3. Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027
Tekst van het document
Het is dan ook zeer wenselijk om in de Programmabegroting 2024 een keuze te maken of de investering wel of geen doorgang vindt. Dit is nodig om de planning voor de nieuwbouw te kunnen halen en vooral ook zekerheid te creëren voor alle 19
betrokken partners. Het nu maken van een compleet plan (inclusief de daarbij behorende inzet van de partners) zonder een sterke mate van zekerheid is niet reëel. Ook naar ouders is het wenselijk om duidelijkheid te geven. Tot slot wordt met dit IKC ook een impuls gegeven aan de wijk. Er ontstaat een nieuw complex waarbij sport en welzijn worden geïntegreerd. Stadspark De spoorzone is de grote gebiedsontwikkeling van Veenendaal voor de komende 15 jaar. In dit grote gebied is straks ruimte voor circa 3.500 woningen. Deze gebiedsontwikkeling is mede tot stand gekomen vanuit de verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley: meer landschap meer stad. De gemeenteraad heeft deze verstedelijkingsstrategie ook vastgesteld en hierbij zichzelf ook de opdracht gegeven om de ontwerpprincipes over te nemen in haar eigen lokale beleid. Met de aanpak van het stadspark wordt hieraan invulling gegeven. Het stadspark is in de toekomst het grote groengebied voor zowel deze nieuwe bewoners als bewoners van de bestaande stad. Zonder groen uitloop gebied is het realiseren van een stedelijk gebied met een hoge woningdichtheid niet haalbaar en niet passend binnen rijks-, provinciaal en ons eigen gemeentelijk beleid. Bovendien wordt ook de toegankelijkheid van het park vanuit de spoorzone aangepakt (deze is nu onvoldoende).
Afgelopen voorjaar heeft het rijk een toezegging gedaan dat ze de integrale gebiedsontwikkeling spoorzone financieel wil ondersteunen op het vlak van leefomgeving en woonkwaliteit. Hiervoor geeft ze subsidie voor de uitkoop van milieuhindercirkel / uitkoop milieuhinderlijke bedrijven en voor de kwaliteitsverbetering en meer toegankelijk maken van het stadspark. Hiervoor is duidelijkheid nodig dat de gemeente dan ook daadwerkelijk zelf de resterende investering op zich neemt. Alleen voor het stadspark is nog een gemeentelijk investeringsbudget noodzakelijk om dit veilig te stellen. Deze investering is hoe dan ook nodig vanwege de gecombineerde stedelijke en groene opgaven in de spoorzone. Beide ontwikkelingen worden hiermee gelijktijdig in gang gezet. Daarom wordt ook gevraagd nu een investeringsbesluit te nemen zodat de planvoorbereiding en realisatie gestart kan worden. Bovendien wordt hiermee het risico voorkomen dat het Rijk de gehele subsidie vanuit de gebiedsgelden ter discussie wordt gesteld. De besluitvorming voor onderstaande majeure projecten en bijbehorende kapitaallasten vindt plaats bij de integrale afweging die nu gepland staat bij de Kadernota 2025 - 2028 Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
2028
Kapitaallasten Johannes Calvijnschool
79
1.808
503
Theater
322
2.016
4.171
Theater Garage (3-laags)
154
462
1.170
IKC Engelenburg
223
55
448
778
4.341
6.777
OPOR (2027)
485
Saldo Majeure Zaken (zonder investeringsbesluit)
Voor de volledigheid is onderstaande tabel opgenomen om weer te geven hoe het meerjarenperspectief eruit zou zien als ook de majeure projecten worden meegenomen waar nu nog geen investeringsbesluit over genomen is. Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
2028
Saldo programmabegroting 2024-2027
408
3.844 -8.584
-10.387
-10.064
Kapitaallasten Majeure projecten (zonder investeringsbesluit)
0
Prognose saldo programmabegroting 2024-2027 (inclusief majeure projecten zonder investeringsbesluit)
20
408
-778
-4.341
-6.777
3.844 -9.362
0
-14.728
-16.841
PROGRAMMA 1 – FYSIEKE LEEFOMGEVING Visie Fysieke leefomgeving Bouwen aan een gezonde, duurzame en veilige stad In Veenendaal is het gezond, duurzaam en veilig wonen, werken en leven. Veenendaal heeft de allure, voorzieningen en ontwikkelkracht van een stad en de vriendelijkheid van een dorp. Veenendaal staat voor een breed scala aan opgaven die allemaal ruimte vragen. De ruimte binnen onze gemeentegrens is beperkt. We maken een bewuste keuze voor de kwaliteit van de leefomgeving, om ook in de toekomst een aantrekkelijke woon-en werkgemeente te blijven. We zetten in op duurzaam, beter en slimmer inrichten van de leefomgeving, o.a. door inbreiding, met gebruik van innovatie, kennis en creativiteit. De Groei en Bloei van Veenendaal is de ontwikkeling naar een Duurzaam Veenendaal. Duurzaam denken en handelen Duurzaam denken en doen is ons inzetten om onze wereld leefbaar te houden door duurzaam te wonen, CO2-neutraal te zijn, ons gebruik van grondstoffen, materialen en energie te minimaliseren en klimaatadaptatie te omarmen. Veenendaal vervult een belangrijke rol in de transitie naar een circulaire samenleving die ze vormgeeft door in samenwerking met andere partijen, anders en slimmer met energie, grondstoffen, producten en diensten om te gaan.
In de rol van beheerder, ontwikkelaar en opdrachtgever laten we zien dat we klimaatadaptatie en circulariteit serieus nemen en dit is ingebed in het beheer en de ontwikkeling van de (buiten)ruimte.
Thema’s Fysieke leefomgeving I. Ruimtelijke ontwikkeling II. Openbare Ruimte
Financiën Fysieke leefomgeving Bedragen x € 1.000
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Baten
30.844
31.704
32.539
32.958
Lasten
43.452
42.304
43.487
43.304
Saldo programma (voor mutaties reserves)
-12.608
-10.600
-10.948
-10.346
Beschikkingen
3.651
1.607
1.589
991
Stortingen
2.069
34
164
181
Saldo mutaties reserves
1.582
1.572
1.425
810
Saldo programma (na mutaties reserves)
-11.026
-9.028
-9.523
-9.536
Actuele ontwikkelingen Fysieke leefomgeving Thema I - Ruimtelijke ontwikkeling Ruimtelijke voorstellen en nieuwe Nota Ruimte Het Rijk is het proces gestart om tot een nieuwe nota Ruimte te komen voor Nederland. Hiervoor zijn de provincies gevraagd om ruimtelijke voorstellen aan te leveren. De nota Ruimte is medebepalend hoe de toekomst van Veenendaal er uit komt zien. Deze nota gaat in op ruimtelijke keuzes voor de bestaande stad maar ook over groeiopgaven. De verwachting is dat in deze nota ook de steeds belangrijker wordende thema’s zoals ‘water en bodem sturend’, groene klimaatadaptatie en de landbouwtransitie een plek gaan krijgen. Vanuit de gemeente en regio wordt samengewerkt om dit proces te voeden met de juiste informatie en voorstellen voor Veenendaal en Foodvalley.
21
Invoering Omgevingswet De Omgevingswet wordt op 1 januari 2024 van kracht. Aan de invoering van deze ingrijpende wetswijziging zijn jaren van voorbereiding vooraf gegaan. De daadwerkelijke invoering in 2024 vraagt veel van Veenendaal. Daarom is er voor gekozen om de nieuwe werkwijze al in 2023 gefaseerd in te voeren, zodat er op 1 januari 2024 een goed werkende omgeving apparaat beschikbaar is. Vanaf dat moment werken alle bevoegde gezagen in het door de rijksoverheid opgezette Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Met een vastgestelde Omgevingsvisie, het Omgevingsplan deel I, processen en het opstellen van toepasbare regels is Veenendaal één van de koplopers in de voorbereiding. Omgevingsvisie In 2024 vindt verdieping en verbreding van de huidige omgevingsvisie plaats. Dit is nodig voor het maken van ruimtelijke keuzes en het uitwerken van diverse thema’s. Deze keuzes en uitwerkingen zullen ook gevisualiseerd moeten worden op goed kaartmateriaal. Bij de vaststelling van de visie is afgesproken met de raad om de visie na de verkiezingen te herijken tot een volwaardig kaderstellend plan voor nieuwe ruimtelijke initiatieven . Hierbij is er in het bijzonder aandacht voor: de integrale mobiliteit, een betere beleidsmatige inbedding sociale woningbouw en het opnemen van de ontwikkelingen in de Spoorzone (met name Ambacht en overgangszone Ambacht).
Landelijk gebied Voor het landelijk gebied speelt er op regionaal niveau veel. Veenendaal hecht er belang aan om hierbij te zijn aangehaakt, o.a. vanwege de mogelijkheden die de omliggende regio kan spelen als recreatief uitloopgebied voor Veenendaal. Daarnaast zijn opgaven als klimaatadaptatie, woningbouw, stikstof, landbouwtransitie, biodiversiteit zodanig van aard dat hier integraal en op regioniveau naar gekeken moet worden. Natura2000-gebied de Hellen ligt in Veenendaal. We willen bereiken dat de natuurkwaliteiten van dit gebied behouden en versterkt worden op een toekomstbestendige manier. Voor het gebied is een Natuurdoelanalyse (NDA) opgesteld. Als deze vastgesteld is zullen er in het gebied veranderingen nodig zijn die ook iets vragen van de omgeving buiten het Natura2000 gebied. De regie hiervoor ligt binnen het gebiedsproces Binnenveld. Voor Groen Groeit Mee wordt in samenwerking met verschillende overheden en andere partijen het voorbeeldgebied De Roode Haan en omgeving uitgewerkt. Een belangrijke bijdrage voor het recreatief uitloopgebied voor gemeente Veenendaal. Thema II - Openbare ruimte Mobiliteit Eind 2024 stellen we ons OmgevingProgramma Integrale mobiliteit, inclusief uitvoeringsplan vast.
Dit plan geeft kaders voor de toekomstige, op de duurzame mobiliteit afgestemde infrastructuur, maar is ook een vereiste om de woningbouwopgave van Veenendaal te kunnen realiseren. Er is in het programma aandacht voor het wandelen, fietsen, openbaar vervoer en de (deel)auto en voor het beslag op de schaarse openbare ruimte. Binnen Veenendaal zetten wij in op verbetering van de fietsinfrastructuur, onder andere bij de reconstructie van de Ambachtsstraat en de Boslaan. De verhoging van de verkeersveiligheid blijft een belangrijk thema en hierbij maken wij optimaal gebruik van de subsidiemogelijkheden in het kader van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De projecten waarvoor in 2022 subsidie is aangevraagd ronden wij in 2024 af. We werken met onze partners binnen Foodvalley, om te zorgen voor een goed openbaarvervoersnetwerk. Dit doen we onder andere door als regio samen te werken aan de toekomst openbaar vervoer 2040 (TBOV2040) en de intercitystatus van Veenendaal – De Klomp te blijven benadrukken. We zetten ons in voor een aantal voorbeeldtrajecten rondom het hoogwaardige spoornetwerk die in 2025 worden afgerond.
22
Klimaatbestendige leefomgeving In 2050 moet Veenendaal een klimaatadaptieve en waterrobuuste gemeente zijn. Een gemeente die klaar is voor lange droge perioden, heftige regenval en grote hitte. Dit betekent dat wij binnen al onze ambities op het gebied van woningbouw, ruimte maken voor meer groen en meer water. Dit doen wij steeds meer in provinciaal of regionaal verband, onder andere door samen met het waterschap Vallei en Veluwe en de provincie Utrecht te werken aan het programma Groen Groeit mee of in de inspanningen via het Platform Water Vallei en Eem. Via dit programma zetten de provincie, gemeenten en waterschappen zich in voor de toekomstige ontwikkeling van groen en het beheer ervan, op zo’n manier dat de groene ruimte meegroeit met de toenemende behoefte aan recreatieruimte en natuur. Duurzaam denken en handelen vraagt een extra impuls Als gemeente willen we een actieve bijdrage leveren aan het bereiken van de duurzaamheidsdoelstellingen. Dit doen we o.a. door het opdrachtgeverschap in te zetten voor de transitie naar een duurzaam Veenendaal. Door de doelstellingen voor de circulariteit, de CO2-reductie, de klimaatadaptatie, de biodiversiteit en de bescherming van het milieu vanaf het eerste moment mee te nemen en te wegen in de projecten en de beheeractiviteiten.
We maken dit concreet door aan te sluiten bij het manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen en de standaard hiervoor te verankeren in de (inkoop)processen in het fysiek en sociale domein. Op dit moment is zeker nog niet alles haalbaar en zullen we ons inzetten voor een optimale toepassing van de beschikbare technieken en herbruikbare materialen. Dat vraagt om veranderingen in de gehele keten. Ontwerpprocessen met een ander perspectief opzetten zodat materialen of producten later opnieuw kunnen worden ingezet. Door de vraagspecificatie functioneel op te zetten om de noodzakelijke innovaties en/ of samenwerkingsoplossingen ruimte te bieden. Door niet alleen naar het investeringsbedrag te kijken maar naar de gehele gebruiksfase van het object of werk en open te staan voor het ‘product-als-dienst’. Veranderingen die op gespannen voet kunnen staan met de huidige wijze van werken. Het ontwikkelen en toepassen van klimaatbestendige en circulaire toepassingen in objecten of het realiseren van de werken in de (openbare)ruimte zal, zolang dit nog niet het “nieuwe normaal” is, een hogere investering vragen. Daar tegenover staat dat de lasten in de gebruiksfase en na afloop ervan lager zullen uitvallen. Energieneutraal Veenendaal Voor het jaar 2024 voorzien we dat de budgetten voor het Programma Energieneutraal Veenendaal toereikend zijn.
Op een aantal thema’s zien we wel ontwikkelingen. Met het vaststellen van de rijksmiddelen voor uitvoering van het Klimaatakkoord (CDOKE) tot ten minste 2030, is de dekking van het programma zekerder geworden voor de lange termijn. Dat maakt het mogelijk om met een vaste bezetting te werken aan onder andere de buurtuitvoeringsplannen. Doordat steeds meer inwoners stappen willen zetten in de energietransitie was het budget voor de duurzaamheidslening in 2023 al na een paar maanden uitgeput. Meer mensen willen gebruik maken van de lening en het gemiddelde leenbedrag stijgt doordat mensen ook steeds vaker grotere investeringen doen zoals warmtepompen. De leningen voorzien in een duidelijke behoefte en leveren een belangrijk bijdrage aan de doelstellingen van Energieneutraal Veenendaal. In 2024 wordt het revolverend fonds met € 1.000.000, aangevuld en kunnen er in 2024 weer nieuwe duurzaamheidsleningen worden uitgegeven. We groeien langzaam door naar een fonds dat zichzelf bedruipt, zonder nieuw geld toe te voegen. Bij gelijkblijvende omstandigheden bereiken we dit punt over 3 tot 4 jaar. In de Programmabegroting voor 2024 en volgende jaren zijn hiervoor voldoende financiële middelen beschikbaar. We bereiden ons voor op de uitvoering van de lokale aanpak van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP).
De komende jaren krijgen we in een aantal tranches geld van het Rijk om de slechtst geïsoleerde koopwoningen in onze gemeente te helpen isoleren. Voor 2023 en 2024 gaat het om ten minste een half miljoen euro. Met een lokale subsidieregeling 23
zorgen we dat dit geld bij onze inwoners terecht komt om isolatiemaatregelen uit te (laten) voeren. In 2023 hebben we een derde SPUK-uitkering ontvangen voor de aanpak van energiearmoede. We hebben tot en met eind 2026 de tijd om deze middelen uit te geven. In totaal gaat het om bijna 1,4 miljoen euro (ontvangen in 2022 en 2023). We continueren onze aanpak met cadeaubonnen voor energiebesparende maatregelen en ondersteuning van de fixbrigade van Veenvesters. Daarnaast wordt een deel van dit budget toegevoegd aan de subsidieregeling in het kader van het NIP en wordt onderzocht of een fixbrigade kan worden opgezet waaraan ook mensen met achterstand tot de arbeidsmarkt en/of statushouders kunnen deelnemen. In 2023 zijn we in een derde wijk gestart met het opstellen van een Buurtuitvoeringsplan (BUP). In deze wijk, Dragonder-Zuid en omgeving, ligt een warmtenet voor de hand als aardgasvrije oplossing. Veenvesters onderzoekt voor haar bezit in deze wijk de uitrol van een warmtenet in samenwerking met Warmtebedrijf Veenendaal. Tegen de achtergrond van de Wet Collectieve Warmte, die gaat voorschrijven dat een meerderheid van het distributienet van warmtenetten in publieke handen komt, verkennen we welke rol de gemeente kan vervullen in dit initiatief en toekomstige warmtenetten in de bestaande stad. Ook het financieringsvraagstuk is onderdeel van deze verkenning.
Thema I – Ruimtelijke ontwikkeling Algemeen Ruimtelijke ontwikkeling Veenendaal staat voor een duurzame groei en bloei van de stad. We willen het woningtekort verkleinen, energieneutraal zijn in 2050 en een prettig leefbare groene stad blijven. Voldoende en betaalbare woningen, wonen met zorg, een gezonde leefomgeving die aangepast is aan het veranderende klimaat, de werkgelegenheid en voorzieningen komen sterk onder druk. We voorzien dat de kansenongelijkheid, sociale druk, (energie)armoede en stress zullen toenemen. Daarnaast speelt uiteraard de financieel beperkte ruimte, maar ook beperkte uitvoeringscapaciteit een steeds bepalender rol. Hoe blijven we zo dicht mogelijk bij onze ambities? Welke keuzes kunnen we maken? a. Voor de komende jaren ligt de focus op de volgende grote duurzame ontwikkelingen in de stad: a. Spoorzone Veenendaal b. Centrum (Duivenweide, Tuinstraat) c. Franse Gat d. Veenendaal-Oost b. Nog beter bundelen van financiële middelen zodat we slimmer investeren in de hoofdambities van de stad hierbij kan worden gedacht aan het koppelen van activiteiten uit het Meerjareninvesteringsplan (MIP) aan die van de Spoorzone, de verduurzaming van het vastgoed , etcetera. Dit kan gevolgen hebben voor de planning van andere projecten. c. We verkennen op basis van de verstedelijkingsstrategie de ontwikkelmogelijkheden van Veenendaal na 2030.
Deze grote gebiedsontwikkelingen zullen, samen met diverse kleinere locatieontwikkelingen, moeten bijdragen aan het realiseren van de afspraken vastgelegd in de regionale woondeal en de lokale woonvisie.
24
Wat willen we bereiken? I.a. In regionaal verband de versterking van de woonfunctie in Veenendaal vormgeven passend bij de behoefte van onze inwoners in een woon- en leefomgeving met voldoende kwaliteit en aandacht voor gezondheid, duurzaamheid en veiligheid.
Wat gaan we daarvoor doen? I.a.1. Door ontwikkelen van de integrale strategische aanpak voor de fysieke leefomgeving door het verdiepen en updaten van de Omgevingsvisie 2030. I.a.2. Het uitwerken van de ambities in de omgevingsvisie voor duurzame mobiliteit in een uitvoeringsprogramma 2024-2030. Hierbij zetten we in op de duurzame vormen van mobiliteit, wandelen, fietsen en openbaar vervoer. I.a.3. We stellen een structuurvisie voor de Spoorzone op. Deze visie vormt de basis voor de aanpak van de gebiedsontwikkeling en de kaders voor het deel Spoorzone in de vernieuwde omgevingsvisie
Wat willen we bereiken? I.b. Uitvoering geven aan de vraagstukken stikstofreductie en natuurherstel, in De (blauwe) hellen en samen met de regio voor het gebiedsproces Binnenveld. In te zetten op de ambities meer landschap, meer stad zoals opgenomen in de Verstedelijkingsstrategie.
Wat gaan we daarvoor doen? I.b.1.Uitvoering te geven aan complexe (ruimtelijke) vraagstukken, zoals het stikstofdossier. De belangen van Veenendaal behartigen in de regio Foodvalley, bij de provincie Utrecht en landelijke overheid. I.b.2. Uitwerking van de volgende fase in het gebiedsproces Binnenveld, gericht op stikstofreductie en natuurherstel als basis voor de ambitie meer landschap, meer stad uit de Verstedelijkingsstrategie. I.b.3. Het creëren van een leefomgeving,samen met natuurontwikkeling en aandacht voor cultuurhistorie door het gebied van De Roode Haan en de omgeving te ontwikkelen als recreatief uitloopgebied voor gemeente Veenendaal
Wat willen we bereiken? I.c. Het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed.
Wat gaan we daarvoor doen? I.c.1. We houden de benodigde monumentensubsidie in stand om een bijdrage te leveren aan het behoud en het onderhoud van het cultuurhistorisch erfgoed.
Verbonden partijen Ruimtelijke ontwikkelingen De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: • •
Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU); Ontwikkelingsbedrijf Veenendaal-Oost BV (OVO).
Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.
Beleid gerelateerd aan thema Ruimtelijke ontwikkelingen Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
Omgevingsvisie Veenendaal 2030
17-12-2020
Woonvisie Veenendaal 2022-2025
23-6-2022
25
Taakvelden thema Ruimtelijke ontwikkeling Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
5.5 Cultureel erfgoed
Baten
-1
-1
-1
-1
Lasten
86
86
86
86
85
85
85
85
Baten
-76
-76
-76
-76
Lasten
228
178
178
178
152
102
102
102
Baten
-8.063
-8.063
-8.063
-8.063
Lasten
8.163
8.163
8.163
8.163
100
100
100
100
Baten
-2.193
-2.193
-2.193
-2.193
Lasten
Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Totaal 5.5 Cultureel erfgoed 8.1 Ruimtelijke ordening Totaal 8.1 Ruimtelijke ordening 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Totaal 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 8.3 Wonen en bouwen
2.665
1.199
848
848
Totaal 8.3 Wonen en bouwen
472
-994
-1.345
-1.345
Totaal Thema Ruimtelijke ontwikkeling
809
-707
-1.058
-1.058
Thema II – Openbare Ruimte Algemeen Openbare ruimte De openbare ruimte van Veenendaal is schoon, heel, duurzaam, toegankelijk en veilig en nodigt uit tot spelen en ontmoeten voor alle leeftijden. Wij doen dit wijkgericht, via de BOSS (Bewegen, Ontmoeten, Sporten en Spelen) -aanpak, waarbij we samen met de bewoners plannen maken voor de inrichting van een buurt, houden rekening met ‘ommetjes’, ruimte voor jonge kinderen en jongeren en groen. In 2050 is Veenendaal een duurzame stad waarin de gebouwen, gebieden en infrastructuur worden gerealiseerd en gebruikt zonder de natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Een stad die klaar is voor lange droge perioden, heftige regenval en grote hitte. We maken het verschil met een duurzaam beheer en het hergebruiken van grondstoffen en producten overeenkomstig de circulaire strategieën van de R-ladder. Bij het inrichten zorgen we ervoor dat de gevolgen van de klimaatverandering worden opgevangen en binnen al onze ambities ruimte maken voor meer groen en meer water. De zorg voor het groen en een duidelijke visie op de hoofdgroenstructuur van Veenendaal en het vergroten van de biodiversiteit zijn onlosmakelijk verbonden aan het realiseren van een klimaatbestendige gezonde en veilige leefomgeving.
De inzameling van huishoudelijk afval draagt bij aan de doelstellingen voor een circulaire economie (van afval naar grondstof) en richt zich de komende periode met name op het nemen van verdere acties om de kwaliteit van het reststromen te verbeteren zodat meer hergebruik mogelijk wordt. Zoals genoemd onder het thema (I) Ruimtelijke Ontwikkeling vraagt de financieel beperkte ruimte, maar ook beperkte uitvoeringscapaciteit om keuzes. Hoe blijven we zo dicht mogelijk bij onze ambities? Voor de komende jaren ligt de focus op de grote duurzame ontwikkelingen in de stad en dat vraagt voor het thema Openbare Ruimte om nog beter de financiële middelen te bundelen zodat we slimmer investeren in de hoofdambities van de stad door bijvoorbeeld het bundelen van investeringsbudget uit het Meerjareninvesteringsplan (MIP) aan de ontwikkeling van de Spoorzone.
26
Wat willen we bereiken? II.a. Veenendaal heeft een gezonde, duurzame en veilige leefomgeving. De infrastructuur is van goede kwaliteit en de openbare ruimte biedt voldoende aantrekkelijke groene ruimte met plekken om te spelen, te sporten, te ontspannen en te ontmoeten.
Wat gaan we daarvoor doen? II.a.1. De openbare ruimte duurzaam en milieuvriendelijk onderhouden. In de winkelcentra en op de begraafplaats beheren wij de wegen en het groen op A-niveau in de rest van Veenendaal op B-niveau. II.a.2. Met de bewoners inrichten van plekken in de stad waar we elkaar kunnen ontmoeten en veilig kunnen bewegen, spelen en sporten (BOSS). De plekken en de onderlinge verbindingen zijn groen, aantrekkelijk en klimaatbestendig ingericht. II.a.3. In 2024 stellen we met de bewoners van de Schepenbuurt een buurtvisiekaart op. De buurtvisiekaart geeft inzicht in het (gewenste) ruimtegebruik, voor wonen, mobiliteit, groen, klimaatadaptatie, BOSS en de warmte- en energie-infrastructuur
Wat willen we bereiken? II.b. Veenendaal heeft in 2050 een gezonde en groene klimaatbestendige leefomgeving met een robuust en gevarieerd aanbod van groen en water. We versterken de biologische diversiteit en zorgen voor een goede vegetatie om hittestress te voorkomen en fijnstof op te vangen en CO2 (tijdelijk) op te slaan.
27
Wat gaan we daarvoor doen? II.b.1. We leggen de basis voor een integraal groenbeleid met een duidelijke visie op de hoofdgroenstructuur van Veenendaal. Daarom integreren en actualiseren wij ons bestaande, op delen versnipperde groenbeleid. II.b.2 Met de klimaatstresstest in beeld gebrachte kwetsbaarheden voeren we met de relevant gebiedspartner en inwoners een risicodialoog en stellen klimaatstrategieën en de uitvoeringsagenda Klimaatbestendige leefomgeving Veenendaal op
Wat willen we bereiken? II.c. In 2050 is Veenendaal volledig circulair ingericht waarbij gemeente, bedrijven, onderwijs en inwoners met elkaar samenwerken om de grondstoffenkringloop te sluiten, afval te minimaliseren, levensloop van producten zo lang mogelijk te laten zijn
Wat gaan we daarvoor doen? II.c.1. Samen met inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen de landelijke en lokale doelstellingen vertalen naar een op de uitvoering gerichte aanpak. Circulariteit te introduceren in de Veense samenleving en werkorganisatie II.c.2. In 2030 50% minder primaire grondstoffen te gebruiken. Nu gecombineerd met de thema’s milieu, biodiversiteit en klimaatadaptatie actief inzetten op het circulair inkopen via het Maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven en inkopen.
Wat willen we bereiken? II.d. Veenendaal wil zich inzetten voor het waardebehoud van grondstoffen en materialen door het vrijkomende ‘huishoudelijke afval’ op een doelmatige wijze in te zamelen en zo weer in te zetten als grondstof.
Wat gaan we daarvoor doen? II.d.1. Hiervoor tenminste gemiddeld 1 stap hoger op de R-ladder (met strategieën) van circulariteit te komen door het hergebruik van PMD te optimaliseren. II.d.2. Bewustwording circulair inzetten van grondstoffen bevorderen met inzet van BEST circulair 2024. Het geven van ‘recyclelessen’ op de basisscholen om de kennis over en de interesse voor techniek en recycling te ontwikkelen. II.d.3. Opheffen van de blinde vlekken in de dekking van de inzamelvoorzieningen voor papier en gf+e
Wat willen we bereiken? II.e. Veenendaal is in 2050 een energieneutrale gemeente, die 100% hernieuwbare energie gebruikt en klimaatneutraal (CO2-emissieloos) is.
Wat gaan we daarvoor doen? II.e.1. We stimuleren, ondersteunen en faciliteren inwoners bij het maken van de juiste keuzes om energie te besparen en de CO2 uitstoot te beperken door inzicht te geven in mogelijkheden. II.e.2. We geven uitvoering aan de Lokale Aanpak van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) waarmee we tot 2026 ruim 500 van de slechtst geïsoleerde woningen helpen isoleren. II.e.3. De Rijksmiddelen voor bestrijding energiearmoede zetten we in door bewoners die (naar verwachting) moeite hebben om hun energierekening te betalen, de mogelijkheid te bieden om snel energie te besparen II.e.4. Voor Dragonder-oost stellen we een Buurtuitvoeringsplan vast en starten de uitvoeringsfase om de buurt aardgasvrij te maken. II.e.5. In Dragonder-zuid en omgeving gaan we met inwoners aan de slag om een Buurtuitvoeringsplan op te stellen voor een aardgasvrije buurt. II.e.6. Voor Factorij en de Vendel stellen we een Buurtuitvoeringsplan vast en starten de uitvoeringsfase om het bedrijventerrein aardgasvrij te maken.
28
II.e.7.In de regio Foodvalley zetten we ons in om met de stakeholders in Veenendaal de RES 1.0 door te ontwikkelen naar de RES 2.0.
Wat willen we bereiken? II.f. De negatieve gevolgen van netcongestie te beperken door samen met de bedrijven te zoeken naar alle mogelijk oplossingen om de negatieve effecten van de congestie te verminderen.
Wat gaan we daarvoor doen? II.f.1. Samen met bedrijven, de netbeheerder en andere stakeholders werken aan slimme oplossingen voor netcongestie. We krijgen grip op de problematiek, communiceren daarover en sturen beleid en projecten bij waar mogelijk. II.f.2. Op bedrijventerrein Nijverkamp werken we samen met de provincie, Stedin en bedrijfsleven aan een proeftuin voor slimme, collectieve oplossingen voor netcongestie. II.f.3. Op bedrijventerrein Factorij en de Vendel ondersteunen we de in 2023 opgerichte energiecoöperatie om te komen tot een Smart Energy Hub op het terrein. II.f.4. Het inrichten van netbeheer ten behoeve van de energievoorziening in Veenendaal.
Wat willen we bereiken? II.g. Veenendaal wil een duurzame gemeente zijn, streeft naar doeltreffend gebruik van hernieuwbare grondstoffen en energie en geeft hier onder andere invulling aan door bestaande en toekomstige gebouwen te verduurzamen.
Wat gaan we daarvoor doen? II.g.1. We stellen routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed op met geactualiseerde strategische kaders voor het gemeentelijk vastgoed en het accommodatiebeleid II.g.2. Voor het zwembad/sporthal De Vallei, sporthal West, gemeentehuis en ‘t SpeelKwartier bereiden we de uitvoering van de duurzaamheidsmaatregelen voor. II.g.3. We voeren overeenkomstig het Integraal duurzaam vastgoedbeheerplan de overige onderhouds- en verbeteringswerkzaamheden alleen gecombineerd met de noodzakelijk verduurzamingsmaatregelen uit.
Verbonden partijen Openbare ruimte De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: •
•
Afvalcombinatie De Vallei NV (ACV); Gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht (AVU).
Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.
Beleid gerelateerd aan thema Openbare ruimte Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
Omgevingsvisie Veenendaal 2023
17-12-2020
Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022 - 2025
25-11-2021
Notitie parkeernormen Veenendaal 2020
26-11-2020
Omgevingsprogramma Energieneutraal Veenendaal 2022 - 2025
16-12-2021
Transitievisie Warmte 1.0
16-12-2021
Integrale Laadvisie Veenendaal (uitvoeringsbeleid)
15-2-2022
Regionale Energiestrategie Foodvalley 1.0
28-6-2021
Beleidsplan Huishoudelijk Afval 2022-2025
16-9-2021
Strategische kaders en Accommodatiebeleid Vastgoed
18-5-2017
Integraal duurzaam vastgoedbeheerplan 2021 -2024
27-5-2021
29
Taakvelden thema Openbare ruimte Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden
Baten
-118
-118
-118
-118
Lasten
228
228
228
227
111
111
111
110
-2.715
-2.843
-2.994
-3.032 -3.032
Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Totaal 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.63 Parkeerbelasting
Baten
Totaal 0.63 Parkeerbelasting 2.1 Verkeer en vervoer
-2.715
-2.843
-2.994
Baten
-455
-455
-455
-455
Lasten
9.360
9.173
10.473
10.477
8.906
8.718
10.018
10.023
2.596
2.734
2.856
2.881
2.596
2.734
2.856
2.881
Baten
-31
-31
-31
-31
Lasten
1
1
1
1
-30
-30
-30
-30
Totaal 2.1 Verkeer en vervoer 2.2 Parkeren
Lasten
Totaal 2.2 Parkeren 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur Totaal 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Baten
-4
-4
-4
-4
Lasten
4.676
4.629
4.633
4.633
4.672
4.625
4.629
4.629
Baten
-4.548
-4.851
-5.097
-4.860
Lasten
3.669
4.102
4.356
4.118
-879
-749
-741
-741
Baten
-9.808
-10.236
-10.674
-11.292
Lasten
7.883
8.122
8.359
8.610
-1.925
-2.114
-2.316
-2.682
1.775
1.775
1.354
1.354
1.775
1.775
1.354
1.354
Baten
-971
-971
-971
-971
Lasten
754
797
836
606
-217
-175
-135
-366
12.294
12.052
12.751
12.145
Totaal 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 7.2 Riolering Totaal 7.2 Riolering 7.3 Afval Totaal 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer
Lasten
Totaal 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Totaal 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Totaal Thema Openbare ruimte
Thema III – Wijkgericht werken Taakvelden thema Wijkgericht werken Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
Baten
-1.862
-1.862
-1.862
-1.862
Lasten
1.367
1.118
1.117
1.121
Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
-495
-744
-745
-741
Totaal Thema Wijkgericht werken
-495
-744
-745
-741
30
PROGRAMMA 2 – ECONOMIE, WERK EN ONTWIKKELING Visie Economie, werk en ontwikkeling In het raadsakkoord “Samen werken in vertrouwen” onderscheiden we de thema's Economie, Ondernemen en Bedrijfsleven. De regio Foodvalley wordt hierin benoemd als een regio die door sterk economisch beleid en een aantrekkelijk ondernemersklimaat bovengemiddeld hard groeit. Hierbij is er een sterke relatie met het behoud en uitbreiden van de lokale en regionale werkgelegenheid. Veenendaal willen we daarbij aantrekkelijk houden als vestigingsplaats voor ondernemers, zowel voor de bedrijventerreinen als voor de winkelcentra. Investeren in het vestigingsbeleid, ondernemersklimaat en werkgeversdienstverlening leveren hieraan een bijdrage. Uitgangspunt hierbij is de verbinding tussen het stimuleren van de lokale economie en het behouden en vergroten van kwalitatieve en kwantitatieve werkgelegenheid op verschillende niveaus.
Thema’s Economie, werk en ontwikkeling I. Economische ontwikkeling en werkgelegenheid II. Recreatie en toerisme
Financiën Economie, werk en ontwikkeling Bedragen x € 1.000
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Baten
1.043
1.043
1.043
1.043
Lasten
2.221
2.074
1.930
1.930
Saldo programma (voor mutaties reserves)
-1.178
-1.032
-887
-887
723
593
593
593
0
0
0
0
Saldo mutaties reserves
723
593
593
593
Saldo programma (na mutaties reserves)
-455
-438
-294
-294
Beschikkingen Stortingen
Actuele ontwikkelingen Economie, werk en ontwikkeling Thema I - Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Vanaf 2020 worden de economische ontwikkelingen in brede zin sterk bepaald door eerst de coronacrisis en vanaf 2022 door de oorlog in Oekraïne en daarmee samenhangende energiecrisis. De verwachting was dat de daaraan gerelateerde inflatiestijging effect zou hebben op de nationale, regionale en lokale economische groei. In de praktijk blijken de hogere prijzen vooral nadelig te zijn voor de inwoners. Met loonstijgingen, verhogingen van minimumloon en compensatie van hogere energieprijzen werden op instrumentele wijze deze effecten zoveel mogelijk beperkt. De lage werkloosheidscijfers laten zien dat de werkgelegenheid in brede zin nog niet veel schade ondervindt, ook op lokaal niveau. Voor 2024 is nog onduidelijk hoe deze economische groei, mede door hogere rentes, zich verder ontwikkelt. We blijven de lokale en regionale infrastructuur en instrumenten waar mogelijk gericht inzetten om ondernemers te ondersteunen. Een aandachtspunt is het toenemende personeelstekort in diverse sectoren wat van invloed is op de economische groei van bedrijven. Dit geldt zowel voor ondernemers op de bedrijventerreinen, detailhandel en horeca en kan een belemmerende factor zijn voor economische groei.
Op regionaal niveau wordt vanuit verschillende projecten inzet gepleegd om op een zo goed mogelijke manier vacatures in te vullen vanuit het beschikbare arbeidspotentieel.
31
Intensivering bedrijventerreinen Gebleken is dat intensivering op individueel pandniveau een moeizame kwestie is. Obstakels zijn vooral de financiële uitdagingen die hiermee gemoeid zijn. Voor succesvol intensiveren van bedrijventerreinen is een gebiedsplan noodzakelijk. We willen, in samenwerking met het georganiseerde bedrijfsleven, voor één of maximaal twee bedrijventerreinen onderzoeken of een gebiedsplan gemaakt kan worden. Dit plan zal dan naast intensivering ook koppelkansen voor verduurzaming bevatten. Hiervoor is wel additionele financiering noodzakelijk. Duurzaam ondernemen en circulaire economie Vanuit de Visie Bedrijventerreinen, zoals vastgesteld in de raad van 26 januari 2023, ontwikkelen we in Veenendaal duurzame bedrijventerreinen. Hierbij wordt ingezet op: • klimaat adaptieve maatregelen en voorzieningen • energiebesparende en energieopwekkende maatregelen. • Een circulaire economie Energiebesparing en energie opwek door bedrijven dragen bij aan de klimaatdoelstellingen die zijn vastgelegd in de Klimaatwet. We zetten in op het bevorderen van energieneutraal ondernemen en informeren ondernemers over het nemen van maatregelen en voorzieningen om energie te besparen en op te wekken. Dit doen we door de inzet van het Energieloket Veenendaal. We zetten in op kantoorpanden met minimaal label C.
Daarnaast coördineren we de werkzaamheden van de Omgevingsdienst Utrecht in het toezien op de Energiebesparingsplicht voor bedrijven. Een uitdaging voor energieneutraal ondernemen de komende jaren is netcongestie. Samen met ondernemers en provincie werken we aan de oplossing voor netcongestie in Veenendaal. In de Visie Bedrijventerreinen is de ambitie opgenomen om op bedrijventerrein de Compagnie-Oost een duurzame mobiliteitsboulevard te realiseren. Hieronder wordt verstaan de verkoop van duurzame voertuigen (elektrische auto’s en fietsen), verkopen van waren die bijdragen aan verduurzaming (zonnepanelen en laadpalen) en een mobiliteitshub (hub met bijv. deelfietsen). We staan positief tegenover initiatieven die bijdragen aan deze mobiliteitsboulevard maar vooralsnog zijn er, behoudens de vestiging van een onderneming die fietsen verkoopt, nog geen concrete verzoeken geweest. Een eventuele mobiliteitshub wordt uitgewerkt binnen de Opgave Programma Integrale Mobiliteit (OPIM). Vanuit de inhoud is een adviseur duurzame mobiliteit aangesteld die zich onder andere bezig houdt met deelmobiliteit, logistiek en duurzame mobiliteit. In de contacten zoals die er zijn met onder meer de autobranche en andere relevante branches blijven we op de hoogte van ontwikkelingen gericht op duurzame mobiliteit.
Netcongestie Het elektriciteitsnet van Veenendaal zit vol, zowel voor de afname als de teruglevering van elektriciteit. Eén van de gevolgen van deze netcongestie is dat bedrijven geen nieuwe, zware elektriciteitsaansluiting kunnen krijgen van de netbeheerders Stedin en Tennet. De ontwikkeling van het Veenendaalse bedrijfsleven wordt hierdoor beperkt. Het terugleveren van opgewekte energie is op een gegeven moment niet meer mogelijk omdat daarmee het elektriciteitsnet periodiek overbelast raakt. Voor bedrijven wordt het daardoor minder aantrekkelijk om energieneutrale maatregelen te nemen, zoals het plaatsen van zonnepanelen. De gemeente werkt samen met ondernemend Veenendaal, Stedin en de provincie Utrecht aan oplossingen om netcongestie te verminderen. Op de lange termijn gaat het om het verzwaren van het elektriciteitsnetwerk. Hiervoor is de grootste rol weggelegd voor de netbeheerders. Op de kortere termijn wordt er gezamenlijk gewerkt aan:
32
• • • •
alternatieve opwekmogelijkheden; het kunnen delen van opgewekte energie door bedrijven onderling; opslag van alternatief opgewekte elektriciteit; bevorderen van energiemanagement om energie-opwek en -verbruik beter te verdelen over de dag om piekbelasting te verminderen/voorkomen.
Daarnaast is Veenendaal samenwerkingspartner van de Energy Board Utrecht waarin de provincie Utrecht, netbeheerders Tennet en Stedin, de regio's U16 en Foodvalley en de gemeenten Utrecht en Amersfoort samenwerken aan een oplossing voor netcongestie. Starters en ondernemersdienstverlening Komende jaren richten we ons meer specifiek op startende ondernemers. We willen verkennen op welke wijze we starters nog beter kunnen adviseren en ondersteunen Gelet op de groei van het aantal ZZP’ers willen we verkennen of en in welke mate we hen generiek kunnen ondersteunen. We stellen een herzien plan van aanpak op om ondernemersdienstverlening zo goed mogelijk te organiseren. Werkgelegenheid Het behoud en bevorderen van werkgelegenheid kan op onderdelen belemmerd worden door gebrek aan ruimte. Daarnaast wordt deze ook belemmerd door een tekort aan voldoende en gekwalificeerd personeel. De prognose van werkgelegenheidscijfers laten een stijging zien ten opzichte van 2022 en 2023. We richten ons op een betere aansluiting tussen vraag en aanbod van personeel en willen meer zicht hebben op het onbenut arbeidspotentieel. We investeren in een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Veenendaal onderscheidt zich binnen de regio Foodvalley als ICT-gemeente.
Binnen de beperkte ruimte zien we diverse initiatieven en aanvragen op het gebied van kinderopvang en fitness die een bijdrage kunnen leveren aan het vergroten van werkgelegenheid. Tevens bieden ze, zeker vanuit het oogpunt van vergroten kinderopvangmogelijkheden, kansen om inwoners deel te laten nemen aan het arbeidsproces. Hierbij is er een duidelijke relatie tussen het vergroten van werkgelegenheid en het stimuleren van arbeidsparticipatie en re-integratie. Vitale Binnenstad Vanuit het programma Vitale Binnenstad 2021-2024 richten we op ons op een complete en comfortabele binnenstad die economisch en sociaal vitaal is voor de ondernemers in de binnenstad, de bewoners van Veenendaal en regionale bezoekers en toeristen. Belangrijke projecten en ontwikkelingen voor 2024 zijn het project Tuinstraat, de ontwikkelingen op het vlak van het theater Lampegiet/gebiedsvisie Duivenweide, het aantrekkelijker maken van de Markt, vergroening binnenstad, duurzame mobiliteit binnenstad (in samenhang omgevingsprogramma OPIM), uitvoering Acquisitieplan en opstellen strategisch marketingplan Winkelstad. Digitalisering Circa 25 tot 30% van onze inwoners sluiten niet of nauwelijks aan bij de nieuwe digitale werkelijkheid. De digitale inclusie is een verbijzondering van de inclusieve stad Veenendaal. In de begroting is voor de jaren 2023 tot en met 2025 jaarlijks € 150.000,- opgenomen.
De middelen zijn bedoeld om hierover beleid te ontwikkelen en uit te voeren. De uitvoeringsmiddelen zijn onder andere voor uitvoer van projecten en subsidies, bijvoorbeeld voor het vergroten van inzet van vrijwilligers. Thema II - Recreatie en toerisme Uitvoering actieplan visie Recreatie en Toerisme In 2024 richten we ons op de uitvoering van het actieplan behorende bij de visie recreatie en toerisme die in december 2023 aan de raad ter vaststelling wordt voorgelegd. De bewoners van Veenendaal zijn voor het recreëren in het groen, met name aangewezen op 33
recreatievoorzieningen rondom Veenendaal. Belangrijke aandachtspunten in 2024 zijn inzetten op effectieve samenhang tussen de verschillende regionale toeristisch recreatieve samenwerkingsverbanden en recreatieve pakketten waarin Veenendaal participeert, duurzaam beheer van natuurgebieden en duurzame mobiliteit van en naar recreatiegebieden vanuit Veenendaal. Ook zullen we in regionaal verband gaan werken aan het beter op de kaart zetten van de Grebbelinie. Evenementenbeleid Voor de jaren 2024 en volgend daarna is na een uitvoerig participatietraject nieuw beleid opgesteld met daarin onder andere aandacht voor duurzaamheid en gezondheid, locaties, geluidsnormen en levendigheid. Het is onze taak een goede balans te vinden tussen de levendigheid van de stad en het voorkomen van overlast door o.a. het stellen van duidelijke kaders, het vroegtijdig betrekken van omwonenden en het borgen van de veiligheid van inwoners tijdens evenementen. In de nog lopende projecten en ontwikkelingen zoals de herinrichting Stadspark/evenemententerrein, de ontwikkelingen in het kader van mogelijke nieuwbouw Theater Lampegiet en de upgrade van de Markt zal ook aandacht aan ruimte en voorzieningen voor evenementen worden besteed. Het nieuwe evenementenbeleid is in oktober 2023 ter vaststelling voorgelegd aan de raad.
Thema I – Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Algemeen Economische ontwikkeling en Werkgelegenheid Het gemeentelijk vestigingsbeleid en ondernemersdienstverlening richt zich op een zo goed mogelijk vestigingsklimaat voor bestaande en nieuwe ondernemers. Daarmee wordt ook de werkgelegenheid gestimuleerd. Binnen de regio Foodvalley presenteren we ons als een aantrekkelijke regio voor ondernemen in brede zin. Dit willen we realiseren door het transformeren van kansarme locaties en uitbreiden van kansrijke locaties. De kaders van de provinciale en regionale kantorenvisie zijn hierbij van belang , we hebben aandacht voor spreiding en afstemming van vestigingsverzoeken in de regio en voeren het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) uit. De Verstedelijkingsstrategie is hierbij leidend. We voeren de Visie Bedrijventerreinen uit waarbij inhoudelijk de afstemming plaatsvindt met de relevante opgaven. Zowel regionaal als lokaal worden de mogelijkheden van circulaire economie zo goed mogelijk benut. Wij zetten ons in om Veenendaal te promoten als een aantrekkelijke stad om te wonen en te werken.
34
Wat willen we bereiken? I.a. Veenendaal is een aantrekkelijke stad om te werken en ondernemen.
Wat gaan we daarvoor doen? I.a.1. We stimuleren en faciliteren startende ondernemers door o.m. organiseren van een jaarlijks startersevent en het informeren en ondersteunen van starters bij vragen.
Wat willen we bereiken? I.b. Behouden en uitbreiden werkgelegenheid voor Veenendaal.
Wat gaan we daarvoor doen? I.b.1. We faciliteren en ondersteunen bestaande en nieuwe ondernemers door inzet van onze accountmanager, periodieke overleggen met het bedrijfsleven, zorgen voor een goede doorgeleiding en coördinatie van afhandeling van ondernemersvraagstukken.
Wat willen we bereiken? I.c. Samen met de Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU) intensiveren we de bedrijventerreinen waardoor er een hogere verdichtingsgraad ontstaat ofwel meer mensen kunnen werken op een m².
Wat gaan we daarvoor doen? I.c.1. Bedrijventerreinen, kantoorlocaties en binnenstad worden aantrekkelijker gemaakt in 2024, gericht op een optimaal vestigings- en investeringsklimaat.
Wat willen we bereiken? I.d. ICT Campus faciliteert regionale samenwerkingen tussen bedrijfsleven, overheid en onderwijs.
Wat gaan we daarvoor doen? I.d.1. We geven uitvoering aan het programma ICT Campus, waarbij acquisitie van ICTbedrijven in lijn is met toekomstgerichte nieuwe economie.
Wat willen we bereiken? I.e. We willen uitbreiding van het aantal bedrijventerreinen.
Wat gaan we daarvoor doen? I.e.1. In samenspraak met provincie Utrecht, regio Foodvalley en met de Groene Metropool onderzoeken we welke uitbreidingslocatie voor bedrijventerreinen mogelijk zijn.
Wat willen we bereiken? I.f. Veenendaal is een aantrekkelijke stad om te wonen, werken en leven.
Wat gaan we daarvoor doen? I.f.1. We geven uitvoering aan het programma Vitale Binnenstad met aandacht voor een divers pallet aan functies, toegankelijkheid, vergroening en verduurzaming, innovaties en versterking van de uitvoeringsstructuur.
Wat willen we bereiken? I.g. We realiseren in Foodvalley verband een volledig circulaire economie in 2050. 50% minder gebruik van primaire grondstoffen (metalen, fossiel, mineralen) in 2030.
Wat gaan we daarvoor doen? I.g.1 We voeren het regionale plan van aanpak uit en richten ons daarbij op: - duurzamer gebruik van grondstoffen - meer concurrerend vermogen - regio foodvalley als innovatieve kennisregio voor circulaire economie
Verbonden partijen Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Dit is niet van toepassing voor dit thema.
35
Beleid gerelateerd aan thema Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
Beleid perifere detailhandel Foodvalley 2020 - 2025
16-12-2021
Detailhandelsbeleid Veenendaal 2023 -2026
16-11-2022
Omgevingsvisie
dec-20
Programmaplan Living Lab Circulair 2019-2023
feb-19
Visie Bedrijventerreinen 2022 – 2030
26-1-2023
Taakvelden thema Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
0.64 Belastingen overig
Baten
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
-608
-608
-608
-608
-608
-608
-608
-608
672
526
531
531
672
526
531
531
-22
-22
-22
-22
-22
-22
-22
-22
Baten
-299
-299
-299
-299
Lasten
986
986
886
886
688
688
588
588
Baten
-113
-113
-113
-113
Lasten
Totaal 0.64 Belastingen overig 3.1 Economische ontwikkeling
Lasten
Totaal 3.1 Economische ontwikkeling 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
Baten
Totaal 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 3.3 Bedrijfsloket en -regelingen Totaal 3.3 Bedrijfsloket en -regelingen 3.4 Economische promotie
379
379
329
329
Totaal 3.4 Economische promotie
266
265
215
215
Totaal Thema Economische ontwikkeling en werkgelegenheid
994
848
703
703
Thema II – Recreatie en toerisme Algemeen Recreatie en toerisme We zetten we ons in voor een aantrekkelijke binnenstad waar bewoners, regionale bezoekers en toeristen graag verblijven. Onze inwoners recreëren vaak in de natuur rondom Veenendaal. Veenendaal investeert samen met gemeenten in de regio in (duurzaam) beheer en toegankelijkheid van natuurgebieden. We investeren samen met de provincie in het wandel- en fietsknooppuntennetwerk. Wat betreft het natuurgebied Kwintelooijen werken we specifiek samen met Rhenen. In samenwerking met het Regionaal Bureau voor Toerisme en met gemeenten in de regio zetten we het gebied Heuvelrug en Vallei en de Grebbelinie op de kaart.
Wat willen we bereiken? II.a. Veenendaal heeft een aantrekkelijke binnenstad waar bezoekers uit de regio en toeristen graag op bezoek komen.
Wat gaan we daarvoor doen? II.a.1. Via het Regionaal Bureau voor Toerisme (RBT) zetten we (de binnenstad van) Veenendaal en de ons omringende regio op de kaart.
Verbonden partijen Recreatie en toerisme Dit is niet van toepassing voor dit thema.
36
Beleid gerelateerd aan thema Recreatie en toerisme Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
Visie Recreatie en Toerisme
in ontwikkeling
Evenementenbeleid 2024 e.v.
oktober 2023 (verwachting)
Taakvelden thema Recreatie en toerisme Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Lasten
Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 184
184
184
184
Totaal 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
184
184
184
184
Totaal Thema Recreatie en toerisme
184
184
184
184
37
PROGRAMMA 3 – SOCIALE LEEFOMGEVING Visie Sociale leefomgeving Elke vier jaar stelt de gemeenteraad een integraal beleidskader sociaal domein vast (IBKSD). In het IBK-SD worden de doelen vastgesteld, waar de gemeente de komende vier jaar aan gaat werken. Vanaf 2024 werken we met het beleidskader “samen werken door verbinding”. Dit concept IBK 2024-2027 bouwt voort op de visie sociaal domein en het IBK SD 2020-2023. Daarmee is de afgelopen jaren een basis gelegd van waaruit we de integrale samenwerking binnen het sociaal domein verder versterken. Aansluiten op actuele ontwikkelingen in de samenleving Het IBK-SD gaat over de Wmo, Jeugdwet, Participatiewet, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Wet inburgering, gezondheid en welzijn en legt verbinding met andere beleidsterreinen zoals onderwijs, economie, sport, cultuur, leefbaarheid en veiligheid. Door accenten te verleggen en andere focuspunten te benoemen, kunnen we beter aansluiten op actuele ontwikkelingen in de samenleving. We gaan nog meer integraal en outreachend opereren, waarbij we de menselijke maat centraal stellen. Dit past in een landelijke ontwikkeling waarbij gewerkt wordt aan een overheid die betrouwbaar, dienstbaar, dichtbij en rechtvaardig is. Wetten en regels moeten worden beoordeeld op eenvoud, menselijke maat en uitvoerbaarheid. Het wetsvoorstel tot versterking waarborgfunctie Awb sluit hierop aan.
Dit wetsvoorstel beoogt door middel van aanpassingen in de Awb de menselijke maat in het bestuurs(proces)recht te vergroten en de overheid meer 'responsief' te maken. Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein Het voorstel voor de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) is ingediend bij de Tweede Kamer. Naar verwachting wordt deze wet van kracht per 1 juli 2024. De wet stelt gemeenten straks in staat om domeinoverstijgend gegevens uit te wisselen en daarmee de Wmo 2015, de Jeugdwet, de Participatiewet, de Wet Inburgering en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in samenhang met elkaar uit te voeren. Ook wordt betere samenwerking mogelijk met aangrenzende domeinen als zorg, onderwijs en wonen. Integraal BeleidsKader Sociaal Domein Het concept IBK-SD 2024-2027 laat zich kenmerken door drie maatschappelijke doelen: 1. Bestaanszekerheid 2. Bevorderen van zelfredzaamheid en 3. Kwalitatief goede ondersteuning voor inwoners die het nodig hebben Binnen deze maatschappelijke doelen zijn steeds resultaten benoemd die we de komende jaren willen halen. Per jaar concretiseren we in uitvoeringsplannen welke resultaten we voor dat jaar willen realiseren. Daarbij zijn in het nieuwe IBK SD ook doelen opgenomen die betrekking hebben op gezondheid en welzijn. Gelieerd aan het IBK-SD zijn het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA).
Laatstgenoemd akkoord, dat in 2023 werd gesloten tussen gemeenten, GGD, zorgverzekeraars en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) helpt ook de gemeente Veenendaal met de verdere bouw aan een lokale en regionale aanpak op het gebied van preventie, gezondheid en een sociale basis. Preventie staat daarbij voorop. De zogenaamde stip op de horizon is een gezonde generatie in 2040, met betaalbare zorg voor mensen die dat nodig hebben. Naast het IBK-SD en de uitwerking van de hierboven genoemde akkoorden zijn er binnen het programma sociale leefomgeving natuurlijk nog andere beleidsvelden en aandachtsgebieden, zoals cultuur en sport. Ook hebben we aandacht voor rechtmatigheid en integrale handhaving. We zetten in op kwalitatief goede zorg voor onze inwoners en scherpen waar nodig daarbij afspraken met 38
onze zorgaanbieders aan. We zien toe op onrechtmatig gebruik van ondersteuning binnen het gehele sociaal domein. De bekostiging van jeugdhulp en Wmo is in de afgelopen jaren vrijwel geheel in de algemene uitkering opgenomen. Een vergelijking tussen de rijksmiddelen en de kosten is daarom moeilijk te maken. In tegenstelling tot de begroting 2023 zien we een ongunstige ontwikkeling ten aanzien van de vooruitzichten voor de komende jaren. We hebben ook in 2023 ervaren dat de beschikbare budgetten voor jeugdhulp achter bleven bij de gevraagde middelen. Er zijn de afgelopen jaren al veel financiële en inhoudelijke maatregelen getroffen om de balans tussen kwaliteit, de organisatie en de financiën van de zorg in evenwicht te houden (zie rekenkameronderzoek kostenbeheersing jeugdhulp uit januari 2022). Helaas zien we dat de beschikbaar gestelde incidentele middelen voor de komende jaren onvoldoende toereikend zijn. Kostenstijgingen als gevolg van volumegroei, aanbestedingen en incidentele kosten werden de afgelopen jaren benoemd als risico. Die vermelding bleek volkomen op zijn plaats. Ook de komende jaren blijft dit risico onverlet van kracht.
Thema's Sociale leefomgeving I. Inkomen II. Sociaal domein – Participatie en re-integratie III. Sociaal domein – Wmo IV. Sociaal domein – Jeugd V. Onderwijs en ontwikkeling VI. Sport VII. Cultuur VIII. Welzijn
Financiën Sociale leefomgeving Bedragen x € 1.000
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Baten
29.563
29.523
30.322
30.631
Lasten
115.665
114.866
114.220
114.278
Saldo programma (voor mutaties reserves)
-86.102
-85.343
-83.898
-83.647
340
340
340
340
6
6
6
6
334
334
334
334
-85.768
-85.010
-83.565
-83.314
Beschikkingen Stortingen Saldo mutaties reserves Saldo programma (na mutaties reserves)
Begroting 2027
Actuele ontwikkelingen Sociale leefomgeving Thema I - Inkomen Aanpak Geldzorgen, armoede en schulden Met de aanpak geldzorgen, armoede en schulden heeft het kabinet Rutte IV zich ten doel gesteld om armoede, onder volwassenen en kinderen, en huishoudens met problematische schulden te halveren. Voor kinderen moet deze halvering in 2025 bereikt zijn. De overige doelen moeten in 2030 worden bereikt. Met de aanpak geldzorgen, armoede en schulden van het demissionaire kabinet wordt ingezet op meer preventie om te voorkomen dat er schulden ontstaat of dat schulden niet verder oplopen. Daarnaast wordt ingezet op een snellere oplossing van schuldenproblematiek. Om dit te bereiken wordt onder andere verder geïnvesteerd in een betere vindbaarheid en eenduidigheid van informatie over geldzorgen. Daarnaast wordt ingezet op een sneller perspectief door de looptijd van een schuldregeling te verbeteren. Hiermee wordt ook uitval tegengegaan. 39
Het is de verwachting dat de aanpak geldzorgen, armoede en schulden niet controversieel wordt verklaard. De uitvoering van deze aanpak wordt dan ook voortgezet in 2024. Voor 2024 is er voor de aanpak geldzorgen, armoede en schulden ook budget beschikbaar gesteld in de meicirculaire 2023. Een nieuw te vormen kabinet formuleert in 2024 naar verwachting nieuwe doelstellingen op het gebied van geldzorgen, armoede en schulden. Inkomensvoorziening Participatiewet, IOAW, IOAZ, BBZ Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering welke toereikend wordt geacht om de bijstandsuitkeringen uit te kunnen betalen (BUIG-budget). De afgelopen jaren kende de gemeente Veenendaal een voordelig resultaat van meer dan 10% ten opzichte van de rijksmiddelen. Op basis hiervan zijn de beschikbare middelen in onze gemeentelijke meerjarenraming voor de uitvoering van deze taak sinds enkele jaren ten gunste van de algemene middelen structureel naar beneden bijgesteld. Ten opzichte van het rijksbudget houden we nog steeds geld over. Echter de participatiewet is een zogenaamde open-einde regeling; als door oplopende BUIG uitgaven het overschot afneemt, zal er minder resteren voor de algemene middelen. Armoedebeleid/Minimaregelingen De Veenendaalpas is een uitvoeringsinstrument van de minimaregelingen.
In 2024 willen we een uitbreiding van het aantal ondernemers en verenigingen dat deelneemt aan de Veenendaalpas. Hierbij hebben we oog voor een evenwichtige verdeling van diverse categorieën ondernemers binnen de regelingen en werken we toe naar zo veel mogelijk keuzevrijheid binnen de Veenendaalpas. Vanwege de stijging in het bereik van de minimaregelingen zijn vanaf 2024 de kosten, ad € 270.000.-, van deze regelingen toegenomen. Voedselbank De gemeente vindt het belangrijk dat de Voedselbank blijft bestaan, zolang hier noodzaak voor is. We zullen, samen met de Voedselbank, de benodigde inspanningen verrichten om passende huisvesting te faciliteren. Hierbij houden we rekening met een mogelijke veranderende opzet van de Voedselbank in de toekomst. Maatwerkbudget In 2024 start de Stichting Urgente Noden Veenendaal. De stichting ontvangt een werkbudget om maatwerk te kunnen leveren aan inwoners die in urgente (financiële) nood zitten en waar de gangbare voorzieningen niet toereikend zijn. De praktijk leert dat het enkele jaren duurt voordat een soortgelijke stichting voldoende bereik heeft onder de inwoners. We volgen deze ontwikkelingen nauwgezet. Overigens wordt het maatwerkbudget zowel ingezet voor de participatie- en de minimacliënten als ook voor de Wmo-cliënten. Energiearmoede De ontwikkelingen van de energieprijzen en de algehele inflatie zijn nog erg onzeker.
De kans is groot dat er in 2024 meer huishoudens zijn die vanwege hogere kosten van levensonderhoud niet meer rond kunnen komen. Tevens eindigt per 1 januari 2024 het prijsplafond voor energieprijzen. De situatie is dermate onzeker en onvoorspelbaar dat we nog niet kunnen inschatten of en hoeveel extra middelen er voor 2024 noodzakelijk zijn. De energietoeslag 2023 is door het Rijk uitgesteld. Indien de wetwijziging niet controversieel wordt verklaard is de beoogde looptijd van half oktober 2023 tot en met 31 augustus 2024. Schulddienstverlening Wij blijven met vroegsignalering onveranderd inzetten op het voorkomen dat oplopende schulden snel problematisch worden. Waar dat kan en mag pakken we ook de oorzaken (integraal) aan. We zien dat het aantal inwoners met geldproblemen groter wordt, maar we merken nog niet dat inwoners zich met schulden melden. We onderzoeken in 2024 hoe we – samen met onze partners – de zichtbaarheid en bereikbaarheid van schulddienstverlening kunnen verbeteren. 40
We denken hierbij ook aan samenwerking met werkgevers. Hierbij hebben wij ook oog voor kwetsbare doelgroepen zoals ondernemers met schulden, nieuwkomers, jongeren en alleenstaande ouders met (kleine) kinderen. Waar nodig ontwikkelen we voor deze groep een aparte aanpak. Voor de nieuwkomers geldt dat we in 2024 meer beleidsvrijheid krijgen om een eigen aanpak voor ontzorgen te ontwikkelen. De wetgever heeft met het plan aanpak geldzorgen, armoede en schulden een groot aantal ambities geformuleerd. Een groot deel van deze ambities hebben effect op het voorkomen en sneller oplossen van schulden. In 2024 worden deze ontwikkelingen gevolgd en waar mogelijk anticiperen wij op deze ontwikkelingen. Hierbij denken wij ook aan een nieuwe invulling van de gemeente, in haar rol als schuldeiser. De gemeente kan een bijdrage leveren aan het probleem of aan de oplossing. De meerkosten vanaf 2024 voor schulddienstverlening worden dan € 90.000,-. Het oplossen van problematische schulden doen we doordat we vol inzetten op het sneller starten van een schuldregeling en het voorkomen van voortijdige uitval. We trekken intensief op met partners, inclusief schuldeisers, en samen onderzoeken we hoe we het proces verder kunnen vereenvoudigen.