CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

201217-verslag raadsvergadering.docx

Raadsvergadering 28 januari 2021, gemeente VelsenBij agendapunt: Vaststellen notulen raadsvergadering van 17 december 202023.800 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Eggermont voor, B.J.J. Hendriks tegen, M.M. Hillebrink voor, M.J. Hoekstra tegen, A.E. Karateke tegen, M. Koedijker tegen, B. Koppes tegen, N. Korf tegen, R.A. van Koten tegen, E.W. Kuin voor, L. Kwant tegen, T. Mastenbroek-Wesseling tegen, G. Nijemanting voor, L.G.Y. Ouderkerken tegen, H.M. Post tegen, S. de Ruig voor, C. Schollink tegen, S. Scholts tegen, C.M. Sintenie voor, I. Sitompul tegen, S. Smeets voor, P. Stam tegen, I.C. Stoelman tegen, J.C. Visser tegen, M.G.J.E. Vos-Vester tegen, L. de Winter tegen, K. Wolfs tegen, E.H. Zorgdrager-van Laar voor. Dank u wel. De voorzitter: Motie 47 is verworpen met acht stemmen voor en 25 stemmen tegen. 14 MOTIE 46 ‘VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG’ De voorzitter: De fractie van D66 heeft de motie ingediend over het dierenwelzijnsbeleid. Ik stel de volgende behandeling voor:  Een korte toelichting en voorlezen van de dit door de indiener.  Reactie van de overige fracties.  De portefeuillehouder. Ik geef het woord aan de indiener, de heer Hillebrink. De heer Hillebrink: Dank u wel, voorzitter. Naast D66 Velsen is deze motie mede ingediend door GroenLinks. De indieners van deze motie vinden het belangrijk dat het dierenwelzijnsbeleid in de nieuwe planperiode van - 21 -

2021-2024 wordt voortgezet. De gemeente heeft niet alleen een morele plicht, maar ook een wettelijke opvangplicht ten aanzien van dieren. Om goed vorm te geven aan de bezuinigingsopgave van aankomende jaren is evaluatie van de huidige periode in afstemming met de betrokken lokale en regionale dierenwelzijnsorganisaties noodzakelijk. Het dictum is als volgt En verzoekt het college:   

de evaluatie van de kadernota dierenwelzijn 2017-2020, gezamenlijk met een voorstel tot herijking van het dierenwelzijnsbeleid, in Q1 2021 aan te bieden aan de raad; in Q2 2021 aan de hand van de evaluatie en het herijkingsvoorstel een geactualiseerde kadernota voor de planperiode 2021-2024 aan de raad voor te leggen; lokale en regionale dierenwelzijnsorganisatie bij de uitwerking van de geactualiseerde kadernota dierenwelzijnsbeleid en de bezuinigingsopgave te betrekken.

Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hendriks. De heer Hendriks: Voorzitter, dank u wel. Laat ik aan het begin van mijn betoog zeggen dat dierenwelzijn ook de Partij van de Arbeid na aan het hart ligt. Het is nog maar een paar maanden geleden dat ik door de heer Hillebrink gevraagd werd om een verzoek te steunen om dit onderwerp op de agenda te zetten. Dat heb ik van harte gedaan. Het is nog maar een maand geleden, 12 november om precies te zijn, dat de heer Hillebrink tijdens een sessie over Jeugdhulp in de rondvraag aan de wethouder gevraagd heeft om een evaluatie van het dierenwelzijn in de huidige planperiode. Er is toegezegd dat hierop schriftelijk gereageerd zou worden. Nu hebben we dus een motie over hetzelfde onderwerp. Ik zou graag van de heer Hillebrink willen horen waarom hij in zo'n korte tijd drie van deze verzoeken achter elkaar doet. Is het misschien een stukje (onverstaanbaar door hoestgeluiden) redenen om daar op een andere manier op te reageren. Ik wil ook nog inhoudelijk op een stukje van de motie reageren, want dat baart mij wel een beetje zorgen. Het gaat met name om de toelichting. Daar wordt een aantal zaken genoemd waarvan ik graag zou willen weten hoe de heer Hillebrink en GroenLinks tot deze conclusies komt. Er wordt namelijk gezegd dat de bezuiniging – zo staat in de toelichting – leidt tot een versobering van de dienstverlening.

Dat…zal ; u stelt dat. Dat niet-wettelijk verplichte aspecten van dierenwelzijn vanuit de versobering in toenemende mate moeten worden uitgevoerd door privaat gefinancierde instellingen. Ik vind dat een knappe conclusie als u zelf aangeeft nog niet de evaluatie gekregen te hebben van het huidige beleid. U zegt – en dat baart me nog de meeste zorgen – dat het behandelen van dit onderwerp moet leiden tot een herijking van de budgetten. We hebben net de discussies over de begroting achter de rug en daar hebben we besluiten in genomen. Onder andere het beperken van het geld dat we voor dierenwelzijn beschikbaar stellen. Is het nu de bedoeling dat de heer Hillebrink met dit verzoek alvast een voorzetje doet om een herijking van de financiële middelen voor het dierenwelzijn voor elkaar te krijgen? Ik heb veel vragen, zoals u hoort. Ik hoop dat daarop gereageerd kan worden. Dank u wel. - 22 -

De voorzitter: Dank u wel. De heer De Winter. De heer De Winter: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me voor het grootste gedeelte aan bij de woorden van de heer Hendriks. Ik moet u eerlijk zeggen – dit is een persoonlijke noot – dat ik geïrriteerd raak door dit soort moties. Het is inderdaad het zoveelste verzoek, maar ik denk dan: waarom kom je met deze motie? Ik bedoel, doe je dat nu voor de bühne, hoe belangrijk je het dierenwelzijn vindt. Dan gaan we allemaal zeggen, alle partijen, dat vinden we allemaal. We vinden namelijk allemaal het dierenwelzijn belangrijk. Dan gaat hij ook nog in de uitvoering zitten, want het moet dan en dan klaar en dan en dan moeten we zus. Daarbij is het al een aantal keer gevraagd. Ik denk dus ook dat de reactie van de wethouder zal zijn dat deze motie gewoon overbodig is. We mogen toch van de wethouder verwachten dat als dit aan de beurt is hij die handschoen oppakt. Als dat niet zo is dan hebben wij als raad een controlerende taak en dan zullen we daarop reageren. Dus, met alle respect mijnheer Hillebrink, ik kan wel zeggen ik vind deze motie sympathiek, maar eigenlijk vind ik dat u steeds vaker met moties komt waarvan ik zeg, ja, wat doe je dit nu voor. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Vos. Mevrouw Vos: Ja voorzitter, als ik de twee vorige sprekers hoor, is dat precies ook de reactie van VelsenLokaal.

Want wij vinden het ook wel erg drammerig overkomen. We hebben inderdaad, na het telefoontje van een paar maanden geleden, gezegd: bespreek het in de fractie. De fractie heeft gezegd dat we het advies van het college willen horen of dit nu een prioriteit is. Er werd gezegd dat het niet de hoogste prioriteit had, want er liggen andere heel belangrijke zaken die gedaan moeten worden. Ja, en dan kom je via een omweg weer met zo'n motie. Dat geeft irritatie. Als ik naar de wegingen kijk die in de motie staan, kunnen we dat best wel volgen. Maar de toelichting zet ons weer op een heel ander standpunt. Dan moet toch de heer Hendriks en de heer De Winter gelijk geven dat het raar is om op deze manier je raadslidmaatschap op zo'n manier neer te zetten. Ik vind het echt heel erg vervelend om dit zo te moeten zeggen. Maar nogmaals, ik vind het drammerig gedrag. Ik hoop dat andere fracties dit ook vinden. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Koedijker. Mevrouw Koedijker: Dank u wel, voorzitter. Ja, als je het nieuwe beleid voor de komende vier jaar gaat vaststellen, moet je uiteraard eerst even kijken naar hoe het in de afgelopen periode is gegaan. Daarna moet je het beleid gaan evalueren. We zijn dan ook benieuwd waarom het dierenwelzijnsbeleid niet is gemonitord en een tweejaarlijkse evaluatie niet is uitgevoerd. Wat ons betreft is dat dus genoeg reden voor deze motie.

Politiek Sociaal wil deze motie echter alleen steunen als de volgende zinsnede wordt aangepast. Er staat namelijk dat er naar alternatieve geldstromen moet worden gezocht, bijvoorbeeld via fondsenwerving of sponsoring. Hiermee wordt de verwachting gewekt dat alternatieve geldstromen via fondsenwerving of sponsoring beschikbaar zijn. Dat gaat niet gebeuren. Fondsen, noch subsidieverstrekkers zijn bereid het reguliere werk van de gemeente te financieren. Dat zou erg mooi zijn, want dan zou geen enkele gemeente hier - 23 -

nog geld aan willen uitgeven. Wij willen deze passage dan ook verwijderd zien om geen valse verwachtingen te wekken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Schollink. De heer Schollink: Dank u wel, voorzitter. Op zich is het een sympathieke motie omdat je dierenwelzijnsbeleid wilt actualiseren. Zoals de heer De Winter zegt, dat vinden wij natuurlijk allemaal belangrijk. Maar zoals mevrouw Vos ook al zei: we zitten in een coronatijd; we hebben juist een van de zwaarste bezuinigingsoperaties uitgevoerd die we in de recente geschiedenis misschien zullen moeten uitvoeren. Ik snap dat de prioriteit even net iets anders lag. Daarom ben ik ook wel benieuwd – ik weet niet of de wethouder ons dat kan vertellen, of dat het iets is wat de griffie ons moet vertellen – of de toezegging waar de heer Hendriks het over had inderdaad gedaan is. Als dat zo is, moet ik zeggen dat ik het wel met mevrouw Vos eens ben; dat het een erg drammerige motie is als u binnen een maand verwacht dat het totale beleid geëvalueerd en geactualiseerd zou zijn. Dus ik ben heel erg benieuwd naar het antwoord op die vraag. Is die toezegging gedaan? Verder denk ik dat er ook een aantal andere, heel kritische vragen liggen. Ik ben erg benieuwd naar de beantwoording daarvan. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hoekstra. De heer Hoekstra: Ja, dank u wel voorzitter. Eerder vanavond hadden we het al over bomen.

Maar behalve voor groen en natuurlijk voor mensen, maakt GroenLinks zich ook altijd sterk voor dierenwelzijn. Want hoe gaat het met de dieren? Hoe gaat het met hen in Velsen? Met het Groenstructuurplan hebben we al sterk ingezet op het vergroten van de dierendiversiteit; bijvoorbeeld het stimuleren van bijen. Maar we hebben in Velsen ook een nota Dierenwelzijn. Van 2017-2020. Dat beleid moet dus vernieuwd worden. Dat was voor ons een eerste reden om deze motie mede te ondertekenen. Om dat beleid te kunnen vernieuwen waren er tweejaarlijkse evaluaties gepland. Die zijn er echter nog niet en dat is voor ons een tweede reden om mede te ondertekenen. Vervolgens hebben we onszelf bij de begroting een bezuiniging opgelegd op het gebied van dierenwelzijn. Dus moet het dierenwelzijnsbeleid soberder worden en slimmer. Gefocust op de wettelijke taken; een derde reden. Want we moeten ons beleid dus herijken. Dat niet-wettelijk verplichte aspecten van dierenwelzijn in toenemende mate zullen moeten worden uitgevoerd door privaat gefinancierde instellingen – dit is de vraag van de heer Hendriks – staat letterlijk zo in de begroting op pagina 14. Daar komt die tekst vandaan, denk ik. Die herijking, dus dat omvormen van het budget, willen we graag doen in samenspel met onze dierenwelzijnsorganisaties. De dierenambulance; de Dierenbescherming.

Dat was voor ons een vierde reden om mede te ondertekenen, omdat samenspel zo belangrijk is ook bij het dierenwelzijn. Met die motie kunnen wij als raad dus het belang van het dierenwelzijnsbeleid nog eens bevestigen. Dus een toezegging, een mondelinge toezegging, dus niet schriftelijk, zouden we op deze manier een tijdpad kunnen meegeven. Met de evaluatie en de herijking in het eerste kwartaal en kan uiteindelijk de nieuwe nota in samenspel ontstaan in het tweede kwartaal. Dat belang en ook dat tijdpad zijn heel duidelijk bedoeld als steun in de rug van de portefeuillehouder om daarmee aan de slag te gaan. En als steun in de rug van alle dieren in Velsen. - 24 -

Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel Mevrouw Eggermont. De heer Hendriks bij interruptie: Sorry, voorzitter… De voorzitter: De heer Hendriks, ja. De heer Hendriks: Mag ik een vraag aan de heer Hoekstra stellen, want... De voorzitter: Als interruptie? De heer Hendriks: Ja, als interruptie. Na het laatste punt dat zojuist uitgesproken is, hebt u het over herijken. De suggestie wordt op zijn minst gewerkt in deze motie dat het herijken inhoudt dat er opnieuw naar het beschikbare budget wordt gekeken. En niet, zoals ik uit uw woorden opmaak, dat er opnieuw wordt gekeken naar hoe we de beschikbare budgetten uitgeven. De voorzitter: De heer Hoekstra. De heer Hoekstra: Dank u wel voorzitter. Nu ja, ik denk dat wat ik gezegd heb dat we zullen moeten versoberen. Dat geldt voor meer dingen waarnaar ik gevraagd heb sinds 5 november. Dat betekent, denk ik, en dat staat zo in de begroting; we moeten focussen op onze wettelijke taken. Dat betekent dus ook dat we moeten kijken hoe we dat gaan oplossen. Dat oplossen willen we graag doen in samenspraak, in samenspel met de dierenwelzijnsorganisaties. Omdat die weten wat er speelt en hoe we dat met de hoogst mogelijke kwaliteit toch in stand kunnen houden. De heer Hendriks: Maar met alle respect, het is geen antwoord op mijn vraag.

Mijn vraag is of u met herijken bedoelt dat u opnieuw wilt zien welke financiën beschikbaar gesteld moeten worden voor dierenwelzijn. Dat is de suggestie die uit deze motie lijkt te komen. De heer Hoekstra: Zoals ik het… Ik kan natuurlijk niet voor mijn mede-indiener of zelfs de opsteller van deze motie spreken. Zoals ik haar heb gelezen – dat hebt u volgens mij ook kunnen opmaken uit mijn betoog – is dat het dierenwelzijnsbeleid soberder en slimmer moet; gefocust op de wettelijke taken. Zo vat ik dat herijken op. De voorzitter: We zullen kijken wat de heer Hillebrink daarop antwoord. Ik ga door met mevrouw Eggermont. Mevrouw Eggermont: Dank u wel, voorzitter. Onze fractie heeft ook erg zitten te dubben over deze motie. Wat is onze reactie hierop. Ik heb nog het een en ander nagekeken en nog eens twee berichten erop nageslagen over de toezegging die door het college gedaan is. In het weekbericht van de griffie dat wij altijd graag gelezen, staat heel duidelijk aangegeven wanneer er een evaluatie plaatsvindt en de organisaties die erbij betrokken moeten worden. Dat is dan dus echt samenspel in het dierenwelzijnsbeleid. En er komt een later moment voor een vooruitblik. Dus de evaluatie is toegezegd; dat staat heel duidelijk in dat weekbericht. We hebben daar toch nog wat twijfels over: waarom dan nu toch de motie, terwijl er eigenlijk een toezegging van het college ligt.

Als we het inhoudelijk over de motie hebben … - 25 -

De heer Hoekstra bij interruptie: Ter interruptie, voorzitter … De voorzitter: Ja, de heer Hoekstra. De heer Hoekstra:… Mevrouw Eggermont: Ja, ik geef toestemming, maar ik ga daar natuurlijk niet over. Sorry. De heer Hoekstra: Ik wou net zeggen, mevrouw Eggermont. Maar dank u wel, voorzitter. Mevrouw Eggermont: Af en toe pak ik een andere rol. De heer Hoekstra: U spreekt, mevrouw Eggermont, over een weekbericht van de griffie. Daarin staat een heel korte passage hierover. Maar dat is eigenlijk het enige wat op schrift staat hierover. Daarin staat bijvoorbeeld niets over het feit dat er ook een bezuiniging moet worden meegenomen. Dat is niet wat er over deze motie over wordt verteld. De heer De Winter bij interruptie: Voorzitter, ter interruptie… De voorzitter: De heer De Winter. De heer De Winter: Ja, dat ben ik dan niet met de heer Hoekstra eens. Sorry, want het weekbericht is een samenvatting van allerlei. Maar in de handelingen staat gewoon woordelijk die toezegging genoemd. Dan moet u niet zeggen, ja, het staat in het weekbericht. Het staat gewoon in de handelingen van de desbetreffende sessie. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eggermont kan weer doorgaan. De heer Hoekstra bij interruptie: Nou ja, ter interruptie voorzitter. Een reactie op de heer De Winter als het mag? De voorzitter: Ja. De heer Hoekstra: Nou ja, die handelingen.

Zijn die bekend bij de inwoners en de dierenwelzijnsorganisaties? De heer De Winter: Ja voorzitter, mag ik daarop antwoorden? De voorzitter: Heel kort. De heer De Winter: Ja, dat is met alles zo, natuurlijk. Ik bedoel, als de mensen het na willen lezen, kunnen ze het nalezen. Wie er naar op zoek is; u ook en wij ook, dus dat weekbericht van mevrouw Eggermont is natuurlijk niet leidend. Maar de handelingen wel. De voorzitter: Nu gaan we echt terug naar mevrouw Eggermont. Mevrouw Eggermont. Mevrouw Eggermont: Dank u wel. Ik wil even zeggen: dat weekbericht is niet van mij hoor. Dat weekbericht is van de griffie. Ja ik doe af en toe driedubbele rollen maar ik heb echt geen weekbericht uitgegeven. - 26 -

Ik wil ook nog wel even voorlezen wat erin staat. En als ik dan zeg, ja, in hoeverre zijn de organisaties hierbij betrokken. Er staat dat op het laatste moment de organisaties erbij betrokken worden. Dus dat lijkt me toch een duidelijke toezegging dat er over gesproken wordt. En dat er ook een vooruitblik komt. Dat is ook met de heer Hillebrink – zoals ik het lees in het weekbericht – besproken. Dus vandaar dat ik zeg dat na het weekbericht van 27 november wij toch twijfels hebben of we deze motie moeten indienen. Als u dan zegt, ga in op de inhoud van de motie, net zoals mevrouw Koedijker die sprak van geldstromen binnenhalen en dat soort dingen. Nou, er staat nogal wat en van wie wordt wat verwacht. Dus wij zijn inhoudelijk niet zo tevreden over deze motie. Maar we vinden eerlijk gezegd ook dat ze te vroeg komt. Onze fractie zal deze motie niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Aardenburg. De heer Aardenburg: Dank u, voorzitter. De wethouder heeft aangegeven dat ze ermee bezig zijn. Dan is het voor de LGV duidelijk dat deze motie gewoon totaal overbodig is. Dus wij zullen deze motie niet steunen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Scholts. De heer Scholts: Voorzitter, dank u. Ik weet niet of het al gezegd is, maar ook wij zijn voor het dierenwelzijnsbeleid. Ik weet niet of dat al genoemd is vandaag, maar wij in ieder geval wel.

Inhoudelijk is dit ook direct onze stemverklaring. Wij zullen tegen de motie stemmen. De voorzitter: Dank u wel. We gaan nu even naar de portefeuillehouder, wethouder Dinjens, voor een reactie. Daarna afsluitend naar de indiener. Wethouder Dinjens: Dank u wel, voorzitter. Ik ben blij dat we het dierenwelzijn binnenkort gaan bespreken. Dat ik dat voorop stellen. Ik hoor ook dat iedereen hier – de heer De Winter zei het treffend – het belangrijk vindt. Daar kunnen we het snel over eens zijn. Laat ik primair reageren of deze motie overbodig is. We kennen verschillende definities. Enerzijds betekent overbodig dat het niets toevoegt. Deze motie voegt echter wel wat toe. Ik heb inderdaad een toezegging gedaan dat we er binnenkort op terug zouden komen. In het weekbericht staat inderdaad een suggestie van hoe dat zou kunnen. Deze motie voegt wel wat toe in de zin dat ze specifieker is over wanneer dat tijdpad naar de raad toe zou komen. In die zin is het voor mij iets om me ertoe te verhouden. Het is geen motie van het water is nat of de aarde is rond. Het is wel echt iets nieuws, dus daartoe moet ik me verhouden. En dan kijk ik ernaar en dan denk ik ja, daar kan ik prima mee leven. Het is een tijdspad waarmee ik uitstekend uit de voeten kan. Deels loopt het parallel met wat we al ongeveer voorzien hadden. Dus in die zin kan ik deze motie gewoon uitvoeren.

De heer Hendriks bij interruptie: Ter interruptie, voorzitter. Mag ik een vraag stellen aan de wethouder? De voorzitter: Ja, mijnheer Hendriks. - 27 -

De heer Hendriks: Mijn vraag aan de wethouder is: zou u het plan ook uitvoeren als deze motie er niet ligt? Daarmee bedoel ik met name de tijdsperiode waarin het gevraagd wordt. Wethouder Dinjens: Ehmmm, mogelijk. Ja, dan zou ik me natuurlijk iets vrijer voelen om daar eventueel in te schuiven. Deze motie zegt, nee, doe dat nu maar snel. In die zin verandert deze motie wel iets aan mijn gedrag. De voorzitter: De heer Aardenburg. Ik zie uw handje nog overeind staan. Wilt u nog een vraag aan de wethouder stellen? De heer Aardenburg: Ik zal het even weghalen. De voorzitter: Mevrouw Vos, hebt u een vraag aan de wethouder? Mevrouw Vos: Jazeker, want ik wil ook wel graag van de wethouder weten hoe hij staat tegenover de toelichting die gegeven wordt. Want daarin zit natuurlijk ook wel het een en ander, wat daar gezegd wordt. Of hij dat dan ook zomaar gaat volgen. De voorzitter: Mevrouw Eggermont. Hebt u ook een vraag aan de wethouder? Mevrouw Eggermont: Ja voorzitter, ik heb inderdaad een vraag aan de wethouder. Ik verbaas me toch een beetje dat hij zegt: het helpt mij wel en ik ga het ook uitvoeren. Dit betekent dat wat in het weekbericht staat van de griffie, dat gaat u niet uitvoeren. Dat vind ik een beetje bijzonder antwoord van u. Ik vertrouw helemaal op dat wat u gezegd hebt in een weekbericht; dat staat dan zwart op wit. Dat voer je dan toch uit.

Dan heb je toch geen motie nodig. Anders krijgen we in het komende jaar aardig wat moties, denk ik, te verhandelen. Daar willen we juist vanaf zijn. Ik heb net als mevrouw Vos ook een vraag over de financiën. Onder andere over fondsenwerving. Gaat u dat anders ook zelf regelen? Daar ben ik wel heel benieuwd naar. De voorzitter: Nog een keer de portefeuillehouder en dan gaan we naar de heer Hillebrink. Wethouder Dinjens: Een terechte vraag van verschillende mensen en ook teruggrijpend op een opmerking van mevrouw Koedijker eerder. Ik kan me bij een aantal passages in de constateringen inderdaad wel voorstellen dat dat die vragen oproepen. De suggestie dat er nieuw geld zou zijn, is bijvoorbeeld een interessante. Daar kan ik me niets bij voorstellen. Maar goed, ik verhoud me tot die planning, want dat is wat er van me gevraagd wordt. Dan denk ik, dat ik dat deel wel kan uitvoeren. Ik kan me ook inderdaad voorstellen dat door een aantal van de constateringen verwachtingen gewekt worden die niet waargemaakt kunnen worden. Maar in diezelfde constatering staat toevallig ook iets over effectieve samenwerking. Dat is een of-of-of-schakeling in die zin. Dan denk ik, ja, effectieve samenwerking, daar zie ik weer wel wat in. Als je slim dingen met elkaar kunt verbinden, zit daar zeker wel wat in.

Dus al met al, ik heb de motie niet woordelijk geanalyseerd, en ik kan me voorstellen dat hier en daar wat dingen moeten worden bijgeschaafd, maar met het dictum kan ik leven. De voorzitter: OK. Dan gaan we nu naar de indiener voor een afsluitende repliek. De heer Schollink bij interruptie: Mag ik niet nog een keer reageren, voorzitter? De voorzitter: Op wie wilt u dan reageren? De heer Schollink: Nou ja, eigenlijk op de heer Hoekstra en de indiener. Mag dat? De voorzitter: Conform het reglement van orde niet. - 28 -

De heer Schollink: Ik dacht dat er nog een tweede termijn was; sorry voorzitter. De voorzitter: Nee, bij moties is dat niet zo. De heer Schollink: Maar kunt u dit zien als een interruptie? De voorzitter: We passen artikel 5 toe. Gaat u maar. De heer Schollink: Wat mij heel erg verbaast op dit moment, voorzitter, is dat de wethouder een toezegging heeft gedaan, maar hij geeft zelf aan dat die eigenlijk niet voldoende was en dat hij nu graag een kader wil hebben in de uitvoering daarvan. GroenLinks, de partij van wie de wethouder is, acht de toezegging van de eigen wethouder niet als voldoende en dient deze motie in die eigenlijk al overbodig is… Het is een enorm raadsel, voorzitter. De heer Hoekstra bij interruptie: Ter interruptie, voorzitter. De voorzitter: De heer Hoekstra. De heer Hoekstra: Waar de heer Schollink deze wijsheid vandaan haalt, maar dit slaat werkelijk helemaal nergens op. Kijk, het is heel simpel. Er is een dierenwelzijnsbeleid – en we kunnen natuurlijk allemaal over proces spreken en over Agendacommissies – maar we hebben dus een dierenwelzijnsbeleid en dat willen we graag actualiseren. Ik denk dat de portefeuillehouder heel duidelijk heeft aangegeven dat met deze motie daarin een stap gezet kan worden. Dat is volgens mij het enige wat hier van belang is en het heeft er niets mee te maken dat de toezegging niet geloofd wordt, of zoiets.

Nee, deze motie zet gewoon een volgende stap op weg naar actualisatie van het dierenwelzijnsbeleid. De voorzitter: Oké, we gaan de interrupties afronden… De heer Schollink: Nou, dan ben ik heel benieuwd wat GroenLinks gaat doen als dit tijdpad niet nageleefd kan worden. Dat wordt dan wel een bijzondere situatie. Wij zullen tegenstemmen, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar de heer Hillebrink voor zijn afsluitend betoog. De heer Hillebrink: Dank u wel, voorzitter. Misschien mag ik door sommige leden van de raad gezien worden als een drammer, maar dan ben ik wel een dierenwelzijnsdrammer. Ik sta er volledig achter dat het dierenwelzijnsbeleid op een goede manier wordt uitgevoerd. Als ik op de vragen die gesteld zijn een reactie mag geven: ik ben blij – hoe dan ook – met de beantwoording van de wethouder. Maar ook met de ondersteuning van GroenLinks in dezen. Ik denk dat ik toch even terug wil naar de afgelopen periode. Vanaf juli wilde ik inderdaad dierenwelzijn op de agenda zetten. Iedere keer heeft dit onderwerp moeten opschuiven vanwege het feit dat er geen evaluatie lag. Daarin zit natuurlijk ook een stuk onduidelijkheid; iedere keer lag er geen evaluatie. Dat staat ook nog eens een keer duidelijk in de nota. Op een gegeven moment in december kreeg ik als antwoord van de wethouder dat ermee aan de slag kon worden gegaan.

Maar dat zou heel lang kunnen duren. Om die reden vond ik het ook noodzakelijk om richting de raad, met u allen, daar een kader voor neer te zetten. Dat vind ik in ieder geval belangrijk om tot een goede uitvoering en actualisatie te komen. In antwoord op de financiën. Ja, ook wij vinden dat het sober en slimmer neerzetten van het dierenwelzijnsbeleid wel een opgave is in dezen. Hier wil ik aan toevoegen dat dit dient te gebeuren in gezamenlijkheid met de organisaties in het dierenwelzijnsveld. Hopelijk wordt er in de aankomende periode op een goede manier aan gewerkt. Deze motie is inderdaad een ondersteuning daartoe. In die zin vind ik het ook wel erg jammer een aantal partijen die ons aanvankelijk ondersteunden om het dierenwelzijnsbeleid op de agenda te zetten en tot een goede evaluatie te - 29 -

komen, het nu toch een beetje loslaten. Ik blijf er voor staan dat dat deze motie op een goed moment komt om er aandacht voor te vragen dat het dierenwelzijnsbeleid daadwerkelijk op een goede manier uitgewerkt gaat worden. Dus ik vind het absoluut geen motie voor de bühne. Als ik deze woorden van de heer De Winter hoor, dan irriteert me die uitspraak toch wel heel erg. Ja, tot zover, denk ik maar even. De voorzitter: Dank u wel. Zijn we nu aan het einde van de beraadslaging. We gaan over tot stemverklaringen. De heer Hendriks De heer Hendriks: Ik heb absoluut behoefte aan een stemverklaring, want ik deel de uitspraak niet dat als we niet meestemmen we tegen dierenwelzijnsbeleid zouden zijn. Voorzitter, de Partij van de Arbeid zal tegen deze motie stemmen. Dat is niet omdat we niet willen dat dit onderwerp geagendeerd wordt; dat komt omdat deze motie een aantal randvoorwaarden bevat waarin we ons absoluut niet kunnen vinden. Wij volgen veel liever de weg zoals die nu uitgezet is en waarbij de wethouder het onderwerp kan agenderen. Zonder deze motie heeft hij iets meer ruimte om zelf te bepalen wanneer het op de agenda komt. Wat ons betreft ligt er een keiharde toezegging dat dit onderwerp geagendeerd wordt. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Winter. De heer De Winter: Dank u wel, voorzitter. Ook ChristenUnie zal deze motie niet ondersteunen.

De vraag die de heer Hendriks stelde – zou u de afspraak ook nakomen zonder deze motie – geeft hier de doorslag. Hij hield een slag om zijn arm, maar het zou goed kunnen. Wij zullen er zonder deze motie wel voor waken dat de wethouder zijn afspraken nakomt. Tegen de heer Hillebrink wil ik zeggen: ik begrijp dat het niet leuk voor u is dat wij geïrriteerd zij en dat ik zeg dat deze motie voor de bühne is, maar ik hoop wel dat u er wat mee doet. Denk goed na over welke moties u wanneer indient. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Koedijker. Mevrouw Koedijker: Dank u wel, voorzitter. Politiek Sociaal vindt het jammer dat de heer Hillebrink niet heeft aangegeven dat hij de motie wil wijzigen. We kunnen daarom deze motie ook niet steunen. Dat vinden we jammer, want we hadden graag gezien dat het dierenwelzijnsbeleid geëvalueerd werd. De voorzitter: Dank u wel. De heer Schollink. De heer Schollink: Dank u wel, voorzitter. Het staat buiten kijf dat de VVD het dierenwelzijn in deze gemeente ook zeer belangrijk vindt. Daarom zijn wij ook, zoals de vorige sprekers, zeer blij met de toezegging die is gedaan door de wethouder om dit een keer op te gaan pakken. Dat is voor ons voldoende. Dus is deze motie compleet overbodig.

Wij vinden het wel goed om te horen dat u voor de juiste prioritering niet bij D66 maar bij de VVD moet zijn, want in deze lastige tijden waarin mensen hun banen verliezen en heel veel mensen thuis zitten, is D66 al een half jaar bezig met het dierenwelzijnsbeleid. Dank u wel, voorzitter. De heer Hillebrink bij interruptie: Ter interruptie… De voorzitter: Nee nee, we kunnen elkaar niet interrumperen bij de stemverklaringen, mijnheer Hillebrink. - 30 -

De heer Hoekstra. De heer Hoekstra: Dank u wel, voorzitter. Deze motie is op één manier in elk geval niet overbodig, want we hebben vandaag met elkaar toch publiekelijk over het dierenwelzijnsbeleid gesproken. GroenLinks is heel blij dat we dat gedaan hebben, publiekelijk voor de inwoners en de dierenwelzijnsorganisaties. We hebben het weer op de kaart gezet. Wij vinden dat het goed zou zijn om met elkaar het tijdpad af te stellen. We zien ook dat daar geen meerderheid voor is. Wij steunen deze motie, maar los van de uitkomst van deze stemming kijken we hoe dan ook uit naar de actualisatie van het dierenwelzijnsbeleid in Velsen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Eggermont. Mevrouw Eggermont: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even aangeven dat het CDA zeker ook het dierenwelzijnsbeleid heel belangrijk vindt. Daarom hebben we in september het agendaverzoek ondertekend. Maar met de toezegging die wij hebben over het weekbericht, kijken we uit naar de evaluatie in januari en ook dat de organisaties die daarbij betrokken zijn daarin meegenomen worden. Wij zullen tegen deze motie stemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hillebrink. De heer Hillebrink: Even reagerend op het weekbericht; het was een heel globale invulling. Daarnaast ben ik inderdaad in mijn betoog vergeten om te reageren op mevrouw Koedijker. Ik ben best bereid om de motie aan te passen.

Daarvoor vraag ik even een korte schorsing. De voorzitter: Dat kan nu niet meer, mijnheer Hillebrink. De beraadslagingen zijn gesloten; we zijn nu alleen met een stemverklaring bezig. En daarna de stemming. Het enige dat u kunt doen is de motie terugtrekken. De heer Hillebrink: Nee, ik breng haar in stemming. De voorzitter: Prima. De heer Scholts. De heer Scholts: Ik was al een aantal dingen kwijt. In mijn betoog heb ik al een stemverklaring gegeven. Ik dacht, misschien helpt het als we dan die groene en rode kaartjes moeten opsteken. We zijn echter nog steeds volledig tegen. De voorzitter: Dank u wel. Als laatste de heer Aardenburg. De heer Aardenburg: Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk vindt LGV dierenwelzijn heel erg belangrijk. Maar zoals eerder aangegeven: de actualisatie komt er gewoon aan. Dus deze motie is gewoon overbodig. Dus wij stemmen, nogmaals, tegen. De voorzitter: Dank u wel. Bent u het met mij eens dat de constatering dat vóór deze motie hebben gestemd de fractie van D66 en GroenLinks; en dat de overige fracties tegen hebben gestemd en dat motie 46 van D66 over dierenwelzijn verworpen is? akkoord, aldus besloten. Het is nu 21:20 uur. Ik stel voor dat we de vergadering even 10 minuten schorsen. Om 21:30 uur gaan we verder met motie 48. De vergadering is gesloten. - 31 -

_______________________________________________________________________ SCHORSING _______________________________________________________________________ De voorzitter: Dames en heren, ik heropen de vergadering van de gemeenteraad. 14 MOTIE 48 ‘VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG’ De voorzitter: Er is een motie ingediend door de fractie van GroenLinks over compacte gestapelde woningbouw met behoud van groen. Ik stel de volgende behandeling voor:  Een korte toelichting en het voorlezen van het dictum door de indiener.  Reactie van de overige fracties.  Reactie van de portefeuillehouder.  Afsluitend een reactie van de indiener. Ik geef het woord aan de indiener, de heer Hoekstra. De heer Hoekstra: Dank u, voorzitter. In het raadakkoord hebben we afgesproken om te voldoen aan de woningbouwopgave én om het huidige groen zoveel mogelijk te behouden. Gelukkig hebben we in Velsen best wel veel woningbouwlocaties in planvorming of in planning. Maar niet van alle plannen is het zeker dat ze doorgaan, zoals bijvoorbeeld Kustplaats met vooral gestapelde woningen. Daarom heb ik in nauw overleg met de heer Kwant van LGV deze motie opgesteld. Ze is mede ondertekend door de ChristenUnie en D66 Velsen, waarvoor onze dank. De motie roept op tot een voorstel voor compact gestapelde woningbouw en tot behoud van groen.

Zoals de toelichting laat zien: dat kan ook in vijf of zes verdiepingen met veel groen eromheen. Dan wordt het ook leverbaar. Wij denken dat dit voorstel iets toevoegt. Want omdat gestapelde bouw minder ruimte inneemt kunnen we gemakkelijker én de broodnodige woningen bouwen én het karakteristieke groen behouden. Voor de duidelijkheid: deze motie neemt geen besluiten en sorteert ook niet voor op locaties. Nee, deze motie roept het college op om compact gestapelde woningbouw in de breedte mee te nemen in het te versnellen proces van onze woningbouwopgave en het groen te behouden. Het dictum: verzoekt het college:  alle moeite te doen om te voldoen aan de woningbouwopgave, de locaties “in planning” en “in planvorming” te realiseren, en het huidige groen zoveel mogelijk te behouden;  een voorstel te doen voor locaties waar compacte, gestapelde woningbouw mogelijk en passend is voor de verschillende kernen, met aandacht voor leefbaarheid en natuur inclusief en circulair bouwen;  dit voorstel in te passen in de toegezegde stedenbouwkundige houtskoolschets, en die op korte termijn aan te bieden aan de raad, als input voor de Visie op Velsen; Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga nu inventariseren welke raadsleden hierover iets willen zeggen. De heer Scholts.

De heer Scholts: Ja, ik denk, we hebben het over groen, voorzitter, dus laat ik als eerste mijn handje opsteken voordat iedereen weer het gras voor mijn voeten wegmaait. In dit geval heeft onze fractie wel heel veel sympathie en dergelijke voor deze motie, maar er zit een vraag in. Ik weet niet aan wie ik die mag stellen, moet stellen of überhaupt kan stellen. De gemeenteraad van Velsen overweegt dat de locatie Kustplaats IJmuiden aan Zee met 900 grotendeels gestapelde woningen hier onderdeel van uitmaakt, maar dat deze ontwikkeling - 32 -

voorlopig stil ligt. Daarnaast is de gemeenteraad van Velsen van oordeel dat er mogelijke locaties gevonden moeten worden ter vervanging van de locatie Kustplaats. Ik zou daarover wel een verduidelijking willen hebben. Maar wie ik dit moet vragen, weet ik niet. De voorzitter: Het is een constatering van de indiener, dus u moet uw vraag richten aan de indiener. De heer Scholts: Nou, bij dezen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hoekstra zal er straks op terugkomen. Dat was het, mijnheer Scholts? Ja. Het woord is nu aan de heer Sintenie. De heer Sintenie: Dank u wel, voorzitter. Vooropgesteld: je kunt eigenlijk niet tegen deze motie zijn. Het voorlopige wegvallen van de locatie aan zee is een domper, maar ook weer niet geheel onverwacht. Velen van ons hebben al hun vraagtekens gezet bij de haalbaarheid. Het CDA is bang dat van afstel ook uitstel komt. 900 woningen krijg je niet zomaar gecompenseerd. Dat het college nu extra zijn best moet doen, staat buiten kijf. We hebben een paar vragen aan de indieners. Dit onderzoek kost wel weer extra geld en capaciteit. Kunt u ergens verantwoorden om daar nu extra capaciteit op te zetten? Er zijn nog behoorlijk wat bouwlocaties die wegens capaciteitsproblemen niet opgepakt kunnen worden. In de woningbouwopgave staat ook dat we het huidige groen zoveel mogelijk moeten ontzien. Dat staat ook in het raadsakkoord en in de Woonvisie van 2040.

Ik draag niets nieuws aan. Er staat ook in dat er verdicht moet worden binnen de woonkernen. Bent u het dan met ons eens dat stapelen op zichzelf noodzakelijk wordt? Dat staat dus in de Visie. Onze laatste vraag: kunt u het voor het college vergemakkelijken door nu al locatie aan te wijzen? Want daar hebt u vast over nagedacht. De werkgroep Versnellen van de woningbouwontwikkeling komt op 21 januari weer voor het eerst bijeen. Dan zal dit onderwerp ongetwijfeld ook aan de orde komen. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hendriks. De heer Hendriks: Voorzitter, laat ik zeggen dat ik dit een interessante motie vind in een interessante tijd. We hebben net wat sessies gehad over het zoeken naar nieuwe woningbouwlocaties. Maar eerlijk is eerlijk, dat ging over het zoeken naar bouwlocaties na 2030. We zitten nog in een gesprek waar de heer Sintenie net al op wees. Daar gaan we binnenkort weer mee verder. Er zijn dus wel wat ontwikkelingen rond woningbouw. Toch is het een interessante motie. Deze motie verwijst terecht naar het raadsakkoord. Dat wordt aangehaald en terecht. Wat mij echter opvalt, is dat onder het betreffende hoofdstuk Woningbouw, woningen en woningbouwopgave staan nog veel meer interessante elementen waarmee we rekening moeten houden. Ik noemde, bijvoorbeeld, het zoeken naar andere woonvormen.

Dat zou hier wat ons betreft ook een element van mogen zijn. Voorzitter, er worden wat voorbeelden gegeven van hoogbouw. Daarover moeten wij als Partij van de Arbeid toch kwijt dat we geen groot voorstander zijn van flatgebouwen van 15-hoog. Ik weet dat er wat locaties zijn in deze gemeente waar daarvoor gekozen is. Misschien is het hier en daar wel op zijn plaats. Maar we zouden daar heel terughoudend mee willen zijn. Deze terughoudendheid kan ook gevoed worden door met een bouwkundige houtskoolschets te komen. Ja, daar hebben wij ook behoefte aan. Ook bij eerdere verzoeken aan deze raad hebben wij dat voorstel nadrukkelijk gesteund. Wellicht dat uit die houtskoolschets in de Stedenbouwkundige Visie locaties naar voren komen waarop hoogbouw dan nog relevant is, of toepasbaar is. Tegen die tijd praten we daar weer graag over mee. We zouden echter voor nu toch willen vragen om wat terughoudend te zijn met grote hoogbouw. - 33 -

Voorzitter, wij zien deze motie vooral als een signaal aan het college vanuit de raad om de woningbouw voortvarend aan te pakken. Er zit wat overlap in met eerdere elementen. Dus niet alles lijkt nieuw, maar dat signaal willen we als raad, als Partij van de Arbeid vanuit deze raad graag ondersteunen. Dus op dit moment staan we heel positief tegenover deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bleekman. De heer Bleekman: Dank u wel, voorzitter. Ten eerste moet ik zeggen dat wij zeker niet tegen hoogbouw zijn. Er zijn zeker plekken in onze gemeente waar hoogbouw niet zou misstaan. Zeker met behoud van groen. We hebben daarvan al een plaatje op onze website deze week. Ik vraag me echter twee dingen af. 1. Wat denkt u dat deze motie teweegbrengt bij de dorpsdialoog in Driehuis? Denkt u dat dit invloed heeft? De timing is natuurlijk niet heel gelukkig, gezien in januari de dorpsdialoog over woningbouw gaat. 2.. Punt 1 staat al in het raadsakkoord: voldoen aan de woningbouwopgave en zoveel mogelijk groen behouden. Denkt u dan niet dat dit punt overbodig is in uw motie? Hier wil ik het voorlopig even bij laten. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Koten. De heer Van Koten: Dank u, voorzitter. De argumenten zoals die door het CDA zijn aangehaald vind ik behoorlijk valide. Het raadsakkoord schrijft daar eigenlijk ook al over.

Maar wat hou je dan over? Een heel volle motie en goed beschouwd eindigt ze met: we moeten zoveel mogelijk moeite doen. Alle moeite doen om ... Aan de andere kant is het dan heel mooi samenspel. Op zijn minst GroenLinks samen met LGV. In de flank D66. Goed beschouwd is het eigenlijk een signaalmotie. Wij zien het als een vriendelijke wenk om nader onderzoek te doen. Hoewel ik het onderzoek niet helemaal uit het dictum kon halen. Het zit verscholen in de toelichting. Dat vraagt dan eigenlijk weer een onderbouwing qua budgetten en dergelijke. Wij zien het als een vriendelijke wenk. En het moet in ieder geval wel een mooie mix worden. Als dat meegenomen kan worden in de discussie – zo hebben we de motie ook eigenlijk begrepen – kunnen wij alsnog voor stemmen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Schollink. De heer Schollink: Dank u wel, voorzitter. Het is zeker een sympathieke motie. Laten we als VVD daarmee beginnen. Het signaal dat de woningbouwopgave vlot getrokken moet worden is heel belangrijk. Daar staan wij ook volledig achter. Er moeten huizen zijn voor onze inwoners; we moeten aan die opgave voldoen. Dat gezegd hebbende; er staan wel heel veel bekende zaken in deze motie. En ook in het dictum. Andere partijen refereerden hier al aan. Voldoen aan de woningbouwopgave, ook al blijkt dat lastig, is al een kader, lijkt mij.

In navolging van de heer Bleekman vraag ik me af: is dat niet overbodig? Daarnaast, is deze motie op dit moment niet een beetje voortijdig? Want we spreken over dit onderwerp al uitgebreid met de Visie op Velsen, met Stadspark en ook recentelijk – daar refereerde de heer Hendriks al aan – met de Omgevingswet. Ik hoor nu van de heer Sintenie dat de werkgroep Versnelling van de woningbouw in januari bijeenkomt. Waarom is dan nu het moment om met deze motie – als ik haar goed lees in punt 2 – een voorkeur uit te spreken voor een specifieke vorm van bouwen. Het lijkt me toch eerder dat we daar als raad gezamenlijk over moeten spreken en onze voorkeur voor verschillende plekken moeten uitspreken. Ik ben wel benieuwd, ook naar de indiener. Ze geven aan: op een passende locatie gestapeld bouwen. Wat is passend? Wij vinden het op dit moment wel een vage motie en we zouden ook zeker wel wat extra - 34 -

duiding willen. We zijn benieuwd of daarmee onze zorgen van overbodigheid weggenomen kunnen worden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Smeets. De heer Smeets: Dank u wel, voorzitter. Ja, dat is toch nog een hele thriller zo'n motie op het einde van de raad. Wij hebben uiteindelijk onze handtekening hieronder gezet, dus het moge duidelijk zijn dat we deze motie steunen. Ik hoor een aantal partijen zeggen, is ze niet overbodig of is de timing niet verkeerd. Ik denk juist dat de Visie op Velsen met die woningbouwlocatie het ook een beetje naar voren heeft gebracht. Daar zagen we een aantal locaties zoals Beeckestijn, Velserbeek, Natura 2000 voor woningbouw naar voren komen. In deze motie spreken wij ons als raad ook uit om niet te gaan zoeken in het groen, maar te zoeken naar compact gestapelde woningbouw. We hebben de woningbouwopgave en we hebben al uitgesproken dat we daaraan willen voldoen. Dat wij daarbij zoveel mogelijk het groen willen behouden. Het is dus gewoon belangrijk dat we gaan kijken gestapelde woningbouw. Voor ons is wel een heel belangrijke passage geweest in deze motie, waardoor wij uiteindelijk onze steun hebben gegeven, dat hier ook in staat dat we alle moeite moeten doen om bouwlocaties in planning en planvorming te realiseren.

Deze motie stelt terecht dat op dit moment Kustplaats stil ligt; een potentiële locatie voor bijna 900 woningen. Het is gewoon een enorm belangrijke locatie voor ons, waarmee we uiteindelijk kunnen voldoen aan onze woningbouwopgave nu en in de toekomst. Wij zien het dus ook als een motie waarin bij we de wethouder oproepen om nu echt alle moeite te doen – ik zeg niet dat hij dat niet doet – dus alle moeite te doen om ervoor te zorgen dat die Kustplaats en alle andere locaties waar gebouwd kan worden gerealiseerd gaan worden. Want juist het realiseren van bouwlocaties is in de afgelopen tijd de bottleneck gebleken waardoor we maar weinig woningen konden bouwen. We zijn ook blij dat die erin staat. Uiteindelijk steunen wij deze motie van harte. We zien het echt als een aanscherping voor de prioriteit van woningbouw. Wij kunnen deze motie volledig steunen. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Winter. De heer De Winter: Dank u wel, voorzitter. Eerst even de heer Van Koten. Ook ChristenUnie heeft deze motie mede ingediend. We zijn weliswaar een eenmanspartij, maar wij ondertekenen net zo graag. Waar wij op aanhaken waarom wij deze motie mede hebben ingediend, is met name dat we het hier nu eens een keer hebben over hoogbouw. We hebben heel veel gesproken over locaties, over het groen zoveel mogelijk ontzien, enzovoorts. Maar nu wordt het specifiek in deze motie benoemd.

Ik heb onlangs een gesprek gehad met de interim directeur van Woningbedrijf Velsen. Die had ook het idee en daar klikte ik ontzettend op om, bijvoorbeeld in de Waalstraat – wat even stilgelegd is – om daar wat op te doen. Om daar een of twee lagen op te doen. Als je dan ziet dat in het hele park waar ook De Komeet staat tot aan de Vomar, dat daar nette gestapelde woningbouw is, geeft dat gewoon ontzettend veel mogelijkheden. En dan sparen we ook vanzelf wat meer groen uit. Dus dat is waar wij op triggerden. Ik wilde ook nog even wat anders vragen. Kijk, we hebben het nu een aantal keer gehad over Kustplaats, of de Rauwe Duinen zoals het officieel heet. Misschien kunnen we de wethouder ontlokken om eens te vragen of hij daar nog perspectief inziet. Het is een beetje bezijden deze motie, maar aan de andere kant werd terecht opgemerkt dat 900 potentiële plekken dan weg zijn. Of zijn die er nog en zit daar nog voortgang in? Wij ondersteunen deze motie van harte, met name omdat hier over stapeling gesproken wordt waarvan we zeggen, ook voor Driehuis, dat we daarmee een hoop kunnen oplossen. Misschien als we daar op minder uitkomen, wordt het door stapeling wat meer. Dan is ChristenUnie voor niet al te hoog. Dank u wel. De voorzitter: De voorzitter: Dank u wel. - 35 -

De heer Kwant. De heer Kwant: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, zoals de heer Hoekstra al aangegeven heeft, ben ik van harte samen met hem dit traject begonnen. Een partij die er voor het groen is en een partij die er voor de woningbouw is hebben elkaar hier in samenspel goed kunnen vinden. Wat is het belang van wat er nu komt. Het is al aangehaald dat eerdaags de werkgroep weer bij elkaar komt voor het versnellen van de woningbouw. Ja, dat klopt. Daar ben ik ook zelf initiatiefnemer van geweest in het verleden. Dat sluit nu juist heel erg aan, want er is een enorme behoefte aan duidelijkheid bij investeerders en ontwikkelaars aan waar men kan ontwikkelen en waar de locaties zijn. Zoals de heer Smeets al aangeeft hebben we de locaties in planning, dus te realiseren in planvorming. Dat is nu heel duidelijk, want er zijn bij de locaties in planning boterzachte locaties waar helemaal niets, maar dan ook niets gebeurt en waar het in de toekomst waarschijnlijk ook niet zal gebeuren. Al regelmatig zijn de 900 woningen genoemd van Kustdorp dat stil is komen te liggen. Of of dat ooit tot ontwikkeling zal komen, weten we niet. Maar als je stil blijven wachten tot er mogelijk iets gebeurt, dan ben je in 2030 te laat. Want laten we wel wezen en dat het voor iedereen duidelijk zijn: het gaat hier om de periode tot 2030.

We moeten het niet verwarren met de sessie die we op 10 december gaan hebben over ná 2030. Dat is een ander verhaal. Het is ook een ander aantal woningen die in die periode gerealiseerd moeten worden. Als we hier nu geen duidelijkheid geven waar die gestapelde woningbouw kan komen – het liefst met aantallen erbij; de heer De Winter geeft het ook al aan – kun je ook bovenop bestaande woningen extra woningen realiseren. Daar moet duidelijkheid over bestaan en daar moet een gesprek over gevoerd worden. Er moet worden aangegeven waar je dat kunt doen. Voorzitter, ik heb ook in het verleden regelmatig gehamerd op een stedenbouwkundige houtskool-visie. Dat moet de onderlegger zijn voor de voorstellen die er komen. Het is al een hele tijd geleden dat dat aangenomen is, maar er staat nog geen potloodstreepje op papier. We kunnen daar niet op blijven wachten. We zullen echt die duidelijkheid moeten geven. We praten over de woningopgave vanaf nu tot 2030 en niet van na 2030. Uiteraard staat hoogbouw, 15-hoog, er ook in. Natuurlijk zijn wij ook geen voorstander om dat allemaal in IJmuiden te doen, of allemaal in Velsen-Noord. Maar er zijn best plekken, en die moeten dan door de deskundigen voorgesteld worden, waar mogelijk een torenflat van 15-hoog neergezet kan worden.

Wat is nu die duidelijkheid die er moet komen? Die is dat we keihard op papier krijgen waar de plannen gerealiseerd kunnen worden, zodat er duidelijkheid komt bij investeerders en ontwikkelaars, maar ook voor de burgers, opdat zij weten hoe het zit. En dan de vraag – waar ik op zal antwoorden en dat zal de heer Hoekstra ook doen – is dat niet te vroeg voor de dorpsdialoog? Daarbij vraag ik me af wat de dorpsdialoog hiermee te maken heeft. Die gaan praten over de woningbouw die ze in het dorp willen. Wij willen gewoon voorstellen zien waar gestapelde hoogbouw gerealiseerd kan worden, uitgaande van de mogelijkheden die we hebben met het aantal woningen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Iedereen die heeft willen reageren op deze motie heeft dat kunnen doen. We gaan nu naar de portefeuillehouder. Daarna naar de indiener voor een afsluitend betoog. Het woord is aan de portefeuillehouder, wethouder Dinjens. Wethouder Dinjens: Dank u, voorzitter. Ik denk dat een aantal van de dingen die gepasseerd zijn bij de verschillende fracties ook enigszins gelijk is aan hoe in het college hierover gesproken is. Ik zal u eerlijk bekennen dat we nog wel even over gesproken hebben over welke verwachtingen hier nu achter deze motie zitten. Welke voorsorteringen zitten hier eventueel achter.

Want het is wel zo dat wij als college een proces op gang hebben gebracht van hoe we nu die hele Omgevingsvisie gaan opzetten. Niet al te veel voorkeur uitspreken, alle opties verkennen, alle opties openhouden. - 36 -

We hebben ons afgevraagd of het voorsorteren is op een van de opties. Ik weet even niet meer wie dat nou zei. Volgens mij was dat de heer Sintenie. Hij vroeg of we niet voorsorteren op één specifieke keuze. Maar uiteindelijk lezen wij het als college niet zo. Het is een suggestie van: dit moet je in ieder geval in kaart hebben, want zoals veel mensen opmerkten, hoe hoger je bouwt, hoe minder breed je het hoeft te doen. Dus zoals de heer Sintenie ook al vroeg: is het dan niet logisch, is het dan net zo makkelijk als ABC? Nou ja, dat is het dan misschien wel. Dan is het wel goed om dat even specifiek nog vast te zetten. Door te zeggen: ja, wees daar specifiek over, college. Geef ons aan waar die opties dan bestaan om ze in te passen. Dat is wel een andere vraag dan van: kijk gewoon maar breed. Dus in die zin ... Er werd ook al een paar keer aangegeven dat het ons kan helpen in de discussie die al bestaat over bestaande locaties, om te kijken of van hetgeen daar nu al gepland is het een goede locatie zou zijn voor gestapelde bouw. Het helpt ons dus ook in de processen die we in de versnelling van de woningbouw op dit moment aan het realiseren zijn. De heer Schollink: Voorzitter, ter interruptie… Als ik zo rondkijk zijn er al een aantal locaties waar wij als gemeente gestapelde woningbouw toestaan. Zoals bijvoorbeeld ook een tijd geleden met de flats op de Orionweg.

Hoe gaat u daar nu met deze motie anders gestapelde woningbouw toestaan; naar mijn idee doet u dat toch al.? Wethouder Dinjens: Ik wacht braaf op de voorzitter. Maar ik zal gewoon maar het woord nemen. Het gaat hier niet om toestaan, volgens mij. De motie roept ons op om met een voorstel te komen over waar dat zou kunnen. En dat mee te nemen in die houtskoolschets die de heer Kwant regelmatig aanhaalt. En dat dan weer in te passen in de Omgevingsvisie. Het is dus volgens mij zo dat het heel erg past in die trechter die we als college hebben neergelegd. Eerst super breed kijken. Deze motie zegt: vergeet dit stukje niet. Oké, fair point, vergeet dat stukje niet. Sterker nog, licht dat specifiek voor ons uit op het moment dat wij als raad hierover een integraal besluit nemen. De motie sorteert niet voor op een integraal besluit, zoals: dit stukje moet je alvast bestemmen. Nee, het is een uitlichting ervan. U vraagt hoe het gaat veranderen en hoe u hoogbouw globaal mogelijk wilt maken. Deze motie nog niet. Deze motie gaat u helpen, denk ik, om een heel afgewogen keuze te maken waar u eventueel gestapelde bouw wilt toestaan om eventueel andere stukken groenten ontzien. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Ik zie nog een handje van de heer Hendriks voor een reactie op de toelichting door de wethouder. De heer Hendriks: Jazeker, ik doe het netjes met een blauw handje.

Maar dat is inderdaad de bedoeling. Ik wil graag van de wethouder horen hoe hij nu de beraadslagingen interpreteert over de wijze waarop de dorpsdialoog Driehuis hierin is meegenomen. Ik hoop dat u het met mij eens bent dat Driehuis niet in het bijzonder benoemd wordt, maar ook niet wordt uitgezonderd. De voorzitter: De heer De Winter. De heer De Winter: Nou ja, het is misschien overbodig. Ik zei in mijn bijdrage: misschien kan ik de wethouder verleiden om iets te zeggen over de Rauwe Duinen. Het feit dat u daar niet op reageert, zou kunnen zijn omdat u zich niet hebt laten verleiden. Het zou ook kunnen zijn dat u het vergeten bent. De voorzitter: Wie kan de verleidingskunsten van u weerstaan, mijnheer De Winter. Mijnheer Scholts, hebt u nog een vraag aan portefeuillehouder? De heer Scholts: Ik begrijp net van u dat zo meteen de indiener het laatste woord krijgt. Ik hoop dat mijn vraag over die 900 woningen niet vergeten wordt. De voorzitter: Ja, duidelijk. De portefeuillehouder voor een korte reactie op de zojuist gestelde vragen. - 37 -

Wethouder Dinjens: Ik moet eerlijk bekennen, mijnheer De Winter, ik was eigenlijk bezig met een groot boogverhaal. Een aantal specifieke vragen heb ik inderdaad niet geraakt. Maar ik wilde het even in logische volgorde doen. Mijnheer Scholts vraagt of die nieuwe locaties eigenlijk wel nodig zijn, als die 900 al dan niet gerealiseerd wordt. De waarheid is dat we altijd moeten kijken naar nieuwe locaties post 2030. De vraag is hoeveel. Ik heb al eerder in de sessie gezegd dat we nu nog niet op het moment van getallen zijn. Dat moet nog komen. Maar daarom is het eigenlijk de timing van deze motie prima, omdat je nu zegt: vergeet niet dat je volumes kunt realiseren met gestapelde bouw. In alle gevallen zullen we toch ook moeten kijken naar meer locaties en hoe we dat dan realiseren. Mijnheer De Winter, ik ga niet in op uw avances om daarover iets toe te zeggen, vrees ik, maar de realiteit is wel dat het proces van afwikkeling langzaam is. Als dat zo is, moet we onszelf ook in de ogen kijken van hoe snel zoiets gaat lopen. Ik hoop natuurlijk op snel; dat is nooit anders geweest en daar heb ik me altijd voor ingezet. Maar de realiteit is dat het nu eventjes niet zo is. Maar komt dat ooit? Dat was ook één van de vragen die u in een soort van bijzin zei. In principe wel; wij gaan er ook vol voor.

Ik verwacht dat we dat altijd gaan doen en dat ook mijn opvolgers dat gaan doen, want het is een briljant stukje aarde en dat verdient om iets moois te krijgen op die plek. Het moet echt doorontwikkeld worden. Ik twijfel er niet aan dat ik en mijn opvolgers altijd zullen blijven ijveren voor het realiseren van die plaats totdat die er uiteindelijk is. Op welke termijn dat is, daar ga ik niet verder op in. Dat is te complex. Dan de vraag over de dorpsdialoog. Dat vroeg de heer Bleekman ook al. Wat doet dit dan in de dorpsdialoog? Ik denk niet al te veel, want we praten over verschillende locaties. Er zijn ideeën, plannen die ook al gestapelde bouw in zich hebben. We gaan daar als college door deze motie een mening over hebben, over hoeveel dat kan en of het realistischerwijs inpasbaar is. Dat wordt, vind ik zelf, een heel belangrijke, inpasbaar. Wat dat doet voor de dorpsdialoog Driehuis; daar heeft iedereen zijn zorgen over. Over de ontsluiting; dat we dat echt moeten blijven verzorgen. Als je daar een toren van 20-hoog of wilt neerzetten, dan heb je echt andere problemen. Dus lang verhaal kort. Ik denk dat dat niet zo heel veel doet. Het geeft ons de taak om serieus te kijken naar waar gestapelde bouw mogelijk is. De voorzitter: De heer Hendriks heeft wellicht een korte aanvullende vraag. De heer Hendriks: Ik word getriggerd door het begrip inpasbaar.

Dat ben ik hartstikke met u eens; geen verschil van mening. Maar naar aanleiding van uw opmerking: kunt u ons iets zeggen over de stand van zaken rondom het opstellen van een stedenbouwkundige houtskoolschets? De voorzitter: Ik ga nu afronden, want we gaan nu toch een beetje in debat met de portefeuillehouder. Er komen aanvullende vragen. Ik kijk nog even naar de heer Schollink en dan ronden we dit af en ga ik terug naar de indiener. De heer Schollink. De heer Schollink: Ik ben nog steeds een beetje in verwarring, want de wethouder geeft aan dat het een heel goed idee is om als college nu voorstellen te doen waar het goed kan om deze gestapelde bouw in te passen. Wat ik dan niet begrijp: als u het zo'n goed idee vindt, waarom hebt u daar dan nu deze motie voor nodig? U hebt alle tijd gehad om naar ons toe te komen met voorstellen. U hebt nog steeds die vrijheid als deze motie niet aangenomen wordt. Dus als u het zo'n goed idee vindt, waarom doet u dat dan niet gewoon? De voorzitter: Een korte reactie van de portefeuillehouder. Daarna gaan we naar de heer Hoekstra. Wethouder Dinjens: Ik weet niet zo goed hoe ik moet reageren op de vraag van de heer Schollink. U als raad gaat over wat u doet. U kunt mij dingen opdragen, u kunt mij dingen vriendelijk vragen en u kunt mij vrijheid laten. Dat is aan u. In deze zin, ja, het klopt dat wij altijd met voorstellen kunnen komen.

Deze motie roept ons op: kom specifiek met voorstellen in die brede verkenning die we aan het doen zijn. Kom specifiek: vergeet dat stukje compact gestapelde bouw niet, kom specifiek met een voorstel waar het kan. Die vraag is fundamenteel anders dan: waar kun je bouwen. Die vraag is fundamenteel anders dan de verschillende vragen waar we voor staan. Dus - 38 -

in die zin voegt het toe aan de overwegingen die we moeten maken. Verder gaat u over uw eigen afweging. Daardoor is wel per abuis de vraag van de heer Hendriks mij ontschoten. De heer Hendriks: Houtskoolschets? Wethouder Dinjens: O ja, dank u wel. Die is al eerder toegezegd om te komen als bouwsteen op de Omgevingsvisie. Dus die komt eraan; daar zijn we al mee bezig. De voorzitter: Dank u wel. We gaan nu naar de indiener voor zijn afsluitende bijdrage. De heer Hoekstra: Dank u wel, voorzitter. Ik wil de fracties bedankt voor hun bijdragen. Sommige fracties steunen, andere vragen. En de portefeuillehouder natuurlijk voor zijn positieve woorden, zowel over de inhoud als over de timing van deze motie. Ik heb een paar vragen gehoord. Een aantal daarvan zijn al beantwoord door mede-indieners. Ik zal ze dus niet allemaal afgaan. Wat betreft Kustplaats; laat ik er dan dit over zeggen, het gaat niet zo snel als we gedacht hadden, gehoopt hadden. Dat is in elk geval de reden waarom we dit in deze motie hebben gezet. Dat was de vraag van Forza!. De vraag van het CDA. Of het nu extra geld moet gaan kosten? Dit voorstel is heel duidelijk gepositioneerd als onderdeel van die houtskoolschets. Die komt er toch al; die is al toegezegd. Daarin wordt dus ook gekeken naar gestapelde bouw. Ik zeg heel consequent gestapelde bouw, want anders denken mensen alleen maar aan torenflats.

Om dan op de vraag van de heer Hendriks te komen. Ja, mijnheer Hendriks, u zegt dat helemaal terecht. Wij willen dat als indieners natuurlijk ook niet, heel Velsen volbouwen met alleen maar 15-verdiepingen hoge flats. Dat is ook de reden waarom ik in de toelichting die afbeeldingen heb opgenomen. Vier lagen hoog is ook al gestapeld bouwen. Het gaat er juist om: wat is waar passend? Ik denk niet dat de uitkomst van dit voorstel zal zijn dat er overal zomaar 15-hoog zal komen. Ik ben blij dat u ook zegt: die houtskoolschets. Daar heb ik meer fracties over gehoord. Het is natuurlijk de bedoeling dat die er komt. Deze motie geeft er nog extra nadruk op. Dat is ook eigenlijk mijn reactie op de vragen die gaan over zowel de relatie met de dorpsdialoog, als in hoeverre deze motie nu overbodig zou zijn. Daar heeft de heer Kwant al iets over gezegd en de portefeuillehouder ook. Deze motie gaat niet over specifieke locaties, maar zij vraagt het college om een voorstel te doen. Waar die gestapelde bouw mogelijk en passend is. Vervolgens, als het voorstel er is, kunnen wij als raad er iets van vinden. De inwoners trouwens ook. En dan kunnen we onze eigen afweging maken tussen woningen, woonmilieus, woningaantallen en dan ook uiteindelijk de afweging met het groen. Want die gaan hand in hand. Kijk, overbodig, natuurlijk licht deze motie wel in het verlengde van het raadakkoord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=a14248ff-6b2d-420b-a130-f8ff81b98f94