CConstaterende datVelsen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. MRA_Verstedelijkingsconcept EINDVERSIE

Raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente VelsenBij agendapunt: Verstedelijkingsstrategie MRA metropoolregio Amsterdam39.662 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

betaalbaar aanbod is niet alleen te realiseren door

regelgeving.

verdeling ontstaat tussen grotere steden met een diverse

nieuwbouw, maar ook door het betaalbaar houden van de

economische structuur en meer gespecialiseerde,

bestaande voorraad.

kleinere steden. Amsterdam en omliggende gemeenten vormen in deze meerkernige structuur het economisch dominante kerngebied. Schaalvoordelen op het niveau van de metropoolregio komen voort uit sterke verbondenheid: fysiek, sociaal en economisch. Een groot deel van de gemengde woonwerkgebieden zal ook in de toekomst in en om Amsterdam zijn geconcentreerd. Om de hele metropoolregio te laten profiteren van de groei van de werkgelegenheid, versterken we de vestigingsmilieus elders in de regio. Dat doen we door ook daar in te zetten op gemengde woonwerkmilieus met een eigen onderscheidend profiel en een wenkend ontwikkelingsperspectief, voortbouwend op de bestaande economische karakteristiek.

afbeelding 6 - De MRA voorziet in een rijk scala aan complementaire werk- en leefmilieus (bron: Mensen Werk, Hoe geven we ruimte aan de toekomst van werk? (2018), Spontaneous City)

Met deze ambitie bouwen we ook door op het innovatieecosysteem in de MRA, waarin het bedrijfsleven,

24

kennis- en onderwijsinstellingen en de overheid elk hun rol hebben. De koers die de economie heeft ingezet, is die richting circulariteit en digitalisering. Stromen en kringlopen bepalen meer en meer de structuur van de regionale economie. Reststoffen van het ene bedrijf kunnen worden benut door een ander bedrijf, of door particulieren. Dat kan gaan om grondstoffen, restwarmte, CO2, afvalwater. We houden rekening met de mogelijkheid dat voorzieningen voor de circulaire economie en de traditionele economie gedurende enige tijd naast elkaar zullen bestaan, wat een tijdelijk extra ruimtebeslag tot gevolg heeft. De innovatiekracht van de regio is hard nodig bij de omslag naar een circulaire economie. Hetzelfde geldt voor de digitalisering. Kennisontwikkeling en -toepassing zijn in de huidige praktijk al nauw verbonden. Stimulering is vooral wenselijk in de afstemming tussen onderwijs

Haveneconomie Het havenindustrieel cluster zorgt voor stuwende werkgelegenheid, waarmee geld over de grens wordt verdiend en die een grote multiplier voor de lokale economie kent. De haven fungeert als doorvoerhaven van hoogwaardige producten, vestigingsplaats van hoogwaardige industrie en bedrijven, proeftuin voor nieuwe bedrijvigheid en als ecosysteem met interacterende bedrijven, kennisinstellingen en publieke partijen. Om die rol te kunnen blijven spelen is recent geïnvesteerd in het vernieuwen van de zeesluis. Het havengebied is voor een blijvend sterke positie op het internationale toneel en voor zijn spilfunctie in de nationale economie niet meer alleen afhankelijk van volumes, maar juist ook van de duurzaamheid van de bedrijfsvoering en de innovaties die daarbij horen. In de energietransitie is een belangrijke rol weggelegd voor de haven, vanwege de aanwezigheid van grote energievragers en de traditionele, maar eindigende doorvoerfunctie voor grondstoffen zoals kolen. Ook in de overgang van een fossiele, lineaire economie naar een circulaire economie is een belangrijke rol weggelegd voor het havengebied. De haven kan met zijn innoverend vermogen de transities in de bredere regionale economie aanjagen. We willen dat het havencomplex zijn sterke internationale concurrentiepositie behoudt en bijdraagt aan een duurzame economische ontwikkeling.

Daarvoor, en om de gezondheid en leefkwaliteit in de MRA te verbeteren, is verduurzaming noodzakelijk. Ook hechten we bijzondere waarde aan de specifieke werkgelegenheid die de haven biedt: praktische banen, binnen de geografische reikwijdte van veel inwoners.

en arbeidsmarkt. Nieuwe generaties werkenden hebben skills nodig die passen bij een circulaire en gedigitaliseerde economie. De inzet op diversiteit en verbondenheid zal tot slot hand

Meer balans brengen in wonen en werken

lager autobezit en een lagere werkgeversvergoeding

in hand gaan met het versterken van de internationale

Bij de expliciete keuze voor een meerkernige ontwikkeling

voor woon-werkverkeer. Daardoor weegt de afstand

positie van de MRA. Door de verdere ontwikkeling van de

is een evenwichtige ontwikkeling van de metropoolregio

in tijd, geld en moeite relatief zwaarder voor hen dan

haven, de luchtvaart, het internationale treinverkeer en

het doel. Op dit moment is in de metropoolregio sprake

voor hoger opgeleiden. Toch wonen deze groepen door

het digitale knooppunt AMS-IX. Bij deze ontwikkelingen

van een onevenwichtige ruimtelijke verdeling tussen de

processen op de woningmarkt vaker dan theoretisch

zetten we in op verduurzaming en het verbeteren van de

locaties waar mensen werken en wonen. Dit is een gevolg

opgeleiden buiten de kernagglomeratie, met relatief

gezondheid en leefbaarheid in de omliggende gebieden.

van een disbalans tussen een meerkernige ruimtelijke

weinig lokale banen waardoor ze naar die voor hen in

spreiding van wonen en een ruimtelijke concentratie van

pure reistijd en brede bereikbaarheid minder goed

banen.

bereikbare kernagglomeratie moeten reizen voor hun baan. Binnen de kernagglomeratie, waar juist meer banen

Vooral praktisch en middelbaar opgeleiden zijn om

zijn dan beroepsbevolking, zijn banen voor praktisch en

verschillende redenen minder goed in staat en bereid

middenopgeleiden bovendien vaker te vinden op de

om ver, lang en tegen hoge kosten te reizen voor hun

minder goed per openbaar vervoer bereikbare locaties.

baan. Zij hebben doorgaans een lager inkomen, een

25

Woonwerk balans

concurrentiekracht te versterken en bedrijven te

Deze aanpak vraagt om maatwerk per gebied én om een

verleiden zich te vestigen

MRA-brede integrale uitwerking, beide op het snijvlak

Wonen en werken op transformatielocaties waar

van wonen, economie en bereikbaarheid. Deze integrale

met lagere inkomens aan de ene kant, en theoretisch

mogelijk te mengen in productieve buurten of wijken,

uitwerking omvat:

opgeleiden met gemiddeld hogere inkomens aan

en bedrijventerreinen te reserveren nabij plekken

1.

de andere kant.1 Deze disbalans leidt er ook toe dat

waar veel werkgebieden worden getransformeerd

groepen en bedrijfssectoren in beeld brengen van

Deze ruimtelijke disbalans in de metropoolregio leidt tot een flinke woon-werkpendel die de vervoersongelijkheid versterkt tussen praktisch en middelbaar opgeleiden

werkgevers in de kernagglomeratie en praktisch en

•

•

Het voor verschillende opleidingsniveaus, sociale

De nabijheid en bereisbaarheid te verbeteren tussen

de huidige verhouding banen/beroepsbevolking,

middelbaar geschoolden elkaar moeilijker of niet kunnen

woon- en werklocaties met deelauto’s, auto-fiets en

functiemix wonen-werken-voorzieningen en

vinden.

auto-ov combinaties voor autogebonden reizigers

bereikbaarheidsprofiel, geredeneerd vanuit de

en het streven naar betaalbare en beschikbare Het is onze ambitie om deze disbalans en ongelijkheid

alternatieven van lopen, (e-)fiets en openbaar vervoer

waar mogelijk te verminderen. De uitdaging is om via een

met aandacht voor de fijnmazigheid van het netwerk

deelgebieden én het grotere systeem 2.

Het bepalen van de ambities van deelregio’s en stadsharten voor de doorontwikkeling van deze

slimme onderlinge afstemming tussen keuzes in locaties

functiemix en het bereikbaarheidsprofiel, dat

van wonen en werken en hun onderlinge bereikbaarheid

Aan de andere kant kan de Verstedelijkingsstrategie

bij te dragen aan meer balans tussen wonen in werken

mogelijke arbeidstekorten tegengaan in cruciale

in alle deelregio’s, in termen van de verhouding van het

beroepen en competitieve sectoren in de

aantal banen ten opzichte van de beroepsbevolking.

kernagglomeratie (het oranje gebied op de kaart) met

functiemix van de verschillende woonwerkmilieus in

meer woonmogelijkheden voor praktisch en middelbaar

relatie tot het (toekomstig) bereikbaarheidsprofiel

De bijdrage van de Verstedelijkingsstrategie bestaat aan

geschoolden met een laag- of middeninkomen in

en vestigingsklimaat met handvatten voor

de ene kant uit maatregelen om op decentrale locaties

de steden en kernagglomeratie. Dit betekent dat de

met een hoge concentratie van praktisch en middelbaar

betaalbare woningvoorraad op peil moet worden

opgeleiden (de blauwe gebieden op de kaart):

gehouden en waar mogelijk vergroot dient te worden.

ambities van deelregio’s en stadsharten op basis van

• •

laatste ook in relatie tot veranderingen in het bereikbaarheidssysteem 3.

Het bepalen van een typologie voor de ‘optimale’

gebiedsontwikkeling en bereikbaarheidsinterventies 4.

Het invullen en waar nodig aanscherpen van de

Het bestaande werk te behouden en te integreren in

Daarnaast vraagt het in de paarse gebieden op de kaart

de typologie voor de ‘optimale’ functiemix, woon-,

ruimtelijke transformatiegebieden

om gerichte maatregelen die fijnmazige, betaalbare en

vestigings- en bereikbaarheidsklimaat

De condities voor werkgelegenheidsgroei te

veilige verbindingen tussen de woon- en de werkplek

verbeteren door de decentrale economische

helpen verbeteren.

profielen te versterken, daarmee specialisatie en

1

Vervoersongelijkheid betekent dat voor praktisch en middelbaar opgeleide inwoners van de MRA zowel binnen de MRA als geheel, als binnen de diverse deelregio’s de kosten voor het reizen

tussen woonplek en werkplek in termen van tijd, geld en moeite hoger zijn dan voor theoretisch opgeleide inwoners in de MRA, voor velen vermoedelijk zelfs in die mate dat het een drempel oproept voor arbeidsparticipatie.

27

Bereikbaarheid in de MRA bevorderen: toegankelijk en betaalbaar

mensen gemakkelijk maakt om hun reis van deur tot

kan zijn dat de milieueffecten en het ruimtebeslag van

deur te organiseren, op betaalbare wijze en beperkt

de spoorbaan toenemen. Negatieve effecten op het

Door de groei van de metropoolregio zal ook de mobiliteit

afhankelijk van een eigen auto. En we willen ook dat

binnenlandse en het regionale treinverkeer moeten

in, van en naar de MRA toenemen. Die toenemende

het goederenvervoer minder afhankelijk wordt van de

worden voorkomen. Daarnaast betekent het niet vanzelf

mobiliteit moet passen in het streven naar een gezonde,

vrachtauto, met name in de stadsdistributie. Door logistiek

dat hiermee de milieueffecten en het ruimtebeslag van de

veilige en aantrekkelijke leefomgeving. Economische

en goederenvervoer slimmer en duurzamer te maken, ook

luchtvaart afnemen. De vrijkomende luchtvaartcapaciteit

centra blijven bereikbaar, en tegelijk mag de reisafstand

met logistiek en goederenvervoer over water, kan deze

kan tenslotte ingenomen worden door vluchten op lange

tussen de woning aan de ene kant, en de werkplek

sector andere ambities ondersteunen.

afstanden. Hier moet een evenwicht in worden gevonden.

worden. We willen dat deze dagelijkse mobiliteit voor

In de internationale verbindingen heeft het vliegverkeer

Om de ontwikkeling van een veilig, gezond en duurzaam

iedereen toegankelijk en betaalbaar blijft. Met name

een belangrijke rol. We willen het vliegverkeer op korte

metropolitaan mobiliteitssysteem te bevorderen,

onder praktisch geschoolden is de bereisbaarheid een

afstanden terugdringen door meer ruimte te creëren

benaderen we het mobiliteitssysteem als één

aandachtspunt.

voor internationale treinen op het spoorwegnet. Schiphol

samenhangend systeem van verschillende modaliteiten

kan daardoor verder groeien als een internationaal

voor personen- en goederenvervoer: spoor en openbaar

De Verstedelijkingsstrategie en de ontwikkeling

knooppunt voor het treinverkeer. Om de ruimte op het

vervoer, weg, waterweg, fiets en lopen. De ontwikkeling

van het mobiliteitssysteem leiden in hun onderlinge

spoor te creëren, is het nodig om Hoofddorp en Schiphol

van binnenstedelijke woningbouw in gemengde milieus is

wisselwerking tot een mobiliteitstransitie. Ambitie is

te verbinden met het metronetwerk van Amsterdam.

een krachtige ondersteuning van deze ambitie.

een duurzame, gezonde en slimme mobiliteit, die het

De consequentie van meer internationaal treinverkeer

en voorzieningen aan de andere kant, niet te groot

afbeelding 7 Mobiliteitssysteem als één samenhangend systeem station Bijlmer-Arena

28

Analyse leefomgeving en gezondheid RIVM

Zorgen voor een gezonde leefomgeving In de MRA zijn er grote verschillen in de lokale gezondheidssituatie. Zo zijn er verschillen tussen gebieden waar de leefomgeving relatief gezond dan wel ongezond is, en tussen gebieden waar relatief veel dan wel weinig mensen wonen die kwetsbaar zijn voor fysieke en mentale gezondheidsrisico’s. Dat blijkt uit een analyse die het RIVM heeft uitgevoerd voor het Verstedelijkingsconcept. Onze ambitie is om iedereen in de MRA een gezonde leefomgeving aan te bieden door te investeren in een omgeving die inwoners beschermt tegen milieudruk en die de mentale en fysieke gezondheid bevordert. Deze ambitie laat zich het meest voelen in keuzesituaties in gebieden waar een oververtegenwoordiging van mensen met een kwetsbare gezondheid stapelen met ongezonde leefomgevingsfactoren, of waar de ruimtevragers met een negatieve impact op gezondheid concurreren in ruimtegebruik met interventies ter bevordering van de gezondheid. De primaire aandachtsgebieden zijn de rood-oranjeroze gebieden op de kaart. Hier wonen relatief veel mensen die kwetsbaar zijn voor fysieke en mentale gezondheidsrisico’s in een relatief ongezonde omgeving. Om de gezonde leefomgeving te versterken is een combinatie van ruimtelijke maatregelen ter bescherming én bevordering van de gezondheid hier op zijn plek, met name ook als er veel nieuwbouw is gepland.

In de paarse gebieden waar een ongezonde omgeving het belangrijkste probleem is, maar relatief weinig

afbeelding 8 Thema’s gezondheid beschermen en bevorderen

mensen wonen, is gezondheidsbescherming de primaire uitdaging. In de gele gebieden wonen relatief veel kwetsbare mensen, maar is de omgeving relatief gezond.

29

Hier is gezondheidsbevordering en het verminderen van

woonomgeving als aantrekkelijke en toegankelijke

stabiele energievoorziening waarborgt. Meer dan in het

deze kwetsbaarheid van belang. In de groene gebieden

recreatie- en natuurgebieden. Vooral in de rode, roze en

verleden zal dat sturend zijn voor verstedelijkingskeuzes.

waar relatief gezonde mensen in een gezonde omgeving

paarse gebieden, waar ruimteclaims ter bevordering van

De energietransitie werkt door in de industrie, die ook in

wonen, is het zaak deze gezonde omgeving te behouden

de gezondheid concurreren met andere ruimteclaims,

de energievoorziening meer circulair zal gaan werken, en

ondanks verstedelijkingsdruk.

vraagt dit om een zorgvuldige afweging.

in de mobiliteitstransitie.

Beschermen van de gezondheid betekent in de

In algemene zin is ook de ontwikkeling van (snel)

We willen bevorderen dat in de bouw materialen worden

eerste plaats maatregelen tegen geluidsbelasting en

fietspaden en openbaar vervoer bevorderlijk voor de

gebruikt die bij de productie weinig tot geen CO2

luchtvervuiling in de woon- en leefomgeving. Daarbij kan

gezondheid. Verder kan maatschappelijke participatie

-uitstoot veroorzaken, of die zelfs CO2 opslaan, zoals

gedacht worden aan het verminderen, verduurzamen

de gezondheid bevorderen. Daarvoor is de nabijheid

hout. Bosaanleg helpt om CO2 op te slaan. En ook het

of verplaatsen van geluid- en fijnstofbronnen zoals

van werk en opleiding relevant, net als ontmoeting en

terugdringen van de bodemdaling levert een reductie op

industrie en luchthavenactiviteiten, en het verlagen van

sociale cohesie. Aandachtspunt daarbij is dat segregatie

van de uitstoot van broeikasgassen.

de maximumsnelheid op autowegen in de nabijheid

en gentrificatie in wijken de oorzaak kunnen zijn van

van huidige en toekomstige woonlocaties. Maar ook

vermindering van sociale cohesie en ontmoeting, en een

bescherming tegen wateroverlast en hittestress zijn

negatieve invloed hebben op de mentale gezondheid. Tot

Doorontwikkelen van het metropolitane landschap

belangrijk in het beschermen van de gezondheid,

slot geldt dat ruimtelijke inrichting veelal niet voldoende

Dankzij de meerkernige stedelijke structuur van de

net als de verkeersveiligheid. Er ligt een relatie met

zal zijn. Voor daadwerkelijke gedragsverandering en

MRA is het landschap nooit ver weg. Onze ambitie is dat

de energietransitie en circulaire economie, die

gezondheidsbevordering is ruimtelijk beleid in combinatie

vanaf iedere woning binnen vijftien minuten fietsen een

enerzijds nodig zijn voor een structureel schonere en

met sociale maatregelen nodig.

aantrekkelijk en toegankelijk landschap bereikbaar is.

gezondere omgeving, maar waarvan de infrastructuur

Zo levert het landschap een belangrijke bijdrage aan de

veiligheidscontouren). Tenslotte is er een sterke relatie

De uitstoot van broeikasgassen terugdringen

tussen gezondheid en een slechte woningkwaliteit

We werken toe naar een schone MRA, circulair en

om een rondje te sporten of een dag op het water door

(schimmel, rotte fundering), die ook kan leiden tot

fossielvrij. Met name in het terugdringen van de

te brengen. De behoefte aan recreatie in landschap

energiearmoede. Daarmee zijn gerichte acties om via

uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen kan

nabij de steden groeit als de steden drukker worden. Dat

inzet op verduurzaming van woningen in bepaalde

de Verstedelijkingsstrategie veel betekenen. Dat is

maakt aandacht voor beleving, de recreatieve functie,

wijken niet alleen van belang om de energietransitie te

noodzakelijk om verdere klimaatverandering en de

toegankelijkheid en stad-landverbindingen (de scheggen

stimuleren, maar ook om gezondheidswinst te behalen.

daaruit voortvloeiende effecten op de veiligheid en

en stadsranden) op zijn plaats bij ruimtelijke ingrepen die

de gezondheid van de leefomgeving tegen te gaan.

invloed hebben op het landschap.

plaatselijk nadelige effecten kan hebben (milieu- en

leefkwaliteit en de menselijke maat. Of het nu is om stil te genieten van de natuur of om een festival te bezoeken,

Een ruimtelijke inrichting die uitnodigt tot bewegen,

Het energiesysteem staat voor een fundamentele

ontspannen en ontmoeten en tot actieve vormen van

vernieuwing. Duurzame energiebronnen zoals wind,

Het landschap draagt bij aan de identiteit van het

mobiliteit (lopen en fietsen) bevordert de gezondheid.

zon en geo- en aquathermie zullen fossiele bronnen

gebied, is een drager van cultuurhistorische waarden,

Belangrijk daarin zijn functiemenging (de nabijheid

vervangen. Dat vraagt om een geïntegreerd hybride

biedt ontspanning en is productief als landbouwareaal.

van dagelijkse voorzieningen, werk en opleiding en

energiesysteem; een systeem dat gebruik maakt van

Het aaneengesloten landschap is essentieel voor het

voorzieningen voor ontspanning) en de nabijheid

verschillende duurzame bronnen, dat kleinschalige

herstellen van de biodiversiteit. Een sterk landschap

en kwaliteit van groen; zowel groen in de directe

energiewinning tot op buurtniveau integreert en een

functioneert bovendien als leverancier van een aantal

30

Terugdringen van de bodemdaling De bodemdaling in veenweidegebieden (Waterland, Amstelscheg, Vechtstreek) is een gevolg van het oxideren van veen. Daarbij komen broeikasgassen zoals CO2 vrij. De bodemdaling in droogmakerijen ontstaat door een combinatie van inklinkende kleigronden en oxidatie van veen. Dalende bodems kunnen ook gevolgen hebben voor onder meer het grondgebruik, het beheer van infrastructuur en de kwaliteit van houten funderingen. Het tempo waarin veen oxideert heeft te maken met het grondwaterpeil dat nodig is voor het huidige agrarische grondgebruik. Naarmate de grond natter is, daalt de bodem trager. Het huidige peilbeheer in veel agrarische veenweidegebieden, waarbij slootwater wordt weggepompt om de bodem voldoende droog te houden voor agrarische productie, draagt bij aan het tempo van de bodemdaling. Een optie om de bodemdaling in veenweidegebieden tegen te gaan, is om het grondwaterpeil structureel te verhogen. Dat heeft al gauw gevolgen voor het grondgebruik. Dat zou daarop afgestemd moeten worden, hetzij door een aangepaste agrarische bedrijfsvoering, hetzij door een keuze voor natuur of recreatie, of een combinatie van de drie. Technische oplossingen (zoals drukdrainage of onderwaterdrainage) zijn ook denkbaar en worden momenteel onderzocht op hun kansen en mogelijke effecten.

Welke oplossing voor welk veenweidegebied het meest in aanmerking komt, wordt uitgewerkt in integrale gebiedsprocessen met alle betrokken partijen, zoals in Laag-Holland en het Groene Hart. In deze integrale gebiedsprocessen wordt gezocht naar oplossingen die de bodemdaling tegengaan en op maatschappelijk draagvlak kunnen rekenen. Ook in de Amstelscheg werken gebiedspartijen samen aan een integraal Gebiedsperspectief, waarin dit onderwerp wordt meegenomen. Eerste oorzaak van de bodemdaling in Flevoland is het inklinken van klei. Dat is een natuurlijk proces dat op termijn tot stilstand komt. Daarnaast is er sprake van lokale veenpakketten die dicht op het oppervlakte zitten. Oxidatie van deze veenpakketten heeft (naast de inklinking) daling tot gevolg. Bepaalde vormen van intensieve akkerbouw kunnen op een aantal plekken op termijn niet meer haalbaar zijn. Hier moet worden gezocht naar ander gebruik van deze gronden.

groenblauwe diensten die stuk voor stuk van belang zijn voor een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving, zoals schone lucht, waterwinning voor de drinkwaterproductie, waterbuffering, verkoeling, energie en de mentale gezondheid die verbonden is aan een groene omgeving. De landschappelijke waarden en groenblauwe diensten vragen allemaal aandacht en onderhoud, willen we ze op de lange duur kunnen handhaven en versterken. Het behoud van de doorgaande landschappelijke structuur, de ontwikkeling van de landschapseenheden die daar deel van uitmaken en een landschapsinclusieve verstedelijking hebben een cruciale rol in het borgen van een goede leefkwaliteit voor iedereen in deze groeiende metropoolregio.

De regio klimaatadaptief inrichten Het klimaat verandert snel. Dat betekent een grotere toevloed van water via de rivieren, een stijgende zeespiegel, extreme buien, maar ook perioden van hitte en extreme droogte. Ruimtelijke ontwikkelingen van nu krijgen gedurende hun levensduur te maken met een wezenlijk ander klimaat. In de tweede helft van deze eeuw zal de klimaatverandering waarschijnlijk accelereren. Dat maakt de urgentie van een klimaatadaptieve inrichting des te groter. Er zal steeds kortere tijd zijn om keuzes te maken, ontwikkelingen voor te bereiden en maatregelen uit te voeren. Wachten met klimaatadaptieve maatregelen leidt ertoe dat we binnen afzienbare termijn de ruimtelijke inrichting en het watersysteem in veel landelijke en stedelijke gebieden opnieuw moeten aanpassen, willen we de metropoolregio leefbaar houden en mogelijke schade beperken.

31

In gebieden met veel economische waarde, waar veel mensen wonen en werken, is dat ingewikkeld en kostbaar. Enkele jaren voor je uitschuiven of alleen rekenen met mogelijke scenario’s tot 2050 resulteert al snel in miljarden euro’s aan extra investeringen in de ruimtelijke inrichting van met name stedelijk gebied en in het watersysteem. Kortom: hoe eerder we beginnen met aanpassen, hoe beperkter de uiteindelijke totaalkosten. Bij ruimtelijke plannen en projecten moeten we direct

Terugdringen hittestress Hitte vormt een steeds groter gezondheidsrisico, vooral in stedelijk gebied. Vanwege de klimaatverandering komen hittegolven steeds vaker voor. Bij een hittegolf ontstaan temperatuurverschillen tot wel acht graden tussen stedelijk en landelijk gebied. Reductie van hittestress werkt door in de inrichting van nieuwe en bestaande stedelijke gebieden, in het bijzonder bij stedelijke verdichtingsprojecten. Voorbeelden van verkoelende maatregelen zijn het creëren van meer schaduw in de stad en meer ruimte voor groen en bewegend water, zowel in het openbaar domein (parken, plantsoenen, groenstroken) als in het private domein (inwoners en bedrijven stimuleren om daken, gevels of verharde tuinen te vergroenen). Op een groter schaalniveau kunnen stedenbouwkundige keuzes helpen om verkoelende wind uit het buitengebied diep de stad in te laten waaien.

al de gehele levensduur in beschouwing nemen en kijken naar de verre horizon van 2100. Dat betekent dat ruimtelijke ontwikkelingen ook op korte termijn moeten worden getoetst aan alle scenario’s voor de lange termijn. Daar zitten onzekerheden in. We weten niet precies hoe snel de klimaatverandering gaat verlopen en hoe zwaar de effecten zullen zijn. Een klimaatadaptieve regio moet met

De biodiversiteit vergroten

stootje kan zonder direct aan waarde te verliezen. Zo’n

die onzekerheden weten om te gaan. Zo kunnen ingrepen

De MRA onderscheidt zich van de meeste andere

robuuste ecologische droge en natte structuur is een

vermeden worden die op lange termijn tot grote extra

metropolen door de aaneengesloten landschappelijke

voorwaarde voor het herstel van de biodiversiteit en voor

risico’s of kosten zullen leiden, en blijven verschillende

structuur, waardoor nabij de stedelijke gebieden steeds

een duurzame stedelijke en ruimtelijk-economische

ontwikkelpaden open.

goed bereikbare en waardevolle landschappen te

ontwikkeling.

vinden zijn. Zee, strand, duinen, bos, heide, veenweiden, Elke ontwikkeling draagt zo bij aan een klimaatadaptieve

moerassen, polders en de grote meren – ze kennen

We werken toe naar een situatie waarbij de aandacht

regio2 . Dat is een regio waar:

allemaal eigen en belangrijke natuurwaarden. Tezamen

voor planten en dieren als vanzelfsprekend is ingebed

•

Risico’s van overstroming beperkt zijn

vormen ze een leefomgeving voor duizenden plant- en

in ieders leefomgeving en in de planning, het ontwerp,

•

Voldoende ruimte is om water vast te houden en te

diersoorten. Die landschappelijke en ecologische variatie

de ontwikkeling en het beheer van steden, dorpen en

bergen, ook in periodes van hevige neerslag of grote

neemt niet weg dat de biodiversiteit in de loop van de

landschappen. De natuur loopt zo vanaf de achtertuin

toevoer

twintigste eeuw dramatisch is afgenomen. Die afname

in de stad en het dorp naar de natuurgebieden door de

Men niet afhankelijk is van meer drinkwater en

is de laatste jaren afgeremd, maar nog steeds ligt er een

hele MRA. Zo versterkt de natuur zich in alle haarvaten

zoetwater dan beschikbaar is, ook niet bij langdurige

grote herstelopgave.

van de samenleving en kunnen inwoners profiteren van

•

droogte •

2

de gezondheidseffecten van een groene en biodiverse

Stedelijke gebieden voldoende

Op lange termijn moet het ecologische systeem zodanig

verkoelingsmogelijkheden bieden bij extreme hitte

veerkrachtig en robuust zijn, dat de natuur tegen een

omgeving.

Bij de transitie naar een klimaatadaptieve regio kan gebruik worden gemaakt van de resultaten uit het proces van de Deltaprogramma’s Ruimtelijke Adaptatie en Zoetwater.

32

3. Verstedelijkingsconcept Ambities worden concreet in het Verstedelijkingsconcept. Het laat zien hoe we de meerkernige ontwikkeling in een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving willen vormgeven. Niet alles kan overal. We zijn zuinig op bestaande waarden en kwaliteiten van de leefomgeving. De wisselwerking tussen stedelijke ontwikkeling en de systemen van water, energie en mobiliteit stelt voorwaarden. Maatregelen ondersteunen verschillende ambities tegelijkertijd, maar er ontstaan ook schuurpunten die om keuzes vragen. Bij verstedelijking komen vele aspecten samen. In dit hoofdstuk wordt het Verstedelijkingsconcept uiteengezet in de drie hoofdlijnen van het concept: 3.1

Meerkernige ontwikkeling met menselijke maat

3.2

Groenblauw netwerk in en om de stad

3.3

Systemen voor de toekomst

33

Verstedelijkingsconcept 2050

N N

schaal 1:100.000

schaal 1:100.000 0 5.000 0

10.000

5.000

15.000

20.000

10.000

15.000

20.000

3.1

Meerkernige ontwikkeling met menselijke maat Aan de basis van het Verstedelijkingsconcept staat de

wordt de relatie gelegd met de bestaande wijken, in

inzet op een meerkernige ontwikkeling. Daarmee geven

de paragraaf ‘Stedelijke vernieuwing en beheer’. Het

we uitwerking aan de ambities van een evenwichtige

hoofdstuk over de meerkernige ontwikkeling sluit af met

groei van de woningmarkt en de werkgelegenheid en het

een paragraaf over de ontwikkeling van Schiphol in relatie

voorzieningenniveau en het voldoen aan de kwalitatieve

tot de verstedelijking.

en kwantitatieve vraag: het ontwikkelen van complete steden en samenlevingen.

De ontwikkeling van wonen, werken en voorzieningen vindt plaats in wisselwerking met de systemen van

Nog steeds zal een groot deel van de behoefte aan

mobiliteit, ecologie, water en in toenemende mate ook

woningen en arbeidsplaatsen voortkomen uit de

energie. Deze systemen stellen voorwaarden aan de

Amsterdamse agglomeratie en daar ook worden

stedelijke ontwikkeling en andersom zijn met name de

opgevangen. Maar een fors deel landt ook elders,

grote bouwlocaties ook afhankelijk van investeringen

in aanvulling op de behoefte die uit de deelregio’s

in deze systemen. Door de woon- en werkmilieus

zelf voortkomt. Door een samenhangende verdeling

klimaatadaptief en natuurinclusief te ontwikkelen, dragen

van woningbouw, arbeidsplaatsen en voorzieningen,

ze ook bij aan de doelstelling van een gezonde, veilige en

versterken we de afzonderlijke delen van de

aantrekkelijke leefomgeving.

metropoolregio.

Ontwikkeling van woon- en werklocaties

Dit hoofdstuk beschrijft in de eerste paragraaf welke

De druk op met name de woningmarkt vertaalt zich in

woon- en werklocaties worden ontwikkeld en onder

onze afspraak om 175.000 woningen te bouwen tot 2030

welke voorwaarden, met een nadruk op de locaties waar

en 325.000 tot 2050, afgestemd op de kwalitatieve

samenwerking tussen Rijk en regio voor nodig is. De

woningbehoefte. Daarbij worden de mogelijkheden

daaropvolgende paragrafen geven weer hoe we, onder

verkend om tot 2030 de woningbouw te versnellen met

meer met deze woon- en werklocaties, willen bouwen

nog eens maximaal 45.000 woningen. Deze gezamenlijke

aan de samenleving: via een divers woningaanbod in de

ambitie om 220.000 woningen te realiseren vraagt om

hele regio, via strategische economische ontwikkellijnen

een hoog bouwtempo.

en de inzet op een grotere kansengelijkheid. Vervolgens

35

Meerkerninge ontwikkeling met menselijke maat Verstedelijkingsconcept 2050

N N

schaal 1:100.000

schaal 1:100.000 0 5.000 0

10.000

5.000

15.000

20.000

10.000

15.000

20.000

Uit onze ambities vloeit een accent voort op de

Plancapaciteit woningbouw in de MRA tot 2030

ontwikkeling van gemengde milieus nabij knooppunten en haltes van openbaar vervoer. Daaronder vallen bijvoorbeeld de ontwikkeling van stationsomgevingen, te transformeren bedrijventerreinen en nieuwbouwgebieden die al sinds lang geprojecteerd zijn als onderdeel van Haarlemmermeer, Almere en Lelystad en die bijdragen aan de doorgroei van deze nieuwe steden tot complete steden. Een klein deel van de woningbouwproductie vindt plaats in uitbreidingswijken. Woningbouw bij kleine kernen en aan dorpslinten blijft binnen de geldende regimes mogelijk om de leefkwaliteit in deze kernen en linten in stand te houden: het behoud van winkels, openbaar vervoer en/of andere voorzieningen. Een deel van de bouwproductie voor bedrijfshuisvesting tot slot vindt plaats op ongemengde bedrijventerreinen. Veel ontwikkellocaties kunnen door gemeenten gerealiseerd worden, zonder dat Rijk-regio-samenwerking nodig is. Maar dat geldt niet voor alle ontwikkellocaties. Prioriteit voor Rijk-regio-samenwerking hebben: •

De ontwikkeling in de nabijheid van knooppunten in en om Amsterdam

•

De ontwikkeling in zeven stadsharten (Almere, Haarlem, Hilversum, Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en Zaanstad)

•

Een aantal grote ontwikkellocaties in Almere, Haarlemmermeer, Zaanstad en Amsterdam waar de mogelijkheden voor versnelling worden onderzocht

•

De grote stedelijke vernieuwingsgebieden in Amsterdam, Lelystad en Zaanstad

•

Behoud van voldoende ruimte voor bedrijventerreinen in het Noordzeekanaalgebied

Totale MRA opgave tot 2030 Opgave: 175.000 woningen Ambitie: 220.000 woningen

Stadsharten 53.000 woningen plannen binnen 1.200m contour van stations

reguliere woningproductie Amsterdam 70.000 woningen overige reguliere woningproductie o.a. Amstelveen en IJmond 52.000 woningen Potentiële versnellingslocaties tot 2030 Ambitie: 45.000 woningen

afbeelding 9 - Verdeling MRA woningbouwopgave

37

Openbaarvervoerslocaties

centrumgebieden te versterken, in aanvulling op de

Versnelling grote ontwikkellocaties

De ontwikkelingsmogelijkheden aan knooppunten en

banengroei die uit de deelregio zelf voortkomt. Daarvoor

Met oog op de grote woningbehoefte wordt gezocht

haltes van het openbaar vervoer zijn mede afhankelijk

zijn aantrekkelijke hoogstedelijke woonwerkmilieus

naar mogelijkheden om de bouwproductie tot 2030

van de positie in het mobiliteitssysteem. We maken

nodig op korte afstand (maximaal vijftien minuten lopen)

te verhogen tot 220.000 woningen door realisatie op

onderscheid in:

van een intercitystation of ander hoogwaardig ov-

een aantal grote locaties te versnellen .3 Rijk en regio

1.

Multimodale knooppunten: (hoog)stedelijk gemengd

knooppunt, die aansluiten op het economische profiel

verkennen de mogelijkheden om nog eens maximaal

woonwerkmilieu direct bereikbaar met bus, trein én

van de omgeving. De versnelling van de woningbouw

45.000 woningen in de MRA al voor 2030 te bouwen,

metro, met aanwezigheid van of potentie voor een

in de stadsharten en regionale centra tot 2030 is een

verdeeld over vijf ontwikkellocaties:

stevig economisch programma

belangrijke randvoorwaarde voor een aantrekkelijk

•

Haven-Stad in Amsterdam

Stadsharten: (hoog)stedelijke gemengde

vestigingsmilieu, naast een helder economisch profiel (zie

•

Achtersluispolder in Zaanstad

woonwerkmilieus met veel stedelijke voorzieningen,

ook de paragraaf ‘Ruimtelijk-economische Strategie’).

•

Almere Pampus

•

Amsterdam Zuidoost/Duivendrecht

•

Hoofddorp centrum en westflank Haarlemmermeer

2.

direct bereikbaar via bus en trein of metro en met de 3.

4.

potentie voor groei van economisch programma

Voor zeven stadsharten zijn integrale gebiedsplannen

Regionale centra: stedelijke gemengde

gemaakt, met een samenhangende aanpak en

woonwerkmilieus met stedelijke voorzieningen,

uitvoeringsstrategie voor zowel de toe te voegen

Om de versnelling op deze vijf locaties waar te maken,

direct bereikbaar via bus en trein of metro en met de

bebouwing als de bestaande voorraad en de openbare

moet aan randvoorwaarden worden voldaan. Dat

potentie voor een licht economisch programma

ruimte. Dit gaat om Almere, Haarlem, Hilversum,

betekent dat niet alleen de woningbouw wordt versneld,

Haltes: stedelijk woonmilieu direct bereikbaar via trein

Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en Zaanstad. Deze

maar ook andere maatregelen en projecten die daar één

of metro met potentie voor een licht commercieel

integrale plannen omvatten:

op één aan verbonden zijn, bijvoorbeeld op het gebied

programma. De dichtheid kan variëren. Naarmate de

•

Blijvend investeren in de leefbaarheid, de

van mobiliteit, energie, klimaatadaptatie of gezondheid.

ontmoetingsfunctie en aantrekkingskracht

In de transformatiegebieden vraagt het uitplaatsen van

afstand naar de halte groter wordt, zal de dichtheid soms minder worden, waardoor er ook suburbane

•

Een forse en versnelde woningbouwproductie

bedrijven een gedegen voorbereiding. Hier zullen kosten

woonmilieus in de invloedssfeer van ‘haltes’ worden

•

Een noodzakelijke impuls aan de economische

mee gemoeid zijn.

profilering, economische structuurversterking en

gerealiseerd

extra banen

Ook de bereikbaarheid vraagt om forse investeringen.

Met name de woningbouwontwikkeling in de stadsharten

•

Het klimaatbestendig maken

Vanwege de lange doorlooptijd van grote

en de regionale centra in de MRA is van belang bij de

•

Het benutten en optimaliseren van de ov-

infrastructuurprojecten zoals nieuwe metrolijnen, zullen

bereikbaarheid en het langzame verkeer

deze op z’n vroegst pas medio jaren dertig tot ontlasting

De toegankelijkheid van groen in en om deze

van het mobiliteitsnetwerk kunnen leiden. Afhankelijk

woningbouwlocaties

van de uiteindelijke snelheid van de verstedelijking kan

ambitie om de economische groei evenwichtig over de regio te verdelen. Naar verwachting is met ruimtelijk-

•

economisch beleid de locatiekeuze van zo’n 10% van de banengroei op ov-locaties te beïnvloeden. De inzet

In het Verstedelijkingsakkoord worden afspraken gemaakt

dit mogelijk in een bepaalde periode tot knelpunten

is om dit beïnvloedbare aandeel te benutten om deze

over de Rijk-regio inzet op deze gebiedsplannen.

leiden. Om bereikbaarheidsproblemen te voorkomen, is

3

Hierover zijn afspraken gemaakt in het BO-MIRT van najaar 2020.

38

afbeelding 10 Stadsharten (uit Programma Bereikbare Steden, waar ook de stadsharten in Noord-Holland Noord onderdeel van uitmaken )

39

afstemming in de tijd van woningbouw en infrastructuur

die wel belangrijk zijn voor de werkgelegenheid

Ook het havenindustrieel complex staat onder ruimtelijke

noodzakelijk. Daarbij kan gedacht worden aan

in de MRA, blijven ongemengde en gezoneerde

druk van de woningbouwopgave, gecombineerd

ingroeistrategieën voor de mobiliteit.

bedrijventerreinen nodig.

met toenemende vraag naar ruimte voor circulaire

Wat voor woon- en werkmilieus op deze locaties

Bij grootschalige transformatie van bedrijventerreinen

dat bedrijven verplaatst moeten worden, daarvoor

worden gerealiseerd, wordt bepaald aan de hand

ontstaat de noodzaak voor alternatieve vestigingslocaties.

moet een nieuwe locatie worden gevonden. Belangrijk

van de kwalitatieve behoefte, de kwaliteiten van de

Tot 2040 heeft de MRA alle beschikbare harde en zachte

hierin is dat onderscheid wordt gemaakt tussen kade-

locatie en de positie in het mobiliteitssysteem. De

plancapaciteit nodig om te voorzien in de behoefte aan

en havengebonden bedrijven, die zich moeilijker laten

twee ontwikkellocaties in het Noordzeekanaalgebied

bedrijventerreinen, zowel voor nieuwe bedrijven als

verplaatsen, en ‘droge’ bedrijven. Intensivering heeft

(Achtersluispolder en Haven-Stad) lenen zich

bedrijven afkomstig van te transformeren terreinen. Die

daarbij altijd de voorkeur, maar zal niet altijd haalbaar zijn.

bijvoorbeeld goed voor het realiseren van productieve

harde en zachte plancapaciteit is vooral te vinden in de

wijken waarin woningbouw wordt gemengd met

gemeenten Lelystad en Almere, ten noorden van het IJ

Dit alles vergt een regionale bedrijventerreinenstrategie.

bestaande bedrijvigheid, lokaal verzorgende bedrijven en

en in Purmerend/Edam-Volendam, en in de Zuidflank. In

Daarnaast zien wij de opgave deze bedrijventerreinen

werkgelegenheid voor met name praktisch geschoolden.

de Zuidflank is de vestigingsdruk van met name nieuwe

voor het personeel uit de regio goed bereikbaar te maken.

bedrijvigheid en de energietransitie. Dit kan ertoe leiden

bedrijven groot. Het is noodzakelijk om zuinig met de Ongemengde bedrijventerreinen

ruimte en plancapaciteit om te gaan, zodat nieuwe en

Voorwaarden voor ontwikkeling

Niet ieder bedrijf leent zich voor menging met

te verplaatsen bedrijven een plek in de metropoolregio

Willen ze daadwerkelijk bijdragen aan een gezonde,

woningbouw in ‘productieve wijken’. Voor deze bedrijven,

kunnen vinden.

veilige en aantrekkelijke leefomgeving, dan zullen nieuwe woon- en werkmilieus aan een aantal voorwaarden moeten voldoen op het gebied van bereikbaarheid,

Strategie voor datacenters

klimaat, biodiversiteit, water en energie.

De digitale infrastructuur groeit en alles wijst erop dat deze groei zich doorzet. Conform de Nationale Omgevingsvisie

Bereikbaarheid op orde

gaat voor hyperscale datacenters (die in bezit zijn van grote techbedrijven en alleen door hen worden gebruikt) de

Door de keuze voor een nadruk op binnenstedelijke

voorkeur uit naar locaties aan de randen van Nederland, maar voor andere datacenters liggen er mogelijkheden in de

ontwikkellocaties en ontwikkeling rondom ov-

MRA. Op dit moment bieden drie locaties in de MRA vestigingsmogelijkheden voor datacenters die gebruik willen maken

knooppunten, beperken we het aantal verplaatsingen

van hyperconnectiviteit, om extra digitale snelheid te kunnen aanbieden. Deze ‘hyperconnectiviteitshubs’ liggen in

dat wordt gegenereerd en de daarbij afgelegde afstand,

Haarlemmermeer (Schiphol) en Amsterdam (Science Park en Zuidoost). Het beleid is gericht op selectieve, geclusterde

en benutten we de bestaande infrastructuur optimaal.

groei van deze hubs, en tegelijk lijkt in de markt behoefte te bestaan aan een vierde hub. De MRA is voornemens daar

Dat neemt niet weg dat op die ontwikkellocaties

ruimte voor te bieden. In Flevoland onderzoeken provincie en gemeenten een mogelijke ontwikkeling van deze vierde

zelf investeringen in bereikbaarheid nodig zijn, soms

hyperconnectiviteitshub.

substantieel in omvang; in slimme en betaalbare mobiliteit, goede stedelijke bereikbaarheid en

De MRA heeft een Datacenterstrategie in voorbereiding die vormgeeft aan een selectieve, geclusterde groei van

het regionale en nationale multimodale netwerk.

datacentercapaciteit met hyperconnectiviteit in de MRA. Hierin worden ook de voorwaarden voor ontwikkeling

Capaciteitsuitbreiding en versterking van onder meer

opgenomen. Deze voorwaarden gaan onder meer over de locatiekeuze, de ontwerpkwaliteit, een duurzame

het stedelijke fietsnetwerk en openbaar vervoer en

energievoorziening, warmtelevering, waterveiligheid en het gebruik van drink-, grond- en oppervlaktewater.

het wegsysteem in hun onderlinge samenhang vragen

40

om grote investeringen. En de ontwikkellocaties zijn

Oplossingen voor een klimaatadaptieve en waterrobuuste

is om het voorziene programma tot 2030 (inclusief de

tegelijk overstappunten, waar doorgaande reizigers snel

ontwikkeling, gaan vaak hand in hand met een

opwek van duurzame energie) te faciliteren zonder dat

en soepel hun aansluiting moeten kunnen vinden, hun

natuurinclusieve ontwikkeling en een openbare ruimte

het energiesysteem dwingt tot een prioriteitenstelling, en

fiets kunnen parkeren of voor de last mile een deelfiets,

die uitnodigt tot bewegen en het risico op hittestress

of daar wellicht een aanpassing in de programma’s voor

scooter of auto kunnen huren. Mobiliteitsvoorzieningen

terugdringt en daarmee de gezondheid van bewoners

nodig is.

moeten zich voegen in een openbare ruimte die ook als

zowel bevordert als beschermt. Al deze ambities

verblijfsomgeving aantrekkelijk is.

vragen om voldoende groen en water in de omgeving:

In Flevoland zijn de voorbereidingen gestart voor nieuwe

in de woonbuurt zelf, maar ook in het buitengebied

onderstations die de stedelijke groei en de toename in de

Grote ontwikkellocaties hebben bovendien een goede

in de directe omgeving. Aan de ontwikkeling van een

opwek van duurzame energie ondersteunen. Een nieuw

aansluiting op het regionaal openbaar vervoer nodig.

aantal grote locaties zijn investeringen verbonden in de

onderstation bij Almere met voldoende capaciteit kan ook

Over de uitbreiding van het metronet en ander HOV

toegankelijkheid en aantrekkelijkheid van stadsranden en

de vestiging van een vierde hyperconnectiviteitshub in de

hebben Rijk en regio afspraken gemaakt in het BO-MIRT

groene scheggen.

MRA voor datacenters faciliteren.

Knelpunten energiesysteem oplossen

Divers woningaanbod in de gehele regio

van 2019 en 2020 (zie daarvoor de paragraaf over het mobiliteitssysteem voor de toekomst).

Uitgangspunt bij stedelijke ontwikkelingen is een inzet

Om de gewenste sociale en economische ontwikkeling

Klimaatadaptief en natuurinclusief ontwikkelen

om energieneutraal of energieleverend te ontwikkelen.

van de MRA te realiseren is het noodzakelijk om in alle

De ambitie is om ervoor te zorgen dat de MRA op zo’n

Met name bij de ontwikkeling van grote energievragers

delen van de MRA de diversiteit in woningaanbod (prijs,

manier wordt ontwikkeld, dat er geen nadelige effecten

is de leveringszekerheid van energie een aandachtspunt.

grootte, type, woonmilieu) na te streven die past bij de

(afwenteling) ontstaan voor het watersysteem en de

Op korte termijn (tot 2030) doen zich al knelpunten

woningbehoefte. Dit is een gemeenschappelijke opgave,

klimaatbestendigheid. We streven naar een wijze van

in de energie-infrastructuur voor. In het nationale

die afhankelijk van het karakter van de deelregio’s,

ontwikkelen (op alle schaalniveaus, van gebouw en

net liggen er knelpunten in het netwerk van 380 kV-

verschillend ingevuld wordt. Dat betekent niet overal

infrastructuur tot de regio als geheel) die niet leidt tot

hoogspanningsleidingen. Voor de verbinding door

dezelfde mix, maar wel een die in alle deelregio’s kansen

extra belasting van het watersysteem (kwantitatief of

Flevoland is een capaciteitsuitbreiding in gang gezet.

biedt voor alle inkomensgroepen om op een acceptabele

kwalitatief, zoals het risico op verzilting door verticale

Momenteel wordt onderzocht in hoeverre een tweede

afstand van hun werk te wonen in een woning die

drainage) of tot een hoger risico bij overstromingen, en

380 kV-leiding tussen het Noordzeekanaalgebied en

aansluit op hun wensen en (financiële) mogelijkheden.

die het mogelijk maakt om snel en adequaat in te grijpen

Noord-Nederland wenselijk of noodzakelijk is.

Economisch is diversiteit in het woningaanbod belangrijk om voldoende praktisch en middelbaar opgeleide

in geval toch wateroverlast of -schaarste dreigt en die de gevolgen van zo’n crisis beperkt. Als dat niet mogelijk

In het Noord-Hollandse deel van de MRA vraagt de

arbeidskrachten te behouden, en een plek te bieden

is, streven we naar een oplossing voor het watersysteem

verstedelijking tot 2030 om capaciteitsvergroting van

aan de jonge starters die we nodig hebben om een

waarbij de consequenties (kosten, planning, ruimte)

bijna alle onderstations. Op een aantal onderstations

innovatieve en levendige regio te blijven. Sociaal is een

expliciet worden meegenomen in de businesscase van de

doet zich al voor 2025 een knelpunt voor, zoals in

divers woningaanbod belangrijk om alle huishoudens

verstedelijking. Partijen in de MRA willen binnenkort een

Haarlemmermeer. Een taskforce van de provincie Noord-

in deze regio kansen te bieden op ondersteuning, zorg,

intentieovereenkomst ‘klimaatbestendige nieuwbouw’

Holland en de netbeheerders adviseert over het oplossen

inburgering en meedoen in de maatschappij/ werk. Voor

ondertekenen met daarin een basisveiligheidsniveau waar

van zulke knelpunten, in samenwerking met lokale

arbeidsparticipatie van praktisch opgeleiden is nabijheid

nieuwbouw minimaal aan zou moeten voldoen.

partijen. In het kader van de Verstedelijkingsstrategie

van werk in de woonomgeving vaak een doorslaggevende

is die taskforce gevraagd om aan te geven wat er nodig

factor.

41

delen van de MRA voor lagere en middeninkomens

Ruimtelijk-economische strategie: evenwichtige ontwikkeling werkgelegenheid

onder druk. De wachtlijsten voor een sociale huurwoning

De meerkernige ontwikkeling sluit aan bij de ruimtelijk-

zijn lang. Er zijn voor lagere en middeninkomens

economische strategie om de deelregio’s te versterken

Met de ruimtelijk-economische strategie wordt

steeds minder betaalbare koopwoningen, zeker in het

en daarmee de werkgelegenheid evenwichtiger over de

het economisch kerngebied uitgebreid naar de

economisch kerngebied. De huren in de vrije sector

MRA te verdelen. Buiten het economische kerngebied

stadsdeelcentra Noord, Nieuw-West en Zuidoost van

zijn vaak hoog en moeilijk op te brengen voor deze

profiteren huishoudens en bedrijven van de voordelen

Amsterdam en naar Zaanstad. Voor Hoofddorp wordt

groepen. Zonder aanvullende maatregelen staat de

van specialisatie in concurrerende en veelbelovende

ingezet op het bevorderen van economische diversiteit.

toegankelijkheid voor hen in grote delen van de regio

bedrijfstakken en van concentratie rondom bepalende

Almere en Haarlem worden volwaardige stedelijke centra

onder druk.

infrastructuur zoals lucht- en zeehaven, de veiling in

in samenhang met het kerngebied. Daar wordt ingezet

Door de stijgende koop- en huurprijzen staan de betaalbaarheid en toegang tot de woningmarkt in grote

Hoogwaardig openbaar vervoer verbindt de centra, bedrijven, huishoudens en mensen fysiek, en daarmee economisch en sociaal-cultureel.

Aalsmeer, AMS-IX, en op het Mediapark. In Amsterdam

op het verhogen van de functiemenging, verbeteren van

Rijk en regio kunnen samen werken aan de

en omliggende gemeenten profiteren huishoudens en

de verbondenheid met het kerngebied en verbreding van

randvoorwaarden voor de diversiteit van

bedrijven van de sociaaleconomische diversiteit en de

de economische diversiteit. In Hilversum ligt de nadruk

het woningaanbod. Gemeenten werken

complexiteit van de aanwezige economische activiteiten.

op het opschalen van de krachtige en veelbelovende sectoren. Een corridorontwikkeling kan de ontwikkeling

aan concrete gebeidsontwikkelingen en woningbouwprogrammeringen en kunnen hier afspraken

De ruimtelijk-economische strategie spitst zich toe op

van deze centra versterken. Goede verbondenheid

over maken met woningcorporaties en marktpartijen. Het

het versterken van gespecialiseerde clusters en het

met andere delen van de metropool is daarvoor een

Rijk kan een bijdrage leveren aan het instrumentarium

vergroten van de voordelen van sociale en economische

belangrijke randvoorwaarde. In de ontwikkeling van

waarmee gemeenten de betaalbaarheid van de

diversiteit. Door de bestaande economische profielen

Amstelveen, Beverwijk en Purmerend ligt functiemenging

bestaande woningvoorraad kunnen borgen en aan

in de deelregio’s te versterken ontstaan er interessante

en diversificatie van de bestaande economische structuur

voldoende investeringsruimte voor woningcorporaties

en complementaire vestigingsmilieus, voor bedrijven

voor de hand. De structuurversterking van de stadsharten

om de opgaven voor nieuwbouw én aanpak

én huishoudens. Met deze inzet worden bedrijven en

tot 2030 is voor de geschetste ontwikkeling cruciaal.

bestaande voorraad (woningkwaliteit, verduurzaming,

kantoren verleid naar plekken waar zij het beste tot hun

De bovenstaande ambitie voor de doorontwikkeling

energietransitie, betaalbaarheid) te realiseren. Tot slot is

recht komen en tegelijk een grote toegevoegde waarde

van de meerkernige structuur na 2030 behoeft nadere

de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke capaciteit

leveren in de doorontwikkeling van de deelregio’s en

uitwerking en concretisering.

bij gemeenten een belangrijk knelpunt bij tijdige

hun economische profielen. Zo wordt lokaal en regionaal

bouwproductie. Rijk en regio kunnen hier een rol in spelen

een bijdrage geleverd aan de spreiding van welvaart en

Om vorm te geven aan deze gewenste ontwikkeling

door bij te dragen aan een flexibele schil van experts, die

welzijn en invulling gegeven aan ‘de juiste functie op

zijn er per deelregio strategische lijnen uitgezet. De

kunnen worden ingezet om bouwplannen (versneld) te

de juiste plaats’. De complementariteit en trekkracht

deelregio’s geven daarmee invulling aan de drie principes

realiseren.

van de economische profielen wordt ondersteund door

van economische ontwikkeling: inclusie, innovatie en

versnelling van de woningbouw in de stadsharten en

interactie .4 De tabel vat deze strategische lijnen samen .

regionale centra en hoogwaardig openbaar vervoer.

De strategische lijnen worden aangevuld met concrete

4

Deze driedeling sluit inhoudelijk aan op de MRA-Agenda 2020-2024. Inclusie gaat om (on)gelijkheid, rechtvaardigheid, en evenwichtigheid. Innovatie gaat om waarde, waarde-creatie en

toekomstbestendigheid. Interactie gaat over interactiemogelijkheden, toegankelijkheid, functiemenging wonen-werken-voorzieningen.

42

Strategische lijnen voor het versterken van het economisch profiel per deelregio, volgens de principes inclusie, innovatie en interactie Deelregio en zwaartepunt economsich profiel

Inclusie

Innovatie

Interactie

Almere-Lelystad Logistiek cluster, transitietechniek en -markten voor duurzame verstedelijking, met Medium & High Tech Campus

Uitbouwen van lokale MBO, HBO en op termijn WO werkgelegenheid; door versterken kennis, kunde, vakmanschap en vaardigheden in sterke sectoren industrie, logistiek en transities; en daarvoor integrale afspraken te maken over wonen-werken-voorzieningen.

Verbreden gerelateerde vaardigheden op het snijvlak van maatschappelijke transities, toegepaste technologie en (nieuwe) verstedelijking; door verbreden kennisbasis en menselijk kapitaal in toegepaste en experimentele technologie; en daarvoor een ecosysteem op te zetten en inspirerende missies te formuleren gericht op ‘de toekomst van steden’.

Versterken eigenheid van stedelijke profielen van Almere-C en Lelystad-C; door verdichten en verstedelijking van de stadsharten; en daarvoor de woon-werkmilieus van deze centra te programmeren en profileren.

Amstelland-Meerlanden Diverse economische structuur met zowel groothandel, logistiek, landbouw en industrie als financiële en specialistische dienstverlening

Behouden balans/evenwicht wonen-werken-voorzieningen; door o.a. compenseren van m2 en ha bij onttrekken door transformaties, toevoegen ruimte als markt daarom vraagt en integrale ontwikkeling werklocaties i.r.t. bereikbaarheid; en daarvoor o.a. transformeren verouderde glastuinbouw en onttrekken/herontwikkelen incourante kantoren.

Voldoende en kwalitatief passend aanbod van toekomstbestendige werklocaties; door o.a. inzetten op complementair en divers palet werkmilieus, positionering werklocaties en ruimte geven aan lokale en regionale dynamiek; en daarvoor o.a. actualiseren van profielen werklocaties, toevoegen nieuwe ontwikkelruimte voor na 2030 en invulling geven de grote bijdrage aan economische schaalsprong.

Optimaliseren ondernemersklimaat; door o.a. behoud internationaal profiel, inzet op diversificatie en menselijk kapitaal en verbinden, lokale, regionale en (inter)nationale bedrijvigheid; en daarvoor o.a. behouden en aantrekken van bedrijven die bijdrage leveren aan structuurversterking (o.a. via AiB), versterken mobiliteit (o.a. doortrekken Noord-Zuidlijn en in Zuidoostlob), en stimuleren duurzaamheid (via ROM)

Amsterdam Diverse economische structuur met geavanceerde (zakelijke) dienstverlening en grootstedelijke interactiemilieus

Versterken van economische diversiteit en tegengaan uitsortering en ontmenging van buurten; door behouden gemengde buurten en functiemenging wonen-werken-voorzieningen, realiseren van ruimte voor bedrijvigheid in transformatiegebieden, bedrijventerreinen/haven en nieuwe gebieden, en voor praktisch geschoolden en marginale functies (die stad nodig hebben om te overleven); en daarvoor koppelen van transformatie aan behoud voldoende ruimte voor passende bedrijven in transformatiegebieden en compensatie elders in de stad en metropool.

Versterken kenniseconomie en bijbehorende vaardigheden zodat alle opleidingsniveaus profiteren en opleidingen aansluiten op de arbeidsmarkt; door stimuleren sleuteltechnologieën en innovatie voor de transitie van de stad, zoals IA, Life Sciences/Smart Health, TMT, energietransitie en circulaire economie; en daarvoor versterken ruimtelijke kwaliteit, economische mix en innovatienetwerk van innovatiegebieden, versterken positie Haven op het gebied van energietransitie en circulair en opbouwen ecosysteem waterstof en Carbon Capture Storage Utilisation met Haven, NZKG en MRA, en verbreden inzetbaarheid van kennis voor alle opleidingsniveaus.

Uitbreiden en ontwikkelen (hoog)stedelijke milieus met hoge economische mix en goede bereikbaarheid; door realiseren van 15 min bereikbaarheid van wonen-werken-vrijetijdsvoorzieningen-interactieplekken met langzaam verkeer binnen Amsterdam en 30 min toegankelijkheid van Amsterdam vanuit de stadshaltes en regiohaltes; en daarvoor realiseren van HOV-infrastructuur en het doorontwikkelen van verschillende stedelijke milieus: stadscentra, gemengde buurten, productieve wijken, innovatie districten en stationskwartieren.

Gooi en Vechtstreek Data-gedreven media industrie met Media Campus en AI-hub als aanjager voor innovatieve en cross-sectorale toepassingen

Verbeteren balans wonen-werken en versterken draagvlak voor voorzieningenniveau; door het geven van prioriteit aan- en ruimte voor meer banen en passend werk voor bestaande en toekomstige beroepsbevolking, praktisch geschoolden en MBO+, en verbeteren bereikbaarheid banen; en daarvoor vergroten vestigingsmogelijkheden voor werk en een betere aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt.

Doorontwikkelen van de mediasector gericht op innovatie en toepassing van disruptieve technologieën gericht op versnelling digitale transformatie en vergroten kennis en innovatie intensiteit; door verbreden van bestaand ecosysteem door cross-sectorale vervlechting met ICT, CI en Tech zoals AI, AR, VR en Gaming en toepassing kennis en vaardigheden voor maatschappelijke uitdagingen zoals zorg, onderwijs en mediawijsheid; en daarvoor vormgeven van een campus voor Digitale Media en Content Technologie en AI-hub op het Mediapark.

Versterken identiteit en uniek vestigingsklimaat: voldoende formele werklocaties en goede aantrekkelijke informele milieus werkmilieus, op goed bereikbare plekken, te midden van waardevol landschap; door binnenstedelijk ontwikkelen met gewenste en gevraagde kwaliteiten en verbinden werkmilieus met speerpunten sectoren zorg, recreatie en vrijetijdseconomie, en creatieve industrie; en daarvoor vergroten functiemix rond stationslocaties en overige OV-hubs, versterken voorzieningenniveau en identiteiten van kernen in regio, en verbeteren multimodale bereikbaarheid van werklocaties.

IJmond Brainport maak- en onderhoudsindustrie, met het cluster voor energietransitie van de MRA

Doorontwikkelen Techport tot Brainport voor maak- en onderhoudsindustrie als slimme werkplaats van de MRA; door positioneren van de IJmond als de plek voor innovatieve en schone maak- en onderhoudsindustrie en zorgen voor voldoende kwantitatief en kwalitatief goed opgeleid personeel; en daarvoor realiseren van Meerjarenagenda Techport, profilering van Brainport samen met regio en Rijk, doorontwikkeling van triple helix naar quadruple helix, en toevoegen van hoger technisch onderwijs in de regio.

Versterken positie in technische maak- en onderhoudsindustrie en het energiecluster: de IJmond is de groene stekker van de MRA; door verduurzamen van de economie, versterken van het cluster energietransitie, en benutten van de nautische toegangspoort NL; en daarvoor stimuleren van (product) innovatie, uitvoeren van JTF-projecten energietransitie, en verduurzaming van de maak- en onderhoudsindustrie in de IJmond (alles met oog voor de gezondheidseffecten).

Voldoende kwalitatieve woonmilieus in de regionale centra gericht op een divers palet van woon(werk)milieus en een prettig en kwalitatief hoogwaardig leefklimaat; door koppelen noodzakelijke verduurzaming en energietransitie aan de gewenste verbetering van o.a. leefbaarheid luchtkwaliteit en gezondheid en verbeteren van de (OV) bereikbaarheid en ontsluiting, bijv. 30 min bereikbaarheid Amsterdam-C, Schiphol en Zuidas; en daarvoor transformatie in stadsharten tot kwalitatieve woon (-werk)milieus en verkennen 30 min metropool

Zaanstreek-Waterland Hoogwaardige maak- en procesindustrie en agrifood, met Tech & E-sports campus

Arbeidsmarkt klaar maken voor de toekomst zodat aanbod aansluit op vraag; door stimuleren van een wendbare en weerbare beroepsbevolking en leven lang leren voor iedereen met doorlopende leerlijnen (V)MBOHBO en een focus op (proces)techniek en ICT; en daarvoor versterken triple helix samenwerking, koppelen onderwijs, innovatie, kennisinstellingen en bedrijfsleven, en ontwikkelen tech-campussen: Purmer Valley, H20 Esports Campus en Techlands.

Excelleren in innovatie in agrarische- en foodindustrie, circulair bouwen/ houtbouw, en maakindustrie gericht op de grote transities, verduurzaming en digitalisering; door aanjagen innovatie en digitalisering, samenwerking in maak- en procesindustrie, en ICT/Tech; en daarvoor aangaan van samenwerkingsverbanden met bedrijfsleven om vestigingsmilieus te realiseren die ondernemerschap en innovatie versterken.

Borgen voldoende ruimte voor economische activiteiten, verbeteren balans wonen-werken-verblijven, inclusief inlopen achterstand, door koppelen voorzieningen aan groei woningen; door creëren ruimte voor werken en gemengde, goed bereikbare woon-werkmilieus en voldoende vrijetijdsvoorzieningen in stedelijke en landelijk gebied; en daarvoor intensiveren van woon-werkgebieden, verhogen menging en dichtheid stedelijke centra, en versterken van fietsinfra, routes langzaam verkeer en parken.

Zuid-Kennemerland MKB en ondernemerschap in ICT & CI sector met ‘living labs’ voor toegepaste innovatie

Aanpakken van de kwalitatieve mismatch op de arbeidsmarkt (banen vs. beroepsbevolking) ter voorkoming van pendel, het beter benutten van het aanwezig economisch kapitaal, en het ontwikkelen en aantrekken talent; door een betere aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt, het uitbouwen van (kennisintensieve) werkfuncties; en daarvoor werkgebieden intensiveren: stapelbaar, bereikbaar, gemengde woon-werkmilieus.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Velsen&id=7a60cec7-f7b0-47e0-8c61-a114f3c5c1b5