieden daar planologische ruimte. Vooralsnog ook binnen bestaande contouren. Hiermee zetten we binnen de omgevingsvisie in op continuering van de huidige situatie, deze is in lijn met de huidige ruimtelijke structuurvisie. De bestaande rechten van bedrijven respecteren wij.

j. Indiener wil dat de term "kringlooplandbouw" in de visie wordt vervangen door "circulaire glastuinbouw", om de specifieke ambities van de sector correct weer te geven. k. Indiener geeft aan een kwantitatieve en kwalitatieve analyse van de gebieden, huidig beschikbare ruimte, gevraagde ruimte naar de toekomst en een beschrijving van aanpak met instrumentarium om tot realisatie van beleidskeuzes te komen te missen. ●

De huidige kaart is inderdaad grofmazig. Dit past bij het abstractieniveau van de omgevingsvisie. We werken de randvoorwaarden en details uit in een omgevingsprogramma / beleidskader ‘ruimtelijk perspectief ondernemers buitengebied’. De aanpak rondom vrijkomende agrarische bebouwing en functieverandering in het buitengebied worden later nader uitgewerkt. Uw input zal hierin worden meegenomen.

●

Goede huisvesting voor internationale werknemers is essentieel. In het onlangs vastgestelde ‘Beleidskader huisvesting internationale werknemers’ bieden we mogelijkheden voor short-stay bij agrarische bedrijven.

l. Indiener stelt dat naast optimalisatie binnen bestaande gebieden, er ook ruimte moet zijn voor verplaatsing en uitbreiding van bedrijven (schuifruimte), met aandacht voor duurzaam solitaire locaties. m. Indiener stelt voor om functies zoals burgerbewoning, horeca en toerisme en (verblijfs-) recreatie als nadere omschrijving van strijdige functies in doorgroeigebieden te benoemen. Daarnaast stelt indiener voor om aan te geven welke instrumenten hierbij ingezet worden. n. Indiener vraagt om toeristische routes door de doorgroeigebieden aan te passen, omdat ze op gespannen voet met ontwikkeling van de glastuinbouw staan. o. Indiener geeft aan dat de visie duidelijkheid moet bieden over het toekomstperspectief van solitaire glastuinbouwbedrijven, inclusief transitiepaden, schaalvergroting en verplaatsing. p. Indiener stelt dat kaartbeelden te grofmazig zijn om af te lezen welke bedrijven in welke zone zijn. Gedetailleerde kaarten zijn dus noodzakelijk. q. Indieners vragen om meer aandacht te geven aan en ruimtelijke keuzes te maken voor verduurzaming in energietransitie in het algemeen en in relatie met de glastuinbouw. Indiener vraagt beleidsmatige keuzes uit te werken tot maatregelen die ontwikkelingen in de gewenste richting leiden. Indiener denkt daarbij aan open houding naar innovaties en snelle procedures bij verduurzamingsinitiatieven op bedrijfsniveau. r.

Indiener geeft aan dat de glastuinbouwsector actief verbonden en aangehaakt moet worden op het gebied van het versterken van de energie-infrastructuur, bij het ontwerpen van warmtenetten en bij het ontwikkelen van energiehubs.

52

s. Indiener geeft aan dat er voldoende mogelijkheden moeten zijn voor het realiseren van short-stay door of bij agrarische bedrijven om concentratie in stedelijke gebieden te voorkomen. t. Indiener stelt dat longstay internationale werknemers toegang moeten krijgen tot reguliere woonruimte om zich duurzaam in de regio te vestigen. 34

Inwoners Belfeld a. Indiener geeft aan al lange tijd aan de Soersbeekweg te wonen en bij aankoop van de woning geïnformeerd te zijn door de oud-bewoners dat er aan de overzijde van de Soersbeekweg nooit woningen gebouwd zouden worden.

Naar aanleiding van de zienswijze worden enkele aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd:

●

Het kaartbeeld van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt aangepast. Het zoekgebied wordt kleiner ingetekend. Dit neemt niet weg dat er in de gehele dorpsrandzone mogelijkheden blijven voor initiatieven in het kader van woningbouw. Daar waar de situatie hierom vraagt, bijvoorbeeld in het kader van kwaliteitsverbetering of andere integrale opgaven, kan bescheiden woningbouw aan de orde zijn.

●

De legenda van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt verduidelijkt. In plaats van de tekst ‘Bescheiden uitbreiding in de dorpsrandzones’ komt er ‘Zoekgebied kleinschalige woningbouw in de dorpsrandzones’ te staan.

●

In de uitleg van de dorpsrandzones (zie p. 51) hebben we verduidelijkt dat eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen in dorpsrandzones voldoende ruimte moeten bieden aan groen(verbindingen), water en moeten passen bij het landschap. “In de dorpsrandzones is ruimte voor recreatieve activiteiten en wordt ruimte geboden voor bescheiden mogelijkheden voor woningbouw, passend bij de maat en schaal van het dorp, het omliggende landschap en ecologische verbindingen. Een belangrijke kwaliteit van dorpsrandzones is de leesbaarheid van de overgang tussen het dorp en het landschap. Ontwikkelingen moeten een bijdrage leveren aan de verbetering van deze leesbaarheid. Eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen moeten voldoende ruimte bieden aan groen(verbindingen), water en passen bij het landschap.”

b. Indiener omschrijft de inrichting van het gebied met diverse recreatieve en natuurwaarden, die een belangrijk onderdeel vormen van de leefomgeving. Zoals het Vlinderhof, Burgerbos, opvang van paarden, weilanden, akkerbouw, gebruik van het gebied om te wandelen. Indiener stelt dat dit genoeg redenen zijn om dit stuk natuur in ere te houden. c. Indiener stelt dat er daarnaast andere alternatieven voor woningbouw zijn: Het EJA-terrein, het gebied tussen de Zandstraat, Prins Hendrikstraat, Gaesstraat en Soersbeekweg en het zuidelijke deel van Belfeld aan de Reuverweg richting het westen en mogelijk het oosten. b. Dit gebied is ingericht met diverse recreatieve en natuurwaarden en vormt een belangrijk onderdeel van de leefomgeving.

53

Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze:

35

Ondernemer

●

Omgevingsvisie is een abstracte visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente tot 2040. De door indiener genoemde locatie betreft een aanduiding van het gebied dat mogelijk in de toekomst planologische ruimte biedt aan initiatieven die passen bij de ambities van deze omgevingsvisie. Zoals vermeld op p.54 moeten deze ontwikkelingen passen bij de aard en schaal van het dorp. Het is echter nog een zoekgebied. Deze verkenning doen we in een verdieping van de stadsrandzones, inclusief de ontwikkelingsrichting van de dorpen (zie ook p. 67). Uw input nemen we hierin mee.

●

Geluidsoverlast en luchtvervuiling zijn veelgehoorde zorgen. Daarom zal aan ieder initiatief een zorgvuldig locatieonderzoek voorafgaan. Dit locatieonderzoek zal - volgens landelijke richtlijnen - de effecten op het huidige gebruik, cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden in kaart brengen. Ook worden de milieunormen (luchtkwaliteit, geuroverlast, geluidsoverlast en omgevingsveiligheid) hierin meegenomen.

●

Concrete plannen die uit de visie voortkomen lopen altijd via een formeel traject, waarbij inspraak van inwoners een belangrijke rol speelt.

●

We onderschrijven Bolenberg als een potentiële ontwikkellocatie zoals ook beschreven op p.54 in de omgevingsvisie. De locatie Witveld is niet opgenomen in de visie omdat hiervoor de plannen binnen het huidige omgevingsplan reeds in ontwikkeling zijn. De overige alternatieven vallen binnen de dorpsrandzone en beschouwen we ook als zodanig.

Naar aanleiding van de zienswijze voeren we geen aanpassingen door in de

54

omgevingsvisie. Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze: a. Indiener verzoekt om het project Hoogwatergeul Lomm op te nemen in de omgevingsvisie in paragraaf 2.2 (pag. 16) onder het kopje ‘waterveiligheidsopgave’, omdat dit project een belangrijke bijdrage levert aan de hoogwaterveiligheid van de gemeente Venlo. Daarnaast draagt het bij aan natuur en recreatie. b. Indiener vraagt om de zinsnede rondom ‘grote ontgrondingen’ (pag. 60) te wijzigen in “voorzichtig om te gaan met medewerking verlenen aan grote ontgrondingen”. Zodat er voldoende bouwgrondstoffen zijn voor ontwikkelingen zoals werklocaties, sportcomplexen,de bouw van woningen en maatschappelijke gewenste ambities zoals hoogwaterbeschermingsmaatregelen, recreatieve ontwikkelingen en maatregelen rondom energietransitie, klimaat en natuurontwikkeling. c. Indiener vraagt om in de omgevingsvisie ruimte te laten voor rivierverruimingsmaatregelen met mogelijkheden voor ontgrondingsactiviteiten, om onnodige ophoging van dijken/waterkeringen te voorkomen en hoogwaterveiligheid te waarborgen. d. Indiener vraagt om de ten aanzien van ‘droogte gevoelige delen’ (pag. 61) enkel aan te geven om in te zetten op vernatting, maar daarbij de onjuiste relatie tot ongrondingsprojecten te verwijderen.

Aangezien dit niet overeenkomt met expertiserapporten die juist wijzen op vernatting van natuur in projecten zoals Hoogwatergeul Lomm. 36

Inwoners Belfeld a. De indieners benadrukken dat de huidige groene omgeving rondom de Soersbeekweg in Belfeld uniek is en volop recreatieve waarde biedt. Het gebied beschikt over wandelmogelijkheden, een Vlinderhof en een Burgerbos, die beide gerealiseerd zijn door vrijwilligers in samenwerking met de gemeente en geliefd zijn bij de inwoners. b. De indieners stellen dat de Soersbeekweg een toeristische route is waar fietsers, wandelaars en ruiters genieten van het landschap, de rust en de natuur. Ook kinderen maken gebruik van de natuurlijke speelplekken, zoals het sprokkelbosje en de beek. Daarnaast is er een weide gelegen met paarden en pony’s. c. De indieners betogen dat er alternatieven zijn voor woningbouw in Belfeld, zoals de locaties van de voormalige fabriek van Emans op de Stationsstraat en het perceel van voorheen Egidius Janssen, die beide dichtbij het centrum liggen en geschikt zijn

●

Omgevingsvisie is een abstracte visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente tot 2040. Individuele projecten - zoals ook het project dat door indiener wordt aangegeven - nemen we vanwege het abstractieniveau niet op in dit deel van de visie.

●

We passen de zinsnede rondom ‘grote ontgrondingen’ niet aan omdat we het behoud van het natuurlijk reliëf van het landschap zo veel mogelijk voorop willen stellen.

●

Hoogwaterveiligheid is een belangrijke opgaven in deze omgevingsvisie. Deze opgave pakken we samen met onze partners op en geven hier nadere invulling aan. We zorgen uiteraard dat onze dijken op orde zijn zoals benoemd op p. 30 en p. 51, verdere invulling werken we nader uit.

●

We voeren ten aanzien van de droogtegevoelige delen door. We verschillen hierin van inzicht.

Naar aanleiding van de zienswijze worden enkele aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd:

●

Het kaartbeeld van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt aangepast. Het zoekgebied wordt kleiner ingetekend. Dit neemt niet weg dat er in de gehele dorpsrandzone mogelijkheden blijven voor initiatieven in het kader van woningbouw. Daar waar de situatie hierom vraagt, bijvoorbeeld in het kader van kwaliteitsverbetering of andere integrale opgaven, kan bescheiden woningbouw aan de orde zijn.

●

De legenda van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt verduidelijkt. In plaats van de tekst ‘Bescheiden uitbreiding in de dorpsrandzones’ komt er ‘Zoekgebied kleinschalige woningbouw in de dorpsrandzones’ te staan.

55

voor nieuwe wijken.

●

d. De indieners vragen de gemeente om het groen rondom de Soersbeekweg te behouden, aangezien dit gebied een belangrijke plek is voor inwoners, vrijwilligers en de gemeenschap als geheel.

In de uitleg van de dorpsrandzones (zie p. 51) hebben we verduidelijkt dat eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen in dorpsrandzones voldoende ruimte moeten bieden aan groen(verbindingen), water en moeten passen bij het landschap. “In de dorpsrandzones is ruimte voor recreatieve activiteiten en wordt ruimte geboden voor bescheiden mogelijkheden voor woningbouw, passend bij de maat en schaal van het dorp, het omliggende landschap en ecologische verbindingen. Een belangrijke kwaliteit van dorpsrandzones is de leesbaarheid van de overgang tussen het dorp en het landschap. Ontwikkelingen moeten een bijdrage leveren aan de verbetering van deze leesbaarheid. Eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen moeten voldoende ruimte bieden aan groen(verbindingen), water en passen bij het landschap.”

Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze: ●

Omgevingsvisie is een abstracte visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente tot 2040. De door indiener genoemde locatie betreft een aanduiding van het gebied dat mogelijk in de toekomst planologische ruimte biedt aan initiatieven die passen bij de ambities van deze omgevingsvisie. Zoals vermeld op p.54 moeten deze ontwikkelingen passen bij de aard en schaal van het dorp. Het is echter nog een zoekgebied. Deze verkenning doen we in een verdieping van de stadsrandzones, inclusief de ontwikkelingsrichting van de dorpen (zie ook p. 67). Uw input nemen we hierin mee.

●

Geluidsoverlast en luchtvervuiling zijn veelgehoorde zorgen. Daarom zal aan ieder initiatief een zorgvuldig locatieonderzoek voorafgaan. Dit locatieonderzoek zal - volgens landelijke richtlijnen - de effecten op het huidige gebruik, cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden in kaart brengen. Ook worden de milieunormen (luchtkwaliteit, geuroverlast, geluidsoverlast en omgevingsveiligheid) hierin meegenomen.

56

37

Inwoners Belfeld a. De indieners wijzen erop dat in de omgevingsvisie wordt gesproken over nieuwe woningbouwlocaties om de leefbaarheid van Belfeld te verbeteren, met onder meer de oostelijke dorpsrand als mogelijke locatie. De indieners verzoeken de gemeente het ontwerp bestemmingsplan niet vast te stellen of gewijzigd vast te stellen met focus op de transformatielocatie Bolenberg. b. De indieners benadrukken dat de oostelijke dorpsrand de afgelopen jaren steeds meer is vergroend met projecten zoals de Vlindertuin, het Burgerbos, paardencoaching, de manege met buitenactiviteiten en de nieuwbouw van Fit XL, die gericht zijn op sport, recreatie en ontspanning.

●

Concrete plannen die uit de visie voortkomen lopen altijd via een formeel traject, waarbij inspraak van inwoners een belangrijke rol speelt.

●

De locatie Witveld is niet opgenomen in de visie omdat hiervoor de plannen binnen het huidige omgevingsplan reeds in ontwikkeling zijn. De overige alternatieven vallen binnen de dorpsrandzone en beschouwen we ook als zodanig.

Naar aanleiding van de zienswijze worden enkele aanpassingen in de omgevingsvisie doorgevoerd:

●

Het kaartbeeld van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt aangepast. Het zoekgebied wordt kleiner ingetekend. Dit neemt niet weg dat er in de gehele dorpsrandzone mogelijkheden blijven voor initiatieven in het kader van woningbouw. Daar waar de situatie hierom vraagt, bijvoorbeeld in het kader van kwaliteitsverbetering of andere integrale opgaven, kan bescheiden woningbouw aan de orde zijn.

●

De legenda van figuur 14 op p. 53 van de omgevingsvisie wordt verduidelijkt. In plaats van de tekst ‘Bescheiden uitbreiding in de dorpsrandzones’ komt er ‘Zoekgebied kleinschalige woningbouw in de dorpsrandzones’ te staan.

●

In de uitleg van de dorpsrandzones (zie p. 51) hebben we verduidelijkt dat eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen in dorpsrandzones voldoende ruimte moeten bieden aan groen(verbindingen), water en moeten passen bij het landschap. “In de dorpsrandzones is ruimte voor recreatieve activiteiten en wordt ruimte geboden voor bescheiden mogelijkheden voor woningbouw, passend bij de maat en schaal van het dorp, het omliggende landschap en ecologische verbindingen. Een belangrijke kwaliteit van dorpsrandzones is de leesbaarheid van de overgang tussen het dorp en het landschap. Ontwikkelingen moeten een bijdrage leveren aan de verbetering van deze leesbaarheid.

c. De indieners stellen dat woningbouw aan de oostelijke dorpsrand niet past bij de visie van sport, recreatie en vergroening die voor dit gebied is ingezet, mede gezien de nabijheid van de A73. d. De indieners uiten zorgen over het vrije uitzicht dat zij nu ervaren en de onoverkomelijke waardevermindering van hun woning als er woningen in dit gebied worden gebouwd. e. De indieners verzoeken de gemeente om de omgevingsvisie aan te passen door te focussen op de transformatielocatie Bolenberg, of het terrein van Egidius Janssen, waar nu plannen voor een opslagloods liggen.

57

Eventuele nieuwe woningbouwontwikkelingen moeten voldoende ruimte bieden aan groen(verbindingen), water en passen bij het landschap.” Hieronder reageren we puntsgewijs op de volledige zienswijze:

38

Ondernemer glastuinbouw

●

Omgevingsvisie is een abstracte visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente tot 2040. De door indiener genoemde locatie betreft een aanduiding van het gebied dat mogelijk in de toekomst planologische ruimte biedt aan initiatieven die passen bij de ambities van deze omgevingsvisie. Zoals vermeld op p.54 moeten deze ontwikkelingen passen bij de aard en schaal van het dorp. Het is echter nog een zoekgebied. Deze verkenning doen we in een verdieping van de stadsrandzones, inclusief de ontwikkelingsrichting van de dorpen (zie ook p. 67). Uw input nemen we hierin mee.

●

Geluidsoverlast en luchtvervuiling zijn veelgehoorde (m.b.t. A73) zorgen. Daarom zal aan ieder initiatief een zorgvuldig locatieonderzoek voorafgaan. Dit locatieonderzoek zal - volgens landelijke richtlijnen - de effecten op het huidige gebruik, cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden in kaart brengen. Ook worden de milieunormen (luchtkwaliteit, geuroverlast, geluidsoverlast en omgevingsveiligheid) hierin meegenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.venlo.nl/api/v1/meetings/938/documents/22120