3. Programmabegroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026
Tekst van het document
Verbonden partijen Welzijn De volgende verbonden partij levert een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: •
Stichting Veens Welzijn.
Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.
Beleid gerelateerd aan thema Welzijn Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
Startdocument opdracht welzijn ‘Versterken sociale basis’
27-6-2019
Integraal Beleidskader Sociaal Domein
23-01-2020
Opdracht Welzijn
22-9-2020
Lokale inclusie agenda
25-10-2022
65
Taakvelden thema Welzijn Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
Lasten
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
3.385
3.385
3.385
3.235
Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
3.385
3.385
3.385
3.235
Totaal Thema Welzijn
3.385
3.385
3.385
3.235
Lasten vanuit groslijst Onderstaand vindt u per thema uit het raadsakkoord een overzicht van de bedragen uit de groslijst. Thema raadsakkoord (bedragen x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
Cultuur en evenementen
61
61
61
61
Onderwijs
65
65
65
Wonen
100
100
100
2.633
1.410
1.410
Overige
88
88
88
88
Totaal
2.946
1.724
1.724
1.113
Zorg en welzijn
66
964
PROGRAMMA 4 – BURGER EN BESTUUR Visie Burger en bestuur Veenendaal wil een gemeente zijn waarin inwoners, bedrijven en organisaties zich samen met de gemeente inzetten voor het bouwen aan de toekomst van Veenendaal. Daarbij is een heldere en eenduidige dienstverlening van belang. De inzet van moderne geautomatiseerde systemen draagt bij aan het beter en sneller helpen van onze klanten. Ook bij het besturen van de gemeente betrekken we de samenleving en hanteren daarbij een open en onbevangen bestuursstijl. Veenendaal blijft een betrouwbare samenwerkingspartner in het zuidoosten van Utrecht, in de regio Foodvalley, maar ook in de relatie met andere overheden. Veiligheid en leefbaarheid zijn en blijven belangrijke thema’s in Veenendaal. Hierbij zijn minimalisering van criminaliteit en ondermijning, aandacht voor de veiligheidsbeleving van onze inwoners en aandacht voor het tegengaan van cybercrime de belangrijkste aandachtspunten.
Thema’s Burger en bestuur I. Dienstverlening (extern) II. Bestuur & samenwerking III. Veiligheid samenleving
Financiën Burger en bestuur Bedragen x € 1.000
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Baten
1.019
1.016
1.016
961
Lasten
8.045
8.100
8.129
8.148
Saldo programma (voor mutaties reserves)
-7.026
-7.084
-7.113
-7.187
Beschikkingen
146
102
102
102
Stortingen
112
112
112
112
Saldo mutaties reserves
34
-10
-10
-10
-6.992
-7.094
-7.123
-7.197
Saldo programma (na mutaties reserves)
Begroting 2026
Actuele ontwikkelingen Burger en bestuur Thema I - Dienstverlening (extern) Geen bijzonderheden te noemen binnen dit thema. Thema II - Burger en samenwerking Verkiezingen In 2023 vinden de Provinciale Staten en Waterschapsverkiezingen plaats. Vooralsnog worden deze twee verkiezingen gehouden op 13, 14 en 15 maart 2023. Sinds de covid-19 pandemie zijn er meer verkiezingsdagen door de twee ‘vroegstemdagen’ (13 en 14 maart; vooruitlopend op de officiële verkiezingsdag). Mogelijk volgt een vierde verkiezingsdag voor centrale stemopneming op 16 maart 2023. Centrale stemopneming houdt in dat de officiële stemopneming plaatsvindt op één of enkele locaties binnen een gemeente. Hierdoor wordt het mogelijk de stemopneming uniform en efficiënt uit te voeren. De controleerbaarheid en de transparantie van de stemopneming worden bevorderd, omdat kiezers en politieke partijen beter zicht kunnen hebben op het verloop van de stemopneming. In het najaar van 2022 zal het college hierover een besluitnemen. Op basis van de voorgaande verkiezingen in 2021 en 2022 is het aannemelijk dat de kosten hoger zullen zijn dan daarvoor. In de begroting is in deze kosten voorzien (€ 75.000,-). De impact voor het Klantcontactcentrum is groot wat betreft het organiseren van de verkiezingen vanwege de omvang en afhankelijk van nieuwe wet- en regelgeving vanuit het 67
Rijk. Hulp vanuit de organisatie voor het organiseren van de verkiezingen is daarom noodzakelijk wat ook impact heeft op de teams. Thema III - Veiligheid samenleving Opvang vluchtelingen Gemeente Veenendaal heeft als onderdeel van de Veiligheidsregio Utrecht in maart 2022 de opvang van ontheemden uit Oekraïne in 5 kleinschalige locaties ter hand genomen. Daarnaast is er vanaf begin augustus 2022 opvang geboden aan asielzoekende personen in het gebouw van (voormalig) de Belcompany. De opvang van Oekraïense ontheemden gaat niet alleen over de fysieke zaken in de vorm van ‘bed, bad en brood’, maar strekt zich uit over meerdere levensgebieden, zoals de kosten van levensonderhoud, onderwijs voor de kinderen, taalonderwijs, gezondheidszorg et cetera. Bij de tijdelijke opvang van asielzoekende personen geldt dit in veel beperktere mate. Voor de bekostiging van de verschillende vormen van opvang door het Rijk gelden separate regimes: •
•
Voor de kosten opvang ontheemden uit Oekraïne door de gemeente (GOO) geldt een specifieke uitkering van € 100,- per dag per gerealiseerde opvangplek. Dit is onder meer bedoeld voor de opvangkosten, het leefgeld en de uitvoeringskosten van of namens de gemeente. Voor de opvang bij gastgezinnen (POO) wordt alleen het verstrekte leefgeld aan de ontheemden vergoed. Daarnaast worden voor de verbouwingskosten voor gemeentelijke opvangpanden de werkelijke kosten vergoed. Voor de afzonderlijke kostensoorten als onderwijs (-huisvesting), het leerlingenvervoer, de buitengewone (zorg)kosten en alsmede de kosten voor de veiligheidsregio’s en GGDrU en 1e lijnsgezondheidszorg gelden separate regelingen en al dan niet rechtstreekse vergoedingen Voor de kosten van de tijdelijke asielopvang is nog geen regeling bekend. Wel is aan de gemeenten toegezegd dat de gemaakte kosten zoals huur panden, dienstverlening en ambtelijke uren vergoed worden door het Rijk. De verwachting is dat de diverse vergoedingen vanuit het Rijk de gemeentelijke kosten zullen compenseren. De consequenties voor de programmabegroting zijn daarmee neutraal.
Integraal veiligheidsplan In 2022 start de herziening van het Integraal Veiligheidsplan (IVP). Ook het nieuwe IVP wordt samen met de gemeenten Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Rhenen en Renswoude, de politie en het Openbaar Ministerie opgesteld. Naar verwachting wordt deze in het eerste kwartaal 2023 aan de raad ter vaststelling aangeboden. Ondermijning Landelijk zijn er nieuwe investeringen gedaan voor de aanpak van ondermijnende criminaliteit en het voorkomen ervan. Naast drugscriminaliteit zien we (landelijk) nieuwe thema’s zoals zorgfraude, arbeidsuitbuiting en mensenhandel die aandacht vragen. Er wordt gewerkt aan nieuwe wet- en regelgeving die de aanpak verbeteren. Zo is recentelijk de wet Bibob geactualiseerd met een mogelijkheid voor gemeenten om elkaar te kunnen tippen.
68
Thema I – Dienstverlening (extern) Algemeen Dienstverlening (extern) Veenendaal wil een moderne, goed functionerende organisatie zijn, welke constant in beweging is om in te spelen op ontwikkelingen in de samenleving.
Wat willen we bereiken? I.a. De eerstelijns dienstverlening is klant-, service- en oplossingsgericht, waardoor er balans is tussen efficiënte inrichting en klantbeleving.
Wat gaan we daarvoor doen? I.a.1. Jaarlijks worden balie en telefonie gemeten op bereikbaarheid (telefonie, social media en website), toegankelijkheid (balie, o.a. openingstijden, werken op afspraak), middels een klanttevredenheidsonderzoek. I.a.2. Signalen die voortkomen uit onderzoeken of rechtstreeks van klanten oppakken om de dienstverlening blijvend te optimaliseren. I.a.3. Innovatieve service aanbieden aan onze klanten via digitaal loket, de balie en telefonie (particulieren, bedrijven en instellingen). Landelijke ontwikkelingen worden gevolgd zoals ediensten en wet- en regelgeving op dit gebied.
Wat willen we bereiken? I.b. We streven naar steeds meer zelfregie voor de klant om zijn zaken met de gemeente (digitaal) zelf te kunnen regelen.
Wat gaan we daarvoor doen? I.b.1. Meten van gebruik webformulieren.
Verbonden partijen Dienstverlening (extern) Niet van toepassing.
Beleid gerelateerd aan thema Dienstverlening (extern) Niet van toepassing.
Taakvelden thema Dienstverlening (extern) Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
0.2 Burgerzaken
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Baten
-825
-825
-825
-825
Lasten
558
513
514
514
Totaal 0.2 Burgerzaken
-267
-313
-311
-311
Totaal Thema Dienstverlening (extern)
-267
-313
-311
-311
69
Thema II – Burger en samenwerking Wat willen we bereiken? II.a. Veenendaal zet zich (ook) in 2023 in voor de verdere ontwikkeling van de regio Foodvalley.
Wat gaan we daarvoor doen? II.a.1. Veenendaal levert een (ambtelijke) bijdrage aan het in de tweede helft van 2022 en in 2023 binnen de regio invulling geven aan de Regiodeal Foodvalley. II.a.2. Eind 2020 is de geactualiseerde Strategische Agenda Foodvalley 2020 – 2025 vastgesteld. De komende jaren wordt in Triple Helix-verband vormgegeven aan de uitvoering van deze Strategische Agenda. Veenendaal levert hieraan zijn bijdrage. II.a.3. Als onderdeel van de gemeenschappelijke regeling geeft Veenendaal mede invulling aan de overheidsgeleding van de Triple Helix regio Foodvalley (3 O’s: overheid, onderwijs, ondernemingen).
Wat willen we bereiken? II.b Veenendaal is een betrouwbare samenwerkingspartner.
Wat gaan we daarvoor doen? II.b.1. We geven blijvend invulling aan de scharnierfunctie van Veenendaal in de Regio Foodvalley en tussen de provincies Utrecht en Gelderland. II.b.2. We richten ons op Renswoude en Rhenen, maar zeker ook op de andere (buur)gemeenten zoals Ede, Wageningen, Woudenberg en Scherpenzeel.
Wat willen we bereiken? II.c. Adequate sturing en controle ten aanzien van verbonden partijen waarin de gemeente Veenendaal deelneemt.
Wat gaan we daarvoor doen? II.c.1. De door de gemeenteraad vastgestelde Kadernota Verbonden partijen wordt gelijk voorgaande jaren ook in 2023 gemonitord en zo nodig geactualiseerd.
Verbonden partijen Burger en samenwerking De volgende verbonden partij levert een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: •
Regio Foodvalley.
Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.
Beleid gerelateerd aan thema Burger en samenwerking Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
Kadernota verbonden partijen
2016
Taakvelden thema Burger en samenwerking Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
0.1 Bestuur
Baten
-140
-137
-137
-82
Lasten
3.014
3.048
3.076
3.096
Totaal 0.1 Bestuur
2.874
2.911
2.939
3.014
Totaal Thema Burger en samenwerking
2.874
2.911
2.939
3.014
70
Begroting 2026
Thema III – Veiligheid samenleving Algemeen Veiligheid samenleving In het raadsakkoord 2022-2026 is benoemd dat veilig leven een basisbehoefte is van iedereen. Het beweegt zich langs onderwerpen als verkeersveiligheid, sociale veiligheid, informatieveiligheid, handhaving, ondermijning, integriteit, etc. In 2023 wordt het nieuwe Integraal Veiligheidsplan Heuvelrug 2023-2027 (IVP) vastgesteld. In het IVP zijn tussen de gemeenten uit het basisteam (Rhenen, Renswoude, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal en Wijk bij Duurstede), politie en OM afspraken gemaakt over de prioriteiten binnen het veiligheidsdomein. Aan dit IVP wordt een tweejarig uitvoeringsprogramma gekoppeld. Naast de uitvoering van dit nieuwe IVP wordt er dagelijks actief gewerkt aan het vergroten van het veiligheidsgevoel in de stad, in de wijken en op bedrijventerreinen en aan het voorkomen van onveiligheid (preventief). Door middel van ondersteuning en voorlichting maken wij onze inwoners zelfredzaam en veiligheidsbewust. We werken daartoe met een groot aantal interne en externe partners nadrukkelijk en integraal samen. Dat doen we ook wanneer er ondanks inspanningen aan de voorkant toch sprake is van onveiligheid, maatschappelijke ontrust, overlast of criminaliteit (repressief).
Ten behoeve van concrete inzet zo dicht mogelijk bij de inwoners, het structureel blijven uitvoeren van tastbare interventies en maatregelen die zijn voortgekomen uit de ontwikkeling van de lokale aanpak op geprioriteerde veiligheidsthema’s de afgelopen jaren én (toenemende) inzet op acute vragen en signalen van bewoners over zaken die veel impact hebben op hun veiligheidsbeleving, is extra uitvoerende capaciteit nodig en structureel € 100.000,- in deze begroting opgenomen. Ook wordt met de politie gesproken hoe zij ondanks de beperkte politiecapaciteit zoveel mogelijk zichtbaar zijn op straat en bijvoorbeeld in het uitgaansgebied. In 2023 wordt het cameratoezicht verder uitgebreid. In deze begroting is hiervoor € 75.000,- incidenteel en € 30.000,- structureel opgenomen. Verder wordt er in 2023 extra geïnvesteerd in de uitbreiding van het jongerenwerk (zie ook Programma Sociale leefomgeving) en de versterking van de samenwerking binnen de jeugdketen. Er wordt structureel ingezet op de aanpak ondermijnende criminaliteit. In Veenendaal onderscheiden we hierin drie sporen: het versterken van de weerbaarheid van de eigen organisatie én de samenleving, en de integrale samenwerking binnen de toezichts- en handhavingsketen. Belangrijke thema’s zijn het voorkomen van drugscriminaliteit en het tegengaan van mensenhandel.
Daarnaast wordt ook ingezet op het tegengaan van allerhande fraude, zoals zorgfraude. Naast de geprioriteerde thema’s is het interventieteam aan de slag met de persoonsgerichte aanpak en de nazorg van ex-gedetineerden. We geven daarnaast uitvoering aan de wet verplichte GGZ voor personen met verward gedrag en de wet Tijdelijk Huisverbod en investeren in het voorkomen van huiselijk geweld. De Veiligheidsregio Utrecht heeft in Veenendaal de beschikking over een brandweerkazerne die tussen 2023 en 2025 vernieuwd zal worden, zodat deze toekomstbestendig, duurzaam en energieneutraal is.
71
Wat willen we bereiken? III.a Inwoners en ondernemers voelen zich veilig in de stad, in de wijken en op de bedrijventerreinen en weten hoe ze weerbaar zijn tegen veelvoorkomende criminaliteit, digitale criminaliteit en ondermijnende criminaliteit.
Wat gaan we daarvoor doen? III.a.1 Vaststellen van het IVP Heuvelrug 2023-2026 en uitvoering geven aan de activiteiten zoals beschreven in het IVP. III.a.2. Het versterken van en invulling geven aan de samenwerking met ketenpartners, ondernemers en inwoners ter voorkoming van maatschappelijke onrust en diverse vormen van criminaliteit. III.a.3. Samen met ketenpartners acteren en inzet plegen op complexe zorg- en veiligheidsvraagstukken, veiligheidsproblematiek, maatschappelijke onrust of overlast, diverse vormen van criminaliteit en/of rampen en crises. III.a.4. Actueel houden, implementeren en toepassen van de wet- en regelgeving binnen het veiligheidsdomein.
Verbonden partijen Veiligheid samenleving De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: •
Veiligheidsregio Utrecht (VRU).
Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.
Beleid gerelateerd aan thema Veiligheid samenleving Naam beleidsstuk
Wanneer vastgesteld
IVP Heuvelrug 2019-2022
Jan-2019
Ondermijning in Veenendaal: van beeld naar aanpak
Dec-2017
Horecanota: Veenendaal bruist
Mei-2013
Algemene Plaatselijke Verordening
Jaarlijkse actualisatie
Diverse beleidsregels voor de uitvoering van landelijke en lokale wet- en regelgeving
Taakvelden thema Veiligheid samenleving Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
Baten
-7
-7
-7
-7
Lasten
3.656
3.796
3.793
3.792 3.786
Totaal 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid
Begroting 2026
3.649
3.790
3.787
Baten
-47
-47
-47
-47
Lasten
817
744
745
745
Totaal 1.2 Openbare orde en veiligheid
770
696
698
698
Totaal Thema Veiligheid samenleving
4.419
4.486
4.484
4.484
Lasten vanuit groslijst Onderstaand vindt u per thema uit het raadsakkoord een overzicht van de bedragen uit de groslijst. Thema raadsakkoord (bedragen x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
Veiligheid
205
130
130
130
205
130
130
205
Overige
75
Totaal
72
PROGRAMMA 5 – ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN EN ONVOORZIEN Visie Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten van een gemeente waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Dat betekent dat de gemeente deze vrij kan besteden. Algemene dekkingsmiddelen zijn bedoeld om de programma’s uit te voeren die de gemeenteraad heeft vastgesteld. Deze middelen bestaan uit: • algemene uitkering uit het Gemeentefonds; • opbrengsten van de lokale heffingen; • opbrengst uit deelnemingen (dividend); • rente-inkomsten van de reserves en het renteresultaat.
Thema’s Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien I. Treasury II. OZB en belastingen overige III. Uitkeringen en gemeentefonds en algemeen
Financiën Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Bedragen x € 1.000
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Baten
155.190
161.831
167.571
159.500
Lasten
6.934
11.998
15.939
19.797
148.255
149.833
151.633
139.703
7
1.560
1.416
7
Saldo programma (voor mutaties reserves) Beschikkingen Stortingen
2.020
20
20
20
Saldo mutaties reserves
-2.013
1.540
1.396
-13
Saldo programma (na mutaties reserves)
146.242
151.374
153.029
139.690
Thema I – Treasury Algemeen Treasury Voor een nadere toelichting rondom het treasurybeleid wordt verwezen naar de paragrafen weerstandsvermogen en risicobeheer en financiering.
Taakvelden thema Treasury Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
0.5 Treasury
Baten
-1.853
-1.847
-1.847
-1.847
Lasten
597
609
609
609
-1.256
-1.238
-1.238
-1.238
Totaal 0.5 Treasury 0.8 Overige baten en lasten
Baten
-1.745
-24
-105
-131
Lasten
6.017
11.068
15.009
18.868
Totaal 0.8 Overige baten en lasten
4.272
11.044
14.904
18.737
Totaal Thema Treasury
3.016
9.806
13.666
17.499
73
Thema II- OZB en belastingen overige Algemeen OZB en belastingen overige Het gaat hier om de opbrengst van lokale heffingen van de gemeente waarvan de besteding van de opbrengst vrij is. De belangrijkste hiervan is de onroerendezaakbelasting (OZB). Deze belasting geldt voor eigenaren van woningen en van niet-woningen (bedrijfspanden en kantoren) alsmede voor gebruikers van niet-woningen. Naast de jaarlijkse trendmatige aanpassing wordt in het meerjarig perspectief geen verdere verhoging van de tarieven overwogen.
Taakvelden thema OZB en belastingen overige Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
0.61 OZB woningen
Baten
-8.466
-8.708
-9.318
-9.660
Lasten
164
164
164
164
-8.303
-8.545
-9.154
-9.496
Baten
-7.045
-7.253
-7.547
-7.674
Lasten
113
113
113
113
Totaal 0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen Totaal 0.62 OZB niet-woningen 0.64 Belastingen Overig
-6.932
-7.139
-7.433
-7.561
Baten
-590
-2.066
-610
-610
Lasten
43
43
43
43
-547
-2.023
-566
-566
-15.781
-17.707
-17.154
-17.623
Totaal 0.64 Belastingen Overig Totaal Thema OZB en belastingen overige
Thema III - Uitkeringen en gemeentefonds en algemeen Algemeen Uitkeringen en gemeentefonds en algemeen Het gemeentefonds is een begrotingsfonds, waaruit de gemeenten worden gesubsidieerd: het Rijk stort jaarlijks een deel van de belastingopbrengsten in het gemeentefonds. De gemeenten kunnen met dit geld hun werkzaamheden uitvoeren. Het is een ‘algemene’ uitkering, dus het is aan de gemeenten op welke wijze de gelden besteden.
Taakvelden thema Uitkeringen en gemeentefonds en algemeen Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds
Baten
-135.490
-141.933
-148.145
-139.578
Totaal 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds
-135.490
-141.933
-148.145
-139.578
Totaal Thema Uitkeringen en gemeentefonds algemeen
-135.490
-141.933
-148.145
-139.578
74
PROGRAMMA 6 – BEDRIJFSVOERING Visie Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering omvat de middelen die worden ingezet op de strategisch bepaalde doelen te realiseren. Omdat gemeenten opereren in een steeds veranderende omgeving vereist dit een hoge mate van flexibiliteit, waarbij slim en integraal werken belangrijk zijn. Ook klant- en resultaatgerichtheid zijn hierbij belangrijke factoren. Tot de middelen behoren financieel beheer, personeelsbeleid, ICT en innovatie van de middelen. In de paragraaf Bedrijfsvoering wordt op een aantal zaken verder ingegaan.
Thema’s Bedrijfsvoering I. Dienstverlening (intern) II. Security- en informatiemanagement III. Middelen IV. Advisering en detachering V. Bedrijfsvoering algemeen
Financiën Bedrijfsvoering Bedragen x € 1.000
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Baten
6.793
6.756
6.714
6.714
Lasten
59.250
60.115
60.775
61.135
Saldo programma (voor mutaties reserves)
-52.457
-53.359
-54.061
-54.421 175
Beschikkingen
270
175
175
Stortingen
535
1.552
1.409
0
Saldo mutaties reserves
-265
-1.378
-1.234
175
Saldo programma (na mutaties reserves)
-52.722
-54.737
-55.295
-54.246
Lasten en baten totaal taakveld overhead Bedrijfsvoering Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
0.4 Overhead
Baten
-6.793
-6.756
-6.714
-6.714
Lasten
27.588
28.359
28.863
28.893
Totaal 0.4 Overhead
20.796
21.603
22.149
22.179
Totaal Taakveld Overhead (A)
20.796
21.603
22.149
22.179
75
Begroting 2026
Toegerekende apparaatskosten op taakvelden in programma's tkv
omschrijving taakveld
Begroot 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
0.2
Burgerzaken
2.290
2.297
2.309
2.332
0.3
Beheer overige gebouwen en gronden
539
541
543
549
0.61
OZB woningen
1.1
Crisisbeheersing en Brandweer
1.246
1.250
1.256
1.269
67
68
68
1.2
69
Openbare orde en Veiligheid
2.223
2.230
2.241
2.264
2.1
Verkeer en vervoer
2.223
2.230
2.241
2.264
2.2
Parkeren
101
101
102
103
3.1
Economische ontwikkeling
775
777
781
789
3.4
Economische promotie
67
68
68
69
4.2
Onderwijshuisvesting
135
135
136
137
4.3
Onderwijsbeleid en leerlingzaken
707
709
713
720
5.1
Sportbeleid en activering
101
101
102
103
5.3
Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
34
34
34
34
5.7
Openbaar groen en (openlucht) recreatie
2.361
2.368
2.380
2.404
6.1
Samenkracht en burgerparticipatie
1.179
1.182
1.188
1.201
6.2
Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
977
980
985
995
6.3
Inkomensregelingen
3.772
3.784
3.802
3.842
6.4
WSW en beschut werk
438
439
441
446
6.5
Arbeidsparticipatie
2.459
2.466
2.478
2.504
6.6
Maatwerkvoorziening (WMO)
2.796
2.804
2.818
2.847
6.71a
Hulp bij het huishouden (WMO)
842
845
849
858
6.71b
Begeleiding (WMO)
67
68
68
69
6.71c
Dagbesteding (WMO)
67
68
68
69
6.72a
Jeugdhulp begeleiding
303
304
306
309
6.72b
Jeugdhulp behandeling
34
34
34
34
6.72c
Jeugdhulp dagbesteding
34
34
34
34
6.72d
Jeugdhulp zonder verblijf overig
34
34
34
34
7.1
Volksgezondheid
135
135
136
137
7.2
Riolering
505
507
509
515
7.3
Afval
101
101
102
103
7.4
Milieubeheer
1.246
1.250
1.256
1.269
7.5
Begraafplaatsen en crematoria
8.1
Ruimtelijke Ordening
8.3
Wonen en bouwen
Totaal toegerekende apparaatskosten (B)
199
199
200
202
1.886
1.892
1.901
1.921
1.718
1.723
1.731
1.749
31.661
31.756
31.912
32.242
Nog te realiseren in projecten / investeringen (C)*
3.809
3.772
3.730
3.730
Totaal Bedrijfsvoering (A+B+C)
56.266
57.131
57.792
58.152
*) Dit betreffen investeringskosten die geen onderdeel uitmaken van de baten en lasten binnen de exploitatie
Actuele ontwikkelingen Bedrijfsvoering Thema I - Dienstverlening (intern) Door, veelal vanwege externe regelgeving, extra verantwoording (o.a. verplichtingenadministratie, bewijs van prestatieleveringen, verscherpte aanbestedings- en inkoopregels) is uitbreiding van de administratieve capaciteit gewenst om te voorkomen dat medewerkers in de uitvoering minder toekomen aan hun primaire taak: dienstverlening aan inwoners en bedrijven in Veenendaal. De kosten voor deze administratieve ondersteuning van de (twintig) teams bedragen € 100.000,- structureel.
76
Thema II - Security & informatiebeveiliging Programma I-grip In de komende jaren wordt een grote inhaalslag gemaakt om de informatiehuishouding toekomstbestendig te maken. Met het programma I-grip wordt de komende jaren gefaseerd een groot aantal projecten uitgevoerd. In deze begroting is hiervoor structureel € 160.000,opgenomen. Het budget is voor o.a. tijdelijke inhuur van projectleiders, specialisten en een verbeterslag in kern applicaties en -processen, het vormgeven van het informatiebeleids- en beheerplan en de informatie-architectuur. Ontvlechting ICT-samenwerking gemeente Rhenen Gemeente Rhenen heeft met ons een dienstverleningsovereenkomst (DVO) voor het hosten van ICT. De gemeente Rhenen heeft aangegeven deze DVO te willen stoppen vanaf 1 januari 2023. Thema III - Middelen Om de gestelde beleidsdoelen te kunnen realiseren kan een breed scala van ‘middelen’ worden ingezet. Naast de financiële middelen gaat het ook om de inzet van personeel, apparatuur en computers. Door de coronapandemie is het Veens Werken versneld uitgerold. Desktop-pc’s en vaste telefoons worden voor een groot deel verwijderd. Aan alle medewerkers is of wordt een laptop en een mobiele telefoon verstrekt, zodat er niet meer tijd- of plaatsgebonden gewerkt dient te worden. Het gemeentehuis is de plek voor ontmoetingen en overleggen. De ‘vaste’ werkplekken behoren definitief tot het verleden.
Thema IV - Advisering en detachering Geen bijzonderheden te benoemen binnen dit thema. Thema V - Bedrijfsvoering algemeen Geen bijzonderheden te benoemen binnen dit thema.
Thema I – Dienstverlening (intern) Taakvelden thema Dienstverlening (intern) Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
0.4 Overhead
Baten
-35
-35
-35
-35
Lasten
23.045
22.995
22.765
22.923
Totaal 0.4 Overhead
23.010
22.960
22.730
22.888
Totaal Thema Dienstverlening (intern)
23.010
22.960
22.730
22.888
Begroting 2026
Thema II – Security & informatiebeveiliging Taakvelden thema Security & informatiebeveiliging Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
0.4 Overhead
Baten
-12
-12
-12
-12
Lasten
Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 44
44
46
46
Totaal 0.4 Overhead
32
32
34
34
Totaal Thema Security & informatiebeveiliging
32
32
34
34
77
Thema III – Middelen Algemeen Middelen Om de gestelde beleidsdoelen te kunnen realiseren kan een breed scala van ‘middelen’ worden ingezet. Naast de financiële middelen gaat het ook om de inzet van personeel, apparatuur en computers.
Taakvelden thema Middelen Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
0.4 Overhead
Baten
-178
-178
-178
-178
Lasten
3.408
4.229
4.962
4.834
Totaal 0.4 Overhead
3.230
4.051
4.784
4.656
Totaal Thema Middelen
3.230
4.051
4.784
4.656
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Thema IV - Advisering en detachering Algemeen Advisering en detachering De toenemende complexiteit van maatschappelijke vraagstukken en de afname van financiële middelen vragen om hoogwaardige advisering over de koers van de gemeente en de daarbij behorende efficiënte inzet van de middelen.
Taakvelden thema Advisering en detachering Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
0.4 Overhead
Baten
-2.672
-2.672
-2.672
-2.672
Lasten
585
585
585
584
Totaal 0.4 Overhead
-2.087
-2.087
-2.087
-2.087
Totaal Thema Advisering en detachering
-2.087
-2.087
-2.087
-2.087
Thema V - Bedrijfsvoering algemeen Wat willen we bereiken? V.a. Grip verbeteren op rechtmatigheid van inkopen.
Wat gaan we daarvoor doen? V.a.1. Aanschaf inkoop- en bestelsysteem. V.a.2. Implementatie/uitrol binnen de organisatie.
Beleidsindicatoren Bedrijfsvoering algemeen Veenendaal Taakveld
Indicator
Eenheid
Bron
2021 2022 2023
0.3 Overhead Formatie
Fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
7,22
nnb nnb
0.3 Overhead Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
6,64
nnb nnb
0.3 Overhead Apparaatskosten Kosten per inwoner
Eigen begroting 611,06 nnb nnb
0.3 Overhead Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen Eigen begroting 16,70% nnb nnb
0.3 Overhead Overhead
% van totale lasten
Eigen begroting 10,53% nnb nnb
78
Taakvelden thema Bedrijfsvoering algemeen Taakveld (bedragen x € 1.000)
B/L
0.4 Overhead
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Baten
-3.896
-3.860
-3.818
-3.818
Lasten
506
506
506
506
Totaal 0.4 Overhead
-3.390
-3.354
-3.312
-3.312
Totaal Thema Bedrijfsvoering algemeen
-3.390
-3.354
-3.312
-3.312
Lasten vanuit groslijst Onderstaand vindt u per thema uit het raadsakkoord een overzicht van de bedragen uit de groslijst. Thema raadsakkoord (bedragen x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
Bedrijfsvoering
618
618
618
498
Digitalisering
450
450
525
275
Energie en duurzaamheid
125
125
125
Overige
260
260
260
260
Totaal
1.453
1.453
1.528
1.033
79
PARAGRAFEN A. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre de gemeente Veenendaal in staat is om de financiële gevolgen van de risico’s op te vangen. Risicobeheersing stelt zich als doel om in de eerste plaats inzicht te krijgen in de risico’s. Daarnaast worden er adequate maatregelen getroffen. We streven ernaar dat het optreden van risico’s zo weinig mogelijk effect heeft op de uitvoering van het bestaande en beoogde beleid. Daarnaast gaan we het gesprek over risico’s aan. Daarmee stimuleren we het risicobewustzijn van alle medewerkers in de organisatie.
Het weerstandsvermogen wordt berekend door de beschikbare weerstandscapaciteit (beschikbare middelen) af te zetten tegen de benodigde weerstandscapaciteit (risico’s). Verder wordt beoordeeld of er voldoende structurele en incidentele middelen zijn om structurele en incidentele risico’s op te vangen. In 2023 wordt verder duidelijk welk effect de oorlog in de Oekraïne en de hoge inflatie zullen hebben op de gemeentelijke financiële positie. Op basis van de Economische Ontwikkelingen en Vooruitzichten van de Nederlandse Bank (Juni 2022), blijkt de economie zich op korte termijn gunstig te ontwikkelen. Voor de langere termijn zijn de vooruitzichten erg onzeker. Dit betekent dat we bij het bepalen van de risico's voor 2023 vooralsnog uitgaan van een relatief gunstig scenario, waarbij de economische risico's zich redelijk op het bestaande niveau handhaven. Achteraf kan blijken dat dit scenario te gunstig is. Daarom is ook een 'zwaar weer' scenario opgesteld. In paragraaf C. Financiering treft u informatie aan welke gevolgen een ‘zwaar weer’ scenario voor de economie kan hebben. Weerstandscapaciteit De gemeentelijke weerstandscapaciteit bedraagt per 1 januari 2023 € 39,6 miljoen en bestaat uit de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit, de post “onvoorziene uitgaven”, stille reserves en reserve “startersleningen”.
Beschikbare weerstandscapaciteit (in miljoenen euro's) Algemene Reserve
30,7
Onbenutte belastingcapaciteit (s)
6,8
Onvoorziene uitgaven (s)
0,1
Stille reserves
1,0
Startersleningen
1,0
Totaal
39,6
In de algemene reserve is na de besluitvorming over de 2e bestuursrapportage 2022 € 30,7 miljoen beschikbaar voor het afdekken van risico’s (incidentele capaciteit). De onbenutte 80
belastingcapaciteit bedraagt € 6,8 miljoen (structurele capaciteit). Voor onvoorziene uitgaven is € 0,1 miljoen beschikbaar (structurele capaciteit). De stille reserves bedragen € 1 miljoen (incidentele capaciteit). Het vrij aanwendbare deel van de bestemmingsreserves (startersleningen) bedraagt € 1 miljoen (incidentele capaciteit). Risicomanagement Voor de programmabegroting zijn de risico’s die de gemeente loopt geactualiseerd. De omvang van de risico’s bedraagt in 2023 € 66 miljoen (€ 52 miljoen 2022). In de hiernavolgende tabel is een overzicht opgenomen van de 10 belangrijkste risico’s. Het betreft hier risico’s waarvan de omvang hoger is dan € 0,5 miljoen. De opgenomen risico’s zijn allen extern van karakter. Ten aanzien van de jeugdzorg kan nog het volgende worden opgemerkt. De rijksvergoeding voor de jeugdzorg is voor 2023 door het rijk vastgesteld. Voor de jaren 2024-2026 zijn in de programmabegroting de bedragen uit de hervormingsagenda opgenomen. Er is nog een kleine kans aanwezig dat deze bedragen in de toekomst af zullen wijken. Naar verwachting zal de bijstelling gering zijn waardoor het risico dat wel opgenomen is in onze inventarisatie niet zichtbaar is de top 10 grootste risico's. Dit geldt ook voor het risico van een toename van de zorg in natura bij de jeugdzorg. Er is in deze paragraaf rekening gehouden met een maximaal risico van € 600.000,-.
Top 10 risico's (in miljoenen euro's) Omschrijving risico (omschrijving beheersmaatregel)
Effect Kans BSc NSc
Daling inkomsten uit het gemeentefonds als gevolg van een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026 en de terugval van de rijksvergoeding van 2025 naar 2026 met € 3,6 miljard op macro basis (monitoring ontwikkelingen rijksoverheid, gemeentefonds en lobby VNG).
€ 10,0 50% (s)
20
16
Onvoldoende beschikking over kwalitatief en kwantitatief personeel (Strategische personeelsplanning – Monitoring budget loonkosten – werving op basis van toekomstige talenten).
€ 2,5 (i)
90%
25
25
Hogere kostenstijgingen investeringen MIP door stijging inflatie en gevolgen van de oorlog in Oekraïne. (Doorberekenen prijsstijgingen waar mogelijk).
€ 2,0 (i)
90%
25
25
Hogere cao-stijging dan gereserveerd in de begroting (monitoren ontwikkelingen).
€ 2,1 (i)
70%
20
20
DEVOG:1. Extra kosten door hoge inflatie; 2. Extra kosten vanwege congestie van het landelijke en regionale electriciteitsnetwerk (Doorberekenen kostenstijgingen in de aansluitbijdragen en tarieven).
€ 0,8 (i)
90%
20
20
Aantrekken van leningen wordt als gevolg van de stijging van de rente boven de 2,5% duurder dan geraamd in de begroting (Anticiperen op rentestijging – kasgeldfinanciering toepassen).
€ 2,5 (i)
50%
15
15
De BUIG-uitkering van het rijk neemt af of de uitkeringslasten stijgen door een toename van het aantal cliënten. (De inzet van re-integratie- en pootwachters-instrumenten waardoor het aantal cliënten wordt beperkt).
€ 0,8 (i)
70%
20
16
Financiële tegenvallers bij gemeenschappelijke regelingen. (Nauwgezet volgen ontwikkelingen gemeenschappelijke regelingen en bijsturen waar mogelijk).
€ 1,0 (i)
70%
16
12
Als gevolg van het stopzetten van de gaslevering door Rusland stijgen de energieprijzen sterk. Vanuit Europa zijn inmiddels maatregelen getroffen om de sterke stijging te verminderen. Maar desondanks kan dit grote gevolgen hebben voor de energierekening van de gemeente en aan de gemeente gelieerde organisaties (monitoring ontwikkelingen).
€ 1,2 (i)
50%
20
15
De invoering van de Omgevingswet is een complex en intensief traject. Daarbij worden diverse risico’s onderkend zoals: mogelijke leges derving, veranderende samenwerking met derden, onzekerheid over de te verwachten kosten, software aanpassingen, nieuwe juridische procedures en uitstel van de wet. (Projectgroep bereid de invoering van de Omgevingswet voor).
€ 1,0 (i)
50%
12
12
De berekening van de risicoscore Kans
Score Kans
Gevolg
Score Gevolg
< 10 jaar
10%
1
X < € 50.000
1
5 jaar < x < 10 jaar
30%
2
€ 50.000 < x < € 200.000
2
2 jaar < x < 5 jaar
50%
3
€ 200.000< x < € 500.000
3
1 jaar < x < 2 jaar
70%
4
€ 500.000< x < € 1.000.000
4
X > 1 jaar
90%
5
X > 1.000.000
5
81
De risicoscore wordt als volgt berekend: Een risico dat zich 1 maal in de 3 jaar kan voordoen met een gevolg van € 250.000 krijgt voor kans een 3 en voor gevolg een 3 en scoort dus 3 x 3 = 9. Een risico dat zich 1 maal in de 2 jaar kan voordoen met een gevolg van € 600.000 krijgt voor kans een 4 en voor gevolg een 4 en scoort dus 4 x 4 = 16. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Uit bovenstaande risicotabel blijkt dat voor € 23,9 miljoen aan grote incidentele risico’s aanwezig zijn. Er is voor € 32,8 miljoen aan incidentele weerstandscapaciteit beschikbaar. Er is voldoende incidentele capaciteit aanwezig om incidentele risico’s op te vangen. Uit bovenstaand overzicht blijkt verder dat voor € 10 miljoen aan structurele risico’s aanwezig zijn. Er is voor een bedrag van € 6,9 miljoen (onbenutte belastingcapaciteit € 6,8 miljoen en onvoorzien € 0,1 miljoen) aan structurele weerstandcapaciteit beschikbaar. Helaas is hier niet langer sprake van een juiste verhouding. Dit wordt veroorzaakt door de onduidelijkheid over het verloop van het gemeentefonds in 2026. Dit ''ravijnjaar'' stelt ons voor een grote financiële uitdaging.
Op grond van het voorgaande kan geconcludeerd worden dat de balans incidentele risico’s en incidentele weerstandscapaciteit in evenwicht is. Bij de structurele vergelijking van risico's en weerstandscapaciteit zien we dat er een fors tekort is aan structurele middelen vanaf het jaar 2026. Indien hier de komende jaren geen verandering in optreedt, worden we als gemeente in 2026 geconfronteerd met pijnlijke maatregelen tenzij we bereid zijn om vroegtijdig bij te sturen. Weerstandsvermogen Om verantwoord met risico’s om te gaan, is het noodzakelijk een buffer (weerstandscapaciteit) te hebben. De benodigde weerstandscapaciteit kan lager zijn dan de omvang van de risico’s (€ 66 miljoen) aangezien niet alle gemeentelijke risico’s die gesignaleerd zijn, tegelijkertijd zullen optreden. Daarnaast zijn er diverse beheersmaatregelen. Op basis van de risicosimulatie analyse (Monte Carlo analyse) van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NARIS) blijkt dat bij onze gemeente een buffer (benodigde weerstandscapaciteit) van minimaal € 18 miljoen (was € 12,5 miljoen in 2022) nodig is om de risico’s verantwoord af te dekken. Met andere woorden: de gemeente kan door het aanhouden van een buffer (benodigde weerstandscapaciteit) van € 18 miljoen met een zekerheid van 90% (landelijke norm) de aanwezige risico’s afdekken.
De stijging van € 12,5 miljoen naar € 18 miljoen geeft aan dat de risico's de afgelopen periode behoorlijk toegenomen zijn. Dit komt overeen met het beeld van de risico-inventarisatie. Ratio weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit/benodigde weerstandscapaciteit = € 39.600.000/ € 18.000.000 = 2,2 In de begroting 2022 bedroeg de ratio 2,1. De stijging van de ratio is maar beperkt en wordt veroorzaakt door de stijging van de algemene reserve en het meevallen van de gevolgen van Covid-19 in positieve zin. Indien de risico's blijven toenemen zoals in het afgelopen jaar zal de ratio naar verwachting op korte termijn al gaan dalen. Het belang van een goed risicomanagement neemt hierdoor verder toe.
82
Jaar
Ratio weerstandsvermogen
2023
2,2
2022
2,1
2021
1,55
2020
2
2019
1,8
2018
3
Ter vergelijking: de provincie Utrecht – onze toezichthouder - heeft in de begroting 2022 een ratio van 1,9 (2021 1,9) wat overeenkomt met de classificatie ‘ruim voldoende’. De beoordeling van de ratio van 2,2 voor 2023 is volgens de systematiek van het Nederlands Bureau voor Risicomanagement ‘goed’. (Kleiner dan 1 = onvoldoende; tussen 1 en 1,5 = voldoende; tussen 1,5 en 2 = ruim voldoende; groter dan 2 = goed). Hiermee wordt voldaan aan het door de gemeenteraad vastgestelde beleidskader dat het weerstandsvermogen minimaal een ratio groter dan 1 dient te hebben wat overeenkomt met de classificatie voldoende. Conclusie Ons weerstandsvermogen is door het inzetten op de versterking van de benodigde weerstandscapaciteit ten opzichte van 2022 nog licht gestegen. De ratio weerstandsvermogen bedraagt 2,2 in 2023 en voldoet aan het gestelde beleidskader dat uitgaat van een ratio van 1 of hoger. Vanwege de onzekerheden rondom de inflatie, de oorlog in Oekraïne, de explosieve stijging van de energielasten en de inkomsten uit het gemeentefonds vanaf 2026 is het belangrijk om te beschikken over voldoende weerstandsvermogen. Dit weerstandsvermogen zullen we de komende jaren nodig hebben om de pijnlijke gevolgen van de economische ontwikkelingen op te kunnen vangen.
We moeten dan ook rekening houden met een lagere weerstandsratio in de komende jaren door de effecten van een mogelijke recessie.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Beleidsvoornemens
Jaartal
De weerstandscapaciteit dient minimaal de ratio 1 te hebben wat overeenkomt met de classificatie voldoende.
2023
Verplichte kengetallen financiële positie in de begroting Het BBV schrijft voor dat in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing zes financiële kengetallen moeten worden opgenomen. Kengetallen
Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Netto schuldquote
69%
87%
90%
101%
104%
118%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
64%
81%
85%
95%
98%
113%
Solvabiliteitsratio
30%
25%
25%
22%
21%
19%
Grondexploitatie
-2,50%
0,70%
5,00%
6,40%
4,10%
4,20%
Structurele exploitatieruimte
0,94
-0,49
2,51
2,45
2,33
-4,49
Belastingcapaciteit
78%
83%
75%
75%
75%
75%
83
De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Dit kengetal geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. In 2023 stijgt de gemeentelijke schuldquote gecorrigeerd voor leningen verder naar 85%. Een stijging van 4 % ten opzichte van de begroting 2022. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het omvangrijke MIP. Onze toezichthouder: de provincie Utrecht hanteert als veilige norm een percentage van maximaal 90%. De komende jaren zal deze norm vanaf 2024 worden overschreden. Op grond hiervan is een bijstelling van het MIP nodig. Naar verwachting zal bij de kadernota 2024 hiervoor een voorstel worden gedaan. De solvabiliteitsratio geeft de verhouding eigen/vreemd vermogen aan en helpt om inzicht te krijgen in welke mate wij in staat zijn aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Deze ratio blijft in 2023 gelijk op 25%. De verklaring hiervoor is tweeërlei. Enerzijds is er meer vreemd vermogen voor de financiering van het MIP nodig.
Anderzijds is het eigen vermogen (reserves) ten opzichte van 2022 toegenomen door de gunstige resultaten uit het afgelopen jaar. Vanaf 2024 daalt de solvabiliteitsratio als gevolg van de toename van vreemd vermogen voor het financieren van nieuwe investeringen. In 2026 daalt de solvabiliteitsratio onder de minimale norm van onze toezichthouder van 20% naar 19%. Ook de solvabiliteit geeft het sein dat maatregelen nodig zijn in de nabije toekomst. Het kengetal grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De grondexploitatie kan een forse impact hebben op de financiële positie. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij verkoop. Voor de berekening van dit kengetal worden de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie bij elkaar opgeteld en gedeeld door de totale baten. Dit kengetal geeft aan dat de gemeente op het terrein van de grondexploitatie steeds minder risico loopt. Dit komt door het afronden van steeds meer complexen dat zorgt voor een daling van de boekwaarde van de complexen. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten.
Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. In 2023 komt de structurele exploitatie ruimte uit rond de 2,5%. De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of gemeenten zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De toelichting hiervan is opgenomen in paragraaf G Lokale heffingen.
84
B. Onderhoud Kapitaalgoederen Tot de kapitaalgoederen in de openbare ruimte rekenen we de wegen en civiele kunstwerken (bruggen, tunnels en viaducten), de riolering, het water, het groen en het vastgoed in de gemeente. Onderhoud bestaat uit dagelijks onderhoud, groot onderhoud en technische vervanging in renovatie. Inhoud Het vastgestelde beleidskader voor het onderhoud van de kapitaalgoederen is het Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022-2025 (OPOR 2022-2025). Algemene ontwikkelingen De komende jaren staat de gemeente voor een grote vervangingsopgave in de openbare ruimte doordat het kapitaal einde levensduur is. Doordat de huidige openbare ruimte (grotendeels) gefinancierd is vanuit de ontwikkeling kennen deze momenteel geen financiering. Na vervanging is dit wel het geval en gaan de kapitaallasten en rentelasten stijgen. Dit is per taakveld weergegeven in een grafiek. Naast de vervangingsopgave staat de gemeente voor de opgave te komen tot een klimaatadaptieve, energie neutrale, circulaire en datagerichte gemeente. In het OPOR zijn hiervoor beperkt middelen opgenomen bij vervangingen. Komende jaren worden hiervoor de uitvoeringsplannen en financiële consequenties inzichtelijk om tot een versnelling van realisatie van de ambities te komen.
Wat verder van invloed is zijn de beperkte beschikbaarheid van grondstoffen, energie en arbeidskrachten en daarmee de toenemende stijging van prijzen over de gehele linie. Technische kwaliteit Op basis van (eigen) inspecties en schouwrapporten wordt klein of groot onderhoud uitgevoerd in de openbare ruimte zodat deze voldoen aan de beeldkwaliteit A/B-niveau (conform de CROW-systematiek). In de winkelcentra en op de begraafplaats wordt voor de verhardingen, straatmeubilair en groen een A-niveau gerealiseerd. In de overige wijken wordt de kwaliteit beoordeeld op een B/C-niveau en wordt toegewerkt naar het B-niveau. Verzorgende kwaliteit De onderhoudskwaliteit wordt in het jaar 2023 grotendeels onderhouden op beeldkwaliteit B, en voor winkelcentra en begraafplaats beeldkwaliteit A. Door het regelmatig uitvoeren van een externe schouw wordt de kwaliteit beoordeeld en waar nodig extra inzet gepleegd. Verloop kwaliteit In het Omgevingsprogramma Openbare Ruimte (OPOR) is rekening gehouden met een groei richting ambitieniveau in het jaar 2025. Aandachtspunt voor de technische kwaliteit vormt het uitvoeren van de vervangingsplannen en groot onderhoud conform de planning voor de diverse onderdelen (verhardingen, kunstwerken, verkeersregelinstallaties, speeltoestellen en groen) welke voor grote delen einde levensduur hebben bereikt of gaan bereiken op middellange termijn.
Aandachtspunt voor de onderhoudskwaliteit zijn de weersomstandigheden waardoor een wisselende piekbelasting ontstaat in het reguliere onderhoud (onkruidverwijdering). Daarnaast wil de gemeente inwoners stimuleren om hun leefomgeving schoon, heel en veilig te houden. Participatie In elk project dat wij voorbereiden en uitvoeren werken we met de participatietrap. We betrekken bewoners bij de voorbereiding van een project. Na afronding van een project volgt een evaluatie. De eventuele verbeterpunten uit de evaluatie borgen wij in ons werkproces en passen we toe op de toekomstige projecten.
85
Wegen, kunstwerken, Openbare verlichtingen en technische installaties Beleidskaders Het vastgestelde beleidskader is het Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022-2025 (OPOR 2022-2025). Kapitaalgoederen die aan het einde van de technische of maatschappelijke levensduur zijn worden gereconstrueerd. Hierbij wordt gekeken of vervangingen integraal opgepakt kunnen worden. In 2023 zijn o.a. de volgende reconstructies en groot onderhoudsprojecten gepland. Straat
Jaar
Stand van zaken
Afkoppelen en aanleg fietsstraat Ambachtstraat
2023
In uitvoering
Afkoppelen Gerard Doustraat
2023
In uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Pampagras
2023
In uitvoering
Groot onderhoud en vergroten verkeersveiligheid Rondweg West
2023
In uitvoering
Groot onderhoud en vergroten verkeersveiligheid Grote Beer (Veldweg-Pr.Clauslaan)
2023
In uitvoering
Aanleg vrij liggende fietspaden Duivenwal
2023-2024
In voorbereiding/uitvoering
Afkoppelen en verbeteren verkeersveiligheid De Weverij
2023-2024
In voorbereiding/uitvoering
Afkoppelen en reconstructie De Pol
2023-2026
In voorbereiding/uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Dragonder Noord (fase 1&2)
2022-2025
In voorbereiding/uitvoering
Vervangen brug De Pionier/Wiekslag
2023-2024
In voorbereiding/uitvoering
Reconstructie De Pionier/De Wiekslag en kruispunt /Hoornzwaluw
2023-2024
In voorbereiding/uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Verlengde Sportlaan
2023-2024
In voorbereiding/uitvoering
Dragonderweg
2023
In voorbereiding/uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Waterman
2023
In voorbereiding/uitvoering
Reconstructie Dennenlaan/Boslaan
2023
In uitvoering
Aanleg 2-richtingenfietspad en reconstructie Brinkersteeg/De Smalle Zijde
2023
In uitvoering
Woonrijp maken Zuivelstraat
2023
In uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Morgenster
2023
In voorbereiding/uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Fluiterpad
2023
In uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Boogschutter
2023
In uitvoering
Afkoppelen en reconstructie Franse Gat (oostzijde)
2023-2025
In uitvoering
Groot onderhoud en verbeteren verkeersveiligheid Grote Beer-Lorentzstraat (oost-west)
2023-2025
In uitvoering
Reconstructie parkeerplaats Groene Velden
2023-2025
In uitvoering
2023
In voorbereiding/uitvoering
2023
In voorbereiding/uitvoering
2023-2024
In voorbereiding/uitvoering
Vervangen brug Bartoklaan, geluidsscherm Rondweg Oost Vervanging openbare verlichting Molenbrug, ’t Hoorntje (ged.), Petenbos (ged.) Vervanging verkeersregelinstallatie Prins Clauslaan (2 stuks), Raadhuisstraat (2 stuks) Groot onderhoud kademuren (gehele gemeente)
2023
In uitvoering
Groot onderhoud asfalt verharding Ravelijn (ged.) Lunet en Arkeneel
2023
In voorbereiding/uitvoering
Groot onderhoud (fiets)paden West
2023
In voorbereiding/uitvoering
Vertaling begroting Voor de reconstructies aan wegen en kunstwerken wordt in 2023 in het meerjareninvesteringsplan een totaalbedrag van € 4.550.000,- besteed. Voor de verkeersregelinstallaties is een bedrag van € 185.000,- beschikbaar en voor de openbare verlichtingen € 280.000,-. Voor het dagelijkse onderhoud zijn in 2023 de volgende bedragen in de exploitatiebegroting opgenomen: • • • •
Wegen en kunstwerken en gladheidbestrijding € 1.758.109,-; Openbare verlichting, technische installatie en VRI € 1.521.931,-; Straatmeubilair , bewegwijzering en bebording € 203.172,-; Reiniging openbare ruimte en onkruidverwijdering € 1.123.343,-.
Financiële consequentie (langjarig) De komende jaren staat de gemeente voor een grote vervangingsopgave voor de openbare ruimte, waaronder de wegen, kunstwerken, openbare verlichting en verkeersregelinstallaties. 86
Deze zijn veelal aangelegd en gefinancierd vanuit de grondexploitatie. Na vervanging levert dit een toename op van kapitaal- en rentelasten zoals in onderstaande grafiek is weergegeven.
Figuur 1: visualisatie toename kapitaallasten taakveld verkeer en vervoer* In 2023 is de openbare verlichting in eigendom van de gemeente, deze is na beëindiging van de leaseovereenkomst overgenomen van Citytec. Dit geeft een uitbreiding van kapitaal in eigendom en bijbehorende kapitaallasten. Deze extra kapitaallasten passen binnen de bestaande exploitatie. Het areaal is in samenwerking met Citytec al voor een groot deel voorzien van LED verlichting, bij uitvoering van de geplande vervangingen is het areaal in 2030 geheel voorzien van LED. De verkeersregelinstallaties (VRI) zijn aan het eind van hun levensduur en aan vervanging toe. Deze vervangingen staat gepland vanaf 2023-2030 waarbij ze vervangen worden voor intelligente installaties (iVRI’s). Bij het vaststellen van het OPOR is besloten in 2026 een voorziening met een jaarlijkse dotatie van € 1.370.000, - in te stellen voor financiering van het groot onderhoud van de asfaltverhardingen. Voorafgaand aan de voorziening kan de bestaande reserve wegen ingezet worden voor groot onderhoud *De piek in investeringen in het jaar 2023/2025 wordt grotendeels veroorzaakt door het toegekende budget t.b.v. uitwerking gebiedsvisie Franse Gat. Riolering Beleidskaders Het vastgestelde beleidskader is het Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022-2025 (OPOR 2022-2025).
Vertaling begroting Voor afkoppelprojecten en rioolvervangingen is in 2023 in het OPOR een bedrag van € 3.437.667,- opgenomen.
87
Voor het dagelijkse onderhoud zijn onderstaande bedragen in de exploitatiebegroting 2023 opgenomen: • • •
Rioolbeheer € 233.992,-; Reinigen en onderhouden kolken en plaagdierbestrijding € 269.904,-; Onderhoud pompen en persleidingen € 294.168,-.
Hierin zijn naast het beheer en onderhoud aan de riolen onder andere kosten voor grondwaterbeheer en een aandeel in straatvegen inbegrepen. Ook is € 150.000,- besteed voor het stimuleren van afkoppelen van regenwater en vergroenen van particuliere percelen. Deze impuls wordt gedekt uit de voorziening rioleringen. Naast dagelijks onderhoud zijn er ook exploitatiebudgetten voor programma's, onderzoek, etc. Financiële consequentie (langjarig) De komende jaren worden riolen vervangen welke aangelegd zijn vanuit de grondexploitatie, ook worden nieuwe hemelwaterrioleringen en waterbergingen aangelegd. De komende jaren levert dit door deze bedragen te investeren een toename aan kapitaalslasten op zoals in de onderstaande grafiek is weergegeven.
Afgelopen jaren is er in Veenendaal ingezet op afkoppelen van hemelwater van het vuilwaterriool richting oppervlaktewater. Echter vanuit nieuwe inzichten is gebleken dat het watersysteem, voornamelijk de Grift, niet berekend is op de (toekomstige) piekbuien. Dit resulteert in de wens in te zetten het regenwater langer te bergen dan wel infiltreren op locatie. In de Veense situatie is dit complex vanwege de hoge grondwaterstand. Momenteel zijn er ontwikkelingen waardoor waterberging in de funderingsconstructie van de wegen mogelijk is. Mocht blijken dat dit ook in Veenendaal geschikt is kan ook in de openbare ruimte meer waterberging plaatsvinden dan gedacht. De extra investeringskosten en de gevolgen voor de kapitaallasten en rioolheffing voor de komende jaren worden op dit moment in beeld gebracht. Water Beleidskader Het vastgestelde beleidskader is het Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022-2025 (OPOR 2022-2025).
88
Vertaling begroting In totaal is voor het dagelijkse onderhoud in de exploitatiebegroting 2023 opgenomen: • •
Maaien vijvers en klein onderhoudswerk € 91.995,-; Baggerwerkzaamheden € 83.292,-.
Voor het vervangen van beschoeiingen is in 2023 vanuit het meerjareninvesteringsplan €100.000,- opgenomen. Financiële consequentie Naast het regulier onderhoud zoals het maaien en korven van vijvers en sloten worden in 2023 meerdere watergangen en oevers voorzien van nieuwe beschoeiingen of omgevormd tot natuurvriendelijke oevers. Hiervoor is in 2021 een raamcontract afgesloten. Ook vinden er baggerwerkzaamheden plaats. We onderzoeken tenslotte ook of we een pilot kunnen doen met een harkboot om overlast door woekerende waterplanten aan te pakken. Groen en speelvoorzieningen/ BOSS-locaties Beleidskader Het vastgestelde beleidskader is het Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022-2025 (OPOR 2022-2025). Het raadsakkoord 2022-2026 gaat specifiek in op dit thema met verschillende ambities en aandachtspunten, zoals (verkort weergegeven): • • •
Veenendaal verder vergroenen, zowel kwantitatief als kwalitatief; Klimaatadaptatie door onder andere hittestress tegen te gaan met (meer) groen; Het BOSS-principe (bewegen, ontmoeten, sporten, spelen) is uitgangspunt bij het ontwikkelen van openbare beweeg- en ontmoetingsplekken in de wijken.
Er wordt zoveel mogelijk integraal gewerkt. Investeringen aan het groen en speellocaties vinden zoveel mogelijk gelijktijdig plaats met reconstructies van buurten. Uitgangspunt is dat waardevol groen behouden blijft en dat Veenendaal in 2030 groener is dan in 2020 (= ambitie uit OPOR). Ook investeren we in het omvormen en renoveren van speellocaties conform het BOSSprincipe (zie OPOR). Het BOSS-beleid is gericht op alle leeftijden. Dit betekent dat veel bestaande speellocaties, die met name ingericht zijn voor (kleine) kinderen, omgevormd worden naar BOSS-locaties. Er ontstaat op termijn een heel netwerk van verschillende type BOSS-plekken voor verschillende leeftijdscategorieën. Hierbij wordt buurtgericht gewerkt, waarbij iedere woonbuurt om de 7 jaar aan de beurt komt. De BOSS-locaties worden vervolgens geüpdatet op basis van de veranderende leeftijdsopbouw van een buurt. Bij het opstellen van de buurtplanning is prioriteit gegeven aan buurten met een grote vervangingsopgave van bestaande speelobjecten. In deze buurten worden zowel de speelvoorzieningen als het groen opgeknapt. De buurtplanning voor 2023 is als volgt: Buurt
Jaar van uitvoering
Stand van zaken
Dragonder Noord (fase 1&2, loopt samen op met civiele reconstructie buurt)
2022-2025
In voorbereiding/ uitvoering
De Pol (loopt samen op met civiele reconstructie buurt)
2023-2026
In voorbereiding/ uitvoering
Franse Gat (loopt samen op met civiele reconstructie buurt)
2023-2025
In voorbereiding
Dragonder-Oost
2022-2023
In voorbereiding
West (Pioniersbuurt)
2023-2024
In voorbereiding
West (Componistenbuurt)
2023-2024
In voorbereiding
West (Vogelbuurt)
2023-2024
In voorbereiding
Vertaling begroting Om te investeren in kwantitatief en kwalitatief hoogwaardig groen en een gezonde en groene leefomgeving is in het meerjareninvesteringsplan (MIP) in 2023 voor groen een bedrag
89
opgenomen van € 502.500,-. Voor de vervanging, omvorming en optimalisatie van de speellocaties naar BOSS-locaties is een bedrag van € 450.000 opgenomen. Voor het dagelijkse onderhoud zijn in de exploitatiebegroting 2023 beschikbaar: • • •
Onderhoud groen: € 3.288.027,-; Speelvoorzieningen: € 277.431,-; Hondenvoorzieningen: € 26.164,-.
Onder dagelijks onderhoud wordt naast het heel, schoon en veilig houden van groen- en speelvoorzieningen ook jaarlijks terugkerende forse ingrepen verstaan, zoals de bestrijding van de eikenprocessierups, bestrijding van de Japanse duizendknoop en het rooien en vervangen van bomen vanuit de boomveiligheidsinspectie (denk hierbij ook aan de essentaksterfte). Onder genoemde bedragen voor dagelijks onderhoud is ook inbegrepen: veiligheidsinspecties voor bomen en speelobjecten, het laten uitvoeren van boom- en verplantonderzoeken, het uitvoeren van kwaliteitsschouwen t.b.v. onderhoud of reconstructie en het inhuren van advies. Niet inbegrepen in bovenstaande bedragen zijn de uren en kosten van eigen personeel (zowel uitvoerend als ondersteunend- en kantoorpersoneel). Financiële consequentie De ambities uit het OPOR en het raadsakkoord voor groen- en speelvoorzieningen zijn groot en vragen een forse investering t.o.v. voorgaande jaren. Voor groen is jaarlijks € 500.000,tot € 600.000,- aan investeringsbudget nodig. Voor omvormen, renoveren en/of optimaliseren van speellocaties naar BOSS-locaties is jaarlijks € 450.000,- tot € 500.000,nodig. De bedragen die in het meerjareninvesteringsplan (MIP) 2023-2026 zijn opgenomen voor groen zijn toereikend. Voor speelvoorzieningen is dit vanaf 2025 het geval.
In 2023 is er voor speelvoorzieningen in het MIP € 300.000,- beschikbaar en in 2024 € 146.000,-. Dit betekent dat de ambities met betrekking tot het BOSS-beleid pas goed vorm kunnen krijgen vanaf 2025. Conform de grafiek in het OPOR is het de verwachting dat de kapitaallasten (rente en afschrijving) voor groen en speelvoorzieningen in de komende 15 jaar geleidelijk toenemen met circa € 1.000.000,-. Dit is een toename van gemiddeld € 67.000,- per jaar. Buitensport Buitensportvoorzieningen die niet meer voldoen aan de landelijk gestelde eisen van NOC*NSF en de verschillende sportbonden worden gerenoveerd. In 2022 worden in dit kader de volgende projecten uitgevoerd: Werkzaamheden en club/vereniging
Jaar van uitvoering Stand van zaken
Renovatie natuurgrasveld (VRC)
2023 Realisatie in 2023
Renovatie kunstgras tennisbanen (TPV Spitsbergen en Tennisvereniging Veenendaal-West)
2023 Realisatie in 2023
Renovatie natuurgrasveld (VMHC Spitsbergen)
2023 Realisatie in 2023
Vertaling begroting Voor het realiseren van deze werkzaamheden en het aanschaffen van materieel is in 2023 een budget van € 893.500,- noodzakelijk en beschikbaar, Vastgoed Het beheer van de kapitaalgoederen is in de afgelopen jaren vastgelegd in de verschillende beheer- en beleidsplannen. De gemeentelijke visie op vastgoed is afkomstig uit de documenten: “Strategische kaders Dynamisch vastgoedmanagement en Accommodatiebeleid: Deze kaders en uitgangspunten zijn als onderlegger gebruikt voor de komende beheerperiode. De werkzaamheden worden
90
uitgevoerd overeenkomstig het door de gemeenteraad vastgestelde ‘Integraal duurzaam vastgoedbeheerplan 2021-2024’. De verduurzaming van het vastgoed willen we laten aansluiten bij de ENV-doelstellingen, de VNG-routekaart maatschappelijk vastgoed, de onlangs gepubliceerde dumava subsidieregeling en het onderzoek naar de aanpak van andere gemeenten. Algemeen Onze doelstelling voor vastgoed is een goed onderhouden (slank) duurzaam vastgoedbestand, waarmee effectief invulling wordt gegeven aan het accommodatiebeleid van de gemeente en financiële risico’s tot een minimum beperkt blijven. We doen dit tegen zo laag mogelijke tarieven en kostendekkend. Hierdoor hebben we de kosten en opbrengsten goed in beeld en sturen we op zo laag mogelijke uitgaven. Ons huidige areaal omvat het volgende: Deelportefeuilles